Verplichte oefeningen
|
|
|
- Rudolf Guus van de Velde
- 6 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Verplichte oefeningen Een voltigewedstrijd bestaat uit twee onderdelen, de verplichte oefeningen en de kun Beide onderdelen bepalen samen het totaal cijfer van de wedstrijd, elk onderdeel telt 50% in de eindcijfer. In de klasse BE 3* solo bestaat een wedstrijd uit drie onderdelen, de verplichte oefeningen, de Technische Test en de Kir. Algemeen : Elke statische verplichte oefening moet 4 galopsprongen/4 stappassen worden volgehouden Elke oefening mag in principe eenmaal getoond worden. Indien herhaling volgen aftrekpunten De oefeningen moeten binnen vastgestelde volgorde en vastgestelde tijd getoond worden.
2 2.1 - Opsprong Iedere serie van verplichte oefeningen begint met de opsprong tot voorwaartse zit. De opsprong bestaat uit 4 fasen: Sprongfase Zwaaifase Opdruk/uitdrukfase Landingsfase Nadat de voltigeur met beide voeten springt, zwaait het rechterbeen meteen zo hoog mogelijk omhoog. Waarbij de heupen hoger zijn dan het hoofd en het linkerbeen naar beneden gestrekt blijft. De schouders en heupen zij parallel aan de schouderas van het paard. Wanneer de heupen het hoogste punt hebben bereikt, wordt het rechterbeen gestrekt naar beneden gebracht en landt de voltigeur in een opgerichte zit op het midden van de paardenrug. : Hoogte en positie van het lichaamszwaartepunt Basisscores n. 0 Al _ 1.. ti Handstand positie met een rechte, nagenoeg verticale lichaamsas. De benen zijn in een spagaat in een verticale lijn met het linkerbeen naar beneden. De heupen en schouders zijn op het hoogste punt parallel aan de schouderas van het paard r Uchaamsas is recht tot circa 70%, maar armen zijn niet uitgestrekt. De benen zijn in een spagaat In een verticale lijn met het linkerbeen naar beneden. De heupen en schouders zijn op het hoogste punt parallel aan de schouderas van het paard. nnil, á 'NI 6, Lichaamsas is recht tot 30%, maar armen zijn niet uitgestrekt. De benen zijn in een spagaat In een verticale lijn met het linkerbeen naar beneden. Het Hchaamszwaarte punt Is niet boven de grepen. De heupen en schouders zijn op het hoogste punt parallel aan de schouderas van het paard. 5 F Ne4(' 1 :11, e..., vaitte. De schouders zijn lager dan de grepen en aan de binnenzijde van het paard tijdens het hoogste punt van de opsprong. Het lichaamszwaartepunt bereikt de hoogte van de paardenrug.
3 2.2 Zitten Voorwaartse zit - De voltigeur zit voorwaarts, rechtop, aangespannen, in het midden, onmiddellijk achter de beugel. De benen naar beneden en aangesloten aan het paard. Langs de schouder, heup en hiel kan je een denkbeeldige verticale lijn trekken. De benen zijn gestrekt naar beneden en de voorkant van de knieën, enkels en tenen zo veel mogelijk een rechte lijn naar voren wijzend. De schouders van de voltigeur zijn parallel aan de schouders van het paard. De handen van de voltigeur zitten aan de handgrepen. Vrije zit De voorwaartse zit waarbij de armen tegelijk gestrekt en aangespannen zijwaarts van de voltigeur worden gebracht, met de toppen van de vingers op ooghoogte. Baslszlt in de klasse BE Basic wordt de basiszit gevraagd. Dit heeft In basis dezelfde opbouw als de voorwaartse zit maar hierbij warden de handen In de zij gezet met de vingers naar voren en de duimen naar achteren. Beweging In harmonie met het paard uitgevoerd Zit, balans en houding 5 Benen zijn extreem naar voren, knieën zijn onvoldoende gestrekt. (Stoelzit) i 4 Benen zijn te ver naar achteren, holle rug, zit niet op belde zitbeenknobbels. (vorkzlt) fl 2.3 Bank Vanuit de voorwaartse zit worden de benen iets naar voren opgetild. Dan zwaaien beide benen gestrekt naar achteren, de bovenkant van de voeten landen op het kruis van het paard Daarna wordt In één vloeiende beweging doorgegaan tot de bankpositie door de knieën te buigen. In de bank liggen de gehele onderbenen aangesloten aan het paard, aan weerszijde van de wervelkolom, waarbij de voeten recht naar achteren wijzen. De heupen en knieën zijn gebogen In een hoek van bijna 90 graden. De handen zijn aan de grepen en de schouders bevinden zich boven de grepen. De ellebogen wijzen naar achteren. De schouders en heupen zijn op gelijke hoogte en parallel aan de schouders en heupen van het paard. Om de oefening te beëindigen strekt de voltigeur belde benen tegelijk en glijdt zacht In de voorwaartse zit.
4 Beweging In harmonie Met het paard uitgevoerd Balans en houding Basisscores: 500V een t Het gewicht is evenredig verdeeld over de beide armen/handen en de beide onderbenen. De heupen en schouders zijn parallel aan de heupen en schouders van het paard. De heupen hebben een hoek van 90 en de schouders zijn boven de grepen, De rug Is recht en het hoofd opgericht. S I i 7 Het gewicht Is evenredig verdeeld over de belde armen/handen en de beide onderbenen. De heupen en schouders zijn parallel aan de heupen en schouders van het paard. De heupenhoek Is groter of kleiner dan 90 en de schouders zijn boven de grepen. De rug is recht en het hoofd opgericht. 5 Het gewicht Is evenredig verdeeld over de beide armen/handen en de belde onderbenen. De heupen en schouders zijn parallel aan de heupen en schouders van het paard. De rug is recht en het hoofd opgericht. 2.4 Vlag Vanuit de voorwaartse zit worden de benen iets naar voren opgetild. Dan zwaaien beide benen gestrekt naar achteren, de bovenkant van de voeten landen op het kruis van het paard Daarna wordt in één vloeiende beweging doorgegaan tot de bankpositie door de knieën te buigen. De voltigeur land met beide benen diagonaal over de rug van het paard. De binnenknie aan de binnenzijde van de wervelkolom van het paard en de tenen van het binnenbeen van de voltigeur liggen aan de buitenzijde van de wervelkolom. Dan worden buitenbeen en binnenarm tegelijk uitgebracht naar een gestrekte positie, waarbij de hand en de voet net boven het hoofd van de voltigeur uitkomen. De buitenhand blijft aan de greep en de schouders zijn recht boven de grepen. De schouders en heupen zijn parallel aan de schouders en heupen van het paard. Het gewicht Is evenredig verdeeld over de buitenarm en het gehele binnenonderbeen. Om de oefening te beëindigen pakt de voltigeur met de binnenhand de greep weer vast en strekt beide benen naar beneden en gliidt zacht in voorwaartse zit. E-vlag Bij de klasse BE Basic en Youngster wordt in basis de vlag getoond zoals hierboven omschreven, alleen hierbij wordt alleen het buitenbeen uitgestrekt en beide handen blijven aan de grepen. Om de oefening te beëindigen strekt de voltigeur beide benen naar beneden en glijdt zacht in voorwaartse zit. Beweging In harmonie met het paard uitgevoerd Balans en souplesse (met name schouder en heup)
