Bijen in Moerenburg Inventarisatie van drachtplanten en bijensoorten in Moerenburg

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Bijen in Moerenburg Inventarisatie van drachtplanten en bijensoorten in Moerenburg"

Transcriptie

1 Bijen in Moerenburg Inventarisatie van drachtplanten en bijensoorten in Moerenburg Jens Bokelaar Luuk Drukoningen 27 juni 2015 Bijen in moerenburg 5

2 Bijen in moerenburg 6

3 Projectbegeleider: Opdrachtgever: Auteurs: Karin van Dueren den Hollander Gert Brunink Jens Bokelaar Luuk Drykoningen Omslagfoto: Jens Bokelaar (2015) HAS Hogeschool, s-hertogenbosch 27 juni 2015 Bijen in moerenburg 7

4 Voorwoord Voor u ligt het onderzoeksrapport Inventarisatie bijen Moerenburg, waarin er een inventarisatie is uitgevoerd wat betreft de wilde bijen en drachtplanten in Moerenburg, Tilburg. Dit onderzoek is uitgevoerd door Toegepaste Biologie studenten van de HAS Hogeschool te s-hertogenbosch. Dit in opdracht van Gert Brunink. Wij willen onze projectbegeleider Karin van Dueren den Hollander in het bijzonder bedanken voor haar uitstekende begeleiding en ondersteuning gedurende dit project. Daarnaast willen wij als eerst de KNNV Tilburg bedanken voor het uitlenen van het verslag van de 777 soortendag. Daarnaast willen wij de KNNV bedanken daar wij dankzij hen gebruik konden maken van de faciliteiten van het Brabants natuurmuseum waaronder ook toegang tot de collectie van het Brabants natuurmuseum. Als laatste willen we ook Gert Brunink voor de tijd en moeite die in ons project heeft gestoken. Bijen in moerenburg 8

5 Inhoudsopgave Samenvatting Inleiding Materiaal en Methode Gebiedsbeschrijving Inventarisatie drachtplanten Inventarisatie Bijen Data-analyse Resultaten Gebied Aangetroffen bijen Aangetroffen planten Aangetroffen bijen op drachtplanten Gebied Aangetroffen bijen Aangetroffen planten Aangetroffen bijen op drachtplanten Gebied Aangetroffen bijen Aangetroffen planten Aangetroffen bijen op drachtplanten Gebied Aangetroffen bijen Aangetroffen planten Aangetroffen bijen op drachtplanten Discussie Conclusie Aanbevelingen Bronnen Bijen in moerenburg 9

6 Bijen in moerenburg 10

7 Samenvatting Vanwege de achteruitgang van de bijenstand in Nederland (Peeters, Raemakers, & Smit, 1999) is er een inventarisatie gedaan van de wilde bijen en drachtplanten in het natuurgebied Moerenburg. Een belangrijke reden voor de daling van de bijenpopulatie is de afname van de drachtplanten die de bijen van voedsel voorzien (Scheper, 2014). De inventarisatie is gedaan in opdracht van bioloog Gert Brunink. Aan de hand van het uitgevoerd onderzoek is vast te stellen welke gebieden momenteel al belangrijke voedselplanten bevatten en in welke maanden. Daarnaast geeft het onderzoek inzicht in de biodiversiteit van de bijen in Moerenburg, welke mogelijkheden er zijn om de biodiversiteit te verhogen en hoe het gebied beter voor bijen ingericht kan worden. Het onderzoeksgebied is onderverdeeld in 4 gebieden. In ieder gebied is een kwadrant uitgezet van 25 m². Alle drachtplanten en wilde bijen zijn in het onderzoeksgebied gedetermineerd. De aantallen van de drachtplanten in het kwadrant zijn ook genoteerd. De bijen zijn gevangen op plaatsen waar veel drachtplanten aanwezig waren. Van de bijen zijn ook de drachtplanten waarop ze gevonden zijn genoteerd. Er zijn in het totaal 38 soorten drachtplanten en 22 soorten wilde bijen aangetroffen in het onderzoeksgebied in Moerenburg. In maart zijn veel bijen gevonden op de Boswilg in gebied 1. Ook is hier een Zwart-rossezandbij populatie aangetroffen. Van begin tot midden april zijn veel bijen op de Gewone smeerwortel en Hondsdraf in gebied 4 gevonden. Eind april en begin juni zijn veel bijen op de Gewone braam gevonden. In de kwadranten in gebied 1, 3 en 4 is vooral Kruipende boterbloem en Hondsdraf gevonden. In het kwadrant in gebied 3 is ook veel Witte klaver aangetroffen. In gebied 2 in de kwadranten is vooral Bernagie en Vergeet-me-nietje aangetroffen. In Moerenburg zijn drie voor Nederland zeldzame bijen gevonden. Dit zijn de Gehoornde metselbij, de Ranonkelbij en de Wafelbloedbij. Geconcludeerd kan worden dat de wilde bijen populatie niet veel afwijkt van onderzoeken in vergelijkbare gebieden. De soorten drachtplanten komen in alle gebieden grotendeels overeen met uitzondering van de ingezaaide perken. Daarnaast werden tijdens het onderzoek minder dan 15 plantensoorten gezien die de wilde bijen in Moerenburg werkelijk als drachtplant gebruikten. Geconcludeerd kan worden dat er sprake is van een beperkte diversiteit van drachtplanten in Moerenburg. Op basis van de resultaten van het onderzoek zijn er aanbevelingen gedaan ten aanzien van het vergroten van de biodiversiteit van de drachtplanten, het aanvullen van drachtplanten in de voedselarme maanden en de nestmogelijkheden van de wilde bijen. Longitudinaal onderzoek is relevant om uitspraken te kunnen doen over veranderingen in de bijenpopulatie en de biodiversiteit in Moerenburg. Bijen in moerenburg 11

8 1. Inleiding Het gaat al een geruime tijd slecht met de bijen in Nederland (Peeters, Raemakers, & Smit, 1999). Vooral in agrarische gebieden is dit het geval. Zelfs in agrarische gebieden waar de boeren natuursubsidie ontvangen worden bijna geen wilde bijen meer aangetroffen (Kohler, Verhulst, Knop, Herzog, & Kleijn, 2007). De laatste jaren gingen de wilde bijen vooral achteruit omdat deze erg geleden hebben onder het gebruik van neonicotinoiden in pesticiden (Henry & et.al, 2012). De belangrijkste oorzaak van de afname van het aantal wilde bijen is echter de achteruitgang van de drachtplanten (Scheper, 2014). Het inventariseren van het aantal planten is erg belangrijk om iets te kunnen zeggen over het voortbestaan van de aanwezige bijenpopulaties, omdat er bij afwezigheid van de goede drachtplanten er niet genoeg voedsel is voor wilde bijen. Het is ook zeer van belang dat de gehele vliegperiode voedsel aanwezig is in de buurt van het nest (Kenniscentrum, 2015). Daarnaast is de informatie relevant om iets te kunnen zeggen over bijensoorten die zich mogelijk nog in het gebied kunnen vestigen. In eerder onderzoek is al gebleken dat de insectendiversiteit direct verband houdt met de diversiteit en talrijkheid van bloemen (Hoffman & et.al, 2007). Een groot deel van de Nederlandse bijen overwintert als imago (volwassen insect) alleen de zomersoorten overwinteren waarschijnlijk als prepop (Peeters, De Nederlandse bijen, 2012). Voor soorten bijen die vroeg in het voorjaar uitkomen is het belangrijk dat vroeg in het voorjaar al nectar aanwezig is als voedselbron. Dit heeft te maken met het feit dat vooral de volwassen dieren nectar drinken (Kenniscentrum, 2015). Bijen zijn belangrijke bestuivers voor planten. Indien er te weinig gespecialiseerde bestuivers aanwezig zijn in een gebied kan dit grote negatieve gevolgen hebben voor de plantenpopulatie. Een voorbeeld van een dergelijk gevolg is dat er bij afwezigheid van geschikte bestuivers een grote kans is op inteelt (Treuren & al., 1994), waarvoor kleine en geïsoleerde plantenpopulaties extra kwetsbaar zijn (Kwak & et.al., 1998), (Luijten & al., 2000). Wilde bijen hebben het niet alleen moeilijk vanwege bovengenoemde redenen maar op verschillende plaatsen wordt ook aangeduid dat bijen lijden onder de concurrentiedruk van honingbijen (Peeters, Raemakers, & Smit, 1999). Het is echter moeilijk te zeggen in hoeverre dit grote invloed heeft op de wilde bijenpopulatie omdat honingbijen hoofdzakelijk naar bloemen gaan voor de nectar (Breugel, 2014) en wilde bijen hoofdzakelijk voor het stuifmeel (Breugel, 2014). In het onderzoeksgebied stonden planten soorten die van oorsprong niet in Nederland voorkomen. Echter deze planten kunnen ook zeer belangrijk zijn voor de Nederlandse wilde bijen. Men weet namelijk uit onderzoek dat bijen af en toe ook planten als nectar en pollen als bron gebruiken die niet uit het oorspronkelijke leefgebied van de bij stammen (Williams & et.al., 2011). In opdracht van Gert Brunink zal er een inventarisatie plaatsvinden naar wilde bijen en hun drachtplanten in het natuurgebied Moerenburg. Aan de hand van het uitgevoerd onderzoek is vast te stellen welke gebieden momenteel al belangrijke voedselplanten bevatten en in welke maanden. Daarnaast geeft het onderzoek inzicht in de biodiversiteit van de bijen in Moerenburg, welke mogelijkheden er zijn om de biodiversiteit te verhogen en hoe het gebied beter voor bijen ingericht kan worden. Bij het onderzoek kan geen gebruik gemaakt worden van eerdere metingen in het gebied. Waardoor er na dit onderzoek geen conclusies getrokken kunnen worden over veranderingen in de bijenpopulatie en de biodiversiteit. Daarnaast is het niet mogelijk om een meting in een vast traject te doen omdat de drachtplanten gedurende de seizoenen variëren en daardoor ook de onderzoekslocatie (Loonstra, 2012). Bijen in moerenburg 12

