In gesprek met ouders Titel Workshop: Slechtnieuwsgesprekken voeren met ouders 14 maart 2012 Amsterdam Zuidoost
Agenda 13.30 u. Opening - welkom en kennismaking - toelichting op het programma - warming up oefeningen met trainingsacteur Jimmy Jap-Ngie Interactieve inleiding over slechtnieuwsgesprekken - praktijk ervaringen van leerkrachten - een model met 3 fasen - de taak van de leerkracht in elke fase van het gesprek Leervragen van deelnemers - werken in duo s - inventarisatie Leerkracht en ouder in gesprek - elke fase van het slechtniewsgesprek wordt gespeeld met de acteur in de rol van ouder - extra aandacht voor het omgaan met de frustratie van ouders - in elke fase feedback en nabespreking 15.50 u. Evaluatie 16.00 u. Afsluiting 1
Het slechtnieuwsgesprek De pijn is onvermijdelijk Bedoeling: het overbregen van een boodschap die voor een ander onaangenaam is. Aan de boodschap zijn twee voorwaarden verbonden. 1. de verteller moet overtuigd zijn van de juistheid en gegrondheid van het slechte nieuws 2. het betreft een onherroepelijke situatie; de ontvanger kan er niet onderuit Slechtnieuwsgesprekken voeren met ouders Slechtnieuws roept onaangename gevoelens bij ouders op. Voor de school is het brengen ervan danook geen gemakkelijke opgave. Een leerkracht /IB-er kan zich in alle mogelijke bochten wringen om deze taak te ontlopen omdat hij/zij opziet tegen de reacties van ouders. Bij hem/haar treedt er dan vermijdingsgedrag op. Vormen van vermijdingsgedrag: - van uitstel komt afstel. Praten over allerlei niet relevante zaken. Het niet durven zeggen. - hang yourself. Wel aanwijzingen geven, maar het slechte nieuws niet meedelen. De ouder moet het zelf ontdekken. - pil vergulden. Het in werkelijkheid mooier willen maken dan het is. De boodschap fraai verpakken. - rechtvaardigen. Proberen zich in te dekken. Het slechte nieuws met zeer veel motieven omkleden. - je ervan afmaken. Per brief of via een derde vertellen. - inpakken en wegwezen. Na de mededeling snel verdwijnen. Met deze vermijdingsreacties proberen leraren zich te beschermen tegen reacties van ouders aan wie ze slechtnieuws moeten brengen. 2
Mogelijke reacties van ouders: - boos worden. De frustratie uit zich in agressie. - de moed laten zakken. Helemaal stil vallen. - onderhandelen. De ouder gaat tornen aan de boodschap. - ontkennen van de boodschap. Er niet aan willen. - terugvallen op onvolwassen gedrag. De ouder stelt zich hulpeloos en afhankelijk op. - stereotype gedrag vertonen. De ouder herhaalt voortdurend dezelfde zinnen. Model voor een slechtnieuwsgesprek We onderscheiden drie fasen. 1. het brengen van het nieuws / de klap uitdelen 2. opvangen van reacties van de ander/ frustratie reductie 3. afronden/ samen komen tot afspraken Fase 1 klap uitdelen Na een korte inleidende zin deelt de leerkracht het slechte nieuws direct mee. Daarbij houdt hij/zij rekening met de gevoelens van de ouder. De toon van de mededeling is warm en meelevend. De leerkracht geeft hierna een korte motivering. Vermijd lange verklaringen! Fase 2 reacties opvangen In deze fase krijgt de ouder de gelegenheid zich te uiten over het slechte nieuws. De leerkracht helpt de ouder door de verwarrende gevoelens en gedachten heen, die de boodschap met zich meebrengt. Daarbij maakt hij/zij gebruik van de vaardigheden actief luisteren, doorvragen en reflecteren van gevoelens. Een dergelijke manier van ondersteunen vergroot de kans dat de leerkracht zuivere informatie kan geven over de achtergrond van het slechte nieuws. Immers, wanneer de ouder zijn/haar emoties heeft kunnen ontladen, ontstaat er doorgaans ruimte om de boodschap te kunnen ontvangen. 3
Fase 3 afronden met afspraken Ouder en leerkracht bespreken samen wat er nu gaat gebeuren. Deze fase wordt niet altijd in een eerste gesprek bereikt. Soms is het frustratieniveau van de ouder nog te hoog om de overgang te maken naar het doen van verdere stappen. Het is dan raadzaam het gesprek af te sluiten en een tweede of derde gesprek te plannen. Ouders kunnen het beste eerst zelf aan het woord worden gelaten over de vraag hoe verder (welke oplossingen zien zij?) De leerkracht kan daarbij helpen door reflecties, door de gedachten die geventileerd worden helder op een rijtje te zetten, ouders van informatie te voorzien en advies te geven. Soms kunnen ouders een advies aanvallen. Leerkrachten hebben dan de neiging het advies te verdedigen en te verkopen. Dit werkt averechts! Het samen zoeken naar oplossingen is van groot belang. Fase 3 wordt afgerond met afspraken over de vragen wie, wat, hoe en wanneer zal doen. 4
BEÏNVLOEDING Context IK B I N NE N K A N T gevoelens, betekenissen, gewaarwordingen, gedachten, bedoelingen B U I T EN K A N T handelen met woorden en met lichaamstaal B U I T E N K A N T B I N N E N K A N T O V E R K A N T effect bron: menselijke communicatie, Rita Steens, Interactie Academie, derde druk, 1999 5