Cursus analytische meetkunde

Vergelijkbare documenten
Ruimtemeetkunde. (

Ruimtemeetkunde. (

Dossier 4 VECTOREN. Dr. Luc Gheysens. bouwstenen van de lineaire algebra

Analytische Meetkunde. Lieve Houwaer, Unit informatie, team wiskunde

Vlakke meetkunde. Module Geijkte rechte Afstand tussen twee punten Midden van een lijnstuk

Oefeningen analytische meetkunde

Ruimtemeetkunde deel 1

Voorbeeld paasexamen wiskunde (oefeningen)

Vlakke Meetkunde Goniometrie

Dan is de afstand A B = lengte van lijnstuk [A B]: AB = x x )² + ( y ²

9.1 Vergelijkingen van lijnen[1]

14.0 Voorkennis. sin sin sin. Sinusregel: In elke ABC geldt de sinusregel:

Vlakke Analytische Meetkunde

Paragraaf 14.1 : Vergelijkingen in de meetkunde

1 Cartesische coördinaten

Voorbeeld paasexamen wiskunde (oefeningen)

Paragraaf 8.1 : Lijnen en Hoeken

Opgave 1 Bekijk de Uitleg, pagina 1. Bekijk wat een vectorvoorstelling van een lijn is.

1 Coördinaten in het vlak

Wiskunde voor relativiteitstheorie

Vlakke Meetkunde Meetkundige plaatsen en krommen. Cursus voor de vrije ruimte

Opgave 1 Bestudeer de Uitleg, pagina 1. Laat zien dat ook voor punten buiten lijnstuk AB maar wel op lijn AB geldt: x + 3y = 5

Wiskunde voor relativiteitstheorie

Vectormeetkunde in R 3

10.0 Voorkennis. y = -4x + 8 is de vergelijking van een lijn. Hier wordt y uitgedrukt in x.

Paragraaf 7.1 : Lijnen en Hoeken

OAB. A 0,2q gaat. x q m q mx. l x y b x b y. c x c y. c x y c c. x b y b bx 2. x c y c cx. a y q en b x q m.

Laat men ook transversalen toe buiten de driehoek, dan behoren bij één waarde van v 1 telkens twee transversalen l 1 en l 2. Men kan ze onderscheiden

Toepassingen in de natuurkunde: snelheden, versnellingen, krachten.

Meetkundige Ongelijkheden Groep 2

Vlakke Meetkunde Ruimtemeetkunde. Meetkunde. 1 december Meetkunde

Hoofdstuk 1 LIJNEN IN. Klas 5N Wiskunde 6 perioden

1 Analytische meetkunde

SAMENSTELLEN EN ONTBINDEN VAN SNIJDENDE KRACHTEN

Een bol die raakt aan de zijden van een scheve vierhoek

Hierbij geven we de antwoorden en bewijzen we meteen ook hoe de constanten kunnen bepaald worden.

Voorbereidende sessie toelatingsexamen

4.0 Voorkennis. 1) A B AB met A 0 en B 0 B B. Rekenregels voor wortels: Voorbeeld 1: Voorbeeld 2: Willem-Jan van der Zanden

4.0 Voorkennis. 1) A B AB met A 0 en B 0 B B. Rekenregels voor wortels: Voorbeeld 1: Voorbeeld 2: Willem-Jan van der Zanden

1 Introductie. 2 Oppervlakteformules

De constructie van een raaklijn aan een cirkel is, op basis van deze stelling, niet zo erg moeilijk meer.

RECHTEN. 1. Vul in met of. co(a) = (-2,3) a y = -2x + 1 A a want 3-2.(-2)+3 co(a) = (4,1) a 3x -5y -2 = 0 A a want

Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts. Wiskunde: goniometrie en meetkunde. 15 september dr. Brenda Casteleyn

Hoofdstuk 6 : Projectie en Stelling van Thales

Lineaire Algebra voor ST

More points, lines, and planes

De arbelos. 1 Definitie

R. Van Nieuwenhuyze. Hoofdlector wiskunde, lerarenopleiding HUB, Brussel. Auteur Van Basis tot Limiet.

Lineaire Algebra TW1205TI. I.A.M. Goddijn, Faculteit EWI 12 februari 2014


Wiskunde oefentoets hoofdstuk 10: Meetkundige berekeningen

Hoofdstuk 10 Meetkundige berekeningen

1 Analytische meetkunde

Zomercursus Wiskunde. Rechten en vlakken (versie 14 augustus 2008)

