s tu diepock et s p r i v a a t r e c h t 28 Onrechtmatige overheidsdaad Rechtsbescherming door de burgerlijke rechter derde druk Prof. mr. G.E. van Maanen Prof. mr. R. de Lange 2000 W.E.J. Tjeenk Willink Deventer
Inhoud Verkort aangehaalde literatuur XIII I. Verkenning van het terrein I 1. Uitgangspunt: ook de overheid kan aangesproken 1 worden op 'verkeerd gedrag' 2. De bijzondere positie van de overheid 3 3. Privaatrecht en publiekrecht 6 4. Uitzondering op het uitgangspunt: de administratie- 8 ve rechtsbescherming 5. Welke rechter is bevoegd? 10 6. Rechtsbescherming door de burgerlijke rechter 12 7. Welk materieel recht is van toepassing? 13 8. Om welke oorzaken van schade gaat het? 13 9. Wat geldt als overheid? 14 10. Het bijzondere van de onrechtmatige overheidsdaad 15 11. Opzet en overzicht van de rest van het betoog 17 II. Historische ontwikkeling van de onrechtmatige 19 overheidsdaad 1. Voorgeschiedenis 19 2. Het Conflictenbesluit van 1822 21 3. Gevallen uit de rechtspraak van de Hoge Raad na 1838 23 4. Het débat over de invoering van administratieve 27 rechtspraak 5. De breuk in 1896: de Vrouwe Elske en de 29 hoornwoeste koe 6. De verdere ontwikkeling van de administratieve 37 rechtspraak 7. Kroonberoep 38 8. De Wet Arob ( 1976) 39 9. De invoering van de Awb 41 VII
III. Overzicht van de rechtsbescherming en de afbake- 42 ning tussen civiele rechter en bestuursrechter 1. Rechtsbescherming: bij de bestuursrechter of bij de 42 burgerlijke rechter? 2. Het 'gevecht' om de rechtsbescherming ten behoeve 45 van de burger 3. Het 'zuiver schadebesluit' 46 4. Samenloop tussen meerdere bevoegde rechters; wat 48 doet de burgerlijke rechter? 5. Conclusie 51 IV. Beleidsvrijheid, marginale toetsing en beginselen 55 van behoorlijk bestuur 1. Een ongrijpbaar leerstuk? 53 2. Wat is beleidsvrijheid en waarom en wanneer be- 56 staat er behoefte aan? 3. Beginselen van behoorlijk bestuur 58 4. Beleidsvrijheid, marginale en volledige toetsing 62 5. Andere voorbeelden van beleidsvrijheid op verschil- 64 lende terreinen 6. Débat over de roi van de rechter in verband met be- 68 leidsvrijheid V. De aansprakelijkheid van de overheid uit onrecht- 70 matige daad: algemene karakteristiek A. Procedurele vragen 70 1. Wie moet gedagvaard worden? 70 2. Wie kan dagvaarden 74 B. Materiële vragen 76 3. De onrechtmatigheid van het overheidshandelen: 76 maatstaven en criteria 3.1 Onderscheiding overheidshandelen 76 3.2 De onrechtmatigheidscriteria 77 3.3 Strijd met des daders rechtsplicht 78 3.4 Relativiteitseis en onderscheid tussen waar- 80 borg- en instructienorm VIII
3.5 Inbreuk op een subjectief recht 84 3.6 Strijd met de maatschappelijke zorgvuldig- 86 heid 3.7 De overheid als wegbeheerder 88 3.8 De overheid als waterwegbeheerder 89 3.9 Veelal hoge eisen aan de zorgvuldigheid 90 van het overheidsgedrag 4. Rechtvaardigingsgronden 92 5. Immuniteit 95 6. De toerekening van onrechtmatig overheidshandelen 96 6.1 Toerekenen op grond van de in het verkeer 96 geldende opvattingen 6.2 De 'schuld is in beginsel gegeven' 97 7. Betekenis uitspraak bestuursrechter/beroepsgang 99 voor burgerlijke rechter 8. Andere aansprakelijkheidsgronden dan art. 6:162 101 BW 9. Schadevergoeding