VERBETERPLAN Deel 3B onderwerp: Verbeteren rekenonderwijs datum: augustus 2010 proceseigenaar: Rekenverbeterteam: Gerjanne Meedendorp (rekenspecialist), Chantal Sheehan (IB-er), Maike Sabajo (adjunctdirecteur) en Peter Snijders (directeur) Uitgangssituatie Sinds augustus 2008 neemt Achtsprong deel aan het project Kwaliteitsverbetering Basisscholen Amsterdam. In maart 2009 zijn de afzonderlijke onderdelen uit het plan meer met elkaar in samenhang gebracht en is, tot juli 2009, stapsgewijs gewerkt aan het verbeteren van de voorwaarden voor goed onderwijs: effectieve leertijd, een rijke leeromgeving en doelmatig klassenmanagement. Vanaf augustus 2009 is planmatig hierop verder gebouwd met het verbeteren van de didactische en pedagogische vaardigheden van de leerkrachten. Voor de groepen 3 t/m 8 hebben we deze stappen verbonden aan het vakgebied rekenen. De leerkrachten hebben hernieuwde scholing ontvangen in het werken met de methode Rekenrijk (deze methode wordt gebruikt sinds 2002). Ook zijn de leerkrachten geschoold en begeleid in het werken met het Activerende Directie Instructiemodel (ADI-model). Voor de afstemming van de instructie op de onderwijs behoeften van de leerlingen, hebben de leerkrachten scholing ontvangen in het analyseren van de rekentoetsen en het in kaart brengen van de onderwijsbehoeften op een pedagogisch-didactisch groepsoverzicht. Hiermee hebben zij voor het vak rekenen groepsplannen gemaakt in drie aanpakken. De aanpakken betreffen: instructieonafhankelijke kinderen (aanpak III), instructie-gevoelige kinderen (aanpak II) en instructie-afhankelijke leerlingen (aanpak I). Uit de klassenobservaties door de directie, interne en externe begeleiders en uit het monitorbezoek van maart 2010 blijkt dat er op het gebied van de structuur (effectieve leertijd, doelmatig klassenmanagement en rijke leeromgeving) inmiddels voldoende vooruitgang is geboekt. Op het gebied van leerkrachtvaardigheden (werken met het ADI-model, effectief stellen van doelen voor de drie aanpakken) zijn de verschillen tussen leerkrachten nog te groot zijn om op schoolniveau te kunnen spreken van een voldoende basis. Wanneer we kijken naar de eindopbrengsten van de afgelopen drie jaar (2008 t/m 2010) dan zien we ook voor rekenen een onvoldoende score. Deze achterstand is ook op de tussenopbrengsten zichtbaar. De resultaten van de kleutergroepen op de toetsen ordenen en ruimte en tijd laten een grillig beeld zien over de periode van vier jaar. Op dit moment liggen de resultaten voor groep 2 op voldoende niveau, maar door het grillige verloop is het niet verantwoord te spreken van een stijgende lijn. Pas als ook januari 2011 en januari 2012 dezelfde of betere resultaten laten zien, kunnen we spreken van een duurzame positieve ontwikkeling. De resultaten voor de groepen 3 t/m 8 laten een consistenter beeld zien, dat echter een zorgelijk beeld schetst: gedurende hun schoolloopbaan lopen de leerlingen gemiddeld een achterstand op van 1,5 jaar midden groep 8. Aangezien de leerlingsamenstelling op Achtsprong gedurende die periode van 6 jaar een bovengemiddeld verloop kent, is dit niet eenduidig toe te schrijven aan het rekenonderwijs op Achtsprong. Nadere analyse van de resultaten moet duidelijk maken of er voor afzonderlijke
doelgroepen kinderen (zij-instromers, kinderen met een onderbroken schoolloopbaan) specifieke maatregelen nodig zijn om op de CITO M-toetsen in groep 8 een voldoende niveau (C of hoger) te behalen Gewenst resultaat / Prestatieindicator(en) Organisatie / Planning De leerkrachten gebruiken het didactisch handboek van Rekenrijk systematisch bij de voorbereiding van hun lessen. De leerkrachten bereiden hun lessen voor met het schoolspecifieke lesvoorbereidingsfomulier voor het vak rekenen. De leerkrachten gebruiken de schoolspecifieke jaarplanning om de onderwijstijd optimaal af te stemmen op de onderwijsbehoeftes van de leerlingen. De leerkrachten plannen per week een extra instructie-uur in voor de leerlingen van aanpak I. De leerkrachten geven in de groepsadministratie aan welke maatregelen zij nemen om de