Samenvatting wiskunde havo 4 hoofdstuk 5,7,8 en vaardigheden 3 en 4 en havo 5 hoofdstuk 3 en 5 Hoofdstuk 5 afstanden en hoeken Voorkennis Stelling van

Vlakke meetkunde en geogebra

Hoofdstuk 1 : Hoeken ( Zie ook : boek pag 1 tot en met pag 33)

STELLINGEN & BEWIJZEN 5VWO wiskunde B 1 e versie

Driehoeksongelijkheid en Ravi (groep 1)

Cabri-werkblad. Driehoeken, rechthoeken en vierkanten. 1. Eerst twee macro's

2.1 Cirkel en middelloodlijn [1]

Tentamen Wiskunde B. Het gebruik van een mobiele telefoon of andere telecommunicatieapparatuur tijdens het tentamen

héöéäëåéçéå=~äë=ãééíâìåçáöé=éä~~íëéå=ãéí=`~äêá= = hçéå=píìäéåë= = = = = = = =

Uitgewerkte oefeningen

P is nu het punt waarvan de x-coördinaat gelijk is aan die van het punt X en waarvan de y-coördinaat gelijk is aan AB (inclusief het teken).

1 Vlaamse Wiskunde Olympiade : Tweede Ronde.

uuur , DF en DB met kentallen. b) Laat zien door twee keer de stelling van Pythagoras in een rechthoekige uuur

Driehoeken. Enkele speciale topics. Arne Smeets. Trainingsweekend Februari 2008

Hoofdstuk 7 : Gelijkvormige figuren

8.0 Voorkennis. a De pijlen van O(0, 0) naar A(4, 2) en van A(4, 2) naar B(2, 3) zijn vectoren.

Ellips-constructies met Cabri

Uitwerkingen Mei Eindexamen VWO Wiskunde B. Nederlands Mathematisch Instituut Voor Onderwijs en Onderzoek

Overzicht eigenschappen en formules meetkunde

Zelftest wiskunde voor Wiskunde, Fysica en Sterrenkunde

1. INLEIDING: DE KOERS VAN EEN BOOT

opdrachten bij hoofdstuk 7 Lijnen cirkels als PDF

OEFENTOETS VWO B DEEL 3

voorkennis wiskunde voor Farmaceutische wetenschappen en Biomedische wetenschappen

2. Waar of vals: Als een rechte a evenwijdig is met een vlak α en dat vlak staat loodrecht op een vlak β dan staat a loodrecht op β.

Meetkundige ongelijkheden Groep A

Opgaven bij Analytische meetkunde in een nieuw jasje

PQS en PRS PS is de bissectrice van ˆP

FORMULARIUM. Inhoudsopgave. 1 Algebra 2. 2 Lineaire algebra 4. 3 Vlakke meetkunde 5. 4 Goniometrie 7. 5 Ruimtemeetkunde 10

Spelen met passer en liniaal - werkboek

Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts. Wiskunde: goniometrie en meetkunde. 22 juli dr. Brenda Casteleyn

3 Cirkels, Hoeken en Bogen. Inversies.

Hoofdstuk 1 : Vectoren (A5D)

De hoek tussen twee lijnen in Cabri Geometry

8.0 Voorkennis. Voorbeeld 1: Bereken het snijpunt van 3x + 2y = 6 en -2x + y = 3

Eindexamen vwo wiskunde B 2013-I

Zomercursus Wiskunde. Module 14 Rechten en vlakken (versie 22 augustus 2011)

Paragraaf 10.1 : Vectoren en lijnen

EXAMENVRAGEN RUIMTEMEETKUNDE I (niet-analytische meetkunde)

HOEKEN, AFSTANDEN en CIRKELS IN Klas 5N Wiskunde 6 perioden

1 Middelpunten. Verkennen. Uitleg

Neem [pr]=[ps] en beschrijf uit r en s twee cirkelbogen met dezelfde straal, die elkaar in c snijden. [cp] is de loodlijn op [ab].

