Diversiteit horecasector

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Diversiteit horecasector"

Transcriptie

1 Rapport Pag. Diversiteit horecasector Cijfers 2014

2 2015 Guidea - Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw Deze informatie werd met de grootste zorg samengesteld. Guidea, het Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw stelt zich echter niet aansprakelijk voor de juistheid van de aangeboden informatie. In geen geval is Guidea, het Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca aansprakelijk voor enige directe of indirecte schade als gevolg van of in verband met de aangeboden informatie uit deze publicatie.

3 INLEIDING 3 SYNTHESE DEEL 1 5 DEEL 1: DIVERSITEITSANALYSE HORECAWERKNEMERS (2014) 9 Intro: loontrekkende werkgelegenheid in de horecasector 9 1 Etnisch-culturele diversiteit Werknemers naar herkomst Instroom allochtoon/autochtoon naar werk in de horecasector vanuit de werkloosheid 13 2 Diversiteit naar geslacht Werknemers per geslacht Arbeidsplaatsen ingevuld door extra s per geslacht Effectieve gewone arbeidsduur op weekbasis per geslacht Instroom naar werk in de horecasector vanuit de werkloosheid per geslacht 17 3 Diversiteit naar leeftijd Werknemers per leeftijdscategorie per geslacht Instroom naar werk in de horecasector vanuit de werkloosheid per leeftijd 25 4 Diversiteit naar opleidingsniveau Werknemers per opleidingsniveau Instroom naar werk in de horecasector vanuit de werkloosheid per opleidingsniveau 29 5 Personen met een (arbeids)handicap loontrekkende werknemers met een handicap Instroom naar werk in de horecasector vanuit de werkloosheid volgens arbeidshandicap 37 6 Individuele Beroepsopleidingen per diversiteitsgroep in de horecasector 38 7 Loopbaan- en diversiteitsplannen 39 DEEL II: OPLEIDING VAN RISICOGROEPEN IN VLAANDEREN (2014) 41 1 Horeca-beroepsopleidingen voor werkzoekenden Beroepsopleidingen horeca per regio Beroepsopleidingen horeca per diversiteitsgroep 44 2 Nederlandse taalondersteuning voor horecawerknemers Opleiding Nederlands op de Werkvloer (NODW) 46 3 Opleiding en leerovereenkomsten voor jongeren deeltijds onderwijs in een horecaopleiding 47 BIJLAGE: TOELICHTING VAN DE BRONNEN 49

4 1 RSZ 49 2 Enquête naar de arbeidskrachten (EAK) 50 3 Departement Werk en Sociale Economie 50 4 Studiedienst VDAB 51

5 Inleiding Uit de diversiteitsanalyse die in de vorige jaren werd gemaakt, bleek al dat de horeca een zeer diverse sector is. Mannen en vrouwen zijn samen sterkhouders van de sector. De horeca trekt in vergelijking met andere sectoren vooral jongeren aan, terwijl oudere werknemers (50-plussers) ondervertegenwoordigd zijn. Toch neemt onder invloed van de vergrijzing ook in de horecasector het aantal 50-plussers toe. Veel werknemers behaalden ook nooit een diploma, zelfs niet van het middelbaar onderwijs. De horeca is ook een kleurrijke sector in de letterlijke zin van het woord: veel werknemers zijn van vreemde afkomst. Het is van het grootste belang om met deze verscheidenheid rekening te houden op de werkvloer en in het personeels- en opleidingsbeleid. Werknemers die tevreden zijn, die in een goede sfeer kunnen werken en die uitgedaagd worden het beste van zichzelf te geven, zullen langer blijven. De manier waarop een bedrijf met zijn personeel omgaat, heeft een grote impact op de loyaliteit van de medewerkers. De sociale partners van de horecasector engageerden zich in een collectieve arbeidsovereenkomst om de tewerkstelling van risicogroepen op de arbeidsmarkt te bevorderen 1. Hiertoe sloten zij o.a. een convenant af met de Vlaamse Regering, waarin engagementen werden vastgelegd die betrekking hebben op diversiteit in de sector. Horeca Vorming Vlaanderen staat in voor de uitvoering van de CAO in Vlaanderen en voor het sectorconvenant. Over de CAO dient verantwoording te worden afgelegd aan de Nationale Arbeidsraad en aan de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven. Over het sectorconvenant wordt gerapporteerd ten aanzien van de Vlaamse overheid. In een eerste deel maken we een analyse van de diversiteit onder de werknemers in de sector: etnisch-culturele diversiteit, diversiteit naar geslacht, diversiteit naar leeftijd, diversiteit naar opleidingsniveau en personen met een (arbeids)handicap. We gaan in op de cijfers voor de sector en vergelijken deze met het gemiddelde voor alle sectoren samen. Het tweede deel spitst zich toe op begeleiding, opleiding en tewerkstelling van risicogroepen. Voor werkzoekenden kunnen we hiervoor terecht bij de VDAB en partnerorganisaties. Tot slot kunt u op het einde van dit rapport de gebruikte bronnen lezen. 1 CAO Hotelbedrijf: bevordering tewerkstelling risicogroepen, akkoord van 01/10/ Guidea Diversiteit

6 2015 Guidea Diversiteit

7 Synthese Deze synthese belicht de voornaamste cijfers uit dit rapport over de diversiteit in de horecasector. De horecasector herbergt een grote diversiteit. We bekijken achtereenvolgens de diversiteit naar etnisch-culturele achtergrond, naar geslacht, naar leeftijd, naar opleidingsniveau en naar (arbeids)handicap. In 2014 telt de horecasector in Vlaanderen arbeidsplaatsen. Dit is 3,91% van alle arbeidsplaatsen in Vlaanderen. In Vlaanderen bevindt 46% van de arbeidsplaatsen zich in een onderneming met minder dan 10 werknemers (micro-ondernemingen). Eén werknemer kan meer dan één arbeidsplaats invullen, hetgeen ook gebeurt in de horeca. Bijgevolg zijn er in Vlaanderen unieke werknemers tewerkgesteld binnen de horecasector. Etnisch-culturele diversiteit Het percentage personen met een buitenlandse herkomst is hoog in vergelijking met het gemiddelde. Zo heeft in 2013 iets minder dan 35% van de werknemers in de horecasector een allochtone herkomst. Over alle sectoren heen is dit slechts 14%. De groep van werknemers met een allochtone herkomst wordt gevormd door werknemers met een EU-achtergrond 2 (14%) enerzijds en een niet-eu-achtergrond (21%) anderzijds. In vergelijking met 2009 is het aantal werknemers met een buitenlandse herkomst gestegen in zowel de horecasector als alle sectoren samen. Bij de instroom naar werk uit de werkloosheid krijgen we hetzelfde beeld. Zo stromen er verhoudingswijs iets meer allochtonen 3 naar werk in de horecasector. In 2014 ligt het gemiddelde in de horecasector op ruim 23% allochtonen, terwijl dit voor alle sectoren samen op net iets meer dan 18% ligt. 2 EU27: Behorend tot één van de 27 landen van de EU 3 Mensen met een huidige of vorige nationaliteit van buiten de EU Guidea Diversiteit

8 Diversiteit naar geslacht In de horecasector is een groter aandeel vrouwen in dienst. Bij de unieke werknemers is 52% een vrouw, terwijl dit percentage over alle sectoren heen 48% is. Er is wel een verschil in effectieve gewone arbeidsduur tussen mannen en vrouwen. Het aandeel mannen dat 30 uren of meer werkt per week ligt beduidend hoger, met name 67% mannen t.o.v. 45% vrouwen. In de horecasector is de instroom van vrouwen vanuit de werkloosheid groter dan in alle sectoren samen. De trendlijn van de instroom naar de horecasector ligt reeds jaren hoger dan de trendlijn voor alle sectoren samen. Het gemiddeld aandeel vrouwen in de instroom vanuit de werkloosheid ligt in 2014 op 50%. In alle sectoren samen is dit 46%. Diversiteit naar leeftijd De horecasector is de sector met procentueel de grootste groep jongeren. Het aandeel jonge werknemers (min 25-jarigen) ligt er beduidend hoger (20%) dan in alle sectoren samen (8%). Het aandeel 50-plussers (21%) ligt daarentegen lager dan gemiddeld (27%). Over de jaren heen zijn de aandelen van de jongeren en ouderen naar elkaar toegegroeid. Meer zelfs, het aandeel 50- plussers is ondertussen hoger dan het aandeel min 25-jarigen (in 2007: 28% - 15%, in 2014: 20% - 21%). Ten slotte speelt het geslacht ook een rol. Het aandeel mannelijke 50-plussers in de horecasector ligt beduidend lager dan het aandeel vrouwelijke 50-plussers in de horecasector (16% 25%). 30% 28% 26% 24% 22% 20% 18% 16% 14% 12% 10% 28,0% 14,9% 27,5% 16,0% 27,0% min 25-jarigen 50-plussers 26,0% 16,8% 17,0% 24,8% 18,3% 22,1% 19,5% Alle sectoren 2014: min 25: 8% 50 plus: 27% 20,5% 20,2% Horecasector 20,8% ,0% 2015 Guidea Diversiteit

9 Horecasector Alle sectoren Alle sectoren Horecasector Zowel voor de min 25-jarigen als de 50-plussers ligt de trendlijn voor de instroom naar werk in de horecasector hoger dan voor alle sectoren samen. Het gemiddeld aandeel min 25-jarigen ligt in de horecasector op 37%, terwijl dit voor alle sectoren samen 34% is. Het aandeel 50-plussers in de instroom bedraagt gemiddeld 9,1% in de horecasector en 8,8% in alle sectoren samen. Diversiteit naar opleidingsniveau In vergelijking met het gemiddelde over alle sectoren heen, stelt de horecasector een groter percentage laaggeschoolden 4 tewerk. In 2014 ligt het percentage laaggeschoolden op 26% in de horecasector, terwijl dit voor alle sectoren samen 18% is. 26% 59% 15% Laaggeschoold Middengeschoold Hooggeschoold 18% 43% 39% Er stromen vanuit de werkloosheid procentueel meer laaggeschoolden naar de horecasector dan gemiddeld. In 2014 bedraagt het gemiddelde in de horecasector 40% laaggeschoolden. Dit is ruim boven het gemiddelde van alle sectoren samen. Dit percentage bedraagt namelijk 32% in Diversiteit naar (arbeids)handicap Bijna 11% van de Vlaamse werknemers in de horecasector geeft aan dat ze hinder ervaren in hun dagelijkse bezigheden (op het werk of daarbuiten) door een handicap, een langdurige aandoening of langdurige ziekte. Dit cijfer is hoger dan gemiddeld (8%). Gemiddeld stromen er uit de werkloosheid minder personen met een arbeidshandicap naar werk in de horecasector dan over alle sectoren heen. Het kwartaalgemiddelde in de horecasector bedraagt in 2014 ongeveer 4%, terwijl dit voor alle sectoren samen op gemiddeld 5% uitkomt. 12% 10% 8% 6% 4% 2% 0% Arbeidshandicap 10,6% 8,5% 4 Ten hoogste diploma secundair onderwijs 2 e graad 2015 Guidea Diversiteit

