Prof. mr. Jac. Hijma Prof. mr. CC. van Dam Mr. WAM. van Schendel Mr. W.L Valk tot en met de derde druk Mr. A.R. Bloembergen Rechtshandeling en Overeenkomst Zesde druk \ Kluwer a Woiters Ktuwer business Deventer - 2010
INHOUDSOPGAVE Afkortingen / XXI Initialen vermelde NJ-annotatoren / XXIII Verkort aangehaalde literatuur / XXV 1 ALGEMENE INLEIDING /1 1.1 Introductie /1 1. Terreinverkenning /1 2. Opbouw van dit studieboek /1 1.2 De rechtshandeling / 2 3. Begrip rechtshandeling / 2 4. Rechtshandelingen versus andere handelingen / 3 5. Meerzijdige en eenzijdige rechtshandelingen / 4 6. Wettelijke regeling / 6 7. Rechtshandelingen buiten het vermogensrecht / 6 13 De (obligatoire) overeenkomst / 7 8. Begrip overeenkomst / 7 9. Wettelijke regeling; gelaagde structuur / 8 10. Meerpartijenovereenkomst / 9 11. Bijzondere overeenkomsten /10 12. Verdere onderscheidingen van (obligatoire) overeenkomsten /12 13. Grondbeginselen van contractenrecht /14 14. Contractsvrijheid /14 15. Consensualisme en verbindende kracht /15 16. Partijen en hun hoedanigheid /16 17. Niet-obligatoire overeenkomsten /18 1.4 Afrondende algemene opmerkingen /19 18. Kenbronnen /19 18a. Europese richtlijnen / 20 19. Rechtsvergelijking / 21 20. Internationaal privaatrecht / 22 VII
21. Overgangsrecht / 22 2 TOTSTANDKOMING / 24 2.1 Inleiding / 24 22. Totstandkoming als ontstaansfeit / 24 23. Structuur van de wettelijke regeling / 24 2.2 Het tot stand komen van rechtshandelingen / 25 2.2.J Algemeen / 25 24. De rechtshandeling als wilsverklaring / 25 25. Bescherming van vertrouwen / 26 2.22 De verklaring / 2& 26. Vorm van de verklaring / 26 27. Stilzwijgende wilsverklaringen / 27 28. Toerekening van verklaringen / 28 29. Ontvangsttheorie / 29 30. Het intrekken van een verklaring / 31 2.2.3 De wilsvertrouwensleer / 31 31. Introductie / 31 32. Wilsleer, verklaringsleer en vertrouwensleer / 32 33. Het uiteenlopen van wil en verklaring / 33 34. Oneigenlijke dwaling; begrip / 33 35. Gevallen van oneigenlijke dwaling / 34 36. De geestelijke stoornis / 35 37. Verhouding tot curatele / 36 38. De bewijsvoering in het geval van geestelijke stoornis / 36 39. Wie kan zich op uiteenlopen van wil en verklaring beroepen? / 38 40. Gerechtvaardigd vertrouwen / 40 41. Goede trouw en onderzoeksplicht / 41 42. Vorm van bescherming; bescherming als bevoegdheid / 42 43. Vertrouwensbeschermtng onder oud recht / 43 44. Nuanceringen onder huidig recht / 43 45. De rol van de wilsvertrouwensleer bij uitleg / 44 2.2.4 De rechtshandeling onder tijdsbepaling of voorwaarde / 45 46. Tijdsbepaling en voorwaarde / 45 47. Toelaatbaarheid tijdsbepaling en voorwaarde / 46 48. Geen terugwerkende kracht / 47 22.5 Bescherming van derden; schijnhandeling / 47 49. Bepaling van art. 3:36 / 47 VIII
50. Toepassingen / 50 51. De schijnhandeling / 51 2.3 Het tot stand komen van overeenkomsten / 51 2.3.1 Algemeen / 51 52. Regeling in art. 6:217-225 / 51 53. Plaatsing in Boek 6 / 52 54. Aanvullend recht / 52 55. Invloed van eenvormig kooprecht / 53 2.3.2 Het aanbod/ 53 56. Het aanbod-aanvaardingmodel / 53 57. Wat is een aanbod? / 54 58. Het openbare aanbod / 55 59. De uitnodiging om in onderhandeling te treden / 55 60. De inhoud van het aanbod / 56 61. Aantastbaarheid van het aanbod / 56 62. De herroepelijkheid van het aanbod / 57 63. Andere stelsels / 57 64. Wanneer is een aanbod onherroepelijk? / 