Lengteverandering bij temperatuurverandering.

Vergelijkbare documenten
1a Een hoeveelheid stof kan maar op één manier veranderen. Hoe?

Werkblad TI-83: Over de hoofdstelling van de integraalrekening

Het kwadraat van een tweeterm a+b. (a+b)²

6.0 INTRO. 1 a Bekijk de sommen hiernaast en ga na of ze kloppen = = = = = 2...

Hoofdstuk 5: Vergelijkingen van de

6.4 Rekenen met evenwichtsreacties

Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Donderdag 20 mei uur

Breuken en verhoudingen

Een regenton. W is het vlakdeel dat wordt ingesloten door de x-as, de y-as, de grafiek van r en de lijn x h, met 0 h

Meet de lengte en de breedte van de rechthoek.

Antwoorden Natuurkunde Hoofdstuk 1

Noordhoff Uitgevers bv

3 Snijpunten. Verkennen. Uitleg

MEETKUNDE 5 Cirkels en cilinders

1.3 Wortels. = a b c. x = 1.5 Breuken. teller teller. noemer noemer. Delen: vermenigvuldig met het omgekeerde.

REKENEN MACHTEN MET. 5N4p EEBII 2013 GGHM

1.3 Wortels. x x 36 6 = x = 1.5 Breuken. teller teller noemer noemer. Delen: vermenigvuldig met het omgekeerde.

2. Gegeven is de driehoek van figuur 10.10a. Gevraagd worden hoek β en de zijden a en c.

Inhoudsmaten. Verkennen. Uitleg. Opgave 1. Dit is een kubus met ribben van 1 m lengte. Hoeveel bedraagt de inhoud ervan?

Eindexamen vwo wiskunde B pilot I

Toetsopgaven vwo B deel 3 hoofdstuk 10

Cirkels en cilinders

Examen VWO. wiskunde B (pilot) tijdvak 1 woensdag 16 mei uur

Moderne wiskunde: berekenen zwaartepunt vwo B

De standaard oppervlaktemaat is de vierkante meter. Die is afgeleid van de standaard lengtemaat, de meter.

OP GETAL EN RUIMTE KUN JE REKENEN

Je gaat naar de winkel en koopt 4 pakken melk van 1,40 per stuk.

Exact periode 2.2. Gemiddelde en standaarddeviatie Betrouwbaarheidsinterval Logaritme ph lettersommen balansmethode

Eindexamen wiskunde B vwo I

Getallenverzamelingen

De oppervlakte van de rechthoek uit de vorige opgave hangt van dezelfde variabelen af.

Boek 2, hoofdstuk 7, allerlei formules..

1.0 Voorkennis. Voorbeeld 1:

Hoofdstuk 2: Bewerkingen in R

Lijn, lijnstuk, punt. Verkennen. Uitleg. Opgave 1

MEETKUNDE 2 Lengte - afstand - hoeken

Onafhankelijk van a. f snijdt de x-as in punt A ( , 0) Voor elke positieve waarde van a is een functie f. gegeven door F ( x) = x e ax.

10.8. De Laplace vergelijking. De warmtevergelijking in meerdimensionale ruimten heeft de volgende vorm :

Hoeveel betaal je in totaal? Hoe kun je dat bedrag narekenen? Hoe bereken je het bedrag dat je van de 20 euro terug krijgt?

Praktische opdracht Optimaliseren van verpakkingen Inleidende opgaven

Eindexamen vwo wiskunde B II

5.1 Rekenen met differentialen

Bewerkingen met eentermen en veeltermen

= = = = = = = = = = = =

Merkwaardige producten en ontbinden in factoren

wiskunde B pilot vwo 2015-I

Breuken. Breuken. Wiskunde voor de brugklas. 1 De cd-roms van Wiskunde Interactief

De cirkel M22. het middelpunt een koorde de straal de diameter een middelpuntshoek een middellijn. 2 cm 4 cm. Cirkel en elementen van een cirkel

H. 10 Goniometrie Basisbegrippen. a c. Gemeenschappelijke Propedeuse Engineering WISKUNDE H.10

Aanzet 1 tot een document van parate kennis en vaardigheden wiskunde 1 ste graad

Route F - Desert. kangoeroerat

a = 1 b = 0 k = 1 ax + b = lim f(x) lim

Controleerbare Keerkleppen EA

Verschil zal er zijn hv bovenbouw WERKBLAD

Hoofdstuk 0: algebraïsche formules

Uitwerking Tentamen Analyse B, 28 juni lim

Welke van de volgende beweringen over de kromme snavel is of welke zijn juist voor jonge flamingo's? Maak het hokje met een juiste bewering zwart.

Opgave 1 Stel je eens een getal voor, bijvoorbeeld: 504,76. a b c

Werkkaarten GIGO 1184 Elektriciteit Set

Praktische Opdracht Lineair Programmeren V5

1. Lineaire functies.

Rangschik van klein naar groot. Vul aan. Meet de lengte van onderstaande voorwerpen.

