Göttingen, theol. 160 proloog, Cant. 1,

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Göttingen, theol. 160 proloog, Cant. 1,1-615 -"

Transcriptie

1 Göttingen, theol. 160 proloog, Cant. 1, Göttingen theol. 160 varianten proloog basishs.: * H1: Gö, Göttingen, NStUB, theol. 160 collatiehss.: * O: De, Deventer, SAB, 101 F F2 Ha2, Den Haag, KB, 76 J 6 * H1: Le3, Leiden, UB, Ltk. 350 * H2: Be3, Berlijn, SBB-PK, Ms. germ. qu Hiert(!) beghint die voerreden op die bedun(!)dinghe van cantia(!) canticorum titel De, Hijr beghint die bedudinghe van dat boeck cantica canticorum titel Ha2 7 harder : crachtigher De Ha2 Le3 8 ghegeven De 13 Dyonisius: Dat is : Ende dat is als dyonisius seit De Ha2 17 bliven Gö Le3 (occultetur) 21 leeren : lesen De 24 scriftueren De Ha2 Be3 25 van (binnen) De Ha2 26 Want : Ende De Ha2 Be3 31 der(1) : dier De Le3 Be3 32/3 Ende - gheboede : Ende (om Be3) men sal die halse bughen onder hoer ghebode (onder haer gebode / bughen Be3) De Ha2 Be3 32 bughe Gö 33 den : dien De Le3 34 moghe Ha2, mach Be3 beyde om Ha2 34/5 van buten ende van binnen De Ha2 35 ghebruken / recht De Ha2 36 dat daer : om datter De Ha2 38 ende weelden om De 42 scrifturen De 45 der : die Gö Le3 46 also om De 48 den : dat De Ha2 scrifturen De 51/2 droghe - slecht : also slecht ende droghe is De 52 ende also slecht / is Ha2 54 si (doer wandert) De Ha2 56 hem selven / verdrenken De Ha2 Be3 61 het (beghint) De Ha2 62 etc: osculo oris sui De Ha2 Be3 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,1 63/4 Hier - glose : Hier eyndet die voerredenne. Hier beghint die bedudinghe op cantica canticorum coninc salomons (coninc salomons om Ha2) opschrift De Ha2, Explicit prologus. Hier (twee regels lager:) Hier beghint die exposicie op cantica canticorum. Osculetur me osculo oris etc opschrift Be3, Hier beginnen salomons cantica canticorum teerste capittel opschrift Le3 71 alse (sedich) De Ha2 76 ydelheden : eydelheit De 78 si : die siele De Ha2 Le3 79 begheren : begheert De Ha2 85 hoghe in dien ghemode / die begheerten De Ha2 91 ondervinden De Ha2 Le3 Be3 98 motet na den : moetmen naden (van den Ha2) De Ha2 99 so om De Ha2 107 ende (dat) De Ha2 108 sijn : worden De, werdet Ha2 110 bedwinghen De Ha2 ende (die) De Ha2 Be3 112 rade ende vermaen De 114 niet / van dien mateerliken dinghen De 117 volcomenre / riper De 122 dat / wanneer De 124 den : dien De 126 sulle wi (altoes) De Ha2 127 (buten) te Gö Le3 Be3 128 figuer : pictuer of malinghe (of malinghe om Le3) De Ha2 Le3 130 als (dat caf) De Ha2 138 heilighe (enghelen) De 142 Osculetur (Hi) opschrift De, Hie cusse my (Hie) opschrift Ha2 146 der om De 147 an / dede De 161 duusternissen De 163 helen : verhuden De Ha2 171 dien : den De Ha2 180 wies : vier De 184 worde De 191 bi : an De 193 wart Gö (saluatur) 201 Jan : iohan De, iohannes Ha2 202 (setel) is De Ha2 205 (doer) ende Gö 207 Die wise man : Inder wijsheit boec staet De Ha2 208 waect De Ha2 Be3 209 den : die die De 214 al(1) om Gö 217 (monde) begheer ic De Ha2 218 Barnardus - ic(1) : Nu en hoer ic seit sancte bernardus De Ha2 224 dien (dat) De Ha2 227 (verenicht) te wesen De Ha2 232 wtrecken De 239/40 ontbreect ende ontblivet De 244 in ons / een doot De 248 der(1) : onser De Ha2 Le3 250 getransformiert : overgheformet De Ha2 252 Orienis Gö Origenes - aldus : Aldus was sancte iohan als origenes seit De ha2 254 innighe : minnende De 265 si (hanghet) De Ha2 266 suect Gö (suspirat) 268 selve om De 269 niets niet (niet / niets Le3) De Ha2 Le3 278 ihesum De Ha2 284 maect De Ha2 285 prologe : voerreden De Ha2 289/90 si - gheleyt om De 292 ghebruucte Gö (non captat beneuolenciam) 301 warden Gö (compunguntur) 304 (dingen) dat capittelken dat aldus begint. dat cussen gods is drierhande. ende aldus endet niet wt mijnre vermetelheit dat sel di scriven eer ghi desen text beghinnet dat cussen gods etc Le3 dinghen breekt af tot 455 Gö Le3

2 - 616 proloog, Cant. 1,1 Göttingen, theol. 160 Inlassing 1: basishs. * H2: Be3, Berlijn, SBB-PK, Ms. germ. qu collatiehss.: * O: De, Deventer, SAB, 101 F F2 Ha2, Den Haag, KB, 76 J 6 * H2: A2, Amsterdam, UB, I G tot : totten De Ha2 310/11 met mide : mit mi De, om Ha2, mit vermiden A2 313 werts / op De Ha2 A2 316 (onder gheholden) worde De A2 318 weder / licht De 319 hoe sulc : hoedaen De Ha2 du : dattu De Ha2 323 des : sijns De Ha2 326 (voete) ende De Ha2 327 di om De 328/9 die siele / hoer De Ha2 335 tot - voeten : totten voeten des heren De Ha2 336 moegheste / horen De Ha2 337 dien : den Da Ha2 so om De Ha2 343 van dier De 346 voet(2) om De Ha2 347 ende om De 352 alleen : alle Ha2 der : te De Ha2 354 (ontfermherticheit) gods De Ha2 leven Be3 365 onachtsam De Ha2 366 ende (mijn) De Ha2 367 onghestadicheit De, onstadich Ha2 370 Ten : Totten De Ha2 A2 372 niet / rechtevoert De 377 heeft / ghegheven De Ha2 380 kennet Be3 (recognoscit) 384 aenrijninghe : antastinghen De, antastinghe Ha2 387 dinen naem / ghif De Ha2 391 niet / gode De Ha2 391 Ten : Totten Ha2 393 ontfermherticheiden De 395 (sunden) mi De Ha2 398 Ihesu om Ha2 Ihesu, goede : goedertieren De 399 nu om De Ha2 400 dijns : des (dijns Ha2) heilighen De Ha2 401 vervulleste / van blijtscappen De Ha2 402 latet : laet dit De Ha2 gheen : niet Ha2 410 ghehoersam De Ha2 414 menigerhande : alrehande De Ha2 416 is si : ist Be3 een knecht : knechtlic ende dienstmaghet De Ha2 417 noch (een) De Ha2 418 oren om De Ha2 419 als om De Ha2 recht om De Ha2 424 toebehoert De Ha2 A2 426 minliker : innerliker De, innichliker Ha2 428 in : mit De Ha2 429/30 niet met : nu niet De Ha2 430 te (gadervoeghinghe) De Ha2 440 te boven / verre Be3 te om De Ha2 441 metten heylighen cussen om De Ha2 442 omvanghet De Ha2 455 uut : met Be3 Einde inlassing 1 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,1(2)/2 457 Dat herneemt (cf 304) Gö Le3 Dat ander capittel : quia meliora sunt ubera opschrift De, om Ha2 Le3 Be3 460 een(2) om Gö 461 (of) si De 461/2 horen gheminden De 462 recht (of) De Ha2 Le3 Be3 469 ghecomen De Ha2 Le3 Be3 476 die om De Ha2 477 seide De Ha2 479 vreset : verveert De Ha2 seit De Ha2 Be3 480 den scarpen : sueren De Ha2 te om De Ha2 482 der om Gö (dulcore pietatis) goedertieren De 483 si (gheven) De Ha2 486/7 die - menschen : der onvolcomenre mensche / leringhe De Ha2 491 ende (du) De Ha2 496 warden Gö 498 wt (gheperset) De Ha2 501 (propheet) ende De ende een (aelmechtich) De 503/4 willen - toeleyt : die men alle goedertierenheit toe scrivet willen nemen De Ha2 504 goedertierenheit De Ha2 505 cristum Gö dat om De 506 lancmoedighe De Ha2 Be3 verbeidinghe De yet om De 507 of (so) De 510 seide De 511 o (here) ihesu De Ha2 (willen) die willen De 512 O here Ihesu om De Ha2 516 den om De Ha2 517 discipel : iongher Gö Le3 Be3 (discipulus) 520 gheworpen : verworpen De 528 besiden : en wech De Ha2 529 ende (niet) Gö van di (bidden) De Ha2 dant De Ha2 533/4 hem / namaels De Ha2 Le3 Be3 537 dat : mijn De Ha2 Le3 salven : ghenaden De Ha2 547 den om De Ha also - lijt : also vele bitter dat (dan Ha2) hi van buten lidet. alst hem suet is dat hi van binnen siet De Ha2, also veel te bitter dat hi van buten siet. alst hem zueter is dat hi van binnen siet Le3 552 ghenuechten Gö 555 vreesde : ontsach De Ha2 556 in (een) De 566 van hem / wijsheit De Ha2 567 als (dat) De Ha2 570 Barnardus: Want : want als sancte bernaert seit De Ha2 581 wederstoten De Ha2 salve Gö Ha2 Le3 (unguenta) 583 sijn : is een Gö De Ha2 Le3 Be3 (sunt) oefeninghe Gö De Ha2 Be3 (superintellectuales theorie) 586 ende om De 596 die(1) : den De 598 (mer) oec mede De Ha2 600 als (god) De Ha2 dancberlicheiden De Le3 603 samen : gader De 605 O waerheyt om De 609 memorien : ghehoechnisse De Ha2 614 ghemeestet : vet ghemaect De Ha2 618 den : sinen De Ha2 621 in alle die werlt : in (over Ha2 Be3) al eertrijc De Ha2 Be3 628 memorien : ghehoechnisse De Ha2 630 ghewach : ghehoechnisse De Ha2 631 verstaen De Ha2 Be3 633

3 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,1(2)/ conincs Gö 640/1 mit rechte om De 646 als (om Le3 Be3) (die wise man) seit De Ha2 Le3 Be3 648 (somtijt) nemt men bider ioecht De Ha2 649 Als (ieremias) seit De Ha2 652 als (iob) seit De Ha2 655/6 sijn - mi : ende sijn lanteerne op mijn hovet scheen Doe ic wanderde in sinen lichte en die aelmechtighe mit mi was De Ha Ic - armen : Doe ic der weduwen herte troestede ende doe ic den blijnden een oghe (was add Ha2) den cropel een voet ende een vader (der add Ha2) armen De Ha2 658/9 ic was den blinden een oghe om Be3 660 Barnardus - joncheyt : Als die mensche in deser ioncheit. als sancte bernardus seit De Ha2 670 des : ons De Ha2 671 goedertieren : goddienstighe De Ha2 673 haer : hem De Ha2 674 si : het De Ha2 677 Dier(1) : der De dier(2) : der De Ha2 dier(3): der De Ha2 hanghet si : hanctet De, hanget Ha2 678 begheerten De Ha Ende - sonne : puere (ende add Ha2) doerscouwender ende (om Ha2) scoenre ende (velle add Ha2) scoenre dan die sonne De Ha2, Ende hoe puerre hoe doerscouwender hoe scoenre ende scoenre dan die sonne Be3 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,3 1 Dat derde capittel : Na enen anderen sinne opschrift De, Die ierste sin Ha2, om Le3 Be3 2 lopen / in die roke dijnre salven De 7 inden comen / seer De Ha2 8 David : david (om Ha2) ende seide De Ha2, daniel Be3 19 een : ende De 22 wenen (medeliden) De 25 bande Gö Be3 32 neder gheneyghet / anden cruce De 33 bekennen De 43 dede : bad De Ha2 49 In den anderen : Inder ander wise De Ha2 54 dat (hi) De Ha2 55 (Inder derder) wisen De Ha2 56/7 mede / op den rechten wech De 59 die(2) : ende die De, ende Ha2 62 verbetert De Ha2 69 voersichticheyt : voersienicheit De, sorchvoldicheiden Ha2 71 begripen De Ha2 73 niet / also De Ha2 78 eersame De Ha2 79 scicket : besettet De Ha2 84 ende om De Ha2 85 dat (als) De Ha2 oec om Gö (eciam) 86 ende : of De Ha2 88 in mi / gheestede De Ha2 90 anders (dan) De Ha2 93 wanneer De Ha2 Be3 openbaer wesen : openbaer verschinen De, openbaren mi Ha2 94 gods mijns Gö 97 di(1) om De 99 du om De Ha2 101 bedruct De Ha2 Be3 103 goet (goetghenoch) De 108/9 ons / mit sinen leven De Ha2 109/10 ons / mit sinen sterven De Ha2 112 ende (verlosinghe) De Ha2 115 ende (so) De Ha2 117 ende (so) De Ha2 118 ende (so) De Ha2 122 was : is De Ha2 131 kenne(1) : bekenne De Le3, om Ha2 131/2 kenne(1) - di om Ha2 131 minnen - kenne om Be3 132 come : comen mach De Ha2 Le3 133 mach / rusten De Ha2 134 dat (bewijst) De Ha2 135/6 onsen lieven here gode : gode De Ha2, onsen here Be3, onsen here gode Le3 136 seyt : spreect De Ha2 die (die) De 139 (in(2)) mi Gö 140 (begheerlicheit) comen De Ha2 145 verborghen : verhudet De Ha2 warde Gö 147 die - is(1) : die du mijn god niet en biste De Ha2 148 bekent De Ha2 Be3 149 ende (hoe) De Ha2 159 moghe De 160 gaet Gö (exsuperant) Trec(185) - begheeren(276) na gaen trnsp De Ha2 160 (gaen) na enen anderen sin Gö 162 verweect De 163 die : der De begheerten Gö De Le3 Be3 (desiderium) tet(2) om De Le3 170 begheert : lustet De Ha2 171 vlieghenden De Ha2 Be3 176 spronghe De Ha2 Le3 179 salve Gö Le3 (unguentorum) 190 elke(1) : alle De Ha2 gaven Gö De Be3 (datum) elke(2) : alle De Ha2 191 ghiften Gö Le3 (donum) der lichten De Ha2 202 groetheyt De Ha2 203 is / ende schoen De 204 onse Gö (euigilacionis) 208 den om De Ha2 mensche Gö (deuotis) 213 begheerdse Gö, begheerdese Le3 (petit) 222 (want) dat Gö, daer De Ha2 222/3 heeft hem / die soen die dat woert des vaders is De Ha2 226 prighen : presentieren De Ha2, springhen Be3 234 ons in ghelikenissen niet toe ghesproken en wort mer openbaerlic (die(1)) De 239 bekennen De 240 (hoe) dat De 248 wesen : werden De Ha2 259 Hugo - minne : Want als hugo seit die minne De Ha2 265 ghetransformiert : overgheformet De Ha2 268 Vercellencius - hier om : Ende hier om als verselencis seit De Ha2 269 berghe Gö (montibus) Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,3(2) 276 Dat iiij capittel : Introduxit me rex opschrift De Ha2, om Le3 Be3 278 den om De 284 alleen (een) De Ha2 288 die(1) om De Ha2 die(3) om De Ha2 289 mede om De 290 die om De Ha2 295 den om De Ha2 308 dierre : -der De Ha2 309 in(1) om De 313 vervroechdet : vervrouwet De Ha2 310 verhueghet : vervrouwet De Ha2 314 Augustinus - worden : Daer worden als augustinus

