Cursusmap Oplossingsgerichte gesprekvoering 222015 Gerrit van de Vegte gerritvandevegte@home.nl Pg. 1
CURSUS MAP OPLOSSINGSGERICHTE GESPREKSVOERING? Wat vind u in deze cursusmap? Een artikel over oplossingsgerichte gespreksvoering. De cliënt als expert. Protocol eerste gesprek Protocol vervolggesprek Informatie over de cursus. Praktische zaken Info over het centrum Oplossingsgericht werken. Trainingsaanbod. WAT IS OPLOSSINGSGERICHTE GESPREKSVOERING? De gespreksvoering is de kern van het beroep van professionals die werken met cliënten die hun problemen opgelost willen hebben. Een professioneel gesprek onderscheidt zich van normale gesprekken, omdat het tot doel heeft de cliënt te ondersteunen een richting te kiezen die leidt tot een oplossing. Het wordt op een methodische en professionele wijze ingezet. Elk gesprek dat een professional heeft met een cliënt, heeft een doel en moet leiden naar een actie die de cliënt gaat uitvoeren. Meerdere acties zijn nodig om dat doel te kunnen behalen. De gesprekken die de cliënt heeft met de professional, ondersteunen dit proces. Wanneer eenmaal een doel is gesteld, moeten alle verdere interventies in het teken staan van dat doel. Het doel geeft richting aan dit proces. Als er een doel ontbreekt, of te vaag geformuleerd is, leid dit tot een gesprek zonder richting. Vergelijk een hulpverleningsproces met een reis die je gaat maken. Het eerste wat je doet, is praten met alle betrokkenen over het doel van de reis, waar je naar toe gaat. Soms helpt het om positieve herinneringen op te halen en te kijken hoe je het toen voor elkaar hebt gekregen en wat toen gewerkt heeft. Als het doel helder en concreet is geformuleerd en door iedere betrokkene is onderstreept, bekijk je welke acties nodig zijn. Het is belangrijk die acties vast te leggen en te evalueren. Om het doel te kunnen bereiken, moeten alle betrokkenen positieve ervaringen opdoen en die delen met elkaar. Vaak spreek je een datum af als je op reis gaat. Binnen het hulpverleningsgesprek kan het ondersteunend zijn als je de cliënt vraagt om op de schaal van 1 tot 10 vast te leggen op welk cijfer de cliënt wil staan om alleen verder te kunnen gaan. Professionals voeren vele verschillende gesprekken die in relatie staan met het doel van de cliënt of gesprekken die de professional ondersteunen in het uitvoeren van zijn professie. Professionals participeren in overlegsituaties, hebben gesprekken met verwijzers of andere professionals en hebben gesprekken met collega s. Bij al deze gesprekken is het nodig om als doel te hebben, een doel formuleren. Bij gesprekken over en met cliënten is een belangrijk doel:dat ze in het teken staan van het doel dat de cliënt wil bereiken. Alle betrokken professionals hebben de taak met de cliënt samen te werken in het bereiken van dat doel. Dat houdt in dat alle betrokkenen het ook eens zijn over het doel. Als je werkt vanuit het oplossingsgerichte perspectief, is elke actie of interventie gemandateerd door de cliënt. Uit ervaringen en observaties is gebleken dat professionals het regelmatig lastig vinden om concrete doelen te stellen. Professionals hebben geleerd vooral lang te luisteren naar het probleemverhaal van de cliënt. Andere professionals hebben geleerd snel in te grijpen en het gesprek te domineren doordat zij de richting bepalen waarin de cliënt moet veranderen In de oplossingsgerichte gespreksvoering leidt de professional door een stap Pg. 2
achter te blijven. Dat wil zeggen, dat de professional zo snel als het kan, het praten over problemen stuurt in de richting van het praten en denken over oplossingen. In het boek over flow legt Mihaly Csikszentmihalyi uit, dat ons brein op een dag veel informatie krijgt en daar structuur in aan moet brengen. Wanneer een mens negatieve input krijgt en op die input geen controle kan krijgen, ontstaat er chaos of wanorde in het brein. Als ook het netwerk van de mens negatieve input levert, neemt de chaos/wanorde toe. Het brein gebruikt zoveel capaciteit om de negatieve input te ordenen en te verdedigen, dat er geen ruimte over is om naar oplossingen te zoeken. Veel cliënten die ondersteuning vragen bij het oplossen van hun problemen komen in een toestand van chaos/wanorde bij de professionals. Veel cliënten hebben het gevoel dat het probleem hen helemaal in de greep heeft. Het is de taak van de professional om de cliënt te ondersteunen zelf weer controle te krijgen over zijn chaos. Uit ervaring en observaties is gebleken dat professionals het stellen van doelen voor zichzelf lastig vinden. Helaas hebben we in onze opleidingen geleerd open in het gesprek te gaan. Als professionals doelen voor zichzelf gaan stellen zal hen dat meer structuur opleveren en het zal hen nog efficiënter maken. Een andere reden is,dat professionals vaak geen tijd nemen om doelen te stellen, is