Opleidingsplan Klinisch Psychlg Werkgrep Mdernisering pleiding klinisch psychlg Versie juni 2013
Werkgrep Mdernisering Opleiding Klinisch Psychlg Mw. prf. dr. E.H.M. Eurelings-Bnteke Dhr. dr. G.P.J. Keijsers Mw. H. Hekstra Mw. drs. J. M. Hgebm Mw. drs. S.A.M. Lamers Mw. drs. M. van der Ln Mw. drs. S.D. Welles Eindredactie: Mw. drs. V. A. Hgendrn Dhr. dr. A. de Keijser Stuurgrep Mdernisering Psy-Opleidingen Mw. drs. I. van den Berg Mw. drs. E. Brek Mw. drs. M. van Dam Dhr. drs. H. Geertsema (vrzitter) Mw. drs. L. Luycks Mw. drs. C. den Ryen Dhr. dr. T. van der Scht Mw. prf. dr. H. Swaab Dhr. prf. dr. S. Visser Dhr. drs. R. Wlters Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 1
Inhudspgave INLEIDING... 3 HOOFDSTUK 1 ONTWIKKELINGEN IN HET VAKGEBIED... 4 1.1 Prfiel van het specialisme/ vakgebied...4 1.2 Raakvlakken en verschillen met aanpalende berepen...4 1.3 Maatschappelijke en berepsinhudelijke ntwikkelingen...7 1.4 Tekmstperspectief...8 HOOFDSTUK 2 INRICHTING VAN DE OPLEIDING TOT KLINISCH PSYCHOLOOG... 11 2.1 Wettelijke besluiten en regelgeving... 11 2.2 Structuur en inhud van de pleiding... 11 2.3 Begeleiders en berdelaars... 13 HOOFDSTUK 3 COMPETENTIEGERICHT OPLEIDEN VAN DE KLINISCH PSYCHOLOOG... 15 3.1 Opleidingsvisie... 15 3.2 Het CanMEDS mdel... 15 3.3 Onderdelen van het cmpetentiegericht pleiden... 17 3.4 Het cmpetentieprfiel... 17 3.5 Themakaarten... 24 HOOFDSTUK 4 TOETSING EN BEOORDELEN... 26 4.1 Visie p tetsen... 26 4.2 Functie van tetsen en berdelen in de pleiding... 26 4.3 Kwaliteitseisen aan een tetssysteem... 27 4.4 Tetsbek... 28 4.5 Tets- en berdelingsinstrumenten... 28 4.6 Het prtfli... 30 HOOFDSTUK 5 KWALITEITSZORG... 32 5.1 Kwaliteitszrgsysteem van het pleidingsinstituut... 32 5.2 Kwaliteit van de pleiding... 32 5.3 Kwaliteit van de pleiders... 33 5.4 Bij- en naschling van de pleiders... 34 REFERENTIES... 35 BIJLAGE 1. OPDRACHT, KADERS EN WERKWIJZE... 36 1.1. De pdracht aan de werkgrep... 36 1.2 Gevlgde werkwijze... 36 BIJLAGE 2. DEFINITIES EN AFKORTINGEN... 38 BIJLAGE 3. THEMAKAARTEN... 39 BIJLAGE 4. OVERZICHT KBS-EN EN TOETSING COMPETENTIEGEBIEDEN... 55 Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 2
Inleiding Vr u ligt het algemene pleidingsplan vr de pleiding tt klinisch psychlg (KP). Vanuit de Kamer GZ-psychlg, de Kamer Psychtherapeut en het Cllege Specialismen GZpsychlg en de pleidingsinstellingen bestaat de behefte m de vervlgpleidingen tt GZpsychlg, psychtherapeut Klinisch Neurpsychlg en Klinisch psychlg te mderniseren. Hiermee wrdt aangeslten bij de ntwikkelingen die in het medische nderwijsveld plaatsvinden: cmpetentiegericht pleiden (CGO) waarin de inhud vlgens een bepaalde methdiek is vastgelegd, gestructureerd feedback wrdt gegeven, getetst en berdeeld wrdt en in prtfli s wrdt gedcumenteerd. Daarmee wrdt meer transparantie en duidelijkheid geschapen vr de Gezndheidszrgpsychlg in pleiding tt Specialist (GIOS). De pleidingsntwikkeling is dr de pleidingsinstituten gezamenlijk pgepakt in een prjectstructuur. Het del van het prject is m als pleidingsinstellingen gezamenlijk vr de pleidingen een pleidingsplan te ntwikkelen die qua pzet en structuur p dezelfde wijze zijn vrmgegeven en wat betreft niveau p elkaar aansluiten. De pleidingsplannen vlden aan de mderne nderwijskundige inzichten. De pleidingsplannen bieden de pleidingsinstellingen vldende ruimte m vervlgens tijdens de implementatie hun culeur lcale in te vegen. De pbuw van dit pleidingsplan is als vlgt. Allereerst wrdt in Hfdstuk 1 beschreven wat het berep en het werkveld van de klinisch psychlg inhudt, waarna in Hfdstuk 2 de kaders, de structuur en de inhud van de pleiding daarte aan de rde kmt. Het belangrijkste deel van dit pleidingsplan betreft Hfdstuk 3 dat de beschrijving en uitwerking bevat van cmpetentiegericht pleiden van GIOS. Er wrdt vertrkken vanuit de algemene principes van CGO, en vral vanuit het internatinaal gevlgde CanMEDS mdel. Het aan de hand daarvan gefrmuleerde cmpetentieprfiel van de klinisch psychlg speelt een centrale rl in dit pleidingsplan. Dat mdel wrdt vervlgens uitgewerkt in de vrm van vakinhudelijke thema s en berdeelbare praktijksituaties. Daarna wrdt in Hfdstuk 4 ingegaan p het tetsen en berdelen van de GIOS, en in Hfdstuk 5 p de ndzakelijke kwaliteitszrg binnen de pleiding. Belangrijk is Bijlage 3 waarin de themakaarten zijn weergegeven die richting geven aan de inhud en tetsing. In een separaat Tetsbek wrden de verschillende tetsvrmen en berdelingscriteria beschreven. Vanwege de leesbaarheid wrdt in het vrliggende dcument vrnamelijk de derde persn mannelijk gebruikt. Tevens wrdt in verband met de leesbaarheid van het dcument, de afkrting KP met kapitalen geschreven. De afkrting KP wrdt zwel vr enkelvud als vr meervud gebruikt. Status van dit pleidingsplan Het Cllege Specialismen GZ-psychlg heeft dit pleidingsplan vastgesteld p ( 7 maart 2013 ). Aan de hand van een nader vast te stellen implementatieplan zal dit plan bindend vr alle landelijke pleidingsinstellingen. Zij krijgen daarna de gelegenheid m het algemene pleidingsplan nader uit te werken tt reginale pleidingsplannen p basis van hun bestaande curriculum, eigen inzichten, en reginale beheften vanuit het praktijkveld. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 3
Hfdstuk 1 Ontwikkelingen in het vakgebied 1.1 Prfiel van het specialisme/ vakgebied De klinisch psychlg is een krachtens artikel 14 van de Wet Big geregistreerde specialist van het berep gezndheidszrgpsychlg (CGS 2007-4; CONO, 2006). Eind 2012 waren er ruim 2000 persnen geregistreerd als klinisch psychlg (KP). De KP is epert p het terrein van de psychlgische behandeling in de gezndheidszrg en wel met name p het gebied van de cmplee psychdiagnstiek, psychpathlgie en psychtherapie. De KP cmbineert deze kennis en vaardigheden met kennis ver en vaardigheid in het verrichten van wetenschappelijk nderzek en met inzicht in wijze waarp de zrg gerganiseerd en aangestuurd wrdt. Om die reden verleent de KP bij uitstek hulp bij cmplee psychische prblematiek, dat wil zeggen, bij patiënten met psychische prblemen waarbij geïndiceerde behandelingen ntbreken f nvldende effectief blijken. Deze cmbinatie van rllen, clinicus, wetenschappelijk nderzeker en zrgmanager, maakt dat klinisch psychlgen vanuit hun discipline, de psychlgie, p unieke wijze bijdragen aan de vrmgeving van de zrg. De KP bevindt zich p de werkvler, midden in de praktijk. De KP draagt als scientist-practitiner enerzijds vernieuwende ideeën aan vanuit actueel wetenschappelijk nderzek, en genereert anderzijds vanuit de klinische praktijk ideeën vr wetenschappelijk nderzek. Hij neemt trends waar in de zrgvraag en is in staat de zrg daarp in te spelen. Als specialist draagt de KP de berepscde uit. De KP is verantwrdelijk vr en aanspreekbaar p een gede zrgverlening en is kritisch wanneer deze zrg van zichzelf f van cllega s vr verbetering vatbaar is. Wat pleidingsniveau en psitie in de gezndheidszrg betreft is de KP tegerust m een leidinggevende functie te bekleden. 1.2 Raakvlakken en verschillen met aanpalende berepen De berepsuitefening van de GZ-psychlg, de psychtherapeut, de KP en de klinisch neurpsychlg raken elkaar. Daarnaast werken zij samen met verschillende andere prfessinals, zals psychiaters en andere medici, verpleegkundigen, fysitherapeuten en maatschappelijk werkers. De raakvlakken en het nderscheid tussen de vier psychlgische berepen zijn weergegeven in figuur 1. Het mdel in de figuur biedt een glbaal verzicht van de taakinhud van deze vier berepen ten beheve van het nderwijs in deze berepen. Binnen elk van de vier berepen neemt bijvrbeeld psychlgische behandeling een belangrijke plaats in, maar Behandeling 1, Behandeling 2 en Behandeling 3 verschillen van inhud, waarbij Behandeling 2 vrtbuwt p en verder gaat dan Behandeling 1 en Behandeling 3 verder gaat en andere deskundigheid vereist dan Behandeling 2. Bij Behandeling 1 en 3 en Diagnstiek 2 wijzen de inkepingen p een specifiek deel van de taakinhud die vr de discussie hier niet van belang is en hier niet nader wrdt uitgewerkt. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 4
Klinisch neurpsychlg Klinisch psychlg Wetenschap & innvatie Management & verige taken Behandeling 3 Diagnstiek 2 Psychtherapeut Behandeling 2 Prcesdiagnstiek Behandeling 1 Diagnstiek 1 Gezndheidszrgpsychlg Figuur 1. De raakvlakken tussen de vier psychlgische BIG-berepen In artikel 3 van de wet BIG wrden de GZ-psychlg en psychtherapeut aangemerkt als basisberep. In de pleiding tt deze basisberepen wrdt men pgeleid tt generalist in de geestelijke gezndheidszrg. Het generalistische karakter leidt k tt verlapping. In beide berepen is immers kennis van psychpathlgie, indicaties en cntra-indicaties, pstellen van behandelplannen en cmmunicatie en evaluatie met de patiënt van grt belang. Maar er zijn k grte verschillen. De GZ-psychlg verricht psychdiagnstiek, det de indicatiestelling en beschikt daarm ver cmpetenties met betrekking tt de diagnstiek (Diagnstiek 1). Hij gebruikt hierte psychmetrisch nderbuwde tests, vragenlijsten f interviews en is in staat deze instrumenten zwel te scren als te interpreteren en de bevindingen uit te leggen aan patiënten en hulpverleners en vast te leggen in dssiers. De nadruk ligt p (psych)diagnstiek en indicatiestelling bij mensen met zwel syndrmpathlgie als persnlijkheidsprblematiek. In de behandeling richt de GZ-psychlg zich vrnamelijk p patiënten met lichte tt matig cmplee As I-prblematiek (DSM). De GZ-psychlg streeft een adequate behandeling van een duidelijk mschreven prbleem (Behandeling 1) na. De GZ-psychlg kan, binnen zijn bevegdheden en cmpetentieprfiel, ptreden als hfdbehandelaar. De psychtherapeut is als veelzijdig behandelaar in staat m zwel psychlgische behandelingen vlgens richtlijn te verrichten (Behandeling 1) als psychlgische behandelingen uit te veren waarbij een standaard aanpak ntereikend is vanuit de cmpleiteit van de prblematiek (Behandeling 2). Het accent van de werkzaamheden ligt p de behandeling van patiënten met cmplee prblematiek en p de prcesdiagnstiek en indicatiestelling. Bij dit type behandelingen wrden meer eisen gesteld aan het interpersnlijke cntact. Om te kunnen behandelen is de therapie Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 5
langer en intenser, waardr de therapeutische relatie en het therapeutisch prces meer p de vrgrnd kmen te staan. Ok de psychtherapeut kan, binnen zijn bevegdheden en cmpetentieprfiel, ptreden als hfdbehandelaar. Het werkterrein van de KP als specialist (vlgens artikel 14 van de wet BIG) en dat van de GZpsychlg als basisberep zijn niet eenvudig van elkaar te scheiden. Beiden pereren p dezelfde werkplekken, in zwel de eerste-, tweede-, als derdelijnszrg. Beide berepen zijn bvendien pgezet vlgens het scientist-practitiner principe. Dat wil zeggen dat er bij het verlenen van zrg gebruik wrdt gemaakt van wetenschappelijke kennis betreffende nder meer diagnstiek en behandeling. De KP wrdt ingezet m het behandelbeleid te bepalen wanneer standaardbeleid en behandelrichtlijn ntbreken f niet tt het gewenste resultaat leiden. Dat kan zijn p het niveau van de individuele patiënt f bij het implementeren van nieuw behandelbeleid van een team f afdeling. De KP beheerst een grtere variatie aan psychlgische behandelmethden (Behandeling 2 en Behandeling 3) en psychdiagnstische methden (Prcesdiagnstiek en Diagnstiek 2). De KP betrekt in zijn werkzaamheden k de beleidsntwikkelingen binnen de eigen rganisatie en relevante maatschappelijke en plitieke ntwikkelingen. De KP vervult een leidinggevende, sturende en beleidsbepalende rl en is veel vaker werkzaam p plaatsen in de rganisatie m daar wetenschappelijk nderzek, ntwikkeling en vernieuwing verder gestalte te geven. Daarmee verziet hij als specialist het veld van de gezndheidszrg p een hger niveau dan de GZ-psychlg. De klinisch neurpsychlg is eveneens een berep p specialistisch niveau. De klinisch neurpsychlg is gespecialiseerd in cgnitieve, emtinele en gedragsmatige gevlgen van hersenletsel en -disfuncties, en draagt k p dit terrein bij aan wetenschappelijk nderzek, zrginnvatie en zrgmanagement. De klinisch neurpsychlg kan indiceren vr psychtherapie, en vert deze in beperkte mate uit. Naast deze BIG-geregistreerde berepsbeefenaren zijn in de praktijk master psychlgen, pedaggen en geestelijke gezndheidskundigen werkzaam. Deze hebben niet zals de gzpsychlg na de initiële WO-pleiding een BIG erkende pstmaster berepspleiding genten. Smmigen van hen hebben andere pleidingen gevlgd, zals de pleiding tt cgnitieve gedragstherapeut. In het algemeen missen de niet-big geregistreerde psychlgen de brede basis, die ndig is m zelfstandig in de gezndheidszrg te werken. Tabel 1. Telichting p het mdel in Figuur 1 Berep Telichting Diagnstiek 1 GZ - Gestructureerd diagnstisch testnderzek en gestructureerd diagnstisch interview - Indicatiestelling - Bij cmplee prblematiek drverwijzen vr nader diagnstisch nderzek dr een specialist - Diagnstiek p deelaspecten in een cmple diagnstisch prces p aansturing van de specialist. Diagnstiek 2 KP/KNP - Cmple diagnstisch prces, diagnstiek bij cmplee prblematiek en/f diagnstiek bij weinig vrkmende prblematiek - Vaststellen van kwaliteit en vlledigheid van eerder diagnstisch nderzek - Indicatiestelling - Vervlg diagnstiek p basis van eerder diagnstisch Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 6
nderzek f verifiëren f verhelderen van eerder verricht diagnstisch nderzek Prcesdiagnstiek PT/KP - Prcesdiagnstiek gericht p het inschatten van draagkracht en cntet met behulp van casuscnceptualisering en prefinterventies - Indicatiestelling Behandeling 1 GZ/PT - Richtlijngestuurde f gestandaardiseerde behandeling, waar ndig p maat gesneden bij lichte tt ernstige prblematiek - Kan mgaan met persnlijkheidsprblematiek binnen de (richtlijn)behandeling, maar behandelt niet primair de persnlijkheidsprblematiek - Gestructureerde behandeling p deelaspecten bij cmplee f persnlijkheidsprblematiek, waarbij de KP het geheel van de behandeling leidt Behandeling 2 PT/KP - Psychtherapie bij cmplee prblematiek Behandeling 3 KP/KNP - Behandeling van cmplee prblematiek waarbij sprake is van een veelvud van psychische prblemen, veelal een cmbinatie van lichamelijke en psychische prblematiek - Behandeling van ernstige psychische prblematiek f cmplee prblematiek in geval van (semi)klinische pname - Specialistische behandeling bij weinig vrkmende prblematiek - Lange behandeltrajecten bij cmplee prblematiek met cmplicerende cmpnenten, zals verslaving, juridische maatregelen, enzvrt 1.3 Maatschappelijke en berepsinhudelijke ntwikkelingen Vanaf het begin van de jaren 70 uit de vrige eeuw verlr de psychanalyse haar mnpliepsitie in de psychiatrie en klinische psychlgie. De klinische psychlgie was sterk in pkmst en kende een gestaag greiend aantal studenten. De KP werd steeds minder gezien als de assistent van de psychiater, maar als een prfessinal met een eigen vakgebied. Binnen dat vakgebied bestnd van meet af aan het streven m psychdiagnstiek en psychlgische behandeling zveel mgelijk te baseren p bevindingen uit wetenschappelijk nderzek. De zrg dient verantwrd te zijn. Patiënten dienen verzekerd te zijn van ptimale zrg. Dit streven naar accuntability van de zrg werd ng sterker in de jaren 80: bieden we ptimale zrg, zijn behandelingen niet langer en duurder dan ndig is, kan wrden vastgesteld wie van welke behandelvrm het meest prfiteert en zijn de aangebden behandelingen effectief? Verantwrding van de zrg werd via diverse wegen ingezet: wetenschappelijk nderzek, evaluatie van zrgprgramma s, titelbescherming van de zrgverlener, behandelwetgeving, berepscde en zrgverzekering. We geven hiervan een krte indruk. In de jaren 80 werden grte methdlgische verbeteringen aangebracht in het psychtherapieeffectnderzek, de eerste, grte metastudies naar de effecten van psychtherapie verschenen, de eerste ksteneffectiviteitsstudies werden verricht en in de geestelijke gezndheidszrg kwam de evidence-based-mvement p gang (Lambert, Garfield, & Bergin, 2003; Rth & Fnagy, 2005). Ok de verheid ging eisen stellen aan de (geestelijke) gezndheidszrg. Financiering vr de zrg aan instellingen werd afhankelijk van gede verantwrding van die zrg dr die instellingen Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 7
