Georganiseerd overleg Defensie

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Georganiseerd overleg Defensie"

Transcriptie

1 Georganiseerd overleg Defensie Werkgroep Reorganisaties G.A. van Herpen-Bartlema inlichtingen bijlage(n) REO/ briefnummer G.1.33 zaaknummer 15 januari 2015 verzenddatum Verslag van de vergadering van de werkgroep Reorganisaties van dinsdag 11 december 2014 ( uur, Harry Borghoutzaal, Centrum voor Arbeidsverhoudingen, Den Haag) en de voortzetting ervan op dinsdag 6 januari 2015 in de Sophiezaal ( uur). Aanwezig: van de zijde van Defensie: E.H. Dekker, F.R.H. van de Hoef, J.C. Bouwman-Zaaijer (op 11/12), S. van den Bergakker (op 6/1). T.a.v. agendapunt 3 en 4: C.A.J. ten Anscher, M. van Dodewaard, I.M. van Eck, J. de Graaf, G.B.M. Otto; van de zijde van de centrales: L.H. Schipper, J.A.F. Stassen (AC), J.A. Kropf, A.B. Schnoor (op 11/12) (CCOOP), R. Bliek, R.E.W. Pieters (op 11/12) (CMHF). van de zijde van het secretariaat: mw. G.A. van Herpen-Bartlema (CAOP). Agenda: 1. Opening en mededelingen. 2. Verslag en actiepuntenlijst van de vergadering van 11 november 2014 (REO/ ). 3. VRP Herinrichting Vastgoed en Beveiliging (REO/ , -/ , -/ bijlagen). 4. Presentatie planning DGO-reorganisaties en vacatures kernfuncties EGB (REO/ ). 5. Voortgang project DBBS (brief VBM (out)sourcing DBBS (REO/ ). 6. Rondvraag en sluiting. 1/19 Postbus 556, 2501 CN Den Haag Lange Voorhout 9, 2514 EA Den Haag T F KvK

2 Agendapunt 1: Opening en mededelingen. Opening: De voorzitter opent de vergadering en heet een ieder welkom. Mededelingen: De voorzitter stelt voor om agendapunt 5 door te schuiven naar de eerstvolgende vergadering, gelet op de drukke agenda. De heer Stassen merkt op dat de geplande vergadertijd van twee uur vaak te kort is, wat gevolgen heeft voor de tijdspaden. De voorzitter herkent dit probleem. Getracht wordt om in januari 2015 een extra vergadering te beleggen, zo mogelijk met een langere vergadertijd, zodat ook de onderwerpen genoemd op de actiepuntenlijst kunnen worden besproken. Defensie zal hiertoe een voorstel doen. Agendapunt 2: Verslag en actiepuntenlijst van de vergadering van 11 november 2014 (REO/ ). Tekstueel: Blz. 3, actiepunt 5 (DBBO): (na het winterreces) moet zijn (tot het winterreces). Blz. 8, 3 e tekstblok, 2 e alinea, 1 e zin: Deze zin moet worden gewijzigd in: De heer Schipper merkt op dat de (maatwerk-)afspraken die met de oude organisatie zijn gemaakt, goed in het VRP moeten worden opgenomen. N.a.v.: Blz. 4, actiepunt 9 (Toepassing regelgeving), laatste zin: De heer Kropf merkt op dat de voorzitter niet alleen had voorgesteld om dit onderwerp in de werkgroep AFR te bespreken, maar ook om dit daar zo spoedig mogelijk te laten agenderen. De voorzitter neemt dit punt mee naar de voorzitter van de werkgroep AFR (pm). Blz. 4, actiepunt 10 (Mainframe): De heer Schipper geeft aan dat de centrales het niet eens zijn met de wijze waarop Mainframe procedureel is aangelopen. Nu dit procedureel niet in orde is, zou wellicht moeten worden bezien of in deze fase wel zou moeten worden gepraat over een sociaal plan. Gelet op het feit dat hier sourcing een rol speelt, maakt hij deze opmerking specifiek in deze werkgroep. De heer Stassen voegt hier aan toe dat de procedure immers onderwerp is van de werkgroep REO. De voorzitter neemt hier kennis van en merkt op dat de procedure ook besproken moet worden in de werkgroep AP. Hij zal deze opmerking doorgeven aan voorzitter van de werkgroep AP (pm). Actiepuntenlijst: 1. VRP RIO CZMCARIB: Aanhouden (pm). De voorzitter geeft aan dat er inmiddels een concept-evaluatierapport ligt. De communicatie richting het personeel is verbeterd en zij zijn geïnformeerd over het aanhouden van de sollicitatieprocedure. De boodschap dat de evaluatie door 4 partijen moet worden ondertekend, is doorgegeven aan alle betrokkenen. Er vinden momenteel 4-partijen-overleggen plaats over die evaluatie, maar nochtans heeft dit niet geleid tot een gezamenlijk gedragen uitkomst, wat tevens gevolgen heeft voor de bespreking en de afhandeling van het VRP. De heer Kropf merkt op dat het er nu op lijkt dat er geen gezamenlijke evaluatie is aangelopen, wat wel de bedoeling was. Met betrekking tot het aanhouden van de sollicitatieprocedure, merkt hij op dat in een eerdere werkgroep REO afspraken waren gemaakt over welke functies er gevuld konden worden en op welke wijze, alsmede over de waarborging van mogelijke individuele afspraken. Immers was 2/19

3 geconcludeerd dat het vullen van de organisatie de enige manier was om een beter beeld te kunnen creëren. Spreker is verbaasd dat het 4-partijen-gesprek moeizaam verloopt. Hij wijst op de eerdere discussies over het vertrouwen in de minister. Met betrekking tot de mogelijke vertraging van het VRP, wijst hij erop dat ook hierover afspraken zijn gemaakt. Spreker verzoekt om een nadere toelichting. De heer Van de Hoef geeft een toelichting op de communicatie die heeft plaatsgevonden richting het personeel. Als er toestemming is van de MC is het mogelijk om een werkorganisatie te verlengen. In dit geval is die verlenging tegengehouden. Anderzijds kan het VRP nog niet worden afgerond, omdat partijen hebben afgesproken om eerst te evalueren. Spreker zou graag met de centrales een oplossing willen vinden voor dit dilemma. Spreker deelt de zorg van de centrales over het betrokken personeel. Het is duidelijk dat de evaluatie door de vier partijen moet worden uitgevoerd. Anderzijds is het ook in te denken dat in dit geval de DCIOD alvast een voorzet heeft gemaakt op het stuk, waarover met de overige partijen moet worden besproken en waar hun input in moet worden verwerkt. Er vindt daar momenteel dus een proces plaats, op basis waarvan partijen tot een gezamenlijk stuk moeten komen. Pas nu is geconcludeerd dat dit overleg niet goed verloopt, is het mogelijk om vanuit hogere hand te bezien of zij dit proces kunnen vergemakkelijken. Spreker deelt dus de zorgen van de centrales en de wens zo snel mogelijk door te gaan met het proces omwille van het personeel, maar wijst erop dat er dus in gezamenlijkheid moet worden gezocht naar een goede oplossing. Volgens de heer Kropf is de oplossing om de werkorganisatie te beëindigen en het personeel gewoon hun eigen werk te laten doen. Hij stelt dat het probleem is dat DCIOD nu de mensen opdraagt om het werk te doen op de wijze die zij voor ogen hebben. Er ligt nu een cvrp, zonder dat de werkorganisatie is geëvalueerd. De uitkomsten stonden dus al vast, aldus spreker. Uit de toelichting maakt hij op dat de conceptevaluatie anders dan was afgesproken, niet door vier partijen tot stand gekomen is. Voor wat betreft het aanhouden van de sollicitatieprocedure, merkt spreker op dat hierover afspraken zijn gemaakt. Je kunt geen vacatures maken in een relatief kleine werkorganisatie en vervolgens evalueren, er wordt immers niet gewerkt met het gehele benodigde personeel. Er ontstaan hierdoor gaten. Er zijn daarom afspraken gemaakt zodat in ieder geval twee functies uit de werkorganisatie worden gevuld. De heer Van de Hoef beaamt dat die afspraak is gemaakt, maar ook hier speelt het probleem van de evaluatie. Spreker zou die functies het liefst zo snel mogelijk willen vullen, omdat dit functies uit de werkorganisatie betreffen. Het is immers ook niet nuttig om een evaluatie op te lopen bij een organisatie die onvoldoende gevuld is. De heer Schipper merkt op dat deze werkorganisatie niet klopt. Bij hoge uitzondering is er in dit geval afgesproken dat de vacatures in deze werkorganisatie mogen worden gevuld, normaliter kan dit niet. Het probleem is dat de betrokken medezeggenschap het hier niet mee eens was. Inmiddels is het personeel dat op die functies heeft gesolliciteerd ervan op de hoogte gesteld dat de procedure is aangehouden, maar dat laat onverlet dat dit tegen de met de centrales gemaakte afspraken ingaat. Dit is een dilemma. Spreker merkt op dat een werkorganisatie altijd geëvalueerd moet worden met het betrokken personeel, de vraag is echter in hoeverre het nodig is om een werkorganisatie in te stellen in een organisatie die onvoldoende is gevuld. Wellicht moet gewoon de knoop worden doorgehakt over de nieuwe werkwijze. Het probleem is dat als partijen dit beslissen, dan op de stoel van de medezeggenschap gaan zitten. 3/19

4 De heer Kropf merkt op dat het eerder ging over vulling van niet-bestaande functies. Nu gaat het over een sergeant-majoor uit de CZSK-populatie op Curaçao en een vanuit Aruba. Het betreffen bestaande functies waarop mensen primair geplaatst kunnen worden, met de toezegging dat ze alle werkzaamheden uitvoeren. Voor deze mensen was in de REO afgesproken dat wanneer deze functie zou veranderen, zij de initiële plaatsingsduur mogen afmaken en geen nadeel zouden ondervinden van deze veranderingen. Tevens was afgesproken dat indien tijdens de evaluatie of reorganisatie mocht blijken dat er een hogere rang verbonden is aan deze stoel, zij met terugwerkende kracht tot de datum van plaatsing worden bevorderd. Bovendien gaat de medezeggenschap niet over individuele plaatsing. De voorzitter merkt op dat Defensie haar verantwoordelijkheid zal nemen. Dit actiepunt blijft staan en er zal uitvoering worden gegeven aan de gemaakte afspraken. 2. VRP DTD / VRP EGB / VRP TGB: Dit onderwerp wordt besproken onder agendapunt 4. (noot secretaris: is niet aan de orde gekomen en wordt doorgeschoven naar 6 januari). 3. F 100 Motorenonderhoud: Aanhouden (pm).het streven is om dit onderwerp in januari 2015 te bespreken. 4. Sourcingtraject DVOW: Aanhouden (pm). 5. DBBO: Aanhouden (pm).de voorzitter geeft aan dat intern Defensie zeer intensief wordt gezocht naar een oplossing voor deze kwestie. De centrales vragen om een schorsing. SCHORSING De voorzitter heropent de vergadering. De heer Kropf geeft aan dat het voor de centrales niet acceptabel is dat nog steeds wordt gezocht naar een oplossing. Zojuist is aangegeven dat CZSK op Curaçao niet langer gaat vullen voor de tijdelijke oplossing aangaande de uitvoering van de wacht aldaar. De centrales willen daarom dat DBBO zorg draagt voor adequate vulling ter plaatse, op het moment dat CZSK hiermee stopt. De voorzitter geeft aan te willen schorsen. SCHORSING De voorzitter heropent de vergadering. Namens Defensie doet hij de toezegging dat er gewerkt zal worden aan een structurele oplossing voor een adequaat beveiligingsniveau in de West. Daarnaast zal er met ingang van volgende week een alternatief worden gerealiseerd waardoor het veiligheidsniveau dat de afgelopen maanden is gerealiseerd, wordt gecontinueerd, zodat het personeel aldaar kan werken en leven in een veilige omgeving. Die alternatieve wijze zal aansluitend aan het aflopen van de beveiliging door CZSK worden geïmplementeerd (pm). De heer Stassen raadt aan om ook de medezeggenschap te betrekken. De voorzitter zegt dit toe. 6. Rijksbreed 3W-traject: Aanhouden. Dit punt zal in januari 2015 ter sprake komen (pm). 7. MIVD: Aanhouden (pm). 8. Toepassing regelgeving: Aanhouden (pm). Dit punt wordt aangehouden, totdat het onderwerp is geagendeerd voor de werkgroep AFR. 9. DASH: Aanhouden (pm). Aangaande het eerste deel van dit actiepunt, geeft de voorzitter aan te hebben laten uitzoeken welke regelingen hierop van toepassing zijn. Van toepassing zijn het Arbeidstijdenbesluit Vervoer en de regeling Werk- en Rusttijden Luchtvaart. Aangaande het laatste deel, geeft hij aan dit te onderschrijven. 4/19