4 varianten Cant. 1,3(2) Göttingen, theol. 160 seit De Ha2 die om De Ha2 320 wijn (kelren) De wort / ghebracht De 331 wijn (kelren) De Le3 ingheleit De Ha2 345 veronweert si De Be3 347 hoe sulc : hoe daen De Ha2 356 wesen : worden De Ha2 363 ondancsamheit De Ha2 Be3 369 want (dit) De Ha2 373 in mi / warm De Ha2 375 nederghedaelt : neder gheclommen De Ha2 377 om dinen wil / anden cruce De Ha2 Le3 Be3 380 een om De 385 vervroechden : vervrouwen De Ha2 Be3 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,3(3) 386 Dat vijfte capittel : recti diligunt te opschrift De, Die ierste sin opschrift Ha2, om Le3 Be3 387 recht : rechte De Ha2, om Be3 388 in den ghelove om De 392 ghelijct De 394 (den(2)) den Gö 404 -ten om De Ha2 411 te (bliven) Ha2 bliven om De 412 daer om De Ha2 toe om Da Ha2 415 so om De Ha2 434 een (recht) De reghelen De Ha2 Be3 437 dier : -der De 440 rechticheit De Be3 441 ende om De 442 Ist : Is Gö Ha2 Le3 445 di : hem De 448 (man) seit De Ha2 449 gherechten De 450 willighe De Ha2 453 willighe De Ha2 457 willigher De Ha2 Be3 armen : armoeden De Ha ten om De 459 -ter om De 461 breetheyt : brede De 462 caritaten : minnen De Ha2 464 ende (daer) De Ha2 Be3 so om De 465 onse - sielen : die voete onser sielen De Ha2 so om De Ha2 471 die(2) om De 474 (man) seit De Ha2 475 heeft (hem) De Ha2 477 staet De 481 di om De 484 uutghesperder : wtghespreider De Ha2 Be3 caritaten : minnen De Ha2 487 menschen De Ha2 behoren De Ha2 in den : ten De Ha2 497 innersten De Le3 Be3 497/8 ende so om De 499/500 inder voerspoedicheit / hem De Ha2 501 hem (niet) De Ha2 503 handen De 503/4 (wi) oec Gö 517 dien : den De Ha2 525 die : dien Gö 528 Hugo - staet : So wie aldus ghericht staet als hugo seit De Ha2 531 apostelen : discipulen De Ha2, iongheren Be3 535 over- om De 539 verwermt : vervremt Gö 543 ende(1) om De Ha2 Le3 Be3 545 linco Gö Le3 553 recheyt Gö 555 solt / voert De Ha2 Le3 Be3 558 manne : minne Gö 558/9 Richardus - si : ende als die siele dus (aldus Ha2) opghericht staet so minnet si. alse richardus seit De Ha2 560 wtvlamminghe De Ha2, wtwalminghe Be Le3 567 ic om Gö ic nu niet : nu niet ic De Ha2 568 mi ende ic hem : is mi ende ic bin (om Ha2) sijn De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,4/5 1 Dat vi capittel : Nigra sum opschrift De, Die ierste sin opschrift Ha2, om Be Le3 ceder Gö (Cedar) 6 ons / nu De Ha2 9 nochtant (schoen) De Ha2 ons om De Ha2 Le3 11 goede om De 11/2 toe / seit si De Ha2 14 doghentlike De 15/6 meer / voer die onwise menschen De 16 ghedruct De Ha2 Le3 Be3 21 waerlic De Ha2 Be3 28 siet Gö 30 overtollighe : vertoninge ende Gö (ornatu cultuque superfluo) 38 christi (mijns) De Ha2 39 sundelic De Ha2 40 lasterlijc De Ha2 41 swartheyt : swe swertheit De zwaerheit Ha2, swarticheit Le3 Be3 also : alse De Ha2 42 witblenkender De 44 die om De Ha2 Le3 Be3 54 swertheit De 55 is (gheleghen) De Ha2 56 swertheit De 57 loten : die overste telghen De Ha2 60 oec (wal) De Ha2 61 criste Gö 65 (mismaect) was De Ha2 66/7 Barnardus - te mael : Doe was hi als bernardus seit te mael De Ha2 67 noch (schoenheit) De Ha2 69 lasterlijc De Ha2 69/70 lachterlike scande : laster Be3 70 der lude : des volkes De Ha2 Be3 71 heren (ihesum) De 75 verswart : beswert De Ha2 76 na : in De 78/9 van buten om De 79 mar om De den oghen om De Ha2 ghetruwigher De, ghetrouwer Ha2 81 den dode (mit) De Ha2 82 den (orber) De Ha2 83 god om De wtvercorenen De Ha2 Le3 Be3 90 ontcommeren : ontcommert te werden De Ha2 95 boutheyt : coenheit De Ha2 96 een om De Ha2 97 (was) ende sprac Gö ten om De claren om De 103 ceders Gö De Ha2 ceder Gö De 120 ceders Gö Le3 der Gö (radiis solaribus) 121 van : vanden De, vander Be3 123 overstandelic De Ha2 Be3 opghetrect De, opgherect Ha2 128 ander om De sacraficie : offerhande De Ha2 wanttet De Le3 Be3 135 begheerten Gö (ardor desiderii) 140 beiden De 144 swert : sweer De 145 seit De Ha2, seggen Le3 Be3 (dicat!) 149 beswaert De Ha2 scouwinghe De Ha2 154 vel : siele De 155 ceders Gö 156 recht (recht) De 157 niet / claerlic De Ha2 Le3 Be3 158 der om De Ha2 161 Petrus : peterus Gö, Ende sancte peter seit (seghede Ha2) De Ha2 ontsetten De Ha2 166 bekennen De 167 di om De 172 ghetransformiert : overformt De Ha2 174 lynconus Gö Le3 178 anhanghen De 177 hem om De

5 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,4/ swertheit De Ha2 185 scoen ende glorioes De 188 oec om De Ha2 191 scoenheit ende swerticheit De swerticheyt Ha2 Le3 Be3 192 mer (van) De Ha2 194 mer (van(2)) De Ha2 208 is / der ewicheit De Ha2 211 mitten : mitter Gö 216 den om De 220 swertheit De 224 lasterlike De Ha2 Be3 225 vroeliker : volre De 233 armoeden (arbeides) De 234 maect Gö Le3 239 veronweert De Ha2 Be3 240 verwerpt si De Ha2 Le3 Be3 248/9 te scanden ende te oneren De Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,5(2) 258 Dat vij capittel : Filii matris mei opschrift De, Nae den iersten sinne versta opschrift Ha2, om Le3 Be3 259 wijngaerde Gö (uineis) 263 dat : die De Ha2 264 cayn De Ha2 264/5 sinen brueder / abel De Ha2 266 sinen brueder vervolghede / ysaac De Ha2 266/7 sinen brueder / iacob De Ha2 272 heretici : ketters De Ha2 273 kersten (ghelove) De Ha2 283 kinder om De 285 dat(2) om De 291 wort verswaert : beswaert wort De, beswaert sin Ha2 293 huusghenoet Gö (domestici) 294 sijn : si Gö bids : biddes u De Ha2, bid u Be3, biddes di Le3 302 u (niet) De Ha2 304 de om De 309 pinighen De 310 selre : sal De 311 pinighen De 313 in minnen / mi De 315 den om De 317/8 in minen wijngaert Be3 319 wijngaerde Gö Le3 (uineis) 330 ist : is Gö Le3 Be3 330/1 die blijntheit / eens deels De Ha2 336 onweert De 341 mi selven : mijn leven De Ha2 siele De Ha2 Le3 347 dat(2) : dit De Ha2 351 borst De Ha2 373 vurighe (vlieghende) De 375 so (gaen) De weeringhe : weten De 377 rijcheit De wijsheit De 393 Mijnre(408) - gripent(424) na fantasien trnsp De Ha2 394 wijngaerden : wijngaert Gö (uineis) 399 wijngaerde Gö Be3, wijngaert De (uineis) so om De 400 scouwen De 401 bloeyen : vloeyen Gö, vloeyen ende in bloeyen Ha2 (germinant) 420 Ende (si) De Ha2 422 Ende (aldus) De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,6 1 Dat viij capittel : Indica me quem diligit anima opschrift De, Nae den iersten sin opschrift Ha2, om Le3 Be3 3 cudde Gö Ha2 Be3 (greges) 10 wesen : worden De Ha2 Le3 Be3 17 deser : der De 22 die heilighe kerke : der heyligher kerken Gö Le3 Be dat - sielen : elker sielen toe dat si (die Ha2) vuericheit der heiligher begherten voer des ghemindes brudegoms aensicht voer lope De Ha2 31 na : verre Gö Le3 Be3 (prope) 37 salicheit De Ha2 37/8 wise mi wien mijn ziele minnet om De Ha2 42 worden Gö Le3 Be3 (oportet...gustum uariari) 45 (vernyet) worde De, werden Ha2 50 voerganger De ende doetse : doet hi se De Ha2 52 vertoent De Ha2 Be3 (selven) alse De 53 recht om De 56 ende(1) om Gö Le3 Be3 (ortorum et agrorum) (sijnre) ende De 64 vertone De Ha2 Be3 66 woerden : werken De Ha2 71 hoedet Gö (pascit) 76 ghenoedet Gö Le3 (pascitur) 77 -ten om De 81 overvlodicheit De Ha2 83 beswaert De Ha2 84 swaerheit De Ha2 Le3 Be3 87 camp De 91 hi wil(2) : ende De 96 voetste Ha2 Be3 (pascas viriliter defendendo!) 98 Ende (op dat) De Ha2 99 cudde Gö Ha2 (greges) 110 is om Le3 ende onverscheiden / is De Ha2 Be als - is om De 111/12 ende is om Ha2 112 als (een(1)) De Ha2 ende om De als (een(2)) De Ha2 119 heeft (heeft) De 122 (vragheden) ende seiden De Ha2 127 die(1) om De Ha2 128 lere De der(2) om De die om De Ha2 130 die(1) om De Ha2 132 den om De 137 dat(1) om De Ha2 Le3 Be3 dat(2) om De Ha2 Be3 138 verdelighet De Ha2 140 Ende (op) De Ha2 143 Nu (sich) De Ha2 Le3 die : dese De 149 sijn (wtgherecket) De Ha2 150 (hovet) is De Ha2 daer hi ons : dat hi ons daer De 151 ende om De is (opgheloken) De Ha2 want : dat De 156 lancheit De Ha2 Le3 Be3 157 ewichs om De 158 is(1) om De 159 vierscaer : richtbanc De Ha2 recht : gherichte De Ha2, rechten Le3 in sitten sel : sal sitten De 161 vierscaer : richtbanc De Ha2 175 die(1) : ende De 187 besprenghet De Ha2 Be3 190 dien : den De Ha2 191 als dat : dattet De Ha2 194 die : wien De Ha2 wesen / woerde Gö 200 (ghelijct) si Gö (iudicatur) een om De 201 eyghen : enighen Gö (patriam) 210 ontverwet De Ha2 ende om Gö De Ha2 Le3 Be3 (et) 215 hoe : so De (onbegripeliken) lichte De 220 si haer oefenen sal om Gö Le3 Be3 (exercendi se) haer : daer toe De 222 dat om De 223 onderschidet De 224 seit De 228 in pleghegheste te voeden / dijnre kennisse De 231 weide Gö Ha2 Le3 (pascuis) 234/5 mit dien : mitten De Ha2 237 ic mach se / doch De Ha2 243 al- om De 248 in - hier : hier inden sacrament De 252 (daer) hem Gö Le3 259 totti : na di De Ha2, tot u Be3

6 varianten Cant. 1,6 Göttingen, theol. 160 hoedeste Gö Le3 Be3 269 der om De Ha2 Be3 272 om sijnre om De Be3 voergangher De 276 cudde Gö De Le3, om Ha2 (greges) 280 Dat is als (vercellensis) seit De Ha2 283 cudde Gö Le3 Be3, eynde Ha2 287 In den : Ten De Ha2 (eersten) in De Ha2 288 in om De 289 In den : Ten De Ha2 292 In den : Ten De Ha2 294 In den : Ten De Ha2 mael om De 306 den steden Gö Le3 (locum) 307 ziele Gö Ha2 (animas) behoedet : voedet De Ha2 overmids : om De Ha2 310 hoedestu Gö Le3 Be3 320 overhetten : overster hetten De 322 (man) seit De Ha2 329/30 een lichtdrager : die morghen sterre De Ha2 338 te : tot De Ha2 347 dien (dat) De 348/9 worden si alle / mit malcanderen De 351 (vrolicheit) worden De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,7 353 Dat ix. capittel : Si ignoras opschrift De, om Ha2 Le3 Be3 367 daerstu : daer du De 369 beswaert De Ha2 371 dijnre : der De Ha2 372 minnaren De Be3 374 exempel De Le3 379 richar Gö 383 ontbreect De Ha2 387 dan : dant De 391 der om De 393 droefheit De 397 sien se : siet si De Ha2 398 vresen : anxte De Ha2 401 (weelden) comen De 402 weder (gheraken) De 403 patriars Gö 404 vercrachtighet De 405 ende (hi) De Ha2 407 substancie : goet De Ha2 411 voerbi- : toe De Ha2 413 den om De 415 wasset Gö De Ha2 Le3 (succrescentibus) 418 inlichtinghe De 420 In den : Ten De Ha2 420/1 mael / eersten De 421 versmetelre Gö 422 te hoeden : en huedet De Ha2 424 ende (in) De Ha2 425 sijns herten om De Ha2 425/6 In den : Ten De Ha2 427 bedrieghenisse : bedruckenisse De 430 ende (die vrucht) De Ha2 433 In den : Ten De Ha2 435 hi(2) om Gö (seipsum humilat) 439 In den : Ten De Ha2 443 van di / niet De Ha2 444 gheholden De Ha2 446 Na enen anderen sin : Naden anderen sin opschrift Be3, om De Ha2 448 van : overmids De 451 te (wesen) De Ha2 Be3 459 vresen : anxte De Ha2 alre om Gö Le3 (pulcherrima) 463 oefeninghe Gö Be3 (actibus) 464 is : sijn De Ha2 wat : in al dat De Ha2 466 so om De Ha2 474 dat hi om Gö Le3 Be3 477 (was) doe hi seide De Ha2 481 (beval) doe hi seide De Ha2 483 ghi om De 484 hertighe : ghehertede De Ha2 hertich : ghehertet De Ha2 488 oec (manne) De 490 ontfarmherticheden Gö Le3 Be3 (misericordie) wies : welker De, welke Ha2 495 moghen De Ha2 (alle) die ghene De Ha2 500 werltliker : werlt De Ha2 Le3 Be3 501 lasterlike De Ha2 Be3 503 sinte - of : oec Bernardus De of : van Ha2 508 (tijt) toe De Ha2 509 lasterliken De Ha2 510 cueriosicheyt : nyplichticheit De Ha2, curioesheit Be3 515/6 haer - wesen : weder wtgheworpen si De Ha2 517 recht of hi segghen wolde na sancte (bernardus) woerden De Ha2 524 Gregorius - sijn : dat sijn als sancte gregorius seit De Ha2 die : dyn De Ha2 onnutte (onreine) De 526 die(2) om De Ha2 Le3 Be3 527 stincken De * O (De Ha2) behoudt hier goeddeels de oorspronkelijke vertaling, die in * H1 (Gö Le3) en * H2 (Be3) verloren is gegaan. De zin is gecompliceerd en werd in * H aangepast. De betere versie van * O volgt hier naast de Latijnse brontekst: Turpis studiorum mutacio, ut cui ante studium fuerat peregrinantem et exulem animam pascere sacris meditacionibus tamquam celestibus penetrare deuocione celos, et mente[s] supernas circuire mansiones, et salutare per patriarchas, atque prophetarum apostolorum martirumque mirari triumphos, ac stupere pulcherrimos ordines angelorum; nunc omnibus hiis obmissis turpe se * mancipet corporis seruituti ad * satisfaciendum uentri et gule. (hs. München, f. 20vb) Bernardus. Het is een scadelic wissel ende verwandelinghe als een mensche die te voren sine vreemde ellendighe siele mit heilighen ghedachten in die hemelsche weiden plach te hueden ende mit innicheiden die hemele doer te dringhen, ende die hemelsche woninghe mitten ghemoede plach om te wanderen, ende die patriarchen plach te grueten, ende die hem vander edelre verwinnighe der apostelen ende der martelaren plach te verwonderen, ende vander suverliker ordinancien der enghelen mit groten verwonderen plach te vervrouwen; ende hi nu al dat lelike ende lasterlike achterlaet ende wil sinen lichaem dienen ende ghenoech doen den buke ende den beesteliken sinnen (hs. Deventer, f. 19r)

7 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1, lelic wandel : wissel ende verwandelinghe De Ha2 531 doer te dringhen De Ha ende - ghemoede : ende die hemelsche woninghe mitten ghemoede plach om te wanderen De Ha2 533 si - grueten : ende die patriarchen plach te grueten De Ha2 533/4 si - verwonderen : ende die hem vander edelre verwinninghe der apostelen ende der martelaren plach te verwonderen De Ha2 536 plach (te) De Ha2 vervroechden : vervrouwen De Ha2 si : hi De Ha2 537 lasterlike De Ha2 Be3 haren : sinen De Ha2 538 veliken : beesteliken De Ha2 548 ende (een(1)) De Ha2 558 (ghenaken) Nae enen anderen sin opschrift De Ha2 (scoenste) onder die wiven etc De Ha2 559 Vercellencius om Be3 di selven om Gö De Ha2 Le3 (si ignoras te) 564 heren : hemels Gö Le3 Be3 (domini) 565 claerlike De 572 dijn : die De Ha2 573 onder : bequaem ende lustich sijn den brudegom De Ha2 574 hem (mede) De Ha2 576 tabernakel De Ha2 578 Thobias : als die enghel tot tobias seide De Ha2 579 Dionysius : Dat sijn als dyonisius seit na wanderen (581) trnsp De Ha2 585 exempel De ende(1) - bicomen : na te volghen ende bi te comen De Ha2 586 trecken De Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,8 1 Dat x. capittel : Equitaui(!) meo opschrift De, Nae den iersten sinne opschrift Ha2, om Le3 Be3 7 betruwen De Ha2 Be3 (vriendinne) ic heb di ghelijct mijnre ridinghe De Ha2 13 En : Ende De Ha2 Le3 Be3 glorioseliker De 14 was(2) : wort De Ha2 23 di om De 26 inder De 32 sietse : sachse De 40 ongheordinierliker Gö begheerlicheiden De Ha2 42 verlose De, verlosse Ha2 43 wanneer De Ha2 Be3 48 onlidesamheit De Ha2 Le3 Be3 51 lidesamheit De Ha2 Be3 56 die doechden De Ha2 Be3 Dat ander : Die ander waghen De Ha2 57 (ende) dese De Ha2 60 voert- om De 62 waghe Gö 64 namen : boerden De Ha2 (Ende) oec op dese waghen sitten De Ha2 66 te (hebben) De Ha2 Dat derde : Die derde waghen De Ha2 oncuuscheit De Ha2 (ende) dese De Ha2 73 (Ende) oec op dese waghen sitten De Ha2 75 daer : hier De Ha2 75/6 jegens recht contrarie : rechte teghen contrarie De, recht contrarie teghen Be3 76 lidesamheit De Ha2 Be3 77 (ende) hi De Ha2 85 verwermen De Ha2 (Ende) op dese waghen sitten oec De Ha2 87 Dat ander : Die ander waghen De Ha2 89 caritaten : godliker minnen De Ha2 95 sit : sat De Be3 97 Dat derde : Die derde waghen De Ha2 98 (ende) dese De Ha2 101 (ghebedes) ende des arbeides De Ha2 In regel is * H verminkt (cf ), terwijl * O meer van de oorspronkelijke lezing heeft behouden: Duo equi: fragilitas nature, instabilitas fortune (hs. München, f. 21rb). Desen waghen trecken twe peerden, als kennisse crancheit der natueren ende onghestadicheit der aventueren (hs. Deventer, f. 52r). 101/2 Dat - kenne : Desen waghen trecken twe peerden als kennisse De Ha2 dat ander peert is : ende Gö De Ha2 Le3 103 des willes : der aventueren De Ha2 103 sat : seit De 104 Ethiopien : moerlant De Ha2 106 (Ende) op dese waghen sitten oec De Ha2 108 (vriendinne) ic heb di gheliket mijnre ridinghe De Ha2 etc om Be ten om De Ha2 Be3 116 (ander) heer De 119 haerre : sijnre De Ha2 130 stoc : staf De Ha2 133 (begavet) hise De Ha2 139 daer (mede) De 140 vermanen : verwackeren De Ha2 144 ontfermherticheit De 145 so om De Ha2 149 stoc : staf De Ha2 151 becoren : becoert worden De Ha2 153 ghetemptierden : becoerden De Ha2 154 die - worden : als si becoert worden De Ha2 ende (dat) De Ha2 155 beyden : bereiden De Ha2 164 verlichtet Gö (illuminant) Göttingen theol. 160 varianten Cant. 1,9/ Dat xi capittel : pulchre sunt mac(!) opschrift De, Die ierste sin is opschrift Ha2, om Le3 Be3 174 besprenghet De Ha2 179 scrift De Ha2 182 also : als De Ha2 187 Weest : wordet De Ha2 192 ende om De Ha2 Le3 Be3 193 en om Gö 195 der om De 196 hem : dien De Ha2, om Le3 Be3