(Van Sn & Van der Staak, 1993). Vaak werden nderzekers van universiteiten aangesteld m evaluaties van zrgprgramma s dr te veren, maar vanaf de 90 jaren werd het steeds gebruikelijker dat instellingen hun zrgprgramma s zelf evalueerden. In 1993 verscheen de Wet Berepen in de Individuele Gezndheidszrg (BIG). In 1998 werd de gezndheidszrgpsychlg en in 2006 de KP (al vanaf 1993 p de agenda) en in 1998 de psychtherapeut als registerberepen in de wet pgenmen. De Wet BIG biedt titelbescherming en waarbrg dat de zrgverlener deskundig is pgeleid. De zrgverlener die in het register wrdt pgenmen is verplicht zich peridiek te laten herregisteren dr aan te tnen ver recente werkervaring te beschikken en/f zich vldende te hebben bijgeschld. De Wet BIG regelt k het tuchtrecht en kan een zrgverlener uitschrijving uit het register pleggen. Naast de Wet BIG werden andere (uitbreidingen van) wetten in werking gesteld m het recht van de patiënt p gede (geestelijke) gezndheidszrg te regelen, waarnder de Wet Bijzndere Opneming in Psychiatrische Ziekenhuizen (BOPZ, 1994) en de Wet p de Geneeskundige Behandelingsvereenkmst (WGBO 1995). Belangrijk uitgangspunt van de WGBO is dat de zrgverlener het werk zrgvuldig det en in vereenstemming met de verantwrdelijkheid die hrt bij de prfessinele standaard. Prfessinele standaard wrdt meestal gezien als een nrm die dr de berepsgrep zelf met wrden vastgesteld via bepalingen dr berepsverenigingen. In 1953 frmuleerde de American Psychlgical Assciatin vr het eerst haar berepscde ( Standards ). In Nederland nam het Nederlands Instituut van Psychlgen in 1960 haar eerste berepscde aan. In Eurpees verband werd in 1995 de metacde vr berepsethiek aangenmen dr de Eurpean Federatin f Prfessinal Psychlgists Assciatins (Baneke, 1996). Deze berepscdes bevatten regels ver de wijze waarp de berepsgrep haar deskundigheid en prfessinaliteit wil uitdragen, p prfessinele wijze de relatie met patiënten wil hanteren, p zrgvuldige wijze met dssiers, inzagerecht en klachtenrecht wil mgaan. Naast de berepscdes kwam vanaf 2000 in Nederland k de (multidisciplinaire) richtlijnntwikkeling pgang vr wat betreft adequate tepassing van testdiagnstiek en vr de behandeling van specifieke patiëntenppulaties (.a. angststrnissen, stemmingsstrnissen, ADHD, schizfrenie, alchlmisbruik e.a.). Deze ntwikkelingen p het terrein van psychlgische hulpverlening in de gezndheidszrg maken duidelijk dat de psychlgie zich als een serieuze en geaccepteerde discipline heeft ntwikkeld en dat via wetenschappelijk nderzek, zrgevaluatie, pleidingseisen, titelbescherming, wetgeving en berepsvereniging vanaf de jaren 70 van de vrige eeuw zich een verregaande prfessinaliseringsglf heeft ingezet. Dat de patiënt verzekerd dient te zijn van prfessinele zrg is ged pgepakt. De differentiatie tussen de vier registerberepen vanuit de psychlgie is van recente datum. De verwachting is dat deze differentiatie in de kmende jaren duidelijker gaat wrden en vral, dat de ntwikkelingen die gaan vlgen wederm sterk dr accuntability vraagstukken zullen wrden bepaald. 1.4 Tekmstperspectief Binnen de geestelijke gezndheidszrg kunnen de vlgende drie met elkaar samenhangende ntwikkelingen verwacht wrden: (a) tenemende aandacht vr cmplee psychische prblematiek, (b) verdere eisen aan kwaliteit van de zrg en, (c) tenemende empirische tetsing van die kwaliteit. Deze ntwikkelingen raken pleiding en berepsinvulling van de gezndheidszrgpsychlg, de psychtherapeut, de klinisch neurpsychlg en de KP. In dit pleidingsplan wrdt k stilgestaan bij de ntwikkelingen vr de KP. a. Cmplee psychische prblematiek: Circa 38 prcent van de aanmeldingen in de geestelijke gezndheidszrg betreft heraanmeldingen (22% 2 e keer, 16% derde keer f meer) en circa 33% betreft persnlijkheidsprblemen bij vlwassenen en gedragsprblemen bij kinderen (GGZ-Nederland, 2010a). Cmplee prblematiek vraagt m adequate psychdiagnstiek en Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 8
m interdisciplinair verleg p gelijkwaardig niveau met medisch specialisten en andere zrgverleners. Naast cmplee prblematiek dient de gezndheidszrg k m te gaan met een veruderende bevlking en een greiend aantal mensen met een andere etnische en culturele achtergrnd dan de Nederlandse (circa 37% van aanmeldingen; GGZ-Nederland, 2010b). Dat betekent dat aanpassingen in de psychdiagnstiek en behandeling meten wrden aangebracht. Psychdiagnstiek, behandeling en zrgmanagement bij cmplee psychische prblematiek bevindt zich bij uitstek p het werkterrein van de KP. Vr wat betreft behandeling bij minderheden is meer nderzek, kennis en aandacht vr culturele verschillen in waarden en beleving van ziekte en gezndheid gewenst en heeft de KP een rl m te te zien p passende psychlgische zrgverlening. b. Kwaliteit van de zrg: Verwacht mag wrden dat verheid en maatschappij vragen m verdere verbetering van de zrg. Daarte dient de berepsgrep te te zien p de kwaliteit van de pleidingen en de kwaliteit van naschling, bijschling en actuele werkervaring van de berepsuitefenaars en p het frmuleren van prfessinele standaard en berepscde. Van belang is k dat de berepsgrep kritisch blijft tezien p het eigen vakgebied en via vertegenwrdigers actief bijdraagt aan maatschappelijke discussies ver gezndheid en ziekte. Gezndheidzrginstellingen dienen transparante prcedures vr psychdiagnstiek, indicatie en behandeling te bieden. Vr zver ntwikkeld dienen evidence-based en cnsensus-based standaarden en richtlijnen te wrden gevlgd. Daarvan kan alleen beredeneerd wrden afgeweken. Zrgverleners krijgen te maken met patiënten die steeds mndiger en steeds beter geïnfrmeerd zijn en de zrgverlener aansprakelijk huden vr de geleverde zrg. Wat dit tweede punt, kwaliteit van de zrg, betreft, mag verwacht wrden dat klinisch psychlgen in de kmende jaren een steeds duidelijkere rl gaat spelen in de gezndheidszrg en speciaal bij de hulpverlening bij psychische prblemen. De KP wrdt pgeleid m taken in het zrgbeleid te gaan vervullen en te te zien p praktijkpleiding, prfessinele standaard, berepscde en praktijk en actuele wetenschappelijke inzichten met elkaar te verbinden. De KP heeft een belangrijke rl als supervisr, werkbegeleider en behandelverantwrdelijke in de praktijkpleiding van masterpsychlgen in de gezndheidszrg en is ged p de hgte van standaard prcedures en richtlijnen binnen de psychdiagnstiek, indicatie en behandeling - dat geldt k vr de basisberepen, gezndheidszrgpsychlg en psychtherapeut-, maar de KP krijgt k de rl m het behandelplan vast te stellen als standaard en richtlijnen ntbreken (zie k a). c. Empirische tetsing: Verwacht mag wrden dat (1) rutine utcme mnitring in de tekmst standaard gaat wrden: behandelevaluatie wrdt altijd verricht, (2) dat praktijkgericht wetenschappelijk nderzek bij psychdiagnstiek, indicatie en behandeling van psychische prblemen gaat tenemen in de gezndheidszrginstellingen, en (3) dat mderne technieken wrden ntwikkeld m differentiaaldiagnstiek, effectpredictren en behandeleffecten te meten. Ok wat betreft het derde punt, empirische tetsing, mag verwacht wrden dat klinisch psychlgen een duidelijke rl gaan spelen in het pzetten van en tezien p systematische evaluatie van de zrg. Hetzelfde geldt vr het ntwikkelen en implementeren van nieuwe meetinstrumenten m behandeleffecten p verantwrde, lees valide wijze zichtbaar te maken, rekening hudend met de vele variabelen die de mate van zelfgerapprteerde klachten na een behandeling kunnen beïnvleden, zals de mate van patiënttevredenheid, de aard van de relatie tussen patiënt en behandelaar, de mate van zelfinzicht en persnlijkheidskenmerken van de patiënt en tensltte diens culturele achtergrnd. Verwacht wrdt dat klinisch psychlgen gaan bijdragen aan de ntwikkeling, rganisatie, implementatie en evaluatie van psychlgische Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 9
behandelingen met aanvullend gebruik van nieuwe cmmunicatievrmen en multimedia via het internet. Tensltte is wetenschappelijk nderzek naar de effectiviteit van nieuwe behandelvrmen van belang evenals wetenschappelijk nderzek naar de treatment utility van de psychdiagnstiek, een tt p heden nderbelicht nderzeksterrein. Ontwikkelingen p dit laatste terrein zal kunnen bijdragen aan een verbetering van het prces van indicatiestelling. Bijblijven in wetenschappelijke kennis en verantwrde evaluatie van zrg kmen p dit punt samen. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 10
Hfdstuk 2 2.1 Wettelijke besluiten en regelgeving Inrichting van de pleiding tt klinisch psychlg De specialistische pleiding tt KP is in 2003 van start gegaan. Het kader van de pleiding is dr het Cllege Specialismen Gezndheidszrgpsychlg (CSG) vastgelegd in het Besluit specialisme KP CSG 2007-4, Besluit erkenningseisen pleiding klinisch psychlg (CSG 2005-1) en het Besluit supervisie en leertherapie pleiding klinisch psychlg (CSG 2006-1). Dit kader is echter glbaal en geeft de grte lijnen aan wat betreft vrpleidingseisen, de rganisatie van de pleiding en de aantallen uren van de verschillende aspecten van de pleiding. In dit hfdstuk wrdt de structuur en de rganisatie van de pleiding beschreven, de inhud van het cursrisch prgramma zals die binnen de verschillende pleidingsinstellingen vrmgegeven is en de praktijkpleiding. De KP pleiding vldet k aan de eindtermen van de PT-pleiding en leidt dan k tt twee afznderlijke registraties: tt die van KP in het specialistenregister (artikel 14 Wet BIG) van de GZpsychlg en die van psychtherapeut in het BIG-register (artikel 3 Wet BIG). In de pleiding ligt een sterke nadruk p de praktijk, zals passend bij een berepspleiding. Daarnaast is k het academische gehalte van de pleiding gewaarbrgd dr de intensieve samenwerking van het praktijkveld en de universiteiten. Vr de pstacademische/pstmaster pleidingen is een stichting in het leven gerepen, waarbij het stichtingsbestuur is samengesteld uit vertegenwrdigers van de betrkken praktijkinstellingen, vertegenwrdigers van de universiteit(en) en de directeur van de pleidingsinstelling. In drie regi s zijn dit de RINO s (Reginaal Instituut Naschling en Opleiding in de GGZ) en in de andere drie regi s een pstacademische pleidingsinstelling die nauw verbnden f nderdeel is van de betrkken universiteit. Het stichtingsbestuur is mede verantwrdelijk vr de verschillende pstacademische pleidingen, waarnder de KP-pleiding. De hfdpleider draagt de inhudelijke verantwrdelijkheid vr de ttale pleiding. De criteria waaraan de hfdpleider met vlden, staan beschreven in het wettelijk Besluit erkenningseisen pleiding KP (CSG 2005-1). De hfdpleider is de centrale figuur binnen de gehele pleiding en de direct aanspreekbare en verantwrdelijke vr het ttale pleidingstraject van iedere GIOS. De hfdpleider is tevens verantwrdelijk vr de telating tt de pleiding. De KP-pleiding is een specialistische pleiding. Om tegelaten te wrden tt de specialistische pleiding tt KP is de registratie als gezndheidszrgpsychlg e. Artikel 3 Wet BIG, een vereiste. De titel klinisch psychlg is een wettelijk erkend specialisme (e. Artikel 14 van de Wet BIG). De specialistische pleiding tt KP vldet aan de dr het Cllege Specialismen Gezndheidszrgpsychlg vastgestelde eisen en aan vereengekmen landelijke afspraken met betrekking tt inhud en inrichting. Daarnaast is de huidige pleiding z ingericht, dat het nderdeel psychtherapie minimaal gelijkwaardig is aan die van een psychtherapie pleiding cnfrm de AMvB psychtherapeut. In een vrijstellingsregeling die tussen het Cllege Specialismen Gezndheidszrgpsychlg en de Kamer Psychtherapeut is pgesteld wrdt bepaald dat psychtherapeuten zijn vrijgesteld van het nderdeel behandeling in de KPpleiding. 2.2 Structuur en inhud van de pleiding De KP-pleiding is een specialistische berepspleiding die vrtbuwt p de generalistische pstmasterpleiding tt GZ-psychlg. Het uitgangspunt is dat de GZ-psychlg wrdt pgeleid tt een specialist p het gebied van diagnstiek en van behandeling (waarnder psychtherapie) van cmplee prblematiek, die zelfstandig wetenschappelijk nderzek kan uitveren en die leiding kan geven aan zrgprcessen. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 11
De KP-pleiding bestaat uit een pleidingstraject van nminaal drie jaren vltijds, maar wrdt gespreid ver vier jaren waarbij er minimaal 24 uur per week praktijkwerkzaamheden wrden verricht. De KP-pleiding heeft een mvang van ten minste 4885 uren, waarvan ten minste 1645 uren nderwijs en ten minste 3240 uren gesuperviseerde werkervaring als KP. Het nderwijs mvat in elk geval 600 uur cursrisch nderwijs, 760 uur literatuurstudie en praktijkpdrachten, 235 uur supervisie en 50 uur leertherapie. De KP pleiding kent twee differentiaties, waarvan één gericht is p kinderen en jeugdigen (KP K&J) en één p vlwassenen en uderen (KP V&O). De pleiding KP V&O wrdt gerganiseerd vanuit zes reginale pleidingsinstellingen, die erkend zijn dr de Registratiecmmissie Specialismen Gezndheidszrgpsychlg en de pleiding binnen hun regi verzrgen. Elk van deze pleidingsinstellingen is gelieerd aan één f meer universiteiten. De landelijke differentiatie KP K&J wrdt gerganiseerd vanuit één pleidingsinstelling (Utrecht). 2.2.1 De praktijkpleiding In de praktijkpleiding staan werken en leren in de praktijksituatie en reflectie daarp centraal. De dagelijkse feedback kmt vanuit verschillende situaties van verschillende betrkken prfessinals zals de praktijkpleider, de werkbegeleider en supervisren. De uit te veren werkzaamheden en verantwrdelijkheden nemen gedurende de pleiding te in cmpleiteit. Omdat de GIOS al als GZ-psychlg in het BIG-register is ingeschreven, is hij al cmpetent p het gebied van de GZ-psychlg. 2.2.2 Praktijkpleidingsinstellingen Klinisch psychlgen wrden pgeleid bij GGZ-instellingen, algemene en academische ziekenhuizen, instellingen vr verstandelijk gehandicapten, instellingen p het gebied van de jeugdzrg, frensisch psychiatrische instellingen en instellingen vr verslavingszrg. Alle instellingen vlden, aan de dr het CSG gestelde eisen vr praktijkinstellingen zals vastgelegd in het Besluit erkenningseisen pleiding klinisch psychlg (Besluit CSG 2005-1). De eisen hebben.a. betrekking p de breedheid en gedifferentieerdheid van het zrgaanbd dat aansluit bij de dr de deelnemer gekzen differentiatie. Dit kmt tt uitdrukking in: Diversiteit en specificiteit van de prblematiek. Diversiteit van patiënten wat betreft leeftijd, met name indien de pleiding gericht is p kinderen en jeugdigen. Een breed scala van diagnstische activiteiten en interventievrmen waarnder de psychtherapie, de laatste in meerdere varianten naar setting, methde en duur. Betrkkenheid van meerdere disciplines bij de zrg. Daarnaast wrden eisen gesteld aan de begeleidingsstructuur en de infrastructuur vr het uitveren van wetenschappelijk nderzek en het pden van ervaring p het gebied van management en verige taken. Zie hiervr k het Besluit erkenningseisen pleiding klinisch psychlg (CSG 2005-1). 2.2.3 Het cursrisch deel van de pleiding De GIOS vlgt gedurende vier jaar gemiddeld eens in de twee weken een dag cursrisch nderwijs. Het cursrisch nderwijs wrdt aangebden dr de zes reginale pleidingsinstellingen. Binnen het cursrisch nderwijs dient sprake te zijn van een evenredige verdeling van de uren psychdiagnstiek, behandeling en wetenschappelijk nderzek/ management en verige taken. De verdeling van de uren ver de aandachtsgebieden is als vlgt: Diagnstiek, inclusief indicatiestelling (200 uur) Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 12
