D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e
|
|
|
- Mathijs Smets
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 1 2 Schematische weergave van de glucosehomeostase en de effecten van endogeen insuline. De bloedglucose concentratie wordt voor een belangrijk deel gereguleerd door de glucose-output van de lever. Meer specifiek gebeurt dit door de regulatie van processen als glycogenese (aanmaak van glycogeen uit glucose), glycogenolyse (afbraak van glycogeen tot glucose) en gluconeogenese (nieuwvorming van glucose uit vet en eiwitten). Insuline, geproduceerd en uitgescheiden door de bètacellen van de Eilandjes van Langerhans in de pancreas (alvleesklier), speelt een zeer belangrijke rol bij de regulatie van de bloedglucose: Insuline stimuleert de opname van glucose in de perifere orgaansystemen (spier- en vetweefsel) Insuline remt de eiwit- en vetafbraak Insuline verlaagt de glucose output van de lever Uiteindelijk hebben al deze processen tot gevolg dat insuline de bloedglucose concentratie verlaagt. D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e
2 Schematische weergave van de processen die optreden bij Diabetes mellitus type 2. De middelste figuur geeft aan wat er gebeurt op het niveau van de pancreas: er is een toename van insulineresistentie (meestal als gevolg van een verhoogd lichaamsgewicht of BMI). Als reactie hierop (om dit te compenseren) gaat de pancreas meer insuline aanmaken: de insulinesecretie neemt toe. Op deze manier wordt de insulineresistentie gecompenseerd, met als gevolg dat de bloedglucose toch goed onder controle blijft (zoals weergegeven in de bovenste figuur). Op een gegeven moment is de pancreas niet meer instaat de extra vraag aan insuline te voorzien, met als gevolg een geleidelijke (maar onomkeerbare) achteruitgang van de insulinesecretie over de tijd. Dit betekent dus dat uiteindelijk ook de type 2 patiënt volledig insulineafhankelijk wordt. De afname in insulinesecretie leidt tot een verstoring van de glucosehuishouding. Eerst loopt de prandiale bloed/plasma glucose op, later gevolgd door de nuchtere. Als deze waarden een bepaald punt overschrijden leidt dit tot klachten en (dus) tot de diagnose diabetes mellitus. Zonder adequate behandeling zullen de glucosewaarden blijven oplopen. Met alle gevolgen voor de micro- en macrovasculaire complicaties van dien. Een review van de epidemiologie van diabetes, uitgevoerd door Zimmet et al., toont aan dat de prevalentie van diabetes naar verwachting zal toenemen van 189 miljoen in 2003 tot 324 miljoen in 2025, een toename van 72%. 1 Diabetes type 2 alleen al heeft epidemische proporties aangenomen, en betreft ongeveer 4.0% van de volwassenen wereldwijd. Deze prevalentie neemt nog altijd toe en zal naar verwachting toenemen tot 5,4% in De toename zal met name plaatsvinden bij jongeren en in de ontwikkelende landen. Inderdaad leeft een onevenredig groot aantal diabetespatiënten in de de Aziatisch-Pacifische regio; in India en China leven ongeveer 50 miljoen mensen met diabetes, vergeleken met 18 miljoen in de USA. 3 Wild et al. onderzocht het wereldwijde aantal mensen met diabetes in 2000 en concludeerde dat ongeveer 171 miljoen mensen deze ziekte had. Extrapolatie van deze getallen leidt tot een schatting dat in 2030 het wereldwijde aantal mensen met diabetes zal zijn gestegen tot meer dan 366 miljoen, en toename van 114% sinds Zimmet P, et al. Preventing Type 2 diabetes and the dysmetabolic syndrome in the real world: a realistic view. Diabet Med 2003;20: King H, et al. Global burden of diabetes, : prevalence, numerical estimates, and projections. Diabetes Care 1998;21: Een van de belangrijkste oorzaken voor de toename van diabetes mellitus type 2 is de toename in hoog calorische voedselinname en een zittende bestaan ( Westerse leefstijl ) Abdominale obesitas verhoogt het risico op het ontwikkelen van diabetes mellitus type 2, zoals blijkt uit de Nurses Health Study, een observationele studie waarin een cohort van 43,581 vrouwen gevolgd is tussen 1986 en 1994 in VS. Deze figuur geeft de associatie weer tussen middelomtrek en het risico op het ontwikkelen van diabetes type 2. Dit risico neemt lineair toe met toenemende middelomtrek. Het relatieve risico is uitgedrukt t.o.v. het risico bij vrouwen met een middelomtrek van 67 cm. Middelomtrek blijkt dus een krachtige voorspeller te zijn voor het risico op het krijgen van diabetes mellitus type 2. Carey VJ, et al. Body fat distribution and risk of non-insulin-dependent diabetes mellitus in women. The Nurses Health Study. Am J Epidemiol 1997;145: Ethniciteit is een belangrijke factor bij de ontwikkeling van type 2 diabetes. In specifieke bevolkingsgroepen zijn hoge incidenties van type 2 diabetes mellitus gemeld (Aziaten, Hispanics, inheemse bewoners van de VS, Canada en Australië, en African-Americans). De toegenomen incidentie van type 2 diabetes lijkt de groei in verstedelijking en economische ontwikkeling te weerspiegelen en is nauw geassocieerd met de toename van overgewicht/obesitas. Een Westerse leefstijl en/of een genetische component kunnen aanleiding geven tot intra-abdominale obesitas. Dit kan leiden tot de volgende metabole stoornissen: Atherogene dyslipidemie Insuline resistentie, die kan leiden tot type 2 diabetes mellitus Veranderde thrombotische status Veranderde inflammatoire status Despres JP, Lemieux I, Prud homme D.BMJ Mar 24;322(7288): Gerich JE. Contributions of insulin-resistance and insulin-secretory defects to the pathogenesis of type 2 diabetes mellitus. Mayo Clin Proc 2003;78: Wild S, et al. Global prevalence of diabetes: estimates for the year 2000 and projections for Diabetes Care 2004;27: Weyer C, et al. The natural history of insulin secretory dysfunction and insulin resistance in the pathogenesis of type 2 diabetes mellitus. J Clin Invest 1999;104: Dailey G. New strategies for basal insulin treatment in type 2 diabetes mellitus. Clin Ther. 2004;26: D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e
