Tentamen Corporate Finance 2008 II

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Tentamen Corporate Finance 2008 II"

Transcriptie

1 Vraag 1. Welk type marktefficiëntie betreft het als ook alle publieke informatie in een prijs verwerkt is? a. Zwakke vorm efficiëntie. b. Semi-sterke vorm efficiëntie. c. Sterke vorm efficiëntie. d. Supersterke vorm efficiëntie. Vraag 2. Welke van onderstaande uitspraken is juist als de efficiënte markt hypothese geldt? a. Het impliceert dat markten irrationeel zijn. b. Het impliceert perfecte voorspelbaarheid van beurskoersen. c. Het impliceert dat alle prijzen alle beschikbare informatie bevatten. d. Het impliceert dat technische analyse werkt en systematisch geld oplevert. Vraag 3. Welke stelling is juist. Indien aandelenmarkten zwak-efficiënt zijn dan kan een belegger: a. met private informatie geen structurele meerwinst behalen b. net zo goed willekeurig zijn/haar geld gaan beleggen c. door bestudering van de koershistorie de markt niet structureel verslaan d. publieke informatie het beste structureel negeren Vraag 4. Een aandeel heeft een beta gelijk van 1,8. Een analist verwacht dat dit aandeel volgend jaar een rendement van 14% zal geven. Veronderstel dat de risicovrije rentevoet gelijk is aan 3% en dat de risicopremie op de marktportefeuille gelijk is aan 7%. Wat kan gezegd worden over de verwachting van de analist als het CAPM opgaat? a. De analist schat het rendement te hoog in. b. De analist maakt een goede schatting. c. De analist schat het rendement te laag in. d. Deze vraag kan met bovenstaande gegevens niet worden beantwoord Vraag 5. Welke van de onderstaande uitspraken over risico en rendement is onjuist? a. Door het spreiden van een beleggingsportefeuille is het mogelijk het specifieke (unieke) risico weg te diversificeren. b. De Security Market Line (SML) brengt tot uitdrukking dat er een lineaire, positieve relatie tussen risico en verwacht rendement bestaat. c. Een beleggingsportefeuille bestaande uit twee aandelen heeft altijd een lager risico dan een belegging in één aandeel. d. Systematisch risico in een beleggingsportefeuille kan door spreiding niet worden geelimineerd. Vraag 6. Stel wij beleggen de helft van ons geld in aandelen van het stabiele Aegon, dat met een standaarddeviatie (risico) van 12%, een gemiddeld rendement van 8% heeft behaald. Het restant van ons geld beleggen wij in aandelen van Arcelor. Het koersverloop van Arcelor resulteerde in een gemiddeld rendement van maar liefst 14% per jaar, waarbij een standaarddeviatie van 14% werd genoteerd. Stel het risicovrije rendement is gelijk aan 4%, en de correlatie tussen het rendement van Aegon en Arcelor is gelijk aan 0,6, dan is ons verwachte portefeuille-rendement, afgerond op twee decimalen, gelijk aan: a. 9,75% b. 10,25% c. 11,00% d. 12,00% 1 van de 8

2 Vraag 7. Stel wij beleggen een kwart van ons geld in aandelen van het stabiele Aegon, dat met een standaarddeviatie van 12%, een gemiddeld rendement van 8% heeft behaald. Het restant van ons geld beleggen wij in aandelen van Arcelor. Het koersverloop van Arcelor resulteerde in een gemiddeld rendement van maar liefst 14% per jaar, waarbij een standaarddeviatie van 14% werd genoteerd. Stel het risicovrije rendement is gelijk aan 4%, en de correlatie tussen het rendement van Aegon en Arcelor is gelijk aan 0,6, dan is ons verwachte portefeuillerisico (de standaard deviatie), afgerond op twee decimalen, gelijk aan: a. 12,78% b. 12,17% c. 11,64% d. 10,94% Vraag 8. Stel je bent vastberaden om evenveel geld in aandelen Fortis als DSM te beleggen. Fortis kent een verwacht rendement van 12,00% en DSM verwacht een rendement van maar liefst 16,00% op haar aandelen. Het risico (de standaard deviatie) van DSM is echter ook het hoogst met een waarde van 17,50%, vergeleken met het risico van 12,00% voor Fortis. De correlatie tussen beide aandelen is gelijk aan 0,35 en het risicovrije rendement is gelijk aan 4,15%. Hoeveel procent van je geld moet je dan sparen tegen het risicovrije rendement om een verwacht totale portefeuillerendement (inclusief spaarrekening) te behalen van afgerond op twee decimalen 12,00%. a. 30,20% b. 25,25% c. 20,30% d. 15,15% Vraag 9. Veronderstel dat bekend is dat risicovrije staatsobligaties een rendement van 4% hebben. Het verwacht rendement op de aandelenindex, de marktportefeuille, is 12% en het is bekend dat de covariantie tussen de rendementen op het aandeel Akzo en de marktportefeuille 0,005 is. Verder is bekend dat de standaard deviatie van Akzo 10% bedraagt en de standaard deviatie van de marktportefeuille gelijk is aan 5%. Het CAPM model geldt. Wat is het verwachte rendement op Akzo? a. 13,6% b. 10,4% c. 20,0% d. 23,2% Vraag 10. Welke stelling ten aanzien van het Capital Asset Pricing Model (CAPM) is onjuist a. het vereiste rendement is ten dele afhankelijk van de beta. b. het vereiste rendement stijgt bij een verhoging van het risicovrije rendement, indien de beta lager is dan 1. c. het vereiste rendement neemt toe met elke stijging van de marktrisico-premie indien beta positief is. d. het vereiste rendement stijgt één-op-één met elke stijging van het risicovrije rendement. Vraag 11. Welke van de volgende kenmerken wordt gezien als voordeel van het CAPM model? a. Het CAPM veronderstelt een constante beta b. Het CAPM kent slechts vijf variabelen c. Het CAPM kan de marktrisicopremie verklaren d. Het CAPM legt een theoretisch verband tussen rendement en risico 2 van de 8

3 Vraag 12. Een onderneming is gewaardeerd op 6 miljoen en heeft 1 miljoen aan schuld uitstaan. De onderneming heeft een beta van 1,7 voor eigen vermogen en een beta van 0.5 voor vreemd vermogen. Wat is de beta van de gehele onderneming? a. 1,20 b. 1,34 c. 1,80 d. 1,11 Vraag 13. Welke van de onderstaande uitspraken over risico en beta is onjuist? a. Effecten met een hoge volatiliteit in hun koersontwikkeling hebben hoge beta s b. Effecten met lage covariaties hebben hoge beta s c. Ondernemingen waarvan de omzet een cyclisch karakter heeft, kennen in het algemeen ook een hog beta d. De beta weerspiegelt het systematisch risico van een belegging Vraag 14. Stel het aandeel Fortis kent een verwacht rendement van 14,50% en een beta van 1,5. Het aandeel Aegon kent een verwacht rendement van 9,60% en een beta van 0,8. Het risicovrije rendement is gelijk aan 4,00% en het CAPM model werkt. Wat is dan het verwachte rendement op de marktportefeuille? a. 13,00% b. 12,00% c. 11,00% d. 10,00% Vraag 15. Bedrijf Ypsilon is schuldenvrij. De verwachting is dat bedrijf Ypsilon X een EBIT heeft van twee miljoen euro per jaar, tot in de oneindigheid. De vennootschapsbelasting is 30%, en alle winsten na belasting worden uitgekeerd als dividend. De kosten van het eigen vermogen voor het schuldenvrije bedrijf is 17,5%. Wat is de waarde van bedrijf Ypsilon? a. 12 miljoen euro b. 10 miljoen euro c. 8 miljoen euro d. 6 miljoen eur Vraag 16. Welke van onderstaande uitspraken in het kader van de WACC (de weighted average cost of capital) is juist? a. Een hogere liquiditeit van de aandelen zorgt voor een lagere vermogenskostenvoet. b. Ondernemingen met hogere vaste lasten zijn risicovoller, met als gevolg dat zij een lagere vermogenskostenvoet hebben. c. De tax shield zorgt voor een hogere vermogenskostenvoet d. Door middel van de Security Market Line kunnen ondernemers de verdisconteringvoet van een project dat deels met vreemd vermogen en deels met eigen vermogen is gefinancierd uitrekenen. 3 van de 8

