Van vangnet tot fuik?

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Van vangnet tot fuik?"

Transcriptie

1 Van vangnet tot fuik?

2

3 Pensioenessays Deel 8 Van vangnet tot fuik? De serie Pensioenessays staat onder redactie van: prof. dr. mr. Robert N.J. Kamerling RA mr. Roy R. Kramer RA

4 Omslag: Gouache Nyenrode 2008 Guus van Eck Omslagontwerp, druk en productie: Eva de Hilster grafische vormgeving en uitvoering ISBN: Nyenrode Tax Academy Press, maart 2015 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm, elektronisch op geluidsband of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Nyenrode Business Universiteit.

5 Aan de lezer(es): Waar in deze uitgave de mannelijke voornaamwoorden hij, hem of zijn worden gebruikt in een context die met evenveel recht en reden het gebruik van vrouwelijke voornaamwoorden zou rechtvaardigen, gelieve u naar eigen inzicht zij of haar te lezen. Mutatis mutandis geldt dat ook voor het gebruik van mannelijke beroepsnamen en soortgelijke aanduidingen.

6

7 Inhoud Van vangnet tot fuik? 9 Pensioensector in een diepe crisis? 15 Toine Aarts en Dirk Jan de Bruijn Waar blijft de belanghebbende in de pensioendiscussie? 35 Henk van Drunen Een ander gezicht van intern toezicht 51 Linda Hobbelt en Marianne Treur-Frumau Meten is weten 67 Janette Kuiper-Rietbergen en Karin Nierop Is de houdbaarheidsdatum van onze financiële modellen verstreken? 81 Robert van Loon Pensioen verdient reclame 95 Arno Reekers Geen vrijheid maar verplichting: de zzp er en zijn pensioen 105 Leo Rolf Het nieuwe pensioen: op twee pijlers kun je niet bouwen 125 Peter van Wageningen Tijd voor een toekomstbestendig stelsel: de persoonlijke pensioenrekening (PPR) 137 Mark Willems 7

8 Pensioen, je hebt het pas als je het krijgt 151 Wim van Woudenberg en Volker Wytzes Niets is meer zeker dan dat niets zeker is 165 In gesprek met Paul de Ruijter 8

9 Van vangnet tot fuik? De pensioenproblematiek kan vanuit diverse perspectieven worden beschouwd. Doorgaans voeren de juridische (rechten en verplichtingen) en financiële (kosten en financiering) de boventoon. Maar ons wereldbeeld is natuurlijk wel iets groter dan de juridische of financiële lenzen op onze camera ons willen laten geloven. Al eerder wezen wij er in de vijfde bundel Pensioenessays Het beloofde land (2012) op dat de psychologische aspecten van pensionering de beloning na een leven van hard werken een niet te onderschatten rol spelen. En misschien verdiende ook het ethisch-sociologische perspectief wel iets meer aandacht, zoals we al bepleitten in de derde bundel met de titel Solidair of solitair (2011). Dat laatste nu dringt zich steeds nadrukkelijker op de voorgrond. En niet ten onrechte. Want aan de vraag wie wat moet betalen en voor hoe lang, is natuurlijk een veel wezenlijker vraag gekoppeld: En waarom dan wel? De vraag of, en zo ja met wie, we solidair moeten zijn, is niet zo vanzelfsprekend meer als eeuwen geleden. Deskundigen zullen ons direct corrigeren, maar in de beleving van ons niet-ingewijden bestaat solidariteit bij gratie van een aantal factoren. De groep mensen die iets voor elkaar over hebben, kenmerkt zich in de regel door eenzelfde taal, geschiedenis, af komst, belangen, gewoonten en gebruiken, de zogeheten ongeschreven regels. Dat is het cement dat een samenleving bijeenhoudt; waar ook ter wereld. Wat een van de groepsleden overkomt, raakt de anderen. Men komt voor elkaar op en rekent daar ook op. Wat dat alles betreft is er niets nieuws onder de zon. Vogels van gelijke veren, vliegen het liefste samen, noteerde Jacob Cats al in de zeventiende eeuw, een oude volkswijsheid die zonder academische onderbouwing nog altijd geloofwaardig overkomt. En dat is iets wat veel wijsheden die wél pretenderen academisch onderbouwd te zijn, nog weleens ontberen. Groepen die tot elkaar veroordeeld waren op schepen in nood, tijdens verdwaalde poolexpedities of in belegerde steden ondergingen gezamenlijk hun lot en doorstonden gezamenlijk de ontberingen. Dan werd er maar gerantsoeneerd en dan deed men het maar met wat minder. De belangen waren namelijk dezelfde: overleven. 9

10 Pensioenessays 8 Ook in minder gevaarlijke tijden had men oog voor elkaar. Middeleeuwse gilden waren zo ingericht dat beroepsgenoten gezamenlijk een kas vulden waaruit vakbroeders die arbeidsongeschikt raakten, of hun nabestaanden, een bijdrage konden ontvangen. En zo hielpen ook welgestelde leden van een kerkgenootschap hun minder fortuinlijke broeders en zusters in tijden van nood. Wellicht mogen we de pensioenregelingen die sommige industriëlen eind negentiende eeuw voor hun personeel ontwierpen, ook tot die categorie sociale vangnetten rekenen. Anders gezegd: de huidige tweede pijler is zo modern niet. In elk geval ouder dan de eerste pijler, het staatspensioen. Maar andere tijden, andere zeden. Ooit zo hechte collectieven zijn geërodeerd of zelfs opgelost. Staten hebben hun grenzen opengesteld of zelfs opgeruimd om op te gaan in statenverbanden. Oude steden en dorpen, die voorheen elkaars concurrenten waren, soms op leven en dood, zijn in nieuwe gemeenten ondergebracht. Solide bedrijven blijken niet bestand tegen grote usurpators die zelf na enige tijd fuseren of worden ingelijfd door andere entiteiten. Scholen, ziekenhuizen en andere instellingen die hun bestaansrecht ontleenden aan hun speciale identiteit, werden vanwege vermeende schaalvoordelen opgeslokt in grote conglomeraten waarin niemand elkaar meer lijkt te (her)kennen. En families en gezinnen? De kleine sociale eenheden waarin men zich verbonden voelt door verwantschap, afkomst en emotionele banden? De ooit zo verstrengelde relaties worden inmiddels niet zelden ontvlochten door scheidingen of lossere omgangsvormen; soms met vervreemding tot gevolg. Waar zijn de zekerheden gebleven? Waarom nog solidair zijn? En met wie dan wel? Waarom een deel van de eigen arbeid ingezet of in geld omgezet voor het welzijn en welbevinden van mensen aan wie wij geen boodschap hebben? Hier komen we aan ongemakkelijke vragen die niet als onfatsoenlijk mogen worden weggewuifd. Niemand mag of kan hier immers de morele superioriteit claimen. Met rationele argumenten moeten wij ons, eerlijk en open, overtuigen van de een of andere waarheid. Die zal het uitgangspunt moeten worden van een ander beleid, of een aangepast beleid. Want dat doorgaan op deze weg zinloos is, lijkt vrijwel iedereen wel te beseffen. Tenzij sterke argumenten om dat wel te doen, aangevoerd worden. Zolang dat echter niet gebeurt, moeten we ons realiseren dat een andere lens wellicht een groothoeklens? op de camera ons een beeld kan opleveren dat een oplossing voor de komende periode kan bieden. Het vangnet van ooit, le- 10

11 Van vangnet tot fuik? vens reddend, nood lenigend, pijn verzachtend, is voor velen een fuik geworden, een vang-net waar men wel in, maar niet meer uit komt. Zo voelen velen het die het liefste zelf willen zorgen voor hun oude dag. En waarom zouden we iemand het recht willen ontzeggen om zelf te bepalen hoe hij zijn leven wil inrichten? Die vraag veronderstelt een antwoord op een andere vraag: als pensioenen ten diepste berusten op solidariteit, is dat dan een harnas of een korset, pantser of dwangbuis, bunker of bajes? Waar wordt betrokkenheid bedillerij? Wanneer wordt zorgzaam bemoeizuchtig? Waar ligt het evenwicht? In deze achtste bundel Pensioenessays komen tal van aspecten in de pensioenproblematiek aan de orde. Prikkelend in zorgvuldig beargumenteerde stellingen die uitnodigen tot reflectie en discussie. Want laat dit duidelijk zijn: niemand heeft hier de wijsheid in pacht; ook de criticasters niet. Daarbij: de pensioenproblematiek gaat ons allen vroeg of laat ter harte. Mogen wij ons er dan alsjeblieft ook zelf een mening over vormen? Die handschoen hebben de deelnemers aan het achtste Nyenrode Executive Pensions Program opgenomen. Tijdens een bijeenkomst op 18 november 2014 over de huidige nationale pensioendialoog boog de groep zich over tal van vragen betreffende de toekomst van ons pensioenstelsel. 1 Aanleiding voor de pensioendialoog is de conclusie uit de Beleidsdoorlichting pensioenbeleid van 2012, waarin wordt geconcludeerd wat velen al eerder hadden geconstateerd: dat het draagvlak onder het huidige pensioenstelsel onder druk staat. 2 Demografische, economische, sociaal-culturele ontwikkelingen en effecten die aan de arbeidsmarkt gerelateerd zijn, vragen om een hernieuwde blik op het stelsel. Niet zonder enige zelfgenoegzaamheid concludeert de Beleidsdoorlichting dat gepensioneerden tevreden zijn met hun pensioen en dat dit met name komt doordat er aanvullende uitkeringen zijn. Bovendien, zo klinkt het enigszins aanmatigend: het Nederlandse pensioenstelsel behoort tot de top-5 van alle pensioenstelsels ter wereld. Tegenspraak uitgesloten. Verder wordt geconcludeerd dat collectief beheer een beter pensioen oplevert en dat 1 Met dank aan Jolanda van Heijningen (De Ruijter Strategie) die het desbetreffende verslag maakte op basis van de sessie van Paul de Ruijter, executive lecturer Executive Pensions Program 8 van de Nyenrode Business Universiteit. 2 Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Beleidsdoorlichting pensioenbeleid. Een document behorend bij artikel 8 van de begroting SZW. Aangeboden aan de Tweede Kamer op 20 december

12 Pensioenessays 8 er een groter vertrouwen is in pensioenfondsen dan in banken en verzekeraars waar het gaat om pensioenen. 3 Waarom dan nog een discussie? Toch klinkt er enige aarzeling door in de geruststellende woorden: mocht er dan toch reden zijn om te stellen dat het draagvlak onder het stelsel onder druk is komen te staan, dan noemt de Beleidsdoorlichting enkele (mogelijke) oorzaken. Bijvoorbeeld de veranderingen op de arbeidsmarkt, met name de groei van het aantal zelfstandigen dat geen pensioen opbouwt. Ook wordt een toenemende wens van keuzevrijheid waargenomen. Iets wat ook het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds constateert: het merendeel van degenen die daarnaar gevraagd werden, heeft geen bezwaar tegen verplichte deelname. 4 Wel groeit de (vooralsnog kleine) groep die ook daar tegen is. De ABP-verkenning wijst eveneens op veranderde vormen van collectiviteit en solidariteit (trend 5). De Beleidsdoorlichting meent evenals het ABP dat het principe van gezamenlijke deling van financiële risico s op een breed draagvlak kan rekenen. De kritiek op het stelsel die de Beleidsdoorlichting veronderstelde, wordt geweten aan het gebrek aan vertrouwen in de praktische uitwerking. Wellicht dat de recente kortingen daarop van invloed waren. Niettemin, beide analyses komen erop uit dat de solidariteit in omgekeerde richting van jong naar oud haarscheurtjes vertoont en dat werkgevers er steeds meer toe neigen risico s te verschuiven naar de deelnemers. De groep deelnemers aan het pensioenprogramma de meesten hebben aan deze bundel een bijdrage geleverd volgt met meer dan gewone belangstelling de discussie over de pensioenen voor zzp ers: verplicht collectief of vrijwillig individueel? Of mengvormen? Opmerkelijk is ook dat er geen eenduidigheid in de discussies is. De sector heeft het vooral over dekkingsproblemen, terwijl de werkgevers en -nemers een geheel andere agenda voeren. Waarom zou men via de distributeur (lees: de werkgever) pensioen opbouwen, als men ook rechtstreeks naar de producent kan? En wat of wie is een deelnemer? De vak- 3 Overigens blijkt uit een peiling van De Nederlandsche Bank in 2014 dat het vertrouwen van het publiek in de pensioensector aanzienlijk lager scoort dan in banken en verzekeraars. 4 Publicatie van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds uit 2013 met de titel: Trendrapport ten behoeve van de visie van ABP op 2020; 22 trends rondom de deelnemer. Vierde trend is volgens het ABP: Flexibiliteit op de arbeidsmarkt neemt toe. 12

