INFORMATIEGIDS WERKPLEKLEREN Propedeuse en Hoofdfase Pabo 1,2 en 3 Informatie over stage lopen binnen jouw opleiding OPLEIDING LERAAR BASISONDERWIJS ACADEMIE VAN EDUCATIE & PEDAGOGIEK
INLEIDING Voor je ligt de Informatiegids werkplekleren 2017-2018 van de opleiding Leraar Basisonderwijs van HZ-University of Applied Sciences. WAT IS WERKPLEKLEREN? Als aanstaande leraar basisonderwijs draag je vanaf dag één bij aan de ontwikkeling van kinderen, doordat je al direct gaat leren op de leerwerkplek, ook wel je stageschool genoemd. We leiden je op tot leerkracht en de leerwerkplek, de basisschool is daar erg belangrijk in. Naast het onderwijs dat je op de opleiding ontvangt, is juist de leerwerkplek een bron van inspiratie. Als leerkracht ben je verantwoordelijk voor de toekomst van de maatschappij en daarmee een belangrijk onderdeel van het leven van jonge mensen. Je helpt kinderen in hun ontwikkeling en geeft ze zelfvertrouwen. Het beroep houdt niet op bij het bijbrengen van wettelijke leerstof. Wat kinderen met jou in de klas leren, vormt de basis voor de rest van hun leven. We leiden je samen met ons werkveld op. WAT VIND JE IN DEZE GIDS? Als je leert op de werkplek, heb je vaak veel vragen. Deze gids hebben we als opleiding samengesteld voor jou als student. Tevens is deze gids een naslagwerk voor de leerkrachten in het basisonderwijs die jou als student voor een deel zullen begeleiden in jouw ontwikkeling als leerkracht. Je vindt hier informatie over het werkplekleren tijdens opleiding in terug: de visie van de opleiding op werkplekleren, de ontwikkelingsfasen die jij doorloopt (betrokkenheidsfasen), begeleiding, beoordeling, activiteiten behorend bij werkplekleren en een overzicht van belangrijke documenten voor werkplekleren. WE WENSEN JE VEEL SUCCES & PLEZIER DIT STUDIEJAAR! Vriendelijke groet, namens het opleidingsteam, Kelly Beekman, Opleidingscoördinator Leraar Basisonderwijs
INHOUDSOPGAVE 1. VISIE OP SAMEN OPLEIDEN... 1 1.1 SAMEN OPLEIDEN... 1 1.2 DE WERKPLEKLEEROMGEVING... 1 1.3 DE PLAATS VAN DE BASISSCHOOL IN SAMEN OPLEIDEN... 1 2 BEGELEIDING OP DE LEERWERKPLEK... 3 2.1 FASEN VAN ONTWIKKELING... 3 2.2 BEGELEIDERS EN HUN TAKEN... 4 2.2.1 Groepsmentor... 4 2.2.2 Opleidingsmentor... 4 2.2.3 Leerwerkplekbegeleider... 5 3 BEOORDELING VAN WERKPLEKLEREN... 6 3.1 TOETSEN PABO 1 SEMESTER 1... 6 3.1.1 Toelichting op toetsen pabo 1 semester 1... 6 3.2 TOETSEN PABO 2 SEMESTER 1... 8 3.2.1 Toelichting op toetsen pabo 2 semester 2... 8 3.3. TOETSEN PABO 3 SEMESTER 1... 9 3.2.1 Toelichting op de leerwerkplek... 9 3.3.2 CU21956 Werkplekassessment... 10 4 ACTIVITEITEN WERKPLEKLEREN... 11 4.1 LEERWERKPLEKOPDRACHTEN... 11 4.2 COLLEGIALE CONSULTATIE... 11 4.3 PROFESSIONELE LEERGEMEENSCHAPPEN... 11 4.4 INTERVISIEMOMENTEN... 11 4.5 CARROUSEL... 11 5 BELANGRIJKE DOCUMENTEN EN FORMULIEREN VOOR WERKPLEKLEREN... 13 5.1 DOCUMENTEN... 13 5.1.1 Studentenhandleidingen van de thema s... 13 5.1.2 Toetsprogramma s... 13 5.2 FORMULIEREN... 13 5.2.1 Lesvoorbereidingsformulier... 13 5.2.2 Beoordelingsformulieren... 13
1. VISIE op samen opleiden 1.1 SAMEN OPLEIDEN De opleiding Leraar Basisonderwijs en het primair onderwijs in de regio van de opleiding bieden samen een betekenisvolle werkplekleeromgeving waarin jij als aanstaande leraar aangesproken wordt op je nieuwsgierigheid, onderzoekende houding en intrinsieke motivatie. Een betekenisvolle werkplekleeromgeving kenmerkt zich door afstemming tussen theorie en praktijk. Steeds weer reflecteren op jouw handelen als leerkracht vormt een vanzelfsprekende en zinvolle verbinding tussen de theorie en de praktijk. Een betekenisvolle leerwerkplek daagt jou als aanstaande leraar uit om je leerwensen te formuleren en kansen voor leren aan te grijpen. Een betekenisvolle leerwerkplek biedt de aanstaande leraar de gelegenheid om zijn potentieel optimaal te ontwikkelen. De groepsmentor (zie hoofdstuk 3.1) vormt hierin de belangrijkste schakel. Deze groepsmentor geeft ruimte aan jou als aanstaande leraar om je leerwensen om te zetten in doelen en daadwerkelijke mogelijkheden te om te oefenen, onderwijs te ontwerpen en te onderzoeken. 1.2 DE WERKPLEKLEEROMGEVING Het is van belang om een goede leeromgeving als leerwerkplek te hebben. Als opleiding verstaan we onder een werkplekleeromgeving: Een door basisschool en lerarenopleiding ingerichte leer- en werkomgeving waarbinnen aanstaande leraren in een competentiegericht leerwerktraject de voor het beroep benodigde bekwaamheden kunnen verwerven in een wisselwerking tussen leren en werken (Geldens, 2007). De leerwerkplek is het gebied waar de opleiding Leraar Basisonderwijs en het primair onderwijs elkaar raken in het opleiden van jou als aanstaande leraar. 1.3 DE PLAATS VAN DE BASISSCHOOL IN SAMEN OPLEIDEN Onderzoek naar het opleiden van de aanstaande leraar op de leerwerkplek schetst een ontwikkeling in drie scenario s voor de basisschool. De autonome school (1) 1