9 2. Materiaal en Methode Gebiedsbeschrijving Moerenburg is een agrarisch gebied dat in het oosten van Tilburg ligt. Archeologisch gezien is Moerenburg zeer interessant omdat het al sinds de Steentijd bewoond is geweest. Tegenwoordig wordt Moerenburg vooral gebruikt als agrarisch gebied en als natuur- en recreatie gebied. Er loopt een natuurleerpad door Moerenburg en er worden regelmatig excursies verzorgd. Moerenburg is onderdeel van het Groene Woud. Dit is een project van de gemeenten Tilburg, Den Bosch en Eindhoven om een recreatief en groen gebied aan te leggen dat met elkaar verbonden is (Het Groene Woud, z.d.). In het gebied zijn door Brouwersgroen enkele zeldzame planten als Dubbelloof, Grote Pimpernel, Moerashertshooi en Pilvaren gevonden (Brouwersgroen, 2013). Het onderzoeksgebied ligt in het zuiden van Moerenburg en bestaat uit een nat weiland, nieuw aangelegde bloemenbermen op zand, een zand/kiezel pad en een rivier met plaatselijke zandafzetting. Hiernaast staat er ook één bijenhotel in het gebied. Door het gebied loopt een veelgebruikt fietspad dat over de brug gaat. De ingezaaide bloemenbermen zijn in de buurt van het fietspad aangelegd op een zandhoop op het asfalt van de brug. Inventarisatie drachtplanten Het onderzoeksgebied is opgedeeld in vier gebieden. In ieder deel is een kwadrant uitgezet van 25m², met uitzondering van de ingezaaide bloemperken, in het gebied liggen er naast elkaar 8 ingezaaide perkjes, hiervan waren de twee laagst gelegen perken gebruikt. Figuur 2.1 Onderzoeksgebied Moerenburg met aangegeven kwadranten en onderzoeksgebieden. Bijen in moerenburg 13

10 In ieder kwadrant zijn drachtplanten gedetermineerd en zijn de aantallen genoteerd. De planten zijn aan de hand van de boeken Heukels flora van Nederland (Meijden, 2005) gedetermineerd. Drachtplanten die niet in de kwadranten stonden maar wel in het onderzoeksgebied aanwezig waren zijn ook gedetermineerd, hiervan is opgeschreven in welk gebied ze gevonden zijn. De aantallen zijn hiervan echter niet genoteerd. Er is veldwerk gedaan op 23 maart, 13 april, 22 april, 5 mei en 10 mei. Veldwerk duurde van 10:00 uur in de ochtend tot ongeveer 16:00 in de middag. Inventarisatie Bijen De bijen werden door middel van een vlindernetje gevangen. Dit vlindernetje is ongeveer 180 cm lang zodat ook bijen die hoger in struiken zaten gevangen konden worden. Dit werd gedaan waar de meeste drachtplanten en dus de meeste bijen te vinden waren. De bijen werden dan in het veld gedetermineerd. Als dit in het veld niet lukte werd de bij gedood door middel van een potje met hierin nagellakremover (aceton). Hierdoor konden deze bijen nader in het lab bekeken worden. Ook is er aan de hand van foto s gedetermineerd. Ook werd er apart naar het insectenhotel gekeken. Om 10 uur werd een klamboe over het insectenhotel gedaan. Na ongeveer drie uur werden de, in het net aangetroffen, bijen gevangen en gedetermineerd. Het determineren gebeurde vooral aan de hand van het boekje Nieuwe insectengids (Chinery, 2012), daarnaast werd hoofdstuk 16 van het boek De Nederlandse bijen (Achterberg, 2012) gebruikt om te bepalen uit welke familie de te determineren bij afkomstig was. Data-analyse De aangetroffen drachtplanten worden in frequentietabellen genoteerd. Daarnaast worden de hoeveelheden drachtplanten genoteerd die in de kwadranten zijn aangetroffen. Er wordt per gebied in grafieken de hoeveelheiden drachtplanten over de periode waarin veldwerk is gedaan weergegeven. De bijen worden ook in een frequentietabel weergegeven met daarbij de drachtplant waarop hij is aangetroffen. Bijen in moerenburg 14

11 3. Resultaten Gebied 1 Aangetroffen bijen Gebied 1 is de enige plek waar zandbij soorten aangetroffen zijn. In de maanden april en mei zijn hier zeer weinig soorten aangetroffen. In juni wanneer de bramen en de Kale jonker in bloei staan zijn er in dit gebied weer veel bijen gevonden. In het veld zijn er veel bijensoorten te zien op de kale jonker en een enkele soort op de Kruipende boterbloem. In het bos deel zitten veel soorten op het grindpad, de Gewone bramen en de Kale jonker. Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Vindplaats Zwart-rossezandbij Andrena clarkella Boswilg en grindpad Noordwestelijke hoek van het gebied. Dwergzandbij complex Andrena minulata complex Boswilg Vroege zandbij Andrena preacox Boswilg Roodgatje Andrena haemorrhoa Boswilg Grijze zandbij Andrena vaga Boswilg Boomhommel Bombus hypnorum Gewone braam Steenhommel Bombus lapidarius Kruipende boterbloem Veldhommel Bombus lucorum Gewone braam, Kale jonker Akkerhommel Bombus pascuorum Boswilg, Hondsdraf, Gewone braam, Echte koekoeksbloem Weidehommel Bombus pratorum Hondsdraf, Gewone braam, Boswilg Vierkleurige koekoekshommel Bombus sylvestris Kale jonker Aardhommel Bombus terrestris Boswilg, Hondsdraf, Kruipende boterbloem, Gewone braam Halictus nog onbekende Kruipende boterbloem Hylaeus onbekend Gewone braam Lassioglossum onbekend Gewone braam Sphecodes onbekend Fig. 4.1 Bijensoorten met wetenschappelijke naam op alfabetisch volgorde aangetroffen in gebied 1 met de vindplaats. Bijen in moerenburg 15

12 Aangetroffen planten In het kwadrant in gebied 1 is vooral Kruipende boterbloem, Pinksterbloem en Hondsdraf aangetroffen. Buiten het kwadrant binnen het gebied stonden hiernaast ook nog; Scherpe Boterbloem, Echte Koekoeksbloem, Gewone smeerwortel, Fluitekruid, Meidoorn, Vlier, Witte Dovenetel, Witte Klaver, Fluitekruid, Kale Jonker en Gele Lis. Er zijn in het totaal 15 soorten drachtplanten aangetroffen. Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Maximum aantal Koolzaad Brassica napus 8 Pinksterbloem Cardamine pratensis 40 Hondsdraf Glechoma hederacea 10 Kruipende boterbloem Ranunculus repens 300 Grote muur Stellaria holostea 12 Fig. 4.2 Plantensoorten met wetenschappelijke naam op alfabetische volgorde uit het kwadrant in gebied 1 met maximum aantal aangetroffen individuen. Aangetroffen bijen op drachtplanten In gebied 1 bloeien van maart tot en met april Boswilgen die druk bezocht werden door bijen. Daarna zijn er vanaf eind april tot en met begin juni bijna geen bijen aangetroffen op een paar op Hondsdraf na. Vanaf mei gaan de Kruipende boterbloemen bloeien maar ook op deze planten zijn slechts enkele individuen gevonden. Pas wanneer de Gewone bramen en Kale jonkers gaan bloeien zijn er weer meer bijen in het gebied waargenomen. Fig. 4.3 Aanwezigheid van bloeiende drachtplanten en bijen in gebied 1 verdeeld over de tijd. Hoe hoger het rode deel hoe meer bijen op de bloeiende drachtplanten zijn gezien en hoe meer drachtplanten. Deze grafiek berust op waarnemingen. Bijen in moerenburg 16

13 Gebied 2 Aangetroffen bijen In gebied 2 zijn er maar een paar bijensoorten gevonden. Op het ingezaaide gedeelte zijn alleen honingbijen en hommels gevonden. In het voorjaar stonden net buiten gebied 2 over de houten brug een paar wilgen te bloeien waar nog enkele zandbijen en een wespbij gevonden zijn. Daarnaast zijn in het voorjaar hier nesten aangetroffen van de Zwart-rossezandbij. Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Vindplaats Zwart-rossezandbij Andrena clarkella Kolonie in het zand Roodgatje Andrena haemorrhoa Boswilg over de houten brug Grijze zandbij Andrena vaga Boswilg over de houten brug Akkerhommel Bombus pascuorum Bernagie Weidehommel Bombus pratorum Bernagie Aardhommel Bombus terrestris Bernagie Roodharige wespbij Nomada Boswilg over de houten brug Fig 4.4 Bijensoorten met wetenschappelijke naam op alfabetisch volgorde aangetroffen in gebied 2 met de vindplaats. Aangetroffen planten In het kwadrant in gebied 2 is vooral Bernagie, Madeliefjes en Vergeet-me-nietje aangetroffen. Buiten het kwadrant binnen het gebied stonden hiernaast ook nog; Avondkoekoeksbloem, Kale Jonker, Koolzaad, Echte valeriaan, Bieslook en Dagkoekoeksbloem. Er zijn in het totaal 17 soorten drachtplanten aangetroffen. Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Maximum aantal Look zonder look Allaria petiolata 1 Madeliefje Bellis Perennis 62 Bernagie Borago officinalis 70 Margriet Leucanthemum vulgare 2 Vergeet-me-nietje Myosotis 37 Klaproos Papaver 1 Vogelmuur Stellaria media 26 Paardenbloem Taraxacum officinale 12 Drie kleurig viooltje Viola tricolora 5 Exoten (onbekend) X 3 Fig. 4.5 Plantensoorten met wetenschappelijke naam op alfabetische volgorde uit het kwadrant in gebied 2 met maximum aantal aangetroffen individuen. Bijen in moerenburg 17

14 Aangetroffen bijen op drachtplanten In gebied 2 is de Bernagie de enige plant die vaker bezocht is door enkele bijen. Er nestelen in het voorjaar Zwart-rossezandbijen in dit gebied. Fig. 4.6 Aanwezigheid van bloeiende drachtplanten en bijen in gebied 2 verdeeld over de tijd. Hoe hoger het rode deel hoe meer bijen op de bloeiende drachtplanten zijn gezien en hoe meer drachtplanten. Deze grafiek berust op waarnemingen. Bijen in moerenburg 18