13 Van vangnet tot fuik? bonden zien de deelnemer als iemand die van hen is en met wie het fonds niet in gesprek behoeft te gaan. Aan de pensioendialoog doen bovendien alleen 50-plussers mee, een beperkt deel van de totale populatie. De kwalificatie pensioendialoog is enigszins misleidend, want een tweegesprek is deze dialoog allerminst. Meer partijen laten zich horen. Maar afgezien daarvan: een polyloog is het evenmin. Veeleer gaat het om meningen peilen en inventariseren en niet om overtuigen of weerleggen. Vragen zijn er genoeg en begrijpelijk ook, gezien de onzekerheid die er is over pensioenen. En ligt niet daar de kern van de wetenschappelijke benadering? Van het besef dat een dogma ook maar een uitgangspunt is. Het is wellicht de Cartesiaanse twijfel waarvan we in de vierde bundel Hoofd of hart van 2011 spraken: Kort samengevat komt het erop neer dat de mens moet uitgaan van zijn gezonde verstand, zijn ratio of rede(lijkheid). De vele drogredeneringen die elke logische discussie vervuilen, de vele schijnzekerheden die als taboe worden gepresenteerd, en de talrijke waanwijsheden van zogenaamde autoriteiten en deskundigen, dat alles zou met gezond boerenverstand, gewoon helder nadenken en rustig natellen, moeten worden aangepakt. Want hoe vaak gebeurt het niet dat wij blijven ronddwalen op paden die anderen voor ons hebben uitgezet, terwijl wij beter een andere bestemming hadden kunnen kiezen? De redactie dankt eenieder die zich met deze bundel heeft beziggehouden en er, op persoonlijke titel, bijdragen aan heeft geleverd, voor de inzet en betrokkenheid. Voor op- en aanmerkingen houdt zij zich van harte aanbevolen. Breukelen, maart 2015 prof. dr. mr. Robert N.J. Kamerling RA mr. Roy R. Kramer RA 13

14

15 Pensioensector in een diepe crisis? Toine Aarts en Dirk Jan de Bruijn 1 Van Wet Brede Herwaardering tot doorvoering kortingen pensioenaanspraken wat ging er mis en waarom zijn we als sector zo slecht in staat de boodschap helder over te brengen? Inleiding Sinds 2007 teisteren financiële crises de wereldeconomie. Tal van sectoren bevinden zich daardoor in zwaar weer. Zo ook de pensioensector. Maar die lijkt door meer factoren te worden beproefd. Zo blijkt op basis van recente statistieken dat deelnemers ouder worden dan verwacht en zo langer aanspraak maken op verworven rechten. Niet alleen de verplichtingen die dat meebrengt, zetten de financiële reserves onder druk. Ook tegenvallende rendementen en zeg maar gerust falend (vermogens)beheer hebben ervoor gezorgd dat het o zo vetgemeste nationale spaarvarken tot ongezonde zo wordt het althans voorgesteld omvang is gekrompen. En dus richt de maatschappelijke en politieke discussie zich op de basisvraag: hoe kunnen de ooit zo veilig geachte pensioenreserves voor onze oude dag zo aangetast zijn? We hebben toch gespaard en betaald! voor een welvaartsvast pensioen? Hoe anders waren de discussies eind jaren tachtig van de vorige eeuw. De politiek kwam met de Wet Brede Herwaardering om een einde te maken aan de veel te ruime fiscale mogelijkheden om pensioenen op te bouwen. De sociale partners en de overheid richtten hun blik op de zeer hoge dekkingsgraden, destijds gedefinieerd als hoger dan 104%. Dat was aanleiding genoeg om pensioenregelingen (tijdelijk) premievrij te maken. Letterlijk werden er grepen in de pensioenkassen gedaan om andere leuke dingen mee te financieren. 1 Drs. A.J.M.C. Aarts is (gepensioneerd) radioloog, verbonden aan Diagnostiek voor U en Diagnostiek Brabant en als bestuurslid verbonden aan het Pensioenfonds UWV. Drs. D.J.H. de Bruijn RC is CFO Thales Nederland B.V. en als bestuursvoorzitter verbonden aan Stichting Pensioenfonds Thales Nederland. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven. 15

16 Pensioenessays 8 Beide discussies hebben zich voorgedaan in een tijdsbestek van ongeveer twintig jaar, vanuit pensioenperspectief beschouwd een zeer korte periode overigens. Rationele reacties lijken niet mogelijk zodra het gaat over onze oude dag, die ons wordt voorgesteld als een periode van rust en (zelf )genoegzaamheid na een leven van hard werken voor onze zuur verdiende centen. Hoe jaloers waren de ploeteraars niet op diegenen die al op hun 55 ste met de vut gingen? Dat was nog eens een lange vakantie die je in de bloei van je leven op kosten van de gemeenschap mocht vieren. De pensionering werd tot voor kort aangezien voor de veilige haven, maar nu? Schraalhans is keukenmeester geworden. Onze oosterburen kennen hiervoor een zeer typerende uitspraak: Himmelhoch jauchzend, zum Tode betrübt. 2 Aangezien we nu ten dode lijken te zijn opgeschreven als pensioensector bestuursleden zijn regelmatig weggezet als incapabele graaiers en de sector houdt zich niet aan de belofte die ze tientallen jaren gedaan heeft door deelnemers een risicovrij, waardevast pensioen te beloven bestaat het gevaar dat de regie over de sector wordt overgenomen door de overheid en haar toezichthouders. Maar staat de sector er wel zo slecht voor? Is de complete voorsprong op de rest van de wereld die we decennia gehad hebben met ons kapitaalgedekte stelsel nu compleet verdampt? Is onze inleg op de verkeerde wijze geïnvesteerd en kunnen we fluiten naar die zuurverdiende centjes? Is er sprake van volksverlakkerij? Worden beloften uit het verleden niet nagekomen? Kortgezegd: is er reden voor maatschappelijke teleurstelling? In deze bijdrage willen wij betogen dat het niet zo slecht gesteld is met de sector. De deelnemers hoeven niet bang te zijn dat hun inleg in waarde is verminderd. De beleidsmakers hebben met instemming van pensioenspecialisten de afgelopen jaren de spelregels continu veranderd. We bevinden ons in de wurggreep van de conservatieve boekhouders die prudentie op prudentie wensen te stapelen. 3 Wanneer we succesvol uitleggen dat aan risicovrije pensioenen hogere prijskaartjes zijn verbonden en dat we met beheersbare risico s 2 Freudvoll und leidvoll, Egmont, Johann Wolfgang von Goethe, Vakcentrales FNV, CNV en VCP hebben in november 2014 de Eerste Kamer opgeroepen niet te kiezen voor een pechgeneratie als zij een besluit vormen over het nieuw Financieel Toetsingskader. Deze generatie zou ontstaan door bestaande buffers in pensioenregelingen te verhogen ten koste van geïndexeerd geambieerd pensioenresultaat voor jong en oud (Nic van Holstein, bestuurder VCP, 4 november 2014). 16

17 Pensioensector in een diepe crisis? een fatsoenlijk pensioen kunnen opbouwen indien we een daarbij behorend risico accepteren, maken we een grote stap voorwaarts. Niet moeten we het verhaal vertellen van: gaat u maar rustig slapen, wij zorgen dat alles automatisch goed komt wanneer u maar 20% van uw arbeidsvoorwaarden aan ons afstaat. Zo n boodschap past niet meer in deze tijd, waarin de mensen mondiger dan ooit zijn geworden en slechts de beste, meest geloofwaardige informatie accepteren. Laten we de deelnemers serieus nemen en met één mond praten, de regie terugpakken en verantwoordelijkheid nemen. Het gaat niet aan als sector terug te deinzen wanneer zij weerwoord krijgt van de samenleving en de politiek. Het is gepast dan juist uit te leggen waar de sector mee bezig is en hoe dynamisch de omgeving is. Schets het langetermijnperspectief. Laat de politiek haar handen af houden van wat haar niet toekomt: pensioenfondsen zijn eigendom van de deelnemers en van niemand anders. Men kan geen rechten ontlenen aan wat men niet heeft. Laten we ervoor zorgen dat de jonge, pensioenpremie betalende deelnemers niet in de waan worden gebracht dat zij achter het net vissen wanneer zij aan de beurt zijn om te genieten van alle premies die zij hebben ingelegd. Zij moeten niet tot de conclusie worden gebracht dat de overheid door allerlei ingrepen, prudentie-excuses, procyclisch monetair beleid en allerlei sociale en ethische we noemen solidariteit stokpaardjes, een deel van het toekomstige inkomen heeft laten verdwijnen. Afbakening en probleemstelling Het pensioenstelsel wordt vaak onderverdeeld in drie pijlers. Elders in deze bundel wordt dat systeem al uitvoeriger beschreven. Wij willen ons in dit essay alleen richten op de tweede pijler van ons pensioensysteem, het aanvullende pensioen, in veel gevallen een levenslange uitkering na pensioneringsdatum die wordt gefinancierd met een kapitaaldekkingssysteem. De maatschappelijke discussie heeft zich de afgelopen jaren beperkt tot deze pensioenvorm. Helaas is de vraag of en in hoeverre de eerste en tweede pijler kunnen worden samengevoegd en wat de hoogte is van een acceptabel pensioen, gerelateerd aan het inkomen tijdens dienstverband of een nominaal maximum, nooit ter sprake gebracht. 17

18 Pensioenessays 8 Uitgangspunt voor de opbouw van pensioenen is dat circa 1/3 deel moet komen uit pensioenpremie, circa 1/3 uit rendement tijdens het dienstverband en circa 1/3 uit rendement tijdens de pensioenperiode van een deelnemer. Maar deze verhouding was ten tijde van een hogere disconteringsfactor van de verplichtingen respectievelijk 20%, 40% en 40%. Dat wil zeggen dat toepassing van een lagere disconteringsfactor feitelijk betekende dat men verwachtte een lager rendement op de bezittingen te zullen halen. De tweede pijler bestaat in zijn huidige vorm en met (grotendeels) verplichte deelname sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw. In ruim 60 jaar tijd hebben we als spaarzaam volk ruim euro, zegge: duizend en zesentachtig en een half miljard euro, bij elkaar gespaard in pensioenfondsen. 4 Ter indicatie: in 2003 bedroeg de activazijde van alle pensioenfondsen minder dan 500 miljard euro. In elf jaar tijd zijn onze pensioenbezittingen dus meer dan verdubbeld, maar onze gouden indicator de dekkingsgraad is niet naar rato meegestegen. 5 Met andere woorden: de verplichtingen zijn met ongeveer dezelfde factor zwaarder geworden. In 1992 is de Wet Brede Herwaardering door de Eerste Kamer aangenomen. Aanleiding voor deze wet was een, in de ogen van de toenmalige politici, te ruimhartige fiscale facilitering van de opbouw van het pensioenvermogen. Pensioenen worden namelijk opgebouwd ten laste van het bruto-inkomen in het jaar van opbouw en belast op het moment dat de pensioenen worden uitgekeerd ( omkeerregeling ). Er is dus uitstel van belastingbetaling. Uitgaande van de maatschappelijke acceptatie van de omkeerregeling vragen wij ons af hoe men kwam bij het idee van een te ruimhartige facilitering. Ook dat heeft te maken met de dekkingsgraden van de pensioenfondsen. Wanneer deze zich structureel bevinden boven het vereiste eigen vermogen, trekt het de aandacht van politiek Nederland en de werkgevers. 6 De Nederlandsche Bank heeft zelfs de stelregel gehanteerd dat een dekkingsgraad boven de 104% dat was een excessieve dekking een reden zou zijn om actief af te romen. Ruim twintig 4 DNB Dekkingsgraad van een pensioenfonds is de verhouding tussen de bezittingen en de verplichtingen van een fonds. Wanneer deze bijvoorbeeld 105% bedraagt, wil dat zeggen dat het fonds 1,05 euro in kas moet hebben op het moment dat er een euro uitgekeerd moet worden. 6 Vereist eigen vermogen (VEV): afhankelijk van het risicoprofiel van de beleggingen van een pensioenfonds, globaal tussen de 110% en 120% dekkingsgraad. 18

