1 De Alpen - natuurlandschap

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "1 De Alpen - natuurlandschap"

Transcriptie

1 1 De Alpen - natuurlandschap Het ontstaan Door endogene krachten ontstaan breuken in schollen of platen. De schollen kunnen uit elkaar bewegen, langs elkaar glijden en op elkaar botsen. 225 miljoen jaar geleden was er één groot continent. In Europa zijn er drie perioden geweest waarin gebergten zijn ontstaan. De Afrikaanse plaat kwam in botsing met de Euraziatische plaat. Toen zijn de Alpen ontstaan. De Alpen zijn een voorbeeld van een plooiingsgebergte. Jong gebergte Alpen een jong gebergte. Jonge gebergten zijn hoog en hebben steile hellingen, spitse bergtoppen en diepe dalen. Oudere gebergten worden gekenmerkt door flauwe hellingen en afgeronde toppen en zijn veel lager. De oorzaak hiervoor zijn exogene krachten. Door verwering wordt het harde gesteente verpulverd en valt het uiteen in kleinere delen. Door werking van vorst kan ook verwering ontstaan. Het water stroomt in de spleten en s Nachts wordt het ijs. Het bevroren water zet uit en daardoor ontstaan scheuren in het gesteente. Onder invloed van de zwaartekracht wordt het verweringsmateriaal langs de berghellingen naar beneden afgevoerd. Gletsjers, rivieren, de zee of de wind nemen het mee naar andere plek mee. Er vindt erosie plaats. Schol: Stuk van de aardkorst. Plaat: Stuk van de aardkorst. Plooiingsgebergte: Gebergte dat ontstaat door de plooiing van de aardkorst. Verwering: Het uiteenvallen van gesteente onder invloed van weer en plantengroei. Erosie: Het afschuren en uitschuren van hard gesteente door met verweringsmateriaal geladen water, ijs of wind. Endogene krachten: Krachten die van binnenuit de aardkorst veranderen. Exogene krachten: Krachten die van buitenaf de aardkorst veranderen. Reliëf: Hoogteverschillen in het landschap. Hooggebergte: Gebergte met toppen hoger dan 1500 meter. Middelgebergte: Gebieden met toppen tussen 500 en 1500 meter. Laagland: Vlak gebied waar het nergens hoger is dan 200 meter. Mechanische verwering: Verwering waarbij de samenstelling van het gesteente niet verandert. Chemische verwering: Verwering waarbij de samenstelling van het gebergte verandert. B 56 Endogene en exogene krachten Van buitenaf wordt de aardkorst veranderd door exogene krachten, van binnenuit door endogene krachten Buitenaf is er plantengroei waardoor de harde steenschaal wordt vergruisd. Vergruizing heet ook wel verwering. Het afslijpen van de aardkorst heet erosie.

2 Van binnen uitwerkt de hitte. Door de grote hitte is het gesteente vloeibaar: magma. Door de kracht van de stroming komen er breuken in de korst. Schuiven stukken aardkorst langs elkaar, dat heeft aardbevingen tot gevolg. Als gat ontstaat kan magma naar boven komen. Magma buiten is, noem je het lava. Lava komt uit een vulkaan. B 58 Reliëf De definitie van reliëf is: hoogteverschillen in het landschap. Hooggebergte: meeste toppen hoger dan 1500 m. Middelgebergte: meeste toppen tussen 500 m en 1500 m. Heuvelland: meeste toppen tussen 200 m en 500 m. Laagland: het is vrijwel overal lager dan 200 meter. Een gebied met weinig of geen reliëf is een vlakte. Als zo'n vlak gebied lager ligt dan 500 m, is het een laagvlakte. Boven 500 m heet het een hoogvlakte of plateau. B 63 Verwering Verwering is het uiteenvallen van gesteente onder invloed van weer en plantengroei. Het puin heet het verweringsmateriaal. Bij verwering is een voorbeeld exogene kracht. Bij mechanische verwering breekt het gesteente in stukken, zonder van samenstelling te veranderen. Als de samenstelling wel verandert, spreek je van chemische verwering. Voorbeeld van chemische verwering zijn stalagmieten en stalactieten. De landschappen noem je karstlandschappen 2 De Alpen: toerisme en verkeer Bergboeren 's Zomers woonden de boeren in een hut of chalet op de almen en 's winters in de dalboerderij. Tegenwoordig doen ze dat niet meer. De meeste boeren wonen nu het hele jaar in het dal. Veel bergboeren waren gedwongen tot seizoensmigratie. Ze vulden hun inkomen aan door in bepaalde perioden naar de steden te reizen om daar te werken. Tegenwoordig verdienen veel boeren geld aan het toerisme. Velen zijn als boer gestopt en werken fulltime in het toerisme. Toerisme Na 1960 werd het toerisme in West-Europa steeds belangrijker. De Alpenlanden profiteren daar op twee manieren van. De Alpen kennen dus een dubbelseizoen. Jaarlijks brengen meer dan vijftig miljoen mensen hun vakantie door in dit berggebied. Voor massatoerisme zijn veel toeristische voorzieningen nodig, zoals hotels, vakantiewoningen, skipistes. Daarvoor zijn dalen en berghellingen opnieuw ingericht, vaak met nadelige gevolgen voor natuur en milieu. Tot het eind van de negentiende eeuw vormden de Alpen een lastige nemen verkeershindernis in Europa. In de twintigste eeuw zijn op de passen belangrijke weg- en spoorverbindingen aangelegd. In plaats van over de bergen kun je ook door de bergen heen. Vooral na 1960 is de verkeersdrukte sterk gestegen. Nieuwe, langere spoortunnels moeten een oplossing bieden, bijvoorbeeld de nieuwe Gotthard- Basistunnel, die de langste van Europa zal zijn. In de nieuwe tunnels kunnen hogesnelheidstreinen rijden, waardoor de reistijd wordt verkort. Complete vrachtwagens kunnen met de trein dwars door de Alpen worden vervoerd.

3 Alpenweide: Bergweide boven de boomgrens. Seizoensmigratie: Migratie waarbij gedurende een paar maanden per jaar mensen buiten hun woonplaats werken en wonen. Dubbelseizoen: Een gebied kent twee keer (of meerdere keren) per jaar een piek in het aantal toeristen. Erosie: Het afschuren en uitschuren van hard gesteente door met verweringsmateriaal geladen water, ijs of wind. Pas: Het laagst passeerbare punt tussen twee bergtoppen. Hoogtegordel: Plantengroeizone in een gebergte. Loofboomgordel: Gordel met loofbossen in de gematigde zone. Naaldboomgordel: Gordel met naaldbossen in de gematigde zone. Boomgrens: Grens tussen het gebied waar nog bomen groeien en waar geen bomen meer kunnen groeien door de lage temperatuur. Rotsgordel: Het gebied waar bijna niets meer wil groeien; in de Alpen boven 2500 meter. Eeuwige sneeuw: Sneeuw die ligt op plaatsen waar steeds weer nieuwe sneeuw valt voordat de oude sneeuw is verdwenen. Massatoerisme: Veel toeristen die op dezelfde plek verblijven. Hoogseizoen: Seizoen waarin de meeste toeristen komen. B 83 Hoogtegordels Een natuurlijke zone op een berg heet een hoogtegordel. Onder aan de berg is de loofboomgordel van de gematigde breedte. 's Zomers meer dan 15 C.Verder omhoog kom je in de naaldboomgordel. vergelijken met de taiga Die naaldboomgordel wordt begrensd door de boomgrens. Zomertemperatuur is lager dan 10 C. Boven de boomgrens beginnen de alpenweiden kun je vergelijken met de toendra. Boven de 2500 m Rotsgordel. Eeuwige sneeuw kun je vergelijken met het landijs in de poolstreken. Eeuwige sneeuw: 4000 m temperatuur op 4000 m: -4 C Rotsgordel: m temperatuur op 3000 m: 2 C Alpenweide: m temperatuur op 2000 m: 8 C Naaldboomgordel: m temperatuur op 1000 m: 14 C Loofboomgordel: m temperatuur op 0 m: 20 C B 168 Massatoerisme Als veel toeristen op dezelfde plek verblijven, noem je dat massatoerisme. Drie kenmerken: Massatoerisme kent enorme pieken. Dat is het hoogseizoen. In het 'thuisland' bezitten ze veel verblijfsaccommodaties en andere toeristische voorzieningen. En de vakantie via een reisbureau regelen. 3 Rivieren van ijs De Briksdalgletsjer Jaar na jaar ontdooit en bevriest de 'oude' sneeuw. Daardoor is die zogenaamde firn korrelig geworden. Op lager gelegen plaatsen heeft de Jaar na jaar ontdooit en bevriest de 'oude' sneeuw.