5 De heer Kropf merkt op dat de strekking van de eerdere discussies over dit onderwerp, totaal verschilt van wat nu wordt aangegeven. Hij merkt op dat hier niet gevlogen wordt namens Defensie, omdat het een civiel vliegtuig van een civiele organisatie betreft. Hij vraagt om een schorsing. Desgevraagd door de heer Stassen, vervolgt de voorzitter eerst zijn uitleg. Hij stelt voor om ook dit onderwerp waar het gaat om het werk- en rusttijdenregime, mee te nemen in de discussies rond het nieuwe BARD en AMAR in de werkgroep AFR (pm). SCHORSING De voorzitter heropent de vergadering. De heer Kropf geeft aan dat centrales van mening zijn dat in de vorige vergadering door de voorzitter is gezegd dat op de werk- en rusttijden de meest recente regeling van toepassing zou zijn. De centrales hechten eraan dat voor defensiepersoneel, de defensieregelingen gelden en zij gaan ervan uit dat dat ook de norm is. Het klopt dat hier sprake is van een uitzondering voor vliegen (door Defensie), echter het betreft hier een civiele organisatie met civiel geregistreerde vliegtuigen. Bij die organisatie is personeel werkzaam van drie verschillende pluimage, met ieder hun eigen regelgeving. Er moet dus een werk- en rusttijdenregeling komen, die aan alle drie voldoet. Hij geeft aan dat er meerdere incidenten zijn geweest waarbij defensiepersoneel zich niet heeft gehouden aan de defensieregelingen voor wat betreft werk- en rusttijden en wil hierop graag reactie. De voorzitter laat weten dat het de verantwoordelijkheid is van Defensie om voor defensiepersoneel en hun bemanning, toe te zien op de naleving van de werk- en rusttijdenregeling zodat er geen werktijden ontstaan die langer zijn dan de vastgestelde norm. Dit zal dus samen met DASH worden uitgezocht. Voor de toekomstige discussie in de AFR hieromtrent, geeft de heer Kropf mee dat de uitzonderingen zijn vastgelegd voor Defensie. Voor een civiele organisatie zullen die uitzonderingsregels dus niet gelden. De heer Stassen raadt aan om in de discussie met DASH ook te vragen naar de stand van zaken over de Nederlandse registratie. Desgevraagd door de heer Kropf, zegt de voorzitter toe om het registratieproces DASH weer op te nemen op de actiepuntenlijst (pm). 10. DCC: Aanhouden (pm). Desgevraagd door de heer Kropf, antwoordt de voorzitter dat er een voorstel ligt bij de SG en dat dit onderwerp al is bespreken in het MD-comité. Momenteel wordt gewacht op een besluit over het rangsniveau voor de commandant en zijn plaatsvervanger. De heer Bliek verbaast zich over het feit dat de besluitvorming zo lang op zich laat wachten, mede gelet op het feit dat ook de TRMC hier een heldere opvatting over heeft. De heer Pieters merkt op dat het MD-comité hier geen rol speelt. De heer Van de Hoef antwoordt dat gehoor is gegeven aan de oproep om haast te maken met dit actiepunt, maar dat de interne procedures nu eenmaal moeten worden afgewerkt. Desgevraagd geeft de voorzitter aan dat het streven is om hier zo spoedig mogelijk helderheid over te krijgen. Hierop volgt een informele discussie, waarna de voorzitter vaststelt dat het signaal van de centrales helder is. Hij zal dit intern Defensie doorgeven. 11. IDGO: Afgedaan. Dit punt is afgedaan en kan worden geschrapt. 5/19

6 Agendapunt 3: VRP Herinrichting Vastgoed en Beveiliging (REO/ , -/ , -/ bijlagen). De heer Kropf geeft aan zich niet te hebben kunnen voorbereiden op de behandeling van dit VRP, omdat de wijzigingen ten opzichte van het cvrp niet in de oplegnota zijn benoemd. Daarnaast wordt in het TRMCadvies nog altijd verwezen naar afspraken uit een ander gremium. Namens het AC geeft de heer Schipper aan het stuk wel te kunnen behandelen, ook al onderschrijft hij de opmerkingen van de CCOOP waar het gaat over de personele aspecten. Hij wijst erop dat hij ook de ACOP vertegenwoordigt en zijn collega s van de ACOP wellicht de mening delen van de andere centrales. De heer Bliek deelt de mening van zijn collega s. In zijn advies heeft de TRMC een aantal onderwerpen aangekaart, waar hij niet over gaat. Helaas is dit niet in het repliek gemeld. Spreker wijst erop dat het markeren van de wijzigingen die betrekking hebben op het vakgebied van de centrales, de behandeling van de VRP n vergemakkelijkt. Als dit nu alsnog kan worden aangegeven, mag het stuk wat de CMHF betreft, worden behandeld. Dit geldt echter niet als het veel wijzigingen zijn of als deze over het gehele stuk zijn verspreid. De voorzitter stelt voor om het VRP te behandelen. Hij geeft aan dat er vrijwel alleen aanpassingen zijn gedaan in hoofdstuk 7 en in het TRMC-advies. Men heeft de medezeggenschap gewezen op de uitkomsten van de domeindiscussie en het TRMC heeft die boodschap begrepen. Dit heeft geleid tot een aangepast advies. Op basis daarvan is in hoofdstuk 9 aangegeven dat wanneer op basis van de evaluatie, aanleiding is om ook andere delen van de servicedienst over te hevelen, er opnieuw met de centrales moet worden gepraat over de personele aspecten. Hierbij wijst spreker erop dat de TRMC op grond van het BMD en het besluit GO bepaalde adviesrechten heeft en dat dit moet worden gerespecteerd. Het is echter duidelijk dat personele aspecten en voorwaarden voor overgang naar de markt, onderwerp is voor het SOD en niet voor de medezeggenschap. De heer Bliek wijst op blz. 2 onder het punt Servicediensten uit het repliek van de HDE, alwaar een toezegging wordt gedaan waarvan partijen in dit forum eerder hebben geconcludeerd dat dit nog niet zeker is. De heer Van de Hoef merkt op dat dat stuk inmiddels is ingetrokken en dat op 20 november 2014 een nieuw advies is uitgegeven. De heer Kropf merkt op dat op blz. 4 van dat stuk, opnieuw passages zijn opgenomen waartegen de centrales eerder bezwaren hebben gemaakt. Volgens de heer Ten Anscher heeft de MC een en ander opgenomen om te voorkomen dat bepaalde aspecten verloren zouden gaan bij mogelijke toekomstige aanpassingen. De TRMC zegt dus niet over die punten te gaan, maar hebben dit enkel vastgelegd zodat respectievelijk de centrales en de ze zo nodig meenemen in toekomstige besprekingen. De voorzitter vult aan dat hetzelfde geldt voor de opmerkingen aangaande hoofdstuk 9. De verantwoordelijkheden van de SOD zijn voor de TRMC volstrekt helder. Desgevraagd door de heer Kropf, geeft de heer Ten Anscher aan welke wijzigingen er in het gehele VRP zijn gemaakt. Blz. 17, 4 e alinea: Naar aanleiding van het verslag is aangegeven dat de afspraken gemaakt in het kader van de reorganisatie van de DVD en de Divisiestaf, onderdeel zijn van de IST. Hoofdstuk 9, 3 e alinea: Deze alinea is geheel nieuw. 6/19

7 De heer Schipper constateert dat de oude afspraken weer zijn ingevoegd in hoofdstuk 7. Voor wat betreft de eerdere discussie over de personeelsparagraaf, hebben de centrales reeds aangegeven dat het URDtraject van toepassing is als bij de evaluatie veranderingen zouden moeten plaatsvinden ten aanzien van de 21 functies. De TRMC heeft zijn advies hierop aangepast. Spreker geeft aan te hebben geluisterd naar signalen uit het veld en daaruit concludeert hij dat het personeel behoefte heeft aan duidelijkheid. Wat spreker betreft mag de personeelsparagraaf het uitgangspunt zijn, maar de centrales behouden het recht om hier opnieuw over te spreken wanneer de evaluatie zou leiden tot aanpassingen. De voorzitter zegt toe dat partijen hier op dat moment opnieuw over zullen spreken en dat dit mogelijkerwijs kan leiden tot amendementen op die personeelsparagraaf. De heer Kropf neemt afstand de opmerking dat nu reeds een minimum kan worden afgesproken. Spreker wil geen voorschot nemen op de toekomst want het is niet zeker of dergelijke afspraken waargemaakt kunnen worden. De heer Schipper merkt op dat de centrales altijd het recht behouden om opnieuw te spreken over elke reorganisatie of outsourcingstraject. De voorzitter zegt dit toe en geeft aan dit opnieuw aan de medezeggenschap te melden. Gelet op de tijd en andere verplichtingen van centrales, geeft de heer Kropf aan dat het niet mogelijk is om de dit agendapunt verder te bespreken. Hij stelt voor om dit agendapunt op te schorten tot de volgende vergaderdatum. Na enige discussie stelt de voorzitter voor dat centrales hun punten per mail aandragen en het stuk met een pieptermijn af te tikken. De heer Schipper benadrukt op enigerlei wijze ook de andere centrales te willen betrekken bij de opmerkingen die hij nog heeft over dit stuk. Volgens spreker is de eindtijd van uur duidelijk afgesproken, anderzijds is het voor het personeel ook belangrijk dat dit VRP voort kan. Na enige discussie, concludeert de voorzitter dat de vergadering wordt opgeschort tot 6 januari In die vergadering zal dit agendapunt worden vervolgd en tevens agendapunt 5 worden behandeld. Hij verzoekt de centrales om, zo mogelijk, hun punten aangaande het VRP alvast per kenbaar te maken en schorst de vergadering tot 6 januari Heropening. De voorzitter heropent de vergadering op 6 januari 2015 om uur. Hij wenst iedereen een goed In de opnieuw toegezonden agenda staat de toevoeging dat het verslag van 11 november al zou zijn vastgesteld. Omdat dit volgens de heer Kropf niet juist is, wordt deze toevoeging geschrapt. Vervolgens vraagt de heer Kropf om vandaag te starten met de bewaking op de Antillen. De voorzitter memoreert dat defensie zou zorgen voor een tijdelijk alternatief op het moment dat de Marine stopt met haar toezichthoudende taken en dat tegelijkertijd naar een structurele oplossing zou worden gezocht. Hij deelt mee dat over de structurele oplossing op het hoogste niveau wordt gesproken. Spreker kan daarover nog geen mededelingen doen. Voor het tijdelijk alternatief is een officier van dienst achtige constructie bedacht die wordt ingevuld door personeel van DBBO en het CLAS. Deze constructie loopt tot 18 januari Volgens de heer Kropf zijn heel andere afspraken gemaakt. Zo doelden de centrales niet op een tijdelijke maar op een structurele oplossing. De oplossing zou moeten aansluiten aan het moment dat de CZSM CARIB zou stoppen, maar spreker heeft signalen dat er gedurende drie dagen niets is geregeld. Omdat deze periode in het verleden ligt, zal hij daarop nu niet verder ingaan. Een andere afspraak was dat het 7/19

8 personeel CZSM CARIB niet meer betrokken zou worden, maar de CLAS Compagnie in de West is personeel van CZSM CARIB. De voorzitter stelt dat hij vorige keer duidelijk heeft afgesproken dat er gewerkt zou worden aan een structurele oplossing. Deze kost tijd. De andere toezegging was dat gezorgd zou worden voor een tijdelijk alternatief. Defensie is verantwoordelijk voor de wijze waarop dat wordt ingevuld. Het is voor defensie van cruciaal belang dat er een pool van mensen is die voor de veiligheid zorgt. DBBO levert daar ruimschoots een aandeel in. De heer Kropf wil straks graag meer informatie over het aandeel van DBBO, maar in de vorige vergadering is aangegeven dat de bewaking van de defensielocatie een DBBO probleem is. Spreker hoort de voorzitter nu zeggen dat het de verantwoordelijkheid van defensie is om het beschikbare personeel in te zetten. Dit was nu precies de kern van het probleem, want afgesproken was dat personeel van CZSM CARIB niet zou worden ingezet voor de bewaking. Het is de voorzitter bekend dat de centrales het toezicht door DBBO willen laten uitvoeren, maar het kost tijd om een structurele maatregel te realiseren. Defensie is verantwoordelijk voor het inzetten van het beschikbare personeel. De oplossing die is bedacht is niet voor alle partijen het maximale is, maar men moet er voor dit moment mee doen. Van belang is dat er geen incidenten meer plaatsvinden en dat de veiligheid is gewaarborgd. De heer Kropf stelt vast dat opnieuw wordt aangegeven dat het gaat om het beschikbare personeel, terwijl afgesproken was dat personeel van CZSM CARIB niet wordt ingezet voor wachtlopen. Spreker herformuleert zijn vraag als volgt: Voorzitter, bent u het er mee eens dat de bewaking een DBBO verantwoordelijkheid is en herkent u de afspraak dat die niet gebeurt door het inzetten van CZSM CARIB personeel? De voorzitter antwoordt dat voor het bewaken van defensielocaties de verantwoordelijk in de kern bij DBBO ligt, maar als er zo n taak bij komt, moeten er ook middelen bij komen. Daarover zijn nu gesprekken gaande. Voor wat betreft de praktische oplossing die de vorige keer is toegezegd, zal defensie bezien of de taken met het beschikbare personeel van DBBO en het CLAS kunnen worden uitgevoerd. Personeel van de Marine zal daarbij zoveel mogelijk worden ontzien waar het gaat om de toezichthoudende taken. De heer Ten Anscher merkt allereerst op dat de toezichthoudende taak nog niet is belegd bij DBBO. Defensie is zich nog aan het beraden over de vraag wie deze taak krijgt. Vervolgens deelt spreker mee dat er een interim maatregel is bedacht voor de situatie die in de West is ontstaan om zodoende tijd te hebben voor het bedenken van een structurele oplossing. Het is de bedoeling om bij de gekozen oplossing marinepersoneel zoveel mogelijk te ontzien. Het DBBO aandeel is 100% van de DBBO ers die in dagdienst aanwezig zijn. Dat zijn drie personen. De heer Kropf meent dat in dat geval niet gesproken kan worden van een substantieel groot aandeel. Als DBBO drie mensen levert, terwijl er per maand ca. 60 mensen nodig zijn, is het aandeel hoogstens 5%. Spreker verzoekt om een schorsing. De heer Stassen vraagt of de tijdelijke oplossing verlengd gaat worden of dat defensie echt streeft naar een structurele oplossing per 18 januari a.s. De voorzitter antwoordt dat het streven is om per 18 januari een structurele oplossing te hebben, want de tijdelijke oplossing is slechts een lapmiddel. Intern heeft hij het signaal afgegeven dat er op 18 januari echt duidelijkheid moet zijn. Hij acht defensie in staat om een fatsoenlijke oplossing te vinden. Hij schorst de vergadering van tot uur. SCHORSING Na de heropening stelt de heer Kropf dat er duidelijkheid moet komen. Spreker vindt de bewaking een taak van de DBBO en vraagt hoeveel mensen er worden ingezet voor de bewaking van de locatie. 8/19