58 65. De optie / 59 66. Onderscheid tussen herroeping en intrekking / 59 67. Afwijking van wettelijk stelsel; het vrijblijvend aanbod / 59 68. De uitloving / 60 69. Verval van het aanbod door tijdsverloop / 61 70. Verval van het aanbod door verwerping / 62 71. Dood, handelingsonbekwaamheid, bewind en faillissement / 62 2.3.3 De aanvaarding van het aanbod / 63 72. De aanvaarding / 63 73. Aanvaarding in geval van rechtshandelingen om niet / 64 74. Werking van de te late aanvaarding / 65 75. De van het aanbod afwijkende 'aanvaarding' / 65 76. Battleofforms/66 2.3.4 De precontractuele fase / 68 77. Inleidende opmerkingen / 68 78. Toepasselijke normen; voorovereenkomst / 68 79. Rompovereenkomst / 69 80. De Plas/Valburg-doctrine / 70 80a. Heroverweging / 73 2.3.5 Contracteren met bijzondere communicatiemethoden / 74 80b. Elektronisch contracteren / 74 IX
80c. Contracteren op afstand / 76 3 VERTEGENWOORDIGING EN VOLMACHT / 78 3.1 Vertegenwoordiging / 78 81. Inleiding / 78 82. Afbakening / 79 83. Verdere afbakening / 81 84. Theorie / 82 85. Wettelijke regeling / 83 86. Schakelbepalingen / 83 87. Vertegenwoordiging in het privaatrecht / 84 88. Functie / 87 89. Vertegenwoordiging in het bestuursrecht / 87 89a. Internationale aspecten / 89 3.2 Volmacht / 89 3.2.1 Volmacht in het algemeen / 89 90. Begrip / 89 91. In naam van / 90 92. Volmacht en lastgeving / 92 93. Maatschappelijke betekenis / 93 3.2.2 Volmachtverlening / 94 94. Volmachtverlening als rechtshandeling / 94 95. Verklaring aan wie? / 96 96. De persoon van de gevolmachtigde (art. 3:63-65) / 97 97. Vorm / 97 98. Omvang van de volmacht / 98 99. Aan functie verbonden volmacht / 99 3.2.3 De positie van de wederpartij /101 100. Inleiding /101 101. Hoofdzaken /102 102. Vertrouwen /102 103. Toedoen /104 104. Risico /106 105. Intermezzo: vervalste handtekening /109 106. Bewijs volmacht /111 107. Openbaarmaking /112 3.2.4 Bekrachtiging/113 108. Aard /113 109. De positie van de wederpartij /114
3.2.5 Rechtsgevolgen volmacht/ 115 110. Rechtsgevolgen /115 111. Verhouding volmachtgever-gevolmachtigde /116 112. Toerekening innerlijke feiten /117 113. Art. 3:67 en 68 /118 3.2.6 Aansprakelijkheid in geval van onbevoegdheid /118 114. Instaan /118 115. Gevolgen instaan /120 115a. Onrechtmatige daad /121 3.2.7 Einde volmacht; onherroepelijkheid / 122 116. Einde volmacht /122 117. Onherroepelijke volmacht /123 118. Art. 3:74 /124 33 Middellijke vertegenwoordiging /125 119. Inleiding /125 120. Bedekte vertegenwoordiging /127 121. Wettelijke regeling /128 122. Schadevergoeding /129 123. Overgang van rechten /130 124. Last tot uitoefening van rechten /131 125. Privatieve last /133 4 GRONDEN VAN NIETIGHEID EN VERNIETIGBAARHEID / 135 4.1 Inleiding /135 126. Overzicht /135 127. Nietigheid en vernietigbaarheid /136 4.2 Handelingsonbekwaamheid en handelingsonbevoegdheid /137 4.2.1 Handelingsonbekwaamheid /137 128. Wie zijn handelingsonbekwaam? /137 129. De gevolgen van handelingsonbekwaamheid /138 130. Minderjarigen; algemeen /140 131. Toestemming van de wettelijke vertegenwoordiger /141 132. Veronderstelde toestemming: maatschappelijk gebruik /141 133. Onder curatele gestelden /143 134. Geen bescherming van derden te goeder trouw /144 135. Meerzijdige en eenzijdige, gerichte en ongerichte rechtshandelingen /145 XI
