Basistraject Schoolopleider Informatiebrochure
Opzet basistraject schoolopleiders De schoolopleider heeft een spilfunctie tussen basisschool en opleiding en heeft een coördinerende, begeleidende taak t.a.v. begeleiding praktijkopleiders t.o.v. studenten Dit vraagt specifieke ervaringsvoorwaarden, verantwoordelijkheden, taken en ondersteuningsrollen. In paragraaf 1 wordt hierop nader ingegaan. In paragraaf 2 wordt het competentiemodel beschreven dat de basis is voor het traject van de schoolopleider. In paragraaf 3 wordt het basistraject op hoofdlijnen beschreven Er zijn 4 bijeenkomsten van 3 uur op de woensdagmiddagen van 14.00 tot 17.00 uur. Voor meer informatie: zie flyer basistraject.
1.Voorwaarden, verantwoordelijkheden, taken en ondersteuningsrollen van schoolopleiders De volgende ervaringsvoorwaarden zijn vastgesteld: Ervaring hebben met het begeleiden van collega s of studenten in de school Ervaring hebben in het lesgeven in meerdere groepen van het primair. Kennis hebben van pedagogische aanpak bij kinderen in de specifieke schoolsituatie Kennis hebben van didactische aanpak bij verschillende vakgebieden Verantwoordelijkheden van de schoolopleider (mede) verantwoordelijk voor de (praktijk) opleiding en de begeleiding van studenten en praktijkopleiders; (mede) verantwoordelijk voor de contacten met de instituutopleiders over de ontwikkeling en de vorderingen van studenten en de praktijkopleiders. Taken van de schoolopleider De schoolopleider heeft naast de instituutsopleider een sleutelrol binnen het Opleiden in School. De schoolopleider begeleidt zowel studenten als praktijkopleiders. Er is regelmatig overleg tussen de school- en instituutsopleider om te komen tot afstemming. De taken van de schoolopleider zijn als volgt te definiëren: De schoolopleider heeft een spilfunctie tussen basisschool en opleiding De schoolopleider begeleidt zowel studenten als praktijkopleiders De schoolopleider ontwikkelt een opleidingsplan voor de praktijkopleiders De schoolopleider overlegt regelmatig met de instituutsopleider De schoolopleider begeleidt in principe de onderzoeken van studenten. Op schoolniveau kunnen daar andere afspraken over gemaakt worden. De schoolopleiders verzorgen in samenwerking met de instituutsopleiders de professionalisering van de praktijkopleiders De schoolopleiders van een stichting vormen een netwerk o.l.v. bovenschools schoolopleiders Ondersteuningsrollen van de schoolopleider De schoolopleider heeft vanuit de taak verschillende ondersteuningsrollen te vervullen : Aansturen van praktijkopleiders; Begeleiden op duurzaam succesvol werkgedrag; Coachen op persoonlijke ontwikkeling; De ondersteuningsrollen worden in het competentiemodel nader geduid:
2. Competentiemodel
In onderwijs en opleiding worden professionals op diverse wijzen ondersteund. In ons model onderscheiden we drie vormen van ondersteunen die elkaar kunnen afwisselen: Sturen Soms is het nodig dat er wordt gezegd: Op deze wijze doen we het, doe dit nu maar ook zo dan lukt het je wel!. Dit is direct sturen op werkgedrag. Het resultaat is direct zichtbaar in het werk van de uitvoerder. Begeleiden Begeleiders van leraren zullen vaak in gesprek gaan over de verhalen, ervaringen, kennis en vaardigheden, waarden, normen en opvattingen achter het werkgedrag. Om door middel van reflectie en feedback de keuzes die hieraan ten grondslag liggen te verhelderen. De leraar kan daardoor zelf zijn werkgedrag bijstellen. Coachen Als vanuit de verheldering de relatie wordt gelegd hoe het werk van invloed is op wie je bent en visa versa dan wordt coaching op persoonlijke ontwikkeling gerealiseerd. De pendel tussen wie je bent en welke competenties jou kenmerken en hoe dit inspeelt op je werkgedrag en visa versa is de essentie van coachingsactiviteiten en onderscheidt zich daarmee van begeleidingsactiviteiten. De wijze waarop de professional met zijn eigen werkgedrag omgaat, is ook van invloed hoe hij in zijn werk leert. Sturen, begeleiden en coachen is beschreven vanuit het perspectief van de ander. Maar parallel aan deze driedeling kan ook de leraar