9 De centrales zijn bereid defensie tot 18 januari a.s. de ruimte te bieden om tot een structurele oplossing te komen. Dat dient dan wel een oplossing waarbij DBBO personeel wordt ingezet, want de bewaking is een DBBO taak. De heer Ten Anscher stelt dat bewaking in zijn algemeenheid een DBBO taak is, maar dat DBBO geen zeggenschap heeft over de medewerkers CURMIL. DBBO heeft niet de opdracht om objecten te bewaken maar om de defensiebelangen te beschermen. Deze taak wordt uitgevoerd met eigen mensen en ingehuurd personeel. Als een structurele oplossing wordt gevonden waarbij DBBO de taken moet uitvoeren, zullen de afspraken over de zeggenschap van CURMIL gewijzigd moeten worden. Spreker verwacht niet dat een dergelijke structurele oplossing er op 18 januari al is. In de discussie die hierop ontstaat over de taken en verantwoordelijkheden van DBBO, komt naar voren dat de uitvoering van de DBBO-taken niet helder is. De voorzitter meent dat dit probleem niet in de WG REO moet worden opgelost en dat men binnen Defensie tot een structurele oplossing moet komen waarbij ook helderheid moet worden gegeven. Desgevraagd door de voorzitter antwoordt de heer Kropf dat het antwoord op zijn vraag over hoeveel mensen worden ingezet duidelijk is. Er wordt geen DBBO personeel ingezet, volgens spreker. Vervolgens herhaalt spreker zijn opmerking dat de structurele oplossing die voor de 18 e moet worden geboden, er een moet zijn zonder inzet van personeel niet vallend onder DBBO. Spreker begrijpt dat dit een capaciteitsprobleem kan opleveren, maar vindt dit een probleem van defensie dat moet worden opgelost. De heer Stassen vult aan dat in het VRP CZSMCARIB is vastgelegd dat dit personeel stopt met de bewaking. Dat betekent dus dat dit personeel daarvoor dan ook niet meer mag worden ingezet.... De voorzitter stelt dat dit een onderdeel is van de structurele oplossing en dat op het hoogste niveau over een alternatief wordt gesproken. Alvorens de voorzitter dit onderdeel voor dit moment afsluit vraagt de heer Kropf of de afspraak die centrales eerder hebben gemaakt, namelijk dat de structurele oplossing wordt ingevuld zonder personeel van CZSM CARIB, niet behorend bij DBBO, wordt gehandhaafd. De heer Van de Hoef geeft aan dat indien dat anders wordt, men aan O-kant tot andere afspraken moet komen. Defensie zal het moeten oplossen en indien nodig zal er opnieuw over gesproken worden met de betrokken partijen en zullen de centrales direct na de 18 e hierover worden geïnformeerd. De heer Kropf vindt het in dat kader niet reëel om dan te stellen dat er de 18 e al een structurele oplossing is. Als er inderdaad een oplossing aan de O-kant moet worden gezocht, en spreker is ook bereid om naar de O-kant van DBBO te kijken als wordt geconcludeerd dat het een DBBO taak is, kunnen ook de benodigde VTE en vanaf 18 januari worden toegewezen in afwachting van een O-oplossing. De voorzitter deelt mee dat de tijdelijke oplossing die er nu is ook daadwerkelijk tijdelijk is en dat hij geen voorstander is van verlenging. De structurele oplossing moet duidelijkheid bieden, maar spreker wil de bespreking op hoog niveau niet op voorhand inkaderen door toezeggingen uit dit overleg. Met betrekking tot de communicatie over de structurele oplossing na 18 januari stelt hij voor om de centrales zo snel mogelijk per te informeren en deze informatie vervolgens in een formele brief te bevestigen (pm). De heer Schipper wijst er op dat ook de medezeggenschap betrokken moet worden bij de oplossing. De voorzitter geeft aan dat als er sprake is van een wijziging van de O het gebruikelijke URD traject moet worden gelopen. Desgevraagd door de heer Stassen antwoordt de heer Ten Anscher dat de medezeggenschap van zijn organisatie betrokken is bij de tijdelijke oplossing, maar dat hij niet weet of de medezeggenschap CZSM CARIB is geïnformeerd. De heer Stassen zegt het zeer op prijs tet stellen als alle betrokken medezeggenschapscommissies worden betrokken bij de structurele oplossing. De voorzitter zegt dit toe en stelt vervolgens voor over te gaan tot agendapunt 3. 9/19

10 Agendapunt 3. VRP Herinrichting Vastgoed en Beveiliging (REO/ , -/ , -/ ) De voorzitter memoreert dat in december een start is gemaakt met de bespreking van dit VRP. Bespreking van het VRP leidt tot de volgende opmerkingen: pagina 7: Het schema over de tijdsplanning zal worden aangepast. pagina 12, 3 e tekstblok, één na laatste regel: De afkorting DVM staat voor: Defensie vastgoedmanagement pagina 17, par. 7.1: De heer Kropf merkt op dat aan hoofdstuk 7 passages zijn toegevoegd waarover geen overleg is gevoerd. Als voorbeeld noemt spreker de passage in het vierde tekstblok onder par. 7.1, over de afspraken met individuele medewerkers. Spreker merkt terzijde op dat er destijds in het IO REO CDC slechts marginaal over dit VRP is gesproken. De heer Schipper legt uit dat het de wens van zijn achterban was de afspraken duidelijk op te schrijven. De voorzitter merkt op dat het vaker gebeurt dat toezeggingen die op individuele basis zijn gedaan in het VRP worden opgeschreven. Het is voor het defensiepersoneel een extra waarborg. Volgens de heer Kropf was afgesproken om te werken met basiscoderingen, maar nu staan er in het tweede tekstblok boven par. 7.2 toch allerlei vreemde tekens zoals # en #*. De heer Ten Anscher zet uiteen dat defensie van mening was dat de transitiecodes genuanceerd moesten worden en dat zij daarom een alternatieve transitiecode hebben gebruikt (dit is overigens ook al eens eerder gebeurd). Op verzoek van de centrales in het IO REO zijn toch de gebruikelijke transitiecodes vermeld, maar er zijn wat bijzonderheden die ook in de kolom bijzonderheden staan vermeld. Er is dus geen alternatieve transitiecode gebruikt, maar de coderingen zijn wel in stand gehouden bij de kolom opmerkingen. De heer Kropf constateert vervolgens dat geen onderscheid is gemaakt tussen de codes 2. Aangezien spreker dit voor de BCO nodig heeft, wordt afgesproken dit onderscheid in het DRP aan te brengen. De heer Kropf vindt het vreemd dat er in de lijst veel meer codes 1 en 4 staan, terwijl in de laatste alinea van par. 7.1 staat dat er twee nieuwe functies zijn geïdentificeerd en vijf zijn vervallen. Spreker verzoekt om een toelichting. De heer Ten Anscher licht toe dat de codes 4 nooit beschouwd zijn als vervallen functies, omdat ze één op één overgaan naar het RVB. Ter voorkoming van verwarring wordt de zin geschrapt. De heer Stassen wijst er op dat de zin ook elders voorkomt in de tekst en daar dus ook geschrapt moet worden. pagina 18, par. 7.5 ad medewerkers binnen vijf jaar voor UKW, pensioen of een andere leeftijdsontslagregeling. De heer Kropf vraagt waarom aparte regelnummers moeten worden gemaakt als medewerkers op eigen verzoek in een detacheringsconstructie bij het RVB blijven, in plaats van in dienst te treden bij de RVB. Volgens spreker zou er moeten staan dat mensen gedetacheerd kunnen worden indien er geen verdringing plaatsvindt. De heer Ten Anscher geeft aan dat in deze paragraaf bedoeld is te zeggen dat deze groep mensen een administratieve commandant moeten hebben. Afgesproken wordt om de passage te schrappen en te vervangen door de volgende zin: Het hoofd divisiestaf vervult de rol van administratieve commandant voor degenen die gedetacheerd zijn. 10/19

11 pagina 18, par Kernfuncties. De heer Kropf spreekt zijn verbazing uit over het feit dat in dit hoofdstuk kernfuncties worden opgenomen. pagina 18, par Functievergelijkingstabel, r. 4. Volgens de heer Kropf betreft de verzamelplaats voor 60+ medewerkers mensen die op een reguliere arbeidsplaats komen. Er mag geen verdringing plaatsvinden. De heer Van de Hoef zet uiteen dat het om mensen gaat die werken bij RVB maar ten laste komen van Defensie. In de O van defensie moet dit tot uitdrukking komen. De voorzitter zegt toe de tekst te zullen aanpassen. Het is een kwestie van uitvoering. In de hierop volgende discussie stelt de heer Ten Anscher dat het een technische oplossing is voor een niet tellende functie, zodat defensie via PeopleSoft in staat blijft om die dingen te doen die moeten worden gedaan. De verrekening tussen defensie en het RVB staat er los van. Volgens de heer Kropf staat er nu dat een primaire arbeidsplaats voor een militair bij het RVB gelijk is aan een 60 plusser die gedetacheerd is. Er staat vrij expliciet dat de functies zijn opgenomen zonder transitiecode. Dat is vreemd want spreker is ervan overtuigd dat de militairen een transitiecode krijgen. De heer Van de Hoef legt uit dat betrokkene functioneel op een stoel komt van de RVB, maar in dienst blijft van defensie. Daarom moet defensie hem ergens plaatsen en krijgt betrokkene primair een arbeidsplaats bij defensie met een administratieve code. Formeel heeft de functie van de militair die nu bij de RVB zit en daar nog een tijdje blijft een code 4, want zijn functie bij defensie vervalt, maar er moet een nieuwe functie worden aangemaakt met een aparte code OPF 3a. Het is niet zo dat zijn functie een vastgoedfunctie is bij defensie. De heer Schipper merkt op dat de heer Van de Hoef spreekt over niet reguliere, niet militaire functies. Er zijn natuurlijk ook een aantal reguliere militaire functies. Volgens spreker moeten de militaire functies die aan het RVB worden geleverd feitelijk een code 1 krijgen. Er moet een onderscheid worden gemaakt tussen militaire functies die behoren tot de vaste militaire functies die altijd worden geleverd en een aantal militaire functies dat op grond van de overgang nog even wordt gedetacheerd. Daarna komt men gewoon op het aantal terug dat defensie altijd moet leveren, namelijk 28.. De heer Ten Anscher maakt hieruit op dat de centrales voorstellen om deze functies te labellen met een code 1 en OPF 1 t/m 38a. De heer Kropf bevestigt dit. De voorzitter zegt toe de tekst in die zin te zullen aanpassen. pagina 19, paragraaf 8.1, Tijdsplanning. Defensie zegt toe het schema te zullen aanpassen. Desgevraagd door de heer Kropf antwoordt de heer Ten Anscher dat de evaluatie feitelijk start bij omklapdatum. Er zijn elementen die langer worden beschouwd en elementen waarover sneller een oordeel moet worden geveld. Pagina 22, hoofdstuk 9, Voorstel tot evaluatie. De heer Kropf vraagt hoe de consistentie van de evaluatie wordt gemonitord. Spreker heeft het idee dat het synchroniseren nog wel eens lastig kan worden. Komt er na een jaar een afsluitend evaluatierapport? De voorzitter denkt dat dit erg nuttig kan zijn. Zo vindt de heer Kropf de evaluatieperiode van de servicedienst erg kort.. De heer Ten Anscher licht toe dat het HDE en de MC hierover nadere afspraken moeten maken. De heer Tack merkt op dat de evaluatie direct begint nadat de eenheid is omgeklapt. De evaluatie duurt globaal een jaar en daarna wordt het evaluatierapport opgemaakt. Het staat ook zo ook in het URD. Het is dus niet zo dat men na een jaar pas begint met de evaluatie. De heer Schipper merkt op dat de servicedienst in dit plan een aparte materie is. Achteraf is er de discussie geweest over in- en out scope. Gedurende het jaar zou worden bezien of de 21 vte alsnog naar het RVB moesten gaan. Hiervoor is dus een andere evaluatie nodig dan de evaluatie in het kader van het URD. In de evaluatie zou dat onderscheid wel moeten worden aangebracht. De heer Ten Anscher geeft aan dat het 11/19