4 Daardoor is die zogenaamde firn korrelig geworden. Op lager gelegen plaatsen heeft de firn zich opgehoopt. Zo'n firnbekken is het begin van een ijsrivier die langzaam langs de hellingen naar beneden glijdt. De gletsjer van Briksdal is er een goed voorbeeld van. een grauwe kleur heeft. Dit komt doordat het ijs is vermengd met veel stof en puin van gesteenten. Door mechanische verwering zijn veel stenen naar beneden gevallen. Het meeste puin ligt aan de randen van de Briksdalgletsjer. Behalve deze zijmorenen heb je ook grondmorenen. Dit gletsjerpuin ligt onder het ijs. Alles wat los zit duwt de ijsmassa voor zich uit. Erosie is het gevolg. Het met puin beladen ijs schuurt het dal uit in de vorm van de letter U (U-dal). De gletsjer smelten. Onderin de gletsjer ontstaat een gletsjertunnel. Door deze tunnel baant het smeltwater zich een weg naar buiten. De piek waar het water uiteindelijk naar buiten komt heet de gletsjerpoort. Dit is het begin van een gletsjerrivier. De ijstijd en daarna De Jostedalsbreen is het restant van een geweldig grote landijskap, die heel Scandinavië bedekte. De gemiddelde temperatuur op aarde was toen een paar graden lager. Het was daardoor koud genoeg voor het ontstaan van een ijstijd of glaciaal. Een fjord is ook een overblijfsel uit de ijstijd. De diepe dalen die de gletsjers hadden uitgeslepen zijn na de ijstijd volgelopen met het stijgende zeewater. Het langste fjord reikt meer dan tweehonderd kilometer landinwaarts. Aan de monding zijn de fjorden vaak minder diep. Bij het smelten van het ijs bleef hier een eindmorene achter. Dit is nu een drempel aan het begin van de fjord. Mechanische verwering: Verwering waarbij de samenstelling van het gesteente niet verandert. Zijmorene: Gletsjerpuin aan de zijkant van de ijstong. Grondmorene: Het sediment dat achterblijft als de gletsjer smelt. U-dal: Dal dat de vorm van een U heeft en is ontstaan door de uitschurende werking van een gletsjer. Gletsjertunnel: Tunnel die onder in een gletsjer onderstaat als zich daar veel smeltwater verzamelt. Gletsjerpoort: De plek waar het smeltwater van een gletsjer uit de gletsjer komt. Gletsjerrivier: Rivier die naast regenwater ook smeltwater van gletsjers afvoert. Landijskap: IJsmassa die grote delen van het vasteland bedekt. IJstijd: Periode waarin de gemiddelde temperatuur op aarde een paar graden daalde. Der smelt minder sneeuw dan er valt. Glaciaal: Periode waarin de gemiddelde temperatuur op aarde een paar graden daalde. Der smelt minder sneeuw dan er valt. Fjord: Trogdal aan zee dat is volgelopen met zeewater. Eindmorene: Verpulverd materiaal dat een gletsjer voor zich uitschuift. Firn: Overjarige sneeuw die herhaaldelijk ontdooid en bevroren is. Firnbekken: Een verzamelbekken van firn hoog in de bergen. Gletsjer: IJsveld in het hooggebergte dat onmerkbaar langzaam de berg afschuift. Waterkringloop: Het voortdurend overgaan van water van de ene toestand in de andere. Interglaciaal: Warmere periode tussen twee ijstijden. B 64 Afvoer van verweringsmateriaal Verweringsmateriaal blijft niet altijd liggen op de plaats waar het is ontstaan.

5 Wordt afgevoerd door: stromend water, de sterkste vervoerders zijn gletsjers en landijs, wind (alleen kans in gebieden waar de grond droog en onbegroeid is). B 70 IJstijden In die koude tijden daalde de temperatuur niet dramatisch (gemiddeld niet meer dan 5 C), Met als gevolg de ijstijden (= glacialen). Tussen de glacialen door warmde het klimaat op aarde dan weer enkele graden op. Die perioden noem je interglacialen. B 91 Gletsjers Een verzamelbekken van sneeuw, hoog in de bergen, heet een firnbekken. Firn is een soort korrelige sneeuw die er al jaren ligt. In het firnbekken stapelt de sneeuw zich jaar najaar op. De onderste lagen worden door het gewicht van sneeuw erbovenop samengeperst tot ijs. Glijdt een ijstong langzaam in het dal. Een firnbekken, samen met een naar het dal schuivende ijstong, heet een gletsjer. De snelheid van een gletsjer bedraagt niet meer dan 40 a 50 m per jaar. De ijstong lijkt alsof hij stilligt. Lager in het dal steeds warmer wordt. Eind van de tong smelten. Er ontstaan smeltwaterbeekjes, het begin van een gletsjerrivier. 4 Een reisje langs de Rijn Een rivier met afwisseling Rijn bestaat uit bovenloop, middenloop en benedenloop. Zwitserland, hoog in de bergen, naar de bronnen van de Rijn. De monding van de rivier is in de Noordzee. Wat doen rivieren? Rivieren vormen een belangrijke schakel in de waterkringloop. Ze stromen van een bron naar een lager gelegen gebied, meestal de zee. Die energie zorgt ervoor dat klei, zand, grind en stenen worden meegevoerd. Bovendien veroorzaakt die energie erosie. Als de energie op is en de stroomsnelheid is afgenomen, vindt er sedimentatie plaats. Dat houdt in dat grind, zand en klei bezinken en achterblijven. De bovenloop van de Rijn De Rijn ontspringt op ongeveer 2100 meter hoogte in de Zwitserse Alpen. De rivier begint als een bruisende bergrivier, die zijn water krijgt van de smeltende gletsjers in het Gotthardmassief. Het gletsjerwater wordt onderweg aangevuld met neerslag; de Rijn is dus een gemengde rivier. In de bovenloop snijdt de Rijn zich door erosie in het landschap. In het gedeelte bij de bron is het verhang groot. Hier stroomt het water snel. De hoge stroomsnelheid zorgt ervoor dat het meegevoerde puin een diep V-vormig dal met steile wanden uitslijpt. Schaffhausen in Zwitserland, waterval is ontstaan doordat lagen hard en zacht gesteente elkaar afwisselen. Bovenop ligt het harde gesteente. De Rijn doet er veel langer over om het harde gesteente weg te schuren dan het zachte eronder. Door het verdwijnen van het zachte gesteente ontstaat een hoogteverschil. Over de rand van harde steen stort het water naar beneden. Bovenloop: Het eerste stuk van een rivier (vanaf de bron). Benedenloop: Het laatste stuk van een rivier (dicht bij de zee). Middenloop: Het middelste deel van rivier.