4 Vraag 17. Firstin NV is een beursgenoteerde onderneming met een debt/equity ratio van 0.5. De verdisconteringvoet van het totale vermogen is 10%. Daarnaast betaalt de onderneming 7% rente over het vreemd vermogen. Wegens de grote vraag naar navigatiesystemen overweegt Firstin NV om een nieuw navigatiesysteem op de markt te zetten, waarvoor een investering van 10 miljoen in dit jaar nodig is en 7.5 miljoen volgend jaar. De onderneming verwacht dat deze uitbreiding in de komende drie jaar 7 miljoen aan jaarlijkse kasstromen (na aftrek van de belasting) zal opleveren. Met een beta van 1.55 is het risico van de investering hoger dan het risico van de onderneming. Het risicovrije rendement is 4% en het marktrendement is gelijk aan 11%. De onderneming betaalt 30% aan winstbelasting. Wat zijn de kosten van het eigen vermogen van Firstin NV? a % b % c % d % Vraag 18. Volgens propositie I van Modigliani en Miller geldt in een wereld zonder belastingen dat: a. de waarde van de onderneming stijgt door meer te financieren met vreemd vermogen. b. het omzetten van de kapitaalstructuur de waarde van de onderneming niet beïnvloedt. c. vreemd vermogen leidt tot een hoger geëist rendement door aandeelhouders. d. vreemd vermogen leidt tot een lager geëist rendement door aandeelhouders. Vraag 19. Een onderneming heeft een debt/equity ratio van 0,5. Het geëiste rendement van aandeelhouders is 15,5% en de rentekosten van het vreemde vermogen bedragen 8%. Wat zou het geëiste rendement van aandeelhouders zijn bij een debt/equity ratio van 0? a. 12,7% b. 13,0% c. 13,6% d. 14,0% Vraag 20. Welke van de onderstaande uitspraken met betrekking tot converteerbare obligaties is juist? a. Een converteerbare obligatie komt op hetzelfde neer als een obligatie met een forward. b. Een converteerbare obligatie komt op hetzelfde neer als een obligatie met een future. c. Een converteerbare obligatie komt op hetzelfde neer als een obligatie met een warrant. d. Geen van bovenstaande antwoorden is correct. Vraag 21. Welke van de onderstaande uitspraken beschrijft de volgorde van financieringsmethoden die managers graag hanteren als zij de Pecking-Order theorie aanhangen? a. Eerst cash, dan vreemd vermogen met hoog risico, dan vreemd vermogen met laag risico en als laatste middel aandelen. b. Eerst aandelen, dan vreemd vermogen met hoog risico, dan vreemd vermogen met laag risico en als laatste middel cash. c. Eerst cash, dan aandelen, dan vreemd vermogen met laag risico en als laatste middel vreemd vermogen met hoog risico. d. Eerst cash, dan vreemd vermogen met laag risico, dan vreemd vermogen met hoog risico en als laatste middel aandelen. 4 van de 8

5 Vraag 22. Welke van onderstaande beweringen is juist? a. Volgens propositie II van Modigliani en Miller is, in een wereld zonder belastingen, de waarde van een onderneming het hoogst indien de onderneming volledig met vreemd vermogen is gefinancierd. b. Volgens propositie II van Modigliani en Miller is, in een wereld met belastingen, het door de aandeelhouders geëiste rendement afhankelijk van de kapitaalstructuur. c. Volgens propositie I van Modigliani en Miller is, in een wereld met belastingen, de waarde van de onderneming onafhankelijk van de kapitaalstructuur. d. Volgens propisitie I van Modigliani en Miller is, in een wereld zonder belastingen, het door de aandeelhouders geëiste rendement niet afhankelijk van de kapitaalstructuur. Vraag 23. Welke van onderstaande uitspraken is onjuist? a. Door dividendbelasting hebben managers een prikkel om alternatieve investeringen te zoeken om dividenden te reduceren. b. Door dividendbelasting is het een onderneming aan te raden nieuwe aandelen uit te geven om dividend te financieren. c. Door dividendbelasting is inkoop van eigen aandelen een effectieve manier om dividend onbelast uit te keren. d. In een perfecte markt (zonder belastingen) is dividendbeleid irrelevant. Vraag 24. Wat is een sterk argument voor het aangaan van een fusie / overname? a. Het verhogen van overheadkosten b. Het verkrijgen van diversificatievoordelen op bedrijfsniveau c. Het versterken van de marktpositie d. Het verkleinen van fiscale voordelen Vraag 25. Wat gebeurt er gemiddeld genomen met de prijs van een aandeel op de ex-dividend-date in een perfecte markt: a. De aandeelprijs daalt met meer dan het toegekende dividend b. De aandeelprijs daalt met exact het toegekende dividend c. De aandeelprijs daalt met minder dan het toegekende dividend d. Geen van bovenstaande antwoorden Vraag 26. Amazon kondigt een rights offering aan. De onderneming heeft 90 miljoen aandelen uitstaan tegen een prijs van 30,00 per aandeel. Er worden 15 miljoen nieuwe aandelen tegen een prijs van 26,50 per aandeel uitgegeven aan de bestaande aandeelhouders. Wat is de dan de ex-right price? a. 28,50 b. 29,00 c. 29,50 d. 30,00 Vraag 27. Een beursgang is een delicaat financieel onderwerp. Zoals besproken tijdens het college en zoals het staat beschreven in hoofdstuk 19 van het tekstboek kent dit proces verschillende fases en een geheel eigen terminologie. Welk van onderstaande termen heeft géén betrekking op beursgangen (IPOs)? a. underpricing b. underwriters c. green shoe provisions d. golden parachutes 5 van de 8

