Cannabis in Utrecht. deel 3. Stamgasten van koffieshops. Meningen en ervaringen van Utrechtse cannabisconsumenten die regelmatig koffieshops bezoeken

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Cannabis in Utrecht. deel 3. Stamgasten van koffieshops. Meningen en ervaringen van Utrechtse cannabisconsumenten die regelmatig koffieshops bezoeken"

Transcriptie

1 Cannabis in Utrecht deel 3 Stamgasten van koffieshops Meningen en ervaringen van Utrechtse cannabisconsumenten die regelmatig koffieshops bezoeken Tot stand gekomen met subsidie van: Stimuleringsfonds Maatschappelijke Aandachtsgebieden 1995 drs. N. Maalsté Centrum voor Verslavingsonderzoek Universiteit Utrecht

2

3 Inhoudsopgave Voorwoord 1 Inleiding Achtergrond Vraagstelling Indeling rapport 2 2 Methodologische verantwoording Meetinstrumenten Selectie van de respondenten Verspreiding van de vragenlijsten Data-analyse 6 3 De respondenten Sociaal-demografische kenmerken Gebruik van andere middelen 11 4 Het gebruik Aard en omvang van het blowgedrag Aard en omvang van het koopgedrag Functie van het cannabisgebruik 30 5 De koffieshop Bezoek aan koffieshops Voorwaarden voor koffieshops Overtredingen en criminaliteit Informatie over het cannabisgebruik De kwaliteit van de aangeboden produkten 53 6 Samenvatting en conclusies Onderzoeksresultaten Evaluatie van de methoden van onderzoek 60 Literatuur 63

4

5 Voorwoord In 1993 is het Centrum voor Verslavingsonderzoek (CVO) van de Universiteit Utrecht gestart met onderzoek naar Lokaal Cannabisbeleid. Het onderzoek heeft een looptijd van drie jaar en wordt voor een belangrijk deel gesubsidieerd door het Stimuleringsfonds Maatschappelijke Aandachtsgebieden (SMA) van de Universiteit Utrecht. De belangrijkste doelstelling van het onderzoek is het inventariseren van ervaringen met en knelpunten in gemeentelijk cannabisbeleid. Deze inventarisatie biedt een basis voor de ontwikkeling van een model voor lokaal cannabisbeleid. Het onderzoek bestaat uit drie onderdelen: Cannabis in Utrecht (A), Cannabis in andere Nederlandse gemeenten (B) en Evaluatie van verschillende beleidsmaatregelen (C). De gemeente Utrecht is gekozen als `proeftuin' om vast te stellen wat mogelijke knelpunten in gemeentelijk cannabisbeleid kunnen zijn volgens de verschillende betrokkenen. Daarbij wordt de problematiek rondom verkooppunten van cannabis - de zogenaamde koffieshops - geïnventariseerd, de functie van koffieshops onderzocht en worden gegevens over consumenten en exploitanten van koffieshops verzameld. Verder worden verschillende meetinstrumenten getest op bruikbaarheid voor het in kaart brengen van gemeentelijk cannabisbeleid. De resultaten van Cannabis in Utrecht worden in vier deelrapporten gepresenteerd. Voor u ligt het derde deelrapport van Cannabis in Utrecht. Hierin zijn de meningen en ervaringen van Utrechtse koffieshopbezoekers opgenomen. In het eerste deelrapport Van Koffieshop tot Hennepwinkel (Maalsté, 1994) zijn de eerste resultaten van het onderzoek in Utrecht beschreven. Het is een beschrijving van de Utrechtse koffieshops in de periode In het tweede deelrapport Vogelvrij kruidenieren (Maalsté, 1995) zijn de meningen en ervaringen van Utrechtse koffieshopexploitanten opgenomen. In de vierde en laatste deelrapportage van Cannabis in Utrecht - Buurten bij de koffieshop - wordt een beeld geschetst van de overlastproblematiek rond de Utrechtse koffieshops (Braam, 1995). Het onderzoek in andere Nederlandse gemeenten (B) is voor een deel versneld uitgevoerd ten behoeve van de drugsnota (Het Nederlandse drugbeleid, september 1995). De situatie in andere Nederlandse gemeenten is in kaart gebracht door gegevens over het gevoerde cannabisbeleid te verzamelen in honderd kleinere en middelgrote gemeenten. Naast een telefonische enquête onder deze gemeenten zijn beleidsstukken geanalyseerd en onderling vergeleken op basis van concrete beleidsmaatregelen. Het vaststellen van knelpunten in lokaal beleid en het inventariseren van (alternatieve) oplossingen die hier door de lokale overheden op gevonden zijn, vormden de belangrijkste doelen van het onderzoek. De resultaten zijn gepresenteerd in hoofdstuk 6 van Wolken boven koffieshops (Bieleman e.a., 1995). Voor de uitvoering van deel C zullen enkele Nederlandse gemeenten geselecteerd worden, die al enige tijd ervaring hebben met het door hen gekozen cannabisbeleid. De effectiviteit en gevolgen van verschillende beleidsmaatregelen worden vastgesteld door de situatie van de betreffende gemeenten in kaart te brengen met behulp van de in Utrecht geteste meetinstrumenten. Uiteindelijk wordt een model voor een praktisch uitvoerbaar gemeentelijk cannabisbeleid in Nederland geconstrueerd, dat enerzijds een afspiegeling is van lokale eisen en belangen en anderzijds uitvoerbaar is zonder wezenlijk inbreuk te doen op de nationale en internationale verhoudingen. Het onderzoek is ingebed in een groter onderzoek naar sociaal-wetenschappelijke en juridische grondslagen van een verantwoord drugbeleid (Ossebaard en van de Wijngaart, 1994). Behalve het inventariseren van voor- en tegenargumenten van legalisering van de substanties die onder de huidige Opiumwet vallen, is het de bedoeling om een praktisch drugregulatie model voor gemeentelijk drugbeleid te ontwikkelen en scenario-onderzoek te verrichten naar methoden, effecten en determinanten van graduele legalisatie van drugs. Het rapport is geredigeerd door drs. R. Braam, drs. D. de Bruin, drs. M. Fris en dr. G.F. van de Wijngaart.