19 Pensioensector in een diepe crisis? jaar geleden was de discussie: hoe kunnen we de BV Nederland stimuleren met de bovenmatige reserves van de pensioenfondsen? Werkgevers opteerden compensatie voor de te veel betaalde premies in de vorm van tijdelijke premievrijstellingen of zelfs directe grepen uit de kas : waar kan het geld beter gebruikt worden dan binnen het bedrijfsleven zelf? Bedrijven als Philips en Imtech hebben deze tactiek in de praktijk gebracht ( cash back ), maar ook de overheid heeft een greep uit de kas gedaan bij het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds. 7 De politiek dreigde met belastingmaatregelen: een hoge staatsschuld gecombineerd met dekkingsgraden van pensioenfondsen rond de 200% in 1989 was een politiek uiterst aanlokkelijk scenario om een nieuwe vorm van belasting te gaan heffen. Het kabinet-lubbers was van plan een Wet op de heffing vermogensoverschotten pensioenfondsen in te voeren. Deze wet is later ( ) door toenmalig minister Zalm van Financiën ingetrokken. In het eerste decennium van deze eeuw doemden, zoals wij al eerder opmerkten, echter donkere wolken op voor de pensioensector. De onzekerheid aangaande de houdbaarheid van aanspraken en de (veer)kracht van het financiële systeem bewogen de beleidsmaker en zijn waakhonden AFM en DNB ertoe prudentere regels en rekenmethodieken in te voeren en het toezicht te intensiveren. Dit leidde op basis van de dekkingsgraad van 31 december 2012 tot aanzienlijke kortingen op pensioenaanspraken vanaf 1 april In totaal moesten 68 fondsen kortingen van gemiddeld 1,9% doorvoeren. Op een totaal van destijds 410 fondsen lijkt dit percentage mee te vallen, maar aangezien het de pensioenrechten betrof van 5,6 miljoen deelnemers, was er sprake van een financieel drama dat veel mensen raakte. Een jaar later herhaalde deze actie zich: 29 fondsen verlaagden de aanspraken voor 1,1 miljoen deelnemers met 1,5%. Daarnaast besloot het merendeel van de pensioenfondsen de ooit zo vanzelfsprekende indexering achterwege te laten. Men wilde of kon de pensioenen niet langer gelijke tred laten houden met de prijs- en loonontwikkeling. Dit had een nog sterker negatief effect op de aanspraken. Dit gebeurde na een in pensioentermen relatief korte periode van vijf jaar om tot herstel van de dekkingsgraden te komen. 8 De meeste fondsen bleken vijf jaar na een reeks economische crises 7 Het kabinet onttrok 32,6 miljard gulden uit het fonds om vroegpensionering mogelijk te maken voor deelnemers. 8 Wettelijk was de periode drie jaar. Veel pensioenfondsen slaagden er toen op voorhand al niet in om zonder pensioenverlaging binnen drie jaar te herstellen. DNB heeft toen de herstelperiode verlengd tot vijf jaar. 19

20 Pensioenessays 8 nog steeds niet in staat om uit een situatie van onderdekking te komen. 9 Na het verstrijken van de termijn van het zogeheten kortetermijnherstelplan was er geen ontsnappen meer aan: de nominale pensioenrechten werden gereduceerd. Het nieuw Financieel Toetsingskader zoals ingevoerd per 1 januari 2015 heeft de regels nog verder aangescherpt en wel zodanig dat inflatiecorrectie voor de komende tien jaar welhaast onmogelijk wordt. Wanneer we de dekkingsgraad nader beschouwen, zien we als teller van de deelsom het pensioenvermogen. Simpel gezegd is dit de beleggingsportefeuille van een fonds. De noemer is de pensioenverplichting. Dit zijn alle uitkeringen van het fonds op basis van de toezeggingen die het zijn deelnemers heeft gedaan. Meestal gaat het om een vaste levenslange, nominale uitkering vanaf het moment van pensionering. De ambitie is om deze uitkering in euro s waardevast te laten zijn: de prijsstijgingen (inflatie) zouden gecompenseerd moeten worden om de deelnemer na pensionering dezelfde koopkracht te laten behouden. Voor de activazijde van de balans zijn geen fundamentele bezwaren in te brengen tegen de huidige manier van waarderen. Voor de liquide activa, waar een effectieve marktwaardering voor bestaat, is de marktwaarde evident. Voor de wat minder liquide activa wordt met de nodige voorzichtigheid ook een verdedigbare marktwaarde opgesteld, die door actuaris en accountant beoordeeld en al dan niet goed bevonden worden. Voor de passivazijde wordt ook getracht, in lijn met de activazijde, een marktwaarde van de verplichtingen op te stellen. Voor de berekening van de verplichtingen is een aantal elementen van belang, zoals: de nominale toezeggingen aan de deelnemers: hoogte van het bedrag, datum van eerste uitkering. Voor de indexering van de nominale rechten worden geen financiële buffers meegenomen, tenzij er geen sprake is van een indexeringsambitie, maar een harde toezegging is gedaan; de gemiddelde levensverwachting van de deelnemers; zo specifiek mogelijk: per leeftijdscohort, per inkomensklasse, per sekse, per beroepsgroep; de waarde van de euro op het moment dat de uitkeringen gedaan moeten worden; ofwel de disconteringsvoet die gebruikt moet worden om de verplichtingen contant te maken. 9 Dat wil zeggen: een dekkingsgraad van ongeveer 105%. 20

21 Pensioensector in een diepe crisis? Voor de factoren levensverwachting en disconteringsvoet hebben we gemeend een inschatting te moeten geven van de wijze waarop de huidige wet- en regelgeving aansluit op de term marktwaardering. Wat ons zeer heeft verbaasd, is dat men uiterst prudent met deze factoren omgaat. Het stapelen van zekerheden lijkt hier aan de orde van de dag en hoe slechter de macro-economische parameters er voor staan, des te conservatiever de regelgeving lijkt te worden. Ons betoog zoekt een antwoord op de vragen of er sprake is van een crisis in de beoogde uitkeringen aan deelnemers in een pensioenfonds, dan wel of er sprake is van een grote invloed van regelgeving op de waardering van de pensioenverplichtingen. Na een uiteenzetting over de belangrijkste parameters voor de bepaling van de technische voorziening (pensioenverplichting) en de gevoeligheid van de dekkingsgraad voor een wijziging in deze parameters zullen wij met een praktijkvoorbeeld aantonen dat met een gelijk bedrag aan bezittingen een compleet andere conclusie getrokken kan worden over de financiële gezondheid van een fonds; en daarmee over die van de sector als geheel. Andere uitgangspunten voor de waardering van verplichtingen leveren een compleet ander beeld op. Disconteringsfactor Jarenlang maakten de verzekerings- en pensioenfondsensector gebruik van een vaste nominale rekenrente van 4% om de verplichtingen te waarderen. Dit gaf veel stabiliteit en voorspelbaarheid in de cijfers. Maar vanwege ernstige boekhoudschandalen wereldwijd werd de roep om andere verslagleggings- en waarderingsregels sterker, wat resulteerde in onder andere de International Financial Reporting Standards (IFRS), die van grote invloed zijn geweest op vele nationale wet- en regelgevingen betreffende waarderingen (naar reële waarde of marktwaarde). Doordat andere rekenregels voorschreven bezittingen op marktwaarde te waarderen en verplichtingen tegen een vaste factor, gaf de dekkingsgraad ineens een ander, wellicht zelfs minder realistisch beeld van de financiële positie van een organisatie. Vanaf 2007 stapte men over op marktwaardering van verplichtingen door het Financieel Toetsingskader (FTK) in te voeren. Een aantal jaren na de implementatie van het FTK heeft het Actuarieel Genootschap & Actuarieel Instituut (AG& AI) een rapport uitgebracht over de 21

22 Pensioenessays 8 principes voor de rentetermijnstructuur. 10 Daarin zijn vier criteria gedefinieerd om de rentetermijnstructuur te kunnen vaststellen. Deze maatstaven zijn: 1. risicovrijheid: onaf hankelijk van beleggingsbeleid en financiële positie van een pensioenfonds en algemeen toepasbaar; 2. observeerbaarheid: informatie moet direct, dagelijks en zonder interpretatie beschikbaar zijn voor alle relevante looptijden; 3. verhandelbaarheid: het renterisico moet in de markt afgedekt kunnen worden; 4. robuustheid: de rentecurve mag in de loop van de tijd niet gevoelig blijken voor marktverstoringen. Bij het overwegen van de verschillende opties is de conclusie dat er geen enkele curve als ideaal onder alle omstandigheden kan worden aangemerkt. Het AG& AI geeft er de voorkeur aan de curve aan te passen naarmate marktomstandigheden zich voordoen en gaat uit van een benadering die gebaseerd is op principes in plaats van op regels. Wanneer de toezichthouder toch een curve adviseert, kan een pensioenfonds dat hieraan niet wil of kan voldoen, zijn beleid toelichten. Tijdens economische crises komt met name de robuustheid van een rentetermijnstructuur ( swapcurve ) ter discussie te staan. Hier geeft een op staatsobligaties gebaseerde curve dan het meeste houvast, maar deze kan door de politiek en centrale banken door middel van monetair beleid sterk beïnvloed worden. De Europese beleidsmakers maken gebruik van de ECB om met name de inflatie te sturen (stabiele lage inflatie van 2%) en hebben weinig interesse in de rente die als stuurmiddel voor dit beleid wordt gebruikt. Doordat de rente en de inflatie eind jaren negentig sterk daalden, werd er naarstig gezocht naar een alternatief voor de vaste rekenrente. Met name DNB was een van de aanjagers van deze discussie in Nederland om te komen tot een nieuw FTK voor verzekeraars en pensioenfondsen. De rekenrente werd vanaf 2007 door de daling van de rente op de kapitaalmarkt, door allerlei verschillende factoren waaronder het ingevoerde monetaire beleid, steeds verder verlaagd, waardoor de verplichtingen stegen. Als gevolg hiervan daalde de dekkingsgraad steeds verder en de verplichtende greep van de toezichthouder werd steeds meer voelbaar. Historisch was de rente slechts kort zo laag, maar 10 Actuarieel Genootschap & Actuarieel Instituut