6 Vraag 28. BMW heeft een marktwaarde van 450 miljard en heeft 100 miljard aandelen uitstaan. Volkswagen heeft een marktwaarde van 375 miljard en heeft 40 miljard uitstaande aandelen. BMW neemt Volkswagen over en biedt 425 miljoen voor de aandelen van Volkswagen. De waarde van de nieuwe, samengevoegde, onderneming is gelijk aan 925 miljard. Wat is de netto contante waarde in miljarden van deze overname voor de aandeelhouders van Volkswagen? a. 925 b. 425 c. 100 d. 50 Vraag 29. BMW heeft een marktwaarde van 450 miljard en heeft 100 miljard aandelen uitstaan. Volkswagen heeft een marktwaarde van 375 miljard en heeft 40 miljard uitstaande aandelen. BMW neemt Volkswagen over en biedt 425 miljoen voor de aandelen van Volkswagen. De waarde van de nieuwe, samengevoegde, onderneming is gelijk aan 925 miljard. Wat is de verwachte waarde van de synergie van deze overname in miljarden? a. 925 b. 425 c. 100 d. 50 Vraag 30. Op de aandelen van Arcelor worden zowel call als put opties verhandeld. De koers van een aandeel Arcelor is 34. Beide opties hebben een looptijd van 1 jaar en dezelfde uitoefenprijs. De premie voor de call optie is 15 en voor de put optie 11. De rentestand is 8%. Wat is de uitoefenprijs, waarbij arbitrage is uitgesloten? a. 29,35 b. 31,23 c. 34,24 d. 37,78 Vraag 31. Op de aandelen van Arcelor worden zowel call als put opties verhandeld. De koers van een aandeel Arcelor is 34. Beide opties hebben een looptijd van 1 jaar en dezelfde uitoefenprijs. Er wordt slecht nieuws over de onderneming bekend gemaakt, met als gevolg dat de koers van het aandeel met 10% daalt. Welke van de volgende uitspraken is juist? a. De premie van de call optie stijgt en de premie van de put optie daalt. b. De premie van de call optie daalt en de premie van de put optie stijgt. c. De premie van beide opties stijgt. d. De premie van beide opties daalt. Vraag 32. De huidige koers van een aandeel Vinola bedraagt 62. Binnen anderhalf jaar zal de aandelenprijs óf stijgen naar 74 óf dalen naar 49. De jaarlijkse rente bedraagt 7%. Wat is volgens conform de binomiale methode (oftwel de two-state option model uit het tekstboek) de delta van een call optie van Vinola met een uitoefenprijs van 64? a. 0,60 b. 0,50 c. 0,40 d. 0,30 6 van de 8

7 Vraag 33. Hoe beïnvloeden faillissementskosten gemiddeld genomen de debt-to-equity ratio van een onderneming? a. Faillissementskosten hebben geen invloed op de debt-to-equity ratio. b. Het bestaan van faillissementskosten maakt dat managers minder met vreemd vermogen willen financieren. c. Het bestaan van faillissementskosten maakt dat managers meer met vreemd vermogen willen financieren. d. Het bestaan van faillissementskosten maakt dat vreemd vermogen verschaffers vereisen dat de onderneming meer met eigen vermogen financiert. Vraag 34. Stel dat jij nu als enige weet dat jouw oom Jean-Claude Trichet, de directeur van de Europese Centrale Bank, morgen bekend maakt dat na uitvoerige studie is gebleken dat de kredietcrisis definitief voorbij is. Volgens Trichet en het onderzoek breekt er weer een periode van forse economische groei aan. Op welke manier kun je van deze bevindingen profiteren? a. indien de markt zwak efficiënt is, kun je profiteren door aandelen te kopen b. indien de markt zwak efficiënt is, kun je profiteren door aandelen te verkopen c. indien de markt sterk efficiënt is, kun je profiteren door aandelen te kopen d. indien de markt sterk efficiënt is, kun je profiteren door aandelen te verkopen Vraag 35. De koers van een aandeel bedraagt 100 euro. Het aandeel heeft een beta gelijk aan 1,6. Verder is gegeven dat de marktrente gelijk is aan 5% en dat de marktportefeuille een verwacht rendement heeft van 11% op jaarbasis. Een belegger wil graag een forward contract kopen op dit aandeel met een looptijd van exact een jaar. Wat is de forward prijs? a b c d Vraag 36. Welke van de volgende uitspraken is juist? a. Een swap brengt een afname verplichting van het onderliggende goed met zich mee. b. Een forward is een contract dat op de beurs verhandeld wordt. c. Een swap is een contract dat cash-flows uitwisselt tussen twee partijen. d. Een future geeft het recht om het onderliggende goed te mogen kopen of verkopen. Vraag 37. Een belegger wil 1000 aandelen Philips kopen. De koers van Philips is nu gelijk aan 20,50. Zij besluit tevens 800 put opties te schrijven met een uitoefenprijs gelijk aan 20,50. Deze optie contractenlopen af in september De opties worden verhandeld tegen een premie van 0,40. Stel dat de koers van Philips daalt tot 19,20 op de expiratiedatum van de optiecontracten. Wat is de winst of het verlies op de Philips portefeuille (aandelen plus opties) op deze expiratiedatum? a. 980,- winst b. 890,- verlies c. 980,- verlies d. 890,- winst 7 van de 8

8 Vraag 38. Stel de optiecolleges hebben je volledig overtuigd van de optiehandel. Je start met het handelen in call- en put opties. Zo hoop je winst te maken met het innemen van verschillende posities. Als eerste koop je put opties in Ahold tegen een uitoefenprijs van 25, met december 2008 als expiratietermijn voor een premie van 0,90. Tevens schrijf je call opties in Unilever tegen een uitoefenprijs van 42,50, ook met december als expiratietermijn en voor een premie van 1,25. Tijdens de derde vrijdag van december, de exipiratiedag sluiten de aandelen Ahold en Unilever op een slotkoers van respectievelijk 24,35 en 42,00. Wat is dan de winst op je totale portefeuille? a. 2250,- winst b. 2050,- verlies c. 2050,- verlies d. 2250,- winst Vraag 39. Welke van de onderstaande stellingen is onjuist? Bestuurders van bedrijven ontvangen call opties als een vorm van beloning, omdat: a. om bestuurders te stimuleren hard en verstandig voor het bedrijf te werken. b. hierdoor de belangen van bestuurders meer in lijn komen te liggen met die van aandeelhouders. c. put opties bestuurders zouden inspireren tot het moedwillig maken van verliezen. d. Opties een betrekkelijk goedkope pensioenvoorziening is voor werknemers. Vraag 40. Welke stelling is onjuist? a. de waarde van een put optie daalt indien de rente stijgt b. de waarde van een call optie stijgt indien de uitoefentermijn langer wordt c. de waarde van een call optie daalt indien de rente daalt d. de waarde van een put optie stijgt indien de volatiliteit (risico) van het onderliggende aandeel stijgt 8 van de 8

Tentamen Corporate Finance 2008 I

Tentamen Corporate Finance 2008 I Vraag 1 Over welk type marktefficiëntie spreken wij wanneer alle, behalve de private (inside), informatie in de aandelenkoersen is verwerkt? a. de zwakke vorm van marktefficiëntie b. de semi-sterke vorm

Nadere informatie

CF Examen II 2009 1. Stel een belegger met voorkennis van een overname blijkt eenmalig winst te hebben behaald op een transactie gebaseerd op deze informatie. Doordat de markt daarna lucht krijgt van zijn

Nadere informatie

Tentamen Corporate Finance 2007 I

Tentamen Corporate Finance 2007 I Vraag 1. Welke factoren, volgens Fama en French, beïnvloeden het verwachte rendement op een belegging? a. De grootte van een onderneming, de P/E ratio en de B/M ratio. b. De beta van een onderneming. c.