De basisschool is leverancier van de leerwerplekken. De basisschool is de werkplek waar je als aanstaande leraar praktijkervaring opdoet met leren onderwijzen. Alle andere opleidingsactiviteiten liggen bij de opleiding Leraar Basisonderwijs. Op de basisschool gebeurt de begeleiding van jou als aanstaande leraar door een groepsmentor (zie hoofdstuk 3.1) en tijdens stagebezoeken door de pabodocent van de opleiding. De opleiding geeft een stageplan met stageopdrachten, zodat groepsmentoren zich kunnen informeren over de doelen, inhoud en organisatie van de stage. Opleiden in de school (2) De basisschool is als partner van de opleiding Leraar Basisonderwijs mede-opleider van jou als aanstaande leraar. Dit scenario is gebaseerd op een gedeelde visie op leren, onderwijzen en begeleiding. De basisschool of het bestuur beschikt over opgeleide en gefaciliteerde opleidingsmentoren (zie hoofdstuk 3.2). Deze opleidingsmentoren hebben naast mentoringstaken van jou als aanstaande leraar, ook de taak om onder andere groepsmentoren te begeleiden. De opleidingsmentor doet dit in samenwerking met de pabodocent van de opleiding. Scholen voor de toekomst (3) De basisschool, de opleiding Leraar Basisonderwijs en jij als aanstaande leraar zijn partners in leren. Scenario 2 is hier van toepassing. Bovendien coördineert de opleidingsmentor professionele leergemeenschappen (PLG s). In deze professionele leergemeenschappen leren zowel aanstaande leraren, als zittende leraren in de basisschool en docenten vanuit de opleiding Leraar Basisonderwijs. In deze professionele leergemeenschappen worden vormen van (actie)onderzoek uitgevoerd, ten bate van alle partijen. De samenwerkende partijen omschrijven een professionele leergemeenschap als volgt: Een leerwerkgemeenschap bestaat uit een groep mensen, die een belang of hartstocht delen dat voortkomt en die vanuit optimalisatievraagstukken of ontwikkelingsdoelen gezamenlijke (onderzoeks-) activiteiten ondernemen om dat wat zij doen te verbeteren of te veranderen. Op dit moment is scenario 2 overwegend van toepassing binnen de samenwerkingen tussen de opleiding Leraar Basisonderwijs en de schoolbesturen. Schoolbesturen die zijn vertegenwoordigd in het project Scholen voor de toekomst ontwikkelen samen met de opleiding verder richting scenario 3. 2
2 Begeleiding op de leerwerkplek In hoofdstuk 1 heb je kunnen lezen dat je op de leerwerkplek door verschillende personen begeleid wordt in jouw ontwikkeling. In dit hoofdstuk wordt beschreven op welke wijze jouw ontwikkeling in hoofdlijnen zal verlopen en in welke fasen wij als opleiding die ontwikkeling opdelen. Tevens wordt beschreven met welke begeleiders je te maken krijgt en wat hun taken zijn. 2.1 FASEN VAN ONTWIKKELING In het vorige hoofdstuk is aangegeven dat we uitgaan van jouw ontwikkeling, leerwensen en jouw leerdoelen. Door jouw eigen leerwensen en leerdoelen, ontwikkel jij jezelf het best tot leerkracht. Die ontwikkeling is echter niet zomaar willekeurig. Als opleiding hanteren we hiervoor een aantal ontwikkelingsfasen, die wij betrokkenheidsfasen noemen. Deze betrokkenheidsfasen zijn gebaseerd op het competentieprofiel van de opleiding, die je kunt vinden in de opleidingspecifieke uitvoeringsregeling van het Examenreglement (HZ OER 2017). De competenties uit dit profiel worden door jou als aanstaande leerkracht van binnenuit ontwikkeld. In jouw voortdurende ontwikkeling gaan we uit van jouw persoonlijke kwaliteiten die je inzet met grote betrokkenheid, vakmanschap en door samen te werken. In deze ontwikkeling gaan jouw competentieontwikkeling en professie hand in hand. Je reflecteert steeds weer op jouw eigen handelen op de leerwerkplek, in relatie tot theorie vanuit de opleiding. De betrokkenheidsfasen verlangen van jou als aanstaande leerkracht, dat naar mate je studie vordert, je in je handelen een toenemende mate van complexiteit, verantwoordelijkheid en transfer laat zien. Door met deze betrokkenheidsfases te werken en steeds de relatie met de praktijk te leggen en het onderwijs binnen de muren van de opleiding, wordt jouw ontwikkeling betekenisvol. Jaar Semester Naam fase Accent Pabo 1 1 Zelfbetrokkenheid Het accent ligt op zelfbetrokkenheid en is gericht op een eerste oordeel over de geschiktheid van de student voor het leraarschap d.m.v. een zelfbeoordeling en een beoordeling van de opleiding. 