INHOUD VOORWOORD....................................................... v FISCALE ASPECTEN VAN DE BILLIJKE SCHADELOOSSTELLING BIJ ONTEIGENING TEN ALGEMENEN NUTTE Bruno Peeters en Anne Van de Vijver............................ 1 Afdeling 1. Inleiding................................................... 1 Afdeling 2. Fiscaal regime van de onteigeningsvergoeding.................. 3 1. Directe belastingen............................................ 3 A. Personenbelasting privévermogen........................... 3 1. Inkomsten die voortkomen uit normale verrichtingen van beheer van een privévermogen............................ 3 2. Speculatieve inkomsten.................................. 3 3. Meerwaarden op ongebouwde of gebouwde onroerende goederen............................................... 4 4. Besluit................................................. 4 B. Personenbelasting professioneel vermogen................... 5 1. Winsten of baten........................................ 5 a. Onroerende onteigeningsvergoeding en schadeloosstelling voor verlies aan cliënteel.............................. 5 b. Andere bestanddelen van de onteigeningsvergoeding..... 7 2. Vrijstellingen........................................... 8 a. Monetair gedeelte van de meerwaarden................. 8 b. Gronden van land- en tuinbouwondernemingen......... 8 c. Gespreide taxatie..................................... 8 3. Vaststelling van het netto-inkomen, aftrekbare verliezen en berekening van de belasting........................... 11 4. Besluit................................................ 12 C. Vennootschapsbelasting.................................... 13 1. Winst................................................. 13 2. Vrijstellingen.......................................... 14 a. Vrijstelling van het monetaire gedeelte................. 14 b. Gespreide taxatie.................................... 15 3. Vaststelling van het netto-inkomen, aftrekbare verliezen en berekening van de belasting........................... 15 vii
4. Besluit................................................ 15 D. Rechtspersonenbelasting................................... 16 E. Belasting van niet-inwoners................................. 16 2. Btw......................................................... 16 A. Levering van goederen..................................... 16 1. Gelijkstelling van onteigening met levering van goederen... 16 2. Levering van uit hun aard onroerende goederen............ 17 B. Maatstaf van belastingheffing............................... 18 C. Aftrek van de belasting..................................... 18 1. Btw-aftrek............................................. 18 2. Herziening van de aftrek m.b.t. bedrijfsmiddelen........... 18 3. Aftrek van btw door een incidentele of toevallige belastingplichtige...................................... 19 D. Besluit................................................... 19 3. Registratierechten............................................ 20 A. Eigendomsoverdracht krachtens de wet...................... 20 B. Vrijstelling van de formaliteit van registratie.................. 20 C. Registratierechten ter zake van het onroerend goed als wederbelegging........................................... 21 D. Besluit................................................... 22 4. Successierechten.............................................. 22 5. Planbatenheffing............................................. 23 Afdeling 3. Impact van het fiscaal recht op het bepalen van de onteigeningsvergoeding...................................................... 23 1. De problematiek van de fiscale schade........................... 24 A. De regel van de billijke schadeloosstelling.................... 24 B. Onderscheid tussen professioneel en niet professioneel verkregen schadeloosstellingen voor onteigeningen............ 26 C. Standpunt van E. Causin................................... 26 D. Beoordeling.............................................. 28 1. Fiscale schade voor gedwongen gerealiseerde meerwaarden............................................... 28 a. Historiek artikel 47 WIB 92.......................... 28 b. Ontbreken van causaal verband....................... 31 c. Gelijke fiscale behandeling van gedwongen en vrijwillig gerealiseerde meerwaarden.................. 33 2. Fiscale schade voor andere inkomsten die deel uitmaken van de onteigeningsvergoeding........................... 34 2. De tegenwerpelijkheid van de fiscale aangifte.................... 35 Besluit.............................................................. 37 viii