12 daarom ook apart is benoemd. De heer Kropf vindt dat een evaluatie over de totale reorganisatie moet gaan. De HDE en de medezeggenschap trekken daaruit conclusies. Als wordt geconcludeerd dat een nieuwe reorganisatie nodig is, dan komt dit terug in de werkgroep REO. Spreker is van mening dat het URD met voeten getreden als halverwege wordt geconcludeerd dat er servicemedewerkers naar de RVD moeten en na afloop van de evaluatieperiode wordt geconcludeerd dat opnieuw een reorganisatie nodig is, De voorzitter meent dat het URD gevolgd moet worden. Na een jaar komt er een evaluatierapport. Indien de leiding het later dit jaar nodig vindt om alsnog de servicedienst over te laten gaan, dan zal daarover eerst in de werkgroep AP worden gesproken worden. De personeelsparagraaf is hierbij een belangrijke referentie. De centrales zullen daarover dan eerst een brief ontvangen, waarin de reden wordt aangegeven waarom dit, vooruitlopend op het evaluatierapport, nodig is. Wat betreft de servicedienst, is het voor de heer Schipper leidend dat het URD wordt gevolgd. Het URD is voor spreker de garantie dat op enig moment over de algemene personele aspecten wordt gesproken en dat de medezeggenschap erbij betrokken wordt. Wel moeten goede afspraken worden gemaakt over het feit dat de centrales tijdig worden geïnformeerd. Hierover zijn de vorige keer wat nadrukkelijker afspraken gemaakt, terwijl het nu wat globaler in het VRP staat. De heer Schilperoort stelt vast dat er een deelevaluatie komt van de servicedienst en een grote evaluatie van het geheel. De heer Ten Anscher stelt dat men er niet zondermeer van uit mag gaan dat de servicedienst overgaat naar de RVB. De heer Kropf vindt dat het URD met voeten wordt getreden, aangezien men twee evaluaties voor één reorganisatie uitvoert. De heer Schipper merkt m.b.t. de servicedienst op dat de centrales destijds op het verkeerde been zijn gezet. Er is een verandering opgetreden t.a.v. het oorspronkelijk plan. De voorzitter denkt dat voldoende helder is hoe de route gaat. Op het moment dat er wijzigingen zijn, zullen de centrales onmiddellijk worden geïnformeerd. Bijlage A, Functievergelijkingstabel De heer Kropf memoreert dat al was toegezegd de codes 2 de onderscheiden. Verder verzoekt hij om hierbij ook de functies te koppelen. Als voorbeeld noemt spreker dat de divisieadjudant code 1 niet links én rechts staat en dat maakt de vergelijking lastig. De heer Otto legt uit dat de tabel gelezen dient te worden vanuit de IST, dus vanaf de rechter kant. Op r. 96 staat dan divisieadjudant, code 1, en deze staat ook bij regel 5 aan de IST kant. De heer Kropf verzoekt om bij regel 5 een verwijzing op te nemen naar regel 96. De heer Schipper merkt op dat de hekjes achter transitiefuncties met nummer 1000 t/m 1041 er ten onrechte staan. De heer Otto geeft aan dat de taken worden overgeheveld naar de RVB. De mensen die nu die taken vervullen zijn gedetacheerd bij het RVB, maar deze mensen worden niet in dienst genomen van het RVB omdat hun functie op 31 december 2015 vervalt. De heer Schipper verzoekt dit dan toe te voegen aan de tabel. De heer Schipper heeft over het geheel nog de volgende opmerkingen. Hij verzoekt om het personeel te Münster middels maatwerk de mogelijkheid te bieden ook naar het RVB over te stappen. De heer Kropf meent zich te herinneren dat er voor de medewerkers in het buitenland, dus niet alleen voor personeel in Münster, een separate arbeidsvoorwaarden- en rechtspositievergelijking zou worden gemaakt, eventueel met een hardheidsclausule. Dit is niet in hoofdstuk 7 opgenomen. 12/19

13 De heer Schipper merkt aanvullend op dat ook voor het personeel van CARIB goede afspraken moeten worden gemaakt. De voorzitter zegt toe om in hoofdstuk 7 op te nemen dat op basis van de reeds gemaakte afspraken voor dit personeel in het BCO traject maatwerkafspraken kunnen worden gemaakt. De heer Kropf memoreert dat ook in hoofdstuk 7 iets zou worden opgenomen over de vrijwillige overgang van bijvoorbeeld P&O medewerkers/ dedicated werkers. De heer Ten Anscher meent zich te herinneren dat destijds ook gemeld is dat dit niet mogelijk is omdat deze mensen niet van de divisie zijn. De voorzitter zegt dat het signaal helder is en dat het zal worden meegenomen. De heer Schipper merkt op dat ook voor langdurig zieken, indien nodig, in de BCO maatwerk zal kunnen verricht. Desgevraagd door de heer Schipper antwoordt de heer Ten Anscher dat er binnen de servicedienst een aantal dubbel geplaatsten zijn. Gaande weg moet dit worden opgelost. Het is niet zo dat mensen twee functies hebben, maar soms zitten wel twee mensen op één functie als gevolg van de vorige reorganisatie. Ook dit zal in de BCO goed worden opgelost. Met betrekking tot het BCO traject merkt de voorzitter in algemene zin op dat dit traject zich binnen de Rijksoverheid afspeelt. Er zijn goede afspraken gemaakt over de personeelsparagraaf. Spreker meldt dat de DG de organisatie op korte termijn van de grond wil krijgen. BZK wil het eigen personeel en het personeel dat van defensie komt snel informeren over het verdere traject, ook op het punt van arbeidsvoorwaarden. Verder is er ook de wens om de vrijwillige overgang te stimuleren. Anderzijds zijn er in het SOD afspraken gemaakt. Op het niveau van het IO REO CDC of via een snelle start van de BCO kunnen alle partijen bij elkaar gaan zitten om het verdere traject goed met elkaar door te nemen en zodoende het personeel duidelijkheid bieden. Spreker doet een dringende oproep op partijen om snel met elkaar aan tafel te gaan en het BCO traject te bespreken. Ook over de communicatie moet goed worden overlegd. BZK wil vanuit een eigen traditie en cultuur het personeel informeren over wat hen te wachten staat en voorkomen moet worden dat er bij die bijeenkomsten allerlei signalen worden afgegeven die in strijd zijn met de afspraken die aan deze tafel zijn gemaakt. De heer Schipper vindt het geen probleem om snel de BCO te starten. Hij vindt het niet nodig om daarvoor eerst een IO REO CDC te beleggen. De voorzitter zegt toe dat defensie een agendavoorstel zal doen voor de start van het BCO traject (pm) Met betrekking tot de wens van de DG om vrijwillige overgang te stimuleren merkt de heer Schipper op dat de DG zich bewust moet zijn van de afspraken die in het georganiseerd overleg zijn gemaakt. Als de DG afspraken maakt die niet in lijn zijn met de afspraken in het SOD, heeft spreker daarmee problemen en zou daarover gesproken moeten worden. De voorzitter begrijpt het signaal. Aan deze tafel zijn afspraken gemaakt en daaraan moeten partijen zich houden. Als BZK wil komen tot vervroegde vrijwillige overgang of andere maatwerk implementaties moet het daarover in gesprek gaan, zodat mensen weten waar ze aan toe zijn. Spreker zal hierop de nadruk leggen bij het CDC en BZK. De voorzitter vraagt of de centrales kunnen instemmen met het VRP met inachtneming de zojuist gemaakte opmerkingen. Hierop verzoekt de heer Kropf om een schorsing voor onderling beraad. SCHORSING 13/19

14 De heer Kropf deelt namens alle centrales mee dat zij instemmen met het VRP onder de voorwaarde dat alle gedane toezeggingen en opmerkingen in het VRP worden verwerkt en zullen worden meegenomen. Aangezien er vrijwel geen tijd meer is voor bespreking van de verdere agenda stelt de voorzitter voor om op 20 januari a.s. een extra vergadering te beleggen waar dan de volgende onderwerpen zullen worden besproken: sourcing DBBS, VRP TMO en wellicht ook het VRP DCC. Met betrekking tot het verdere verloop van de vergadering uit spreker de wens om vandaag agendapunt 4 af te handelen. Te beginnen met de brief van de CCOOP over de kernfuncties en de voortgang van het BCO-traject van het CEAG. Agendaput 4. Presentatie planning DGO-reorganisaties en vacatures kernfuncties binnen het EGB (REO/ ). Vacatures kernfuncties binnen het EGB (REO/ ). Wat betreft de kernfuncties meldt de heer De Graaf dat aanbeveling 9 uit het rapport Leijh heeft geresulteerd in een nieuwe lijst met kernfunctionarissen die vooral ziet op de capaciteit die nodig is voor de kwaliteit. Enerzijds is dit de lijst kernfuncties van het Centrum Expertise Eerstelijnszorg (CEEZ). Deze gaat heel specifiek over de kaders en richtlijnen. Daarnaast zijn er ook voorwaardelijke functies die noodzakelijk zijn voor het inrichting van de kwaliteit. Spreker meldt dat de TRMC heeft ingestemd met de lijst. Uiteraard is het zo dat er geen onomkeerbare besluiten worden genomen, want de kernfuncties worden namelijk pas geeffectueerd als hierover in de BCO afspraken zijn gemaakt. Spreker vraagt of de vacaturestelling en het selectieproces kan worden voortgezet. De heer Kropf zegt geconstateerd te hebben dat er vacatures in Peoplesoft waren gepubliceerd, hetgeen niet was afgesproken. Er wordt nu dus een suggestie gewekt dat er wellicht nieuwe functies beschikbaar komen voor sollicitatieprocessen. Voorts is spreker van mening dat nadat er overeenstemming is met de TRMC, ook met de centrales over het openstellen van kernfuncties moet worden gesproken. Dat is echter niet gebeurd. Overigens laat spreker weten dat hij zou kunnen instemmen met het plan, indien over de synchronisatie van de diverse reorganisaties binnen het veld afspraken kunnen worden gemaakt. De heer Schipper merkt op dat er nu 10 functies voorliggen waarvan er twee gevuld zijn. Spreker merkt op dat de functies nog niet in Peoplesoft mogen staan, want er zijn nog geen onomkeerbare besluiten over genomen. Pas nadat de BCO is geweest kunnen ze formeel worden geïmplementeerd. Hij stelt vast dat er met de medezeggenschap overeenstemming is over de kernfuncties. De vraag is echter of bepaalde functies op de lijst wel als kernfuncties moeten worden aangewezen. Er zijn aanbevelingen gedaan, maar los daarvan staan er meer kernfuncties op dan de aanbeveling. Zo staat er een managementassistent bij, maar de vraag is of dit een kernfunctie is. De bedoeling van kernfuncties is dat ze in worden gevuld voordat het reorganisatieplan is geïmplementeerd. Overigens is er geen misverstand over dat de kernfuncties CEEZ, aldus spreker. Hij merkt vervolgens op dat de functieduur voor de militair pas ingaat op het moment dat de definitieve aanstelling in de BCO 3 aan de orde is, gemakshalve is dat het omklapmoment. Dat is ook de afspraak en daarover mag geen misverstand bestaan. In reactie op de gemaakte opmerkingen laat de heer De Graaf weten dat de publicatie van de kernfuncties in PeopleSoft een omissie is. Spreker stelt dat kwaliteit niet alleen gerelateerd is aan het CEEZ en de kaders van de werkzaamheden van het medisch personeel, maar ook aan de voorwaardelijkheden die daarvoor nodig zijn, zoals ICT en materiaalbeheer. De CEEZ functielijst is geen discussie meer. De rest is aanvullend en kunnen als 14/19

