VAARDIGHEIDSTRAINING: INZICHTEN UIT DE SPORTWETENSCHAPPEN MARJAN KOK
DOELEN WORKSHOP Na deze workshop kunt u: uitleggen welke aanbevelingen er vanuit de sportwetenschappen zijn als het gaat om het: geven van visuele voorbeelden (demonstraties); geven van feedback; formuleren van instructie en feedback; aanbrengen van afwisseling en variatie in vaardigheidslessen. toelichten of/hoe deze aanbevelingen toe te passen passen zijn in uw eigen vaardigheidsonderwijs. 3
OBSERVATIONEEL LEREN ROL VAN VISUELE VOORBEELDEN 6 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
KIJKEN NAAR BEWEGEN Bij het observeren van bewegen worden invariante bewegingskenmerken waargenomen (Scully & Newell): Waarnemen van relatieve beweging postitie ledematen t.o.v. zichzelf, elkaar en omgeving 7
EFFECTIVITEIT VAN EEN VISUEEL VOORBEELD (MODELLERING) Vooral effectief in het begin van het leerproces (Magill en Schoenfelder-Zodhi, 1996) Ashford et al. (2006): meta-analyse > Modellering beïnvloedt zowel bewegingsvorm als bewegingsresultaat positief > Effect op bewegingsvorm groter (bij volwassenen!) > Modellering vooral effectief bij seriële vaardigheden Visueel voorbeeld bevat veel informatie: > Taak van de expert: aandacht van beweger richten op relevante informatie (Hodges & Ste Marie, 2013). 8 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
WIE DOET VOOR? Soort model mastery-model coping-model (learningmodel) Afhankelijk van beoogde opbrengst (Ste-Marie e.a., 2012): Motorisch leerproces? Eigen effectiviteitverwachting? 9 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
AANBEVELINGEN GEBRUIK VISUELE VOORBEELDEN Maak gebruik van een visueel voorbeeld, vooral: aan het begin van het leerproces; als de vaardigheid uit verschillende deelbewegingen bestaat. Richt de aandacht van de student: benadruk de gewenste uitkomst van de vaardigheid;: benadruk vooral later in het leerproces- aandachtspunten waar de student goed op moet letten (less is more). Laat de studenten -indien nodig- meerdere keren naar de demonstratie kijken. Laat studenten ook naar elkaar kijken (effectief voor leren en voor eigen effectiviteitsverwachting). 10
BELANG VAN FEEDBACK 11 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
MOTORISCH LEREN: BELANG VAN FEEDBACK Om beter te worden in bewegen, is er kennis/informatie nodig over: het doel is van de beweging in hoeverre dit doel is bereikt. Zo bepalen hoe de beweging aangepast moet worden. (vrij naar Swinnen, 1996)
VORMEN VAN FEEDBACK (1) Bron van feedback: intrinsieke vs. extrinsieke feedback Inhoud van extrinsieke feedback: knowledge of results (KR) vs. knowledge of performance (KP) 13
KNOWLEDGE OF RESULTS Aanvulling op intrinsieke feedback Kan overtollig ( redundant ) zijn. 14 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
KNOWLEDGE OF PERFORMANCE Effectiviteit van KP vraagt dat: De docent de juiste (prestatiebeïnvloedende) parameter(s)/aandachtspunt(en) kiest; De student de aandacht kan richten op het aandachtspunt; De student het aandachtspunt kan vertalen naar het uitvoeren van een bewegingspatroon; De student uiteindelijk ook zonder feedback kan presteren (gevaar voor feedbackafhankelijkheid, guidance hypotheses ). 15 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
AANBEVELINGEN FEEDBACK Leer studenten hun eigen vaardigheid evalueren: Geef informatie over: het gewenste resultaat van de beweging; hoe studenten zelfstandig kunnen controleren of het resultaat behaald is. Geef vooral aan het begin van het leerproces feedback Bouw daarna de feedback af, zodat studenten in staat zijn om zelfstandig te oefenen.. 16 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
OEFENING BAART KUNST
FORMULEREN INSTRUCTIE EN FEEDBACK 19 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
INSTRUCTIES voorbeeld 1: Visualiseer een lijntje waar je overheen gooit. Probeer bij het vangen en gooien de bal te begeleiden. voorbeeld 2 en 4: Doe alsof je cirkeltjes maakt met je handen. De bal gaat omhoog in de binnenbocht. voorbeeld 3: Werp de bal zo dat ie naar je toe komt. Laat de bal rollen richting je vingers. 21 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
ZO MOET HET NIET.. Schmidt & Wrisberg (2008)
ANALOGIE LEREN Gebruik maken van beeldspraak: Krachtige bewegingsregel Vat meerdere aandachtspunten samen Spreekt tot de verbeelding (doe alsof..)