3 Wanneer er sprake is van abdominale obesitas (verhoogde hoeveelheid visceraal vet), kunnen adipocyten via een toegenomen secretie van allerlei mediatoren aanleiding geven tot het ontstaan van hypertensie, atherogene dyslipidemie, trombose, atherosclerose, inflammatie en ook diabetes mellitus type 2. Daarnaast produceren adipocyten in een dergelijke situatie minder adiponectine, een factor die verantwoordelijk is voor een verhoogde insulinegevoeligheid. Dit leidt tot een (verdere) ontwikkeling van de insulineresistentie. 1. Lyon CJ, Law RE, Hsueh WA. Minireview: adiposity, inflammation, and atherogenesis. Endocrinology 2003;144: Trayhurn P, Wood IS. Adipokines: inflammation and the pleiotropic role of white adipose tissue. Br J Nutr 2004;92: Eckel RH, Grundy SM, Zimmet PZ. The metabolic syndrome. Lancet. 2005;365: Bij de ontwikkeling van cardiovasculaire aandoeningen spelen verschillende risicofactoren een rol, waaronder roken, cholesterolwaarden, hypertensie, diabetes, familiehistorie, leeftijd en geslacht. 1 Personen met hypertensie, hyperlipidemie of diabetes hebben een hoog risico om cardiovasculaire aandoeningen te ontwikkelen en moeten preventief met medicijnen worden behandeld. 1 Het NHANES project ((National Health and Nutrition Examination Survey) bestudeert de gezondheidssituatie van de bevolking van de VS continu. 2 De meest recente data uit de NHANES III update tonen dat ondanks een trend naar een betere controle van cardiovasculaire risicofactoren er nog een lange weg te gaan is voor alle patiënten voldoen aan de huidige behandeldoelen. 2 Analyse van data uit de NHANES database laat zien dat de meerderheid van patiënten die behandeld worden voor hyperlipidemie en hypertensie nog niet onder controle zijn. In vergelijking daarmee is echter nog een veel groter deel van de patiënten niet goed onder glycemische controle. 2 De complicaties van onvoldoende gecontroleerde hyperglycemie zijn: Neuropathie: amputatie jaarlijks 0,6% Neuropathie zenuwafwijkingen (gevoel, incontinentie) Retinopathie: slechtziendheid/blindheid Nefropathie: nierfalen, kans op dialyse Cardiovasculaire sterfte (mannen 2x hogere mortaliteit, vrouwen 3x hogere mortaliteit) Uit de UKPDS (United Kingdom Prospective Diabetes Study), de grote diabetes type 2 studie waaraan meer dan 5000 patiënten deelnamen, blijkt dat intensieve behandeling een verlaging van het HbA1c geeft ten opzichte van conventionele behandeling. Bij conventionele behandeling was het titratiedoel een nuchtere bloedglucose van 15 mmol/l met behulp van dieet- en leefstijladviezen, eventueel later aangevuld met medicamenteuze therapie. Bij de intensieve behandeling was het titratiedoel een nuchter bloedglucose van 6 mmol/l met orale medicatie en/of insulinetherapie. UK Prospective Diabetes Study (UKPDS) Group. Intensive blood-glucose control with sulphonylureas or insulin compared with conventional treatment and risk of complications in patients with type 2 diabetes (UKPDS 33). Lancet. 1998;352: British Cardiac Society, British Hypertension Society, Diabetes UK, HEART UK, Primary Care Cardiovascular Society, The Stroke Association. JBS 2: Joint British Societies guidelines on prevention of cardiovascular disease in clinical practice. Heart 2005;91: NHANES III data. Available from: Last accessed 25 January Personal analysis. 4 D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e 5
4 Intensieve behandeling van nieuw gediagnosticeerde patiënten met diabetes mellitus type 2 geeft een significante risicoreductie op het ontwikkelen van micro- en macrovasculaire complicaties ten opzichte van patiënten die conventioneel behandeld worden. UK Prospective Diabetes Study (UKPDS) Group. Intensive blood-glucose control with sulphonylureas or insulin compared with conventional treatment and risk of complications in patients with type 2 diabetes (UKPDS 33). Lancet. 1998;352: De traditionele benadering voor verlaging van de bloedglucose bij patiënten met diabetes mellitus type 2 bestaat uit een opeenvolging van leefstijlinterventie, orale medicatie, combinatie van orale medicatie en insulinetherapie (met of zonder orale bloedglucoseverlagende middelen). Deze strategie resulteert meestal in steeds terugkerende glycemische deregulering, waarbij het wordt getolereerd dat het HbA1c van de patiënt (ver) boven het behandeldoel ligt alvorens de volgende stap wordt genomen. Dit geleidelijk afbuigen van de zaagtand naar boven, maakt het steeds lastiger of onmogelijk om de bloedglucosewaarde van de patiënt binnen de normo-glycemische range te krijgen. Intensiveren van de behandeling is de regel, niet de uitzondering. Heine RJ et al. Management of hyperglycaemia in type 2 diabetes. BMJ 2006; 333: De meest recente richtlijnen voor de behandeling van diabetes type 2, gezamenlijk ontwikkeld door de ADA en de EASD, stellen dat het HbA1c percentage bij patiënten met diabetes zo dicht mogelijk bij de normaalwaarde moet liggen. In ieder geval zou de streefwaarde tenminste een HbA1c 7% moeten zijn. Daarnaast benadrukken de guidelines het belang van een vroege diagnose en tijdige interventie om glycemische controle te bereiken, en de lange termijn uitkomsten te verbeteren. De consensus van beide organisaties is dan ook dat de behandeling, indien mogelijk, wordt geïnitieerd of geïntensiveerd bij een HbA1c 7%. algorithm for the initiation and adjustment of therapy. A consensus statement from the American Diabetes Association and the European Association for the Study of Diabetes. Diabetologia 2006;49: D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e 7
5 Een verandering in leefstijl zou de eerste stap in de behandeling moeten zijn na het stellen van de diagnose Diabetes Mellitus type 2. De meeste mensen met diabetes mellitus type 2 zullen niet instaat zijn hun glycemische doelen te bereiken of te behouden met leefstijlinterventie alleen. Dit vanwege het feit dat veel mensen niet instaat zijn hun gewicht te verminderen, het progressieve karakter van de aandoening, of een combinatie van beide. Daarom wordt aanbevolen metformine te starten gelijktijdig met leefstijladvies en dit te titreren tot de maximaal effectieve en getolereerde dosis gedurende een periode van 1 2 maanden. Andere orale bloedglucoseverlagende middelen moeten worden overwogen zodra er sprake is van een aanhoudende hyperglycemie. algorithm for the initiation and adjustment of therapy. A consensus statement from the American Diabetes Association and the European Association for the Study of Diabetes. Diabetologia 2006;49: Als STAP 1 onvoldoende is voor het bereiken of behouden van een HbA1c < 7%, dient het toevoegen van andere medicatie overwogen worden om langdurige periodes van hyperglycemie te voorkomen. De mate van glycemische deregulatie (de hoogte