6

7 1. Inleiding 1.1 Achtergrond In de eerste twee deelrapporten Van Koffieshop tot Hennepwinkel (Maalsté, 1995) en Vogelvrij kruidenieren (Maalsté, 1995) is vooral de aanbodzijde van de cannabisbranche - koffieshops en hun exploitanten - in beeld gebracht. Er is ingegaan op verschillende functies die een koffieshop kan vervullen naast de verkoop van cannabisprodukten en er is een profielschets gemaakt van exploitanten. Motieven en achtergronden om een koffieshop te beginnen en de visie van exploitanten op de functie van koffieshops in de Nederlandse samenleving blijken zeer divers. Sinds het gebruik van cannabisprodukten is doorgedrongen tot verschillende lagen van de bevolking 1, kan de aanbodzijde zich immers verheugen op een zeer uiteenlopend publiek. In dit deelrapport wordt verslag gedaan van een studie naar cannabisconsumenten, ofwel de vraagzijde van de cannabisbranche. Er is gekozen voor een belangrijke groep binnen de cannabisconsumenten, te weten de regelmatige koffieshopbezoeker. Dit vanwege de (vermeende) ruime ervaring van de regelmatige koffieshopbezoeker met het gebruik van cannabis en met verschillende soorten koffieshops. Bovendien gaan we ervan uit dat de koffieshop tot nog toe het belangrijkste distributiepunt van cannabisprodukten in Nederland is 2. De visie van koffieshopbezoekers over het functioneren van dit verkooppunt geeft voor een belangrijk deel weer in hoeverre het Nederlandse gedoogbeleid geslaagd is. Daarnaast kan het blowgedrag en koopgedrag van deze groep cannabisconsumenten een indicatie geven van wat, hoe, waarom en hoeveel er door ervaren gebruikers geconsumeerd wordt. Tot slot wordt getoetst in hoeverre deze gebruikersgroep geïnformeerd is over de werking en de kwaliteit van de beschikbare cannabisprodukten. De meningen en ervaringen van de regelmatige koffieshopbezoeker zijn geïnventariseerd aan de hand van een vragenlijst, door de respondent zelf in te vullen. De constructie en de verspreiding van deze vragenlijst en het invoeren van de data in SPSS is voor een groot deel geschied met medewerking van Lisette Brouwer. 1.2 Vraagstelling In Utrecht wordt, evenals in de meeste grotere Nederlandse gemeenten, een gedoogbeleid gevoerd ten aanzien van koffieshops. Voor koffieshopbezoekers betekent dit dat zij zonder problemen cannabisprodukten kunnen kopen, mits zij zich houden aan de voorgeschreven regels met betrekking tot de maximum hoeveelheid voor eigen bezit (niet meer dan 30 gram) en de leeftijdsgrens (niet beneden de 18 jaar) 3. De sporadische onderzoeken naar cannabisconsumenten 4 optreden in de onderzochte periode. De studie van De Loor geeft aan dat er een grote verscheidenheid aan cannabisconsumenten met diverse consumptiepatronen bestaat. geven onvoldoende inzicht in gebruikerspatronen en meningen en ervaringen van koffieshopbezoekers. 1 In de drugsnota wordt het aantal regelmatige cannabisgebruikers geschat op (Het Nederlandse drugbeleid, september 1995, p.32). 2 Wellicht wijzigt deze situatie zich nu de huisteelt van kleine partijen nederwiet geen prioriteit meer krijgt bij de opsporing en vervolging (Het Nederlandse drugbeleid, september 1995, p.53). 3 Onlangs is er een nieuwe richtlijn bijgekomen met betrekking tot de hoeveelheid cannabis die per keer aangeschaft mag worden: "De gedoogde verkoop van soft-drugs in coffeeshops zal worden beperkt tot een maximum van 5 gram per klant" (Het Nederlandse drugbeleid, september 1995, p.53). 4 De belangrijkste studies naar kenmerken van cannabisconsumenten in Nederland zijn de prevalentie-studies van J.P. Sandwijk e.a. `Licit and illicit drug use in Amsterdam' (in: 1987, 1990 en 1994) en de beschrijvende studie van A. de Loor `Hashcoffeeshops en hun bezoekers' (1994). De studie van Sandwijk e.a. geeft weer welke sociaal-demografische en sociaaleconomische aspecten de cannabisgebruiker kenmerken en in hoeverre hierin veranderingen 1

