Toelichting Leerkrachtassistent Angela Schelfhout Veilig leren lezen kim-versie Versie 1.0 Uit het rapport van de onderwijsinspectie blijkt dat er een duidelijk verband bestaat tussen de leesprestaties van leerlingen en de kwaliteit van instructie door de leerkracht. Met de Leerkrachtassistent Veilig leren lezen kan de leerkracht de kwaliteit van het aanvankelijk leesonderwijs op een nóg hoger niveau brengen. Door gebruik te maken van bewegend beeld, geluid en interactiviteit wordt de les voor zowel leerlingen als leerkracht nog aantrekkelijker. Bovendien kan de leerkracht hierdoor op een efficiëntere wijze instructie geven en wordt het leerrendement van de leerling verhoogd. Wanneer wordt de la-vll ingezet? De la-vll sluit naadloos aan bij de kim-versie van Veilig leren lezen en wordt ingezet op een aantal momenten tijdens de les. Het belangrijkste moment is de instructiefase. Maar ook tijdens de fase van verlengde instructie kan de la-vll ingezet worden om de leerlingen met een steraanpak nog efficiënter te ondersteunen. Het is aan te bevelen om de verlengde instructie via het kleine scherm van uw laptop of computer uit te voeren, zodat de andere leerlingen in de groep niet worden afgeleid. Verlengde instructie en begeleide verwerking moet kort maar krachtig zijn; met de la-vll oefent u enkele essentiële vaardigheden, zoals de automatisering van de letter- en woordherkenning. De la-vll biedt ondersteuning tijdens alle lessen van vll. In de basislessen is er vooral de ondersteuning van de instructie voor technisch lezen en spellen. In de integratielessen zijn er modules voor het visualiseren van ankerverhalen en woordenschatlessen. De la-vll is direct gekoppeld aan Digiregie en aan de resultaten van de leerlingen in de oefensoftware, waardoor de instructie aan de leerlingen geoptimaliseerd wordt. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 1 van 21
Niet terug naar klassikaal onderwijs Het is niet de bedoeling dat werken met de la-vll gaat leiden tot meer klassikaal onderwijs! De la-vll volgt het directe instructiemodel waarin na een efficiënte instructie op het digitale schoolbord de leerlingen individueel, in tweetallen of in groepjes aan de slag gaan met de diverse activiteiten voor verwerking en vervolgwerk. Technische uitgangspunten De la-vll is op elk digitaal schoolbord te gebruiken. De applicatie wordt aangeboden via internet. U hebt via internet dus rechtstreeks toegang tot de software, zowel op school als thuis. Het programma ondersteunt u dus ook bij de lesvoorbereiding. Het aanbod van de oefeningen volgt het lesverloop zoals dat in de handleidingen van de methode is opgenomen. Als de applicatie vastloopt vanwege verbindingsproblemen, kunt u de toets F5 gebruiken. De pagina wordt dan vernieuwd. Let op: alles wat u in de sessie hebt aangepast, wordt op dat moment gewist! Als u op F11 klikt, hebt u de mogelijkheid om tijdens het werken met de la-vll naar een ander programma te gaan zonder dat u hoeft uit te loggen. Dit is ook mogelijk met Alt-Tab. Met een klik op de link Handleiding opent u de handleiding in Digiregie. U komt meteen op de pagina die hoort bij de kern, de dag en de les waar u op dat moment mee werkt. Dagprogramma In het Dagprogramma van de la-vll kiest u de kern, de dag en het type les (Basisles, Basiskwartier, Integratieles of Extra stertijd). U kunt ook voor t/h (toetsen herhalingsdagen) kiezen. Vanuit de la-vll kunt u voor uw hele groep direct de kern en het instapmoment instellen voor de leerlingsoftware. Dat doet u door op Synchroniseer kern & instap te klikken. Na een klik op de knop Toets/herhaling verschijnt een overzicht waarin u onderdelen voor toetsen, zelfstandig werk en herhaling kunt selecteren. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 2 van 21