van het HbA1c) is bepalend voor de keuze van de tweede medicatie. Bij patiënten met een HbA1c > 8.5%, is initiatie van insulinetherapie in de vorm van een basale insuline, zoals insuline glargine, de meest effectieve optie. Bij patiënten die al dichter bij het behandeldoel zitten (HbA1c < 7.5%) behoort het toevoegen van een tweede orale bloedglucose verlagend middel met een mindere potentie om de bloedglucose te verlagen ook tot de mogelijkheden. Hierbij is het belangrijk te benadrukken dat het intensiveren van de behandeling bij diabetes type 2 eerder de regel dan de uitzondering dient te zijn. algorithm for the initiation and adjustment of therapy. A consensus statement from the American Diabetes Association and the European Association for the Study of Diabetes. Diabetologia 2006;49: Dit schema geeft een samenvatting van het volledige behandel-algoritme voor diabetes type 2, zoals voorgesteld door de ADA en EASD. Het diagram laat duidelijk zien dat basale insuline de meest effectieve behandeloptie is voor die patiënten waarbij metformine en leefstijlinterventie onvoldoende glycemische controle geven. Ook wordt de noodzaak voor basale insuline (later eventueel aangevuld met maaltijdinsuline) duidelijk gemaakt, ongeacht welk behandelpad wordt gekozen. Hoewel 3 orale bloedglucoseverlagende middelen gebruikt zouden kunnen worden, verdient het starten en ophogen van insulinetherapie de voorkeur, gebaseerd op effectiviteit en kosten. algorithm for the initiation and adjustment of therapy. A consensus statement from the American Diabetes Association and the European Association for the Study of Diabetes. Diabetologia 2006;49: De voordelen van insulinetherapie boven andere therapieën maken het een eerste keus wanneer leefstijladviezen en behandeling met metformine minder effectief worden. 1 Insuline is de meest efficiënte interventie om HbA1c waarden snel te reduceren en er is, in tegenstelling tot andere therapieën, geen doseringslimiet voor het therapeutische effect. 1 In vergelijking met de doseringen die nodig zijn bij type 1 diabetes, kunnen relatief hoge doseringen ( 1 IU/kg) nodig zijn om het HbA1c te verlagen naar de beoogde waarde. Insulinetherapie heeft ook gunstige effecten op de plasmawaarden van triglyceriden en high-density lipoproteïnen. 1 Het belangrijkste nadeel van insulinetherapie is hypoglycemie, al treedt dit veel minder vaak op bij type 2 diabetes dan bij type 1 diabetes. 1 De introductie van moderne langen snelwerkende insuline-analogen zoals insuline glargine en insuline glulisine kan het risico op hypoglycemie echter verminderen in vergelijking met meer traditionele insuline 2 en kan glycemische controle verder verbeteren algorithm for the initiation and adjustment of therapy. A consensus statement from the American Diabetes Association and the European Association for the Study of Diabetes. Diabetologia 2006;49: Riddle MC, et al. The treat-to-target trial: randomized addition of glargine or human NPH insulin to oral therapy of type 2 diabetic patients. Diabetes Care 2003;26: Dailey G, et al. Insulin glulisine provides improved glycemic control in patients with type 2 diabetes. Diabetes Care 2004;27: D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e 9
6 De rationale achter de voorkeur voor het toevoegen van een basale insuline aan de bestaande orale medicatie, zoals in de ADA-EASD guidelines, kan gevonden worden in deze analyse van professor Riddle. Uitgaande van een HbA1c van 5% bij gezonde personen, zal het HbA1c bij ongecontroleerde type 2 patiënten verhoogd zijn tot bijvoorbeeld 8%. De verhoging van het HbA1c (in dit geval van 3%) komt met name door een verhoging van de basale hyperglycemie, dus door een verhoogde nuchtere bloedglucose. Hierdoor gaat de patiënt al ongecontroleerd en met een te hoge bloedglucose de dag in, waardoor het gehele glucoseprofiel op een hoger niveau komt te liggen. Een mathematische berekening heeft uitgewezen dat ongeveer tweederde van de totale hyperglycemie wordt veroorzaakt door een ongecontroleerde basale hyperglycemie, en eenderde door de postprandiale pieken. Het is dus zaak eerst de basale hyperglycemie aan te pakken en onder controle te krijgen (eerst dient de nuchtere bloedglucose goed onder controle gebracht te worden). Hierdoor worden de pieken indirect ook aangepakt: het totale glucoseprofiel komt immers op een lager niveau te liggen. Riddle M. The Treat-To-Target trial and related studies. Endocr Pract 2006; 12: Om de vraag te beantwoorden of het ook mogelijk is dat de patiënt zélf verantwoordelijk is voor het titreren van de insulinedosering is de AT.LANTUS studie uitgevoerd. In deze studie werden twee titratieschema s met elkaar vergeleken: titratie door de zorgverlener (wekelijks op basis van de Treat-To-Target studie) versus titratie door de patiënt zelf (om de 3 dagen op basis van de LANMET (zelfde regime, zelfde dosering) op beslissing van de arts. Deze figuur geeft aan wat er gedurende de studieperiode gebeurt met de dosering basale insuline (rechter Y-as) respectievelijk de nuchtere bloedglucose (linker Y-as). In de loop van de tijd wordt de dosering insuline glargine steeds verder opgehoogd, met als resultaat dat de nuchtere bloedglucose overeenkomstig daalt. Aan het eind van de studieperiode is de gemiddelde dagdosering bij algoritme 2 significant hoger dan bij algoritme 1 (45 IE versus 41 IE). Deze hogere insulinedosering resulteert in een betere glycemische controle, zoals blijkt uit de significant lagere FBG, en de significant lagere HbA1c (beide groepen gecombineerd). De betere glycemische controle met algoritme 2 (titratie door patiënt) gaat niet ten koste van een hogere incidentie van ernstige of nachtelijke hypoglycemieën. Davies M, Storms F, Shutler S, Bianchi-Biscay M, Gomis R; ATLANTUS Study Group. Improvement of glycemic control in subjects with poorly controlled type 2 diabetes: comparison of two treatment algorithms using insulin glargine. Diabetes Care. 2005;28: Dit overzichtsschema geeft de consensus van de Europese en Amerikaanse Diabetes Associaties weer betreffende de behandeling van type 2 diabetes, gebaseerd op het bereikte HbA1c. Als de nuchtere bloedglucose onder controle is, maar het HbA1c >7%, dan is het tijd om ook een maaltijdinsuline te introduceren. Hierbij hoeft niet in 1x een volledig basaal/bolus regime (viermaal daags regime) gegeven te