Inleiding tot de meettheorie

Vergelijkbare documenten
STATISTIEK I Samenvatting

Hoofdstuk 2 : Grafische beschrijving van data. Marnix Van Daele. Vakgroep Toegepaste Wiskunde en Informatica Universiteit Gent

Examen Statistiek I Feedback

HAVO 4 wiskunde A. Een checklist is een opsomming van de dingen die je moet kennen en kunnen. checklist SE1 wiskunde A.pdf

Feedback proefexamen Statistiek I

A. Week 1: Introductie in de statistiek.

5.0 Voorkennis. Er zijn verschillende manieren om gegevens op een grafische wijze weer te geven: 1. Staafdiagram:

5.0 Voorkennis. Er zijn verschillende manieren om gegevens op een grafische wijze weer te geven: 1. Staafdiagram:

College 4 Inspecteren van Data: Verdelingen

Data analyse Inleiding statistiek

Onderzoeksmethodiek LE: 2

1BA PSYCH Statistiek 1 Oefeningenreeks 2 1

3.1 Procenten [1] In 1994 zijn er 3070 groentewinkels in Nederland. In 2004 zijn dit er nog 1625.

Statistiek. Beschrijvende Statistiek Hoofdstuk 1 1.1, 1.2, 1.5, 1.6 lezen 1.3, 1.4 Les 1 Hoofdstuk 2 2.1, 2.3, 2.5 Les 2

Samenvattingen 5HAVO Wiskunde A.

HAVO 4 wiskunde A. Een checklist is een opsomming van de dingen die je moet kennen en kunnen....

Statistiek: Spreiding en dispersie 6/12/2013. dr. Brenda Casteleyn

(Voorlopige omschrijving.) Bedrag dat resteert nadat de exploitatiekosten betaald zijn.

College Week 4 Inspecteren van Data: Verdelingen

DOEN! - Praktische Opdracht Statistiek 4 Havo Wiskunde A

Kansrekening en Statistiek

Hoofdstuk 1 Beweging in beeld. Gemaakt als toevoeging op methode Natuurkunde Overal

Inleiding Applicatie Software - Statgraphics

datavisualisatie Stappen verzamelen en opschonen analyseren van data interpeteren hoorcollege 4 visualisatie representeren

Statistiek: Herhaling en aanvulling

Havo A deel 1 H2 Statistiek - Samenvatting

Inleiding Applicatie Software - Statgraphics. Beschrijvende Statistiek

2.1.4 Oefenen. d. Je ziet hier twee weegschalen. Wat is het verschil tussen beide als het gaat om het aflezen van een gewicht?

lengte aantal sportende broers/zussen

Hoofdstuk 1 Beweging in beeld. Gemaakt als toevoeging op methode Natuurkunde Overal

Statistiek. Beschrijvend statistiek

Statistiek I. Thierry Marchant Vakgroep Data analyse Universiteit Gent

SPSS Introductiecursus. Sanne Hoeks Mattie Lenzen

2 Data en datasets verwerken

Statistiek I Samenvatting. Prof. dr. Carette

Netwerk, 4 Havo D, uitwerkingen Hoofdstuk 1, Statistische verwerking 1

Frequentiematen voor ziekte: Hoe vaak komt de ziekte voor

HOOFDSTUK I - INLEIDENDE BEGRIPPEN

Statistische variabelen. formuleblad

Significante cijfers en meetonzekerheid

DEEL II DOEN! - Praktische opdracht statistiek WA- 4HAVO

Inleiding tot het opstellen van een elektronische enquête met LimeSurvey

Occasions bij Ben de Beun

Onderzoek. B-cluster BBB-OND2B.2

Overzicht statistiek 5N4p

Grafieken, functies en verzamelingen. Eerst enkele begrippen. Grafiek. Assenstelsel. Oorsprong. Coördinaten. Stapgrootte.

Wiskundige vaardigheden

Niet de hoogte, wel de oppervlakte. Aandachtspunten bij. - statistische technieken voor een continue veranderlijke

Populatie: De gehele groep elementen waarover informatie wordt gewenst.

Niveauproef wiskunde voor AAV

Nu een leuk stukje wiskunde ter vermaak (hoop ik dan maar). Optellen van oneindig veel getallen

Kerstvakantiecursus. wiskunde A. Rekenregels voor vereenvoudigen. Voorbereidende opgaven HAVO kan niet korter

bijspijkercursus wiskunde voor psychologiestudenten bijeenkomst 6 statistiek/gegevensverwerking los materiaal, niet uit boek [PW]

Kansrekening en Statistiek

Oefenopgaven Grondslagen van de Wiskunde A

Vectorruimten en deelruimten

IJkingstoets Wiskunde-Informatica-Fysica 29 juni Nummer vragenreeks: 1

ONBETWIST ONderwijs verbeteren met WISkunde Toetsen Voorbeeldtoetsen Lineaire Algebra Deliverable 3.10 Henk van der Kooij ONBETWIST Deliverable 3.