Nadere informatie

Tentamen Corporate Finance 2009 I

Tentamen Corporate Finance 2009 I 1. Welke van de onderstaande uitspraken over risico en rendement is juist? a. De beta van een beleggingsobject is een maatstaf voor het niet-systematische risico van het object. b. De boekhoudschandalen,

Nadere informatie

Tentamen Corporate Finance BKB0023 11 juni 2005 09:30 uur - 12:30 uur

Tentamen Corporate Finance BKB0023 11 juni 2005 09:30 uur - 12:30 uur Tentamen Corporate Finance BKB0023 11 juni 2005 09:30 uur - 12:30 uur Beste student, Voor U ligt het tentamen corporate finance. Het tentamen is gesloten boek en bestaat uit 40 meerkeuze vragen; vier alternatieven

Nadere informatie

Tentamen Corporate Finance BKB0023 13 augustus 2004 9:30 uur - 12:30 uur

Tentamen Corporate Finance BKB0023 13 augustus 2004 9:30 uur - 12:30 uur Tentamen Corporate Finance BKB0023 13 augustus 2004 9:30 uur - 12:30 uur Beste student, Voor U ligt het tentamen corporate finance. Het tentamen is gesloten boek en bestaat uit 40 meerkeuze vragen; vier

Nadere informatie

Tentamen Corporate Finance 2006 I

Tentamen Corporate Finance 2006 I Vraag 1. In de praktijk worden bij fusies en overnames voornamelijk twee waarderingsmethoden gebruikt: DCF (discounted cash flows) en comparables (i.e. waardering op basis van multiples ten opzichte van

Nadere informatie

Tentamen Corporate Finance BKB0023 18 augustus 2005 09:30 uur - 12:30 uur

Tentamen Corporate Finance BKB0023 18 augustus 2005 09:30 uur - 12:30 uur Tentamen Corporate Finance BKB0023 18 augustus 2005 09:30 uur - 12:30 uur Beste student, Voor U ligt het tentamen corporate finance. Het tentamen is gesloten boek en bestaat uit 40 meerkeuze vragen; vier

Nadere informatie

De gemiddelde vermogenskosten en optimale vermogensstructuur

De gemiddelde vermogenskosten en optimale vermogensstructuur Hoofdstuk 5 De gemiddelde vermogenskosten en optimale vermogensstructuur 5.1 Inleiding In de vorige hoofdstukken hebben we het vreemd vermogen en het eigen vermogen van een onderneming besproken. De partijen

Nadere informatie

TIJ Delft T«chnt5che Universiteit Detft

TIJ Delft T«chnt5che Universiteit Detft TIJ Delft T«chnt5che Universiteit Detft Tentamen Principes van Asset Trading (WI3418TU) 30 januari 2013 van 9.00-12^00 Het tentamen bestaat uit twee delen, die gelijk gewicht hebben. Het eerste deel bestaat

Nadere informatie

1 november 2011 Examenhal (18:30 21:30)

1 november 2011 Examenhal (18:30 21:30) Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen Naam: Studentnummer: Tentamen Financiering voor Vastgoedkunde Antwoordsuggesties 1 november 2011 Examenhal (18:30 21:30) Omcirkel het meest juiste antwoord bij de Multiple

Nadere informatie

Tentamen Corporate Finance BKB0023 15 juni 2004 13:30 uur - 16:30 uur

Tentamen Corporate Finance BKB0023 15 juni 2004 13:30 uur - 16:30 uur Tentamen Corporate Finance BKB0023 15 juni 2004 13:30 uur - 16:30 uur Beste student, Voor U ligt het tentamen corporate finance. Het tentamen is gesloten boek en bestaat uit 40 meerkeuze vragen; vier alternatieven

Nadere informatie

TUDelft Technische Universiteit Deift

TUDelft Technische Universiteit Deift Technische Universiteit Deift Tentamen Principes van Asset Trading 1 februari 2012 van 9.00-12.00 Het tentamen bestaat uit twee delen, die gelijk gewicht hebben. Het eerste deel bestaat uit 20 multiple

Nadere informatie

Tentamen Corporate Finance 2006 II

Tentamen Corporate Finance 2006 II Vraag 1. In de praktijk worden bij fusies en overnames voornamelijk twee waarderingsmethoden gebruikt: DCF (discounted cash flows) en comparables (i.e. waardering op basis van multiples ten opzichte van

Nadere informatie

Oefenopgaven Hoofdstuk 8

Oefenopgaven Hoofdstuk 8 Oefenopgaven Hoofdstuk 8 Opgave 1 Hazelkoning Onderneming Hazelkoning NV heeft 7 jaar geleden een obligatielening uitgegeven met een oorspronkelijke looptijd van 30 jaar. De couponrente van de lening bedraagt

Nadere informatie

Tentamen Principes van Asset Trading (WI3418TU) 21 januari 2015 van 18.30-21.30

Tentamen Principes van Asset Trading (WI3418TU) 21 januari 2015 van 18.30-21.30 Technische Universiteit Delft Tentamen Principes van Asset Trading (WI3418TU) 21 januari 2015 van 18.30-21.30 Het tentamen bestaat uit twee delen, die gelijk gewicht hebben. Het eerste deel bestaat uit

Nadere informatie

Oefenopgaven Hoofdstuk 7

Oefenopgaven Hoofdstuk 7 Oefenopgaven Hoofdstuk 7 Opgave 1 Rendement Een beleggingsadviseur heeft de keuze uit de volgende twee beleggingsportefeuilles: Portefeuille a Portefeuille b Verwacht rendement 12% 12% Variantie 8% 10%

Nadere informatie

Deze examenopgave bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn.

Deze examenopgave bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn. SPD Bedrijfsadministratie Examenopgave TREASURY MANAGEMENT MAANDAG 22 JUNI 2015 12.15-14.45 UUR Belangrijke informatie Deze examenopgave bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle

Nadere informatie

Deze examenopgave bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad. Dit examen bestaat uit 4 opgaven en omvat 25 vragen.

Deze examenopgave bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad. Dit examen bestaat uit 4 opgaven en omvat 25 vragen. SPD Bedrijfsadministratie Examenopgave TREASURY MANAGEMENT WOENSDAG 16 DECEMBER 2015 12.15-14.45 UUR Belangrijke informatie Deze examenopgave bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad. Dit examen

Nadere informatie

Delft Technische Universiteit Delft

Delft Technische Universiteit Delft Tentamen Principes van Asset Trading (WI3418TU) 29 januari 2014 van 18.30-21.30 Het tentamen bestaat uit twee delen, die gelijl< gewicht hebben. Het eerste deel bestaat uit 20 multiple choice vragen en

Nadere informatie

10 november 2010 Examenhal 01 (14:00 17:00)

10 november 2010 Examenhal 01 (14:00 17:00) Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen Naam: Studentnummer: Tentamen Financiering voor Vastgoedkunde Antwoordsuggesties 10 november 2010 Examenhal 01 (14:00 17:00) Geef uw antwoorden in de daarvoor bestemde

Nadere informatie

AG8! Derivatentheorie Les4! Aandelen options. 30 september 2010

AG8! Derivatentheorie Les4! Aandelen options. 30 september 2010 AG8! Derivatentheorie Les4! Aandelen options 30 september 2010 1 Agenda Huiswerk vorige keer Aandelen opties (H9) Optiestrategieën (H10) Vuistregels Volatility (H16) Binomiale boom (H11) 2 Optieprijs Welke

Nadere informatie

The good, the bad and the ugly

The good, the bad and the ugly The good, the bad and the ugly Rendement, risico en domheid Eelco Hessling Manager Retail Investor Services NYSE Euronext 2007 NYSE Euronext. All Rights Reserved. Vecon dag Amsterdam 3 april 2008 2007

Nadere informatie

VOORBEELDEXAMENVRAGEN ( VOORBEELDEXAMEN!!!!)