10 Guidea Diversiteit

11 1 Deel 1: Diversiteitsanalyse horecawerknemers (2014) 2 Intro: loontrekkende werkgelegenheid in de horecasector Hieronder geven we eerst een algemeen beeld van de loontrekkende werkgelegenheid in de horecasector. In totaal zijn er in 2014 in België, over alle sectoren heen, arbeidsplaatsen. Er zijn arbeidsplaatsen in de horecasector wat neerkomt op 3,43% van alle arbeidsplaatsen in België. In Vlaanderen zijn er arbeidsplaatsen, waarvan in de horecasector. Dit komt neer op 3,91% van het totaal aantal arbeidsplaatsen. Eén werknemer kan meer dan één arbeidsplaats invullen, hetgeen ook gebeurt in de horeca. Bijgevolg zijn er in Vlaanderen unieke werknemers tewerkgesteld binnen de horecasector. Tabel 1: Loontrekkende werkgelegenheid (arbeidsplaatsen) in de horecasector n % Vlaanderen België Vlaanderen België Totaal aantal % 100% Gewesten 5 Vlaanderen ,3% Wallonië ,0% Brussel ,7% Vlaamse provincies West-Vlaanderen ,5% Oost-Vlaanderen ,6% Antwerpen ,5% Vlaams-Brabant ,2% Limburg ,2% Subsector Hotels ,6% 13,5% Vakantieverblijven ,6% 3,1% Kampeerterreinen ,5% 0,4% Overige accommodatie ,2% 0,5% Restaurants ,9% 58,6% Catering ,8% 13,5% Drinkgelegenheden ,3% 10,4% Dimensiegrootte 1 tot 4 werknemers ,1% 23,0% 5 tot 9 werknemers ,4% 20,8% 10 tot 19 werknemers ,8% 19,1% 20 tot 49 werknemers ,0% 15,5% 50 of meer werknemers ,7% 21,7% Arbeiders/bedienden Arbeiders ,7% 87,4% Bedienden ,3% 12,6% Arbeidsregime Voltijds ,5% 37,7% Deeltijds ,2% 53,0% Specialen ,3% 9,3% Bron: RSZ, gecentraliseerde statistiek, situatie op 30/06/2014 Bewerking: Guidea 5 Op basis van de plaats van de hoofdzetel 6 De deeltijdse prestaties betreffen de prestaties van de werknemer die gemiddeld slechts een gedeelte presteert van de arbeidstijd van de referentie persoon (voltijdse werknemer). 7 De groep specialen bevat vooral loontrekkenden die werken via gelimiteerde prestaties. (extra s in de horeca). Zie ook p Guidea Diversiteit

12 Bovenstaande tabel geeft een overzicht van de loontrekkende werknemers in de horecasector voor het jaar Enkele cijfers: In 2014 bevindt 55% van de arbeidsplaatsen in de horeca zich in Vlaanderen, 23% in Brussel en 22% in Wallonië. bevindt 34% van de arbeidsplaatsen in de Vlaamse horeca zich in Antwerpen, 24% in West- Vlaanderen, 17% in Oost-Vlaanderen, 15% in Vlaams-Brabant en 11% in Limburg. bevindt 61% van de arbeidsplaatsen in de Vlaamse horeca zich bij de restaurants, 13% bij de hotels, 11% bij de drinkgelegenheden, 11% bij de catering en 4% bij de overige logiesvormen 8. Deze verdeling is min of meer hetzelfde voor België. bevindt 23% van de arbeidsplaatsen in de Vlaamse horeca zich in een onderneming met 1 tot 4 werknemers. 22% bevindt zich in een horecaonderneming met 5 tot 9 werknemers, 22% in een horecaonderneming met 10 tot 19 werknemers en 16% in een horecaonderneming met 20 tot 49 werknemers. De overige 17% vinden we terug in een horecaonderneming met 50 of meer werknemers. De verdeling van de werkgelegenheid per dimensiegrootte (het aantal werknemers in dienst) is voor Vlaanderen en België nagenoeg gelijk. België telt wel meer arbeidsplaatsen in een onderneming met 50 werknemers of meer (22% t.o.v. 17% voor Vlaanderen). Vlaanderen telt op zijn beurt meer arbeidsplaatsen in een onderneming met 5 tot 9 werknemers (22% 21%), alsook 10 tot 19 werknemers (22% 19%). wordt 90% van de arbeidsplaatsen in de Vlaamse horeca ingevuld door arbeiders. Dit percentage ligt boven het nationale gemiddelde in de horeca. is 37% van de arbeidsplaatsen in de Vlaamse horeca voltijds. Het aandeel deeltijdse arbeidsplaatsen bedraagt 49%, terwijl het aandeel specialen 9 14% bedraagt. Het aandeel voltijdse en deeltijdse arbeidsplaatsen ligt lager dan het nationale gemiddelde. In 2014 daalt het aantal arbeidsplaatsen in de horecasector naar , het laagste peil sinds Er zijn wel opmerkelijke verschillen tussen de subsectoren. In absolute aantallen gaan er vooral in de subsectoren van de catering, hotels en de drinkgelegenheden jobs verloren. Figuur 1: Evolutie aantal arbeidsplaatsen in de horecasector in Vlaanderen -2006/ Bron: RSZ, gecentraliseerde statistiek, situatie op 30/06 Bewerking: Guidea 8 Omvat alle accommodatie uitgezonderd hotels. Volgens de nace-code zijn dit de vakantieverblijven (55.2), kampeerterreinen (55.3) en de overige accommodatie (55.9). 9 Zie p.16 voor meer uitleg Guidea Diversiteit

13 1 Etnisch-culturele diversiteit De Vlaamse Regering definieert allochtoon als volgt: 1 2 Persoon die tot een van de volgende categorieën behoort: a) personen met een sociaal-culturele herkomst van een ander land die legaal in België verblijven, die al dan niet Belg zijn geworden en die bovendien aan een van de volgende voorwaarden voldoen: zij of hun ouders zijn in het kader van gastarbeid en volgmigratie naar ons land gekomen, ze hebben de status van ontvankelijk verklaarde asielzoeker of van vluchteling verkregen, ze hebben door regularisatie recht op verblijf in België verworven, b) personen die niet de nationaliteit bezitten van een van de Europese lidstaten, of van wie minstens een van de ouders of twee van de grootouders niet de nationaliteit van een van de Europese lidstaten bezitten. Bron: Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot vaststelling van de criteria, de voorwaarden en de nadere regels voor het verlenen van subsidies ter ondersteuning en uitvoering van het beleid van evenredige arbeidsdeelname en diversiteit, laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 mei In dit deel bekijken we de etnisch- culturele diversiteit in de horecasector a.d.h.v.: Het aantal werknemers per herkomst, Het aantal allochtonen dat instroomt naar werk in de horeca vanuit de werkloosheid, Naargelang de cijfers (bron) wordt het begrip allochtoon anders gedefinieerd. Om de etnisch-culturele diversiteit in de horeca in kaart te brengen, doen we beroep op cijfers van het departement WSE (o.b.v. cijfers uit de DWH Arbeidsmarkt en Sociale Bescherming KSZ). Een persoon wordt beschouwd als persoon met buitenlandse herkomst als één van de volgende vier criteria een niet-belgische nationaliteit is: huidige nationaliteit van de persoon, de eerst gekende nationaliteit van de persoon bij het Rijksregister, de eerst gekende nationaliteit van de vader, de eerst gekende nationaliteit van de moeder; Het Departement WSE (o.b.v. cijfers VDAB) hanteert voor instroom de volgende definitie van allochtoon: mensen met een huidige of vorige nationaliteit van buiten de EU-27 (dus ook genaturaliseerden). Meer informatie over de gebruikte bronnen vindt u achteraan in dit rapport, in het hoofdstuk toelichting van de bronnen Guidea Diversiteit

14 1.1 Werknemers naar herkomst Tabel 2: Aandeel loontrekkende werknemers in alle sectoren in Vlaanderen (werkplaats) per afkomst (o.b.v. paritair comité) n niet- Omschrijving BE (X1.000) 11 EU 12 Totaal EU 13 1 Bouw 98,1 81,7% 10,0% 8,2% 100% 2 Chemie en petroleum 83,2 89,5% 6,5% 3,9% 100% 3 Diensten aan ondernemingen & personen 176,2 67,5% 14,6% 17,6% 100% 4 Distributie 142,7 85,0% 7,9% 7,0% 100% 5 Financiële sector 70,4 93,7% 3,9% 2,3% 100% 6 Gas en elektriciteit 11,3 94,0% 3,7% 2,3% 100% 7 Horeca, sport en ontspanning 60,6 65,1% 13,6% 21,0% 100% > 7.1 Horeca (PC302) 58,7 64,9% 13,6% 21,2% 100% 8 Houtnijverheid 14,5 87,5% 7,3% 5,0% 100% 9 Kleding- en textielnijverheid 31,7 83,6% 6,4% 9,9% 100% 10 Land-, tuin- en bosbouw & zeevisserij 13,5 68,0% 17,5% 14,4% 100% 11 Media, drukkerij- en uitgeverijsector 10,3 90,1% 5,8% 3,9% 100% 12 Metaalindustrie 198,2 85,4% 7,3% 7,2% 100% 13 Papier- en kartonsector 8,4 88,3% 6,9% 4,7% 100% 14 Social profit 302,0 88,4% 5,4% 6,1% 100% 15 Steen- en glasindustrie 9,6 83,0% 8,5% 8,3% 100% 16 Vervoer, transport & logistiek 108,8 82,8% 8,4% 8,7% 100% 17 Voedingsindustrie 58,5 82,6% 7,7% 9,6% 100% 18 Overige sectoren 307,7 88,2% 7,4% 4,3% 100% 19 Publieke sector 560,5 92,3% 3,9% 3,8% 100% Totaal paritaire comités 2.266,1 85,9% 7,1% 6,9% 100% Bron: Departement WSE/Steunpunt WSE (o.b.v. DWH Arbeidsmarkt en Sociale Bescherming KSZ) In 2013 is 65% van de loontrekkende werknemers in de horecasector van Belgische herkomst, terwijl 35% een buitenlandse herkomst 14 heeft. Binnen deze laatste groep zijn er meer personen van niet-eu-herkomst dan van EU-herkomst. 21% van alle horecawerknemers heeft een niet-eu herkomst, terwijl 14% een EU-herkomst heeft. In vergelijking met gemiddeld (14%) hebben werknemers in de horecasector heel wat vaker een buitenlandse herkomst (35%). In alle sectoren samen zijn er iets meer personen met een EUherkomst dan personen met een niet-eu-herkomst. In de horecasector daarentegen hebben personen met een buitenlandse herkomst net vaker een niet-eu-herkomst. 10 Toestand 31/12/ Personen met een Belgische herkomst: Personen met een Belgische huidige nationaliteit en een Belgische eerste nationaliteit, en van wie ook de beide ouders een Belgische eerste nationaliteit hebben. Ook de personen met een Belgische nationaliteit waarvoor geen buitenlandse herkomst gekend is, maar waarvan de eerste nationaliteit van de ouders onbekend is of de link niet gelegd kan worden met de beide ouders, worden gerekend bij de personen met een Belgische herkomst. 12 EU: Behorend tot één van de 27 landen van de EU (excl. België). 13 Niet-EU: Alle overige landen. 14 Een persoon wordt beschouwd als persoon met buitenlandse herkomst als één van de volgende vier criteria een niet-belgische nationaliteit is: huidige nationaliteit van de persoon, de eerst gekende nationaliteit van de persoon bij het Rijksregister, de eerst gekende nationaliteit van de vader en de eerst gekende nationaliteit van de moeder Guidea Diversiteit