I.3 Functies. I.3.2 Voorbeeld. De afbeeldingen f: R R, x x 2 en g: R R, x x 2 zijn dus gelijk, ook al zijn ze gegeven door verschillende formules.

Bijlage 11 - Toetsenmateriaal

Lineaire Algebra TW1205TI. I.A.M. Goddijn, Faculteit EWI 12 februari 2014

IJkingstoets Wiskunde-Informatica-Fysica september 2018: algemene feedback

III.2 De ordening op R en ongelijkheden

Praktische opdracht Wiskunde Statistiek

Tentamen Grondslagen van de Wiskunde A Met beknopte uitwerking

TIP 10: ANALYSE VAN DE CIJFERS

Samenvatting Wiskunde Samenvatting en stappenplan van hfst. 7 en 8

De wissel-eigenschap voor vermenigvuldigen Vermenigvuldigen kan in omgekeerde volgorde gebeuren, want voor ieder paar getallen a enbgeldt: a b=b a.

Beschrijvend statistiek

REKENTECHNIEKEN - OPLOSSINGEN

1BA PSYCH Statistiek 1 Oefeningenreeks 3 1

Lineaire algebra 1 najaar Complexe getallen

4.1 Cijfermateriaal. In dit getal komen zes nullen voor. Om deze reden geldt: = 10 6

LOPUC. Een manier om problemen aan te pakken

Leerlijnen rekenen: De wereld in getallen

Deel I : beschrijvende statistiek

Vendorrating: statistische presentatiemiddelen

Wiskundige notaties. Afspraken. Associatie K.U.Leuven

Meten en experimenteren

Statistiek voor A.I. College 2. Donderdag 13 September 2012

Meten is weten, dat geldt ook voor het vakgebied natuurkunde. Om te meten gebruik je hulpmiddelen, zoals timers, thermometers, linialen en sensoren.

4.1 Procenten [1] In het linkerplaatje zijn 26 van de 100 vierkantjes rood gekleurd. 26 procent (26%) is nu rood. 26% betekent 26 van de 100.

Inleiding tot de natuurkunde

5.1 Herleiden [1] Herhaling haakjes wegwerken: a(b + c) = ab + ac (a + b)(c + d) = ac + ad + bc + bd (ab) 2 = a 2 b 2

Hoofdstuk 9. Vectorruimten. 9.1 Scalairen

Foutenberekeningen Allround-laboranten

Havo 4 - Practicumwedstrijd Versnelling van een karretje

Hoofdstuk 3 : Numerieke beschrijving van data. Marnix Van Daele. Vakgroep Toegepaste Wiskunde en Informatica Universiteit Gent

Getallensystemen, verzamelingen en relaties

Vector-en matrixvergelijkingen. Figuur: Vectoren, optellen

9. Lineaire Regressie en Correlatie

Hoeveel vertrouwen heb ik in mijn onderzoek en conclusie? Les 1

INHOUDSOPGAVE. HOOFDSTUK 6 AFRONDEN Inleiding Cijfers Verstandig afronden 48 BLZ

Basiskennis lineaire algebra

VOOR HET SECUNDAIR ONDERWIJS. Kansmodellen. 3. Populatie en steekproef. Werktekst voor de leerling. Prof. dr. Herman Callaert

Transcriptie:

Inleiding tot de meettheorie Meten is het toekennen van cijfers aan voorwerpen. Koeien Koeien in een kudde, studenten in een auditorium, mensen met een bepaalde stoornis, leerlingen met meer dan 15 in wiskunde, Meettechniek : tellen De grootte van twee kudden samen is de som van de grootten Absolute schaal 1

Lengte A B l A < l B Onmogelijk om te tellen. A B C l C = l A + l B Meettechniek : een meeteenheid kiezen en tellen. B 1cm 1cm 1cm 1cm 1cm 1cm l B = 6cm Ratio schaal De keuze van de meeteenheid is willekeurig. De omzetting van een meeteenheid naar een andere gebeurt door het vermenigvuldigen met een constante : centimeter naar meter : 0.01 centimeter naar millimeter : 10 centimeter naar duim : 0.3937 Andere voorbeelden : massa, spanning, oppervlakte,... 2