8 Göttingen theol. 160 varianten Cant. 1,9/ der om De Ha2 197 gheven / vloghele De 199 een (nest) De Och : O De Ha2 Le3 Be3 205 leeringhe : leren De 207 wt (wort) Gö 214 vercieren(1) : verciert Gö Le3 Be3 (monilia...decorant) 219 die(2) om De 225 inden cloesteren / stadelic De Ha2 Le3 Be3 229 en wort / ghesocht De 230 (in) den om Gö 231 (weerdicheit) was De 235 stichtinghen De 237 lidesamheit De Ha2 Be3 241 scrift De Ha2 243 dat om De Ha2 250 der(2) : des De 254 in om De Ha2 scrift De Ha2 259 wesen / willen De Ha2 Le3 Be3 261 harde : crachtighe De Ha2 263 opblasen Gö 264 stichtinghe De Ha2 264/5 wel bevoelen : veel bevoelen sijn Gö (bene...sentire) 266 -ter om De Ha2 268 ende seit / doer enen propheet De 270 van minen om De 272 der om Gö 275 dien : -den De Ha2 276 scoen : suverlic De Ha2 282 alleen / tot sijnre behoef De 294 twidracheyt Gö 295 tijtlike - liden : tijtliker dinghen scade niet lichtelic en ghevoelste De Ha2 ( * O juister: si dampna non senties) 298 verscheiden De Ha2 299 verkiesen De 305 sacraficien : offerhande De Ha2 308/9 bomen - berghen : berghen ende vanden bomen De Ha2 311/2 dan / die brudegom De Ha2 312 dier : der De Ha2 314 der hoecheit om De 321 alre oetmoedigher De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1, Dat xii capittel : Dum esset rex in acubitu(!) suo opschrift De, Nae den iersten sinne Ha2, om Le3 Be3 325 cruut dat (nardus) heit De Ha2 332 ander : inder De 333 Apocalips : iohannes in apocalipsi De Ha2 337 etc : gaf mijn cruut (dat nardus heit sinen roke add Ha2) De Ha2, om Be3 340 nier : vier der Gö (nove gracie) 343 troest Gö (consolator) 346 als om De Ha2 So om De Ha2 357 dien : den De Ha2 Be3 358 sancte (pauwel) De 358/9 des - leven : totten roken des levens De 360 cruut dat (nardus) heit De Ha2 362 vredesam De 365 cruut dat (nardus) heit De Ha2 371 beweldighede Gö, beweghede De Ha2 Be3 (emolluit) 376 dinghen : menschen De Ha2 daer om De Ha2 Le3 Be3 (in) mi De Ha2 377 (droghe) in mi De 384 der(3) om De 388 seer cleynre om De Ha2 389 (seden) al was si seer cleyn De Ha2 394 te om De Ha2 396 te om De 397 selven om De 399 begheerten De Ha2 401 het si om De Ha2 402 lovet : te loven Gö Le3, pijnt te loven Be3 (in graciarum accione assurgit) 403 cruut dat (nardus(1)) heit De Ha2 404 ende(1) om De Ha2 het (wasset) De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1, Dat xiii capittel : Fasciculus mirre dilectus opschrift De, Nae den iersten sinne opschrift Ha2, om Le3 Be3 410 borste Gö 411 die heilighe kerke : der kerken Gö Le3 Be3 416 di / mi De Ha2 418 die : dat De Ha2 419 waer : bin De Ha2 die : dat De Ha2 421 dat om De Ha2 427 in der(2) om De Ha2 432 Want om De Ha2 435 bondeken De Be3 436 Ist : Is Gö Ha2 Le3 439 der : mijnre De 446 volmaectheit De 448 die om De 451 etc : is mi mijn lief (ghemijnde Ha2) tusschen minen borsten sal hi wonen De Ha2 454 dier : der De Ha2 465 altoes / dat De Ha2 467 u om De Ha2 468 (dat) dat De 472 ende (ic) De Ha2 478/9 nu niet / ic De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1, Dat xiiij capittel : Botrus cypressi dilectus meus opschrift De, Nae den iersten sin toe u (!?) opschrift Ha2, om Le3 Be3 482 (levens) volghet De 491 seer om De Ha2 497 van om De 503 oven der : onreine Ha2 504 temptacien : becoringhen De Ha2 510 (ende) hi De Ha2 510/1 recht / was Gö Le3 513 (hi) in Gö (gheest) in Ha2 515 wijngaert Gö De 517 ist : is Gö Ha2 Le3 531 hen (nare) De 532 die : di Gö, dier De, der Ha2 (qua degustata) 537 vresen : anxt hebben De Ha2 539 also : alse De Ha2 540 besloten De Ha2 542 in (ghevonden) Gö De Ha2 Le3 (man) seit De Ha2 547 alse : also Gö (quasi) als (of) De Ha2 Also : als De Ha2 549 af : an Gö 550 sueticheit De 551/2 deser druven wijn : desen wijndruven De 562 dat om De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,14

9 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1, Dat xv capittel : Ecce tu pulchra es amica mea opschrift De, De ierste sin opschrift Ha2, om Le3 Be3 9 een om Gö 10 werc : wort Gö (actio) 11 in om De Ha2 22 den : der Gö (basibus) 25 mochte : mach De, om Ha2 29 ghehoersamheit De Ha2 Be3 33 voersienicheit De Ha2 39 ghehoersamheit De Be3 der ondersaten (te) De Ha2 45 Ecce tu pulchra (Nae) opschrift De 46 etc : sich du biste scoen dijn oghen sijn als der duven De Ha2, om Be3 50 worden om De Ha2 51 overformet worden De Ha2 65 dat een is : als dat een De Ha2 66 si : die bruut De Ha2 70 daer : dat De Sich (du) De Ha2 76 kennetten : kennet dien De Ha2 78 wijsheit De Ha2 85 mitter scoenheit / altoes De 86 -ter om De Ha2 88 sperwers : havics De Ha2 88/9 bi dien : bi den De, beiden Ha2 90 ghesondert : ghescheiden De Ha2 94 recht wt/starende De Ha2 98 (ende) an De 99 (man) spreket De, seghet Ha2 103 staen Gö De Ha2 Le3 Be3 (tendit) 104 neghen : ix De in (hoer) De Ha2 107 in om De Ha2 112 verblindet De Ha2 verclaert De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 1,15/ Dat xvi capittel : Ecce tu pulchra es (tweede hand) opschrift De, Nae den iersten sin opschrift Ha2, om Le3 Be3 129 bedde De Ha2 132 ondancsamich De Le3 Be3, ondancsamheit Ha2 133 dat om De 141 woerde De Be3 mit dien : mitten Ha2 145 (schone) overmids dy De 150 alre : der De Ha2 dinen : sinen De Ha2 153 also sulc : alsodaen De Ha2 167 minnende : ghemynde De Ha2 168 bepriset De 173 ontsienliken Gö (inuisibili) 175 also (dat dat) De Ha2 176 ene (groete) De Ha2 Le3 Be3 185 Al des ghelijc : Aldus ghelijc De 189.lx. : sestich De Ha2 190 wilt De Le3 Be3 191 hi(2) om De 193 Iob (Iob) De 200 oghen Gö (aures) 204 ombegripen : omgriepen De Ha2 Be3 dan (een) De Ha2 208 mar : want Gö 211/2 is hi - gheminden : dat hi niet ene mitten gheminden is De Ha2 212 ghesondert : verscheiden De Ha2 213 (mantel) of decsel De Ha2 218 al (die) De Ha2 219 dat om De Ha2 225 pine Gö (student) vercieren : vercrighen De 230 exempel De bewijst De 231 dat is om De 240 Barnardus - woerde : Ende die woerde als sancte bernardus seit De Ha2 247 boemich Gö (floridus) tot dier : totter De 249 suverheit De Ha2 tot dier : totter De Ha2 260 (crude) ende De Ha2 Be3 boemen Gö (floribus) 263/4 legghen / moeghen De 266/7 scoen(2) - figueren om Le3 267 in den(1) : in der De Ha2 Be3 270 transfiguracien : overforminghe De Ha2 285 becommeringhe De Le3 287 in / waer- De Ha2 288 in (der) De Ha2 289 in om De Ha2 291 wide De 294 -ten om De Ha2 299 die(2) : so wie De Ha2 304 is (onder) De Ha2 314 uut om De 315 dien : den De Ha2 319 ghetransformiert : overgheformijrt De, overgheformet Ha2 324 huse Gö (domorum) 325 (man) seghet De Ha2 329 hartheyt : stadicheit De Ha2 334 Dese : die De 336 (onverganclic) van buten Gö, van binnen De Ha2 337 van binnen om De Ha2 341 heilicheit De Ha2 als (david) seghet De Ha2 342 isser : is De Ha2 343 wesen : worden De Ha2 344 vetticheyt : vruchtbaerheit De Ha2 345 riviren De Ha2 Le3 te om Gö 346 Ende om De als (david) seghet De Ha2 347 die(1) om De 348 teten : tot eenre spisen De Ha2 350 ende - Syon om De Ha2 Le3 Be3 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,1 351 Dat xvij de capittel : Ego sum Dat ander capittel opschrift De, Dat ander capittel opschrift Ha2, Hier beghint dat ander capittel opschrift Be3, om Le3 357 Recht breekt af tot 366 Ha2 358 wolde De 360 boemich Gö 362 (te) con Gö 365 om : in De Be3, mi Le3 366 die herneemt (cf 357) Ha2 373 rechticheit De 374 (vermaket) dat innerste haers herten ende vermaket De 375 inre Gö (interiora) 395 Ewangelium : onse here in sinen ewangeli seghet De, Onse leve here secht in sinen ewangelie dus Ha2 398 cristi / ihesu De Ha2 Le3 400 heeft Gö (contulit) 403 van buten om Gö 405 (bin) van buten Gö 422 anderen : toecoemenden De Ha2 ende (die(1)) De Ha2 lelyen Gö (lilium) 427 bin De Ha2 434 hi om De 437 een(2) om De 439 lidens De 449 oetmoedicheit De Ha2 450 invloeyens : toevloyens De, toevluchtes Ha2 der om De Ha2 468 Die(1) : Deser De Ha2 Die - gheliken : Die minnende ziele moet oec der lelyen der dalen gheliken Be3 474 staet De, stede Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,2

10 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2, Hier na volghet dat xviii capittel : Sicut lilium inter spinas opschrift De, Die ierste sin is opschrift Ha2, om Le3 Be3 482 als om De 484/5 te min verswaerde : niet en versware Ha2 485 verswaert De 489 voertgaet : op gaet De Ha2 492 doerne Gö 498 sommich - gheleden : daer sommich af gheleden is De Ha2 501 was : is De Ha2 502 herisie : ketterien De Ha2 503 swaerlike De 504 phariseen De Ha2 Be3 506 en (willen) Gö 507 Also : aldus De Ha2 508 die (alre bitterste) is De Ha2 510 heresien : ketterien De Ha2 515 prekelt noch / in desen vercouden tiden De Ha2 518 die(1) : een De Ha2 etc : die dorne alsoe is myne vrindinne onder die dochteren De Ha2, die dornen Be3 524 der om De Ha2 527 sie (deilt) De Ha2 540 dese : die De 542 dese : die De 545 onder : on Gö 547 die(2) om De Ha2 548 mit : in De Ha2

11 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2, Dat xix capittel : Sicut malus opschrift De, Nae den iersten sinne opschrift Ha2, om opschrift Le3 Be3 566 die (drierhande) De 568 al(1) om De Ha2 572 in om De Ha2 574 totten De Ha2 Le3 575 groeten (arbeit) De raken De 578/9 den menschen / mit haerren rueke De Ha2 580 volcomene : volcomende (volcomen Ha2) menschen De Ha2 583 hoeghe (boven) De Ha2 585 scoen : hoeghe De staen Gö (nitescat) 586 sijnre : haerre De Ha2 588 is om De 593 den om De Ha2 597 groete moegentheit : groetmoedicheyt Gö (maiestas) 598 grondelose De Ha2 602 Mijn : Die De Ha2 603 in(2) om De 604 een(2) om De 612 vinde Gö (inuenimus) 624 dat om De 626 hoghe : hogheste De 627 noch(1) : nochtan De 631 also om De Ha2 632 opvoeren De Ha2 Le3 Be3 den : dat De Ha2 635/6 inden hemele / hoegher De Ha2 Le3 Be3 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,3(2) 1 Dat xx capittel : Sub umbra illius opschrift De, Die ierste sin is dit opschrift Ha2, om Le3 Be3 5 den om De (sceme) des gheens dien ic begerde De Ha2 7 ommescemet : ommescijnt Gö Le3 Be3 (obumbrat) 9 onghetemperde : ongheordenierde De Ha2 11 bescermet De Ha2 Be3 12 vergadert De Ha2 Le3 Be3 13 seghet De 14 prisede De 15/6 onder - alleen : allene onder die bescherminghe (besceminge De) De Ha2 24 die om De 27 moghen om Ha2 ons mit haren ghebede / moghen De 31 ruuch boem : boem mit vele telgeren De Ha2 32 den brande : der hetten De Ha2 bescemet De 36 hi : si De Ha2 41 (Want) het ghesciet dicwile dat De, hie schijnt dicwile dat Ha2 42/3 dan - werken : dat hem dan sine werken duncken De Ha2 50 oec (der) De Ha2 die - meerre : in dien dat die sceme meerre wort De Ha2 55 ons : mijns De Ha2 leves (heren) Ha2 58 (man) spreket De Ha2 59 hebbe De Ha2 ende om De 60 te om De Ha2 Be3 67 den om De 70 scoen om De 71 tghemoede Gö 72 weelde Gö Ha2 (uoluptates) 74 (sturen) ende De Ha2 75 daer af / beweghet ende beruert De Ha2 80 etc : ende sine vrucht is mijnre kelen zuete De Ha2, om Be3 82 die om De 84 der ghedaenten : den speghel De Ha2 85 scouwen / van aensichte tot aensichte De Ha2 86 (hoe) dat De Ha2 Le3 Be3 90 hevet De Ha2 92 sie (wil) De Ha2 100 (mer) oec De Ha2 101 apenboren sal De Ha2 115 der scoenre bloemen / cristi De Ha2 119 die(2) om De 127 (verduwet) wort De Ha2 dan : so De Ha2 137 onverstandelike De Ha2, overstandeliker Le3 138 vuchticheit De 140 dat : dan De Ha2 Le3 Be3 143 gheopenbaert De Ha2 149 sullen (honich) De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,4 150 Dat xxi capittel : Introduxit me rex opschrift De, Nae den iersten sinne verstae opschrift Ha2, Naden anderen sinne opschrift Be3, om Le3 151 die caritaet : hevet die mynne De Ha2 153 si : ic Gö 157 seghede De 158 wolde De Ha2 162 ghebrocht om De 163 dese : der De 165 scrift De Ha2 167 si : sie De Ha2 168 hi : si De Ha2 169 caritaet : minne De Ha2 seet De 170 scrift De Ha2 171 moeghen / scouwen De 174 scrift De Ha2 180 heylighe om De Ha2 Le3 Be3 183/4 daer / meest De Ha2 Le3 Be3 184 na : af De 190 scrift De Ha2 191 dier : der De Ha2 192 gheesteliker : hemelscher De 200 scriftur De Ha2 203 (in) die wijnkelre (gheleit) De Ha2 etc : ende heeft die mynne in my gheordiniert De Ha2 206 van om De 208 dat sie : ende Gö Le3 Be3 (ut putetur) 210 innicheit De Ha2 Le3 214 Vercellencius - gheworden : Ende sprekende gheworden als vercellensis seghet De Ha2 216 wort : was De Ha2 Be3 ghemoede Gö De Ha2 (mentibus) 218 tughet De 221 tot : teghen De hi om De Ha2 223 yet / van hem De 226 naem Gö Le3 (nominibus) 227 ontsichnisse De Ha2, ontsich Le3 Be3 229 Die(2) om De Ha2 230 desen : -den De 232 die(1) om De Ha2 233 die om De Ha2 234 den(2) om De Le3 236 desen : den De 238 is om De 241 (verblijt) ende Gö De Ha2 Le3 Be3 248 gheset De 255 (ende(2)) hi is (is hie Ha2) De Ha2 259 uut om De Ha2 260 dier : der De Ha2 262 dien : den De Ha2 267 die choere : dat choer Gö (choris) 270 becarminghe : becoringhe De 273 du (salste) De Ha2 275 tughen De 280 caritaet : mynne De Ha2 281 caritaet : mynne De Ha2 282 caritate : mynne De Ha2 286 ondoechden : ondoecht De, ondoeghe Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,5