15 Gebied 3 Aangetroffen bijen In de overgang van het grasland naar het bos staan enkele Gewone bramen en Boswilgen, ook staat er Witte klaver in het gebied die wordt bezocht door de Akkerhommel. In het gebied zelf zijn maar zeer weinig bijensoorten aangetroffen. Nederlandse naam Lateinse naam Vindplaats Veldhommel Bombus lucorum Gewone Braam Akkerhommel Bombus pascuorum Boswilg, witte klaver, Gewone braam Aardhommel Bombus terrestris Boswilg, Gewone braam Fig. 4.7 Bijensoorten met wetenschappelijke naam op alfabetisch volgorde aangetroffen in gebied 3 met de vindplaats. Aangetroffen planten In gebied 3 in het kwadrant is vooral Hondsdraf, Witte klaver en Kruipende boterbloem aangetroffen. Buiten het kwadrant binnen het gebied stonden hiernaast ook nog; Look zonder look, Gewone Smeerwortel, Klein Vogelpootje, Zachte Ooievaarsbek, Stinkende Gouwe, Kers (onbekend), Roos (onbekend), Vlier en Gewone Braam. Er zijn in het totaal 17 soorten drachtplanten aangetroffen. Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Maximum aantal Hondsdraf Glecoma hederacea 30 Sint-Janskruid Jacobara vulgaris 1 Kruipende boterbloem Ranunculus repens 19 Grote muur Stellaria holostea 12 Paardenbloem Taraxacum officinale 4 Witte klaver Trifolium repens 28 Vreemde ereprijs Veronica peregrina 2 Tijmereprijs Veronica serpyllifolia 8 Fig. 4.8 Plantensoorten met wetenschappelijke naam op alfabetische volgorde uit het kwadrant in gebied 3 met maximum aantal aangetroffen individuen. Aangetroffen bijen op drachtplanten Gebied 3 is vanaf april een gebied waar veel wilde bijen zijn gevonden. Er zijn verscheidene voedselplanten in dit gebied. De meest voorkomende soort is Hondsdraf. Vanaf april groeien er ook Pinksterbloemen en Gewone smeerwortel. Wanneer de Gewone smeerwortel bijna is uitgebloeid staan er enkele Gewone bramen die veel worden bezocht door bijen. Fig. 4.9 Aanwezigheid van bloeiende drachtplanten en bijen in gebied 3 verdeeld over de tijd. Hoe hoger het rode deel hoe meer bijen op de bloeiende drachtplanten zijn gezien en hoe meer drachtplanten. Deze grafiek berust op waarnemingen. Bijen in moerenburg 19

16 Gebied 4 Aangetroffen bijen Tot midden april bloeien er geen planten in dit gebied. De Boswilgen die er staan bloeien niet en pas als de Gewone smeerwortel en de Hondsdraf gaan bloeien zijn er hommels in het gebied aan te treffen. In dit gebied staat ook een bijenhotel die soorten aantrekt die in de andere gebieden niet zijn gevonden. Er komt in dit gebied Smeerwortel, Gele lis en Hondsdraf voor, allemaal planten die bezocht werden door hommels. Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Vindplaats Boomhommel Bombus hypnorum Gewone smeerwortel Steenhommel Bombus lapidarius Kruipende boterbloem Veldhommel Bombus lucorum Gewone braam Akkerhommel Bombus pascuorum Hondsdraf, Gewone braam, gele lis, Gewone smeerwortel Weidehommel Bombus pratorum Hondsdraf, Gewone braam, Gele lis, Gewone smeerwortel Aardhommel Bombus terrestris Hondsdraf,Kruipende boterbloem, Gewone braam, Gele lis Ranonkelbij Chelostoma florisomne Tronkenbij Heriades truncorum Grote bladsnijder Megachille willughbiella Rossemetselbij Osmia bicornis/rufa Pinksterbloem Gehoornde metselbij Osmia cornuta Pinksterbloem Lassioglossum onbekend Braam Fig Bijensoorten met wetenschappelijke naam op alfabetisch volgorde aangetroffen in gebied 4 met de vindplaats. Aangetroffen planten In gebied 4 in het kwadrant is vooral Pinksterbloem, Hondsdraf en Gewone smeerwortel aangetroffen. Buiten het kwadrant binnen het gebied stonden hiernaast ook nog; Vergeet-me-nietje, Fluitekruid, Witte Dovenetel, Paarse Dovenetel, Tijmereprijs, Echte Koekoeksbloem, Kale Jonker, Gele Lis, Witte Klaver, Echte valeriaan, Dagkoekoeksbloem en Stinkende Gouwe. Er zijn in het totaal 23 soorten drachtplanten aangetroffen. Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Maximum aantal Madeliefje Bellis perennis 2 Kleine veldkers Cardamine hirsuta 8 Pinksterbloem Cardamine pratensis 50 Hondsdraf Glechoma hederacea 30 Scherpe boterbloem Ranunculus acris 2 Kruipende boterbloem Ranunculus repens 2 Vlier Sambucus nigra 1 Grote muur Stellaria holostea 8 Gewone smeerwortel Symphytym officinale 5 Paardenbloem Taraxum officinale 8 Fig Plantensoorten met wetenschappelijke naam op alfabetische volgorde uit het kwadrant in gebied 4 met maximum aantal aangetroffen individuen. Bijen in moerenburg 20

17 Aangetroffen bijen op drachtplanten In gebied 4 zijn zeer weinig bijen gevonden. In maart tot begin april wanneer de Boswilgen in dit gebied begonnen te bloeien waren er enige bijen te vinden. Daarna zijn er later in mei en juni weer enige bijen gezien op de Witte klaver en de Gewone braam. Fig Aanwezigheid van bloeiende drachtplanten en bijen in gebied 4 verdeeld over de tijd. Hoe hoger het rode deel hoe meer bijen op de bloeiende drachtplanten zijn gezien en hoe meer drachtplanten. Deze grafiek berust op waarnemingen. Bijen in moerenburg 21

18 4. Discussie Een doel van het onderzoek was inzicht krijgen in de biodiversiteit van de bijen in Moerenburg. In Moerenburg zijn er 31 bijensoorten gevonden waarvan 22 soorten in dit onderzoek zijn waargenomen. Dit is een behoorlijk aantal voor de korte tijd die er onderzocht is. De gevonden aantal soorten is daarnaast niet afwijkend van recent onderzoek met vergelijkbare metingen in landschappen in Nederland (Smit J. d., 2012) en (Reemer, 2014). Daarnaast wordt volgens Peeters (Peeters, De Nederlandse bijen, 2012) de uitkomst van een inventarisatieonderzoek van soorten bijen in grote mate bepaald door het schaalniveau van het onderzoek. Waarschijnlijk zijn er dus nog meer soorten te vinden in dit gebied daar dit onderzoek maar op kleine schaal is uitgevoerd. In Moerenburg zijn drie voor Nederland zeldzame bijen gevonden. Twee van de drie zeldzame bijen maken gebruik van het insectenhotel. Namelijk de Gehoornde metselbij en de Ranonkelbij. Er zijn van de Rosse metselbij, Gehoornde metselbij, Ranonkelbij, Glanzende bandgroefbij, Langkopsmaragdgroefbij, weidehommel, Veenhommel, Zwart-rosse zandbij en de Grijze zandbij nestparasieten waargenomen. Dit duidt er op dat van deze soorten een gezonde populatie aanwezig is. Alleen van de Ranonkelbij is dit niet met zekerheid te zeggen omdat de Gewone knotwesp ook op de Rosse metselbij parasiteert die in veel grotere aantallen aanwezig is. Hetzelfde geldt voor de Veenhommel en de Weidehommel, deze worden beide geparasiteerd door de Vierkleurige koekoekshommel. Het is dus niet met zekerheid te zeggen of beide populaties het zeer goed doen of dat de Vierkleurige koekoekshommel maar één soort als gastheer heeft in Moerenburg. Daarnaast is de Bosbloedbij gevonden. Echter kan niet gezegd worden op welke soort hij in de Moerenburg parasiteert daar hij veel verschillende gastheren heeft en er meerdere gastheren van deze soort gevonden zijn. Het is mogelijk dat er in dit gebied ook Gewone tubebijen aanwezig zijn omdat er zeer veel nestgaten van zijn gastheer (Tronkenbij) zijn gevonden. Beide soorten vliegen echter later in het jaar net als hun gastheer (Peeters, De Nederlandse bijen, 2012) (Breugel, 2014). Gebied 1 en 3 zijn qua voedsel voor de bijen het belangrijkste daar hier veel en een grote periodes bijen op voedselplanten zijn waargenomen. Echter zijn er ook in deze gebieden tijden waar de bijen vliegen maar er geen drachtplanten staan. In gebied 4 staan wel een paar voedselplanten maar zijn er maar weinig bijen gevonden. Een mogelijke oorzaak hiervan zou ook hier kunnen zijn dat sommige drachtplanten in de schaduw stonden. In gebied 2 zijn maar weinig bijen aangetroffen op de ingezaaide perken. Een verklaring hiervoor zou kunnen zijn dat de perken het grootste deel van het jaar in de schaduw staan van de bomen. Wanneer de zon wel op de ingezaaide perken schijnt drogen deze zeer snel uit en overleeft slechts gras op de perken. Er staan ook meerdere exoten op de ingezaaide stukken. Van de exoten is bestuiving door bijen alleen bij Bernagie kunnen waargenomen. De perken lijken daarmee niet zeer interessant voor bijen. Over de vooruitgang of achteruitgang van de bijenpopulatie kunnen er geen uitspraken worden gedaan omdat er maar één keer eerder onderzoek is gedaan naar bijensoorten in Moerenburg. Echter dit onderzoek is uitgevoerd in een andere periode van het jaar, wanneer andere bijen soorten vliegen (KNNV, 2007). Bijen in moerenburg 22