VOORBEELDEXAMENVRAGEN ( VOORBEELDEXAMEN!!!!) VOORBEELDEXAMENVRAGEN ( VOORBEELDEXAMEN!!!!) VRAAG 1 WELKE VAN DE VOLGENDE UITSPRAKEN ZIJN JUIST? 1) IRR HOUDT GEEN REKENING MET DE GROOTTE VAN DE INVESTERING. 2) INDIEN EEN ONDERNEMING PROJECTEN DOORVOERT

Nadere informatie

Financiering 2 (323029)

Financiering 2 (323029) Financiering 2 (323029) DEEL I Multiple choice vragen (12 vragen, 60 punten, 5 punten per vraag) Beantwoorden met de schrapkaart (uitsluitend met potlood één antwoord per vraag aangeven). DEEL II Open

Nadere informatie

Financieel Managment

Financieel Managment 2de bach HI Financieel Managment Examenvragen en oplossingen Q www.quickprinter.be uickprinter Koningstraat 13 2000 Antwerpen 138 3,00 Online samenvattingen kopen via www.quickprintershop.be Pagina 1 van

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 29303 29 oktober 2013 Besluit van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 28 oktober 2013, nr. IENM/BSK-2013/239467,

Nadere informatie

Oefenopgaven Hoofdstuk 8A

Oefenopgaven Hoofdstuk 8A Oefenopgaven Hoofdstuk 8A Opgave 1 1. Welke vormen van dividend kunnen worden onderscheiden? 2. Een NV heeft in 2013 in maanden januari, april en juli per keer 0,34 aan dividend uitgekeerd. Het totale

Nadere informatie

Aandelenopties in woord en beeld

Aandelenopties in woord en beeld Aandelenopties in woord en beeld 2 Aandelenopties in woord en beeld 1 In deze brochure gaan we het hebben over aandelenopties zoals die worden verhandeld op de optiebeurs van Euronext. Maar wat zijn dat

Nadere informatie

Voorbeeld examenvragen Boekdeel 2 en special topics

Voorbeeld examenvragen Boekdeel 2 en special topics Voorbeeld examenvragen Boekdeel 2 en special topics Vraag 1 Stel dat je 10 aandelen Fortis in portfolio hebt, elk aandeel met een huidige waarde van 31 per aandeel. Fortis beslist om een deel van haar

Nadere informatie

Beleggen en financiële markten Hoofdstuk 5 Derivaten

Beleggen en financiële markten Hoofdstuk 5 Derivaten Beleggen en financiële markten Hoofdstuk 5 Derivaten 5.1 Opties, termijncontracten en andere titels Opties en warrants Termijncontracten Swaps en gestructureerde producten 5.2 De markt voor derivaten Handelsplaatsen

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 58700 25 oktober 2017 Besluit van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 9 oktober 2017, nr. IENM/BSK-2017/216399,

Nadere informatie

Waardering van een Onderneming

Waardering van een Onderneming Waardering Congres Financieele Dagblad: Private Equity in de Praktijk 6 april 2006 Dr Michel van Bremen Partner First Dutch Capital B.V. Waardering, essentie: Res tantum valet quantum vendi potest Iets

Nadere informatie

Welke soorten beleggingen zijn er?

Welke soorten beleggingen zijn er? Welke soorten beleggingen zijn er? Je kunt op verschillende manieren je geld beleggen. Hier lees je welke manieren consumenten het meest gebruiken. Ook vertellen we wat de belangrijkste eigenschappen van

Nadere informatie

Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie

Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie 11 januari 2006 BEPALING VAN DE WACC VOOR 2006 Opgesteld door het BIPT in samenwerking met Bureau van Dijk Management Consultants blanco pagina

Nadere informatie

Appendices. Beleggen en financiële markten

Appendices. Beleggen en financiële markten Appendices bij Beleggen en financiële markten 4 e druk 2013 Hans Buunk 2014 Sdu Uitgevers, Den Haag Academic Service is een imprint van BIM Media bv. Deze publicatie behoort bij Titel: Beleggen en financiële

Nadere informatie

Euronext.liffe. Inleiding Optiestrategieën

Euronext.liffe. Inleiding Optiestrategieën Euronext.liffe Inleiding Optiestrategieën Vooraf De inhoud van dit document is uitsluitend educatief van karakter. Voor advies dient u contact op te nemen met uw bank of broker. Het is verstandig alvorens

Nadere informatie

Delhaize Groep NV Osseghemstraat 53 1080 Brussel, België Rechtspersonenregister 0402.206.045 (Brussel) www.delhaizegroep.com

Delhaize Groep NV Osseghemstraat 53 1080 Brussel, België Rechtspersonenregister 0402.206.045 (Brussel) www.delhaizegroep.com Delhaize Groep NV Osseghemstraat 53 1080 Brussel, België Rechtspersonenregister 0402.206.045 (Brussel) www.delhaizegroep.com BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR OPGESTELD IN UITVOERING VAN DE ARTIKELEN

Nadere informatie

Patriottisch beleggen: investeren in de B.V. Nederland?

Patriottisch beleggen: investeren in de B.V. Nederland? Patriottisch beleggen: investeren in de B.V. Nederland? 1. In het politieke debat in Nederland (en overigens ook in andere Europese landen) is beleggen in eigen land een hot topic. Dat is ongetwijfeld

Nadere informatie

De aanpak van Second Stage samengevat

De aanpak van Second Stage samengevat De aanpak van Second Stage samengevat De aanpak van Second Stage samengevat... 1 Het conventionele deel... 1 Het meer geavanceerde deel... 1 Wat is een optie?... 2 Hoe ziet zo n optie eruit?... 2 In de

Nadere informatie

2 februari 2012 Examenhal (9:00 12:00)

2 februari 2012 Examenhal (9:00 12:00) Naam: Studentnummer: Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen Tentamen (HER) Financiering voor Vastgoedkunde Antwoordsuggesties 2 februari 2012 Examenhal (9:00 12:00) Omcirkel het meest juiste antwoord bij

Nadere informatie

Optie strategieën. Brochure bestemd voor particuliere beleggers INTERMEDIATE. Member of the KBC group

Optie strategieën. Brochure bestemd voor particuliere beleggers INTERMEDIATE. Member of the KBC group Optie strategieën Brochure bestemd voor particuliere beleggers INTERMEDIATE Gepubliceerd door KBC Securities in samen werking met Euronext. p. 2 Index 1. Grafische voorstelling 4 2. Bull strategieën 5

Nadere informatie

Workshop Sparen of beleggen? Karel Mercx en Hildo Laman Redacteuren Beleggers Belangen

Workshop Sparen of beleggen? Karel Mercx en Hildo Laman Redacteuren Beleggers Belangen Workshop Sparen of beleggen? Karel Mercx en Hildo Laman Redacteuren Beleggers Belangen Voorstellen Karel Mercx Hildo Laman Begonnen in de internetzeepbel Begonnen in de optiehandel Programma Voor & nadelen

Nadere informatie

Risico s en kenmerken van beleggen

Risico s en kenmerken van beleggen Risico s en kenmerken van beleggen 1. Risico s en kenmerken in het algemeen Beleggen brengt risico s met zich mee. Vaak geldt: hoe hoger het verwachte rendement, hoe meer risico s. Ook geldt dat in het