23 Pensioensector in een diepe crisis? de langetermijngevolgen waren omgekeerd evenredig groot. Het verkapt procyclisch monetaire beleid dat de nationale en Europese centrale banken voerden, is hier van eminent belang gebleken. Er zou naar onze mening en naar de mening van Teulings en De Vries een anticyclisch begrotingsbeleid moeten worden gevoerd waarmee kapitaal en arbeid in economisch zware tijden juist niet zwaarder zouden moeten worden belast. 11 Het FTK zoals nu door de overheid gehanteerd, schrijft een berekeningswijze voor door middel van de risicovrije rekenrente. De rekenrente wordt via mathematische modellen afgeleid van speculatieve handel in renteswaps, die de in onze ogen onmogelijke pretentie heeft om 60 jaar vooruit het verloop van de rentestand te kunnen voorspellen. Interessant is daarbij in ogenschouw te nemen dat de rente vanaf 1580 tot heden gemiddeld ongeveer 4% was (over langetermijngemiddelde gesproken). Eind 1992 was de tienjaarsrente 7,52%. Iemand die toen gezegd zou hebben dat in 2014 die rente 1,76% zou zijn, zou door de hele financiële wereld niet serieus zijn genomen. Nu durven de overheid en DNB te beweren dat zij de rente 60 jaar vooruit kunnen voorspellen. Met deze glazenbolgedachte gaat men de pensioenwereld te lijf en baseert daarop dwingend beleid. Wij willen ons niet laten leiden door dogmatische economen die ervan uitgaan dat schuld, boete en verelendung de weg wijzen naar een betrouwbaar pensioen. Wij geloven dat we hoop hebben (gebaseerd op ervaringen uit het verleden) op een positieve Nederlandse, lees Europese, toekomst. Een alternatief voor de vaste rekenrente, die naar onze mening op basis van historische analyse met een ingebouwde risicobuffer op 3% vastgesteld zou mogen worden, is echter niet zo eenvoudig gevonden. Wij menen dat een risicovrije disconteringsvoet feitelijk een continu liquidatiescenario construeert waarin de verplichtingen zonder enig risico bij een andere partij worden ondergebracht. Men gaat dan compleet voorbij aan het beoogde rendement dat met een beleggingsportefeuille die specifiek op het fonds is afgestemd, gegenereerd kan worden. Wellicht dat de uitkomsten van de Commissie Parameters hier van pas komen. 12 In haar rapport geeft deze onderzoekscommissie een overzicht van verwachte rendementen in de diverse categorieën in een beleggingsmix met bijbehorende standaarddeviatie. Naast het gebruik van deze parameters om de 11 Teulings & De Vries 2003, p. 100, met verwijzing naar Van Ewijk Commissie Parameters onder voorzitterschap van T.W. Langejan, 27 februari 2014, Den Haag. 23

24 Pensioenessays 8 herstelkracht van pensioenfondsen te bepalen, een kostendekkende premie vast te stellen en indexering toe te passen zouden ook de pensioenverplichtingen met een specifieke, op de beleggingsportefeuille gebaseerde disconteringsvoet contant gemaakt kunnen worden. Men heeft dan wel rekening te houden met een aftrek voor de indexatieambitie. De overrendementen (het surplus aan rendement boven wat noodzakelijk is om de nominale uitkeringen te betalen) kunnen worden gebruikt om indexatie te financieren. Dit geeft naar onze mening een betere bepaling van de marktwaarde van de verplichtingen dan wat de huidige regelgeving opdraagt. Levensverwachting Een andere belangrijke factor om de verplichtingen van een pensioenfonds adequaat te kunnen waarderen, is de levensverwachting. Door een toenemende levensverwachting voor de deelnemers worden, als de pensioenleeftijd niet verandert, de verplichtingen voor een fonds zwaarder. De algemene trend is dat we in Nederland steeds ouder lijken te worden. En dat is reden te over voor paniek, zo lijkt het. Maar waarop zijn deze levensverwachtingen eigenlijk gebaseerd? Globaal zijn er twee instituten die in Nederland zogeheten overlevingstabellen publiceren: het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Actuarieel Genootschap (AG). Hoewel zij een licht afwijkende methodiek toepassen, komen zij tot globaal dezelfde trends, die uit deze tabellen zijn af te leiden. De afgelopen jaren is meermalen geconstateerd dat Nederlanders langer leven dan eerder werd verondersteld. En dat dit gevolgen heeft voor de duur van de pensioenverplichtingen laat zich raden: er komen steeds meer gasten aan tafel. In totaal heeft een pensioenfonds tussen de 10 en 15% verhoging van de verplichtingen gezien door de gestegen levensverwachting tussen 2007 en De nieuwe prognosetafel 2014 van het AG heeft voor een gemiddeld pensioenfonds nauwelijks invloed op de dekkingsgraad. Maar bij de publicatie van de nieuwe prognosetafels van het AG plaatsen wij wel enige kritische kanttekeningen. Ten eerste is de stijging van de levensverwachting de afgelopen twee jaar achtergebleven bij eerdere prognoses. Deze trendbreuk is echter niet als zodanig in de sterftekansen verwerkt. Daarnaast was er in het verleden altijd een afvlakking van de levensverwachting. De aanname was dat voor mannen 24

25 Pensioensector in een diepe crisis? de maximumlevensverwachting op termijn zou uitkomen op 87 jaar, voor vrouwen zou dit marginaal hoger zijn. In de nieuwe tabellen is men echter uitgegaan van een lineair geëxtrapoleerde lijn die aangeeft dat vrouwen omstreeks het jaar 2100 gemiddeld 93 jaar zullen worden en mannen ongeveer 91 jaar. Dat deze structurele wijziging de media niet heeft gehaald, noch tot enig effect in de dekkingsgraad heeft geleid, komt doordat de mensen voor wie dit effect zal hebben in de pensioenverplichtingen, nog niet geboren zijn, of zeer beperkt meetellen. Wanneer de maximumleeftijd op 87 jaar was gehandhaafd, had dit geleid tot een afname van de pensioenverplichting. Ook hier is derhalve onze conclusie dat er voorzichtigheid op voorzichtigheid wordt gestapeld. Dit is niet in het belang van de deelnemers in het pensioenfonds. De volgende figuren geven een indicatie van de wijziging AG overlevingstabellen 2014 ten opzichte van AG overlevingstabellen 2012: 93,0 91,0 89,0 87,0 85,0 83,0 81,0 79,0 77,0 75,0 Levensverwachting (mannen) Trend 2012 Trend ,0 93,0 91,0 89,0 87,0 85,0 83,0 81,0 79,0 77,0 75,0 Levensverwachting (vrouwen) Trend 2012 Trend

26 Pensioenessays 8 Daarnaast is het de vraag of ongelimiteerd ouder worden, ofwel een levensverwachting lineair extrapoleren, vanuit fysisch oogpunt überhaupt wel mogelijk is. Zo n factor vereist allerlei randvoorwaarden, zoals: gezonder leven, leven in een gezond milieu, aanvaardbare psychische (stress) en fysieke belastingen van het lichaam, een hoog niveau van zorg en faciliteiten dienaangaande, waarop een aanvaardbare druk gelegd kan worden, en een geavanceerde stand van de medische wetenschap. Vanuit de verplichtingenkant van de balans van een pensioenfonds geredeneerd is ouder worden geen probleem. In het Regeerakkoord van oktober 2012 is namelijk verankerd dat de AOW-leeftijd zal stijgen in lijn met de levensverwachting en dat ook de pensioenleeftijd zal aansluiten bij deze trend. Voor de al opgebouwde rechten van de deelnemers geldt dat deze bij een aanpassing van de pensioenleeftijd actuarieel neutraal worden gecompenseerd. Dit kost het pensioenfonds uiteraard wel degelijk geld. De stelling dat het risico beperkt wordt, heeft met name betrekking op de nieuw op te bouwen rechten. Door de aangepaste methodiek zijn de schokken die we met name tussen 2007 en 2010 hebben gezien, niet meer in deze mate te verwachten. Let wel: dit is op basis van de huidige politieke afspraken. Aangezien de horizon van politiek Nederland hooguit vier jaar bedraagt en vaak achter mistbanken verdwijnt, geeft dit weinig houvast voor de pensioensector, die een horizon heeft van ongeveer 60 jaar. Praktijkvoorbeeld: Stichting Pensioenfonds Thales Nederland (SPTN) Voor deze bijdrage hebben wij een klein onderzoek uitgevoerd op basis van de gegevens van Stichting Pensioenfonds Thales Nederland (SPTN) op 31 december De volgende cijfers zijn uit het jaarverslag van SPTN: 13 SPTN, Bedragen in k Pensioenvermogen Technische voorziening Dekkingsgraad 104,6%

27 Pensioensector in een diepe crisis? De disconteringsvoet op eind 2013 (UFR 14 met driemaandsmiddeling) bedroeg 2,71%. Op basis van deze uitkomst was het niet nodig een tweede keer te korten op de pensioenrechten van de deelnemers, aangezien de ondergrens 104,2% bedroeg. In samenwerking met onze actuaris Towers Watson hebben we het volgende onderzocht: 1. Wat zou de dekkingsgraad zijn geweest wanneer we de effecten van de laatste gegevens naar aanleiding van de nieuwe overlevingstabellen zouden uitsluiten? Deze vraag is met name onderzocht om inzicht te verschaffen in de feitelijke effecten van de aanpassingen van de levensverwachting. Deze uitkomst is ook interessant in het licht van het nieuwe adagium dat de pensioenleeftijd wordt aangepast aan de levensverwachting. Dit is eigenlijk de uitkomst die er geweest zou zijn wanneer het huidige politieke beleid eind 2006 zou zijn ingevoerd en de overheid pensioenfondsen had toegestaan om zonder compensatie de ingangsleeftijd van opgebouwde pensioenen te verhogen. 2. Wat zou de dekkingsgraad zijn geweest wanneer we een vaste rekenrente gehad zouden hebben van 4%? Hiermee wordt de set van rekenregels gesimuleerd die van toepassing was voor de invoering van het FTK in Wat zou de dekkingsgraad zijn geweest wanneer we een vaste rekenrente gehad zouden hebben van 3%? Deze optie is onderzocht als alternatief wanneer een vaste rekenrente van 4% als te risicovol zou worden betiteld. 4. Wat zou de dekkingsgraad zijn geweest wanneer we de Rente Termijn Structuur (met UFR) op 31 december 2014 zouden hebben toegepast zonder de driemaandsmiddeling? Deze optie is onderzocht om te bepalen wat de gevolgen zouden zijn geweest wanneer we eind 2013 de huidige rekenregels van het nieuw Financieel Toetsingskader zouden toepassen; met fictief de rentetermijnstructuur met UFR zonder driemaandsmiddeling op 31 december Hier dient in herinnering te worden gebracht dat het bestuur van SPTN op basis van de finale dekkingsgraad op 31 december 2013 een besluit moest nemen: zou er, ja dan nee, na de toegepaste afstempeling per 1 april 2013, een extra korting op de pensioenrechten per 1 april 2014 moeten worden toegepast? 14 Ultimate Forward Rate: een modelmatige afleiding van de langetermijnrente (voor perioden langer dan 20 jaar) naar een vast rentepercentage van 4,2%. 27

28 Pensioenessays 8 De uitkomsten per deelvraag: 1. Dekkingsgraad zonder de toepassing van de overlevingstabellen vanaf 1 januari 2007: SPTN, Bedragen in k Pensioenvermogen Technische voorziening Dekkingsgraad 102,7% Deze dekkingsgraad toont aan dat het verlies aan dekking door het ouder worden van de gemiddelde deelnemer ruim 16 procentpunt verlies oplevert. Het doel van een dekkingsgraad boven de 100% is nooit geweest om schokken op te vangen voor het risico van langer leven. De buffers zijn uitsluitend bedoeld voor het opvangen van schokken in de financiële markten. Wanneer de huidige afspraken, die gemaakt zijn in het regeerakkoord in 2012, eerder waren uitgevoerd, was er geen noodzaak geweest om kortingen door te voeren en had men anders tegen de robuustheid van het pensioenfonds aangekeken. 2. Dekkingsgraad met een vaste rekenrente van 4%: a. Met de toepassing van meest recente overlevingstabellen: SPTN, Bedragen in k Pensioenvermogen Technische voorziening Dekkingsgraad 127,8% Uit de getallen kunnen we concluderen dat er door een verandering in de rekenregels ruim 23 procentpunt aan dekkingsgraad is verdampt. Dit komt doordat de boekhoudkundige regels zijn veranderd. Dit maakt dekkingsgraden uit het verleden volledig onvergelijkbaar met de huidige. b. Zonder de toepassing van de overlevingstabellen vanaf 1 januari 2007: SPTN, Bedragen in k Pensioenvermogen Technische voorziening Dekkingsgraad 144,6% 28