6 Waterkringloop: Het voortdurend overgaan van water van de ene toestand in de andere. Erosie: Het afschuren en uitschuren van hard gesteente door met verweringsmateriaal geladen water, ijs of wind. Sedimentatie: Afzetting van verweringsmateriaal. V-dal: Dal dat de vorm van een V heeft en is ontstaan door de uitschurende werking van een rivier. Regenrivier: Rivier die helemaal afhankelijk is van regenwater. Gletsjerrivier: Rivier die naast regenwater ook smeltwater van gletsjers afvoert. Gemengde rivier: Rivier die naast regenwater ook smeltwater van gletsjers afvoert. Stroomgebied: Het gebied dat afwatert op een bepaalde rivier en zijn zijrivieren. Waterscheiding: De grens tussen twee stroomgebieden. Regiem: Schommelingen in de waterafvoer. Verval: Het hoogte verschil tussen twee plaatsen aan een rivier. Verhang: Het verval per kilometer. B94 Rivieren Er zijn twee soorten rivieren. Dat zijn regenrivieren. Dat zijn gletsjerrivieren. Omdat ze ook regenwater afvoeren, heten ze ook wel gemengde rivieren. Een rivier bestaat niet uit één waterstroom, maar uit een heel stroomgebied. Dat is het gebied dat afwatert op een bepaalde rivier en zijn zijrivieren. De grens tussen twee stroomgebieden Een rivier bestaat niet uit één waterstroom, maar uit een heel stroomgebied. Dat is het gebied dat afwatert op een bepaalde rivier en zijn zijrivieren. De grens tussen twee stroomgebieden noem je de waterscheiding Het debiet is de hoeveelheid water die op een bepaald punt langs de rivier passeert. Het debiet wordt uitgedrukt in m3 per seconde. In de zomer is de waterstand vaak lager dan in de winter als er meer regen valt. Er zijn zelfs rivieren in de woestijn die een deel van het jaar helemaal droogvallen (wadi's). De schommelingen in de waterafvoer noem je het regiem. B95 Verval en verhang Een rivier stroomt van hoog naar laag. Hij begint ergens boven in de bergen of de heuvels. Daar ligt de bovenloop van een rivier. De benedenloop ligt meestal in laagland en eindigt vaak in zee. Het hoogteverschil tussen twee plaatsen langs een rivier noem je het verval. Je kunt het verval ook per kilometer uitrekenen. Dat is het verhang. In de benedenloop stromen de rivieren dus meestal langzamer dan in de bovenloop. Ze monden op verschillende manieren uit in zee. Een delta is de vertakking van een rivier in een aantal rivierlopen, vlak voor de monding. Een estuarium (of trechtermond) is een brede riviermonding, vaak in de vorm van een trechter, die door eb- en vloedstromen is uitgeschuurd. 5 Op weg naar de zee De Bovenrijnse Laagvlakte De Bovenrijnse Laagvlakte is miljoenen jaren geleden ontstaan toen een deel van de aardkorst naar beneden zakte. Zo'n laaggelegen deel van de aardkorst dat langs een breuk naar beneden is gegleden, noem je een slenk. Aan weerszijden van de slenk liggen de horsten, dit zijn de hoger gelegen delen. De rivier stroomt hier langzamer en snijdt zich daarom minder in het landschap in. Het dal is hier breed en de rivier maakt er ruime bochten, die meanders worden genoemd. Meanders ontstaan doordat een rivier in de buitenbocht sneller stroomt dan in de binnenbocht. In de buitenbocht vindt daarom erosie plaats: langzaam kalft de oever af en de bocht wordt groter. In de binnenbocht wordt juist materiaal (zand, klei, grind) afgezet. De oever groeit hier aan. Na verloop van tijd kan de ruimte tussen twee naast elkaar liggende buitenbochten worden

7 afgesneden. Het water neemt dan weer de kortste weg. De afgesneden bocht heet een hoefijzermeer. Het dal van de Bovenrijnse Laagvlakte. Het dal van de Bovenrijnse Laagvlakte is gevuld met afzettingen van grind, zand, maar vooral klei. De rivier stroomt er zo langzaam dat deze sedimenten bezinken. De Middenrijn Tussen Bingen en Bonn gebeurt er iets bijzonders met de Rijn. Daar moet de rivier zich een weg breken door een gebergte. De Hunsrück, de Eifel en het Taunusgebergte maken hier deel van uit. De Rijn buigt regelmatig af en het rivierdal wordt smaller en dieper. De Rijn werd in de middeleeuwen een belangrijke handelsroute tussen Noorden Zuid-Europa. Dat had tot gevolg dat steden groeiden en flink uitbreidden. Om de handel in de gaten te houden, bouwden plaatselijke machthebbers op de bergen langs het smalle dal van de Middenrijn talloze kastelen. Het wordt wel de 'romantische Rijn' genoemd. Heeft een plaats gekregen op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. De benedenloop van de Rijn Na Bonn verdwijnen de hoogteverschillen. Kenmerkend zijn opnieuw de meanders. In Nederland zoekt de rivier via veel vertakkingen een weg naar de Noordzee. Dicht bij de monding van een rivier is het verhang erg klein. Hier overheerst de sedimentatie. In de riviermonding blijft meer zand en klei achter dan de stroming van de zee kan afvoeren. De afzettingen zorgen ervoor dat de rivierbedding verstopt raakt en dat het water steeds nieuwe uitgangen naar zee moest zoeken. De Rijn heeft zich daarbij gesplitst in een aantal rivierarmen. Op deze manier is een delta ontstaan. De naam is afgeleid van de Griekse hoofdletter, omdat de vorm daarop lijkt. Lang voordat er mensen woonden, hebben de Rijn, de Maas, de Schelde en hun zijrivieren ervoor gezorgd dat het huidige West-Nederland een grote delta werd. Delta's zijn vlak en vruchtbaar, en daardoor dichtbevolkt. Nadeel is wel de grote kans op overstromingen. Meander: Natuurlijke bochten in een rivier. Erosie: Het afschuren en uitschuren van hard gesteente door met verweringsmateriaal geladen water, ijs of wind. Hoefijzermeer: Meer dat is gevormd door de afsnijding van een meander. Sediment: Afzetting van verweringsmateriaal. Verhang: Het verval per kilometer. Delta: Kust die ontstaat wanner aan de monding van een rivier meer materiaal wordt afgezet dan door de stroming in zee wordt afgevoerd. Horst: Een langs een breukvlak omhoog gekomen deel van de aardkorst. Slenk: Een langs een breukvlak omlaag gezakt deel van de aardkorst. B59 Plooien, breuken, horsten en slenken Endogene krachten hebben allerlei gevolgen voor het reliëf van het aardoppervlak. Voorbeelden daarvan zijn plooien, horsten en slenken. Endogene krachten veroorzaken barsten of breuken in de aardkorst. Langs zo'n breuklijn kunnen stukken van de aardkorst langs elkaar gaan schuiven. Soms schuiven ze in horizontale richting, soms in verticale richting. De omhooggeduwde stukken heten horsten. Het weggezakte deel heet slenk. De gebergten die ontstaan door verticale verschuivingen noem je breukgebergten. De geweldige krachten bij een botsing van twee platen zorgen voor het plooien van stukken van de aardkorst De gebergten ontstaan door plooiing

8 noem je plooiingsgebergten. Op de zeebodem kunnen door het wegduiken van de ene plaat onder de andere diepe kloven ontstaan. Deze troggen vormen de diepste plekken op aarde. B97 Grensoverschrijdende vervuiling Water is (meestal) in beweging. Rivieren voeren vervuild water af naar zee. Zeestromen verplaatsen de vervuiling op hun beurt naar andere plekken op aarde. De vervuiling verplaatst zich over grote afstanden en trekt zich niets aan van landsgrenzen. Een bekend voorbeeld is de Rijn. Die rivier stroomt door Zwitserland en Duitsland naar Nederland. Met het Rijnwater komen afvalstoffen uit die landen de Nederlandse grens over. Dat heet grensoverschrijdende vervuiling. 6 De kusten van Nederland en Groot-Brittannië Golven Golven zijn rimpels in het water, die meestal worden veroorzaakt door de wind. De hoogte en de kracht van een golf hangen af van drie factoren: de wind, de tijd dat de wind waait, welke afstand de golven hebben afgelegd. Branding Als golven in ondiep water bij de kust komen, slaan ze over de kop. Ze ondervinden namelijk veel weerstand van de zeebodem. Aan de onderkant wordt het water geremd, aan de bovenkant wordt het topzwaar. Gevolg: de golven slaan om. Het breken van de golven in ondiep water is de branding. Het hangt van de kracht van die terugstroom af of de kust wordt opgebouwd of afgebroken. Een sterke terugstroom neemt zand mee. Bij een zwakke terugstroom wordt op de zeebodem meer zand afgezet dan het teruglopende water meeneemt. De kust wordt opgebouwd. Dit is een aanslibbingskust. De Nederlandse en de Engelse kust Tussen de Nederlandse en de Engelse kust zijn grote verschillen. De Nederlandse kust is een echte aanslibbingskust. Er blijft zo veel zand achter dat er zandbanken ontstaan die bij eb gedeeltelijk droogvallen. Zodra deze strandwallen boven water komen te liggen, neemt de wind het over. De wind verplaatst het zand en achter stukken hout of planten blijven hoopjes zand liggen. Op deze manier worden duinen gevormd. Een groot deel van de Engelse kust wordt afgebroken door de zee. Een bekend voorbeeld van zo'n afbraakkust is de klifkust. Golven ondermijnen de onderkant van de klif. Door de kracht van de golven ontstaan er gaten en grotten. Na verloop van tijd breekt het overhangende deel af. Het gesteente stort naar beneden en de kust wijkt terug. De golven beginnen dan opnieuw met hun uitschurende werking. Als dit een paar keer is gebeurd, is er door het vallende puin een groot keienstrand gevormd. Dit breekt de kracht van de golven en deze kunnen dan de rotswand (voorlopig) niet verder afbreken. Golf: Rimpels in het water, die meestal worden veroorzaakt door wind die over het wateroppervlak waait. Branding: De breking van golven in het zeewater. Aanslibbingskust: Kust waarbij de afzetting van materiaal overheerst. Strandwal: Een zandbank die door de branding is opgeworpen en boven zeeniveau ligt. Duin: Heuvel die is ontstaan doordat de wind zand op een hoop heeft geblazen. Afbraakkust: Kust waarbij het wegslaan van materiaal overheerst. Klifkust: Steile kust die is ontstaan doordat de zee de onderkant heeft afgebrokkeld en afgekalfd.