4.22 Handelingsonbevoegdheid /146 136. Begrip handelingsonbevoegdheid /146 137. Goederen waarover een geding aanhangig is /147 138. Andere categorieën /149 43 Vormvoorschriften /149 139. Formalisme en consensualisme /149 140. Wettelijke en contractuele vormvoorschriften /151 141. De wet /151 142. De voorgeschreven vorm /152 143. Eerste uitzondering op de nietigheidssanctie: vernietigbaarheid /154 144. Tweede uitzondering op de nietigheidssanctie: geldigheid /156 145. De voorovereenkomst (art. 6:226) /156 4.4 Strijd met wet, openbare orde of goede zeden /157 146. Het beginsel van de contractsvrijheid /157 147. Overzicht; bepaalbaarheid /159 4.4.1 Strijd met de wet / 161 148. Inleiding /161 149. Wet in formele zin /162 150. Dwingend recht /162 151. Het verrichten van de rechtshandeling /163 152. De rechtsgevolgen (lid 2) /164 153. De wetsbepaling strekt niet tot aantasting van de rechtshandeling (lid 3) /165 4.42 Strijd met de goede zeden of de openbare orde / 167 154. Goede zeden; algemeen /167 155. De inhoud van de rechtshandeling is (via de wet) in strijd met de goede zeden of de openbare orde /168 156. De strekking van de rechtshandeling is (via de wet) in strijd met de goede zeden of de openbare orde /170 157. De rechtshandeling is rechtstreeks in strijd met de goede zeden /172 158. De rechtshandeling is rechtstreeks in strijd met de openbare orde /173 4.5 Wilsgebreken /174 159. Algemeen /174 4.5.1 Dwaling/175 160. Inleiding /175 161. Eigenlijke en oneigenlijke dwaling /176 XII
162. Dwalingsregeling niet alleen van toepassing op overeenkomsten /176 163. De grondslag van de dwaling /178 164. De structuur van art. 6:228 /178 165. Een mededeling van de wederpartij (lid 1 sub a) /179 166. Het zwijgen van de wederpartij (lid 1 sub b) /181 167. Wederzijdse dwaling (lid 1 sub c) /183 168. De onderzoeksplicht van de dwalende /183 169. De verhouding tussen mededelings- en onderzoeksplicht /184 170. De verhouding tussen deskundige en ondeskundige partijen (de hoedanigheid van partijen) /186 171. Causaal verband tussen dwaling en overeenkomst /188 172. Kenbaarheid voor de wederpartij /189 173. Toekomstige omstandigheden /190 174. Aard van de overeenkomst /191 175. Verkeersopvattingen en omstandigheden van het geval /193 176. Verwante leerstukken /193 177. Contractuele uitsluiting van een beroep op dwaling /194 4.52 Bedrog/195 178. Samenhang en onderscheid tussen dwaling en bedrog /195 179. De kunstgrepen /196 180. Heeft de bedrogene een onderzoeksplicht? /197 181. Causaliteit en naïviteit /198 4.5.3 Bedreiging/199 182. Bedreiging met een ongeoorloofd middel /199 183. Bedreiging met een geoorloofd middel /199 184. Causaliteit en vreesachtigheid / 201 4.5.4 Misbruik van omstandigheden / 201 185. Algemeen / 201 186. Nadeel: factor of voorwaarde? / 202 187. Dwangposities en noodsituaties / 203 188. Geestelijke en psychische conditie / 204 189. De verhouding tussen bedreiging en misbruik van omstandigheden / 205 4.5.5 Wilsgebreken veroorzaakt door een derde / 205 190. Algemeen / 205 4.5.6 Voortbouwende overeenkomst / 206 191. Algemeen / 206 XIII
