1. Symmetrische Functies

Vergelijkbare documenten
Fourierreeksen. Calculus II voor S, F, MNW. 14 november 2005

Uitwerkingen huiswerk week 7

Ongelijkheden. IMO trainingsweekend 2013

Periodiciteit bij breuken

Kansrekenen [B-KUL-G0W66A]

We kennen in de wiskunde de volgende getallenverzamelingen:

PARADOXEN 9 Dr. Luc Gheysens

1) Complexe getallen - definitie

Ongelijkheden groep 2

Opgaven OPGAVE OPGAVE 2. = x ( 5 stappen ). a. Itereer met F( x ) = en als startwaarden 1 en

Functies, Rijen, Continuïteit en Limieten

Praktische opdracht: Complexe getallen en de Julia-verzameling

Appendix A: De rij van Fibonacci

2.6 De Fourierintegraal

Rijen. 6N5p

Handout bij de workshop Wortels van Binomen

Bewijzen voor de AM-GM-ongelijkheid

Oefeningen Analyse II

Is A < B? Fokko van de Bult June 2, 2004

Eindexamen wiskunde B vwo II

Hoeveel getallen van 2 verschillende cijfers kan je vormen met de cijfers 1,4,7,8? tweede cijfer

Een toelichting op het belang en het berekenen van de steekproefomvang in marktonderzoek.

Hoofdstuk 6 : Veeltermen

Elementaire speciale functies

WPP 5.2: Analyse. Oplossing onderzoeksopdrachten

Eindexamen wiskunde A vwo I

Opgave 1 Zij θ R, n 1 en X 1, X 2,..., X n onafhankelijk, identiek verdeelde stochasten met kansdichtheidsfunctie. f θ (x) =

Samenvatting. Fouriertheorie en distributies. Fourier en Schwartz. De warmtevergelijking. De exacte benadering

1. Recursievergelijkingen van de 1 e orde

7.1 Recursieve formules [1]

Examen HAVO. wiskunde A. tijdvak 2 woensdag 19 juni uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Het andere binomium van Newton Edward Omey

Steekproeftrekking Onderzoekspopulatie Steekproef

6 Het inwendig product

Algebra groep 2 & 3: Standaardtechnieken kwadratische functies

Convergentie, divergentie en limieten van rijen

de oplossingen zijn van d d 1 = 0. Hoofdvraag 7. Als de lenge van de zijde van een vijfhoek 1 is, dan heeft de diagonaal als lengte

2. Limiet van een rij : convergentie of divergentie

Dion Coumans en Mieke Janssen. Introductie didactiek van de wiskunde

Machtsfuncties en wortelfuncties. Introductie 177. Leerkern 178

Commissie Pensioenhervorming Nota over de actuariële neutraliteit. Bijlage III

3 Meetkundige voorstelling van complexe getallen

Werktekst 1: Een bos beheren

Opgeloste Oefeningen Hoofdstuk 5: Wet van de grote aantallen en Centrale limietstelling

De standaardafwijking die deze verdeling bepaalt is gegeven door

Betrouwbaarheid. Betrouwbaarheidsinterval

2de bach TEW. Statistiek 2. Van Driessen. uickprinter Koningstraat Antwerpen ,00

Alles wat u moet weten over asbest in en om uw woning

Waar moet je aan denken? Verhuizen. Stap 1: Hoe zeg ik de huur op?

Hoe los ik het op, samen met Thuisvester? Ik heb een klacht

Les 7-8: Parameter- en Vergelijkingstoetsen

wiskunde A pilot vwo 2017-II

VOOR HET SECUNDAIR ONDERWIJS. Verklarende statistiek. 6. Proporties. Werktekst voor de leerling. Prof. dr. Herman Callaert

Kanstheorie. 2de bachelor wiskunde Vrije Universiteit Brussel. U. Einmahl

Artikel. Regenboog. Uitgave Auteur.

Iteratie is het steeds herhalen van eenzelfde proces, verwerking op het bekomen resultaat. Verwerking

Klassieke en Kwantummechanica (EE1P11)

Vuilwaterafvoersystemen voor hoogbouw

Kanstheorie. 2de bachelor wiskunde Vrije Universiteit Brussel. U. Einmahl

Examen VWO. wiskunde B1. tijdvak 1 woensdag 16 mei uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Combinatoriek. Nota s in samenwerking met Anja Struyf en Sabine Verboven (Universiteit Antwerpen)

Veeltermen. Module Definitie en voorbeelden. Een veelterm met reële coëfficiënten in één veranderlijke x is een uitdrukking van de vorm

Wiskundige toepassingen bij Thermodynamica - 1 WISKUNDE. toegepast bij THERMODYNAMICA