9

DE GEO HOOFDSTUK 3 Europa: van de bergen naar de zee. 1 De Alpen natuurlandschap

DE GEO HOOFDSTUK 3 Europa: van de bergen naar de zee. 1 De Alpen natuurlandschap DE GEO HOOFDSTUK 3 Europa: van de bergen naar de zee 1 De Alpen natuurlandschap Het ontstaan De aardkorst is langs breuklijnen verdeeld in schollen of platen waarop oceanen en continenten liggen. De schollen

Nadere informatie

De Geo. 2 th Aardrijkskunde voor de onderbouw. Antwoorden werkboek A hoofdstuk 3. eerste druk

De Geo. 2 th Aardrijkskunde voor de onderbouw. Antwoorden werkboek A hoofdstuk 3.  eerste druk De Geo 2 th Aardrijkskunde voor de onderbouw Antwoorden werkboek A hoofdstuk 3 www.degeo-online.nl eerste druk Hoofdstuk 3 Europa: van de bergen naar de zee Start 1 a de invloed van de rivieren op het

Nadere informatie

2 Mavo H3 Europa: van de bergen naar de zee. versie A. toets par 4, 5 en 6.

2 Mavo H3 Europa: van de bergen naar de zee. versie A. toets par 4, 5 en 6. 2 Mavo H3 Europa: van de bergen naar de zee. versie A. toets par 4, 5 en 6. 1a. Welke drie soorten rivieren bestaan er? b. Hoe komt een gemengde rivier aan zijn water? 2a. Het gebied dat afwatert op een

Nadere informatie

AK - Landschap. Bastiaan Burger ; CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

AK - Landschap. Bastiaan Burger ; CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteurs Bastiaan Burger ; Laatst gewijzigd 27 October 2015 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/66039 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Rijnreis hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Rijnreis hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 16 December 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/52487 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

Het water maakt de berg kleiner

Het water maakt de berg kleiner .64 Hoofdstuk 5 Kfjkles lest Wat ga je leren? Het water maakt de berg kleiner In deze les leer je hoe water een berg kleiner maakt. Je leert dat wind en water stenen kunnen laten scheuren. Verder leer

Nadere informatie

De Geo. 2 hv Aardrijkskunde voor de onderbouw. Antwoorden werkboek A hoofdstuk 3. www.degeo-online.nl. eerste druk

De Geo. 2 hv Aardrijkskunde voor de onderbouw. Antwoorden werkboek A hoofdstuk 3. www.degeo-online.nl. eerste druk De Geo 2 hv Aardrijkskunde voor de onderbouw Antwoorden werkboek A hoofdstuk 3 www.degeo-online.nl eerste druk Hoofdstuk 3 Europa: van de bergen naar de zee Start 1 a Europa kent in vergelijking met andere

Nadere informatie

Aardrijkskunde Bewegende aarde Leerjaar 2ha HBAK Antwoordmodel

Aardrijkskunde Bewegende aarde Leerjaar 2ha HBAK Antwoordmodel Aardrijkskunde Bewegende aarde Leerjaar 2ha HBAK Antwoordmodel ------------------------------------------------------------------------------------------ Let op: - Je bent zelf verantwoordelijk voor het

Nadere informatie

AK HF SE 2 'Wonen in NL' hoofdstuk 1

AK HF SE 2 'Wonen in NL' hoofdstuk 1 Balgstuw Opblaasbare dam in de rivier. Bij Kampen bedoeld om te voorkomen dat water van het IJsselmeer de IJssel in wordt gestuwd door de wind. Als dit wel gebeurd kan dat leiden tot hoge waterstanden

Nadere informatie

Thema 3 Waterland. Samenvatting. Meander Samenvatting groep 7. De Rijn. Rivierenland. Onder de loep. Begrippen. bron. gemengde rivier.

Thema 3 Waterland. Samenvatting. Meander Samenvatting groep 7. De Rijn. Rivierenland. Onder de loep. Begrippen. bron. gemengde rivier. Meander Samenvatting groep 7 Thema 3 Waterland Samenvatting De Rijn De Rijn begint als een klein stroompje in de Zwitserse Alpen. Dan wordt het een snelstromende bergrivier; er komt steeds meer smeltwater

Nadere informatie

Toets 2 - 'Landschappen in Europa'

Toets 2 - 'Landschappen in Europa' Auteur Mayon Ottens Laatst gewijzigd 16 June 2015 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/62989 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

Toets 1 - 'Landschappen in Europa'

Toets 1 - 'Landschappen in Europa' Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Mayon Ottens 07 October 2015 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/62751 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

4 Leven in een koud gebied

4 Leven in een koud gebied 4 Leven in een koud gebied 1 a Canada b/c W16 d 73 2 a Te koud: s zomers < 10º C b gebruik van sneeuwscooter en sleden kleding c te koud om voedsel te verbouwen 3a/4 W17 Toendra: wat, waar en waarom daar?

Nadere informatie

Vervolg aantekeningen H1 Nat. Hulpbronnen. Omgaan met Natuurlijke Hulpbronnen Hoofdstuk 1.1 Aardrijkskunde CA-3

Vervolg aantekeningen H1 Nat. Hulpbronnen. Omgaan met Natuurlijke Hulpbronnen Hoofdstuk 1.1 Aardrijkskunde CA-3 Vervolg aantekeningen H1 Nat. Hulpbronnen Water kent geen grenzen. Het stroomt van land naar land. Het teveel aan water moet ergens naartoe. Het zoekt een weg naar zee. Zee is het laagste punt in een landschap.

Nadere informatie

Aardrijkskunde Samenvatting Hoofdstuk 2 Endogene en Exogene processen 2 t/m 12

Aardrijkskunde Samenvatting Hoofdstuk 2 Endogene en Exogene processen 2 t/m 12 Aardrijkskunde Samenvatting Hoofdstuk 2 Endogene en Exogene processen 2 t/m 12 2: De opbouw van de aarde Kern: 3700 km dik, binnenste deel vast, buitenste deel vloeibaar -> aardmagnetisme Aardmantel: 2900

Nadere informatie

Toets 1 - 'Landschappen in Europa'

Toets 1 - 'Landschappen in Europa' Auteur Mayon Ottens Laatst gewijzigd 07 oktober 2015 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres https://maken.wikiwijs.nl/62751 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

De Noordzee HET ONTSTAAN

De Noordzee HET ONTSTAAN De Noordzee De Noordzee is de zee tussen Noorwegen, Groot-Brittannië, Frankrijk, België, Nederland, Duitsland en Denemarken. De Noordzee is een ondiepe (30-200 m) randzee van de Atlantische oceaan met

Nadere informatie

Rivieren vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/82662

Rivieren vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/82662 Auteur VO-content Laatst gewijzigd 16 november 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres https://maken.wikiwijs.nl/82662 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs

Nadere informatie

Hoog in de bergen 1. Bergweiden en bossen 2. Blad 1. Vorst Het vriest. Hooggebergte Hoge bergen waar ook sneeuw ligt. Grind Kleine ronde steentjes.