5 Basisscores: I 9 r Correcte uitvoering van de techniek, met een opgerichte houding. Waarbij de beweging van het paard volledig wordt geabsorbeerd In de gewrichten. 8 i Correcte uitvoering van de techniek. P" I I 5 I i - Bankpositie is correct, rechterheup is uitgedraaid. Met een geringe oprichting in linkerarm en rechterheup. i 2.5-Knielen Let op: In de klasse BE Youngster dient het knielen rechtstreeks vanuit de voorwaartse ligsteun te worden uitgevoerd. De voltigeur knielt gelijktijdig op beide onderbenen. De benen liggen aan weerszijden van de wervelkolom van het paard. De knielen liggen direct achter de singel en het hele onderbeen Is in contact met het paard, waarbij het gewicht gelijkmatig verdeeld is over het hele contactoppervlak. De grepen worden losgelaten, het bovenlichaam wordt opgericht en de armen worden naar voren gestrekt tot op schouderhoogte. De blik is naar voren gericht en de heupen nagenoeg gestrekt. Om de oefening te beëindigen pakt de voltigeur met beide handen de grepen weer vast, strekt beide benen tegelijk en glijdt zacht weer in de voorwaartse zit.. Balans en houding
6 Basisscores: Gewicht is gelijkmatig verdeeld over de belde onderbenen. De heupen zijn nagenoeg gestrekt, het bovenlichaam Is opgericht _... en de armen zijn naar gestrekt, waarbij de schouders -- ontspannen zijn. 7 Gewicht Is gelijkmatig verdeeld over de beide onderbenen, de heupen zijn gebogen (70%). Het bovenlichaam en armen zijn gestrekt. 5 Gewicht is gelijkmatig verdeeld over beide onderbenen, de armen gestrekt naar voren. De heupen zijn nauwelijks gestrekt (30%). 2.6 Molen Vanuit de voorwaartse zit maakt de voltigeur een rotatie op de rug van het paard in 4 gelijke fases. Elk been wordt om de beurt gestrekt opgetild en In een wijde boog over het paard gebracht zonder dat de voltigeur de correcte zitpositie verliest. Het andere been blijft naar beneden en in contact met het paard. Beide zitbeenknobbels blijven aan het paard en het bovenlichaam blijft opgericht en aangespannen. Het hoofd en bovenlichaam draaien gelijktijdig mee met Iedere boog van liet been. De voltigeur mag zelf het moment van loslaten en vastpakken van de grepen bepalen. Elke fase van de molen wordt in 4-takt uitgevoerd. Fase 1: Het rechterbeen wordt over de hals gebracht, hierbij worden de grepen losgelaten en weer vastgepakt als het been voorbij komt. Fase 1 eindigt met het binnenwaarts zitten van de voltigeur waarbij hij naar het midden van de cirkel kijkt. Hoofd en schouder zijn In lijn met de lengte as van het paard, waarbij de benen aangesloten en in contact met het paard zijn. Fase 2: Het linkerbeen wordt over het kruis van het paard gebracht. Fase 2 eindigt als de voltigeur rechtop achterwaarts zit. Fase 3: Het rechterbeen wordt over het kruis van het paard gebracht. Fase 3 eindigt met het buitenwaarts zitten van de voltigeur, waarbij hij naar de buitenkant van de cirkel kijkt. Hoofd en schouder in lijn met de lengte as van het paard, waarbij de benen aangesloten en in contact met het paard zijn. De handen worden van positie op de grepen gewisseld. Fase 4: Het linkerbeen wordt over de hals van het paard gebracht, hierbij worden de grepen losgelaten en weer vastgepakt als het been voorbij komt. Fase 4 eindigt met een voltigeur die naar voren kijkt in een voorwaartse zit.. E-molen In de klasse BE Basic en Youngster wordt de E-molen getoond. De E-molen bestaat uit de volgende fases: voorwaartse zit, binnenwaartse zit, voorwaartse zit, buitenwaartse zit en voorwaartse zit. Halve molen In de klasse BE 1* wordt de halve molen getoond. Hierbij worden alleen fase len 2 van de molen getoond. Zit, houding, souplesse, lenigheid en ritme
7 , 0 Bovenlichaam en been (welke wordt overgebracht) zijn nagenoeg verticaal, -NI 7 / Bovenlichaam nagenoeg verticaal, been beschrijft cirkel van 4? I Te ver achterover leunen met bovenlichaam. 2.7 Afsprong binnen- en buitenwaarts Vanuit voorwaartse zit tilt de voltigeur gestrekt het buitenbeen (of binnenbeen voor buitenwaartse afsprong) in een wijde cirkel over de hals van het paard. Het bovenlichaam blijft opgericht en zo goed als verticaal, het binnenbeen (buitenbeen voor buitenwaartse afsprong) blijft aangesloten naar beneden, in contact met het paard. De grepen worden losgelaten en weer vastgepakt als het opgetilde been voorbij komt. Als het opgetilde been in de richting van het voorbeen van het paard wijst, wordt het binnenbeen (buitenbeen voor buitenwaartse opsprong) opgetild en aangesloten. De voltigeur strekt de heupen en duwt zich iets zijwaarts, waarbij het lichaam in de looprichting van het paard draait en laat de grepen los. De voltigeur landt op beide voeten in de looprichting van het paard. Zit, houding, souplesse en landing 12Cialali4V1 cc. 1 Bovenlichaam en been (welke wordt overgebracht) zijn nagenoeg 0 verticaal. Tijdig afduwen en zachte landing op beide voeten. 7 Bovenlichaam nagenoeg verticaal. been beschrijft cirkel van 45. Tijdig afduwen en zachte landing op beide voeten "N-..1H 1
8 5 Te ver achterover leunen met bovenlichaam. Zachte landing op beide voeten. 2.8 Opzwaaien Opzwaai naar voorwaartse ligsteun Vanuit de voorwaartse zit worden beide benen gestrekt naar voren opgetild en daarna gestrekt naar achter gezwaaid. De bovenkant van de voeten landen op het kruis van het paard. De voltigeur landt zacht midden op het paard, met twee benen tegelijk, hierbij vormen de schouders, heupen en enkels een rechte lijn. De armen worden in het zwaaimoment gestrekt op de grepen. De ligsteun dient 4 galopsprongen volgehouden te worden. Vanuit de voorwaartse ligsteun wordt overgegaan naar het knielen. Voorwaarts opzwaaien Vanuit de voorwaartse zit worden beide benen gestrekt naar voren opgetild en daarna gestrekt naar achter gezwaaid. Het hele lichaam wordt gestrekt gezwaaid naar handstandpositie, de benen zijn hierbij gesloten, de armen worden uitgeduwd naar een maximale hoogte. Het betreft een dynamische oefening zonder onderbreking. De voltigeur landt zacht midden op het paard. Balans en houding Correcte techniek en nagenoeg handstandpositie. Zachte landing tot een opgerichte voorwaartse zit 41
9 7 - e Recht/gestrekt lichaam van schouders tot voeten, met een hoek van 45 0 tot de bovenlijn van het paard. De armen zijn maximaal gestrekt. Zachte landing tot een opgerichte voorwaartse zit. 5 n N ACH 4 ell 1 e I il I I IIiir ) Recht/gestrekt lichaam van schouders tot voeten, met een hoek van 20 tot de bovenlijn van het paard. De armen zijn gebogen gedurende de hele beweging. Zachte landing tot een opgerichte voorwaartse zit. Achterwaarts opzwaaien Vanuit de achterwaartse zit zwaait de voltigeur de gestrekte en op heupbreedte gespreide benen op. Hierbij de heupen zo hoog als mogelijk brengend. De heupen en voeten bereiken gelijktijdig het hoogste punt. De armen worden uitgeduwd om een maximale hoogte te verkrijgen. De hoek tussen de armen en het lichaam is zo groot mogelijk. De voltigeur landt zacht in een achterwaartse zit midden op het paard. Coördinatie van de beweging en de hoogte Lni Man 90' De verticale lijn tot het bovenlichaam is circa 90 0 en de hoek tussen de benen en het bovenlichaam is minder dan 90. ns \... é! ' lateds11* isli: ' 8 De verticale lijn tot het bovenlichaam is circa 45 en de hoek tussen de benen en het bovenlichaam is minder dan 90.,.,,.