leerlingen op de methodelijn te houden. De leerkrachten zorgen dat de diverse hulpmaterialen makkelijk bereikbaar zijn voor de leerlingen. De leerkrachten hebben een vaste instructieplek (tafel) in de groep voor het geven van extra instructie aan individuele en groepen leerlingen. De leerkrachten maken duidelijke afspraken met leerlingen over het gebruik van het materiaal. Didactiek / Differentiatie De leerkrachten beschikken over voldoende vakdidactische kennis (leerlijnen, effectieve didactieken) om op de juiste wijze te werken met Rekenrijk. De leerkrachten zijn op de hoogte van de kritische momenten op de leerlijnen van rekenen en kunnen hun instructies afstemmen of het realiseren van de doelen. De leerkrachten hebben kennis van de kenmerken van realistisch rekenen: werken met functionele contexten, het gebruik van modellen, schema s en materialen, interactief onderwijs en eigen inbreng van de leerlingen. De leerkracht bepaalt op basis van de toetsresultaten in welke aanpak de leerlingen worden ingedeeld bij het groepsplan rekenen. De leerkrachten kunnen de i-lijn materialen van Rekenrijk en de materialen van Maatwerk adequaat inzetten om leerlingen op de methodelijn te houden. De leerkrachten hanteren het ADI-model op de juiste wijze. De leerkrachten zijn gericht op en in staat om het strategisch denken van leerlingen te bevorderen d.m.v. interactieve instructie- en werkvormen. De leerkrachten benutten systematisch het bij de methode horende toets- en zorgverbredingsysteem voor preventieve, diagnostische en remediërende maatregelen. De leerkrachten passen de kennis en vaardigheden die zij opdoen in het project "Omdat elk kind telt" toe in hun lessen. Opbrengst gericht werken Directie en IB formuleren voor het vakgebied rekenen doelen op schoolniveau Tijdens CB s worden doelen op groepsniveau geformuleerd (met als uitgangspunt de doelen op schoolniveau, gerelateerd aan het niveau van de groep) De leerkrachten kunnen op basis van de CITO toetsen 2 x per jaar streefdoelen op groepsniveau formuleren, in percentage A t/m E leerlingen en vaardigheidsscores en in vaardigheidsscores per leerling De leerkrachten formuleren in hun groepsplannen de streefdoelen voor de komende planperiode Er is een datamuur met de meest recente toetsresultaten De leerkrachten kunnen leerling-gegevens uit ESIS webbased halen
Stappen Stap 1: De leerkrachten maken een jaarplanning die erop gericht is met alle leerlingen de doelen voor het leerjaar te behalen. De leerkrachten formuleren met ondersteuning van IB streefdoelen op voor hungroep en hun individuele leerlingen op basis van de resultaten op de CITO E-toetsen van juni 2010. De leerkrachten maken op basis van de overdrachtsformulieren rekenen zoals die in juni tijdens de PLG geïntroduceerd zijn een pedagogisch-didactisch overzicht voor hun groep en stellen op basis hiervan een groepsplan rekenen op in drie aanpakken. In de groepsplannen is duidelijk aangegeven wie op welk moment met welke leerling(en) met welke middelen en materialen werkt. De leerkrachten leren daarbij de i-lijn materialen en de verrijkingsbladen op de juiste wijze in te zetten. De leerkrachten geven in hun weekplanningen duidelijk de relatie met de groepsplannen rekenen aan. De leerkrachten noteren hun observaties die zij tijdens de lessen doen in het vak EVALUATIE in hun groepsplan en gebruiken deze informatie om hun instructies voortdurend effectief afgestemd te houden op de leerlingen. De interne en externe begeleiders ondersteunen en begeleiden de uitvoering van de groepsplannen door feedback op de plannen en klassenobservaties m.b.t. de uitvoering. De leerkrachten ontvangen vakdidactische scholing waarbij specifieke aandacht is voor de denkstrategieën en de plaats van diverse strategieën op de betreffende leerlijn. De leerkrachten van de groepen 3 t/m 6 ontvangen scholing in het werken met Met Sprongen Vooruit. In de zorgcyclus worden de groepsplannen geëvalueerd tijdens de groepsbesprekingen tussen leerkracht en IBer. Stap 2: De leerkrachten ontvangen verdere vakdidactische scholing waarbij specifieke aandacht