Nadere informatie

AG8! Derivatentheorie Les3! Swaps & options. 23 september 2010

AG8! Derivatentheorie Les3! Swaps & options. 23 september 2010 AG8! Derivatentheorie Les3! Swaps & options 23 september 2010 1 Agenda Huiswerk vorige keer Swaps (H7 1 t/m 4) Optie markt (H8) 2 Interest Rate Swaps Een interest rate swap (IRS) is een financieel contract

Nadere informatie

Ondernemingsvormen. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/98748

Ondernemingsvormen. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/98748 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 22 maart 2017 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/98748 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs

Nadere informatie

Oefenopgaven Hoofdstuk 4

Oefenopgaven Hoofdstuk 4 Oefenopgaven Hoofdstuk 4 Opgave 1 De NV Red Mobile verkoopt smartphones in Nederland en heeft de volgende aandeelhouders: KPN NV heeft 35% van de 10 miljoen gewone aandelen, France Telecom 30% van de aandelen

Nadere informatie

Toepassen van Adjusted Present Value

Toepassen van Adjusted Present Value Toepassen van Adjusted Present Value Blz. 1 van 8 In deze bijdrage wordt ingegaan op het berekenen van economische waarde. Naast de bekende discounted cash flow (DCF) methode wordt ook wel gebruik gemaakt

Nadere informatie

1. De optie theorie een korte kennismaking

1. De optie theorie een korte kennismaking 1. De optie theorie een korte kennismaking 1.1 Terminologie Een optie is een recht. Een recht om iets te kopen of verkopen. Dit recht kan worden verkregen tegen betaling van een bedrag in geld: de optiepremie.

Nadere informatie

Kenmerken financiële instrumenten en risico s

Kenmerken financiële instrumenten en risico s Kenmerken financiële instrumenten en risico s Inleiding Aan alle vormen van beleggen zijn risico s verbonden. De risico s zijn afhankelijk van de belegging. Een belegging kan in meer of mindere mate speculatief

Nadere informatie

Het beleggingssysteem van Second Stage

Het beleggingssysteem van Second Stage Het beleggingssysteem van Second Stage Hoewel we regelmatig maar dan op zeer beperkte schaal (niet meer dan vijf procent van het kapitaal) - zeer kortlopende transacties doen, op geanticipeerde koersbewegingen

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 34546 13 oktober 2015 Besluit van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 12 oktober 2015, nr. IENM/BSK-2015/ 197529,

Nadere informatie

Optie strategieën. Brochure bestemd voor particuliere beleggers INTERMEDIATE. Een onderneming van de KBC-groep. Gepubliceerd door KBC Securities

Optie strategieën. Brochure bestemd voor particuliere beleggers INTERMEDIATE. Een onderneming van de KBC-groep. Gepubliceerd door KBC Securities Optie strategieën Brochure bestemd voor particuliere beleggers Gepubliceerd door KBC Securities p. 2 Index 1. Grafische voorstelling 4 2. Bull strategieën 5 Call spread 5 Gedekt geschreven call 7 3. Bear

Nadere informatie

EXAMENVRAGEN OPTIES. 1. Een short put is:

EXAMENVRAGEN OPTIES. 1. Een short put is: EXAMENVRAGEN OPTIES 1. Een short put is: A. een verplichting om een onderliggende waarde tegen een specifieke prijs in een bepaalde B. een verplichting om een onderliggende waarde tegen een specifieke

Nadere informatie

Optie strategieën. Brochure bestemd voor particuliere beleggers BASIC. Member of the KBC group

Optie strategieën. Brochure bestemd voor particuliere beleggers BASIC. Member of the KBC group Optie strategieën Brochure bestemd voor particuliere beleggers Gepubliceerd door KBC Securities in samen werking met Euronext. p. 2 Index 1. Basisstrategieën 2 2. Voorbeelden van toepassingen 2 3. Grafische

Nadere informatie

High Risk. Equity Interest Other. ING Dutch Plus Note

High Risk. Equity Interest Other. ING Dutch Plus Note High Risk Equity Interest Other ING Dutch Plus Note Minimaal 155%* aflossing bij stijgende of beperkt dalende beurzen Bescherming tot 35% koersdaling t.o.v. de startwaarde Profiteer van een mogelijke stijging

Nadere informatie

SPD Bedrijfsadministratie. Correctiemodel TREASURY MANAGEMENT MAANDAG 27 JUNI UUR

SPD Bedrijfsadministratie. Correctiemodel TREASURY MANAGEMENT MAANDAG 27 JUNI UUR SPD Bedrijfsadministratie Correctiemodel TREASURY MANAGEMENT MAANDAG 27 JUNI 2016 12.15-14.45 UUR SPD Bedrijfsadministratie Treasury Management B / 11 2016 NGO-ENS B / 11 Opgave 1 (35 punten) Vraag 1 (6

Nadere informatie

Financieel Management

Financieel Management Financieel Management Vorige week Introductie financieel management Investeringsplan, financieringsplan en exploitatiebegroting Balans Liquiditeitsbegroting (meer in week 6) Berekening inkomen en vermogen

Nadere informatie

Beleggings- en Portefeuilletheorie Tentamen 14 januari 2004 Met oplossingen

Beleggings- en Portefeuilletheorie Tentamen 14 januari 2004 Met oplossingen Beleggings- en Portefeuilletheorie 14 januari 2004 1 Beleggings- en Portefeuilletheorie Tentamen 14 januari 2004 Met oplossingen 1. Een markt heeft uitsluitend risicoaverse beleggers met mean/variance

Nadere informatie

Portefeuillekeuze voor lange-termijn beleggers met liquiditeitsrisico's. Joost Driessen 26 maart 2013

Portefeuillekeuze voor lange-termijn beleggers met liquiditeitsrisico's. Joost Driessen 26 maart 2013 Portefeuillekeuze voor lange-termijn beleggers met liquiditeitsrisico's Joost Driessen 26 maart 2013 Illiquide assets voor lange-termijn beleggers? David Swensen, CIO Yale endowment: "Accepting illiquidity

Nadere informatie

AG8! Derivatentheorie Les2! Furtures & Forwards. 16 september 2010

AG8! Derivatentheorie Les2! Furtures & Forwards. 16 september 2010 AG8! Derivatentheorie Les2! Furtures & Forwards 16 september 2010 1 Agenda Duration & convexity (H4 8+ 9) Futures en Forwards (H2) Hedging met Futures en Forwards (H3) Waardering Futures en Forwards (H5)

Nadere informatie

Financiële analyse. Les 2 Vermogensbehoefte en financiering. Auteur: Witek ten Hove, MBA

Financiële analyse. Les 2 Vermogensbehoefte en financiering. Auteur: Witek ten Hove, MBA Financiële analyse Les 2 Vermogensbehoefte en financiering Auteur: Witek ten Hove, MBA In deze les gaan we kijken naar onderdelen uit de balans. Er wordt aangenomen dat de student weet hoe een balans is

Nadere informatie

OPTIES IN VOGELVLUCHT

OPTIES IN VOGELVLUCHT OPTIES IN VOGELVLUCHT Inleiding Deze brochure biedt een snelle, beknopte inleiding in de beginselen van opties. U leert wat een optie is, wat de kenmerken zijn van een optie en wat een belegger kan doen

Nadere informatie

Oefenopgaven Hoofdstuk 5

Oefenopgaven Hoofdstuk 5 Oefenopgaven Hoofdstuk 5 Opgave 1 Leg uit waarom een bank in de regel bereid is een lening die gedekt is door een zekerheid, tegen een lagere rente te verstrekken dan een gelijkwaardige lening zonder zekerheid.