Op zoek naar een betaalbare starterswoning? Koop een eigen huis met korting

1 Het trekken van ballen uit een vaas

B C D E Welke rij is noch een Rekenkundige. noch een Meetkundige Rij? A B C D E

1 Steentjes wiskunde (Bron: A.W. Grootendorst, Grepen uit de geschiedenis van de wiskunde)

Transcriptie:

Algebra III 1 1. Symmetrische Fucties permutatios sot la metaphysique des équatios Lagrage*, 1771 I dit hoofdstuk bestudere we de ivariate va de werkig va de symmetrische groep S op polyoomrige i variabele. De hoofdstellig va de symmetrische fucties is het belagrijkste resultaat e zal i het vervolg vaak gebruikt worde. Laat R ee commutatieve rig met 1 zij. De symmetrische groep S werkt op R[X 1,..., X ] door permutatie va de variabele: f(x 1,..., X ) f(x σ(1),..., X σ() ). Ee polyoom f R[X 1,..., X ] heet symmetrisch als f ivariat is oder alle σ S. Te duidelijkste zij alle elemete uit R ivariat, maar iteressatere voorbeelde va symmetrische polyome zij gemakkelijk te geve; zo zij X i e voor alle k Z 0 te duidelijkste symmetrische polyome. Adere voorbeelde worde gegeve door de zogeaamde elemetaire symmetrische polyome σ 1 = X 1 + X 2 +... + X, X k i σ 2 = X 1 X 2 + X 1 X 3 +... + X 1 X, σ 3 = X i X j X k,. i<j<k σ = X 1 X 2 X. Dus voor 1 r is het r-de elemetaire symmetrische polyoom (soms ook wel symmetrische fuctie geoemd) σ r = X i1 X i2 X ir. 1 i 1 <i 2 <...<i r Ee belagrijke opmerkig is dat deze σ r op teke a de coëfficiëte va het polyoom (Y X 1 )(Y X 2 ) (Y X ) = Y σ 1 Y 1 + σ 2 Y 2... + ( 1) 1 σ 1 Y + ( 1) σ zij. Maar er zij ook adere stadaard symmetrische polyome, zoals de Newtopolyome p k = Xi k (k = 1, 2,...). * Luigi Lagrage, 1736 1813, Fras-Italiaas wiskudige.

Algebra 3 2 De volgede stellig die i essetie op Warig* (1762) teruggaat beschrijft alle symmetrische polyome. (1.1) Hoofdstellig va de symmetrische fucties. Ieder symmetrisch polyoom i R[X 1,..., X ] ka op ee ééduidige maier geschreve worde als polyoom i de elemetaire symmetrische polyome. Bewijs. Gegeve ee symmetrisch polyoom f R[X 1,..., X ] zulle we ee polyoom i de σ 1,..., σ costruere dat gelijk is aa f. We doe dit met iductie aar de totale graad va f. De stellig geldt voor polyome va graad 0. We schrijve f als som va moome e ordee de moome lexicografisch. Dus ee mooom ax r 1 1 Xr komt eerder da bx s 1 1 Xs als r i > s i voor de kleiste i waarvoor r i ogelijk is aa s i. Beschouw u de kopterm va f i deze schrijfwijze: f = cx a 1 1 Xa +... Omdat f symmetrisch is geldt u a 1 a 2... a, aders zou ee verwisselig va twee variabele ee term geve die eerder komt i deze ordeig. Het symmetrische polyoom cσ a 1 a 2 1 σ a 2 a 3 heeft dezelfde kopterm cx a 1 1 Xa 2 σ a 1 a f 1 = f cσ a 1 a 2 1 σ a 2 a 3 1 σ a (ga dit zelf a). Defiieer u 2 σ a 1 a 1 σ a. Als f 1 = 0 da zij we klaar. Zo iet, da is f 1 ee symmetrisch polyoom waari alle moome i de lexicografische ordeig later kome da de kopterm va f. We herhale da het proces voor f 1. Dat geeft ee f 2 = f 1 c 1 σ a 1 a 2 1 X a 2 a 3 Omdat er maar eidig veel moome X d 1 1 Xd 2 X a 1 a 1 X a. mogelijk zij met vaste totale graad d = d 1 +... + d, gaat a eidig veel stappe de totale graad va os polyoom omlaag. Da kue we de iductiehypothese toepasse e hebbe we aagetood dat de gevraagde schrijfwijze bestaat. We moete og late zie dat de schrijfwijze eeduidig is. Als dat iet zo is, da is er ee symmetrisch polyoom f dat op twee verschillede maiere ka worde geschreve. Dat beteket dat de afbeeldig va polyoomrige φ : R[Y 1,..., Y ] R[X 1,..., X ], g(y 1,..., Y ) g(σ 1,..., σ ) ee iet-triviale ker heeft. We late u met iductie zie dat dit iet zo is. De lezer mag het geval = 1 direct cotrolere. Als g i de ker va φ met > 1 zit, da krijge we door substitutie va X = 0 (i de σ i ) e Y = 0 i g ee elemet g va de ker va φ 1, e per iductieaaame is dat elemet ul. Dus g wordt ul bij substitutie Y = 0 e dus is g deelbaar door Y, zeg g = g 1 Y e g 1 (σ 1,..., σ )σ = 0. * Edward Warig, 1736 1798, Egels wiskudige liet i zij Miscellaea Aalytica zie dat alle ratioale symmetrische fucties va de wortels va ee polyoom als ratioale fuctie va de coëfficiëte uitgedrukt kue worde