10 6 4 De verticale lijn tot het bovenlichaam is circa 20'en de hoek tussen de benen en het bovenlichaam is minder dan 90. ar 20 a ri t w 90' De verticale lijn tot het bovenlichaam is circa 20 en de hoek tussen de benen en het bovenlichaam is meer dan 90., t'. 2. Schaar De schaar bestaat uit twee delen. Elk onderdeel krijgt apart een cijfer. Schaar 1e deel De beweging van de schaar is een zwaaibeweging met een rotatie rond de verticale lichaamsas. Vanuit de voorwaartse zit worden beide benen gestrekt gezwaaid naar een bijna handstandposifie, de armen worden uitgestrekt naar een maximale hoogte. Zonder onderbreking in deze beweging, draait de voltigeur zijn lichaam naar links. Op het hoogste punt van de zwaai zijn de heupen een kwart gedraaid, zodat de buik van de voltigeur richting de longeur is. De eerste fase is voltooid als de voltigeur is geland in achterwaartse zit. Coördinatie van de schaarbeweging en de hoogte... Correcte techniek (heupen zijn minimaal een kwart gedraaid op het hoogste punt van de zwaai) en nagenoeg handstandpositie 0) 7 Recht/gestrekt Schaam dat tot 45 omhoog zwaait met een correcte techniek (heupen zijn minimaal een kwart gedraaid op het hoogste punt van de zwaai). / ---
11 5 /!priors. jok,... 7,... Recht/gestrekt lichaam, waarbij de heupen niet hoger komen dan de schouders met een correcte techniek (heupen zijn minimaal een kwart gedraaid op het hoogste punt van de zwaai). ',< 5 Handstandpositie, zonder dat de heupen zijn gedraaid op het hoogste punt van de zwaai. Schaar 2 deel Vanuit achterwaartse zit zwaait de voltigeur de gestrekte benen naar boven, hierbij de heupen en voeten zo hoog mogelijk brengend. De armen worden uitgestrekt om een maximale hoogte te verkrijgen. De hoek tussen de armen en het lichaam is zo groot mogelijk. De heupen en voeten bereiken gelijktijdig het hoogste punt. Zonder onderbreking in deze beweging, draaien de heupen naar rechts zodat de benen elkaar kruisen en passeren op het hoogste punt. De benen van de voltigeur beschrijven een hoge boog op gelijke afstand van de grond. De 2e fase eindigt als de voltigeur zacht in voorwaartse zit is geland. Coördinatie van de schaarbeweging en de hoogte
12 LnIionO De verticale hoek van het bovenlichaam is circa 90, waarbij de hoek tussen de benen en het bovenlichaam minder is dan Len nen 0 r"! k. De verticale hoek van het bovenlichaam is circa 45, waarbij de hoek tussen de benen en het bovenlichaam meer is dan 90'. :if-- ; Anund 45'. 6.1 Len non De verticale hoek van het bovenlichaam is circa 200, waarbij de hoek tussen de benen en het bovenlichaam minder is dan a Metelban VO' ri... N... De verticale hoek van het bovenlichaam is circa 20, waarbij de hoek tussen de benen en het bovenlichaam meer is dan Staan Vanuit voorwaartse zit knielt de voltigeur zacht met beide benen tegelijk op de paardenrug, onmiddellijk gevolgd door zacht doorspringen op beide voeten. Het hoofd blijft opgericht en de blik naar voren. De voeten blijven aan het paard en het gewicht wordt gelijk verdeeld over de gehele voet gedurende de gehele oefening. De voeten staan maximaal op heupbreedte en de voeten wijzen naar voren. De grepen worden tegelijk losgelaten en de voltigeur komt overeind tot een staande positie en vormt een rechte lijn van schouder, heupen en hielen. Onmiddellijk worden de armen zijwaarts gestrekt en de toppen van de vingers zijn op ooghoogte. In het afbouwen van de oefening, gaat de voltigeur met beide armen tegelijk terug naar de grepen, het hoofd blijft opgericht en de blik naar voren, met gestrekte benen glijdt de voltigeur naar de voorwaartse zit. Balans en houding Basisscores:
13 i Een opgericht bovenlichaam, dat een verticale lijn i vormt via schouder, heup en enkel. Waarbij de knieën 1 optimaal gestrekt zijn en toch de beweging van het paard absorberend. n-ni NT\ 5 Bovenlichaam is circa 45 voor de verticale lijn Flanken Afflank naar binnen Vanuit de voorwaartse zit worden beide benen gestrekt, opgezwaaid naar een bijna handstandpositie en de armen uitgedrukt om te komen tot een maximale hoogte. Op het hoogste punt duwt de voltigeur zich van de grepen af en krijgt hierdoor maximale hoogte en een vluchtfase en landt aan de binnenkant van de volte op beide voeten met het gezicht in de richting waarin het paard galoppeert. Hoogte en positie van het lichaamszwaartepunt Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 90 tot de bovenlijn van het paard. Met extra hoogte en maximale strekking van de armen in de vluchtfase. Zachte en correcte landing aan de binnenkant. fl It 7Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 45 tot de bovenlijn van het paard. De armen worden gestrekt nadat het hoogste punt is bereikt. Zachte en correcte landing aan de binnenkant. [ vii \
14 5 Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 20 tot de bovenlijn van het paard. De armen zijn gebogen gedurende de hele beweging. Zachte en correcte landing aan de binnenkant. e Flank 1 deel en afsprong naar binnen Vanuit de voorwaartse zit worden beide benen gestrekt opgezwaaid naar handstandpositie, met gesloten benen, en de armen worden uitgedrukt om te komen tot een maximale hoogte. Zonder onderbreking in de beweging worden op het hoogste punt de heupen scherp ingehoekt. De onderbenen komen naar beneden in een bijna verticale positie. De voltigeur glijdt zacht tot binnenwaartse zit, hierbij maakt de buitenkant van het rechteronderbeen het eerst contact met het paard. Het bovenlichaam is opgericht. Vanaf de binnenwaartse zit draait de voltigeur zijn bekken en bovenlichaam in voorwaartse richting. Na een kort en vloeiend contact van het rechter bovenbeen met het paard, met gesloten benen en gestrekte heup, duwt de voltigeur zich tegen de handgrepen opwaarts en naar achteren (en ietwat naar binnen) weg van het paard. De handgrepen worden losgelaten en de voltigeur landt met de benen op heupbreedte van elkaar, springt op, heup en schouders parallel aan de schouder van het paard en rent in de gelijke richting van het paard. Flank De flank bestaat uit twee delen. Elk onderdeel krijgt apart een cijfer. Flank le deel Vanuit de voorwaartse zit worden beide benen gestrekt opgezwaaid naar handstandpositie en de armen worden uitgedrukt om te komen tot een maximale hoogte. Zonder onderbreking in de beweging worden op het hoogste punt de heupen scherp ingehoekt. De onderbenen komen naar beneden in een bijna verticale positie. De voltigeur glijdt zacht tot binnenwaartse zit, hierbij maakt de buitenkant van het rechteronderbeen het eerste contact met het paard. Daarna gaat de voltigeur terug naar voorwaartse zit door het rechterbeen gestrekt over de hals te brengen, het linkerbeen blijft naar beneden, aangesloten aan het paard. Het bovenlichaam is opgericht. Hoogte en positie van het lichaamszwaartepunt Basisscores: Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 900 tot de bovenlijn van het paard. Hierbij zijn de armen maximaal uitgestrekt. De landing is zacht en in een correcte binnenwaartse zit.
