Armoede bij mensen met beperkingen

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Armoede bij mensen met beperkingen"

Transcriptie

1 Resutaten van onderzoek naar oorzaken, gevogen voor incusie, preventie en benodigde ondersteuning Armoede bij mensen met beperkingen Martin Schuurman, Hans Kröber, Manon Verdonschot

2 Coofon Armoede bij mensen met beperkingen. Resutaten van onderzoek naar oorzaken, gevogen voor incusie, preventie en benodigde ondersteuning. Deze pubicatie en het achteriggende onderzoek werden uitgevoerd door dr. Martin Schuurman (Kaiope Consut), dr. Hans Kröber (Vians en Incusie.nu) en drs. Manon Verdonschot (Vians). Dr. M.I.M. Schuurman Kaiope Consut Rietvedaan GD Nieuwegein [email protected] Dr. H.R.Th. Kröber Incusie.nu Vijweg AS Dordrecht [email protected] Drs. M.M.L. Verdonschot Vians Postbus RE Utrecht [email protected] ISBN: Maart Kaiope Consut/Vians/Incusie.nu Deze rapportage mag worden verveevoudigd, opgesagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij eektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, mits te aen tijde naar de bron wordt verwezen. Dit onderzoek werd mogeijk gemaakt door een financiëe bijdrage van de Nederandse Stichting voor het Gehandicapte Kind (NSGK), het Revaidatiefonds, het Fonds verstandeijk gehandicapten en het VSB Fonds. 2 Armoede bij mensen met beperkingen Handreiking Ondersteuningspannen 1

3 Inhoudsopgave In armoede even, wat betekent dat? Ineiding Aaneiding en vraagsteing van dit project In het onderzoek gebruikte werkwijze en methodieken Over de inhoud van dit rapport 8 2. De omvang van het armoedeprobeem bij mensen met beperkingen Inkomen en koopkracht Vóórkomen van armoede Inkomen, armoede en incusie Samenvatting Oorzaken en gevogen van armoede Oorzaken van armoede Oorzaken in de persoon Oorzaken in de omgeving Gevogen van armoede Gevogen voor de persoon Gevogen voor de omgeving Ontworsteing aan armoede Armoedeparadox Samenvatting Preventie en ondersteuning bij armoede Wetteijke regeingen Informee hup en ondersteuning Formee hup en ondersteuning Samenvatting Aanbeveingen voor beeid en poitiek Beschouwing van de onderzoeksresutaten Agemeen kader voor preventie en ondersteuning bij armoede Aanbeveingen Agemene aanbeveingen Specifieke aanbeveingen Aanbeveingen voor verdere kennisontwikkeing 48 Literatuurverwijzingen Bijagen: Samensteing van de kankbordgroep Uitkomsten digitae enquête onder mensen met beperkingen Conceptuee overzicht van factoren die van invoed zijn op de kans 55 om uit armoede te ontsnappen 4. Websites over inkomensprobematiek en armoede 56

4 In armoede even, wat betekent dat? Jan Bakker komt uit een gezin met vader, moeder en zus. Hij is nu 32 jaar. Hij vogde speciaa onderwijs, wat hij afrondde met een certificaat (VCA). Daarna is hij gaan werken bij een schoonmaakbedrijf. Dat ging goed, hij was bijna chef van de afdeing. Het was een vaste baan, hij werkte vee, soms ae dagen van de week, en verdiende ongeveer 2000 netto per maand. Hij woonde met zijn vrouw, samen kregen ze een dochter. In die jaren ( ) ging het psychisch en gedragsmatig a niet zo goed met hem. Hij gebruikte drugs, was regematig agressief en had een gat in zijn hand. Feiteijk begonnen de probemen na het overijden van zijn vader, in 1999, die pas 50 jaar oud was. Dat overijden heeft hem erg aangegrepen. In 2010 ging er van aes fout. Aaneiding was het overijden van zijn opa. Jan raakte zijn baan kwijt, zijn reatie iep vast en hij kwam op straat te even. Toen heeft hij 1,5 jaar bij zijn oma gewoond, hij heeft haar verzorgd in haar aatste evensfase (zij was dementerend). Een haf jaar geeden is zij overeden, sindsdien woont hij in een fatje dat hij huurt van een zorgaanbieder. Hij wordt zefstandig begeeid. Betaad werk heeft hij niet, hij doet vrijwiigerswerk voor de zorgaanbieder. De afgeopen jaren heeft Jan zijn dochter niet meer gezien, wat hem vee pijn en verdriet geeft. Het kind, dat een eerachterstand heeft, woont nu in een peeggezin. Aan de kinderrechter heeft hij gevraagd of hij zijn dochter weer mag zien. Onangs kwam er een uitspraak: as hij zich komend haf jaar goed gedraagt en stabie is, en het kind het aankan, mag er weer contact zijn. Zijn kind, adus Jan, weet van mijn bestaan niet af. Met zijn verdere famiie heeft hij nauweijks contact. Jan heeft een schud van euro. Hij krijgt een Wajong uitkering van ongeveer 1000 euro per maand. Daarnaast ontvangt hij 2,80 euro per dagdee vrijwiigerswerk. De uitkering gaat in zijn gehee naar Schudbeheer, onderdee van de Kredietbank. Zijn bewindvoerder daar beheert zijn ged en betaat de huur (500 euro) aan de zorgaanbieder. Zef krijgt Jan 75 euro per week van zijn uitkering. Van dat ged betaat hij boodschappen, betegoed en shag. Hij kan even met dit bedrag maar vindt we dat hij armoede ijdt. Want hij kan niet aes doen wat hij wi. Wat hem erg dwars zit, is de ondoorzichtigheid van wat zijn bewindvoerder met de rest van het ged doet. Hij heeft geen overzicht daarvan. Met de schudsanering moet feiteijk nog worden begonnen. Het is hem onduideijk wanneer die begint en hoe dit precies zit. Naast de dagbesteding (het vrijwiigerswerk) zit hij vrijwe atijd thuis. De groep fats heeft een gemeenschappeijke ruimte waar ze met ekaar driemaa per dag koffie drinken. Twee keer per week, op woensdag en vrijdag, eten ze met ekaar, hij hept dan de begeeiding met eten koken. Hij gaat nooit uit, bemoeit zich met niemand. Hij hoeft op dit moment ook niet zo mensen te zien. Soms voet hij zich eenzaam omdat hij zijn dochter niet ziet. Sinds twee jaar heeft Jan een vriendin in Friesand. Ze zien en bezoeken ekaar niet. Dat kost vee te vee ged (50 euro per keer, zovee heeft hij niet). Datzefde gedt voor haar, ze is nog nooit bij hem op bezoek geweest. Ae contact tussen hen gaat via de webcam. Stabiiteit verkrijgen en behouden, daar gaat het voor hem nu om. Met stabiiteit bedoet hij voora: niet agressief zijn. Hij heeft daar medicijnen voor. Er zijn vee dingen die Jan nu niet kan en zou doen as hij meer ged had. Zoas wat meer naar zijn famiie gaan, zijn vriendin in Friesand bezoeken, keren kopen, een fiets of brommer aanschaffen en naar de bioscoop gaan. 2 Armoede bij mensen met beperkingen

5 1. Ineiding 1.1 Aaneiding en vraagsteing van dit project Vaker dan voorheen even mensen met ichameijke, verstandeijke en/of psychische beperkingen in armoede, zo ijkt het. Tegeijkertijd weten we weinig van armoede binnen deze specifieke groep en van de gevogen van die armoede voor hun deename aan de sameneving. Dat was reden om het verkennende onderzoek Armoede bij mensen met beperkingen uit te voeren. In dit rapport wordt versag gedaan van de resutaten van dit onderzoek. Het onderzoek is uitgevoerd door dr. Martin Schuurman (Kaiope Consut), dr. Hans Kröber (Vians en Incusie.nu) en drs. Manon Verdonschot (Vians). Met een groot aanta externe partners is in een kankbordgroep samengewerkt, waaronder beangenorganisaties (LFB, Patform VG, CG-Raad), zorgaanbieders (waaronder Pameijer) en kennisorganisaties (in het bijzonder Nive en Nibud). Tussentijdse bevindingen werden voor commentaar aan deze kankbordgroep voorgeegd (zie voor de samensteing van de groep bijage 1). Met dit rapport richten we ons in het bijzonder tot beeidsmakers, managers, professionas en onderzoekers. Er is ook een samenvatting van het rapport beschikbaar in eenvoudige, toegankeijke taa. Op de achtergrond speet bij dit onderzoek het vogende. De zorg en ondersteuning aan mensen met beperkingen bevinden zich in een proces van ingrijpende veranderingen. De Awbz wordt voor een beangrijk dee overgeheved naar de Wmo, waarvoor de gemeenten de regie hebben. Daarnaast bereidt het ministerie van VWS de ratificatie voor van het VN-Verdrag voor de rechten van mensen met een handicap. Wmo en VN-Verdrag hebben beide as waardeoriëntatie de incusie van mensen met beperkingen in de Nederandse sameneving. As uitgangspunt gedt hier het sociae mode, dat excusie niet ziet as een probeem dat gesitueerd wordt in de persoon met beperkingen, maar as iets waarbij de maatschappeijke context in het geding is. De maatschappij heeft as opdracht de voorwaarden te scheppen waardoor een ieder erbij hoort, kan meedoen en zich kan ontwikkeen in en met de sameneving. Deze benadering suit aan bij de internationae cassificatie van het menseijk functioneren (ICF), die sinds 2001 operationee is. 1 Externe factoren vormen in deze cassificatie een beangrijke groep factoren van het menseijk functioneren. Ondanks de goede bedoeingen van het VN-Verdrag en de Wmo ijkt de kwaiteit van bestaan van mensen met beperkingen steeds meer onder druk te komen as gevog van gedprobemen. Uit onderzoek in Begië, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten (Abott & McConkey, 2006; Barnes & Shedon, 2010; Emerson, 2007; GRIP, 2006; Grant, 2008) komt naar voren dat mensen met beperkingen een extra grote kans hebben om onder de armoedegrens te geraken. Een ro speet dat zij vaak ook tot andere risicogroepen behoren, zoas die van aeenstaande ouders in de bijstand, ouderen, etc. Voor mensen met verstandeijke beperkingen is die kans op armoede waarschijnijk nog groter vanwege de geijktijdige werking van diverse armoedefactoren: inteectuee handicap, geen werk en niet of astig in staat zijn om van financiëe regeingen gebruik te maken. Mensen met een ichameijke beperking zijn doorgaans meer zefredzaam en komen meer voor zichzef op. Verschiende organisaties doen in ons and onderzoek naar inkomensprobematiek, waaronder het Sociaa en Cuturee Panbureau (SCP), het Nationaa Instituut voor Budgetvoorichting (Nibud) en het Centraa Bureau voor de Statistiek (CBS). Andere partijen richten zich op de gevogen van armoede (schudhupsanering, voedsebanken, kedingbanken, etc.). Er is echter geen onderbouwd inzicht in armoede bij mensen met beperkingen, c.q. in de omvang en oorzaken daarvan en in de gevogen voor de kwaiteit van hun even en hun deename aan de sameneving. Dergeijk inzicht is noodzakeijk. Ten eerste om tot aanbeveingen en opossingen te komen die kunnen bijdragen tot de incusie van mensen met beperkingen met inkomensprobematiek. Daarbij gaat het voora om aanbeveingen op het terrein van de sociaa poitieke omgeving (wet- en regegeving, financiering). Ten tweede om de toerusting van mensen met beperkingen (hun empowerment en hun netwerk) te kunnen faciiteren. Ten derde om de toerusting van ondersteuners zowe professionas as niet professionas - te faciiteren. 1 Zie voor de Nederandse vertaing van de ICF: WHO-FIC Coaborating Centre (2002) of Armoede bij mensen met beperkingen 3

6 In het project Armoede bij mensen met beperkingen is gepoogd dit onderbouwde inzicht te verkrijgen. De doesteing van het project is drieedig: 1. Het project wi inzicht geven in de oorzaken, omvang en gevogen van armoede bij mensen met beperkingen. Bij gevogen gaat het voora om de gevogen voor incusie, as onderdee van kwaiteit van bestaan. De uitkomsten van dit onderzoek wien we verspreiden onder geïnteresseerden en in het bijzonder, met aanbeveingen, adresseren aan beeidsmakers. 2. De gevogen van de armoede wien we samen met betrokkenen vertaen in ondersteuningsvragen die uit de armoedeprobematiek naar voren komen. 3. Tot sot is een doe van het project de weg te wijzen naar een fexibe en dynamisch ondersteuningsaanbod voor mensen met beperkingen, hun netwerk en professionas. Een aanbod dat aansuit op de uitkomsten van het onderzoek c.q. de specifieke ondersteuningsvragen. Het onderzoek is verkennend van aard en wi, vanuit zojuist genoemde doesteingen, een antwoord geven op de vogende onderzoeksvragen: a. Wat wordt verstaan onder armoede? b. Weke data zijn er bekend over de omvang van armoede in Nederand en andere Europese anden, in reatie tot mensen met beperkingen? c. Wat zijn de oorzaken van het ontstaan van armoede, agemeen en meer specifiek bij mensen met beperkingen? d. Wat zijn de gevogen van armoede voor de kwaiteit van bestaan (voora op het domein incusie), agemeen en meer specifiek voor mensen met beperkingen? e. Hoe zijn de preventie en ondersteuning georganiseerd om het hoofd te bieden aan de nadeige gevogen van armoede, waar iggen acunes en hoe zou het beter kunnen, in het bijzonder met betrekking tot incusie? Weke goede voorbeeden rond ondersteuning op het gebied van armoede en incusie voor mensen met beperkingen zijn er? f. Weke aanbeveingen en actiepannen kunnen bijdragen aan de bestrijding van de probematiek? Er wordt bij dit aes van uitgegaan dat het onderwerp armoede een gemeenschappeijke zaak is van afzonderijke partijen, ek met specifieke verantwoordeijkheden: van het okae beeid en bestuur, van zorginsteingen en van de andeijke overheid. En niet in de aatste paats van betrokkenen zef en hun netwerk, a naar geang hun mogeijkheden. De beangrijkste begrippen in het onderzoek zijn armoede en incusie. Daarnaast spreken we over mensen met beperkingen en over hun kwaiteit van bestaan. In Box 1 wordt weergegeven wat we onder deze vier begrippen verstaan. Box 1: Omschrijving van in dit rapport gebruikte begrippen Armoede Het begrip armoede kent verschiende dimensies (Baart, 2004). In dit onderzoek igt de nadruk in het bijzonder op de financiëe en participatieve (incusie) dimensie. We suiten aan bij de zogenaamde budgetbenadering. Hierin wordt armoede afgemeten aan de hand van normbedragen die het Sociaa en Cuturee Panbureau in overeg met het Nibud heeft vastgested. Het basisbehoeftenniveau omvat de minimae uitgaven voor voedse, keding en wonen en enkee andere moeiijk te vermijden kosten. Daar zijn kosten voor sociae participatie aan toegevoegd. Met andere woorden, er is sprake van armoede wanneer iemand gedurende een angere periode niet de middeen heeft om te kunnen beschikken over wat in zijn sameneving minimaa noodzakeijk wordt geacht. (CBS & SCP, 2011) 4 Armoede bij mensen met beperkingen

7 Participatie en incusie Onder participatie verstaan we deename van (groepen) burgers aan de sameneving - zoas het hebben van werk, vogen van onderwijs, verrichten van vrijwiigerswerk en betrokken zijn bij de eefbaarheid van de eigen omgeving - op een voor de persoon zinvoe manier. Incusie betekent gewaardeerd worden, iets kunnen betekenen voor een ander, meedoen, erbij horen, ertoe doen. Het gaat om even in de sameneving, met waardevoe persoonijke en sociae netwerken en gebruik makend van voorzieningen die voor aen bedoed zijn. Incusie is voor iedereen van groot beang, dus ook voor mensen met een beperking. Van incusie is sprake in de vogende situatie (Perspectief, 2007): Mensen hebben waardevoe persoonijke en sociae netwerken in de sameneving. Zij maken gebruik van voorzieningen die voor iedereen bedoed zijn. Zij wonen in de sameneving met mensen waarmee zij zich verbonden voeen. Kinderen en jongeren vogen breed toegankeijk, reguier onderwijs dat bijdraagt aan hun ontpooiing. Ieder schoot zich op terreinen waar zijn interesses en ambities iggen. Mensen hebben gerespecteerde werkzaamheden of bezigheden in de sameneving en voeen zich gewaardeerde medewerkers. Zij nemen dee en dragen bij aan het sociae, cuturee, reigieuze en recreatieve even in de sameneving (concerten, cafés, cubs, kerken, verenigingen, sportevenementen, etc.). Zij maken gebruik van wezijn- en gezondheidsvoorzieningen in de paatseijke gemeenschap. Mensen hebben dezefde rechten, kansen en verantwoordeijkheden as iedere burger, ook op het gebied van trouwen, kinderen krijgen, stemmen, steriisatie, orgaandonatie, euthanasie, etc. Voor het bereiken van incusie is essentiee dat aan de voorwaarden wordt vodaan die reaiseren dat mensen daadwerkeijk kunnen deenemen aan voorzieningen die voor iedereen bedoed zijn. Mensen met beperkingen In het begrip beperkingen (in het Enges: disabiities) staat niet het defect, de aandoening of het inteigentietekort centraa, maar het functioneren van mensen in de dageijkse situatie. Dit functioneren vindt paats binnen het spanningsved tussen enerzijds competenties en anderzijds verwachtingen en eisen van de omgeving. Het kan positief worden beïnvoed door ondersteuning. Een handicap is dan ook een functie van aanwezige competenties, omgevingseisen én ondersteuning (Buntinx, 2003). De nieuwe internationae cassificatie van het menseijk functioneren (ICF), die sinds 2001 operationee is, suit hierbij aan. 2 Externe factoren vormen in deze cassificatie, naast medische en persoonijke factoren, een beangrijke groep factoren van het menseijk functioneren. Het functioneren zef, adus de ICF, kan worden beschreven vanuit drie verschiende perspectieven: Het perspectief van de mens as organisme, as ichaam (hoe goed functioneren bijvoorbeed de gewrichten, het hart en de boedvaten, de hersenen en zenuwen, en de ongen van een persoon; zijn ze onbeschadigd). Het perspectief van het menseijk handeen (weke activiteiten voert iemand zef uit en weke zou hij/zij zef kunnen of wien uitvoeren). Het perspectief van participatie, van deename aan het maatschappeijke even (kan iemand meedoen op ae evensterreinen, zoas werk, gezin, hobby; doet hij/zij ook mee, is iemand een vowaardig id van de maatschappij). 2 De ICF (Internationa Cassification of Functioning, Disabiity and Heath) werd op 22 mei 2001 door de WHO goedgekeurd voor internationaa gebruik (WHO, 2001). Armoede bij mensen met beperkingen 5

8 In het VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap is dit aatste punt verder uitgewerkt (VN, 2006a, 2006b). Ten aanzien van de positie van mensen met beperkingen in de sameneving gaat het Verdrag uit van het sociae mode. Kern van dit mode is dat het hebben van een beperking niet gezien wordt as een individuee probeem, niet as een handicap die jou as mens buiten de sameneving paatst, maar as een probeem dat in de sameneving igt. Het probeem van de handicap is het gevog van maatschappeijke, cuturee of fysieke barrières (Coaitie voor Incusie, 2010). De sameneving moet zich dus aanpassen aan de persoon met beperkingen, niet andersom. Kwaiteit van bestaan Kwaiteit van bestaan is de door mensen zef ervaren kwaiteit van hun even die wordt bepaad door fysieke, psychische en sociae factoren, zoas door persoonijke kenmerken, de kwaiteit van reaties, geesteijk evenwicht, de vervuing van evensdoeen, de mate van aanpassing aan de ontstane situatie in geva van ziekte, beperking of ouderdom, en maatschappeijke participatie. 3 Vaak worden bij de toepassing van het begrip kwaiteit van bestaan de acht domeinen van Schaock gebruikt: Lichameijk webevinden, Psychisch webevinden, Interpersoonijke reaties, Deename aan sameneving, Persoonijke ontwikkeing, Materiee wezijn, Zefbepaing en Beangen. 1.2 In het onderzoek gebruikte werkwijze en methodieken Om de in paragraaf 1.1 genoemde onderzoeksvragen te beantwoorden, is op vijf manieren informatie verzamed. 1. Literatuurstudie. Deze richtte zich op ae onderzoeksvragen a t/m f en bevatte ook een review van bronnen met kwantitatieve data. 2. Interviews met mensen met een aag tot bijzonder aag inkomen waarvan een groot gedeete armoede aan den ijve ervaart of heeft ervaren en met begeeiders en deskundigen op het gebied van financiëe ondersteuning aan mensen met beperkingen. In totaa werden 17 mensen geïnterviewd. De interviews waren specifiek gericht op de beantwoording van de vragen c t/m f en werden gehouden aan de hand van topicijsten die gaandeweg werden verfijnd met verdiepingsvragen. Van de interviews zijn versagen gemaakt die direct na het interview zijn uitgewerkt. Bij de interviews met mensen met beperkingen zijn ook beschrijvende en refectieve fiednotes gemaakt. De versagen en fiednotes vormen de kwaitatieve databronnen van dit onderzoek. 3. Een digitae vragenijst, die is uitgezet onder mensen met icht verstandeijke beperkingen, c.q. de eden van de denktank (de cub van 101 ) van Vians. In deze ijst is ingezoomd op de ervaren financiëe situatie, het omgaan met ged, de deename aan de sameneving en de eventuee begeeiding (onderzoeksvragen c t/m e). Van deze groep werden 75 personen benaderd, waarvan er 30 reageerden, een respons dus van 40%. De 30 personen betreffen 13 mannen en 17 vrouwen. Hun gemiddede eeftijd is 38 jaar. De uitkomsten van deze enquête zijn in bijage 2 opgenomen. 4. Data die, speciaa voor dit onderzoek, werden verzamed in het Pane Samen Leven van het Nive. Het betrof vragen over financiëe situatie, deename aan de sameneving en de ondersteuning daarbij (onderzoeksvragen c t/m e). In totaa werd beschikt over gegevens van 230 personen. 5. Een bijeenkomst met begeeiders, tijdens het Begeeiderscongres Gehandicaptenzorg begin november Hier ging het voora om preventie en ondersteuning (onderzoeksvraag e). 3 Bron: Thesaurus Zorg en Wezijn (Vians). Zie: 4 Tijdens deze bijeenkomst is een Prezi presentatie gehouden over de bevindingen van het onderzoek. Zie: kwetsbare-mensen-en-financiee-probemen/ 6 Armoede bij mensen met beperkingen