Behandeling, inclusief psychtherapie (200 uur) Wetenschappelijk nderzek en innvatie (100 uur) Management en verige taken (100 uur) Het cursrisch nderwijs is ndersteunend aan de cmpetentientwikkeling van de GIOS in de praktijk. Het cursrisch nderwijs dient te vlden aan de eisen die hieraan wrden gesteld in het Besluit specialisme klinische psychlgie. 2.2.4 Aansluiting cursrisch nderwijs en praktijk Het pleiden tt een BIG-erkend basisberep is een garantie vr de kwaliteit van de zrg. Een patiënt met ervan uitgaan dat hij bij een KP kennis, vaardigheden en attitude van een duidelijk mschreven niveau kan verwachten. De KP wrdt dan k z pgeleid dat hij binnen het ttale werkveld van de geestelijke gezndheidszrg (GGZ) en k daarbuiten in de gehele gezndheidszrg werkzaam kan zijn. Dit bekent dat de GIOS pgeleid meten kunnen wrden binnen de breedte van het ttale werkveld. Binnen de pleiding wrdt gestreefd naar een z nauw mgelijke aansluiting tussen het praktijkgedeelte (80% van de pleiding) en het cursrisch gedeelte (20%). De GIOS leren het berepsmatig handelen met name in de praktijk met de cursrische input als bagage. De hierbven genemde integratie is daarbij essentieel. Er wrdt binnen het cursrisch nderwijs gebruik gemaakt van verschillende didactische werkvrmen met vldende ruimte vr reflectie. Het praktijkgedeelte dient breed te zijn qua prblematiek en patiëntenaanbd. De GIOS dient de gelegenheid krijgen m van meerdere vrbeelden te kunnen leren. Het is een gezamenlijk prject van dcenten, supervisren, werkbegeleiders en (hfd)pleiders met als del dat de GIOS wrdt pgeleid tt een zelfbewuste prfessinal die zijn verantwrdelijkheden en verschillende rllen kent. 2.3 Begeleiders en berdelaars Binnen de KP-pleiding heeft de GIOS te maken met verschillende begeleiders en berdelaars: hfdpleider, praktijkpleider, werkbegeleider, supervisr en de dcent. 2.3.1 Hfdpleider De hfdpleider is eindverantwrdelijk vr de inhud en kwaliteit van de pleiding. De eisen die gesteld wrden aan hfdpleiders zijn beschreven in het Besluit erkenningseisen pleiding Klinisch Psychlg (BEOKP). 2.3.2 Praktijkpleider De praktijkpleider is werkzaam bij de praktijkpleidingsinstelling en is daarmee degene die de verantwrdelijkheid heeft vr het praktijkgedeelte van de pleiding van een f meerdere GIOS. Hij draagt zrg vr de rganisatie en de vrtgang van het pleidingsgedeelte binnen een praktijkpleidingsinstelling, is daarmee het eerste aanspreekpunt vr de pleidingsinstelling en is direct verantwrding schuldig aan de hfdpleider. De praktijkpleider ressrteert nder de raad van bestuur f de directie van de praktijkpleidingsinstelling m zdende directe invled te kunnen hebben p het pleidingsprces. Binnen grtere praktijkpleidingsinstellingen is een afgeleide functie van de praktijkpleider die van P-pleider. Deze functie is in het leven gerepen m een aantal beleidsmatige en verstijgende taken te verzrgen. Bij de selectieprcedure vr GIOS speelt de praktijkpleider een belangrijke rl. Aan het begin van de pleiding stelt de praktijkpleider samen met de GIOS een individueel pleidingsplan p en verleent gedkeuring aan de werkbegeleiders en supervisren. De praktijkpleider ziet de GIOS gemiddeld één keer per maand, en berdeelt de GIOS p vastgestelde mmenten binnen de pleiding. De praktijkpleider treedt p bij prblemen en neemt maatregelen wanneer de vrtgang stagneert. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 13
De rllen van praktijkpleider en werkbegeleider kunnen wrden gecmbineerd, aangezien zij beiden berdelend van aard zijn. 2.3.3 Werkbegeleider De werkbegeleider is een cllega KP die dicht bij de GIOS staat, binnen dezelfde setting en team werkt. De werkbegeleider heeft de rl van cach en fungeert k als rlmdel. De werkbegeleider ziet te p het dagelijks functineren van de GIOS en berdeelt k de vrtgang binnen de pleiding. Hij bewaakt dat de zrg van de GIOS k verantwrde zrg is vr de patiënten. De werkbegeleider is verantwrdelijk vr het handelen van de GIOS als aankmend KP vlgens de wet BIG (VWS, 1993) en geeft begeleiding cnfrm geldende kaders. De werkbegeleiding is gericht p het handelen van de GIOS in de dagelijkse praktijk en de werkbegeleider bewaakt dat de verrichtingen aansluiten bij de bekwaamheden van de GIOS en passen binnen het pleidingsplan. In de werkbegeleiding staat de patiënt centraal. 2.3.4. Supervisr De supervisr biedt de GIOS een veilige leerklimaat waarin hij met zijn twijfels en nzekerheden terecht kan. In de supervisie gaat het met name ver de prfessineel -persnlijke ntwikkeling van de GIOS. Naast de prfessineel -persnlijke ntwikkeling, gaat k m het technisch en methdisch bekwaam wrden in alle aspecten van het berep. Tevens kunnen berepsethische kwesties in de supervisie aan de rde kmen. De supervisr zelf zal bij vrkeur p enige afstand van de dagelijkse werkmgeving van de GIOS staan f is zelfs buiten de instelling werkzaam. Hierdr kan de supervisr de zaken k meer p een afstand bekijken met een helicpterview. In het algemeen geeft de supervisr p verzek van de praktijkpleider een rdeel ver de vrtgang van het leertraject en de ntwikkeling en het functineren van de GIOS en betrekt in dit rdeel diens technische en theretische kennis, praktische vaardigheden en attitude jegens de patiënt, alsmede persnlijke en berepsethische aspecten, vr zver deze relevant zijn vr het functineren van de GIOS p het terrein waarp de supervisie betrekking heeft. Cmbinatie met de rl van praktijkpleider is niet mgelijk, aangezien de supervisr niet de berdelende rl heeft en de veiligheid met kunnen bieden. Daarm is een hiërarchische psitie van de supervisr ten pzichte van de GIOS ngewenst. 2.3.5 Dcent De dcent is verantwrdelijk vr de uitvering van een deel van het cursrisch nderwijs en de tetsing en berdeling daarvan. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 14
Hfdstuk 3 3.1 Opleidingsvisie Cmpetentiegericht pleiden van de klinisch psychlg De principes van het cmpetentiegericht leren van vlwassenen vrmen het uitgangspunt van de KP-pleiding. De psychlg in pleiding tt KP leert bij uitstek dr en in de interactie met zijn mgeving. De rl van de pleider is die van begeleider van de GIOS bij het leerprces (met pleider wrdt in dit pleidingsplan bedeld: alle persnen die een rl hebben in het leerprces van de GIOS, zwel in het cursrisch nderwijs als het praktijknderwijs). Veel initiatief en verantwrdelijkheid vr het leerprces ligt bij de GIOS zelf. De zelfsturing vindt nder meer plaats in verleg met de pleider aan de hand van dcumentatie in het prtfli. Het faciliteren van het leerprces vereist k specifieke attitudes en vaardigheden van de pleider, die vral een cachende rl heeft. De GIOS leert van de in de praktijk aanwezige berepsgenten en neemt geleidelijk het handelingsrepertire (kennis, vaardigheden, huding, nrmen en waarden) van de berepsgrep ver. Cncrete feedback tijdens het leren in de praktijk is belangrijk m te kunnen leren van ervaringen. De uit te veren werkzaamheden en verantwrdelijkheden verschuiven gedurende de pleiding van minder naar meer cmple, en de begeleiding wrdt in de lp van de pleiding minder intensief. In het praktijknderdeel staan werken en leren in de praktijksituatie en reflectie centraal. Het stimuleren van de GIOS tt reflectie p de eigen ervaringen mtiveert tt leren en ntwikkelen. Parallel aan het handelend ervaren, leert de GIOS dr cursrisch nderwijs en zelfstudie, waarbij een berep kan wrden gedaan p uitleg en instructie van een pleider. In de pleiding staan de vlgende didactische kernelementen centraal: De GIOS heeft een grte en actieve verantwrdelijkheid vr het eigen leerprces. Hij stelt leerdelen p, bereidt zich vr p nderwijsactiviteiten, brengt casuïstiek in en benut reflectie, supervisie en intervisie. Het leren vindt vr een grt deel plaats in de praktijk en wrdt daarbij ndersteund dr cncrete feedback van berepsgenten. De praktijkpleiding en het cursrisch nderwijs zijn p elkaar afgestemd. 3.1.1 De relatie tussen therie en praktijk Miller (1990) nderscheidt vier pklimmende niveaus van kennis en vaardigheden die gedurende een berepspleiding wrden drlpen, namelijk: 1. weten: kennis; cursrisch nderdeel; 2. weten he: kennis en kunnen uitleggen; cursrisch nderdeel; 3. tnen he: basisvaardigheden in een simulatiecntet; cursrisch nderdeel; 4. den: in een authentieke praktijksituatie; praktijknderdeel. Deze niveaus kmen allen p verschillende mmenten en plaatsen, en in nderlinge samenhang in de pleiding aan bd. Cmpetentiegericht pleiden bestaat derhalve niet alleen uit het werken in de praktijk, maar baseert zich k p een stevige vakinhudelijke kenniscmpnent. Deze laatste is weer afgestemd p de kennisbehefte die het werken in de praktijk met zich mee brengt. 3.2 Het CanMEDS mdel Als uitgangspunt vr het cmpetentiegericht pleiden is gekzen vr het mdel van de Canadian Medical Educatin Directives fr Specialists: CanMEDS (zie.a. www.ryalcllege.ca/prtal/page/prtal/rc/canmeds). Dit mdel is in de jaren negentig Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 15
ntwikkeld dr de Ryal Cllege f Physicians and Surgens f Canada, en is gebaseerd p cnsensus ver de inhud van berep van arts, p een educatief mdel en p empirisch nderzek. De uitwerking daarvan in het CanMEDS 2005 Framewrk ligt ten grndslag aan het huidige pleidingsplan, dat daarmee tevens aansluit bij de medische vervlgpleidingen in Nederland. Een aantal kernbegrippen uit dit pleidingsplan zijn: Cmpetentie: Een cmpetentie betreft de bekwaamheid m een prfessinele activiteit in een specifieke authentieke berepscntet adequaat uit te veren dr de geïntegreerde aanwezigheid van kennis, vaardigheden, prfessinele gedragskenmerken. Cmpetentiegebied: In een cmpetentiegebied is een aantal cmpetenties geclusterd. De cmpetentiegebieden in het prfiel vertnen een nderling samenhang en zijn essentieel m als KP ged te kunnen functineren. Indicatr: Cmpetenties wrden geperatinaliseerd in de vrm van indicatren. Een indicatr is waarneembaar en meetbaar gedrag f het resultaat van dat gedrag van de (aankmende) berepsbeefenaar. Patiënt: Daar waar in dit hfdstuk wrdt gesprken ver patiënt kan k patiëntsysteem wrden gelezen. Alle leeftijdsgrepen (kinderen, jeugdigen, vlwassenen en uderen) wrden geïncludeerd. Cmplee prblematiek: Cmplee prblematiek laat zich meilijk eenduidig definiëren, wel kunnen enkele varianten weergegeven wrden m het begrip inhud te geven. Bij patiënten met cmplee prblematiek gaat het m patiënten bij wie de te behandelen prblematiek: (1) na meerdere behandelingen nauwelijks verminderd is; (2) zdanig sterk verweven is met een f meer additinele psychische prblemen f medische cndities dat deze tegelijkertijd en integraal behandeling beheven; (3) sterk medebepaald f in stand gehuden wrdt dr psychsciale prblematiek (bijvrbeeld armede, eenzaamheid, werklsheid, gebrek aan pleidingsmgelijkheid.), f (4) dr een sterk-beperkende systemische cntet. In dit hfdstuk wrdt beschreven he het CanMEDS mdel is uitgewerkt vr de pleiding tt KP. De cmpetentiegebieden wrden uitgewerkt in een aantal thema s, waarin p hun beurt de cmpetenties nader wrden geperatinaliseerd. Daardr weet de GIOS p een gedetailleerder en transparanter niveau wat van hem wrdt verwacht, en waarp hij wrdt berdeeld. 3.2.1. Cmpetentiegebieden en hun samenhang Het CanMEDS-mdel mvat zeven cmpetentiegebieden, waarbij het daarin genemde centrale gebied Medisch handelen in dit pleidingsplan vervangen is dr Psychlgisch handelen. De zeven gebieden wrden verderp in dit hfdstuk uitverig beschreven en zijn krtweg aan te duiden als: 1. Psychlgisch handelen : is het kerngebied van het vak, waarmee de verige cmpetentiegebieden nauw samenhangen. Het gaat hierbij m psychdiagnstiek, indicatiestelling en psychlgische behandeling, waarnder psychtherapie. 2. Cmmunicatie : mvat alle cmmunicatie en samenwerking met de patiënt en diens systeem. 3. Samenwerking : verwijst naar het samenwerken met alle zrgverleners die met de KP betrkken zijn bij diens patiënt. 4. Kennis en wetenschap : richt zich p het prces van het verwerven en uitdragen van kennis. 5. Maatschappelijk handelen : betreft de maatschappelijke cntet van het handelen van de KP en vrmen van belangenbehartiging ten beheve van de patiënten. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 16
6. Organisatie : betreft zwel het rganiseren van de werkzaamheden als het werken binnen een rganisatie en het bijdragen aan zrgmanagement en innvatie. 7. Prfessinaliteit : heeft betrekking p nder meer persnlijke, ethische en juridische kwaliteitseisen, die gesteld wrden aan de berepsuitefening van de KP. Het CanMEDS-mdel vernderstelt een samenhang tussen de verschillende cmpetentiegebieden. Het cmpetentiegebied Psychlgisch handelen staat centraal en vrmt de kern van het mdel. Het hangt rechtstreeks samen met het cmpetentiegebied Cmmunicatie, dat het direct waarneembare gedrag van de psychlg tijdens de uitvering van zijn kerntaak betreft, namelijk patiëntenzrg. Het cmpetentiegebied Samenwerking betreft cmpetenties die betrekking hebben p de samenwerking met andere prfessinals in de zrg, zwel interdisciplinair als multidisciplinair. Ok de cmpetentiegebieden Samenwerking en Organisatie kennen een sterke nderlinge samenhang en kunnen gedefinieerd wrden als essentiële, vrwaarden scheppende cmpetenties vr een ptimale patiëntenzrg. De cmpetenties die geplaatst zijn in het cmpetentiegebied Maatschappelijk handelen zijn p micr-, mes- en macrniveau gefrmuleerd. Van een andere rde zijn de gebieden Kennis en wetenschap en Prfessinaliteit, mdat het hierbij gaat m de berepshuding ten aanzien van het handelen van de psychlg. Het cmpetentiegebied Kennis en wetenschap mvat de algemene cmpetenties p het gebied van kennisntwikkeling en wetenschappelijke kennis. De cncrete vakspecifieke kennis is pgenmen in het Psychlgisch handelen. Prfessinaliteit vrmt de persnlijke, ethische en juridische basis van het handelen. 3.3 Onderdelen van het cmpetentiegericht pleiden In het vrliggende pleidingsplan en in het separate tetsbek kmen de vlgende nderdelen aan de rde die van algemeen naar specifiek verlpen. In de vlgende paragrafen wrdt van elk van deze nderdelen een nadere mschrijving en uitwerking gepresenteerd. - Het cmpetentieprfiel: (in dit Opleidingsplan) - De themakaarten: (in dit Opleidingsplan) - Kenmerkende BerepsSituaties: (in dit Opleidingsplan en in het Tetsbek) - Tetsvrmen en berdelingscriteria: (in het Tetsbek) 3.4 Het cmpetentieprfiel In deze paragraaf wrdt het cmpetentieprfiel beschreven dat vr elk van de zeven cmpetentiegebieden aangeeft wat verwacht mag wrden van een KP. Per cmpetentiegebied wrdt eerst een algemene definitie gegeven, waarna bijbehrende algemene en specifieke indicatren wrden aangegeven. Inhudelijk is dit cmpetentieprfiel tt stand gekmen dr uit te gaan van het rsprnkelijke CanMEDS mdel, dr raadpleging van de cmpetentieprfielen van een aantal medische vervlgpleidingen, en dr vakinhudelijke verwegingen binnen de werkgrep. Cmpetentiegebied 1 Psychlgisch handelen Psychlgisch handelen mvat zwel psychdiagnstiek als psychlgische behandeling, waarnder psychtherapie. De KP berdeelt eerder verricht psychdiagnstisch nderzek p inhud en kwaliteit en stelt vast f verder nderzek ndig is. De KP verricht psychdiagnstisch nderzek vlgens prfessinele standaard, juist k bij patiënten met cmplee f weinig vrkmende prblematiek, m p basis van dit nderzek cnclusies te trekken ver behandelingsmgelijkheden. Ok wat betreft psychlgische behandeling/psychtherapie is de KP in staat de kwaliteit en resultaten van eerder f huidige behandeling te berdelen, behandelmgelijkheden te verzien en gangbare behandelingen uit te veren, juist k bij patiënten met cmplee f weinig vrkmende prblematiek. Cmpetenties en indicatren Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 17