is voor de denkstrategieën en de plaats van diverse strategieën op de betreffende leerlijn. De leerkrachten ontvangen scholing ter verbetering van hun analytische en diagnostische vaardigheden. Bijzondere aandacht zal hierbij worden besteed aan het voeren van diagnostische gesprekken. De leerkrachten ontvangen begeleiding bij het voeren van diagnostische rekengesprekken. De leerkrachten gebruiken de i-lijn materialen volgens de aanwijzingen uit de handleiding en het didactisch handboek. De leerkrachten van de groepen 3 t/m 6 kunnen de materialen van Met Sprongen Vooruit effectief inzetten in hun groep of afzonderlijke (groepjes) leerlingen. Zij weten welke activiteiten op welk moment een zinvolle bijdrage leveren aan het behalen van de rekendoelen. De CITO M-toetsen R&W worden afgenomen. In de zorgcyclus worden de groepsplannen geëvalueerd tijdens de groepsbesprekingen tussen leerkracht en IBer. Tijdens de groepsbespreking in februari worden de CITO M-toetsen van januari 2011 geanalyseerd en wordt vastgesteld in welke mate de streefdoelen voor de groep en de individuele leerlingen zijn gehaald. Op basis van de bevindingen worden nieuwe streefdoelen geformuleerd voor de tweede helft van het schooljaar. De leerkrachten stellen hun groepsplan bij n.a.v. de resultaten van de M-toetsen R&W en de observaties en evaluaties in het groepsplan en de bespreking van beide met IB. Directie en IB bespreken de analyse van de resultaten van de afzonderlijke groepen en trekken conclusies voor het schoolbeleid. De analyse en beleidsconclusies van de M-toetsen worden met het team besproken. Directie en interne en externe begeleiders controleren de uitvoering van de afspraken d.m.v. klassenbezoeken en controle van de groepsadministraties.
Stap 3: De leerkrachten ontvangen verdere vakdidactische scholing waarbij specifieke aandacht is voor de denkstrategieën en de plaats van diverse strategieën op de betreffende leerlijn. De leerkrachten ontvangen scholing in coöperatief leren toegespitst op het vak rekenen. De leerkrachten ontvangen begeleiding bij het inzetten van coöperatieve werkvormen tijdens de rekenlessen. In de zorgcyclus worden de groepsplannen geëvalueerd tijdens de groepsbesprekingen tussen leerkracht en IB-er. De CITO E-toets R&W wordt afgenomen. Tijdens de groepsbespreking in juni worden de CITO E-toetsen geanalyseerd en wordt vastgesteld in welke mate de streefdoelen voor de groep en individuele leerlingen zijn gehaald. Op basis van de bevindingen worden nieuwe streefdoelen geformuleerd. Aan de hand van de analyses wordt de overdracht naar de volgende leerkracht gedaan. Directie en IB bespreken de analyse van de resultaten van de afzonderlijke groepen en trekken conclusies voor het schoolbeleid. De analyse en beleidsconclusies van de E-toetsen worden met het team besproken. Directie en interne en externe begeleiders controleren de uitvoering van de afspraken d.m.v. klassenbezoeken en controle van de groepsadministraties. Er worden afspraken gemaakt over collegiale consultatie en intervisie om de nieuwe werkwijze te onderhouden in schooljaar 2011-2012. Tijdpad Periode zomer- tot november 2010: Stap 1 Periode november 2010- tot maart 2011: Stap 2 Periode maart juli 2011: Stap 3 Evaluatie November 2010 Uit de groepsadministraties blijkt dat: 75% van de leerkrachten de rekenlessen geeft volgens de planning in de groepsplannen. 75% van de leerkrachten het ADI-model toepast bij de instructies van rekenen. 75% van de leerkrachten de evaluaties van de lessen gebruikt om de instructie effectief af te stemmen op de onderwijsbehoeften van de leerlingen. Uit de lesvoorbereidingen blijkt dat: 75% van de leerkrachten de lessen voorbereid conform de aanwijzingen van de methode. Uit de lesobservaties blijkt dat: 75% van de leerkrachten de lessen geeft conform de voornemens uit de groepsplannen en de lesvoorbereidingen. Maart 2011 Uit de groepsadministraties blijkt dat: 80% van de leerkrachten de rekenlessen geeft volgens de planning in de groepsplannen. 80% van de leerkrachten het ADI-model toepast bij de instructies van rekenen.