15 eigenlijke kernfuncties worden bestempeld. Hierover is nu overeenstemming met de TRMC. Spreker is het overigens wel eens met de heer Schipper dat de managementassistent daar niet bij hoort. Na een korte discussie wordt afgesproken dat de heer De Graaf hierover met de TRMC zal overleggen. Vervolgens deelt de heer De Graaf mee dat in een eerder stadium al functies zijn vervuld. Betrokkenen weten dat het niet onomkeerbaar is. Het zijn geen formeel toegewezen functies. De heer Kropf kan zich indenken dat er militairen tussen zitten en dat de mogelijkheid bestaat dat hun primaire functies hierdoor uit de tijd gaan lopen. Spreker gaat er vanuit dat deze mensen er geen nadeel van mogen ondervinden. De voorzitter beaamt dit. De heer Kropf zegt aanbeveling 9 van het rapport Leijh zodanig te begrijpen dat er een reorganisatie wordt gebouwd die de aanbeveling functioneel gaat realiseren, zodat de processen kunnen worden bewaakt en de afspraken kunnen worden nageleefd. Dat is wat anders dan een voorstel voor het vullen van kernfuncties. Het vullen van kernfuncties is dus op zich geen aanbeveling, maar het kan wel als kapstok dienen voor de aanbeveling. De heer De Graaf erkent dit. Er is gezocht naar een manier om invulling te geven aan de aanbeveling. Vandaar dat over het CEEZ plus wordt gesproken. Desgevraagd door de voorzitter zeggen de centrales te kunnen instemmen met het instellen van de kernfuncties, met inachtneming van de gemaakte opmerkingen. De heer Kropf zou nog wel graag de toezegging willen hebben dat een ieder gelijke kansen heeft en dat niet alleen gekeken moet worden in de selecte groep die nu werkzaam is binnen de DGW. Mensen die ook bij DGW willen werken moeten niet door een huidige lijnmanager worden tegengehouden. De heer De Graaf kan dat niet toezeggen, maar hij geeft aan dat hij dit zelf wel prettig zou vinden. De voorzitter meent dat het signaal ter harte moet worden genomen als het gaat om de uitvoering. Toelichting CEAG De heer De Graaf deelt mee dat het CEAG het in eerste instantie de bedoeling was om de afdeling Bedrijfsgezondheidszorg onder te brengen bij de eerstelijns gezondheidszorg. Nadat de aanbevelingen uit het rapport Leijh waren verschenen werd echter duidelijk dat de uitwerking van de geïntegreerde zorg moest worden ingeperkt. Het EGB zou een minder uitgebreide taak krijgen. Er moest een entiteit komen voor het anders inrichten taken zoals het bepalen van de belastbaarheid, het begeleiden van het ziekteverzuim, de bedrijfsgeneeskundige taken en bijzonder medische beoordelingen die gaan over rechtspositionele en verzekeringsgeneeskundige kwesties. De nieuwe eenheid heet de afdeling Bedrijfsgezondheidszorg, hetgeen achteraf bezien een ongelukkige benaming is. Daarmee lijkt het gekoppeld te zijn aan de huidige afdeling BGZ van het CEAG. Het is echter niet hetzelfde, want het heeft andere taken. Er is dus eigenlijk geen koppeling tussen de nieuwe afdeling BGZ en het CEAG. Er is echter wel gezocht naar een nieuwe ophangingssystematiek en de nieuwe afdeling is daarom geplaatst bij het CEAG. Er is dus wel een relatie in de zin van de bedrijfsvoering, maar dit leidt bij de vorming van het CEAG niet tot effecten op de eenheid. Spreker stelt voor om CEAG fase 1, zoals het oorspronkelijk was bedoeld, door te zetten in het BCO traject. De heer Schipper geeft aan dat implementatie van het plan destijds is uitgesteld en dat daarna door de centrales vraagtekens zijn geplaatst. De bedrijfsgeneeskunde heeft op enigerlei wijze impact op het CEAG. Volgens spreker ligt er al een DRP dat niet is geïmplementeerd en door de tijd is achterhaald. Spreker weet dat de medewerkers een BCO willen, maar de centrales zitten er voor het totale personeel. Spreker vraagt zich af wat het voor de voortgang betekent als CEAG wordt geïmplementeerd op basis van het oude DRP. De heer De Graaf antwoordt dat het een oud DRP lijkt, maar dat in een nota aan de werkgroep AP de samenhang is geschetst. In die samenhang wordt niet tot gewijzigde inzichten gekomen over CEAG zoals dat nu beoogd wordt. Met andere woorden de taken zijn onveranderd en het DRP wordt niet gewijzigd. Dit 15/19

16 is ook zo besproken met de toenmalige TRMC. De herziening n.a.v. het rapport Leijh gaat vooral om het traject EGB, afdeling BGZ en de BMW. De heer Schipper zegt met veel mensen binnen EGB gesproken te hebben en heeft moeite met de manier waarop men het bedrijfsgeneeskundige aspect wil oppakken. Spreker wil daarover te zijner tijd in gesprek. Stel men zou CEAG binnenkort implementeren, maar er treden n.a.v. het overleg wijzigingen op in het bedrijfsgeneeskundige aspect, heeft dit dan invloed op CEAG? De heer De Graaf meent dat het veld enorm in beweging is en dat er interpretatieverschillen kunnen zijn over de afspraken die in de werkgroep AP zijn gemaakt. In bestuurlijk opzicht wordt het veld continu zorgvuldig geïnformeerd. Hij zal met een voorstel komen voor de verhouding van de bedrijfsgezondheidszorg in relatie tot de overgang van de burgerzorg naar EGB, de verantwoordelijkheid van het certificaat voor de Arbodiensten en de bedrijfsgezondheidszorg bij het CEAG. Het gaat dan echter niet om de afdeling bedrijfsgezondheidszorg van het CEAG. Als het puur over de bedrijfsgezondheidszorg wordt gesproken, raakt dit niet aan de CEAG fase 1. De heer Schipper maakt hieruit op dat de SOLL CEAG als het ware de IST wordt voor een eventueel nieuwe afdeling.. De Graaf beaamt dit. Hij denkt dat er een harde scheiding is tussen het CEAG en de afdelingen die er onder hangen van de bedrijfsgezondheidszorg. En dat er een doorlaatbaar membraam hangt tussen EGB, afdeling Bedrijfsgezondheidszorg en de BMW. Daarover moet nog discussie worden gevoerd en dit zal later weer in de werkgroep REO terugkomen. De heer Kropf meent dat er dan een nieuwe entiteit komt te hangen onder de commandant CEAG. De taken wijzigen dus weldegelijk en daarmee ook het totale palet aan taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden. Er is dus een reorganisatie in een reorganisatie. De heer De Graaf vindt van niet. Het is een zelfstandige eenheid die ergens onder te hangt. De eenheid had ook rechtstreeks onder zijn organisatie kunnen vallen. De eenheid is zelfstandig en de commandant krijgt er een verantwoordelijkheid bij. De commandant is in bestuurlijke zin wel verantwoordelijk, maar medisch inhoudelijk heeft de commandant CEAG geen verstand van bedrijfsgezondheidszorg. De heer Stassen vindt het vreemd dat er nu een BCO zou worden gehouden, maar dat men misschien anderhalve maand later toch weer anders moet gaan werken om de bedrijfsgezondheidszorg anders wordt ingedeeld. De heer De Graaf zou dat in die zin raar vinden als daarbij dan ook het CEAG zou moeten worden aangepast. Dat is niet het idee. Als er iets gaat wijzigen is dat in sprekers beleving tussen het EGB en de afdeling BGZ. De voorzitter geeft aan dat de communicatie op dit vlak wel zorgvuldig moet zijn, want het roept toch vragen op bij het personeel. Volgens de heer Kropf is het niet ondenkbaar dat mensen een code hebben gekregen op basis van CEAG plan 1, die later in een vergelijkbare mate terug komt, waardoor de functie vervalt. Spreker zou dit graag aan de hand van een plan willen beoordelen. De heer De Graaf ziet het probleem niet. De veranderingen zouden niet op de inhoud plaatsvinden, wel op het proces. De voorzitter meent dat nu toch een besluit moet worden genomen. Er is een reorganisatietraject dat is goedgekeurd. De vraag is of hiermee kan worden doorgegaan. Duidelijk is dat indien men er mee doorgaat een communicatietraject richting het personeel moet worden opgezet, waarin de posities en de mogelijkheden voor de toekomst helder en duidelijk worden weggezet. Op verzoek van de heer Kropf schorst de voorzitter de vergadering voor ca. 10 minuten. 16/19

17 SCHORSING Na heropening stelt de heer Kropf dat de centrales zowel goede kanten als valkuilen in het voorstel zien. Zij kunnen instemmen onder de volgende voorwaarden: 1. Mensen moeten in de gelegenheid worden gesteld om te solliciteren op deze functies en mogen niet worden weerhouden door het argument dat ze niet beschikbaar zijn. 2. Mensen die tijdens deze reorganisatie van hun functie afvallen, houden de beschermde status tot het moment dat de laatste reorganisatie met raakvlakken binnen het geneeskundige veld is voltooid. 3. Als op enig moment wordt geconstateerd dat mensen in de oude situatie een functie hadden die vergelijkbaar is met de toekomstige bedrijfskundige entiteit, moeten het in BCO traject afspraken over reparatie kunnen worden gemaakt. De heer De Graaf zegt te kunnen leven met deze voorwaarden. De voorzitter stelt vast dat de voorwaarden worden gehonoreerd. Hij zal ervoor zorgen dat het intern defensie wordt gecommuniceerd. Hij stelt vast dat het traject kan worden voortgezet en dat er afspraken kunnen worden gemaakt voor de BCO. Gelet op de tijd kan niet meer gesproken worden over de synchronisatieproblematiek en spreker stelt voor om het voor de e.v.io REO CDC te agenderen. Mochten er daarna nog problemen ontstaan dan kunnen deze weer in de werkgroep REO worden besproken. De heer Kropf merkt met betrekking tot de vergaderfrequentie van het IO REO CDC op dat in de werkgroep AP is afgesproken dat het vergaderschema in de werkgroep AP wordt vastgesteld en niet in de IO REO s. Spreker maakt deze opmerking omdat één van de agendapunten op de conceptagenda voor het IO REO CDC de vergaderfrequentie IO REO CDC is. De voorzitter deelt mee dat het vergaderschema in de werkgroep AP aan de orde zal worden gesteld; hij zal dit kortsluiten met het CDC. Niets meer aan de orde zijnde sluit hij de vergadering om uur. 17/19

18 Actiepuntenlijst bij het verslag van het overleg d.d. 11 december 2014 en 6 januari 2015 Nr.: Onderwerp: Korte omschrijving acties: Vindplaats Actienemer: 1. VRP RIO CZMCARIB - Evaluatie werkorganisatie agenderen voor dec. - VRP agenderen - communicatie personeelsleden verbeteren (gevolgen niet doorgaan werkorganisatie); - Signaal afgeven dat evaluatie door 4 partijen moet worden ondertekend. blz. 3, ap VRP DTD VRP EGB VRP TGB - aandacht voor de interim-periode van het personeel in het medische functiegebied gedurende de reorganisatietrajecten - presentatie svz reorganisatieplannen agenderen voor december blz. 3, ap F 100 Motorenonderhoud bespreken in vergadering REO in aanwezigheid van DMO en CLSK: - beleidsvoornemen reorganisatie F 100 Motorenonderhoud (indien gereed) - evaluatierapport PPS F 100 (REO/ ) blz. 3, ap Sourcingtraject DVOW - zorgpunten centrales aangaande personele aspecten opnemen in een brief en die aan de orde stellen in de werkgroep AP - concept beleidsvoornemen aan werkgroep REO voorleggen blz. 3, ap. 2 CLAS/ 5. DBBO - verantwoordelijkheid voor bewakingstaken met C DBBO bespreken. - structurele oplossing voor een adequaat beveiligingsniveau in de West bewerkstelligen en centrales hierover per en vervolgens per brief informeren blz. 3, ap. 2 blz. 9, ap.3 6. Rijksbreed 3Wtraject Brief (REO/ ) met reden voor stopzetting agenderen, voor de vergadering van januari blz. 3, ap MIVD onderzoek naar de duur van veiligheidsonderzoeken blz. 3, ap. 2 8 Toepassing regelgeving Z.s.m. In een wg. AFR bespreken , blz. 4, ap , blz. 2, ap.2 9 DASH - werk en rusttijden handhaven - geen nadelige gevolgen van keuring door lokale arts - Agenderen voor bespreking in de AFR - Bespreken registratieprocedure 10. DCC Geven van uitsluitsel over de positie van de commandant en plaatsvervanger in het VRP DCC , blz.2, ap , blz. 5 blz. 2, ap Mainframe Laten agenderen voor bespreking in de AP. Blz. 2, ap VRP Herinrichting Vastgoed Beveiliging Agendavoorstel start BCO Blz. 13, ap.3 18/19

19 19/19

Georganiseerd overleg Defensie

Georganiseerd overleg Defensie Georganiseerd overleg Defensie Werkgroep Reorganisaties G.A. van Herpen-Bartlema inlichtingen t.vanherpen@caop.nl 070-3765779 Presentatie DBBS bijlage(n) REO/15.00054 briefnummer G.1.33 zaaknummer 26 januari

Nadere informatie

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Werkgroep Reorganisaties Overleg d.d. 10 juli 2014

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Werkgroep Reorganisaties Overleg d.d. 10 juli 2014 M. van Tyghem inlichtingen m.vantyghem@caop.nl Montérie 070-3765764 - bijlage(n) REO/14.00434 briefnummer G.1.33 zaaknummer 18 juli 2014 verzenddatum Verslag van de vergadering van de werkgroep Reorganisaties

Nadere informatie

Georganiseerd overleg Defensie

Georganiseerd overleg Defensie Georganiseerd overleg Defensie Werkgroep Algemene en Financiele Rechtstoestand (AFR) G.A. van Herpen-Bartlema inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail 0 bijlage(n) AFR/14.00762 briefnummer

Nadere informatie

Georganiseerd overleg Defensie

Georganiseerd overleg Defensie Georganiseerd overleg Defensie Werkgroep Algemene en Financiele Rechtstoestand (AFR) G.A. van Herpen-Bartlema inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail 0 bijlage(n) AFR/15.00044 briefnummer

Nadere informatie

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Technische Werkgroep Arbo & Veiligheid (TWAV) d.d. 14 mei 2012

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Technische Werkgroep Arbo & Veiligheid (TWAV) d.d. 14 mei 2012 Technische Werkgroep Arbo & Veiligheid (TWAV) d.d. 14 mei 2012 J. Tholenaar inlichtingen j.tholenaar@caop.nl 070-3765705 bijlagen TWAV/12.00337 nummer ZD.931.2 zaaknummer mei 2012 Verzenddatum email Verslag

Nadere informatie

Georganiseerd overleg Sector Defensie. G.A. van Herpen-Bartlema inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail

Georganiseerd overleg Sector Defensie. G.A. van Herpen-Bartlema inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail Georganiseerd overleg Sector Defensie G.A. van Herpen-Bartlema inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail 0 bijlage(n) SOD/12.00413 briefnummer G.1.01 zaaknummer 13 juni 2012 datum

Nadere informatie

Verslaglegging: P.O. Loppies.