worden, maar kan de maaltijdinsuline stapsgewijs geïntroduceerd worden: het basaal plus concept. Het basaal plus concept betekent dat in eerste instantie 1 injectie snelwerkend insuline wordt gegeven bij die maaltijd die de grootste problemen geeft. Indien dit onvoldoende controle geeft (HbA1c >7%) wordt een tweede respectievelijk derde injectie toegevoegd. Een voorbeeld van de effectiviteit van een dergelijke benadering wordt verkregen in een subanalyse van de eerder genoemde AT.LANTUS studie. Bewerkt naar: Nathan DM, Buse JB, Davidson MB, Heine RJ, Holman RR, Sherwin R, Zinman B. Management of hyperglycemia in type 2 diabetes: A consensus algorithm for the initiation and adjustment of therapy: a consensus statement from the American Diabetes Association and the European Association for the Study of Diabetes. Diabetes Care 2006;29: In een subanalyse van de AT.LANTUS studie werd gekeken naar de effecten van het toevoegen van een eerste, tweede of derde injectie maaltijdinsuline aan insuline glargine (± orale bloedglucoseverlagende medicatie) bij 952 patiënten onvoldoende onder controle op tweemaal daags gemengde insuline. Het starten met insuline glargine in deze patiëntengroep geeft een significante verbetering van de glycemische controle ten opzichte van baseline (afname HbA1c van 0,74%). De resultaten van deze subanalyse tonen bovendien aan dat de grootste winst in glycemische controle wordt verkregen door de toevoeging van de eerste injectie maaltijdinsuline (afname HbA1c van 1,21%), ten opzichte van de tweede en derde injectie maaltijdinsuline (afname HbA1c 1,35 respectievelijk 1,39%). Bewerkt naar: Davies M et al. Insulin glargine-based therapy improves glycemic control in patients with type 2 diabetes suboptimally controlled on premixed insulin therapies. Diabetes 2006; 55 (suppl 1): A108 (abstract 455-P). 1 0 D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e 1 1
7 23 In dit schema is de nieuwe NHG-standaard voor de behandeling van diabetes mellitus type 2 vergeleken met de meest recente ADA/EASD richtlijnen. In de NHG-standaard wordt in stap 3 basale insuline geïntroduceerd, waar bij ADA/EASD dit in stap 2 al een optie is. Het stappenplan van de NHG-standaard is eenduidiger, waar de richtlijnen van de ADA/EASD nog verschillende keuzemogelijkheden bieden. Een eenduidig stappenplan biedt voor een optimale glycemische controle het meeste houvast. Rutten GEHM, De Grauw WJC, Nijpels G, Goudswaard AN, Uitewaal PJM, Van der Does FEE, Heine RJ, Van Ballegooie E, Verduijn MM, Bouma M. NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2; Tweede herziening. Huisarts Wet 2006;49(3): D i a b e t e s e d u c at i e s e r v i c e
Basaal Plus. Wat te doen als langwerkende insuline toegevoegd aan orale medicatie niet meer afdoende is? Duodagen april 2011
Basaal Plus Wat te doen als langwerkende insuline toegevoegd aan orale medicatie niet meer afdoende is? Duodagen april 2011 2 Toetsvragen Bij Insuline Resistentie bestaat er een afname in vrije vetzuur
Wat te doen als orale medicatie en 1 dd langwerkend insuline faalt? BASAAL PLUS insulinetherapie bij diabetes mellitus type 2
Wat te doen als orale medicatie en 1 dd langwerkend insuline faalt? BASAAL PLUS insulinetherapie bij diabetes mellitus type 2 Inhoud Wat is het belang van intensieve glucose regulatie? Wat zeggen de richtlijnen
Diabetes Mellitus en Beweging
Diabetes Mellitus en Beweging Doelen 0Refresher 0Patient Education 0Exercise and DM Wat betekent het? 0 Diabetes: Door(heen) gaan 0 Mellitus: Honing/Zoet Wat is het? 0 Groep van stoornissen met hyperglycemieën
Bloeddrukstreefwaarden bij diabetes mellitus: lager of toch niet? Erik Serné Internist- vasculair geneeskundige
Bloeddrukstreefwaarden bij diabetes mellitus: lager of toch niet? Erik Serné Internist- vasculair geneeskundige Bloeddrukstreefwaarden bij patiënten met type 2 diabetes? A. Huidige richtlijn CVRM is achterhaald
Workshop voor apothekers en huisartsen. (on)juiste behandeling met orale bloedsuikerverlagende middelen bij
Workshop voor apothekers en huisartsen (on)juiste behandeling met orale bloedsuikerverlagende middelen bij Diabetes Mellitus type 2 Voorbeeld Programma Maken van de ingangstoets Bespreking leerdoelen l
LADA en MODY: hoe moeten we LADA en MODY opsporen. Welke kan in de eerste lijn worden behandeld en welke juist niet? Disclosure belangen
LADA en MODY: hoe moeten we LADA en MODY opsporen. Welke kan in de eerste lijn worden behandeld en welke juist niet? Disclosure belangen Geen conflicterende belangen voor deze presentatie Eelco de Koning
Prediabetes : ontwikkelt iedereen diabetes? Wie screenen en hoe? C. De Block Endocrinologie-Diabetologie Voorzitter Diabetes Liga
Prediabetes : ontwikkelt iedereen diabetes? Wie screenen en hoe? C. De Block Endocrinologie-Diabetologie Voorzitter Diabetes Liga Inhoudsweergave Wie is at risk & Diagnose Prevalentie Klinisch belang van
Betere controle van uw diabetes type 2
MiniMed voor TYPE Betere controle van uw diabetes type 2 met de MiniMed insulinepomp, nu klinisch bewezen 1 DIABETES Is het voor u een uitdaging om uw glucose met dagelijkse injecties onder controle te
Nederlandse samenvatting
Nederlandse samenvatting 121 Nederlandse samenvatting Patiënten met type 2 diabetes mellitus (T2DM) hebben een verhoogd risico op de ontwikkeling van microvasculaire en macrovasculaire complicaties. Echter,
Overbehandeling Nieuwe behandeling Bloeddrukbehandeling. Sterfte en HbA1c. ACCORD-studie. HbA1c en gezondheidstoestand
Overbehandeling Nieuwe behandeling Bloeddrukbehandeling Is de NHG-Standaard nog up-to-date? MONITORING VAN ONDERBEHANDELING! Simon Verhoeven en Daniel Tavenier MAAR HOE ZIT HET MET OVERBEHANDELING? Sterfte
Voorstellen. Winnie van El Verpleegkundig Specialist Diabeteszorg Universitair Medisch Centrum Groningen
Voorstellen Winnie van El Verpleegkundig Specialist Diabeteszorg Universitair Medisch Centrum Groningen Niertransplantatie UMCG Niertransplantatie 8 centra NL * UMC 1 e jaar UMC vervolg 2 e lijn, periferie
Diabetes en ouder worden Dr. K.J.J. van Hateren
Diabetes en ouder worden Dr. K.J.J. van Hateren Huisarts, lid DiHAG Senior-onderzoeker Diabetes kenniscentrum Disclosure Geen conflicts of interest De toekomst!!! >25% = >75 jaar Karakteristieken ouderen
% Slechter! Nieuwe langwerkende insulines. Wat is een goed basaal insuline? STEMSYSTEEM. Wat is een goed basaal insuline?
