Arbeidsmarktkansen van afgestudeerden: het perspectief van werkgevers Martin Humburg, Rolf van der Velden en Annelore Verhagen
Achtergrond Menselijk kapitaal drijvende kracht economie: veel verwacht van afgestudeerden. Maar: arbeidsmarktkansen van afgestudeerden zijn niet altijd goed. Onderzoek onder afgestudeerden (bv. REFLEX / HEGESCO) geeft aan welke factoren succes op arbeidsmarkt bevorderen, maar dit is slechts één perspectief. Belangrijk om het werkgeversperspectief in te brengen.
Bijdrage van deze studie Onderzoek onder werkgevers vaak beperkt: Te algemeen (verwaarlozing specifieke vaardigheden). Of te specifiek (gericht op een enkele sector). Onrealistisch: wat is belangrijk? Alles! Resultaat: werkgevers willen schaap met 5 poten. Maar: Je kunt niet altijd krijgen wat je wilt. Bijdrage van deze studie: Realistischer beeld door werkgevers te forceren om te kiezen. Combinatie van kwantitatieve en kwalitatieve methoden.
Onderzoeksvragen Wat zijn de belangrijkste ontwikkelingen op de arbeidsmarkt voor afgestudeerden en wat betekent dit voor de competenties waarover ze moeten beschikken? Welke formele kenmerken zijn van invloed op de arbeidsmarktkansen van afgestudeerden? Welke competenties van invloed op de arbeidsmarktkansen van afgestudeerden?
Opzet van het onderzoek Literatuuronderzoek. Vignette studie: 900 werkgevers in 9 landen Simulatie van selectieprocedure in twee stappen. Stap 1: Uitnodiging sollicitatiegesprek op basis van CV kenmerken (bijvoorbeeld studie, werkervaring etc.). Stap 2: Selectie kandidaten op basis van rapporten van assessment centrum over hun competenties. Diepte-interviews met 120 werkgevers in 12 landen Focusgroepen met stakeholders (6-8 in elk land): instellingen HO, werkgevers, ministerie enz.
Voorbeeld: Dating gedrag Voorkeur Aardig: 35% Humor: 30% Intelligent: 25% Aantrekkelijk: 10% Keuze Jacky Chan (mr. Nice Guy) Mr. Bean Einstein Brad Pitt
Stap 1: Welke CV kenmerken zijn relevant?
De signaalwaarde van CV kenmerken: uitnodiging voor sollicitatiegesprek Opleidingsniveau (bachelor, master, doctor) Aansluiting baan-studierichting (studie sluit precies aan, studie gerelateerd, studie niet-gerelateerd) Relevante werkervaring (nee, 1 jaar, 2 jaar) Studie in het buitenland (nee, deels, geheel) Gemiddeld studiecijfer (beneden gemiddeld, gemiddeld, boven gemiddeld, top 10%) Prestige van de universiteit (top ranking, gemiddeld) Salaris (-25%, -10%, gemiddeld, +10%, +25%)
Belangrijkste kenmerken: Aansluitende studierichting en werkervaring De studierichting is echt een belangrijke indicator hoe snel iemand is ingewerkt. Werkervaring toont aan dat ze meteen aan de slag kunnen."
Voorkeur voor bachelor of master verschilt per land
Cijfers zijn belangrijk: het wordt lastig als je beneden gemiddeld scoort Mensen met lage cijfers kunnen het werk niet goed aan.
Prestige universiteit: Impact vergelijkbaar met boven gemiddelde versus gemiddelde cijfers Er zijn universiteiten die hebben een lage reputatie, en als de betreffende persoon dan ook nog eens gemiddelde cijfers heeft, dan betekent dit dat het niet een erg slim persoon is.
Studie in het buitenland is positief. Maar de effecten verschillen per land. Degenen die een half jaar in het buitenland hebben gezeten, beschikken over een andere state of mind, een zekere openheid."
Sommige kenmerken kunnen elkaar compenseren Niet precies aansluitende studie kan worden gecompenseerd met relevante werkervaring. Het niet hebben van een master opleiding kan worden gecompenseerd met relevante werkervaring. Hoge cijfers belangrijk wanneer je geen werkervaring hebt. Omgekeerd kan werkervaring beneden gemiddelde cijfers compenseren.
Stap 2: Welke competenties zijn relevant?