Als u een kern en een dag geselecteerd hebt, verschijnen op het scherm alle lesfasen van de gekozen les. Klik op het pijltje voor een lesfase om de bijbehorende onderdelen te zien. U kunt ook meteen zien of de onderdelen bedoeld zijn voor de aanpakken ster, maan en/of zon. De onderdelen waarbij een digitale module beschikbaar is, zijn vet gemaakt. Door te klikken op deze balk wordt de betreffende module gestart. Informatie over de andere onderdelen treft u aan in de handleiding. Op deze manier is meteen duidelijk hoe de la-vll ingepast kan worden en is het programma een werkelijke assistent bij de organisatie van uw leeslessen. Na afloop van een module gaat u via altijd terug naar het dagprogramma om te kijken wat het volgende onderdeel is dat in de les aan de orde komt. Op deze manier houdt u de totale leesles voor ogen en voorkomt u dat bepaalde oefeningen uit de handleiding over het hoofd gezien worden. In de werkbalk is help opgenomen, waarin bij elke module de mogelijkheden van alle knoppen beschreven worden. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 3 van 21
Modules In de la-vll zijn de volgende modules opgenomen: 1. Voorlezen ankerverhaal Op de eerste dag van elke les wordt het ankerverhaal interactief voorgelezen. Met behulp van deze module kunt u tijdens het voorlezen van het ankerverhaal alle platen uit het ankerboek tonen. Bij het voorlezen kunt u gebruik maken van de mogelijkheid om moeilijke woorden aan te wijzen op de illustratie. Voor taalzwakke leerlingen is het aan te raden om een deel van het ankerverhaal van te voren weer te geven in eigen woorden zodat ze beter in staat zijn het voorleesverhaal te volgen. Dat gebeurt op het eind van de kern. Ten behoeve van deze preteaching worden op dat moment een beperkt aantal platen opgenomen. Op het scherm is steeds één plaat afgebeeld. Met de pijltjes kunt u naar de andere platen van het betreffende anker gaan. Bij klik op bladeren komen onderin het scherm de verkleinde afbeeldingen van alle platen uit het verhaal in de juiste volgorde. Bij klik op een plaat in het overzicht wordt de groot afgebeelde plaat vervangen door de geselecteerde plaat. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 4 van 21
2. Structuur ankerverhaal Met deze module krijgen de leerlingen inzicht in de globale structuur van het ankerverhaal. Deze module komt voor in kern 1 t/m 6, waarbij in de ankerverhalen sprake is van een verhaal in een verhaal. Met behulp van deze module wordt dat gevisualiseerd. Het ankerverhaal begint op het plein. Opa zet zijn vertelpet op en vertelt een verhaal over een van de mensen die ook op het pleintje wonen. Het ankerverhaal eindigt ook weer met opa en Kim op het plein. De platen die bij de begin- en eindsituatie horen, zijn groot afgebeeld. De platen die bij het verhaal horen, zijn klein afgebeeld met een petje boven elke plaat. In kern 6 vertelt opa zijn droom. Boven de kleine platen die over de droom gaan, staat een wolkje. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 5 van 21
3. Verhaalbegrip 1 Met behulp van deze module krijgen de leerlingen inzicht in de diepere structuur van de ankerverhalen. In de module waar-wie-wat? wordt stilgestaan bij de vraag waar het verhaal zich afspeelt. De juiste plaatjes worden geschoven achter het picto waar. Daarna bespreekt u met de leerlingen wie de belangrijkste personages zijn. De juiste plaatjes worden geschoven achter het picto wie. Vervolgens vraagt u wat er gebeurt. De juiste plaatjes worden geschoven achter het picto wat. Als u klaar bent, klikt u op het vinkje rechts onder. Tot die tijd is het mogelijk om alles te veranderen. In de module probleem-hoe-oplossing bespreekt u met de leerlingen het probleem in het verhaal. De juiste plaatjes worden geschoven achter het picto probleem. Daarna bespreekt u met de leerlingen de manier waarop dit probleem wordt opgelost en wat de uiteindelijke oplossing is. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 6 van 21