Tijd m 0 m 1 m 2 t 1 < t 2 Onmogelijk om te tellen, zelfs na de keuze van een meeteenheid. Meettechniek : een meeteenheid en een oorsprong kiezen. Dan tellen. De keuze van de meeteenheid en de oorsprong is willekeurig. De omzetting van een meeteenheid naar een andere gebeurt door het vermenigvuldigen met een constante a en het optellen van een constante b Brussel naar L.A. : a = 1 en b = -9 Christelijk naar moslim : a = 1.02 en b = -622 Andere voorbeelden : temperatuur,... Celsius naar Fahrenheit : a = 9/5 en b = 32 Interval schaal We kunnen niet twee ogenblikken samenbrengen zoals twee kudden of twee potloden. Maar we kunnen twee intervallen tussen ogenblikken samenbrengen. xz x y z tijd xy yz Het interval tussen twee ogenblikken wordt op een ratio schaal gemeten. Voorbeelden : leeftijd, reactietijd, duur van een taak,... 3

Gorillas We kunnen niet het overheersende karakter van twee gorillas samen definiëren. We kunnen ook niet het interval tussen twee gorillas definiëren. De waarden van de variabele overheersend karakter duiden slechts een volgorde aan. Ordinale schaal Meettechniek : ken de waarde 0 toe aan het eerste element in de volgorde. Dan 1 aan het tweede element, enz Speel gedrag 0 : alleen en speelt niet 1 : met 1 kind en speelt niet 2 : met >1 kinderen en speelt niet 3 : speelt alleen 4 : speelt met 1 kind 5 : speelt met >1 kinderen, Zelfs de volgorde is niet belangrijk : 4 is niet socialer dan 2. Meettechniek : geen Nominale schaal Voorbeelden : haar kleur, geslacht, beroep,... 4

Zinvolle en zinloze beweringen Een bewering is zinloos als ze afhankelijk is van de schaal (vergelijking van de gemiddelden van Tchmil en Spruch). Een bewering is zinvol als ze onafhankelijk is van de schaal (vergelijking van de medianen van Tchmil en Spruch). Absolute schaal Meettechniek : tellen. De oorsprong en de eenheid zijn vast. Geen andere schaal is mogelijk. Iedereen gebruikt dezelfde schaal. Alle beweringen zijn zinvol. Altijd discreet. 5

Ratio schaal Het is mogelijk de unie van twee of meer voorwerpen te vergelijken met een voorwerp. Meettechniek : eenheid kiezen en tellen. De oorsprong is vast. Aantal mogelijke schalen : oneindig. Omzetting van een schaal naar de andere : vermenigvuldiging met een constante. Altijd continu. Voorbeelden van zinvolle beweringen : x=2y, x y, x =1.5y n 1 x  x i =1.5 1  y j n y n x i =1 x =1.5y n y j =1 n 1 x  a x i = 1.5 1 a y j n x n y i =1 a 1 n x  x n i = 1.5a 1 x ny i =1 n y  j=1 n y  y j j =1 n 1 x  x n i =1.5 1  y x n j y i =1 n y j =1 x i = a x i en y j = a y j x =1.5 y Voorbeelden van zinloze beweringen : x=2, x > y-1, x = y +3 6

Waarom is x y-1 zinloos? x = 2cm, x y-1 x' = 20mm, x' < y'-1 y = 2.5cm y' = 25mm, Interval schaal Het is mogelijk intervallen tussen twee voorwerpen te vergelijken Het is mogelijk de unie van twee of meer intervallen te vergelijken met een interval. Meettechniek : eenheid en oorsprong kiezen, dan tellen. Aantal mogelijke schalen : oneindig. Omzetting van een schaal naar de andere : met een constante vermenigvuldigen en een constante toevoegen. Altijd continu. 7

Voorbeelden van zinvolle beweringen : x-y = 2 (z-w), x-y > z-w, x < y Voorbeelden van zinloze beweringen : x= 2y, md x = 3 md y, x = 0.5y Opmerking : regels zoals het gemiddelde mag met interval of ratio schalen gebruikt worden zijn niet geldig. Ordinale schaal Het is niet mogelijk intervallen tussen twee voorwerpen te vergelijken. De te meten voorwerpen zijn geordend. Meettechniek : de volgorde van de metingen moet dezelfde zijn als de volgorde van de voorwerpen. Aantal mogelijke schalen : oneindig. Omzetting van een schaal naar de andere : niet simpel. Voorbeelden van zinvolle beweringen : x > y, md x > md y, mo x < mo y Voorbeelden van zinloze beweringen : x-y = 2(z-w), s x s y, x < y 8