19 5. Conclusie Uit het aantal soorten bijen en parasieten op de bijen die gevonden zijn in Moerenburg is te concluderen dat de wilde bijen populatie niet veel afwijkt van vergelijkbare onderzoeken. Wel ondervindt de populatie mogelijk concurrentie door een grote hoeveelheid honingbijen. De soorten drachtplanten komen in alle gebieden grotendeels overeen met uitzondering van de ingezaaide perken. Daarnaast werden tijdens het onderzoek minder dan 15 plantensoorten gezien die de wilde bijen in Moerenburg werkelijk als drachtplant gebruikten. Geconcludeerd kan worden dat er sprake is van een beperkte diversiteit van drachtplanten in Moerenburg. Wel zijn er in het gebied in zijn totaliteit van maart tot juni altijd drachtplanten aanwezig. 6. Aanbevelingen Op basis van de resultaten van het onderzoek kunnen er aanbevelingen worden gedaan ten aanzien van het vergroten van de biodiversiteit van de drachtplanten en de nestmogelijkheden van de wilde bijen. In de Bijen van Nederland (Peeters, 2012) wordt ten aanzien het natuurbeheer benadrukt dat het essentieel is om te zorgen voor kleinschalige variëteit in drachtplanten en nestmogelijkheden te creëren om het aantal bijensoorten te vergroten. Daarbij is het belangrijk dat de drachtplanten die gepland of ingezaaid worden al aanwezige bestuivers hebben zodat de populatie van de drachtplanten langdurig blijft bestaan (Stuart, 2007). Aanbevolen wordt om de periodes van voedselschaarste in gebied 1 en 3 door middel van het planten van drachtplanten te voorkomen. Er kan gekozen worden voor het planten van enkele wilgen die niet geknot worden zodat ze elk jaar bloeien. Belangrijk is dat er wordt gekozen voor een wilg die al in maart begint te bloeien zoals de Katwilg (Meijden, 2005). Daarnaast dient deze wilg in de zon worden geplant. Om de drachtplant biodiversiteit te verhogen zou men een zogenoemde idylle kunnen aanleggen in bijvoorbeeld het gebied dat vrijkomt voor gebruik als de voetbalvelden worden weggehaald. In gebied 2 langs het fietspad net als rond de brug liggen grote stukken open zandgrond. Het is mogelijk om te streven naar gebiedjes met verschillende drachtplanten met als doel een graslandvegetatie op droge zandige bodem. Op de website Bijenhelpdesk is informatie te vinden over bloemen die in zaadmengsels toegepast kunnen worden. De meest interessante soorten zijn Zandblauwtje, Grasklokje en Gewone rolklaver (Bijenhelpdesk, z.d.) omdat deze planten drachtplanten zijn van veel soorten bijen en ook van gespecialiseerde bijensoorten die nu nog niet in het gebied zijn te vinden. Ten aanzien van het vergroten van de nestmogelijkheden is het aan te raden om op verschillende plaatsen kleine nestkastjes te hangen van bijvoorbeeld houtblokjes waar gaten in zijn geboord of een leuk alternatief is om te kijken of er een rietdak op huizen kan worden aangelegd. Dit wordt aangeraden omdat het bijenhotel dat aanwezig is al druk bezet is gezien het aantal dichtgemetselde gangen. Daarnaast heeft het als voordeel dat bijen meer keuze hebben voor hun nestlocaties en dus dichter bij de drachtplant kunnen nestelen en er zijn ook soorten die de voorkeur geven aan bijenhotels die niet al te druk worden bezocht zoals Wolbijen (Breugel, 2014). Tot slot is het wenselijk om de inventarisatie van soorten drachtplanten en wilde bijen jaarlijks te herhalen om de effecten van de maatregelen te metene daarnaast is het gebied langs het fietspad dat ook door gebied 2 loopt interessant om te onderzoeken daar aan weerszijde van het pad in het voorjaar wilgen bloeien en de grond zandig is. Bijen in moerenburg 23

20 Bronnen Achterberg, T. P. (2012). Hoofdstuk 16 Bijen determineren. In T. Peeters, De Nederlandse bijen (pp ). Naturalis Biodiversity Center. Breugel, P. (2014, mei). Gasten van bijenhotels. Opgehaald van Bestuivers.nl: Brouwersgroen. (2013, januari). Ecologisch groenbeheer Moerenburg. Opgehaald van Brouwers groen aannemers: Chinery, M. (2012). Nieuwe insectengids. Tirion. Corbet, P.-J. &. (2011). Opgeroepen op 2015, van gsschlussel_bombus.pdf Eggelte, H. (2012). Botanisch woordenboek. KNNV Uitgeverij. Henry, M., & et.al. (2012). A Common Pesticide Decreases Foraging Success and Survival in Honey Bees. Science Vol. 336 no. 607, Herrmann, ü. N. (2007). wildebijen.nl. Opgehaald van Het Groene Woud. (z.d., mei). Opgehaald van Het Groene Woud: Hoffman, F., & et.al. (2007). Diversiteit van planten en bloembezoekende insecten in relatie tot landgebruik. Entomologische berichten, 67(6). Hudewenz, A. (2013). Competition between honey bees and wild bees and the role of nesting resources in a nature reserve. Journal of Insect Conservation 17, Kenniscentrum, E. (2015, mei). Opgehaald van Bestuivers.nl: KNNV. (2007). Opgehaald van Moerenburg: soortendag_knnv_tilburg-2.pdf Kohler, F., Verhulst, J., Knop, E., Herzog, F., & Kleijn, D. (2007). Indirect effects of grassland extensification schemes on pollinators in two contrasting European countries. Biological Conservation 135, Kwak, M., & et.al. ( 1998). Pollen and gene flow in fragmented habitats. Applied Vegetation Science 1, Loonstra, A. P. (2012). Monitoring in het kader van de Stedelijke Ecologische Structuur Groningen. Haren. Luijten, S., & al., e. (2000). Population size, genetic variation and reproductive success in a rapidly declining, selfincompatible perennial (Arnica montana) in the Netherlands.. Conservation Biology 14, Bijen in moerenburg 24

21 Meijden, R. v. (2005). Heukels flora van Nederland. Noordhoff Uitgevers. Nieuwenhuijsen, I. R. (2007). Opgehaald van Peeters, T. (2012). De Nederlandse bijen. Natural Biodeversity Centre. Peeters, T., Raemakers, I., & Smit, J. (1999). Voorlopige atlas van de Nederlandse bijen. Opgehaald van Reemer, M. B. (2014). Bijen en andere bestuivers in stedelijk groen van Purmerend. Sarneel, M. (2005). Bloemen van Europa. Gräfe und Unzer Verlag GmbH. Scheper, J. v. (2014). Het belang van wilde bestuivers voor de landbouw en oorzaken voor hun achteruitgang. Wageningen: Alterra Wageningen UR. Smit, J. (2004). De wespbijen van Nederland. Opgehaald van Smit, J. (2009). Opgehaald van Smit, J. d. (2012). Wilde bijen in Deventer. Eigen uitgave. Straka, P. B. (2012). Review and identification of the cuckoo bees of central Europe. Opgehaald van Stuart, W. (2007). Insect Conservation Biology. CABI, Wallingford: Royal Entomological Society. Treuren, R. v., & al., e. (1994). Relationships between plant density, outcrossing rates and seed set in natural and experimental populations of Scabiosa columbaria. Journal of Evolutionary Biology 7, Williams, N., & et.al. (2011). Bees in disturbed habitats use, but do not prefer, alien plants. Basic and Applied Ecology 12, (z.d.). Opgehaald van Bijenhelpdesk: Zanden, G. v. (1982). Nederlandse faunistische mededelingen. Opgehaald van Bijen in moerenburg 25

Bijen in Stappengoor Inventarisatie van de wilde bijen op de wilgen

Bijen in Stappengoor Inventarisatie van de wilde bijen op de wilgen Bijen in Stappengoor Inventarisatie van de wilde bijen op de wilgen Jens Bokelaar s-hertogenbosch, 25 juni 2016 Bijen in Stappengoor 5 Opdrachtgever: Auteur: Marcel Horck Jens Bokelaar Omslagfoto: Wimperflankbij

Nadere informatie

De Groene Long Bij-vriendelijk-er. sturen op meer micromilieus

De Groene Long Bij-vriendelijk-er. sturen op meer micromilieus De Groene Long Bij-vriendelijk-er sturen op meer micromilieus Groene Long Paspoort Groene Wijk uit 1975: 35 jaar bos/groenontwikkeling Grootste aantal bewoners: 13.000 > hoogste waardering voor groen Gehele

Nadere informatie

INVENTARISATIE VAN PLANTEN EN

INVENTARISATIE VAN PLANTEN EN 23-6-2016 INVENTARISATIE VAN PLANTEN EN BIJEN. Elmar Adriaensen, Tim Kok Jeffrey van der Ven Inventarisatie van planten en bijen foto omslag: eigen foto Plaats en datum van voltooiing: 23-6-2016 Opdrachtgever

Nadere informatie

Boeren voor bijen. Bijensymposium 22 oktober 2011. Pieter Verdonckt inagro vzw

Boeren voor bijen. Bijensymposium 22 oktober 2011. Pieter Verdonckt inagro vzw Boeren voor bijen Bijensymposium 22 oktober 2011 Pieter Verdonckt inagro vzw Pollen en nectar in het landbouwlandschap Wat kan je als landbouwer doen voor bijen? Opzet experimentele pollen en nectarranden

Nadere informatie

Van veenweidegebied tot bijenlandschap. Menno Reemer

Van veenweidegebied tot bijenlandschap. Menno Reemer Van veenweidegebied tot bijenlandschap Menno Reemer Hoeveel soorten bijen komen er in Nederland voor? Foto s Roy Kleukers Foto Roy Kleukers Honingbij Honingbij, een apart geval Foto Roy Kleukers Sociale

Nadere informatie

(Ge)wilde bijen monitoren! Bijen in het algemeen. Geleedpotigen. Bijen, wespen en vliegen. Dezelfde soort? Waar gaan we het over hebben vanavond?