1.0 Voorkennis. Voorbeeld 1:

Hertentamen. Elektriciteit en Magnetisme 1. Woensdag 14 juli :00-12:00. Schrijf op elk vel uw naam en studentnummer. Schrijf leesbaar.

Opgave 1. Waarom kun je bij het Noorden twee getallen neerzetten? Geldt dit ook voor andere windrichtingen? Hoeveel graden hoort er bij het Oosten?

opgaven formele structuren procesalgebra

Een feestmaal. Naam: -Ken jij nog een ander speciaal feest? Typ of schrijf het hier. a

Havo B deel 1 Uitwerkingen blok 1 Moderne wiskunde

Toepassingen op Integraalrekening

8 Kostenverbijzondering (I)

Hoofdstuk 2 - De kettingregel

Lineaire formules.

HOOFDSTUK 1 BASISBEGRIPPEN

Examen VWO. wiskunde B1,2 (nieuwe stijl)

Pak jouw passer en maak de afstand tussen de passerpunten 3 cm.

Examen Klassieke Mechanica

Continuïteit en Nulpunten

Noordhoff Uitgevers bv

Vectoranalyse voor TG

Lucht in je longen. Streep de foute woorden door. Hoe komt lucht in je longen? Zet een cirkel om de dieren met longen.

1.3 Wortels. = a. x = 1.5 Breuken. teller teller. noemer noemer. Delen: vermenigvuldig met het omgekeerde.

Examen VWO. wiskunde B. tijdvak 1 woensdag 18 mei uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Eindexamen wiskunde B1-2 vwo 2004-I

Hoofdstuk 2 DE STELLING VAN PYTHAGORAS

Inleiding Natuurwetenschappen

Hoofdstuk 4 : Ongelijkheden

Eindexamen wiskunde B1-2 vwo 2007-I

Noordhoff Uitgevers bv

Transcriptie:

2 Uitzetting. Opgve 2.1 Lengteverndering ij tempertuurverndering. De ene stof zet sterker uit dn de ndere. Deze mterileigenshp wordt ngegeven met de lineire uitzettingsoëffiiënt (α). De lineire uitzettingsoëffiiënt (α) is de lengteverndering in meter ls je een stf vn 1 meter lengte 1 C verwrmd. 2.1 d Op de site vn engineering toolox kun je de wrde vinden vn de uitzettingsoëffiiënt vn roestvrijstl 34. http://www.engineeringtoolox.om/liner-expnsion-oeffiientsd_95.html ) Bereken de lengteverndering vn een strook RVS vn 6 m lengte die wordt verhit vn 2, C tot 3 C. Een ronde stlen nd vn RVS 34 heeft een dimeter vn 6 m. Bereken de lengteverndering vn de nd ij deze tempertuurstijging. Bereken de lengteverndering vn de dimeter. Bereken de vermenigvuldigingsftor voor omtrek en dimeter. α (RVS) = 17,3 1-6 m/m K= 17,3 1-3 mm/m K L,6 17,3 1-3 28 = 2,91 mm ΔL (omtrek) = α L() ΔT ΔL (omtrek)= 17,3 1-3 (π,6 ) 28 = 9,1 mm ΔL (dimeter) = α L() ΔT ΔL (dimeter)= 17,3 1-3 (,6 ) 28 = 2,9 mm 28

d vermenigvuldigingsftor = 17,3 1-3 28 = 4,84 mm/m Opgve 2.2 Werking vn een imetl. Twee metlen stroken zijn tegen elkr gelijmd. De rehterstrook heeft een grotere uitzettingsoëffiiënt. Bij de middelste stnd hoort een tempertuur vn 2 C. Bij welk vn de drie situties is de tempertuur het hoogst? De tempertuur in de linker situtie is het hoogst omdt de rehterstrook meer uitzet ij tempertuurstijging. Opgve 2.3 Uitzetting vn het oppervlk Als de lengte en de reedte eide met een ftor,1 toenemen dn zl de oppervlkte met,2 toenemen. De toenme vn de oppervlkte : ΔA=l Δ + Δl d Teken de stukjes l Δ en Δl in de tekening hieroven. Kies l=2 en =1 en ereken de toenme vn het oppervlk met de ovenstnde formule. De ovenstnde formule is niet heleml juist. Geef in de tekening n welk stukje er verwrloosd is. Bereken de oppervlktevergroting door de oppervlkte te vermenigvuldigen met de ftor,2. Conlusie? 29