12 varianten Cant. 2,5 Göttingen, theol Dat xxii Capittel : Fulcite me floribus stipa(!) opschrift De, Een bedudinghe na den iersten sinne verstae aldus opschrift Ha2, om Le3 Be3 297 lidesamheit De Ha2 Be3 299 confesoren Gö 299 mitter : mit De, om Ha2 301 sijn : is De Ha2 304 ghevest De Istis floribus stipabat infirmos et fragiles ille gloriosus miles et bellator strenuus, qui dicebat: memores estote...(hs. München, f. 33vb). Mit desen bloemen vercierde die gloriose ridder iudas machabeus sine crancke leden ende starcte sie als een strenghe seghevechter, doe hi seghede: Ghedencket...(hs. Deventer, f. 78rb). 315/6 die(2) - stercte : sine crancke lede ende starcte sie als een strenghe seghevechter De Ha2 318 desen Gö Be3 (malis) 319 is Gö De Ha2 Le3 Be3 325 ende om De Ha2 etc : mit masten De Ha2 Be3 329 (mar) oec De Ha2 Quo enim in hiis omnibus graciosiorem experta est presenciam, eo postmodum molestior sentit absenciam, et eo quod desiderat ardencius, caret egrius (hs. München, f.34va). Ende hoe si in allen desen sine teghenwordicheit ghenuechliker ghebruucte die wile dat si daer bi was, hoe haer dat affscheiden daer nae te swaerre was, want hoe dat een vurichliker wat mynnet, hoe hi dat noeder dervet (hs. Deventer, f. 78vab). 335 ghenuechlike Gö Le3 Be3 (graciosiorem presenciam) (wile) dat De Ha2 336 dat(1) : hoe De Ha2 337 wat : hoe De Ha2 wat (mynnet) De Ha2 dat(2) om De Ha2 338 sinte om De Le3 so wanneer hem : dede doe hem De Ha2, om Gö (postquam sibi) hem om Le3 339 wort Gö Le3 Ha2 (subtractum fuit) 340 claghe De, claeghende Ha2 mach : moet De Ha2 341 (wil) niet De Ha2 (mach) niet De Ha2 345 claerheit De Ha2 349 mer (alset) De Ha2 soe (valt) De Ha2 350 mitten : mitter Gö Le3 Be3 (fructibus) 360 So om De Ha2 361 goddiensticheit De Ha2 ic : ict De Le3 Be3 367 niets(2) : niet De Ha2 Be3 374 moeghentheit De 376 overdochte - crancheyt : haers selves naeturlike crancheit overdachte De Ha ten om De Ha2 goeden / begherliken De Ha2 382/3 quelle / van mynnen De Ha2 Le3 Be3 383 alle Gö Le3 388 wolde De Ha2 389 mi(2) om De Ha2 391 mit (mit(2)) De 392 si : hi De Ha2 se : hi De Ha2 393 haer : hem De Ha ten om De 399 der om De Ha2 alsser Be3 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,6 402 Dat xxiii capittel : Leua eius sub capite meo opschrift De, Nae den iersten sinne opschrift Ha2, om Le3 Be3 403 is (onder) De Ha2 404 bewijst De 406 beliet De Ha2 Be3 413 mar : meer De 417 ommevo(!)nghen De, omme bevangen Ha2 420 die(1) : dijn De Ha2 (rechterhant) here De Ha2 421 (rechter)hant De Ha2 422/3 die ewighe dinghe / bider rechterhant De Ha2 424 haer : sie De Ha2 429 is (onder) De Ha2 (hoeft) ende sijn rechterhant sal mi ommevanghen De Ha2, etc Le3 Be3 430 hier om De Ha2 431 haer : sie De Ha2 432 ruste De Be3, rusten Le3 in om De 434 rustender : rusten der De Ha2 441 is (onder) De Ha2 450 al : alle al De, om Ha2 453 levendich De Ha2 Le3 Be3 457 discipel Gö Le3 Be3 (discipula) 459 is (onder) De Ha2 461 den om De Ha2 463 onverstandelike De Le3 464 Si : Die mynende ziele De Ha2 467 laet : lat De, lau Ha2 Le3 Be3 469 ondancsamheit De Ha2 Be3 472 dancbaer De Ha2 Be3 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,7 478 Dat xxxiiij capittel : Adiuro vos filie iherusalem opschrift De, nae den iersten sinne opschrift Ha2 gheiten ende bi den om De 480 dat / sie De Ha2 482 waerliken Gö (per laborem actionis) 485 waername De ghehorsaemheit De Ha2 Be3 490 diere : drie De 491 hoechste Gö Le3 (arduis) 496 bekent De 501 den - altoes : altoes (allen tiden Ha2) inden scouwen (schouwenden Ha2) ten here De Ha2 503 scrift De Ha2 te om De Ha2 505 die om De 507 in : van De 508 die om Gö 512 Dese : Die De 515 eersamheit De 516 Op (dat) De Ha2 519 gheworden De Ha2 Be3 thent : eer De Ha2

13 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2, Be3 Beda: Want : Want als beda seghet De Ha2 526 dien : den De Ha2 529 na enen anderen sin : Adiuro vos filie iherusalem na enen anderen sin opschrift De, Die ander sin is opschrift Ha2, Naden anderen sinne opschrift Be3 530 etc : bide gheiten ende bi den hirten der campen dat ghi die ghemynde niet en wecket noch waken en doet hent si selven wil De Ha2 534 u : etc Be3 (u) etc Le3, o dochteren van iherusalem etc De Ha2 536 ende om De Ha2 539 dier : der De Ha2 542 also : dat als De Ha2 544 Barnardus - hem : Dit en wort hem als bernardus seghet De Ha2 545 slichter Ha2 lichten vermaninghen De alst : als men De Ha2 546 ende om De 549 der berghe : gheberchte De Ha2 553 Op (dat) De Ha2 554 dat (si) De 555 dien : den De Ha2 556 (of) overmids De Ha2 557 ghehorsamheit De Ha2 Le3 Be3 561 bescermtse : ontcommertse Gö (protegit) 563 (u) etc Le3 Be3, o dochteren van jherusalem De Ha2 567 wonderlike : onderlinghe De, wonderlinghe Ha2 569 haer : sie De Ha2 572 (hi) hem De 573 ende (inden) De (gods(1)) is De Ha2 574 hine : hy sie De Ha2 575 hi : si De Ha2 576 in om Gö (in affectibus) 577 (godes) in De Ha2 578 (ghegeven) wort De 582 als (der) De Ha2 ende (der(2)) De Ha2 Be3 enghele Gö (angelorum) 583 als (der) De Ha2 584/5 ons / nu die ure Gö 585 als (der) De Ha2 587 dat om De 589 moederlike De Ha2 Le3 591 als (der) De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,8 1 Dat xxiiij capittel : Vox dilecti me(!) opschrift De, Die ierste sin is dit opschrift Ha2, om Le3 Be3 3 cleyne berghekijn : hoevele De Ha2 5 rusten Gö Le3 (quiescentem) die (en(2)) De Ha2 6/7 Beda - is : want alse (alse om Ha2) beda seghet soe ist De Ha2 8 hi (se) Gö Le3 Be3 8/9 sijns selfs : haers brudegoms De Ha2 9 gaven Gö Le3 Be3 (donum) 10 mit : overmids De Ha2 (of(2)) overmids De, mit Be3 hoeringhe : horen De Ha2 Le3 Be3 11 scrift De Ha2 12 gheoerlt De 13 (altehants) alte De Ha2 14 heyliger om De scriften De Ha2 15 is : wort De Ha2 24 verduuster De 26 ghelike om De 28 Tot (den) De Ha2 29 den : Totten De Ha2 30 loveliker De den : Totten De Ha2 31 den : Totten De Ha2 32 den(1) : Ende totten De Ha2 den(2) : totten De Ha2 34 cleyne berghekijns : hovele De Ha2 35 ende (want) Gö Le3 Be3 39 als (een) De Ha2 41 hi (coemt) De Ha2 44 berghen(2) : berch De 43 veronweerde De Ha2 officien : ambocht De Ha2 55 den(1) : dat De Ha2 in den grave : int (in dat Ha2) graf De Ha2 60 etc : Sich dese coemt springhende inden berghen. end (ende Ha2) springhet over die hovele De Ha2, coemt Be3 61 (of) op Gö 62 sijns selves / vrilic De Ha2 vreest : anxt heeft De Ha2 66 ist : is Gö Le3 Be3 72 vroelike De Ha2 Be3 75 rustede De Ha2 hi : si Gö 76 o (dochteren) De Ha2 (iherusalem) bi den geiten ende bi den hirten der campen dat ghi die ghemynde niet en wecket noch waken en doet hent dat si sellen (selven Ha2) wil De Ha2 77 die (godlike) De Ha2 86 dat(1) om De 90 want als (vercellensis) seghet De Ha2 92 weselic Gö (sapienter) 95 dese : de De 96 (ende) overmids De Ha2 altoes : stadighe De Ha2 99 mi om De 103 bergekijn : hovele De Ha2 105 dan : dant De Ha2 107 insprinct Gö (imprimit) 108 Barnardus - berghe : Dit sijn als bernardus seghet berghe De Ha2 109 (blencken) ende De Ha2 118 vleischeliken : verderfliken De Ha2 121 so : nochtan De Ha2 124 visetiert : vandet De Ha2 127 etc : Ende dierghelijc van (allen add Ha2) anderen doegheden De Ha2 134 anclevinghe De Ha2 136 vielike : beestelike De Ha2 137 memorie : ghehuchnisse De Ha2 139 ghetransformiert : wort overgheformiert (overformet Ha2) De Ha2 140 merct De Ha2 Be3 142 dat : dies De Ha2 143 in(2) : inder De Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,9 147 Dat xxv capittel : Similis est dilectus meus opschrift De, Nae den iersten sinne opschrift Ha2, om Le3 Be3 151 (hem) selven De Ha2 154 seghet De 155 want : wat De 156 ons : is De 157 een (seer) De Ha2 164 sculdich / den brudegom De Ha2 172 scrif De, scrifte Ha2 173 al : als De, alle Ha2, om Le3 174 (ende) ende De Ha2 180 na - sommighen om De 181 hem om De 194 (vinsteren) ende siet van vere doer die tralien De 196 etc : ende eenre hinden der hirten Sich hi staet achter onse want ende hi siet doer onse vinsteren ende siet van vere doer die tralien De Ha2 minnede Gö 198 hoe sulc : hoedaen De Ha2 199/200 Vercellencius - hi : Want hi alse vercellensis seghet De Ha2 207 daer uut : daer van De Ha2 (waer) dat licham of De Ha2 209 want als (beda) seghet De Ha2 212 wt der dieper De 217 Paulus: Want : want als paulus seghet De Ha2 218 oghe Gö (oculis)

14 varianten Cant. 2,9 Göttingen, theol an (siet) De Ha2 224 Ewangelium : als onse here inden ewangeli seghet (seghet inden evangeli Ha2) De Ha2 234 daer boven om De 230 vertoent De Ha2 Be3 232 Sinte (augustinus) Be3 Augustinus - sin : Waer af Augustinus ende hugo bi (na add Ha2) enen sin segghen De Ha ter om De Ha2 235 trecken De dier : -der De Ha2 239 En : Ende De Ha2 240 hi(1) om De 242 niet (op) De 243 worden : wesen De Ha2 Le3 Be3 dine begherten De Be3 248 (ende(1)) alre De Ha2 godheit De vol is / in haer selven De Ha2 249 Ende (alle) De Ha2 252 af (ghekiert) De Ha2 257 ghescheide Gö 258 te wesen / onse want De daer : Dat De 259 verenichder : vremeder De Ha2 Le3 onverstandeliker De Le3 260 cloppe De 264 Vercellensis na tralien(263) trnsp De Ha2 266 kennen De beduden om De 272 menscheit De Ha2 274 meer : groets De Ha2 275 dede : wrachte De Ha2 inne / recht De Ha2 als (achter) De Ha2 278 ihesu cristi Gö 279/80 in sijnre menscheliker nature / verwerpinghe De Ha2 280 als (doer) De Ha2 in alio latens, in alio quis esset apparuit (hs. München, f. 38vb). want een deels verberghet hi hem ende eens deel openbaert hi hem wie hi is (hs. Deventer, f. 88va). 281 eens deels - openbaer : Want een deels verberghet hi hem ende eens deels openbaert hi hem De Ha2 hi : is Gö 282 was : is De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2, Dat xxvi capittel : En dilectus meus loquitur mihi surge propera amica mea columba opschrift De, Nae den iersten sinne opschrift Ha2, om Le3 Be3 284 Siet De Ha2 287 hoer : sijn De Ha2 292 hem : si De Ha2 in om De 294 (spreket) my De 298 want als (sunte add Ha2) (bernardus) seghet De Ha2 299 dien : den De Ha2 303/4 goede (woerde) Gö 305 voer : van De Ha2 dien : den De Ha2 Be3 309 (die(2)) om Gö 310 openbaert Gö Ha2 (apparuit) 312 ende (hi) De 314 vloyet De Ha2 316 weerliken Gö (ad laborem actionis) 320 medewerkerste De 323 der(2) om De Ha2 324 lasterheit De, lasterlicheit Ha tu om De die - hieten om Ha2 336 haer (weder) De 340 mynliker De wel om De 344 ende heen / ghegaen De Ha2 347 en : ende De 349 martalen De Noch : Nochtan De 358 betaemet De Be3 360 ledelike Gö 362/3 versuchten / te doen De Ha2 367 (ander) stemme als dese De Ha2 374/5 recht - bi : alse ionghe spruten der olybomen al om ende om De Ha2 377 sijn : is De Ha2 381 (cristi) gode in alre stede De Ha2 383 etc : Stant op com naere myne vrindinne Mijn duve mijn scone ende com want nu is die winter voer bi gheleden die riep is en wech ende heenghegaen De Ha2 385 (Ende) ende De want : wat De 386 (soe) soe De behoert De gotheit De 388 medeleyinghe Gö De, medeylinghe Le3 (communionem) 388/9 creatuer ontfanclic om De 391 haer om De Ha2 392 bekenne De 396 vraghet De 398 sinte - andwoert : Daer antwoert sancte bernaert (op add Ha2) De Ha2 ende seit : en seghe De 400 den heren / waernemen De Ha2 404 ghevisitiert : ghevandet De Ha2 411/2 onwijslike wt / my selven De Ha2 412 hoghe De Ha2 Be3 413 Ist : Is Gö Ha2 Le3 415 gherechtich De 417 des : deser De Ha2 418 nochtan (dat) De Ha2 oec om De Ha2 420 want (si) De Ha2 421 ghesontheit De Ha2 424 nu / oec De Ha2 426 die - di : so heeft (om Ha2) dy die brudegom De Ha2 428 verdeluut : vernielt De Ha2 vertroest De Ha2 429 mer : ende De Ha2 433 beterde De 435 lichtet om Gö Le3 Be3 (infusio luminis) 436 alsulker De Ha2 438 vervallene De Ha2 ist : Is Gö Le3 439 hoe sulker : hoe danigher De Ha2 441 hoerde De dan (dat) De 444 -ten om De 447 also - wederkeert : soe kiert hem also veel te vurichliker weder daer toe De, soe kiert hem selven daer vele vurichliker weder toe Ha2 vierichlike Gö (ardencius) hem weder / daer toe Le3 Be3 448 hem (daer) De Ha2 449 te (te) De 451 te vresen / ende De 451 Een : Ende De 456 levendiger De 457 wonderliker : sunderlingher De Ha2 waert De Be3 460 alse nu (alse nu) De heit hijt (hoghe) De Ha2 461 hillen : hovele De Ha2 465 dier : der De Ha2 467 dijn(1) : di Gö (dominus deus tuus) 468 dijn voet : die voete De Ha2 der : dijnre De Ha2 469 betreden De Ha2 al om De Ha2