9 De informatieverzameing vond paats tegen de achtergrond van een agemeen conceptuee mode, dat werd samengested vanuit de resutaten van de iteratuurstudie en gaandeweg verder werd ontwikked. Dit mode bestaat uit drie onderdeen: de factoren (oorzaken) die, a dan niet in samenhang met ekaar, verantwoordeijk zijn voor het ontstaan van armoede, de gevogen waartoe de armoede eidt en de preventie en ondersteuning die bij armoede worden toegepast of kunnen worden toegepast. Bij ae drie werd binnen het concept onderscheid gemaakt tussen omgeving en persoon (zie figuur 1). Figuur 1: Agemeen mode van armoede bij mensen met beperkingen Het onderzoek evert de vogende vier producten op: 1. Het onderhavige onderzoeksrapport, c.q. een rapportage voor in het bijzonder beeidsmakers. In dit rapport worden de antwoorden op de onderzoeksvragen gepresenteerd. Met een daarop geënt actiepan beogen we de andeijke en okae poitiek meer bewust te maken van het probeem van armoede, de gevogen daarvan en wat op beeidsniveau hieraan gedaan zou kunnen en moeten worden. Daarbij is er ook aandacht voor de reatie met het VN-Verdrag over de rechten van mensen met een handicap. Er is ook een samenvatting van het rapport beschikbaar in eenvoudige, toegankeijke taa. Verder overwegen we om de resutaten op een andere toegankeijke manier te ontsuiten (bijvoorbeed via een fimpje). 2. De digitae Wegwijzer Weg met armoede. Er is een website ontwikked (beschikbaar vanaf maart 2013) die een toegankeijke, informatieve en interactieve wegwijzer is voor mensen met beperkingen en voor hen die bij de ondersteuning van deze mensen zijn betrokken. De site bevat informatie over wat je kunt doen om uit te komen met je ged, wat je kan doen as het mis gaat en hoe je er zovee mogeijk voor kunt zorgen dat je mee bijft doen. Ook bevat zij andeijke informatie (wetten en reges), casuïstiek, inks, goede voorbeeden, regionae en okae informatie (over voedsebank, kedingbank, projecten, gemeenteijke regeingen, etc.) en de mogeijkheid om informatie met ekaar uit te wisseen. 3. Een wetenschappeijk artike. In het kader van kennisontwikkeing is op basis van de verworven inzichten een wetenschappeijke pubicatie verzorgd over het onderwerp armoede en incusie. Onderdee van deze pubicatie is de presentatie van een conceptuee kader rond het onderwerp. 4. Er wordt het initiatief genomen tot één of meerdere bijeenkomsten waarop over het onderwerp Armoede bij mensen met beperkingen za worden gedebatteerd. Armoede bij mensen met beperkingen 7

10 Ter afsuiting van deze paragraaf maken we nog een opmerking over de popuatie waar dit rapport betrekking op heeft. Strikt genomen is deze popuatie zeer omvangrijk. Cijfers van het Sociaa en Cuturee Panbureau (De Kerk e.a., 2012) spreken van mensen met ichte of ernstige verstandeijke beperkingen in Nederand (IQ ager dan 70) en tot zwakbegaafden (IQ tussen 70 en 85). Het aanta mensen met ichameijke beperkingen bedraagt, adus deze pubicatie, enkee mijoenen. Dat aatste gedt ook voor mensen met psychische aandoeningen (website Trimbosinstituut). Gezien deze aantaen kan dit rapport natuurijk geen representatief beed van armoede bij mensen met beperkingen geven. Dat is ook niet de bedoeing, binnen deze popuatie komt armoede ook maar in reatief geringe mate voor. Maar waar zij voorkomt, zijn de gevogen vaak heftig. Dit rapport geeft een verdiepend kader waarmee preventie en ondersteuning aan die mensen vorm kan worden gegeven. 1.3 Over de inhoud van dit rapport Dit rapport is het eerstgenoemde product van de in de vorige paragraaf genoemde reeks van vier. Het doe van het rapport is driedeig: het presenteren van de werkwijze en de resutaten van het onderzoek, het bewust maken van beeidsvoerders en andeijke en okae poitiek van het armoedeprobeem en de gevogen daarvan voor de deename van mensen met beperkingen aan de sameneving en het bewerksteigen van maatregeen voor de preventie van armoede en de versterking van de ondersteuning van mensen die met armoede te maken hebben. Hierna (hoofdstuk 2) gaan we eerst in op de omvang van de inkomensprobematiek en armoede onder mensen met beperkingen in Nederand, in het bijzonder mensen met ichameijke beperkingen, verstandeijke beperkingen en/of psychische probemen. Vervogens presenteren we de resutaten van het onderzoek, aereerst (hoofdstuk 3) die met betrekking tot de oorzaken en gevogen van armoede, daarna (hoofdstuk 4) die over preventie en ondersteuning. We suiten af (hoofdstuk 5) met aanbeveingen voor beeid en poitiek. In tabe 1 is weergegeven weke onderzoeksvragen in wek dee van dit rapport worden beantwoord Tabe 1: Overzicht van de inhoud van dit rapport, in reatie tot de onderzoeksvragen Onderzoeksvraag Onderdee rapport a. Wat wordt verstaan onder armoede Paragraaf 1.1 b. Omvang van het armoedeprobeem Hoofdstuk 2 c. Oorzaken van armoede Paragraaf 3.1 d. Gevogen van armoede, voora op domein incusie Paragraaf 3.2 e. Preventie en ondersteuning bij armoede Hoofdstuk 4 f. Aanbeveingen en actiepannen Hoofdstuk 5 8 Armoede bij mensen met beperkingen

11 2. De omvang van het armoedeprobeem bij mensen met beperkingen Avorens in de vogende hoofdstukken in te gaan op de bevindingen aan de hand van ons onderzoeksmode (zie par. 1.2), geven we in dit hoofdstuk een kwantitatieve beschrijving van inkomensprobematiek en armoede bij mensen met beperkingen in ons and. We doen dit vanuit (de anayse van) gevonden statistische informatie in de Nederandse iteratuur. Omdat wij voornameijk bronnen vonden met betrekking tot mensen met ichameijke en verstandeijke beperkingen, betreffen de bevindingen voora deze twee groepen. 2.1 Inkomen en koopkracht Om te beginnen schenken we aandacht aan het inkomen en de koopkracht. Onder koopkracht verstaan we de waarde van het pakket aan goederen en diensten dat iemand met een bepaad inkomen kan aanschaffen. (Nibud, 2012a). We hebben gebruik gemaakt van informatie die dees actuee is en dees gedateerd. Daar is voor gekozen omdat deze combinatie ons in staat stet patronen waar te nemen met betrekking tot de financiëe situatie van mensen met beperkingen. Informatie van het Nationaa Pane Chronisch zieken en Gehandicapten uit 2007 (Van den Brink-Muinen, 2009) aat zien dat mensen met een chronische ziekte of beperkingen in dat jaar een ager inkomen hadden dan de bevoking as gehee (zie tabe 2). Het gemiddede gestandaardiseerd besteedbaar inkomen van deze mensen was in dat jaar 65% van het gemiddede inkomen van de gehee bevoking en 75% van het gemiddede inkomen van het niet actieve dee van de bevoking (onderste rij tabe 2). Twee jaar ater, in 2009, was het gemiddede inkomen van de personen uit het pane gestegen tot 1.408,00 per maand (Heijmans e.a., 2011). Tabe 2: Kerncijfers inkomen van mensen met een chronische ziekte of beperkingen in 2008 (tabe, zef samengested op basis van gegevens uit Van den Brink-Muinen, 2009) Indicator Mensen met een chronische ziekte of beperkingen Agemene bevoking Netto inkomen in 2007 (per maand) Bij eenderde (36%) van de huishoudens maximaa 1.300,00 per maand 1.300,00 per maand is geijk aan het netto AOW- bedrag dat gehuwden samen ontvingen (incusief vakantietoesag) Gestandaardiseerd besteedbaar inkomen* in 2007 (per maand) Gemidded 1.276,00 per maand Gehee bevoking 1.950,00 per maand; niet-actieve dee van de bevoking 1.692,00 (schatting CBS) * Huishoudinkomen is met behup van een equivaentiefactor omgerekend naar een gestandaardiseerd inkomen dat voor een éénpersoonshuishouden zou geden. Armoede bij mensen met beperkingen 9

12 Van vee recentere datum zijn de koopkrachtberekeningen van het Nibud voor huishoudens met extra zorgkosten, uitgevoerd naar aaneiding van de Mijoenennota 2013 (Nibud, 2012b). Het Nibud rapport geeft aan dat naast de veranderingen in de zorgkosten die voor iedereen geden, chronisch zieken en gehandicapten in 2013 met enkee extra maatregeen te maken krijgen. Zo worden de tegemoetkomingen in het kader van de Wtcg (Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten) met 2% veraagd. En ondanks dat het maximae eigen risico stijgt, wordt de tegemoetkoming voor dat eigen risico sechts beperkt verhoogd, van 85 naar 94 euro. Voor huishoudens die het voedige eigen risico kwijt zijn, wordt deze grotere betaing gecompenseerd doordat de zorgtoesag stijgt voor agere inkomens. Voor hogere inkomens daat de zorgtoesag. In het pakket van de basisverzekering worden enige onderdeen geschrapt. Meer specifiek zijn door het Nibud koopkrachtmutaties van 2012 naar 2013 berekend voor een groot aanta voorbeeden. In tabe 3 (zef samengested op basis van gegevens uit het rapport) geven we de cijfers voor een aanta typen huishouden waar reatief vee mensen met beperkingen toe behoren. We zien dat de koopkrachtmutaties voor de typen huishoudens variëren van -0,3% tot -4,4%. Tabe 3: Koopkrachtmutaties , voor een aanta huishoudens (tabe, zef samengested op basis van gegevens uit Nibud, 2012b) Huishouden Lage zorgkosten, Hoge zorgkosten, Zonder extra zorgkosten age Wtcg hoge Wtcg Perc. Euro (jaar) Perc. Euro (jaar) Perc. Euro (jaar) Aeenstaand, - 1, , ,2-168 WWB uitkering Aeenstaande, - 1, ,5-228 * * Wajong Paar, 130% WWB - 0, ,6-132 * * uitkering, eigen bijdrage Wmo Paar met kinderen, - 0, , , % WWB uitkering Aeenstaande 65+, - 3, , ,5-840 AOW pensioen Echtpaar 65+, AOW + - 4, , , pensioen * Niet vermed in het Nibud rapport 10 Armoede bij mensen met beperkingen

13 2.2 Vóórkomen van armoede In weke mate is in ons and sprake van armoede bij mensen met beperkingen? Door de Basisbeweging Nederand (2010) is, onder de tite Armoede in Nederand, de hupverening door diaconieën, parochiëe caritas insteingen en andere kerkeijke organisaties in beed gebracht. Men deed dit door deze organisaties te benaderen via een vragenijst. Voor de definitie van armoede paste men de benadering van de age inkomensgrens toe. Deze komt het dichtst bij wat de (kerkeijke) beweging ziet as armoedegrens. Zij is afgeeid van het bedrag dat een aeenstaande bijstandsgerechtigde in 1979 ontving. Voor atere jaren is deze norm bijgested via de index voor consumentenprijzen. Dit niveau is niet gekopped aan een bepaad minimaa consumptiepakket. Het wordt verhoogd voor diverse samenevingsvormen: meerpersoonshuishoudens en kinderen. De organisaties werd gevraagd weke groepen naar hun mening het meest te ijden hebben onder armoede. In tabe 4 geven we een overzicht van de groepen die werden genoemd. Mensen met psychische probemen worden door bijna een derde van de respondenten genoemd as groep die financiee in de kne zit, mensen met een chronische ziekte of handicap door ruim een kwart van de respondenten. Tabe 4: Overzicht van groepen die door de respondenten (n=1191) het meest worden genoemd as financiëe knegroep (tabe, zef samengested op basis van gegevens uit Basisbeweging Nederand, 2010) Knegroep Percentage respondenten dat deze groep noemt Aeenstaande ouders met kinderen 51,6 Mensen zonder betaad werk 48,0 Ouderen 35,6 Asiezoekers 34,8 Mensen met psychische probemen 31,8 Mensen met een chronische ziekte of handicap 25,6 Gezinnen waarin sechts één persoon betaad werkt 17,6 Voor ae groepen is nagegaan of er een samenhang is tussen de gepercipieerde armoede en de grootte van de gemeente waar men verbijft. Voor mensen met psychische probemen is die samenhang duideijk aanwezig (in grotere steden hogere percentages), voor mensen met chronische ziekten of beperkingen is er een ichte samenhang (zie tabe 5). Armoede bij mensen met beperkingen 11

14 Tabe 5: Percentages mensen met psychische probemen en mensen met een chronische ziekte of handicap die door de respondenten worden genoemd as groep met financiëe knepunten, naar grootte van gemeente (tabe, zef samengested op basis van gegevens uit Basisbeweging Nederand, 2010) Grootte van gemeente Percentage respondenten dat deze groep noemt Mensen met psychische probemen Mensen met chronische ziekte of handicap < ,2 26, ,9 24, ,7 25, ,9 26, ,0 31,3 > ,6 29,8 Totaa 31,8 25,6 Schuden en een angdurig aag inkomen zijn de twee omstandigheden die, adus dit rapport, mensen het meest in financiëe probemen brengen. Daarna vogen: Onbekendheid met regegeving. Angst of schaamte voor instanties. Ingewikkede formuieren. Onvoorziene hoge uitgaven, of incidentee financiëe tegensag. Wachttijden bij toekenning uitkering. Vastopen in oketten van meerdere instanties. Hoge vaste asten (wonen, energie, verzekeringen). Mensen vaen net buiten aerei regeingen. Structuree hoge bijzondere uitgaven (bijv. bij ziekte of handicap). Probemen met fexwerken/seizoenswerk. In het eerder genoemde Nationaa Pane Chronisch zieken en Gehandicapten (Van den Brink-Muinen, 2009) is in 2008 aan mensen met een chronische ziekte of beperking zef gevraagd hoe zij hun financiëe situatie ervaren. Dit gebeurde op twee manieren, via de indicator sociae deprivatie (zie de vogende paragraaf) en via de indicator moeten interen op spaarged of schuden moeten maken. Eén op de vijf mensen gaf aan dat zij hun spaarged moeten aanwenden om rond te kunnen komen of zefs schuden moeten maken. Eenzefde percentage antwoordde dit een jaar eerder, in Binnen de totae groep van mensen met een chronische ziekte of beperkingen werden zowe in 2007 as in 2008 geen significante verschien aangetroffen tussen subgroepen naar sekse, eeftijd en opeidingsniveau. Ook in Meedoen met beperkingen, de aatst verschenen Rapportage Gehandicapten van het Sociaa en Cuturee Panbureau (SCP), is aandacht geschonken aan de financiëe situatie bij mensen met chronische ziekten en handicaps (De Kerk, 2007). Het betreft gegevens van reatief ang geeden (2004) die wij niettemin beangrijk genoeg vinden om hier te vermeden. Het onderzoek betrof uitsuitend mensen met ichameijke beperkingen. Hen werd gevraagd in hoeverre men kan rondkomen van het huishoudinkomen. In tabe 6 zijn de uitkomsten vermed. 12 Armoede bij mensen met beperkingen

15 Tabe 6: Kunnen rondkomen van het huishoudinkomen, naar ernst van de beperkingen en eeftijdskasse, 16-pussers met beperkingen, 2004 (in procenten) Totae bevoking Ernst beperking Matige/ernstige beperking Licht Matig Ernstig Totaa >64 Totaa Beoordeing van het inkomen Verschien in totaakoom Verschien in totaakoom niet significant significant moet schuden maken spreekt spaarmiddeen aan kan precies rondkomen houdt beetje ged over houdt vee ged over Heeft zich aatste drie maanden Verschien in totaakoom Verschien in totaakoom zorgen gemaakt niet significant significant bijna voortdurend hee vaak een enkee keer nooit (n) De cijfers in deze tabe aten zien dat 39% van de mensen met beperkingen zegt precies te kunnen rondkomen van hun inkomen, 23% zegt spaarmiddeen aan te spreken of schuden te moeten maken en 38% aangeeft ged over te houden. Er zijn geen significante verschien tussen degenen met ichte en die met ernstige beperkingen. Wat we van invoed is, is de deename aan de arbeidsmarkt: van degenen die werken, medt bijvoorbeed 16% te moeten interen op vermogen of schuden te moeten maken, bij degenen zonder werk is dit 36% (niet in de tabe opgenomen). De verschien met de totae bevoking zijn groot: daar zegt 7% schuden te maken of spaarmiddeen aan te spreken (bij degenen met beperkingen 23%) en houdt 47% ged over (38% van degenen met beperkingen). De tabe aat ook zien dat ongeveer de heft van de mensen met beperkingen zich in de drie maanden voorafgaand aan de enquête (we eens) zorgen heeft gemaakt over gedzaken, van wie ongeveer 20% (zeer) vaak en ongeveer 30% soms. Mensen met matige of ernstige beperkingen maken zich vaker zorgen dan mensen met ichte beperkingen. Personen beneden de 65 jaar maken zich vaker zorgen (67%) dan personen jonger dan 65 jaar (32%). Armoede bij mensen met beperkingen 13

16 2.3 Inkomen, armoede en incusie Vervogens schenken we aandacht aan de reatie tussen inkomen, armoede en incusie. Naar deze reatie is, waar het gaat om mensen met beperkingen, weinig onderzoek gedaan. We geven de bevindingen uit drie bronnen. De eerste bron is het zojuist genoemde rapport van het SCP (De Kerk, 2007). In het achteriggende onderzoek werd mensen gevraagd of zij vodoende ged hebben om bepaade activiteiten uit te voeren. Ongeveer een derde van de mensen met beperkingen gaf aan geen ged te hebben om eens per veertien dagen een avond uit te gaan, vrijetijdsspuen te kopen of meubes te vervangen en ongeveer een kwart zegt geen ged te hebben om jaarijks een week op vakantie te gaan of het idmaatschap van een vereniging te kunnen betaen (zie tabe 7). Over het agemeen hebben degenen met ernstige beperkingen vaker onvodoende ged om bepaade zaken te doen of aan te schaffen dan degenen met ichte beperkingen. Dit komt overeen met het eerder geschetste beed dat voora de mensen met ernstige beperkingen een gering inkomen hebben. De 65-minners met matige of ernstige beperkingen geven vaker te kennen dat ze bepaade zaken niet kunnen betaen (uitgaan, meubes vervangen, keding kopen), maar dat gedt niet voor het kopen van vrijetijdsspuen en op vakantie gaan. Mogeijk speet hier ook een verschiend behoeftepatroon van jongere en oudere mensen met beperkingen mee en wien jongeren meer, waardoor zij vaker financiëe beemmeringen tegenkomen. Ook ging men na in hoeverre er sprake is van zogenoemde sociae deprivatie. Deze indicator gaat uit van het feit dat mensen geen ged hebben om een aanta goederen aan te schaffen of activiteiten te verrichten waarvan verwacht kan worden dat mensen deze nodig hebben om in de maatschappij sociaa te kunnen functioneren. Dit soort goederen of activiteiten komen waarschijnijk as eerste in aanmerking voor bezuiniging as men een kein budget heeft. Omdat niet iedereen aan ae zaken behoefte za hebben, wordt van sociae deprivatie gesproken as een persoon minimaa drie van de in tabe 7 genoemde activiteiten of goederen niet kan verrichten of kan aanschaffen. Bij ongeveer een derde van de personen met beperkingen is er sprake van sociae deprivatie (zie één na onderste rij in tabe 7). Dit speet vee vaker bij degenen met ernstige beperkingen (49%) dan bij degenen met ichte beperkingen (24%). Opvaend is dat er geen verschien zijn tussen de 65-minners en de 65-pussers, terwij dat verschi er eerder bij een aanta afzonderijke activiteiten we was. Dit komt waarschijnijk doordat 65-pussers minder vaak behoefte hebben aan bepaade activiteiten. Tabe 7: Geen ged om bepaade activiteiten te kunnen verrichten, naar ernst van de beperkingen en eeftijdskasse, 16-pussers met ichameijke beperkingen, 2004 (in procenten) * Geen ged om Ernst beperking Matige/ernstige beperking Licht Matig Ernstig Totaa >64 Totaa 1x per 14 dagen avond uit te gaan sign sign Vrijetijdsspuen te kopen sign n.s. Meubes te vervangen sign sign Jaarijks een week met vakantie te gaan sign n.s. Lidmaatschap vereniging te betaen sign n.s. Regematig nieuwe keren te kopen sign sign 1 x per maand mensen te eten te vragen sign n.s. Cadeautje voor vrienden te kopen sign n.s. Te kunnen teefoneren n.s n.s. Sociae deprivatie sign n.s. (n) * In de totaakoommen: sign=significant, n.s.=niet significant 14 Armoede bij mensen met beperkingen