Verboden bewerkingen : Optellen en vermenigvuldigen. Nominale schaal De te meten voorwerpen zijn niet geordend. Meettechniek : geen. Aantal mogelijke schalen : oneindig. Omzetting van een schaal naar de andere : niet simpel. Voorbeelden van zinvolle beweringen : f 1 > f 2, f 1 + f 2 f 3 + f 4 Voorbeelden van zinloze beweringen : x > y, md x > md y, mo x < mo y Verboden bewerkingen : Optellen, vermenigvuldigen en vergelijken. 9

Ordeningstechnieken Ruwe data Een steekproef is een reeks elementen uit een populatie Voorbeeld : (Piet, Bart, Els) Bij elk element heeft de geobserveerde variabele een waarde. Voorbeeld : (1.70, 1.80, 1.70) Deze reeks bevat de (ruwe) data Deze reeks wordt vaak ten onrechte een steekproef genoemd. 10

Vector notatie Ê x 1 ˆ Kolomvector : x 2 Symbool : x x = : Ë x n Ê Ë x 1 x 2 : x n ˆ (x 1, x 2,, x n ) is het getransponeerde vector van x. Symbool : x T. Het is een rijvector. Het getransponeerde vector van een rijvector is een kolomvector. Dus, (x T ) T = x. De dimensie van de vector is n. Voorbeeld X = grootte van een persoon Ê 1.70ˆ x = 1.80 Ë 1.70 x duidt de data aan. De dimensie van x is 3. 11

Frequentieverdeling De verschillende geobserveerde waarden van de variabele X. zijn x 1, ẋ 2,, ẋ p p is het aantal verschillende waarden. Als de variabele tenminste van ordinale niveau is, dan is. x 1 de kleinste waarde en ẋ p de grootste waarde.. x = Ê. ˆ x 1 ẋ 2... Ë ẋ p Dimensie : p De frequenties van de verschillende geobserveerde waarden zijn f 1, f 2,, f p. f = Ê Ë f 1 f 2 : ˆ f p Een frequentieverdeling is een paar (ẋ, f) de vorm van een tabel gepresenteerd.. Voorbeeld : Ê 1.70 Ê x = Ë 1.80 ˆ f = 2ˆ Ë 1 Grootte Frequentie 1.70 2 1.80 1 en wordt vaak in 12

Gegroepeerde frequentieverdelingen Waarom groeperen? Een klasse is een verzameling van waarden. Elke waarde van de variabele moet zich in één en slechts één klasse bevinden. p klassen k 1, k 2,, k p met frequenties f 1, f 2,, f p. Ê k = Ë k 1 k 2 : k p ˆ Een gegroepeerde frequentieverdeling is een paar (k,f). Variabelen van tenminste ordinale niveau Om een klasse te definiëren, moeten we alleen zijn boven- en benedengrens bepalen. u i : bovengrens van klasse i. l i : benedengrens van klasse i. Voorbeeld Loon categorieën 40-45 45-50 50-55 55-60 60-80 80-100 Aantal arbeiders 6 10 13 20 28 23 k T = ( [40,45], ]45,50], ]50,55], ]55,60], ]60,80], ]80,100] ) f T = (6, 10, 13, 20, 28, 23) 13

Nog een voorbeeld Klasse Frequentie 0-4 (onvoldoende) 2 5 6 (voldoende) 5 7 8 (goed) 4 9-10 (uitstekend) 2 k T = ( [0, 4.5], ]4.5, 6.5], ]6.5, 8.5], ]8.5, 10] ) f T = (2, 5, 4, 2) Vuistregels voor het indelen in klassen Indien mogelijk, klassen met identieke breedte. Indien nodig, uiterste klassen voor outliers. 8 à 20 klassen. Handige grenzen. 14

Cumulatieve frequentieverdelingen F(x) : aantal elementen met een waarde kleiner dan of gelijk aan x.. x 1 < ẋ 2 < < ẋ k Stel dat x < F(x) = f 1 + f 2 + + f k Vector van cumulatieve frequenties : F T = ( F(ẋ 1), F(ẋ 2),, F(ẋ p) ).. x k+1 < < ẋ p Cumulatieve frequentieverdeling : (ẋ, F) Voorbeeld Resultaten van 20 leerlingen Resultaat 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Frequentie 0 0 1 0 2 3 3 5 2 3 1 Cumulatieve frequentie 0 0 1 1 3 6 9 14 16 19 20. x T f T F T F(4) = 3 F(5) = 6 F(5.5) = 6 F(100) = 20 F(-5) = 0 15