1.1 De KP berdeelt de inhud, betekenis en kwaliteit van eerder verricht psychdiagnstisch nderzek en berdeelt f (verder) psychdiagnstisch nderzek ndig is. Dit hudt in dat de KP: 1.1.1 1.1.2 de inhud, betekenis en kwaliteit van eerder verricht psychdiagnstisch (en neurpsychlgisch) nderzek tetst aan de huidige standaard nagaat f de juiste infrmatie aanwezig is vr het stellen van een diagnse en het nemen van beslissingen ten aanzien van de behandeling 1.2 De KP verricht adequaat, hypthese gestuurd psychdiagnstisch nderzek in het bijznder bij patiënten met (mgelijk) cmplee f weinig vrkmende prblematiek f wanneer er sprake is van een cmple diagnstisch prces. Dit hudt in dat de KP: 1.2.1 1.2.2 1.2.3 gegevens verzamelt ver aard, ntwikkeling, ernst en pathgenese van de klachten en ver de psychlgische, ntwikkelingspsychlgische en psychsciale cntet van de klachten en deze gegevens in nderlinge samenhang met elkaar bestudeert indien aan de rde, k gegevens betrekt van nderzek dr andere disciplines (psychiatrisch nderzek, sciaal-maatschappelijk nderzek, smatisch nderzek) differentiaal diagnstisch nderzek verricht en transdiagnstische thema s en prcessen in relatie tt functieverstringen nderzekt 1.2.4 hypthesen pstelt die deze bevindingen verklaren en deze hypthesen tetst 1.2.5 1.2.6 vlgens prfessinele standaard gangbare methden (.a. diagnstisch gesprek, intakegesprek, gestructureerde en semigestructureerde interviews, testdiagnstiek) f specialistische varianten (.a. diagnstiek met behulp van een tlk) gebruikt in geval van weinig vrkmende f cmplee prblematiek f prblematiek bij specifieke ppulaties vlgens prfessinele standaard gangbare meetinstrumenten f specialistische meetinstrumenten gebruikt in geval van weinig vrkmende f cmplee prblematiek f prblematiek bij specifieke ppulaties 1.3 De KP trekt p basis van psychdiagnstisch nderzek gefundeerde cnclusies ten aanzien van diagnse en behandelingsmgelijkheden van patiënten en det daarvan p adequate wijze verslag. Dit hudt in dat de KP: 1.3.1 1.3.2 1.3.3 p basis van psychdiagnstisch nderzek adequate indicatiestelling en adequate drverwijzing verricht naar andere disciplines juist k bij cmplee prblematiek een behandelplan pstelt dat gebaseerd is p de verzamelde en in nderlinge samenhang met elkaar bestudeerde gegevens en zrgvuldig afweegt f in het behandelplan een meer brede f juist gefcuste aanpak met wrden gevlgd adequate verslaglegging verricht van psychdiagnstisch nderzek inclusief epertrapprtage met inachtneming van alle juridische regelgeving hiermtrent 1.4 De KP stelt de kwaliteit en de resultaten van een psychlgische behandeling vast f berdeelt deze. Dit hudt in dat de KP: geschiktheid en kwaliteit kan berdelen van verrichte psychlgische behandelingen bij individuen, 1.4.1 grepen en systemen 1.4.2 het effect van een psychlgische behandeling vaststelt en (eventuele) vlgende stappen bepaalt stagnatie van de behandeling tijdig signaleert en tijdig berdeelt f verder psychdiagnstisch 1.4.3 nderzek ndig is en vervlgens het behandelprces bijstuurt en intervenieert bij crisis 1.5 De KP verziet de mgelijkheden en beperkingen van gangbare psychlgische en psychtherapeutische behandelingen en van psychlgische behandelingen bij patiënten met cmplee prblematiek f weinig vrkmende psychische strnissen en vert gangbare behandelingen uit. Dit hudt in dat de KP: 1.5.1 p crrecte wijze een diversiteit aan gangbare en specialistische psychlgische behandelingen Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 18
uitvert bij individuen, grepen en systemen 1.5.2 behandelingen aanpast aan behandeldel, veranderingsfase en hulpvraag van de patiënt bij patiënten met cmplee prblematiek psychlgische behandelingen pzet vlgens een helder en prfessineel verantwrd plan. Dit geldt beslist k vr patiënten met chrnisch-psychische 1.5.3 aandeningen, met hge cmrbiditeit met lichamelijke en/f andere psychische klachten en vr patiënten p pnameafdelingen met ernstige psychische prblematiek 1.5.4 lange termijn beleid pzet bij patiënten met hge recidivekans 1.6 De KP buwt effectieve behandelrelaties met patiënten p. Dit hudt in dat de KP: 1.6.1 p zrgvuldige wijze een behandelrelatie pbuwt, deze relatie nderhudt en deze relatie p therapeutische wijze hanteert 1.6.2 de (wensen van) patiënt actief bij de besluitvrming mtrent psychlgisch handelen betrekt 1.6.3 een sfeer van vertruwen creëert 1.6.4 betrkkenheid tnt bij patiënt (en diens systeem) en daarmee de basis legt vr een duurzame vertruwensrelatie 1.6.5 van mtiveringstechnieken gebruikmaakt 1.6.6 (tegen)verdrachtsfenmenen pmerkt 1.7 De KP levert effectieve en ethisch verantwrde patiëntenzrg. Dit hudt in dat de KP: 1.7.1 erp te ziet dat het prces van diagnse en behandelplanning delmatig verlpt en binnen een acceptabele termijn is afgernd 1.7.2 er zrg vr draagt dat de behandeling passend is en vrspedig verlpt in samenwerking met de patiënt en zijn mgeving 1.7.3 adequaat handelt in ndsituaties 1.7.4 draaglast en draagkracht van de patiënt inschat en deze inschatting integreert in de behandeling 1.7.5 binnen relevante wettelijke regelingen (zals BOPZ, WGBO, BIG e.d.) behandelingen uitvert Cmpetentiegebied 2 Cmmunicatie Om een hge kwaliteit van de zrg te kunnen waarbrgen, nderhudt de KP effectieve relaties met patiënten en hun mgeving. De KP cmmuniceert p heldere, transparante, effectieve en efficiënte wijze bij de behandeling. Hij draagt zrg vr een verantwrde gezamenlijke besluitvrming. Cmpetenties en indicatren 2.1 De KP hanteert adequate mndelinge en schriftelijke cmmunicatieve vaardigheden. Dit hudt in dat de KP: 2.1.1 zich zwel schriftelijk als mndeling ged duidelijk maakt ged luistert en inhudelijke betekenissen en betekenissen p betrekkingsniveau verstaat en 2.1.2 begrijpt wrdkeus en spreekstijl aanpast aan demgrafische kenmerken, etnische en culturele achtergrnd 2.1.3 van patiënten f patiëntsystemen 2.1.4 de regie hudt ver het gesprek 2.2 De KP bespreekt de behandelinfrmatie ged met de patiënt (en eventueel familie). Dit hudt in dat de KP: 2.2.1 de patiënt actief betrekt bij de besluitvrming ver de diagnstiek en behandeling 2.2.2 een behandelplan p crrecte wijze bespreekt met de patiënt en p cnstructieve wijze verlegt ver de delen van de behandeling 2.2.3 de patiënt en/f zijn systeem ver en vr behandelmgelijkheden adviseert en mtiveert en het keuzeprces rekeninghudend met uitverbaarheid begeleidt 2.2.4 systematisch verifieert f de infrmatie ged is begrepen 2.3 De KP det adequaat mndeling en schriftelijk verslag ver een patiëntcasus. Dit hudt in dat de KP: 2.3.1 in schriftelijke rapprtage zrgvuldig, prfessineel`, vlgens geldende wet- en regelgeving en ter zake is 2.3.2 zrg draagt vr schriftelijke rapprtage aan de verwijzer 2.3.3 relevante patiëntgegevens dcumenteert met het g p verantwrding dan wel verdracht naar Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 19
een ander behandelkader Cmpetentiegebied 3 Samenwerking De KP werkt cnstructief samen met prfessinals met wie hij berepsmatige cntacten nderhudt en is bereid tt (regelmatig) verleg en het rganiseren van verleg. Cmpetenties en indicatren 3.1 De KP werkt p cnstructieve wijze samen met cllega s en andere zrgverleners. Dit hudt in dat de KP: 3.1.1 cmmunicatie vaardigheden (schriftelijk en mndeling) p rladequate wijze hanteert 3.1.2 regelmatig multidisciplinair verleg vert in het kader van een behandeling, diagnstiek, wetenschappelijk nderzek en dit verleg, indien ndig, rganiseert en vrzit 3.1.3 regelmatig intervisie heeft met cllega s 3.1.4 de argumenten meeneemt van de verschillende functinarissen die een rl hebben in het pstellen van het behandelplan, deze weegt en slagvaardig en beredeneerde beslissingen neemt 3.2 De KP verwijst adequaat. Dat hudt in dat de KP: 3.2.1 het verwijzingsprces technisch vlledig en zrgvuldig uitvert 3.2.2 delgericht drverwijst p basis van actueel inzicht in de epertise van andere zrgverleners 3.3 De KP levert effectief intercllegiaal cnsult. Dit hudt in dat de KP: 3.3.1 cnsulten verricht p verzek van andere disciplines 3.3.2 effectief gebruikmaakt van intercllegiale cnsultatie 3.3.3 effectieve intercllegiale cnsultatie verleent 3.4 De KP draagt bij aan effectieve (multidisciplinaire) samenwerking en ketenzrg. Dit hudt in dat de KP: 3.4.1 p vet van gelijkheid verleg vert met andere specialisten in de zrg 3.4.2 samenwerkt met vr zijn berepsuitefening relevante maatschappelijke partijen Cmpetentiegebied 4 Kennis en Wetenschap De KP kan de kwaliteit en inhud van vakpublicaties berdelen, kan kennis uit wetenschappelijk nderzek vertalen in eigen prfessineel handelen en in een kritisch huding naar het prfessinele handelen van psychlgen in de gezndheidszrg. De KP bevrdert de verspreiding van wetenschappelijke kennis en vert wetenschappelijk nderzek uit f stuurt dit aan. Cmpetenties en indicatren 4.1 De KP kan de kwaliteit en de betekenis van wetenschappelijke publicaties p het eigen vakgebied berdelen, deze betekenis vertalen in het eigen prfessinele handelen en in een kritische huding naar het prfessinele handelen van psychlgen in de gezndheidszrg in het algemeen. Dit hudt in dat de KP: 4.1.1 p geleide van empirische bewijsvering vrmgeeft aan nieuwe ntwikkelingen binnen het vakgebied 4.1.2 De kwaliteit van nderzeksplannen en nderzeksrapprtages van anderen berdeelt 4.1.3 nieuwe wetenschappelijke inzichten weegt p tepasbaarheid in de eigen praktijksituatie 4.2 De KP kan (praktijkgericht) wetenschappelijk nderzek uitveren, f p adequate wijze laten uitveren. Dit hudt in dat de KP: 4.2.1 klinische prblemen vertaalt in een nderzekbare vraag Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 20
4.2.2 4.2.3 4.2.4 relevante prbleemstelling en nderzeksvragen frmuleert met theretisch ged ingebedde hypthesen nderzeksmethden hanteert die passen bij de vraagstelling en hyptheses van het nderzek, p verantwrde wijze de dataverzameling uitvert en vr crrecte datavrbereiding en data-analyse zrgt relevante wetenschappelijke ntwikkelingen vlgt in het eigen vakgebied via literatuur, cngressen, sympsia, e.a. 4.3 De KP zet zich in vr gede schling van basispsychlgen in pleiding tt GZ psychlg en andere prfessinals in de gezndheidszrg en vervult als begeleider, dcent f supervisr een belangrijke rl in het praktijknderwijs. Dit hudt in dat de KP: 4.3.1 de deskundigheid bevrdert van cllega s, pleidelingen en andere betrkkenen bij de gezndheidszrg 4.3.2 gede pleiding stimuleert en actief bijdraagt aan het nderwijs 4.3.3 supervisie en/f werkbegeleiding geeft 4.4 De KP is bereid en in staat tt het delen van kennis en vaardigheden met cllega s, vakgenten, bestuurders en maatschappelijke partijen. Dit hudt in dat de KP: 4.4.1 lezingen, publicaties, cursussen en wrkshps verzrgt aan vakgenten 4.4.2 de inhud van het eigen vakgebied en de ntwikkelingen daarin verbrengt aan leken, bestuurders en beleidsmakers 4.4.3 kenmerkende aspecten van het berep uitdraagt aan relevante maatschappelijke partijen 4.5 De KP bevrdert de verbreding, verspreiding en ntwikkeling van wetenschappelijke kennis. Dit hudt in dat de KP: 4.5.1 4.5.2 p wetenschappelijke en/f vakinhudelijke cngressen een presentatie verzrgt en schriftelijk rapprteert ver het wetenschappelijk nderzek cnfrm de richtlijnen vr wetenschappelijk publiceren wetenschappelijk nderzek p werkterrein van de eigen afdeling f rganisatie verricht en bevrdert 4.6 De KP streeft naar het ptimaliseren van de eigen kennis en kunde. Dit hudt in dat de KP: 4.6.1 de verantwrdelijkheid neemt m de persnlijke leerbehefte vast te stellen 4.6.2 persnlijke leerdelen stelt, geschikte leermethden kiest zals intercllegiale tetsing, de eigen leerresultaten evalueert 4.6.3 een persnlijk bij- en naschlingsplan ntwikkelt en nderhudt 4.6.4 epertise ntwikkelt p een bepaald deelgebied binnen de gezndheidszrg, eventueel uitmndend in een prmtienderzek Cmpetentiegebied 5 Maatschappelijk handelen Het handelen binnen dit cmpetentiegebied mvat het afwegen van de belangen van de patiënt in relatie tt de belangen van andere patiënten en maatschappelijke belangen. Kern is het maatschappelijk verantwrd uitefenen van het berep. De KP beschuwt de kwaliteit van de zrg vr de patiënt als hgste pririteit binnen het krachtenveld van plitiek, zrgverzekeraars, beleidsmakers en bestuurders en zet zich in het beleid te beïnvleden dan wel pgingen daarte te den indien dit ndzakelijk is in het belang van de patiënt. Cmpetenties en indicatren Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 21
5.1 De KP kent en herkent de determinanten van psychische strnissen. Dit hudt in dat de KP: 5.1.1 maatschappelijke determinanten van psychische strnissen herkent en erp inspeelt 5.1.2 risicgrepen herkent en bijdraagt aan preventie van psychpathlgie 5.1.3 vigerende visies binnen management en zrgbeleid van de instelling kan plaatsen binnen maatschappelijke ntwikkelingen 5.2 De KP bevrdert de gezndheid van individuele patiënten en grepen patiënten en van de gemeenschap als geheel. Dit hudt in dat de KP: 5.2.1 bijdraagt aan het maatschappelijk debat ver psychische gezndheid 5.2.2 bijdraagt aan prgramma s vr gezndheidsbevrderend gedrag 5.2.3 zrg draagt vr een gede tegankelijkheid van de zrg en daarbij g heeft vr het ksteneffect 5.3 De KP handelt vlgens de relevante wettelijke regelgeving en berepscdes. Dit hudt in dat de KP: 5.3.1 5.3.2 werkt cnfrm relevante wettelijke regelgeving zals de Wet BIG, WGBO, de Kwaliteitswet en de Wet bescherming persnsgegevens werkt cnfrm de berepscde van het NIP en het NVO en rekening hudt met zijn juridische aansprakelijkheid 5.4 De KP treedt adequaat p bij incidenten in de zrg. Dit hudt in dat de KP: 5.4.1 misstanden signaleert en adequaat binnen zijn kennis- en handelingsdmein handelt 5.4.2 passende crrectieve- en/f preventieve maatregelen bij incidenten in de zrg neemt 5.4.3 transparant is ver zijn berepsmatig handelen en indien gevraagd verantwrding aflegt 5.4.4 de patiënt desgewenst ver de geldende klachtprcedures en instanties infrmeert Cmpetentiegebied 6 Organisatie De KP verziet ntwikkelingen in het vakgebied en draagt vanuit zijn epertise bij aan zrgmanagement en innvatie. De KP neemt besluiten met betrekking tt gebruik f inzet van middelen en medewerkers, het stellen van delen en pririteiten, het maken van beleid en hij rganiseert het werk naar een balans tussen het berepsmatig handelen en de behefte aan verdere ntwikkeling van zichzelf en de rganisatie. Cmpetenties en indicatren 6.1 De KP is een clinicus die zijn vakgebied en de actuele ntwikkelingen daarin verziet en in de praktijk van de (geestelijke) gezndheidszrg nadrukkelijk de stand van wetenschappelijk nderzek en kwesties van zrgmanagement en rganisatie betrekt. Hij levert vanuit zijn specialistische epertise sturing aan zrgverbetering en zrginnvatie. Dit hudt in dat de KP: 6.1.1 g heeft vr en actief betrkken is bij verbeteringen en innvatie in de zrg 6.1.2 verantwrdelijkheid draagt vr de ttstandkming, uitvering en evaluatie van plannen 6.2 De KP draagt bij aan de effectiviteit en delmatigheid van een gezndheidszrginstelling en zet zich in vr ptimale en patiëntgerichte tepassing van klinisch-psychlgische kennis. Dit hudt in dat de KP: 6.2.1 leiding geeft aan nderdelen binnen de rganisatie f managementtaken verricht Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 22
6.2.2 zich p de hgte hudt van financieel- en persneelsbeleid m leidinggevende taken uit te veren 6.2.3 zrg draagt vr cntinuïteit van psychdiagnstiek en psychlgische behandelingen binnen de instelling/ afdeling 6.2.4 cnflicten weet te hanteren, te nderhandelen en te cachen tussen prfessinals 6.2.5 vakinhudelijke ndersteuning biedt aan psychlgen in pleiding tt GZ-psychlg, aan GZpsychlgen en andere prfessinals 6.3 De KP maakt gebruikt van infrmatietechnlgie vr ptimale patiëntenzrg en vr bij- en naschling. Dit hudt in dat de KP: 6.3.1 gebruikmaakt van digitale infrmatiebrnnen vr het nderhuden van de eigen deskundigheid 6.3.2 gebruikmaakt van elektrnisch patiëntendssier 6.3.3 gebruikmaakt van digitale cmmunicatie- en hulpmiddelen Cmpetentiegebied 7 Prfessinaliteit De KP draagt als specialist zijn/haar berepscde uit en zet zich in vr verantwrde zrg. Hij levert hgstaande patiëntenzrg p een integere, prechte en betrkken wijze. Hij integreert p adequate manier de hiervr genemde cmpetenties. Hij neemt verantwrdelijkheid vr zijn handelen en bewaart de juiste balans tussen persnlijke en prfessinele rllen. De KP hanteert een ethische en kritische visie p het eigen berep en weet daarnaast de eigen berepsidentiteit naar de buitenwereld te te prfileren. Hij reflecteert p zijn eigen handelen. Cmpetenties en indicatren 7.1 De KP draagt als specialist de berepscde uit en zet zich in vr verantwrde zrg en vertnt adequaat persnlijk en interpersnlijk prfessineel gedrag. Dit hudt in dat de KP: 7.1.1 reflecteert p zijn eigen prfessineel handelen in relatie tt ethische richtlijnen en juridische kaders 7.1.2 de grenzen van de diagnstische - en behandelmgelijkheden van de instelling waarin de KP werkzaam is, kent en indien ndig bespreekt 7.1.3 zijn prfessinele (behandel) verantwrdelijkheid neemt 7.2 De KP tnt zich zelfbewust en hanteert een ethisch/kritische visie p het berep van KP. Dit hudt in dat de KP: 7.2.1 gede balans hudt tussen prfessinele betrkkenheid en persnlijke distantie 7.2.2 adequaat eigen behefte aan intervisie en/f supervisie inschat 7.2.3 de grenzen van zijn bekwaamheden kent en, indien ndig bespreekt en p het juiste mment drverwijst f terugverwijst 7.2.4 de grenzen van wetenschappelijk nderzek erkent 7.2.5 verantwrdelijkheid neemt vr het verbeteren van eigen berepsmatige functineren, kennis en vaardigheden p peil hudt dr middel van bijschling en naschling 7.3 De KP prfileert zijn berepsidentiteit naar de buitenwereld en nderscheidt zich in de presentatie van andere disciplines in de zrg. Dit hudt in dat de KP: 7.3.1 bijdraagt aan de rganisatie van de berepsgrep en een actieve bijdrage levert aan berepsrganisaties en verenigingen Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 23