15 1 Tabel 3: Evolutie in absolute aantallen van de loontrekkende bevolking in de horecasector naar herkomst -2009/ BE EU EU EU niet-eu Europa niet-eu Turkije Maghreb Sub-Sahara Overig Azië Overige landen onbekend Totaal Bron: Departement WSE/Steunpunt WSE (o.b.v. DWH Arbeidsmarkt en Sociale Bescherming KSZ) In 2013 zijn er in de horecasector ruim personen met een Belgische herkomst minder in vergelijking met vier jaar eerder in 2009 (-10%). Daartegenover zien we meer werknemers met een buitenlandse herkomst, zowel met een EU- (+16%) als niet-eu-herkomst (+26%). Dit verschijnsel is niet enkel zichtbaar in de horecasector, maar een algemene trend in alle sectoren. Het aantal werknemers met een Belgische herkomst daalde gemiddeld met 2%, terwijl er zowel een stijging was bij de werknemers met een EU- (+17%) als niet-eu-herkomst (+27%). De tabel hieronder toont het absolute verschil tussen 2009 en 2013 in zowel de horecasector als alle sectoren samen. Tabel 4: Evolutie in absolute aantallen van de loontrekkende bevolking naar herkomst (X1.000) /2013- BE EU Niet-EU Horecasector (PC302) -4,34 +1,11 +2,55 Alle paritaire comités -42,69 +30,47 +36,18 Bron: Departement WSE/Steunpunt WSE (o.b.v. DWH Arbeidsmarkt en Sociale Bescherming KSZ) 1.2 Instroom allochtoon/autochtoon naar werk in de horecasector vanuit de werkloosheid Tabel 5: Gemiddelde maandelijkse instroom naar werk in de horecasector en alle sectoren in Vlaanderen vanuit de werkloosheid per nationaliteit Horecasector Alle sectoren n % n % Kwartaal 2014-I Allochtoon ,6% ,1% Geen allochtoon ,4% ,9% Kwartaal 2014-II Allochtoon ,9% ,8% 2015 Guidea Diversiteit

16 Horecasector Alle sectoren n % n % Geen allochtoon ,1% ,2% Kwartaal 2014-III Allochtoon ,3% ,5% Geen allochtoon ,6% ,5% Kwartaal 2014-IV Allochtoon ,7% ,0% Geen allochtoon ,3% ,0% Bron: Departement WSE Figuur 2: Percentage allochtonen in de gemiddelde maandelijkse instroom naar werk in de horecasector en alle sectoren vanuit werkloosheid -2007/ % 25% 20% 15% 10% 5% Horecasector Alle sectoren Trendlijn horeca 0% Bron: Departement WSE Bijna één op vier werkzoekenden die instromen naar werk in de horecasector is allochtoon. In vergelijking met het gemiddelde van alle sectoren ligt de instroom van allochtone werkzoekenden hoger in de horecasector. De laatste jaren is het percentage allochtonen stabiel gebleven. In een sector als de horeca is de kans zeer reëel dat dezelfde persoon in hetzelfde jaar meerdere perioden van werkloosheid en werk doormaakt. De instroomcijfers naar werk vanuit de werkloosheid interpreteren we daarom beter als aantal aanwervingen, in plaats van als aantal personen Guidea Diversiteit

17 2 Diversiteit naar geslacht In dit deel bekijken we de diversiteit naar geslacht in de horecasector a.d.h.v.: 1 2 De verdeling man/vrouw bij de horecawerknemers en de extra s, De effectieve gewone arbeidsduur op weekbasis, Het aantal vrouwen (mannen) dat instroomt naar werk vanuit de werkloosheid, Om de diversiteit naar geslacht in kaart te brengen, doen we beroep op cijfers van de RSZ, de enquête naar de arbeidskrachten (EAK) van de FOD Economie en cijfers van het departement WSE (o.b.v. cijfers VDAB). Meer informatie over de gebruikte bronnen vindt u achteraan in dit rapport, in het hoofdstuk toelichting van de bronnen. 2.1 Werknemers per geslacht Voor de verdeling naar geslacht doen we beroep op cijfers over het aantal unieke werknemers. De cijfers verschillen hierdoor van de cijfers op basis van het aantal arbeidsplaatsen eerder in dit rapport. Tabel 6: Aantal unieke werknemers in alle sectoren in Vlaanderen per geslacht Sectie Omschrijving n Mannen Vrouwen Totaal A Landbouw, bosbouw en visserij ,9% 34,1% 100% B Winning van delfstoffen ,2% 18,8% 100% C Industrie ,2% 23,8% 100% D Productie en distributie van elektriciteit, gas, stoom en gekoelde lucht ,4% 27,6% 100% E Distributie van water; afval- en afvalwaterbeheer en sanering ,6% 20,4% 100% F Bouwnijverheid ,3% 8,7% 100% G Groot- en detailhandel: reparatie van auto s en motorfietsen ,2% 47,8% 100% H Vervoer en opslag ,9% 23,1% 100% I Verschaffen van accommodatie en maaltijden ,4% 51,6% 100% J Informatie en communicatie ,7% 31,3% 100% K Financiële activiteiten en verzekeringen ,9% 54,1% 100% L Exploitatie van en handel in onroerend goed ,7% 57,3% 100% M Vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten ,4% 49,6% 100% N Administratieve en ondersteunende diensten ,6% 55,4% 100% O Openbaar bestuur en defensie; verplichte sociale verzekeringen ,3% 45,7% 100% P Onderwijs ,3% 70,7% 100% Q Menselijke gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening ,9% 81,1% 100% R Kunst, amusement en recreatie ,4% 42,6% 100% S Overige diensten ,8% 67,2% 100% T Huishoudens als werkgever van huishoudelijk personeel ,7% 76,3% 100% U Extraterritoriale organisaties en lichamen ,0% 56,0% 100% Totaal ,3% 47,7% 100% Bron: RSZ, volgens locatie van de hoofdverblijfplaats van de werknemer, situatie op 30/06/ Guidea Diversiteit

18 In 2014 is 48% van de horecawerknemers in Vlaanderen een man en 52% een vrouw. De horecasector is dus geen uitgesproken mannelijke of vrouwelijke sector. De horeca heeft een groter aandeel vrouwen in dienst dan alle sectoren samen. De verhouding man/vrouw in de horecasector groeit in Vlaanderen sinds 2008 wel naar elkaar toe. Figuur 3: Evolutie aandeel unieke werknemers in de horecasector per geslacht in Vlaanderen / % 56% 54% 52% 50% 48% 46% 44% 42% 40% Man 44,0% 44,7% 45,7% 46,5% 47,1% 48,1% 48,4% Vrouw 56,0% 55,3% 54,3% 53,5% 52,9% 51,9% 51,6% Bron: RSZ, volgens locatie van de hoofdverblijfplaats van de werknemer, situatie op 30/06/ Arbeidsplaatsen ingevuld door extra s 15 per geslacht Tabel 7: Arbeidsplaatsen ingevuld door extra s per geslacht Vlaanderen België Vlaanderen % België % Mannen % 48% Vrouwen % 52% Totaal % 100% Bron: RSZ, gecentraliseerde statistiek, situatie op 30/06 In de horecasector in Vlaanderen worden in 2014 meer arbeidsplaatsen ingevuld door vrouwen die als extra werken, dan door mannen die als extra werken (53% t.o.v. 47%). De verdeling voor België is gelijkaardig. 15 Volgens de RSZ omvat de specialen de interims, de extra s (gelegenheidswerknemers) en de seizoensarbeiders. Aangezien de uitzendkrachten aangegeven worden door de uitzendbureaus (die dan ook de bijdragen betalen) en zij niet moeten melden bij welke werkgever of in welke sector zij tewerkgesteld zijn is het niet te achterhalen of een uitzendkracht in de horeca werkt. Het is wel degelijk zo dat de uitzendkrachten onder de specialen vallen, maar ze zijn enkel terug te vinden onder de Nace-bel code (uitzendbureaus). De extra s kunnen apart worden weergegeven omdat deze door de werkgever met een aparte code moeten aangegeven worden in de dmfa-aangifte. Definitie van een gelegenheidswerknemer is dat ze niet langer dan 2 opeenvolgende dagen tewerkgesteld worden. De seizoensarbeiders in de horeca krijgen geen eigen code, en kunnen dus ook niet apart worden weergegeven. Er zijn wel codes voor seizoensarbeiders in andere sectoren, bv. in de fruitteelt, waar deze dus wél apart kunnen weergegeven worden. Conclusie is dus dat voor de horeca de specialen en de extra s (praktisch volledig) samenvallen. Toch zijn er iets meer specialen dan extra s. De RSZ verklaart dit als volgt: Het verschil in aantal kan o.a. te maken hebben met het feit dat de werkgever volgens zijn Nace-bel code (belangrijkste activiteit) onder de horeca valt, maar nog een nevenactiviteit heeft die niets met de horeca te maken heeft en waarvoor seizoensarbeiders nodig zijn. Deze werknemers worden dan onder een andere code aangegeven Guidea Diversiteit

19 2.3 Effectieve gewone arbeidsduur op weekbasis per geslacht Tabel 8: Aantal loontrekkenden per geslacht per effectieve gewone arbeidsduur op weekbasis (%) Vlaanderen België 1 2 Mannen Vrouwen Totaal Mannen Vrouwen Totaal <30 uren 33,0% 54,8% 45,0% 36,0% 58,5% 48,7% 30 uren of meer 67,0% 45,2% 55,0% 64,0% 41,5% 51,3% Totaal 100% 100% 100% 100% 100% 100% Bron: FOD Economie - Afdeling Statistiek, Enquête naar de arbeidskrachten 2014, NACE_2008=55 of 56, zonder weet niet. Bovenstaande tabel geeft de spreiding van de gewerkte uren op weekbasis weer. 45% van de werknemers werkt minder dan 30 uur in een week. Er is een verschil tussen mannen en vrouwen. Het aandeel mannen dat 30 uren of meer werkt per week ligt beduidend hoger: 67% mannen t.o.v. 45% vrouwen. De resultaten voor België liggen in dezelfde lijn, al werkt daar bijna de helft van de werknemers minder dan 30 uur (49%). 2.4 Instroom naar werk in de horecasector vanuit de werkloosheid per geslacht Tabel 9: Gemiddelde maandelijkse instroom naar werk in de horecasector en alle sectoren in Vlaanderen vanuit de werkloosheid per geslacht Horecasector Alle sectoren n % n % Kwartaal 2014-I Man ,5% ,4% Vrouw ,5% ,6% Kwartaal 2014-II Man ,1% ,9% Vrouw ,9% ,1% Kwartaal 2014-III Man ,9% ,9% Vrouw ,1% ,1% Kwartaal 2014-IV Man ,6% ,2% Vrouw ,4% ,8% Bron: Departement WSE De verhouding mannen/vrouwen die instromen naar werk in de horecasector vanuit de werkloosheid is over de vier kwartalen in 2014 ongeveer fifty-fifty. Op de grafiek hieronder is te zien dat tot 2010 het aandeel instromende vrouwen in de horecasector daalde waarna het aandeel stabiliseerde. Het percentage vrouwen dat instroomt naar werk vanuit de werkloosheid in de horecasector is groter dan het gemiddelde voor alle sectoren samen Guidea Diversiteit

20 Figuur 4: percentage mannen vrouwen in de gemiddelde maandelijkse instroom naar werk in de horecasector vanuit de werkloosheid 2007/ % 58% 56% 54% Mannen Vrouwen Trendlijn mannen Trendlijn vrouwen 52% 50% 48% 46% 44% 42% 40% Bron: Departement WSE Figuur 5: percentage vrouwen in de gemiddelde maandelijkse instroom naar werk in de horecasector en alle sectoren vanuit de werkloosheid -2007/ % 58% 56% 54% Horecasector Alle sectoren Trendlijn horeca Trendlijn alle sectoren 52% 50% 48% 46% 44% 42% 40% Bron: Departement WSE Guidea Diversiteit