Atheneum Wispelberg - Wispelbergstraat Gent Bijlage - Leerfiche (3 e jaar 5u wiskunde): Meetkunde overzicht

Lijst van formules en verwijzingen naar definities/stellingen die in het examen vwo wiskunde B wordt opgenomen

Samenvatting VWO wiskunde B H04 Meetkunde

Antwoordmodel - Vlakke figuren

Transcriptie:

Cursus analytische meetkunde René Déscartes 3 mei 596 La Haye en Touraine (Frankrijk) februari 650 Stockholm (Zweden) Cursus analytische meetkunde Sven Mettepenningen

) Herhaling a) Vectoren Definities en notaties Een vector is een wiskundige grootheid die een grootte, een richting en een zin heeft In het vlak kunnen we vectoren voorstellen als een pijl tussen twee punten We noteren een vector bepaald door beginpunt A en eindpunt B meestal als AB Of onafhankelijk van deze punten als v De grootte van een vector AB noteren we als AB, dit is de lengte van het corresponderende lijnstuk AB De vector met lengte 0 noemen we de nulvector en noteren we met 0 Bij de grafische voorstelling van een vector moet ook het beginpunt of aangrijpingspunt gekend zijn Mag dit punt vrij gekozen worden, dan spreken we over vrije vectoren en in het andere geval van gebonden vectoren Een vrije vector kan je beschouwen als een vector die je vrij kan verschuiven Twee vectoren zijn gelijk als ze dezelfde grootte, richting en zin hebben Zo geldt op de figuur hiernaast PQ a v Het zijn allemaal representanten van dezelfde vector Bewerkingen met vectoren Tegengestelde van een vector De tegengestelde van een vector is de vector met dezelfde grootte en richting maar tegengestelde zin We noteren de tegengestelde vector van a uiteraard als a Product van een vector met een reëel getal Vermenigvuldigen we een vector met een positief getal dan blijven richting en zin dezelfde maar vermenigvuldigen we de grootte van de vector met dat getal Som van twee vectoren Om de som van twee vectoren x en y te bekomen moet je het beginpunt van y naar het eindpunt van x te verplaatsen De som is dan de vector met als beginpunt dat van vector x en eindpunt dat van y Zo geldt op de figuur hiernaast dat s x y In de volksmond noemt men deze methode ook weleens de kop-staart methode Cursus analytische meetkunde Sven Mettepenningen

Vaak wordt ook de parallellogramregel gebruikt om de som van twee vectoren te construeren De som van twee vectoren is dan de diagonaal van het parallellogram met als zijden de twee vectoren Het is duidelijk dat voor vrije vectoren de formule van Chasles-Mobius geldt: AB BC AC Verschil van twee vectoren x y x y Per definitie stellen we b) Affiene meetkunde Het affiene vlak In wat volgt zullen we vrijwel altijd werken in een vlak, waar we de vectoren vaak zullen voorstellen door hun representant met als aangrijpingspunt de oorsprong We noteren dit vlak dan ook met O Een vector OA zullen we kortweg noteren als A Men spreekt in dit geval ook weleens van puntvectoren Kiezen we in dit vlak twee vectoren E en E met een verschillende richting dan kunnen we elk punt op een unieke manier schrijven als lineaire combinatie van die twee vectoren In symbolen: P, x, y R : P xe ye We noemen het bijhorende getallenkoppel x, y de coördinaat van P ten opzichte van het assenstelsel OEE We noemen het assenstelsel op deze manier affien geijkt, en noemen OEE een affiene ijk van het vlak O Kortweg noemen we dit dan het affiene vlak Verband tussen puntvectoren en gebonden vectoren O Elke gebonden vector kunnen we schrijven als verschil van twee puntvectoren, en wel als volgt (volgt uit Chasles-Mobius): AB AO OB OA OB A B B A Zo kunnen we heel eenvoudig elke uitdrukking met vrije vectoren schrijven als een uitdrukking in gebonden vectoren Cursus analytische meetkunde 3 Sven Mettepenningen