3.5 Themakaarten Centraal in de pleiding staan de themakaarten die hun rsprng vinden in een denkbeeldige matri waarin enerzijds de cmpetentiegebieden zijn weergegeven en anderzijds de inhudelijke thema s. In een themakaart wrden de cmpetenties, kennis en vaardigheden binnen het betreffende thema gespecificeerd. De tetsing van de cmpetenties vindt plaats in zgenaamde Kenmerkende BerepsSituaties (KBS). 3.5.1 Thema s Als buwstenen vr de cmpetentientwikkeling heeft de werkgrep zes duidelijk te nderscheiden thema s vastgesteld die het inhudelijke dmein van de KP bestrijken(zie tabel 3.1). Het werkterrein en de huidige pleidingsstructuur (zie Hfdstuk 2) zijn bepalend geweest vr het vaststellen van de thema s. De thema s staan beschreven p themakaarten (zie bijlage 3). Deel A van de themakaarten beschrijven de peratinalisaties van de cmpetenties die in een thema centraal staan; in deel B wrden de kenmerkende berepssituaties, en de vereiste kennis en praktische vaardigheden genemd. De cmpetenties uit het cmpetentieprfiel kmen niet in alle thema s in gelijke mate aan de rde; er zijn themagebnden pririteiten vastgesteld. De themakaarten geven richting aan het cursrisch nderwijs, het werken in de praktijk, en de tetsing en berdeling. Tabel 3.1. Thema s binnen de KP-pleiding Thema Krte mschrijving 1 (Psych)diagnstiek en indicatiestelling Psychdiagnstiek en indicatiestelling bij cmplee prblematiek en bij patiënten en systemen in diverse settingen 2 Psychlgische behandeling waarnder psychtherapie Richtlijn gestuurde en persns-/prcesgerichte behandelingen bij individuele patiënten f patiëntsystemen in diverse settingen en waarbij er sprake is van cmplee prblematiek 3 Wetenschappelijk nderzek Opzetten, uitveren en (p waarde) berdelen van wetenschappelijk nderzek 4 Innvatie en beleid Signaleren van prblemen en ntwikkelingen in de patiëntenzrg en zrgrganisatie en daarp sturen via ntwerpen en uitveren van een innvatieplan 5 Management en leiding geven Inhudelijk leiding geven en zrgprcessen aansturen 6 De GIOS als epert Ontwikkelen van inhudelijke epertise p een deelgebied van de gezndheidszrg en p dat gebied nderwijs, cnsultatie en advies verzrgen 3.5.2. Kenmerkende Berepssituaties (KBS) Kenmerkende berepssituaties zijn situaties waarmee een berepsbeefenaar regelmatig te maken heeft, die van de berepsbeefenaar handelen vragen, en die kenmerkend zijn vr het berep. Kenmerkende berepssituaties zijn verigens niet altijd kritische berepssituaties. Een kritische berepssituatie is cmple van aard en bij nprfessineel handelen zijn er majeure negatieve cnsequenties te verwachten. Bij selectie van de KBS en heeft de werkgrep de vlgende criteria gehanteerd: - De situatie is prttypisch vr het berep. - De situatie raakt de kern van het thema. Hewel alle cmpetenties van belang zijn vr elke KBS ligt het accent bij de berdeling van een afznderlijke KBS p maimaal drie cmpetentiegebieden en wrdt deze via een praktijkberdeling (PB) getetst. Wanneer alle KBS en binnen een themakaart zijn drlpen, heeft de GIOS aangetnd de themagebnden cmpetenties te beheersen. Gedurende de hele Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 24
pleiding dient de GIOS zich p tenminste 36 KBS en te laten tetsen. In het tetsbek wrdt hier nader p ingegaan. 3.5.3 Kennis en vaardigheden Per thema zijn de vereiste kennis en vaardigheden benemd. Het betreft hier de kennis en vaardigheden die specifiek zijn vr het betreffende thema. Bij het vaststellen van de kennis en vaardigheden in de themakaarten KP is uitgegaan van het kennis- en vaardighedenniveau van de instrmers en de beschreven kennis en vaardigheden betreffen dan k het surplus vr de KP. In de PB s zullen de kennis- en vaardigheidsaspecten integraal wrden getetst. Daarnaast wrden bepaalde kennisnderdelen en vaardigheden apart getetst. Naast deze themagerichte kennis en vaardigheden is in de pleiding sprake van algemene basiskennis en vaardigheden die vr alle thema s geldt. Deze generieke cmpnenten kmen binnen elk van de themakaarten vr, maar wrden niet afznderlijk getetst. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 25
Hfdstuk 4 4.1 Visie p tetsen Tetsing en berdelen Tetsen en berdelen is een belangrijk middel m cmpetentiegericht p te leiden. Waar in de traditinele leermgeving tetsing vral werd gezien als een instrument m aan het eind van een leerprces prestaties van GIOS te meten, wrden in een cmpetentiegericht pleiding tetsen benaderd als integraal nderdeel van het nderwijsleerprces. Als tetsing ls wrdt gezien van de andere activiteiten in het nderwijsleerprces, wrdt tetsen een del p zich. Tetsen draait dan alleen m het verzamelen van gegevens. In een cmpetentiegerichte leermgeving wrdt de integratie van instructie, feedback en berdeling sterk benadrukt. Het blijkt dat berdelingen die nauwer samenhangen met het leerprces zelf GIOS er van kunnen vertuigen dat berdelingen inzicht geven in de eigen sterke en zwakke kanten, hun vruitgang in beeld brengt, en k kan bijdragen aan een betere begeleiding. Tetsing kan met andere wrden niet alleen gebruikt wrden m de prestaties achteraf te meten, maar k m de prestaties van de GIOS te sturen. In een cmpetentiegerichte pleiding is de tets geen eindpunt ná het leerprces, maar wisselen tetsen en leren elkaar vrtdurend af, en versterken elkaar. Tetsen van cmpetenties betekent dat vastgesteld met wrden f een GIOS de kennis en vaardigheden die hij zich eigen met hebben gemaakt p persnlijke wijze, en gestuurd vanuit een prfessinele attitude, kan inzetten bij het mgaan met taken en prblemen in de berepspraktijk. Uiteindelijk kan dat alleen wrden aangetnd in de praktijk, wat betekent dat een vrm van praktijkberdeling f praktijktets altijd deel uitmaakt van de tetsing in de pleiding. Aangezien cmpetent handelen mede is gebaseerd p een verwrven kennis en vaardigheidsrepertire, dient tetsing van deze aspecten van de cmpetenties deel uit te maken van de tetsingsprcedures. Cmpetentiegerichte tetsing mvat daarm altijd een afgewgen cmbinatie van tetsvrmen, waarbij het eindpunt ligt bij de tetsing van de kwaliteit van het handelen in de berepspraktijk. 4.2 Functie van tetsen en berdelen in de pleiding Cmpetent handelen gaat gepaard met het vermgen m de kwaliteit van het eigen werk te (laten) evalueren en berdelen. Het del van tetsing tijdens de KP-pleiding is de systematische en structurele evaluatie van het functineren van de GIOS vr ntwikkelingsgerichte en selectieve deleinden. In dit pleidingsplan wrden de termen ntwikkelingsgericht tetsen en selectief tetsen gebruikt. Deze beide tetsvrmen spelen een belangrijke rl in de pleiding en zullen hiernder nader wrden tegelicht. Hierbij is het van belang m een nderscheid te maken tussen tetsen en berdelen. - Tetsen is het vaststellen welk cmpetentieniveau is bereikt. - Berdelen is het interpreteren van de tetsresultaten ten pzichte van een nrm. De simpelste vrm is het waarderen in termen van vldende f nvldende. 4.2.1 Ontwikkelingsgericht tetsen Met ntwikkelingsgericht tetsen wrdt bedeld het vaststellen van de mate waarin aan een leerdel is vldaan f waarin een cmpetentieniveau is bereikt. Daarbij is het geven van feedback p het resultaat van de tetsing essentieel vr het aansturen van het leergedrag van de GIOS. Het del van tetsing van cmpetenties is het verkrijgen van inzicht in de integratie van kennis, vaardigheden en gedrag in een specifieke berepssituatie. Tetsing is vr de GIOS een krachtig instrument m zijn ntwikkeling te ndersteunen en heeft tt del: - inzicht te geven in de sterke en de zwakke kanten van het prfessineel handelen; - inzicht te geven in de vrtgang en ntwikkeling van cmpetenties; Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 26
- feedback mgelijk te maken; - uit te dagen tt ntwikkeling. Ontwikkelingsgerichte tetsen kunnen p frmele wijze wrden ingezet (dr het creëren van een te berdelen situatie), f p infrmele wijze (in de vrm van het geven van feedback na bijvrbeeld een rllenspel f deelname aan een multidisciplinair verleg). De pleiding kiest vr het inzetten van ntwikkelingsgerichte tetsen, mdat de GIOS hierdr feedback krijgt aan de hand waarvan hij zijn ntwikkeling zelf beter kan sturen. Vrts hebben ntwikkelingsgerichte tetsen een diagnstische functie. Zwel de pleider als de GIOS krijgt dr ntwikkelingsgerichte tetsen een beeld van het niveau waarp de GIOS een bepaalde (deel)cmpetentie, f een vaardigheid beheerst. Aan de hand hiervan kunnen verbeterpunten wrden gefrmuleerd en geëvalueerd. Ontwikkelingsgerichte tetsen zullen vaker gebruikt wrden dan selectieve tetsen. 4.2.2 Selectief tetsen Selectief tetsen betekent het verbinden van een rdeel aan de vaststelling van het cmpetentieniveau. Bij het berdelen wrdt nagegaan f de GIOS in vldende mate in staat is m bekwaam te handelen, dat wil zeggen dat hij in relevante berepscnteten specifieke berepstaken kan vervullen zals die in het cmpetentieprfiel zijn gefrmuleerd. In het cursrisch nderwijs betekent dit de vraag f de GIOS een vldende niveau van (de tepassing van) kennis bezit. De berdeling kmt tt stand met gebruikmaking van berdelingscriteria die ntleend zijn aan het cmpetentieprfiel vr de KP. Deze criteria kunnen sms cncreet en redelijk bjectief zijn (bijvrbeeld in het geval van een kennistets), maar zullen vaker minder cncreet en redelijk subjectief zijn (bijvrbeeld bij het vaststellen van de kwaliteit van de cmmunicatie met de patiënt). Selectieve tetsen garanderen eterne belanghebbenden dat de GIOS aan het vereiste niveau van de begde cmpetentiebeheersing vldet. In ultieme vrm betreft de selectieve tets het bepalen f de GIOS aan de pleidingseisen heeft vldaan en de eindkwalificatie heeft bereikt (i.e de eindberdeling). 4.3 Kwaliteitseisen aan een tetssysteem Vr het valide en betruwbaar tetsen zijn de vlgende kwaliteitseisen van belang: het gebruik van de te ntwikkelen cmpetenties als uitgangspunt vr de tetsen; het gebruik van epliciete criteria; het cmbineren van verschillende tetsinstrumenten waardr een betruwbaar beeld kan wrden verkregen van de beheersing van een cmpetentie; het rganiseren van verschillende bservatiemmenten, waarmee de betruwbaarheid ver de berdeling van een (deel)cmpetentie teneemt; het inzetten van verschillende berdelaars mdat daarmee de subjectiviteit vermindert en de betruwbaarheid van de berdeling teneemt; Het uitgangspunt is dat de berdelaar in staat is m tt een afgewgen rdeel te kmen. Meestal is er eerder sprake van impliciete (f subjectieve) criteria, dan van een scherp afgebakende maatstaf. Dat neemt niet weg dat (tenminste achteraf) epliciet met wrden gemaakt p grnd van welke argumentatie tt een bepaald rdeel is gekmen. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 27
4.4 Tetsbek In aanvulling p dit pleidingsplan is een tetsbek ntwikkeld waarin alle tets- en berdelingsinstrumenten zijn pgenmen die wrden gehanteerd in de pleiding tt KP. De berdelingscriteria zijn afgeleid van de cmpetenties en indicatren uit het cmpetentieprfiel. In het tetsbek wrdt het aantal en de wijze van tetsen, alsmede de berdeling en de daarbij gehanteerde criteria p gedetailleerder en cncreter niveau beschreven. Vrbeelden van tets- en berdelingsinstrumenten die in het tetsbek zijn pgenmen, zijn: - Praktijkberdelingen (PB) van de verschillende Kenmerkende Berepssituaties (KBS) per thema - 360 feedback - Referaat - Cursuspdracht - Vrtgangsgesprek - Geschiktheidsberdeling Alle tetsen die de GIOS uitvert in het cursrisch en praktijknderwijs maken deel uit van het prtfli (zie verderp in dit hfdstuk), p basis waarvan de GIOS wrdt berdeeld dr het pleidingsinstituut. 4.5 Tets- en berdelingsinstrumenten De resultaten van de tetsen dr middel van hiernder genemde tetsinstrumenten verzamelt de GIOS in het prtfli en bij de geschiktheidsberdeling en eindberdeling wrden deze dr de pleidingsinstelling berdeeld. In het cursrisch nderwijs wrdt p diverse manieren getetst. In het tetsbek wrdt bepaald f de in tabel 4.1 genemde tetsen ntwikkelingsgericht f selectief wrden ingezet. Tabel 4.1. Tetsinstrumenten in het cursrisch nderwijs Tets Vaardigheidstets Tetsen gericht p inzicht en tepassing Kennistets Wetenschappelijk artikel Wat is het? In het cursrisch nderwijs zijn er specifieke vaardigheden die apart van de praktijksituatie getraind en getetst wrden, bijvrbeeld mtiverende gesprekstechnieken. Deze vaardigheden kunnen wrden getetst aan de hand van een rllenspel f een vide-pname. Met behulp van casustetsen en dr het berdelen van berepsprducten, zals een prfessineel verslag f een psychlgisch nderzek, wrdt getetst f de GIOS de verwrven kennis en vaardigheden daadwerkelijk kan tepassen. Er kan p verschillende manieren wrden getetst f de GIOS de kennis beheerst die vrwaardelijk is m adequaat te kunnen handelen in de kenmerkende berepssituaties. Dit kan bijvrbeeld gebeuren aan de hand van een literatuurtets. De GIOS heeft aan het einde van de pleiding minimaal één wetenschappelijk artikel ter publicatie aan een peer-reviewed tijdschrift aangebden. In het praktijkdeel wrdt bij het vaststellen van het algehele functineren van de GIOS rekening gehuden met de resultaten van de verschillende Praktijk Berdelingen (PB s) die met Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 28
betrekking tt dit thema bij de GIOS zijn afgenmen. In tabel 4.2 wrden de meest vrkmende tetsinstrumenten genemd die in het praktijkdeel gebruikt kunnen wrden. Tabel 4.3 geeft twee begeleidingsinstrumenten weer, en tabel 4.4. benemt algehele berdelingsmmenten. De precieze tepassing van al deze instrumenten is nader beschreven in het tetsbek. Tabel 4.2. Tetsinstrumenten in het praktijkdeel Ontwikkelingsgerichte tetsinstrumenten Praktijk Berdeling (PB) Wat is het? De Praktijk Berdeling (PB) is een bservatieberdeling van de GIOS die in de dagelijkse praktijk wrdt uitgeverd. Ok verlegsituaties, teamverleg en patiënt-/multidisciplinaire besprekingen kunnen hiermee wrden getetst. De PB wrdt vr- en nabesprken en er wrden leerpunten gefrmuleerd. Het initiatief tt het afnemen van een PB kan zwel dr de GIOS als dr de pleider wrden genmen, maar in principe is de GIOS verantwrdelijk. Het nderwerp van de PB wrdt in verleg bepaald. 360-graden berdeling De 360-gradenberdeling is een methde waarbij aan een aantal betrkkenen p de werkplek wrdt gevraagd het functineren van de GIOS vlgens een vast frmat te berdelen. Onderwerpen als prfessineel gedrag en samenwerking kunnen hiermee in kaart wrden gebracht. Critically Appraised Tpic (CAT) Een CAT is een kritische berdeling van een artikel, gerelateerd aan een cncreet scenari. Dit leidt vervlgens tt een gestandaardiseerd, p recente literatuur gebaseerd, antwrd p de klinische vraag. Referaten Hierbij wrdt p systematische wijze een artikel f een nderwerp besprken en becmmentarieerd. Supervisieverplichtingen en leertherapie De GIOS neemt deel aan supervisie (235 uur ttaal gedurende de pleiding) en wrdt berdeeld p aantal uren deelname en p de prgressie in zijn ntwikkeling. De GIOS ndergaat leertherapie (50 uur gedurende de pleiding). Tabel 4.3. Begeleidingsinstrumenten Ontwikkelingsgerichte begeleidingsinstrumenten Prtfli Vrtgangsgesprek met praktijkpleider Wat is het? Het prtfli geeft sturing aan het leerprces. Het bevat het Individueel Opleidingsplan (IOP) en is een verzameling van infrmatiebrnnen en ntwikkelingsgerichte en selectieve en berdelingsgegeven p basis waarvan leerdelen gefrmuleerd kunnen wrden en (zelf)reflectie p het functineren van de KP kan plaatsvinden. Tevens wrden hierin verplichte nderdelen afgetekend en tetsuitslagen verzameld. Het prtfli speelt een cruciale rl in de selectieve vrtgangs- en eindberdeling. In de praktijkpleidingsinstelling vinden elk jaar vrtgangsgesprekken plaats met de praktijkpleider. Het del is dat de GIOS en zijn praktijkpleider gezamenlijk reflecteren ver de vrtgang van de GIOS aan de hand van het prtfli. De pleider heeft in deze gesprekken de rl van cach. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 29
