Lineaire dv van orde 2 met constante coefficienten



Vergelijkbare documenten
1 Eigenwaarden en eigenvectoren

Bekijk nog een keer het stelsel van twee vergelijkingen met twee onbekenden x en y: { De tweede vergelijking van de eerste aftrekken geeft:

WI1708TH Analyse 2. College 5 24 november Challenge the future

Tentamenopgaven over hfdst. 1 t/m 4

Wiskundige Technieken

Lineaire differentiaalvergelijkingen met constante coëfficienten

Differentiaalvergelijkingen Technische Universiteit Delft

Het vinden van een particuliere oplossing

Hoofdstuk 1: Inleiding

Stelsels differentiaalvergelijkingen

Hoofdstuk 3: Tweede orde lineaire differentiaalvergelijkingen

1 WAAM - Differentiaalvergelijkingen

1 Stelsels lineaire vergelijkingen.

4051CALC1Y Calculus 1

Technische Universiteit Delft Uitwerking Tentamen Analyse 3, WI 2601 Maandag 11 januari 2010,

Wiskundige Technieken 1 Uitwerkingen Hertentamen 23 december 2014

Wiskunde: Voortgezette Analyse

Hoofdstuk 10: Partiële differentiaalvergelijkingen en Fourierreeksen

Types differentiaal vergelijkingen

Notatie Voor een functie y = y(t) schrijven we. Definitie Een differentiaalvergelijking is een vergelijking van de vorm

n 2 + 2n + 4 3n 2 n + 4n n + 2n + 12 n=1

3. Bepaal de convergentie-eigenschappen (absoluut convergent, voorwaardelijk convergent, divergent) van de volgende reeksen: n=1. ( 1) n (n + 1)x 2n.

UNIVERSITEIT TWENTE Faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica

TOELATINGSEXAMEN ANALYSE BURGERLIJK INGENIEUR EN BURGERLIJK INGENIEUR ARCHTECT - 3 JULI 2003 BLZ 1/8

Toegepaste wiskunde. voor het hoger beroepsonderwijs. Deel 2 Derde, herziene druk. Uitwerking herhalingsopgaven hoofdstuk 7.

Functies van één veranderlijke

TENTAMEN WISKUNDIGE BEELDVERWERKINGSTECHNIEKEN

UNIVERSITEIT TWENTE Faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica

Technische Universiteit Delft. ANTWOORDEN van Tentamen Gewone differentiaalvergelijkingen, TW2030 Vrijdag 30 januari 2015,

Gaap, ja, nog een keer. In één variabele hebben we deze formule nu al een paar keer gezien:

2.1 Twee gekoppelde oscillatoren zonder aandrijving

TRILLINGEN EN GOLVEN HANDOUT FOURIER

UNIVERSITEIT TWENTE Faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN Faculteit Wiskunde en Informatica. Uitwerking Tentamen Calculus, 2DM10, maandag 22 januari 2007

Wiskundige Technieken

5 Lineaire differentiaalvergelijkingen

ax + 2 dx con- vergent? n ln(n) ln(ln(n)), n=3 (d) y(x) = e 1 2 x2 e 1 2 t2 +t dt + 2

TENTAMEN ANALYSE 1. dinsdag 3 april 2007,

Lineaire Afbeelding Stelsels differentiaalvergelijkingen. 6 juni 2006

2. Hoelang moet de tweede faze duren om de hoeveelheid zout in de tank op het einde van de eerste faze, op de helft terug te brengen?

Toepassingen op differentievergelijkingen

Complexe eigenwaarden

UNIVERSITEIT TWENTE Faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica

11.3. Inhomogene randwaardeproblemen. We beschouwen eerst inhomogene Sturm- Liouville randwaardeproblemen van de vorm :

Hoofdstuk 7: Stelsels eerste orde lineaire differentiaalvergelijkingen

1. Een van mijn collega s, liet een mooi verhaal zien: De opgave was: Los op ln(x + 2) ln(x + 1) = 1.

De Laplace-transformatie

Antwoorden. 1. Rekenen met complexe getallen

2 Kromming van een geparametriseerde kromme in het vlak

Uitwerkingen Tentamen Gewone Differentiaalvergelijkingen

Examen G0O17E Wiskunde II (3sp) maandag 10 juni 2013, 8:30-11:30 uur. Bachelor Geografie en Bachelor Informatica

Wiskundige Technieken 1 Uitwerkingen Tentamen 4 november 2013

Complexe getallen in context

dt dy dt b. Teken het lijnelementenveld voor de roosterpunten met 0 t 3 en 0 y 2.