15 7 Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 45 0 tot de bovenlijn van het paard. De armen worden gestrekt nadat het hoogste punt is bereikt. De landing is zacht en in een correcte binnenwaartse zit. 5 ni\t"--"y : Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 200 tot de bovenlijn van het paard. De armen zijn gebogen gedurende de hele beweging. ylalc%nl n\'.gn% Pi Flank 2e deel Vanuit de voorwaartse zit worden beide benen gestrekt, opgezwaaid naar een bijna handstandposifie en de armen uitgedrukt om te komen tot een maximale hoogte. Op het hoogste punt duwt de voltigeur zich van de grepen af en krijgt hierdoor maximale hoogte en een vluchtfase en landt aan de buitenkant van de volte op beide voeten met het gezicht in de richting waarin het paard galoppeert. Hoogte en positie van het lichaamszwaartepunt Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 90 tot de boven* van het paard. Met extra hoogte en maximale strekking van de armen in de vluchtfase. Zachte en correcte landing aan de buitenkant. C 7 Het lichaam vormt een rechte rijn van armen tot voeten met een hoek van 45 tot de bovenlijn van het paard. De armen warden gestrekt nadat het hoogste punt is bereikt. Zachte en correcte landing aan de buitenkant.
16 5 e Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 200 tot de bovenlijn van het paard. De armen zijn gebogen gedurende de hele beweging. Zachte en correcte landing aan de buitenkant. Flank klasse 3 3 De flank bestaat uit twee delen. Elk onderdeel krijgt apart een cijfer. Flank le deel Vanuit de voorwaartse zit worden beide benen gestrekt opgezwaaid naar handstandpositie en de armen worden uitgedrukt om te komen tot een maximale hoogte. Zonder onderbreking in de beweging worden op het hoogste punt de heupen scherp ingehoekt. De onderbenen komen naar beneden in een bijna verticale positie. De voltigeur glijdt zacht tot binnenwaartse zit, hierbij maakt de buitenkant van het rechteronderbeen het eerst contact met het paard. Het bovenlichaam is opgericht. Hoogte en positie van het lichaamszwaartepunt Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 900 tot de bovenlijn van het paard. Hierbij zijn de armen maximaal uitgestrekt. De landing is zacht en in een correcte binnenwaartse zit. r.---"\ nit?" Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 45 0 tot de bovenlijn van het paard. De armen worden gestrekt nadat het hoogste punt Is bereikt. De landing is zacht en in een correcte binnenwaartse zit. 5 Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 200 tot de bovenlijn van het paard. De armen zijn gebogen gedurende de hele beweging.
17 Flank 2e deel Vanuit de binnenwaartse zit worden beide benen gesloten en gestrekt, opgezwaaid naar een bijna handstandpositie en de armen worden uitgedrukt om te komen tot een maximale hoogte. Op het hoogste punt duwt de voltigeur zich van de grepen af en krijgt hierdoor maximale hoogte en een vluchtfase en landt aan de buitenkant van de volte op belde voeten met het gezicht in de richting waarin het paard galoppeert. Hoogte en positie van het lichaamszwaartepunt Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 90 tot de bovenlijn van het paard. Met extra hoogte en maximale strekking van de armen In de vluchtfase. Zachte en correcte landing aan de buitenkant. II 7 Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 45 tot de bovenlijn van het paard. De armen worden gestrekt nadat het hoogste punt is bereikt. Zachte en correcte landing aan de buitenkant. F <1(n 5 1 lier -- Ier Het lichaam vormt een rechte lijn van armen tot voeten met een hoek van 200 tot de bovenlijn van het paard. De armen zijn gebogen gedurende de hele beweging. Zachte en correcte landing aan de buitenkant.
Disciplinereglement Voltige
Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie Disciplinereglement Voltige Ingangsdatum 1 maart 2007 Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie De Beek 125, 3852 PL Ermelo Postbus 3040, 3850 CA
Posities van de voeten
Posities van de voeten 1 e positie: De hielen aan elkaar, de voeten naar buiten gedraaid, gelijk aan de schouderlijn. De voeten staan met de hele voetzolen op de grond. 2 e positie: De voeten naar buiten
2012 Editie v1.0 EquestrianMassage.nl F.S.A. Tuinhof. Oefeningen voor een gezond lichaam en geest
2012 Editie v1.0 EquestrianMassage.nl F.S.A. Tuinhof Oefeningen voor een gezond lichaam en geest De Soldaat Dit is de eerste van de vier warming up oefeningen waarbij het doel is de hartslag te verhogen
Yogales mei Ademoefening Prana Mudra!
Yogales mei 2019 Staan Plaats de voeten onder de heupen. Je voeten licht naar binnen gedraaid. Je voeten staan stevig op de grond. Voel je in verbinding staan met de aarde. De knieën zijn zacht. Ga met
Statische rekoefeningen
Statische rekoefeningen Bovenlichaam Lage rugspieren Ga met je zitvlak op je hakken zitten. Duw je handen over de grond naar voren en buig je rug. Rek zover mogelijk uit. Kijk naar de grond. Houd deze
Uitwerking VOORBEELD vrije oefening Meso Teamgym
1 e deel: tempo telling erg traag (vergelijkbaar met een dodenmars), tellen tot 4 2 e deel: tempo snel (snelle mars), tellen tot 8 Na pieptoon opmaat van circa 3 tellen, tel 1 van maat 1 begint met pianospel
Hieronder staan enkele voorbeeld rekoefeningen voor het onderlichaam:
Rekoefeningen onderlichaam Hieronder staan enkele voorbeeld rekoefeningen voor het onderlichaam: Bilspieren Ga op de rug liggen. Hef de rechterknie en houd deze met beide handen vast. Trek de rechterknie
Core Stability - serie 1
Inleiding Schaatsers zijn vaak zeer eenzijdig ontwikkeld, omdat veel trainingen die we voor het schaatsen doen, vooral gericht zijn op het verbeteren van de beenspieren. Met Core Stability train je je
Zomerfit Pagina 1 van 5
Zomerfit Pagina 1 van 5 1. Brug in ruglig met calf raises Neem plaats in ruglig met de kniëen gebogen, waarbij de voeten plat op de mat staan. Til het bekken op tot een brugpositie en ga op de tenen staan.