(Ge)wilde bijen monitoren! Bijen in het algemeen. Geleedpotigen. Bijen, wespen en vliegen. Dezelfde soort? Waar gaan we het over hebben vanavond? Waar gaan we het over hebben vanavond? over bijen in het algemeen en : waarom monitoren? wáár vind je bijen? En hoe kun je ze helpen? (Ge)wilde bijen monitoren! welke soorten doen mee? en wat valt er over

Nadere informatie

3.1 Akkerranden en wilde bestuivers Jeroen Scheper (WUR)

3.1 Akkerranden en wilde bestuivers Jeroen Scheper (WUR) 3.1 Akkerranden en wilde bestuivers Jeroen Scheper (WUR) Bestuivende insecten Ca. 88% wilde bloemplanten door insecten bestoven Ca. 84% gewassen in Europa door insecten bestoven Relevantie insectenbestuiving

Nadere informatie

Verslag inventarisatie bijen en angeldragende wespen (Hymenoptera: Aculeata) in Westduinpark en Bosjes van Poot 2015

Verslag inventarisatie bijen en angeldragende wespen (Hymenoptera: Aculeata) in Westduinpark en Bosjes van Poot 2015 Verslag inventarisatie bijen en angeldragende wespen (Hymenoptera: Aculeata) in Westduinpark en Bosjes van Poot 2015 Martijn Kos Resultaten In totaal werden er in de periode van 8 maart 2015 tot en met

Nadere informatie

Bijen en fauna-akkers. Wim Veraghtert & Jens d Haeseleer Natuurpunt Studie

Bijen en fauna-akkers. Wim Veraghtert & Jens d Haeseleer Natuurpunt Studie Bijen en fauna-akkers Wim Veraghtert & Jens d Haeseleer Natuurpunt Studie Bijen en fauna-akkers Wilde bijen, een korte inleiding Het fauna-akkerproject met RL De Voorkempen: onderzoeksvragen en resultaten

Nadere informatie

Iets over mijzelf. Wilde Bijen. Dit zijn wel bijen. Wat zijn bijen en wat niet? Honingbij. Goudwesp. Zweefvlieg. Sluipwesp Zweefvlieg

Iets over mijzelf. Wilde Bijen. Dit zijn wel bijen. Wat zijn bijen en wat niet? Honingbij. Goudwesp. Zweefvlieg. Sluipwesp Zweefvlieg Iets over mijzelf Wilde Bijen Frans van Alebeek februari 2013 Onderzoek Bijen & Bloemen in de stad (Lelystad) Wat zijn bijen en wat niet? Dit zijn geen bijen Zweefvlieg Goudwesp Sluipwesp Zweefvlieg Zweefvlieg

Nadere informatie

Wetenschappelijke naam: Bellis Perennis. Compositae

Wetenschappelijke naam: Bellis Perennis. Compositae Gemaakt door: Datum: Thomas Rozendaal 9-10-'11 Pagina 3 Madelief Pagina 4 Kale jonker Pagina 5 Speerdistel Pagina 6 Boterbloem Pagina 7 Gewone Brunel Pagina 8 Witte smeerwortel Pagina 9 Guichelheil Pagina

Nadere informatie

Wanneer God, Mozes vanuit de brandende braamstruik roept en hem de opdracht geeft om zijn volk uit Egypte te leiden, dan geeft Hij ook aan wat het

Wanneer God, Mozes vanuit de brandende braamstruik roept en hem de opdracht geeft om zijn volk uit Egypte te leiden, dan geeft Hij ook aan wat het Wilde bijen en zo. Daar gaat het over vanmorgen. De bijbelgedeelten die we hebben gelezen gaan eigenlijk ook over wilde bijen. Dat waren in het wild levende honingbijen. Wij hebben het vanmorgen over wilde

Nadere informatie

BIJEN IN LEEUWARDEN. Thijs Gerritsen & Bart Franken

BIJEN IN LEEUWARDEN. Thijs Gerritsen & Bart Franken BIJEN IN LEEUWARDEN Thijs Gerritsen & Bart Franken Wat komt er aan bod? o Even voorstellen o Bijen: wat zijn dat? o De mens en de bijen Intermezzo Akte 2 o De Leeuwarder bijen o Resultaten en conclusies

Nadere informatie

Beneluxseminarie, workshop bestuivers 08/11/2011 Jens D Haeseleer. Beneluxseminarie Educatie over Biodiversiteit via Voeding. Workshop Bestuivers

Beneluxseminarie, workshop bestuivers 08/11/2011 Jens D Haeseleer. Beneluxseminarie Educatie over Biodiversiteit via Voeding. Workshop Bestuivers Beneluxseminarie, workshop bestuivers 08/11/2011 Jens D Haeseleer Beneluxseminarie Educatie over Biodiversiteit via Voeding Workshop Bestuivers Inhoud Bestuiving Bestuivers Belang van bestuiving voor voedselvoorziening

Nadere informatie

(on)kruiden kennen. Datum: woensdag 8 februari Leerjaar 1 en 2 Tuin, Park en Landschap

(on)kruiden kennen. Datum: woensdag 8 februari Leerjaar 1 en 2 Tuin, Park en Landschap (on)kruiden kennen Datum: woensdag 8 februari 2017 Leerjaar 1 en 2 Tuin, Park en Landschap 2 Denk aan de toets Aan het einde van deze presentatie gaan we na of je de belangrijke termen die besproken worden

Nadere informatie

Donkere rimpelrug (Andrena bimaculata) in roggeakkers op de Duivelsberg

Donkere rimpelrug (Andrena bimaculata) in roggeakkers op de Duivelsberg Donkere rimpelrug (Andrena bimaculata) in roggeakkers op de Duivelsberg Jochem Kühnen, Beek Ubbergen, oktober 2010 Inleiding 22 Maart 2009 zag ik voor het eerst het massale optreden van wat later Andrena

Nadere informatie

Bijen en Landschapsbeheer

Bijen en Landschapsbeheer Bijen en Landschapsbeheer Hoe maken we het landschap bijenvriendelijk Wat betekent dat voor de biodiversiteit en de kwaliteit van het landschap Een selectie van de mogelijkheden Arie Koster -- www.bijenhelpdesk.nl

Nadere informatie

Wilde bijen in Deventer 2012

Wilde bijen in Deventer 2012 Wilde bijen in Deventer 2012 Jan Smit, Frank van der Meer, Erik van der Spek & Wim Klein Wilde bijen in Deventer 2012 Jan Smit, Frank van der Meer, Erik van der Spek & Wim Klein Colofon 2012, Jan Smit,

Nadere informatie

Den Haag Bij voorbeeld. Initiatiefvoorstel voor bijvriendelijk handelen

Den Haag Bij voorbeeld. Initiatiefvoorstel voor bijvriendelijk handelen Den Haag Bij voorbeeld Initiatiefvoorstel voor bijvriendelijk handelen Inleiding Bijensterfte neemt wereldwijd en in Nederland alarmerend toe. Door het grootschalige gebruik van giftige bestrijdingsmiddelen

Nadere informatie

Bijen en vlinders in de educatieve tuinen

Bijen en vlinders in de educatieve tuinen Bijen en vlinders in de educatieve tuinen RAPPORT Natuur.studie nummer 8 2014 Jens D Haeseleer uitgevoerd in opdracht van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie van de Vlaamse overheid De natuur

Nadere informatie

Voorjaarsweekend Tuinplezier EEN TUIN VOL LEVEN. De Botanische Tuinen van de Universiteit Utrecht maart Drachtplanten - Bijenplanten

Voorjaarsweekend Tuinplezier EEN TUIN VOL LEVEN. De Botanische Tuinen van de Universiteit Utrecht maart Drachtplanten - Bijenplanten Voorjaarsweekend Tuinplezier EEN TUIN VOL LEVEN De Botanische Tuinen van de Universiteit Utrecht 11-12 maart 2017 Drachtplanten - Bijenplanten planten voor bijen, vlinders en andere bloembezoekers Deze

Nadere informatie

Wilde bijen in natuur- en groenbeheer. Ivo Raemakers Menno Reemer

Wilde bijen in natuur- en groenbeheer. Ivo Raemakers Menno Reemer Wilde bijen in natuur- en groenbeheer Ivo Raemakers Menno Reemer 1 Waarom bijen? Rode Lijst: veel soorten bedreigd Functie in ecosysteem: belangrijke bestuivers Indicator voor natuurbeheer en natuurkwaliteit

Nadere informatie

Groen Kapitaal. Bevorderende maatregelen voor wilde bijen. Jeroen Scheper

Groen Kapitaal. Bevorderende maatregelen voor wilde bijen. Jeroen Scheper Groen Kapitaal Bevorderende maatregelen voor wilde bijen Jeroen Scheper 3 In Europa ~ 2000 wilde bijensoorten 275 264 357 376 548 913 580 647 1043 Theo Peeters Bloembezoek - Bijen zijn geheel afhankelijk

Nadere informatie

Bijen en zweefvliegen in het Land van Wijk en Wouden: nulmeting 2015. Menno Reemer EIS Kenniscentrum insecten

Bijen en zweefvliegen in het Land van Wijk en Wouden: nulmeting 2015. Menno Reemer EIS Kenniscentrum insecten Bijen en zweefvliegen in het Land van Wijk en Wouden: nulmeting 2015 Menno Reemer EIS Kenniscentrum insecten Een klimaatneutrale HEINEKEN brouwerij, een duurzame economie én een aangename leefomgeving

Nadere informatie

Blije bijen ontdekkingsroute

Blije bijen ontdekkingsroute Blije bijen ontdekkingsroute Handleiding vragen 1. Het vertrekpunt: START Vragen over de honingbij 2. De wandeling Vragen over de drie bijencategorieën: honingbijen, wilde bijen en hommels. Wilde bij Hommel

Nadere informatie

Soortensamenstelling van de Kamgrasweiden

Soortensamenstelling van de Kamgrasweiden Soortensamenstelling van de Kamgrasweiden Grassen Kruiden Vlinderbloemigen Kamgras Madeliefje Witte klaver Engels raaigras Paardenbloem Rode klaver Beemdlangbloem Scherpe boterbloem Kleine klaver Ruw beemdgras

Nadere informatie

DE NED ERLAND SE BIJEN

DE NED ERLAND SE BIJEN NATUUR VAN NEDERLAND 11 DE NED ERLAND SE BIJEN (HYMENOPTERA: A PIDAE S.L.) NATUUR VAN NEDERLAND 11 DE NED ERLAND SE BIJEN (HYMENOPTERA: A PIDAE S.L.) THEO M.J. PEETERS, HANS NIEUWENHUIJSEN, JAN SMIT,

Nadere informatie

Begin van een hobby (1983)

Begin van een hobby (1983) Wilde Bijen Frans van Alebeek april 2011 Voor de KNNV afdeling Lelystad Begin van een hobby (1983) Vosje (Andrena fulva) Signaalbij (Nomada signata) Grote wolzwever (Bombylus major) Insecten in Nederland

Nadere informatie

Tobi en. de wilde bijen

Tobi en. de wilde bijen Tobi en de wilde bijen Het is eindelijk paasvakantie en Tobi komt aan op de boerderij van zijn oom. Zijn nichtje Hanna wacht al op hem. Ze knuffelt Tobi en lacht: Kom, we gaan spelen! Lachend en pratend

Nadere informatie

Bijen en hun leefomgeving. Lezing door Arie Koster d.d

Bijen en hun leefomgeving. Lezing door Arie Koster d.d Bijen en hun leefomgeving Lezing door Arie Koster d.d. 14-11-2013 Inhoud presentatie - Wat zijn bijen - Indeling bijen - Herkenning wilde bijen - Wilde bijen in stedelijk gebied - Groenbeheer voor bijen

Nadere informatie

Samenvatting Inleiding

Samenvatting Inleiding Inleiding Biodiversiteit in de zin van aantallen soorten kan een cruciale rol spelen voor processen in een ecosysteem. Aangezien wereldwijd de soortenrijkdom achteruitgaat, kan dat het functioneren van

Nadere informatie

De patrijs, klant van de akkerrand. Achtergrondinformatie bij de lesbrief voor kinderen.