worden omschreven als iemand die gericht is op oppervlakkig contact in de werkrelaties, graag zijn ervaringen, kennis en vaardigheden deelt of betrokken, gemotiveerd en geïnspireerd met zijn werk bezig is en daar persoonlijke voldoening in vindt. Afhankelijk van deze mate van betrokkenheid zal ook het leereffect voor de professional divers zijn. Bij singleloop leren gaat het om imiteren. Singleloop leerders zijn niet in staat om zich soepel aan te passen aan de veranderingen en snakken voortdurend naar routinematig handelen Dubbelop leren is het bediscussiëren, selecteren en toepassen van een nieuwe bijgestelde (persoonlijke) theorie; je leert je gedragen in overeenstemming met regels en procedures van een nieuwe theorie. Bij professionele arbeid is het evalueren en het kiezen van procedures op grond van de behaalde resultaten een essentieel onderdeel van het werk. Triple-loop-learning gaat nog een stap dieper. Het werkgedrag kenmerkt zich door bevlogenheid en past bij de persoon. De leraar toont een natuurlijk verantwoordelijkheidsgevoel ten opzichte van zijn persoonlijke en beroepsmatige ontwikkeling en daarmee voor zijn omgeving. De persoonlijke zingeving en passie voor het beroep zijn verbonden aan kennis, vaardigheden en ervaringen. Op steeds meer scholen wordt een cyclus van gesprekken ingevoerd om doelen voor duurzaam succesvol werkgedrag, het welbevinden van de professional en de beoordeling van zijn werk op elkaar af te stemmen. Resultaatgerichte gesprekken worden gevoerd om aan het begin van een cursusjaar
helder vastgelegd te krijgen welke voor doelen de professional zich stelt. In functioneringsgesprekken kan de voortgang en het persoonlijk welbevinden gevolgd worden. In het beoordelingsgesprek kan terug worden gekeken in hoeverre de voorgenomen plannen zijn geslaagd. In ons integraal model zijn de diverse gesprekken zodanig gepositioneerd dat zichtbaar wordt welke aspecten in het ijsbergmodel worden aangesproken Pedagogische afstemming Praktijkopleider gedrag verhalen denken willen durven en andere emoties Schoolopleider sturen meewerken en meeleven dienen en ondersteunen
3. Basistraject schoolopleiders Te bereiken doelen 1. Basistraining voor de schoolopleider voor het ondersteunen van praktijkopleiders met de volgende bedoeling: a. Inzicht hebben in Duurzaam succesvol werkgedrag in de praktijkschool b. Kennis hebben van en inzicht hebben in communicatieprocessen c. Kennis hebben van en inzicht hebben in de rollen, taken en verantwoordelijkheden d. Kennis hebben van een observatie-instrument van opbrengstgericht werken waarin studenten participeren 3.2 Inhoud van het opleidingsonderwerp De inhoud van de opleiding is uit de volgende componenten opgebouwd: Gebruik DSW-model; Basale gespreksvaardigheden; Toepassen van intervisie Het hanteren van het Johari-schema; Komen tot een protocol Wat zijn de mogelijkheden van de coach en waar liggen de grenzen? Reflectie van schoolopleider en student Toelichting over Opbrengstgericht Werken en gebruik observatie-instrument Taken, rollen, verwachtingen en verantwoordelijkheden opleiding, schoolopleider, praktijkopleider en student
3.3 Globale opzet van bijeenkomsten ( 4 bijeenkomsten van 3 uur) Bijeenkomst 1 Bijeenkomst 2. Bijeenkomst 3. Bijeenkomst 4. Verwachtingen opleiding en werkplekken De vaardigheden van de schoolopleider De vaardigheden van de schoolopleider De taken en verantwoordelijkheden van de schoolopleider Informatie coördinatoren werkplekleren ITT Paul Maasen en Henk Jacobs Koppelkaarten Opbrengstgericht Werken: toelichting plus gebruik observatieschema s (gastdocent) Verwachtingen, verantwoordelijkheden opleiding, schoolopleider, praktijkopleider en student Wat is sturen, begeleiden op werkgedrag en coachen op persoonlijke ontwikkeling? Uitleg DSW model Directief en responsief taalgebruik Reflectiemodel Korthagen Hoe voer je een begeleidend gesprek? Communicatieproces Conflictstijlen/communicatiestijl Pendelen in DSW model Hoe bouw je een vertrouwensrelatie op? Intervisie: hoe doe je dat? Komen tot een protocol Wat wel en wat niet? Waar ligt de grens?