21 3 Diversiteit naar leeftijd In dit deel bekijken we zowel de jongere (min 25-jarigen) als oudere (50-plussers) werknemers. 1 2 De Vlaamse Regering definieert oudere werknemers als volgt: Ouder wordende werknemers: werknemers als vermeld in artikel 2, 2, van het decreet van 8 mei 2002 houdende evenredige participatie op de arbeidsmarkt, die ouder zijn dan vijftig jaar.. Bron: Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot vaststelling van de criteria, de voorwaarden en de nadere regels voor het verlenen van subsidies ter ondersteuning en uitvoering van het beleid van evenredige arbeidsdeelname en diversiteit, laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 mei We bekijken in dit deel eveneens de min 25-jarigen van naderbij. Hoewel deze groep niet tot de vier prioritaire kansengroepen behoort, heeft deze groep het eveneens moeilijk op de arbeidsmarkt en hebben werkende jongeren, vooral dan in crisistijd, de grootste kans om hun werk te verliezen. 16 Specifiek bekijken we in welke mate jongere en oudere werknemers vertegenwoordigd zijn in de horeca a.d.h.v.: Het aantal werknemers per leeftijdscategorie en per geslacht, Het aantal min 25-jarigen dat instroomt naar werk in de horeca vanuit de werkloosheid. Het aantal 50-jarigen of ouder dat instroomt naar werk in de horeca vanuit de werkloosheid. Om de diversiteit naar leeftijd in de horeca in kaart te brengen, doen we beroep op cijfers van de RSZ, en het departement WSE. Op basis van cijfers van de RSZ en het Departement WSE, gebruiken we de leeftijdscategorie 50 jaar of ouder. Meer informatie over de gebruikte bronnen vindt u achteraan in dit rapport, in het hoofdstuk toelichting van de bronnen. 16 Bron: VDAB Kansengroepen in Kaart Jongeren op de Vlaamse arbeidsmarkt: Laaggeschoolde jongeren in nood Guidea Diversiteit

22 Tabel 10: Aandeel unieke werknemers in alle sectoren in Vlaanderen per leeftijdscategorie Sectie Omschrijving n < Totaal A Landbouw, bosbouw en visserij ,2% 50,8% 12,1% 23,9% 100% B Winning van delfstoffen 484 2,9% 46,7% 15,1% 35,3% 100% C Industrie ,9% 48,8% 17,2% 28,2% 100% D E Productie en distributie van elektriciteit, gas, stoom en gekoelde lucht Distributie van water; afval- en afvalwaterbeheer en sanering ,8% 57,4% 13,3% 26,5% 100% ,4% 52,2% 17,0% 26,4% 100% F Bouwnijverheid ,9% 52,4% 12,8% 22,9% 100% G Groot- en detailhandel: reparatie van auto s en motorfietsen ,1% 51,0% 14,6% 24,3% 100% H Vervoer en opslag ,7% 47,0% 14,0% 34,2% 100% I Verschaffen van accommodatie en maaltijden ,0% 48,8% 10,3% 20,8% 100% J Informatie en communicatie ,9% 63,5% 11,8% 18,8% 100% K Financiële activiteiten en verzekeringen ,9% 49,2% 14,9% 33,0% 100% L Exploitatie van en handel in onroerend goed ,4% 47,8% 13,7% 33,1% 100% M Vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten ,7% 62,8% 11,7% 18,8% 100% N Administratieve en ondersteunende diensten ,7% 53,4% 11,9% 19,9% 100% O Openbaar bestuur en defensie; verplichte sociale verzekeringen ,1% 43,8% 15,4% 36,7% 100% P Onderwijs ,8% 53,6% 12,7% 28,9% 100% Q Menselijke gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening ,1% 48,8% 14,2% 29,9% 100% R Kunst, amusement en recreatie ,1% 52,2% 10,3% 24,4% 100% S Overige diensten ,3% 47,8% 12,1% 28,8% 100% T Huishoudens als werkgever van huishoudelijk personeel ,3% 34,0% 13,8% 46,9% 100% U Extraterritoriale organisaties en lichamen 788 0,9% 44,7% 14,2% 40,2% 100% Totaal ,1% 51,0% 14,0% 26,9% 100% Bron: RSZ, volgens locatie van de hoofdverblijfplaats van de werknemer, situatie op 30/06/2014 De horecasector stelt procentueel de grootste groep van jongeren (min 25-jarigen) tewerk. 20% van alle werknemers in de horecasector is jonger dan 25 jaar. In alle sectoren samen is dit 8%. Op die manier stelt de horecasector 7,0% van alle jongeren (die aan de slag zijn) tewerk. In 2014 is goed één op vijf van de Vlaamse horecawerknemers 50 jaar of ouder. In vergelijking met het gemiddelde van alle sectoren werken er minder oudere werknemers in de horeca (21% is minstens 50 jaar t.o.v. 27% gemiddeld). Toch zijn er nog enkel sectoren waar er procentueel nog minder 50-plussers aan het werk zijn Guidea Diversiteit

23 1 Figuur 6: Evolutie aandeel unieke werknemers jonger dan 25 jaar in de horecasector en alle sectoren in Vlaanderen -2007/ % 2 25% 20% 15% 10% 5% 0% Horecasector 28,0% 27,5% 27,0% 26,0% 24,8% 22,1% 20,5% 20,0% Alle sectoren 10,3% 10,1% 9,4% 9,2% 9,2% 8,7% 8,3% 8,1% Bron: RSZ, volgens locatie van de hoofdverblijfplaats van de werknemer, situatie op 30/06 Het aandeel jonge werknemers ligt beduidend hoger in de horecasector dan in alle sectoren samen. We zien wel dat het aandeel min 25-jarigen in de horecasector de afgelopen jaren gevoelig gedaald is, van 28% in 2007 naar 20% in In alle sectoren samen is er ook een daling, maar beperkter. Figuur 7: Evolutie aandeel unieke werknemers van 50 jaar of ouder in de horecasector en alle sectoren in Vlaanderen -2007/ % 25% 20% 15% 10% 5% 0% Bron: RSZ, volgens locatie van de hoofdverblijfplaats van de werknemer, situatie op 30/06 In 2014 stijgt het aandeel loontrekkende werknemers van 50 jaar of ouder in de horecasector in Vlaanderen verder. In 2007 was dit percentage nog ongeveer 15%, maar in 2014 is de kaap van 21% reeds in zicht. De horecasector stijgt met 5,9 procentpunten in vergelijking met 6,4 procentpunten voor alle sectoren Horecasector 14,9% 16,0% 16,8% 17,0% 18,3% 19,5% 20,2% 20,8% Alle sectoren 20,5% 21,3% 22,5% 23,4% 24,2% 25,0% 26,0% 26,9% 2015 Guidea Diversiteit

24 Figuur 8: Evolutie aandeel unieke werknemers min 25-jarigen en 50-plussers in de horecasector in Vlaanderen 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% min 25-jarigen 28,0% 27,5% 27,0% 26,0% 24,8% 22,1% 20,5% 20,0% 50-plussers 14,9% 16,0% 16,8% 17,0% 18,3% 19,5% 20,2% 20,8% Bron: RSZ, volgens locatie van de hoofdverblijfplaats van de werknemer, situatie op 30/06 Op enkele jaren tijd is de kloof tussen het aandeel min 25-jarigen en het aandeel 50-plussers volledig weggewerkt. In 2014 waren er in de horecasector voor het eerst meer 50-plussers aan het werk dan min 25-jarigen. In de horecasector is het aandeel min 25-jarigen wel nog steeds het hoogst van alle sectoren Guidea Diversiteit

25 3.2 Werknemers per leeftijdscategorie per geslacht Mannen per leeftijdscategorie 1 2 Tabel 11: Aandeel loontrekkende mannen in alle sectoren in Vlaanderen per leeftijdscategorie Sectie Omschrijving n < Totaal A Landbouw, bosbouw en visserij ,5% 51,0% 11,6% 22,9% 100% B Winning van delfstoffen 393 3,1% 45,3% 14,8% 36,9% 100% C Industrie ,1% 47,9% 17,0% 29,0% 100% D E Productie en distributie van elektriciteit, gas, stoom en gekoelde lucht Distributie van water; afval- en afvalwaterbeheer en sanering ,0% 53,0% 14,0% 30,0% 100% ,6% 50,5% 17,0% 27,9% 100% F Bouwnijverheid ,5% 51,8% 12,6% 23,1% 100% G Groot- en detailhandel: reparatie van auto s en motorfietsen ,3% 51,5% 14,1% 25,1% 100% H Vervoer en opslag ,7% 44,3% 13,7% 37,3% 100% I Verschaffen van accommodatie en maaltijden ,8% 52,8% 9,1% 16,3% 100% J Informatie en communicatie ,1% 63,5% 11,1% 19,3% 100% K Financiële activiteiten en verzekeringen ,6% 45,0% 14,1% 38,4% 100% L Exploitatie van en handel in onroerend goed ,9% 45,1% 14,2% 35,8% 100% M Vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten ,7% 62,3% 11,2% 19,8% 100% N Administratieve en ondersteunende diensten ,2% 52,3% 10,6% 17,8% 100% O Openbaar bestuur en defensie; verplichte sociale verzekeringen ,0% 39,8% 16,4% 38,8% 100% P Onderwijs ,9% 49,2% 11,9% 35,0% 100% Q Menselijke gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening ,4% 46,4% 13,9% 33,3% 100% R Kunst, amusement en recreatie ,0% 51,9% 9,5% 23,5% 100% S Overige diensten ,2% 44,6% 12,2% 36,0% 100% T Huishoudens als werkgever van huishoudelijk personeel 485 5,4% 33,0% 10,7% 50,9% 100% U Extraterritoriale organisaties en lichamen 347 0,6% 44,1% 15,3% 40,1% 100% Totaal ,5% 49,7% 13,8% 28,0% 100% Bron: RSZ, volgens locatie van de hoofdverblijfplaats van de werknemer, situatie op 30/06/2014 Het aandeel jonge mannen in de horecasector in Vlaanderen loopt op tot 22% in 2014, ruim boven het gemiddelde. De horecasector heeft de hoogste score van alle sectoren. Het percentage 50-plussers onder mannelijke werknemers is daarentegen het laagste percentage van alle sectoren. Dit aandeel zit ruim onder het gemiddelde over alle sectoren heen (16% in de horecasector t.o.v. 28% in alle sectoren) Guidea Diversiteit

26 Tabel 12: Aandeel loontrekkende vrouwen in alle sectoren in Vlaanderen per leeftijdscategorie Sectie Omschrijving n < Totaal A Landbouw, bosbouw en visserij ,7% 50,3% 13,2% 25,8% 100% B Winning van delfstoffen 91 2,2% 52,7% 16,5% 28,6% 100% C Industrie ,1% 51,4% 17,8% 25,7% 100% D E Productie en distributie van elektriciteit, gas, stoom en gekoelde lucht Distributie van water; afval- en afvalwaterbeheer en sanering ,3% 68,8% 11,3% 17,6% 100% ,5% 58,6% 17,3% 20,6% 100% F Bouwnijverheid ,3% 59,1% 15,2% 20,4% 100% G Groot- en detailhandel: reparatie van auto s en motorfietsen ,0% 50,5% 15,1% 23,4% 100% H Vervoer en opslag ,8% 56,1% 15,0% 24,0% 100% I Verschaffen van accommodatie en maaltijden ,4% 45,2% 11,5% 25,0% 100% J Informatie en communicatie ,4% 63,4% 13,4% 17,8% 100% K Financiële activiteiten en verzekeringen ,2% 52,8% 15,7% 28,4% 100% L Exploitatie van en handel in onroerend goed ,8% 49,8% 13,4% 31,1% 100% M Vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten ,7% 63,3% 12,2% 17,8% 100% N Administratieve en ondersteunende diensten ,0% 54,3% 13,0% 21,6% 100% O Openbaar bestuur en defensie; verplichte sociale verzekeringen ,1% 48,5% 14,2% 34,2% 100% P Onderwijs ,2% 55,4% 13,0% 26,4% 100% Q Menselijke gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening ,2% 49,3% 14,3% 29,1% 100% R Kunst, amusement en recreatie ,6% 52,5% 11,4% 25,6% 100% S Overige diensten ,3% 49,4% 12,1% 25,2% 100% T Huishoudens als werkgever van huishoudelijk personeel ,3% 34,3% 14,8% 45,7% 100% U Extraterritoriale organisaties en lichamen 441 1,1% 45,1% 13,4% 40,4% 100% Totaal ,7% 52,5% 14,2% 25,7% 100% Bron: RSZ, volgens locatie van de hoofdverblijfplaats van de werknemer, situatie op 30/06/2014 Het aandeel min 25-jarigen bij vrouwelijke horecawerknemers is 18%, ruim drie procentpunten minder dan bij hun mannelijke collega s. De horecasector blijft niettemin ook bij vrouwelijke werknemers de sector met het grootste percentage jongeren. Het aandeel 50-jarigen of ouder bij de vrouwelijke werknemers in de horecasector is hoger dan bij mannen en komt min of meer overeen met het gemiddelde voor alle sectoren samen (25% in de horecasector en 26% in alle sectoren) Guidea Diversiteit