2 Het accent ligt op de taakbetrokkenheid en is gericht op een definitief oordeel over de geschiktheid van de student voor het leraarschap. Pabo 2 3 4 Taakbetrokkenheid Het accent ligt op de taakbetrokkenheid, het verkrijgen van basale kennis en vaardigheid om onderwijs voor een groep leerlingen te verzorgen. Pabo 3 5 Leerlingbetrokkenheid Het accent ligt op leerlinggerichtheid, de competentie om verschillen tussen leerlingen waar te nemen en er (enigszins) rekening mee te houden. De student leert in samenwerkend en zelfverantwoordelijk leren zijn kennis en bekwaamheid te integreren en af te stemmen op het onderwijs dat nodig is voor het jongere of oudere kind. 6 - Verdieping op onderdelen uit de KL-fase Pabo 4 7 Collega/organi satiebetrokke nheid 8 KI-fase (integratie) Het accent ligt op de organisatiegerichtheid, het vermogen om buiten de groep te kijken en de school als lerende organisatie te zien. De student werkt langere tijd zelfstandig in de groep, leert door het opdoen van veel ervaringen en de reflectie daarop, en werkt aan leerdoelen ondersteund onder andere door intervisie. 3
2.2 BEGELEIDERS EN HUN TAKEN Om jou in jouw ontwikkeling te begeleiden, zal je te maken krijgen met verschillende personen. We noemen hun rollen en taken: 2.2.1 Groepsmentor De groepsmentor is de leerkracht op school in de klas waar jij tijdens het semester leert. Het kan voorkomen dat je meer dan één groepsmentor hebt. Dat is het geval wanneer meerdere leerkrachten gedurende de week deze klas hebben. Groepsmentoren begeleiden jou als aanstaande leerkracht op basis van een cursus collegiale consultatie waarin reflectie, coaching, beoordeling van werkplekassessments, constructivistisch leren en hoofdlijnen van het Pabo-curriculum aan bod komen. Zij vullen tijdens de begeleiding de leerwerkplekopdrachten in tot reguliere klassenactiviteiten. Zij zorgen voor begeleiding en formatieve beoordeling en stemmen de begeleidingsactiviteiten van de peer-tutors af op de eigen begeleiding. Bij problemen etc. overleggen zij met de opleidingsmentor. Tevens geven zij periodiek vorderingen en adviezen door aan de opleidingsmentor en pabodocent. De mentor onderschrijft de visie van constructivistisch leren. Concreet doet de groepsmentor het volgende: 1. Voorafgaand aan de onderwijsleeractiviteit die je geeft, bereid je deze activiteit voor. Dit doe je in overleg met de groepsmentor. Hij/zij bekijkt jouw lesbeschrijvings-formulier. De lesbeschrijving wordt bekeken aan de hand van het vakspecifieke werkplekassessment, te vinden in de beschrijving van de leerwerkplekopdracht. Deze opdrachtbeschrijvingen zijn te vinden in de semestergidsen (zie hoofdstuk 5). (Nb. Indien er geen vakspecifiek werkplekassessment aanwezig is, wordt gebruik gemaakt van lijst I uit het werkplekassessment.) 2. De groepsmentor bekijkt uitvoering de onderwijsleeractiviteit. Jouw lesuitvoering wordt bekeken aan de hand van het vakspecifieke werkplekassessment. 3. De groepsmentor evalueert samen met jou de uitvoering van de werkplekleeractiviteit en andere onderwijsleeractiviteiten. De uitvoering wordt besproken aan de hand van het evaluatieformulier leerwerkplekopdracht. Let op: de groepsmentor heeft een eigen gedeelte in het evaluatieformulier waar hij zijn opmerkingen kwijt kan. 4. De groepsmentor evalueert samen met jou de leerwerkplekdag. De lesdag wordt in samenvattende zin geëvalueerd op het betreffende formulier in het dagboek werkplekleren. Het is jouw ontwikkeling, dus jij neemt het initiatief. De groepsmentor kan zijn paraaf plaatsen. Op de hieronder genoemde punten uit het werkplekassessment worden leerpunten voor de volgende leerwerkplekdag geformuleerd: a. voorbereiding; b. uitvoering bestaande uit: interactie, management en didactiek; c. reflectie; d. attitude. 5. De groepsmentor evalueert de leerwerkplekperiode. Het functioneren van jou als aanstaande leerkracht tijdens de periode wordt geëvalueerd. Hiervoor moet er gebruik worden gemaakt van het eindbeoordelingsformulier, te vinden in de bijlagen van de semestergidsen. 2.2.2 Opleidingsmentor De opleidingsmentor is het centrale aanspreekpunt voor jou als aanstaande leerkracht, groepsmentoren en pabodocenten in het opleidingsgedeelte van zijn taak op een school of een cluster van scholen. Hij rekruteert het aantal leerwerkplaatsen, pleegt daarover overleg met de stagecoördinator van de opleiding Leraar Basisonderwijs en voert namens de school de onderhandelingen met de opleiding. Hij verdeelt de studenten over de groepsmentoren, houdt de voortgang in de gaten en is alert op flankerend onderwijs (onderwijs op aanvraag van studenten). Tevens arrangeert hij de procesgang en verleent gegevens voor rechtspositionele voortgang. De opleidingsmentor adviseert de directie(s) van de school/ het cluster van scholen over opleidingsbeleid en verdere professionalisering van zittende leraren. Indien nodig in afstemming met de groepsmentor neemt hij mede formatieve (en summatieve) 4