Nadere informatie

Cursus Beleggen Week 1

Cursus Beleggen Week 1 Cursus Beleggen Week 1 www.cursus-beleggen.net Inleiding Gefeliciteerd! Met de aanschaf van deze cursus bent u verzekerd van een persoonlijke beleggingsvisie. De komende weken gaat u deze visie stap voor

Nadere informatie

EXTRA RENDEMENTSEIS BIJ DE WAARDERING VAN MIDDELGROTE ONDERNEMINGEN

EXTRA RENDEMENTSEIS BIJ DE WAARDERING VAN MIDDELGROTE ONDERNEMINGEN !"# $ %&'()()*+$ %&'()(,-. /,-- ) EXTRA RENDEMENTSEIS BIJ DE WAARDERING VAN MIDDELGROTE ONDERNEMINGEN Over het algemeen worden kleinere ondernemingen relatief lager gewaardeerd dan grotere ondernemingen

Nadere informatie

Opties. Brochure bestemd voor particuliere beleggers BASIC. Member of the KBC group. Gepubliceerd door KBC Securities in samen werking met Euronext.

Opties. Brochure bestemd voor particuliere beleggers BASIC. Member of the KBC group. Gepubliceerd door KBC Securities in samen werking met Euronext. Brochure bestemd voor particuliere beleggers Gepubliceerd door KBC Securities in samen werking met Euronext. p. 2 Index 1. Call en put opties 3 2. Koper en schrijver 4 3. Standaardisatie 5 Onderliggende

Nadere informatie

Rendement Certificaten

Rendement Certificaten Rendement Certificaten Een alternatief voor een rechtstreekse belegging in aandelen!* Aantrekkelijk vast rendement, indien de onderliggende waarde boven de rendementgrens blijft handelen Ook kans op een

Nadere informatie

aandeelprijs op t = T 8.5 e 9 e 9.5 e 10 e 10.5 e 11 e 11.5 e

aandeelprijs op t = T 8.5 e 9 e 9.5 e 10 e 10.5 e 11 e 11.5 e 1 Technische Universiteit Delft Fac. Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica Tussentoets Waarderen van Derivaten, Wi 3405TU Vrijdag november 01 9:00-11:00 ( uurs tentamen) 1. a. De koers van het aandeel

Nadere informatie

Gestructureerde ProductenWijzer

Gestructureerde ProductenWijzer Gestructureerde ProductenWijzer Producten met gehele of gedeeltelijke hoofdsombescherming U bent mogelijk geïnteresseerd in beleggen in gestructureerde producten. Maar wat zijn gestructureerde producten?

Nadere informatie

Reken maar! t.b.v. training CFP-examen (FPSB-Nederland) Donald van As

Reken maar! t.b.v. training CFP-examen (FPSB-Nederland) Donald van As Reken maar! t.b.v. training CFP-examen (FPSB-Nederland) Donald van As 10-12-2009 Geld (uit)lenen Typen leningen / hypotheken Annuïteitenlening: afl. + rente = constant Lineaire lening: afl. = constant

Nadere informatie

De Grafiek. De waarde van een onderneming. Het lezen van de grafiek. Value drivers Interactief gebruik van de grafiek. Het lezen van de grafiek.

De Grafiek. De waarde van een onderneming. Het lezen van de grafiek. Value drivers Interactief gebruik van de grafiek. Het lezen van de grafiek. De Grafiek De waarde van een onderneming John Burr Williams definieerde al in 1938 de waarde van een onderneming: De waarde van een onderneming wordt bepaald door de netto verwachte kasstroom gedurende

Nadere informatie

Optie strategieën. Brochure bestemd voor particuliere beleggers BASIC. Een onderneming van de KBC-groep. Gepubliceerd door KBC Securities

Optie strategieën. Brochure bestemd voor particuliere beleggers BASIC. Een onderneming van de KBC-groep. Gepubliceerd door KBC Securities Optie strategieën Brochure bestemd voor particuliere beleggers Gepubliceerd door KBC Securities p. 2 Index 1. Basisstrategieën 2 2. Voorbeelden van toepassingen 2 3. Grafische voorstelling 5 4. Gekochte

Nadere informatie

Van Stuiver tot Miljardair

Van Stuiver tot Miljardair Van Stuiver tot Miljardair Ondernemend Beleggen pt 2 Rob Stuiver & Tycho Schaaf 26 november 2015 Sprekers Rob Stuiver RBA Tycho Schaaf Ondernemend belegger Beleggingsspecialist bij LYNX Masterclass Archief

Nadere informatie

Bedrijfseconomische Aspecten Examennummer: 71533 Datum: 14 april 2012 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur

Bedrijfseconomische Aspecten Examennummer: 71533 Datum: 14 april 2012 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur Bedrijfseconomische Aspecten Examennummer: 71533 Datum: 14 april 2012 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur Dit examen bestaat uit 8 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - 30 meerkeuzevragen (maximaal

Nadere informatie

Beleggings- en Portefeuilletheorie Oplossing herkansing 24 maart 2004

Beleggings- en Portefeuilletheorie Oplossing herkansing 24 maart 2004 Beleggings- en Portefeuilletheorie 24 maart 2004 1 Beleggings- en Portefeuilletheorie Oplossing herkansing 24 maart 2004 Opgelet: er waren verscheidene versies van dit tentamen. 1. Een portefeuille P heeft

Nadere informatie

Hedging strategies. Opties ADVANCED. Member of the KBC group

Hedging strategies. Opties ADVANCED. Member of the KBC group Hedging strategies Opties p. 2 Index 1. Hedging met opties 3 2. Hedging met put opties 4 3. Hedgen met valutaopties 6 Twee valutaoptiecontracten 6 p. 3 Hedging met opties Hedging komt van het Engelse to

Nadere informatie

Kenmerken van effecten en daaraan verbonden specifieke risico s

Kenmerken van effecten en daaraan verbonden specifieke risico s Kenmerken van effecten en daaraan verbonden specifieke risico s Hieronder worden de kenmerken van diverse vormen van effecten besproken en de daaraan verbonden specifieke risico s. Bij alle vormen van

Nadere informatie

Beleggingrisico s. Rendement en risico

Beleggingrisico s. Rendement en risico Beleggingsrisico s Beleggingrisico s Onderstaand tref je de omschrijving aan van de belangrijkste beleggingsrisico s die samenhangen met jouw keuze voor een portefeuilleprofiel. Je neemt een belangrijke

Nadere informatie

uitgedrukt in de referentiemunt anders kan zijn dan de rente die afgesproken is in de vreemde valuta.

uitgedrukt in de referentiemunt anders kan zijn dan de rente die afgesproken is in de vreemde valuta. Aard en risico s financiële instrumenten In deze brochure wordt een algemene beschrijving gegeven van de aard en risico s van verschillende financiële instrumenten waarin via de beleggingsdienstverlening

Nadere informatie

Marktwaarde per aandeel. Winst per aandeel (WPA)

Marktwaarde per aandeel. Winst per aandeel (WPA) Wat betekent k/boekwaarde (koers/boekwaarde)- of K/B-ratio? Een ratio die de marktwaarde van een aandeel vergelijkt met zijn boekwaarde. De ratio wordt berekend door de actuele slotkoers van het aandeel