17 De tweede bron over armoede en participatie is de Rapportage participatiemonitor 2011 van het Nive, die dee uitmaakt van het Nationaa Pane Chronisch zieken en Gehandicapten. Het betreft cijfers uit 2010 (Meuenkamp e.a. 2011). In deze participatiemonitor werden de vogende indicatoren voor participatie gebruikt (zie tabe 8). 5 Tabe 8: Indicatoren voor participatie Indicatoren Participatie voor mensen met een ichameijke beperking, ouderen ( 65 jaar) en de agemene bevoking Indicatoren Participatie voor mensen met een ichte of matige verstandeijke beperking 1. Gebruik van buurtvoorzieningen (minimaa twee regematig) 2. Buitenshuis komen (dageijks) 3. Gebruik van openbaar vervoer (we eens) 4. Doen van betaad werk ( 12 uur per week) 5. Doen van vrijwiigerswerk 6. Vogen van een opeiding en/of werkgereateerde cursus 7. Bezoeken van uitgaansgeegenheid (minimaa maandeijks) 8. Ondernemen van georganiseerde activiteiten of verenigingsactiviteiten (minimaa maandeijks) 9. Vrienden ontmoeten (minimaa maandeijks) 1. Woonvorm (woonwijk of insteingsterrein) 2. Gebruik van buurtvoorzieningen (minimaa twee regematig; aeen bevraagd aan naasten) 3. Buitenshuis komen (dageijks) 4. Gebruik van openbaar vervoer (we eens) 5. Naar dagactiviteitencentrum en/of (on)betaad werk doen 6. Vogen van een opeiding en/of werkgereateerde cursus 7. Activiteiten in vrije tijd (minimaa maandeijks) 8. Vrienden ontmoeten (minimaa maandeijks) Extra onderdee bij ae vragen met uitzondering van gebruik buurtvoorzieningen en buitenshuis komen : participeert iemand (ook) met mensen zonder verstandeijke beperking? Binnen deze monitor is aan mensen met ichameijke beperkingen die vaker ergens naar toe wien gaan dan ze nu doen, verschiende vormen van ondersteuning voorgeegd, steeds met de vraag of ze deze ondersteuning nodig hebben om dit te kunnen. De soort ondersteuning die het meest werd genoemd, was financiëe ondersteuning (bij 738 respondenten, zijnde 33% van het totaa). Bij mensen met een ichte of matige verstandeijke beperking werd een soortgeijke vraag gested. Financiëe ondersteuning werd in 5% van de gevaen genoemd, vee minder dan hup van partner/famiie/vrienden/bekenden (55%), hup van begeeider (48%) en gebruik van speciae vervoersvoorzieningen (46%). In totaa deden 500 mensen met verstandeijke beperkingen mee. De derde bron is het eerder genoemde andere rapport van het Nationaa Pane Chronisch zieken en Gehandicapten (Van den Brink-Muinen, 2009). In het betreffende onderzoek, in 2008, is aan mensen met een chronische ziekte of beperking zef gevraagd hoe zij hun financiëe situatie ervaren. Net as in het onderzoek van het SCP gebeurde dit aan de hand van de indicator sociae deprivatie. Het percentage mensen dat as sociaa gedepriveerd moet worden aangemerkt, wordt in dit rapport geschat op 14%. Dit percentage is vergeijkbaar met het percentage dat een jaar eerder in dit onderzoek werd gevonden, nameijk 15%. 5 De gekozen indicatoren suiten aan bij het onderdee Activiteiten en participatie uit de Internationae Cassificatie van het menseijke Functioneren (WHO, 2001) Armoede bij mensen met beperkingen 15

18 2.4 Samenvatting De beangrijkste bevindingen uit de voorafgaande paragrafen zijn in het vogende overzicht bijeengebracht. Mensen met een chronische ziekte of beperkingen zijn financiee kwetsbaar. Zij hebben meerkosten en hebben een vee grotere geschatte achteruitgang in koopkracht in 2013 dan de gemiddede Nederander. Om rond te kunnen komen, moet men veea spaarged aanspreken en/of schuden maken. Hupvereners schatten dat van ae mensen met psychische beperkingen bijna een derde en van ae mensen met chronische ziekte of handicaps ruim een kwart in financiëe moeiijkheden verkeert. De top drie van omstandigheden die mensen in dergeijke probemen brengen zijn: schuden en een angdurig aag inkomen, onbekendheid met regegeving, en angst en schaamte voor instanties. Een recente schatting van het percentage mensen met beperkingen dat sociaa gedepriveerd is, ontbreekt. Onderzoek van enkee jaren geeden aat zien dat dit percentage, bij verschiende groepen mensen met beperkingen, varieert van 14% (Nationaa Pane Chronisch zieken en Gehandicapten uit 2008) tot 33% (Rapportage Gehandicapten 2007). Opvaend is dat er nauweijks onderzoeksdata zijn over de reatie tussen enerzijds inkomen, meerkosten en armoede, anderzijds participatie en incusie. In andeijk, macro-onderzoek van CBS en/of SCP zijn die data er we, maar zij hebben dan betrekking op andere groepen, zoas eenoudergezinnen, mensen van buitenandse afkomst, mensen in de bijstand of personen zonder werk. Mensen met beperkingen komen in deze macrostudies as aparte groepering vrijwe niet voor. 16 Armoede bij mensen met beperkingen

19 3. Oorzaken en gevogen van armoede In dit hoofdstuk geven we de onderzoeksresutaten over de oorzaken die maken dat iemand met beperkingen in financiëe probemen komt en over de gevogen voor incusie. We maken hierbij gebruik van de resutaten van zowe de interviews en de iteratuurstudie as de twee aanvuende databestanden (de eigen digitae enquête en het Pane Samen Leven van het Nive). 3.1 Oorzaken van armoede In deze paragraaf gaan we in op de oorzaken die maken dat iemand met beperkingen in financiëe probemen komt. In ons conceptuee mode gaat het dus om het dee inksboven (donkerbauw in Figuur 2). Figuur 2: Het in deze paragraaf besproken dee van het mode van armoede bij mensen met beperkingen We hebben twee soorten oorzaken onderscheiden: oorzaken die direct samenhangen met kenmerken van de persoon en oorzaken die te meer maken hebben met de mate waarin de omgeving toegankeijk is voor en aansuit bij mensen met beperkingen. Weke oorzaken iggen in de persoon en weke zijn toe te schrijven aan de omgeving? We zien dat oorzaken vaak niet echt te scheiden zijn van gevogen. Zij open door ekaar heen. Zie bijvoorbeed sociae deprivatie, die kun je as gevog zien maar ook as oorzaak. Dit wijst ons er op dat het bij armoede vaak gaat om processen, cyci en spiraabewegingen Oorzaken in de persoon Uit ons onderzoek komt naar voren dat het ontstaan van armoede samenhangt met verschiende kenmerken van de persoon zef. Vaak zijn meerdere kenmerken tegeijkertijd van toepassing. We maken onderscheid tussen primaire en secundaire oorzaken. Armoede bij mensen met beperkingen 17

20 Primaire oorzaken Primaire oorzaken voor armoede bijken te zijn: a. Ontbrekende competenties om de eigen financiëe huishouding op orde te houden. Met competenties bedoeen we kennis, houding en vaardigheden. b. Niet de weg weten te vinden naar passende regeingen en ondersteuning. Ad a. Ontbrekende competenties om de financiëe huishouding op orde te houden De bevindingen van ons onderzoek, in het bijzonder uit de interviews, aten zien dat de afwezigheid van competenties de beangrijkste primaire persoonijke oorzaak is van financiëe probematiek en de eventuee daaruit voortvoeiende armoede. In onderzoek naar de invoed van persoonijke factoren komt Nibud (2012c) tot zeven factoren - drie houdingen en vier vaardigheden - die van invoed zijn op het omgaan met de eigen financiën. Aan ae factoren zit een positieve en een negatieve kant. Het begrip positief is aan de houding c.q. de vaardigheid gehangen as zij zodanig is dat zij het risico op financiëe probemen verkeint. Het is negatief as dit risico juist wordt vergroot. In tabe 9 worden de betreffende houdingen en vaardigheden weergegeven. Tabe 9: Negatieve en positieve houdingen en vaardigheden in verband met omgaan met ged (tabe, zef samengested op basis van gegevens uit Nibud, 2012c) Negatief Positief Houdingen Geen spaarbehoefte Korte-termijngericht Vereidinggevoeig Spaarbehoefte Lange-termijngericht Niet vereidinggevoeig Vaardigheden Houdt de administratie niet bij Heeft geen overzicht over inkomsten en uitgaven Is niet prijsbewust Doet zijn aankopen niet bewust Houdt de administratie bij Heeft overzicht over inkomsten en uitgaven Is prijsbewust Doet zijn aankopen bewust Uit onze interviews bijkt dat vee mensen, as gevog van de beperkingen of het ziektebeed, niet over deze door genoemde competenties beschikken. Het gaat dan in het bijzonder om: Een gat in de hand hebben. Niet begrijpen hoe je met ged om moet gaan. Men heeft weinig inzicht, in zichzef en in zaken betreffende eefdomeinen, bijvoorbeed op het gebied van wonen op de kosten die dat met zich meebrengt. Door het hebben van een bepaad ziektebeed kan men voedig in de war raken en grip op de (financiëe) werkeijkheid veriezen. Zich aten vereiden tot aankopen. Mensen met (verstandeijke) beperkingen aten zich noga eens vereiden tot aankopen zonder dat ze de consequenties ervan overzien. Zo wi men zef óók een I-Phone, mooie sportschoenen, etc. De goedgeovigheid van vee mensen is groot, ze ezen de keine ettertjes niet en zijn erg beïnvoedbaar. Op de achtergrond speet vaak dat ze zo graag mee wien doen, graag zo gewoon mogeijk wien even en bereid zijn hun positie in de sameneving te kopen. Zie de voorbeeden in Box Armoede bij mensen met beperkingen

21 Box 2: Voorbeeden van zich aten vereiden tot het doen van uitgaven om er bij te horen Voorbeeden van vereiding Een man van in de dertig, op zoek naar een vriendin, krijgt via internet contact met een vrouw uit Oost Europa. Zij stuurt foto s en vraagt hem haar te hepen met ged, daarna za zij naar Nederand komen. Hij schraapt enkee duizenden euro s bij famiie en vrienden bij ekaar en maakt dat over. Op de afgesproken dag wacht hij tevergeefs op het station Zwoe op haar. Hij is er ingeuisd. Deze man verangt zo naar een reatie dat hij risicovoe situaties aangaat. Iemand begint op verzoek van vrienden een wietkwekerij. Daarmee hoort hij er bij. Een man van in de veertig wi graag een vriendin. Hij huurt een eengezinswoning ( Dan heb ik die a vast as ik een reatie krijg ) in paats van een woning die is afgestemd op zijn persoonijke situatie en budget. De groep personen die door ons via de digitae enquête werden benaderd, rapporteert over het agemeen wé te beschikken over competenties om met ged om te gaan (zie bijage 2). Zo zeggen 21 van de 30 personen dat zij zef internetbankieren en 26 dat zij hun eigen bankafschriften ezen. Verder geven zij aan redeijk rond te komen. Sechts twee personen hebben schuden moeten maken en twee anderen hebben de afgeopen drie maanden soms schuden gemaakt. Deze cijfers aten het omgekeerde beed van hiervoor zien: een verantwoord bestedingspatroon hangt samen met het beschikken over de juiste competenties en de weg weten, begrijpen hoe het qua regegeving in ekaar zit. Daarnaast staat overigens dat bijna de heft van de respondenten van deze enquête (14 personen) de aatste drie maanden (soms) hun spaarged hebben moeten uitgeven en kwamen 10 personen (soms) niet uit met hun ged. Daarnaast zegt de heft zich de afgeopen maanden zorgen gemaakt te hebben over ged. Dit aatste cijfer is precies hetzefde as indertijd in het onderzoek van SCP werd gevonden (zie tabe 6, koom ichte beperking ). Van Nibud zijn behave de zojuist genoemde pubicatie ook nog enkee andere pubicaties over competenties verschenen (zie Box 3). Box 3: Pubicaties Nibud over competenties in het omgaan met ged Competenties in het omgaan met ged Achteriggend gedachtegoed van Nibud is dat het gedrag van een persoon voornameijk wordt gestuurd door zijn intentie om een gedraging uit te voeren. Om die gedraging te kunnen verrichten, moet hij echter over de benodigde vaardigheden beschikken, en er zef in geoven dat hij die gedraging kan uitvoeren (de waargenomen gedragscontroe). Vandaar dat competenties in termen van vaardigheden worden gezien. De hieruit voortvoeiende definities zijn dan: Competenties zijn de vaardigheden waarover een persoon moet beschikken om zich financiee zefredzaam te kunnen noemen. Iemand is financiee zefredzaam wanneer hij weoverwogen keuzes maakt zodanig dat zijn financiën in baans zijn, zowe op de korte as op de ange termijn. Nibud heeft onangs een pubicatie uitgegeven waarin competenties voor kinderen en jongeren in het omgaan met ged, onderscheiden naar eeftijdscategorieën, op een rij worden gezet. Deze competenties zijn goed toepasbaar voor mensen met verstandeijke beperkingen. De vogende negen categorieën worden onderscheiden: kennismaken met financiëe begrippen, eren keuzes maken, recame de baas bijven, gedzaken op orde hebben, zef ged verdienen, sparen, enen, verzekeren en bankzaken regeen. (Bron: Nibud, 2012d, 2012e) Armoede bij mensen met beperkingen 19

22 Ad b. Niet de weg weten te vinden naar passende regeingen en ondersteuning Een tweede beangrijke primaire oorzaak voor armoede is dat men niet bekend is met de mogeijkheden die de wet en regegeving bieden. Men begrijpt de reges niet en weet niet waar en wanneer je adequate ondersteuning kunt bieden. Secundaire oorzaken Tot de secundaire oorzaken van armoede, dat wi zeggen oorzaken die mede het gevog van beperkingen en competenties kunnen zijn, behoren: a. Men heeft een versaving die vee ged kost. Middeengebruik is een gedversinder, het wien voorzien in de behoefte die de versaving met zich meebrengt kan het enige zijn dat tet. A het ged gaat er aan op en er ontstaan schuden. b. Het niet hebben van werk. Werk is een beangrijke inkomstenbron, die bij het wegvaen ervan voor vee probemen kan zorgen. Door het niet meer hebben van werk vat een beangrijk dee van het inkomen weg. c. Men eeft van dag tot dag. Bijvoorbeed, een moeder koopt Bossche boen op de eerste dag van de maand omdat haar kind haverwege die maand jarig is en het ged dan misschien op is. Zo zie je ook dat men een dure fatscreen tv koopt of honden heeft die duur zijn in het onderhoud. Men kijkt niet op ange termijn. Overigens moeten we ons reaiseren dat bovengenoemde oorzaken de popuatie mensen met beperkingen as gehee betreft. Tussen afzonderijke personen kunnen zich uiteraard grote verschien voordoen. Zo bijkt dat as verstandeijke vermogens of psychische instabiiteit in het geding zijn competenties hier onder te ijden hebben (bijvoorbeed minder aan de be trekken as het fout gaat, sechter op de hoogte zijn van vergoedingen voor taxivervoer, minder hun eigen positie kunnen bepaen in de context, probemen ater zien aankomen). Tot sot enkee citaten uit interviews: Ik werk in een woonvorm voor versaafden met psychiatrische probematiek. Die mensen zijn aeen maar met ged voor hun versaving bezig. Incusie doet er niet toe voor hen. (begeeidster) Mensen zijn vaak zo goedgeovig. Ze ezen de keine ettertjes niet en zijn erg beïnvoedbaar. Ze wien ook graag mee doen en zo gewoon mogeijk even. (begeeidster) Ik was doorgedraaid en ben opgenomen geweest. Ik wist het niet meer. Nu weet ik hoe ik ermee om moet gaan, maar toen wist ik dat gewoon niet. (voormaig ciënt GGZ) Geen opeiding en geen werkvereden zijn vaak één van de oorzaken van armoede (begeeidster) Oorzaken in de omgeving Er zijn vee omgevingsfactoren die bijdragen tot riskante bestedingspatronen bij mensen met beperkingen, weke vervogens tot probemen en armoede kunnen eiden. Vanuit de interviews komen de vogende factoren te voorschijn: a. De aanwezigheid van vee wetten en reges. b. Ingrijpende gebeurtenissen die zich in het even van mensen voordoen. c. De famiie en het gezin van herkomst, wat mensen van huis uit hebben meegekregen. d. De afwezigheid van werk, waardoor geen of te weinig inkomen wordt verkregen. e. Het hebben van een verkeerd netwerk. f. Waarden en normen in de sameneving. 20 Armoede bij mensen met beperkingen

23 Ad a. Wetten en reges Weicht de beangrijkste omgevingsfactor is de wet- en regegeving en de cumuatie van effecten van gewijzigd beeid. Uit de interviews bijkt: Men komt kne tussen aerei wetgeving. De ziektekostenpremie gaat omhoog, toesagen zijn veraagd en de eigen bijdrage voor begeeiding wordt zodanig verhoogd dat men die begeeiding schrapt, waardoor er nog meer fout gaat. Cumuatie van reges pakken meer en meer negatief uit. Zo vindt stapeing paats, waardoor men in een spiraabeweging naar beneden terecht komt. Vee wetten en reges zijn ingewikked en vaak niet toegesneden op wat iedereen kan begrijpen. Veea suiten reges ook niet goed op ekaar aan en zijn zij zefs met ekaar in tegenspraak, werken tegen ekaar in ( botsende ogica s ). Door de ingewikkede reges weten mensen ook vaak niet waar ze recht op hebben, waardoor het vangnet dat er we is niet wordt benut. De werkwijze van instanties is niet afgestemd op mensen met beperkingen. Het is aemaa erg ingewikked en mensen komen in de probemen doordat ze niet in de gaten hebben wat ze moeten doen. Instanties maken fouten en komen bijvoorbeed met naheffingen waar mensen niet op gerekend hebben. Door een ontbrekende buffer komt men dan in de probemen. Gaat het verkeerd, wat ook gebeurt door fouten van organisaties, dan raakt men verstrikt in een ingewikkede bureaucratie. Enkee citaten uit interviews: Mensen snappen het niet en worden aan het ijntje gehouden door instanties. Dan staat er ineens weer een deurwaarder voor de deur en dan zijn mensen heemaa van sag. (begeeider) Potseing kregen we een naheffing van het C.A.K. over drie jaar. Van de eigen bijdrage euro en niemand had ons wat gezegd. (persoon met beperkingen) We hadden een goede ondersteuner. Hij maakte overa potjes voor, voor keding, voer voor de honden. Die is weggegaan en toen iep aes in de soep. (persoon met beperkingen) Het gevaar is dat mensen die a zo weinig ged hebben niet weten hoe ze toegang moeten krijgen tot de extra s waar ze recht op hebben. Die reges zijn vee te ingewikked en ook begeeiders worsteen er mee. (begeeidster) Waar het gaat om wetten en regegeving, kan ook worden gewezen op de pannen rond de herinrichting van angdurige zorg zoas gepresenteerd in het Regeerakkoord van oktober In dit akkoord zijn ta van maatregeen opgenomen die negatief van invoed kunnen zijn op het inkomen en de koopkracht van mensen met beperkingen (zie tabe 10). Armoede bij mensen met beperkingen 21

24 Tabe 10: Maatregeen in het Regeerakkoord ten aanzien van Care die van invoed (kunnen) zijn op het inkomen en de koopkracht van mensen met beperkingen (zef samengestede tabe op basis van informatie Regeerakkoord, cijfers in mijoenen euro) Maatrege Financiee kader Structuree Geen aanspraak op begeeiding, budget 75% naar gemeenten, overheveing persoonijke verzorging Extramuraisering ZZP Verhogen intramurae eigen bijdrage Awbz Huishoudeijke hup inkomensafhankeijk beperken Maatwerkvoorziening inkomenssteun chronisch zieken en gehandicapten Wtcg afschaffen Fiscae regeing specifieke zorgkosten Heft besparing Fiscae regeing specifieke zorgkosten komt ten gunste van budget voor gemeenteijk maatwerk CER (compensatie eigen risico) afschaffen Totaa Ad b. Ingrijpende gebeurtenissen Er doen zich ingrijpende gebeurtenissen in het even van mensen voor, zoas het veries van een dierbare, een huisuitzetting, een opname in de GGZ, een scheiding, het af moeten staan van kind of kinderen, e.d. Vee mensen die in grote financiëe probemen verkeren, hebben een geschiedenis (evensverhaa) met vee tegensagen. Vaak is er sprake van een cumuatie van verveende gebeurtenissen. Een citaat uit een interview: Mijn vader is overeden en toen ben ik heemaa in de put geraakt. Mijn werk veroren en uiteindeijk op straat beand. (man met psychiatrische probematiek) Ad c. De famiie en het gezin van herkomst, wat mensen van huis uit hebben meegekregen Eerder genoemd onderzoek naar factoren van gedprobemen van het Nibud (2012c) vermedt een tweeta beangrijke invoeden vanuit de omgeving, nameijk het a dan niet hebben van dagactiviteiten en de financiëe opvoeding die men van ouders heeft gekregen. Deze factoren suiten aan bij de bevindingen uit onze interviews. Mensen die in armoede verkeren, komen vaak uit een miieu waarin schuden normaa zijn. Het armoedeprobeem wordt doorgegeven, van generatie op generatie. In het bijzonder vormen LVG jongeren uit zwakke sociae miieus een risicogroep. 22 Armoede bij mensen met beperkingen