Nieuwe langwerkende insulines Na het uitkomen van de laatste NHG-Standaard zijn er 3 nieuwe langwerkende insulines op de markt gekomen. Daarnaast hebben we nog de oude NPH insuline en de oude detemir en
WAT IS HYPOGLYKEMIE? 1.1 Inleiding 11 INLEIDING
HYPOGLEKEMIE_BINNENWERK_48 x 20 (A5) 4-4 3--2 0:2 Pagina WAT IS HYPOGLYKEMIE?. Inleiding Philip Cryer, een vooraanstaand Amerikaans diabetoloog, heeft aangetoond en beschreven dat hypoglykemie de belangrijkste
SAMENVATTING SAMENVATTING
HbA 1c ontstaat door de versuikering van hemoglobine, het belangrijkste bestanddeel van rode bloedcellen. In het bloed bindt een glucosemolecuul (niet-enzymatisch) met een aminozuur van de β-keten van
Het syndroom van Klinefelter: Screening en opvolging van metabole afwijkingen. David Unuane Endocrinologie Klinefelter Kliniek
Het syndroom van Klinefelter: Screening en opvolging van metabole afwijkingen David Unuane Endocrinologie Klinefelter Kliniek Achtergrond Het Klinefelter syndroom(ks): Genetisch kenmerk extra X-chromosoom:
Samenvatting Hoofdstuk 2
CHAPTER 10 Nederlandse Samenvatting Samenvatting De aandoening diabetes mellitus wordt gekenmerkt door een chronisch verhoogd glucosegehalte in het bloed, oftewel hyperglykemie. Karakteriserend voor patiënten
Internationale diagnosecriteria en behandelingstargets bij personen met diabetes type 2. Prof.em.dr. Raoul Rottiers Endocrinoloog UZ Gent
Internationale diagnosecriteria en behandelingstargets bij personen met diabetes type 2 Prof.em.dr. Raoul Rottiers Endocrinoloog UZ Gent NVKVV Studiedag diabetesverpleegkundigen & -zorgverleners Oostende,
Voeding bij diabetes. Erik Muls, MD, PhD Endocrinologie - Voeding Universiteit Leuven. Ede, 08.02.2011
Voeding bij diabetes Erik Muls, MD, PhD Endocrinologie - Voeding Universiteit Leuven Ede, 08.02.2011 DIABETES ATLAS, 3rd ed, IDF 2006 2007 2025 Total population (millions) 6600 7900 Adult population (millions)
Sportief bewegen en diabetes mellitus. Het effect van bewegen bij diabetes. Insulinegevoeligheid. Inactiviteit bevolking
Het effect van bewegen bij diabetes Sportief bewegen en diabetes mellitus Leo Heere, sportarts Sport Medisch Centrum Papendal Sportieve lichamelijke inspanning kan zowel voor type 1 als type 2 diabetes
Diagnose- en streefwaarden en behandelschema s diabetes mellitus
Diagnose- en streefwaarden en behandelschema s diabetes mellitus Diagnose- en streefwaarden diabetes mellitus De diagnosen gestoorde glucose en diabetes mellitus worden gesteld aan de hand van afwijkende
HbA1c streefwaarden. ADVANCE trial. Uitkomsten ADVANCE. Uitkomsten ADVANCE
1 Dr. Frits In de nieuwe diabetesstandaard wordt rekening gehouden met leeftijd en duur van de diabetes. Maakt het nog uit of iemand een macrovasculaire complicatie heeft (minder streng doel?) of microvasculaire
Samenvatting voor niet-ingewijden
Samenvatting 188 Samenvatting Samenvatting voor niet-ingewijden Diabetes mellitus type 2 (DM2), oftewel ouderdomssuikerziekte is een steeds vaker voorkomende aandoening. Dit heeft onder andere te maken
Bewegen en voeding als medicijn bij type 2 diabetes? de rol van fitnessprofessionals. Dr. Jan-Willem van Dijk
Bewegen en voeding als medicijn bij type 2 diabetes? de rol van fitnessprofessionals Dr. Jan-Willem van Dijk Inhoud Introductie type 2 diabetes Meten van bloedglucose Gewichtsverlies en bloedglucose Fysieke
Lipiden, Diabetes en Cardiovasculair Risicomanagement. 17 januari 2013, Utrecht Dr. Janneke Wittekoek, Cardioloog Stichting Actief Preventie Plan
Lipiden, Diabetes en Cardiovasculair Risicomanagement 17 januari 2013, Utrecht Dr. Janneke Wittekoek, Cardioloog Stichting Actief Preventie Plan Vet in Historisch Perspectief simpele vetopstapelingsziekte
Doel behandeling bij DM: verhinderen/vertragen complicaties. Haffner, NEJM 1998 UKPDS. T2DM, HbA1c, en HVZ 12-7-2011
Doel behandeling bij DM: verhinderen/vertragen complicaties Haffner, NEJM 998 microvasculaire afwijkingen nefropathie retinopathie neuropathie macrovasculaire afwijkingen coronaire hartziekten cerebrovasculaire
Diabetes en kanker: nieuwe inzichten
Diabetes en kanker: nieuwe inzichten Joost B.L.Hoekstra internist AMC 11-10-2012 Potentiële belangenverstrengeling Klinische Diabetologie AMC ontvangt sponsoring van cq doet projecten met diverse farmaceutische
Psychische klachten als co-morbiditeit bij diabetes
Psychische klachten als co-morbiditeit bij diabetes Pearson Plein is een initiatief van Pearson. Pearson heeft jarenlange ervaring als educatieve uitgever van wetenschappelijk onderbouwde psychologische
Diabetes en Puberteit
Diabetes en Puberteit Hormonale veranderingen en Diabetes Dr. R. Zeevaert, MD, PhD 21/03/2019 Diabetes en Puberteit Hormonale veranderingen en diabetes 1. Normale puberteit 2. Invloed van puberteit op
Dia 1 Lipiden, Diabetes en Cardiovasculair Risicomanagement. Dia 2. Dia 3. Vet in Historisch Perspectief. simpele vetopstapelingsziekte
Dia 1 Lipiden, Diabetes en Cardiovasculair Risicomanagement 17 januari 2013, Utrecht Dr. Janneke Wittekoek, Cardioloog Stichting Actief Preventie Plan Dia 2 Vet in Historisch Perspectief simpele vetopstapelingsziekte
Zorg op maat voor diabetes mellitus type 2
Onderzoek Zorg op maat voor diabetes mellitus type 2 Anne Meike Boels, Rimke Vos, Guy Rutten, Bertien Hart Inleiding Methode De NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2 raadt aan om bij het behandelen van
Welke behandelstrategie bij obese type 2 patiënten: GLP 1 agonist!