Nadere informatie

Opties. Brochure bestemd voor particuliere beleggers BASIC. Een onderneming van de KBC-groep. Gepubliceerd door KBC Securities

Opties. Brochure bestemd voor particuliere beleggers BASIC. Een onderneming van de KBC-groep. Gepubliceerd door KBC Securities Brochure bestemd voor particuliere beleggers Gepubliceerd door KBC Securities p. 2 Index 1. Call en put opties 3 2. Koper en schrijver 4 3. Standaardisatie 5 Onderliggende waarde 5 Uitoefenprijs 5 Looptijd

Nadere informatie

DIM VASTGOED: NETTOWINST OVER EERSTE DRIE MAANDEN 2005 USD 5,6 MILJOEN

DIM VASTGOED: NETTOWINST OVER EERSTE DRIE MAANDEN 2005 USD 5,6 MILJOEN 15 april 2005 DIM VASTGOED: NETTOWINST OVER EERSTE DRIE MAANDEN 2005 USD 5,6 MILJOEN DIM Vastgoed N.V. heeft over de eerste drie maanden van het boekjaar 2005 een nettowinst na belastingen behaald van

Nadere informatie

Risk Control Strategy

Risk Control Strategy Structured products January 2016 Kempen & Co N.V. (Kempen & Co) is een Nederlandse merchant bank met activiteiten op het gebied van vermogensbeheer, effectenbemiddeling en corporate finance. Kempen & Co

Nadere informatie

Deze examenopgave bestaat uit 10 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn.

Deze examenopgave bestaat uit 10 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn. SPD Bedrijfsadministratie Examenopgave FINANCE & RISKMANAGEMENT MAANDAG 3 OKTOBER 2016 8:45 UUR 11:15 UUR Belangrijke informatie Deze examenopgave bestaat uit 10 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer

Nadere informatie

Risico en Rendement. Een uitleg over de relatie tussen risico en rendement en waarom het beter is om je beleggingen te spreiden over meerdere activa.

Risico en Rendement. Een uitleg over de relatie tussen risico en rendement en waarom het beter is om je beleggingen te spreiden over meerdere activa. Risico en Rendement Een uitleg over de relatie tussen risico en rendement en waarom het beter is om je beleggingen te spreiden over meerdere activa. SEPTEMBER 30, Auteur: itek ten Hove Alle grafieken zijn

Nadere informatie

2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 4 1 / 10

2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 4 1 / 10 Financiering niveau 4 Correctiemodel voorbeeldexamen 2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 4 1 / 10 Vraag 1 Toetsterm 1.1 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat is de

Nadere informatie

Leseenheid 5: Investeren bij onzekerheid

Leseenheid 5: Investeren bij onzekerheid Leseenheid 5: Investeren bij onzekerheid Onderwerpen: Investeringen onder onzekerheid Strategie in relatie tot investeringen Vereiste informatie t.b.v. investeringsbeslissingen Koppelingen van investeringen

Nadere informatie

Exposure vanuit optieposities

Exposure vanuit optieposities Exposure vanuit optieposities ABN AMRO is continue bezig haar dienstverlening op het gebied van beleggen te verbeteren. Eén van die verbeteringen betreft de vaststelling van de zogenaamde exposure (blootstelling)

Nadere informatie

LYNX Masterclass Opties handelen: de basis deel 1

LYNX Masterclass Opties handelen: de basis deel 1 LYNX Masterclass Opties handelen: de basis deel 1 Mede mogelijk gemaakt door TOM Tycho Schaaf 22 oktober 2015 Introductie Tycho Schaaf, beleggingsspecialist bij online broker LYNX Werkzaam bij LYNX vanaf

Nadere informatie

Deze examenopgave bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn.

Deze examenopgave bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn. SPD Bedrijfsadministratie Examenopgave FINANCE & RISKMANAGEMENT VRIJDAG 19 JUNI 2015 11.30-14.00 UUR Belangrijke informatie Deze examenopgave bestaat uit 9 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer

Nadere informatie

HANDLEIDING RISICO BELEGGINGSPORTEFEUILLE

HANDLEIDING RISICO BELEGGINGSPORTEFEUILLE HANDLEIDING RISICO BELEGGINGSPORTEFEUILLE INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING... 3 2 PORTEFEUILLE OVERZICHT... 4 2.1 MARGIN OVERZICHT... 5 2.1.1 WAARDE PORTEFEUILLE... 5 2.1.2 KASSALDO... 5 2.1.3 NETTO LIQUIDITEITSWAARDE...

Nadere informatie

"Opties in een vogelvlucht"

Opties in een vogelvlucht "Opties in een vogelvlucht" Presentatie voor het NCD November 2010 Ton Ruitenburg Senior Officer Retail Relations Amsterdam Opties en hun gebruikers Doel van deze presentatie is u een eerste indruk te

Nadere informatie

MANAGEMENT MAANDAG 22 JUNI UUR

MANAGEMENT MAANDAG 22 JUNI UUR SPD Bedrijfsadministratie Correctiemodel TREASURY MANAGEMENT MAANDAG 22 JUNI 2015 12.15-14.45 UUR SPD Bedrijfsadministratie Treasury management B / 7 2015 Nederlandse Associatie voor voor Praktijkexamens

Nadere informatie

Welkom. RB Studiekring Lezing ondernemingswaardering. ValuePro - RB Studiekring 1

Welkom. RB Studiekring Lezing ondernemingswaardering. ValuePro - RB Studiekring 1 Welkom RB Studiekring Lezing ondernemingswaardering 1 Voorstellen drs. Chris Denneboom RV RAB cdenneboom@valuepro.nl Master in Business Valuation Register Valuator Register adviseur bedrijfsopvolging Gerechtelijk

Nadere informatie

AEX maandopties op de optiebeurs, de praktijk

AEX maandopties op de optiebeurs, de praktijk AEX maandopties op de optiebeurs, de praktijk Net als de huizenkoper uit de inleiding zijn wij helemaal niet geïnteresseerd om het recht uit te oefenen. (bij een optie op een individueel aandeel kun je

Nadere informatie

Obligatiemarkt arkt Amsterdam ruimschoots s verdubbeld sinds eeuwwisseling

Obligatiemarkt arkt Amsterdam ruimschoots s verdubbeld sinds eeuwwisseling 7 Obligatiemarkt arkt Amsterdam ruimschoots s verdubbeld sinds eeuwwisseling ing Jos van Heiningen Publicatiedatum CBS-website: 27 maart 28 Voorburg/Heerlen, 28 Verklaring van tekens. = gegevens ontbreken

Nadere informatie

Unlimited Speeders. Achieving more together

Unlimited Speeders. Achieving more together Unlimited Speeders Achieving more together Unlimited Speeders: Beleg met een hefboom 3 Unlimited Speeders: Beleg met een hefboom Snel en eenvoudig beleggen met een geringe investering? Inspelen op een

Nadere informatie

De favoriete optiestrategie van André Brouwers

De favoriete optiestrategie van André Brouwers 2 De favoriete optiestrategie van André Brouwers Disclaimer Het Beleggingsinstituut staat niet onder toezicht van de AFM. Het Beleggingsinstituut staat niet onder toezicht van De Nederlandsche Bank. Het

Nadere informatie

2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 5 1 / 12

2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 5 1 / 12 Financiering niveau 5 Correctiemodel voorbeeldexamen 2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 5 1 / 12 Vraag 1 Toetsterm 6.4 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Voor welke

Nadere informatie