15 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2, Inlassing 2: basishs.: * H2: Be3, Berlijn, SBB-PK, Ms. germ. qu varianten: * O: De, Deventer, SAB, 101 F 2 Ha2, Den Haag, KB, 76 J 6 * H1/ * H2: Be4: Berlijn, SBB-PK, Ms. germ. oct /2 Die - gaet : Mar leyder tis te vresen. dat licht nu in deser tijt die weghen van syon: die weghe der ewicheyt screyen: want daer luttel yement is: die hem daer doer totter hoecheyt (hoechtijt Le3) pijnt te comen Gö Le3 472 comen breekt af tot 528 Gö Le3 gaet : coemt De Ha2 478 totter : der De 480 (luttel) of nauwe De Ha2 481 tidet : tijden De 482 die(1) om De 483 werliken weelden ende om Be3 (mundanis deliciis) (werliken) wijsheit Be4 485 dat om De Ha2 486 (die) die Be3 Be4 487 achterlaten na 486 consten trnsp De Ha2 achter ghelaten Be4 490 (verblijnt) sijn Be3 491 der minnen om De Ha2 495 ziele De 497 soude Be3 Be4 Ha2 498 dattet templen : dat si dat tempel De Ha2, datse een tempel Be4 507 die om De 509 gheprintet De Ha2 510/1 met enc ende met pennen Be3 (penna et atramento) 511 enc : int Be4 513 (ende(1)) in De 514 in(1) om De 524 curiosicheit : nyplichticheit De Ha2 525 ontfenghender : ontfangen der Be3, ontfonckender Be4 (wschl.: accensionem) 528 achter (laten) De Einde inlassing Daer om herneemt (cf 472) Gö Le3 ende om De 531 (comen) daer die waerachtighe hoechtijt inne is ende daer hier voer af gheseit is De Ha2 Le3 Be3 ende dat (omme) De Ha2 532 willen om De 534 alse sancte (iacob) seghet De Ha2 536 ghesontheit De Ha2 538 neder- om De Ha2 539 Cristus clede : den clede cristi De Ha2 Le3 Be3 541 mer (die) De Ha2 die (is) De Ha2 545 Paulus - daer om : ende daer (hier Ha2) om alse sunte pauwel seghet De Ha2 opghestaen De Ha2 Le3 Be3 546 daer(1) : hier De Ha2 547 daer : hier De Ha2 551 noch (die add Ha2) (sonne) De Ha2 die (mane) Ha2 554 salich De 564 Psalmus : David De Ha2 567 lider Gö (patiencia) 573/4 heiten / ene bloeme der bloemen De 576 staet : is De 577 nederdalende : neder climmen (climmende Ha2) De Ha2 579 omringhet De Ha2, omberingt Be3 god : ihesu De 584 dier : der De 585 (lande) geopenbaert De Ha2 589 si (ommenbevenc) De Ha2 597 crighet Gö 598 ende (si) De 608 Oft : of De Ha2 Le3 Be3 610 des om De 613 si : hi De Ha2 620 ist : is De 622 daer : dat De 628 si (beteiket) De Ha2 vereninghende De Le3 ende om De 630 (zielen) ende De 640 wort : voer De 648 smakelicheit De 651 moghen om De Ha2 Le3 653 duusterheit De Ha2 Be3 654 te : mit De 656 burgheren De Ha2 Be3 659 (anderen) leven De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,13(2)-15 1 Dat xxvii capittel : Surge amica mea opschrift De, Nae den iersten sinne opschrift Ha2, om Le3 Be3 2 bruut : scone De Ha2 5 de wijngaerde : den wijngaerd Gö Le3, den wijngaerden Ha2 (uineas) overmids dat een : Om dattet De Ha2 13 wort : waert De Be3, was Le3 14 was / gheworden De Ha2 aldus om De 16 een bruut : scone De Ha2 mi : nu De Le3 17 ene bruut (ghetruwet) De Ha2 19 dit mededoghen : ende medeliden De (teyken) des werkes De Ha2 22 wort : waer De, waert Be3 27 desen steen : den steengate De 29 Psalmus : david inden solter De Ha2 steen : leye De Ha2 31 prekelinghe De (sonden) daer si Gö De Ha2 Le3 Be3 32 eghelen De Ha2 mede (beset) Gö De Ha2 Le3 Be3 33 (man) seghet De Ha2 34/5 beteykent - maket : dat een cranc vollic beteyket maect inder leyen sijn neest De Ha2 36 uten steen : wt der leyen De Ha2 37 vloyen Gö Le3 38 Matheus : Marcus Gö, onse here seghet in sancte matheus ewangeli De Ha2, want Le3 (Mattheus) 39 dien : enen De Ha2 steen : leye De Ha2 40 vercolinghe De Ha2 41 den steen aen : der leyen toe De Ha2 hi : si De Ha2 42 der mynnen De Ha2 Psalmus : David inden solter De Ha2 uten steen : wtter leyen De Ha2 44 hoeftleninghe De Ha2 46 vroe om De 49 te (wesen) Le3 Be3 wesen om De Ha2 een steen : die leye De Ha2 50 Apocalips : Johannes in apocalipsi De Ha2 verwinre : verwinenden De Ha2 56 ghevestet De 57 die(1) om De vresen : anxt hebben De Ha2 62 of : ende De 64 om der : onder De multi neglecta puritate, dum * ante loqui quam Want hoere vele die eer pijnden te leren dan te

16 varianten Cant. 2,13(2)-15 Göttingen, theol. 160 uiuere conati sunt, aut grauiter errauerunt nescientes de quibus loquerentur, aut turpiter uiluerunt, dum quod alios docerent se ipsos prius non docuissent (hs. München, f. 41rb). leven, hebben swaerlike ghedwaelt, want si niet en wisten waer si af spraken, of si sijn scandelike onweert gheworden doe si ander lude wolden leren dat si ierst niet gheleert en hadden (hs. Deventer, f. 97rb). 72 swaerlike ghedwaelt(73) trnsp na hebben De Ha2 waer si af De 73 (of) si sijn De Ha2 75 mit : in De Ha2 79 in(2) om De Ha2 80 behouden : holden De Ha2 Be3 81 in(2) om De 82 die om De Ha2 86 (my) dijn aensichte De Ha2 (ende) dijn stemme laet luden De Ha2 (dicitur: ostende michi, et: in auribus meis!) 87 goede om De Ha2 om der : onder De 89 mensche Gö (hominibus) 93 ontfanghen mach / van gode De 95 verdienst De 96 verwandelt De viants : duvels De Ha2 99 coemt(1) om De 100 ende om De 105 (werlt) te Gö (intelliguntur) 106 verstaen De Ha2 Be3 109 verdeluen : verdelighen De Ha2 110/1 Barnardus - mensch : Die wijngaerde is enen iegheliken mensche die wijs is als sancte bernaert seghet De Ha2 115 en laten : hi en lates De Ha2 124 betrouwe De Ha2 Be3 129 des om De 136 wart Gö laeuheit De 148 al- om De (wt) den De Le3 150 worttet : wort De 153 mijn bruut : (myne duve add De) myne scone De Ha2 (duve) in die gate der leyen ende (in add Ha2) die holen der stenen wanden Toen my dijn aensichte. laet dijn stemme in minen oren luden want dijn stemme is zuete ende dijn aensichte (is add Ha2) scone De Ha2 155 so om De Ha2 157 Dionisius - haer : Eerst gheeft hi hoer als dyonisius seghet De Ha2 160 (is) is De Ha2 Le3 Be3 163 steen : leye 165 beswaert De Ha2 Le3 Be3 167 steen : leye 169 scarpen : sterken De Ha2 170 stade Gö 173 bruut : scone De Ha2 177 (Of) aldus stant op De Ha2 178 bruut : scone De Ha2 179 op om De des steens : der leyen De Ha2 180/1 des steens : der leyen De Ha2 181 heymelicste Gö (secretam) 182 den(2) om De Ha2 183 desen steen : deser leyen De Ha2 186 moghen om De 188 steen : leye De Ha2 190 gherecheit De 192 des steens : der leyen De Ha2 196 na hem in te : hem na te in- Gö (hem) na De Ha2 (post ipsum ingredi) 199 vurighen (dornen bussche) De Ha2 Sunte (bernardus) De Ha2 202 stadighen De Ha2 203 dien : den De Ha2 Be3 206 om om De Ha2 208 des steens : der leyen De Ha2 wande : want De 209 dien : de De Ha2 215 dat : daer daer De wanden : want De Ha2 220 ende om De 223 des steens : der leyen De Ha2 224 wanden : want De 226 almachticheyt : moghentheyt Gö Le3 Be3 (regis deitate, maiestate et eternitate) 227 want De Ha2 des steens : der leyen De Ha2 230 en (ende Ha2) (du) De Ha2 231 wederstaen / wort De Ha2 234 des steens : der leyen De Ha2 want De Ha2 238 Vertone De Ha2 Be3 etc : want dijn stemme is zuete dijn aensichte is scone De Ha2 239/40 des steens : der leyen De Ha2 want De Ha2 243 barnaerdus (Barnardus) Gö 246 mensche Gö (mortalibus) selve om De Ha2 247 vertonen De Ha2 Be3 sel om Gö 253 lere Gö (docendo) 260 dinghe (dinghen) De 264 (is) als ghescreven is De Ha2 u(2) : uwe De Ha2 266 dar : daer De, doer Ha2 268 wijngaerden De onaerdighe : hoverdighe De 271 ende om De 275 zuetheit De 281 wtghedeelt De Ha2 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,16/ dat xxuiij Capittel : Dilectus meus michi opschrift De, Nae den iersten sinne opschrift Ha2, om Le3 Be3 290 is (my) De Ha2 291 nedergaet Gö De Ha2 Le3 Be3 (inclinentur) der(1) : eenre De Ha2 292 (berghen) van De Ha2 294 antwoerde De 295 vertone De Ha2 Be3 303 opriset De Ha2, oprisen Le3 306 Gregorius - sel : Dan sal alse sancte Gregorius seghet De Ha2 311 ende kennet : dat bekent De Ha2 314 (wille) te De Ha2 Here om De 315 ghelike om De 316 der : den Gö Le3 Be3 (hinulo) 317 in - ghemoeden : die hoeghe ghemoede De 320 waerlicste De Ha2 325 etc : die ghevoedet wort onder die lelien hent die dach op riset ende die scemen neder gaen etc (om Ha2) De Ha2 327 godscouwen De, scouwinghe Be3 343 vercoelnisse De Ha2 347 begher De Ha2 349 begheer De Ha2 Le3 350/1 Vercellencius - aen : Hier hoer wat an als vercellensis seghet De Ha2 353 si(1) om De 362 Psalmus : David inden solter De Ha2 364 overvloedicheit De Ha2 Be3 372 oec om De 391 pine (pijn) De 393 vercrighen De Ha2 394 ghedaente : ghedachten De 398 in den om De 402 hier De Ha2 404 enicheit De 405 enen : enighen De, om Gö Le3 408 sellen Gö Le3 Be3 berghe Gö (montes) 413 weder na 414 scouwens trnsp De innerster : ierster De 419 contrarie / daer De Ha2 422 der(1) : den Gö Le3 Be3 (hinulo) 433 die (waent) De Ha2 Johannes : als hi spreket in

17 Göttingen, theol. 160 varianten Cant. 2,16/ sancte iohannis ewangeli De Ha2 437 (beiden) desen De Ha2 Le3 438 verbeit : merren De Ha2 verwacht : verbeide De Ha2 439 merren : vertraghen De Ha2 440 verbeit : merret De Ha2 442 vertoghen De 448 bitter : hart Gö Le3 Be3 (amara) 451 den om De Ha2 ghevordelt De 452 die(2) om De Ha2 459 etc : ende der hinden der hirten op Op (om Ha2) die berghe van bethel De Ha2 461 ist : is De Ha2 Le3 463 tot hem : weder De Ha2 464 weerdinnen : vrindinnen De Ha2 470 Hier - canticorum : om De Ha2 Le3 Be3

18 varianten, Cant. 3,1/2 Leiden, UB, Ltk. 240 Leiden, UB, Ltk. 240 varianten Cant. 3,1/2 Basishs.: * H1: Le1, Leiden, UB, Ltk. 240 collatiehss.: onveranderd (cf. 625) In lectulo meo quesiui quem diligit anima mea opschrift De, Nae den iersten sinne dat derde capittel opschrift Ha2, Hier beghint dat derde capittel opschrift Be3 1 ic : icken Be3 bi nachte De Ha2 3 si om Le1 4 niet en dede om Le1 (non prestitit) hem om De 5 naerstelike Le1 6 ende (com) De 8 si : hi De (gheiten) ende der hinden der hirten op den berch van bethel De Ha2, etc Le3 Be3 10 (ic) bi nachte ghesoecht dien mijn ziele mijnde (minnet Ha2) De Ha2, etc Be3 11 bi nachte De Ha2 (nachte) ghesoecht dien mijn ziele mynnet De philosophien De Ha2 Be3 15 (hier) In mynen beddekijn De Ha2 Psalmus : Ende daer David inden solter af seghet De Ha2 alle nacht : op elke nacht De Ha2 16 meester : arste De, arsate Ha2 17 Matheus : als in matheus ewangeli onse here seghet De Ha2 meester : arste De, arsate Ha2 18 ghetemtierde : becoerde De Ha2 19 (ligghen) als hierna noch volghet De Ha2, Cantica Be3 siet : sich De Ha2, sie Le3 beddekijn Le3 Be3 19/20 bedde - beset : bedekijn bewaren sestich starken van de starcsten van israhel De Ha2 20 Psalmus : als inden solter staet De Ha2 21 tribulacien : bedrucnisse De Ha2 26 sochte De 30 ghevonden(1) : ghevoedet De 35 dier : -der De 43 wech De 47 oersake De Ha2 49 te(2) om De 53 ordelen De -den om De Ha2 54 (is) ende De Ha2 Le3 Be3 -den om De Ha2 56 (ende) ende De 67 bi nachte De Ha2 die etc om Be3 etc : dien mijn ziele mynt Ic sochten ende ic en vandes niet Daer om sal ic opstaen ende gaen om die stad der (doer Ha2) steghen ende der (om Ha2) straten ende soeken den mijn ziele mijnt De Ha2 68 swaerlicheit : zuerheit De, swaricheit Ha2 Be3, zwaerheit Le3 70 ghenoedighet De 74 verbeide De Ha2 76 Barnardus: Het is : Het is als sancte bernardus seghet De Ha2 81 ghebrocht Le1 (sursum agatur) 82 (beddekijn) heb ic ghesoecht bi nachte (bi nachte / ghesocht Ha2) dien mijn ziele mynnet De Ha2 84 als so : also Le1, als De Ha2 86 sijns (berovet) De Ha2 87 ontscuult De Ha2 91 geset : ghemaket De Ha2 (ende) dair om Le1 91/2 wort / die vrede Le1 Le3 Be3 (pax proponitur) 94 sekerlic : sekerliker De, om Le3 96 dien : der De, om Ha2 98 van om De becommeringhe De 104 ende : mar Le1 (et) 106 salmen De 111 Gilbaertis : hier op atwoert (antwort Ha2) hilbertus (ghilbertus Ha2)) ende seghet De Ha2 116 der woerden De Ha2 119 gherecket De 122 die weelde Le1 (deliciis) 123 hi : si De Ha2 Psalmus : david inden salter De Ha2 124/5 hi seit in den weelden om De 136 ende (al) Le1 die (temptatie) Le3 Be3 temptacie : becoringhen De, becoringhe Ha2 137 becoernisse De Want - nacht na 143 ghevoelen trnsp De Ha2 140 tusschen dat beddekijn der rusten ende om De 145 inder Ewangelien : daer in den ewangelien van ghescreven staet De Ha2 147 der - vlecken om De 148 alle Le1 (fluxus...cure) 149 omgreppen De 151 hem : -ne De, om Le1 Le3 Be3 153 omme / te De Ha2 156 ic : icken De Le3 Be3 bi nachte De Ha2 158 mynde De 160 ende(1) om De elker : uwer Le1 (ad singulos) 161 toesprekens De, toesprekinge Ha2 Le3 Be3 162 bi nachte De Ha2 so om De Ha2 166 hebbe De Le3 171 scarpen De 173 mach : sal De 178 ydellic De ende versmadet om De 184 sommighen : so menighen Le1 188 ende om De 193 luttel De Ha2 vloedicheit De, volheit Be3 sijn : dijn De 194 ontfermherticheit De Ha2 195 over : op De Ha2 203 over : op De Ha2, doer Be3 208 doer(2) om De 212 hardicheit De Ha2 Le3 216 (ende) ende De 217 scuelachtich De Ha2 224 (seker) is De Ha2 Le3 227 het(1) : si De Ha2 daelstu : climstu De Ha2 het(2) : si De Ha2 Het(3) : si De Ha2 228 volghen De 229 dattet : si De Ha2 pijntet hem : pijnt si haer De Ha2 231 moeghentheit De Ha2 dat : si De Ha2 231/2 te segghen : seghet De 234 vrien : vurighen De 235 enicheit De 240 ghetransformiert : overgheformet Ha2 De 242 als : al Le1 243 wort - overghehaelt : over ende weder overghehaelt wort De, over ende weder over te halen Ha2 246 Psalmus : solter De Ha2 248 (love) gods De 262 ommeghetoghen : mede gethogen De Ha2 263 worden Le1 De 264 en : ende De 268/9 omme / die stat De 272 (minlic) ende begheerlic Le1 (mirabilem, amabilem, laudabilem) 275 heren (gods) De Ha2 285 Ist : is De Ha2 286 sijn : is De Ha2 287 alre : alle De Ha ten om De 290 onverstandelike Le1 De Ha2 (superintellectuales) 297 mochte : moeghe De, moghen Ha2 298 vertoent De Ha2 Be3 301 mach : can De Leiden, UB, Ltk. 240 varianten Cant. 3,3/4