4. Verhaalbegrip 2 Met behulp van deze module leren de leerlingen onderscheid te maken tussen hoofd- en bijfiguren in de ankerverhalen. Samen met de leerlingen bepaalt u welke plaatjes thuishoren in het kader met het picto hoofdfiguren en welke in het andere kader horen. 5. Woordenschat bij ankerverhaal Met deze module kunt u de moeilijke woorden bij de ankerplaten bespreken door het woord op de plaat aan te wijzen of door gebruik te maken van de woordhulp. Op het scherm ziet u een grote plaat met daarnaast een rij met woorden. Achter de woorden die te zien zijn op de plaat, staat een icoon aanwijzen. Bij de woorden die onderstreept zijn, is woordenhulp aanwezig in de vorm van een foto, een video of een omschrijving. Onderin het scherm staan de verkleinde afbeeldingen van alle platen uit het verhaal in de juiste volgorde. De platen waarbij woordenhulp voorhanden is, zijn gekleurd. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 7 van 21
6. Woorden in de leerlingsoftware Deze module biedt de leerkracht per kern een overzicht van de woorden die zijn opgenomen in de leerlingsoftware en toont met welk(e) woord(en) de kinderen eventueel moeite hebben. Dit wordt per woord aangegeven door het aantal kinderen in de klas dat het woord wel of niet kent. Bij ieder woord is woordenhulp aanwezig dat ook in de leerlingsoftware is opgenomen. Op deze manier kan de leerkracht ingaan op de moeilijke woorden in de lijst. Bij klik op een woord, wordt het woord uitgesproken en wordt de woordenhulp bij het betreffende woord geopend in een pop-up scherm. Dit kan zijn in de vorm van een foto en/of een omschrijving. De woordenhulp kan ook aanwezig zijn in de vorm van een video en/of een omschrijving. Het is ook mogelijk om zelf foto s toe te voegen via de knop pijltje omhoog. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 8 van 21
7. Woordrelaties In Veilig leren lezen wordt regelmatig gebruik gemaakt van een woordveld rond een thema of een bepaald aspect van een kern. Via woordvelden, die altijd in interactie met de kinderen tot stand komen, worden nieuwe woorden en begrippen gekoppeld aan de bestaande woordenschat van de kinderen. In de module Woordrelaties zijn 3 grafische modellen opgenomen: woordweb, woordparaplu en woordkast. Op het beginscherm van alle drie de grafische modellen staat links een kader met woordkaartjes en afbeeldingen. Bij het woordweb staan 4 lege woordkaartjes om het centrale woordkaartje heen om visueel te verduidelijken dat deze woorden een betekenisrelatie hebben met het centrale woord. Met de woordparaplu clustert u begrippen aan een overkoepelend woord. Bijvoorbeeld hamer, zaag, boor aan het overkoepelend begrip gereedschap. Bovenaan de parachute komt de categorienaam (gereedschap); daaronder hangen de woorden die in deze categorie thuishoren. Woorden die tegengesteld zijn aan elkaar, zoals dag-nacht, kunt u in de woordkast plaatsen. Maar ook woorden die niet tegengesteld zijn (thuis-flat) kunt u in de kast zetten met daaronder ruimte voor hun specifieke kenmerken. In de kaders kan geschreven worden. De woordkaartjes met afbeeldingen die links op het scherm onder elkaar staan, kunt u naar de lege kaders slepen. U kunt ook kaders toevoegen en weghalen. Via de knop lijntje is het mogelijk de kaders met elkaar te verbinden door middel van een lijn. Zo wordt aangegeven dat er een relatie bestaat tussen de woorden die verbonden zijn. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 9 van 21