de hoge werkdruk. Vele professionals hebben een overvolle agenda en rennen, soms letterlijk, van de ene cliënt naar de andere. Daarnaast moeten ze registeren of ander administratief werk doen.. Anderen werken op verschillende plekken en moeten vaak veel reizen. Op al die plekken moeten ze ook mee doen aan allerlei overlegsituaties waar vaak ruim gestelde doelen of vage doelen zij gesteld en waar ook vaak probleemgericht gesproken wordt. Dat maakt dat iedere deelnemer zegt hoe hij er over denkt en anderen hem aanvullen. Ervaringen met professionals hebben mij geleerd, dat veel professionals deze overlegsituaties niet erg nuttig vinden. Werken vanuit de oplossingsgerichte werkwijze helpt professionals om in elk gesprek met verschillende cliënten,toch steeds het zelfde te doen; namelijk het gesprek te laten gaan over wat de cliënt anders wil! Oplossingsgerichte professionals ervaren meer rust en creativiteit en minder de last van de cliënt, zelfs in drukke tijden. Zij stellen open vragen en hebben een nieuwsgierige houding en blijven gefocust op het doel van de cliënt. De cliënt zelf wordt en blijft verantwoordelijk voor het halen van het doel. Zij geven tevens aan dat overlegsituaties die oplossingsgericht zijn meer structuur hebben en doelgerichter zijn. Zij ervaren deze overlegsituaties als nuttig en bevredigend ook doordat het doel van de cliënt daarin centraal staat. In de eerstelijns hulpverlening heerst er soms wanorde omdat professionals een grote caseload hebben. Soms krijgt een professional een opdracht van iemand anders, om een cliënt te bewegen in een richting, die de cliënt niet wil. Soms hebben ze cliënten die weinig mogelijkheden lijken te hebben of die niet gemotiveerd zijn voor hulp of de oplossing buiten zichzelf te leggen. Vaak hoor ik professionals zeggen dat ze het overzicht kwijt zijn. Binnen zo n context is het lastig controle te hebben over je eigen wanorde. Professionals zoeken dan steun bij externe oplossingen door bijvoorbeeld hun leidinggevende te vragen hun probleem op te lossen. Binnen de oplossingsgerichte gespreksvoering neemt de professional de tijd om na te denken over zijn doel in contact met de cliënt en over hoe hij dit doel wil/kan behalen. Op deze manier werkt de oplossingsgerichte gespreksvoering naar twee kanten: het biedt zowel structuur aan de cliënt als ook aan de professional. Gerrit van de Vegte COW Pg. 3
De client is de expert in de hulpverlening binnen welzijn, zorg en onderwijs, is er de laatste decennia een verschuiving te zien in de expertrol die hulpverleners innemen in het hulpverleningsproces. waar de hulpverlener in de eerste driekwart jaar van de vorige eeuw de expert was, is die expertrol langzamerhand meer en meer verschoven naar de cliënt. medio vorige eeuw wist de hulpverlener beter dan de cliënt wat er mis was met de cliënt en volgde de hulpverlener een diagnostisch gespreksmodel om door de weerstand van de cliënt heen achter de echte oorzaken van het probleem te komen. de oplossingen die cliënten kregen aangereikt waren externe oplossingen, dat wil zeggen dat de oplossing bedacht werd door de hulpverlener en niet door de cliënt zelf. langzamerhand kreeg het perspectief van de cliënt een grotere plek in de therapie. carl rogers en rond diezelfde tijd milton erickson lieten de inbreng van de cliënt sterk meebepalen, door aan te sluiten bij het perspectief van de cliënt, waardoor de cliënt ging bepalen in welke richting het hulpverleners gesprek moest gaan. harlene anderson introduceerde nog weer later (eind jaren 80) het begrip van de not-knowing attitude. deze houding van niet weten van de hulpverlener maakt het hulpverleningsgesprek tot een onderzoekende dialoog. door de houding van niet-weten kon de realiteit, zoals de cliënt die ervoer, overgenomen worden en werd de hulpverlener bevrijdt van zijn expert rol. het hulpverleningsgesprek werd een onderzoekende dialoog naar hoe de cliënt zijn werkelijkheid ervaart en definieert. een hulpverleningsgesprek moet leiden tot een gesprek waarin de hulpverlener en cliënt samen op zoek gaan naar oplossingen die voor die cliënt werken. deze oplossingen worden interne oplossingen genoemd, dat wil zeggen dat ze voortkomen vanuit de cliënt en niet vanuit een externe expert of theorie. het is gebleken dat interne oplossingen voordelen hebben boven externe oplossingen. interne oplossingen sluiten naadloos aan bij de cliënt, omdat ze vanuit de ervaringen van de cliënt zelf voortkomen. interne oplossingen kennen de nadelen van het overtuigd worden door een expert, niet. zij zijn in zichzelf overtuigend, want de cliënt komt zelf met de oplossing, die oplossing komt uit zijn eigen ervaringen en dus heeft de cliënt er vaak al positieve resultaten mee bereikt. Pg. 4