De keuze voor afgestudeerden: welke competenties zijn relevant? Rapporten van assessment centrum over competenties (hoogste 25%, gemiddeld, laagste 25%) Professionele expertise: 19.5% Sociale vaardigheden: 19.1% Commerciële / ondernemersvaardigheden: 17.6% Innovatieve / creatieve vaardigheden: 16.0% Strategische / organisatorische vaardigheden: 14.2% Algemene academische vaardigheden: 13.7%
Beneden gemiddelde scores zeer negatief
Algemene academische vaardigheden kunnen een gebrek aan professionele expertise niet compenseren
Gemiddelde allrounder krijgt voorkeur boven eenzijdige specialist
Effecten van hoge en lage prestaties Competenties % gemiddeld salaris Hoog vs. gemid. Laag vs. gem. Professionele expertise 17.3-29.7 Sociale vaardigheden 12.9-35.0 Commerciële vaardigheden 7.4-29.4 Innovatieve vaardigheden 14.0-26.3 Strategisch/organisatorische 12.7-24.1 vaardigheden Algemene academische vaardigheden 11.2-21.2
Effecten van hoge en lage prestaties Competenties % gemiddeld salaris Hoog vs. gemid. Laag vs. gem. Professionele expertise 17.3-29.7 Sociale vaardigheden 12.9-35.0 Commerciële vaardigheden 7.4-29.4 Innovatieve vaardigheden 14.0-26.3 Strategisch/organisatorische 12.7-24.1 vaardigheden Algemene academische vaardigheden 11.2-21.2
Effecten van hoge en lage prestaties Competenties % gemiddeld salaris Hoog vs. gemid. Laag vs. gem. Professionele expertise 17.3-29.7 Sociale vaardigheden 12.9-35.0 Commerciële vaardigheden 7.4-29.4 Innovatieve vaardigheden 14.0-26.3 Strategisch/organisatorische 12.7-24.1 vaardigheden Algemene academische vaardigheden 11.2-21.2
Conclusies (1) Lage prestaties hebben een hoge prijs: Kosten van beneden gemiddelde prestaties zijn het dubbele van de mogelijke voordelen van bovengemiddelde prestaties. Werkgevers kunnen deze risico's niet zomaar bundelen: Liever twee gemiddelde allrounders dan twee eenzijdige specialisten. Goede signalen over inzetbaarheid van afgestudeerden zijn daarom belangrijk: Aansluitende studierichting; relevante werkervaring; cijfers, prestige van de universiteit.
Conclusies (2) Het belang van specifieke kennis: Basis voor professionele expertise. Typische domein van HO. Beste voorspeller voor arbeidsmarktkansen. Algemene academische vaardigheden worden beschouwd als goed ontwikkeld en zijn dus niet doorslaggevend: HO succesvol in screening en signaleringsfunctie. Typische domein van HO maar algemene academische vaardigheden kunnen niet worden ontwikkeld zonder inhoud.
Conclusies (3) Sterk belang van sociale vaardigheden: Lage prestaties zeer nadelig. Maar deze kunnen ook elders ontwikkeld worden (bv. teamsport, studentenvereniging). Ruimte voor specialisatie: innovatieve/creatieve, commerciële/ondernemersvaardigheden: Niet iedereen hoeft dit te hebben. Kan het in HO worden ontwikkeld?
Beleidsimplicaties (1) Produceer een ideale mix van afgestudeerden in plaats van een 'ideale' afgestudeerde. Onderschat nooit het belang van specifieke kennis Innovatieve/creatieve en commerciële/ ondernemersvaardigheden zijn cruciaal voor de economische ontwikkeling: grote uitdaging voor HO om die te ontwikkelen.
Beleidsimplicaties (2) Maak een keuze welke vaardigheden ontwikkeld moeten worden in HO en welke niet. Onderwijstijd is beperkt, dus moeten we vragen: Is HO de meest efficiënte omgeving om deze vaardigheden te ontwikkelen? Op welke leeftijd kunnen deze vaardigheden het best ontwikkeld worden? Wat is de trade-off wanneer we kiezen voor het ontwikkelen van de ene i.p.v. de andere vaardigheid? Systematische kennis nodig: onderzoeksagenda.
Bedankt voor uw aandacht Meer informatie? R.vanderVelden@Maastrichtuniversity.nl De literatuurstudie What is expected of higher education graduates in the 21st century? verschijnt in: J. Buchanan, D. Finegold, K. Mayhew and C. Warhurst (eds.), Oxford Handbook of Skills and Training, Oxford University Press. Het rapport The Employability of Higher Education Graduates: The Employers Perspective verschijnt in December 2013 bij de Europese Commissie.