4.6 Benadeling van schuldeisers / 207 192. Algemeen / 207 193. Onverplichte rechtshandelingen / 208 194. Benadeling in de mogelijkheid tot geldelijk verhaal / 209 195. Wetenschap van benadeling / 210 196. De positie van derden (art. 3:45 lid 5 en 3:48) / 211 5 GEVOLGEN VAN NIETIGHEID EN VERNIETIGBAARHEID / 212 197. Overzicht / 212 5.1 Voorkoming of beperking van nietigheid / 213 5.1.1 De nietige rechtshandeling / 213 198. Nietigheid en ongeldigheid / 213 199. Wat is nietigheid? / 213 5.1.2 Partiële nietigheid / 214 200. Er bestaat geen onverbrekelijk verband / 214 201. Er bestaat wel een onverbrekelijk verband / 215 5.1.3 Conversie / 216 202. Algemeen / 216 203. Strekking van de rechtshandeling / 218 204. Conversie niet onredelijk jegens een belanghebbende / 219 5.1.4 Bekrachtiging of convalescentie / 220 205. Algemeen / 220 206. Terugwerkende kracht / 221 207. Voorwaarden / 222 5.1.5 Relatieve nietigheid / 222 208. Algemeen / 222 5.1.6 Toestemming van een derde / 223 209. Algemeen / 223 5.2 Vernietigbaarheid / 224 5.2.1 De vernietigbare rechtshandeling / 224 210. Algemeen / 224 5.22 De gevolgen van de vernietiging / 225 211. Terugwerkende kracht / 225 212. Ongedaanmaking is mogelijk maar bezwaarlijk / 226 XIV
5.2.3 Wijzigingsbevoegdheden / 226 213. Algemeen / 226 214. Wijzigingsvoorstel van de wederpartij / 228 215. Wijziging door de rechter / 229 5.2.4 Bevestiging en termijnstelling / 230 216. De bevestiging (lid 1) / 230 217. Het rechtskarakter van de bevestiging / 231 218. De termijnstelling / 232 5.3 De vernietiging / 233 5.3.1 Wijzen van vernietigen / 233 219. Algemeen / 233 220. Uitzondering: registergoederen / 233 221. Buitengerechtelijke vernietiging: de vorm / 234 222. Buitengerechtelijke verklaring: door wie en aan wie? / 234 223. Vernietiging door de rechter / 236 224. Beroep op vernietigbaarheid bij wijze van verweer / 236 5.32 Verjaring /'237 225. Algemeen / 237 5.4 Schakelbepaling / 239 226. Algemeen / 239 6 ALGEMENE VOORWAARDEN / 242 6.1 Inleiding / 242 227. Probleemverkenning / 242 228. Controle via algemene leerstukken / 243 229. Afdeling 6.5.3 en haar doelstellingen / 244 230. Toepassingsterrein / 245 231. Dwingend recht / 245 232. Europese ontwikkelingen / 245 6.2 Begripsomschrijvingen / 247 233. Begrip algemene voorwaarden / 247 234. Bestemmingscriterium / 247 235. Uitzondering voor kernbedingen / 248 235a. Vervolg; achtergrond uitzondering / 250 236. Gebruiker en wederpartij; modelakten ƒ 251 XV
6.3 Totstandkoming en uitleg / 252 237. Aanbod en aanvaarding; algemeen / 252 238. Aanvaarding voorwaarden als complex / 254 239. Uitleg algemene voorwaarden / 254 6.4 Vernietigingsgronden / 256 6.4.1 Algemeen / 256 240. Twee vernietigingsgronden / 256 6.4.2 Onredelijk bezwarend / 256 241. Onredelijk bezwarende bedingen / 256 242. Relatie met redelijkheid en billijkheid / 257 243. Consumentenbescherming / 259 244. De zwarte lijst / 260 245. De grijze lijst / 261 246. Reflexwerking / 263 247. Geen a contrario-effect / 263 247a. De Europese lijst / 264 248. Relatie met consumentenkoop / 265 6.4.3 Schending 'informatieplicht' / 266 249. Redelijke mogelijkheid tot kennisneming / 266 250. Terhandstelling / 267 250a. Terhandstelling niet mogelijk / 267 251. Elektronische terbeschikkingstelling / 269 252. Alternatieve wegen / 270 252a. Onheldere voorwaarden / 271 6.4.4 Beroep op vernietigingsgrond(en) / 272 253. Uitgezonderde wederpartijen / 272 254. Beroep door gebruiker zelf / 274 255. De vernietiging / 274 256. Gevolgen der vernietiging / 275 256a. Een Europese complicatie / 276 6.5 Abstracte toetsing / 278 257. Abstracte toetsing / 278 258. Achtergronden / 280 6.6 Standaardregelingen / 281 259. De standaardregeling / 281 XVI