Verslaglegging: P.O. Loppies. Peter Schotman inlichtingen p.schotman@caop.nl 070-3765764 0 bijlage(n) REO/12.00936 briefnummer G.1.33 zaaknummer 30 november 2012 verzenddatum Verslag van de extra vergadering van de werkgroep Reorganisaties

Nadere informatie

Agenda (REO/13.00449)

Agenda (REO/13.00449) M. van Tyghem inlichtingen m.vantyghem@caop.nl 070-3765764 - bijlage(n) REO/13.00488 briefnummer G.1.33 zaaknummer 17 september 2013 verzenddatum Verslag van de vergadering van de werkgroep Reorganisaties

Nadere informatie

Verslag van de vergadering van het SOD van 2 juni 2015 bij het CAOP, Baljuwzaal, Lange Voorhout 13 te Den Haag

Verslag van de vergadering van het SOD van 2 juni 2015 bij het CAOP, Baljuwzaal, Lange Voorhout 13 te Den Haag Georganiseerd overleg Defensie Werkgroep Arbeidsvoorwaarden.. Drs C. (carina) L.D. van Agten Inlichtingen 0627595670 telefoon c.vanagten@caop.nl e-mail bijlage SOD/15.00401 briefnummer G.1.01 zaaknummer

Nadere informatie

Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid

Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid G.A. van Herpen-Bartlema Inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail 1 bijlage AP/15.00095 briefnummer G.1.03

Nadere informatie

bijlage Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid

bijlage Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid G.A. van Herpen-Bartlema Inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail bijlage AP/14.00628 briefnummer G.1.03

Nadere informatie

Oprichting Defensie Gezondheidszorg Organisatie

Oprichting Defensie Gezondheidszorg Organisatie Oprichting Defensie Gezondheidszorg Organisatie Voortgang reorganisatie Januari 2013, nr.6 Met de oprichting van de Defensie Gezondheidszorg Organisatie (DGO) ontstaan een staf DGO en drie reguliere zorgelementen,

Nadere informatie

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Technische Werkgroep Arbo & Veiligheid (TWAV) d.d. 17 september 2012

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Technische Werkgroep Arbo & Veiligheid (TWAV) d.d. 17 september 2012 Technische Werkgroep Arbo & Veiligheid (TWAV) J. Tholenaar inlichtingen j.tholenaar@caop.nl 070-3765705 bijlagen TWAV/12.00740 nummer ZD.931.2 zaaknummer 9 oktober 2012 Verzenddatum email Verslag van het

Nadere informatie

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Werkgroep Reorganisaties Overleg d.d. 15 mei 2014

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Werkgroep Reorganisaties Overleg d.d. 15 mei 2014 M. van Tyghem inlichtingen m.vantyghem@caop.nl Montérie 070-3765764 - bijlage(n) REO/14.00333 briefnummer G.1.33 zaaknummer 6 juni 2014 verzenddatum Verslag van de vergadering van de werkgroep Reorganisaties

Nadere informatie

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Werkgroep Reorganisaties Overleg d.d. 12 juni 2014

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Werkgroep Reorganisaties Overleg d.d. 12 juni 2014 M. van Tyghem inlichtingen m.vantyghem@caop.nl Montérie 070-3765764 2 bijlage(n) REO/14.00415 briefnummer G.1.33 zaaknummer 8 juli 2014 verzenddatum Verslag van de vergadering van de werkgroep Reorganisaties

Nadere informatie

Van de zijde van Defensie: R. Kreeftmeijer (vz.), E.H. Dekker, R. Dirkzwager, F.R. van de Hoef, E.H. Huisman, C. de Rijke, I.M.M.

Van de zijde van Defensie: R. Kreeftmeijer (vz.), E.H. Dekker, R. Dirkzwager, F.R. van de Hoef, E.H. Huisman, C. de Rijke, I.M.M. Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid G.A. van Herpen-Bartlema Inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail 0 bijlage AP/15.00 540 briefnummer G.1.03

Nadere informatie

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Werkgroep Postactieven

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Werkgroep Postactieven Georganiseerd Overleg Sector Leden van de werkgroep Postactieven van het Sectoroverleg Verslag van de vergadering van de werkgroep Postactieven op dinsdag 5 juni 2012 in de Sophiezaal van het CAOP, Lange

Nadere informatie

Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid

Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid G.A. van Herpen-Bartlema Inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail bijlage AP/15.00126 briefnummer G.1.03

Nadere informatie

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Technische Werkgroep Arbo & Veiligheid (TWAV) d.d. 13 februari 2012

Georganiseerd Overleg Sector Defensie Technische Werkgroep Arbo & Veiligheid (TWAV) d.d. 13 februari 2012 Technische Werkgroep Arbo & Veiligheid (TWAV) J. Tholenaar inlichtingen j.tholenaar@caop.nl 070-3765705 bijlagen TWAV/12.00069 nummer ZD.931.2 zaaknummer februari 2012 Verzenddatum email Verslag van het

Nadere informatie

Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid

Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid G.A. van Herpen-Bartlema Inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail bijlage AP/15.00010 briefnummer G.1.03

Nadere informatie

de Defensieonderdeel Medezeggenschapscommissie van het Commando Landstrijdkrachten (hierna: de DMC)

de Defensieonderdeel Medezeggenschapscommissie van het Commando Landstrijdkrachten (hierna: de DMC) College voor geschillen medezeggenschap Defensie ADVIES Advies van het College voor geschillen medezeggenschap Defensie aan de Secretaris-Generaal van het Ministerie van Defensie naar aanleiding van een

Nadere informatie

OORDEEL. Het klachtenformulier is gedateerd 13 november 2008 en bij het secretariaat ingeboekt op 17 november 2008 onder nummer 80-2008.

OORDEEL. Het klachtenformulier is gedateerd 13 november 2008 en bij het secretariaat ingeboekt op 17 november 2008 onder nummer 80-2008. Dossiernummer 80-2008 OORDEEL Verzoeker De heer en mevrouw B. te Almelo Datum verzoek Het klachtenformulier is gedateerd 13 november 2008 en bij het secretariaat ingeboekt op 17 november 2008 onder nummer

Nadere informatie

Vergadering van De commissie Onderzoek van de Rekening. 15 april 2009 COR2008-11. Status verslag Concept. de heer Romijn

Vergadering van De commissie Onderzoek van de Rekening. 15 april 2009 COR2008-11. Status verslag Concept. de heer Romijn Verslag Vergadering van De commissie Onderzoek van de Rekening Vergaderdatum Kenmerk 15 april 2009 COR2008-11 Status verslag Concept Verslaglegging door Telefoonnummer W.L. Walkate (Notuleerservice Nederland)

Nadere informatie

Ik heb een klacht. Alescon T.a.v. de Klachtencoördinator Postbus 990 9400 AZ Assen

Ik heb een klacht. Alescon T.a.v. de Klachtencoördinator Postbus 990 9400 AZ Assen Ik heb een klacht U werkt, u volgt een reïntegratietraject of u staat op de wachtlijst bij Alescon. Wij doen ons best om u altijd zo goed mogelijk van dienst te zijn. Toch kan het gebeuren dat u niet tevreden

Nadere informatie

Reglement Raad van Bestuur

Reglement Raad van Bestuur Reglement Raad van Bestuur vergadering van 24 oktober 2005 Pagina 1 van 7 Inhoudsopgave: pagina Hoofdstuk 1 Bestuurstaak 3 Hoofdstuk 2 Verantwoording en Verantwoordelijkheid 3 Hoofdstuk 3 Besluitvorming

Nadere informatie

Synchronisatie Reorganisaties

Synchronisatie Reorganisaties Synchronisatie Reorganisaties Inleiding: De GOV MHB heeft het standpunt ingenomen dat de reorganisaties bij Defensie zo veel als mogelijk gelijktijdig dienen te worden doorgevoerd. Dit om iedereen bij

Nadere informatie

BESLUITENLIJST. Voorronde Open Huis. Datum: 10 september 2015 Onderwerp: Discussienota herziening subsidiebeleid

BESLUITENLIJST. Voorronde Open Huis. Datum: 10 september 2015 Onderwerp: Discussienota herziening subsidiebeleid BESLUITENLIJST Voorronde Open Huis Datum: 10 september 2015 Onderwerp: Discussienota herziening subsidiebeleid Aanwezig: Voorzitter: dhr. J. Buzepol Locogriffier: mw. A. van Wees (locogriffier) Leden:

Nadere informatie

de Medezeggenschapscommissie Transitie Management Organisatie (hierna: MC)

de Medezeggenschapscommissie Transitie Management Organisatie (hierna: MC) 1 ADVIES Dossiernummer: ABB/2015/113982 Advies van de wnd. voorzitter van het College voor Geschillen Medezeggenschap Defensie aan de Directeur van de Diensteenheid Defensie Materieel van het Ministerie

Nadere informatie

nr.14.0008063 Klachtenregeling Veilig Thuis Gooi en Vechtstreek (AMHK Gooi en Vechtstreek)

nr.14.0008063 Klachtenregeling Veilig Thuis Gooi en Vechtstreek (AMHK Gooi en Vechtstreek) nr.14.0008063 Klachtenregeling Veilig Thuis Gooi en Vechtstreek (AMHK Gooi en Vechtstreek) Artikel 1 Wettelijke grondslag Deze klachtenregeling heeft betrekking op de behandeling van klachten in overeenstemming

Nadere informatie

Georganiseerd overleg Sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid

Georganiseerd overleg Sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid Georganiseerd overleg Sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid G.A. van Herpen-Bartlema inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail 0 bijlage(n) AP/12.00535 briefnummer G1.03

Nadere informatie

Agenda (REO/13.00159)

Agenda (REO/13.00159) M. van Tyghem inlichtingen m.vantyghem@caop.nl 070-3765764 - bijlage(n) REO/13.00241 briefnummer G.1.33 zaaknummer 22 mei 2013 verzenddatum Verslag van de extra vergadering van de werkgroep Reorganisaties

Nadere informatie

KLACHTENREGELING VEILIGHEIDSREGIO AMSTERDAM-AMSTELLAND

KLACHTENREGELING VEILIGHEIDSREGIO AMSTERDAM-AMSTELLAND KLACHTENREGELING VEILIGHEIDSREGIO AMSTERDAM-AMSTELLAND Het dagelijks bestuur en de voorzitter van het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland, ieder voor zover zij bevoegd zijn;

Nadere informatie

Ministerie van Defensie

Ministerie van Defensie Ministerie van Defensie > Retouradres Postbus 20703 2500 ES Den Haag De voorzitter en de leden van de Advies- en Arbitragecommissie Hoofddirectie Personeel Directie Personeelsbeleid Afdeling Personeelsbeleid

Nadere informatie

College voor geschillen medezeggenschap defensie

College voor geschillen medezeggenschap defensie ADVIES Dossiernr: Advies van het College voor geschillen medezeggenschap defensie aan de Bevelhebber der Zeestrijdkrachten naar aanleiding van een verzoek om advies inzake een tussen: de Commandant Maritieme

Nadere informatie

Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst

Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst AAN: De Centrales van Overheidspersoneel, toegelaten tot het Sectoroverleg Rijkspersoneel De Voorzitter van het Sectoroverleg Rijkspersoneel Bijlagen 1 AAC/92.064

Nadere informatie

7. Rondvraag en sluiting.

7. Rondvraag en sluiting. Georganiseerd overleg sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid G.A. van Herpen-Bartlema Inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail 1 bijlage AP/15.00309 briefnummer G.1.03

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 31 125 Defensie Industrie Strategie Nr. 17 BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag,

Nadere informatie

Toestemming tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord

Toestemming tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord Datum: 25-6-13 Onderwerp Toestemming tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord Status Besluitvormend Voorstel Het college toestemming te verlenen tot het wijzigen

Nadere informatie

Partijen: De medezeggenschapsraad van de openbare basisschool "De Quint" te Alkmaar, nader aan te duiden als medezeggenschapsraad (MR)

Partijen: De medezeggenschapsraad van de openbare basisschool De Quint te Alkmaar, nader aan te duiden als medezeggenschapsraad (MR) Uitspraaknr. G416 Datum: 17 november 1993 Soort geschil: Interpretatiegeschil Partijen: De medezeggenschapsraad van de openbare basisschool "De Quint" te Alkmaar, nader aan te duiden als medezeggenschapsraad

Nadere informatie

Verslag van de vergadering van de werkgroep Postactieven op 3 november 2015 in de Sophiezaal van het CAOP, Lange Voorhout 13 te Den Haag.