Overtuigingskracht. Ten aanzien van overtuigingskracht kunnen we ook uit de sociale psychologie veel leren, bijvoorbeeld met betrekking tot de vrijheidsdrang van mensen en wat mensen al dan niet overtuigt. Als een expert met een externe oplossing komt, leidt dit in de interactie per definitie tot de vraag of de externe oplossing overtuigend is voor de cliënt. de cliënt gaat het in overweging nemen of dat wat de expert hem aanreikt overtuigend is. in de sociale psychologie is gebleken dat de meest overtuigende interacties die interacties zijn waarin het doel niet is om iemand te overtuigen. de paradox van de overtuigingskracht is: als je overtuigend wilt zijn, overtuig dan niet. hoe werkt dit? als iemand merkt dat iemand anders hem ergens van wil overtuigen, dan gaat die persoon automatisch proberen zijn autonomie te beschermen. deze reactie houdt in dat wanneer ons gevoel van autonomie wordt aangetast, wij pogingen gaan doen om die autonomie te herwinnen. in een experiment werd mensen op straat door een onderzoeker gevraagd om een petitie te ondertekenen. als er iemand stopte, begon de onderzoeker op een vriendelijke toon uit te leggen waarom hij de petitie zo belangrijk vond. een andere voorbijganger (die ook behoorde tot het onderzoeksteam, maar pretendeerde een voorbijganger te zijn) kwam erbij staan en begon de persoon die gevraagd werd de petitie te ondertekenen op een sterk overtuigende toon te vertellen waarom hij de petitie juist niet moest tekenen. wat was het effect? mensen waren in die situatie meer bereid om hun handtekening te zetten in plaats van minder bereid. de vriendelijke onderzoeker die vertelde waar hijzelf in geloofde, was overtuigender dan de overtuigende onderzoeker die een klemmend advies gaf. mensen houden er niet van om verteld te krijgen wat ze moeten vinden of doen. dus; hoe meer je probeert iemand te overtuigen, hoe meer die ander zijn autonomie zal proberen te herstellen en hoe minder overtuigend je uiteindelijk bent. in de oplossingsgerichte benadering is het inzicht dat interne, cliëntgeleide oplossingen beter werken dan externe, expertgedreven oplossingen. insoo kim berg en steve de shazer hebben de eerste grote stappen op dit gebied gezet door zich te realiseren dat wat voor de ene cliënt een goede oplossing bleek te zijn voor een andere cliënt juist niet werkte. in dialogen die steve de shazer bijvoorbeeld beschrijft in zijn boek keys to solutions in brief therapy is te zien dat de therapeut een veel minder grote expertrol inneemt dan in andere vormen van therapie in die tijd. de oplossingsgerichte benadering gaat ervan uit dat iedere casus uniek is en dat voor iedere casus ook een unieke, passende oplossing gevonden moeten worden en dat de vindplek van die oplossingen bij voorkeur in het systeem zelf ligt. gerrit van de vegte - trainer/coach oplossingsgericht werken centrum oplossingsgericht werken Pg. 5
Wat is oplossingsgerichte gespreksvoering? De oplossingsgerichte gespreksvoering is praktisch, gestructureerd en eenvoudig toepasbaar. Deze methode is goed te gebruiken naast de al bestaande gespreksmodellen. Ze biedt de professional een nieuwe en andere werkwijze, zodat deze in de praktijk kan kiezen wat het beste bij de cliënt past. De oplossingsgerichte gespreksvoering is makkelijk in te voegen binnen anderen modellen van gespreksvoering. Oplossingsgerichte gespreksvoering is een stapsgewijs proces dat uit een aantal logische fases bestaat. In de eerste fase ontwikkel je een doel of een droom over hoe je het in de toekomst wilt hebben. Vervolgens zoek je een concrete actie die helpt om het doel of een droom te verwezenlijken. Oplossingsgerichte gespreksvoering is een generalistisch model dat bedoeld is om individuen, gezinnen en groepen te helpen ten goede te veranderen. Oplossingsgerichte gespreksvoering is generalistisch in de zin dat het toepasbaar is op een breed scala van situaties waar de behoefte is om de wijze van functioneren van personen, gezinnen of groepen te veranderen of te verbeteren. Het is een instrument dat helpt bij het verbeteren van het functioneren. Oplossingsgerichte gespreksvoering is geschikt voor het oplossen van problemen, coachen, persoonlijke ontwikkeling, teambuilding, schoolproblemen, gedragsproblemen, het managen van verandering en organisatieontwikkeling en training. De professionals die de oplossingsgerichte gespreksvoering toepassen ondersteunen de cliënt door hem oplossingsgerichte vragen te stellen die de cliënt laten nadenken over wat hij in de plaats wil hebben voor het probleem. De professional ondersteunt de cliënt om een doel te formuleren. Wanneer het doel eenmaal is geformuleert, wordt de cliënt er toe aangezet om een actie te kiezen die helpt om het doel dichter bij te laten komen. Vaardigheden die nodig zijn om een oplossingsgericht gesprek te voeren zijn: open vragen stellen, concentratie om je alleen te richten op wat