ΔA=l Δ + Δl ΔA=2 1 + 1 2 = 4 Het rehthoekje Δl Δ. d ΔA=,2 l =,2 2 = 4, klopt met vorige erekening. Opgve 2.4 Uitzetting vn het volume. Als de lengte en de reedte en de hoogte lleml met een ftor,1 toenemen dn zl de inhoud met,3 toenemen. De toenme vn het volume : ΔV=l Δh + h Δl +l h Δh Teken de stukjes l Δh en h Δl en l h Δh in de tekening hieroven. Kies l=1, =1 en h=1 en ereken de toenme vn het volume met de ovenstnde formule. De ovenstnde formule is niet heleml juist. Geef in de tekening n welk stukje er verwrloosd is. d Bereken de volumevergroting door het volume te vermenigvuldigen met de ftor,3. Conlusie? e Bereken de volumetoenme vn een luminium lokje vn 5, x 1, x 15, mm in mm 3 ij een tempertuurstijging vn 1 C. Geef het ntwoord in de juiste nuwkeurigheid. f Bereken de toenme in %. g Bereken de toenme in mm 3 en in % ls de tempertuurtoenme 2 C is. ΔV=l Δh + h Δl +l h Δh ΔV=1 1 1 + 1 1 1 +1 1 1 = 3 Verwrloosd is l Δ Δh + Δh Δl +h Δ Δl 3

d ΔV=,3 1 1 1 = 3 e T (3 22,2 1 4995 mm 3 5, m 4995 f ΔV= 1%,667% 5 7,5 1 g Als ΔT = 2 C dn ΔV = 2 zo groot 3 6 ) 7,5 1 5 1 Opgve 2.5 De lineire-, oppervlkte- en volume uitzettingsoëffiiënt. Messing heeft een lineire uitzettingsoëffiiënt vn 17 1-6 m/(m K) Welke wrde heeft α ls de eenheid mm/(m C) is? Bereken de oppervlkte-uitzettingsoëffiiënt β vn messing en geef hierij de juiste eenheid. Bereken de volume-uitzettingsoëffiiënt γ vn messing. d De rien vn een kuusje vn messing (1x1x1 mm) worden door verhitting,1 mm lnger. Bereken op een snelle mnier de oppervlkte-vergroting vn de zijden en de volumevergroting. α = 17 1-6 m/(m K) = 17 1-3 mm/(m C) = 2 17 1-6 = 34 1-6 m 2 /(m 2 K) = 3 17 1-6 = 51 1-6 m 3 /(m 3 K) d ΔA = 2 1,1 = 2 mm 2 ΔV = (1 4,1) 3 = 3 1 3 mm 3 = 3 m 3 Opgve 2.6 Uitzetting vn gssen en vloeistoffen. Bij gssen en vloeistoffen is de volume-uitzettingsoëffiiënt γ niet gelijk n 3 α, mr op te zoeken in een tel. Een glzen kolf heeft een volume vn 5 ml en is tot n de rnd gevuld met wter. Voor het pyrex-gls geldt α = 4 1-6 1/K. Zl het wter overlopen? Is de volumetoenme vn het gls groter dn die vn wter? Geef verklring. Bereken de volumetoenme vn 1, liter wter ls deze verwrmd wordt vn 4, tot 1 C. Bij 4, C weegt 1, liter wter 1, kg. Bereken de dihtheid ij 4, C. Bereken de dihtheid ij 1 C d Hoeveel zet lohol meer uit dn wter? 31

e f g h Zoek op internet nr een toepssing vn uitzetting ij verwrming.internet: ( therml expnsion/feeldingen) Mk hiervn een word-doument. In een leiding vn een entrle verwrming is een expnsievt opgenomen. (expnsievt/feeldingen) Zoek een feelding op internet en mk hiervn een eshrijving. Voor gssen geldt dt het volume iedere grd tempertuurstijging met een ftor 1/273 toeneemt of ij fkoeling met een ftor 1/273 fneemt. Een ilinder is gevuld met luht en is fgesloten met een wrijvingsloze zuiger. Bereken de volumefnme ls de tempertuur dlt vn 273 K tot K. Wt is hier ijzonder n? In de prktijk zl luht ij -197 C vloeir zijn. Bereken deze tempertuur in K. Zoek op internet nr eigenshppen vn vloeire luht. Internet: (liquid ir/feeldingen) Welk gs kun je wel tot ijn het solute nulpunt fkoelen? Wt is er n de hnd ij het solute nulpunt? Internet : ( solute zero/feeldingen). (gls) 3 (wter) T (gls) 66,6 1 6 T (wter) 21 1 m 1 (4 C) 1, kg/l V 1 m 1, (1 C),984 kg/l V 1,2 5 T 6 5 T De volumeverndering vn het wter is groter dus het wter zl overlopen. 5 T 21 1 1 96 2 ml d (wter) = 21 1-5 1/K (lohol) = 19 1-5 1/K Alohol zet 19/21 = 5,2 meer uit dn wter e - f - 32

g T 273 V h 1 273 Het volume is fgenomen tot m 3. Theoretish stn de moleulen stil en nemen geen ruimte in. Luht is vloeir ij -196 C = -196 + 273 = 77 K 33