werkplekassessments af en bewaakt de all-over-voortgang onder andere door een paar keer per leerwerkperiode de leerwerkmap en het dagboek werkplekleren van jou te bekijken. Hij verzamelt en distribueert informatie. De opleidingsmentor krijgt bovenop de cursus collegiale consultatie een cursus met daarin aspecten als coaching, management en organisatie. Zo mogelijk kan hij zelf de cursus collegiale consultatie aanbieden binnen zijn/ haar scholen(cluster). Je hebt een opleidingsmentor als jouw school een school is volgens scenario 2 of 3 (zie hoofdstuk 1.3). We spreken dan over een OIDS of DOS-school. Wanneer je geen opleidingsmentor hebt, neemt de pabodocent dit voor zijn rekening. 2.2.3 Leerwerkplekbegeleider Als aanstaande leerkracht word je ook begeleid en beoordeeld door een leerwerkplekbegeleider die werkzaam is of in dienst van de Pabo HZ. Deze persoon begeleidt alle studenten die op deze school zijn geplaatst. Concreet doet de leerwerkplekbegeleider het volgende: 1. het afnemen van twee werkplekassessments op de leerwerkplekschool per semester; 2. het inzien van reeds eerder gemaakte lesvoorbereiding tijdens het leerwerkplekbezoek; 3. het beoordelen van het reflectieverslag; De leerwerkplekbegeleider bewaakt als algemeen begeleider steeds jouw totale ontwikkeling in samenspraak met de opleidingsmentor en groepsmentor. Wanneer problematische begeleidingssituaties ontstaan, zal de leerwerkplekbegeleider via observaties en gesprekken proberen deze situaties in het goede spoor te brengen. De leerwerkplekbegeleider verzorgt het verdere relatiebeheer en zal namens de Pabo de werkplekassessments afnemen. Hij neemt daarvoor per semester tenminste een formatief werkpleksassessment en een summatief werkplekassessment af. Je wordt als regel twee keer per semester door de leerwerkplekbegeleider bezocht; één keer in formatieve zin (begeleiding van proces) en één keer in summatieve zin (beoordeling van product). De begeleider maakt van tevoren een afspraak. Afhankelijk van de evaluatie en de vorderingen daarbij kan vaker bezoek plaatsvinden. Indien nodig kan de opleidingsmentor/ groepsmentor kenbaar maken dat meer bezoeken gewenst zijn. 5
3 Beoordeling van werkplekleren Op verschillende momenten en manieren word je tijdens het werkplekleren beoordeeld. Dit hoofdstuk beschrijft op welke wijze deze beoordeling plaatsvindt. De toetsen behorende bij semester 2 volgen in een update van deze gids. 3.1 TOETSEN PABO 1 SEMESTER 1 Om de leerwerkplekperiode met een voldoende te kunnen afsluiten dient de student de volgende toetsen te maken in het eerste semester. Thema cursuscode toetsvorm Toelichting Beoordelaar 2 CU16624 Individueel proces Presentatie van je portfolio Leerwerkplekbegeleider assessment, portfolio 2 CU16624 Werkplekassessement Beoordeling werkplekleren Leerwerkplekbegeleider 3.1.1 Toelichting op toetsen pabo 1 semester 1 3.1.1.1 CU16624 Individueel proces assessment In dit verslag blik je terug op een semester als toekomstige leerkracht onderbouw waarbij je kritisch kijkt naar je eigen pedagogisch-didactisch handelen. Om deze toets goed te kunnen maken is het raadzaam om naast de zaken van toets CU16619 Rapportage/verslag ook de volgende zaken te verzamelen en te archiveren: Casussen van de werkplek waaruit eigen drijfveren blijken; Casussen van de werkplek waaruit geschiktheid blijkt; Casussen van de werkplek waaruit ontwikkelingsmogelijkheden blijken; Bij iedere leerwerkplekopdracht thema 2 (alleen bij lesactiviteit) een uitgeschreven evaluatie. Deze evaluatie maak je na overleg met de mentor. Het formulier behorende bij deze evaluatie zal door de SLC worden toegelicht en daarna beschikbaar gesteld. Hou er in ieder geval rekening mee dat je met al je verzamelde materiaal onderstaande doel uit de competentiebreakdown kunt bereiken en bewijzen. Competentiebreakdown DT 7.2 Je kunt reflecteren op het eigen pedagogisch-didactisch handelen Een vakbekwame leraar is in staat en bereid om op zijn eigen pedagogisch-didactisch handelen te reflecteren. Dit handelen bepaalt in hoge mate het succes dat leerlingen zullen hebben in het verwerven van kennis, kunde en attitude. Het handelen van de leraar is gebaseerd op eigen denken, voelen en willen; kennis; opvattingen over beroep; persoonlijke kwaliteiten evenals visie op leren en onderwijzen. Om met dit alles bewust om te kunnen gaan en te kunnen vertalen naar eigen gedrag -in combinatie met bewustzijn van de innerlijke drijfveren om leraar te willen zijn- is reflectie nodig. Reflectie in het licht van het doel van onderwijs: kinderen leren voor de toekomst. 6