8. Letterkennis Met de module Letterkennis worden alle geleerde letters herhaald en gesorteerd in letterfamilies. In het eerste deel van de module worden alle letters geoefend. (Het verschil met de module Letters oefenen is dat in die module met een beperkt aantal wordt geoefend.) Het geluid staat standaard aan. Daardoor wordt het inprenten van de klank-tekenkoppeling ondersteund. Met een vinkje onder aan het scherm is het mogelijk om het geluid uit te zetten. De klinkers hebben een blauwe kleur. Met een vinkje onder aan het scherm kunt u de klinkers ook zwart maken. Met de dobbelsteen is het mogelijk om de letters snel in een andere volgorde te plaatsen: de leerlingen kunnen op deze manier niet terugvallen op een vaste lettervolgorde en moeten de letters echt lezen. Het oplezen van de letters in een steeds wisselende volgorde bevordert de inprenting. Door te klikken op de pijl worden de letters weer teruggezet in de oorspronkelijke positie. In het tweede deel van de module worden de letters gesorteerd in letterfamilies. Bij klik op de knop letterfamilies verschijnt een kader met vier rechthoeken met voor elke rechthoek het icoon van de betreffende letterfamilies: korte klinkers, lange klinkers, tweetekenklinkers en medeklinkers. Met de dobbelsteen is het mogelijk om de letters in een vak snel in een andere volgorde te plaatsen. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 10 van 21
9. Letters oefenen Voor kinderen die een steraanpak volgen, is het belangrijk dat het flitsen van letters voorafgegaan wordt door het oefenen van deze letters zonder tijdsdruk. Het oefenen van letters is een dagelijks terugkerende activiteit bij de steraanpak. De module wordt elke dag opgenomen vanaf kern 1 dag 6 tot en met kern 8. In de kern start wordt deze module ingezet voor kinderen die in aanmerking komen om de zonaanpak te gaan volgen om moeilijke letters (tweetekenklinkers) te oefenen. In deze module wordt met een beperkt aantal letters geoefend. Op het scherm worden maximaal 12 letters getoond. Het zijn allemaal letters die tot dan toe zijn aangeboden. Met de dobbelsteen is het mogelijk om de letters snel in een andere volgorde te plaatsen. U kunt desgewenst de aangeboden letters vervangen door andere letters via de button instellingen. Bij klik op instellingen verschijnt een pop-up scherm. De letters die door minimaal 1 kind in de groep fout zijn benoemd, zijn weergegeven in rood. U kunt deze letter vaker opnemen, in plaats van een andere letter. Zo kunt u het aanbod afstemmen op de specifieke behoeften van uw leerlingen. Na het oefenen worden de aangeboden letters geflitst: de aangeboden letters worden één voor één kort getoond. Hierbij wordt, net als bij Letters flitsen in de basisinstructie, de laatst geleerde letter als laatste geflitst. Deze laatst geleerde letter blijft daardoor langer op het scherm staan dan de andere letters. U kunt zelf de flitssnelheid instellen door een keuze te maken uit 3 iconen die ieder voor een bepaalde snelheid staan: het eendje staat voor de laagste snelheid, de speedboot voor de hoogste snelheid en daartussen zit het gewone bootje. Het is ook mogelijk om de letters handmatig te laten verschijnen met behulp van de pijltjes terug en vooruit. Op deze manier kunt u zelf het tempo per letter bepalen. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 11 van 21
10. Woorden oefenen De inhoud van deze module is gebaseerd op wat er tijdens het zelfstandig werk in de basisgroep geoefend wordt uit Veilig & vlot, maar het aantal woorden dat wordt aangeboden is gereduceerd. De hoeveelheid leesstof is aangepast aan het leestempo van zwakke lezers, waardoor de kinderen meer succes ervaren en een betere leesmotivatie houden. De woordrijtjes worden een voor een opgebouwd, waardoor de kinderen minder visuele informatie tegelijk ontvangen. Als het rijtje vol is, kan dit gelezen worden. De tijd kan gemeten worden door op de knop start te drukken. Het rijtje kan meerdere keren gelezen worden, waarbij de tijd opgenomen kan worden. Aan de tijdbalkjes is te zien of het lezen al sneller is gegaan. Elke keer als opnieuw tijd wordt opgenomen voor het lezen van een rijtje, verandert de volgorde. De kinderen moeten dus ieder woord opnieuw lezen, waardoor ze minder op hun geheugen kunnen leunen. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 12 van 21