1 Welke behandelstrategie bij obese type patiënten: GLP 1 agonist! Bruce H.R. Wolffenbuttel, internist endocrinoloog Universitair Medisch Centrum Groningen Afd. Endocrinologie: www.umcg.net Blog: www.gmed.nl
Kwaliteitsindicatoren diabetes type 2 (fase 2)
Kwaliteitsindicatoren diabetes type 2 (fase 2) Nederlandse Diabetes Federatie 033-4480845 [email protected] Stationsplein 139 3818 LE Amersfoort Kwaliteitsindicatoren diabetes type 2 (fase 2) De
Dit is een korte beschrijving van de insulinetherapie. Voor uitwerking en verdere informatie zie de bijlage met het volledige protocol.
Insuline protocol Auteur: Kaderhuisarts diabetes Daniel Tavenier Datum: September 2014 Dit is een korte beschrijving van de insulinetherapie. Voor uitwerking en verdere informatie zie de bijlage met het
NEDERLANDSE SAMENVATTING
NEDERLANDSE SAMENVATTING In de Westerse wereld vormen hart- en vaatziekten de belangrijkste oorzaken van ziekte en overlijden. Bij het ontstaan van hart- en vaatziekten speelt atherosclerose (slagaderverkalking)
Het syndroom van Klinefelter: Screening en opvolging van metabole afwijkingen. David Unuane Endocrinologie Klinefelter Kliniek, UZ Brussel
Het syndroom van Klinefelter: Screening en opvolging van metabole afwijkingen David Unuane Endocrinologie Klinefelter Kliniek, UZ Brussel Achtergrond Fenotype = grote variabiliteit Niet alle symptomen
} Omvang/aard van het probleem } Wat verandert er in de glucose huishouding } Voorbereiding en behandeling } Na de bevalling. } Insuline resistentie
Zwangerschapswens Wanneer doorverwijzen Beleid na een zwangerschapsdiabetes } Omvang/aard van het probleem } Wat verandert er in de glucose huishouding } Voorbereiding en behandeling } Na de bevalling
De ouder wordende diabetespatiënt. Allerlei typen ouderen. Getallen in Nederland
De ouder wordende diabetespatiënt Karin Daemen, internist Tergooiziekenhuizen, locatiehilversum Begin vorige eeuw infectieziektes Nu chronische ziektes hart-en vaatziekten kanker COPD diabetes gewrichtsaandoeningen
Behandeling Type 1 diabetes. Diabetes mellitus in vogelvlucht. Nieuwe ontwikkelingen in de. Behandeling van diabetes. Chronische behandeling diabetes
Diabetes mellitus in vogelvlucht Nieuwe ontwikkelingen in de behandeling van Diabetes Aantal diabetespatiënten wereldwijd in 2012 ca. 371 miljoen In 2025: 6% van de wereldbevolking Jaarlijks ca. 72.000
De nieuwe NHG diabetes-standaard: de patiënt centraal. EADV-regiobijscholing najaar 2013: Diabetes Mellitus & Vrouwen
De nieuwe NHG diabetes-standaard: de patiënt centraal Epidemiologie RIVM rapport april 2013: 800.000 mensen diabetes (1 jan 2011) 87.000 nieuwe patiënten per jaar erbij 90% Type 2 25% niet gediagnosticeerd
Glucose in beweging door beweging. Yvonne Krul internist in opleiding
Glucose in beweging door beweging Yvonne Krul internist in opleiding Vraag 1 Jongen van 18 jaar met type 1 diabetes speelt aankomend weekend kampioenswedstrijd voor de voetbal. Wat adviseert u t.a.v. de
Obesitas bij ortopedische ingrepen: challenge of contra-indicatie? Co-assistent: Philippe Leire Promotor: Dr. A. Kumar
Obesitas bij ortopedische ingrepen: challenge of contra-indicatie? Co-assistent: Philippe Leire Promotor: Dr. A. Kumar Kaart toenemende demografie obesitas The influence of obesity on total joint arthroplasty.
Nederlandse samenvatting
Dit proefschrift richt zich op statinetherapie in type 2 diabetespatiënten; hiervan zijn verschillende aspecten onderzocht. In Deel I worden de effecten van statines op LDLcholesterol en cardiovasculaire
Nederlandse samenvatting
Nederlandse samenvatting Cardiovasculaire Beoordeling na Hypertensieve Afwijkingen van de Zwangerschap Hypertensieve zwangerschapscomplicaties rondom de uitgerekende datum zijn veelvoorkomende complicaties.
Chapter 10. Samenvatting
Chapter 10 Samenvatting 1 Hoofdstuk 1 beschrijft de achtergrondinformatie van de relatie tussen intrauteriene groeivertraging, waarvan het lage geboortegewicht een uiting kan zijn, en de gevolgen in de
Richtlijn screening op diabetes type 2 goedgekeurd door ALV op 17 september 2015
Richtlijn screening op diabetes type 2 goedgekeurd door ALV op 17 september 2015 VSG2267-1 - Goedgekeurd door ALV op 17-09-2015 Inhoudsopgave Inleiding 3 Algemeen 3 Meting en nauwkeurigheid 3 Interpretatie
Welke behandeling voor obese type 2 patiënten? Gewoon insuline?