Lenigheidtrainingsschema - niveau 1
Lenigheidtrainingsschema - niveau 1 Oefening 1 - back cat Aandachtsgebied: onderste en bovenste rugspier Ga op uw knieën zitten. Zorg dat deze onder uw heupen staan. Uw tenen wijzen naar achteren. Plaats
De 11+ Een compleet warming-up programma
De 11+ Een compleet warming-up programma Deel 1 & 3 A A }6m Deel 2 B A: Hardlopen B: Jog terug B! ORGANISATIE A: Running OP HET exercise VELD B: Jog back Het parcours bestaat uit 6 paren evenwijdig geplaatste
Rijtechniek Springen. Fases van de sprong en verlichte zit
Rijtechniek Springen p Fases van de sprong en verlichte zit Doelstelling van de les De student kan de verschillende fases van de sprong benoemen en herkennen. De student kan aangeven hoe de houding van
小洪拳 XiaoHongQuan - kleine golvende vuistvorm
小洪拳 XiaoHongQuan - kleine golvende vuistvorm De beschrijving hieronder is algemeen en kan afwijken van de manier waarop die in de verschillende scholen geleerd wordt. Opening Je staat recht de voeten zijn
GET FIT 2 HIKE Rompstabilisatie
Rompstabilisatie Superman handen- en knieënsteun Ik strek mijn arm (of ) Ik strek mijn arm en tegenovergesteld elk / elke arm 2 seconden houden Superman met tikken handenen knieënsteun Ik strek mijn arm
Houding en zit van de ruiter
Houding en zit van de ruiter 1. Essentie/belang van een correcte houding en zit 2. Houding en zit algemeen 3. Hoe leert iemand bewegen 4. Verschillende zitten 5. De klassieke en onafhankelijke zit 6. Het
BodyBow Gebruikersgids
BodyBow Gebruikersgids De BodyBow wordt gebruikt voor drie doeleindes: * mobiliteit van wervelkolom, armen en benen te verhogen * kracht van wervelkolom, armen en benen te verhogen * stabiliteit van wervelkolom
kijkwijzers. De voortgezet onderwijs leefstijl cursus voor in de gymles!
Schouders Ga met je linkervoet goed stevig op de dynaband staan en houd met je rechterhand de dynaband vast. Strek je arm naar de rechterzijkant uit tot boven je schouder en kijk je rechterhand na. Breng
Yogales maart 2019!! Bewust staan
Yogales maart 2019 Bewust staan Ga staan met je voeten heupbreedte, voorvoeten licht naar binnen, voel hoe de hiel van je voet contact maakt met de grond, voel de buitenkanten van de voet op de grond voel
Eenvoudige bovenbeen spieroefeningen
Oefeningen menselijk lichaam Eenvoudige bovenbeen spieroefeningen Eenvoudige oefeningen voor de bovenbeen spieren bijvoorbeeld na een operatie aan het kniegewricht of immobilisatie van het kniegewricht.
Oefenprogramma revalidatie rechterzijde
Oefenprogramma revalidatie rechterzijde Dit oefenprogramma ontvangt u van uw revalidatiearts. Oefen dit programma bij voorkeur 2x per dag. Oefeningen moet u pijnvrij kunnen doen, en adem door! In de oefengids
2. De V-Beweging De V-Beweging of V-sit is een oefening waarmee je vrijwel alle buikspieren goed kunt trainen.
1. De Halve Banaan De halve banaan is een van de meest populaire buikspieroefeningen. Het is voor beginners een prima oefening om uit te voeren. Hierbij kun je er zelf voor kiezen hoever je bovenlichaam
Oefeningen voor beenspieren
Oefeningen voor beenspieren Borstpass op één been Gooi de bal heen en weer. Staan op je rechtervoet betekent gooien met de linkerarm en andersom. Vang de bal met beide handen en gooi hem terug met één
Bijscholing voltige instructeurs 21-12-2014 Doreth Chatwick, José Oost, Diana van Klaveren & Roos Hanemaaijer-Slottje
Bijscholing voltige instructeurs 21-12-2014 Doreth Chatwick, José Oost, Diana van Klaveren & Roos Hanemaaijer-Slottje Opsprong Opbouw van het aanleren van de oefening: 1. Kaatsen als plank, tot steun met
Yoga les bovenbouw: Zonnegroet: Klassieke zonnegroet
Yoga les bovenbouw: Deze yogales is bedoeld voor kinderen van 8-12 jaar, de bovenbouw. In het begin zal de focus liggen op het uitvoeren van de houdingen en minder op de ademhaling, maar bij het herhaald
Belangrijke aanwijzingen voordat u met de oefeningen begint:
Belangrijke aanwijzingen voordat u met de oefeningen begint: Rek/Strek oefeningen mogen nooit pijn veroorzaken. Mocht u pijn krijgen stop dan onmiddellijk met de oefening. Het is belangrijk om de rek niet
Romp Hieronder volgen verschillende oefeningen ter versterking van de romp.
Gegevens te vinden op http://www.voorkomblessures.nl Romp Hieronder volgen verschillende oefeningen ter versterking van de romp. Oefening: Crunches Crunches versterken van de buikspieren voor het vergroten
Oefenprogramma revalidatie linkerzijde
Oefenprogramma revalidatie linkerzijde Dit oefenprogramma ontvangt u van uw revalidatiearts. Oefen dit programma bij voorkeur 2x per dag. Oefeningen moet u pijnvrij kunnen doen, en adem door! In de oefengids
APPENDIX 2 BEHOREND BIJ DISCIPLINEREGLEMENT VOLTIGE Voorwaarts
APPENDIX 2 BEHOREND BIJ DISCIPLINEREGLEMENT VOLTIGE 2006 BESCHRIJVING VAN DE OEFENINGEN Posities zijn gerelateerd aan de richting waarin het paard gaat, deze eindigen op waarts Voorwaarts De voltigeur
Lenigheid en beweeglijkheid
2.3.2. Lenigheid en beweeglijkheid Deze vaardigheid is bedoeld om de verschillende spieren te trainen op lenigheid en de verschillende gewrichten te mobiliseren. Lenigheid en beweeglijkheid bestaat uit:
Statische stretching
Statische stretching We hebben een aantal statische stretchoefeningen op een rijtje gezet, gesorteerd op welke spieren je stretcht: 1. arm- en schouderspieren 2. onderarmen 3. borstspieren 4. schouders,
Demo stretchings. Door Inge Delforterie. (O= ontvanger / G= gever) DEEL 1: Buikligging
Demo stretchings Door Inge Delforterie (O= ontvanger / G= gever) DEEL 1: Buikligging 1 Hand onder het bovenbeen en 1 hand onder bekkenrand, contact maken en daarna handen langzaam naar beneden trekken
Mobiliserende oefeningen voor thuis
Mobiliserende oefeningen voor thuis Oefeningen om het lichaam zo soepel mogelijk te houden Oefeningen Cervicale wervelkolom HCWK 1) Extensie: Ga rechtop zitten op een stoel en plaats de middelvingers van
1. De Fiets De zijkant van de buikspieren worden nog wel eens vergeten bij workouts. Met deze oefening richt je je juist op deze groep spieren.