25 Ad d. De afwezigheid van werk, waardoor geen of te weinig inkomen wordt verkregen Afwezigheid van werk is een vogende oorzaak. Wanneer men geen werk heeft, wordt geen of te weinig inkomen verkregen. Overigens kan het in bepaade situaties ook onaantrekkeijk zijn om te gaan werken omdat er juist bij werk sprake is van een zogenaamde armoedeva: men gaat er netto op achteruit omdat toesagen en subsidies wegvaen en kosten as beastingen en eigen bijdragen toenemen. As er dan ook schudeisers zijn, staan die ook weer in de rij. Ad e. Het hebben van een verkeerd netwerk Een bijzondere factor zijn de netwerken waarin men verkeert. Het netwerk van vrienden heeft vaak een negatieve invoed. Mensen met beperkingen worden - door verkeerde, soms zefs criminee vrienden - misbruikt omdat ze een makkeijke prooi zijn en gemakkeijk beïnvoedbaar zijn (zie ook de voorbeeden in Box 2 in de vorige paragraaf). Er is druk vanuit de omgeving om mee te doen. Het netwerk van famiieeden, buren en kennissen speet voora een ro wanneer het goed gaat met de persoon. Zijn ro kan dan bestaan uit het geven van ondersteuning in het gedbeheer, zoas het bijhouden van de eigen administratie, en in het bieden van opvang, bijvoorbeed as iemand 18 wordt en beschermingsmaatregeen wegvaen. As het mis gaat, is dit netwerk meesta a uit het zicht verdwenen. Overigens is het steeds vaker zo dat het netwerk ook moet compenseren wat de markt niet doet, c.q. kan doen. Hierin treedt een verandering op: het netwerk en de mantezorg zijn steeds meer vervangend in wat organisaties niet meer mogen of kunnen, terwij atijd de bedoeing was dat zij aanvuend op de reguiere dienstverening zijn. Ad f. Waarden en normen in de sameneving Op de achtergrond speen de normen in de sameneving een ro. Achter ons igt de tijd dat het niet op kon, er werd vee geconsumeerd. Gedgebrek was (en is nog steeds) taboe. Mensen met beperkingen deden daar aan mee en bouwden soms vee schud op. Ze pakken ged op, even van geeend ged. Men besteedt het beschikbare ged dan aan schuden en eten, betaing van vaste asten schiet er bij in. Er is hierdoor vee uitzichtoosheid ontstaan. Een citaat uit een interview: Ze zijn vatbaar voor vereidingen van buitenaf en hebben vaak geen regematig inkomen. Dan krijg je het financiee moeiijk. Ook de uitkomsten over de invoed van omgevingsfactoren aten zien dat daar waar mensen met beperkingen het hoofd goed boven water kunnen houden, we het spiegebeed van de negatieve factoren zien. Deze personen hebben vaak een goed netwerk en een stabie gezin van herkomst, waarin beangrijke waarden zijn meegegeven en men geeerd heeft sober te even. Men heeft werk, kent de reges en is in staat om, met beschikbare hup, ook van ae reges gebruik te maken. We suiten deze paragraaf af met het benadrukken van de proceskant van het beanden in een situatie van armoede. Deze is in twee bronnen treffend beschreven (zie Box 4). Armoede bij mensen met beperkingen 23

26 Box 4: Twee bronnen waarin de proceskant van het beanden in armoede is beschreven De gezondheidsroute Samenhangend met de materiëe tekorten in het gezin, bijken kinderen die opgroeien in armoede vaker ast te hebben van gezondheidsprobemen dan kinderen die niet opgroeien in deze omstandigheden. Mede om die reden hebben zij in hun jeugd een geringere sociae participatie, ronden zij een agere opeiding af en ontvangen zij ater as vowassene vaker een uitkering. Op deze manier draagt een sechtere gezondheid bij aan een grotere kans op armoede en sociae uitsuiting as vowassene. (Guiaux, 2011) Het samengaan van factoren Armoede is een meervoudig sociaa probeem. Bij ieder individu die in de neerwaartse spiraa van armoede is terechtgekomen, kenmerkt de eefsituatie zich door het samengaan van grote en keine probemen op verschiende evensterreinen. Armoede is niet aeen een financiee probeem, maar gaat samen met andere risicofactoren. Bij ae mensen die in de spiraa van armoede terechtkomen is er de dynamiek van het samengaan van even van een minimuminkomen met risicofactoren. Dit zijn bijvoorbeed een sechte gezondheid, vermoeidheid, depressie, het veries van regie door een schokkende evenservaring, een uitzichtoze schudensituatie, sociaa isoement en het ontbreken van perspectief. Armoede is atijd het resutaat van meerdere factoren. (Nederand e.a., 2011) 3.2 Gevogen van armoede Vervogens besteden we aandacht aan de gevogen van armoede. Het hebben van zeer beperkte bestedingsmogeijkheden kan ingrijpende gevogen hebben voor zowe de betreffende persoon as diens omgeving. In ons conceptuee mode gaat het dus om het dee rechtsboven (donkerbauw in Figuur 3). Ook in deze paragraaf maken we gebruik van de resutaten van zowe de interviews en de iteratuurstudie as de twee aanvuende databestanden (eigen digitae enquête en het Pane Samen Leven van het Nive). Figuur 3: Het in deze paragraaf besproken dee van het mode van armoede bij mensen met beperkingen 24 Armoede bij mensen met beperkingen

27 3.2.1 Gevogen voor de persoon De gevogen van te age koopkracht en armoede, zoas uit de interviews naar voren gekomen, aten zich het beste beschrijven in termen van kwaiteit van bestaan (waar deename aan de sameneving en incusie een onderdee van zijn). We zien op de diverse domeinen van kwaiteit van bestaan de vogende effecten: a. Lichameijk webevinden. Mensen die in armoede even, even ongezond. Men heeft te weinig ged voor het kopen van gezond eten, het idmaatschap van een sportcub, etc. Geïnterviewden geven aan dat ze we gezonder zouden wien eten, maar dat dit te duur is. Ook gaan mensen die schuden hebben, gebukt onder de mindere toegang tot de gezondheidszorg. Sommigen vaen terug op de basisverzekering (men is uit de aanvuende verzekering gezet) en worden geconfronteerd met eigen risico s die niet gedragen kunnen worden. Zoas in het geva van iemand die na een heupoperatie fysiotherapie nodig had maar deze niet kon betaen. Door het eigen risico wordt het bezoek aan een fysiotherapeut vrijwe onbetaabaar. b. Psychisch webevinden. Ook de psychische gezondheid is in het geding. Doordat men onder budgetbeheer of schudhupverening komt te staan, raakt men de regie kwijt en vaak ook het overzicht hoe het aemaa precies zit. Dit eidt tot vee irritaties, stress en een negatief zefbeed. Vee mensen hebben stress vanwege de dreiging van deurwaarders, naheffingen, etc. c. Materiee wezijn. Mensen hebben weinig bestedingsruimte, moeten zich vee ontzeggen. Ze hebben te weinig ged voor de meest primaire evensbehoeften: geen ged voor keding, abonnementen, een keer de stad in gaan, de sportvereniging, een cadeautje voor een verjaardag, vakanties, etc. Mensen zijn aangewezen op goedkope hupbronnen zoas de voedsebank, de kedingbank en sociae winkes. Vee van de mensen die geïnterviewd werden moesten van 50 euro per week (eefged) zien rond te komen. d. Interpersoonijke reaties. Mensen in armoede zitten voora thuis en raken daar geïsoeerd. Voor hen is incusie een iusie. Hun eefwered wordt steeds keiner en beperkt zich vaak tot het eigen huis. Daar wordt wat gecomputerd en tv gekeken. De sociae netwerken zijn vaak schraa en aeen ergens heen gaan is ook niet euk. e. Zefbepaing. Men wordt afhankeijk van instanties, waaronder budgetbeheer en schudsanering, veriest mogeijkheden om het eigen even te bepaen. f. Deename aan de sameneving. Men heeft geen ged om ergens te komen, geen ged voor hobby s en bioscoop, geen ged voor de fitnesscub, geen ged om eens uit te gaan. Lage koopkracht en armoede hebben dus vee invoed op de kwaiteit van bestaan van mensen met beperkingen. Die invoed is zichtbaar op diverse domeinen, waaronder deename aan de sameneving, het domein dat in ons onderzoek op de voorgrond staat. In zowe de digitae enquête as het Pane Samen Leven van het Nive is op dit domein verder ingegaan. In beide zijn aan mensen met beperkingen vragen gested - grotendees dezefde - over de financiëe mogeijkheid om aan de maatschappij dee te nemen. In tabe 11 vermeden we de uitkomsten van beide peiingen. We zien dat, op één uitzondering na (vogen van cursus of krijgen van muziekes), steeds een ruime meerderheid van de respondenten vodoende ged heeft om te kunnen doen wat ze euk vindt. Toch antwoorden in de enquête steeds meer dan 10 procent dat ze voor een bepaade activiteit geen ged hebben, met op vakante gaan (36,4%, digitae enquête) as uitschieter. In het Pane Samen Leven iggen de percentages mensen die ergens geen ged voor hebben weiswaar ager, maar de percentages die zeggen wé ged te hebben niet hoger. Dit komt omdat reatief vee respondenten tot de categorie weet niet/niet van toepassing behoren, waarin ook de personen zijn ondergebracht die deze activiteit niet wien. Armoede bij mensen met beperkingen 25

28 Tabe 11: Uitkomsten van de vragen naar activiteiten over deename aan de sameneving, in de digitae enquête en het Pane Samen Leven van het Nive * Onderwerp Leuke dingen kosten vaak ged. Hebt u genoeg ged om de vogende dingen te kunnen doen? Ja Nee Weet niet /n.v.t. Digitae Pane Digitae Pane Digitae Pane enquête Nive enquête Nive enquête Nive Reizen met openbaar vervoer 84,6 61,3 11,5 5,2 3,8 33,5 Naar restaurant, café, bioscoop (fim) of theater 76,2 73,1 19,0 5,2 4,8 21,7 Naar museum of pretpark 66,7 62,6 28,6 7,4 4,8 30,0 Doen van hobby s 83,3 74,4 16,7 5,2 0,0 20,4 Vogen van cursus of krijgen van muziekes 56,0 23,9 28,0 3,9 16,0 72,2 Op vakantie gaan 63,6 76,1 36,4 7,4 0,0 16,5 Spuen kopen** - 87,4-3,5-9,1 Been ** 84,6-11,5-3,9 - * De hier vermede cijfers van het Pane Samen Leven (n=230) zijn het resutaat van een tussenrapportage op een moment dat nog niet ae gegevens waren verzamed. Omdat in de digitae enquête ook het antwoord soms we/ soms niet mogeijk was, zijn van de enquête (n=30) de personen die dat antwoord gaven niet meegeted. Dat aanta ag, afhankeijk van de vraag, tussen 4 en 9 zodat voor de cijfers over de digitae enquête gedt: 21 n 26. ** Deze onderwerpen kwamen sechts in één van beide onderzoeken aan de orde. Voor de resutaten van de digitae enquête is nog nagegaan of er een verband is tussen het hebben van vodoende ged voor iets en het beang dat men aan het betreffende onderwerp hecht. Voor drie onderwerpen - museumbezoek, meubes kopen en vakantie - werd een positief verband gevonden: in de categorie van hen die het onderwerp beangrijk vinden, bevinden zich naar verhouding méér personen die er ook genoeg ged voor hebben. Verder beek dat er één onderwerp is dat door iedereen beangrijk werd gevonden, nameijk het hebben van hobby s. Ter afsuiting van deze paragraaf geven we enkee citaten uit interviews: Je wit ook gewoon even en niet aeen maar rekenen. Atijd aeen maar met ged bezig moeten zijn. (man met verstandeijke beperkingen) Wat ik zou wien as ik ged had? Daar staat mijn hoofd heemaa niet naar, eerst moet dit aemaa eens opgeost worden. (man met verstandeijke beperkingen) As je inks kijkt zijn we eeg, as je rechts kijkt zijn we eeg en as je achter kijkt zijn we eeg. (vrouw met verstandeijke beperkingen) Het beangrijkste vind ik dat mensen eerijk zijn en dat ik weet hoe het zit. Wat heb ik, wat is betaad, wat niet. Eén keer in de twee maanden een overzicht vind ik niks. (man met verstandeijke beperkingen) Ik word zo moe van a die schuden. Dat is toch geen even! Wat moet ik, de armoede kan van mij de pest krijgen. (vrouw met psychiatrische probematiek) 26 Armoede bij mensen met beperkingen

29 3.2.2 Gevogen voor de omgeving Over de gevogen van age inkomensbesteding en armoede voor de omgeving is in ons onderzoek weinig informatie gevonden. Wat naar voren kwam, kunnen we weergeven in termen van kosten en baten. Aan de kostenkant zien we een drieta zaken: a. Armoede brengt maatschappeijke kosten met zich mee. Doordat mensen vaak in een isoement terecht komen en niet werken, gaat er een beangrijk potentiee veroren voor de sameneving. Met andere woorden, segregatie verspit taenten en kost de sameneving ged. Daarnaast zijn aan armoedesituaties ook concrete maatschappeijke kosten verbonden, zoas de kosten van huisuitzettingen. b. Armoede eidt tot sociae probemen in straat en wijk. Mensen even vaak in gedepriveerde omstandigheden en behave dat zij daar zef ast van hebben, heeft de omgeving er ook ast van (men past niet in het gangbare paatje ). c. Mensen zijn in beangrijkere mate afhankeijk van de omgeving. Een groter beroep op informee en formee netwerken is het gevog. Aan de batenkant zien we wat de omgeving van armoede kan eren en er aan kan doen. Het wegvaen van mensen in armoede doet een appé op de omgeving, op de mate waarin deze in staat is mensen bij te staan en erger te voorkomen. Daarnaast kan het diezefde omgeving zijn die, vanuit de kracht van betrokkenheid en soidariteit, mensen hept om uit de armoede te komen. Armoede maakt acunes zichtbaar en daarop kan worden georganiseerd. Dan kan het zo zijn dat het potentiee dat veroren gaat goede dingen in mensen osmaakt, zoas soidariteit (ondering contact via bijvoorbeed Facebook, uitwisseen van ideeën en tips) en het opkomende potentiee aan vrijwiigers (in voedsebanken, etc.) Ontworsteing aan armoede Soms sagen mensen er in om zich aan armoede te ontworsteen. In de interviews zijn we dat in beperkte mate tegengekomen. Ook in de iteratuur wordt hier aandacht aan geschonken. We noemen twee recente pubicaties. De Inspectie Werk en Inkomen heeft onangs een verkennende studie uitgevoerd naar de ervaringen van mensen die zich aan uitkeringsafhankeijkheid hebben weten te ontworsteen (Inspectie Werk en Inkomen, 2011). Uit deze studie, waarin via interviews informatie werd verzamed, bijkt dat ontworsteing een samenspe is tussen de bijstandsgerechtigde, diens persoonijke kenmerken, zijn sociae omgeving, de werkcoach en de werkgever. Het is aannemeijk dat een succesvo traject begint met een positieve opsteing van de ciënt. Voor bijna ae geïnterviewden gedt dat er sprake is van een intrinsieke motivatie om uit de uitkering te komen. Vanuit een duideijke wi om te werken streven zij naar onafhankeijkheid. Deze motivatie weerspieget zich in persoonijke eigenschappen as doorzettingsvermogen en initiatief nemen. De samenvattende concusie van de studie uidt dat een positieve opsteing van de kant, gekopped aan een individuee en stimuerende benadering van een werkcoach, eidt tot de grootste kans op uitstroom uit de armoede. Ook het Sociaa en Cuturee Panbureau deed onderzoek naar de omvang en oorzaken van uitstroom uit armoede (Hoff, 2010). In dit onderzoek werden ruim 300 personen die in 2004 tot een huishouden met een inkomen onder de age-inkomensgrens behoorden, in 2007 ondervraagd over hun werkwiigheid en de redenen die daaraan ten grondsag iggen, over de activiteiten die zij hebben ondernomen om aan een baan te komen, en over hun opvattingen over werken en niet-werken. De beangrijkste concusie die uit het onderzoek vat te trekken, is dat het hebben of vinden van een betaade baan niet automatisch eidt tot uitstroom uit armoede. Echter, degenen die daadwerkeijk uit de armoede zijn geraakt, hebben dit in veruit de meeste gevaen we direct of indirect aan werk te danken. Het vinden van (meer uren) betaad werk is dus inderdaad een goede manier om boven de armoedegrens uit te komen. Ook werden in dit onderzoek de werkzame factoren van de uitstroom uit armoede in beed gebracht. De betreffende figuur hebben we as bijage 3 opgenomen. Armoede bij mensen met beperkingen 27

30 We merken op dat beide onderzoeken uitsuitend focussen op de ro van de persoon en niet of nauweijks ingaan op de omgevingsfactoren die bij de ontworsteing uit armoede een ro kunnen speen. Zij doen dus maar beperkt recht aan de compexiteit van oorzaken en gevogen en de ondersteuning van armoede. De suggestie wordt gewekt dat het, as je maar je best doet en een goede coach hebt, we goed komt. Zo eenvoudig is het niet, zeker niet voor de groep waar wij het over hebben, nameijk kwetsbare mensen die toch a vaak een onoverbrugbare achterstandsituatie hebben Armoedeparadox Overigens heeft de reatie tussen incusie en armoede ook paradoxae kanten. Zoas we zagen, verkeint armoede de mogeijkheden op deename aan de sameneving. Tegeijkertijd is het zeker niet zo dat toename van deename de armoede doet afnemen. Het tegenovergestede kan zefs het geva zijn. Bijvoorbeed, iemand die werk vindt en hierdoor dus meer aan de sameneving kan deenemen, beschikt over meer inkomen waardoor hij uit aerei financiëe regeingen en tegemoetkomingen kan vaen en zijn inkomen netto daat. Of hij za bij een werkeijke stijging van inkomen meer ast krijgen van schudeisers. Ook iemand die zefstandig gaat wonen, oopt meer risico op schudeisers en besagegging. Zo kunnen zaken die op het oog gunstig zijn, in de praktijk ongunstig werken en zich tegen de persoon keren. Op de achtergrond speet hierbij dat mensen met beperkingen die in armoede verkeren, wanneer zij verbonden zijn aan een (intramurae) zorginsteing, een beschermende status genieten. Zij worden dan niet geprikked om aan meer incusie te doen. Dus eenmaa in armoede, ijkt het asof je, wanneer je wit werken aan incusie, juist de armoede in de hand werkt. 3.3 Samenvatting De beangrijkste bevindingen uit de voorafgaande paragrafen zijn in het vogende overzicht bijeengebracht. 28 Armoede bij mensen met beperkingen

31 Oorzaken van financiëe probemen en armoede zijn te vinden in zowe de persoon as zijn omgeving. Beangrijke primaire persoonijke factoren zijn de competenties waarover iemand beschikt, de vereidingsgevoeigheid en niet de weg weten naar passende regeingen en ondersteuning. Secundaire persoonijke factoren zijn versaving, het a dan niet hebben van werk en de tegensagen die op het evenspad zijn gekomen. Factoren in de omgeving betreffen de werking van de wet- en regegeving, het niet aansuiten van de regegeving en van de werkwijze van instanties op de (on) mogeijkheden van kwetsbare mensen, het gezin van herkomst, de aanwezigheid van dagactiviteiten en het netwerk van vrienden en famiie. Inkomensprobematiek heeft bij vee mensen met beperkingen een grote impact op hun kwaiteit van bestaan. Diverse domeinen van kwaiteit van bestaan ichameijk webevinden, psychisch webevinden, interpersoonijke reaties, deename aan de sameneving, materiee wezijn, zefbepaing - staan onder druk. Vaak zijn kenmerken van de persoon en kenmerken van de omgeving tegeijkertijd en in samenhang met ekaar werkzaam as oorzaak van armoedeva. Ook oorzaken en gevogen vormen grijpen veea in ekaar in: er ontstaat een spiraabeweging richting armoede. De in de vorige paragrafen beschreven oorzaken en gevogen geven we in één figuur, een zogenaamde mindmap, weer (figuur 4). Figuur 4: Overzicht van oorzaken en gevogen van armoede bij mensen met beperkingen'. Armoede bij mensen met beperkingen 29

32 4. Preventie en ondersteuning bij armoede De oorzaken en gevogen van armoede - in het bijzonder de patronen die daarbij zichtbaar zijn - hebben we in het vorige hoofdstuk in kaart gebracht. Het derde onderdee van ons mode is preventie en ondersteuning. Bevindingen daarvan worden in dit hoofdstuk beschreven. In ons conceptuee mode gaat het dus om het onderste dee (donkerbauw in Figuur 5). Figuur 5: Het in deze paragraaf besproken dee van het mode van armoede bij mensen met beperkingen Bij dit onderdee maken we onderscheid tussen drie soorten ondersteuning: de ondersteuning vanuit wet- en regegeving, de informee hup en ondersteuning door famiie, netwerk en vrijwiigers en de formee ondersteuning door gemeenten en reguiere zorgaanbieders. Op ek van deze drie vormen gaan we afzonderijk in. Ook in dit hoofdstuk maken we gebruik van de resutaten van zowe de interviews en de iteratuurstudie as van de twee aanvuende databestanden (de eigen digitae enquête en het Pane Samen Leven van het Nive). 4.1 Wetteijke regeingen Armoede is een compex probeem dat door preventie en ondersteuning in zekere mate geregueerd kan worden. Twee beangrijke instrumenten om financiëe probemen te voorkomen en/of mensen uit de probemen te hepen zijn budgetbeheer en inkomensbeheer. Rondom budgetbeheer zijn er drie soorten hup (zie tabe 12). 30 Armoede bij mensen met beperkingen

33 Tabe 12: Vormen van hupverening rondom budgetbeheer (Bron: Oort & Prins, 2011) Soort hup Omschrijving Voor wie Budgetbeheer Overname van de (gehee) Mensen die hun administratie niet zef financiëe administratie. op orde kunnen houden. Budgetadvisering/ Regematige ondersteuning om goed zicht Mensen die (tijdeijk) een steuntje in de budgetcoaching op de financiëe administratie te houden. rug nodig hebben om hun financiëe zaken goed op orde te krijgen en/of te houden. Budgetbegeeiding Af en toe ondersteuning om zaken door te Mensen die hun financiëe zaken zef open en te kijken of de financiëe (weer) goed op orde kunnen houden administratie nog goed oopt. maar die het nog nodig hebben dat iemand af en toe een oogje in het zei houdt. Dit kan bijvoorbeed in de vorm van advies geven bij het aanvragen van toesagen. Bij de eerstgenoemde hupvorm, waarbij de gehee financiëe administratie wordt overgenomen, kan sprake zijn van bewindvoering. Dit is een formee beschermingsmaatrege die door de kantonrechter wordt opgeegd. Er zijn ook andere beschermingsmaatregeen, maar bewindvoering is de enige die specifiek van toepassing is op het gebied van financiën (zie tabe 13). Tabe 13: Beschermingsmaatregeen Burgerijk Wetboek in de rechtspraktijk (Bron: Oort & Prins, 2011) Maatrege Voor wie Wanneer Termijn Machtiging Iedereen die op dat moment een aanta zaken niet kan of wi regeen. Bij afwezigheid, ziekte of om een andere reden. Meesta voor een korte periode. Vomacht Iedereen die op dat moment een aanta zaken niet zef kan of wi regeen. Bij afwezigheid, ziekte of om een andere reden. Meesta voor een korte periode, maar as iemand dat zo wenst is een angere periode ook mogeijk. Zaakwaarneming Iedereen die op dat moment een aanta zaken niet zef kan regeen. Bij afwezigheid. De termijn die nodig is om zaken op te ossen, totdat de betrokkene het weer zef kan doen. Curatee Personen die verkwistend zijn, aan een geesteijke stoornis ijden of in het geva van extreem drankmisbruik. As de persoon zef niet meer in staat is om zijn eigen zaken te regeen. Voor zoang de kantonrechter dat bepaat. Bewindvoering Personen die hun financiëe zaken niet goed kunnen beheren. As de persoon zef niet meer in staat is om zijn eigen financiëe zaken te regeen. Voor zoang de kantonrechter dat bepaat. Mentorschap Personen die geen besissingen op persoonijke evensgebieden kunnen nemen. As de persoon zef niet meer in staat is om besissingen op persoonijke evensgebieden te nemen. Voor zoang de kantonrechter dat bepaat. Armoede bij mensen met beperkingen 31