29 Pensioensector in een diepe crisis? De getallen tonen aan dat, ceteris paribus, er geen fundamentele verschillen zijn in de dekkingsgraad van eind 2013 dat is midden in een economische crisis en de dekkingsgraden van vóór de financiële crises. 3. Dekkingsgraad met een vaste rekenrente van 3% (met de toepassing van de meest recente overlevingstabellen): SPTN, Bedragen in k Pensioenvermogen Technische voorziening Dekkingsgraad 109,7% Dit scenario levert een marginaal hogere dekkingsgraad op dan de gepubliceerde dekkingsgraad. Dat komt doordat de toegepaste disconteringsvoet van 2,71% dicht bij de 3% ligt. Voordeel van een vaste disconteringsvoet die enigszins lager ligt dan de optimistische vaste rente van 4% ooit was, is dat de nodige complexiteit ontweken had kunnen worden. Probeer een deelnemer het nut en de noodzaak maar eens uit te leggen van een driemaandsmiddeling van een rente die deels bepaald wordt door de markt, maar op langere termijn vervangen wordt door een fictieve rentevoet van maximaal 4,2%. 4. Dekkingsgraad met de methodiek conform het nieuw Financieel Toetsingskader: Een momentopname op 31 december 2014, ofwel: we houden geen rekening met de twaalfmaands-beleidsdekkingsgraad. SPTN, Bedragen in k Pensioenvermogen Technische voorziening Dekkingsgraad 85,9% Dit is het meest dramatische scenario. Om tot een dekkingsgraad van 104,2% (om uit dekkingstekort) te komen, zouden de rechten met ruim 18 procentpunt gekort moeten worden. De disconteringsvoet van 1,55% is historisch gezien de laagste ooit gemeten (per maandeinde). Hier had ook de driemaandse middeling geen oplossing meer geboden (disconteringsvoet 29

30 Pensioenessays 8 1,78%, dekkingsgraad 89,5%). Doordat de kortetermijn-herstelplannen in 2014 afliepen, is de pensioensector voor een ramp behoed. Dit bewijst dat met een disconteringsvoet die op de korte termijn gebaseerd is en door extreme marktomstandigheden een zeer volatiel karakter heeft, verkeerde besluiten genomen kunnen worden. Kortom, we kunnen stellen dat er een scala aan beelden kan worden opgeroepen omtrent de financiële gezondheid van SPTN, wanneer we draaien aan de knoppen van de disconteringsvoet en het langlevenrisico. Ergo: de beeldvorming is per definitie subjectief, zoals die altijd al is geweest. Variaties tussen de 87% en 128% dekkingsgraad, beïnvloed door de disconteringsfactor van de pensioenverplichtingen, zijn enorm. Stuitend is om te moeten constateren dat we alle smaken in een periode van tien jaar verankerd terugvinden in de relevante wet- en regelgeving. Dit, terwijl ook gekozen kan worden voor een disconteringsvoet die af hankelijk is van verwachte rendementen, met de nodige afslagen voor risico en eventuele indexeringsambities. Het is gevaarlijk een zo volatiele factor, die sterk afhankelijk is van de economische situatie in de wereld op korte termijn, als leidraad te nemen voor de langetermijnverplichtingen van een pensioenfonds. Als de huidige disconteringsvoet wordt toegepast, wordt ook continu een liquidatiescenario toegepast: hoe kan ik mijn verplichtingen op ieder willekeurig moment risicoloos bij een andere partij onderbrengen? Dit is een extreem voorzichtig en niet-realistisch uitgangspunt voor een sector die een zo belangrijke maatschappelijke functie vervult en die een stabiele langetermijnfocus heeft en behoort te hebben. Als kanttekening dienen we wel te vermelden dat we rekenen met het hogere vermogen en obligaties momenteel overgewaardeerd zijn door de lage rente. Voor veranderingen in de levensverwachting is nu een adequaat instrument gevonden in het aanpassen van de pensioendatum aan de veranderende levensverwachting. De korting die SPTN heeft toegepast, had voorkomen kunnen worden wanneer dit aanpassingsmechanisme eerder was geïntroduceerd. Er zal naar onze mening een mechaniek moeten worden ontwikkeld dat de trendontwikkeling toetst met een breder gremium dan louter actuarieel geschoolde analisten. Het is onwaarschijnlijk dat de toename van de levensverwachting een continu stijgende lijn zal zijn. 30

31 Pensioensector in een diepe crisis? Communicatie: uitdaging van de nabije toekomst Door de onrust op de financiële markten, de onzekere toekomst en de aanscherping van de rekenregels voor pensioenfondsen bevinden wij ons nu in een situatie waarin de dekkingsgraden van pensioenfondsen weinig meer te maken hebben met de feitelijke situatie van de sector. Er zit meer geld dan ooit in onze pensioenreserves, voor een deel veroorzaakt door de waardegroei van obligaties met een hogere historische coupon. De condities zijn ernstig verslechterd voor de opbouw en het moment van uitkering. 15 Het communicatiebeleid van de pensioensector faalt. Dat alles heeft geleid tot grote maatschappelijke ontevredenheid en verlies aan vertrouwen in de sector. Het is niet gelukt de status van vandaag over te brengen zonder te vervallen in actuarieel-technische explicaties, waar ruim 16 miljoen niet-ingewijde Nederlanders eerder argwanend van worden dan gerustgesteld. Het gevolg is dat de regie van het pensioendossier inmiddels volledig politiek bepaald wordt. De Nationale Pensioen Dialoog wordt gevoerd over de as van het ministerie van Sociale Zaken. Dat bepaalt welke onderwerpen er op de agenda komen en in welke volgorde ze besproken zullen worden. Dit is een zorgelijke ontwikkeling, waar niemand baat bij heeft: de politiek niet, de toezichthouders niet, de sector niet en uiteraard het publiek niet. Wat de politiek betreft: politici hebben veel te weinig pensioendossierkennis en richten zich, politici eigen, te veel op de korte termijn van de verkiezingsperiode. En dat terwijl een langetermijnvisie noodzakelijk is voor een sector als deze. Toezichthouders, zowel AFM als DNB, worden aangestuurd door de eerdergenoemde politici en hebben, vanwege hun op risicoreductie geënte ervaring, een natuurlijke drang tot conservatisme in de vorm van zekerheden stapelen. Dat dit verkeerd uitpakt voor de pensioensector, laat zich raden. De sector heeft wel kennis in huis, maar heeft geen wezenlijke invloed op de agenda. En het publiek? Het is niet goed voor de deelnemers, doordat de verplichtingenkant van de balans uit het verband wordt getrokken. Dat komt mede door kortetermijnpaniek, waardoor de dekkingsgraad daalt, kortingen op de opgebouwde pensioenrechten en bestaande uitkeringen worden toegepast, terwijl indexaties uitblijven. 15 Dit komt door 1) middelloon in plaats van eindloon, 2) maximering van het pensioengevend salaris op euro, 3) verhoging van de pensioenleeftijd van 65 jaar naar 67 jaar en 4) een opbouw van maximaal 1,875% per jaar tegenover 2,25% in

Veel gestelde vragen kwartaalcijfers pensioenfondsen

Veel gestelde vragen kwartaalcijfers pensioenfondsen Veel gestelde vragen kwartaalcijfers pensioenfondsen 1. De kwartaalcijfers van de pensioenfondsen zijn negatief. Hoe komt dat? Het algemene beeld is dat het derde kwartaal, en dan in het bijzonder de maand

Nadere informatie

134 De Pensioenwereld in 2015

134 De Pensioenwereld in 2015 14 134 De Pensioenwereld in 2015 Ontwikkelingen in de pensioenmarkt 135 Het nieuwe FTK: oude wijn in nieuwe zakken? Auteurs: Gijs Hoedemaker, Machiel Koper en Alexander van Stee Na de crisis leek er een

Nadere informatie

Korte termijn: onnodig korten van rechten voorkomen. Lange termijn: naar een nieuw FTK op basis van nieuwe pensioencontracten

Korte termijn: onnodig korten van rechten voorkomen. Lange termijn: naar een nieuw FTK op basis van nieuwe pensioencontracten Korte termijn: onnodig korten van rechten voorkomen Lange termijn: naar een nieuw FTK op basis van nieuwe pensioencontracten De daling van de dekkingsgraden heeft de afgelopen weken een uitgebreide discussie

Nadere informatie

RESULTATEN ENQUÊTE CONSULTATIE NIEUW FTK ACTUARIEEL. Vraag 1

RESULTATEN ENQUÊTE CONSULTATIE NIEUW FTK ACTUARIEEL. Vraag 1 RESULTATEN ENQUÊTE CONSULTATIE NIEUW FTK ACTUARIEEL Vraag 1 Onder het huidige FTK krijgen pensioenfondsen te maken met de zogenaamde beleggings -spagaat: aan de ene kant kan er weinig risico worden genomen

Nadere informatie

PENSIOEN 2.0 REGIOBIJEENKOMSTEN FEBRUARI EN MAART 2011

PENSIOEN 2.0 REGIOBIJEENKOMSTEN FEBRUARI EN MAART 2011 PENSIOEN 2.0 REGIOBIJEENKOMSTEN FEBRUARI EN MAART 2011 KORTE TERUGBLIK Kabinet Balkenende gevallen: sociale partners pakken kansen Het pensioen is van sociale partners samen, dus moeten wij ook samen naar

Nadere informatie

De toekomst van het Nederlandse pensioenstelsel Dick Sluimers Voorzitter Raad van Bestuur APG

De toekomst van het Nederlandse pensioenstelsel Dick Sluimers Voorzitter Raad van Bestuur APG De toekomst van het Nederlandse pensioenstelsel Dick Sluimers Voorzitter Raad van Bestuur APG KNVG Maarssen 4 september 2012 Agenda 1) Wie is APG? 2) Ontwikkelingen van vandaag 3) Uitdagingen voor morgen

Nadere informatie

Aanpassing pensioenregeling een must. Presentatie: Marcel Brussee / voorzitter SPH Kees Lekkerkerker / directeur HRM

Aanpassing pensioenregeling een must. Presentatie: Marcel Brussee / voorzitter SPH Kees Lekkerkerker / directeur HRM Aanpassing pensioenregeling een must Presentatie: Marcel Brussee / voorzitter SPH Kees Lekkerkerker / directeur HRM 1 Aanpassing pensioenregeling een must Inhoud Marcel Brussee: Achtergrond wijzigingen

Nadere informatie

Beleggingsaspecten voorontwerp van wet herziening ftk

Beleggingsaspecten voorontwerp van wet herziening ftk Beleggingsaspecten voorontwerp van wet herziening ftk De staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid publiceerde op vrijdag 12 juli 2013 het lang verwachte consultatiedocument over de uitwerking

Nadere informatie

Pensioen in beweging. Lenteakkoord 2012, Hoofdlijnennota herziening FTK en Septemberpakket

Pensioen in beweging. Lenteakkoord 2012, Hoofdlijnennota herziening FTK en Septemberpakket Pensioen in beweging Lenteakkoord 2012, Hoofdlijnennota herziening FTK en Septemberpakket Deelnemersvergadering Stichting Pensioenfonds Ballast Nedam door Peter Janssen 27 september 2012 2012 Towers Watson.