LD 7.2.1 Door terug te kijken op incidentele ervaringen op de leerwerkplek komen tot bewustwording van de eigen kwaliteiten en motivatie. Op basis van deze bewustwording wordt een beeld gevormd van de eigen drijfveren, geschiktheid en ontwikkelingsmogelijkheden voor het leraar ZIJN. Hierbij wordt het ui-model van binnen naar buiten gevolgd met aandacht voor vragen als wat doe ik; wat denk ik; wat voel ik en wat wil ik? Wat is mijn diepste drive om leraar te worden, waar doe ik het allemaal voor? Deze zelfkennis met een inzicht in de beroepsmotivatie wordt opgenomen in een bekwaamheidsdossier. De aanstaande leraar is bereid om in een leergemeenschap zijn reflecties te delen OND LEERWERKPLEK (reflectieverslag formatief?) 3.1.1.2 CU16624 Werkplekassessment Ieder semester sluit je de leerwerkplekperiode af met een werkplekassessment. Deze toets beoordeeld je functioneren op een specifiek moment. Indien je functioneren niet representatief is voor je algemene functioneren op de leerwerkplek kan er in overleg met de mentor worden gekozen om de toets op een ander moment af te nemen. Het werkplekassessment wordt afgenomen door de leerwerkplekbegeleider. Deze begeleider is in dienst en of werkzaam bij de Pabo HZ. Alvorens de toets wordt afgenomen zal de begeleider langs komen voor een formatieve afname van deze toets. Hiervoor gebruikt de begeleider het officiële toetsdocument waarbij de nadruk ligt op het geven van feedback en het verkrijgen van inzicht in je eigen ontwikkeling. Het cijfer dat voortkomt uit deze toets maakt geen onderdeel uit van het toetsprogramma. Beroepshouding is één van de belangrijkste onderdelen bij ieder werkplekassessment en tevens één van de twee voorwaarde om de overige onderdelen binnen het werkplekassessment te kunnen invullen. Zorg dat je hierop van begin af aan scoort. Dit doe je door iedere werkplekdag aanwezig te zijn op je school, initiatief te tonen, te leven volgens de normen en waarden van je school. Dit doe je ook door van begin af aan je zaken op orde te hebben, overzicht te hebben op je ontwikkeling en door belangrijke documenten steeds te kunnen tonen. De officiële toets werkplekassessment is digitaal alleen in het bezit van de leerwerkplekbegeleider. De begeleider kan alleen overgaan tot het afnemen van deze toets als de student voldoet aan: 1. Alle criteria van de beroepshouding voorzien zijn van een ja. 2. Je tenminste twee werkdagen voor het afnemen van het werkplekassessment de lesvoorbereiding hebt ingeleverd via de documentenbalie. Het ingevulde WPA wordt via de documentenbalie beschikbaar gesteld door de leerwerkplekbegeleider. Om inzicht te krijgen in de criteria wordt deze toets in de vorm van een pdf beschikbaar gesteld op onze edugroepen onder de naam Werkplekassessments Pabo HZ 2017-2018. 7
3.2 TOETSEN PABO 2 SEMESTER 1 Om de leerwerkplekperiode met een voldoende te kunnen afsluiten dient de student de volgende toetsen te maken in het eerste semester. Thema cursuscode toetsvorm Toelichting Beoordelaar 5 CU19076 Portfolio Reflectieverslag: leren van binnen en van Studieloopbaancoach buiten 6 CU19083 Werkplekassessment Beoordeling werkplekleren Leerwerkplekbegeleider 3.2.1 Toelichting op toetsen pabo 2 semester 2 3.2.1.1 CU19076 Portfolio In dit verslag blik je terug op de ervaringen als toekomstige leerkracht onderbouw in het licht van het thema waarbij je de nadruk legt op systematisch en doelgericht handelen en reflecteren. Uitleg over deze toets en het daarbij behorende beoordelingsformulier wordt besproken tijdens de SLC les. Om deze toets goed te kunnen maken is het raadzaam om de volgende zaken te verzamelen en / of te noteren: Feedback van je mentor op je leerwerkplekopdrachten (indien dit als onderdeel van de leerwerkplekopdracht is opgenomen); Evaluatie op de leerwerkplekopdrachten waarbij de gegeven les en de leeropbrengsten van de leerlingen worden geanalyseerd en gerelateerd aan het oorspronkelijke lesdoel ( indien dit als onderdeel van de leerwerkplekopdracht is opgenomen); Feedback van je mentor op je gehele functioneren; Ervaringen in positieve of mindere positieve zin m.b.t je eigen pedagogisch-didactisch handelen uitgewerkt op meerdere niveaus van denken, voelen, willen verbonden aan eigen overtuiging, identiteit en betrokkenheid. Verkregen inzichten verbonden aan de eigen opvattingen over de beroepshouding met vragen als: wie ben ik als leraar? En welke waarden zijn daarbij belangrijk? Wat leren leerlingen? Hoe ervaren leerlingen mijn ZIJN? Wat doen, denken, voelen en willen de leerlingen? Hoe ga ik om met diversiteit in leren? 