27 3.3 Instroom naar werk in de horecasector vanuit de werkloosheid per leeftijd Tabel 13: Gemiddelde maandelijkse instroom naar werk in de horecasector en alle sectoren in Vlaanderen vanuit de werkloosheid per leeftijd Horecasector Alle sectoren n % n % Kwartaal 2014-I <25 jaar ,3% ,9% jaar ,3% ,0% 50 jaar of ouder 88 9,4% ,1% Kwartaal 2014-II <25 jaar ,9% ,4% jaar ,5% ,2% 50 jaar of ouder 95 9,5% ,5% Kwartaal 2014-III <25 jaar ,7% ,7% jaar ,1% ,3% 50 jaar of ouder 78 9,2% ,0% Kwartaal 2014-IV <25 jaar ,3% ,8% jaar ,4% ,4% 50 jaar of ouder 75 8,3% ,7% Bron: Departement WSE 1 2 Figuur 9: percentage min 25-jarigen in de gemiddelde maandelijkse instroom naar werk in de horecasector en alle sectoren vanuit de werkloosheid -2007/ % 48% 46% Horecasector Alle sectoren Trendlijn horeca Trendlijn alle sectoren 44% 42% 40% 38% 36% 34% 32% 30% Bron: Departement WSE 2015 Guidea Diversiteit

28 Het aandeel van de min 25-jarigen schommelt tussen de 30% en 50%. Sinds 2009 ligt het aandeel jongeren (<25 jaar) hoger in de horecasector dan in alle sectoren. Over de verschillende jaren heen zien we dat er telkens een piek is in kwartaal 3 en 4. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat veel jongeren (schoolverlaters) dan op de arbeidsmarkt komen. Figuur 10: percentage 50-plussers in de gemiddelde maandelijkse instroom naar werk in de horecasector en alle sectoren vanuit de werkloosheid -2007/ % Horeca Alle sectoren 12% Trendlijn horeca 10% 8% 6% 4% Bron: Departement WSE Het aandeel van de 50-plussers in de horecasector bedraagt ongeveer 9%. De trendlijn ligt iets hoger dan gemiddeld, zoals te zien op de grafiek. Het aandeel 50-plussers over de laatste jaren is licht stijgend. Het aandeel in kwartalen 1 en 2 ligt doorgaans iets hoger dan in kwartalen 3 en 4. Er valt in deze laatste kwartalen dan ook een piek van de min 25-jarigen te noteren Guidea Diversiteit

29 1 4 Diversiteit naar opleidingsniveau De Vlaamse Regering definieert kortgeschoolden als Personen die aan een van de volgende voorwaarden voldoen: 2 a) ze zijn houder van ten hoogste een diploma van het lager secundair onderwijs, b) ze zijn enkel houder van een getuigschrift van een middenstandsopleiding, c) ze zijn houder van een niet-erkend buitenlands diploma. Bron: Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot vaststelling van de criteria, de voorwaarden en de nadere regels voor het verlenen van subsidies ter ondersteuning en uitvoering van het beleid van evenredige arbeidsdeelname en diversiteit, laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 mei In dit deel bekijken we de diversiteit naar opleidingsniveau in de horecasector a.d.h.v.: Het aantal werknemers per opleidingsniveau, Het aantal laaggeschoolden dat instroomt naar werk in de horeca vanuit de werkloosheid, Om de diversiteit naar opleidingsniveau in de horeca in kaart te brengen, doen we beroep op cijfers van de enquête naar de arbeidskrachten (EAK) van de FOD Economie, cijfers van het departement WSE en cijfers van de VDAB. Naargelang de bron wordt het begrip laaggeschoold anders gedefinieerd. Op basis van de EAK bevat de groep laaggeschoolden, werknemers met volgend opleidingsniveau: geen diploma, lager onderwijs, lager algemeen secundair onderwijs (1 ste of 2 de graad), lager technisch, kunst- of beroeps secundair onderwijs (1 ste of 2 de graad). De categorie laaggeschoolde werknemers van de EAK komt overeen met de eerste voorwaarde van de definitie van de Vlaamse Regering. Volgens het Departement WSE heeft een laaggeschoolde maximaal een diploma van de tweede graad van het secundair onderwijs behaald. Meer informatie over de gebruikte bronnen vindt u achteraan in dit rapport, in het hoofdstuk toelichting van de bronnen Guidea Diversiteit

30 4.1 Werknemers per opleidingsniveau Tabel 14: Aandeel loontrekkende werknemers in alle sectoren in Vlaanderen (werkplaats) per opleidingsniveau Midden Hoog Sectie Omschrijving n Laag Totaal A Landbouw, bosbouw en visserij ,0% 44,7% 24,3% 100% B Winning van delfstoffen 600 0,0% 15,7% 84,2% 100% C Industrie ,4% 49,1% 28,5% 100% D Productie en distributie van elektriciteit, gas, stoom en gekoelde lucht ,4% 40,1% 48,4% 100% E Distributie van water; afval- en afvalwaterbeheer en sanering ,1% 38,3% 27,6% 100% F Bouwnijverheid ,9% 56,4% 17,7% 100% G Groot- en detailhandel: reparatie van auto s en motorfietsen ,7% 55,2% 26,1% 100% H Vervoer en opslag ,9% 50,8% 18,3% 100% I Verschaffen van accommodatie en maaltijden ,2% 59,2% 14,6% 100% J Informatie en communicatie ,8% 24,6% 71,5% 100% K Financiële activiteiten en verzekeringen ,5% 24,4% 73,1% 100% L Exploitatie van en handel in onroerend goed ,5% 50,8% 31,7% 100% M Vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten ,0% 22,4% 73,5% 100% N Administratieve en ondersteunende diensten ,5% 43,6% 24,9% 100% O Openbaar bestuur en defensie; verplichte sociale verzekeringen ,3% 48,8% 36,9% 100% P Onderwijs ,1% 11,2% 84,7% 100% Q Menselijke gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening ,6% 40,3% 44,0% 100% R Kunst, amusement en recreatie ,7% 44,7% 38,6% 100% S Overige diensten ,2% 54,4% 27,3% 100% T Huishoudens als werkgever van huishoudelijk personeel ,2% 40,1% 4,7% 100% U Extraterritoriale organisaties en lichamen 342 0,0% 62,6% 37,4% 100% Totaa l ,2% 42,8% 39,0% 100% Bron: FOD Economie - Afdeling Statistiek, Enquête naar de arbeidskrachten 2014, NACE_2008=55 of 56, volgens werkplaats De FOD Economie raadt aan de grijze percentages voorzichtig te interpreteren. De absolute aantallen liggen hier lager dan % van de Vlaamse horecawerknemers is laaggeschoold, 59% is middelmatig geschoold en 15% hooggeschoold. Het aandeel laaggeschoolde horecawerknemers is hoger dan het gemiddelde van alle sectoren samen (26% t.o.v. 18% gemiddeld). De horecasector behoort tot één van de sectoren met een groot aantal laag- én middengeschoolden. Het percentage hooggeschoolde horecawerknemers is bijgevolg veel lager dan gemiddeld (15% t.o.v. 39% gemiddeld). 17 Hoger algemeen secundair onderwijs (3de graad), hoger technisch secundair onderwijs (3de graad), Hoger kunstsecundair onderwijs (3de graad), hoger beroepssecundair onderwijs (3de graad, o.a. middenstandsopleiding, Syntra) en postsecundair niet-hoger onderwijs. 18 Hoger niet-universitair onderwijs van het korte type, 1 cyclus of professionele bachelor, academische bachelor (hogeschool), academische bachelor (universiteit), voortgezet onderwijs en aanvullende opleiding na graduaat of na bachelor (specialisatie, bachelor na bachelor), master (hogeschool), hoger niet-universitair onderwijs van het lange type, 2 cycli, master (universiteit), universitair onderwijs: licentiaat, ingenieur, dokter in de geneeskunde, voortgezette en aanvullende opleiding na licentiaat, ingenieur of master (specialisatie, master na master) en doctoraat met proefschrift Guidea Diversiteit

Diversiteitsrapport horecasector. Vlaanderen 2014

Diversiteitsrapport horecasector. Vlaanderen 2014 Diversiteitsrapport horecasector Vlaanderen 2014 Cijfers 2013 2014 Guidea - Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw Deze informatie werd met de grootste zorg samengesteld. Guidea, het Kenniscentrum voor

Nadere informatie

Diversiteit in de horecasector 2011

Diversiteit in de horecasector 2011 Diversiteit in de horecasector 2011 2011 Guidea - Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw Deze informatie werd met de grootste zorg samengesteld. Guidea, het Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw

Nadere informatie

Sectoranalyse Horeca 2014

Sectoranalyse Horeca 2014 HIER FOTO INVOEGEN BREEDTE 210mm x HOOGTE 99mm Sectoranalyse Horeca 2014 Ondernemingen Faillissementen Oprichtingen en schrappingen Omzet en investeringen 2014 Guidea - Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca

Nadere informatie

Sectoranalyse Horeca 2012

Sectoranalyse Horeca 2012 HIER FOTO INVOEGEN BREEDTE 210mm x HOOGTE 99mm Sectoranalyse Horeca 2012 Arbeidsmarkt en tewerkstelling 2012 Guidea - Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw Deze informatie werd met de grootste zorg

Nadere informatie

ALGEMEEN OMZET FEBRUARI 2016 16/02/2016. Boordtabellen Horeca. Synthese:

ALGEMEEN OMZET FEBRUARI 2016 16/02/2016. Boordtabellen Horeca. Synthese: FEBRUARI 2016 16/02/2016 Boordtabellen Horeca Synthese: De omzetgroei in de horeca zet door en is het sterkst in restaurants en logies. De horeca inflatie blijft op een hoog niveau. Het aantal arbeidsplaatsen

Nadere informatie

De dienstenchequewerknemers sinds 2004

De dienstenchequewerknemers sinds 2004 De dienstenchequewerknemers sinds 2004 25 oktober 2012 Virginie Vaes Attaché FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal overleg 1 Inhoud Loopbaan van de werknemers In-en uitstroom van werknemers uit het stelsel,

Nadere informatie

Omgevingsanalyse. bij de opmaak van het meerjarenplan 2014-2019. 4. Economie en arbeidsmarkt

Omgevingsanalyse. bij de opmaak van het meerjarenplan 2014-2019. 4. Economie en arbeidsmarkt Omgevingsanalyse bij de opmaak van het meerjarenplan 2014-2019 4. Economie en arbeidsmarkt De gegevens werden bijgewerkt tot 30 september 2012. Voor een groot deel van de cijferreeksen zijn actuele updates

Nadere informatie

Resultaten van de socioeconomische. Valérie Gilbert Virginie Vaes FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg

Resultaten van de socioeconomische. Valérie Gilbert Virginie Vaes FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg Resultaten van de socioeconomische monitoring Valérie Gilbert Virginie Vaes FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg ORIGINE EN MIGRATIEACHTERGROND CONCEPTEN 2 Origine Identificatie van personen

Nadere informatie

Sectoranalyse Horeca 2013

Sectoranalyse Horeca 2013 HIER FOTO INVOEGEN BREEDTE 210mm x HOOGTE 99mm Sectoranalyse Horeca 2013 Arbeidsmarkt en tewerkstelling 2013 Guidea - Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw Deze informatie werd met de grootste zorg

Nadere informatie

Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013)

Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013) 1 Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013) Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013) 1. Arbeidsmarktstatus van de bevolking van 15 jaar en ouder in 1983 en 2013 De Belgische bevolking van

Nadere informatie

Diversiteitsplannen. Volgende tabel geeft een beknopt overzicht van de soorten loopbaan- en plannen (LDP s). SUBSIDIE LOOPTIJD VOOR WIE

Diversiteitsplannen. Volgende tabel geeft een beknopt overzicht van de soorten loopbaan- en plannen (LDP s). SUBSIDIE LOOPTIJD VOOR WIE Diversiteitsplannen Maatregel Met een Loopbaan- en diversiteitsplan worden ondernemingen, organisaties en lokale besturen ondersteund om werk te maken van een loopbaan-en diversiteitsbeleid. Bijzondere

Nadere informatie

HIER FOTO INVOEGEN BREEDTE 210mm x HOOGTE 99mm. Desk Research 2011. Arbeidsmarkt, sectorfoto horeca

HIER FOTO INVOEGEN BREEDTE 210mm x HOOGTE 99mm. Desk Research 2011. Arbeidsmarkt, sectorfoto horeca HIER FOTO INVOEGEN BREEDTE 210mm x HOOGTE 99mm Desk Research 2011 Arbeidsmarkt, sectorfoto horeca 2011 Guidea - Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw Deze informatie werd met de grootste zorg samengesteld.