34 As het echt uit de hand is geopen, is schudhupsanering een optie. Dit is een ingewikked en veeeisend traject (zie Box 5). Uit de interviews die we met deskundigen hebben gehouden, vat op te maken dat het beroep op schudhupsanering onder mensen met beperkingen toeneemt. Box 5: Schudhupsanering De Wet Schudsanering Natuurijke Personen (WSNP) Doe van de WSNP is dat mensen na een periode waarin ze hun schuden afbetaen, weer met een schone ei kunnen beginnen. Voorwaarden tot toeating zijn: minneijk traject (op vrijwiige basis je schuden aten saneren) is niet meer mogeijk, kans op succesvo dooropen van het WSNP traject moet groot zijn en er moet een WSNP- verkaring zijn (waarin informatie over schuden en vermogen zijn opgenomen en een verkaring van de gemeente waarin staat dat er geen minneijk akkoord mogeijk is en wat de redenen daarvoor zijn). As iemand in aanmerking wi komen voor de WSNP moet een verzoekschrift bij de rechtbank worden ingediend, door betrokkene zef of door de gevomachtigde. De rechter doet een uitspraak. As de persoon in kwestie kan deenemen aan het traject van de WNSP wordt een bewindvoerder aangested die zorgt dat het vonnis wordt uitgevoerd. Onderdee daarvan is dat betrokkene eert met ged om te gaan. De schudenaar zef moet drie jaar of anger op een minimuminkomen even, moet zich inspannen om zovee mogeijk schuden af te betaen en is in een aanta zaken niet handeingsbevoegd (mag geen krediet afsuiten of nieuwe schuden maken). Ae post gaat naar de bewindvoerder. Uit ons onderzoek in het bijzonder de interviews bijkt ten aanzien van deze wetteijke vormen van ondersteuning het vogende: a. Er zijn diverse instanties werkzaam op het terrein van schudhupverening. Vee bieden meerdere vormen van ondersteuning aan (bewindvoerderschap, beheer ciëntgeden, administratieve ondersteuning bij PGB, invuacties beastingformuieren in wijkcentra). b. Bij wetteijke vormen van ondersteuning doen zich bij mensen met beperkingen spanningen voor, zoas die tussen het hebben van eigen regie en worden gebudgetteerd. Ook geeft men aan spanning te ervaren doordat men geen zicht heeft op wat er met het eigen ged gebeurt. Er is wantrouwen. c. Er is gebrek aan bewindvoerders. De tarieven die bewindvoerders rekenen, kunnen een probeem zijn voor mensen met een zeer beperkt inkomen. d. Trajecten van schudhupsanering vragen erg vee van mensen. Om er in te komen moet je aan vee voorwaarden vodoen, bijvoorbeed een goed beed hebben van een huishoudboekje (dat is vaak net het probeem). Het kost ook vee werk om ae schuden in kaart te brengen. e. Het komt de betreffende mensen met financiëe probemen ten goede as de schudhupverening integraa van karakter is. Integrae schudhupverening staat voor het combineren van ae middeen en mogeijkheden om tot een goede schudhupverening te komen. Dit betekent dat de hupverener aandacht heeft voor ae mogeijkheden, zoas het minneijk traject (waarin je op vrijwiige basis je schuden aat saneren), schudsanering, WSNP en faiissement. 32 Armoede bij mensen met beperkingen

35 Enkee citaten uit interviews: Die schudhupverening is hee zwaar voor mensen. Je moet aes in kaart brengen en je mag geen nieuwe schuden maken. Door een boete kan aes a in duigen vaen. (begeeidster) Schudhupsanering hakt er in, hoor. As je aeen a ziet wat iemand aan moet everen aan overzichten van schudeisers, etc. Een hee administratie en dat kunnen vee mensen a niet. Wie moet dat dan voor hun doen? En zie maar eens rond te komen van 50 euro per week. (begeeidster) Bij die schudhupverening. Ze eten het boed onder je nages vandaan waarom heb je schuden? (man met psychiatrische probematiek) Sommige zorgorganisaties voor mensen met beperkingen geven voorichting aan hun ciënten over de wetteijke kant van gedbeheer en gedhupverening. Een voorbeed hiervan is Pameijer die een speciae website heeft ontwikked (zie Box 6). Box 6: Voorichting door zorgorganisatie Pameijer aan haar ciënten Voorichting door Pameijer Zorgorganisatie Pameijer heeft een aparte site gemaakt waarop ciënten binnen en buiten de organisatie informatie kunnen vinden die kan hepen bij het op orde krijgen en houden van hun financiën. De site bevat ook vee informatie over wet- en regegeving. We ichten er twee onderwerpen uit: professionee hup bij schuden en agemene regeingen en tegemoetkomingen. Professionee hup bij schuden De site zegt hierover het vogende: De gemeente waarin je woont, is verantwoordeijk voor de schudhupverening. Vraag bij de gemeente na, bij wie je voor schudhupverening terecht kunt. De schudhupverening za eerst proberen samen met de schudeisers tot een opossing te komen: dit heet het minneijk traject. As dit niet mogeijk is, za er een wetteijk traject moeten worden ingezet. Minneijk traject De schudhupverening in bijvoorbeed Rotterdam wordt door de Krediet Bank Rotterdam (KBR) uitgevoerd. Je moet een aanmedingsformuier invuen en opsturen. Vervogens wordt er een afspraak voor een intake gesprek gemaakt. Hierin wordt je hee financiëe situatie bekeken. De medewerker van schudhupverening gaat uitzoeken of een minneijk traject tot de mogeijkheden behoort. Dit betekent dat in dit geva de KBR afspraken gaat maken met schudeisers om betaingsregeingen te treffen. As je niet genoeg middeen hebt om regeingen te betaen of as niet ae schudeisers akkoord gaan, kan het minneijk traject niet tot stand komen. As het minneijk traject niet tot stand kan komen, krijgt je een zogenoemde beëindigingbrief. Deze brief moet goed bewaard bijven. In de correspondentie met schudeisers kan deze brief bijgevoegd worden om aan te tonen dat er een traject oopt voor schudsanering. Ook krijgt je een aanmedingsformuier om aanspraak te maken op de wet Wsnp (Wet schudsanering natuurijke personen). Wsnp Wsnp staat voor Wet schudsanering natuurijke personen. Bij het Wsnp traject moet je voor de rechter verschijnen om uiteg te geven over het ontstaan van de schuden en hoe je in de toekomst gaat voorkomen dat er weer schuden ontstaan. Je krijgt direct te horen of je we of niet in aanmerking komt voor de Wsnp. As je in aanmerking komt gebiedt de rechter ae schudeisers akkoord te gaan met een regeing om een gedeete van de schud kwijt te scheden. Je krijgt dan ook een bewindvoerder voor de Wnsp aangewezen. Het traject duurt meesta drie jaar. Drie jaar ang gaat ae post naar de bewindvoerder en eef je op 90% van Armoede bij mensen met beperkingen 33

36 het minimum inkomen. Na deze drie jaar moet je nog een keer naar de rechter waar je een zogenoemde schone ei krijgt. As je niet in aanmerking komt voor de Wsnp za je faiiet worden verkaard. Dit betekent dat de schuden bijven bestaan, zo ang deze nog niet zijn afbetaad. Je krijgt een curator toegewezen. De curator heeft het beheer en de beschikking van het vermogen van jou. Agemene regeingen en tegemoetkomingen Hierover zegt de site het vogende: As je minder gedt te besteden hebt, zijn er een aanta regeingen en tegemoetkomingen waar je misschien we gebruik van kunt maken. Vervogens worden 11 regeingen genoemd en uitgeegd: WTcg (Wet Tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten), bijzondere bijstand, angdurigheidtoesag, toesag UWV, beasting, gemeenteijke beastingen, huurtoesag, zorgtoesag, Rotterdampas, kedingbank Rotterdam en voedsebank. (Bron: Informee hup en ondersteuning Naast de mogeijkheden die de wet- en regegeving biedt, is er bij inkomensprobematiek in de eerste paats de informee hup en ondersteuning. Deze hup wordt bijvoorbeed gedaan door famiie of door netwerken van mantezorgers of vrijwiigers. Ook ervaringsdeskundigen kunnen dee uitmaken van deze netwerken. Vaak gaat het om ondersteuning in het voeren van administratie en hup bij het invuen van formuieren, zoas die van de beasting. Uitgangspunt bij informee ondersteuning is dat mensen en hun netwerk zef de regie hebben. Enkee citaten uit interviews: Mijn ouders zijn hee beangrijk voor me en hepen me om de zaken op een rij te zetten. (man met verstandeijke beperkingen) Ik wi eigenijk geen steun van mijn ouders, ik wi onafhankeijk bijven. (man met verstandeijke beperkingen) Er zijn ook georganiseerde vormen van informee hup. We geven hieronder drie voorbeeden: het initiatief SchudHupMaatje (Box 7), het project Taentcoach (Box 8) en de Papermates in Amsterdam (Box 9). Box 7: Voorbeed van informee hup: SchudHupMaatje SchudHupMaatje SchudHupMaatje is een initiatief van de kerkeijke organisaties in Nederand en het patform voor Christeijke Schudhuppreventie (PCS). Dit vrijwiigersproject is hun gezamenijke antwoord op de toenemende schudenprobematiek. De aanpak richt zich erop dat mensen eren hoe zij een financiee gezond even kunnen eiden. Dus geen symptoombestrijding, maar structuree hup die uitkomst biedt voor de ange termijn. A veertig paatsen zijn actief met SchudHupMaatje. Het andeijke projectbureau organiseert de training en geregede bijschoingen van de maatjes. Ook biedt dit bureau ondersteuning bij de start van een okae afdeing en het waakt over de kwaiteit van de okae werkgroep. 34 Armoede bij mensen met beperkingen

37 De vrijwiigers bieden verschiende soorten hup: Orde brengen in de administratie zodat er overzicht komt. Leren budgetteren. Ondersteuning in een traject van schudsanering, want het is niet gemakkeijk om dat drie jaar vo te houden. Nazorg na de schudhup, om terugva te voorkomen. De vrijwiigers vogen een driedaagse cursus over schudhup en hoe je iemand daarin met wijsheid kunt ondersteunen. Daarnaast vogen zij gereged bijschoing. Een SchudHupMaatje neemt niet het werk over van professionee hupvereners, maar vut het aan en ondersteunt het. Indien nodig za het maatje doorverwijzen naar de juiste instantie. De grote meerwaarde van een maatje is dat hij/zij tijd heeft. Voor een kop koffie aan de keukentafe en een goed gesprek. En om te hepen met het invuen van ingewikkede formuieren. En om eventuee mee te gaan naar de rechtbank of de Sociae Dienst van de gemeente. (Bron: Box 8: Voorbeed van informee hup: Taentcoach Taentcoach Taentcoach maakt onderdee uit van De Regenboog Groep, een organisatie die zich inzet voor mensen met sociae probemen, voor dak- en thuisozen, versaafden en voor mensen met psychiatrische kachten. De organisatie zorgt vanuit de 10 inoophuizen voor opvang, hupverening, zinvoe dagbesteding en werk. De brochure over Taentcoach bevat de vogende tekst: Eén op de vijf Amsterdammers eeft op of onder de armoedegrens. Ondanks de wevarendheid van ons and is er sprake van een groep van rond de anderhaf mijoen armen. Arm zijn behest vee meer dan de rekeningen niet kunnen betaen. Armoede eidt veea tot het hebben van een keine eefwered, het gevoe hebben kansen te missen en geen regie over het eigen even hebben. Taentcoach vindt dat we Amsterdammers weer op hun kracht en taenten moeten aanspreken. Dus geen nadruk op: Wat kun je niet? Maar: Wat kun je we? Aangeboden: je eigen coach Je bent net uit een da gekommen van financiëe probemen, ziekte of andere narigheid en wi weer toekomen aan jezef. Misschien denk je aan zingen, schrijven, sporten, (vrijwiigers-) werk, een cursus of opeiding. Misschien heb je nog geen idee. Of weet je niet hoe je het moet aanpakken. Heb je niemand die met je mee kan denken? Med je dan aan bij Taentcoach. Wij koppeen jou aan een getrainde vrijwiiger, die je hept ontdekken wat jouw taenten zijn en waar jouw kracht igt. Eke week of twee weken gaan juie aan de sag. Zodat jij weer doet waar je bij van wordt. Meer weten? Med je aan as deenemer en ga met een Taentcoach aan de sag. Be voor meer informatie met (naam en teefoonnummer vogen) of mai naar Armoede bij mensen met beperkingen 35

38 Gevraagd: aankomende taentcoaches As taentcoach denk je mee over wat iemand euk vindt en hoe je dat vervogens in de praktijk kan brengen. De coaching is gericht op een positieve verandering in iemands even en gedrag. Hoe hoog de at wordt geegd bepaat de kant. Misschien wordt iemand hee bij as de nieuwe kantinedame van de paatseijke voetbavereniging, of wi iemand atijd a een eigen winke beginnen. De Taentcoach is een vraagbaak en steun en toeveraat, een romode en de spreekwoordeijke stok achter de deur. Ben je minimaa 21 jaar, woon je in Amsterdam of omgeving, ben je communicatief vaardig en heb je affiniteit met coaching, armoede en/of de doegroep? Heb je bij voorkeur een mbo+ werk en/of denkniveau en sta je actief in het even? Dan wien wij graag met je kennismaken. Med je aan as vrijwiiger bij [email protected] of be met (naam en teefoonnummer vogen). (Bron: Box 9: Voorbeed van informee hup: de Papermates De Papermates Steeds meer mensen krijgen probemen met ingewikkede brieven en formuieren. Of ze raken het overzicht over hun financiën kwijt en kunnen niet meer rondkomen. MEE Amste & Zaan is daarom met enkee wezijnsorganisaties het project Papermates gestart. Mensen met een (icht) verstandeijke beperking en niet-aangeboren hersenetse kunnen zefstandig bijven wonen as schuden worden voorkomen (preventie) of as zij begeeid worden naar de schudhupverening. Een papermate is een maatje bij papieren en ged, een vrijwiiger die thuis hept de post te ordenen. En die meegaat naar schudhupverening, as dat nodig is. Een papermate biedt naast een MEE-consuent een extra steuntje in de rug. Het project is eerst uitgezet in een stadsdee. Nu wordt het project in hee Amsterdam uitgevoerd in samenwerking met maatjesproject VONK. Inmiddes hebben andere gemeenten beangsteing voor deze aanpak. (Bron: MEE Nederand, 2012) 4.3 Formee hup en ondersteuning Naast de mogeijkheden van de wet- en regegeving en de informee hup en ondersteuning kan er, ter aanvuing van aatstgenoemde, sprake zijn van formee hup en ondersteuning, door gemeenten en reguiere organisaties voor mensen met beperkingen. Een voorbeed van aatstgenoemde organisaties is Pameijer (zie paragraaf 4.1, Box 6). Met betrekking tot deze categorie van ondersteuning aten de onderzoeksresutaten in het bijzonder de interviews - het vogende zien: a. Zorgorganisaties en gemeenten krijgen steeds meer met de financiëe probematiek van mensen met beperkingen te maken, zowe direct (in het contact met hun ciënten) as indirect (via bewindvoerders en schudhupverening). b. In het omgaan hierover met hun ciënten ervaren zorgorganisaties vaak handeingsveregenheid, onder meer as gevog van (te) weinig kennis over zaken rond ged en inkomen bij begeeiders. Ook ontbreekt het vaak aan het vermogen om samen met de ciënt de weg in de bureaucratie te vinden. c. Een extra drempe is dat in zorgorganisaties ondersteuning bij financiën steeds meer wordt osgekopped van de feiteijke zorg en ondersteuning. Dat is een beangrijke trend op dit moment. 36 Armoede bij mensen met beperkingen

39 d. Net as bij de wetteijke ondersteuning (zie paragraaf 4.1) doen zich ook hier diemma s voor die te maken hebben met de voorkeuren en stress bij ciënten. Bijvoorbeed spanningen tussen de eigen regie en worden gebudgetteerd. Of spanningen doordat men aangeeft geen zicht te hebben op wat er met m n ged gebeurt (wantrouwen). e. In de ondersteuning wordt van groot beang gevonden om mensen in hun kracht te brengen. Dus: werken aan zefredzaamheid en empowerment. Goede voorbeeden van buiten de organisatie kunnen daarbij inspirerend zijn. Bijvoorbeed aerei externe websites over omgaan met gedprobemen en initiatieven en projecten uit de informee circuits (zie ook de vorige paragraaf). f. In zorgorganisaties is er behoefte aan een checkist voor begeeiders. Bij het maken van die checkist kan gebruik worden gemaakt van de aandachtspunten die in interviews zijn genoemd (zie Box 10). Box 10: Aandachtpunten voor begeeiders in het ondersteunen van mensen met beperkingen op het gebied van financiëe probemen (voortgekomen uit de interviews) Aandachtpunten voor begeeiders Ben je bewust van de oorzaken en gevogen van financiëe probematiek. Probeer in de ondersteuning zovee mogeijk mensen in hun kracht te brengen en het onderwerp bespreekbaar te maken. Het gaat om empowerment, dat wi zeggen het versterken van competenties (bijvoorbeed: omgaan met ged, eren nee zeggen). Vind je weg in reges en wetten. Zorg voor een aandachtfunctionaris op de werkvoer die je as begeeider gemakkeijk kunt aanspreken. Leg de reatie met het individuee ondersteuningspan. De ondersteuning op het gebied van gedzaken kan toos opeveren voor dit pan. Geef bijzondere aandacht en begeeiding in het geva van verkeerde netwerken. Verwijs door en boor zo nodig andere bronnen aan. En weet deze bronnen ook te vinden, zoek naar de juiste ondersteuning en instanties. Heb oog voor de informee ondersteuning. Schake ook het eigen netwerk van de ciënt in. Maak je eigen checkist, toegesneden op situatie en ciëntengroep. Dee je ervaringen met anderen. Enkee citaten uit interviews: Het is ook beangrijk om extra potjes aan te boren. Vaak zijn begeeiders onvodoende op de hoogte en bijft er ged op de pank iggen. (begeeidster) Het is beangrijk dat begeeiders weten waar ze de informatie kunnen ophaen en wie ze daarvoor kunnen inschakeen. (begeeidster) In zowe de digitae enquête as het Pane Samen Leven van het Nive zijn enkee vragen over de ondersteuning in gedzaken gested. In tabe 14 vermeden we de uitkomsten daarvan. Uit beide onderzoeken bijkt dat een grote meerderheid hup of ondersteuning bij het regeen van de financiën krijgt. Vrijwe iedereen is, atijd of meesta, tevreden over die ondersteuning. Armoede bij mensen met beperkingen 37

40 Tabe 14: Uitkomsten van de vragen naar ondersteuning bij het regeen van financiën, in de digitae enquête en het Pane Samen Leven van het Nive Gestede vragen Ja Nee Weet niet /n.v.t. Digitae Pane Digitae Pane Digitae Pane enquête Nive enquête Nive enquête Nive Krijgt u hup of ondersteuning bij 76,7 89,6 23,3 6,5 0,0 0,0 het regeen van uw financiën? (n=23) (n=206) (n=7) (n=15) (n=0) (n=9) Zo ja, bent u tevreden over de hup of ondersteuning? Atijd 60,9 88,3 (n=14) (n=182) Meesta we 39,1 7,3 (n=9) (n=15) Vaak niet 0,0 1,9 (n=0) (n=4) Nooit 0,0 0,5 (n=0) (n=1) Weet niet/n.v.t. 0,0 1,9 (n=0) (n=4) Preventie van armoede en ondersteuning, daar waar armoede haar intrede heeft gedaan, vraagt vee van professionee begeeiders. Het is beangrijk dat begeeiders daar goed toegerust voor zijn. In het verengde van de hiervoor vermede ijst met aandachtspunten (zie Box 10) noemen we as beangrijkste competentie: Samen met de persoon die je ondersteunt, je onderdompeen in de situatie, die situatie samen met de persoon proberen te ezen en vervogens samen kijken wat opossingsrichtingen kunnen zijn, om daar vervogens ook samen uit te kiezen. Met deze basiscompetentie doe je recht aan de compexiteit, die zich immers niet aat vangen in rijtjes met wat je zou moeten doen. Aan de basis van deze competentie iggen respect en geijkwaardigheid. Andere competenties zijn hiervan afgeeid: De ciënt wegwijzen in de mogeijkheden van dageijkse en niet dageijkse financiëe ondersteuning (formee en informee). De ciënt ondersteunen in het bewust worden van de gevogen van secht financiee beheer en armoede en hem/ haar eren omgaan met die gevogen. Creatieve (goedkope) opossingen kunnen aanreiken om incusie te vergroten. Goede voorbeeden kunnen aten zien. Kennis inbrengen over financiëe zaken en het omgaan met diemma s op dat gebied (zoas: waarvoor is de organisatie verantwoordeijk en waarvoor niet). Kennis inbrengen over de omgeving, c.q. het netwerk en de juiste instanties waarnaar een ciënt verwezen kan worden. 38 Armoede bij mensen met beperkingen