Algebra III 3 Maar σ is gee uldeler i R[X 1,..., X ], dus g 1 zit i de ker va φ, e is va lagere totale graad. Met iductie aar de graad volgt u de stellig. Dit beëidigt het bewijs va de hoofdstellig. De symmetrische groep S werkt ook op het lichaam K(X 1,..., X ) va ratioale fucties. We kue dus ook spreke va symmetrische ratioale fucties. (1.2) Gevolg. Laat K ee lichaam zij e laat K(X 1,..., X ) het quotiëtelichaam va K[X 1,..., X ] zij. Da is iedere symmetrische ratioale fuctie φ i het lichaam K(X 1,..., X ) ee ratioale fuctie i σ 1,..., σ. Bewijs. Laat φ = f/g ee ratioale fuctie zij die symmetrisch is. Hierbij zij f e g elemete va K[X 1,..., X ]. We make u eerst de oemer symmetrisch: het polyoom h := σ S σ(g) is te duidelijkste symmetrisch. We zie dat h φ symmetrisch is, maar ook ee polyoom i K[X 1,..., X ], dus volges de hoofdstellig ee polyoom i de elemetaire symmetrische polyome σ i. Maar ook h is volges de hoofdstellig ee polyoom i de σ i e daarom is φ da ee ratioale fuctie i de σ i. Q.e.d. Opmerkig. De bovestaade hoofdstellig wordt vaak de hoofdstellig va de symmetrische fucties geoemd, alhoewel hier gee sprake is va fucties maar va polyome. Het bewijs geeft zelfs ee algoritme (=recept) voor het verkrijge va de schrijfwijze va ee symmetrisch polyoom als polyoom i de σ r. We geve u ee voorbeeld va de bepalig va de schrijfwijze zoals gegeve i de hoofdstellig. We eme = 3 e beschouwe het symmetrische polyoom (X 1 X 2 ) 2 (X 1 X 3 ) 2 (X 2 X 3 ) 2. Dit is te duidelijkste ee symmetrisch polyoom. Als we het uitschrijve da is de eerste term i de lexicografische ordeig de term X1 4X2 2. Volges het algoritme moete we σ1 2σ2 2 aftrekke va f; het resultaat is (gebruik Maple, Mathematica of iets dergelijks) 4(X 4 1 X 2X 3 + X 1 X 3 2 X 3 + X 1 X 2 X 4 3 ) 4(X3 1 X3 2 + X3 1 X3 3 + X3 2 X3 3 )+ 6(X 3 1X 2 2X 3 + X 3 1X 2 X 2 3 + X 2 1X 2 2X 3 + X 1 X 3 2 + X 2 3 + X 2 1X 2 X 3 3 + X 1 X 2 2X 3 3) e we zie dat de eerste term i de lexicografische ordeig u 4X 4 1 X 2X 3 is. We telle er daarom u 4σ 3 1 σ 3 bij op e krijge 4(X 3 1 X3 2 + X3 1 X3 3 + x3 2 X3 3 )+ 6(X 3 1 X2 2 X 3 + X 3 1 X 2X 2 3 + X2 1 X3 2 X 3 + X 1 X 3 2 X2 3 + X2 1 X 2X 3 3 + X 1X 2 2 X3 3 ) e vide u als eerste term 4X 3 1 X3 2. Daarom telle we er 4σ3 2 bij op e vide 18(X 3 1 X2 2 X 3 + X 3 1 X 2X 2 3 + X2 1 X3 2 X 3 + X 2 1 X 2X 3 3 + X 1X 3 2 X 3 + X 1 X 2 2 X3 3 )