11. Letters flitsen Het flitsen van letters dient om te controleren of de letters voldoende vlot herkend worden. In deze module worden maximaal 20 van de aangeboden letters één voor één kort getoond. De serie flitsletters in kern 1 tot en met 6 wordt altijd afgesloten met de letter die het laatst is geleerd. Deze laatst geleerde letter blijft zodoende langer op het scherm staan dan de andere letters. De module Letters flitsen komt voor vanaf kern 1 dag 11 tot en met kern 8. In kern 7 en 8 wordt bij de selectie van letters gefocust op letters die vaak problemen opleveren, zoals de tweetekenklinkers. In deze module worden de letters één voor één kort getoond. U kunt zelf de flitssnelheid instellen door een keuze te maken uit 3 iconen die ieder voor een bepaalde snelheid staan: de fiets staat voor de laagste snelheid, de auto voor de hoogste snelheid en daartussen zit de brommer. Het is ook mogelijk om de letters handmatig te laten verschijnen met behulp van de pijltjes terug en vooruit. Op deze manier kunt u zelf per letter het tempo bepalen. De bekende letters kunt u sneller flitsen dan de letters die net zijn aangeleerd. U kunt desgewenst de aangeboden letters vervangen door andere letters via de button instellingen. Bij klik op instellingen verschijnt een pop-up scherm. De letters die door minimaal 1 kind in de groep fout zijn benoemd, zijn weergegeven in rood. U kunt deze letters vaker opnemen, in plaats van andere letters. Zo kunt u het aanbod afstemmen op de specifieke behoeften van uw leerlingen. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 13 van 21
12. Woorden flitsen Het flitsen van woorden dient om te controleren of de woorden voldoende vlot herkend worden. In deze module worden de woorden één voor één kort getoond. U kunt zelf de flitssnelheid instellen door een keuze te maken uit 3 iconen die ieder voor een bepaalde snelheid staan: het eendje staat voor de laagste snelheid, de speedboot voor de hoogste snelheid en daartussen zit het gewone bootje. Het is ook mogelijk om de woorden handmatig te laten verschijnen met behulp van de pijltjes terug en vooruit. Op deze manier kunt u zelf per woord het tempo bepalen. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 14 van 21
13. Woorden spellen met nieuwe letter Deze module wordt alleen gebruikt in kern 1 en 2 en is een voorbereiding op het auditief dictee dat de leerlingen in latere kernen zullen maken. De leerlingen leren hoe ze woorden correct moeten spellen en volgens welke stappen ze daarbij te werk moeten gaan. De leerlingen gebruiken hierbij de letterdoos. Bij klik op Zoem start de audio. Zoem zegt dat de leerkracht een aantal letters gaat noemen die de kinderen op de letterdoos mogen leggen. U dicteert 5 letters en de kinderen leggen de letters op de letterdoos. Bij klik op Zoem verschijnen deze letters één voor één in de hokjes. De letters worden tegelijkertijd verklankt. De leerlingen controleren of zij de letters goed hebben gelegd. De leerkracht geeft aan welke letters weg mogen. Bij klik op Zoem verdwijnen 2 letters en blijven 3 letters over. Bij klik op Zoem worden deze letters tegen elkaar geschoven. Welk woord staat er dan? Bij klik op Zoem schuiven de letters naar elkaar toe en wordt het woord kaas gevormd. Bij klik op het pijltje schuift het woord naar linksboven en dicteert de leerkracht een nieuw woord, sik. Zodra dat gelegd is door de kinderen kan met de la-vll gecontroleerd worden of zij het woord goed gelegd hebben. Bij klik op Zoem lichten de hokjes één voor één op; wat hoor je vooraan, wat hoor je in het midden en wat hoor je achteraan? Het stappenschema kan hierbij gebruikt worden. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 15 van 21