41 Waar het gaat om preventie van financiëe probematiek en daaruit voortvoeiende schudhupverening, zijn er ten aanzien van mensen die aangewezen zijn op financiëe ondersteuning twee richtingen te onderscheiden: Informatie en voorichting. Agemene voorichting over bijvoorbeed de mogeijkheden die er zijn om je inkomen te verhogen (huurtoesag, zorgtoesag, e.d.) dan we, as het niet anders kan, op het gebied van schuden en schudhupverening. Cursussen en trainingen. Bijvoorbeed over budgettering of hoe je met ged moet omgaan. Deze cursussen en trainingen worden gevogd door mensen die nog niet in de schuden zitten, maar ook door mensen die a schuden hebben of a een hee traject van schudhupverening achter de rug hebben. Vaak zijn zij toegesneden op bepaade doegroepen: jonge mensen, (icht) verstandeijk gehandicapten of mensen met psychische kachten. We zien deze tweedeing terug in de activiteiten en werkzaamheden van afzonderijke organisaties. Ter iustratie geven we hieronder vier voorbeeden, nameijk de wijze waarop door MEE Zuidoost Brabant ondersteuning en preventie wordt geboden (Box 11), de activiteiten van de gemeente Hemond (Box 12), het trainingsaanbod van Stichting De Vonk in Tiburg (Box 13) en de website (Box 14). Verder zijn er ta van websites met informatie en voorichting, ook voor mensen met beperkingen en hun verwanten. In bijage 4 geven we een aanta voorbeeden. Box 11: Ondersteuning en preventie op het gebied van financiëe probemen bij mensen met beperkingen door MEE Zuidoost Brabant Ondersteuning en preventie door MEE Zuidoost Brabant De benadering van deze MEE- organisatie in de begeeiding en ondersteuning is as vogt: Samen met de persoon wordt, ontdaan van aerei franje, heder geanayseerd wat er met hem/haar gebeurt. Op basis daarvan wordt persoonsgerichte ondersteuning geboden. Die ondersteuning vindt paats vanuit respect en met het uitgangspunt dat je de ander zefbepaend moet aten zijn ( Dit kan ik zo en zo besturen ). MEE hept de ciënt op weg, zet met hem/haar aes op een rij. Ondersteuning is gericht op aaneren in keine stapjes. Hoe aag het niveau ook is, atijd is er wat te eren. Bijvoorbeed: (1) Op het terrein van post en administratie kan een ciënt geeerd worden om de post vast in stapetjes te sorteren voordat de begeeider komt (post van bank, post van verhuurder, etc.), kan men de post van één of meer stapetjes a vast open maken, kan men post ezen, kan in gevaen waarbij post moet eiden tot actie (teefoontje bijvoorbeed) die actie a ondernomen worden. Er is met andere woorden een hiërarchie van handeingen te maken. (2) Iemand wi graag een vriendin. Je kunt zo iemand eren dat je daar zef in kunt sturen door jezef goed te verzorgen, jezef te wassen en schonen keren te dragen. Of eens naar de diëtiste te gaan. En dat je financiee je zaken op orde moet hebben. (3) Je eert iemand stap voor stap aan hoe de website van de gemeente Hemond werkt (die aparte deen heeft over de Wmo en schuddienstverening). In het agemeen gedt: schuden aanpakken betekent gedrag aanpakken en dus attitudes aanpakken. Op het gebied van preventie doet MEE Zuidoost Brabant het vogende: Twee medewerkers hebben de cursus Armoede onder de oep (zie Box 13) gevogd en zijn getraind om de materie aan coega s door te geven. Het gaat in deze cursus onder andere over de kenmerken van armoede, de piramide van Masov en de zefbepaing daarin. De groepscursus Grip op de knip voor ciënten. Wat doet recame bij je? Hoe kun je een kasboekje bijhouden? Achteriggende gedachte is dat omgang met ged vee meer op schoen onderwezen Armoede bij mensen met beperkingen 39

42 zou moeten worden, onderdee zou moeten zijn van het pakket van informatie en voorichting waar ook seksuee voorichting in zit. Er is een interactief toneestuk dat door eeringen van het ROC wordt uitgevoerd en waarin bijvoorbeed de vraag wordt behanded: wat as je schuden hebt? (Bron: interview) Box 12: Activiteiten van de gemeente Hemond op het terrein van inkomensprobematiek Gemeente Hemond De gemeente Hemond is ten aanzien van inkomensprobematiek actief op de vogende punten: In het basisonderwijs is er het educatieprogramma cashen. Er is het Armoedepatform Hemond. Daar maken 30 insteingen dee van uit, waaronder MEE Zuidoost Brabant. Het patform heeft werkgroepen, bijvoorbeed over de Wet werken naar vermogen en over ged en jongeren. De deename aan het patform heeft geeid tot een interne notitie van MEE over deze probematiek. Het voortraject voor schudhupverening wordt nu door de gemeente uitbesteed aan organisaties, waardoor aes efficiënter kan veropen. Er is geen voedsebank in Hemond, maar we een Sociae super, waar mensen zeer goedkope artikeen kunnen kopen. Deze is ondergebracht bij de SMO (Stichting Maatschappeijke Opvang). (Bron: interview en Box 13: Trainingsaanbod van Stichting De Vonk in Tiburg Stichting De Vonk Stichting De Vonk in Tiburg beoogt a degenen die zich aangesproken voeen, de hepende hand te bieden bij het vorm geven aan hun maatschappeijke verantwoordeijkheid voor een meer rechtvaardige en sociae sameneving. Speerpunten hierbij zijn armoede en sociae uitsuiting. Twee trainingen van De Vonk op het gebied van armoede zijn: Training Armoede onder de oep voor beroepskrachten. Deze training van één dagdee wordt aangeboden aan beroepskrachten in het buurt- en opbouwwerk, het ouderenwerk, de thuiszorg, de GGD en maatschappeijk werk. Zij biedt een instrument om naar armoede te kijken en signaen beter te interpreteren zodat er meer hup op maat geboden kan worden. Mastercass Oog voor Armoede voor werkers in de jeugdzorg. Deze heeft as doe werkers in de jeugdzorg meer aert te doen zijn op armoede in gezinnen. Het is een samenwerkingsproject tussen De Vonk en Bijzondere Jeugdzorg Brabant. Door de speciaa hiervoor ontwikkede mastercass 40 Armoede bij mensen met beperkingen

43 met achtergrondinformatie en sociae kaart, worden de werkers bewust gemaakt van het structuree en indringende karakter van armoede en hoe insteingen de koof naar deze moeiijk bereikbare gezinnen kunnen overbruggen en daardoor effectieve hup kunnen bieden. (Bron: Box 14: Gedkompas.n Gedkompas Gedkompas.n is een format van een website die momentee door diverse gemeenten wordt gebruikt. Via deze site kan een gemeente ae initiatieven binnen gemeente of regio op een vaste en hedere wijze weergeven. Het Gedkompas is door de inzet van beed, voorgeezen teksten en kare taa uitermate geschikt voor moeiijk bereikbare doegroepen, zoas aaggeetterden. Ook mensen met beperkingen kunnen zefstandig hun weg vinden naar de juiste informatie en ondersteuning. De bezoeker kan er terecht voor bijvoorbeed gedzaken, werk, huisvesting en sociae participatie. Bovendien geeft het Gedkompas antwoord op praktische situaties zoas: Ik wi hup bij het soiciteren en Ik wi goedkoop sporten. Gedkompas is bedoed voor eke gemeente die okae armoede wi bestrijden. Het vergroot de zefredzaamheid van de doegroepen. Bovendien bevat een Gedkompas standaard een regionae sociae kaart armoedebestrijding. Hiermee is het ook geschikt voor hupvereners die informatie wien over kennisuitwisseing of doorverwijzing. (Bron: Samenvatting De beangrijkste bevindingen uit de voorafgaande paragrafen zijn in het vogende overzicht bijeengebracht. Vanuit de wet- en regegeving zijn er verschiende vormen van ondersteuning beschikbaar voor mensen met beperkingen die in financiëe nood verkeren. De twee beangrijkste vormen zijn budgetbeheer en schudhupsanering. Vaak is sprake van bewindvoering. Vee mensen met beperkingen ervaren spanningen bij bewindvoering, zoas die tussen het hebben van eigen regie en worden gebudgetteerd. Ook ervaart men spanning doordat men geen zicht heeft op wat er met het eigen ged gebeurt. Men is dan wantrouwig. Naast de mogeijkheden van wet- en regegeving is er de informee zorg en ondersteuning door verwanten en netwerken van vrienden en vrijwiigers. Op okaa niveau zijn diverse vormen van dergeijke ondersteuning beschikbaar (zie Boxen 7 t/m 9). Ter aanvuing op de informee ondersteuning is er de formee ondersteuning door gemeenten en reguiere zorgaanbieders. Deze aatste krijgen bij hun ciënten steeds meer te maken met financiëe probemen. In de praktijk is er vee handeingsveregenheid. De onderzoeksresutaten geven aan dat bij begeeiders meer competenties zijn vereist. De beangrijkste competentie is: jezef samen met de persoon die je ondersteunt kunnen onderdompeen in de situatie, die situatie samen met de persoon proberen te ezen en vervogens samen kijken wat opossingsrichtingen kunnen zijn, om daar vervogens ook samen uit te kiezen. Armoede bij mensen met beperkingen 41

44 Onze twee aanvuende onderzoeken (eigen digitae enquête en Pane Samen Leven van het Nive) aten zien dat vee ciënten tevreden zijn over de ondersteuning die hen wordt geboden. Ook vanuit dienstverenende organisaties, zowe gemeenten as gespeciaiseerde organisaties, worden aan mensen met beperkingen die in financiëe probemen verkeren of deze wien voorkomen, ta van ondersteunende diensten aangeboden (zie Boxen 11 t/m 14). 42 Armoede bij mensen met beperkingen

45 5. Aanbeveingen voor beeid en poitiek 5.1 Beschouwing van de onderzoeksresutaten Armoede is een compex probeem dat zich niet aeen manifesteert bij mensen met beperkingen. We open mensen met beperkingen extra risico s, omdat sommige factoren van armoede vaker op hen van toepassing zijn dan op andere mensen. Het gaat voor een dee om in de persoon geegen factoren. Hierbij springen ontbrekende competenties om zefstandig een financiee huishouden te voeren in het oog. Maar ook het feit dat de omgeving steeds ingewikkeder wordt en onvodoende rekening houdt met mensen die om wat voor reden dan ook niet mee kunnen komen in de mainstream is een beangrijke factor. En dat er in diezefde omgeving steeds meer wet- en regegeving komt weke een stapeend effect heeft op de inkomenspositie van mensen met beperkingen. De gevogen van dit aes zijn ingrijpend. Kwetsbare mensen die toch a gemarginaiseerd zijn, krijgen op de verschiende kwaiteitsdomeinen met grote probemen te kampen. De centrae vraag van dit verkennende onderzoek was weke gevogen armoede van mensen met beperkingen heeft voor hun deename aan de sameneving, voor incusie. Uit het onderzoek komt naar voren dat armoede vaak tot sociae uitsuiting eidt. Veea betreft het een nog verdere sociae uitsuiting, immers de netwerken waren a schraa en de mate van incusie was toch a beperkt. Dit wordt nog eens extra versterkt doordat de probemen zo groot zijn en de stress zo toeneemt dat deenemen aan de sameneving iets is waar, zoas een van de geïnterviewde het uitdrukte, zijn hoofd heemaa niet meer naar staat. Eerst maar eens uit de misère komen en voora rust in het hoofd zien te brengen. Aan de hand van ta van voorbeeden wordt heder dat as je geen cent te makken hebt, je ook niet kan deenemen en bijdragen aan de sameneving. De geïnterviewde mensen hebben zich teruggetrokken in hun eigen woning, ontvangen nauweijks tot geen bezoek en vermaken zich met speetjes op de computer en tv kijken. Ged voor vervoer, de sportcub, een dagje uit, vakanties, met vrienden de stad in, het is aemaa nee. Wat is hier aan te doen? Zijn er vormen van regegeving en ondersteuning te bedenken die het risico om in armoede te geraken kunnen voorkomen dan we de schade tot een minimum kunnen beperken? We troffen verschiende vormen aan van wetteijke, formee en informee ondersteuning, met een aanta goede voorbeeden waar we van kunnen eren. 5.2 Agemeen kader voor preventie en ondersteuning bij armoede De aanpak van het armoedeprobeem bij mensen met beperkingen in ons and behoort paats te vinden tegen de achtergrond van de deename van deze mensen aan de sameneving. Met andere woorden, de totstandkoming van de incusieve sameneving vormt het decor én uitgangspunt. Er zijn drie ekaar aanvuende strategieën om incusief burgerschap in de praktijk te brengen (Schuurman & Kröber, 2011): De top down strategie, waartoe financiering en wet- en regegeving behoren. De bottum up strategie, waarbij mensen en hun organisaties zef de regie nemen, zich roeren, actie voeren (empowerment, advocacy, etc.). Zij zijn uiteindeijk de mensen die het met ekaar moeten wien en doen. De middenstrategie, waarbij reguiere stakehoders, waaronder zorgorganisaties en overheden, zich verbinden en (door midde van push en pu ) hun verantwoordeijkheid nemen. Deze drie strategieën kunnen as vogt in beed worden gebracht (zie Figuur 6). Armoede bij mensen met beperkingen 43

46 Figuur 6: Strategieën om incusief burgerschap in de praktijk te brengen Een beangrijk instrument voor de top down strategie is het VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap (VN, 2006a, 2006b). Dit Verdrag is zowe inspiratiebron as eidraad voor incusie. In het Verdrag wordt het beed van de incusieve sameneving op domeinen uitgewerkt. Het gaat sterk uit van het sociae mode. Kern van dit mode is dat het hebben van een beperking niet gezien wordt as een individuee probeem, niet as een handicap die jou as mens buiten de sameneving paatst, maar as een probeem dat in de sameneving igt. Het probeem van de handicap is het gevog van maatschappeijke, cuturee of fysieke barrières. Dit betekent dat de sameneving verpicht is om noodzakeijke aanpassingen aan te brengen opdat mensen met beperkingen ten voe aan de sameneving kunnen deenemen. Het Verdrag maakt onderscheid tussen drie niveaus van aanpassingen 6 : 1. As norm gedt dat zo vee mogeijk aanpassingen worden gemaakt voor een zo groot mogeijke groep. Met andere woorden, as je echt incusief beeid in je vaande hebt, dan voer je geen beeid dat mensen uitsuit. Dat is het niveau van agemeen beeid. 2. As dat (nog) niet mogeijk is, kom je op specifiek beeid (zoas in Nederand Vays en het speciaa onderwijs). 3. Tensotte is er, as agemeen en/of specifiek beeid afwezig is of faat, de individuee aanpassing (bijvoorbeed de taxi of de aanpassing van de werkpek). Toegepast op het domein van ged en inkomen betekenen deze niveaus het vogende. De norm is dat aan de voorkant (niveau 1) geijke kansen worden gecreëerd, onder meer door bijvoorbeed via wet- en regegeving - meerkosten van beperkingen te voorkomen. Aan de achterkant (niveaus 2 en 3) bevinden zich speciae voorzieningen op grond van het compensatiebeginse, zoas extra uitkeringen of voorzieningen voor specifieke burgers (waaronder bijvoorbeed de voedsebanken). Ook de transitie die de komende jaren in Nederand za paatsvinden op het brede domein van wezijn en gezondheid kunnen we bezien in het kader van deze strategieën. Het gaat om een transitie in zorg, ondersteuning, participatie, onderwijs, mobiiteit en toegankeijkheid. Deze transitie is verbonden aan incusie: aeen as de sameneving incusief is, za de afhankeijkheid van reatief dure voorzieningen afnemen. Deze aatste zijn immers het gevog van een sameneving die mensen buiten suit en ongeijk behandet. De transities kunnen dus aeen sagen as de afbouw van afhankeijkheidsreaties en voorzieningen parae oopt aan de opbouw van de toegankeijke sameneving, de mogeijkheden voor geijke deename en de eigen regie. Om hier inhoud aan te geven moeten zaken wetteijk worden gereged, zodat iedere burger een goede rechtspositie krijgt: versnede opbouw van de incusieve sameneving, mogeijkheden voor eigen regie, maatwerk op basis van het compensatiebeginse, recht op een PGB, onafhankeijke 6 Zie: Coaitie voor Incusie (2010), pag Armoede bij mensen met beperkingen

47 ciëntondersteuning, transparante indicatiesteing, integrae aanpak en ciëntenparticipatie. 7 We zien hier een grote mate van top down. Maar in de transitie wordt ook vee beroep gedaan op de middenstrategie (inzet gemeenten in het kader van de Wmo en de nieuwe Participatiewet) en de bottum up strategie (groter appè op mensen zef en netwerken). 5.3 Aanbeveingen Het zojuist geschetste kader suit aan bij het onderscheid in categorieën van preventie en ondersteuning die wij in het vorige hoofdstuk maakten: wet- en regegeving (top down), informee hup en ondersteuning (bottum up) en formee hup en ondersteuning (midden). Onze aanbeveingen formueren we dan ook angs deze ijnen. Maar eerst geven we enkee agemene aanbeveingen. Ter afsuiting doen we enkee aanbeveingen voor verdere kennisontwikkeing Agemene aanbeveingen We beginnen met een drieta agemene aanbeveingen voor beeidsmakers. Aanbeveing 1: Preventie en ondersteuning van financiëe probemen en armoede bij mensen met beperkingen moet worden bezien en ingericht vanuit de visie van de incusieve sameneving, waarbij agemeen beeid de norm is. Geef hieraan uitwerking bij de impementatie van het VN-Verdrag. Aanbeveing 2: Maak armoedeprobematiek in reatie tot incusie onderdee van de monitoring van de impementatie van het VN-Verdrag. Aanbeveing 3: In het signaeren van financiëe probemen en armoede bij mensen met beperkingen hebben mensen met beperkingen, gemeenten en zorgorganisaties een gezamenijke ro. Zij vogen in die signaering een vaste route. De route die wordt genoemd in aanbeveing 3, uidt as vogt: In diaoog met de kwetsbare mensen en hun netwerk wordt nagegaan weke vraagstukken er bij deze mensen even en wat mogeijke antwoorden kunnen zijn. Dit gebeurt vanuit de invashoek van deename aan de sameneving en op ae domeinen, waaronder ged en inkomen. De benadering is dus integraa: zij gaat uit van de samenhang tussen evensdomeinen. Beangrijk onderdee is wat mensen met beperkingen zef van hun situatie vinden: wat wien zij, waar iggen hun behoeften, ervaren zij beperkingen in deename aan de sameneving (even in de buurt, werk, onderwijs, e.d.)? Het gaat hier ook om de empowerment van mensen, om het booteggen en reaiseren van voorwaarden zodat zij eigen verantwoordeijkheid en regie kunnen nemen. De uitkomst is een heder overzicht van eventuee probematiek en weke ondersteuning bij de opossing van die probematiek geboden is. Samen wordt vervogens gekeken naar wat mensen zef en hun netwerk aan opossingen kunnen reaiseren, met andere woorden wat er aan informee ondersteuning mogeijk is. En wat er over bijft aan benodigde formee ondersteuning (compensatie en aanspraak op voorzieningen). Daarna wordt met ekaar bekeken wek dee van de benodigde formee ondersteuning door agemene voorzieningen kan worden gecompenseerd en in weke vorm dat kan gebeuren. Dit aes zo incusief mogeijk, vanuit agemeen beeid, c.q. het coectieve aanbod van gemeenten zef. Samen wordt gekeken naar wat er over bijft aan benodigde ondersteuning door de specifieke voorzieningen en naar de inhoud en vorm van deze ondersteuning. 7 Zie in dit verband CG-Raad & Patform VG (2012). Armoede bij mensen met beperkingen 45

48 5.3.2 Specifieke aanbeveingen De nu vogende meer specifieke aanbeveingen zijn van het voorgaande afgeeid en betreffen de voorwaarden waaraan moet worden vodaan opdat mensen met beperkingen met financiëe probemen optimaa kunnen meedoen. Zoas gezegd, geven we ze weer vogens de ordening uit het vorige hoofdstuk: wetteijke regeingen, informee hup en ondersteuning en formee hup en ondersteuning. Aanbeveingen over wetteijke regeingen Aanbeveing 4: Reges over inkomensbeheer en schudhupverening worden door okae overheden en zorgorganisaties zo heder mogeijk naar mensen met beperkingen gecommuniceerd (design for a). Samen met Aes Toegankeijk ( kan worden onderzocht wat stappen hierin kunnen zijn. Aanbeveing 5: Inkomensbeheer en schudhupverening voor mensen met beperkingen worden op maat aangeboden, dat wi zeggen gehee toegesneden op de situatie en behoeften van de betreffende persoon. Bewindvoerders werken transparant en eggen in toegankeijke taa verantwoording af aan hun ciënten. De Brancheorganisatie Professionee Bewindvoerders en Inkomensbeheerders (BPBI) kan dit oppakken. Aanbeveingen over informee hup en ondersteuning Informee hup en ondersteuning vinden paats door mensen uit de omgeving van de persoon met beperkingen. Het is beangrijk dat deze mensen in hun werkzaamheden worden ondersteund. Aanbeveing 6: Informee netwerken van mensen met beperkingen worden naar behoeften ondersteund. De gemeente is de aangewezen instantie om dat te doen, bijvoorbeed in het kader van de uitvoering van de Wmo (prestatieved 4, ondersteuning van mantezorgers en vrijwiigers). Aanbeveingen over formee hup en ondersteuning Met formee ondersteuning bedoeen we de hup en ondersteuning die op het gebied van ged en inkomen worden geboden door enerzijds agemene organisaties, anderzijds gespeciaiseerde organisaties en voorzieningen. De agere overheid (gemeente) heeft hierin een signaerende en coördinerende taak. Vee mensen met beperkingen die hun ondersteuning op het gebied van ged en inkomen nu nog vanuit de Awbz gefinancierd krijgen, zuen bij de verdere transitie van Awbz naar Wmo tot de doegroepen van de gemeente behoren. Aanbeveing 7: Bij de formee hup en ondersteuning is het VN-Verdrag inzake de rechten van mensen met een handicap uitgangspunt. Atijd wordt gezocht naar incusieve opossingen waarbij de mensen zef en hun netwerk zovee mogeijk de regie hebben. Behave op ondersteuning aan personen dienen de activiteiten zich ook te richten op de omgeving (sociaa mode). Aanbeveing 8: Er is meer gemeenteijk aanbod nodig voor structuree ondersteuning van mensen met beperkingen die preventief werkt en voorkomt dat mensen in de schuden raken. Onderdeen van die ondersteuning zijn: Beschikbaar steen van toegankeijke informatie met tips, verwijzingen, e.d. Dit kan bijvoorbeed via de format van gedkompas.n. 46 Armoede bij mensen met beperkingen