Verslag van de vergadering van de werkgroep Postactieven op 3 november 2015 in de Sophiezaal van het CAOP, Lange Voorhout 13 te Den Haag. SECTOR OVERLEG DEFENSIE WERKGROEP POSTACTIEVEN Leden van de werkgroep Postactieven van het Sectoroverleg Defensie Carina van Agten inlichtingen c.vanagten@caop.nl e-mail 06-27595670 telefoonnummer PA/15.00651

Nadere informatie

Klachtenreglement cliënten

Klachtenreglement cliënten Klachtenreglement cliënten 1 Inleiding In 1995 werd de Wet Klachtrecht Cliënten Zorgsector aangenomen (WKCZ). De wet bevat een aantal regels voor een zorgvuldige behandeling van klachten van cliënten over

Nadere informatie

De Minister voor Wonen en Rijksdienst, Handelend in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad;

De Minister voor Wonen en Rijksdienst, Handelend in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad; Regeling van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van 2015, nr. , tot instelling van het tijdelijk Bureau ICT-toetsing (Instellingsbesluit tijdelijk Bureau ICT-toetsing) Handelend

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag > Retouradres Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Directie Constitutionele Zaken en Wetgeving Afdeling Wetgeving Staatsinrichting en Bestuur Turfmarkt

Nadere informatie

Referentie: 2014042238. Regeling ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling bij commissies van Zorginstituut Nederland

Referentie: 2014042238. Regeling ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling bij commissies van Zorginstituut Nederland Referentie: 2014042238 Regeling ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling bij commissies van Zorginstituut Nederland De Raad van Bestuur van Zorginstituut Nederland, gelet

Nadere informatie

Protocol. de Inspectie voor de Gezondheidszorg. de Nederlandse Zorgautoriteit

Protocol. de Inspectie voor de Gezondheidszorg. de Nederlandse Zorgautoriteit Protocol tussen de Inspectie voor de Gezondheidszorg en de Nederlandse Zorgautoriteit inzake samenwerking en coördinatie op het gebied van beleid, regelgeving, toezicht & informatieverstrekking en andere

Nadere informatie

Verslag van de vergadering van de werkgroep Postactieven op 16-12-2014 in de Sophiezaal van het CAOP, Lange Voorhout 13 te Den Haag.

Verslag van de vergadering van de werkgroep Postactieven op 16-12-2014 in de Sophiezaal van het CAOP, Lange Voorhout 13 te Den Haag. Leden van de werkgroep Postactieven van het Sectoroverleg Defensie Carina van Agten inlichtingen c.vanagten@caop.nl e-mail 070-3765 723 telefoon PA/15.00001 nummer G.1.02 zaaknummer 2 januari 2015 verzending

Nadere informatie

Regeling melden vermoeden van een misstand in de sector VO

Regeling melden vermoeden van een misstand in de sector VO Regeling melden vermoeden van een misstand in de sector VO Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 1. In deze regeling wordt verstaan onder: a. bestuur: de natuurlijke persoon/personen of het orgaan

Nadere informatie

Regeling Bijzonder Georganiseerd Overleg Clustervorming Brandweer Veluwe Noord

Regeling Bijzonder Georganiseerd Overleg Clustervorming Brandweer Veluwe Noord Regeling Bijzonder Georganiseerd Overleg Clustervorming Brandweer Veluwe Noord De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Elburg, Hattem, Heerde en Oldebroek; Gezien de intentie van de

Nadere informatie

A. Besloten wordt de besluitenlijst van de 4 e AB-vergadering van 18 juni 2015 vast te stellen.

A. Besloten wordt de besluitenlijst van de 4 e AB-vergadering van 18 juni 2015 vast te stellen. AB 4 DECEMBER 2015 ZWD 2015-530542545 Besluitenlijst van de 5 e vergadering van het Algemeen Bestuur van het Natuur- en Recreatieschap Zuidwestelijke Delta Aanwezig mw. C. Schönknecht-Vermeulen, dhrn.m.

Nadere informatie

Referentie: 2014022651. Klachtenregeling Zorginstituut Nederland. De Raad van Bestuur van Zorginstituut Nederland,

Referentie: 2014022651. Klachtenregeling Zorginstituut Nederland. De Raad van Bestuur van Zorginstituut Nederland, Referentie: 2014022651 Klachtenregeling Zorginstituut Nederland De Raad van Bestuur van Zorginstituut Nederland, gelet op artikel 9:2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 15 van het Bestuursreglement

Nadere informatie

Georganiseerd overleg Sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid

Georganiseerd overleg Sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid Georganiseerd overleg Sector Defensie Werkgroep Algemeen Personeelsbeleid G.A. van Herpen-Bartlema inlichtingen 070-376 57 79 telefoon t.vanherpen@caop.nl e-mail 0 bijlage(n) AP/12.00819 briefnummer G.1.03

Nadere informatie

Agenda (REO/11.00160)

Agenda (REO/11.00160) M. van Tyghem inlichtingen m.vantyghem@caop.nl 070-3765764 Bijlage(n) REO/12.00260 briefnummer G.1.33 zaaknummer 3 mei 2012 verzenddatum Verslag van de vergadering van de werkgroep Reorganisaties van 5

Nadere informatie

REGLEMENT RAAD VAN TOEZICHT FULDAUERSTICHTING

REGLEMENT RAAD VAN TOEZICHT FULDAUERSTICHTING REGLEMENT RAAD VAN TOEZICHT FULDAUERSTICHTING ARTIKEL 1 DEFINITIES In dit reglement wordt verstaan onder: - Bestuur : het bestuur van de Stichting, zijnde het orgaan dat de dagelijkse en algemene leiding

Nadere informatie

College voor geschillen medezeggenschap defensie

College voor geschillen medezeggenschap defensie Dossiernr: Advies van het College voor geschillen medezeggenschap defensie aan de Bevelhebber der Landstrijdkrachten naar aanleiding van een verzoek om advies inzake een tussen: 1 De Commandant van XXX

Nadere informatie

Plan van aanpak ter verbetering van het voorschottenbeheer

Plan van aanpak ter verbetering van het voorschottenbeheer Bijlage Voortgangsrapportage verbetering voorschottenbeheer: Plan van aanpak, vastgesteld door de Minister van Buitenlandse Zaken op 8 mei 2007 Plan van aanpak ter verbetering van het voorschottenbeheer

Nadere informatie

Algemene Vergadering van Aandeelhouders Vivenda Media Groep N.V. (de Vennootschap ), gehouden op 3 december 2010 te Hilversum

Algemene Vergadering van Aandeelhouders Vivenda Media Groep N.V. (de Vennootschap ), gehouden op 3 december 2010 te Hilversum Notulen Algemene Vergadering van Aandeelhouders Vivenda Media Groep N.V. (de Vennootschap ), gehouden op 3 december 2010 te Hilversum 1. Opening De Voorzitter opent de vergadering om 10.30 uur en heet

Nadere informatie

VERSLAG MR VERGADERING

VERSLAG MR VERGADERING VERSLAG MR VERGADERING Datum: 22 september 2015 Aanwezig: Afwezig: Verslag: (P) Annemieke, Annick, Astrid, Saskia (O) Edwin, Lizzy, Michel, Harm, Gabor. (D) Adriana, Madelon. Ellen (met kennisgeving) Edwin

Nadere informatie

Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid Zaltbommel 2012. Algemene informatie. Gegevens van de regeling. Overige informatie

Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid Zaltbommel 2012. Algemene informatie. Gegevens van de regeling. Overige informatie Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid Zaltbommel 2012 Algemene informatie Gegevens van de regeling Bestuursorgaan dat regeling vaststelde Gemeenteraad van Zaltbommel d.d. 13 september 2012 Officiële

Nadere informatie

Bedrijfscommissie voor de Overheid, Kamer Lagere en Publiekrechtelijke Lichamen

Bedrijfscommissie voor de Overheid, Kamer Lagere en Publiekrechtelijke Lichamen Bedrijfscommissie voor de Overheid, Kamer Lagere en Publiekrechtelijke Lichamen Verslag van bevindingen Verslag van de hoorzitting op 9 november 2004 inzake het verzoek om bemiddeling dan wel advies van

Nadere informatie

Rapportage. Effectmeting naar onderzoek Weten waarom uit 2008. Alphen-Chaam. Rekenkamercommissie Alphen-Chaam / Baarle-Nassau.

Rapportage. Effectmeting naar onderzoek Weten waarom uit 2008. Alphen-Chaam. Rekenkamercommissie Alphen-Chaam / Baarle-Nassau. 1 Rekenkamercommissie Alphen-Chaam / Baarle-Nassau Rapportage Effectmeting naar onderzoek Weten waarom uit 2008 Alphen-Chaam 7 juli 2011 W E T E N W A A R O M A L P H E N - C H A A M 2 1 Inleiding De Rekenkamercommissie

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Regeling procedure aanwijzing groepen functies en herplaatsing BZK 2008

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Regeling procedure aanwijzing groepen functies en herplaatsing BZK 2008 STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 10589 8 juli 2010 Regeling procedure aanwijzing groepen functies en herplaatsing BZK 2008 23 juni 2010 De Minister van

Nadere informatie

Deel 2: basisregelingen

Deel 2: basisregelingen Deel 2: basisregelingen Inhoudsopgave 1. Overlegregeling 2. Regeling Tijd- en Plaatsonafhankelijk Werken Landelijk Arbeidsvoorwaardenoverleg Waterschappen 2013 1 Overlegregeling Overlegregeling Artikel

Nadere informatie

Reorganisatiecode Universiteit Leiden

Reorganisatiecode Universiteit Leiden Reorganisatiecode Universiteit Leiden 1. Voorbereidingsfase 2. Aankondiging 3. Uitwerkingsfase 4. Centraal overleg 5. Uitvoeringsfase 1. Voorbereidingsfase De voorgenomen reorganisatie wordt door de decentrale

Nadere informatie

Route 1: Thematraining Omgaan met Reorganisaties

Route 1: Thematraining Omgaan met Reorganisaties SBI/GITP helpt (TR)MC s Defensie bij Reorganisatie en Sourcing MC s hebben de handen de komende tijd vol aan thema s als Reorganisatie en Sourcing. Specialisten van SBI/GITP kunnen de MC s hier doorheen

Nadere informatie

- 1 - De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

- 1 - De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, - 1 - Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 3 augustus 2012, nr. JOZ/378065, houdende regels voor het verstrekken van aanvullende bekostiging ten behoeve van het stimuleren

Nadere informatie

De regeling zal periodiek worden geëvalueerd om deze op effectiviteit te toetsen en voor mogelijke verbetering zorg te dragen.

De regeling zal periodiek worden geëvalueerd om deze op effectiviteit te toetsen en voor mogelijke verbetering zorg te dragen. Preambule Deze regeling is vastgesteld door het bestuur van Deloitte Holding B.V. (hierna: het Bestuur ) en geldt voor Deloitte Holding B.V. en al haar (directe of indirecte) volledige dochtermaatschappijen

Nadere informatie

de bank ambtshalve onderzoek de bank Definitieve Bevindingen

de bank ambtshalve onderzoek de bank Definitieve Bevindingen POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20 TEL 070-381 13 00 FAX 070-381 13 01 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN de bank DATUM 17 maart 2006 CONTACTPERSOON

Nadere informatie

Reglement Klachtencommissie

Reglement Klachtencommissie Reglement Klachtencommissie Artikel 1: Begrippen In dit reglement wordt verstaan onder: Corporatie Woonstichting VechtHorst, werkzaam als toegelaten instelling in de zin van artikel 70 van de Woningwet;

Nadere informatie

Over de voorliggende planningslijst kan verder nog het volgende worden opgemerkt:

Over de voorliggende planningslijst kan verder nog het volgende worden opgemerkt: MEMO Aan: presidium Van: griffie Betreft: planningslijst PS-stukken Datum: 16 november 2015 1. Planningslijst Voor u ligt de meest recente planningslijst. In de lijst is de planning van stukken die vragen

Nadere informatie

Klachtenregeling BLM Accountants & Adviseurs

Klachtenregeling BLM Accountants & Adviseurs Klachtenregeling BLM Accountants & Adviseurs Inhoudsopgave 1 Voorbeeld Procedure Klachtenregeling...1 1.1 Begripsbepalingen...1 1.2 Verantwoordelijkheid bestuur...1 1.3 Klachtencommissie...1 1.4 Compliance

Nadere informatie

Aan het college van Gedeputeerde Staten i.a.a. de leden van Provinciale Staten Postbus 6001 4330 LA Middelburg. onderwerp: resultaat overleg BJZ

Aan het college van Gedeputeerde Staten i.a.a. de leden van Provinciale Staten Postbus 6001 4330 LA Middelburg. onderwerp: resultaat overleg BJZ Aan het college van Gedeputeerde Staten i.a.a. de leden van Provinciale Staten Postbus 6001 4330 LA Middelburg onderwerp: resultaat overleg BJZ Middelburg, 10 november 2011 Geacht college, Het spijt mij

Nadere informatie

Protocol. Klachtencommissie. Autimaat B.V.