de cliënt wil; samen met cliënt acties kunnen formuleren, de cliënt kunnen aansporen naar successen te kijken, erkennen, complimenten geven, vertrouwen geven dat het gaat lukken,netwerk als support inzetten, de vooruitgang monitoren, structuur bieden, doelen kunnen stellen voor jezelf als professional en greep hebben op je eigen chaos. Hier onder vindt u een voorbeelden van het eerste gesprek en vervolggesprekken, hoe een oplossingsgericht gesprek gestructureerd is en welke stappen je langs kunt gaan om de cliënt aan te zetten over de oplossingen te praten en hoe de vragen je aanzetten een stap achter te blijven. In het voorbeeld van het protocol van het vervolggesprek kun je opmerken dat aansluit op wat er gebeurd is in het eerste gesprek. Pg. 6
PROTOCOL VOOR HET EERSTE GESPREK Probleem Wat brengt u hier? Hoe is dit een probleem voor u? Wat heeft u al geprobeerd en wat was daarvan nuttig? Doelformulering Wat wilt u anders als gevolg van de gesprekken? Hier kan ook de wondervraag worden gesteld of een andere vraag naar doelformulering. Probleem moet haalbaar zijn en daardoor moet de cliënt kleine stappen doen. Relatietypen. Elke cliënt gaat met een hulpverlener een relatie aan. In het oplossingsgericht werken kennen we drie relatietypen die de cliënt aan kan gaan met de hulpverlener. Stel vast in welke relatie jij je bevind met de cliënt! De benaming van de drie typen is geen diagnose. Het beschrijft alleen het type relatie die cliënt en hulpverlener met elkaar onderhouden op dat moment. DE KLANT (heeft een probleem en wil iets aan de oplossing doen) DE KLAGER (heeft een probleem maar ziet zichzelf niet als deel van de oplossing) DE BEZOEKER (geen klacht of doel om aan te werken) GESTUURDE CLIËNTEN (doelen verwijzer en doelen cliënt komen vaak niet overeen) Probleem of beperking voor een probleem is een oplossing met een beperking moet de cliënt leren leven. Uitzondering Wanneer zijn er al momenten die een beetje op het wonder lijken? Hoe gaat dat precies? Hoe lukt dat? Hoe krijgt u dat voor elkaar? Zo niet: wanneer zijn er momenten waarop het probleem er niet of minder is Hoe gaat dat precies? Hoe lukt u dat? Pg. 7
Inschaling van Verbetering sinds de aanmelding. Waar zit u nu op een schaal van 10 tot 0? Wat maakt dat u op dit cijfer zit? hoe hebt u dat voor elkaar gekregen? Motivatie om aan de slag te gaan: Tien is dat u er alles voor over hebt en nul is dat u er niets voor over hebt en alle verdere schaalvragen Vertrouwen dat het probleem kan worden opgelost/het doel kan worden bereikt: `tien is dat u er alle vertrouwen in heeft en nul is dat u er helemaal geen vertrouwen in heeft dat u het probleem waarvoor u komt kan oplossen /uw doel kan bereiken en alle verdere schaalvragen Feedback Complimenten voor wat de cliënt al deed en dat heeft geholpen; positieve karakterduidingen Reden voor de taak; liefst in de woorden van de cliënten Taak of suggesties voor huiswerk, gedragstaken voor klanten, observatietaken voor klagers en geen taken voor bezoekers. Voorbeeld van een observatie taak voor klagers is : let op die dingen die al goed gaan. Is het nog nodig om terug te komen? Zo ja: wanneer wilt u terugkomen Theoretische uitwerking van het protocol voor het eerste gesprek. Stap 1 Van probleem naar oplossing. Cliënten die problemen ervaren, komen in soort vaak met een wanorde in hun brein bij de hulpverlener. Doordat hij aldoor denkt en praat over het probleem krijgt hij geen grip op zijn gedachten. Het denken en praten over het probleem, maakt het probleem over het algemeen groter, dus ook de wanorde in het brein. De meeste cliënten komen bij een hulpverlener om weer grip te krijgen in plaats van in cirkels rond te draaien. Het doel van de hulpverlener is om de cliënt te leiden naar het praten over mogelijke oplossingen. De hulpverlener draagt er toe bij dat de cliënt een soort van transformatie maakt van probleem naar oplossing. Deze transformatie brengt de cliënt in contact met gedachten en ideeën over oplossingen. In het algemeen kan de cliënt door de wanorde in het brein van de hak op de tak springen. Het is dan ook zaak dat de hulpverlener structuur geeft door geconcentreerd te focussen op het praten over oplossingen, wanneer de cliënt eenmaal heeft ervaren dat dit een goede richting is, zal hij het praten over oplossingen overnemen. Uiteindelijk gaat het er om dat de cliënt in staat wordt gebracht weer zelf controle te krijgen over zijn gedachten en mogelijkheden. Het middel bij uitstek om dit te bereiken is het stellen van oplossingsgerichte vragen die beginnen met: Wat, Waar, Wanneer,Waarin en Hoe. Stap 2: Doel construeren. Een doel construeren is de belangrijkste stap binnen de oplossingsgerichte gespreksvoering. Zonder een doel of met een vaag doel verwordt een gesprek vaak tot een praten dat alle kanten opgaat. Een gesprek