49 Bieden van training in het verwerven van competenties in het omgaan met ged. Aanbieden van inkomensbeheer en schudhupverening (indien nodig). Scheppen van voorwaarden om mensen met weinig ged toch maximaa te aten participeren (bijvoorbeed via een speciae pas, het verstrekken van gratis theaterkaartjes, het eenmaa per maand gratis open steen van musea, e.d.). Aanbeveing 9: Om beeid te kunnen maken is het beangrijk dat gemeenten beschikken over data over omvang van armoedeprobematiek onder kwetsbare mensen. De gemeenten zouden hier frequent onderzoek naar moeten doen: zij eggen hun bevindingen rond het signaeren van armoedeprobematiek vast en vogen de mensen met beperkingen aan wie zij op enigerei wijze ondersteuning geven (registratie en monitoring). Ook via Wmo Raden en verhaen van mensen kunnen zij op de hoogte bijven. Behave gemeenten hebben ook specifieke voorzieningen (zorgaanbieders) met armoedeprobematiek van mensen met beperkingen te maken, hetzij binnen de 24uurszorg, hetzij via ambuante ondersteuning. Aanbeveing 10: Specifieke zorgaanbieders voeren gericht beeid voor het signaeren van armoedeprobematiek en het bieden van ondersteuning aan ciënten die dat nodig hebben. Wanneer er sprake is van een ondersteuningsbehoefte, gaan zij eerst na of aan deze behoefte kan worden vodaan vanuit het informee netwerk en het aanbod van de gemeente. Aanbeveing 11: Bedoed beeid bevat in ieder geva de vogende aspecten: Ged en inkomen vormen een vast onderdee van de begeeidingsgesprekken met de ciënten en van de ondersteuningspannen. De ondersteuning van ciënten gebeurt vanuit een houding van respect en geijkwaardigheid. Zij is zovee mogeijk gericht op het vergroten van de competenties in het omgaan met ged en op participatie in de sameneving. De competenties van begeeiders (kennis, vaardigheden, houding) ten aanzien van het domein ged en inkomen worden vergroot (zie de ijst van competenties in paragraaf 4.3). Kennis, ervaringen en goede voorbeeden worden door professionas met ekaar gedeed. Aanbeveing 12: Ook zorgorganisaties eggen hun bevindingen rond het signaeren van armoedeprobematiek vast en vogen de mensen met beperkingen aan wie zij op enigerei wijze ondersteuning geven (registratie en monitoring). Aanbeveing 13: De Inspectie voor de Gezondheidszorg ziet er op toe dat organisaties gericht aandacht besteden aan gedzaken en armoede, in het kader van deename aan de sameneving. Voor zowe gemeente as zorgaanbieders gedt dat zij ook de uitwisseing van kennis en ervaringen tussen mensen met beperkingen zef stimueren en zo nodig faciiteren. Aanbeveing 14: Gemeenten en zorgaanbieders nodigen mensen met beperkingen uit om hun ervaringen en kennis over omgaan met ged met ekaar te deen (dit kan bijvoorbeed via de Facebook pagina Leven van een aag budget ). Armoede bij mensen met beperkingen 47

50 5.3.3 Aanbeveingen over verdere kennisontwikkeing Tensotte maakt ons onderzoek duideijk dat er over inkomen en armoede bij mensen met beperkingen nog onvodoende kennis aanwezig is. Zo is verdere ontwikkeing van instrumenten voor mensen met beperkingen en hun ondersteuners nodig. Daarnaast is het, gezien de veranderingen in de wet- en regegeving van de komende jaren, van groot beang dat de effecten van maatregeen op de koopkracht van mensen met beperkingen goed in de gaten wordt gehouden. Aanbeveing 15: Verdere ontwikkeing van instrumenten is nodig. Te denken vat aan de eerder genoemde checkist voor begeeiders en aansprekende vormen voor het aaneren van competenties bij mensen met beperkingen (e-earning, game, etc.). Aanbeveing 16: Verder onderzoek is nodig naar: De effecten van het scheiden van wonen, zorg en werk op het inkomen van mensen met beperkingen (bijvoorbeed het vergeijken van huishoudboekjes in verschiende situaties). De effecten van de maatregeen uit het Regeerakkoord, c.q. de uitwerking daarvan, op het inkomen van mensen met beperkingen (bijvoorbeed via voortdurende monitoring door Nibud). De effecten van de nieuwe Participatiewet op het inkomen van mensen met beperkingen (bijvoorbeed door vergeijking van oude en nieuwe situaties voor een aanta casussen). Onderzoek naar de praktijk van bewindvoering (bijvoorbeed naar de kosten, de reatie tussen bewindvoerder en ciënt en de effecten). 48 Armoede bij mensen met beperkingen

51 Literatuurverwijzingen Abott, S. & R. McConkey (2006). The barriers to socia incusion as perceived by peope with inteectua disabiities. Journa of Inteectua Disabiities, jrg.10 nr.3, p Baart, Andries (2004). Een theorie van de presentie. Utrecht: Lemma, Utrecht. Barnes, C. & A. Shedon (2010). Disabiity and poverty in a majority word context. Disabiity and Society, jrg. 25, nr 7, p Basisbeweging Nederand (2010). Armoede in Nederand Onderzoek naar hupverening door diaconieën, parochiëe caritas insteingen en andere kerkeijke organisaties in Nederand. Utrecht: Basisbeweging Nederand. Brink- Muinen, A van den et a. (2009). Kerngegevens maatschappeijke situatie 2008; Nationaa Pane Chronisch zieken en Gehandicapten. Utrecht: Nive. Buntinx, W.H.E. (2003). Wat is een verstandeijke handicap? Definitie, assessment en ondersteuning vogens het AAMR-mode. Nederands Tijdschrift voor de Zorg aan verstandeijk gehandicapten, 29 (1), CBS & SCP/Centraa Bureau voor de Statistiek & Sociaa en Cuturee Panbureau (2011). Armoedesignaement Den Haag: CBS/SCP. CG-Raad & Patform VG (2012). De incusieve sameneving vraagt om een soide en soidair fundament: verzet de bakens en eg stevige ankers. Notitie naar aaneiding van het Regeerakkoord van Rutte-II. Utrecht: CG-Raad/Patform VG. Coaitie voor Incusie (2010). Tekenen en dan? Stand van zaken en aanbeveingen voor de impementatie van het VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. Werkdocument voor de conferentie van 8 februari Samengested door dr. Martin Schuurman. Utrecht: Coaitie voor Incusie. Emerson, E. (2007). Poverty and peope inteectua disabiities. Menta Retardation and deveopmenta disabiities research reviews 13: , Lancaster University, United Kingdom. Grant, S. (2008). Disabiity poverty in the UK Guy Parckar, Leonard Chesire Disabiity. Armoede bij mensen met beperkingen 49

52 GRIP (2006). Geijke Rechten voor iedere Persoon met een handicap. Incusiespiege Vaanderen. De deename van personen met een beperking aan de sameneving. Brusse: GRIP. Guiaux, M. (2011). Voorbestemd tot achterstand? Armoede en sociae uitsuiting in de kindertijd en 25 jaar ater. Den Haag: SCP. Hoff, S. ( 2010) Uit de armoede werken. Omvang en oorzaken van uitstroom uit armoede. Den Haag: SCP. Heijmans, M., Veer, J. van der, Spreeuwenberg, P. & Rijken, M. (2011). Kerngegevens Werk en Inkomen. Rapportage Utrecht: Nive. Inspectie Werk en Inkomen (2011). Dat werkt. Ervaringen van mensen die zich aan uitkeringsafhankeijkheid hebben weten te ontworsteen. Verkennende studie. Den Haag: Inspectie Werk en Inkomen. Kerk, M. de (2007). Meedoen met beperkingen. Rapportage gehandicapten Den Haag: SCP. Kerk, M. de, Fernee, H., Woittiez, I. & Ras, M. (2012). Factsheet Mensen met ichameijke of verstandeijke beperkingen. Den Haag: SCP. MEE Nederand (2012). MEE Signaa. Trend- en signaeringsrapportage Utrecht: MEE Nederand. Meuenkamp, T., Hoek, L. van der & Cardo, M. (2011). Deename aan de sameneving van mensen met een beperking en ouderen. Rapportage participatiemonitor Utrecht: Nive. Nederand, Trudi, Stavenuiter, Monique & Swinnen, Hugo (2011). Van inkomensondersteuning tot Wmo. Twintig jaar armoedebeeid in Nederand. Utrecht: Verwey-Jonker Instituut. Nibud (2012a). Koopkrachtberekeningen voor 100 huishoudens Berekeningen op basis van het bijgestede Regeerakkoord van het kabinet Rutte-II. Utrecht: Nibud. Nibud (2012b). Koopkrachtberekeningen voor huishoudens met extra zorgkosten naar aaneiding van de Mijoenennota Utrecht: Nibud. Nibud (2012c). Kans op financiëe probemen. Utrecht: Nibud. 50 Armoede bij mensen met beperkingen

53 Nibud (2012d). Leren omgaan met ged. Nibud-eerdoeen en competenties voor kinderen en jongeren. Utrecht: Nibud. Nibud (2012e). Goed omgaan met ged. Achtergronden bij de competenties voor financiëe zefredzaamheid. Utrecht: Nibud. Oort, O. & Prins, W. (2011). Schuden en inkomen. Bronnenboek. Den Haag: Boom Juridische uitgevers. Perspectief (2007). Standaard incusie. Utrecht: Stichting Perspectief. Schuurman, M.I.M. & Kröber H.R.T. (2011). Burgerschapsparadigma is springevend. Nederands Tijdschrift voor de Zorg aan mensen met een verstandeijke beperking, 37 (4), Tinnemans, Wi (2012). Voor jou tien anderen. Uitbuiting aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Amsterdam: Nieuw Amsterdam. VN, Verenigde Naties (2006a). Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. New York, 13 december Traktatenbad van het Koninkrijk der Nederanden, Jaargang 2007, nr VN, Verenigde Naties (2006b). Facutatief Protoco bij het Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. New York, 13 december Traktatenbad van het Koninkrijk der Nederanden, Jaargang 2007, nr WHO, Word Heath Organisation (2001). ICF, Internationa Cassification of Functioning, Disabiity and Heath. Dutch transation. Bithoven: WHO-FIC Coaborating Centre Netherands. Armoede bij mensen met beperkingen 51

54 Samensteing van de kankbordgroep Bijage 1 De kankbordgroep van het onderzoek Armoede bij mensen met beperkingen bestond uit de vogende personen: Mireie de Beer, medewerker LFB/Vians Astrid Beet, begeeider beschermde woonvorm (BW) Pameijer Drs. Jasja Bos, wetenschappeijk medewerker Nibud Dr. Mieke Cardo, ector Hogeschoo Rotterdam, senior onderzoeker Nive Drs. Wim Drooger, directeur Patform VG (deenemer vanaf 1 oktober 2012; op 7 januari 2013 is de heer Drooger overeden) Wiem de Gooyer, voorzitter Patform VG (deenemer tot 1 oktober 2012) Drs. Marijke Hempenius, beeidsmedewerker inkomen CG-Raad Dr. Hans Kröber, adviseur Vians en Incusie.nu Dr. Martin Schuurman, onderzoeker Kaiope Consut Drs. Manon Verdonschot, onderzoeker Vians 52 Armoede bij mensen met beperkingen

55 Uitkomsten digitae enquête onder mensen met beperkingen Bijage 2 A. Kenmerken van de deenemers In totaa hebben 30 mensen met icht verstandeijke beperkingen de vragenijst ingevud (respons van 40%). De samensteing van de groep naar achtergrondkenmerken uidt as vogt. Gesacht Leeftijd Woonsituatie Werk 13 mannen, 17 vrouwen Tussen jaar, gemidded 38 jaar 18 personen zefstandig aeen, 6 personen zefstandig met partner, 6 personen bij ouders of in woonvorm 27 mensen hebben werk (tussen 2 en 5 dagen per week), 1 doet vrijwiigerswerk, 1 zit op schoo, 1 is werkoos. B. Competenties en gedzaken Vraag Ja Soms Nee Weet niet we/ soms niet 1 Geef je meer ged uit dan je hebt? Weet je hoevee kosten je eke maand hebt? Ga je door recame iets meer kopen? Betaa je je rekeningen op tijd? Bewaar je je beangrijke papieren goed? Vergeijk je prijzen as je wat koopt? Kun jij sparen voor een bepaad doe (bijvoorbeed voor een tv)? 8 Weet je wat ged enen is? Leen je we eens ged? Lees je je eigen bankafschriften? Berg je je eigen bankafschriften in een map op? Kun je zef internetbankieren? Sta je vaak rood? Rood staan betekent dat je meer ged hebt uitgegeven dan op je bankrekening staat. 14 Weet je dat rood staan ged kost? Heb je de aatste drie maanden schuden moeten maken? Schud kan zijn dat je nog iets moet terugbetaen. 16 Heb je de aatste drie maanden spaarged moeten uitgeven? Kom je uit met je ged? Houd je een beetje ged over? Houd je vee ged over? Kom je ged te kort? Heb je je de afgeopen drie maanden zorgen gemaakt over ged? Armoede bij mensen met beperkingen 53

56 C. Gevogen voor incusie Onderwerp Beangrijk? Genoeg ged hiervoor? Ja Soms Nee Ja Soms Nee Weet we/ we/ ik soms soms niet niet niet 1 openbaar vervoer uitgaan met anderen museum of pretpark hobby s cursus of es nieuwe meubes kopen ek jaar op vakantie id van vereniging nieuwe keren kopen vrienden uitnodigen cadeautjes kopen been Totaa (64%) (36%) (59%) (41%) D. Ondersteuning Ja Nee Niet van Atijd Meesta toepassing we Krijg je hup of ondersteuning bij het 23 7 regeen van je gedzaken? Zou je hup of ondersteuning wien 7 23 hebben? Ben je tevreden over de hup of ondersteuning? Heb je hup gekregen bij het invuen van 1 29 deze vragenijst? Wi je op de hoogte gehouden worden 23 7 van de resutaten en de producten die we maken? 54 Armoede bij mensen met beperkingen

57 Conceptuee overzicht van factoren die van invoed zijn op de kans om uit armoede te ontsnappen Bijage 3 Achtergrondkenmerken Gesacht Leeftijd Etnische herkomst Type huishouden Opeidingsniveau Gezondheid Woonregio Duur armoede Inkomensbron Achtergrondkenmerken Afweging kosten en baten (financiëe vooruitgang) Sociae voordeen (sociae contacten, carrière, benutten opeiding en ervaring, zinvoe tijdbesteding) Subjectieve arbeidsmarktkansen (waargenomen werkgeegenheid, perceptie seectiebeeid werkgevers) Attitudes over arbeidsdeename (arbeidsethos, sociae normen) Zoekgedrag arbeid We/geen uitstroom uit armoede via werk Zorgtaken en overige verpichtingen Zorg voor anderen (zorgtaken minderjarige kinderen, mantezorg) Overige verpichtingen (soicitatiepicht, ro uitvoeringsinstanties) Armoede bij mensen met beperkingen 55

58 Websites over inkomensprobematiek Bijage 4 Naam site Toeichting Site van zorgorganisatie Pameijer. Informatie over hup bij financiën, voor ciënten en medewerkers van Pameijer. Bevat informatie, testen en producten op financiee gebied. Ook informatie, tips en hupmiddeen om meer inzicht in en grip op eigen ged te krijgen. Voor consumenten en professionas. Brede site, met apart gedeete over werk en inkomen. Voor mensen met verstandeijke beperkingen en hun ouders/vertegenwoordigers. Database met actuee informatie over wet- en regegeving voor mensen met een chronische ziekte of handicap. Voor mensen met verstandeijke beperkingen en hun ouders/vertegenwoordigers. Brede site, met apart gedeete over gedzaken en daarbinnen armoede. Voor patiënten- en gehandicaptenorganisaties. Site over gedkompas, een site vogens een vaste format waarmee gemeenten hun informatie over voorzieningen en reges kunnen verspreiden onder kwetsbare en moeiijk te bereiken doegroepen. Bijvoorbeed: geavanceerd-zoeken.aspx?t=armoede Site van de Vereniging Nederandse Gemeenten met voorbeeden van armoedebestrijding door gemeenten. Site met bezuinigingstips. Gebruiker van de site kan ook zef tips paatsen. Site over de Wet Schudsanering Natuurijke Personen. Bevat foders, vraagbaak en Landeijk Register Schudsanering. Site over hoe je zef je schudprobeem kan opossen. Bevat informatie over SchudHupMaatje, vrijwiigersproject. Op initiatief van de kerkeijke organisaties in Nederand en het patform voor Christeijke Schudhuppreventie (PCS). Bevat zeer toegankeijk oefenprogramma voor wie iets duurs wi kopen. regionaa-nieuws/artike/ /maatwerkvoor-kanten-schudhupverening.aspx Voorbeed van maatwerk voor kanten schudhupverening door de gemeente Haarem. Mondige%20Minima%20Gedrop-Miero) De Mondige Minima Gedrop-Miero. Een initiatief om armoede en sociae uitsuiting in onze gemeente te voorkomen. Site met aanvuend materiaa op het boek Schud en Inkomen van Oort & Prins. 56 Armoede bij mensen met beperkingen

59

60 Vaker dan voorheen even mensen met ichameijke, verstandeijke en/of psychische beperkingen in armoede, zo ijkt het. Tegeijkertijd weten we weinig van armoede binnen deze specifieke groep en van de gevogen van die armoede voor hun deename aan de sameneving. Reden om een verkennend onderzoek Armoede bij mensen met beperkingen uit te voeren. In deze pubicatie staan de resutaten van dit onderzoek. Dit onderzoek is mede mogeijk gemaakt door een financiëe bijdrage van de Nederandse Stichting voor het Gehandicapte Kind (NSGK), het Revaidatiefonds, het Fonds verstandeijk Gehandicapten en het VSB Fonds. Kaiope Consut, Vians, Incusie.nu, maart 2013 ISBN

BROCHURE Cursus Klantgericht Werken. rendabel. tevreden. trouw. klantgericht. Klantgericht Werken. Sales Force Consulting

BROCHURE Cursus Klantgericht Werken. rendabel. tevreden. trouw. klantgericht. Klantgericht Werken. Sales Force Consulting BROCHURE Cursus Kantgericht Werken rendabe kantgericht tevreden trouw Kantgericht Werken Saes Force Consuting Ineiding De Cursus Kantgericht Werken gaat in eerste instantie over kantgerichtheid. Kort gezegd

Nadere informatie

De griffier gewaardeerd Een klantenonderzoek onder staten- en gemeenteraadsleden

De griffier gewaardeerd Een klantenonderzoek onder staten- en gemeenteraadsleden De griffier gewaardeerd 2011 Een kantenonderzoek onder staten- en gemeenteraadseden Vereniging van Griffiers Apri 2011 Inhoudsopgave Samenvatting... 3 1 Ineiding... 4 1.1 Achtergrond... 4 1.2 Enquête en

Nadere informatie

Inhoud. voorwoord 3. individuele coaching 4. teamtrainingen 7. workshops / intervisie 8. coachings thema s 9. profiel en persoonlijke kleur 10

Inhoud. voorwoord 3. individuele coaching 4. teamtrainingen 7. workshops / intervisie 8. coachings thema s 9. profiel en persoonlijke kleur 10 voorwoord 3 individuee coaching 4 teamtrainingen 7 workshops / intervisie 8 coachings thema s 9 profie en persoonijke keur 10 partners 11 contact 12 Inhoud 2 Voorwoord Persoonijke groei en effectiviteit

Nadere informatie

Gespannen of overspannen? Sterk in ieders belang

Gespannen of overspannen? Sterk in ieders belang Gespannen of overspannen? Sterk in ieders beang Gespannen of overspannen? De boog kan niet atijd gespannen zijn. De kruik gaat net zo ang te water tot hij barst. Deze bekende gezegden geven aan dat er

Nadere informatie

Armoede bij mensen met beperkingen

Armoede bij mensen met beperkingen PUBLICATIES dr. M.I.M.Schuurman,dr.H.R.Th.Kröber en drs. M.M.L.Verdonschot 2013 Amoede bij mensen met beperkingen. Resultaten van onderzoek naar oorzaken, gevolgen voor inclusie, preventie en benodigde

Nadere informatie

Marketingplan Verkoopleider. BROCHURE Workshop Marketingplan Verkoopleider. Sales Force Consulting. toekomstvisie. analyse factoren.

Marketingplan Verkoopleider. BROCHURE Workshop Marketingplan Verkoopleider. Sales Force Consulting. toekomstvisie. analyse factoren. BROCHURE Workshop Marketingpan Verkoopeider toekomstvisie anayse factoren verkoopstrategie marktbewerking organisatieontwikkeing Marketingpan Verkoopeider Saes Force Consuting ineiding Een goed functionerende

Nadere informatie

Een korte kennismaking met t Verlaet

Een korte kennismaking met t Verlaet Een korte kennismaking met t Veraet t Veraet is een woonzorgcentrum in Westdorpe. Het maakt onderdee uit van SOKA, ofwe Stichting Ouderenzorg Kanaazone. t Veraet biedt vee diensten: wooncomfort, zorg,

Nadere informatie

Cursus Bedrijfsplan MKB

Cursus Bedrijfsplan MKB BROCHURE Cursus Bedrijfspan MKB visie anayse strategieën actiepannen Cursus Bedrijfspan MKB Saes Force Consuting ineiding Hoe groot of kein je onderneming ook is, je zut je regematig de vraag moeten steen

Nadere informatie

VOORBEELD. Supplement Netto, De Tijd - 22 Mar. 2014 Page 60

VOORBEELD. Supplement Netto, De Tijd - 22 Mar. 2014 Page 60 VOORBEELD Suppement Netto, De Tijd - 22 Mar. 2014 Page 60 Reaties zijn gemakkeijk vandaag. We stappen er sne in en zetten er ook sne een punt achter. Wat we durven te vergeten, is dat eke duurzame nieuwe

Nadere informatie

Wat krijgt u in onze pensioenregeling?