3.2.1.2 CU19083 Werkplekassessment Ieder semester sluit je de leerwerkplekperiode af met een werkplekassessment. Deze toets beoordeeld je functioneren op een specifiek moment. Indien je functioneren niet representatief is voor je algemene functioneren op de leerwerkplek kan er in overleg met de mentor worden gekozen om de toets op een ander moment af te nemen. Het werkplekassessment wordt afgenomen door de leerwerkplekbegeleider. Deze begeleider is in dienst en of werkzaam bij de Pabo HZ. Alvorens de toets wordt afgenomen zal de begeleider langs komen voor een formatieve afname van deze toets. Hiervoor gebruikt de begeleider het officiële toetsdocument waarbij de nadruk ligt op het geven van feedback en het verkrijgen van inzicht in je eigen ontwikkeling. Het cijfer dat voort komt uit deze toets maakt geen onderdeel uit van het toetsprogramma. Beroepshouding is één van de belangrijkste onderdelen bij ieder werkplekassessment en tevens één van de twee voorwaarde om de overige onderdelen binnen het werkplekassessment te kunnen invullen. Zorg dat je hierop van begin af aan scoort. Dit doe je door iedere werkplekdag aanwezig te zijn op je school, initiatief te tonen, te leven volgens de normen en waarden van je school. Dit doe je ook door van begin af aan je zaken op orde te hebben, overzicht te hebben op je ontwikkeling en door belangrijke documenten steeds te kunnen tonen. De officiële digitale toets Werkplekassessment (WPA) is in het bezit van de leerwerkplekbegeleider. De begeleider kan alleen overgaan tot het afnemen van deze toets als de student voldoet aan: 1. Alle criteria van de beroepshouding voorzien zijn van een ja. 8
2. Je tenminste twee werkdagen voor het afnemen van het werkplekassessment de lesvoorbereiding en reflectieonderdelen hebt ingeleverd via de documentenbalie. Om de reflectieonderdelen goed te kunnen maken is het raadzaam om naast de zaken van toets CU19076 Portfolio ook de volgende zaken te verzamelen en te archiveren: Benoem belemmerende gedachten, idealen en kwaliteiten waarmee je tijdens het werken en leren op de leerwerkplek wordt geconfronteerd. Bespreek deze met je mentor en onderzoek in welke mate deze gedachten, idealen en kwaliteiten iets zeggen over je visie op onderwijs. Bewaar de notities die uit deze overdenkingen voortkomen. Het ingevulde WPA wordt via de documentenbalie beschikbaar gesteld door de leerwerkplekbegeleider. Om inzicht te krijgen in de criteria wordt deze toets in de vorm van een pdf beschikbaar gesteld op onze edugroepen onder de naam Werkplekassessments Pabo HZ 2017-2018. Het reflectieonderdeel van deze toets en het daarbij behorende beoordelingsformulier wordt besproken tijdens de SLC les. 3.3. TOETSEN PABO 3 SEMESTER 1 Om de leerwerkplekperiode met een voldoende te kunnen afsluiten dient de student de volgende toetsen te maken in het eerste semester. Thema cursuscode toetsvorm Toelichting Beoordelaar CU21953 Portfolio registerdossier 2 vakdidactisch CU21954 Portfolio registerdossier 3 pedagogisch CU21955 Rapportage Verslag onderzoeksvaardigheden in PLG CU21956 Porfolio registerdossier 1 vakinhoudelijk CU21956 Werkplekassessment Beoordeling werkplekleren Leerwerkplekbegeleider 3.2.1 Toelichting op de leerwerkplek De opdracht voor dit semester is om in de stageweken in december twee volledige dagen zelfstandig adaptief onderwijs te verzorgen. De beoordeling van deze dagen wordt gedaan door je leerwerkplek-begeleider. Het WPA KL fase is het beoordelingsprotocol. Naast deze algemene opdracht zijn er nog twee andere opdrachten: elke student voert een ontwerponderzoek uit en verdiept zich in een vak naar keuze. Het ontwikkelen van een ontwerp en het uitvoeren en evalueren ervan zijn zaken die op de werkplek plaatsvinden. De vorm waarmee studenten zich verdiepen in een vak, kan ook die van een onderzoek zijn, maar ook meewerken aan een project of zelf iets ontwerpen zijn mogelijkheden. Werkwijze De algemene werkwijze voor op de werkplek ziet er als volgt uit. Op basis van reflectie op je activiteiten, je persoonlijke leerdoelen en idealen en een oriëntatie op het eindniveau stel je een eerste leerdoel op voor een paar weken. Dit bespreek je met je werkplek-begeleiders. Je maakt op basis van dit leerdoel een planning van de lessen en activiteiten die je wilt ontwerpen en uitvoeren. Je ontwerpt naast je lesactiviteiten ook het