Welke behandeling voor obese type 2 patiënten? Gewoon insuline? Joost Hoekstra, internist, AMC Potentiële belangenverstrengeling Klinische Diabetologie AMC ontvangt sponsoring van cq doet projecten met
Update NHG standaard Diabetes mellitus type 2
Update NHG standaard Diabetes mellitus type 2 20 en 22 juni 2017 Mw. dr. H. E. Hart, huisarts en kaderhuisarts diabetes Leidsche Rijn Julius Gezondheidscentra Voorzitter DiHAG Stap 1 Metformine Metformine
Rudi Caron Diabetesteam Gasthuisberg Leuven
Rudi Caron Diabetesteam Gasthuisberg Leuven Diabetes: also a global disease Estimated global prevalence of diabetes In België :vandaag heeft 1/12 mensen diabetes 151 million 347 285 million 438 million
Gender differences in heart disease. Dr Danny Schoors
Gender differences in heart disease Dr Danny Schoors Women are meant to be loved, not to be understood Oscar Wilde (1854-1900) 2 05/01/16 Inleiding Cardiovasculaire ziekte 7 tot 10 jaar later dan bij mannen
Het BolusCal Educatieprogramma & Accu-Chek Aviva Expert:
Het BolusCal Educatieprogramma & Accu-Chek Aviva Expert: Een innovatie voor mensen die meermaaldaags insuline gebruiken. Deze innovatie biedt patiënten ondersteuning bij het berekenen en toedienen van
De nieuwe NHG standaard Diabetes Mellitus type 2
De nieuwe NHG standaard Diabetes Mellitus type 2 F. Holleman Belangenverstrengeling Academisch prestige: AMC Adviesraden: sanofi, Eli Lilly Onderzoekssponsoring: MSD Alle (neven)inkomsten afkomstig van
Info spot. Diabetes en depressie. Inleiding. Oktober - november - december 2011
Oktober - november - december 2011 Info spot Diabetes en depressie Inleiding Diabetes mellitus, ofwel suikerziekte, is een chronische stofwisselingsziekte die gekenmerkt wordt door een te hoog glucosegehalte
Diabetescafe 23-4-2014 Fokke Meima kaderhuisarts diabetes
Diabetescafe 23-4-2014 Fokke Meima kaderhuisarts diabetes Inventarisatie vragen Vetweefsel (grote adipocyten) ontstekingsfactoren (TNF, IL-6, etc) adiponectine inflammatie INSULINE Insuline effect Insuline
Samenvatting voor de geïnteresseerde leek
Chapter 10 Samenvatting voor de geïnteresseerde leek Gedurende de laatste decades is diabetes mellitus type 2 (DM2) veranderd van een relatief onschuldige aandoening van de, met name de oudere, mens in
Rol van dieet, samenstelling voeding en bewegen bij de behandeling van Nonalcoholic Fatty Liver Disease
Rol van dieet, samenstelling voeding en bewegen bij de behandeling van Nonalcoholic Fatty Liver Disease Saskia Tabak diëtist UMCG Er gaat niets boven Groningen! Inhoud Behandeling van NAFLD 1. Rol van
212
212 Type 2 diabetes is een chronische aandoening, gekarakteriseerd door verhoogde glucosewaarden (hyperglycemie), die wereldwijd steeds vaker voorkomt (stijgende prevalentie) en geassocieerd is met vele
Diabetes mellitus 2. Clara Peters, huisarts Mea de Vent, praktijkondersteuner
1 Diabetes mellitus 2 Clara Peters, huisarts Mea de Vent, praktijkondersteuner 2 Inhoud Epidemiologie Diagnostiek en behandeling in de diabetesketenzorg in Nederland Wat doet de praktijkondersteuner binnen
Koolhydraatbeperking S, M, L. Welke maat heeft je cliënt? Welkom Waarschuwing
Koolhydraatbeperking S, M, L. Welke maat heeft je cliënt? Welkom Waarschuwing 9 november 2015 Gent HarriëtVerkoelen.nl Insuline resistentie Achtergrond van insuline resistentie, de invloed hiervan op de
Internistisch perspectief
Management van diabetes & ACS Internistisch perspectief Max Nieuwdorp Academisch Medisch Centrum Amsterd Diabetes en hart en vaatziekten ~65% van alle sterfgevallen bij DM als gevolg van HVZ Dood door
Cystic Fibrosis Related Diabetes Mellitus. Sylvia Ockhorst en Renske van der Meer Haga Ziekenhuis
Cystic Fibrosis Related Diabetes Mellitus Sylvia Ockhorst en Renske van der Meer Haga Ziekenhuis Inventarisatie wensen Gang van zaken in de praktijk Screening: hoe, frequentie, wie? Diagnose: Criteria?
(On)zin van diabetes behandeling bij ouderen
symposium 11/10/14 (On)zin van diabetes behandeling bij ouderen Dr. K. Mortelmans Endocrinologie RZ HHart Leuven Belang Toenemende prevalentie type 2 diabetes Wijzigende levensgewoonte Vergrijzing Meer
SAMENVATTING. 140 Samenvatting
Samenvatting 140 Samenvatting SAMENVATTING Diabetes mellitus, ofwel suikerziekte, is een veelvoorkomende stofwisselingsziekte die gekenmerkt wordt door hyperglykemie (verhoogde bloedsuikerspiegels) als
Behandeling van diabetes type 2
Behandeling van diabetes type 2 Diabetes type 2 is de meest voorkomende vorm van diabetes: ongeveer negentig procent van de mensen heeft diabetes type 2. Hierbij is vaak sprake van een combinatie van factoren.
Ellen Govers. Waarom een dieet dat afwijkt van de RGV? Het dieet in 3 fasen Casussen Conclusies en aanbevelingen
Ellen Govers Waarom een dieet dat afwijkt van de RGV? Het dieet in 3 fasen Casussen Conclusies en aanbevelingen 1. patiënten kunnen goed afvallen op de Richtlijnen Goede Voeding 2. overgewicht behandelen
sportmedische voorlichtingsavond
sportmedische voorlichtingsavond kun je met diabetes wel een marathon lopen? Christine Oldenburg, internist 25 april 2016 Meander Medisch Centrum Maar eerst Hoe vaak komt diabetes voor? Is bewegen zo
Metabool syndroom. Bestaat het wel bij de oudere psychiatrische patiënt?
Metabool syndroom Bestaat het wel bij de oudere psychiatrische patiënt? Even voorstellen Casper Jansen Specialist ouderengeneeskunde Centrum voor ouderenpsychiatrie GGNet Sanne Wassink-Vossen Verpleegkundig
Wat is mijn cardiovasculair risicoprofiel? 27 september 2016 Herbert De Raedt Dienst cardiologie Onze Lieve Vrouw Ziekenhuis Aalst
Wat is mijn cardiovasculair risicoprofiel? 27 september 2016 Herbert De Raedt Dienst cardiologie Onze Lieve Vrouw Ziekenhuis Aalst Waarover Epidemiologie Pathofysiologie Risicofactoren Take home message
Samenvatting Samenvatting hoofdstuk 1 127
125 Samenvatting Het metabool syndroom is een clustering van risicofactoren, zoals overgewicht/obesitas, verhoogd cholesterol, hoge bloeddruk (hypertensie) en metabole insulineresistentie (verminderde
Samenvatting voor niet-ingewijden
voor niet-ingewijden Type 2 diabetes Diabetes is een ernstige chronische ziekte, die wordt gekenmerkt door te hoge glucosespiegels (de suikers ) in het bloed. Er zijn verschillende typen diabetes, waarvan
5-4-2012. Diabetes & Nierziekten Zelfcontrole en hypoglycemie. Inhoud. Hypoglycemie. Verschillende definities: NHG<3.5, ADA<3.