1. De Fiets De zijkant van de buikspieren worden nog wel eens vergeten bij workouts. Met deze oefening richt je je juist op deze groep spieren. Ga op je rug op de vloer liggen met je handen achter je hoofd.
Schouder oefeningen (Deel 2)
Schouder oefeningen (Deel 2) Schouder naar achter trekken Uitgangshouding: Ellebogen geplooid op 90. U houdt de oefenband met beide handen vast voor uw lichaam. Vervolgens trekt u de oefenband naar achter
(VEEL AANDACHT VOOR DE CONTROLE VAN DE ADEMHALING DOCH DIT WORDT NIET IN DETAIL BESCHREVEN..)
SEVA-Yoga Elementaire basisbeschrijving van oefeningen REEKS nr. 4 (B4R2) (VEEL AANDACHT VOOR DE CONTROLE VAN DE ADEMHALING DOCH DIT WORDT NIET IN DETAIL BESCHREVEN..) Oefening 1 - Gewoon rechtop staan
Oefenprogramma revalidatie
Oefenprogramma revalidatie Dit oefenprogramma ontvangt u van uw revalidatiearts. Oefen dit programma bij voorkeur 2x per dag. Oefeningen moet u pijnvrij kunnen doen, en adem door! Schouder en arm oefeningen:
Algemene instructies oefeningen
Algemene instructies oefeningen o Lees eerst de disclaimer voordat u deze oefeningen begint. o Indien u pijnklachten vraag dan eerst uw arts of therapeut om advies o Zorg er voor dat de spieren niet koud
EVENWICHTSBALK NIVEAU JEUGD 1 DISTRICT 1 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF
EVENWICHTSBALK NIVEAU JEUGD 1 DISTRICT 1 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF CHOREOGRAFIELIJNEN = opsprong = afsprong November 01 EVENWICHTSBALK NIVEAU JEUGD 1 DISTRICT 1 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF Evenwichtsbalk Choreografie.
Bekkenkanteling: maak afwisselend een bolle- en holle rug, waarbij romp en hoofd stil blijven liggen op de onderlaag.
www.gezondbewegen.nl Rugoefeningen Algemene adviezen: Creëer een vaste plaats en een vast tijdstip en voer de oefeningen twee keer per dag uit Realiseer u, indien de klachten verminderd of verdwenen zijn,
Maak je klaar voor de lange ontspanning. Pak wat je nodig hebt om comfortabel te liggen.
Yoga januari 2018 Aarde in beweging brengen Ga stevig op de aarde staan met je voeten iets wijder dan heupbreedte. Sluit je ogen. Adem uit aandacht is in de voeten. Verplaats je gewicht van je ene naar
Warming-up & Cooling-down
Warming-up & Cooling-down Atletiekvereniging Athloi Warming-up Het basisdoel van de warming up is de spieren voorbereiden op de arbeid die komen gaat. De temperatuur in de spieren ligt gemiddeld 2 graden
Referentiepunten gebruiken voor analyse. Lichaams Houding. Bewegingsvolgorde
Referentiepunten gebruiken voor analyse Lichaams Houding Bewegingsvolgorde Referentie Punten Inpik Details: De rug is ontspannen gestrekt Het hoofd staat recht op de romp Schouders zijn ontspannen Handen
Trainingsprogramma Spierkrachtversterking
Trainingsprogramma Spierkrachtversterking Ook zonder blessures kun je bepaalde spieren of spiergroepen te versterken. Als spierversterkende oefeningen deel uitmaken van een trainingsprogramma met als einddoel
Recreatief Toestelturnen D-NIVEAU BALK Meisjes Oefeningen 4, 5
Recreatief Toestelturnen D-NIVEAU BALK Meisjes Oefeningen 4, 5 SPECIFIEKE RICHTLIJNEN BALK D-niveau (meisjes): Algemeen: - Zie richtlijnen balk niveau E! Keuze oefening, samenstelling en inhoud: - De gymnast
EVENWICHTSBALK NIVEAU JEUGD 1 DISTRICT 3 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF
EVENWICHTSBALK NIVEAU JEUGD 1 DISTRICT VOORGESCHREVEN OEFENSTOF CHOREOGRAFIELIJNEN = opsprong = afsprong November 015 EVENWICHTSBALK NIVEAU JEUGD 1 DISTRICT VOORGESCHREVEN OEFENSTOF Evenwichtsbalk Choreografie.
Ga op de rug liggen. Buig de knieën en zet de voeten plat op de grond. Klap beide knieën naar één kant.
BUIKSPIEREN Klap beide knieën naar één kant. Beweeg de kin naar de borst en kom met de romp een klein stukje recht omhoog. Houd 4 tellen vast en ga langzaam weer terug. Bij nekklachten, nek ondersteunen
Individuele vendelreeksen Vendelreeks voor leermeesters
Individuele vendelreeksen Vendelreeks voor leermeesters Inleiding Dit is dan de opdracht voor onze Leermeesters en aangezien wij er gevormde elementen te doen hebben, sluit deze reeks in zich een samenvatting
TOELICHTING NIVEAU 8 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF
TOELICHTING NIVEAU 8 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF Inclusief intro bestaat dit muziekstuk uit 17 maten en een intro. In dit muziekstuk heeft niet iedere maat 8 tellen. Het muziekstuk is in een -kwarts-maat
Initiatiedag Geef VOLTIGE op sportkamp!
Voorwoord Mijn naam is Linda Robben. Ik ben de voorzitster van de voltigecommissie VLP, maar bovenal ben ik trainster en longeur van voltigeclub Geel. Ik ben ondertussen al een 8 jaar bezig met het begeleiden
Opspringen tot steun, 1 been overheffen tot rijzit (basis) of Ophurken, kwart draai in hurkzit, komen tot rijzit (+0,30) spreidhoeksteun
Instap d3 balk Opspringen tot steun, 1 been overheffen tot rijzit (basis) of Ophurken, kwart draai in hurkzit, komen tot rijzit (+0,30) spreidhoeksteun Zitten op de balk; benen zijn gespreid en boven de
EVENWICHTSBALK NIVEAU PUPIL 2 DISTRICT 1 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF. = opsprong. = afsprong
EVENWICHTSBALK NIVEAU PUPIL DISTRICT 1 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF = opsprong = afsprong November 01 EVENWICHTSBALK NIVEAU PUPIL DISTRICT 1 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF Evenwichtsbalk Choreografie. Thema: Tinnen
- Gewoon rechtop staan (nekwervel in verlengde van rugwervel en volledig ontspannen)
SEVA-Yoga Elementaire basisbeschrijving van oefeningen REEKS nr. 1 Oefening 1 - Gewoon rechtop staan (nekwervel in verlengde van rugwervel en volledig ontspannen) Oefening 2 (4*) - Vertrekhouding oefening
Ademhaling. Yoga Oefeningen
Ademhaling We begonnen met een volledige ademhaling. Omdat te oefenen leg je je handen op je buik en adem je diep in. Je zult merken dat je buik uitzet. Je kunt je er heel bewust van zijn als je inademt.