De reële vectorruimte RR,, Door het invoeren van coördinaten ontstaat er een bijectie (één-één verband) tussen de verzameling vectoren V en de verzameling reële koppels worden overgedragen van V naar R, want: Som van twee vectoren v, v co v x, y v v x E y E x E y E x x E y y E co v v x x, y y co v co v R Ook de optelling van vectoren en het scalair product V, met en cov x, y Dus V, met co v x, y Scalair product van rr, met een vector v rv r xe ye rxe rye co rv rxry, rco v Dus We kunnen dus besluiten dat ook de coördinatenruimte we dit in de ruimtemeetkunde bewezen voor een dimensie hoger) Rekenen met puntvectoren Midden van een lijnstuk Zwaartepunt van een driehoek Dus ook: coz M is het midden van AB AM MB M A B M M RR,, een reële vectorruimte is (net zoals : A B Dus ook voor de coördinaten geldt: co A co B xa xb ya yb com M, Z is het zwaartepunt van ABC : AZ ZM Z A M Z 3 Z A M B C Uit het voorgaande weten we dat M, dus A B C 3Z A B C Z 3 coa cob coc xa xb xc ya yb yc Z, 3 3 3 : Cursus analytische meetkunde 4 Sven Mettepenningen

c) Euclidische meetkunde Euclidische meetkunde Alle ideeën tot nu toe maken deel uit van wat we vlakke affiene meetkunde noemen Merk op dat we tot hiertoe nog nergens gebruik gemaakt hebben van hoeken (of loodrechte stand) Van zodra dit het geval is spreken we van Euclidische meetkunde Een Euclidisch geijkt assenstelsel is een assenstelsel waarvan de assen loodrecht op elkaar staan en gelijk geijkt zijn, we noteren de lengte van de eenheidsvectoren dan als OE OE Wordt het vlak O op deze manier geijkt dan spreken we soms kortweg van het Euclidische vlak De afstand tussen twee punten Neem in het vlak een punt P dat ten opzichte van een Euclidische ijk als coördinaat heeft, P x y Dan geldt: OP x y (wegens de stelling van Pythagoras) In vectornotatie genoteerd geeft dit dus: P OP x y Voor de afstand tussen twee willekeurige punten P x, y en, PP PP P P x x y y Het scalair product van twee vectoren P x y leiden we dan af: Def: In een georthonormeerd assenstelsel definiëren we het scalair product van twee vectoren v x, y v x, y v v xx yy en als Noteren we nu met V o de verzameling van vectoren verschillend van de nulvector, dan geldt: Stelling: v, v : v v v v cos v V, v, met v, v de ingesloten hoek van v en v o Bewijs: In de driehoek opgespannen door de vectoren v, v en v v, geldt de cosinusregel, met v, v : v v v v v v cos, dus v v cos v v v v (Merk op dat deze formule de cosinusregel ook geldt in het geval dat 0 of 80, dus als v een veelvoud zou zijn van v ) Cursus analytische meetkunde 5 Sven Mettepenningen

Met behulp van de afstandsformule die we net bewezen hebben kunnen we dit vereenvoudigen tot: v v cos x y x y x x y y xx yy, waaruit onmiddellijk de gezochte formule volgt We kunnen nu enkele heel eenvoudige eigenschappen opsommen: v V : vo ov 0 v V o: vv v v, v V : v v v v v, v V : v v v v 0 o Cirkels We stellen de vergelijking op van de cirkel c met middelpunt, M x y en straal r : 0 0,, 0 0 0 0 P x y c d P M r x x y y r x x y y r Omgekeerd is d) Rechten C x y ax by c 0 een cirkel met M a, b De vergelijkingen van een rechte en r a b c Elke rechte r heeft een evenwijdige rechte r O die door de oorsprong van het assenstelsel gaat We noemen r O de bijhorende vectorrechte bij die rechte r Elk punt R van deze vectorrechte verschillend van de oorsprong bepaalt een puntvector die we een richtingsvector van de rechte r noemen Volgende eigenschappen zijn onmiddellijk duidelijk: R en R zijn beide richtingsvectoren van eenzelfde rechte k R 0: R kr Evenwijdige rechten bepalen dezelfde vectorrechte en hebben dus dezelfde richtingsvectoren Als we twee punten P en P kennen, dan is P P een richtingsvector van rechte PP De coördinaat van een richtingsvector R van rnoemen we een stel richtingsgetallen van r Het is duidelijk dat richtingsgetallen van een rechte slechts op een evenredigheidsfactor na bepaald zijn, net zoals richtingsvectoren Vertalen we de voorgaande drie eigenschappen in termen van richtingsgetallen, dan krijgen we: a, b en, k : a, b k a, b a b zijn twee stellen richtingsgetallen van eenzelfde rechte R, of dus nog a ka b kb 0 Richtingsgetallen van evenwijdige rechten zijn gelijk op een evenredigheidsfactor na P x, y r en P x, y r dan is x x, y y een stel richtingsgetallen van r Cursus analytische meetkunde 6 Sven Mettepenningen