Hoog in de bergen 1. Bergweiden en bossen 2. Blad 1. Vorst Het vriest. Hooggebergte Hoge bergen waar ook sneeuw ligt. Grind Kleine ronde steentjes. 5 Lastige woorden Blad Hoog in de bergen Hooggebergte Hoge bergen waar ook sneeuw ligt. Vorst Het vriest. Grind Kleine ronde steentjes. Naaldbos Een bos van naaldbomen; dit zijn bomen met naalden in plaats

Nadere informatie

AK samenvatting H4. Het stroomstelsel is de hoofdrivier met alle zijtakken, het bestaat uit drie delen:

AK samenvatting H4. Het stroomstelsel is de hoofdrivier met alle zijtakken, het bestaat uit drie delen: AK samenvatting H4 Paragraaf 2 Het stroomstelsel is de hoofdrivier met alle zijtakken, het bestaat uit drie delen: Bovenloop (hoog in de bergen, snelle rivierstroom) Middenloop (door een dal met ingesneden

Nadere informatie

INHOUD. Inleiding Aardbevingen Bergen Bosbranden Koraal Lawines Meteorieten Onweer...

INHOUD. Inleiding Aardbevingen Bergen Bosbranden Koraal Lawines Meteorieten Onweer... INHOUD Inleiding...6 1 Aardbevingen...8 2 Bergen... 10 3 Bosbranden... 12 4 Koraal... 14 5 Lawines... 16 6 Meteorieten... 18 7 Onweer... 20 8 Opwarming van de aarde... 22 9 Orkanen... 24 10 Overstromingen...

Nadere informatie

ALPEN door: Joran van de Geest datum: April 2017

ALPEN door: Joran van de Geest datum: April 2017 ALPEN door: Joran van de Geest datum: April 2017 Inhoud Voorwoord - blz 2 1. Gebergte - blz 3 1.1 Locatie 1.2 Bergen 1.3 Flora en Fauna 1.4 Hoe zit een berg in elkaar? 2. Het ontstaan - blz 6 2.1 Platenverschuiving

Nadere informatie

Roestig land. De Wijstgronden

Roestig land. De Wijstgronden Roestig land De Wijstgronden Verslag van de lezing en excursie van Professor R. T. van Balen en Nico Ettema voor de Werkgroep Geologie en Landschap. Bedafse Bergen, Uden. 10.00-1600 uur. Een mooie herfstdag.

Nadere informatie

2 Bemesting 44 2.1 Meststoffen 44 2.2 Soorten meststoffen 46 2.3 Grondonderzoek 49 2.4 Mestwetgeving 49

2 Bemesting 44 2.1 Meststoffen 44 2.2 Soorten meststoffen 46 2.3 Grondonderzoek 49 2.4 Mestwetgeving 49 Inhoud Voorwoord 5 Inleiding 6 1 Bodem en grond 9 1.1 Grond, bodem en grondsoorten 9 1.2 Eigenschappen van grond 20 1.3 Problemen met de grond 23 1.4 Verbeteren van landbouwgronden 30 1.5 Transport van

Nadere informatie

LANDSCHAPSANALYSE. 3: Landschapsvormen Hoog-Nederland. Sabine Geerlings Academie van Bouwkunst - 27 aprii. 27 september 2013 Academie van Bouwkunst

LANDSCHAPSANALYSE. 3: Landschapsvormen Hoog-Nederland. Sabine Geerlings Academie van Bouwkunst - 27 aprii. 27 september 2013 Academie van Bouwkunst LANDSCHAPSANALYSE 3: Landschapsvormen Hoog-Nederland 27 september 2013 Academie van Bouwkunst Sabine Geerlings Academie van Bouwkunst - 27 aprii Onderwerpen 1. Rivierenlandschap 2. Zandlandschap 3. Krijt-

Nadere informatie

Soorten rivieren vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/82664

Soorten rivieren vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/82664 Auteur VO-content Laatst gewijzigd 21 October 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres https://maken.wikiwijs.nl/82664 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Erosie en verwering hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Erosie en verwering hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 16 December 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/52472 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

Rivieren 2 vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Rivieren 2 vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 21 October 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/82663 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Geschiedenis van de duinen

Geschiedenis van de duinen Geschiedenis van de duinen Bijna de hele Nederlandse kust bestaat uit duinen. We weten hier niet beter, dan dat dat heel normaal is. Toch is dat niet zo. De kust van Frankrijk, Spanje en Portugal bijvoorbeeld

Nadere informatie

3 havo 4 water, 2 t/m 4

3 havo 4 water, 2 t/m 4 3 havo 4 water, 2 t/m 4 Mozambique: soms te veel India: vaak te weinig De blauwe planeet: alles stroomt Welke kringloop heeft de meeste betekenis voor de mens en waarom? De lange kringloop (B) omdat deze

Nadere informatie

Soorten rivieren vmbo-kgt34

Soorten rivieren vmbo-kgt34 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres VO-content 16 oktober 2017 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/82664 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet.

Nadere informatie

Aardrijkskunde H2 Endogene en exogene processen

Aardrijkskunde H2 Endogene en exogene processen Aardrijkskunde H2 Endogene en exogene processen P2 Opbouw van de aarde Vroeger was de aarde een klont roodgloeiend gesteente, door de afstand tot de zon is dat afgekoeld en de buitenste laag gestold. De

Nadere informatie

2 Landschapszones op aarde SO 1

2 Landschapszones op aarde SO 1 Aardrijkskunde 1 havo/vwo 2 Landschapszones op aarde SO 1 Deze toets bestaat uit tien vragen: open vragen en meerkeuzevragen. Ook zijn er vragen waarbij de atlas (Grote Bosatlas, editie 54) nodig is. Bij

Nadere informatie

Natuurrampen. Natuurrampen. Enkele voorbeelden... Oorzaken: bijvoorbeeld lawine, aardbeving, orkaan, overstroming, tsunami en vulkaanuitbarsting.

Natuurrampen. Natuurrampen. Enkele voorbeelden... Oorzaken: bijvoorbeeld lawine, aardbeving, orkaan, overstroming, tsunami en vulkaanuitbarsting. Natuurrampen Natuurrampen Natuurrampen Enkele voorbeelden... Oorzaken: bijvoorbeeld lawine, aardbeving, orkaan, overstroming, tsunami en vulkaanuitbarsting. Gevolgen: bijvoorbeeld bedolven mensen, doden,

Nadere informatie

Informatie over de versterking van de Noord-Hollandse kust Voor je spreekbeurt of werkstuk

Informatie over de versterking van de Noord-Hollandse kust Voor je spreekbeurt of werkstuk Informatie over de versterking van de Noord-Hollandse kust Voor je spreekbeurt of werkstuk De kust is (niet) veilig! De dijk aan de kust van Petten ziet er zo sterk en krachtig uit, maar toch is hij niet

Nadere informatie

Help! Het water komt!

Help! Het water komt! Help! Het water komt! Hoog water in Europa Toename aantal overstromingen in Europa De Moldau bedreigt het historische centrum van Praag Wat is er aan de hand? december 1993 Steeds vaker treden Europese

Nadere informatie

Bijlagen. Paper 4. Paper Antwoordtabellen nul- en eindmeting 8. Inhoudsanalyse nul- en eindmeting 9. Hardopdenken eindmeting

Bijlagen. Paper 4. Paper Antwoordtabellen nul- en eindmeting 8. Inhoudsanalyse nul- en eindmeting 9. Hardopdenken eindmeting Bijlagen Paper 4 1. Powerpoint presentatie concept maps 2. Afbeelding concept map leerling 3. Powerpoint presentatie uitleg 4. Powerpoint presentatie verhaallijn rivier 5. Afbeelding verhaallijn rivier

Nadere informatie

H2: Europa, verenigd of versnipperd?