zonder doel is een gesprek zonder richting en vaak ook zonder enige structuur. Dan wordt het lastig voor de cliënt om greep te krijgen op zijn wanorde. De taak van de oplossingsgerichte professional is om door middel van open vragen de cliënt te sturen in het nadenken over oplossingen. Een goed en bruikbaar doel construeren kost tijd en inspanning. Daarbij is het belangrijk om langzaam te gaan. Een vraag die behulpzaam kan zijn bij het praten over oplossingen is de volgende: Wat wilt u voor het probleem in de plaats? Bruikbare middelen die kunnen helpen bij het construeren van een doel zijn de uitzonderingen. Een vraag die gesteld kan worden is: Wanneer is er een momentje geweest, waarop het probleem er niet of minder was? Pg. 8
Het tweede bruikbare middel is de schaalvraag: vraag de cliënt waar hij op dat moment staat op een schaal van 1 tot 10, waarbij de 1 staat voor het probleem op het ergst en de 10 dat het probleem naar tevredenheid is opgelost. Accepteer het cijfer dat de cliënt noemt en vraag naar de betekenis. Vraag naar wat er voor gezorgd heeft dat het al dat cijfer is. Neem de tijd om uit te zoeken wat er allemaal in dat cijfer zit en wat de cliënt al heeft gedaan om op dat cijfer te komen. Op het moment dat het cijfer voldoende is uitgezocht ga je de stap maken naar wat de cliënt voor actie wil gaan ondernemen om het doel te bereiken. Het is zeer nuttig om de cliënt voordat de actie wordt afgesproken een cijfer te laten kiezen waarop hij denkt te kunnen stoppen met de gesprekken. Het is van belang dat een doel in de toekomst is gesitueerd en dat het vastgelegd wordt. Mede daarom is de schaalvraag een bruikbaar middel. Om een doel te halen moet de cliënt over vaardigheden beschikken die overeenkomen met het te behalen doel. Grote doelen moeten worden opgedeeld in kleiner subdoelen. Stap 3 Acties. Via de uitzonderingen en de schaalvraag is het mogelijk om de cliënt te laten zoeken naar de juiste actie die hij gaat doen om dichterbij het doel te komen. Een actie moet zo geconstrueerd zijn dat hij uit te voeren is. De cliënt moet vertrouwen hebben of krijgen dat hij de actie succesvol kan uitvoeren. Omdat een probleem ontstaat binnen een bepaalde context en interactie met anderen, is het nuttig deze anderen te betrekken bij het ondersteunen van het doel en voor het uitspreken van hun vertrouwen dat de cliënt de actie goed kan uitvoeren. Vertrouwen krijgt de cliënt door met hem naar eerdere successen te kijken in gelijksoortige situaties. Complimenten van en door de hulpverlener dragen tevens bij aan het zelfvertrouwen van de cliënt. Stap 4 Afsluiting. Elk gesprek heeft een begin en het moet dus ook afgesloten worden. Denk hierbij aan het beginnen van een artikel schrijven op de PC, wanneer je klaar bent moet je het document afsluiten anders raak je het kwijt. Een goede afsluiting gaat over het resumeren van wat er is besproken; wie welke actie gaat doen en positieve feedback. Je kunt ook evalueren middels de volgende drie vragen: Was het nuttig wat we gedaan hebben? Wat is nuttig geweest? Wat heeft gewerkt? Wat moeten we blijven doen om een volgend gesprek nuttig te maken? Bij de afsluiting hoort ook het praten over een vervolggesprek en het nut daarvan. In het oplossingsgericht werken houden we er rekening mee dat elk gesprek het laatste kan zijn. Dus is de vraag gerechtvaardigd: is het nog nodig dat we een vervolggesprek moeten plannen? Vaak nemen hulpverleners het voortouw bij het maken van een afspraak. Er van uitgaande dat dit ook nodig is. Tijdens oplossingsgerichte gespreksvoering is de cliënt de deskundige hij weet dus ook of een vervolggesprek nuttig kan zijn. Cliënten kunnen voorstellen om een vervolgafspraak te plannen over een aantal maanden, het is de taak van de oplossingsgerichte hulpverlener om na te vragen wat maakt dat de cliënt het idee geeft dat dit mogelijk is? Het is ook de taak van de oplossingsgerichte hulpverlener om vertouwen te hebben in de cliënt. Concentratie is een belangrijke vaardigheid die nodig is voor het behalen van het doel. Concentratie helpt om het brein, dat per dag veel verschillende input krijgt, gericht te houden op de actie. Wanneer de concentratie vervaagt is het mogelijk dat de cliënt afgeleid gaat worden om aan andere zaken voorkeur te geven in plaats van de actie. Het is onmogelijk om 24 per dag geconcentreerd te zijn, omdat er in het leven van de mens zich voortdurend ander zaken aandienen die ook aandacht nodig hebben. Concentratie blijft nodig om je daarna weer te kunnen richten op de actie of het oefenen. Motivatie helpt bij het geconcentreerd zijn op de actie. Motivatie houd je door positieve ervaringen te hebben. Motivatie houd je ook door positieve feedback van belangrijke anderen en het zien van vooruitgang. Pg. 9