Vectorvergelijking van een rechte Dit heet een vectorvergelijking van rechte r Parametervergelijking van een rechte Beschouw een rechte r waarvan een punt P en een richtingsvector R gegeven zijn De vector P noemen we een plaatsvector van rechte r Uit de figuur blijkt dat we elke puntvector P van een punt P van de rechte r kunnen schrijven als: r P P kr, met kr Veranderen we in de vectorvergelijking de vectoren door de coördinaten P x, y,, P x, y, dan vinden we: r x, y x, y k ab, R ab en Dit wordt meestal geschreven in stelselnotatie: r x x ka y y kb Dit noemen we een parametervergelijking van rechte r Merk op dat zowel een vectorvergelijking als een parametervergelijking van een rechte niet uniek bepaald zijn maar afhankelijk van de keuze van plaatsvector en richtingsvector Cartesische vergelijking van een rechte Elimineren we parameter k uit het stelsel parametervergelijkingen hierboven dan vinden we vrijwel x x y y onmiddellijk dat: r Deze formule noemen we een cartesische vergelijking van de a b rechte r Merk op dat hier moet gelden dat ab 0 Als a 0 dan bekomen we als parametervergelijking r x x y y kb Dan zal r een rechte zijn evenwijdig aan de y -as De tweede vergelijking in het stelsel is overbodig omdat y alle waarden kan aannemen We vinden dan ook als cartesische vergelijking r x x Analoog zal als b 0 de rechte evenwijdig zijn met de x -as waarbij dus geldt r y y Uit het voorgaande volgt dat elke uitdrukking van de vorm ux vy w 0 een rechte voorstelt in het vlak, op voorwaarde dat u en v niet beide nul zijn x y wv We kunnen dit herschrijven als v u richtingsgetallen (dit blijft ook gelden als u of v nul is), zodat die rechte vu, heeft als stel u w Als v 0 dan kunnen we de rechte herschrijven als y x m x q Hierbij noemen we v v m u v dan de richtingscoëfficiënt van de rechte en q wv het intercept van de rechte Merk hierbij op dat deze rechte de y-as zal snijden in het punt 0,q Cursus analytische meetkunde 7 Sven Mettepenningen

Rechte door twee punten Voorbeeld : Bepaal een parametervergelijking en een cartesische vergelijking van de rechte r door de punten Q, en 3, R Als richtingsvector nemen we Q R, dan hebben we als stel richtingsgetallen plaatsvector kiezen we voor Q (maar R had evengoed gekund) Dan krijgen we: x k x y r r y 3k 3, of nog vereenvoudigd 3x y 7 0 Algemeen: Bepaal een parametervergelijking en een cartesische vergelijking van de rechte r door de punten P x, y en P x, y Dan vinden we, met als richtingsvector PP :,3 Als x x x x k x x y y r r y y x x y y y y k * y y x x y x x of nog y (merk op dat we hier stellen dat x x en y y Ook r x x y y y y x x, anders kan het uiteraard veel eenvoudiger) is mogelijk, zonder extra voorwaarde Rechten in het Euclidische vlak Richtingscoëfficiënt van een rechte Stel dat ten opzichte van een Euclidische ijk een rechte r het koppel ab, als richtingsgetallen heeft Als a 0 (dus r// y ), dan kunnen we als richtingsgetallen ook,b a nemen Per definitie noemen we dan b a de richtingscoëfficiënt (rico) van rechte r, die we meestal met Enkele gevolgen laten zich dan eenvoudig afleiden: m r zullen noteren Rechten met dezelfde rico zijn evenwijdig Rechten die evenwijdig zijn en niet evenwijdig zijn met de y-as hebben dezelfde rico De rechte r ux vy w 0, met v 0, heeft als richtingscoëfficiënt mr u v De rechte door P x, y en, Grafische interpretatie van richtingscoëfficiënt y y P x y, met x x, heeft als rico mr x x Stelling: De richtingscoëfficiënt van een rechte is gelijk aan de verticale toename (evenwijdig met de y -as) van de rechte als de horizontale toename (evenwijdig met de x -as) gelijk is aan Bewijs: Neem als rechte r y m x q Dan geldt voor punten P x, y en, rechte dat y y m x q m x q mx x P x y op de Als we zoals gesteld x x x nemen dan vinden we dus inderdaad dat y y y m m Cursus analytische meetkunde 8 Sven Mettepenningen