ONTEIGENING EN ARBEIDSRECHT Mathieu van Putten............................................ 41 Afdeling 1. Onteigening............................................... 42 Afdeling 2. Onteigening en arbeidsrecht................................. 51 1. De impact van het arbeidsrecht op de toepassing van het onteigeningsrecht............................................. 52 2. De impact van het onteigeningsrecht op de toepassing van het arbeidsrecht.............................................. 70 Afdeling 3. Korte uitleidende beschouwing.............................. 79 HET LOT VAN ZAKELIJKE EN PERSOONLIJKE GEBRUIKS- EN GENOTSRECHTEN BIJ ONTEIGENING Vincent Sagaert................................................ 81 Afdeling 1. Algemene uitgangspunten inzake het lot van persoonlijke en zakelijke gebruiks- en genotsrechten in geval van onteigening.............. 81 1. Het lot van zakelijke en persoonlijke rechten in geval van overdracht in het vermogensrecht............................... 81 2. Afwijking in geval van gerechtelijke onteigening.................. 82 Afdeling 2. De gevolgen van de minnelijke aankoop na onteigeningsmachtiging voor de titularis van een gebruiks- en genotsrecht.............. 85 1. Zakelijke rechten............................................. 85 2. Persoonlijke rechten.......................................... 86 A. Algemene gevolgen van de minnelijke aankoop voor de persoonlijke rechten....................................... 86 B. Materieelrechtelijke gevolgen van de minnelijke aankoop voor de gemeenrechtelijke huurder.......................... 87 C. Materieelrechtelijke gevolgen van de minnelijke aankoop onder de Woninghuurwet.................................. 89 D. Materieelrechtelijke gevolgen van de minnelijke aankoop onder de Handelshuurwet.................................. 90 E. Materieelrechtelijke gevolgen van de minnelijke aankoop onder de Pachtwet......................................... 91 3. Procesrechtelijke positie van de titularis van het gebruiks- en genotsrecht in geval van minnelijke aankoop..................... 92 Afdeling 2. De gevolgen van de gerechtelijke onteigening voor de titularis van een gebruiks- en genotsrecht....................................... 93 1. Inleiding: zuivering van zakelijke en persoonlijke rechten......... 93 ix
2. Onderscheid tussen eigenaar/vruchtgebruiker en andere titularissen van gebruiks- en genotsrechten...................... 94 A. Het recht van vruchtgebruik................................ 96 B. Het huurrecht............................................ 100 1. Einde van de huurovereenkomst........................ 100 2. Procesrechtelijke positie van de huurder.................. 104 C. Het recht van gebruik en bewoning......................... 106 D. Erfpacht en opstal........................................ 106 E. Erfdienstbaarheden....................................... 108 Afdeling 4. Besluiten................................................. 110 HYPOTHEEK, RANGREGELING EN SAMENLOOP BIJ ONTEIGENING Carine Boddaert.............................................. 113 Afdeling 1. Inleiding................................................. 113 Afdeling 2. Hypothecaire waarborgen.................................. 114 Afdeling 3. De minnelijke aankoop.................................... 116 1. Lot van een hypotheek....................................... 116 2. Lot van een hypothecaire volmacht............................ 120 Afdeling 4. De gerechtelijke onteigening................................ 120 1. De gewone procedure........................................ 120 A. Declaratief vonnis........................................ 120 B. Vonnis tot vaststelling van de onteigeningsvergoeding........ 122 C. Verdeling van de onteigeningsvergoeding................... 123 1. Bestanddelen van de onteigeningsvergoeding............. 123 2. Procedure van verdeling en rangregeling................. 125 2. De spoedeisende procedure................................... 129 A. Provisioneel vonnis....................................... 129 B. Vonnis tot vaststelling van de voorlopige vergoeding.......... 131 C. Herzieningsvonnis....................................... 132 PRAKTISCHE BENADERING SCHADEPOSTEN Robert Palmans............................................... 133 Inleiding op casus................................................... 133 Casus.............................................................. 136 I. Aanstelling en opdracht...................................... 137 II. Plaatsbezoek met vrederechter................................ 137 III. Beschrijving van de onteigende goederen....................... 142 IV. Aanbod van onteigenaarster.................................. 146 x
V. Deskundigennota Broux & Helsen dd. 05.03.2007............... 149 VI. Vergelijkingspunten......................................... 162 VII. Vaststellingen, overwegingen en berekeningen.................. 187 VIII. Voorlopige besluiten......................................... 199 xi