H2: Europa, verenigd of versnipperd? H2: Europa, verenigd of versnipperd? Klas 2 Geo Vragen 5 1. Europa is te herkennen aan een aantal natuurkenmerken. Noem er drie. 6 2. Het aantal inwoners verandert door natuurlijk bevolkingsgroei (geboorte

Nadere informatie

Zoek de pagina in het lesboek. Lees de tekst en bekijk de foto of tekening. Maak dan de vraag. pagina 5, 6 en 7

Zoek de pagina in het lesboek. Lees de tekst en bekijk de foto of tekening. Maak dan de vraag. pagina 5, 6 en 7 Herhaling Ω groep 7 Ω Europa (blad ) Zoek de pagina in het lesboek. Lees de tekst en bekijk de foto of tekening. Maak dan de vraag. pagina 5, 6 en 7 2 3 5 6 7 8 Hierin zitten alle regeringsleiders van

Nadere informatie

Vragen over landschappen die we gaan behandelen

Vragen over landschappen die we gaan behandelen Landschappen Vragen over landschappen die we gaan behandelen Wat zijn landschappen? Waar komen ze voor? Hoe zien ze er uit? Welke informatie geven ze? Hoe zijn ze ontstaan? Wat is landschap? Dit? Kerk

Nadere informatie

Drie aardkundige monumenten

Drie aardkundige monumenten 10 Drie aardkundige monumenten Aardkundige monumenten geven iets weer van de ontstaansgeschiedenis van ons landschap. Een geschiedenis die ons honderden, duizenden of zelfs miljoenen jaren terugvoert in

Nadere informatie

De vegetatiezones: Kleur de vegetatiezones tussen 0 en 20 OL. Maak een legende:

De vegetatiezones: Kleur de vegetatiezones tussen 0 en 20 OL. Maak een legende: De vegetatiezones: Kleur de vegetatiezones tussen 0 en 20 OL. Maak een legende: 64 Lokaliseer de klimatogrammen op de kaart Bepaal het klimaat en de vegetatie van elk klimaogram m.b.v. je determineertabel

Nadere informatie

Het gebied Begrenzing

Het gebied Begrenzing Cursus Reitdiep Het gebied Begrenzing -In het Oosten: de lijn Westerdijkshorn Wolddijk - Noorderhogebrug -In het Westen: de lijn Zuurdijk Lammerburen - Balmahuizen -In het Noorden: de lijn Onderwierum

Nadere informatie

Lesbrief. Dijken. Kijken naar dijken. www.wshd.nl/lerenoverwater. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta

Lesbrief. Dijken. Kijken naar dijken. www.wshd.nl/lerenoverwater. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta Lesbrief Dijken Kijken naar dijken www.wshd.nl/lerenoverwater Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta Kijken naar dijken Zonder de duinen en de dijken zou jij hier niet kunnen wonen: bijna de

Nadere informatie

Inleiding Waarom dit onderwerp?

Inleiding Waarom dit onderwerp? Inleiding Ik zou graag willen weten hoe vulkanen ontstaan. En wat de oorzaak kan zijn dat vulkanen uitbarsten. Waarom dit onderwerp? Ik heb dit onderwerp gekozen omdat ik laatst heel vaak de Etna op tv

Nadere informatie

Verval en verhang van een rivier. Matthijs Admiraal. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/70902

Verval en verhang van een rivier. Matthijs Admiraal. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/70902 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Matthijs Admiraal 15 January 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/70902 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

De horizontale bewegingen van de platen

De horizontale bewegingen van de platen De horizontale bewegingen van de platen!sommige platen bestaan uit oceanische korst, sommige uit continentale korst, sommige uit beiden.!een continentale plaat is lichter dan een oceanische plaat Platen

Nadere informatie

Studiewijzer Aardrijkskunde 12 e klas VWO

Studiewijzer Aardrijkskunde 12 e klas VWO Studiewijzer Aardrijkskunde 12 e klas VWO Klas: 12vwo Datum: november 2014 Als een les wegens ziekte uitvalt dan kan je zelfstandig door werken. Zorg voor een groot schrift (A4-formaat) waarin je duidelijke

Nadere informatie

Staatsbosbeheer T Oudemolense Diep. Wandelen langs de beek - 7 km

Staatsbosbeheer T Oudemolense Diep. Wandelen langs de beek - 7 km Staatsbosbeheer T 0592 248984 www.staatsbosbeheer.nl Oudemolense Diep Wandelen langs de beek - 7 km Zilveren lint door het dal Een bezoek aan het Drentsche Aa-gebied is niet compleet zonder een blik op

Nadere informatie

Aardrijkskundeproefwerk Hoofdstuk 6. Vakantielanden

Aardrijkskundeproefwerk Hoofdstuk 6. Vakantielanden Aardrijkskundeproefwerk Hoofdstuk 6 Vakantielanden Het klimaat is in Zuid-Europa anders dan in Nederland. In de zomer is het er warm en droog, in de winter is het er ongeveer zoals zomers in Nederland.

Nadere informatie

Vroeger, toen hier ijs lag...

Vroeger, toen hier ijs lag... Vroeger, toen hier ijs lag... Opdrachtenboekje bij het geologisch leerpad Datum Naam Boekje Geo-pad 1 Inleiding Vroeger, toen hier ijs lag De titel van dit opdrachtenboekje is niet voor niets gekozen.

Nadere informatie

Woordenschat blok 03 gr4 Les 1 De bodem: de grond waarin planten kunnen groeien. De duinen: heuvels van zand langs de zee. De plant: een stengel met

Woordenschat blok 03 gr4 Les 1 De bodem: de grond waarin planten kunnen groeien. De duinen: heuvels van zand langs de zee. De plant: een stengel met Woordenschat blok 03 gr4 Les 1 De bodem: de grond waarin planten kunnen groeien. De duinen: heuvels van zand langs de zee. De plant: een stengel met bladeren die groeit. De rots: een heel grote steen op

Nadere informatie

Een wal van zand, klei of steen die mensen beschermt tegen hoog water. De plek waar het rivierwater in de zee uitkomt.

Een wal van zand, klei of steen die mensen beschermt tegen hoog water. De plek waar het rivierwater in de zee uitkomt. Meander Samenvatting groep 5 Thema 3 Waterland Samenvatting Langs de kust Nederland ligt voor de helft onder de zeespiegel. Heel vroeger woonden mensen dicht bij zee op terpen. Langs de kust beschermen

Nadere informatie

Daarbij stierven 200 duizend mensen.

Daarbij stierven 200 duizend mensen. Filmpje op www.youtube.com/watch?v=vua_y9c4zu4&feature=related Google trefwoorden: filmpje, plaattektoniek, teleac, youtube Aardbevingen Beweging in de aarde In 2004 was de tsunami in Azië na aardbeving

Nadere informatie

Naam: VULKANEN. Vraag 1. Uit welke drie lagen bestaat de aarde? Vraag 2. Hoe dik is de aardkorst gemiddeld?

Naam: VULKANEN. Vraag 1. Uit welke drie lagen bestaat de aarde? Vraag 2. Hoe dik is de aardkorst gemiddeld? Naam: VULKANEN Voordat je begrijpt hoe vulkanen ontstaan, moet je eerst weten hoe de aarde in elkaar zit. De aarde is een bol die uit drie lagen bestaat. De binnenste laag is de kern. De temperatuur is

Nadere informatie

De Geo. 1 th Aardrijkskunde voor de onderbouw. Antwoorden hoofdstuk 5. www.degeo-online.nl. 1ste druk

De Geo. 1 th Aardrijkskunde voor de onderbouw. Antwoorden hoofdstuk 5. www.degeo-online.nl. 1ste druk De Geo 1 th Aardrijkskunde voor de onderbouw Antwoorden hoofdstuk 5 www.degeo-online.nl 1ste druk De Geo, aardrijkskunde voor de onderbouw van th - Docentenhandleiding 1 TH 1 ThiemeMeulenhoff Utrecht/Zutphen,

Nadere informatie

Lesbrief BIJZONDERE SCHATTEN OPDRACHT 1 - SCHATGRAVEN IN DE NOORDZEE

Lesbrief BIJZONDERE SCHATTEN OPDRACHT 1 - SCHATGRAVEN IN DE NOORDZEE Lesbrief Onderbouw voortgezet onderwijs - VMBO BIJZONDERE SCHATTEN De haven van Rotterdam wordt te klein. Voor de in- en uitvoer van goederen is meer ruimte nodig in de haven. Daarom komt er een uitbreiding

Nadere informatie

Zaterdagmiddag 3 sept 2016 Studie van de afzettingen uit het Trias. Buntsandstein en Muschelkalk.