Protocol voor vervolggesprek. Naam cliënt: Datum: Wat gaat beter? Wat is er anders? Zoek: wat gebeurt er dat beter/anders is? Breid uit: hoe gaat dat? Wat doe je om dat voor elkaar te krijgen? Is dit nieuw voor je? Wat is er anders tussen jou en.. nu je doet? Wat is er thuis anders? Wat is er anders op school/werk? Beloon/ complimenteer: Niet iedereen zou. Hebben kunnen zeggen of doen. Dus je bent dat soort mens dat.? Je hebt flink nagedacht over. Begin opnieuw: Wat gaat er verder beter/anders? Wat nog meer? Doe er meer van: Wat moet je doen om..dit wer te doen? Wat kun je doen om. Vaker te doen? Als er niets beter is: Hoe red je het? Hoe houd je het vol? Hoe komt het dat het niet erger is? Schalen van vooruitgang. Huidige niveau : Waar sta je nu ten opzichte van de vorige keer dat we elkaar gezien hebben? Volgende niveaus: Als je een punt hoger bent, wat is er dan anders? Wie zal dat het eerst merken? Wat zal die anders doen? Wat kun je doen alsof het een punt meer is? Afsluiting: Waaraan zul je merken dat je niet meer terug hoeft te komen? Wat is er dan anders? Complimenten: geef complimenten over wat je heb waargenomen tijden het gesprek.. Suggesties: Volgende keer. Wie kan oplossingsgericht werken gebruiken? Deze training richt zich vooral op : Maatschappelijk werkers; sociaal agogen; professionals binnen CJG s; leidinggevenden; jeugdwerkers en professionals in wijk-gebieds-sociale teams, case managers; gespecialiseerde thuiszorg; vrijwilligers en werkers die de aanmelding aannemen. Pg. 10
WAAROM OPLOSSINGSGERICHT GESPREKSVOERING? Wat levert de training oplossingsgericht gespreksvoering de professional op? In de afgelopen jaren heb ik honderden professionals getraind in het oplossingsgericht gespreksvoering. Met veel professionals heb ik gesproken over het nut voor hen en hun cliënten van het oplossingsgericht werken, en hoe zij het oplossingsgericht werken in hun dagelijkse praktijk toepassen. De uitkomsten: De training werd als zeer praktisch ervaren en hoog gewaardeerd. Het geleerde kon meteen worden toegepast. Velen gebruikte het OGW in de loop der tijd steeds meer. Het oplossingsgericht werken is bij veel cliënten met verschillende problemen te gebruiken. Het OGW is een generalistische methode die makkelijk is in te voegen bij andere methoden die professionals gebruikten. De enthousiaste wijze van trainen en de daarbij gebruikte humor. De effecten die professionals noemden zijn: Het werk wordt lichter. Men ervaart niet meer de last om oplossingen te moeten bedenken voor de problemen van cliënten: men ziet dat de cliënt dat zelf kan. De gesprekken zijn positiever en meer ontspannen. Er is meer werkplezier. De cliënt wordt hoopvoller en actiever. Hij krijgt meer zelfvertrouwen. Ook zijn werk wordt lichter. Het werkt voor de cliënt heel overzichtelijk. Men werkt efficiënter. Men heeft meer overzicht en houvast in de gesprekken. Het neemt minder tijd in beslag. Door de OGW leerde ik meer out of the box kijken en denken Het verhoogt de motivatie van cliënten en ook van de professionals. Ik was vooraf sceptisch, omdat ik al jaren met andere methodes werkte, die volgens mij goed werkte, maar deze training heeft mij,laten zien dat het bijna voor alle problemen te gebruiken is en dat het heel goed werkt. Door de structuur die het werken met OGW mij bied, ben ik mij beter gaan profileren. Er lijkt een zelfenthousiasmerend effect uit te gaan van het OGW door twee "beloningen". Men ziet dat het werkt bij de cliënten en het werk wordt lichter en positiever voor de hulpverlener. Begeleidde intervisie Uit onderzoek blijkt dat veel van de deelnemers de eerste drie maanden na een training een stijgende lijn kunnen vasthouden,wanneer zij zonder enige ondersteuning werken met het OGW. Daarna gaat bij een grote groep de lijn naar beneden. Onderzoek heeft uitgewezen, wil je het geleerde goed meester worden, je een doel moet hebben hoe goed je in het OGW wilt worden en welke ondersteuning en van wie je daarbij nodig hebt. Pg. 11
Tevens is het van belang dat je doel in de tijd zet,wanneer je het doel bereikt wilt hebben. Je moet weten welke voordelen de OWG oplevert in het werken met je cliënten en voor jou als professional. Voor verdere motivatiefactoren zie hier onder bij support. Het blijkt uit ervaring dat intervisie, die begeleid wordt door de trainer, een effectieve manier is om het geleerde beter te borgen. De intervisie draagt er ook aan bij dat het geleerde verdiept wordt en de deelnemers hun enthousiasme terug krijgen of behouden. Regelmatig intervisie helpt de professionals te ondersteunen in het bereiken van hun doel. Het is zeer nuttig gebleken, blijkt uit ervaringen,dat instellingen een lange reeks intervisie bijeenkomsten hadden geplant. Support Trainingen zijn duur en tijdrovend. Gelukkig dragen veel trainingen er toe bij dat de professional zich professioneler voelt in zijn