Nadere informatie

TRAINING & OPLEIDING Opleidingen in de lift: + 25% in 2001

TRAINING & OPLEIDING Opleidingen in de lift: + 25% in 2001 TRAINING & OPLEIDING Opleidingen in de lift: + 25% in 2001 Training en opleiding (T&O) van werkzoekenden en werknemers is één van de kerntaken van de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding

Nadere informatie

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Feiten en cijfers Hebben laaggeschoolden een hoger risico om in armoede te belanden? Ja. Laagopgeleiden hebben het vaak

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 Werkgelegenheid stabiel, werkloosheid opnieuw in stijgende lijn Arbeidsmarktcijfers derde kwartaal 2013 Na het licht herstel van de arbeidsmarkt in het tweede kwartaal

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 23 oktober 2013

PERSBERICHT Brussel, 23 oktober 2013 PERSBERICHT Brussel, 23 oktober 2013 Bijna 38 % van de werkende bevolking combineert een job met kinderen jonger dan 15 jaar Resultaten van een speciale module over de combinatie werk en gezin Van alle

Nadere informatie

I B O. Een werknemer op maat gemaakt. 1. IBO = training-on-the-job. IBO = 'werkplekleren' IBO = 'een werknemer op maat'

I B O. Een werknemer op maat gemaakt. 1. IBO = training-on-the-job. IBO = 'werkplekleren' IBO = 'een werknemer op maat' I B O Een werknemer op maat gemaakt Eén van de kernopdrachten van de VDAB bestaat uit het verstrekken van opleiding. Het tekort aan specifiek geschoold personeel en de versnelde veranderingen in de werkomgeving

Nadere informatie

DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE. Kerncijfers Vergrijzing en Werkzaamheid Versie 20 juni 2013

DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE. Kerncijfers Vergrijzing en Werkzaamheid Versie 20 juni 2013 DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE Kerncijfers Vergrijzing en Werkzaamheid Versie 20 juni 2013 1 De arbeidsmarkt wordt krapper: alle talent is nodig Evolutie van de vervangingsgraad (verhouding 15-24-jarigen

Nadere informatie

Diversiteitsplannen. Maatregel. Impact van de maatregel

Diversiteitsplannen. Maatregel. Impact van de maatregel Diversiteitsplannen Maatregel Met de subsidiëring en ondersteuning van diversiteitsplannen moedigt de Vlaamse Overheid, ondernemingen en organisaties aan om werk te maken van een divers personeelsbeleid.

Nadere informatie

ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT donderdag 6 november 2008. Loon naar werken

ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT donderdag 6 november 2008. Loon naar werken ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT donderdag 6 november 2008 Loon naar werken In welke sectoren betaalt men de hoogste lonen uit? Welke impact heeft het opleidingsniveau

Nadere informatie

De loonkloof tussen vrouwen en mannen in België. Samenvatting rapport 2011

De loonkloof tussen vrouwen en mannen in België. Samenvatting rapport 2011 De loonkloof tussen vrouwen en mannen in België Samenvatting rapport 2011 Hoe groot is de loonkloof? Daalt de loonkloof? De totale loonkloof Deeltijds werk Segregatie op de arbeidsmarkt Leeftijd Opleidingsniveau

Nadere informatie

Instituut voor de nationale rekeningen

Instituut voor de nationale rekeningen Instituut voor de nationale rekeningen 2015-02-17 Links: Publicatie BelgoStat Online Algemene informatie Broos herstel in 2013 na krimp in 2012 in Brussel en Wallonië; verdere groeivertraging in 2013 in

Nadere informatie

De arbeidsmarkt klimt uit het dal

De arbeidsmarkt klimt uit het dal Trends en ontwikkelingen arbeidsmarkt en onderwijs De arbeidsmarkt klimt uit het dal Het gaat weer beter met de arbeidsmarkt in, ofschoon de werkgelegenheid wederom flink daalde. De werkloosheid ligt nog

Nadere informatie

I. Wie is de uitzendkracht?

I. Wie is de uitzendkracht? I. Wie is de uitzendkracht? 01. De uitzendmarkt in cijfers (2013) 534.460 uitzendkrachten 162,49 miljoen gepresteerde uren 4.044,7 miljoen euro omzet Elke dag worden gemiddeld 82.819 uitzendkrachten tewerkgesteld

Nadere informatie

De FOD Economie informeert u! De innovatiepremie. Een creatieve werknemer belonen? Ja! Dankzij de fiscale vrijstelling van de innovatiepremies

De FOD Economie informeert u! De innovatiepremie. Een creatieve werknemer belonen? Ja! Dankzij de fiscale vrijstelling van de innovatiepremies De FOD Economie informeert u! De innovatiepremie Een creatieve werknemer belonen? Ja! Dankzij de fiscale vrijstelling van de innovatiepremies De innovatiepremie Een creatieve werknemer belonen? Ja! Dankzij

Nadere informatie

SECTORFOTO Verhuissector 2008 DEpaRTEmEnT WERk En SOCialE ECOnOmiE

SECTORFOTO Verhuissector 2008 DEpaRTEmEnT WERk En SOCialE ECOnOmiE SECTORFOTO Verhuissector 2008 Departement Werk en Sociale Economie Colofon Samenstelling: Vlaamse overheid Beleidsdomein Werk en Sociale Economie Departement Werk en Sociale Economie Koning Albert II-laan

Nadere informatie

Vier werknemers op tien krijgen opleiding en vorming

Vier werknemers op tien krijgen opleiding en vorming ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 13 september 2007 Vier werknemers op tien krijgen opleiding en vorming Vormingsinspanningen van Belgische ondernemingen in 2005 62,5%

Nadere informatie

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin ruime zin in België, Duitsland, Frankrijk en Nederland in 2014 Directie Statistieken, Begroting en Studies stat@rva.be Inhoudstafel: 1

Nadere informatie

De vrouwen hebben dan ook een grotere kans op werkloosheid (0,39) dan de mannen uit de onderzoekspopulatie (0,29).

De vrouwen hebben dan ook een grotere kans op werkloosheid (0,39) dan de mannen uit de onderzoekspopulatie (0,29). In het kader van het onderzoek kreeg de RVA de vraag om op basis van de door het VFSIPH opgestelde lijst van Rijksregisternummers na te gaan welke personen op 30 juni 1997 als werkloze ingeschreven waren.

Nadere informatie

Arbeidsmarkt vijftigplussers

Arbeidsmarkt vijftigplussers Streekpact 2013-2018 Cijferanalyse Publicatiedatum: 30 september 2013 Contactpersoon: Kim Nevelsteen Arbeidsmarkt vijftigplussers Samenvatting 2012) 50.216 werkende 50+ ers (2011) aantal werkende vijftigplussers

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in december 2014

De arbeidsmarkt in december 2014 De arbeidsmarkt in december 2014 Datum: 14 januari 2015 Van: Stad Antwerpen Ondernemen & stadsmarketing Werk en Economie Betreft: Arbeidsmarktfiche december 2014 In deze arbeidsmarktfiche zien we 1. dat

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in juli 2014

De arbeidsmarkt in juli 2014 De arbeidsmarkt in juli 2014 Datum: 13 augustus 2014 Van: Stad Antwerpen Ondernemen & stadsmarketing Werk en Economie Betreft: Arbeidsmarktfiche juli 2014 In deze arbeidsmarktfiche zien we 1. dat Antwerpen

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 25 juni 2013

PERSBERICHT Brussel, 25 juni 2013 PERSBERICHT Brussel, 25 juni 2013 Meer 55-plussers aan het werk Arbeidsmarktcijfers eerste kwartaal 2013 66,7% van de 20- tot 64-jarigen is aan het werk. Dat percentage daalt licht in vergelijking met

Nadere informatie

Opleidings- en begeleidingscheques

Opleidings- en begeleidingscheques Opleidings- en begeleidingscheques De Maatregel Om werknemers ertoe aan te zetten een leven lang te leren, draagt de Vlaamse overheid financieel een steentje bij. Sinds september 2003 1 kunnen werknemers

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in april 2015

De arbeidsmarkt in april 2015 De arbeidsmarkt in april 2015 Datum: 12 mei 2015 Van: Stad Antwerpen Ondernemen & stadsmarketing Business en innovatie Betreft: Arbeidsmarktfiche april 2015 In deze arbeidsmarktfiche zien we 1. dat Antwerpen

Nadere informatie

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010 FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in november 2015

De arbeidsmarkt in november 2015 De arbeidsmarkt in november 2015 Datum: 7 december 2015 Van: Stad Antwerpen Ondernemen en Stadsmarketing Business en innovatie Betreft: Arbeidsmarktfiche november 2015 In deze arbeidsmarktfiche zien we

Nadere informatie

Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013

Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013 Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013 Verschillende factoren bepalen het aantal arbeidsongevallen. Sommige van die factoren zijn meetbaar. Denken we daarbij

Nadere informatie

De arbeidsmarkt: crisistijd en trends

De arbeidsmarkt: crisistijd en trends De arbeidsmarkt: crisistijd en trends 06 Werkzame beroepsbevolking krimpt tijdens crisis Arbeidsmarkt reageert vertraagd op conjunctuur Krimp vooral onder mannen en jongeren Daling flexwerkers snel voorbij

Nadere informatie

SECTORFOTO 2012 ELEKTRICIENS

SECTORFOTO 2012 ELEKTRICIENS SECTORFOTO 2012 ELEKTRICIENS Synthese De sector van de elektriciens telde in het tweede kwartaal van 2010 15.171 loontrekkenden in Vlaanderen. Over alle sectoren heen waren op dat moment 2.083.512 loontrekkenden

Nadere informatie

Profiel en tevredenheid van uitzendkrachten. In samenwerking met

Profiel en tevredenheid van uitzendkrachten. In samenwerking met Profiel en tevredenheid van uitzendkrachten. 2012 In samenwerking met 1 547.259 uitzendkrachten 547.259 motieven 2 Inhoudstafel 1. Uitzendarbeid vandaag 2. Doel van het onderzoek 3. De enquête 4. De verschillende

Nadere informatie

Langdurige werkloosheid in Vlaanderen

Langdurige werkloosheid in Vlaanderen Langdurige werkloosheid in Vlaanderen In 2015 daalde de kortdurige werkloosheid, maar steeg de langdurige werkloosheid sterk. Hierdoor bleef de totale werkloosheid een heel jaar min of meer status quo.