De patrijs, klant van de akkerrand. Achtergrondinformatie bij de lesbrief voor kinderen. De patrijs, klant van de akkerrand. Achtergrondinformatie bij de lesbrief voor kinderen. Tekeningen Ciel Broeckx, juni 2010. 1 De Europese Unie heeft in 2002 afgesproken om het verlies aan biodiversiteit

Nadere informatie

Bermenplan Assen. Definitief

Bermenplan Assen. Definitief Definitief Opdrachtgever: Opdrachtgever: Gemeente Assen Gemeente Mevrouw Assen ing. M. van Lommel Mevrouw M. Postbus van Lommel 30018 Noordersingel 940033 RA Assen 9401 JW T Assen 0592-366911 F 0592-366595

Nadere informatie

2009 DE MOSHOMMEL BOMBUS MUSCORUM IN ZUID-HOLLAND

2009 DE MOSHOMMEL BOMBUS MUSCORUM IN ZUID-HOLLAND 2009 DE MOSHOMMEL BOMBUS MUSCORUM IN ZUID-HOLLAND MERVYN ROOS & MENNO REEMER DE MOSHOMMEL BOMBUS MUSCORUM IN ZUID-HOLLAND 30 oktober 2009 tekst Mervyn Roos & Menno Reemer productie Stichting European

Nadere informatie

Wilde bijen in en rond Leiden

Wilde bijen in en rond Leiden Wilde bijen in en rond Leiden Welke bijen mogen we in onze streek verwachten? http://www.denederlandsebijen.nl/bijenperregio/leiden/index.htm Arie Koster (bijenmakelaar, stadsecoloog, specialist bijenbeheer)

Nadere informatie

Veldbezoeken Het gebied is op 5 september 2014 bezocht door Menno Reemer (EIS) samen met Peter van den Akker (Zuid-Hollands Landschap).

Veldbezoeken Het gebied is op 5 september 2014 bezocht door Menno Reemer (EIS) samen met Peter van den Akker (Zuid-Hollands Landschap). Bijenvraagbaak casus 4: Leiden Oostvlietpolder Menno Reemer (EIS Kenniscentrum Insecten) & Robbert Snep (Alterra) 10 september 2014 Vraagsteller: Marcel Belt & Nanda Ruijzing (Gemeente Leiden) Gebied:

Nadere informatie

Veldbezoeken Het gebied is op 16 juli 2014 bezocht door Menno Reemer (EIS) samen met Hendrik Baas (gemeente Zoetermeer).

Veldbezoeken Het gebied is op 16 juli 2014 bezocht door Menno Reemer (EIS) samen met Hendrik Baas (gemeente Zoetermeer). Bijenvraagbaak casus 1: Zoetermeer Westerpark Menno Reemer (EIS Kenniscentrum Insecten) & Robbert Snep (Alterra) 6 oktober 2014 Vraagsteller: Hendrik Baas (Gemeente Zoetermeer) Gebied: Zoetermeer, Westerpark,

Nadere informatie

Drachtverbetering!!! Van het grootste belang!!!!! Aat Rietveld,

Drachtverbetering!!! Van het grootste belang!!!!! Aat Rietveld, Drachtverbetering!!! Van het grootste belang!!!!! Aat Rietveld, yoga.riet@ziggo.nl Wat kan een imker doen?? Luisteren naar de argumenten en motieven van anderen. Voorlichting geven. Netwerken. Samenwerken

Nadere informatie

Wilde planten voor wilde bijen

Wilde planten voor wilde bijen Lathyrusbijen op brede lathyrus Wilde planten voor wilde bijen Over geschikte begroeiing en andere voorwaarden in de tuin Tekst en foto s: Arie Koster Wilde bijen staan al een aantal jaren in de belangstelling

Nadere informatie

Workshop. Bijenhotel

Workshop. Bijenhotel Workshop Bijenhotel 1 Blauwe ertsbij 2 Kleine roetbij Wespbij Zweefvlieg - grote ogen - 1 paar vleugels 3 - korte antennes 4 Bij of Wesp? Bijen - Stuifmeel en nectar (larvenvoedsel) - Verzamelapparaat

Nadere informatie

Bijen en volkstuinen

Bijen en volkstuinen Bijen en volkstuinen Hoe maken we volkstuinen bijenvriendelijk Een selectie van de mogelijkheden Arie Koster Voor meer informatie Voor planten voor bijen, vlinders en andere bloembezoekers www.drachtplanten.nl

Nadere informatie

De stadswijk als bijenbarrière

De stadswijk als bijenbarrière 2014 Van Hall Larenstein Michiel van Welsem De stadswijk als bijenbarrière Werkt stedelijk gebied als een barrière voor bijen rondom stadsnatuur gebieden? De potentiële barrièrewerking van stedelijk gebied

Nadere informatie

Het leven van wilde bijen. Het leven van wilde bijen

Het leven van wilde bijen. Het leven van wilde bijen Het leven van wilde bijen Biologie & beheer in de praktijk Anne Jan Loonstra Het leven van wilde bijen Samenstelling, onderzoek en fotografie Anne Jan Loonstra, Koeman en Bijkerk bv 1 Bijen Onderwerpen

Nadere informatie

De Wiershoeck- Kinderwerktuin, dinsdag 14 en woensdag 15 april 2015 vervolg. Dit is het vervolg op het eerste deel van mijn verslag.

De Wiershoeck- Kinderwerktuin, dinsdag 14 en woensdag 15 april 2015 vervolg. Dit is het vervolg op het eerste deel van mijn verslag. De Wiershoeck- Kinderwerktuin, dinsdag 14 en woensdag 15 april 2015 vervolg Beste natuurliefhebber/- ster, Dit is het vervolg op het eerste deel van mijn verslag. Een week geleden zag ik alleen nog maar

Nadere informatie

Ecologische tuin campus Wageningen UR. Ontwikkeld door Alterra en Praktijkonderzoek Plant & Omgeving

Ecologische tuin campus Wageningen UR. Ontwikkeld door Alterra en Praktijkonderzoek Plant & Omgeving Ecologische tuin campus Wageningen UR Ontwikkeld door Alterra en Praktijkonderzoek Plant & Omgeving Campus Wageningen UR De natuurtuin >kijkrichting foto > Ontstaansgeschiedenis natuurtuin Nieuwbouw Instituut

Nadere informatie

Bloemen en hun bezoekers

Bloemen en hun bezoekers INSTRUCTIEBOEKJE Bloemen en hun bezoekers Scala College Rietvelden 2013 BLOEMEN EN HUN BEZOEKERS a. BESCHRIJVING VAN DE OPDRACHT In deze veldles ga je kijken naar bloemen en de insecten die op bloemen

Nadere informatie

Werkbladen landschapsstudie

Werkbladen landschapsstudie Werkbladen landschapsstudie Naam: Start aan Noteer en duid aan op je kaart: Bos plantage - weide akker bebouwing Op welke hoogte ligt?. Op welke hoogte ligt het kruispunt?. Welk is het verschil tussen

Nadere informatie

Bijenmonitoren docentendeel

Bijenmonitoren docentendeel Bijenmonitoren docentendeel De doelen van deze les zijn: -Leerlingen kennen de kenmerken van een insect. -Leerlingen kunnen bijen van andere insecten onderscheiden. -Leerlingen kunnen werken met de zoekkaart

Nadere informatie

De Wiershoeck- Kinderwerktuin, dinsdag 21 april Beste natuurliefhebber/- ster,

De Wiershoeck- Kinderwerktuin, dinsdag 21 april Beste natuurliefhebber/- ster, De Wiershoeck- Kinderwerktuin, dinsdag 21 april 2015 Beste natuurliefhebber/- ster, Dit verslag is oud nieuws. We waren een paar weken afwezig, daardoor was ik gescheiden van mijn computer en moest dit

Nadere informatie

Oeverplanten in Lelystad

Oeverplanten in Lelystad Oeverplanten in Lelystad Inleiding Lelystad is rijk aan water. Binnen de bebouwde kom is een blauwe dooradering aanwezig van talloze wateren. Om de waterbergingscapaciteit te vergroten en de leefomgeving

Nadere informatie

Boterbloemen in het gras

Boterbloemen in het gras Boterbloemen in het gras Achtergrondinformatie De boterbloem behoort tot de familie der ranonkelachtigen. De wetenschappelijke naam Ranunculus betekent in het Latijn: kikkertje. Veel soorten hebben namelijk

Nadere informatie

Bijen in Appèlbergen Anne Jan Loonstra

Bijen in Appèlbergen Anne Jan Loonstra Bijen in Appèlbergen Anne Jan Loonstra Inleiding Appèlbergen is een gebied waar ik sinds een jaar of vijf regelmatig kom om er bijen, wespen en vliegen te bestuderen. Het afgelopen jaar heb ik zeer frequent