Diabetes & Nierziekten Zelfcontrole en hypoglycemie Ingrid de Vries, dialyseverpleegkundige Casper Franssen, internist-nefroloog Universitair Medisch Centrum Groningen Inhoud Hypoglycemie Verschillende
Als je diabetes hebt en ziek wordt
Als je diabetes hebt en ziek wordt 1 Iedere infectie induceert insuline resistentie en daarmee verhoogde insuline behoefte Anticiperend beleid Diabetes patiënten waarschuwen voor ontregeling bloedsuiker
Workshop diabetes en koolhydratenbeperking bij overgewicht. Graag in samenwerking
Workshop diabetes en koolhydratenbeperking bij overgewicht Graag in samenwerking Voor zowel kinderen als volwassenen zijn overgewicht en obesitas de belangrijkste risicofactoren voor de ontwikkeling van
Kwaliteitsindicatoren diabetes type 2 (fase 1)
Kwaliteitsindicatoren diabetes type 2 (fase 1) Nederlandse Diabetes Federatie 033-4480845 [email protected] Stationsplein 139 3818 LE Amersfoort Kwaliteitsindicatoren diabetes type 2 (fase 1) De
Chronische Nierschade in Nederland
Chronische Nierschade in Nederland Stadium GFR (ml/min/1,73m 2 ) Albuminurie > 30 mg/24 hr Prevalentie VS (%) Prevalentie Nederland (%) 1 >90 Ja 3,3 1,3 2 60-89 Ja 3,0 3,8 3 30-59 Ja/nee 4,3 5,3 4 15-29
Conflicts of Interest. Nieuwe versus oude behandelstrategieën: aanbevelingen voor de huisarts
Nieuwe versus oude behandelstrategieën: aanbevelingen voor de huisarts Dr. ST (Bas) Houweling, kaderhuisarts Langerhans lid NHG-standaardcommissie DM2 Nieuwe behandelstrategieën met oude middelen: aanbevelingen
Zorginhoudelijke indicatoren over de kwaliteit van de diabeteszorg voor patiënten met diabetes type 2.
Zorginhoudelijke indicatoren over de kwaliteit van de diabeteszorg voor patiënten met diabetes type 2. Nederlandse Diabetes Federatie 033-4480845 [email protected] Stationsplein 139 3818 LE Amersfoort
Dia-Fit: blended-care CGT voor chronische vermoeidheid bij diabetes type 1
Dia-Fit: blended-care CGT voor chronische vermoeidheid bij diabetes type 1 Effecten en verklarende mechanismen Juliane Menting Nivel, Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg NKCV, Nederlands
DIABETES EN LEEFSTIJL 7 JUNI 2018 MARTIJN CANOY
DIABETES EN LEEFSTIJL 7 JUNI 2018 MARTIJN CANOY DIABETES EN LEEFSTIJL 1. Hoe vaak komt het voor 2. Wat is diabetes 3. Welke vormen 4. Complicaties 5. Leefstijl 1. voeding 2. Roken 3. Bewegen 6. Overgewicht
Inhoud. Leefstijlinterventies met stip op 1! Voorbeeld van de PP: het effect van bloeddrukverlaging op sterfte. Over de zgn.
Leefstijlinterventies met stip op 1! Inhoud The Epidemiological Evidence Edith Feskens, [email protected] Waarom is rol voor leefstijl lang onderbelicht geweest? Voeding en Bloeddruk Preventie van type
Leefstijlinterventies met stip op 1!
Leefstijlinterventies met stip op 1! The Epidemiological Evidence Edith Feskens, [email protected] Inhoud Waarom is rol voor leefstijl lang onderbelicht geweest? Voeding en Bloeddruk Preventie van type
Wanneer en hoe opstarten van injecties bij onvoldoende Diabetescontrole Dr.Winne, Dr.Ghillebert, Dr.Terryn 28 mei 2010 AZ Damiaan
Deel 1 Wanneer en hoe opstarten van injecties bij onvoldoende Diabetescontrole Dr.Winne, Dr.Ghillebert, Dr.Terryn 28 mei 2010 AZ Damiaan Hetzorgtrajectdiabetes Inclusiecriteria 1 of 2 injecties insulinetherapie
Big trouble? Het Big 5 palet. Het Big 5 palet. Gevolgen overgewicht breder dan Big 5. Overgewicht. Relatie tussen overgewicht, diabetes, kanker
Big trouble? Het Big 5 palet Hart- en vaatziekten Astma / COPD Depressie B.H.R. Wolffenbuttel Afd. Endocrinologie & Stofw. ziekten Universitair Medisch Centrum Groningen Welke belangrijke risicofactor
Wat te bespreken. De Eeuw van chronische ziekten. risico ziekten en lifestyle. Trends in obesitas Nederland 1981-2003
De Eeuw van chronische ziekten Wat te bespreken Diabetes type 1 in relatie reumatische klachten Relaties tussen chronische ziekten? Diabetes type 2 in relatie reumatische klachten risico ziekten en lifestyle
28/01/2019. Werking kinderdiabetesteam Brugge. Hoe verloopt de normale insulinesecretie. De behandeling van diabetes type 1.
De behandeling van diabetes type bij kinderen Dr. Sylvia Depoorter BASISPRINCIPES IN DE BEHANDELING VAN DIABETES TYPE BIJ KINDEREN De behandeling van diabetes type bij kinderen Brugge Diabetes kinderconventie
Workshop dialyse en diabetes
Workshop dialyse en diabetes Pretest: 5 minuten Inge Dempsey,, diabetesverpleegkundige EADV Paul Leurs, nefroloog 14 februari 2008 Beatrixhal Utrecht Prevalentie ESRD bij DM in US Prevalentie diabetes
Dieetbehandelingsprotocol Diabetes mellitus (Elsevier)
Dieetbehandelingsprotocol Diabetes mellitus (Elsevier) Doelgroep Mensen met diabetes mellitus (Para)medische gegevens, ziektebeeld, diagnose Type 1 Sterk verhoogd glucose gehalte in het plasma van nuchter
Nederlandse Samenvatting
Nederlandse Samenvatting Het aantal mensen met een gestoorde nierfunctie is de afgelopen decennia sterk toegenomen. Dit betekent dat er steeds meer mensen moeten dialyseren of een niertransplantatie moeten
Landelijk Diabetes Congres 2016
Landelijk Diabetes Congres 2016 Insuline Pompen, zelfcontrole en sensoren, need to know Thomas van Bemmel, Internist Gelre Ziekenhuis Apeldoorn Disclosures (potentiële) belangenverstrengeling zie hieronder
Back to lipids lange termijn effecten van sta6nes
Back to lipids lange termijn effecten van sta6nes Prof Dr Johan De Su.er Universiteit Gent AZ Maria Middelares Gent Sta:ne gebruikers in België : 2005-2015 CM rapport 2015 ZIV uitgaven voor sta:nes: 2005-2015