19 Leiden, UB, Ltk. 240 varianten Cant. 3,3/ Inuenerunt me custo(!) opschrift De, Nae den eersten sinne opschrift Ha2 304 hem : sie De Ha2 een : en De -ghegaen : gaen De 305 ghehouden : ghevatet De Ha2 309 simpelheit De vint : leset De Ha2 311 (wel) mit rechte De 313/4 (herte) dat Le1 316 En : Ende De Le3 320 gheloven De 322 voert : voer De hem : sie De Ha2 -ghegaen : gaen De, gheleden Be3 323 wie om De 330 wort om De als (die wise man) seghet De Ha2 331 in ghevonden om De 332 verlost Le1 Le3 (liberauit) 333 (man) seghet De Ha2 335 als hi spreket in sancte (matheus) ewangeli De Ha2 336 die ghene : ghi die De Ha2 verladen De, ende (ic) De Ha2 Be3 337 (u) en (ende Ha2) leert van mi dat ic sachtmoedich bin ende oetmoedich van herte (ende oetmoedich van herten / bin Ha2) De Ha2 in (uwen) De 338 ghehouden : ghevatet De Ha2, ghevonden Be3 ic(2) om Le1 339 den om De 339/40 langhe Gö Le3 Be3 (tardius) 341 ghehouden : ghevatet De Ha2 ende om Ha2 Le3 ic(1) om Le1 gaen om De Ha2 344 van- om De Ha2 350 hebben (etc) Be3 hebben my ghevonden (etc) De Ha2 352 hoert De Ha2 Le3 Be3 353 ghescien : schien De 355 breet : wide Le1 357 die breekt af tot 112 infra Be3 360 der maten : die mate De Ha2 der(2) om De menscheliker : menschen Le1 362 is om De 367 menschelike : menschen Le1 368 vernemelheit Le1, vernemelicheiden Ha2 370 (hemelscher) stat De Ha2 (of) die lerars De Ha2 deser : der De Ha2 378 besmeket De Ha2 380 tot om De 382 hi : ende Le1 384 woude De 385/6 en si di die ghene niet : ten si dien ghenen Le1 (num igitur vos estis, quibus) 387 gheweigert is dienen (begerden) De Ha2 388 spreect of denct Le1 (cogitat et loquitur) 389 is ende vanden gheminden om Le1 (dilectum sonat, dilectum redolet) also dat : als of De Ha2 396 mynde De 402 naden : vanden De 407 wolde De Ha2 410 ghewaer : waer De Ha2 414 van der : nader De den : der De 417 overleveren De Ha2 419 antwoerdet : andwoert hi Gö Le3 Be3 420 (is) in De Ha2 Le3 A2 425 di om De Ha2 426 uutten : totten De Ha2 429 (ghetughet) doe si seghede De Ha2 doe : als Le1 (ic) sie De Ha2 Le3 433 mede om De Ha2 wesen / wil De Ha2 434 mach(2) : moechte De Ha2 (mach) in Le1 441 jhesus cristus : ihesu cristo De A2, cristo Ha2, ihesu cristi Le3, 442 moghen om De ende : noch en De Ha2 448 ic(1) om De 450 wachters De Ha2 Le3 A2 ghesciet Le1 455 rekent De so : si De 459 onderliker De, sonderlingher Ha2 460 wesens De Ha2 verstaens Le1 (intelligencie) 463 vermoeghen De al om De Ha2 464 Ende (isser) De groet om Le1 (magnum chaos) 466 der : die Le1 (diuine maiestatis celsitudo) 471 pleghen De minne Le1 Ha2 (amare) 471/2 (houden) ende Le1 472 ende(2) om Le1 475 (opwerts) climmet De 476 seghe De 486 reken De 487 ghevatet De Ha2 (mynnet) Ende ic en sals niet laten De Ha2 488 die : drie Le1 Le3 A2 (tertium modum contemplacionis, cf ) 489 pleghen Le1 (qui fit) want (somtijt) De Ha2 490 innicheit De Ha2 (innicheit) ghesciet (ghe- om Ha2) si De Ha2 499 vreesachtighen : anxvoldighen De, anxtvoldeliken Ha2, wreedsachtighen A2 502 dier : der De Ha2 507 mit gheweelde na ende trnsp De Ha2 selfs om Le1 508 ghetransformiert : overgheformet De, overformet Ha2 509 stat Le1 (statu) 510 dien : den De Ha2 512 alse : also Le1 Le3, al A2 (quasi) 513 mit(2) om De Ha2 514 bevoelichter De 525 mint : minde De 526 (van waerheiden) of claerheiden De Ha2 527 (waerheiden) ende claerheiden De Ha2 530 ghehouden : ghevatet De Ha2, ghevonden A2 ende (ic) De Ha2 534 ghehouden : ghevatet De Ha2 535 verhoeghet : vervrouwet De Ha2 536 Ende (ic) De Ha2 540 etc : ende voer (voert Ha2) der ghelijc De Ha2, om A2 al(2) om De 542 also : so De 543 in(1) om De 544 ruert om Le1 548 hem om De Ha2 549 Al om De 552 al haerre : alre De 555 is : wert De Ha2 Le3 A2 559 ghequets Gö, ghequesset De, ghequetset Ha2, ghequest Le3 Be3 567 ist : is De 569 te om De Ha2 570 ghemeyt De 577 dier : der De 578 (gemoede) ende Le1 582 te (segghen) De Ha2 A2 ende (ic(2)) De Ha2 gaen om De Ha2 A2 583 als (mit) De Ha2 584/5 di minen : dinen De, di minnen Le3 586 wort : waert De Ha2 589 ende alsoe (hielden) De Ha2 592 (man) seghet De Ha2 593 aenvoerden : angripen De Ha2 594 van hem(1) om De rechte : gherichte De 595 inden scholen De Ha2 singhen De inden kerken De Ha2 599 ghevent ghetughe : ghetughet De ghevonden om De 600 ic en : icken De 602 ende (ic) De Ha2 603 (moeder) ende in die slaepcamer mijnre wijnnester De Ha2 604 isset : is De Ha2 606 ontwiket : ontfaert De Ha2, ontwisschet Le3, ontvliet A2 609 wort : waert De Ha2 die : welc De Ha2 612 ewigher om De 616 ganc : gaet De 617 blivet Le1 Le3 620 ghestuert De Ha2 Soe om De Ha2 dat om De Ha2 A2 629 si (moechte(2)) De Ha2 (sal) mi De Ha2 Le3 A2 630 wonen : rusten De 633 wort : was De 634 wijngaerde Gö Leiden, UB, Ltk. 240 varianten Cant. 3,5

20 Leiden, UB, Ltk. 240 varianten Cant. 3, Na enen anderen sinne opschrift Gö, Adiuro uos filie iherusalem opschrift Ha2 639/40 alsoe / te voeren De 642 (dit) selve De wederhaelt De Ha2 643 bescouwinghe De behoren De 648 runinghe De 650 dattet : dat Le1 Le3 A2 651 opten : inden De Ha2 Leiden, UB, Ltk. 240 varianten Cant. 3,6 Die ierste sin is opschrift Ha2 2 eens : des De Ha2 4 Beda - is : dat is als Beda seghet of si segghen wolde De Ha2 5 si : hi De Hugo: Want : want als hugo van sinte victor spreket De Ha2 11 Die om De 15 (op)werts De Ha2 22 der om De Ha2 23 der om De Ha2 24 (gheestliker) ende weseliker De 25 bont De A2 30 so om De Ha2 32 als (die) De Ha2 35 als (penitencie) De Ha2 A2 37 opghedaen : ontbonden De Ha2 38 als (dese) De Ha2 (Johannes) baptista De Ha2 39 dwalinghe De Ha2 Be3 40 als (dat) De Ha2 41 neghen ende tneghetich De Ha2 43 toe om De 46 Psalmus : david inden solter De Ha2 48 ende (dese) De Ha2 Dese : de De 50 serpenten : slanghen De, slaghen Ha2 (twien) mede De Ha2 51 (ghedeilt) waert De Ha2 52 ende (dese) De Ha2 54 wort : waert De Ha2 die om De Ha2 55 van desen : deser De Ha2 56 die(2) om De Ha2 58 daer om De Ha2 (vostine) als een roedekijn des roecs van der weelrukender salven van mirren ende van wyroec ende van allen pulver des apotekers De Ha2 59 die om De Ha2 59 als hem : dien De Ha2 60 dinghen om Le1 64 dattet : dat men De 67 verhanghen De Ha2 Le3 69 verhanghen De Ha2 A2 begheert : vercoren De Ha2 72 wolden De Ha2, soude Le3 als (gilbertus) spreket De Ha2 73 ende eergisteren om De 75 doer om De 79 hoesulke : hoedanich De Ha2 82 wort : waert De Ha2 verwandelt De 83 nuwicheit De Ha2 85 die om De 86 trecket De Ha2 A2 87 scoren : sceiden De Ha2 deser Le1 90 heeft om De 91 van (deser) De Ha2 94/5 isset - dat : is stilheit die De, is stilheit ende hillighe ledicheit die Ha2 95 is : sijn De 96 doe om De 102 die (fyolen) De Ha2 103 onsen : desen De Ha2 105 tot om De 107 ende dair : noch A2 oec / daer De Ha2 108 voeltet De 111 hi : die here De Ha2 111/2 overvloedelic - troest : die hem volghen mit gheesteliken troeste overvloedelic te begaven De Ha2 112 te herneemt (cf. supra 356) Be3 113/4 recht als : rechte Le1 (quasi delicias) 116 (bughelic) ende Le1 (plicans, gracilis) 118 (keersten) mensche De 121 mitten : mit enen De Ha2 123 sculende : Sculdich De 130 (reyn) ende De 132 wlammet Gö Le3, vlammet De Ha2 (euaporando) 133 gegheven om De 140 ende : Also De Ha2 141 versceyfelde : verstreyde De Ha2 145 goetheit Le1 (corpulenciam grossioris intelligencie) 148 ende hoe hi di meer ghelovet om Le1 149 vermoet : gelovet Le1 (presumit) 152 bouder : coenre De Ha2 153 (van) den Le1 154 (doechden) als De Ha2 155 Want om De 161 Gregorius: Hier om : Hier om als gregorius seghet De Ha2 163 (alle) die De Ha2 -ter om De 165 naden : vanden De 166 (haer) selven De Ha2 Le3 Be3 167 ontfanget Le1, ontfunct Be3 (accendit) 169 eerths : verch De, versch Ha2, eersche Le3, eertsch Be3 170/1 ende - wieroecsvat om De 175 den goeden : goet De Ha2 181 dwinghen De vleyschelic : vleisch De 183 ontfenghet De Ha2 Le3 186 cleyn : vercleynde De Ha2 Felix, qui talem in se colligit puluerem, cum omnia, quae iubentur, fecerit, quasi nulla reputet (hs. München, f. 48vb). O, hoe salich is hi die vele van alsulken pulver in hem vergadert, als hi al ghedaen heeft dat hem gheboden is, dat hi al dat rekene <recht> als niet (hs. Deventer, f. 121r). 189 Dat hi (al(2)) De Ha2 189/90 (dat) te Le1 190 reken Be3 : rekenen Le1 Le3, rekene De, rekent Ha2 recht om De 190 Hoe sulc : Hoe daen De Ha2 191 aldusdaen De 191 moet (moeten Ha2) / voer De Ha2 194 (beddekijn) Hier eyndet een stucke der bedudinghe op cantica canticorum coninc salomons etc explicit De, God si ghebenedijt explicit Ha2 Leiden, UB, Ltk. 240 varianten Cant. 3,7/8 Basishs.: * H1: Le1, Leiden, UB, Ltk. 24

V- ^ f i I I I i i C Vier Maria Legenden 5* Vier Maria Legenden De Ivoren Toren Apeldoorn J Van een heilich vader / Daer was een heilich vader in eenre vergaderinghe ende dese was coster ende diende

Nadere informatie

[C5v] Hoe Floris metten korve vol bloemen opten toren ghedraghen wert. [6]

[C5v] Hoe Floris metten korve vol bloemen opten toren ghedraghen wert. [6] [C5v] Hoe Floris metten korve vol bloemen opten toren ghedraghen wert. [6] Nu is ghecomen den meydach, ende doen quam Floris in root purper gecleed[t], om dat hi den rooden roose gelijken soude, ende dat

Nadere informatie

.vij xiiij A iij b c xi d PETRONILLE virgine.vij

.vij xiiij A iij b c xi d PETRONILLE virgine.vij [schutblad] Tsomer stic vander GULDEN LEGENDE [B].ij. [-4r] d Van pinxteren..i. vij e VRBANI pape.vij vi f g BEDE presbiteri.vij xiiij A iij b c xi d PETRONILLE virgine.vij KL Iunius heuet dies.xxx. luna.xxviij.

Nadere informatie

hertaling Albert Verwey (soms iets herschikt) [of een eigen variante] Hadewijch s 7e visioen

hertaling Albert Verwey (soms iets herschikt) [of een eigen variante] Hadewijch s 7e visioen Hadewijch s 7e visioen te enen cinxendage wart mi vertoont in de dageraat, ende men sanc mettenen in de kerke ende ic was daar; ende mijn herte ende mijn aderen ende alle mine leden schudden ende beveden

Nadere informatie

33054 vogel sijn vlucht gedaen heeft also dat. 33055 men daer gheen teyken en siet daer die. 33056 vogelen gheulogen hebben ende het wer-

33054 vogel sijn vlucht gedaen heeft also dat. 33055 men daer gheen teyken en siet daer die. 33056 vogelen gheulogen hebben ende het wer- Folio 217r 33017 Hier beghint het xij. boeck ende spreect 33018 vande vogelen int ghemeen ende int spe- 33019 ciael 33020 Dat i. capitel vande vogelen int gemeen 1 33021 ENde want nv die trac- 33022 taet

Nadere informatie

Die coninc vraecht: Hoe comt dat men wint gevoelt ende niene sien en mach?

Die coninc vraecht: Hoe comt dat men wint gevoelt ende niene sien en mach? Hieronder volgen uit de Sidrac alle eenentwintig vragen die op pagina 110 van Wereld in woorden opgesomd worden, inclusief de complete antwoorden. Sidrac blijkt inderdaad een allesweter. Die coninc vraecht:

Nadere informatie

exemplaar Huis Bergh, Hs. 4.

exemplaar Huis Bergh, Hs. 4. Getijdenboek van Geert Groote (1340-1384) exemplaar Huis Bergh, Hs. 4. Diplomatische editie bezorgd door dr. Willem Kuiper & Matthijs Holwerda M.A. Leerstoelgroep Historische Nederlandse Letterkunde Universiteit

Nadere informatie

Van Sente Paula der weduwen van Roemen

Van Sente Paula der weduwen van Roemen Van Sente Paula der weduwen van Roemen Paula was een edel vrouwe van Roemen. Haer leven bescreef Ieronimus in desen woerden: Waert dat al mijn leden worden verwandelt in tongen ende alle mijn lede spraeken,

Nadere informatie

1. Van enen brueder in welkes hande die kroemen verwandelt weren in peerlen

1. Van enen brueder in welkes hande die kroemen verwandelt weren in peerlen Tien korte exempelen, over gewone mensen, arm en rijk, jong en oud, allemaal bedoeld om er een godsdienstige waarheid mee te verduidelijken. Zie over exempelen en mirakels Wereld in woorden pag. 302 e.v.

Nadere informatie

Die legende des heileghen bisscops Sinte Nyclaes

Die legende des heileghen bisscops Sinte Nyclaes Die legende des heileghen bisscops Sinte Nyclaes Nycholaus was portere 1 der stat van Patera. Ende hi was gheboren van heyleghen ende rike lieden. Sijn vader hiet Epyphanius ende sijn moeder hiet Johanna.

Nadere informatie

Spiegel der monniken

Spiegel der monniken Spiegel der monniken Editie van de Middelnederlandse vertaling van het eerste boek van de Profectus religiosorum door Roel van den Assem, Eefje Been, Afra Boot, Fleur van Geenen, Jelmer Dijkstra, Jorik

Nadere informatie

Vanden sacramente van Aemsterdam.

Vanden sacramente van Aemsterdam. Het wonder dat Willem van Hildegaersberch in deze sproke verhaalt, voltrok zich in maart 1345 in een woning aan de Kalverstraat. Nog ieder jaar vindt in die maand in Amsterdam de Stille Omgang plaats,

Nadere informatie

tekst: Mariken van Nieumeghen fragment: Hoe Emmeken haer sondich leven een luttel beclaecht

tekst: Mariken van Nieumeghen fragment: Hoe Emmeken haer sondich leven een luttel beclaecht tekst: Mariken van Nieumeghen fragment: Hoe Emmeken haer sondich leven een luttel beclaecht r. 590 O memorie, verstandenisse, waerdii dinckende Op dleven, daer ick mi nu int ontdraghe, Het soude u duncken

Nadere informatie

Pelgrimagie der menscherliker natueren

Pelgrimagie der menscherliker natueren editie Ingrid Biesheuvel bron, (handschrift ms. germ. fol. 624 van de Staatsbibliothek Preussischer Kulturbesitz te Berlijn.) Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/_pel003pelg01_01/colofon.htm

Nadere informatie

Wat de name bediet. Donnosel 1

Wat de name bediet. Donnosel 1 Wat de name bediet Donnosel 1 kinderkinne heet men also bi drien reidenen: omme donnoselheit van leivenne, van reidenen ende van der pinen, ende omme donnoselheit die si behilden. Men heetse onnosel van

Nadere informatie

Niclaes Peeters. Editie J.G.R. Acquoy

Niclaes Peeters. Editie J.G.R. Acquoy Hier beghinnen de sermonen oft wtlegghingen op alle de evangelien vander vasten, metter passien, alsomen die inder kercken houdt zeer costelijck wtgeleyt Niclaes Peeters Editie J.G.R. Acquoy bron Niclaes

Nadere informatie

Bijlage I: Parafrase en analyse van relevante passages uit boek VI van Van den proprieteyten der dinghen (VDPDD)

Bijlage I: Parafrase en analyse van relevante passages uit boek VI van Van den proprieteyten der dinghen (VDPDD) Bijlage I: Parafrase en analyse van relevante passages uit boek VI van Van den proprieteyten der dinghen (VDPDD) Van den proprieteyten der dinghen (VDPDD) Infant/Kindertijd (0 7 jaar) Informatie over leeftijdsfase

Nadere informatie

DE TIEN GEBODEN, Provinciale Bibliotheek van Friesland, HANDSCHRIFT. Gr. W. VAN BoRSSÜM WAÄLKES, NAAR EEN UIT DE BEWERKT DOOR

DE TIEN GEBODEN, Provinciale Bibliotheek van Friesland, HANDSCHRIFT. Gr. W. VAN BoRSSÜM WAÄLKES, NAAR EEN UIT DE BEWERKT DOOR DE TIEN GEBODEN, NAAR EEN HANDSCHRIFT UIT DE Provinciale Bibliotheek van Friesland, BEWERKT DOOR Gr. W. VAN BoRSSÜM WAÄLKES, INLEIDING. In de Prov. bibliotheek van Friesland is een handschrift, dat de

Nadere informatie

Ponthus ende die schoone Sydonie

Ponthus ende die schoone Sydonie Een schoone ende amoruese historie van Ponthus ende die schoone Sydonie welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissiën ende Sidonie des conincx

Nadere informatie

O Mdat het verhaal vergeten is

O Mdat het verhaal vergeten is O crux lignum triumphale [1r] O Kruis, zegevierend Hout Hier vintmen bescreuen hoe dat they lighe cruys quam tot BREDA É O Mme dat die reden es uergheten, Ende luttel liede sijn, diet weten, Hoe theylighe

Nadere informatie

Vindplaats: Toonkunstbibliotheek Amsterdam, 212 E 20, Gulde-iaers Feest-Dagen, 1635 I.S.V.W. Pagina 1157, Microfilm: UB Amsterdam

Vindplaats: Toonkunstbibliotheek Amsterdam, 212 E 20, Gulde-iaers Feest-Dagen, 1635 I.S.V.W. Pagina 1157, Microfilm: UB Amsterdam Wij vyeren heden Wij vyeren heden is een Sint-Nicolaaslied uit Gulde-iaers-feestdagen (1635, pag. 1157) van Johannes Stalpaert van der Wiele, I.S.V.W. (1579-1630). Vindplaats: Toonkunstbibliotheek Amsterdam,

Nadere informatie

De oudste preken in het Nederlands

De oudste preken in het Nederlands De oudste preken in het Nederlands Limburgse sermoenen in het begaardenconvent 3 hss.: Brussel, KB, II 112 (Servaaskopiist); Brussel, KB, IV 138; Weert, Minderbroeders, 10 (Johannes Test) Relatie met

Nadere informatie

Hs. Stockholm KB A 159 (26vb-28ra) Hs. Amsterdam Universiteitsbibliotheek VI B 14 (40rb-42rb) Vanden onnoselen kinderen. Wat de name bediet

Hs. Stockholm KB A 159 (26vb-28ra) Hs. Amsterdam Universiteitsbibliotheek VI B 14 (40rb-42rb) Vanden onnoselen kinderen. Wat de name bediet Hs. Stockholm KB A 159 (26vb-28ra) Hs. Amsterdam Universiteitsbibliotheek VI B 14 (40rb-42rb) Vanden onnoselen kinderen Wat de name bediet Donnosel 1 kinderkinne heet men also bi drien reidenen: omme donnoselheit

Nadere informatie

Wat die mensche es, ende vander bitterheyt der hellen, ende vander zuetecheyt des hemelrijcs. Cap. 43.