Nadere informatie

2010 WILDE BESTUIVERS IN APPEL- EN PERENBOOMGAARDEN IN DE BETUWE MENNO REEMER & DAVID KLEIJN

2010 WILDE BESTUIVERS IN APPEL- EN PERENBOOMGAARDEN IN DE BETUWE MENNO REEMER & DAVID KLEIJN 2010 WILDE BESTUIVERS IN APPEL- EN PERENBOOMGAARDEN IN DE BETUWE MENNO REEMER & DAVID KLEIJN Stichting EIS-Nederland, Leiden Alterra, Wageningen Met medewerking van: Bureau Ecologica, Maarheeze Wilde

Nadere informatie

Bijenhoudersvereniging St Ambrosius Boxtel

Bijenhoudersvereniging St Ambrosius Boxtel januari In deze maand zijn de hommelkoninginnen nog in hun winterslaap. februari Op een warme dag komt een hommelkoningin uit haar schuilplaats en gaat op zoek naar voedsel. Als het kouder wordt moet ze

Nadere informatie

RAADSVOORSTEL EN ONTWERPBESLUIT

RAADSVOORSTEL EN ONTWERPBESLUIT RAADSVOORSTEL EN ONTWERPBESLUIT Registratienummer raad 1099724 Datum: Behandeld door: 15 oktober 2013 P.Bakker Afdeling/Team: Stadsbeheer/ Staf Stadsbeheer Onderwerp: Bevordering bijenstand Purmerend Samenvatting:

Nadere informatie

Verslag Eindejaars Plantenjacht 2015 Natuurgroep Kockengen

Verslag Eindejaars Plantenjacht 2015 Natuurgroep Kockengen Verslag Eindejaars Plantenjacht 2015 Natuurgroep Kockengen Speuren naar bloeiende planten langs het Henri Dunantpad, 30 december 2015 foto: Pieter Hielema Theo van Schie Eindejaars Plantenjacht 2015 FLORON

Nadere informatie

Notitie. Inleiding. Achtergrond bijen. Moerland, W. (bsr) & S. Jaarsma (NMR) Groene daken als leefgebied voor wilde bijen

Notitie. Inleiding. Achtergrond bijen. Moerland, W. (bsr) & S. Jaarsma (NMR) Groene daken als leefgebied voor wilde bijen Notitie Opdrachtgever: Auteur: Betreft: n.v.t. Projectnummer: 2012-12-2 Datum: 03-04-2012 Status: Moerland, W. (bsr) & S. Jaarsma (NMR) Groene daken als leefgebied voor wilde bijen definitief bezoekadres:

Nadere informatie

Wilde bijen in de stad

Wilde bijen in de stad Wilde bijen in de stad Nemen stadsbijen toe of af Arie Koster Arie Koster (bijenmakelaar, stadsecoloog, specialist bijenbeheer) www.bijenhelpdesk.nl ariekoster@bijenhelpdesk.nl http://bijenhelpdesk.nl/flyer.pdf

Nadere informatie

Bijen en zo. Villa Augustus 6 mei 2014. Adriaan Guldemond, CLM Eva Cossee

Bijen en zo. Villa Augustus 6 mei 2014. Adriaan Guldemond, CLM Eva Cossee Bijen en zo Villa Augustus 6 mei 2014 Adriaan Guldemond, CLM Eva Cossee Maar eerst een BIJENQUIZ Alle antwoorden staan in Het lied van de honing Vraag 1: Hoe lang leeft een bijenkoningin? 1 jaar of 5 jaar

Nadere informatie

Bijen en wespen van De Maashorst. Pieter van Breugel

Bijen en wespen van De Maashorst. Pieter van Breugel Bijen en wespen van De Maashorst Pieter van Breugel Een roodharige wespbij wordt verjaagd door een rode bosmier. Colofon Uitgegeven door: Auteur: Foto s: Opmaak: Redactie: Wijze van citeren: Natuur- en

Nadere informatie

Wilde bijen in nood. Hoe kan jij helpen?

Wilde bijen in nood. Hoe kan jij helpen? Wilde bijen in nood. Hoe kan jij helpen? EEN PLUSPUNT VOOR DE NATUUR Bijen in nood We horen steeds vaker dat bijen massaal verdwijnen. Bijenkast na bijenkast staat leeg. Niet alleen honingbijen boeren

Nadere informatie

De grond waarop wij wonen

De grond waarop wij wonen GROEP 5/6 De grond waarop wij wonen Doel: Planten horen bij de grond waarop wij wonen. Dit onderdeel gaat over het onderzoekend verkennen van de vegetatie in de omgeving van de kinderen van de middenbouw.

Nadere informatie

Wilde bijen in nood. Hoe kan jij helpen?

Wilde bijen in nood. Hoe kan jij helpen? Wilde bijen in nood Hoe kan jij helpen? Bijen in nood We horen steeds vaker dat bijen massaal verdwijnen. Bijenkast na bijenkast staat leeg. Niet alleen honingbijen boeren achteruit, ook heel wat wilde

Nadere informatie

De Wiershoeck-Kinderwerktuin, dinsdag 19 april Beste natuurliefhebber/-ster,

De Wiershoeck-Kinderwerktuin, dinsdag 19 april Beste natuurliefhebber/-ster, De Wiershoeck-Kinderwerktuin, dinsdag 19 april 2016 Beste natuurliefhebber/-ster, Eindelijk was het weer eens een zonnige dinsdag, de temperatuur was aangenaam en er was redelijk veel te zien op de tuinen.

Nadere informatie

Pollen- en nectarranden: een hoopvol experiment in landbouwgebied. Dieter Depraetere Proclam vzw 17 april 2010

Pollen- en nectarranden: een hoopvol experiment in landbouwgebied. Dieter Depraetere Proclam vzw 17 april 2010 Pollen- en nectarranden: een hoopvol experiment in landbouwgebied Dieter Depraetere Proclam vzw 17 april 2010 Bijen boeren achteruit in onze West-Vlaamse agrarische topregio "Het land van melk en honing:

Nadere informatie

Wilde bijensoorten in een stedelijke omgeving: stad Antwerpen

Wilde bijensoorten in een stedelijke omgeving: stad Antwerpen 08 antenne oktober-december 2014 jaargang 8 nr. 4 Wilde bijensoorten in een stedelijke omgeving: stad Antwerpen Kyra Koch (e-mail: kyra.koch@gmail.com) Inleiding Bijen zijn zeer waardevol voor de mensheid

Nadere informatie

NME-leerroute Kleine inwoners van de stad 8

NME-leerroute Kleine inwoners van de stad 8 NME-leerroute Kleine inwoners van de stad 8 Groep 1 Tilburg, BS Jeanne d Arc Verhaal voor de kinderen Tijdens deze wandeling ontdekken we meer over de bijen, kleine maar belangrijke inwoners van de stad.

Nadere informatie

Lijst van planten die geplukt mogen worden voor de herbariumwedstrijd

Lijst van planten die geplukt mogen worden voor de herbariumwedstrijd Lijst van planten die geplukt mogen worden voor de herbariumwedstrijd Bomen en struiken (alleen de bladeren plukken) 10 soorten verplicht 1. acacia 2. Amerikaanse eik 3. berk 4. beuk 5. braam 6. els 7.

Nadere informatie

Notitie flora en fauna

Notitie flora en fauna Notitie flora en fauna Titel/locatie Projectnummer: 6306 Datum: 11-6-2013 Opgesteld: Rosalie Heins Gemeente Baarn is voornemens om op de locatie van de huidige gemeentewerf een nieuwe brede school ontwikkelen.

Nadere informatie

Diversiteit van planten en bloembezoekende insecten in relatie tot landgebruik

Diversiteit van planten en bloembezoekende insecten in relatie tot landgebruik 193 Diversiteit van planten en bloembezoekende insecten in relatie tot landgebruik Frank Hoffmann Manja M. Kwak TREFWOORDEN biodiversiteit, graslandbeheer, slootkanten, wegbermen Entomologische Berichten

Nadere informatie

WILDE BIJEN IN DEN HAAG

WILDE BIJEN IN DEN HAAG WILDE BIJEN IN DEN HAAG EEN VERSLAG VAN DE BIJENMONITOR 2012 Haags Milieucentrum Riviervismarkt 5 2513 AM DEN HAAG 070-361 69 69 info@haagsmilieucentrum.nl www.haagsmilieucentrum.nl www.facebook.com/haagsmilieucentrum

Nadere informatie

Wilde bijen in nood. Hoe kan jij helpen?

Wilde bijen in nood. Hoe kan jij helpen? Wilde bijen in nood Hoe kan jij helpen? Bijen in nood We horen steeds vaker dat bijen massaal verdwijnen. Bijenkast na bijenkast staat leeg. Niet alleen honingbijen boeren achteruit, ook heel wat wilde

Nadere informatie

Groenbeheer met oog voor bijen

Groenbeheer met oog voor bijen Groenbeheer met oog voor bijen Voorbeelden van bijenvriendelijk beheer in openbaar groen toepasbaar in Groningen, Friesland en Drenthe Arie Koster Voor meer informatie voor ecologisch groenbeheer voor

Nadere informatie

Solitaire bijen: van koele minnaar tot trouwe partner in de fruitteelt, Agrolink workshop 04/05/2016

Solitaire bijen: van koele minnaar tot trouwe partner in de fruitteelt, Agrolink workshop 04/05/2016 Solitaire bijen: van koele minnaar tot trouwe partner in de fruitteelt, Agrolink workshop 04/05/2016 dr. ir. Tim Belien diensthoofd Zoölogie pcfruit vzw Dit project is gefinancierd binnen het Interreg

Nadere informatie

Tien jaar bijen bijeen in een stadstuin in Appingedam: een methodologische en ecologische analyse

Tien jaar bijen bijeen in een stadstuin in Appingedam: een methodologische en ecologische analyse Tien jaar bijen bijeen in een stadstuin in Appingedam: een methodologische en ecologische analyse Jan Kuper Inleiding Geïnspireerd door het enthousiasme van Stichting Bargerveen-collega Theo Peeters, die