Cumulatieve gegroepeerde fr.verdeling F(x) is ook nog het aantal elementen met een waarde kleiner dan of gelijk aan x. Klasse Frequentie [0, 4.5] 2 ]4.5, 6.5] 5 ]6.5, 8.5] 4 ]8.5, 10] 2 1/4 3/4 F(6.5) = 7 F(4.5) = 2 F(5.5) = 2 + (5 x1/2) = 4.5 F(5) = 2 + (5 x1/4) = 3.25 F(6) = 2 + (5 x3/4) = 5.75 4.5 5 5.5 6.5 uitslagen 1/2 1/2 Vector van cumulatieve frequenties : F T = (F(u 1 ), F(u 2 ),, F(u p ) ) Cumulatieve frequentieverdeling : (k,f) Voorbeeld Klasse Frequentie Cumulatieve frequentie [0, 4.5] 2 2 ]4.5, 6.5] 5 7 ]6.5, 8.5] 4 11 ]8.5, 10] 2 13 k f F 16

Relatieve frequenties Frequentie : aantal elementen met een bepaalde eigenschap, met een bepaalde waarde of in een bepaalde klasse. Natuurlijk getal. Relatieve frequentie : proportie van elementen met een bepaalde eigenschap, met een bepaalde waarde of in een bepaalde klasse. Rationaal getal tussen 0 en 1. Kan ook in % uitgedrukt worden. Voorbeeld : in een steekproef van 21 kinderen zijn er 6 dyslectisch kinderen. De frequentie van dyslektische kinderen is 6. De relatieve frequentie is 6/21 = 0.29 = 29%. Verschillende soorten relatieve frequentie : Gewone relatieve frequentie : f i n met f i de fr. van ẋ i Gegroepeerde relatieve frequentie : f i n met f i de fr. van k i Cumuatieve relatieve frequentie : cumulatieve frequentie van x. F(x) n met F(x) de 17

Relatieve frequentieverdelingen Een (cumulatieve, gegroepeerde) frequentieverdeling is een reeks waarden (of klassen) samen met de overeenkomende (cumulatieve) frequenties. Een (cumulatieve, gegroepeerde) relatieve frequentieverdeling is een reeks waarden (of klassen) samen met de overeenkomende (cumulatieve) relatieve frequenties. Vector notatie : a T = (a 1, a 2,, a k ) b is een getal. Ê ba 1 ˆ ba 2 ba = Scalaire vermenigvuldiging : Ë ba k Voorbeeld : a T = (5, -2, ϖ, 1/2) en b = 1/2. Ê 5 ˆ ba = 1-2 2 p Ë 1/ 2 Ê 2.5 ˆ -1 = p / 2 Ë 1/ 4 Laat f T = (f 1, f 2,, f p ) een vector van frequenties zijn. Ê f 1 / nˆ f n = 1 n f = f 2 / n : Ë f k / n is een vector van relatieve frequenties. 18

Een relatieve frequentieverdeling is een paar (ẋ, f n ) Een gegroepeerde rel. frequentieverdeling is een paar (k, f n ) Een cumulatieve rel. frequentieverdeling is een paar (ẋ, F n ) Een cumulatieve gegroepeerde rel. frequentieverdeling is een paar (k, F n ) Grafische voorstellingen Niet cumulatieve frequenties Lijndiagram, kolommendiagram, cirkeldiagram, histogram (relatief of niet). Cumulatieve frequenties Histogram (relatief of niet) 1.0 Relatieve frequentie 0.5 Uitslagen op wiskunde - Cumulatieve frequentiecurve 0 4.5 6.5 8.5 10 19

Cumulatieve frequentiecurve Niet gegroepeerde data F(x) is de cumulatieve frequentie van x. F(x) is een functie van x. Resultaat 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Frequentie 0 0 1 0 2 3 3 5 2 3 1 Cumulatieve frequentie 0 0 1 1 3 6 9 14 16 19 20 Cumulatieve frequentie 20 15 10 5-2 -1 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 Testuitslagen 20

Gegroepeerde data Cumulatieve frequentie 15 Klasse Frequentie Cumulatieve frequentie [0, 4.5] 2 2 ]4.5, 6.5] 5 7 ]6.5, 8.5] 4 11 ]8.5, 10] 2 13 10 5 Uitslagen op wiskunde -2-1 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 4.5 6.5 8.5 21