Recreatief Toestelturnen D-NIVEAU HERENBRUG jongens Oefeningen 4,5
Recreatief Toestelturnen D-NIVEAU HERENBRUG jongens Oefeningen 4,5 SPECIFIEKE RICHTLIJNEN HERENBRUG D-niveau: Algemeen: - Zie richtlijnen herenbrug niveau E! Keuze oefening, samenstelling en inhoud: -
CD Staande Yoga oefeningen (Joke Hellemans) tekstuitwerking
CD Staande Yoga oefeningen (Joke Hellemans) tekstuitwerking INLEIDING (Fragment 1. 1:01 min.) Je begint nu met de staande bewegingsoefeningen. Bedenk dat je dit doen in aandacht, bewust van elk moment.
Basisoefeningen. Shaolin Kung Fu Instituut Shizi Hou
Basisoefeningen Nu de standen bekend zijn, moeten de overgangen van de één naar de andere stand getraind worden. Hiervoor zijn 8 basisoefeningen bedacht die bijna elke overgang omvangt. Bij sommige oefeningen
D6 = Dynamisch; 6 keer vloeiende ontspannen beweging S6 = Statisch; 6 tellen aanhoudend lichte rek in de uiterste stand van het gewricht.
INLEIDING Naarmate men ouder wordt, zal de te behalen afstand bij het golfen minder worden. Afnemende flexibiliteit en mobiliteit door verminderde spierkracht is onvermijdelijk. Door oefening doen we ons
FINA VERPLICHTE ELEMENTEN VOOR TECHNISCHE UITVOERINGEN DUET
FINA VERPLICHTE ELEMENTEN VOOR TECHNISCHE UITVOERINGEN DUET Duet november 2010 1 FINA VERPLICHTE ELEMENTEN VOOR TECHNISCHE UITVOERINGEN DUET Elementen 1 tot en met 8 moeten in volgorde worden uitgevoerd.
andere been wordt gebogen opzij gelegd. Met de romp en de handen ter hoogte van het onderbeen, de enkel of de tip van
1) Zit, bekken voorwaarts gekanteld, 1 been gestrekt, het andere been wordt gebogen opzij gelegd. Met de romp en de armen reikt men voorwaarts op het gestrekte been, de handen ter hoogte van het onderbeen,
Informatie fysiek programma
Informatie fysiek programma Beste Speler, Zoals je misschien al weet is het naast tegen de bal aan slaan belangrijk dat je je fysiek ook goed gaat ontwikkelen. Tijdens de training maak je al kennis met
Balans en Springen Thema Januari
Balans en Springen Thema Januari Kracht en balans helpen je samen om te ontspannen en te communiceren met je paard. Of je nu dressuur rijdt, western of springt. Tijdens een eerder thema hebben we al stukje
Cambridge Health Plan Benelux BV
Wanneer doet u deze oefeningen? Doe deze minstens 3 keer per week en al vrij snel voelt u verandering in uw lichaam. Ook krijgt u meer zelfvertrouwen. Naast deze oefeningen zorgt een dagelijkse wandeling
Core-stabilityoefeningen (oefeningen voor rompstabiliteit)
Core-stabilityoefeningen (oefeningen voor rompstabiliteit) Bruggetje Ga op je rug liggen. Buig je knieën tot 90 graden en zet beide voeten plat op de grond. Je armen liggen langs je lichaam met je handpalmen
SEVA-Yoga. Elementaire basisbeschrijving van oefeningen REEKS nr. 6 (B6R2) Oefening 1
SEVA-Yoga Elementaire basisbeschrijving van oefeningen REEKS nr. 6 (B6R2) Oefening 1 - Gewoon rechtop staan (nekwervel in verlengde van rugwervel en volledig ontspannen) - Thuiskomen in je lichaam, alle
Individuele vendelreeksen Trommelreeks voor het Brechts Korpsvendelen
Individuele vendelreeksen Trommelreeks voor het Brechts Korpsvendelen Enkele algemene principes De tamboer leidt de gilde doorheen de reeks. Dit betekent o.a. dat de tamboer het tempo bepaalt. Hierbij
GRONDOEFENINGEN LIFE STYLE CLINIC: ALGEMENE SPIERVERSTEVIGING
GRONDOEFENINGEN LIFE STYLE CLINIC: ALGEMENE SPIERVERSTEVIGING SPIERVERSTEVIGENDE OEFENINGEN Start voor alle oefeningen met de rug in neutrale positie (lage rug lichtjes hol) + basisspanning corset spieren
NEKSPIEREN. Buig je hoofd langzaam naar voor, even houden, dan langzaam naar achter 3x herhalen op de maat van de muziek
NEKSPIEREN Buig je hoofd langzaam naar voor, even houden, dan langzaam naar achter 3x herhalen op de maat van de muziek Beweeg je hoofd naar rechts, dan naar links 3x herhalen op de maat van de muziek
EVENWICHTSBALK NIVEAU Pupil 1 DISTRICT 2 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF
EVENWICHTSBALK NIVEAU Pupil 1 DISTRICT 2 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF CHOREOGRAFIELIJNEN = opsprong = afsprong November 201 EVENWICHTSBALK NIVEAU Pupil 1 DISTRICT 2 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF Evenwichtsbalk
Onderdeel 5: 10 cm of minder 3 punten; 11 t/m 20 cm = 2 punten; 21 cm of meer = 1 punt.
ZEILBOOTDIPLOMA 1. Van zwemmen naar voortbewegende technieken a.25 m rugcrawl, de hele baan zonder onderbreking uitzwemmen. b.25 m borstcrawl, de hele baan zonder onderbreking uitzwemmen. 2. Stuwen a.stuwen
voorste voet. Houdt de knie van het voorste been licht gebogen
Naam: Runner s step Video: https://youtu.be/e5mt4ndjvyu heupbreedte staan (startpositie). Stap uit met 1 been ongeveer 30 centimeter naar voren. Wikkel de voet hierbij af, van de hiel naar de voorvoet.
Oefeningen dynaband. beginpositie uitvoering opbouw Voorbeeld 1. armen voorwaarts. Goed opstrekken Voeten op heupbreedte
Oefeningen dynaband Lees eerst de disclaimer voordat u deze oefeningen begint. Indien u pijnklachten vraag dan eerst uw arts of therapeut om advies. Zorg er voor dat de spieren niet koud zijn, voordat
Opbouw Bij ongetraindheid de werphouding (Links:abduction/external rotation) en reiken achter de rug (Rechts : hyperextension) vermijden.