en eigen schuld 104 9.1 De te vergoeden schade 104 9.2 Eigen schuld 105 10. Verbod en afwijzing verbodsactie 106 11. Verjaring 110 VI. Aansprakelijkheid wegens 'gebrekkige' besluiten 113 1. Inleiding 113 2. Hoofdregel: altijd eerst gebruik maken van bestuurs- 115 rechtelijke mogelijkheden 3. Vernietigde besluiten; werking van de vernietiging 117 4. Bindende kracht van het oordeel van de bestuursrech- 120 ter en de formele rechtskracht van het besluit: de ratio 5. Uitzonderingen op het beginsel van niet-ontvanke- 121 lijkheid bij het achterwege laten van administratieve beroepsmogelijkheden 6. Eigen schuld en handelen op eigen risico 125 VII. Onrechtmatige regelgeving 126 1. Inleiding 126 2. Onrechtmatige algemeen verbindende voorschriften 130 3. Onrechtmatige formele wetgeving 133 4. Toetsing van verdragen 136 IX
5. Ook bij onrechtmatige regelgeving is 'schuld in be- 136 ginsel gegeven' 6. Algernene onverbindendheid of relatieve werking? 137 7. Conclusie 140 VIII. Onrechtmatige rechtspraak 142 1. Inleiding 142 2. Het standpunt van de Hoge Raad 143 3. Algemene terughoudendheid, ook in het buitenland? 145 4. Uitzondering bij schending van Europese normen: 146 art. 6 EVRM 5. Uitzondering bij strijd met EG-recht 147 6. Wie kan aansprakelijk gesteld worden? Aansprake- 147 lijkheid wegens fouten van rechterlijke ambtenaren: art. 42 Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren IX. Strafvordering en handhaving van de openbare 150 orde 1. Inleiding 150 2. Algemene dogmatische problemen 152 3. Rechtmatig/onrechtmatig: rechtvaardigingsgronden 155 en het wegvallen ervan 4. Rechtmatig/onrechtmatig: detentie 157 5. Dubbele beoordeling? 160 6. Aansprakelijkheid wegens fouten van het OM 165 7. Uitlevering 166 8. Inbeslagneming 167 9. Handhaving van de openbare orde 169 10. Regres tussen overheidslichamen 169 11. De toekomst: bestuursrechtelijke aansprakelijkheid? 770 X. Aansprakelijkheid voor rechtmatig overheidshan- 172 delen 1. Rechtmatig of onrechtmatig? 172 2. Vorderingen uit onrechtmatige daad 174 3. Onevenredig benadeeld ten opzichte van wie? 776 4. De omvang van de schade wegens het achterwege 775 blijven van nadeelcompensatie
XI. Overzicht buitenlandse rechtsstelsels 179 1. Inleiding 179 2. Rechtmatig en onrechtmatig overheidshandelen in 779 Duitsland 3. Rechtmatig en onrechtmatig overheidshandelen in 787 Frankrijk 3.1 De publiekrechtelijke'faute' 181 3.2 Responsabilité pour risque 183 3.3 Egalité devant les charges publiques 184 3.4 De overige gronden (Travaux Publiques; 184 Collaborateurs Occassionnels) 4. Aansprakelijkheid voor onrechtmatige besluiten 185 4.1 Duitsland 185 4.2 Frankrijk 186 5. Het zuiver schadebesluit 787 5.1 Duitsland 187 5.2 Frankrijk 188 XII. Overheidsaansprakelijkheid en het communau- 790 taire recht 1. Inleiding 790 2. De drie criteria voor aansprakelijkheid 797 3. Toepasselijkheid van nationaal recht 795 4. Aansprakelijkheid voor bestuurlijke (rechts)handelin- 797 gen: schadebeperking in plaats van formele rechtskracht? 5. Niet-regelgevend onrechtmatig handelen van de na- 198 tionale staat 6. Aansprakelijkheid van decentrale overheden, vrijwa- 200 ring en regres Rechtspraakregister 203 Trefwoordenregister 213 XI