Nadere informatie

Jaarverslag Herplaatsingsfonds. 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding

Jaarverslag Herplaatsingsfonds. 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding Jaarverslag Herplaatsingsfonds 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding Het Herplaatsingsfonds financiert de outplacementbegeleiding van alle ontslagen werknemers tewerkgesteld in bedrijven in het Vlaamse

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in februari 2015

De arbeidsmarkt in februari 2015 De arbeidsmarkt in februari 2015 Datum: 24 maart 2015 Van: Stad Antwerpen Ondernemen & stadsmarketing Business en innovatie Betreft: Arbeidsmarktfiche februari 2015 In deze arbeidsmarktfiche zien we 1.

Nadere informatie

Korte schets van de problematiek

Korte schets van de problematiek Korte schets van de problematiek 1 Hoofdstuk Titel Enkele cijfers WERKZAAMHEIDSGRAAD NAAR LEEFTIJD EN PER OPLEIDINGSNIVEAU (2007-2012) Bron: VDAB (Bewerking Departement WSE/Steunpunt WSE) 2 Hoofdstuk Titel

Nadere informatie

Sectoranalyse Horeca 2014

Sectoranalyse Horeca 2014 HIER FOTO INVOEGEN BREEDTE 210mm x HOOGTE 99mm Sectoranalyse Horeca 2014 Arbeidsmarkt en tewerkstelling 2014 Guidea - Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw Deze informatie werd met de grootste zorg

Nadere informatie

Een diploma geeft je vleugels!

Een diploma geeft je vleugels! Onderwijs Een diploma geeft je vleugels! VDAB (2004). Werkzoekende schoolverlaters in Vlaanderen. 19de longitudinale studie 2002-2003. Brussel. In deze jaarlijkse studie van de VDAB staat de arbeidsmarktsituatie

Nadere informatie

Onderwijs en vorming. 1 73.609 leerlingen. Streekpact 2013-2018 Cijferanalyse

Onderwijs en vorming. 1 73.609 leerlingen. Streekpact 2013-2018 Cijferanalyse Streekpact 2013-2018 Cijferanalyse Publicatiedatum: 30 september 2013 Contactpersoon: Kim Nevelsteen Onderwijs en vorming Samenvatting 73.609 leerlingen (2012) 16.981 kleuters 26.537 kinderen in het lager

Nadere informatie

Instituut voor de nationale rekeningen

Instituut voor de nationale rekeningen Instituut voor de nationale rekeningen 2014-01-31 Links: Publicatie BelgoStat Online Algemene informatie 2011-2012: Economische terugval in 2012 verschilt per gewest Het Instituut voor de nationale rekeningen

Nadere informatie

RESULTATEN VAN 2 JAAR VOP GEKOPPELD AAN DE WERKLOOSHEIDSCIJFERS VAN PERSONEN MET EEN ARBEIDSHANDICAP

RESULTATEN VAN 2 JAAR VOP GEKOPPELD AAN DE WERKLOOSHEIDSCIJFERS VAN PERSONEN MET EEN ARBEIDSHANDICAP RESULTATEN VAN 2 JAAR VOP GEKOPPELD AAN DE WERKLOOSHEIDSCIJFERS VAN PERSONEN MET EEN ARBEIDSHANDICAP BRONNEN Cijfers VDAB-studiedienst juli 2010: Kansengroepen in Kaart, arbeidsgehandicapten op de Vlaamse

Nadere informatie

SECTORFOTO 2012 AUDIOVISUELE SECTOR

SECTORFOTO 2012 AUDIOVISUELE SECTOR SECTORFOTO 2012 AUDIOVISUELE SECTOR Synthese De audiovisuele sector telde in het tweede kwartaal van 2010 in Vlaanderen 2.538 loontrekkenden. Over alle sectoren heen waren op dat moment 2.083.512 loontrekkenden

Nadere informatie

Fiche 3: tewerkstelling

Fiche 3: tewerkstelling ECONOMISCHE POSITIONERING VAN DE FARMACEUTISCHE INDUSTRIE Fiche 3: tewerkstelling In de sector werken meer dan 29.400 personen; het volume van de tewerkstelling stijgt met een constant ritme van 3,7 %,

Nadere informatie

Enkele cijfers Vaststellingen en antwoorden. Focus op. Jobkanaal Diversiteitsplannen Jobcoaching IBO Financiële tewerkstellingsmaatregelen

Enkele cijfers Vaststellingen en antwoorden. Focus op. Jobkanaal Diversiteitsplannen Jobcoaching IBO Financiële tewerkstellingsmaatregelen Kunnen kansengroepen de krapte doen vergeten? Steve Vanhorebeek. Enkele cijfers Vaststellingen en antwoorden Jobkanaal Diversiteitsplannen Jobcoaching IBO Financiële tewerkstellingsmaatregelen Focus op

Nadere informatie

Bios2 Thema in de kijker Personeel in de bibliotheek

Bios2 Thema in de kijker Personeel in de bibliotheek Bios2 Thema in de kijker Personeel in de bibliotheek Bios2 thema reeks Oktober 2014 Het agentschap Sociaal-Cultureel Werk voor Jeugd en Volwassenen verzamelt via de rapporteringstool Bios2 al geruime tijd

Nadere informatie

W O O R D V O O R A F

W O O R D V O O R A F W O O R D V O O R A F De kleine en middelgrote ondernemingen hebben ruim de overhand in het Brusselse landschap. 95% van de circa 30.000 privébedrijven met bezoldigd personeel in het Brussels Gewest heeft

Nadere informatie

Arbeidsmarkt allochtonen

Arbeidsmarkt allochtonen Streekpact 2013-2018 Cijferanalyse Publicatiedatum: 30 september 2013 Contactpersoon: Kim Nevelsteen Arbeidsmarkt allochtonen Samenvatting 1.176 werkzoekende allochtone Kempenaren (2012) vaak man meestal

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 23 december 2014

PERSBERICHT Brussel, 23 december 2014 PERSBERICHT Brussel, 23 december 2014 De Belgische lonen in kaart gebracht Hoeveel verdient de gemiddelde Belg? Welke beroepen betalen goed en in welke sectoren liggen de lonen relatief laag? Wat is de

Nadere informatie

Evolutie van de Brusselse arbeidsmarkt Maandverslag Januari 2015

Evolutie van de Brusselse arbeidsmarkt Maandverslag Januari 2015 Evolutie van de Brusselse arbeidsmarkt Maandverslag Januari 2015 INHOUDSOPGAVE Inhoudsopgave en kerncijfers... 1 Geharmoniseerde cijfers op Europees niveau... 2 Door de RVA vergoede werklozen... 3 Overzicht

Nadere informatie

FONDS VOOR ARBEIDSONGEVALLEN 11/12/2007

FONDS VOOR ARBEIDSONGEVALLEN 11/12/2007 FONDS VOOR ARBEIDSONGEVALLEN 11/12/2007 Statistisch verslag van de arbeidsongevallen in 2006 1 Inleiding De arbeidsongevallenaangifte vormt de basis voor de verzameling van de gegevens met betrekking tot

Nadere informatie

SECTORFOTO 2012 GROENE SECTOREN

SECTORFOTO 2012 GROENE SECTOREN SECTORFOTO 2012 GROENE SECTOREN Synthese De groene sectoren telden in het tweede kwartaal van 2010 10.957 loontrekkenden in Vlaanderen. Over alle sectoren heen waren op dat moment 2.083.512 loontrekkenden

Nadere informatie

METHODOLOGISCH RAPPORT SECTOREN

METHODOLOGISCH RAPPORT SECTOREN METHODOLOGISCH RAPPORT SECTOREN 1. Bronnen en populaties 1.1. Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) gecentraliseerde statistiek De statistieken van de RSZ worden uitgewerkt op basis van de gegevens

Nadere informatie

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid»

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» SCSZ/11/043 ADVIES NR 10/23 VAN 5 OKTOBER 2010, GEWIJZIGD OP 5 APRIL 2011, BETREFFENDE HET MEEDELEN VAN ANONIEME

Nadere informatie

De evoluties op de arbeidsmarkt en het - beleid en hun impact op de social profit. Trefdag voor arbeidsbemiddelaars, 8/10/2015 Dirk Malfait

De evoluties op de arbeidsmarkt en het - beleid en hun impact op de social profit. Trefdag voor arbeidsbemiddelaars, 8/10/2015 Dirk Malfait De evoluties op de arbeidsmarkt en het - beleid en hun impact op de social profit Trefdag voor arbeidsbemiddelaars, 8/10/2015 Dirk Malfait Inhoud presentatie Evolutie op de Vlaamse arbeidsmarkt: stand

Nadere informatie

ECONOMISCH. KANSENGROEPEN OP DE LIMBURGSE ARBEIDSMARKT Een cijfermatige analyse EEN UITGAVE VAN POM-ERSV LIMBURG

ECONOMISCH. KANSENGROEPEN OP DE LIMBURGSE ARBEIDSMARKT Een cijfermatige analyse EEN UITGAVE VAN POM-ERSV LIMBURG ECONOMISCH 215.3RAPPORT KANSENGROEPEN OP DE LIMBURGSE ARBEIDSMARKT Een cijfermatige analyse EEN UITGAVE VAN POM-ERSV LIMBURG VOORWOORD Eind november 215 telt 31.8 niet-werkende werkzoekenden, een daling

Nadere informatie

SECTORFOTO 2012 INTERNATIONALE HANDEL

SECTORFOTO 2012 INTERNATIONALE HANDEL SECTORFOTO 2012 INTERNATIONALE HANDEL Synthese De internationale handel telde in het tweede kwartaal van 2010 34.562 loontrekkenden in Vlaanderen. Over alle sectoren heen waren op dat moment 2.083.512

Nadere informatie

Mannen geven veel vaker leiding dan vrouwen

Mannen geven veel vaker leiding dan vrouwen nen geven veel vaker leiding dan vrouwen Astrid Visschers en Saskia te Riele In 27 gaf 14 procent van de werkzame beroepsbevolking leiding aan of meer personen. Dit aandeel is de afgelopen jaren vrijwel

Nadere informatie

M200413 Beperkte groei werkgelegenheid in het MKB

M200413 Beperkte groei werkgelegenheid in het MKB M200413 Beperkte groei werkgelegenheid in het MKB A.M.J. te Peele Zoetermeer, 24 december 2004 Beperkte groei werkgelegenheid MKB in 1999-2002 De werkgelegenheid in het MKB is in 2002 met 3% toegenomen

Nadere informatie

CBS: Voorzichtig herstel arbeidsmarkt in het tweede kwartaal

CBS: Voorzichtig herstel arbeidsmarkt in het tweede kwartaal Persbericht PB14 56 11 9 214 15.3 uur CBS: Voorzichtig herstel arbeidsmarkt in het tweede kwartaal Meer werklozen aan de slag Geen verdere daling aantal banen, lichte groei aantal vacatures Aantal banen

Nadere informatie

Opleiding gewikt en gewogen. bruto en netto effecten van Training en Opleiding bij VDAB

Opleiding gewikt en gewogen. bruto en netto effecten van Training en Opleiding bij VDAB Opleiding gewikt en gewogen bruto en netto effecten van Training en Opleiding bij VDAB 1 Voornaamste conclusies netto-effecten Globaal verbeteren de tewerkstellingskansen van alle werkzoekenden beduidend.