Nadere informatie

OWASE Pensioenforum 26 juni 2013. 3 juli 2013 OWASE. Welkom. bij

OWASE Pensioenforum 26 juni 2013. 3 juli 2013 OWASE. Welkom. bij Welkom OWASE Pensioenforum 26 juni 2013 OWASE 3 juli 2013 bij Pensioenfonds en solidariteit: één voor allen, allen voor één! www.owase.nl PFO20130626/20130703 2 Programma Pensioenforum De bedoeling van

Nadere informatie

Het Nedlloyd Pensioenfonds van nu en in de toekomst

Het Nedlloyd Pensioenfonds van nu en in de toekomst Het Nedlloyd Pensioenfonds van nu en in de toekomst Jaarvergadering DNP 25 maart 2015 Frans Dooren, directeur 1 Agenda - Even voorstellen - Terugblik 2014 - Organisatie, Dekkingsgraad, Rente, Verplichtingen,

Nadere informatie

Nieuw pensioencontract. DIRK BROEDERS, Toezichtstrategie Seminar voor vermogensbeheerders, 27 juni 2012

Nieuw pensioencontract. DIRK BROEDERS, Toezichtstrategie Seminar voor vermogensbeheerders, 27 juni 2012 Nieuw pensioencontract DIRK BROEDERS, Toezichtstrategie Seminar voor vermogensbeheerders, 27 juni 2012 Kernpunten 1. Eén ftk met twee soorten contracten (nominale contract en reële contract) 2. Contracten

Nadere informatie

Ten eerste: afschaffing van de al genoemde doorsneesystematiek en ten

Ten eerste: afschaffing van de al genoemde doorsneesystematiek en ten Dames en heren, Hartelijk dank voor de uitnodiging om hier vandaag op uw symposium te komen spreken. Als koepel van verenigingen van gepensioneerden wil de KNVG de belangen van gepensioneerden behartigen

Nadere informatie

Kwartaalbericht. 4e kwartaal 2014 Den Haag, 30 januari 2015. Samenvatting cijfers per 31 december 2014

Kwartaalbericht. 4e kwartaal 2014 Den Haag, 30 januari 2015. Samenvatting cijfers per 31 december 2014 Kwartaalbericht 4e kwartaal 2014 Den Haag, 30 januari 2015 Samenvatting cijfers per 31 december 2014 Dekkingsgraad: 111,5% Beleidsdekkingsgraad: 112,6% Belegd vermogen: 19,6 miljard Rendement 2014: 27,6%

Nadere informatie

Reactie op het wetsvoorstel aanpassing financieel toetsingskader (FTK)

Reactie op het wetsvoorstel aanpassing financieel toetsingskader (FTK) Reactie op het wetsvoorstel aanpassing financieel toetsingskader (FTK) Utrecht, 2 september 2014 Koninklijk Actuarieel Genootschap Postbus 2433 3500 GK UTRECHT 1 In deze notitie treft u de reactie aan

Nadere informatie

Deelnemersbijeenkomst

Deelnemersbijeenkomst Deelnemersbijeenkomst Stichting Pensioenfonds Capgemini Nederland 18 november 2014 13 oktober 2010 Deelnemersbijeenkomst Agenda Opening 2013 Financiën: Dekkingsgraad en financiële situatie Henk Beleggingsbeleid

Nadere informatie

De fiscale aspecten van het pensioenakkoord: het is lastiger dan het lijkt. Workshop 9 mei 2012

De fiscale aspecten van het pensioenakkoord: het is lastiger dan het lijkt. Workshop 9 mei 2012 De fiscale aspecten van het pensioenakkoord: het is lastiger dan het lijkt Workshop 9 mei 2012 Programma De aanleiding en het pensioenakkoord op hoofdlijnen Aanpassingsmechanismes Fiscale pensioenkader

Nadere informatie

2013 verkort in beeld. Ontwikkelingen. Pensioenen Beleggingen Organogram

2013 verkort in beeld. Ontwikkelingen. Pensioenen Beleggingen Organogram 02 verkort in beeld 03 Ontwikkelingen 05 08 10 Pensioenen Beleggingen Organogram Aantal deelnemers dat pensioen opbouwt Aantal personen dat een ouderdomspensioen ontvangt Aantal deelnemers met slapende

Nadere informatie

Extra informatie pensioenverlaging

Extra informatie pensioenverlaging Extra informatie pensioenverlaging Wat is de invloed van de verlaging op mijn netto pensioen? Als u nog niet met pensioen bent, kunnen we u nu niet zeggen hoe uw netto pensioen

Nadere informatie

reëel financieel toetsingskader (FTK2)

reëel financieel toetsingskader (FTK2) nominaal financieel toetsingskader (FTK1) - bestaande contract - nominale contract - uitkeringsovereenkomst - onderscheid tussen nominale opbouw en indexatie - 2,5% onderdekkingskans maatstaf voor nominale

Nadere informatie

Dekkingsgraad 121,8% per 30 september 2012, toename van 9,3%-punt ten opzichte van 30 juni 2012.

Dekkingsgraad 121,8% per 30 september 2012, toename van 9,3%-punt ten opzichte van 30 juni 2012. Kwartaalbericht 2012 Samenvatting 121,8% per 30 september 2012, toename van 9,3%-punt ten opzichte van 30 juni 2012. Meer informatie over de dekkingsgraad vindt u op de website. Beleggingsrendement 4,2%

Nadere informatie

Nederland had en heeft nog steeds het beste pensioensysteem ter wereld

Nederland had en heeft nog steeds het beste pensioensysteem ter wereld Het verdwenen pensioengeld De uitzending van Zembla van 5 februari 2011 heeft veel stof doen opwaaien in de pensioensector. Ortec Finance is in bezit van het achterliggende rapport dat is opgesteld door

Nadere informatie

Addendum. Ultimate Forward Rate

Addendum. Ultimate Forward Rate Addendum Ultimate Forward Rate Wilt u meer weten over renterisico s, swaps en swaptions? Neem dan contact op met uw Account-CIO of met onze balansmanagement adviseurs Bas Scholten via bas.schoiten@achmea.ni

Nadere informatie

P O S I T I O N P A P E R

P O S I T I O N P A P E R Pensioenfederatie Prinses Margrietplantsoen 90 2595 BR Den Haag Postbus 93158 2509 AD Den Haag T +31 (0)70 76 20 220 info@pensioenfederatie.nl www.pensioenfederatie.nl P O S I T I O N P A P E R KvK Haaglanden

Nadere informatie

WAT U ALS WERKNEMER WILT WETEN OVER DE ABP-PENSIOENREGELING

WAT U ALS WERKNEMER WILT WETEN OVER DE ABP-PENSIOENREGELING WAT U ALS WERKNEMER WILT WETEN OVER DE ABP-PENSIOENREGELING 1- Waarom heeft het ABP een herstelplan opgesteld? ABP is, evenals vele andere pensioenfondsen, zwaar geraakt door de crisis op de financiële

Nadere informatie

Wat is er aan de hand moet onze pensioenen?

Wat is er aan de hand moet onze pensioenen? Wat is er aan de hand moet onze pensioenen? Casper van Ewijk, Netspar & University of Amsterdam KNAW Symposium, 9 januari 2014, Amsterdam Agenda Wat is een pensioen? Goed pensioen is een risicovol pensioen

Nadere informatie

Beleggingen institutionele beleggers in 2004 met 8,1 procent omhoog

Beleggingen institutionele beleggers in 2004 met 8,1 procent omhoog Publicatiedatum CBS-website Centraal Bureau voor de Statistiek 9 december 25 Beleggingen institutionele beleggers in 24 met 8,1 procent omhoog drs. J.L. Gebraad Centraal Bureau voor de Statistiek, Voorburg/Heerlen,

Nadere informatie

Een nieuwe pensioenregeling

Een nieuwe pensioenregeling Een nieuwe pensioenregeling De pensioenregeling van Pensioenfonds voor de Accountancy wordt per 1 januari 2015 aangepast. Het bestuur heeft inmiddels de hoofdlijnen van de nieuwe regeling vastgesteld.

Nadere informatie

Update! WIJZIGINGEN PENSIOENREGELING PER 1 JANUARI 2015. bpfhibin.nl

Update! WIJZIGINGEN PENSIOENREGELING PER 1 JANUARI 2015. bpfhibin.nl Update! bpfhibin.nl stichting bedrijfstakpensioenfonds voor de handel in bouwmaterialen December 2014 Kunt u uw werknemers uitleggen wat er per 1 januari 2015 is veranderd aan hun pensioen? WIJZIGINGEN

Nadere informatie

Pensioeninformatiebijeenkomst over herstelplan 2009

Pensioeninformatiebijeenkomst over herstelplan 2009 Pensioenbijeenkomst herstelplan 2009 Pensioenfonds voor de Grafische Bedrijven (PGB) over herstelplan 2009 juli 2009 Inleiding Waarom 5 pensioenbijeenkomsten? ernstige situatie met grote gevolgen voor

Nadere informatie

Kort jaarverslag Stichting Pensioenfonds nv Linde Gas Benelux

Kort jaarverslag Stichting Pensioenfonds nv Linde Gas Benelux Kort jaarverslag Stichting Pensioenfonds nv Linde Gas Benelux Beleggingen Het totaal rendement over het afgelopen boekjaar 2010 is uitgekomen op 15,6%. Als we naar de onderverdeling kijken zien we het

Nadere informatie

Pensioenfonds Robeco. Populair Jaarverslag 2014

Pensioenfonds Robeco. Populair Jaarverslag 2014 Pensioenfonds Robeco Populair Jaarverslag 2014 2014 was een bewogen jaar voor Pensioenfonds Robeco door de sterk dalende rente en de veranderende wet- en regelgeving. In het jaarverslag blikken wij als

Nadere informatie

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Eerste kwartaal 2015-1 januari 2015 t/m 31 maart 2015

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Eerste kwartaal 2015-1 januari 2015 t/m 31 maart 2015 Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel Eerste kwartaal 2015-1 januari 2015 t/m 31 maart 2015 Samenvatting: dalende euro en dalende rente door monetair beleid De beleidsdekkingsgraad is gedaald

Nadere informatie

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Tweede kwartaal 2015-1 april 2015 t/m 30 juni 2015. Samenvatting:

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Tweede kwartaal 2015-1 april 2015 t/m 30 juni 2015. Samenvatting: Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel Tweede kwartaal 2015-1 april 2015 t/m 30 juni 2015 Samenvatting: De maandelijkse nominale dekkingsgraad is fors gestegen van 105,7% naar 115,4%. Dit komt

Nadere informatie

De doorsneepremie ZO DENKEN WIJ ER OVER. De doorsneepremie. De doorsneepremie

De doorsneepremie ZO DENKEN WIJ ER OVER. De doorsneepremie. De doorsneepremie Zo denken wij er over is een uitgave van ABP Corporate Communicatie. Voor meer informatie verwijzen wij u naar www.abp.nl. september 2007 ZO DENKEN WIJ ER OVER Collectief versus individueel Juridische

Nadere informatie

Informatiebijeenkomst Pensioenen: actueler dan ooit. Oktober 2013

Informatiebijeenkomst Pensioenen: actueler dan ooit. Oktober 2013 Informatiebijeenkomst Pensioenen: actueler dan ooit Oktober 2013 1 Pensioenstelsel Individueel Pensioen fonds Overheid Lijfrente Pensioen AOW B E L A S T I N G 2 Programma bestuur en taken bestuur de pensioenregeling

Nadere informatie

De financiële situatie van Pensioenfonds UWV vanaf 31 augustus 2014

De financiële situatie van Pensioenfonds UWV vanaf 31 augustus 2014 De financiële situatie van Pensioenfonds UWV vanaf 31 ustus 2014 Op 31 ustus 2014 liep het kortetermijnherstelplan van Pensioenfonds UWV af. Tegen de verwachting in heeft het pensioenfonds de pensioenen

Nadere informatie

datum onze referentie uw referentie doorkiesnummer 15-11-2010 0523 288420

datum onze referentie uw referentie doorkiesnummer 15-11-2010 0523 288420 Aan: alle actieve deelnemers alle gewezen deelnemers alle pensioengerechtigden datum onze referentie uw referentie doorkiesnummer 15-11-2010 0523 288420 Betreft: de risico s van het pensioenfonds voor

Nadere informatie

Pensioen voor de toekomst

Pensioen voor de toekomst Pensioen voor de toekomst KlikPensioen als ideale synthese van premie- en uitkeringsovereenkomsten Inhoud - Inleiding 1. Heldere uitgangspunten voor een goed pensioen 2. Pensioenoplossing voor vandaag

Nadere informatie

Advies Commissie Parameters

Advies Commissie Parameters Advies Commissie Parameters Voorstel tot herziening van verwachte rendementen Sprenkels&Verschuren Maart 2014 Copyright 2014 Sprenkels & Verschuren. Geen enkele reproductie van het document of een deel

Nadere informatie

De meest gestelde vragen over het pensioenakkoord van de Stichting van de Arbeid (StvdA).