werk. Er zijn enkele regels die er voor zorgen dat een training op langere termijn nog steeds het beoogde effect blijft houden. Uit eigen evaluaties blijkt dat veel trainingen na vier maanden weinig tot geen effect meer hebben. Daar zijn meerdere redenen voor te noemen. De belangrijkste reden is dat het ontbreekt aan support. Om een training blijvend effect te laten hebben is het nuttig dat er sprake is van goede ondersteuning van collega s, leidinggevenden en andere belangrijke mensen. Support draagt er toe bij dat de motivatie blijft. Er zijn vijf motivatie regels waarop ondersteuning gewenst is, wil de training zijn waarde behouden. Deze regels zijn: Je hebt het gevoel dat het jouw doel is. Het doel is waardevol voor jou en anderen. Jij en anderen hebben er vertrouwen in dat je het kan halen. Jij en anderen merken vooruitgang. Jij en anderen zijn bereid eventuele tegenslag het hoofd te bieden. Voor een training in Support, zie de website. HOE OPLOSSINGSGERICHT WERKEN? De trainingsopzet Er is veel ruimte om te oefenen met eigen praktijk situaties en het leren van gerichte vaardigheden. De training is praktisch, met aandacht voor zowel de theorie van het oplossingsgericht werken als ook live demonstraties. Deze training sluit aan bij de dagelijkse praktijk. Hij bied voordelen zoals het werken vanuit de kracht van de cliënt/het systeem, de kracht van de professional; kortdurend,efficiënt en hij verhoogt het werkplezier. De deelnemers krijgen huiswerk opdrachten mee na elke trainingsdag. Ervarend leren is de basis van waaruit de oefeningen worden gedaan. De trainer werkt met situaties uit de praktijk waarin de vaardigheden van gespreksvoering worden geleerd. De trainer coacht de professional tijdens het gesprek. Het gesprek wordt stil gelegd om te reflecteren en andere bruikbare interventies te bespreken die de professional meteen kan uitproberen tijdens het oefenen. De theorie wordt tijdens het oefenen gegeven en uitgelegd. De groep krijgt altijd een observatieopdracht,terwijl een cursist oefent. De meeste oefeningen vinden plaats in de groep. Het oefenen wordt afgewisseld met beeldmateriaal. Pg. 12
Elke bijeenkomst bestaat uit een afwisseling van praktische vaardigheidstraining en theoretisch reflecteren: 1. praktische oefeningen en rollenspellen 2. intervisie rondom ter plekke ingebrachte professionele, methodische en gespreksvaardigheid problemen. Thema s per bijeenkomst: 1. Click here to enter a date. Thema: Inleiding in het oplossingsgericht werken. Vaststellen van persoonlijke doelen van de cursisten. Oefenen in het stellen van doelen d.m.v de oplossingsgerichte gespreksvoering bij individuele cliënten. Theorie en oefenen in uitzonderingen,schaalvraag, relatietypische cliënten en het geven van complimenten. Theorie bespreking n.a.v. wat gelezen is. Huiswerk opdracht voor de cursisten 2. Click here to enter a date. Thema: Wat is er anders? Bespreken van de opdrachten en theorie. Herhaling. Oefenen in vervolggesprekken. Theorie en oefenen in gespreksvoering met meerdere personen. Doelen stellen wanneer meerdere mensen betrokken zijn. Wondervraag en schaalvraag uitbreiden. Opdracht. Aandacht voor de inbreng van leervragen van de cursisten. 3. Click here to enter a date. Thema: Wat is er anders? Bespreken van gelezen theorie en opdrachten. Oefenen in het vervolggesprek. Oefenen en bespreken van gespreksvoering in vergaderingen, professioneel overleg en met verwijzers. Oefenen vanuit de praktijk. Aandacht voor het inbrengen van leervragen cursisten. 4. Click here to enter a date. Thema: Intervisie en Afsluiting oefenen in gespreksvoering t.a.v. intervisie en professioneel overleg als casusbespreking. Gespreksvoering t.a.v afsluiten. Aandacht voor leervragen van de cursisten. Click here to enter a date. dagindeling: 09:45-10:00 Ontvangst 10:00-10:30 start 10:30-11:30 Literatuur discussie 11:30-11:45 Pauze 11:45-13:00 Praktische oefeningen, eventueel live supervisie 13:00-14:00 Lunchpauze 14:00-15:30 Praktische oefeningen 15:30-15:45 Pauze 15:45-16:30 Rollenspel 16:30-17:00 Afronding, afspraken Pg. 13
Erkenning: Om een certificaat te krijgen moet je opdrachten doen en een presentatie voorbereiden en gehouden hebben. Je houding tijdens de training; meedoen ondersteunen van mede cursisten. Je mag gedurende de 4-daagse training geen dag afwezig zijn. Zie toetsingsvoorwaarden. Opdrachten: Opdrachten bij de training oplossingsgerichte gespreksvoering. Deelnemers kunnen kiezen uit meer opdrachten: Eind opdracht voor dag 4: Presenteer in 10 minuten wat oplossingsgericht werken voor jou is? Waar wil je de groep in mee nemen? 