De hellingshoek van een rechte De hellingshoek van een rechte r ( r// x ) is de georiënteerde hoek die r maakt met de positieve x-as Is de rechte evenwijdig met de x -as dan nemen we per definitie als hellingshoek de nulhoek Per afspraak stellen we, Is r// y dan is de hellingshoek uiteraard de rechte hoek Noem A het snijpunt van de x -as met de rechte a y mx q, ( m 0) Construeren we een rechthoekige driehoek ABC, met AB op de x-as, B rechts van A, AB en C op de rechte a (zie figuur) Dan volgt uit de vorige stelling dat BC m Elementaire goniometrie geeft ons het verband tussen hellingshoek en rico: tan BC BA m In het geval dat m 0, zal ook 0 en kunnen we ook dan afleiden dat tan m Loodrechte stand van twee rechten Stelling: In een Euclidische ijk staan twee rechten r en R a, b loodrecht op elkaar als en slechts aa bb 0 r r R R R R 0 aa bb 0 Bewijs: r met richtingsvectoren R a, b en Gevolg: Voor twee rechten r en r met rico s m en m geldt: r r m m Bewijs: Dan zijn,m en, m stellen richtingsgetallen van r en r zodat wegens de vorige stelling geldt: r r m m 0 m m Hellingshoek hoek tussen twee rechten De hoek die twee rechten r en r maken is de (kleinste) hoek die twee van hun richtingsvectoren v en v maken We weten dat: v v v v cos v, v cos v, v v v v v Afdwingen dat deze hoek v, v in het interval 0, ligt kunnen we door de absolute waarde te nemen van het rechterlid Op die manier krijgen we dan: v v cos r, r v v Als de rechten als rico m en m hebben wordt dit m m cos r, r m m Cursus analytische meetkunde 9 Sven Mettepenningen

Alternatieve methode om de hoek tussen twee rechten te berekenen Om de hoek tussen twee rechten te bepalen bekijken we volgende figuur: Uitdaging: toon aan dat beide methodes hetzelfde resultaat geven Afstand van een punt tot een rechte Stelling: De afstand van een punt, Uit de figuur blijkt onmiddellijk dat de hoek tussen de twee rechten gegeven wordt door, met en de hellingshoeken van de betreffende rechten Dan geldt: tan tan ma mb tan tan tan tan m m a b We kunnen ook hier afdwingen dat de hoek in het ma mb interval 0, moet liggen: tan m m a b P x y tot een rechte r ux vy w 0 wordt gegeven door d P, r ux vy w u v x x ku Bewijs: Noem l de loodlijn uit P op r, dan geldt: l y y kv Er is dus een k' R zodat P' x k' u, y k' v r Voor dit punt geldt: PP' x k' u x y k' v y k' u v P' r u x k' u v y k' v w 0 Anderzijds geldt: ux vy w ux vy w k' u v 0 k' u v ux vy w d P, r PP' u v Zodat u v ux vy w u v Bissectrices De kenmerkende eigenschap van een bissectrice van twee rechten, is dat de afstanden van een punt op de bissectrice tot beide rechten gelijk zijn Gebruik makend hiervan kunnen we de vergelijking van de bissectrices opstellen Cursus analytische meetkunde 0 Sven Mettepenningen