beoordelingsformulier dat past bij je doelen. Gebruik daar het WPA voor. Selecteer steeds onderdelen uit het WPA waar je aan wilt werken. Reflecteer op je activiteiten en leg samen met je werkplek-begeleiders vast welke onderdelen je goed afgaan en waar je geen aparte aandacht meer aan hoeft te besteden. Door zelf de onderwerpen uit het WPA te kiezen, neem je als studenten verantwoordelijkheid voor je ontwikkeling. Je vraagt om feedback op die ontwikkeling. Afronding Om aan te tonen dat het eindniveau bereikt is, verzamelt een student bewijsstukken in een portfolio. Deze portfolio s heten registerdossier, omdat deze naam ook wordt gebruikt in de ontwikkeling van startbekwaam naar ervaren leerkracht. Het registerdossier kent drie delen: 9
- Vakinhoudelijk - Vakdidactisch - Pedagogisch Voor het vakinhoudelijke deel kiest de student een vak, waarin hij of zij zich bekwaamt. Er kan een koppeling met het uit te voeren ontwerponderzoek gemaakt worden. Voor het vakdidactische deel ontwikkelt de student de kennis en vaardigheden om adaptief onderwijs in rekenen en Nederlands te verzorgen. De HGW-cyclus is hierbij leidend. Onder het pedagogische deel valt de ontwikkeling van een visie op onderwijs. Naast een pedagogische visie wordt een onderwijskundige en een levensbeschouwelijke visie ontwikkeld. 3.3.2 CU21956 Werkplekassessment Ieder semester sluit je de leerwerkplekperiode af met een werkplekassessment. Deze toets beoordeeld je functioneren op een specifiek moment. Indien je functioneren niet representatief is voor je algemene functioneren op de leerwerkplek kan er in overleg met de mentor worden gekozen om de toets op een ander moment af te nemen. Het werkplekassessment wordt afgenomen door de leerwerkplekbegeleider. Deze begeleider is in dienst en of werkzaam bij de Pabo HZ. Alvorens de toets wordt afgenomen zal de begeleider langs komen voor een formatieve afname van deze toets. Hiervoor gebruikt de begeleider het officiële toetsdocument waarbij de nadruk ligt op het geven van feedback en het verkrijgen van inzicht in je eigen ontwikkeling. Het cijfer dat voort komt uit deze toets maakt geen onderdeel uit van het toetsprogramma. Beroepshouding is één van de belangrijkste onderdelen bij ieder werkplekassessment en tevens één van de twee voorwaarde om de overige onderdelen binnen het werkplekassessment te kunnen invullen. Zorg dat je hierop van begin af aan scoort. Dit doe je door iedere werkplekdag aanwezig te zijn op je school, initiatief te tonen, te leven volgens de normen en waarden van je school. Dit doe je ook door van begin af aan je zaken op orde te hebben, overzicht te hebben op je ontwikkeling en door belangrijke documenten steeds te kunnen tonen. De officiële toets werkplekassessment is digitaal alleen in het bezit van de leerwerkplekbegeleider. De begeleider kan alleen overgaan tot het afnemen van deze toets als de student voldoet aan: 1. Alle criteria van de beroepshouding voorzien zijn van een ja. 2. Je tenminste twee werkdagen voor het afnemen van het werkplekassessment de lesvoorbereiding hebt ingeleverd via de documentenbalie. Het ingevulde WPA wordt via de documentenbalie beschikbaar gesteld door de leerwerkplekbegeleider. Om inzicht te krijgen in de criteria wordt deze toets in de vorm van een pdf beschikbaar gesteld op onze edugroepen onder de naam Werkplekassessments Pabo HZ 2017-2018. 10
4 Activiteiten werkplekleren Tijdens het leren op de werkplek voer je verschillende activiteiten uit, die allemaal bijdragen aan jouw ontwikkeling. Zie deze activiteiten daarom ook als een totaalpakket, dat bijdraagt aan jouw leerwensen en leerdoelen. De activiteiten beschreven bij 4.1 en 4.2 gelden voor iedere aanstaande leraar. De activiteiten beschreven vanaf 4.3 gelden voor alle aanstaande leraren die hun werkplekleren uitvoeren op scholen behorend bij opleiden in de school (scenario 2) en scholen voor de toekomst (scenario 3). 4.1 LEERWERKPLEKOPDRACHTEN Vanuit de opleiding Leraar basisonderwijs krijg je een aantal opdrachten mee. Deze opdrachten zijn gelinkt aan de colleges op de opleiding. Soms zijn deze opdrachten vooraf uitgelegd door de docent en soms juist niet (bijvoorbeeld als je als voorbereiding op een collegegegevens uit jouw eigen praktijk moet halen). Deze opdrachten kunnen daarmee verschillend van aard zijn. Soms is het een observatie in de klas, of een interview met een leerkracht. Soms is het een onderwijsleeractiviteit (uit te voeren les). In de semestergids werkplekleren (zie hoofdstuk 5) worden deze opdrachten en bijbehorende beoordelingsformulieren aangeboden. 