UNIVERSITEIT TWENTE Faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica

x(t + T ) = x(t) Voorbeeld 1. Beschouw het niet-lineaire autonome stelsel . (1) y x + y y(x 2 + y 2 )

8.0 Voorkennis. Voorbeeld 1: Bereken het snijpunt van 3x + 2y = 6 en -2x + y = 3

In dit college bekijken we een aantal technieken om integralen te bepalen van trigonometrische functies en van rationale functies.

Eerste orde partiële differentiaalvergelijkingen

2 Kromming van een geparametriseerde kromme in het vlak. Veronderstel dat een kromme in het vlak gegeven is door een parametervoorstelling

ENKELE VOORBEELDEN UIT TE WERKEN MET ICT

Lineaire gewone & partiele 1ste en 2de orde differentiaalvergelijkingen

18.I.2010 Wiskundige Analyse I, theorie (= 60% van de punten)

5.8. De Bessel differentiaalvergelijking. Een differentiaalvergelijking van de vorm

Uitgewerkte oefeningen

Oplossen van lineaire differentiaalvergelijkingen met behulp van de methode van Leibniz-MacLaurin

168 HOOFDSTUK 5. REEKSONTWIKKELINGEN

Differentiaalvergelijkingen Technische Universiteit Delft

Analyse 1 November 2011 Januari 2011 November 2010

WI1708TH Analyse 3. College 5 23 februari Challenge the future

Differentiaalvergelijkingen voor WbMT. wi2051wbmt. Dr. Roelof Koekoek

Inhoud college 5 Basiswiskunde Taylorpolynomen

Korte handleiding Maple, bestemd voor gebruik bij de cursus Wiskunde

Doe de noodzakelijke berekeningen met de hand; gebruik Maple ter controle.

Lineaire Algebra voor ST

WI1708TH Analyse 3. College 2 12 februari Challenge the future

Inleiding Wiskundige Systeemtheorie

Het uitwendig product van twee vectoren

Signalen en Transformaties

Trillingen en Golven

De leraar fysica als goochelaar. lesvoorbeeld: harmonische trillingen

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN Faculteit Wiskunde en Informatica

Combinatoriek groep 2

Respons van een voertuig bij passage over een verkeersdrempel

Hertentamen Calculus 1 voor MST, 4051CALC1Y vrijdag 7 november 2014; uur

Je moet nu voor jezelf een overzicht zien te krijgen over het onderwerp Complexe getallen. Een eigen samenvatting maken is nuttig.

(Assistenten zijn Sofie Burggraeve, Bart Jacobs, Annelies Jaspers, Nele Lejon, Daan Michiels, Michael Moreels, Berdien Peeters en Pieter Segaert).

Examenvragen Hogere Wiskunde I

Algebra groep 2 & 3: Standaardtechnieken kwadratische functies

OF (vermits y = dy. dx ) P (x, y) dy + Q(x, y) dx = 0

TWEEDE DEELTENTAMEN CONTINUE WISKUNDE. donderdag 13 december 2007,

Transcriptie:

Lineaire dv van orde 2 met constante coefficienten Homogene vergelijkingen We bekijken eerst homogene vergelijkingen van orde twee met constante coefficienten, d.w.z. dv s van de vorm a 0 y + a 1 y + a 2 y = 0. Probeer eerst eens of y(x) = e λx een oplossing kan zijn voor een of ander getal λ. Invullen geeft voor alle x. Dat kan alleen als a 0 y + a 1 y + a 2 y = (a 0 λ 2 + a 1 λ + a 2 )e λx = 0, a 0 λ 2 + a 1 λ + a 2 = 0. Deze kwadratische vergelijking in λ heet de karakteristieke vergelijking. We weten dat deze vergelijking in het algemeen twee, eventueel complexe, oplossingen heeft. Deze oplossingen zullen we voor nu even noteren met λ 1 en λ 2. Een gevolg van een algemene stelling is dat als λ 1 λ 2 dan is de algemene oplossing van de differentiaalvergelijking gegeven door y(x) = c 1 e λ1x + c 2 e λ2x, met c 1, c 2 willekeurige constanten. Voorbeelden: 1. y y = 0. Probeer y = e λx. De karakteristieke vergelijking wordt λ 2 1 = 0, dus λ = ±1. De algemene oplossing is dus y(x) = c 1 e x +c 2 e x, met c 1, c 2 R. 2. y + 3y + 2y = 0. De karakteristieke vergelijking is λ 2 + 3λ + 2 = (λ + 2)(λ + 1) = 0, dus λ = 2 of λ = 1. De algemene oplossing is dus y(x) = c 1 e 2x + c 2 e x, met c 1, c 2 R. 3. y + y = 0. De karakteristieke vergelijking is λ 2 + 1 = 0, dus λ = ±i. Alle complexe oplossingen worden dan gegeven door y(x) = c 1 e ix + c 2 e ix, met c 1, c 2 C. Nu is e ix = cos x + i sin x en e ix = cos x i sin x. Dus y(x) = (c 1 + c 2 ) cos x + i(c 1 c 2 ) sin x. Neem nu c 1 + c 2 = a R èn i(c 1 c 2 ) = b R. Dat kan, bijvoorbeeld c 1 = c 2 werkt. Dan y(x) = a cos x + b sin x met a, b R is de algemene reële oplossing. 4. y +2y +y = 0. De karakteristieke vergelijking is λ 2 +2λ+1 = 0, dat geeft λ = 1. Er is nu maar één oplossing van de vorm y(x) = e λx, namelijk y = ce x. 1

Nu vinden we de andere oplossingen door variatie van constanten. Dat werkt als volgt: stel y(x) = c(x)e x is een oplossing, voor één of andere functie c(x). Dan Dus y = c e x ce x y = (c e x c e x ) (c e x ce x ) = c e x 2c e x + ce x. y + 2y + y = (c 2c + c + 2c 2c + c)e x = c e x = 0, zodat c = 0. We hebben dus een differentiaalvergelijking voor c(x) afgeleid. Maar deze is simpel: c(x) = ax + b, met a, b R. Dus y(x) = axe x + be x met a, b R. Dat is altijd zo: als er één oplossing van de karakteristieke vergelijking is, zeg λ 1, dan is naast e λ1x ook xe λ1x een oplossing. Inhomogene vergelijking We bekijken nu vergelijkingen van de vorm a 0 y + a 1 y + a 2 y = f(x). Eerst doen we een algemene bewering: als y 0 (x) één oplossing van de inhomogene vergelijking is en c 1 y 1 (x)+c 2 y 2 (x) de algemene oplossing van de homogene vergelijking a 0 y + a 1 y + a 2 y = 0 dan is de algemene oplossing van de inhomogene vergelijking gegeven door y 0 (x) + c 1 y 1 (x) + c 2 y 2 (x) met c 1, c 2 R. Dat is leuk, omdat we nu maar één oplossing van de inhomogene vergelijking hoeven te vinden, maar hoe doe je dat dan? Voordat we daar wat over zeggen merken we op dat die ene oplossing van de inhomogene vergelijking een particuliere oplossing heet. Hoe vind je zo n particuliere oplossing? Er is een algemene methode (ook nu weer variatie van constanten geheten), maar die is ingewikkeld. Voor veel functies f werkt het volgende idee: probeer voor y 0 lineaire combinaties van f, f, f,.... We illustreren dit met wat voorbeelden 2