Nadere informatie

Uitdagingen op de Arbeidsmarkt

Uitdagingen op de Arbeidsmarkt Uitdagingen op de Arbeidsmarkt Fons Leroy Gedelegeerd bestuurder VDAB Seniorenuniversiteit Uhasselt 4 november 2013 Maatschappelijke evoluties Veranderen in ijltempo Vergrijzing Internationalisering Loopbaandifferentiatie

Nadere informatie

VDAB SECTORRAPPORT SECTOR ENERGIE, WATER EN AFVALVERWERKING

VDAB SECTORRAPPORT SECTOR ENERGIE, WATER EN AFVALVERWERKING VDAB SECTORRAPPORT SECTOR ENERGIE, WATER EN AFVALVERWERKING SECTORRAPPORT ENERGIE, WATER EN AFVALVERWERKING VOORJAAR 2012 SECTORRAPPORT ENERGIE, WATER EN AFVALVERWERKING Inhoudstafel 3-4 VDAB Sectorrapporten:

Nadere informatie

De 50-plussers op de Limburgse arbeidsmarkt in de logistiek

De 50-plussers op de Limburgse arbeidsmarkt in de logistiek De 50-plussers op de Limburgse arbeidsmarkt in de logistiek APRIL 2012 INHOUD Blz 1. Loontrekkende werkgelegenheid 2 1.1 Algemeen 2 1.2 Hoofdsectoren 2 1.3 Logistiek 3 1.3.1 Algemeen 3 1.3.2 Limburgse

Nadere informatie

Annexe XII: Exemple de donne es «EFT» (enque te sur les forces de travail)

Annexe XII: Exemple de donne es «EFT» (enque te sur les forces de travail) Annexe XII: Exemple de donne es «EFT» (enque te sur les forces de travail) 1.1. Liste des variables (n, nom de variable brute, type de données, longueur maximale de la chaîne, libellé) n variable type

Nadere informatie

1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft.

1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft. ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 8 november 2006 1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft.

Nadere informatie

2014 Guidea - Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw en Horeca Vorming Vlaanderen

2014 Guidea - Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw en Horeca Vorming Vlaanderen 2014 Guidea - Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw en Horeca Vorming Vlaanderen Deze informatie werd met de grootste zorg samengesteld. Guidea, het Kenniscentrum voor Toerisme en Horeca vzw en Horeca

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 17 september 2015

PERSBERICHT Brussel, 17 september 2015 PERSBERICHT Brussel, 17 september 2015 Een overzicht van de Belgische lonen Hoeveel verdient de gemiddelde Belg? Welke beroepen leveren het hoogste salaris op en in welke sectoren betaalt men het hoogste

Nadere informatie

Instituut voor de nationale rekeningen. Nationale rekeningen

Instituut voor de nationale rekeningen. Nationale rekeningen Instituut voor de nationale rekeningen Nationale rekeningen Deel 3 Aanbod- en gebruikstabellen 2010 Inhoud van de publicatie De jaarlijkse nationale rekeningen van België worden opgesteld volgens de definities

Nadere informatie

8. Werken en werkloos zijn

8. Werken en werkloos zijn 8. Werken en werkloos zijn In 22 is de arbeidsdeelname van allochtonen niet meer verder gestegen. Onder autochtonen is het aantal personen met werk nog wel licht toegenomen. De arbeidsdeelname onder Surinamers,

Nadere informatie

SECTORFOTO 2012 SECTOR VAN DE KAPPERS, FITNESS EN SCHOONHEIDSZORGEN

SECTORFOTO 2012 SECTOR VAN DE KAPPERS, FITNESS EN SCHOONHEIDSZORGEN SECTORFOTO 2012 SECTOR VAN DE KAPPERS, FITNESS EN SCHOONHEIDSZORGEN Synthese De sector van de kappers, fitness en schoonheidszorgen telde in het tweede kwartaal van 2010 8.935 loontrekkenden in Vlaanderen.

Nadere informatie

BEGELEIDING OP DE WERKVLOER IN DE HORECASECTOR Analyse van survey-onderzoek bij werkgevers

BEGELEIDING OP DE WERKVLOER IN DE HORECASECTOR Analyse van survey-onderzoek bij werkgevers BEGELEIDING OP DE WERKVLOER IN DE HORECASECTOR Analyse van survey-onderzoek bij werkgevers Hanne Van Waeyenberg, Annelies Droogmans & Peter De Cuyper Projectleiding: Peter De Cuyper COMMENTAAR IS WELKOM:

Nadere informatie

SECTORFOTO 2012 BOUW

SECTORFOTO 2012 BOUW SECTORFOTO 2012 BOUW Synthese De bouw telde in het tweede kwartaal van 2010 99.657 loontrekkenden in Vlaanderen. Over alle sectoren heen waren op dat moment 2.083.512 loontrekkenden actief. De bouw is

Nadere informatie

SECTORFOTO 2012 GRAFISCHE SECTOR

SECTORFOTO 2012 GRAFISCHE SECTOR SECTORFOTO 2012 GRAFISCHE SECTOR Synthese De grafische sector telde in het tweede kwartaal van 2010 7.582 loontrekkenden in Vlaanderen. Over alle sectoren heen waren op dat moment 2.083.512 loontrekkenden

Nadere informatie

1.1 Aantal levend geborenen dat bij geboorte woont in het Vlaamse Gewest sinds 2001

1.1 Aantal levend geborenen dat bij geboorte woont in het Vlaamse Gewest sinds 2001 Bijlage bij het persbericht dd. 08/06/15: 1 Vrouwen krijgen hun kinderen in toenemende mate na hun dertigste verjaardag 1. Het geboortecijfer volgens Kind en Gezin 67 875 geboorten in 2014, daling van

Nadere informatie

Het profiel van de Vlaamse onderneming in 2010

Het profiel van de Vlaamse onderneming in 2010 2010/6 Het profiel van de Vlaamse onderneming in 2010 Michaël Goethals D/2010/3241/210 Inleiding Dit webartikel beschrijft het Vlaamse ondernemerslandschap per 1 januari 2010. De onderliggende gegevens

Nadere informatie

Aantal instromende studenten tussen 2010 2014 gedaald. Figuur 1: Ontwikkeling instroom lerarenopleidingen 2010 2014. 1

Aantal instromende studenten tussen 2010 2014 gedaald. Figuur 1: Ontwikkeling instroom lerarenopleidingen 2010 2014. 1 Het aantal studenten dat start met een opleiding tot leraar basisonderwijs, leraar speciaal onderwijs of leraar voortgezet onderwijs is tussen en afgenomen. Bij de tweedegraads en eerstegraads hbo-lerarenopleidingen

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in Vlaanderen: een ruimer (arbeidsmarkt)kader. www.vdab.be 0800 30 700

De arbeidsmarkt in Vlaanderen: een ruimer (arbeidsmarkt)kader. www.vdab.be 0800 30 700 De arbeidsmarkt in Vlaanderen: een ruimer (arbeidsmarkt)kader Werkloosheid daalt Evolutie aantal NWWZ in Vlaanderen 250.000 225.000 200.000 175.000 150.000 dec '04 jun '05 dec'05 jun '06 dec '06 Werkaanbod

Nadere informatie

Presentatie WAI database November 2012. Hoe ziet het werkvermogen van de Nederlandse werkende beroepsbevolking eruit?

Presentatie WAI database November 2012. Hoe ziet het werkvermogen van de Nederlandse werkende beroepsbevolking eruit? Presentatie WAI database November 2012 Hoe ziet het werkvermogen van de Nederlandse werkende beroepsbevolking eruit? Over de data De WAI vragenlijsten worden afgenomen door verschillende WAI licentienemers

Nadere informatie

Aantal ongevallen op de werkplek

Aantal ongevallen op de werkplek Enkele cijfers: preventie-inspanningen en arbeidsongevallen 1. Preventie Elke dag werken duizenden mensen aan veiligheid op de werkvloer. Er werden naar schatting 2.000 personen opgeleid tot preventieadviseur

Nadere informatie

FOCUS De werknemers die een beroep doen op OCMW-steun

FOCUS De werknemers die een beroep doen op OCMW-steun FOCUS De werknemers die een beroep doen op OCMW-steun Nummer 6 - December 2013 1. Inleiding Het hebben van een betaalde job is de beste garantie om niet in de armoede verzeild te geraken. Betaalde arbeid

Nadere informatie

Hoofdstuk IV - 2. Industrie en Bouw.

Hoofdstuk IV - 2. Industrie en Bouw. Hoofdstuk IV - 2. Industrie en Bouw. 2.1. Omschrijving Voornamelijk kwantitatieve beschrijving van de sector aan de hand van RSZcijfers. Voor de afbakening van de sectoren en de opdeling in subsectoren

Nadere informatie

Werkloosheid nauwelijks veranderd

Werkloosheid nauwelijks veranderd Persbericht Pb14-084 18-12-2014 09.30 uur Werkloosheid nauwelijks veranderd - Werkloosheid blijft 8 procent - Meer mensen aan het werk in de afgelopen drie maanden - Aantal WW-uitkeringen met 6 duizend

Nadere informatie

Grafische sector West-Vlaanderen Werkt 2, 2009

Grafische sector West-Vlaanderen Werkt 2, 2009 Grafische sector West-Vlaanderen Werkt 2, 2009 De grafische sector in West-Vlaanderen Foto: : Febelgra Jens Vannieuwenhuyse sociaaleconomisch beleid, WES De grafische sector is zeer divers. Grafische bedrijven

Nadere informatie

STEM monitor 2015 SITUERING DOELSTELLINGEN

STEM monitor 2015 SITUERING DOELSTELLINGEN STEM monitor 2015 SITUERING In het STEM-actieplan 2012-2020 van de Vlaamse regering werd voorzien in een algemene monitoring van het actieplan op basis van een aantal indicatoren. De STEM monitor geeft

Nadere informatie

FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 2009

FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 2009 FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 29 Groei van werkloosheid onder zet door! In het 2 e kwartaal van 29 groeide de werkloosheid onder (niet-westers)

Nadere informatie

7 Andere primaire en secundaire sectoren

7 Andere primaire en secundaire sectoren 7 Andere primaire en secundaire sectoren A Algemeen overzicht van de sector 1 Beschrijving van de activiteiten in de sector op basis van de Nace-Bel nomenclatuur Deze studie brengt die sectoren in kaart

Nadere informatie

Werkgelegenheid in Twente. Jaarbericht 2014

Werkgelegenheid in Twente. Jaarbericht 2014 Werkgelegenheid in Twente Jaarbericht 214 Inhoudsopgave 1. Ontwikkeling werkzame personen en vestigingen (groei / afname) Ontwikkeling naar sectoren 2. Ontwikkeling naar sectoren Ontwikkeling naar branches

Nadere informatie

EEN BEELD VAN DE HORECA Hoofdstuk 11

EEN BEELD VAN DE HORECA Hoofdstuk 11 EEN BEELD VAN DE HORECA Hoofdstuk 11 Maarten Tielens Tussen 1994 en 2001 groeide de werkgelegenheid in de horeca met 20% tot ongeveer 69 800 jobs. De helft van de loontrekkende jobs vinden we terug bij

Nadere informatie

SITUATIE VAN DE VROUWEN OP DE ARBEIDSMARKT IN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST

SITUATIE VAN DE VROUWEN OP DE ARBEIDSMARKT IN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST SITUATIE VAN DE VROUWEN OP DE ARBEIDSMARKT IN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST Perscommuniqué PERSCONFERENTIE VAN 19 MEI 2004 In het kader van het Sociaal Pact voor de Werkgelegenheid van de Brusselaars

Nadere informatie

SECTORFOTO. Beheer van gebouwen en dienstboden 2008

SECTORFOTO. Beheer van gebouwen en dienstboden 2008 SECTORFOTO Beheer van gebouwen en dienstboden 2008 Departement Werk en Sociale Economie Colofon Samenstelling: Vlaamse overheid Beleidsdomein Werk en Sociale Economie Departement Werk en Sociale Economie

Nadere informatie

Omschrijving: De werkzaamheidsgraad is het aandeel werkenden ( volgens IAB-statuut) in de bevolking.

Omschrijving: De werkzaamheidsgraad is het aandeel werkenden ( volgens IAB-statuut) in de bevolking. Methodologie Boordtabel Eindeloopbaan Steunpunt WSE Werkzaamheidsgraad naar leeftijd en geslacht De werkzaamheidsgraad is het aandeel werkenden ( volgens IAB-statuut) in de bevolking. - Voor België en

Nadere informatie