Wat krijgt u in onze pensioenregeling? Hoe is uw pensioen gereged? In dit Pensioen 1-2-3 eest u wat u we en niet krijgt in onze pensioenregeing. Pensioen 1-2-3 bevat geen persoonijke informatie over uw pensioen. Die vindt u we op www.mijnpensioenoverzicht.n

Nadere informatie

Sales Force Boost. een Strategisch Verkoopplan maken. Sales Force Consulting. Sales Force Consulting Brochure Sales Force Boost

Sales Force Boost. een Strategisch Verkoopplan maken. Sales Force Consulting. Sales Force Consulting Brochure Sales Force Boost Saes Force Boost een Strategisch Verkooppan maken Saes Force Consuting ineiding Saes Force Boost Saes Force Boost is een cursus voor commerciëe managers en verkoopeiders. De cursus is beschikbaar in 2

Nadere informatie

1. Doelstelling. Verhuisplan ARDU!N. Begripsbepalingen. 3. Uitgangspunten

1. Doelstelling. Verhuisplan ARDU!N. Begripsbepalingen. 3. Uitgangspunten Verhuispan Verhuispan ARDU!N 1. Doesteing Bij een verhuizing van de woning of de werkpek /dagbesteding komt vee kijken. In dit pan staat beschreven hoe dat gaat. Wat kan de ciënt van Arduin verwachten

Nadere informatie

Woningen met het Slimmer Kopen label hebben een lagere aankoopprijs. Het voordeel kan wel oplopen tot 25 procent!

Woningen met het Slimmer Kopen label hebben een lagere aankoopprijs. Het voordeel kan wel oplopen tot 25 procent! feiten & spereges Woningen met het Simmer Kopen abe hebben een agere aankoopprijs. Het voordee kan we opopen tot 25 procent! As koper van een Simmer Kopen woning bent u voor de voe honderd procent eigenaar.

Nadere informatie

BROCHURE Training Klantgericht Verkopen. Klantgerichte Verkooptraining. Sales Force Consulting

BROCHURE Training Klantgericht Verkopen. Klantgerichte Verkooptraining. Sales Force Consulting BROCHURE Training Kantgericht Verkopen Kantgerichte Verkooptraining Saes Force Consuting ineiding Kanten vormen de beangrijkste inkomstenbron van je onderneming. Je wit dan ook optimaa rekening houden

Nadere informatie

OPQ Manager Plus Rapport

OPQ Manager Plus Rapport OPQ Profie OPQ Manager Pus Rapport Naam Dhr. Sampe Candidate Datum 25 september 2013 www.ceb.sh.com INTRODUCTIE Dit rapport is bestemd voor gebruik door ijnmanagers en HR professionas. Het bevat aerei

Nadere informatie

Nieuw Unicum, zorg met toegevoegde waarde. Strategisch meerjaren beleidsplan 2011 2014

Nieuw Unicum, zorg met toegevoegde waarde. Strategisch meerjaren beleidsplan 2011 2014 Nieuw Unicum, zorg met toegevoegde waarde Strategisch meerjaren beeidspan 2011 2014 Introductie Nieuw Unicum is onomkeerbaar veranderd Dit strategisch meerjaren beeidspan 2011 2014 bouwt in ae opzichten

Nadere informatie

Aanvragen zelf beleggen zonder advies (voor ondernemers) SNS Zelf Beleggen (Zakelijk)

Aanvragen zelf beleggen zonder advies (voor ondernemers) SNS Zelf Beleggen (Zakelijk) Aanvragen zef beeggen zonder advies (voor ondernemers) SNS Zef Beeggen (Zakeijk) Aeen voedig ingevude formuieren nemen we in behandeing. I Mijn gegevens A Gegevens bedrijf Rechtsnaam Postcode en vestigingspaats

Nadere informatie

Handreiking. Balans in Beeld. E.J.W. Rot. Jongeren met een licht verstandelijke beperking uitdagen, zonder hen te overvragen of ondervragen

Handreiking. Balans in Beeld. E.J.W. Rot. Jongeren met een licht verstandelijke beperking uitdagen, zonder hen te overvragen of ondervragen Handreiking Baans in Beed Jongeren met een icht verstandeijke beperking uitdagen, zonder hen te overvragen of ondervragen E.J.W. Rot www.kennispeingehandicaptensector.n/baansinbeed www.kennispeingehandicaptensector.n

Nadere informatie

Gemaakt door: Marinka Bruining en Marianne Fokkema Klas: 4E en 5C

Gemaakt door: Marinka Bruining en Marianne Fokkema Klas: 4E en 5C Gemaakt door: Kas: Marinka Bruining en Marianne Fokkema 4E en 5C Inhoudsopgave Samenvatting Voorwoord Ineiding Deevragen - Wat is geuk? - Hoe kun je beoordeen of je geukkig bent? - Hoe gaan we de inkomensgroepen

Nadere informatie

Partner Network it starts here

Partner Network it starts here Previder Partner Network it starts here Partner Network It starts here IT bevindt zich in een nieuw tijdperk. Steeds meer organisaties houden ae zorgen van IT etterijk buiten de deur, door gebruik te maken

Nadere informatie

Aan de slag met (F)ACT voor LVB?!

Aan de slag met (F)ACT voor LVB?! Aan de sag met (F)ACT voor LVB?! 3. De operationee fase Laura Neijmeijer - apri 2014 1 Handreiking voor de impementatie van (F)ACT Coofon Financier Antonia Wihemina Fonds Initiatiefnemers Amarant Groep,

Nadere informatie

ouderparticipatie keuzedossier vmbo osb in de onderbouw Gemengde Leerweg

ouderparticipatie keuzedossier vmbo osb in de onderbouw Gemengde Leerweg euzedossier ouderparticipatie keuzedossier vmbo osb in de onderbouw Gemengde Leerweg Op vijf badzijden in het werkboek wordt de medewerking van de ouders of verzorgers van de eeringen gevraagd. Wanneer

Nadere informatie

Aan de slag met (F)ACT voor LVB?!

Aan de slag met (F)ACT voor LVB?! Aan de sag met (F)ACT voor LVB?! Handreiking voor de impementatie van (F)ACT voor ciënten met een icht verstandeijke beperking en compexe probematiek Laura Neijmeijer - apri 2014 1 Handreiking voor de

Nadere informatie

Een nieuwe dimensie in beveiliging. Galaxy Dimension INBRAAKBESCHERMING EN TOEGANGSCONTROLE: EEN UNIEKE EN VOLLEDIG GEÏNTEGREERDE

Een nieuwe dimensie in beveiliging. Galaxy Dimension INBRAAKBESCHERMING EN TOEGANGSCONTROLE: EEN UNIEKE EN VOLLEDIG GEÏNTEGREERDE Gaaxy Dimension INBRAAKBESCHERMING EN TOEGANGSCONTROLE: EEN UNIEKE EN VOLLEDIG GEÏNTEGREERDE OPLOSSING MET DE FLEXIBILITEIT die vodoet AAN AL UW ZAKELIJKE BEHOEFTEN Een nieuwe dimensie in beveiiging Gaaxy

Nadere informatie

Seksualiteit en Preventie Seksueel Misbruik. Gebundelde resultaten Leernetwerk. www.kennispleingehandicaptensector.nl. Programma Kennismarkt 2012 1

Seksualiteit en Preventie Seksueel Misbruik. Gebundelde resultaten Leernetwerk. www.kennispleingehandicaptensector.nl. Programma Kennismarkt 2012 1 Seksuaiteit en Preventie Seksuee Misbruik Gebundede resutaten Leernetwerk www.kennispeingehandicaptensector.n Programma Kennismarkt 2012 1 Inhoudsopgave Ineiding 3 Taant / De Swaai 4 Stichting Zuidwester

Nadere informatie

Cloud Hosting Checklist it starts here

Cloud Hosting Checklist it starts here Previder Coud Hosting Checkist it starts here Coud Hosting Checkist pagina 2 De 10 punten waar u over na moet denken As u gebruik wit gaan maken van coud hosting zijn een aanta punten van groot beang.

Nadere informatie

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet. BESLUIT Besuit van de directeur-generaa van de Nederandse mededingingsautoriteit as bedoed in artike 37, eerste id, van de Mededingingswet. Zaaknummer 1423/Arbo Groep Gak - Arbo Management Groep I. MELDING

Nadere informatie

Leernetwerk Zeggenschap en Inclusie voor mensen met een Ernstig Meervoudige Beperking (EMB) Gebundelde resultaten Leernetwerk

Leernetwerk Zeggenschap en Inclusie voor mensen met een Ernstig Meervoudige Beperking (EMB) Gebundelde resultaten Leernetwerk Leernetwerk Zeggenschap en Incusie voor mensen met een Ernstig Meervoudige Beperking (EMB) Gebundede resutaten Leernetwerk www.kennispeingehandicaptensector.n vormgeving: Studio Tween Inhoudsopgave Ineiding

Nadere informatie

BROCHURE Cursus Klantgericht Verkopen. Klantgericht Verkopen. Sales Force Consulting

BROCHURE Cursus Klantgericht Verkopen. Klantgericht Verkopen. Sales Force Consulting BROCHURE Cursus Kantgericht Verkopen Kantgericht Verkopen Saes Force Consuting ineiding Kanten vormen de beangrijkste inkomstenbron van je onderneming. Je wit dan ook optimaa rekening houden met de wensen

Nadere informatie

Beredeneer waarom de marginale productcurve de gemiddelde productcurve in het maximum snijdt.

Beredeneer waarom de marginale productcurve de gemiddelde productcurve in het maximum snijdt. Opgaven hoofdstuk 9 Opgave 1 Beredeneer waarom de marginae productcurve de gemiddede productcurve in het maximum snijdt. Opgave Vu de vogende tabe verder in en teken de bijbehorende curven voor het totae,

Nadere informatie

Ontdek de voordelen van integratie tussen Dynamics AX, Dynamics CRM en SharePoint!

Ontdek de voordelen van integratie tussen Dynamics AX, Dynamics CRM en SharePoint! Ontdek de voordeen van integratie tussen Dynamics AX, Dynamics CRM en SharePoint! Pyades gaat verder waar de standaard van Microsoft stopt. Pyades evert opossingen die werken! Voor toekomstige en bestaande

Nadere informatie

Gemeentelijk Rioleringsplan Amsterdam R P A 2016-2021

Gemeentelijk Rioleringsplan Amsterdam R P A 2016-2021 Gemeenteijk Rioeringspan Amsterdam 6 6 G 6 R P A 2016-2021 1 2 GEMEENTELIJK RIOLERINGSPLAN AMSTERDAM 2016-2021 STEDELIJK AFVALWATER, AFVLOEIEND HEMELWATER EN GRONDWATER IN AMSTERDAM Waternet is de gemeenschappeijke

Nadere informatie

Kennisbundel Seksualiteit en preventie seksueel misbruik. bij mensen met een beperking. www.kennispleingehandicaptensector.nl

Kennisbundel Seksualiteit en preventie seksueel misbruik. bij mensen met een beperking. www.kennispleingehandicaptensector.nl Kennisbunde Seksuaiteit en preventie seksuee misbruik bij mensen met een beperking www.kennispeingehandicaptensector.n Coofon Deze kennisbunde is gebaseerd op kennis en ervaring uit het Leernetwerk Seksuaiteit

Nadere informatie

Beleef het plezier in werken...

Beleef het plezier in werken... Beeef het pezier in werken... Contractors & Engineering Pyades evert erp-software die werkt! Voor u, uw medewerkers en kanten. Pyades dé speciaist voor de Contractors & Engineering sector Het voeren van

Nadere informatie

Kennisbundel Seksualiteit en preventie seksueel misbruik. bij mensen met een beperking. www.kennispleingehandicaptensector.nl

Kennisbundel Seksualiteit en preventie seksueel misbruik. bij mensen met een beperking. www.kennispleingehandicaptensector.nl Kennisbunde Seksuaiteit en preventie seksuee misbruik bij mensen met een beperking www.kennispeingehandicaptensector.n Coofon Deze kennisbunde is gebaseerd op kennis en ervaring uit het Leernetwerk Seksuaiteit

Nadere informatie

Previder Cloud Hosting it starts here

Previder Cloud Hosting it starts here Whitepaper Previder Coud Hosting it starts here Whitepaper Previder Coud Hosting Inhoudsopgave 1. Managementsamenvatting... 3 2. Ineiding Coud Hosting... 4 2.1. Typen Couds... 4 2.2. Coudservicemodeen...

Nadere informatie

Wat krijgt u in onze pensioenregeling?

Wat krijgt u in onze pensioenregeling? Hoe is uw pensioen gereged? In dit Pensioen 1-2-3 eest u wat u we en niet krijgt in onze pensioenregeing. Pensioen 1-2-3 bevat geen persoonijke informatie over uw pensioen. Die vindt u we op www.mijnpensioenoverzicht.n

Nadere informatie

Een evenementenvergunning

Een evenementenvergunning Een evenementenvergunning aanvragen 2 Een evenementenvergunning aanvragen In onze gemeente worden jaarijks vee activiteiten georganiseerd. Dat is euk. Maar soms kan een evenement ook voor irritatie en

Nadere informatie

l r k bas i s s c h ool

l r k bas i s s c h ool r k bas i s s c h oo SCHOOLGIDS 2015-2019 ALGEMENE GEGEVENS Basisschoo de V Hertstraat 4 5408 XL Voke Teefoon: 0413-335363 E-mai: [email protected] Website: www.devvoke.n Dependance De V Reestraat 47 5408

Nadere informatie

Aan de slag met (F)ACT voor LVB?!

Aan de slag met (F)ACT voor LVB?! Aan de sag met (F)ACT voor LVB?! 2. De voorbereiding Laura Neijmeijer - apri 2014 1 Handreiking voor de impementatie van (F)ACT Coofon Financier Antonia Wihemina Fonds Initiatiefnemers Amarant Groep, Ivo

Nadere informatie

KeCo-opgaven elektricitietsleer VWO4

KeCo-opgaven elektricitietsleer VWO4 KeCo-opgaven eektricitietseer VWO4 1 KeCo-opgaven eektricitietseer VWO4 E.1. a. Wat is een eektrische stroom? b. Vu in: Een eektrische stroomkring moet atijd.. zijn. c. Een negatief geaden voorwerp heeft

Nadere informatie

Beleef het plezier in werken...

Beleef het plezier in werken... Beeef het pezier in werken... Branche- en beangenoranisaties Pyades evert software die werkt! Voor u, uw medewerkers en eden. Pyades dé speciaist voor branche- en beangenorganisaties Ook in uw organisatie

Nadere informatie

Homoseksueel en Heteroseksueel Tindergebruik bij Quarterlifers

Homoseksueel en Heteroseksueel Tindergebruik bij Quarterlifers Homoseksuee en Heteroseksuee Tindergebruik bij Quarterifers Tim Bo 6342051 Universiteit van Amsterdam Begeeider: Mark Spiering 4928 woorden Abstract Het onderwerp van dit onderzoek is Tindergebruik onder

Nadere informatie

Meedoen en erbij horen

Meedoen en erbij horen Meedoen en erbij horen Resultaten van een mixed method onderzoek naar sociale uitsluiting Addi van Bergen, Annelies van Loon, Carina Ballering, Erik van Ameijden en Bert van Hemert NCVGZ Rotterdam, 11

Nadere informatie

EénVandaag en Nibud onderzoeken armoede

EénVandaag en Nibud onderzoeken armoede EénVandaag en Nibud onderzoeken armoede Doel Armoede is geen eenduidig begrip. Armoede wordt vaak gemeten via een inkomensgrens: iedereen met een inkomen beneden die grens is arm, iedereen er boven is

Nadere informatie

1. OVER HET RODE KRUIS

1. OVER HET RODE KRUIS 1. OVER HET RODE KRUIS Het Rode Kruis houdt zich in meer dan 186 anden bezig met hup aan de meest kwetsbare mensen. De Nederandse vereniging omvat het hee Nederandse Koninkrijk (Nederand, Nederandse Antien

Nadere informatie

JAARVERSLAG RUIMTE VOOR MOBILITEIT

JAARVERSLAG RUIMTE VOOR MOBILITEIT NETWERK > MOBILITEIT > KENNISDELING > Wij hechten vee beang aan uw mening as het gaat om de beoordeing van onze dienstverening. Het invuen van de enquête kost u sechts enkee minuten. Wij verzoeken u onderstaande

Nadere informatie

Schoolgids. r.k. basisschool De Smidse. www.bsdesmidse.nl

Schoolgids. r.k. basisschool De Smidse. www.bsdesmidse.nl Schoogids r.k. basisschoo De Smidse www.bsdesmidse.n 1 Hoefsmidhof 1 1445 KD Purmerend te: 0299-641699 fax: 0299-649516 brin-nummer: 12BP e-mai: [email protected] Inhoudsopgave Onderwerp ( Kik op het

Nadere informatie

Kwaliteit van examinering borgen in 4 stappen

Kwaliteit van examinering borgen in 4 stappen Kwaiteit van examinering borgen in 4 stappen Verder Kwaiteit van examinering borgen in 4 stappen 2 Examencommissies hebben een centrae ro bij het bewaken van de kwaiteit van toetsen en examens. Dit is

Nadere informatie

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de Mededingingswet. BESLUIT Besuit van de directeur-generaa van de Nederandse mededingingsautoriteit as bedoed in artike 37, eerste id, van de Mededingingswet. Zaak nr: 1324 / HAL - Mercurius Nummer: 1324/11 I. MELDING 1.

Nadere informatie

E-health Gedeelde regie voor zorg en gezondheid. De Zorgspecials van Cure4

E-health Gedeelde regie voor zorg en gezondheid. De Zorgspecials van Cure4 E-heath Gedeede regie voor zorg en gezondheid De Zorgspecias van Cure4 E-heath heeft de toekomst Een radicae omwenteing in de zorg is onafwendbaar. De toekomst en tevens uitdaging van de zorgsector igt

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR MOBIELE TELEFOONDIENSTEN VAN YES TELECOM NETHERLANDS B.V.

ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR MOBIELE TELEFOONDIENSTEN VAN YES TELECOM NETHERLANDS B.V. ALGEENE VOORWAARDEN VOOR OBIELE TELEFOONDIENSTEN VAN YES TELECO NETHERLANDS B.V. Laatst gewijzigd: juni 2011 1. DEFINITIES In deze Agemene Voorwaarden worden de vogende begrippen gebruikt: Aanbiedingsvorm:

Nadere informatie

Werkboek Verantwoordingsplicht Groepsrisico

Werkboek Verantwoordingsplicht Groepsrisico Werkboek Verantwoordingspicht Groepsrisico Voorwoord Externe veiigheid is een onderwerp met vee facetten. Besuiten over de vestiging of uitbreiding van risicobedrijven of het aanwijzen van een route gevaarijke

Nadere informatie

Algemene inkoopvoorwaarden gemeente Utrecht 2018

Algemene inkoopvoorwaarden gemeente Utrecht 2018 Agemene inkoopvoorwaarden gemeente Utrecht 2018 I Agemeen Artike 1 Definities Afevering: Contractant: Diensten (Dienst): Gemeente: Goederen: Leveringen(Levering): Offerte: Offerteaanvraag: Overeenkomst:

Nadere informatie

2 De elektrische huisinstallatie

2 De elektrische huisinstallatie Newton vwo dee a itwerkingen Hoofdstuk De eektrische huisinstaatie 6 De eektrische huisinstaatie. neiding Eektrische schakeingen Toeichting: hieronder vogen mogeijke ontwerpen. ndere ontwerpen die aan

Nadere informatie

ASBESTFEIT. In elk gebouw, huis of stal, daterend van vóór 1994, kan asbest zitten. Nederland ziet zich gesteld voor de uitdaging

ASBESTFEIT. In elk gebouw, huis of stal, daterend van vóór 1994, kan asbest zitten. Nederland ziet zich gesteld voor de uitdaging INLEIDING PERSPECTIEF OP DE ONTWIKKELINGEN IN DE ASBESTMARKT De asbestmarkt is nog steeds voop in beweging sinds in september 2009 de eerste druk van Asbestfeiten; peidooi voor een hernieuwde samenwerking

Nadere informatie

esdégé reigersdaal Afspraken over agressie

esdégé reigersdaal Afspraken over agressie esdégé reigersdaa Afspraken over agressie 1 Afspraken over agressie Voorwoord De afgeopen jaren zijn er op het terrein van omgaan met agressie/ongewenst gedrag zowe centraa as okaa binnen de organisatie

Nadere informatie

HulpverleningsDienst Kennemerland Beleid & Ondersteuning

HulpverleningsDienst Kennemerland Beleid & Ondersteuning HupvereningsDienst Kennemerand Beeid & Ondersteuning Brandweerzorg Gezondheidszorg Retouradres Postbus 4 2 GM Haarem de raden van de gemeenten Bennebroek, Beverwijk, Boemendaa, Haarem, Haaremmeriede en

Nadere informatie

evenementenlocatie P2 Euroborg

evenementenlocatie P2 Euroborg evenementenocatie P2 Euroborg Evenementen in de stad Groningen Groningen is een bruisende en eefbare stad met een ruim en gevarieerd aanbod aan evenementen. Dit aanbod is zowe binnen, in de vee theaters,

Nadere informatie

Verder. Tips en tricks voor verpleegkundig rekenen

Verder. Tips en tricks voor verpleegkundig rekenen Verder Tips en tricks voor verpeegkundig rekenen Inhoud 2 Van de druppesneheid van een infuus tot het kaarmaken van een injectie: het maken van berekeningen is onosmakeijk verbonden met het werk van verpeegkundigen.

Nadere informatie

Effecten van recent beleid op financiële positie 55-plussers

Effecten van recent beleid op financiële positie 55-plussers Effecten van recent beleid op financiële positie 55-plussers Onderzoek onder representatief panel datum mei 15 auteur(s) Boukje Cuelenaere Joris Mulder versie V2. classificatie CentERdata, Tilburg, 15

Nadere informatie