Zaterdagmiddag 3 sept 2016 Studie van de afzettingen uit het Trias. Buntsandstein en Muschelkalk. Zaterdagmiddag 3 sept 2016 Studie van de afzettingen uit het Trias. Buntsandstein en Muschelkalk. Golvende hoogvlakten met verre uitzichten, diep ingesneden rivierdalen en uitgestrekte bossen. De WGL trok

Nadere informatie

3. Hydrologie van Nederland

3. Hydrologie van Nederland 3. Hydrologie van Nederland 3.1. Geologie In Nederland liggen voornamelijk de geologische lagen van het Kwartair aan de oppervlakte. De oudere lagen uit het Tertiair liggen op grotere diepte; alleen in

Nadere informatie

96-(224) 2.0 LOSSE GESTEENTEN

96-(224) 2.0 LOSSE GESTEENTEN 96-(224) 2.0 LOSSE GESTEENTEN Grondboor en Hamer, jrg. 43, no. 5/6, p. 225-227, 3 fig., november 1989 AFZETTINGEN VAN RIJN EN MAAS IN LIMBURG W.M. Felder* In de loop van het Mioceen, 10 tot 7 miljoenn

Nadere informatie

Hoe komen de verschillende klimaten op Aarde tot stand?

Hoe komen de verschillende klimaten op Aarde tot stand? Klimaat Wat is klimaat? Klimaat is de gemiddelde toestand van het weer over een langere periode op een bepaalde plaats. Veel meteorologische instituten hanteren een periode van 30 jaar voor de berekening

Nadere informatie

Waterkringloop hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Waterkringloop hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 16 December 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/52481 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

Woordenschat - memory Taal Actief groep 4 Thema 3 Les 1

Woordenschat - memory Taal Actief groep 4 Thema 3 Les 1 Woordenschat - memory Taal Actief groep 4 Thema 3 Les 1 de berg Is een hoog stuk land. Soms ligt er sneeuw bovenop. de top Het hoogste stukje van de berg. Hoger kun je niet klimmen. de beek Dit is een

Nadere informatie

aardrijkskunde vwo 2015-I

aardrijkskunde vwo 2015-I Aarde Opgave 3 Fjorden in Noorwegen Bestudeer de bronnen 1 en 2 die bij deze opgave horen. Gebruik de atlas. Noorwegen ligt vrijwel helemaal in het Scandinavisch Hoogland. Dit is een oud gebergte. In dit

Nadere informatie

a) Getijdenwerking en overstromingen op de Schelde

a) Getijdenwerking en overstromingen op de Schelde EXCURSIEPUNT DE SCHELDEVALLEI Hoogte = Ter hoogte van het voormalige jachtpaviljoen, De Notelaar, gelegen aan de Schelde te Hingene (fig. 1 en 2), treffen we een vrij groot slikke- en schorregebied aan,

Nadere informatie

De geomorfologie in het gebied wordt voor een belangrijk deel bepaald door de stuwwalvorming tijdens de Saale-ijstijd (afbeelding I.1).

De geomorfologie in het gebied wordt voor een belangrijk deel bepaald door de stuwwalvorming tijdens de Saale-ijstijd (afbeelding I.1). De geomorfologie in het gebied wordt voor een belangrijk deel bepaald door de stuwwalvorming tijdens de Saale-ijstijd (afbeelding I.1). Afbeelding I.1. Vorming stuwwal Nijmegen en stuwwal Reichswald Zandige

Nadere informatie

Kernpunten. Conclusie en nawoord. Essay naar de temperaturen binnen de kern van de aarde. Auteur: Sebastien Immers. Copyright Augustus 2010

Kernpunten. Conclusie en nawoord. Essay naar de temperaturen binnen de kern van de aarde. Auteur: Sebastien Immers. Copyright Augustus 2010 Kernpunten Essay naar de temperaturen binnen de kern van de aarde. Conclusie en nawoord Auteur: Sebastien Immers Copyright Augustus 2010 Voor meer informatie: info@immerspher.com Internetadressen: http://www.immerspher.com

Nadere informatie

Van de regen in de drup

Van de regen in de drup Doelen Kerndoel 43: De leerlingen leren hoe je weer en klimaat kunt beschrijven met behulp van temperatuur, neerslag en wind. De leerlingen leren de waterkringloop. Kerndoel 47: De leerlingen leren de

Nadere informatie

Werkblad bij de geoquest Vulkanen

Werkblad bij de geoquest Vulkanen Naam: Werkblad bij de geoquest Vulkanen 1. Wat zijn vulkanen? Een vulkaan is een berg opgebouwd uit lava en as. 2. a)hoe ontstaan vulkanen? Vulkanen ontstaan door breuken in de aardkorst. Door de stromingen

Nadere informatie

Contentcatalogus *** Leeractiviteitenbank voor het basisonderwijs (LAB) Contentcatalogus Leeractiviteitenbank voor het basisonderwijs Pagina 1

Contentcatalogus *** Leeractiviteitenbank voor het basisonderwijs (LAB) Contentcatalogus Leeractiviteitenbank voor het basisonderwijs Pagina 1 Contentcatalogus *** bank voor het basisonderwijs (LAB) Contentcatalogus bank voor het basisonderwijs Pagina 1 Overzicht beschikbare lessen Titel Paginanummer Windenergie 3 De Alpen 4 Vulkanen en aardbevingen

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde vwo I

Eindexamen aardrijkskunde vwo I Aarde Opgave 4 De Colorado en de Grand Canyon Bestudeer de bronnen 1 tot en met 5 die bij deze opgave horen. Het Colorado Plateau in de staat Arizona (VS) bestaat uit zeer oude gesteenten. In de loop van

Nadere informatie

GROOT-BRITTANNIË en zeeklimaat

GROOT-BRITTANNIË en zeeklimaat Naam GROOT-BRITTANNIË en zeeklimaat Groot Brittannië Groot-Brittannië is Schotland, Engeland en Wales samen. Engeland is het grootst van Groot-Brittannië en Wales het kleinst. Engeland heeft meer dan 46

Nadere informatie

Overstromingen en wateroverlast

Overstromingen en wateroverlast Atlasparagraaf Overstromingen en wateroverlast 1/6 In deze atlasparagraaf herhaal je de stof van Overstromingen en wateroverlast. Je gaat extra oefenen met het waarderen van verschijnselen (vraag 4 en

Nadere informatie

Soorten vulkanen. Tefra vulkaan: Werkende vulkaan: Er zijn heel veel soorten vulkanen en ik ga er 6 opnoemen en er wat over vertellen dat zijn,

Soorten vulkanen. Tefra vulkaan: Werkende vulkaan: Er zijn heel veel soorten vulkanen en ik ga er 6 opnoemen en er wat over vertellen dat zijn, Voorwoord Ik doe mijn werkstuk over vulkanen, ik doe hem over vulkanen omdat ik er echt niets over wist, en het leek me een superleuk en interessant onderwerp, ik ga u iets leren wat voor soorten uitbarstingen

Nadere informatie

Samenvatting Ω Europa Ω blad 1. Land in zicht

Samenvatting Ω Europa Ω blad 1. Land in zicht Samenvatting Ω Europa Ω blad 1 les 1 les 2 les 3 Europa Europa is een werelddeel. Europa is een van de rijkste werelddelen, hoewel er ook landen en plaatsen zijn waar armoede heerst. Veel landen zijn verenigd

Nadere informatie

Waterkringloop vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/82660

Waterkringloop vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/82660 Auteur VO-content Laatst gewijzigd 16 november 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres https://maken.wikiwijs.nl/82660 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs

Nadere informatie

Neerslag-afvoermodellering. met SOBEK-RR

Neerslag-afvoermodellering. met SOBEK-RR Neerslag-afvoermodellering met SOBEK-RR Boekrecensie: 'Van regen tot Maas' 'Grensoverschrijdend waterbeheer in droge en natte tijden' Auteur: Marcel de Wit Uitgeverij Veen Magazines, Diemen, 2008 ISBN

Nadere informatie

Les 1. de top. De berg. Het dal. De beek

Les 1. de top. De berg. Het dal. De beek Les 1 De beek: De berg: De top: Het dal: De kust: De duin: Het zand: De woestijn: Het oerwoud: Een beek is een smal riviertje. Een beek is niet diep. Een beek stroomt van de berg af naar beneden. Een berg

Nadere informatie

Vulkaanuitbarsting in het nieuws!