Voorbeelden: 1. Los op y y = x. Probeer als particuliere oplossing y = ax + b. Invullen geeft (omdat y = 0) y y = ax b = x, dus b = 0, a = 1. De algemene oplossing is dus y(x) = x + c 1 e x + c 2 e x. 2. y +y = cos x. Probeer voor y een functie van de vorm y = a cos x+b sin x. Dan is y = a cos x b sin x, en y = a sin x + b cos x. Dus y + y = ( a + b) cos x (a + b) sin x = cos x, wat geeft a + b = 0, a + b = 1. Oplossen van dit stelsel geeft a = 1 2, b = 1 2. Dus is 1 2 cos x + 1 2 sin x een oplossing. De oplossing van de homogene vergelijking krijg je zoals gewoonlijk door de karakteristieke vergelijking op te lossen: λ 2 + λ = λ(λ + 1) = 0 geeft λ = 0 of λ = 1. De algemene oplossing is dus y(x) = 1 2 cos x + 1 2 sin x + c 1e x + c 2 met c 1, c 2 R. 3. y y = e x. Nu werkt ae x natuurlijk niet als particuliere oplossing omdat dit al een oplossing van de homogene vergelijking is. Probeer in zulke gevallen echter axe x = y(x). Dan y = axe x + ae x, y = axe x + 2ae x, dus y y = 2ae x = e x, geeft a = 1 2. Een particuliere oplossing is dus y(x) = 1 2 xex, zodat de algemene oplossing wordt y(x) = 1 2 xex + c 1 e x + c 2 e x met c 1, c 2 R. Laten we het recept voor het oplossen van een inhomogene lineaire dv samenvatten 1. Los de bijbehorende homogene dv op. 2. Vind een particuliere oplossing bijvoorbeeld met de methode zoals boven beschreven. 3. Los de constanten in de algemene oplossing op d.m.v. rand- of beginvoorwaarden (indien die aanwezig zijn). Van dat laatste geven we nog een voorbeeld: Los op y + y = cos x met y(0) = 0 en y (0) = 0. We weten al dat de algemene oplossing is y(x) = 1 2 cos x + 1 2 sin x + c 1e x + c 2. Invullen van y(0) = 0 en 3

y (0) = 0 geeft 0 = 1 2 + c 1 + c 2 en 0 = 1 2 c 1. Dus c 1 = 1 2 en c 2 = 0. De gezochte oplossing is dus y(x) = 1 2 cos x + 1 2 sin x + 1 2 e x. We merken tenslotte op dat de technieken die hier gebruikt zijn ook werken voor de algemenere situatie van een n-de orde lineaire differentiaalvergelijking met constante coëfficienten. Samenvattend: voor een inhomogene dv : y + a 1 y + a 0 = f(x) Als f(x) = x n e λx sin αx cos αx lineaire combinatie van deze product van deze probeer dan a 0 + a 1 x + a 2 x 2 + + a n x n ae λx a sin αx + b cos αx a sin αx + b cos αx soortgelijke lineaire combinatie soortgelijk product Het recept werkt niet als het rechterlid oplossing is van de bijbehorende homogene d.v. Een suggestie in dat geval: Probeer x maal de functie uit het recept, als dat ook niet werkt probeer dan x k maal de functie uit het recept voor k = 2, 3,. Resonantie Bekijk de tweede orde dv y (t) + ω 2 y(t) = sin(ω 1 t). Dat is een model voor een periodiek aangedreven trilling. De oplossingen van de homogene vergelijking zijn y(t) = c 1 cos(ωt) + c 2 sin(ωt) = c 0 sin(ωt + φ 0 ), waar in de eerste representatie c 1, c 2 R, en in de tweede, equivalente, representatie c 0 > 0 en φ 0 [0, 2π). Probeer als oplossing van de inhomogene vergelijking de functie y(t) = c sin(ω 1 t). Dan zien we dat c bepaald wordt door cω 2 1 sin(ω 1 t) + ω 2 c sin(ω 1 t) = sin(ω 1 t). Dus c = 1, mits ω ω 2 ω1 2 1 ±ω. Voor ω 1 ±ω krijgen we dus als oplossingen 1 y(t) = ω 2 ω1 2 sin(ω 1 t) + c 0 sin(ωt + φ 0 ). (1) 4