Nadere informatie

Wilde bijen in Amsterdam Zuid

Wilde bijen in Amsterdam Zuid Wilde bijen in Amsterdam Zuid Een inventarisatie van wilde bijen in het openbaar groen van stadsdeel Zuid A. Koster F.A.L. Nieuwenhuis Augustus 2014 In opdracht van Gemeente Amsterdam, Stadsdeel Zuid Woord

Nadere informatie

WERKBLAD OPDRACHTEN. Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen. 2008 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen

WERKBLAD OPDRACHTEN. Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen. 2008 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen Dassenwerk WERKBLAD OPDRACHTEN Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen 2008 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen 1. Waar ben je? Je gaat een onderzoek doen in een klein gebied van Nationaal

Nadere informatie

Bevordering van natuurbeleving in Moerenburg

Bevordering van natuurbeleving in Moerenburg Bevordering van natuurbeleving in Moerenburg Bakkers, S. & Bloemberg, M.S., s-hertogenbosch, 26 juni 2015 Eindrapportage afstudeeropdracht, opleiding Toegepast Biologie Bee-o-topen Moerenburg-Piushaven

Nadere informatie

Informatie over het herbarium

Informatie over het herbarium Informatie over het herbarium Het woord herbarium is afkomstig van het Latijnse woord Herba dat kruid betekent. Een herbarium is eigenlijk een verzameling kruiden. Maar het bevat ook bladeren, bloeiwijzen

Nadere informatie

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN van het raadslid mevrouw M.J.E. de Groot. sv RIS Regnr. DSB/ Den Haag, 15 februari 2011

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN van het raadslid mevrouw M.J.E. de Groot. sv RIS Regnr. DSB/ Den Haag, 15 februari 2011 Gemeente Den Haag BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN van het raadslid mevrouw M.J.E. de Groot sv 2011.031 RIS 178468 Regnr. DSB/2011.58 Den Haag, 15 februari 2011 Inzake: Bijen en bestuivende insecten

Nadere informatie

Bijscholing compostmeesters Insectenhotel. Hotels bouwen voor

Bijscholing compostmeesters Insectenhotel. Hotels bouwen voor Bijscholing compostmeesters Insectenhotel Hotels bouwen voor Algemeenheden geen cursus entomologie : duur 15 minuten Nut (waarom)?? Waarvoor opletten?? tuinafval biedt nesthulp aan allerhande dieren Voorbeelden

Nadere informatie

ADVIEZEN VOOR EEN BIJENRIJKER SINGELPARK. Menno Reemer (EIS Kenniscentrum Insecten) Robbert Snep (Alterra) Augustus 2015 INLEIDING

ADVIEZEN VOOR EEN BIJENRIJKER SINGELPARK. Menno Reemer (EIS Kenniscentrum Insecten) Robbert Snep (Alterra) Augustus 2015 INLEIDING ADVIEZEN VOOR EEN BIJENRIJKER SINGELPARK Menno Reemer (EIS Kenniscentrum Insecten) Robbert Snep (Alterra) Augustus 2015 INLEIDING De gemeente Leiden werkt aan de inrichting van een ringvormig stadspark

Nadere informatie

Achtergrondinformatie

Achtergrondinformatie 1 Achtergrondinformatie Planten groeien niet willekeurig door elkaar. Afhankelijk van verschillende milieufactoren (grondsoort, waterstand, zon, schaduw, betreding, bemesting, enz.) kunnen we verschillende

Nadere informatie

Al het natuur- en milieuaanbod in Holland Rijnland onder één dak. Samen Duurzaam wordt mogelijk gemaakt door de gemeenten in Holland Rijnland.

Al het natuur- en milieuaanbod in Holland Rijnland onder één dak. Samen Duurzaam wordt mogelijk gemaakt door de gemeenten in Holland Rijnland. 13 mei 2015 nummer 2/2015 Al het natuur- en milieuaanbod in Holland Rijnland onder één dak. Samen Duurzaam wordt mogelijk gemaakt door de gemeenten in Holland Rijnland. Bijen special Dit keer staat de

Nadere informatie

Quickscan FF-wet voor ontwikkelingen aan Wedderstraat 18 te Vlagtwedde.

Quickscan FF-wet voor ontwikkelingen aan Wedderstraat 18 te Vlagtwedde. Quickscan FF-wet voor ontwikkelingen aan Wedderstraat 18 te Vlagtwedde. Quickscan FF-wet voor ontwikkelingen aan Wedderstraat 18 te Vlagtwedde. Status Definitief Datum 7 april 2015 Handtekening Matthijs

Nadere informatie

QUICKSCAN EDESEWEG 51 WEKEROM

QUICKSCAN EDESEWEG 51 WEKEROM QUICKSCAN EDESEWEG 51 WEKEROM Colofon Opdrachtgever: Tulp-Bijl B.V. Titel: Quickscan Edeseweg 51 Wekerom Status: Definitief Datum: Februari 2013 Auteur(s): Ir. M. van Os Foto s: M. van Os Kaartmateriaal:

Nadere informatie

De Staart in kaart. 4 jaar bosontwikkeling op voormalige akkers

De Staart in kaart. 4 jaar bosontwikkeling op voormalige akkers De Staart in kaart 4 jaar bosontwikkeling op voormalige akkers Esther Linnartz Juli 2008 Inleiding De Staart is een natuurgebied van 24 hectare aan noordoost kant van Oud-Beijerland en ligt aan de oevers

Nadere informatie

Nieuwsbrief» Stichting Natuurvrienden Capelle aan den IJssel e.o. nummer 2 april 2012. Metselbijen

Nieuwsbrief» Stichting Natuurvrienden Capelle aan den IJssel e.o. nummer 2 april 2012. Metselbijen Stichting Natuurvrienden Capelle aan den IJssel e.o. Nieuwsbrief» nummer 2 april 2012 Het jaar 2012 is het jaar van de bever, van de das, van de historische buitenplaatsen, van de draak en van nog een

Nadere informatie

Effecten van honingbijen, Apis mellifera, op insecten in natuurterreinen

Effecten van honingbijen, Apis mellifera, op insecten in natuurterreinen 103 Effecten van honingbijen, Apis mellifera, op insecten in natuurterreinen Erik van der Spek TREFWOORDEN Apidae s.l., bloembezoek, concurrentie, natuurbeheer, richtlijnen Entomologische Berichten 72

Nadere informatie

bosplantsoen Dunnen van

bosplantsoen Dunnen van De gemeente Ede streeft naar een natuurlijk beheer van het openbaar groen. Deze manier van beheren is vooral geschikt voor de grotere groenobjecten, bijvoorbeeld bosplantsoen. Bij het juiste beheer kan

Nadere informatie

Inrichting en beheer van groen voor insecten in het bijzonder wilde bijen

Inrichting en beheer van groen voor insecten in het bijzonder wilde bijen Inrichting en beheer van groen voor insecten in het bijzonder wilde bijen Hoe maken we het landschap bijenvriendelijk Een selectie van de mogelijkheden Voor meer informatie voor ecologisch groenbeheer

Nadere informatie

Memo. Figuur 1 Ligging Planlocatie (rode ster) (Bron: Google Maps)

Memo. Figuur 1 Ligging Planlocatie (rode ster) (Bron: Google Maps) Memo nummer 1 datum 10 februari 2014 aan Ron Vleugels Gemeente Maastricht van Luc Koks Antea Group Ton Steegh kopie project Sporthal Geusselt-stadion projectnummer 265234 betreft Toetsing natuurwetgeving

Nadere informatie

Een vegetatieopname maken 6 Een flora-inventarisatie uitvoeren 9 Een natuurtoets uitvoeren 11

Een vegetatieopname maken 6 Een flora-inventarisatie uitvoeren 9 Een natuurtoets uitvoeren 11 Inhoudsopgave 2inhoudsopgave A B C G Oriëntatie s Oriënteren op het onderzoeken van flora en fauna 4 Werkwijzer Een vegetatieopname maken 6 Een flora-inventarisatie uitvoeren 9 Een natuurtoets uitvoeren

Nadere informatie

. Onderzoek naar voedselconcurrentie

. Onderzoek naar voedselconcurrentie I. -m-. Onderzoek naar voedselconcurrentie M.J. van Ierse1 'De stuifmeeldracht van honingbijen en solitaire bijen in het agrarisch cultuurlandschap' door Gabriële Fotler Al voor de tijd van de industrialisering

Nadere informatie

2012 WILDE BESTUIVERS IN

2012 WILDE BESTUIVERS IN 2012 WILDE BESTUIVERS IN APPEL- EN PERENBOOMGAARDEN IN DE BETUWE IN 2010 EN 2011 MENNO REEMER & DAVID KLEIJN Stichting EIS-Nederland, Leiden Alterra, Wageningen Met medewerking van: Bureau Ecologica,

Nadere informatie

Inhaalverslag Moerputten

Inhaalverslag Moerputten Inhaalverslag Moerputten In dit document het verslag van de inhaalopdracht die is gedaan in de Moerputten bij Den Bosch. Het is een verslag dat een vervanging is voor een volledige veldwerkdag. Er is een

Nadere informatie

De Wiershoeck-Kinderwerktuin, dinsdag 3 mei 2016. Beste natuurliefhebber/-ster,

De Wiershoeck-Kinderwerktuin, dinsdag 3 mei 2016. Beste natuurliefhebber/-ster, De Wiershoeck-Kinderwerktuin, dinsdag 3 mei 2016 Beste natuurliefhebber/-ster, Het was een heel aangename dag, maar er was minder te zien dan ik had gehoopt/verwacht. Twee dagen eerder waren we in de Hortus

Nadere informatie

Quickscan natuur Besto terrein Zwartsluis

Quickscan natuur Besto terrein Zwartsluis Quickscan natuur Besto terrein Zwartsluis 3 april 2014 Zoon ecologie Colofon Titel Quickscan natuur Besto terrein Zwartsluis Opdrachtgever mro Uitvoerder ZOON ECOLOGIE Auteur C.P.M. Zoon Datum 3 april

Nadere informatie

Project Planten ABC. Week 1ABC: Algemeen

Project Planten ABC. Week 1ABC: Algemeen Project Planten ABC Week 1ABC: Algemeen Info: Planten Planten eten, ademen en groeien. Sommige planten houden van natte grond. Anderen van droge grond. Sommige planten houden van veel zon en warmte. Anderen

Nadere informatie