Vulkaanuitbarsting in het nieuws! Kopieerblad 1 Vulkaanuitbarsting in het nieuws! Vulkaanuitbarsting in het nieuws! Wat weet je over de vulkaanuitbarsting die heeft plaatsgevonden? Waar heeft de vulkaanuitbarsting plaatsgevonden? Duid

Nadere informatie

Opdrachten bij Weer en klimaat. (Tekstboek en de ELO) 3.1.1. Temperatuurverschillen op aarde.

Opdrachten bij Weer en klimaat. (Tekstboek en de ELO) 3.1.1. Temperatuurverschillen op aarde. Opdrachten bij Weer en klimaat. (Tekstboek en de ELO) 3.1.1. Temperatuurverschillen op aarde. 1-Maak een begrippenlijst van de rood gedrukte begrippen. 2-Wat zijn de drie elementen van weer en klimaat?

Nadere informatie

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk.

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk. Examen HAVO 2013 tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-16.30 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk. Dit examen bestaat uit 31 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Een gedeelte van een stad of een groter dorp. Een wijk bestaat uit meerdere buurten.

Een gedeelte van een stad of een groter dorp. Een wijk bestaat uit meerdere buurten. Meander groep 5 Thema 1 Onderweg Aardrijkskunde Waarom is een nieuwe wijk hier gebouwd en niet daar? Wat voor gebouwen staan er? Waarom staan ze juist op die plek? Huizen, boerderijen, fabrieken en kantoren

Nadere informatie

Score-overzicht. 2 0 Correctievoorschrift: Uit het antwoord moet blijken dat in het oosten de matigende invloed van de zee kleiner is.

Score-overzicht. 2 0 Correctievoorschrift: Uit het antwoord moet blijken dat in het oosten de matigende invloed van de zee kleiner is. Score-overzicht Naam examen: VMBO KB aardrijkskunde 2015 variant h1 voorbeeld Examen variant: 72ddd358-7c9a-4615-895a-7259fa320cdd_85247134_5c833992-ecd3-4524-9ae1- ebefe2c4ade9 Datum afname: 15/10/2015

Nadere informatie

Naam: WATER. pagina 1 van 8

Naam: WATER. pagina 1 van 8 Naam: WATER Geen leven zonder water Zonder water kun je niet leven. Als je niet genoeg drinkt, krijgt je dorst. Als je dorst hebt, heeft je lichaam water tekort. Je raakt dit water vooral kwijt door te

Nadere informatie

Kustlijn van de Noordzee

Kustlijn van de Noordzee International Wadden Sea School www.iwss.org 150.000 jaar geleden - 150.000 jaar geleden was het hele Noordzeebekken bedekt met een dikke ijslaag: dit was de Saale ijstijd. - Alle zeewater was in gletsjers

Nadere informatie

Practicum: Hoezo Zeespiegelstijging?

Practicum: Hoezo Zeespiegelstijging? Practicum: Hoezo Zeespiegelstijging? Op de Aarde wonen er ongeveer 6 446 131 400 mensen. In België wonen er 10 584 534. De meeste mensen wonen in de bergen / in de woestijn / in de nabijheid van water/

Nadere informatie

Opdracht 1: rivieren het stroomgebied en kanalen van in Vlaanderen

Opdracht 1: rivieren het stroomgebied en kanalen van in Vlaanderen Leerlingen Naam: De Boven-Schelde: varen tussen Oudenaarde en Merelbeke Klas: 9 Opdracht 1: rivieren het stroomgebied en kanalen van in Vlaanderen Schelde 1a. Waar bevindt zich de bron van de Schelde?

Nadere informatie

Lesbrief. watersnoodramp. 1 februari 1953. www.wshd.nl/1953. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta

Lesbrief. watersnoodramp. 1 februari 1953. www.wshd.nl/1953. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta Lesbrief watersnoodramp 1 februari 1953 www.wshd.nl/1953 Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta 1 februari 1953 Op zaterdagmiddag 31 januari 1953 stak een hevige wind op. Die wind groeide s nachts

Nadere informatie

Les 1 Ontstaan aardgas

Les 1 Ontstaan aardgas Les 1 Ontstaan aardgas In 1959 werd onder het land van boer Boon in de buurt van Slochteren gas ontdekt. Het bleek één van de grootste gasvelden van de wereld te zijn! Hoe is dat gas in de boden van Nederland

Nadere informatie

5 havo 2 End. en ex. processen 1-4

5 havo 2 End. en ex. processen 1-4 5 havo 2 End. en ex. processen 1-4 Rusteloze aarde De Toch miljoenenstad ging het in 79 Napels na Chr. ligt grandioos op nog geen mis 10km De inwoners van de Vesuvius, van niemand Pompei waren lijk zich

Nadere informatie

Bedreigingen. Broeikaseffect

Bedreigingen. Broeikaseffect Bedreigingen Vroeger gebeurde het nogal eens dat de zee een gat in de duinen sloeg en het land overspoelde. Tegenwoordig gebeurt dat niet meer. De mensen hebben de duinen met behulp van helm goed vastgelegd

Nadere informatie

Vossekotstraat Keet Tielrode

Vossekotstraat Keet Tielrode ROUTEBESCHRIJVING Hieronder worden alle punten die jullie passeren, opgesomd. Zij staan niet in de juiste volgorde, het is aan jullie om de beste en kortste route uit te stippelen met behulp van bijgevoegde

Nadere informatie

Huidige situatie en verwachtingen voor rivierafvoeren, (water)temperaturen en grondwater

Huidige situatie en verwachtingen voor rivierafvoeren, (water)temperaturen en grondwater Huidige situatie en verwachtingen voor rivierafvoeren, (water)temperaturen en grondwater De wateraanvoer van de Rijn is laag voor de tijd van het jaar, hij bedraagt momenteel 1165 m3/s. Naar verwachting

Nadere informatie

Determineren van gesteente

Determineren van gesteente Aarde Paragraaf 1 en atlasvaardigheden Determineren van gesteente Als je een gesteente bestudeert en daarna vaststelt wat de naam van het gesteente is, dan ben je aan het determineren. Je kunt gesteenten

Nadere informatie

HET ONTSTAAN VAN NEDERLAND

HET ONTSTAAN VAN NEDERLAND HET ONTSTAAN VAN NEDERLAND Land tussen rivieren en zee Daar waar een rivier in zee stroomt, bruist het vaak van het leven. De rivier splitst zich op in kleinere stromen die vol vis zitten. Vogels en andere

Nadere informatie

Verdeling van al het water op aarde

Verdeling van al het water op aarde Water op Aarde Verdeling van al het water op aarde Gemiddeld genomen verdampt uit de oceanen meer water dan via neerslag terugkomt. Boven land is meer neerslag van verdamping. Het verschil stroomt via

Nadere informatie

Meander. Aardrijkskunde WERKBOEK

Meander. Aardrijkskunde WERKBOEK 6 Meander Aardrijkskunde WERKBOEK 6 Meander Aardrijkskunde WERKBOEK THEMA 4 Eindredactie: Carla Wiechers Leerlijnen: Mark van Heck Auteurs: Marc ter Horst, Meie Kiel, Dianne Manders, Jacques van der Pijl

Nadere informatie

1. Wat weet ik er al van. Ik doe mijn werkstuk over "Tunnels en Bruggen". Ik weet er nog niet veel van, daarom wil ik er meer over weten.

1. Wat weet ik er al van. Ik doe mijn werkstuk over Tunnels en Bruggen. Ik weet er nog niet veel van, daarom wil ik er meer over weten. Edwin van Tienen TUNNELS EN BRUGGEN Inhoud. 1. Wat weet ik er al van. 2. Tunnels. 2.1 Boren. 2.2 Tunnels in de bergen. 3. De kanaaltunnel. 3.1 Tunnel onder de zee. 3.2 De TGV. 4. Bruggen. 4.1 Onderzoeken

Nadere informatie