Wat die mensche es, ende vander bitterheyt der hellen, ende vander zuetecheyt des hemelrijcs. Cap. 43. Jan van Boendale eindigt zijn tussen 1330 en 1340 geschreven Jans teesteye (zie Wereld in woorden p. 158 e.v.) met heel fraaie verzen over de nietigheid van al het aardse, in schril contrast met de hemelse

Nadere informatie

J. van Mierlo Jr., S. J. Strophische Gedichten

J. van Mierlo Jr., S. J. Strophische Gedichten LEUVENSE TEKSTUITGAVEN 446 J. van Mierlo Jr., S. J. lihad EWIJCH Strophische Gedichten Keurboekerij, Grote Markt, 17, Leuven. 1910. Ritmata haywigis I I y, al es nu die winter cout vn Cort die daghe

Nadere informatie

'i' ontstaan, een verschijnsel dat vooral in het Brabants voorkomt (Van Loey 1980b, 15b).

'i' ontstaan, een verschijnsel dat vooral in het Brabants voorkomt (Van Loey 1980b, 15b). Proloog Handschrift Wenen [7r] Hier beghint de legende vander heilegher maget Sinte Godelieve: / Als men screef ons Heeren jaer M / ende vierentachtentich, als paus / te Roome was Hildebrant ende / daer

Nadere informatie

Dander Martijn. De tweede Martijn.

Dander Martijn. De tweede Martijn. Dit is een van de zogenoemde strofische gedichten van Jacob van Maerlant (zie Stemmen op Schrift pag. 544 en, voor de Eerste Martijn, pag. 521-2, 535 en 543). De gesprekspartners, de vrienden Jacob en

Nadere informatie

Is Jezus God? De namen van God de Vader en God de Zoon

Is Jezus God? De namen van God de Vader en God de Zoon Is Jezus God? De namen van God de Vader en God de Zoon 1 Johannes 5: 20 (Statenvertaling) Doch wij weten, dat de Zoon van God gekomen is, en heeft ons het verstand gegeven, dat wij den Waarachtige kennen;

Nadere informatie

De jeeste van Walewein

De jeeste van Walewein Veel meer over Walewein en ettelijke andere Arturromans is te vinden in het grote derde hoofstuk van Frits van Oostrom, Stemmen op schrift. Amsterdam 2007. De jeeste van Walewein Vanden coninc Arture Es

Nadere informatie

Verspreide sermoenen

Verspreide sermoenen Verspreide sermoenen Johannes Brugman editie A. van Dijk O.F.M. bron (ed. A. van Dijk O.F.M.). De Nederlandse Boekhandel, Antwerpen 1948 Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/brug013vers01_01/colofon.htm

Nadere informatie

A lso nam Ogier vele sciere [241] vanden spere dat baniere ende scoerdet vore Broyiers oghen. Dat en conste Broyier niet ghedoghen. Hi quam daerbi uten keere ende vinc ghereet te sinen spere 16950 ende

Nadere informatie

N u volghede Charloot met sporen [101] den herte na, dat emmer voren 4985 wel was ene boghescote. Dat verdroot seere Charlote. Hi verhaeste 1 sijn pert meer dant ghelede. 2 Hets dicke gheseit te menegher

Nadere informatie

Het nieuwe christelyk en geestelyk uur-slag

Het nieuwe christelyk en geestelyk uur-slag bron. z.n., z.p. ca. 1800 Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/_nie042nieu01_01/colofon.php 2013 dbnl 1. Stem: Daar was een meisje jong van jaaren. EEn ider mag in deze Tijden, De Goedheid

Nadere informatie

Van Pylatus. Hoe Pylatus doot sloeg des conincs soen van Vrancrijck. 1. Doesborch 1528: spelden

Van Pylatus. Hoe Pylatus doot sloeg des conincs soen van Vrancrijck. 1. Doesborch 1528: spelden Van Pylatus Pylatus Pontius, een rechter ghestelt over dat Joetsche volcke, is mede gherekent van den.ix. quaetsten, omdat hi dat alderbeste goet dat in den hemel ende in der eerden is, so deerlijc, so

Nadere informatie

Vaderlandsch museum voor Nederduitsche letterkunde, oudheid en geschiedenis. Deel 3

Vaderlandsch museum voor Nederduitsche letterkunde, oudheid en geschiedenis. Deel 3 Vaderlandsch museum voor Nederduitsche letterkunde, oudheid en geschiedenis. Deel 3 C.P. Serrure (red.) bron C.P. Serrure (red.), Vaderlandsch museum voor Nederduitsche letterkunde, oudheid en geschiedenis

Nadere informatie

Omme dat die mensche na der scrifturen coninc es der creaturen, es dus van hem mijn beghin.

Omme dat die mensche na der scrifturen coninc es der creaturen, es dus van hem mijn beghin. Uit de talloze beschrijvingen die Maerlants Der naturen bloeme telt, volgen hier de fragmenten over de mens en diens zeven levenstijdperken, over de valk en de uitgebreide vogelgeneeskunde die erop volgt,

Nadere informatie

Tussen hemel en hel. Sterven in de middeleeuwen

Tussen hemel en hel. Sterven in de middeleeuwen Tussen hemel en hel Sterven in de middeleeuwen Men zegt wel eens dat men vandaag probeert de dood te negeren en dat vroeger de dood een alledaags gegeven was. Dat is niet noodzakelijk zo. Aan de ene kant

Nadere informatie

III J CATALOGUS VAN DE MIDDELNEDERLANDSE HANDSCHRIFTEN IN DE BIBLIOTHEEK VAN DE UNIVERSITEIT TE GENT J. REYNAERT

III J CATALOGUS VAN DE MIDDELNEDERLANDSE HANDSCHRIFTEN IN DE BIBLIOTHEEK VAN DE UNIVERSITEIT TE GENT J. REYNAERT J. REYNAERT CATALOGUS VAN DE MIDDELNEDERLANDSE HANDSCHRIFTEN IN DE BIBLIOTHEEK VAN DE UNIVERSITEIT TE GENT III J DE HANDSCHRIFTEN VERWORVEN NA 1852 (DEEL J) UNIVERSITEIT GENT WERKEN UITGEGEVEN DOOR DE

Nadere informatie

Welkom in deze dienst Voorganger is ds. K. Timmerman

Welkom in deze dienst Voorganger is ds. K. Timmerman Welkom in deze dienst Voorganger is ds. K. Timmerman Schriftlezing: Romeinen 5 vers 12 t/m 21 Romeinen 6 vers 1 t/m 14 Psalm 119 vers 53 (Schoolpsalm) Psalm 103 vers 8 en 9 Lied 100 vers 1, 2, 3 en 4 (Op

Nadere informatie

Sigle: Le Aufbewahrungsort: Universiteit Leiden Bibliotheken Signatur: Hs. Ltk. 226

Sigle: Le Aufbewahrungsort: Universiteit Leiden Bibliotheken Signatur: Hs. Ltk. 226 Sigle: Le Aufbewahrungsort: Universiteit Leiden Bibliotheken Signatur: Hs. Ltk. 226 Le1_58r,01 Le1_58r,02 heren alſo als ſi ancelmus ghe= Le1_58r,03 o en aer ar maria ie Le1_58r,04 moeder ons heren: Le1_58r,05

Nadere informatie

Bloemlezing uit de Middelnederlandse Dichtkunst

Bloemlezing uit de Middelnederlandse Dichtkunst VERWI JS Bloemlezing uit de Middelnederlandse Dichtkunst 2 N.V. W. J. THIEME & CIE - ZUTPHEN Prij~ in.'. f Il.---, cvdb. I I!.sn VERWIJS' Bloemlezing uit cle Miciclelneclerlandse Dichtkunst HERZIEN DOOR

Nadere informatie

1398Albrecht, na 24 augustus 1398. Schwarzenberg Pag. 285. Albrecht geeft Friesland een Hollands landrecht.

1398Albrecht, na 24 augustus 1398. Schwarzenberg Pag. 285. Albrecht geeft Friesland een Hollands landrecht. Albrecht geeft Friesland een Hollands landrecht. 1398Albrecht, na 24 augustus 1398. Schwarzenberg Pag. 285. Aelbrecht bi Goids genaden Palensgreve up ten Rijn, Hertoge in Beyeren, Grave van Henegouwen,

Nadere informatie

TEKENLIJST SPIJKERSCHRIFT

TEKENLIJST SPIJKERSCHRIFT TEKENLIJST SPIJKERSCHRIFT Dit is een vereenvoudigde lijst met spijkerschrifttekens uit Mesopotamië. Deze lijst maakt het mogelijk de tijdens de workshop Graven om te Weten bestudeerde tablet te vertalen.

Nadere informatie

Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 17

Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 17 Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 17 bron. E.J. Brill, Leiden 1898 Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/_tij003189801_01/colofon.htm 2008 dbnl 1 De Griseldis-novelle

Nadere informatie

Prayers and Instructions In Dutch, illuminated manuscript on parchment Southern Netherlands (Brabant?), c. 1470

Prayers and Instructions In Dutch, illuminated manuscript on parchment Southern Netherlands (Brabant?), c. 1470 Prayers and Instructions In Dutch, illuminated manuscript on parchment Southern Netherlands (Brabant?), c. 1470 [i]+ii+43+i+[i] leaves, vellum; modern foliation in pencil on rectos in the lower right corner

Nadere informatie

Na hoirre vulre onnutter zede. Doe Troeyen ghewonnen wart, Waren die Griecken dandre hart, Om dat him tvolck vander stede Menighen groten schade

Na hoirre vulre onnutter zede. Doe Troeyen ghewonnen wart, Waren die Griecken dandre hart, Om dat him tvolck vander stede Menighen groten schade In het vierde boek van Der minnen loep illustreert Dirc Potter zijn beschouwing over mannelijk en vrouwelijk overspel (zie Wereld in woorden pag. 475) met de liefdesgeschiedenis van Clytemnestra, Agamemnon

Nadere informatie

Valentijn ende Oursson,

Valentijn ende Oursson, Een schone ende wonderlijcke historie van Valentijn ende Oursson, de twee edele vrome ridders, sonen vanden mogenden keyser van Griecken ende neven vanden edelen koningh Pepijn, doen ter tijt koningh van

Nadere informatie

Ende quam my tegen te gemoete, Al lesende sijn gebede. My docht recht aen sijn zede Off hi al goet tot my woude. Ende recht als ic hem liden soude In

Ende quam my tegen te gemoete, Al lesende sijn gebede. My docht recht aen sijn zede Off hi al goet tot my woude. Ende recht als ic hem liden soude In Het vervolg van Vanden vos Reynaerde (zie Stemmen op schrift) begint met de verlengde hofdag, waarop opnieuw veel dieren klachten uiten aan het adres van Reynaert de vos. Zie voor Reynaert II Wereld in

Nadere informatie

750 jaar Nederlandse Bijbelvertalingen. Van het Luikse Leven van Jezus tot de Bijbel in Gewone Taal. Hofrustkapel, 30 april 2017

750 jaar Nederlandse Bijbelvertalingen. Van het Luikse Leven van Jezus tot de Bijbel in Gewone Taal. Hofrustkapel, 30 april 2017 750 jaar Nederlandse Bijbelvertalingen. Van het Luikse Leven van Jezus tot de Bijbel in Gewone Taal. Hofrustkapel, 30 april 2017 1267 2017 1267 2017 Het Luikse Leven van Jezus In den beghinne

Nadere informatie

BIBLIOTHEEK VAN. 111,1133WE Ell ONDER REDACTIE VAN. Dr. H. E. MOLTZER. Hoogleeraar te Groningen, Dr. JAN TE WINKEL

BIBLIOTHEEK VAN. 111,1133WE Ell ONDER REDACTIE VAN. Dr. H. E. MOLTZER. Hoogleeraar te Groningen, Dr. JAN TE WINKEL BIBLIOTHEEK VAN 111,1133WE Ell ONDER REDACTIE VAN Dr. H. E. MOLTZER Hoogleeraar te Groningen, EN Dr. JAN TE WINKEL Praeceptor aan het Gymnasium te Groningen. MET MEDEWERKING VAN Prof. W. G. BRILL, Prof.

Nadere informatie

Katharina Neeltje Bakker - Katrien - weduwe van Fancois Kruysse

Katharina Neeltje Bakker - Katrien - weduwe van Fancois Kruysse Dienst van Woord en gebed bij de begrafenis van Katharina Neeltje Bakker - Katrien - weduwe van Fancois Kruysse Rilland de Levensbron Zaterdag 1 maart 2014, 11.00 uur Voorganger: Ds. Arie van der Maas

Nadere informatie

46210 inden dieren openbaer volcomen ende vol bracht Item die bomen en verden 5 niet be ruert mit enen willighen berueren noch mit

46210 inden dieren openbaer volcomen ende vol bracht Item die bomen en verden 5 niet be ruert mit enen willighen berueren noch mit Folio 301v 46170 Hier beghint dat xvij. boekc 1 ende spreect 46171 vanden gheboemten ende cruden 2 46172 NA dien dat geeynt is 46173 mitter goeds hulpen 46174 tboec of dye tractaet 46175 vanden proprieteiten

Nadere informatie

Alfa. literaire teksten uit de nederlanden. Lanseloet. van Denemerken. een abel spel. bezorgd door. Hans van Dijk. Amsterdam University Press

Alfa. literaire teksten uit de nederlanden. Lanseloet. van Denemerken. een abel spel. bezorgd door. Hans van Dijk. Amsterdam University Press Alfa literaire teksten uit de nederlanden Lanseloet van Denemerken een abel spel bezorgd door Hans van Dijk Amsterdam University Press LANSELüET VAN DENEMERKEN Alfa Literaire teksten uit de Nederlanden

Nadere informatie

I n den salighen name Marie, [90]

I n den salighen name Marie, [90] Deel 2 Ogiers outheit (versregels 4137-23731) I n den salighen name Marie, [90] die moeder es ende maghet vrie willic nu beghinnen dichten. Ende dat ic mi niet en moete ontvruchten, 1 4140 des moghe mi

Nadere informatie

HOOFDSTUK III: «BEDUDINGHE OP CANTICA CANTICORUM»; DE HANDSCHRIFTELIJKE OVERLEVERING

HOOFDSTUK III: «BEDUDINGHE OP CANTICA CANTICORUM»; DE HANDSCHRIFTELIJKE OVERLEVERING HOOFDSTUK III: «BEDUDINGHE OP CANTICA CANTICORUM»; DE HANDSCHRIFTELIJKE OVERLEVERING In hoofdstuk I is de traditie van Hoogliedcommentaren in het kort besproken en is de context van Bedudinghe wat betreft

Nadere informatie

Bruylofs-gedicht, ter eeren van den E. Gosuinus de Wit, ende joffr. Elizabeth de l'homell

Bruylofs-gedicht, ter eeren van den E. Gosuinus de Wit, ende joffr. Elizabeth de l'homell Bruylofs-gedicht, ter eeren van den E. Gosuinus de Wit, ende joffr. Elizabeth de l'homell vergadert in den houwelijcken staet, den 27 februarij M.DC.L. binnen 's Gravenhage Lucas van de Poll bron Lucas

Nadere informatie

MARIA MAGDALENA was also geheten van enen casteel of borch die

MARIA MAGDALENA was also geheten van enen casteel of borch die Vander weerdiger vrouwen sinte MARIA MAGDALENA. MARIA MAGDALENA was also geheten van enen casteel of borch die MAGDALUM hiete Ende si was van edelen geslachte als vanden genen die van des coninx geslachte

Nadere informatie

Overzichten. Verantwoording van bronnen 1261 Lijst van medewerkers 1276 Inhoudsopgave 1277 Kort overzicht van de inhoud 1286

Overzichten. Verantwoording van bronnen 1261 Lijst van medewerkers 1276 Inhoudsopgave 1277 Kort overzicht van de inhoud 1286 Overzichten Leesrooster Evangelisch-Lutherse Kerk 1189 Gemeenschappelijk Leesrooster 1199 Aanvullend Leesrooster 1209 Thora-Leesrooster 1215 Rooster van lezingen bij het dagelijks gebed 1221 Liturgische

Nadere informatie

L E S E R. [485] T O T D E N

L E S E R. [485] T O T D E N [485] T O T D E N L E S E R. NA dat ick besloten hadt een eynde van deze oeffeningen te maecken, soo heb ick bevonden, dat my, Beminde Leser, noch verscheyde andre dingen van vermaeckelijcke en treffelijcke

Nadere informatie

der poeten op dat wtter ghelikenis der sienliker dinghen die spraken diemen al legorice spreect ende die ouersettingen des

der poeten op dat wtter ghelikenis der sienliker dinghen die spraken diemen al legorice spreect ende die ouersettingen des Folio 11r 1 1325 WAnt dye eyghent- 1326 scappen der din- 1327 ghen volgen moe- 1328 ten der substanci- 1329 en nader onderscey- 1330 dinghe ende regu- 1331 len of ordenancien 1332 der substancien so 1333

Nadere informatie

Vertaling / bewerking La somme le roi - Des coninx summe, de voornaamste tendensen

Vertaling / bewerking La somme le roi - Des coninx summe, de voornaamste tendensen Vertaling / bewerking La somme le roi - Des coninx summe, de voornaamste tendensen Ingrid Biesheuvel Utrecht 2015 1 Inhoud I. Uitbreidingen p. 3 Ia. Structurering p. 3 Samenvatten van t voorgaande Vooruitwijzen

Nadere informatie

APOCALYPS EN ESCHATOLOGIE IN DE VEERTIENDE EEUW

APOCALYPS EN ESCHATOLOGIE IN DE VEERTIENDE EEUW Academiejaar 2006 2007 APOCALYPS EN ESCHATOLOGIE IN DE VEERTIENDE EEUW EEN GECOMMENTARIEERDE EDITIE VAN HET VIERDE BOEK VAN DER LEKEN SPIEGEL VAN JAN VAN BOENDALE DEEL I Promotor: prof. dr. Joris Reynaert

Nadere informatie

Het Gruuthuse Manuscript. Middeleeuwse liedjes. Het Gruuthuse Manuscript Adellijke cultuur Hoofse literatuur

Het Gruuthuse Manuscript. Middeleeuwse liedjes. Het Gruuthuse Manuscript Adellijke cultuur Hoofse literatuur Het Gruuthuse Manuscript Middeleeuwse liedjes Adellijke cultuur Hoofse literatuur Dirk Bouts, Het laatste avondmaal (1464) Het Gruuthuse Manuscript www.kb.nl à Gruuthuse handschri: Hans Memling, dhr. en

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2005 2006 30 413 Regels betreffende pensioenen (Pensioenwet) Nr. 5 NOTA VAN VERBETERING Ontvangen 25 januari 2006 In het voorstel van wet (stuk nr. 2) worden

Nadere informatie

Sigle: Le Aufbewahrungsort: Universiteit Leiden Bibliotheken Signatur: LTK 226

Sigle: Le Aufbewahrungsort: Universiteit Leiden Bibliotheken Signatur: LTK 226 Sigle: Le Aufbewahrungsort: Universiteit Leiden Bibliotheken Signatur: LTK 226 [58r,01] hier beghint die paſſie ons heren alſo als ſi ancelmus ghe= openbaert wart van maria die moeder ons heren: Ancelmus

Nadere informatie

01.I. algemene 01.II. verkeersindividuele 01.III. collectieve 01.IV. afhankelijkheid 01.V. arbeidsongevallen wet v.