Tabel 4.4. Selectieve berdelingsinstrumenten Selectieve berdelingsinstrumenten Geschiktheidsberdeling praktijk Geschiktheidsberdeling algemeen Wat is het? In de geschiktheidsberdeling vanuit de praktijk geeft de praktijkpleider een rdeel ver het functineren van de GIOS aan de hand van een cmpetentiescre, het prtfli, bewijsstukken (waarnder de PB s) en de zelfreflectie. In de algemene geschiktheidsberdeling geeft de eamencmmissie een rdeel ver het algehele functineren van de GIOS aan de hand van de geschiktheidsberdeling van de praktijkpleider en de resultaten van het cursrisch nderwijs. 4.6 Het prtfli Het prtfli is een verzameling van dcumenten p grnd waarvan de vrtgang van de GIOS kan wrden berdeeld, zals - curriculum vitae en andere persnsgegevens; - het Individuele Opleidingsplan (IOP); - praktijkberdelingen (PB s); - verklaringen van supervisie en leertherapie - berdelingen van cursrisch nderwijs; - gehuden referaten; - reflectieverslagen. Een prtfli is een berdelingsinstrument in een cmpetentiegerichte leermgeving. Het prtfli is een verzameling van dcumenten waarin verplichtingen vrtvleiende uit het Besluit specialisme Klinische Psychlgie (Besluit CSG 2007-4) wrden bijgehuden, waaruit de vrtgang en van de pleiding en de zelfreflectie van de GIOS blijken en tenminste de dcumenten ten beheve van de berdeling van de GIOS, de gehuden vrdrachten, referaten, gepubliceerde artikelen, gevlgde cursussen en uitgeverde verrichtingen. Het is bedeld m vr de GIOS en pleider de pleiding te structureren, m de GIOS aan te zetten tt zelfreflectie en actief leren en m de vrtgang te vlgen en z ndig bij te sturen in de pleiding Het is een verzameling van prducten die een beeld geven van het leerprces en het leerresultaat van de GIOS. Het is een verzameling bewijsmateriaal van de GIOS waarmee hij kan aantnen dat hij de vereiste cmpetenties en pleidingsinhuden verwerft en p basis waarvan hij gericht kan werken aan zijn verdere ntwikkeling en pleiding. De eamencmmissie van het pleidingsinstituut neemt p basis van het prtfli beslissingen ver de GIOS. De drgemaakte ntwikkelingen dienen in het prtfli te wrden bijgehuden. Hierin dient de GIOS per leerperide aan te tekenen he er aan een thema is gewerkt: bijvrbeeld welk srt patiënten er is gezien, wat er is geleerd en he dit is ervaren. Naast de tetsingsverslagen reflecteert de GIOS dr middel van het prtfli ver de vrderingen en bespreekt hij deze met de pleider tijdens de vrtgangsgesprekken. Het prtfli wrdt gebruikt bij het evalueren van de vrtgang (prces) en bij de eindberdeling (prduct). Tevens is het een manier waarp de GIOS zich kan presenteren en persnlijk kan prfileren. Het biedt mgelijkheden tt individuele differentiatie en creativiteit. Ok na de pleiding is het prtfli een instrument dat gebruikt kan wrden bij herregistratie, berepsprfilering en lpbaanntwikkeling Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 30
4.5.1 Individueel pleidingsplan Bij aanvang van de pleiding stelt de GIOS in samenspraak met de praktijkpleider een Individueel Opleidingsplan (IOP) p dat aan de hfdpleider ter berdeling en gedkeuring wrdt vrgelegd. Daarin wrden de verschillende werkplekken, de praktijkpleidingsactiviteiten en de begeleiding dr pleiders in een tijdpad aangegeven. Tevens bevat het IOP de individuele leerdelen van de GIOS. Een IOP wrdt gedurende de pleiding regelmatig geëvalueerd en indien ndig bijgesteld. In het tetsbek is het IOP weergegeven. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 31
Hfdstuk 5 Kwaliteitszrg De pleiding verstaat nder kwaliteit de mate waarin zij erin slaagt haar delen te bereiken naar de maatstaven van de pleiding zelf, het werkveld, de GIOS, de maatschappij en de wet- en regelgeving vanuit de verheid. De pleiding streeft er steeds naar de pleiding indien dat wenselijk is aan te passen aan de veranderende mstandigheden en de kwaliteit te verbeteren. Bij het vrmgeven van de kwaliteitszrg wrden de vlgende uitgangspunten gehanteerd: Het kwaliteitszrgsysteem is z vrmgegeven dat er fleibel gereageerd kan wrden p prikkels van binnen en buiten het vakgebied. Kwaliteitszrg kent een systematische aanpak. Er met sprake zijn van een functinerend kwaliteitssysteem waarbij belangrijke stakehlders betrkken zijn. Kwaliteitszrg is het geheel van samenhangend beleid, cncrete delstellingen en ged management m de bendigde acties en cntrles uit te veren waarmee de pleiding de gewenste kwaliteit systematisch levert en waarmee de pleiding die kwaliteit k cntinu kan verhgen. De zrg vr de kwaliteit mvat het pleidingsinstituut als rganisatie en de kwaliteit van de praktijkpleiding, de praktijkpleiders, het cursrisch nderwijs en de dcenten. 5.1 Kwaliteitszrgsysteem van het pleidingsinstituut 5.1.1 Etern kwaliteitszrgsysteem visitatie Het pleidingsinstituut wrdt eens per vier jaar gevisiteerd. Dr het Cllege Specialismen Gezndheidszrgpsychlg wrdt hierte een visitatiecmmissie ingesteld die een visitatiernde maakt langs de zes pleidingsinstituten. Bij deze visitatie wrdt enerzijds getetst f het pleidingsinstituut bij de uitvering van de KP-pleiding vldet aan de eisen die daaraan wrden gesteld en anderzijds he het instituut aan deze eisen gestalte geeft. 5.1.2 Intern kwaliteitszrgsysteem dssiervering en tezicht BIG-eisen Per GIOS Het prtfli van de GIOS bestaat uit een vaste verzameling dcumenten, die binnen de daarvr geldende termijnen wrdt ingezameld, gecntrleerd en geaccrdeerd. Bij vldende berdeling van alle vereiste pleidingsnderdelen, ter berdeling dr de hfdpleider en de eamencmmissie, kan het getuigschrift aan de GIOS wrden afgegeven. De eamencmmissie bestaat uit de hfdpleider, de pleidingscördinatr, de hfddcent en een vertegenwrdiging van de praktijkpleiders. Per praktijkpleidingsinstelling De pleidingsinstelling visiteert eens per vijf jaar elke praktijkpleidingsinstelling p grnd van landelijke, dr het RSG pgestelde erkenningseisen. De bevindingen wrden gerapprteerd. Indien er verbeterpunten zijn vindt fllw-up plaats. 5.2 Kwaliteit van de pleiding 5.2.1. Opleidings- en Eamenregeling Ieder pleidingsinstelling hanteert een Opleidings- en Eamenregeling (OER) waarin de regels en prcedures van het cursrisch nderwijs en het praktijkdeel zijn vastgelegd. De OER wrdt vastgesteld dr de Eamencmmissie en indien ndig peridiek aangepast. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 32
5.2.1 Evaluatie van het praktijknderwijs Aan de hand van jaarlijkse vrtgangsevaluaties van de GIOS cntrleert de hfdpleider f de praktijkwerkzaamheden (blijven) passen bij het praktijkpleidingsplan zals dat bij de start van de pleiding f per pleidingsjaar is pgesteld. Indien de hfdpleider de indruk heeft dat de praktijk niet (meer) aansluit bij de leerdelen van de GIOS en de pleiding, kan deze actie ndernemen 5.2.2 Evaluatie van het cursrisch nderwijs Het cursrisch nderwijs wrdt per blk en in zijn geheel systematisch dr de GIOS geëvalueerd aan de hand van een evaluatiefrmulier. Het pleidingsinstituut hanteert een systeem vr terugkppeling van deze resultaten naar het nderwijs en individuele dcenten. Negatieve evaluaties kunnen leiden tt aanpassing van het nderwijs f vervanging van een dcent. 5.2.3 Evaluatie van de pleiding als geheel Aan het eind van de pleiding vult elke GIOS een sltevaluatie ver de gehele pleiding in, met betrekking tt het cursrische en het praktijknderwijs. 5.2.4 Verbetermaatregelen Elke verbetermaatregel kent zijn eigen fllw-upprces cnfrm de plan-d-check-act-cirkel. Z wrden verbeterpunten vr praktijkpleidingsinstellingen, blijkend uit praktijkvisitaties f halfjaarlijkse evaluaties, per criterium in cncrete bewrdingen pgesteld. De tets van de uitvering vindt bij de vlgende visitatie na vier jaar plaats f, wanneer daar aanleiding te is, bij een tussentijdse visitatie. Wanneer het cursrisch nderwijs verbetering beheft, wrden met een dcent cncrete afspraken gemaakt. De evaluatie vindt plaats aan de hand van de standaard evaluatieprcedure. 5.3 Kwaliteit van de pleiders Het del van de pleidersprfessinalisering betreft: het ntwikkelen en nderhuden van cmpetenties van pleiders en begeleiders/dcenten passend bij cmpetentiegericht nderwijs; p gang brengen van en bijdragen aan een kwaliteitscyclus vr het nderwijs; bevrdering vakntwikkeling vr verantwrding van het handelen dr pleiders en begeleiders/dcenten die bij de pleiding betrkken zijn. De eisen die gesteld wrden aan hfdpleiders, praktijkpleiders, supervisren en werkbegeleiders zijn beschreven in het Besluit erkenningseisen pleiding Klinisch Psychlg (CSG-BEOKP, 2005) en zijn vastgesteld dr het Cllege Specialismen Gezndheidszrgpsychlg De pleidingsinstituten stellen enkele eisen aan dcenten die nderdelen van het cursrisch nderwijs verzrgen. Deze eisen zijn niet wettelijk vastgelegd, ze vrmen een weerslag van de dagelijkse praktijk waarver cnsensus bestaat bij de pleidingsinstituten. De eisen zijn: aantnbare epertise in het te nderwijzen nderwerp; aantnbare nderwijservaring; vldende resultaat in de evaluaties van nderwijs dr de GIOS Bij de mslag naar meer cmpetentiegericht pleiden zal de grtste verandering in de praktijkpleiding kmen te liggen. Met name de praktijkpleiders en werkbegeleiders zullen in Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 33
hun begeleiding andere didactische methden gaan gebruiken. Vr deze grep wrdt een apart, beknpt cmpetentieprfiel pgesteld. Ok het cursrisch nderwijs wrdt meer cmpetentiegericht. Hierdr wrdt er een berep gedaan p specifieke kwalificaties. Z kmt er een grtere nadruk te liggen p het p het leggen van de relatie van de therie en vaardigheden met de cmpetenties, feedback geven en cmpetentiegericht tetsen. De pleidingsinstituten gaan hierte een prfiel pstellen en een bijhrend prfessinaliseringsaanbd samenstellen. 5.4 Bij- en naschling van de pleiders Om de praktijkpleiders en werkbegeleiders te schlen in cmpetentiegericht pleiden wrdt er een naschlingsaanbd ntwikkeld. De pleidingsinstituten zrgen vr peridieke bij- en naschling van (hfd)dcenten, praktijkpleiders, werkbegeleiders en supervisren. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 34
Referenties 1. Baneke, R.F. (1996).Wettelijke regelingen en arbeidsvrwaarden. In W.T.A.M. Everaerd (red.), Handbek klinische psychlgie (A2300 pp. 2-26). Huten: Bhn Stafleu Van Lghum. 2. Brand P, Bendermaker P, Venekamp R. (2010) Klinisch nderwijs en pleiden in de praktijk. Huten: Prelum. 3. Capaciteitsrgaan (2011), Capaciteitsplan 2011. Een eerste richtinggevend advies vr de (vervlg)pleidingen tt Gezndheidszrgpsychlg, Klinisch neurpsychlg, Klinisch psychlg, Psychtherapeut, Verpleegkundig specialist ggz. Utrecht 4. CBOG Huisje van Heineman (is verwijderd) 5. Centraal Cllege Medisch Specialismen (CCMS)(2009), Besluit psychiatrie. 6. Cllege Specialismen Gezndheidszrgpsychlgie (CSG), Federatie Gezndheidszrgpsychlgen (2007). CGS-2007-4: Besluit specialisme Klinische Psychlgie. 7. Cllege Specialismen Gezndheidszrgpsychlgie (CGS), Federatie Gezndheidszrgpsychlgen, (2008). CGS-2008-1: Besluit specialisme Klinische Neurpsychlgie. 8. Cllege Specialismen gezndheidspsychlgie (CSG). CSG -2005-1. Besluit erkenningseisen pleiding klinisch psychlg 9. Cllege Specialismen gezndheidspsychlgie (CSG). CSG -2006-1. Besluit supervisie en leertherapie pleiding klinisch psychlg 10. CONO (2006). Beschrijving CONO berepen en pleidingen: werkdcument versie December 2006. 11. GGZ-Nederland (2010a) Zrg p waarde geschat: Update. Sectierapprt GGZ. Amersfrt. 12. GGZ-Nederland (2010b) De belangrijkste ziektebeelden ktber 2010. 13. Jasn R. Frank MD MA (Ed). The CanMEDS 2005 physician cmpetency framewrk: Better standards. Better physicians. Better care. Ottawa: The Ryal Cllege f Physicians and Surgens f Canada; 2005. 14. Lambert, M.J., Garfield, S.L., & Bergin, A.E. (2003). Intrductin and histrical verview. In M.J. Lambert (red.), Bergin and Lambert s handbk f psychtherapy and behavir change (5e druk, pp. 3-15). New Yrk: Wiley. 15. Miller G.E. (1990). The assessment f clinical skills, cmpetence and perfrmance. Academic Medicine, 65, 563-567 16. Rth A., & Fnagy, P. (2005). What wrks fr whm? A critical review f psychtherapy research (2 e ed.). Lndn: Guilfrd Press. 17. Sn, M.J.M., van & Staak, C.P.F. van der (1993). Inleiding. In W.T.A.M. Everaerd (red.), Handbek klinische psychlgie. (A1100 pp. 2-28). Huten: Bhn Stafleu Van Lghum. 18. Wet BIG (VWS, 1993) 19. WGBO (1995) Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 35
Bijlage 1. 1.1. De pdracht aan de werkgrep Opdracht, kaders en werkwijze Vanuit de Kamer GZ-psychlg, de Kamer Psychtherapeut en het Cllege Specialismen GZpsychlg en de pleidingsinstellingen bestaat de behefte m de vervlgpleidingen tt GZpsychlg, psychtherapeut en klinisch psychlg te mderniseren. Hiermee willen zij aansluiten bij de ntwikkelingen die in het medische nderwijsveld plaatsvinden: cmpetentiegericht pleiden waarin de inhud vlgens een bepaalde methdiek is vastgelegd, gestructureerd feedback wrdt gegeven, getetst en berdeeld wrdt en in prtfli s wrdt gedcumenteerd. De pleidingsntwikkeling is dr de pleidingsinstituten gezamenlijk pgepakt in een prjectstructuur. Het HCO-KP heeft in pdracht van de stuurgrep hiervr een werkgrep samengesteld bestaande uit twee hfdpleiders en vier cördinatren uit de pleidingsinstellingen in Nijmegen, Leiden/Rtterdam, Utrecht, Eindhven en Amsterdam. De werkgrep is in september 2010 vr het eerst bijeen geweest en heeft zich tt del gesteld enerzijds een landelijk pleidingsplan te schrijven waarin helder en eenduidig de cmpetenties van de KP zijn gefrmuleerd m het eindniveau van de KP te definiëren en, anderzijds, de vrmgeving van de pleiding te bepalen. Hierbij wrdt het eindniveau van de pleiding mschreven in cmpetenties en indicatren in plaats van in eindtermen. Het del van het prject is m als pleidingsinstellingen gezamenlijk vr de pleidingen een pleidingsplan te ntwikkelen die qua pzet en structuur p dezelfde wijze zijn vrmgegeven en wat betreft niveau p elkaar aansluiten. De pleidingsplannen vlden aan de mderne nderwijskundige inzichten. De pleidingsplannen bieden de pleidingsinstellingen vldende ruimte m vervlgens tijdens de implementatie hun culeur lcale in te vegen Gedurende het traject geeft de stuurgrep advies ver de cnsequenties vr de regelgeving en welke aanpassingen ndzakelijk zijn 1.2 Gevlgde werkwijze Uitgangspunt was het cmpetentieprfiel en pleidingsplan van de KP te vernieuwen. Als rdening is gekzen vr de cmpetentiegebieden cnfrm het mdel van de Canadian Medical Educatin Directives fr Specialists (CanMEDS 2005). Het CanMEDS-mdel is het uitgangspunt vr alle medische vervlgpleidingen in Nederland. Ok bij paramedische berepen wrdt dit mdel steeds vaker gebruikt. Het mdel blijkt eveneens, zij het met een kleine aanpassing, ged bruikbaar te zijn vr psychlgische pleidingen. Drslaggevend vr de keuze is dat het mdel zich als gangbaar en beprefd bewezen heeft. Het gegeven dat steeds meer pleidingen van berepsbeefenaren in de gezndheidszrg zich baseren p het CanMEDS-mdel draagt erin belangrijke mate te bij dat de verschillende berepsbeefenaren binnen de instellingen waar zij werken een eenduidig begrippenkader hanteren. In het CanMEDS-mdel zijn zeven cmpetentiegebieden gefrmuleerd, te weten: medisch handelen (vr de KP vervangen dr psychlgisch handelen); cmmunicatie; samenwerking; kennis & wetenschap; maatschappelijk handelen; rganisatie en prfessinaliteit (figuur 1). Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 36