ANALOGIE LEREN VOORBEELDEN tafeltennis backhand tafeltennis topspin tafeltennis verdedigen volleybalsmash zwemmen: ligging in het water aannemen bal in hockey grip in het hockey drijven in het hockey sprinttraining Doe alsof je.. een frisbee werpt; Iemand over zijn bol aait; met een mes hakt; met pijl en boog schiet; een high-five maakt (strakke hand); Een plank bent; een dakje maakt voor de bal; een kniebuiging maakt voor de koning; een pannenkoekenpan vasthoudt; op je horloge kijkt; onder een laag plafond loopt In een plas stampt en zoveel mogelijk water moet laten opspatten; je met een touwtje omhoog getrokken wordt.
ANALOGIE LEREN HEEFT KENMERKEN VAN ONBEWUST LEREN (LIAO & MASTERS, 2001) Voordelen bewust en onbewust leren: Onbewust leren Geleerde is beter bestand tegen stress (Masters, 1992) Geleerde is beter bestand tegen vermoeidheid (Poolton et al., 2007; Masters et al., 2008) Aandacht over voor andere aspecten Bewust leren Sneller oefenresultaat? 25
INTERNE EN EXTERNE FOCUS VAN AANDACHT Interne focus: focus van de beweger is gericht op de bewegingsuitvoering (lichaam) Externe focus: Focus van de beweger is gericht op het bewegingsresultaat (effect van de beweging op de omgeving) 26 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
EERSTE STUDIES EXTERNE FOCUS VAN AANDACHT (1) (WULF E.A. 1998) Ski-simulator: > Interne focus: aandacht op voeten > Externe focus: aandacht op wielen platform > Controle-groep: geen focusinstructies
EERSTE STUDIES EXTERNE FOCUS VAN AANDACHT (2) (WULF E.A. 1998)
EFFICIËNTE BEWEGINGSSTURING BIJ EXTERNE FOCUS Zachry e.a.(2005) Nemen van een vrije worp Interne focus: aandacht op polsbeweging Externe focus: aandacht op basket
EFFECTIVITEIT EXTERNE FOCUS VAN AANDACHT Brede evidentie: > Balanstaken > Miktaken > Springen > Lijkt vooral effectvol bij complexe taken (Marchant, e.a. 2011) > weinig afhankelijk van individuele voorkeur (Wulf e.a., 2001) > effectief voor beginners en gevorderden
AANBEVELINGEN INSTRUCTIE EN FEEDBACK Doseer het aantal aandachtspunten (less is more) Maximaal twee aandachtspunten Vertaal aandachtspunten naar: een krachtige beeldspraak. een formulering waarin het effect van de beweging op de omgeving wordt benadrukt (externe focus van aandacht). 31
ROL VAN VARIATIE EN AFWISSELING 32 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
VARIABEL VERSUS CONSTANT OEFENEN (KRACHT, RICHTING, SNELHEID, BEWEGINGSUITSLAG ETC.) Shapiro en Schmidt (1982); > Kinderen versus volwassenen > Open versus gesloten vaardigheden Metastudie Van Rossum (1990) > 47 studies, 27 eigenlijk geen leerstudies > Overige 22 leveren in feite geen hard bewijs In zijn algemeenheid geldt dat de variabel-oefenen-hypothese niet bewezen is. 33
DIFFERENTIEEL LEREN ALS TRAININGSMETHODE Voorbeelden kogelstoten cricket hockey
NRC-handelsblad 5/6 februari 2010
EVIDENTIE DIFFERENTIEEL LEREN > Positieve of gelijke resultaten t.o.v. traditioneel leren > http://www.sport.uni-mainz.de/401.php > Weinig studies opgenomen in gevestigde tijdschriften, kritiek!
RANDOM VS BLOCKED PRACTICE (1) Twee manieren om verschillende vaardigheden (met verschillende invariante bewegingskenmerken) te organiseren in een training/les. blocked practice: random practice: AAAAAAAAAA BBBBBBBBBB CCCCCCCCC BCACABCBBA ABCBAACBCB CAABCACBAC 37 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
BLOCKED EN RANDOM PRACTICE (2) Effecten van blocked- en random oefenschema s voor het leren van drie badminton services op prestatie tijdens acquisitie, rententie en transfer (Goode & Magill, 1986). Mate van afwisseling laten afhangen van hoeveelheid ervaring 38 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
AANBEVELINGEN AFWISSELING/VARIATIE Laat de studenten oefenen met variaties die ze in de beroepspraktijk kunnen tegen komen. Wissel het oefenen van verschillende vaardigheden af aan het einde van een module/leereenheid. 39 Titel in voettekst, aanpassen via Voettekst aanpassen, tab VU
VERTALEN NAAR HGZO In groepen: Kies een doelgroep (klas) en een vaardigheid die deze groep moet leren. Hoe zouden de aanbevelingen toegepast kunnen worden in de les (docent- en studentactiviteiten?) Welke aanbevelingen vinden jullie waardevol? 40
DOELEN WORKSHOP Na deze workshop kunt u: uitleggen welke aanbevelingen er vanuit de sportwetenschappen zijn als het gaat om het: geven van visuele voorbeelden (demonstraties); geven van feedback; formuleren van instructie en feedback; aanbrengen van afwisseling en variatie in vaardigheidslessen. toelichten of/hoe deze aanbevelingen toe te passen passen zijn in uw eigen vaardigheidsonderwijs. 41