01.I. algemene 01.II. verkeersindividuele 01.III. collectieve 01.IV. afhankelijkheid 01.V. arbeidsongevallen wet v. 0 1 O N G E V A L L E N I. algemene II. verkeersindividuele III. collectieve individuele 1. algemene 2. forfaitaire 3. gemeen (2) + (3) 4. individuele recht collectieve 01.I. algemene 01.II. verkeersindividuele

Nadere informatie

In het volgende fragment lezen wij hoe de boerenzoon Ferguut op weg gaat naar het hof van koning Artur, aangezien hij zo graag ridder van de Ronde Tafel wil worden. Nadat de koning hem tot ridder heeft

Nadere informatie

Orde van de dienst op de 17e zondag na Pinksteren 23 september anno Domini 2012. Startzondag

Orde van de dienst op de 17e zondag na Pinksteren 23 september anno Domini 2012. Startzondag Orde van de dienst op de 17e zondag na Pinksteren 23 september anno Domini 2012 Startzondag Kom ik goed over? De speech op de berg als lichtend voorbeeld Deze dienst is voorbereid in samenwerking met de

Nadere informatie

Orde van dienst voor 11 december 2016

Orde van dienst voor 11 december 2016 Orde van dienst voor 11 december 2016 3 e zondag in de Advent Belijdenis en doop van Veronica Loos-Zieltjens Oosterlichtkerk Huizen Welkom door de ouderling van dienst Lied 439: 1-3 1. Verwacht de komst

Nadere informatie

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =

= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = Orde van dienst voor zondag 23 februari 2014, zevende zondag na Epifanie Kerk: Brugkerk, Kroonplein 1 te Lemelerveld Aanvang: 10.00 uur Organist: Ton Timmerman Voorganger: ds. C.Th. Benard = = = = = =

Nadere informatie

Op weg met Jezus. eerste communieproject. Hoofdstuk 5 Bidden. H. Theobaldusparochie, Overloon

Op weg met Jezus. eerste communieproject. Hoofdstuk 5 Bidden. H. Theobaldusparochie, Overloon Op weg met Jezus eerste communieproject H. Theobaldusparochie, Overloon Hoofdstuk 5 Bidden Eerste communieproject "Op weg met Jezus" hoofdstuk 5 blz. 1 Joris is vader aan het helpen in de tuin. Ze zijn

Nadere informatie

Oecumenische bieeênkomst. 15 november 2015. Dêle is vermênigvuldige

Oecumenische bieeênkomst. 15 november 2015. Dêle is vermênigvuldige t Kerkje van Ellesdiek Oecumenische bieeênkomst 15 november 2015 Dêle is vermênigvuldige Uutleg bie de têkenienge. Dêle is vermênigvuldige is het thema voe vanmirreg. Een bekende lezieng is het verhaal

Nadere informatie

Het Huis. en de Heerlijkheid

Het Huis. en de Heerlijkheid Het Huis en de Heerlijkheid Bij ondergeteekende berusten een aantal documenten, die op het huis en de heerlijkheid Lisse betrekking hebben. De oudste berichten uit de tweede helft der 14de eeuw. Toen leefde

Nadere informatie

Welkom in deze dienst Voorganger is ds. A. Prins (Vriezenveen)

Welkom in deze dienst Voorganger is ds. A. Prins (Vriezenveen) Welkom in deze dienst Voorganger is ds. A. Prins (Vriezenveen) Schriftlezing: Markus 2 vers 1 t/m 17 Gezang 328 vers 1 t/m 3 (Liedboek) Psalm 87 vers 4 (Schoolpsalm) Psalm 146 vers 1, 3 en 5 (Nieuwe Berijming)

Nadere informatie

Wesleyaanse geloofsfundamenten voor de 21 e eeuw

Wesleyaanse geloofsfundamenten voor de 21 e eeuw Wesleyaanse geloofsfundamenten voor de 21 e eeuw Art lll, Handboek, Kerk vd Nazarener: Wij geloven in de Heilige Geest, de derde Persoon van de Drieeenige Godheid; dat Hij voortdurend aanwezig is en doeltreffend

Nadere informatie

het boek Openbaring enkele sleutels Amos 3 : 7 Voorzeker, de Here HERE doet geen ding, of Hij openbaart zijn raad aan zijn knechten, de profeten.

het boek Openbaring enkele sleutels Amos 3 : 7 Voorzeker, de Here HERE doet geen ding, of Hij openbaart zijn raad aan zijn knechten, de profeten. God Openbaring van Jezus Christus Amos 3 : 7 Voorzeker, de Here HERE doet geen ding, of Hij openbaart zijn raad aan zijn knechten, de profeten. Zijn slaven God Openbaring van Jezus Christus Zijn engel

Nadere informatie

Zondag 17 november 2013

Zondag 17 november 2013 Zondag 17 november 2013 aansteken tafelkaarsen lichtlied Stilte Welkom v Onze hulp is in de naam van de Heer a DIE HEMEL EN AARDE GEMAAKT HEEFT v in de naam van de Heer die de weerstand van de nacht wil

Nadere informatie

Paasmorgen 2011 in de Open Hof te Drunen Voorganger ds. M. Oostenbrink Organist dhr. B. Vermeul Mmv zanggroep Joy. De tuin van de Opstanding

Paasmorgen 2011 in de Open Hof te Drunen Voorganger ds. M. Oostenbrink Organist dhr. B. Vermeul Mmv zanggroep Joy. De tuin van de Opstanding Paasmorgen 2011 in de Open Hof te Drunen Voorganger ds. M. Oostenbrink Organist dhr. B. Vermeul Mmv zanggroep Joy De tuin van de Opstanding Voor de dienst zingt Joy: U hebt de overwinning behaald Fear

Nadere informatie

Brussel, Koninklijke Bibliotheek, II 298, preek 11 (f. 112r-119v) (Barbara Cuyermans) 12 (f. 119v-128r) (vertaling Jan Storm)

Brussel, Koninklijke Bibliotheek, II 298, preek 11 (f. 112r-119v) (Barbara Cuyermans) 12 (f. 119v-128r) (vertaling Jan Storm) Brussel, Koninklijke Bibliotheek, II 298, preek 11 (f. 112r-119v) (Barbara Cuyermans) [112r] Op den derden 1 paesdach een sermoen. anno LXVIII. Maria stabat ad monumentum foris plorans. Johannis XXII o

Nadere informatie

INHOUD WOORD VOORAF... V INHOUD... VII LIJST VAN DE GEBRUIKTE AFKORTINGEN... XIII

INHOUD WOORD VOORAF... V INHOUD... VII LIJST VAN DE GEBRUIKTE AFKORTINGEN... XIII WOORD VOORAF........................... V INHOUD.............................. VII LIJST VAN DE GEBRUIKTE AFKORTINGEN............... XIII I. INLEIDING: HET THEMA VAN DE BEGEERTE EN DE HADEWIJCH-STUDIE

Nadere informatie

oe Namels van Bavier hoorde [162] Karels redene ende sine woorde wart hi van herten seere gram.

oe Namels van Bavier hoorde [162] Karels redene ende sine woorde wart hi van herten seere gram. A lse doe 1 saghen die Sarrasine [161] doot haren heere, ginghen si hem pinen 2 dapperleke 3 te vliene. Daer en was gheen so coene, hi en wilde te dien stonden wel hebben geweest sijnre verde. 11130 Die

Nadere informatie

Koorprogramma 1 januari 2015 t/m 3 april 2015

Koorprogramma 1 januari 2015 t/m 3 april 2015 Koorprogramma 1 januari 2015 t/m 3 april 2015 1 januari 2015 Geen viering 4 januari 2015 10.30 uur Openbaring des Heren Herenkoor Driekoningen Nu zijt wellekome blz. 13, nr. 5 Heer ontferm U 221 Markusmis

Nadere informatie

F r a c t i e S A M 1. M e i - L i n K o s t e r

F r a c t i e S A M 1. M e i - L i n K o s t e r N e d e r l a n d s ( E n g l i s h b e l o w ) F r a c t i e S A M 1 M e i - L i n K o s t e r M i j n n a a m i s M e i - L i n K o s t e r, i k b e n 2 1 j a a r e n m o m e n t e e l b e n i k d e

Nadere informatie

Esmoreit. editie P. Leendertz Jr.

Esmoreit. editie P. Leendertz Jr. editie P. Leendertz Jr. bron, Abele spelen In: Instituut voor Nederlandse Lexicologie (samenstelling en redactie), Cd-rom Middelnederlands. Sdu Uitgevers/Standaard Uitgeverij, Den Haag/Antwerpen 1998.

Nadere informatie

2012 M. Jonker. Manco-boekje Edgar Rice Burroughs (op hoofdnummers)

2012 M. Jonker. Manco-boekje Edgar Rice Burroughs (op hoofdnummers) 2012 M. Jonker Manco-boekje Edgar Rice Burroughs (op hoofdnummers) 1 Groot Geel Uitgeverij Blankwaardt&Schoonhoven (deels met Dalmeijer) I.01.1 Tarzan van de apen I.01.2 Tarzan van de apen 2e I.02.1 De

Nadere informatie

Een nieuw lied op de zeven hooftzonden: en op ieder zonden haar exempel, zeer stigtig voor de

Een nieuw lied op de zeven hooftzonden: en op ieder zonden haar exempel, zeer stigtig voor de en op ieder zonden haar exempel, zeer stigtig voor de jonkheid om te lezen, zynde een spiegel om de zouden te vlieden bron : en op ieder zonden haar exempel, zeer stigtig voor de jonkheid om te lezen,

Nadere informatie

naar God Verlangen Thema: juni welkom in de open deur dienst voorganger: ds. W. Dekker muziekteam: Theda, Lisette, Rik Aart-Jan en Nathan

naar God Verlangen Thema: juni welkom in de open deur dienst voorganger: ds. W. Dekker muziekteam: Theda, Lisette, Rik Aart-Jan en Nathan welkom juni in de open deur dienst 19 2016 Thema: Verlangen naar God n.a.v. Psalm 42 voorganger: ds. W. Dekker muziekteam: Theda, Lisette, Rik Aart-Jan en Nathan organist: Christian Boogaard Welkom en

Nadere informatie

Vanden winter ende vanden somer

Vanden winter ende vanden somer editie P. Leendertz jr. bron, Abele spelen In: Instituut voor Nederlandse Lexicologie (samenstelling en redactie), Cd-rom Middelnederlands. Sdu Uitgevers/Standaard Uitgeverij, Den Haag/Antwerpen 1998.

Nadere informatie

Vertel me toch je geheim! Gezinsdienst over Simson en Delilah

Vertel me toch je geheim! Gezinsdienst over Simson en Delilah Orde van dienst voor de viering van de eredienst in de Morgensterkerk Vertel me toch je geheim! Gezinsdienst over Simson en Delilah 6 november 2011 DIENST VAN DE VOORBEREIDING Orgelspel Bruce Springsteen

Nadere informatie

Afscheids-lied van een jonkman aan zyn beminde, dewelke zig op het schip bevind, en met de expeditie moet tegen Engeland

Afscheids-lied van een jonkman aan zyn beminde, dewelke zig op het schip bevind, en met de expeditie moet tegen Engeland Afscheids-lied van een jonkman aan zyn beminde, dewelke zig op het schip bevind, en met de expeditie moet tegen Engeland bron Afscheids-lied van een jonkman aan zyn beminde, dewelke zig op het schip bevind,

Nadere informatie

Beatrijs. Tekst en vertaling

Beatrijs. Tekst en vertaling Editie H. Adema bron H. Adema (ed.),. Taal & Teken, Leeuwarden 1988 (derde druk) Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/_bea001beat38_01/colofon.php 2012 dbnl / H. Adema t.o. 3 Eerste handschrift

Nadere informatie

PROTESTANTSE GEMEENTE DAMSTERBOORD. orde voor de dienst op witte donderdag, 17 april uur in de Emmaüskerk te Lewenborg

PROTESTANTSE GEMEENTE DAMSTERBOORD. orde voor de dienst op witte donderdag, 17 april uur in de Emmaüskerk te Lewenborg PROTESTANTSE GEMEENTE DAMSTERBOORD orde voor de dienst op witte donderdag, 17 april 2014 19. 00 uur in de Emmaüskerk te Lewenborg de kinderen die catechese hebben gevolgd werken mee: Jelle Hoft Jesse Gerrits

Nadere informatie

Lantaarntje. œ œ œ œ. œ œ œ. b œ. œ œ. Uit Zwitserland Acanthus Music CH-4522 Rüttenen. La Lan. tärn taarn - - li, tje, li, tje, La lan - - -

Lantaarntje. œ œ œ œ. œ œ œ. b œ. œ œ. Uit Zwitserland Acanthus Music CH-4522 Rüttenen. La Lan. tärn taarn - - li, tje, li, tje, La lan - - - Lantaarnte Uit Zitserland La Lan - - tärn taarn - - - - - - li, te, La lan - - tärn taarn - - - - - - li, te, F F Son zon F - ne, Mond ond Stärn - - - en maan en ster - - - Bb b b F li ren 01 Acanthus

Nadere informatie

Octroij verleent aen M(eeste)r Sijmon Douw op sijne inventie. gedurende den tijt van eenentwintich jaren.

Octroij verleent aen M(eeste)r Sijmon Douw op sijne inventie. gedurende den tijt van eenentwintich jaren. Octroij verleent aen M(eeste)r Sijmon Douw op sijne inventie van nieuw horologiewerck, gedurende den tijt van eenentwintich jaren. De Staten generael der Vereenichde Nederlanden, allen den geenen die desen

Nadere informatie

Hier beghint dat xvij boekc 1 ende spreect vanden gheboemten ende cruden N 2 A dien dat geeynt is. [301va]

Hier beghint dat xvij boekc 1 ende spreect vanden gheboemten ende cruden N 2 A dien dat geeynt is. [301va] Laatste update 26 oktober 2008 Hier beghint dat xvij boekc 1 ende spreect vanden gheboemten ende cruden N 2 A dien dat geeynt is mitter goeds hulpen tboec of dye tractaet vanden proprieteiten der dingen

Nadere informatie

De haas en de egel. Wilhelm Grimm en Jacob Grimm. bron Wilhelm Grimm en Jacob Grimm, De haas en de egel. Z.n., z.p. 1900-1910.

De haas en de egel. Wilhelm Grimm en Jacob Grimm. bron Wilhelm Grimm en Jacob Grimm, De haas en de egel. Z.n., z.p. 1900-1910. De haas en de egel Wilhelm Grimm en Jacob Grimm bron. Z.n., z.p. 1900-1910 Zie voor verantwoording: http://www.dbnl.org/tekst/grim002haas01_01/colofon.php 2011 dbnl 1 De haas en de egel. Het was een mooie

Nadere informatie

Orde van de dienst. Zondag 1 september Oude Kerk - Bennekom

Orde van de dienst. Zondag 1 september Oude Kerk - Bennekom Orde van de dienst Zondag 1 september Oude Kerk - Bennekom Geroepen om op weg te gaan In deze dienst zal ds. Jan Minnema afscheid nemen van de Hervormde Gemeente Bennekom Voorganger: Ds. Jan Minnema Ouderling

Nadere informatie

Goede buren. Startzondag 13 september 2015 m.m.v. Jeugdkoor Joy uit Streefkerk o.l.v. Vincent van Dam

Goede buren. Startzondag 13 september 2015 m.m.v. Jeugdkoor Joy uit Streefkerk o.l.v. Vincent van Dam Goede buren Startzondag 13 september 2015 m.m.v. Jeugdkoor Joy uit Streefkerk o.l.v. Vincent van Dam Voorganger: ds. Joke van der Neut Organist: Alex Hommel Orgelspel Welkom door ouderling van dienst Jan

Nadere informatie

Liesveldtbijbel ( )

Liesveldtbijbel ( ) Liesveldtbijbel (1526-1542) 1 In de Nederlanden gaf de Antwerpse drukker Jacob van Liesveldt (1490-1545) al in 1526 een Bijbel uit die berustte op de tot dan toe door de Duitse reformator Maarten Luther

Nadere informatie