Figuur 1: Canadian Medical Educatin Directives fr Specialists 2005 (CanMEDS 2005) Cnceptversies van het pleidingsplan zijn vrgelegd aan verschillende klankbrdgrepen, zals curriculumcmmissies, Landelijke Praktijkpleidersverleggen (LPO), HCO. Ten beheve van het pleidingsplan is gebruikgemaakt van diverse brndcumenten zals pgenmen in de referentielijst. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 37
BIJLAGE 2. Definities en afkrtingen BBOV Begeleidingsgrep Beschrijving Opleidingsplannen Vervlgpleidingen CanMEDS Canadian Medical Educatin Directives fr Specialists CGO Cmpetentie Gericht Opleiden CSG Cllege specialismen gezndheidzrgpsychlg GZ-psychlg Gezndheidszrgpsychlg HCO Hfdpleiders cördinatren verleg IOP Individueel OpleidingsPlan KBS Kenmerkende BerepsSituatie KP Klinisch psychlg KNP Klinisch neurpsychlg PB Praktijk Berdeling GIOS Gezndheidszrgpsychlg in pleiding tt gezndheidszrgpsychlg PT Psychtherapeut Stuurgrep Mdernisering pleiding GZ-psychlg, Klinisch psychlg, klinisch neurpsychlg en psychtherapeut De stuurgrep is verantwrdelijk vr het laten uitveren van de activiteiten en het behalen van de resultaten van het prject Mdernisering pleiding GZpsychlg, klinisch psychlg, klinisch neurpsychlg en psychtherapeut. Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 38
BIJLAGE 3. Thema 1 (Psych)diagnstiek en indicatiestelling Themakaarten 2 Psychlgische behandeling waarnder psychtherapie Aantal KBS in KP 3 Wetenschappelijk nderzek 7 4 Innvatie en beleid 4 5 Management en leidinggeven 4 6 De GIOS als epert 5 Ttaal 36 7 9 Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 39
Thema 1: (Psych)diagnstiek en indicatiestelling A. Beschrijving cmpetenties Cmpetentiegebied De GIOS 1. Psychlgisch handelen 2. Cmmunicatie 3. Samenwerking 4. Kennis en wetenschap 5. Maatschappelijk handelen tetst inhud, vlledigheid en kwaliteit van eerder verricht psychdiagnstisch nderzek en eerder gestelde diagnse aan huidige standaard (1.1.1.; 1.1.2); verzamelt bij het psychdiagnstisch nderzek gegevens ver aard, ntwikkeling, ernst, pathgenese en psychsciale cntet van de klachten en bestudeert deze gegevens in nderlinge samenhang met elkaar (1.2.1; 1.2.2; 1.2.3); verricht therie- en hypthesegestuurd psychdiagnstisch nderzek, in het bijznder bij patiënten met (mgelijk) cmplee f weinig vrkmende prblematiek ( 1.2.4.); gebruikt vlgens prfessinele standaard gangbare diagnstische methden en meetinstrumenten (1.2.5; 1.2.6.); verricht adequate indicatiestelling p basis van psychdiagnstisch nderzek, stelt een adequaat behandelvrstel p en stelt crrecte verwijzing vr naar andere disciplines (1.3.1; 1.3.2.); ziet te p delmatig verlp van diagnstisch prces en p afrnding binnen een acceptabele termijn (1.7.1). luistert ged, verstaat en begrijpt inhudelijke betekenissen en past wrdkeus en spreekstijl aan p kenmerken van patiënten patiëntsystemen (2.1.3); hudt regie ver het diagnstisch gesprek (2.1.4); betrekt mening en visie van de patiënt bij de diagnstiek, behandelplan en behandelindicatie en zrgt ervr dat de patiënt alle infrmatie ged begrijpt (2.2.1, 2.2.4); verricht adequate verslaglegging van psychdiagnstisch nderzek (2.3.1; 2.3.2; 2.3.3). verlegt bevindingen uit psychdiagnstisch nderzek met cllega s f specialisten uit andere disciplines (3.1.1; 3.1.2; 3.1.4); verwijst adequaat dr en werkt samen met relevante partijen m succesvlle verwijzing te realiseren (3.2.1; 3.2.2); verricht cnsultatie p het gebied van de psychdiagnstiek (3.3.1; 3.3.3). frmuleert hyptheses p basis van actuele wetenschappelijke inzichten (4.2.2); draagt bij aan wetenschappelijk nderzek p het gebied van de psychdiagnstiek f verricht psychdiagnstisch nderzek in het kader van wetenschappelijke studies (4.2.2); biedt schling en supervisie p het terrein van de psychdiagnstiek en psychdiagnstische rapprtage en bevrdert deskundigheid van cllega s p dit terrein (4.3.1; 4.3.2; 4.3.3.); hudt eigen diagnstische kennis en vaardigheden up t date (4.6.1; 4.6.2; 4.6.3). erkent de invled van maatschappelijke cultuur p de visie p psychdiagnstiek (5.1.1; 5.1.3; 5.2.1); laat zien zich bewust te zijn van mgelijk maatschappelijke cnsequenties van de psychdiagnstiek (5.1.1; 5.2.1). ziet te p zrgvuldigheid in classificatie in verband met persnlijke en maatschappelijke cnsequenties van een njuiste f gemiste classificatie (5.1.1; 5.2.1; 5.4.1; 5.4.4). 6. Organisatie neemt een actieve rl in bij ntwikkelingen f verbeteringen met betrekking tt de psychdiagnstiek binnen een afdeling/instelling (6.1.1); Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 40
Psychlgisch handelen Cmmunicatie Samenwerking Kennis en wetenschap Maatschappelijk handelen Organisatie Prfessinaliteit 7. Prfessinaliteit draagt bij aan f stuurt helder intakebeleid van de afdeling/instelling (6.2.1); geeft sturing aan psychdiagnstiekteams en verziet patiëntlgistieke prcessen (6.2.1); draagt zrg vr cntinuïteit van psychdiagnstiek en psychlgische behandelingen binnen de instelling/ afdeling (6.2.3); maakt bij diagnstiek gebruik van elektrnisch patiëntendssier (6.3.2). laat zien zich bewust te zijn van ethische richtlijnen en juridische kaders wat betreft diagnstiek en indicatiestelling (7.1.1); erkent en bespreekt grenzen van diagnstische mgelijkheden (7.1.2); neemt verantwrdelijkheid vr de kwaliteit psychdiagnstisch nderzek van pleidelingen en/f draagt als teamhfd eindverantwrdelijkheid vr intakes en psychdiagnstisch nderzek binnen het team (7.1.3); werkt aan p peil huden en verbetering van eigen psychdiagnstische kennis en vaardigheden (7.2.5). B. Tetsing Thema 1: Psychdiagnstiek en indicatiestelling KENMERKENDE BEROEPSSITUATIES PRAKTIJKFEEDBACK psychdiagnstiek en classificatie van psychpathlgie bij cmplee prblematiek persnlijkheidsdiagnstiek psychdiagnstiek bij andere leeftijdsgrepen dan vlwassen (KP-K&J: dan jeugdigen ) psychdiagnstiek bij mensen met andere culturele f etnische achtergrnd neurpsychlgische diagnstiek psychdiagnstiek in het kader van een epertrapprtage f secnd pinin indicatiestelling bij cmplee prblematiek KENNISASPECTEN Kennis van de belangrijkste psychlgische therieën ver geznd en ntregeld menselijk functineren, zals cntempraine psychdynamische therieën, cgnitieve therieën, gehechtheidtherieën, therieën uit de ntwikkelingspsychpathlgie en therieën uit de neurpsychlgie Kennis van pvattingen ver validiteit van theretische cnstructen, van de diagnstische cyclus, van waarnemings- en beslisprcessen, van kwaliteit en meetpretentie van instrumenten en van de meest recente ntwikkelingen p al deze gebieden Kennis van psychische strnissen Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 41
Kennis van gangbare psychdiagnstische meetinstrumenten en psychdiagnstische methden Kennis van berepsethische aspecten VAARDIGHEDEN Afnemen en interpreteren van gangbare psychdiagnstische meetinstrumenten en psychdiagnstische methden inclusief neurpsychlgische instrumenten Psychdiagnstisch nderzek uitveren bij cmplee strnissen en zicht krijgen p nderliggende pathlgische prcessen Mndeling en schriftelijk rapprteren p het niveau van de specialist Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 42
Thema 2: Psychlgische behandeling waarnder psychtherapie A. Beschrijving cmpetenties Cmpetentiegebied 1. Psychlgisch handelen 2. Cmmunicatie 3. Samenwerking 4. Kennis en wetenschap 5. Maatschappelijk handelen De GIOS tetst geschiktheid, kwaliteit en effecten van verrichte psychlgische behandeling (1.4.1; 1.4.2.); signaleert tijdig stagnatie in behandeling en intervenieert bij crisis (1.4.3.); ntwerpt een helder en verantwrd behandelplan (1.4.3; 1.5.3.); vert gangbare psychlgische/psychtherapeutische behandelingen uit bij een diversiteit aan patiënten en patiëntsystemen en past behandelingen aan p hulpvraag en karakteristieken van de patiënt (1.5.1; 1.5.2.); past specialistische psychlgische f psychtherapeutische behandelingen te (1.5.1); ziet te p delmatig verlp van behandelingen en afrnding binnen acceptabele termijn, maar kiest k een lange termijn behandelbeleid bij patiënten met bijvrbeeld een hge recidivekans (1.5.4; 1.7.1); hanteert relatie met de patiënt p therapeutische wijze (1.6.1; 1.6.2; 1.6.3; 1.6.4; 1.6.5; 1.6.6). luistert ged, verstaat en begrijpt inhudelijke betekenissen en past wrdkeus en spreekstijl aan p kenmerken van patiënten f patiëntsystemen (2.1.1; 2.1.2; 2.1.3); hudt regie ver het behandelgesprek (2.1.4); legt een behandelplan ged uit, betrekt de wensen van de patiënt daar actief bij en verifieert f het plan ged begrepen is (2.2.1; 2.2.2; 2.2.4); is zrgvuldig, prfessineel en ter zake in schriftelijke cntactrapprtage (2.3.1, 2.3.2; 2.3.3). stimuleert en faciliteert (regelmatig) verleg ver de behandeling van een patiënt met cllega s f specialisten uit andere disciplines (3.1.2; 3.1.3; 3.4.1; 3.4.2); verwijst adequaat dr en werkt samen met relevante partijen m succesvlle verwijzing te realiseren (3.2.1; 3.2.2); maakt effectief gebruik van cnsultatie (3.3.1; 3.3.2; 3.3.3). indiceert en stimuleert ged nderzchte en effectief gevnden behandelvrmen en vlgt kritisch de tepassing van behandelingen waarvan de werkzaamheid vr de klachten van de patiënt nvldende empirische ndersteuning heeft (4.1.1; 4.1.3; 4.2.4); verricht f draagt bij aan en bevrdert wetenschappelijk nderzek naar psychlgische/psychtherapeutische behandeling (4.2.1; 4.2.2; 4.2.3); biedt schling en supervisie p het terrein van psychlgische behandeling (4.3.1;.4.3.2; 4.3.3). hudt eigen kennis en vaardigheid bij p het gebied van psychlgische behandeling up t date (4.6.1; 4.6.2; 4.6.3). betrekt sciale cntet bij de behandeling van individuele patiënten, al dan niet dr persnen uit die cntet bij de behandeling uit te ndigen (5.1.1; 5.1.2); hanteert een kritische visie ten aanzien van maatschappelijk/wetenschappelijke discussies ver gezndheid versus ziekte en autnmie versus hulpbehevendheid (5.1.3); bevrdert de gezndheid van patiënten en grepen patiënten (5.2.1; 5.2.2; 5.2.3); vert behandelen uit cnfrm relevante wettelijke regelgeving (5.3.1; 5.3.2); signaleert inadequate psychlgische behandeling en meldt dit, daarbij Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 43
Psychlgisch handelen Cmmunicatie Samenwerking Kennis en wetenschap Maatschappelijk handelen Organisatie Prfessinaliteit 6. Organisatie 7. Prfessinaliteit wel verwegende f deze melding in het belang is van de patiënt. draagt bij aan helder behandelbeleid van de instelling en geeft sturing aan behandelbeleid en innvatie en verbetering daarbinnen (6.1.1); geeft sturing aan teams en verziet patiënt lgistieke (6.2.1) draagt zrg vr cntinuïteit van psychlgische behandelingen binnen de instelling/ afdeling (6.2.3). laat zien zich bewust te zijn van ethische richtlijnen en juridische kaders wat betreft psychlgische behandeling (7.1.1); erkent en bespreekt grenzen van behandelmgelijkheden (7.1.2); draagt inhudelijke behandelverantwrdelijkheid vr psychlgische behandeling dr pleidelingen en neemt als teamhfd eindverantwrdelijkheid vr behandelingen binnen het team (7.1.3); is kritisch ten aanzien van eigen kennis en vaardigheden met betrekking tt behandelen en schat behefte aan bijschling, supervisie en intervisie adequaat in (7.2.2; 7.2.3, 7.2.5). B. Tetsing Thema 2: Psychlgische behandeling waarnder psychtherapie KENMERKENDE BEROEPSSITUATIES PRAKTIJKFEEDBACK richtlijngestuurde behandeling van een individuele patiënt met cmplee prblematiek persnsgerichte en/f prcesgerichte behandeling behandeling p een pnameafdeling mensen van andere culturen f etnische achtergrnd behandelen andere leeftijdsgrepen behandelen dan vlwassen (KP-K&J: dan jeugdigen) mensen met neurlgische, lichamelijke f cgnitieve beperking (aangebren f verwrven) behandelen grepsbehandeling systemen behandelen, bijv. partner- en relatietherapie f gezinstherapie crisisinterventie KENNISASPECTEN Kennis van gangbare psychlgische behandelingen en bijbehrende bevindingen uit effectiviteitsnderzek Kennis van gangbare psychlgische behandelingen bij patiënten met persnlijkheidsprblemen Kennis van internatinale en landelijke richtlijnen met betrekking tt farmaclgische, medische en psychlgische behandelingen vr psychische aandeningen Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 44
Kennis van de theretische aspecten van gangbare psychtherapeutische strmingen VAARDIGHEDEN Gespreksvaardigheden bij patiënten met meizame interactiestijl Hanteren van de relatie met de patiënt m therapeutische verandering mgelijk te maken Technische vaardigheden bij richtlijngestuurde behandelingen van patiënten met cmplee prblematiek technische vaardigheden bij persnsgerichte en/f prcesgerichte psychlgische behandeling van patiënten met cmplee prblematiek gespreksvering en -vaardigheden bij systeemtherapie gespreksvering en hanteren van grepsprcessen bij grepspsychtherapie technieken vr crisismanagement Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 45
Thema 3: Wetenschappelijk nderzek A. Beschrijving cmpetenties Cmpetentiegebied De GIOS 3. Samenwerking 4. Kennis en wetenschap 5. Maatschappelijk handelen is zrgvuldig in infrmatievrziening ver nderzek naar nderzeksdeelnemers en naar alle partijen (secretariaat, cllega s, verwijzers, media) die met het nderzek te maken krijgen (3.1.1); bespreekt nderzeksplannen met directe medewerkers en andere nderzekers werkt in het kader van nderzek ged samen met partijen die direct f zijdeling bij het nderzek betrkken zijn: secretariaat, cllega s, nderzeksassistenten, data-analisten e.a. (3.1.1). is in staat kwaliteit van nderzeksplannen en nderzeksrapprtage van anderen te berdelen (4.1.1); verweegt nieuw nderzek en nieuwe nderzeksinzichten p tepasbaarheid in de eigen praktijksituatie (4.1.3); verricht wetenschappelijk nderzek naar praktijkvraagstukken (4.2.1); bevrdert de verbreding, verspreiding en ntwikkeling van wetenschappelijke kennis p het eigen vakgebied bij vakgenten, cllega s en pleidelingen en stimuleert wetenschappelijk nderzek p de eigen afdeling f instelling (4.3.1; 4.3.2; 4.3.3); bevrdert via wetenschappelijk nderzek kennis, inzicht en vaardigheid p het specifieke terrein van de eigen afdeling f instelling(4.4.1; 4.4.2); brengt inhud van nderzek ver aan bestuurders en beleidsmakers (4.4.2); nderhudt eigen wetenschappelijke kennis dr literatuur en deelname aan studiedagen, cngressen, themadagen enzvrt (4.6.1; 4.6.2; 4.6.3); draagt bij aan nderzek en epertisentwikkeling p eigen deelgebied (4.6.4). brengt via wetenschappelijk nderzek hulpbehefte van individuele f grepen patiënten nder de aandacht (5.1.1); draagt via wetenschappelijk nderzek bij aan een kritische visie ten aanzien van maatschappelijk/wetenschappelijke discussies ver gezndheid versus ziekte en autnmie versus hulpbehevendheid (5.2.1). 6. Organisatie verricht f stimuleert nderzek ter verbetering van zrgrganisatie en behandelbeleid (6.1.1; 6.1.2). 7. Prfessinaliteit is crrect en precies in rapprtage van bevindingen, waarbrgt annimiteit en vrijwillige deelname van participanten aan wetenschappelijke studies (7.1.1); erkent grenzen van wetenschappelijk nderzek (7.2.4); Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 46
Samenwerking Kennis en wetenschap Maatschappelijk handelen Organisatie Prfessinaliteit B. Tetsing Thema 3: Wetenschappelijk nderzek KENMERKENDE BEROEPSSITUATIES PRAKTIJKFEEDBACK nderzeksvraag en hyptheses frmuleren literatuurnderzek uitveren systematisch nderzeksgegevens verzamelen data-analyse en interpretatie van gegevens publicabel artikel schrijven mndeling presenteren van wetenschappelijk nderzek nderzeksbevindingen vertalen naar het handelen in de zrgpraktijk KENNISASPECTEN Kennis van nderzeksmethden binnen sciale wetenschappen Kennis van statistiek binnen sciale wetenschappelijk nderzek Kennis van ethische aspecten van nderzek VAARDIGHEDEN Verzamelen, beheren en prepareren van nderzeksdata en gebruik van geschikte sfwareprgramma s (dbases e.a.) daarbij. Tepassen van gangbare data-analysetechnieken (univariate technieken, multivariate technieken, analyse van kwalitatieve gegevens, nn-parametrische tetsing) Data-analyse via SPSS f eventueel andere statistische prgramma s Wetenschappelijke rapprtage en tepassen van APA-publicatinmanual Literatuursearch verrichten Presenteren van nderzeksdata Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 47