Algebra 3 4 met als eerste term 18X 3 1 X2 2 X 3. We trekke er u weer 18σ 1 σ 2 σ 3 va af e krijge da 27X 2 1X 2 2X 2 3 e herkee dit als 27σ 2 3. I totaal vide we dus (X 1 X 2 ) 2 (X 1 X 3 ) 2 (X 2 X 3 ) 2 = σ 2 1 σ2 2 4σ3 1 σ 3 4σ 3 2 + 18σ 1σ 2 σ 3 27σ 2 3. We zie ook dat het ogal ee bewerkelijk proces ka zij om ee gegeve symmetrisch polyoom i de stadaardgedaate te brege. Merk op dat de uitdrukkig (X 1 X 2 )(X 1 X 3 ) (X 1 X ) iet ivariat is oder de hele symmetrische groep S, maar allee oder de groep A va de eve permutaties. Het kwadraat hierva is wel ivariat oder de symmetrische groep e deze symmetrische fuctie heet de discrimiat va het polyoom met wortels X i. Zo is de discrimiat va gelijk aa (Y X 1 )(Y X 2 ) (Y X ) Y 2 (X 1 + X 2 )Y + X 1 X 2 = Y 2 σ 1 Y + σ 2 (X 1 X 2 ) 2 = σ 2 1 4σ 2. De discrimiat va ee derdegraads polyoom Y 3 a 1 Y 2 +a 2 Y a 3 hebbe we zojuist uitgereked: D = a 2 1 a2 2 4a3 1 a 3 4a 3 2 + 18a 1a 2 a 3 27a 2 3. I het bizoder heeft het derdegraadspolyoom X 3 +ax+b als discrimiat 4a 3 27b 2. Opgave 1) Schrijf X1 4 + X4 2 + X4 3 Z[X 1, X 2, X 3 ] als polyoom i de elemetaire symmetrische polyome. 2) Schrijf X2 i e X3 i als polyoom i de elemetaire symmetrische fucties. 3) Schrijf de volgede symmetrische ratioale fuctie i terme va de elemetaire symmetrische fucties: X 1 /X 2 + X 1 /X 3 + X 2 /X 1 + X 2 /X 3 + X 3 /X 1 + X 3 /X 2. 4) Laat K ee lichaam zij e laat f K[X] ee moisch polyoom zij. Da geldt graad(ggd(f, f )) > 0 de discrimiat va f is ul. Bewijs dit. 5) Laat p k = Xk i de k-de machtssom zij voor k 1. Bewijs de volgede formules va Newto: p r p r 1 σ 1 + p r 2 σ 2... + ( 1) r 1 p 1 σ r 1 + ( 1) r rσ r = 0 voor r p r p r 1 σ 1 + p r 2 σ 2... + ( 1) p r σ = 0 voor r >.

Algebra III 5 6) Laat E(t) = j=0 σ jt j. Bewijs de idetiteit E(t) = (1 + X i t). Laat verder P(t) = j=1 p jt j 1. Bewijs de idetiteit P( t) = E (t)/e(t). 7) Laat α 1, α 2 e α 3 de drie ulpute va X 3 2X 2 + 3X 1 i C zij. Bereke de coëfficiëte va het moisch polyoom va de derde graad i Q[X] met ulpute α 2 1, α 2 2 e α 2 3. 8) Laat f = (X a 1 )(X a 2 ) (X a ) K[X] ee polyoom zij. Bewijs dat de discrimiat va f op teke a gegeve wordt door D = ± f (a i ). 9) Laat R 1 R 2 ee deelrig met 1 R 1 va de commutatieve rig R 2 met 1 zij. Laat f ee moisch polyoom i R 1 [X] zij dat i R 2 [X] otbode ka worde als f = (X a 1 ) (X a ) met a i R 2 voor i = 1,...,. Laat zie dat voor elk symmetrisch polyoom g R 1 [X 1,..., X ] geldt dat g(a 1,..., a ) R 1. 10) Stel dat X 3 X 1 Z[X] zich laat otbide als (X a 1 )(X a 2 )(X a 3 ) i C[X]. Laat p k = a k 1 + ak 2 + ak 3 voor k Z. Laat zie dat i) p k = p k 2 + p k 3 voor alle k Z. ii) p k Z voor alle k Z. 11) Laat p r de r-de machtssom zij i de variabele X 1,..., X. Bewijs voor 5 de volgede formule va Warig: p r = r λ ( 1) λ 2+λ 4 +... (λ 1 + λ 2 + + λ 1)! σ λ 1 1 λ 1!λ 1! λ! σλ 2 2 σλ, waar de som loopt over de -talle λ = (λ 1,..., λ ) met λ i Z 0 die voldoe aa λ 1 + 2λ 2 + + λ = r.