80% van de leerkrachten de evaluaties van de lessen gebruikt om de instructie effectief af te stemmen op de onderwijsbehoeften van de leerlingen. Uit de lesvoorbereidingen blijkt dat: 80% van de leerkrachten de lessen voorbereidt conform de aanwijzingen van de methode. Uit de lesobservaties blijkt dat: 80% van de leerkrachten de lessen geeft conform de voornemens uit de groepsplannen en de lesplanningen. 75% van de leerkrachten van de groepen 3 t/m 6 de materialen en werkwijze van Met Sprongen Vooruit effectief inzet om de doelen te halen. 60% van de leerkrachten diagnostische gesprekken voert op de afgesproken wijze en de informatie uit de gesprekken effectief gebruikt om de instructie af te stemmen op de onderwijsbehoeften van de leerlingen. Uit de toetsresultaten op de CITO M-toetsen van 2011 blijkt dat: de resultaten in de groepen 1 t/m 4 op voldoende niveau liggen. Dit betekent dat minimaal 50% van de leerlingen een A of B scoort. Maximaal 12% van de leerlingen haalt een D-score en maximaal 8% van de leerlingen haalt een E-score. de resultaten van de groepen 5 t/m 8 zijn op de indicator leerachterstand met minimaal 30% afgenomen t.o.v. de resultaten op de CITO M-toetsen van januari 2010. Juli 2011: Uit de groepsadministraties blijkt dat: 85% van de leerkrachten de rekenlessen geeft volgens de planning in de groepsplannen. 85% van de leerkrachten het ADI-model toepast bij de instructies van rekenen. 85% van de leerkrachten de evaluaties van de lessen gebruikt om de instructie effectief af te stemmen op de onderwijsbehoeften van de leerlingen. Uit de lesvoorbereidingen blijkt dat: 85% van de leerkrachten de lessen voorbereidt conform de aanwijzingen van de methode. Uit de lesobservaties blijkt dat: 85% van de leerkrachten de lessen geeft conform de voornemens uit de groepsplannen en de lesplanningen. 80% van de leerkrachten van de groepen 3 t/m 6 de materialen en werkwijze van Met Sprongen Vooruit effectief inzet om de doelen te halen. 75% van de leerkrachten diagnostische gesprekken voert op de afgesproken wijze en de informatie uit de gesprekken effectief gebruikt om de instructie af te stemmen op de onderwijsbehoeften van de leerlingen. Uit de toetsresultaten op de CITO M-toetsen van 2011 blijkt dat: de resultaten in de groepen 1 t/m 4 op voldoende niveau liggen. Dit betekent dat minimaal 50% van de leerlingen een A of B-score behaalt en dat maximaal 10% van de leerlingen een D-score haalt en maximaal 5% van de leerlingen een E- score. de resultaten van de groepen 5 t/m 8 zijn op de indicator leerachterstand met minimaal 30% afgenomen t.o.v. de resultaten op de CITO E-toetsen van juni 2010 en de vaardigheidsscores liggen 5% hoger dan de resultaten op de M- toetsen van januari 2011. Externe ondersteuning Medewerkers van het project "Omdat elk kind telt," Berber Klein, medewerker Onderwijscentrum VU, Astrid Duyff, interimdirecteur en adviseur, aangesloten bij Eduquality/Schepers Van Seventer te Amsterdam en Ankie Moerkamp als zelfstandig interim-manager, organisatieadviseur en coach aangesloten bij Eduquality Schepers van Seventer in Amsterdam.
Borging De werkwijze wordt ondersteund en gecontroleerd door klassenbezoeken door de intern en externe begeleiders en de directie De afspraken worden vastgelegd in de school-afsprakenmap.
N.B. Voor schooljaar 2011-2012 willen wij dat: de rekenresultaten voor de groepen 1 t/m 5 op de vaardigheidsscores met minimaal 5% zijn gestegen t.o.v. de resultaten in schooljaar 2010-2011. de rekenresultaten van de groepen 6 t/m 8 op de indicator leerachterstand met minimaal 30% zijn afgenomen t.o.v. de resultaten in schooljaar 2010-2011 (dit is 60% t.o.v. de resultaten in schooljaar 2009-2010). Voor schooljaar 2012-2013 willen wij dat: de rekenresultaten voor de groepen 1 t/m 6 op de vaardigheidsscores met minimaal 3% zijn gestegen t.o.v. de resultaten in schooljaar 2011-2012. de rekenresultaten voor de groepen 7 en 8 op de indicator leerachterstand met minimaal 30% zijn afgenomen t.o.v. de resultaten op de CITO M- toetsen van januari 2012 en dat de vaardigheidsscores minimaal voldoende zijn (gemiddeld een C-score) op de E-toetsen van juni 2013.