1 ste dag: Opdracht : Let,in de tijd tussen deze dag en de volgende trainingsdag, op wat je al doet met oplossingsgericht werken.? Wat heb je toegepast? Hou bij wanneer jij denkt dat het OWG is? Vraag aan je collega s wat zij jou hebben zien doen? Opdracht 2: Oefen met het geven en ontvangen van complimenten. Hou bij welke complimenten jij hebt gegeven? Wat was de reactie van de gene die hem kreeg? Vraag een paar keer aan je anderen welke complimenten ze hebben zien geven? Hou bij welke complimenten jij hebt gekregen waar jij het mee eens was? Hoe was het om die complimenten te krijgen? Wat deed dit met je? Opdracht 3: oefen in het leeg luisteren. Beschrijf je bevindingen. Hoe hebt je het aangepakt? Wat was het effect op het gesprek en op de cliënt? Opdracht 4: Oefen met het stellen van oplossingsgerichte vragen. Wat,Waar, welke, waarmee, waarin, wie en hoe. Opdracht 5: Zou je in de tijd tussen de twee trainingdagen elke dag eens kort stil willen staan bij de dingen in je werk die; ondanks dat het druk op je werk is, toch de moeite waard zijn om te behouden? 2 de dag: Opdracht 1: Oefen met het zoeken en bespreken van uitzonderingen? Schrijf op wat heeft dat opgeleverd voor jou en jou cliënten? Opdracht 2: Oefen met de schaalvraag. Schrijf op wat je bevindingen zijn. Wat ging er goed? Hoe reageerde de cliënt? Opdracht 3: oefen in het leeg luisteren. Opdracht 4: oefen in het stellen van oplossingsgerichte vragen. Pg. 14
Dag 3: Opdracht 1: Oefen in het leeg luisteren. Opdracht 2: oefen in het vaststellen van de relatie typen. Beschrijf, hou bij wanneer je dit geoefend hebt en met welke relatie type je te maken had! Opdracht 3: Oefen met de wondervraag of droomvraag. Beschrijf, hou bij wanneer je deze vraag hebt ingezet en wat was het effect? Opdracht 4: oefen met het stellen van oplossingsgerichte vragen. Wat bied ik nog meer? Het is mogelijk om uit de trainingen zelf combinaties samen te stellen of u kiest voor een samengesteld pakket met korting. (zie website ) Basis training Oplossingsgericht gespreksvoering. Is een 4 daagse praktische, generalistisch training, waarin veel ruimte is om te oefenen met de praktijk en het leren van gerichte vaardigheden. Er is veel gelegenheid te oefenen met de praktijk en het leren van gerichte vaardigheden. De training wordt ondersteunt met live demonstraties. Voordelen die de training geeft: het werk wordt nog leuker; kortdurend; efficiënt; toepasbaar bij de meest voorkomende problemen waar cliënten mee geconfronteerd worden. Voor professionals in het maatschappelijk werk, gespecialiseerde thuiszorg; onderwijs; leidinggevenden en jeugzorg. Pg. 15
4 Daagse training Kids Skills. Kids skills is een speelse,praktische en systemische benadering voor het oplossen van moeilijkheden waarmee kinderen geconfronteerd worden. Er is veel gelegenheid te oefenen met de praktijk en het leren van gerichte en op de praktijk gerichte vaardigheden die meteen in de praktijk geprobeerd kunnen worden. De training wordt ondersteunt met live demonstraties. Voor professionals in het basisonderwijs; (school)maatschappelijk werk; jeugdzorg; CJG en wijkteams. 3 daagse training Mission Possible. Mission Possible is een persoonlijk ontwikkelingsprogramma voor jongeren. Het is een creatieve; praktische en systemische benadering voor het oplossen van problemen waarmee jongeren geconfronteerd worden. De training wordt ondersteunt door live demonstraties. Er is veel gelegenheid om te oefenen met de praktijk en het leren van gerichte vaardigheden die meteen in de praktijk uit geprobeerd kunnen worden. Voor professionals: in het voortgezet onderwijs; CJG; jeugdzorg en schoolmaatschappelijk werk. Training supportgericht werken. Supportgericht werken is een 2 daagse training voor professionals die al enige kennis hebben van het oplossingsgericht werken. Het is een praktische, creatieve en op de contextgerichte training, waarin veel gelegenheid is om te oefenen met de praktijk en het leren van gerichte vaardigheden die meteen in de praktijk uitgeprobeerd kunnen worden. Voor professionals in het maatschappelijk werk; jeugdzorg ;leidinggevenden; CJG en onderwijs. Pg. 16
Training Reateaming. Reteaming is een 2 daagse oplossingsgerichte, systematische en stapsgewijze procedure voor het versterken van de motivatie en het sturen van veranderingsprocessen op basis van samenwerking. Het doet zoals alle oplossingsgerichte methoden, afstand van de probleemanalyse en biedt in plaats daarvan een ondersteunend kader waarbinnen men zich gezamenlijk oriënteert op toekomstige oplossingen en deze vertaalt in doelstellingen. Met deze methode kunnen individuele personen, maar ook teams en hele organisaties ondersteund worden bij het oplossen van problemen en tot stand brengen van de gewenste doel(en). Gerrit van de Vegte - Trainer/Coach Oplossingsgericht Werken Centrum Oplossingsgericht Werken ( 06 4578 2715 of 074-2664 268 * gerritvandevegte@home.nl of info@centrumoplossingsgerichtwerken,nl Literatuur: de kracht van oplossingen. Pg. 17
Pg. 18
AAAA @haantekeningen. Pg. 19