7 RECHTSGEVOLGEN VAN DE OVEREENKOMST TEN AANZIEN VAN PARTIJEN / 283 7.1 Inleiding / 283 260. Plaatsbepaling / 283 7.2 De overeengekomen rechtsgevolgen / 284 261. Inleidende opmerkingen / 284 262. De noodzaak van uitleg / 284 263. Reconstructie van partijwil? / 285 264. Historische ontwikkeling / 285 265. Uitleg aan de hand van de wilsvertrouwensleer / 286 266. Bewoordingen overeenkomst niet beslissend / 286 267. Relevante omstandigheden / 287 267a. Uitleg en de gevolgen van de overeenkomst voor derden / 289 268. Geen uitlegregels van algemene aard / 292 269. Bijzondere uitlegregels / 292 73 De overige rechtsgevolgen / 293 270. Introductie / 293 271. Wet / 294 272. Gewoonterecht / 295 273. Het bestendig gebruikelijk beding / 296 274. Redelijkheid en billijkheid / 296 275. Rol van de aard van de overeenkomst / 296 276. Rangorde in de bronnen? / 297 7.4 Redelijkheid en billijkheid / 298 7.4.1 Algemeen/ 298 277. Inleidende opmerkingen / 298 278. Aanvullende en beperkende werking / 299 279. Beperkende werking in het geval van dwingend recht / 302 280. De dubbelrol van de beperkende werking / 303 281. Toepassingsgebied / 304 7.42 Enkele toepassingen / 305 282. Algemene opmerkingen / 305 283. Bijkomende rechten en verplichtingen / 305 284. Inhoudstoetsing / 306 284a. Toetsing van exoneratiebedingen / 307 285. Rechtsverwerking / 309 XVII
7.5 Onvoorziene omstandigheden ca. / 312 7.5.1 Onvoorziene omstandigheden / 312 286. Inleidende opmerkingen / 312 287. Historische achtergrond / 312 288. Onvoorziene omstandigheden / 313 289. Naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid / 315 290. De bepaling van het tweede lid / 316 291. Constitutief karakter rechterlijke beslissing / 316 292. Modaliteiten / 317 293. Bepalingen met het oog op derden / 318 294. Dwingend karakter / 319 295. Nadere plaatsbepaling; samenloop / 319 7.5.2 Opzegging van duurovereenkomsten / 320 296. Inleidende opmerkingen / 320 297. Opzeggingsbevoegdheid / 321 298. Opzegtermijn; schadevergoeding / 322 8 RECHTSGEVOLGEN VAN DE OVEREENKOMST TEN AANZIEN VAN DERDEN / 324 8.1 Inleiding / 324 299. Het beginsel van de relativiteit van de overeenkomst / 324 300. Nuanceringen en uitzonderingen / 326 301. Verkrijging onder algemene titel / 328 302. In de wet geregelde gevallen van derdenwerking / 329 303. Plan van behandeling / 330 8.2 Derdenwerking buiten de in de wet geregelde gevallen / 330 304. Principe / 330 305. Derdenwerking van exoneratiebedingen / 330 305a. Samenhangende overeenkomsten / 332 83 Het derdenbeding / 333 306. Aard en werking van het derdenbeding / 333 307. Aanvaarding door de derde / 334 308. Herroeping; aanwijzing van ander dan de derde / 336 309. Positie van de derde na aanvaarding / 337 8.4 Kwalitatieve rechten / 338 310. Overgang van kwalitatieve rechten / 338 311. De verplichting tot het verrichten van de tegenprestatie / 339 312. Uitzonderingen / 340 XVIII
8.5 Kwalitatieve verplichtingen ca. / 340 313. Inleidende opmerkingen / 340 314. Beperkingen; ontstaansvereisten / 341 315. Werking tegen derden; faillissement / 342 316. Het kettingbeding / 343 317. Wijziging of ontbinding door de rechter / 344 8.6 Blokkering van de paardensprong / 345 318. De paardensprong / 345 319. Vorm bescherming van ondergeschikte; ondergeschiktheid / 346 Trefwoordenregister / 349 Jurisprudentieregister / 355 Wetsartikelenregister / 363 XIX