Voor het geval ω 1 = ±ω merken we allereerst even op dat we alleen ω 1 = ω hoeven te bekijken (omdat sin( x) = sin x). Neem dus ω 1 = ω, en probeer als oplossing van de inhomogene vergelijking Dan is Dus y(t) = at sin(ωt) + bt cos(ωt). y (t) = a sin(ωt) + aωt cos(ωt) + b cos(ωt) bωt sin(ωt), y (t) = 2aω cos(ωt) 2bω sin(ωt) aω 2 y(t). We kunnen dus a = 0 en b = 1 geval gegeven door y (t) + ω 2 y = 2aω cos(ωt) 2bω sin(ωt). 2ω nemen, en dan zijn alle oplossingen in dit y(t) = 1 2ω t cos(ωt) + c 0 sin(ωt + φ 0 ). (2) Merk op dat de amplitude van de eerste term naar oneindig gaat als t naar oneindig gaat. Dat verschijnsel staat bekend als resonantie. 10 Resonantie: y= t/6 cos(3t)+ 2sin(3t+π/3) 8 6 4 2 0 2 4 6 8 10 0 10 20 30 40 50 60 We kunnen (2) ook uit (1) halen door de limiet ω 1 ω te nemen, met behulp van l Hôpital: sin(ω 1 t) lim ω 1 ω ω 2 ω1 2 = lim ω 1 ω d dω 1 sin(ω 1 t) d dω 1 (ω 2 ω1 2) = lim t cos(ω 1 t) = t cos(ωt) ω 1 ω 2ω 1 2ω. 5

Gedempte trillingen De differentiaalvergelijking y + 2ky + ν 2 y = f(t) representeert een aangedreven (door de functie f) gedempte trilling (als k > 0 en ν 2 k 2 > 0). Om de oplossingen van de homogene vergelijking te krijgen lossen we eerst de karakteristieke vergelijking op: λ 2 + 2kλ + ν 2 = (λ + k) 2 + ν 2 k 2 = 0. Noem ν 2 k 2 = ω 2 (hier gebruik je dat ν 2 k 2 > 0) dan zijn de oplossingen y(t) = c 1 e kt sin(ωt) + c 2 e kt sin(ωt), c 1, c 2 R. Omdat k > 0 is de limiet als t naar oneindig gaat voor elke oplossing nul. Een equivalente vorm voor de oplossingen is weer y(t) = c 0 e kt sin(ωt + φ 0 ), c 0 > 0, φ 0 [0, 2π). Als we nu weer f(t) een periodieke aandrijving met periode ω nemen, bijvoorbeeld f(t) = sin(ωt), dan treedt er geen resonantie op. Dat doet zich zelfs niet voor als we voor f(t) de functie e kt sin(ωt) nemen, omdat we dan een particuliere oplossing verwachten van de vorm ate kt sin(ωt) + bte kt cos(ωt), en hoewel deze functies een erg groot maximum kunnen hebben is de limiet voor t naar oneindig toch steeds nul. 1 y=e 1/2 t sin(3t + π/3) 0.8 0.6 0.4 0.2 0 0.2 0.4 0.6 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 6

Opgaven 1 Men zoekt een particuliere oplossing φ(x) van de lineaire d.v. ay + by + cy = f(x). Welke gedaante van φ(x) (met onbepaalde coëfficienten) probeert u, als: (a) (b) f(x) = x 3 + sin 2x f(x) = xe 2x (c) f(x) = (sin x + cos x) 2 + 1 (d) f(x) = e x sin 2x 2 Bepaal de algemene oplossing: (a) y 2y 3y = 0 (b) y 4y + 13y = 0 (c) y + 2y + y = 0 (d) y + 2y = 0 (e) y + 2y 8y 4x 2 = 0 (f) y = 3e x + 4y + 8 + sin x (h) ẍ + ẋ = 2t sin t cos t [ ẋ = dx ] dt 3 Los de volgende beginwaardeproblemen op: (a) (b) { y 3y + 2y = 0 y(0) = 1 y (0) = 0 { ẍ x = 2 cos t 2t sin t x(0) = 0 ẋ(0) = 1 7