4.2 COLLEGIALE CONSULTATIE Een goede manier om als aanstaande leerkracht te leren, is het bij elkaar kijken tijdens het uitvoeren van een onderwijsleeractiviteit. Als je dit doet, bij bijvoorbeeld een medestudent op jouw school, is het van belang eerst met je groepsmentor te bespreken dat je dit wilt gaan doen en met welk doel. Het is van belang dat ook jouw groepsmentor dit ziet zitten. 4.3 PROFESSIONELE LEERGEMEENSCHAPPEN In onze visie op samen opleiden (zie hoofdstuk 1) is aangegeven dat we professionele leergemeenschappen belangrijk vinden. Als aanstaande leerkracht zal je soms deelnemen aan een professionele leergemeenschap (PLG). Een PLG bestaat uit studenten op één of meerdere basisscholen, de opleidingsmentor, groepsmentoren (zo mogelijk) en een leerwerkplekbegeleider. In een professionele leergemeenschap wordt de dagelijkse praktijk van de basisschool onderzocht. Dat onderzoeken gebeurt volgens een bepaald stramien. Reflectie op het proces (en daarmee jouw eigen handelen) is een belangrijk onderdeel. Wil je meer informatie dan kun je klikken op de link SCHOLEN VOOR DE TOEKOMST. Niet iedere school start ieder jaar een professionele leergemeenschap. Het kan dan zijn dat je dit jaar niet deelneemt aan een professionele leergemeenschap. 4.4 INTERVISIEMOMENTEN Naast individuele reflectie wordt het werkplekleren op gezette tijden in groepsverband uitgevoerd. De leerwerkplekbegeleider is degene die intervisiemomenten leidt. Hij kiest of dit plaatsvindt in de gebouwen van de opleiding Leraar Basisonderwijs, of op de basisschool waar je aan werkplekleren doet. Zo mogelijk dragen opleidingsmentoren bij aan dit intervisiemoment. 4.5 CARROUSEL Bij een carrousel geeft een leerkracht een voorbeeld van zijn mooiste (voorbeeld) lessen. Hierbij worden studenten uitgenodigd te komen kijken. Het is een kans voor leerkrachten om hun talenten te tonen en voor studenten om eens te kijken op een school waar ze normaal gesproken waarschijnlijk niet snel zullen komen. Aan het bezoek wordt vaak een rondleiding door de school gekoppeld evenals een gesprek met de betrokken leerkracht over zijn les. Studenten bereiden het bezoek samen met de 11
opleidingsmentor voor, waarbij van tevoren doelen worden geformuleerd en verwachtingen worden uitgesproken. Na deze ontmoeting wordt de transfer gemaakt naar de eigen ontwikkeling op de leerwerkplek. Meer informatie over de carrousel volgt nog. 12
5 Belangrijke documenten en formulieren voor werkplekleren 5.1 DOCUMENTEN 5.1.1 Studentenhandleidingen van de thema s Het pabo 1 en pabo 2 en pabo 3 programma bestaat uit vier thema s over het jaar. Voor ieder thema is een studentenhandleiding gemaakt. In deze handleiding staat alles beschreven wat je nodig hebt voor het thema: het is zowel lesmateriaal voor het gedeelte binnen de opleiding als voor de leerwerkplek. De activiteiten die je op de leerwerkplek uitvoert, staan hierin dus ook beschreven. Het geeft niet alleen jou, maar ook jouw groepsmentor en opleidingsmentor inzicht in de samenhang tussen theorie en praktijk. Zorg ervoor dat je deze studentenhandleiding altijd (digitaal) bij je hebt of maak gebruik van de versie die we beschikbaar stellen op edugroepen. 5.1.2 Toetsprogramma s Voor iedere toets is in het toetsprogramma een 1 e en 2 e kans opgenomen. Dit zijn de officiële toetsdatums. Hier kan niet vanaf worden geweken. Zorg er dan ook voor dat je geen kans mist. De toetsprogramma s zijn voor iedereen toegankelijk via edugroepen. 5.2 FORMULIEREN 5.2.1 Lesvoorbereidingsformulier In de lessen onderwijskunde die in ieder thema worden aangeboden, wordt uitgelegd op welke wijze je met het lesbeschrijvingsformulier moet omgaan. Tevens wordt uitgelegd hoe je die les kunt evalueren. Voor pabo 1 wordt het lesbeschrijvingsformulier na enkele lesweken uitgelegd. We vinden het van belang dat je eerst kunt wennen aan je leerwerkplek, zonder direct deze formulieren correct in te hoeven vullen. Totdat de uitleg heeft plaatsgevonden, bereid je voor zoals jij denkt dat je dat goed kunt en in overleg met je groepsmentor. De formulieren zijn in pdf beschikbaar voor de mentoren via edugroepen. De versie van de studenten komen beschikbaar zodra deze zijn besproken in de lessen onderwijskunde en zijn veelal gekoppeld aan de studentenhandleiding als bijlage. 5.2.2 Beoordelingsformulieren Bij alle in hoofdstuk 3 genoemde toetsen behoren beoordelingsformulieren. De beoordelingsformulieren worden aangeboden en toegelicht door de SLC en zal in een latere versie van deze gids ook digitaal beschikbaar zijn. Het WPA wordt meegenomen door je leerwerkplekbegeleider. Een pdf versie van het WPA 2017-2018 zal beschikbaar zijn via edugroepen. 13