Protocol. Klachtencommissie. Autimaat B.V. Protocol Klachtencommissie Autimaat B.V. Doetinchem December 2011 Protocol van de klachtencommissie van Autimaat B.V. Inhoudsopgave Toepassingsgebied 3 Begripsbepaling 3 Doelstelling van de klachtenregeling

Nadere informatie

Provinciale Staten. Vergadering 6 november 2013.

Provinciale Staten. Vergadering 6 november 2013. Provinciale Staten Luttenbergstraat 2 Postbus 10078 8000 GB Zwolle Telefoon 038 499 88 99 Fax 038 425 48 88 overijssel.nl postbus@overijssel.nl RABO Zwolle 39 73 41 121 Inlichtingen bij dhr. J.J. Wezenberg

Nadere informatie

Regeling Begeleiding Van Werk Naar Werk bij reorganisaties

Regeling Begeleiding Van Werk Naar Werk bij reorganisaties Regeling Begeleiding Van Werk Naar Werk bij reorganisaties Pre-ambule In de cao provincies 2012-2015 zijn uit oogpunt van goed werkgeverschap afspraken gemaakt over een sectorale regeling Van Werk Naar

Nadere informatie

Personele gevolgen De voorgenomen reorganisatie brengt een wijziging in de

Personele gevolgen De voorgenomen reorganisatie brengt een wijziging in de ADVIESCOMMISSIE MELDING VOORGENOMEN REORGANISATIE Advies 2010/06 Aan: De leden van de CGOP, d.t.v. CAOP t.a.v. mw. drs. C.L.D. van Agten Postbus 556 2501 CN Den Haag 1/5 Ter behandeling in het overleg

Nadere informatie

Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen

Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen ADVIES Rolnummer: LPL 98.039 DE BEDRIJFSCOMMISSIEKAMER VOOR DE OVERHEID VOOR LAGERE PUBLIEKRECHTELIJKE LICHAMEN, ADVISERENDE

Nadere informatie

Advies van de Raad voor het Overheidspersoneelsbeleid inzake de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen

Advies van de Raad voor het Overheidspersoneelsbeleid inzake de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen Advies van de Raad voor het Overheidspersoneelsbeleid inzake de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen Advies nummer 23 's-gravenhage, 17 maart 2000 1 Advies van de Raad voor het Overheidspersoneelsbeleid

Nadere informatie

Onderzoek naar termijnoverschrijding bij afhandeling WOZ-bezwaren

Onderzoek naar termijnoverschrijding bij afhandeling WOZ-bezwaren WAARDERINGSKAMER Onderzoek naar termijnoverschrijding bij afhandeling WOZ-bezwaren Een onderzoek naar overschrijding van de jaargrens bij de afhandeling van WOZ-bezwaarschriften 18 juli 2014 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Concept Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gebiedscommissies van de gemeente Rotterdam

Concept Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gebiedscommissies van de gemeente Rotterdam Concept Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gebiedscommissies van de gemeente Rotterdam Gelet op artikel 14 van de Verordening op de gebiedscommissies 2014 Artikel 1

Nadere informatie

Follow up onderzoek naar minimabeleid

Follow up onderzoek naar minimabeleid Follow up onderzoek naar minimabeleid 1. Inleiding Op 20 mei 2009 is het rapport Onderzoek Minimabeleid Rekenkamercommissie Waterland verschenen. Dit rapport is in de raad van 27 oktober 2009 voor kennisgeving

Nadere informatie

College voor geschillen medezeggenschap defensie

College voor geschillen medezeggenschap defensie Dossiernr: ADVIES Advies van het College voor geschillen medezeggenschap defensie aan de Bevelhebber der Koninklijke Marechaussee naar aanleiding van een verzoek om advies inzake een tussen: 1 De Commandant

Nadere informatie

Doel cliëntenparticipatie (Bergeijk, Bladel, Eersel en Oirschot)

Doel cliëntenparticipatie (Bergeijk, Bladel, Eersel en Oirschot) Verordening cliëntenparticipatie ISD de Kempen 2015 Artikel 1 Begripsbepalingen 1. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als

Nadere informatie

Rapport. Rapport over een klacht over de gemeente Hilversum. Datum: 28 augustus 2012. Rapportnummer: 2012/134

Rapport. Rapport over een klacht over de gemeente Hilversum. Datum: 28 augustus 2012. Rapportnummer: 2012/134 Rapport Rapport over een klacht over de gemeente Hilversum. Datum: 28 augustus 2012 Rapportnummer: 2012/134 2 Klacht 1. Verzoeker klaagt erover dat de gemeente Hilversum geen inzage heeft gegeven in het

Nadere informatie

1 Voorzitter en dagelijks bestuur

1 Voorzitter en dagelijks bestuur Verordening Reglement van orde van de Sociaal-Economische Raad (Tekst bijgewerkt tot en met de eerste wijziging bij verordening van 20 februari 2015) Verordening van de Sociaal-Economische Raad van 25

Nadere informatie

7.c Kennisgeving door de raad van commissarissen van de voor benoeming voorgedragen

7.c Kennisgeving door de raad van commissarissen van de voor benoeming voorgedragen 1. Opening Agenda voor de algemene vergadering van Koninklijke Ten Cate N.V. te houden op donderdag 17 april 2014 om 14.00 uur in het Polman Stadion, Stadionlaan 1 te Almelo. 2. Mededelingen 3. Jaarverslag

Nadere informatie

Ref: B13.32 Betreft: Eumedion-reactie op NBA Consultatiedocument onafhankelijkheid en VGBA

Ref: B13.32 Betreft: Eumedion-reactie op NBA Consultatiedocument onafhankelijkheid en VGBA Aan de Nederlandse beroepsorganisatie van Accountants (NBA) Drs. H. Wieleman RA, voorzitter Postbus 7984 1008 AD Amsterdam Den Haag, 30 augustus 2013 Ref: B13.32 Betreft: Eumedion-reactie op NBA Consultatiedocument

Nadere informatie

De voorzitter van het bestuur, de heer prof. dr. W. van Voorden, opent de vergadering om 12.00 uur en heet de aanwezigen welkom.

De voorzitter van het bestuur, de heer prof. dr. W. van Voorden, opent de vergadering om 12.00 uur en heet de aanwezigen welkom. Notulen van de Vergadering van Certificaathouders van de Stichting Administratiekantoor van aandelen Ballast Nedam, gehouden op woensdag van 12.00 12.30 uur in Party- en Congrescentrum Artis aan de Plantage

Nadere informatie

Vooraf. Artikel 1 Vergaderingen en vergaderorde HUISHOUDELIJK REGLEMENT. Brede Sociaal Maatschappelijke Raad gemeente Doesburg

Vooraf. Artikel 1 Vergaderingen en vergaderorde HUISHOUDELIJK REGLEMENT. Brede Sociaal Maatschappelijke Raad gemeente Doesburg HUISHOUDELIJK REGLEMENT Brede Sociaal Maatschappelijke Raad gemeente Doesburg Vooraf De Brede Sociaal Maatschappelijke Raad (BSMR) van de gemeente Doesburg adviseert het College van Burgemeester en Wethouders

Nadere informatie

van de raadsleden dhr. A. Rennenberg en dhr. W. Claassen(OAE) over Personeel

van de raadsleden dhr. A. Rennenberg en dhr. W. Claassen(OAE) over Personeel gemeente Eindhoven Raadsnummer 15R6466 Inboeknummer 15bst01179 Beslisdatum B&W 1 september 2015 Dossiernummer 15.36.103 (2.3.1) Raadsvragen van de raadsleden dhr. A. Rennenberg en dhr. W. Claassen(OAE)

Nadere informatie

Landelijke Klachtencommissie VPTZ Geschilregeling tussen VPTZ organisaties en VPTZ Nederland

Landelijke Klachtencommissie VPTZ Geschilregeling tussen VPTZ organisaties en VPTZ Nederland Landelijke Klachtencommissie VPTZ Geschilregeling tussen VPTZ organisaties en VPTZ Nederland Deze geschilregeling betreft geschilpunten tussen een of meer VPTZ organisaties enerzijds en het bestuur anderzijds

Nadere informatie

Overleg Bo-Ex met bewonersvereniging complex 501 (vastgesteld 3 maart 2011)

Overleg Bo-Ex met bewonersvereniging complex 501 (vastgesteld 3 maart 2011) Overleg Bo-Ex met bewonersvereniging complex 501 (vastgesteld 3 maart 2011) Datum : donderdag 25 november 2010, 19.00 uur Aanwezig : Annemarie Reintjes, voorzitter Bertus Damen en Michèl Post (bewonersvereniging

Nadere informatie

forumbehandeling concept bestuursovereenkomst Tijdelijk noodopvangcentrum Warnsveld D.Meijer Maatschappelijke zaken telefoonnr 7632

forumbehandeling concept bestuursovereenkomst Tijdelijk noodopvangcentrum Warnsveld D.Meijer Maatschappelijke zaken telefoonnr 7632 OPENBAAR Memo (Forum / raad) Aan Van Datum Onderwerp Inlichtingen bij Het Forum Het college van B&W 17-02-2016 Doel Anders, namelijk zienswijze forumbehandeling concept bestuursovereenkomst Tijdelijk noodopvangcentrum

Nadere informatie

Meldingen regeling algemeen

Meldingen regeling algemeen 1 van 1 Doelstelling: Willen leren van meldingen en signalen ( dit kunnen meldingen zijn ) om de processen te optimaliseren en de zorg voor de patiënten op een zo hoog mogelijk niveau te houden of te brengen.

Nadere informatie

Aanpassingen aan rolstoel en scootmobiel teveel gevraagd Gemeente Almere Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling

Aanpassingen aan rolstoel en scootmobiel teveel gevraagd Gemeente Almere Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling Rapport Gemeentelijke Ombudsman Aanpassingen aan rolstoel en scootmobiel teveel gevraagd Gemeente Almere Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling 15 augustus 2007 RA0713804 Samenvatting Een ms-patient vraagt

Nadere informatie

Rapport. Verzoeker De X. te Almelo, verder te noemen verzoeker. Het verzoek is ingediend door de gemachtigde, de heer Y.

Rapport. Verzoeker De X. te Almelo, verder te noemen verzoeker. Het verzoek is ingediend door de gemachtigde, de heer Y. Dossiernummer 2015 014 Rapport Verzoeker De X. te Almelo, verder te noemen verzoeker. Het verzoek is ingediend door de gemachtigde, de heer Y. Datum verzoekschrift Op 27 januari 2015 heeft de Overijsselse

Nadere informatie

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR datum vergadering 17 juni 2010 auteur Daniëlle Vollering telefoon 033-43 46 133 e-mail dvollering@wve.nl afdeling Staf behandelend bestuurder drs. J.M.P. Moons onderwerp agendapunt Uitkomst en benutting

Nadere informatie

NOTULEN VAN DE VERGADERING VAN DE WMO-RAAD ZANDVOORT D.D. 16 JANUARI 2012

NOTULEN VAN DE VERGADERING VAN DE WMO-RAAD ZANDVOORT D.D. 16 JANUARI 2012 NOTULEN VAN DE VERGADERING VAN DE WMO-RAAD ZANDVOORT D.D. 16 JANUARI 2012 Aanwezig Afwezig : *de heren P. Brugman (voorz.), H. Wiedijk (secr.), dhr. J. Kerkman (pnnm.), T. Timmermans (vice-voorz.), F.

Nadere informatie

REGLEMENT VAN DE RAAD VAN COMMISSARISSEN VAN BEVER HOLDING N.V.

REGLEMENT VAN DE RAAD VAN COMMISSARISSEN VAN BEVER HOLDING N.V. REGLEMENT VAN DE RAAD VAN COMMISSARISSEN VAN BEVER HOLDING N.V. Definities de Vennootschap de RVC de voorzitter Directie : Bever Holding N.V. : De raad van commissarissen van de vennootschap : De voorzitter

Nadere informatie

Werkwijze van het Landelijk Bureau Bibob: informatie voor bestuursorganen en rechtspersonen met een overheidstaak

Werkwijze van het Landelijk Bureau Bibob: informatie voor bestuursorganen en rechtspersonen met een overheidstaak Werkwijze van het Landelijk Bureau Bibob: informatie voor bestuursorganen en rechtspersonen met een overheidstaak Inleiding Het Landelijk Bureau Bibob (verder: het Bureau) hecht aan een goede samenwerking

Nadere informatie