De meest gestelde vragen over het pensioenakkoord van de Stichting van de Arbeid (StvdA). CB 10115 AB 10066 CBAC 10163 WP 10074 De meest gestelde vragen over het pensioenakkoord van de Stichting van de Arbeid (StvdA). 1. Wanneer gaat de AOW-leeftijd omhoog? 2. Blijft de hoogte van de AOW-uitkering

Nadere informatie

Persbericht. Kwartaalbericht: vierde kwartaal 2011

Persbericht. Kwartaalbericht: vierde kwartaal 2011 Persbericht Kwartaalbericht: vierde kwartaal 2011 Hoofdpunten: Dekkingsgraad van 94% is te laag: aanvullende maatregelen nodig Beschikbaar vermogen stijgt met ruim 11 miljard Door gedaalde rente nemen

Nadere informatie

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Vierde kwartaal 2014-1 oktober 2014 t/m 31 december 2014

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Vierde kwartaal 2014-1 oktober 2014 t/m 31 december 2014 Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel Vierde kwartaal 2014-1 oktober 2014 t/m 31 december 2014 Samenvatting: dalende euro en dalende rente Nominale dekkingsgraad gedaald van 117,4% naar 115,1%

Nadere informatie

Stichting Pensioenfonds Deutsche Bank Nederland

Stichting Pensioenfonds Deutsche Bank Nederland Human Resources Stichting Pensioenfonds Nederland Toelichting Witteveenkader II en nieuw Financieel Toetsingskader 30 september 2014 kantoor Amsterdam Identifier Presentatie Seminar DNB 28 en 30 mei 2013

Nadere informatie

Nieuwe pensioenregeling vanaf 1 januari 2015. Jan Raaijmakers Aad van der Tak Michel Stok Voorzitter Manager Pensioenfonds Extern actuarieel adviseur

Nieuwe pensioenregeling vanaf 1 januari 2015. Jan Raaijmakers Aad van der Tak Michel Stok Voorzitter Manager Pensioenfonds Extern actuarieel adviseur Nieuwe pensioenregeling vanaf 1 januari 2015 Jan Raaijmakers Aad van der Tak Michel Stok Voorzitter Manager Pensioenfonds Extern actuarieel adviseur Agenda 1. Rol klankbordgroep 2. Waarom een nieuwe pensioenregeling?

Nadere informatie

Pensioenactualiteiten

Pensioenactualiteiten Pensioenactualiteiten Medezeggenschap Waterbedrijven, Waterschappen, Netwerkbedrijven 16-05-2013 Agenda Dekkingsgraad en financiële positie fonds Wijzigingen in 2012 Ontwikkelingen en gevolgen voor ABP

Nadere informatie

Overzicht vragen gesteld tijdens inloopsessies met betrekking tot de nieuwe pensioenregeling

Overzicht vragen gesteld tijdens inloopsessies met betrekking tot de nieuwe pensioenregeling Overzicht vragen gesteld tijdens inloopsessies met betrekking tot de nieuwe pensioenregeling 1. Waarom wordt het nieuwe pensioenreglement pas later uitgereikt? Antwoord: De pensioenregeling is gebaseerd

Nadere informatie

Informatiebijeenkomst Pensioenfonds KPN Pensioengerechtigden. Oktober 2013

Informatiebijeenkomst Pensioenfonds KPN Pensioengerechtigden. Oktober 2013 Informatiebijeenkomst Pensioenfonds KPN Pensioengerechtigden Oktober 2013 1 Pensioenstelsel Individueel Pensioen fonds Overheid Lijfrente Pensioen AOW B E L A S T I N G 2 Programma bestuur en taken bestuur

Nadere informatie

Stichting Pensioenfonds Xerox

Stichting Pensioenfonds Xerox Deelnemersbijeenkomst Stichting Pensioenfonds Xerox Verslag Huidige vergadering Volgende vergadering Datum Duur Datum Duur 26 maart 2015 17:00 19:00 Locatie Voorzitter Locatie Voorzitter Bedrijfsrestaurant

Nadere informatie

PENSIOEN UPDATE In Nederland

PENSIOEN UPDATE In Nederland PENSIOEN UPDATE In Nederland Oktober 2015 Het pensioenlandschap in het algemeen, maar ook hoe werknemers naar pensioen kijken, verandert in rap tempo. Zowel in 2014 als in 2015 zijn grote bezuinigingen

Nadere informatie

Fiscale aspecten pensioenmaatregelen

Fiscale aspecten pensioenmaatregelen www.pwc.nl Fiscale aspecten pensioenmaatregelen regeerakkoord Studiebijeenkomst Vereniging voor Pensioenrecht 21 november 2012 Agenda 1. Aanleiding 2. Ontwikkelingen wet- en regelgeving pensioen 3. Wet

Nadere informatie

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Derde kwartaal 2015-1 juli 2015 t/m 30 september 2015. Samenvatting:

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Derde kwartaal 2015-1 juli 2015 t/m 30 september 2015. Samenvatting: Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel Derde kwartaal 2015-1 juli 2015 t/m 30 september 2015 Samenvatting: De maandelijkse nominale dekkingsgraad is fors gedaald van 115,4% naar 103,7%. Dit

Nadere informatie

Pensioenregeling 2015 en nieuw FTK

Pensioenregeling 2015 en nieuw FTK Pensioenregeling 2015 en nieuw FTK Gevolgen voor jouw pensioen bij PPF APG Henk Bruins Actuarieel adviseur PPF APG Informatiebijeenkomsten 28-30 oktober Agenda 1. Witteveen 2: versobering toekomstige pensioenopbouw

Nadere informatie

POPULAIR JAARVERSLAG 2013

POPULAIR JAARVERSLAG 2013 POPULAIR JAARVERSLAG 2013 2 Het herstel van onze financiële positie blijft absolute topprioriteit. Twee gezichten Het jaar 2013, maar ook 2014 dat nog grotendeels voor ons ligt, kent twee gezichten. Enerzijds

Nadere informatie

Pensioennieuwsbrief AC Rijksvakbonden. Februari 2012. Ferry Pereboom Angelique Kansouh

Pensioennieuwsbrief AC Rijksvakbonden. Februari 2012. Ferry Pereboom Angelique Kansouh Pensioennieuwsbrief AC Rijksvakbonden Ferry Pereboom Angelique Kansouh Februari 2012 De AC Rijksvakbonden zijn een initiatief van NCF, Juvox, VPW en VCPS Inhoudsopgave 0. Voorwoord......... 3 1. Lage dekkingsgraad

Nadere informatie

RBS pensioen update. Van premie tot pensioen

RBS pensioen update. Van premie tot pensioen RBS pensioen update Van premie tot pensioen Hoe is uw pensioen opgebouwd? Waarom zitten veel pensioenfondsen nu in de problemen? Hoe ziet de toekomst van pensioen in Nederland eruit? In deze RBS Pensioen

Nadere informatie

had ik (misschien) al iets meer details over het zogenaamde septemberpakket kunnen vertellen,

had ik (misschien) al iets meer details over het zogenaamde septemberpakket kunnen vertellen, Inleiding Maarten Camps DNB seminar 12 september 2012 Dames en heren, Ik ben met plezier naar Bussum gekomen, maar dacht wel even: jammer dat dit seminar niet een week later wordt gehouden. Dan had ik

Nadere informatie

Toelichting wetsvoorstel aanpassing financieel toetsingskader. Juni 2014

Toelichting wetsvoorstel aanpassing financieel toetsingskader. Juni 2014 Toelichting wetsvoorstel aanpassing financieel toetsingskader Juni 2014 Inhoudsopgave Wetsvoorstel aanpassing FTK Beleidsdekkingsgraad Premievaststelling Toekomstbestendig indexeren Inhaalindexatie Hersteltermijn

Nadere informatie

Verklaring beleggingsresultaten en verlaging pensioenen

Verklaring beleggingsresultaten en verlaging pensioenen Verklaring beleggingsresultaten en verlaging pensioenen Het bestuur van Stichting Pensioenfonds Randstad heeft medio februari 2014 moeten besluiten tot het doorvoeren van een pijnlijke maatregel. Om de

Nadere informatie

Informatiebijeenkomst

Informatiebijeenkomst Stichting Pensioenfonds DHV Informatiebijeenkomst 24 september 2013 2013 Royal HaskoningDHV, All rights reserved Alleen voor intern gebruik Agenda Opening Jaarverslag 2012 Paul Canisius Actuele ontwikkelingen

Nadere informatie

Herstelplan. Stichting Personeelspensioenfonds APG

Herstelplan. Stichting Personeelspensioenfonds APG Herstelplan Stichting Personeelspensioenfonds APG PPF APG Herstelplan versie: juni 2015 Herstelplan PPF APG 2015 juni 2015 1. Inleiding In dit herstelplan 2015 voor PPF APG leest u eerst welke uitgangspunten

Nadere informatie

Marktwaardedekkingsgraad per 31 maart 2014: 128,6%, een toename van 3,3%-punt ten opzichte van 31 december 2013.

Marktwaardedekkingsgraad per 31 maart 2014: 128,6%, een toename van 3,3%-punt ten opzichte van 31 december 2013. Kwartaalbericht 2014 Samenvatting Marktwaardedekkingsgraad per 31 maart 2014: 128,6%, een toename van 3,3%-punt ten opzichte van 31 december 2013. Meer informatie vindt u op de website. Beleggingsrendement

Nadere informatie

Marktwaarde van de pensioenverplichtingen in het derde kwartaal gestegen van 16.893 miljoen naar 17.810 miljoen ( 15.008 miljoen ultimo Q4 2013).

Marktwaarde van de pensioenverplichtingen in het derde kwartaal gestegen van 16.893 miljoen naar 17.810 miljoen ( 15.008 miljoen ultimo Q4 2013). Kwartaalbericht 2014 Samenvatting Marktwaardedekkingsgraad per 30 september 2014 130,4%, een toename van 0,9%-punt ten opzichte van 30 juni 2014. Over de eerste negen maanden steeg de marktwaardedekkingsgraad

Nadere informatie

Investeren in vertrouwen. Samenvatting Meerjarenbeleidsplan 2011-2015

Investeren in vertrouwen. Samenvatting Meerjarenbeleidsplan 2011-2015 Investeren in vertrouwen Samenvatting Meerjarenbeleidsplan 2011-2015 1 Pensioenfonds Zorg en Welzijn: het pensioenfonds voor de sector zorg en welzijn Het meerjarenbeleidsplan 2011-2015 beschrijft welke

Nadere informatie

Algemene Ledenvergadering Vereniging (VeLP) 17 februari 2011

Algemene Ledenvergadering Vereniging (VeLP) 17 februari 2011 Algemene Ledenvergadering Vereniging (VeLP) 17 februari 2011 Agenda Welkom Notulen vergadering 2 november Performance SPLB Het pensioengebouw en juridisch advies Financiën Communicatie en LinkedIn groep

Nadere informatie

Pensioenbijeenkomst Abvakabo FNV Het pensioen van nu en de toekomst in zicht November 2010. Welkom

Pensioenbijeenkomst Abvakabo FNV Het pensioen van nu en de toekomst in zicht November 2010. Welkom Pensioenbijeenkomst Abvakabo FNV Het pensioen van nu en de toekomst in zicht November 2010 Welkom Waar willen wij het met elkaar over hebben? Pensioen anno 2010 Stand van Zaken AOW en Pensioenakkoord 4

Nadere informatie

1.B. Jouw Cosun pensioen. Informatiebijeenkomsten voor pensioengerechtigden mei 2014

1.B. Jouw Cosun pensioen. Informatiebijeenkomsten voor pensioengerechtigden mei 2014 1.B Jouw Cosun pensioen Informatiebijeenkomsten voor pensioengerechtigden mei 2014 1 Agenda Pensioen in Nederland Waarom een nieuwe regeling bij Cosun? Pensioenpremie Toeslagverlening (indexatie) Discussie

Nadere informatie

Stichting Pensioenfonds Smurfit Kappa Nederland Nieuwsbrief

Stichting Pensioenfonds Smurfit Kappa Nederland Nieuwsbrief Stichting Pensioenfonds Smurfit Kappa Nederland Nieuwsbrief NUMMER 12 > JAARGANG 8 > SEPTEMBER 2011 inhoud > De financiële situatie bij pensioenfondsen [p.1] Pensioenleeftijd 65 jaar, wat als ik eerder