14. Structureerwoorden maken De module Structureerwoord maken heeft tot doel het structureerwoord te introduceren vanuit een bekend woord door wisseling van een letter met de nieuwe letter. Op het scherm staat Zoem met daarachter een woord, bijvoorbeeld maak. Bij klik op Zoem verschijnt de woordschuif. Lees zoemend samen met de kinderen via de woordschuif het woord maak. Eronder verschijnt een nieuw structureerschema waarvan het laatste vakje leeg is: maa-. Toon de wandplaat van maan met alleen de afbeelding. Welk woord gaan we maken? Bij klik op Zoem verschijnt de n in het laatste vak. Lees het woord maan zoemend met de woordschuif. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 16 van 21
15. Zoekwoorden maken Bij de module Zoekwoorden maken worden meerdere woorden opgebouwd. Op het scherm staat Zoem met daarachter een woord, bijvoorbeeld wip. Bij klik op Zoem verschijnt de woordschuif. Lees zoemend samen met de kinderen via de woordschuif het woord wip. Eronder verschijnt een nieuw structureerschema waarvan het laatste vakje leeg is: wi-. Bij klik op het letterdoosje gaat dit open. Daarin zien de leerlingen alle letters die tot dan toe zijn aangeboden. Bespreek met de leerlingen welke woorden gemaakt zouden kunnen worden. Daarna stelt u de vraag: welk woord zou Zoem gemaakt hebben? De letter t komt nu in het lege vakje. Er staat nu: wit. Zo ontstaat een rijtje met de volgende zoekwoorden: wip wit win wen woon woont. Met de dobbelsteen is het mogelijk om het rijtje te husselen en nogmaals te laten lezen. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 17 van 21
16. Auditief dictee Met de module Auditief dictee kunt u directe feedback geven bij een auditief letter-, woord- of zinsdictee. Bij de start van de module staan er lege vakken op het scherm. Bij klik op het pijltje vooruit worden de letters, woorden en zinnen één voor één getoond. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 18 van 21
17. Werkboekje Met deze module kunt u instructie bij de werkbladen geven, de pictogrammen op het werkblad uitleggen en eventueel 1 of 2 oefeningen samen met de leerlingen doen. Met behulp van de schuifbalk kunt u het werkblad vergroten en weer verkleinen tot het oorspronkelijke formaat. U kunt het werkblad ook steeds een percentage vergroten door te klikken op het plusteken. Bij klik op het minteken wordt het werkblad steeds een percentage kleiner. Indien u het werkblad vergroot, kunt u door middel van de scrollbar schuiven naar de gewenste plek op het werkblad. Alle werkbladen van de werkboekjes maan en zon van kern 1-11 en de werkbladen van het werkboekje Start zijn opgenomen. Met verschillende kleuren pennen en markeerstiften is het mogelijk om de werkwijze van de werkbladen uit te leggen. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 19 van 21
18. Auditieve analyse Deze module wordt ook gebruikt om instructie te geven bij auditieve analyse: op de la-vll worden 3 plaatjes getoond met onder elk woord een hakstrook. Dit is een klassikale voorbereiding op het werkblad dat de leerlingen daarna zelfstandig gaan maken. 19. Veilig & vlot Met deze module kunt u instructie bij Veilig & vlot geven: de nieuwe letter wordt geïntroduceerd, de pictogrammen worden uitgelegd en het lezen individueel of in duo s wordt uitgelegd. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 20 van 21
20. Leesboekje Dezelfde module wordt in de afronding van de les ingezet als het leesboekje zon gepresenteerd wordt. De zonleerlingen kunnen laten horen wat zij in deze les gelezen hebben. De andere kinderen in de les kunnen tijdens deze presentatie meelezen en/of meekijken op het digibord. 21. Filmpjes Pennenstreken Als u met Veilig leren lezen werkt in combinatie met de schrijfmethode Pennenstreken of in Vlaanderen met Ik pen, kunt u in de afronding van de Basisles kort aandacht besteden aan de vorm van de schrijfletter en aan de manier waarop deze letter geschreven wordt. Dit is een voorbereiding op de schrijfles die volgt. In de Basisles van de daaropvolgende dag kan dit filmpje indien gewenst herhaald worden. Veilig leren lezen Digiregie Artikelen Uitgeverij Zwijsen B.V., Tilburg blad 21 van 21