Thema 4: Innvatie en beleid A. Beschrijving cmpetenties Cmpetentiegebied De GIOS 3. Samenwerking maakt zich zwel schriftelijk als mndeling ged duidelijk aan betrkken partijen (3.1.1). 4. Kennis en wetenschap 5. Maatschappelijk handelen 6. Organisatie 7. Prfessinaliteit vertaalt de betekenis van bevindingen van wetenschappelijk nderzek naar de eigen zrgrganisatie(4.1.1; 4.1.3); nderbuwt visie p (prblemen) in de patiëntzrg f zrgrganisatie met bnafide nderzeksmethden f tetsmgelijkheden (4.2.1; 4.2.3; 4.4.2); zet zich in vr gede schling, begeleiding van uitverders van veranderde zrgprcessen en vervult hierbij de rl van begeleider, dcent f supervisr (4.3.1; 4.3.2; 4.3.3); is pen ver innvatie- en beleidsplannen via presentaties en verslaglegging (4.4.1). geeft bij innvatie en beleidsntwikkeling de kwaliteit van de zrg vr de patiënt hgste pririteit(5.1.1); hudt bij innvatie en beleidsntwikkeling rekening met maatschappelijke en plitieke factren (5.1.2; 5.1.3); draagt met het g p maatschappelijke en plitieke ntwikkelingen k p reginaal en/f landelijk niveau bij aan vernieuwing en beleid in de zrg (5.1.3) heeft g vr en is actief betrkken bij verbeteringen en innvatie in de zrg, en hudt daarbij rekening met vigerende visies en mgelijkheden binnen de afdeling f instelling (6.1.1); maakt ged duidelijk aan betrkken partijen welke prblemen f ntwikkelingen zich binnen de patiëntenzrg f zrgrganisatie vrden (6.1.1; 6.1.2); cncretiseert en betrekt meningen en visies van cllega s en relevante partijen bij de ntwikkeling van innvatie- f beleidsplannen en werkt p een cnstructieve wijze samen bij het ntwikkelen van zrgbeleid f implementeren van innvaties (6.1.2, 6.1.2); creëert draagvlak vr prbleemsignalering en innvatie- f beleidsplan (6.1.1; 6.1.2); draagt verantwrdelijkheid vr de ttstandkming, implementatie en evaluatie van een innvatieplan, verbeteringsplan f zrgbeleidsplan (6.1.2); geeft inhudelijke leiding aan de uitvering van een innvatieplan (6.2.1; 6.2.2). hudt zich bij het ntwikkelen, implementeren en evalueren van verbeteringen en innvaties aan de ethische richtlijnen en juridische kaders (7.1.1); neemt inhudelijke verantwrdelijkheid vr de in gang gezette verbeteringen f innvaties in de zrg (7.1.3); weet in het bijdragen aan innvatie en beleidsvrming zijn eigen berepsidentiteit en die van de berepsgrep als geheel binnen de rganisatie en het veld te prfileren (7.3.1). Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 48
Samenwerking Kennis en wetenschap Maatschappelijk handelen Organisatie Prfessinaliteit B. Tetsing Thema 4: Innvatie en beleid KENMERKENDE BEROEPSSITUATIES PRAKTIJKFEEDBACK prblemen en ntwikkelingen betreffende patiëntenzrg en zrgrganisatie identificeren en in kaart brengen innvatieplan pstellen en implementeren schriftelijk en mndeling rapprteren ver het uitgeverde innvatieplan en de bereikte effecten actieve bijdrage leveren aan het ntwikkelen van inhudelijk beleid binnen de afdeling f instelling KENNISASPECTEN Kennis ver prjectmanagement en rganisatientwikkeling Kennis ver gezndheidszrgmanagement Kennis ver instrumenten m rganisatievraagstukken te nderzeken Kennis ver innveren en implementeren, strategieën Kwaliteitszrg mdellen en systematieken VAARDIGHEDEN Vlgen van maatschappelijke en plitieke factren met betrekking tt de (geestelijke) gezndheidszrg Bijhuden van vakinhudelijke ntwikkelingen Literatuursearch verrichten Hanteren van weerstanden tegen verandering Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 49
Thema 5: Management en leidinggeven A. Beschrijving cmpetenties Cmpetentiegebied 3. Samenwerking 4. Kennis en wetenschap 5. Maatschappelijk handelen 6. Organisatie 7. Prfessinaliteit De GIOS als leidinggevende maakt zich zwel schriftelijk als mndeling ged duidelijk in verlegsituaties en bij het aansturen van betrkkenen bij het uitveren van zrgprcessen. Luistert ged, en verstaat en begrijpt betrkkenen in verlegsituaties en bij inhudelijke aansturing (3.1.1); hudt regie ver verlegsituaties en ziet erp te dat delen vraf en afspraken daarna vr iedereen helder zijn (3.1.2); werkt cnstructief samen met interne en eterne cllega s en superieuren (3.1.2; 3.1.4); maakt cnflicten en belangentegenstellingen bespreekbaar en treedt slagvaardig p (3.1.4); heeft regelmatig verleg via vergadering en vrtgangsgesprekken (3.4.1; 3.4.2). weet nieuwe wetenschappelijke inzichten te vertalen naar inhudelijk zrgbeleid binnen de afdeling f rganisatie ziet erp te dat de veranderingen/verbeteringen in het zrgprces als zdanig wrden uitgeverd dr de betrkkenen (4.1.1; 4.1.3, 4.4.2); draagt zrg vr verspreiding van nieuwe wetenschappelijke inzichten ter verbetering van de zrgprcessen p de afdeling f instelling (4.1.1, 4.2.4); stimuleert deskundigheidsbevrdering dr middel van bijschling, naschling, cngresbezek, sympsia en super- en intervisie (4.3.1; 4.3.2; 4.4.1; 4.4.2); heeft een rl als pleider, supervisr f begeleider in de praktijk (4.3.2; 4.3.3); werkt aan het ntwikkelen van epertise p de afdeling (4.6.4). kmt p vr de kwaliteit van de zrg binnen het krachtenveld van plitiek, zrgverzekeraars, beleidsmakers en bestuurders (5.1.1; 5.1.2; 5.1.3); treedt p bij misstanden en zrgt dat heldere prcedures zijn vr het indienen van klachten (5.4.1; 5.4.2; 5.4.4). geeft inhudelijke leiding aan een nderdeel van de afdeling f instelling f verricht managementtaken f heeft een aandeel in het besturen van de rganisatie (6.2.1.); hudt zich p de hgte van financieel- en persneelsbeleid m leidinggevende taken uit te veren (6.2.2); draagt zrg vr cntinuïteit van de behandelingen en zrgprcessen en verziet patiëntlgistieke prcessen (6.2.3); is in staat m cnflicten te hanteren, te nderhandelen en te cachen tussen prfessinals (6.2.4); is in staat m vakinhudelijke ndersteuning te bieden aan gezndheidszrgpsychlgen (in pleiding) en andere prfessinals (6.2.5); maakt bij aansturing ged gebruik van digitale cmmunicatiemiddelen en digitale hulpmiddelen (6.3.3). tnt zich bewust van ethische richtlijnen en juridische kaders (7.1.1; 7.1.3); neemt inhudelijke behandelverantwrdelijkheid (7.1.3); is kritisch naar eigen functineren als leidinggevende en signaleert behefte aan bijschling, intervisie en supervisie(7.2.2; 7.2.5 ); prfileert zich vanuit de eigen berepsidentiteit als aansturende f Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 50
Samenwerking Kennis en wetenschap Maatschappelijk handelen Organisatie Prfessinaliteit inhudelijk leidinggevende, versterkt vanuit eigen psitie de psities van psychlgen binnen de eigen instelling (7.3.1). B. Tetsing Thema 5: Management en leidinggeven KENMERKENDE BEROEPSSITUATIES vanuit eigen discipline en epertise bijdragen aan multidisciplinair verleg eindverantwrdelijkheid dragen vr behandelingen van patiënten p basis van eigen epertise f als inhudelijk afdelingshfd f zrgprgrammaleider vrzitterschap van patiëntenverleg, intakeverleg, teamverleg, afdelingsverleg f stafvergadering aansturen en begeleiden van mensen die aan zrgprcessen uitvering geven KENNISASPECTEN PRAKTIJKFEEDBACK Kennis ver rganisatiemdellen en gezndheidszrgmanagement Kennis ver leiderschap, caching en teamntwikkeling Kennis van begrting en financiële en lgistieke prcessen Kennis van persneelsbeleid Kennis van berepscde (NIP) en belangrijkste wetgeving m.b.t. de zrg zals Wet BIG, WGBO VAARDIGHEDEN leidinggeven beslissingen nemen delegeren cnflicthantering vergadering vrzitten lezen van begrtingen, begrtingen kunnen pstellen Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 51
Thema 6: De GIOS als epert A. Beschrijving cmpetenties Cmpetentiegebied 1. Psychlgisch handelen 2. Cmmunicatie 3. Samenwerking 4. Kennis en wetenschap De GIOS berdeelt in zijn rl als epert p eigen terrein de inhud en kwaliteit van eerder verricht psychdiagnstisch nderzek en stelt vast f (verder) nderzek ndig is (1.1.1; 1.1.2); verricht als epert p eigen terrein specialistisch psychdiagnstisch nderzek bij patiënten met ingewikkelde f weinig vrkmende prblematiek en trekt gefundeerde cnclusies ten aanzien van diagnse en behandelingsmgelijkheden (1.2.1; 1.2.2; 1.2.3); ntwikkelt specialistische diagnstische methden f meetinstrumenten m diagnstiek, indicatiestelling, aanmelding en drverwijzing p eigen specialistisch terrein te verbeteren (1.2.5; 1.2.6.); berdeelt als epert p eigen terrein de geschiktheid, kwaliteit en effecten van (eerder) verrichte (psychtherapeutische) behandeling en verziet mgelijkheden m hernieuwde stagnatie en nnrespns bij vervlgbehandelplan te vrkmen (1.4.1; 1.4.2; 1.4.3); vert als epert p eigen terreinspecialistische behandeling uit en ntwikkelt en evalueert vrtdurend de tegepaste technieken m de verdraagbaarheid van zijn f haar behandelepertise naar anderen te vergrten (1.5.1; 1.5.2; 1.5.3). Beschrijft in zijn epertrapprtage p heldere, adequate manier bevindingen en cnclusies (2.3.1; 2.3.2); legt via verslag, registratie en vide eigen epertise met patiënten vast m de verdraagbaarheid naar andere hulpverleners te vergrten (2.3.1; 2.3.3) verlegt als epert p eigen terrein met andere specialisten en hulpverleners en is helder en ter zake in schriftelijke en mndelinge cmmunicatie (3.1.1; 3.1.2; 3.1.4); staat in multidisciplinair verleg vr eigen inzichten en cnclusies ten aanzien van diagnstiek, indicatiestelling f behandeling (3.1.4; 3.4.1); verricht cnsultatie p adequate wijze (3.3.1; 3.3.2, 3.3.3); stimuleert structurele samenwerking met andere hulpverleners en biedt eigen epertise aan waar dat wenselijk is (3.4.1; 3.4.2). is ged p de hgte van relevante wetenschappelijke ntwikkelingen p het eigen epertisegebied via literatuur, cngressen, sympsia, e.a. (4.1.2; 4.1.3; 4.2.4); bevrdert de deskundigheid van cllega s, pleidelingen, patiënten en andere betrkkenen bij de gezndheidszrg p eigen epertisegebied (4.3.1); draagt actief bij aan het nderwijs en pleiding p het terrein van eigen epertise (4.3.2; 4.3.3); verzrgt supervisie p het terrein van de eigen epertise (4.3.3); stimuleert nderzek, vakpublicaties, nderwijs en kritischwetenschappelijke reflectie p het terrein van eigen epertise (4.4.1; 4.4.2). brengt als epert p eigen terrein de inhud van het vakgebied en de ntwikkelingen daarin ged ver aan leken, bestuurders en beleidsmakers (4.4.1; 4.4.2; 4.4.3); draagt als epert p eigen terrein bij aan het rganiseren van cngressen en andere vrmen van kennisvermeerdering (4.5.1; 4.5.2). werkt systematisch en delbewust aan de verbetering van eigen berepsmatig functineren en epertise (4.6.1; 4.6.2; 4.6.3; 4.6.4). Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 52
5. Maatschappelijk handelen 6. Organisatie 7. Prfessinaliteit herkent en speelt en als epert p eigen terrein in p maatschappelijke determinanten van psychische strnissen, herkent en erkent risicgrepen en draagt bij aan preventie van psychpathlgie (5.1.2); is bereid m als epert via media en publicaties maatschappelijke en plitieke ntwikkelingen te benemen en te beïnvleden m - in termen van gezndheid - de psitie van patiënten p het terrein van eigen epertise te bevrderen (5.1.1; 5.1.2). zet zich in m binnen de rganisatie een specialistische afdeling p te zetten en deze inhudelijke sturing te bieden en daarvr een team van eperts p te leiden en te ndersteunen (6.2.1; 6.2.2; 6.2.3; 6.2.4; 6.2.5); neemt als inhudelijk epert behandelverantwrdelijkheid vr diagnstiek en behandelingen binnen de specialistische afdeling (7.1.4); behudt kritische visie p eigen epertise en eigen kunnen en niet kunnen en laat zich adviseren en mgelijk k crrigeren bij carrièrestappen (7.2.1; 7.2.2; 7.2.3; 7.2.5); draagt als epert p eigen terrein bij aan de rganisatie van de berepsgrep en aan maatschappelijke erkenning van de deskundigheid van de berepsgrep (7.3.1). Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 53
Psychlgisch handelen Cmmunicatie Samenwerking Kennis en wetenschap Maatschappelijk handelen Organisatie Prfessinaliteit B. Tetsing Thema 6: De gis als epert KENMERKENDE BEROEPSSITUATIES cnsultatie en advies p eigen epertisegebied pleiding en nderwijs verzrgen p eigen epertisegebied begeleiden f superviseren van pleidelingen, gezndheidszrgpsychlgen f andere prfessinals in de zrg in het kader van specifieke epertise p het terrein van psychdiagnstiek, behandeling f nderzek ntwikkelen van inhudelijke epertise p een deelgebied in de gezndheidszrg, mgelijk met het g p een prmtietraject tt ntwikkeling brengen van een afdeling binnen de eigen instelling met specifieke epertise p een deelgebied in de gezndheidszrg KENNISASPECTEN PRAKTIJKFEEDBACK Epertkennis p een deelgebied in de gezndheidszrg VAARDIGHEDEN Cnsultatie en cunseling Supervisie geven Presenteren Lessen verzrgen Epertrapprtages maken Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 54
Psychlgisch handelen Cmmunicatie Samenwerking Kennis en wetenschap Maatschappelijk handelen Organisatie Prfessinaliteit BIJLAGE 4. Overzicht KBS-en en tetsing cmpetentiegebieden Onderstaande tabel vat de KBS-en en de te tetsen cmpetentiegebieden samen. Regels met betrekking tt verplichte en facultatieve KBS-en zijn nader beschreven in het tetsbek. In ttaal dienen 36 KBS-en uitgeverd te wrden 1 Psychdiagnstiek en indicatiestelling psychdiagnstiek en classificatie van psychpathlgie bij cmplee prblematiek persnlijkheidsdiagnstiek psychdiagnstiek bij andere leeftijdsgrepen dan vlwassen (KP- K&J: dan jeugdigen ) psychdiagnstiek bij mensen met andere culturele f etnische achtergrnd neurpsychlgische diagnstiek psychdiagnstiek in het kader van een epertrapprtage f secnd pinin indicatiestelling bij cmplee prblematiek 2 Psychlgische behandeling waarnder psychtherapie richtlijngestuurde behandeling van een individuele patiënt met cmplee prblematiek persnsgerichte en/f prcesgerichte behandeling behandeling p een pnameafdeling mensen van andere culturen f etnische achtergrnd behandelen andere leeftijdsgrepen behandelen dan vlwassen (KP-K&J: dan jeugdigen) mensen met neurlgische, lichamelijke f cgnitieve beperking (aangebren f verwrven) behandelen grepsbehandeling systemen behandelen, bijv. partner- en relatietherapie f gezinstherapie crisisinterventie Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 55
3 Wetenschappelijk nderzek 4 Innvatie en beleid nderzeksvraag en hyptheses frmuleren literatuurnderzek uitveren systematisch nderzeksgegevens verzamelen data-analyse en interpretatie van gegevens publicabel artikel schrijven Mndeling presenteren van wetenschappelijk nderzek nderzeksbevindingen vertalen naar het handelen in de zrgpraktijk prblemen in patiëntzrg en ntwikkelingen betreffende zrgrganisatie identificeren innvatieplan pstellen en implementeren schriftelijk en mndeling rapprteren ver het uitgeverde innvatieplan en de bereikte effecten actieve bijdrage leveren aan het ntwikkelen van inhudelijk beleid binnen de afdeling f instelling 5 Management en leidinggeven vanuit eigen discipline en epertise bijdragen aan multidisciplinair verleg eindverantwrdelijkheid dragen vr behandelingen van patiënten p basis van eigen epertise f als inhudelijk afdelingshfd f zrgprgrammaleider vrzitterschap van patiëntverleg, intakeverleg, teamverleg, afdelingsverleg f stafvergadering aansturen en begeleiden van mensen die aan zrgprcessen uitvering geven 6 De gis als epert cnsultatie en advies p eigen epertisegebied pleiding en nderwijs verzrgen p eigen epertisegebied begeleiden f superviseren van pleidelingen, gezndheidszrgpsychlgen f andere prfessinals in de zrg in het kader van specifieke epertise p het terrein van psychdiagnstiek, behandeling f nderzek ntwikkelen van inhudelijke epertise p een deelgebied in de gezndheidszrg, mgelijk met het g p een prmtietraject tt ntwikkeling brengen van een afdeling binnen de eigen instelling met specifieke epertise p een deelgebied in de gezndheidszrg Opleidingsplan Klinisch Psychlg (juni 2013) / pagina 56