Nadere informatie

Deutsche Bank Nederland Stichting Pensioenfonds Deutsche Bank Nederland

Deutsche Bank Nederland Stichting Pensioenfonds Deutsche Bank Nederland In deze nieuwsbrief Voorwoord Wat betekenen de nieuwe pensioenmaatregelen voor u? De informatie in dit document is eigendom van en mag noch in haar geheel noch gedeeltelijk van. Page 2 of 5 Voorwoord In

Nadere informatie

P O S I T I O N P A P E R

P O S I T I O N P A P E R Pensioenfederatie Prinses Margrietplantsoen 90 2595 BR Den Haag Postbus 93158 2509 AD Den Haag T +31 (0)70 76 20 220 info@pensioenfederatie.nl www.pensioenfederatie.nl P O S I T I O N P A P E R KvK Haaglanden

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 32 043 Toekomst pensioenstelsel Nr. 151 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Pensioenfonds Smurfit Kappa Nederland Nieuwsbrief

Pensioenfonds Smurfit Kappa Nederland Nieuwsbrief Pensioenfonds Smurfit Kappa Nederland Nieuwsbrief Nummer 14 > Jaargang 10 > November 2012 inhoud > Financiële positie: dekkingsgraad blijft laag [p.1] Bestuur / Verantwoordingsorgaan [p.2] Uniform Pensioen

Nadere informatie

14 augustus 2014 Behandeling Wet BL1408038 aanpassing financieel. Geachte leden van de Kamercommissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

14 augustus 2014 Behandeling Wet BL1408038 aanpassing financieel. Geachte leden van de Kamercommissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Vaste Kamercommissie Sociale zaken en werkgelegenheid p/a cie.szw@tweedekamer.nl 14 augustus 2014 Behandeling Wet BL1408038 Maarten Hendriks aanpassing financieel m.hendriks@anbo.nl toetsingskader Geachte

Nadere informatie

Vragen & antwoorden over uw pensioen en de kredietcrisis

Vragen & antwoorden over uw pensioen en de kredietcrisis Vragen & antwoorden over uw pensioen en de kredietcrisis Corporate Pensioen 4 Juni 2009 Vragen 1. Hoe zeker is mijn toekomstige pensioenvoorziening bij Nationale-Nederlanden? 3. Hoe weet ik hoeveel pensioen

Nadere informatie

Te behalen uitkering varieert bij DC-pensioen sterker dan bij DB

Te behalen uitkering varieert bij DC-pensioen sterker dan bij DB date: 23.06.2014 place: Amsterdam Te behalen uitkering varieert bij DC-pensioen sterker dan bij DB Frank van Alphen, FD media Het verschil tussen de uitkering in een pessimistisch en een optimistisch scenario

Nadere informatie

Vragen en antwoorden pensioenakkoord

Vragen en antwoorden pensioenakkoord Vragen en antwoorden pensioenakkoord 1. Waarover gaat dit pensioenakkoord? Het pensioenakkoord gaat over drie onderwerpen: de AOW, de aanvullende pensioenen, en de kansen van ouderen op de arbeidsmarkt.

Nadere informatie

Uw mening over pensioen

Uw mening over pensioen Uw mening over pensioen Onderzoek naar de risicohouding van pensioenopbouwers en pensioenontvangers van Philips Pensioenfonds mei / juni 2013 Philips Pensioenfonds Inhoud Aanleiding onderzoek Opzet onderzoek

Nadere informatie

Kwartaalbericht Algemeen Pensioenfonds KLM Derde kwartaal 2015-1 juli 2015 t/m 30 september 2015

Kwartaalbericht Algemeen Pensioenfonds KLM Derde kwartaal 2015-1 juli 2015 t/m 30 september 2015 Kwartaalbericht Algemeen Pensioenfonds KLM Derde kwartaal 2015-1 juli 2015 t/m 30 september 2015 De maandelijkse nominale dekkingsgraad ultimo september is gedaald ten opzichte van eind juni; De beleidsdekkingsgraad

Nadere informatie

Indexatie-IQ, voor een transparant en stabiel pensioen.

Indexatie-IQ, voor een transparant en stabiel pensioen. Indexatie-IQ, voor een transparant en stabiel pensioen. De Bazel 24 mei 2012 Het Pensioenakkoord Drie delen: - De AOW-leeftijd - Pensioen in de tweede pijler - Ouderenparticipatie Wat is de aanleiding?

Nadere informatie

De toekomst van ons pensioen de visie van FNV KIEM en NVJ

De toekomst van ons pensioen de visie van FNV KIEM en NVJ De toekomst van ons pensioen de visie van FNV KIEM en NVJ De pensioencommissie van FNV KIEM en de NVJ heeft besloten een beknopte visie te formuleren over de toekomst van ons pensioenstelsel. Deze is bedoeld

Nadere informatie

Verslag Mandema Update mei 2014

Verslag Mandema Update mei 2014 Verslag Mandema Update mei 2014 Terwijl de leden van de Eerste Kamer zich op 20 mei jl. bogen over de Wet verlaging maximumopbouw- en premiepercentages pensioen, kregen onze relaties te horen wat de consequenties

Nadere informatie

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Tweede kwartaal 2014-1 april 2014 t/m 30 juni 2014. Samenvatting: dalende rente

Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel. Tweede kwartaal 2014-1 april 2014 t/m 30 juni 2014. Samenvatting: dalende rente Kwartaalbericht Pensioenfonds KLM-Cabinepersoneel Tweede kwartaal 2014-1 april 2014 t/m 30 juni 2014 Samenvatting: dalende rente Nominale dekkingsgraad gestegen van 123,6% naar 123,7% Reële dekkingsgraad

Nadere informatie

WELKE PENSIOENREGELING IS TOEKOMSTBESTENDIG? Huidige regelingen & recente ontwikkelingen Stacey René & Hans Kennis.

WELKE PENSIOENREGELING IS TOEKOMSTBESTENDIG? Huidige regelingen & recente ontwikkelingen Stacey René & Hans Kennis. WELKE PENSIOENREGELING IS TOEKOMSTBESTENDIG? Huidige regelingen & recente ontwikkelingen Stacey René & Hans Kennis 29 oktober 2015 Agenda Welke pensioenstelsels zijn er? Wat is de houdbaarheid van het

Nadere informatie

Belanghebbendenvergadering. 24 september 2015

Belanghebbendenvergadering. 24 september 2015 Belanghebbendenvergadering 24 september 2015 Agenda 1. Opening 2. Actuele ontwikkelingen Ballast Nedam N.V. 3. Jaarverslag 2014 4. Nieuwe pensioenregelgeving en herstelplan 5. Toekomst pensioenfonds 6.

Nadere informatie

Themabericht 2012/17. Een realistische rekenrente

Themabericht 2012/17. Een realistische rekenrente Themabericht 2012/17 Een realistische rekenrente Minister Kamp is recent met plannen gekomen om de rekenrente waarmee pensioenfondsen hun verplichtingen waarderen kunstmatig te verhogen. Dit in verband

Nadere informatie

Extra nieuwsbrief. De positie van het pensioenfonds. Mei 2012. Waarom een extra nieuwsbrief?

Extra nieuwsbrief. De positie van het pensioenfonds. Mei 2012. Waarom een extra nieuwsbrief? Mei 2012 Extra nieuwsbrief Waarom een extra nieuwsbrief? De positie van pensioenfondsen krijgt voortdurend veel aandacht in de media. De berichten over pensioenen zijn vaak complex en de laatste tijd nogal

Nadere informatie

Pensioen vanaf.. Impact sociaal akkoord op pensioenregelingen. drs. Rajish Sagoenie, Actuaris AG. Aon Hewitt Consulting Retirement Actuarial Services

Pensioen vanaf.. Impact sociaal akkoord op pensioenregelingen. drs. Rajish Sagoenie, Actuaris AG. Aon Hewitt Consulting Retirement Actuarial Services Pensioen vanaf.. Impact sociaal akkoord op pensioenregelingen drs. Rajish Sagoenie, Actuaris AG Agenda Waarom Pensioenakkoord? Inhoud Pensioenakkoord Wat doen we ermee? Oplossingsrichtingen Hoe nu verder?

Nadere informatie

Herstelplan PME 2015. Vastgesteld door het algemeen bestuur op 25 juni 2015

Herstelplan PME 2015. Vastgesteld door het algemeen bestuur op 25 juni 2015 Herstelplan PME 2015 Vastgesteld door het algemeen bestuur op 25 juni 2015 1 PME Herstelplan 2015 dekkingraadsjabloon inclusief onderbouwing Dit document bevat het dekkingsgraadsjabloon dat deel uitmaakt

Nadere informatie

Consequen;es WiDeveenkader en nftk

Consequen;es WiDeveenkader en nftk Consequen;es WiDeveenkader en nftk In opdracht van FNV- Kiem. Maatmensberekeningen die genera;e- effecten inzichtelijk maken. Drs. Diede Panneman AAG Drs. H. van Dijk AAG 10 oktober 2014 SV 2014 1000 Copyright

Nadere informatie

Een sterke tweede pijler Naar een toekomstbestendig stelsel van aanvullende pensioenen

Een sterke tweede pijler Naar een toekomstbestendig stelsel van aanvullende pensioenen Een sterke tweede pijler Naar een toekomstbestendig stelsel van aanvullende pensioenen Commissie Toekomstbestendigheid Aanvullende Pensioenregelingen Prof. dr. K.P. Goudswaard (voorzitter) Prof. dr. R.M.W.J.

Nadere informatie

Nieuwsbrief. Herstelplan. In dit nummer. oktober 2015. Waar ging het ook alweer over?

Nieuwsbrief. Herstelplan. In dit nummer. oktober 2015. Waar ging het ook alweer over? Nieuwsbrief oktober 2015 Herstelplan In de nieuwsbrieven van juli (over o.a. het nieuwe Financieel ToetsingsKader nftk ) en augustus 2015 (over beleggen) informeerden we u al eerder over de eisen die De

Nadere informatie

Uw pensioen in onzekere tijden

Uw pensioen in onzekere tijden Uw pensioen in onzekere tijden Stichting Pensioenfonds 1 Inleiding Dekkingsgraad per 31 december 2011 is 83,7%. Het pensioenfonds loopt (ver) achter op herstelplan. Voorlopig kortingsbesluit is noodzakelijk.

Nadere informatie

Notitie. Aan Eerste Kamer der Staten-Generaal Nummer PA/2014/11-03. C.c. Datum 14 nov 2014. Van Peter Borgdorff / PFZW Telefoonnr 030-277 9959

Notitie. Aan Eerste Kamer der Staten-Generaal Nummer PA/2014/11-03. C.c. Datum 14 nov 2014. Van Peter Borgdorff / PFZW Telefoonnr 030-277 9959 Notitie Aan Eerste Kamer der Staten-Generaal Nummer PA/2014/11-03 C.c. Datum 14 nov 2014 Van Peter Borgdorff / PFZW Telefoonnr 030-277 9959 Onderwerp Inbreng financieel toetsingskader (FTK) Op 18 november

Nadere informatie

Herstelplan 2016. Stichting Personeelspensioenfonds APG (PPF APG)

Herstelplan 2016. Stichting Personeelspensioenfonds APG (PPF APG) Herstelplan 2016 Stichting Personeelspensioenfonds APG (PPF APG) Onderwerp: Herstelplan PPF APG 2016 Datum: 10 maart 2016 1. Inleiding Deze notitie geeft een overzicht van de uitgangspunten die gehanteerd

Nadere informatie

Wat is er aan de hand met uw pensioen?

Wat is er aan de hand met uw pensioen? Wat is er aan de hand met uw pensioen? versie 2; 01-01-2012 Programma AOW nu en vanaf 2013 De mogelijkheden van ABP Pensioen Wat is er aan de hand met uw pensioen? Meer weten? versie 2; 01-01-2012 2 AOW

Nadere informatie

Toelichting bij de ministeriële regeling toeslagenmatrix.

Toelichting bij de ministeriële regeling toeslagenmatrix. Toelichting bij de ministeriële regeling toeslagenmatrix. Algemene toelichting Artikel 86 van de Pensioenwet schrijft voor dat er bij voorwaardelijke toeslagverlening een consistent geheel dient te zijn

Nadere informatie