Als r ux vy w 0 en r ux vy w 0 dan worden de bissectrices gegeven door de vergelijking: ux vy w u x v y w u v u v Wegwerken van de absolute waarde leidt ertoe dat deze vergelijking uiteenvalt in twee lineaire vergelijkingen (bissectrices die loodrecht op elkaar staan) Voorbeeld: Bepaal de vergelijkingen van de bissectrices van r 4x 3y 7 0 en s x 5y 3 0 Oplossing:, d P, r d P, s P x y b, 4x 3y 7 x 5y 3 5 3 4x 3y 7 x 5y 3 4x 3y 7 x 5y 3 5 3 5 3 8x 64y 76 0 x 4y 06 0 9 53 Dus na vereenvoudiging: b y x en b y 8x ( b b ) 8 6 7 Oppervlakte van een driehoek Stelling: In een orthonormaal assenstelsel wordt de oppervlakte van een driehoek PPP 3, met punten P x, y, P x, y en, P x y, gegeven door 3 3 3 S x y x y x y 3 3 Bewijs: Beschouw eerst de punten P ab, en, R P Q We bereken eerst de oppervlakte van het parallellogram Noem E a c,0 en F 0, b d op de x - en de y-as Dan geldt: S OPRQ S S S S S OERF OEP ERP RFQ FOQ de loodrechte projecties van R a c b b d c a c b b d c a cb d a b ad bc c d Q cd Noem R dat punt waarvoor geldt OPRQ Naargelang de gegeven coördinaten zou het best kunnen dat we hier iets negatiefs uitkomen dus moeten we nog de absolute waarde nemen (de oppervlakte is positief) We besluiten: S OPRQ a b S OPQ c d a b c d Cursus analytische meetkunde Sven Mettepenningen

Om de oppervlakte van driehoek PPP 3 te berekenen verschuiven we de driehoek eerst over de vector v PO P De coördinaten van de ' ' verschoven punten worden P x x, y y en P x x, y y ' ' 3 3 omdat P P P en P P P We vinden dus: S S PPP ' ' 3 OPP 3 x x y y x x y y 3 3, 3 3 3 Dit is wat we moesten bewijzen, want x y x y R R x y x x y y 0 R3 R x y x x y y 0 3 3 3 3 x x y y x x y y 3 3 Analytisch bewijzen van meetkundige eigenschappen Als we een handig assenstelsel kiezen (zowel de assen zelf als de ijk), dan kunnen sommige eigenschappen uit de meetkunde op een analytische manier bewezen worden Merk op dat je, van zodra er sprake is van hoeken (of loodrecht stand) of afstanden, een Euclidische ijk moet kiezen In het andere geval (als er enkel sprake is van evenwijdigheid of middens of) volstaat een affiene ijk Voorbeeld : De punten B en C zijn vast, het punt A is veranderlijk Noem M het midden van AB en N het midden van MC Bewijs dat de rechten AN door een vast punt gaan Bewijs: Noem B 4,0 en C 0,4, en neem A4 x,4y Dan zijn M x,y N x, y Dus geldt AN x 4x 3y y 4y 3x Met 0,0 A wordt dit AN y x Met,0 en A wordt dit AN x 8 y Deze (twee mogelijke) rechten snijden elkaar in het punt P 43,83 Dit punt ligt altijd op de rechte AN, want we controleren eenvoudig dat 43 4x 3y 83 4y 3x, x, y R Voorbeeld : In een vierkant ABCD neemt men een punt P op de diagonaal AC Vanuit dit punt laat men de loodlijnen neer op de zijden AB en BC Noem de voetpunten E en F Dan geldt EF PD Bewijs: We kiezen eerst een Euclidisch assenstelsel en een ijk Als x-as kiezen we AD en als y-as kiezen we AB Als eenheid kiezen we de zijde van het vierkant Het punt P ligt op de rechte y x, dus geven we P de coördinaat p, p We krijgen dus: Cursus analytische meetkunde Sven Mettepenningen

Om nu analytisch aan te tonen dat EF PD berekenen we beide richtingscoëfficiënten: m EF p en p m PD p p Dus p p mef mpd EF PD p p e) Meetkundige plaatsen Een meetkundige plaats is een verzameling van punten die voldoen aan een meetkundige eigenschap Zo is een cirkel bijvoorbeeld de verzameling punten die op een gegeven afstand (de straal) van een gegeven punt (het middelpunt) liggen Voorbeeld: Gegeven zijn twee punten A en B Bepaal de meetkundige plaats van de punten P zodat AP PB Oplossing: Noem A,0 en,0 assenstelsel Dan geldt, met P x, y, dat: B in een Euclidisch geijkt * AP PB AP PB x x y 0 0 (*: met P A en P B ) Dit vereenvoudigen we tot x y Dit is een cirkel met middelpunt de oorsprong en straal We besluiten dus dat de punten op de cirkel met diameter AB liggen (zonder A en B zelf) Cursus analytische meetkunde 3 Sven Mettepenningen