Schouder stabiliseren Het schoudergewricht is voor de stabiliteit tijdens bewegen gebaat bij een goede controle en een goede spierkracht van de dieper gelegen spieren. Deze spieren centreren de kop van
kuiten kuiten Quadriceps benen 1 OPDRACHT: maak de knipmes beweging
Rudy Duvillier benen 1 maak de knipmes beweging benen 2 ter plaatse 15'' knieen hoog afwisselend L en R en met de armen eveneens afwisslend L en R hoog.(snel tempo) benen 3 B Bal moet gerold worden van
Ne-Waza-Jitsu-Kata. Handeling 1. 1.1. De aanval
Handeling 1 1.1. De aanval Tori en Uke staan in startpositie 1. Ze lopen naar elkaar toe en op het moment dat Tori zijn rechterbeen voor heeft dwingt Uke Tori naar de grond te gaan door met beide handen
O m t e b e g i n n e n : V e i l i g h e i d s r e g e l s : G e n i e t e n f o r c e e r n i e t s!
Wanneer doet u deze oefeningen? Doe deze minstens 3 keer per week en al vrij snel voelt u verandering in uw lichaam. Ook krijgt u meer zelfvertrouwen. Naast deze oefeningen zorgt een dagelijkse wandeling
RUG ERGONOMIE. Oefeningen voor lage rugpijn en nekrevalidatie.
RUG ERGONOMIE Oefeningen voor lage rugpijn en nekrevalidatie. oefeningen voor rugpatiënten BAL OEFENINGEN RUG AANDACHTSPUNTEN: Voer de bewegingen traag uit Blijf doorademen Herhaal deze oefeningen meermaals
BASISHOUDINGEN (BH) - Geeft de indruk dat het lichaam maximaal horizontaal gestrekt is. Voorzijde van de romp ook aan de. waterspiegel.
BASISHOUDINGEN (BH) Bij alle basishoudingen zijn: a) de posities van de armen vrij; b) de voeten en tenen gestrekt; c) de benen, romp en hals volledig gestrekt tenzij anders is omschreven; d) de tekeningen
Zorg. September 2014. Dynamische rekoefeningen Loopvormen en algemene oefeningen zonder bal. Dribbelen Houd een rustige looppas aan.
Zorg September 2014 Beste Sporters, Het nieuwe seizoen is weer voor een ieder begonnen, wij als verzorgers ook. We krijgen momenteel redelijk veel (jeugd) spelers met spierklachten bij ons over de vloer.
Yogaworkshop 14 juni 2015
Yogaworkshop 14 juni 2015 Fit op vakantie Schouders, nek en rug Lenigheid en ontspanning Spijsvertering en immuunsysteem www.vajrayoga.nl Thema 1: schouder, nek en rug Zitten in kleermakerszit, kijk omhoog,
Recreatief Toestelturnen E-NIVEAU HERENBRUG jongens Oefeningen 1, 2, 3
Recreatief Toestelturnen E-NIVEAU HERENBRUG jongens Oefeningen 1, 2, 3 SPECIFIEKE RICHTLIJNEN HERENBRUG E-niveau: Algemeen: - De oefening wordt uitgevoerd op een herenbrug van min. 1,50 m hoogte (mag aangepast
EVENWICHTSBALK NIVEAU PUPIL 2 DISTRICT 2 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF. = opsprong. = afsprong
EVENWICHTSBALK NIVEAU PUPIL DISTRICT VOORGESCHREVEN OEFENSTOF = opsprong = afsprong November 01 EVENWICHTSBALK NIVEAU PUPIL DISTRICT VOORGESCHREVEN OEFENSTOF Evenwichtsbalk Choreografie. Thema: Tinnen
1 HOS LWK FT H'str. Individueel samengesteld programma voor
G. RUGLIG: Een opgevouwen handdoek wordt onder de borst wervelkolom gelegd. In 7 a 8 kleine stappen gaat u van hoog naar laag of andersom. De spanning 30 seconden vasthouden per stap.de oefening 2 x herhalen.
Core stability training
Core stability training Oefening 1: Uitgangspositie: liggend op de buik. Plaats de ellebogen recht onder de schouders. De vuisten wijzen naar voren. Breng vervolgens de buik van de grond door te steunen
EVENWICHTSBALK NIVEAU Pupil 1 DISTRICT 3 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF
EVENWICHTSBALK NIVEAU Pupil 1 DISTRICT VOORGESCHREVEN OEFENSTOF CHOREOGRAFIELIJNEN = opsprong = afsprong EVENWICHTSBALK NIVEAU Pupil 1 DISTRICT VOORGESCHREVEN OEFENSTOF Evenwichtsbalk Choreografie. Thema:
1 HOS LWK FT H'str. Individueel samengesteld programma voor
G. RUGLIG: Een opgevouwen handdoek wordt onder de borst wervelkolom gelegd. In 7 a 8 kleine stappen gaat u van hoog naar laag of andersom. De spanning 10 seconden vasthouden per stap. De oefening 2 x herhalen.
Oefeningen voor patiënten met reumatoïde artritis
Het is belangrijk om de oefeningen die u in het ziekenhuis hebt gedaan thuis dagelijks voort te zetten. Dit om de gewrichten en spieren in een goede conditie te houden. Probeer op een vast tijdstip te
- Gewoon rechtop staan (nekwervel in verlengde van rugwervel en volledig ontspannen)
SEVA-Yoga Elementaire basisbeschrijving van oefeningen REEKS nr. 2 (B2R2) Oefening 1 - Gewoon rechtop staan (nekwervel in verlengde van rugwervel en volledig ontspannen) Oefening 2 (6*) - Vertrekhouding
EVENWICHTSBALK NIVEAU INSTAP DISTRICT 2 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF
EVENWICHTSBALK NIVEAU INSTAP DISTRICT 2 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF CHOREOGRAFIELIJNEN = opsprong = afsprong November 201 EVENWICHTSBALK NIVEAU INSTAP DISTRICT 2 VOORGESCHREVEN OEFENSTOF Instap Evenwichtsbalk
TRAININGSPLAN XCO-TRAINER
TRAININGSPLAN XCO-TRAINER HET PRINCIPE VAN XCO-TRAINING. Nieuw explosieve training met maximaal resultaat. Door actieve bewegingsvormen kan de mechanische belastbaarheid van spieren, het bindweefsel in
Oefeningen ter Verbetering van je Lichaamshouding
Oefeningen ter Verbetering van je Lichaamshouding Verkeerde lichaamshoudingen veroorzaken klachten. Eén van de meest voorkomende verkeerde houdingen, wordt veroorzaakt door een naar vorend hangend hoofd,
TRAININGSPLAN STRETCHBANDEN
TRAININGSPLAN STRETCHBANDEN FITNESSBANDENSET TRAININGSHANDLEIDING Let op: Wees er voor de training van verzekerd dat uw training bij uw fysieke conditie aansluit. Consulteert u, bij twijfel, de huisarts.
Oefenstof voor aquamove:
Oefenstof voor aquamove: De oefenstof wordt opgedeeld in vijf verschillende onderdelen nl.: loopoefeningen, oefeningen in het ondiepe gedeelte, oefeningen in het diepe gedeelte, partneroefeningen en spelvormen.
Les november 2018! Ga goed zitten.! Aandacht is bij de adem.!
Ga goed zitten. Aandacht is bij de adem. Ganesh Mantra: Gajananam bhuta ganadi sevitam Kapitya jambu phala chara bhakshanam Uma sutam shoka vinash karakam namami vighneshwara pada pankajam Vertaling: ik