8 De vraag die in dit (deel)onderzoek onderzocht wordt, luidt derhalve: Hoe kenmerkt de Utrechtse koffieshopbezoeker zich en wat is zijn visie op en ervaring met koffieshops? 1. Wat is de aard van de onderzochte groep koffieshopbezoekers? * geslacht, leeftijd, etniciteit * dagbesteding, opleiding * gebruik van andere middelen 2. Wat is de aard en omvang van het cannabisgebruik? * blowgedrag (duur, frequentie, gebruikswijze, plekken en soort) * koopgedrag (prijsklasse, frequentie, uitgavepatroon, eigen kweek) * functie van het gebruik (motieven, betekenis) 3. Hoe ervaren deze cannabisconsumenten het fenomeen koffieshop als verkooppunt van cannabisprodukten? * bezoek aan koffieshops (frequentie, soort, duur, tijdstip, afwisseling, andere verkooppunten) * voorwaarden voor koffieshops (leeftijd, eisen aan exploitant, eisen aan shop, spreiding) * overtredingen en criminaliteit (leeftijd, andere drugs, heling) * informatie over het gebruik (bronnen) * informatie over de kwaliteit (zuiverheid, hoeveelheid, controle, ervaring, kennis) 1.3 Indeling rapport Het rapport is op de volgende wijze ingedeeld. In hoofdstuk 2 wordt de onderzoeksmethode besproken. Hierbij wordt de keuze van de meetinstrumenten, de selectie van de respondenten, de dataverzameling en de data-analyse nader toegelicht. In de daarop volgende drie hoofdstukken worden de resultaten van het onderzoek gepresenteerd. In hoofdstuk 3 komt allereerst een aantal sociaal-demografische kenmerken van de onderzochte respondenten ter sprake, vervolgens wordt ingegaan op eventueel gebruik van andere middelen (dan cannabis). In hoofdstuk 4 komen achtereenvolgens het blowgedrag, het koopgedrag en de functie van het cannabisgebruik aan de orde. Hoofdstuk 5 begint met informatie over het koffieshopbezoek, voorwaarden voor koffieshops en criminaliteit in en rondom koffieshops. Verder wordt in dit hoofdstuk ingegaan op de behoefte bij respondenten aan informatie over effecten van gebruik en de kwaliteit van de aangeboden produkten. In hoofdstuk 6 wordt ingegaan op de representativiteit van de gebruikte meetinstrumenten en de selectie-procedure. In hoofdstuk 7 tenslotte worden de belangrijkste resultaten en conclusies besproken. Hierbij is een indeling gemaakt in conclusies met betrekking tot de onderzoeksresultaten en conclusies met betrekking tot de onderzoeksopzet. 2

9 2. Methodologische verantwoording 2.1 Meetinstrumenten Pilotstudy Zoals eerder is opgemerkt vormt het onderzoek naar koffieshopbezoekers een onderdeel van het onderzoek Cannabis in Utrecht. In het kader van dit uitgebreide onderzoek is meerdere malen contact opgenomen met exploitanten en medewerkers van koffieshops. Door exploitanten regelmatig te informeren over het verloop van het onderzoek, trachtten de onderzoekers de medewerking aan het onderzoek te (blijven) stimuleren. Zo is ook toestemming verkregen om in de koffieshop bezoekers te interviewen aan de hand van een half-gestructureerde vragenlijst. Dit heeft geresulteerd in 49 interviews met koffieshopbezoekers. Met het afnemen van interviews in koffieshops werd overigens een bepaalde groep van de koffieshopbezoekers bereikt, de zogenaamde bezoekers 5. Bezoekers zijn consumenten die koffieshops naast hun functie als verkooppunt van cannabisprodukten ook een functie toekennen als ontmoetingsplek, buurthuis en/of rustplek. De interviews met bezoekers namen minimaal twintig minuten in beslag, en liepen meestal uit op een gesprek of een discussie, waarin ook andere aanwezigen zich wel eens mengden. In deze beginfase van het onderzoek is in koffieshops geobserveerd en zijn meningen en ervaringen over koffieshops verzameld aan de hand van interviews met bezoekers en medewerkers van koffieshops. De informatie die uit deze interviews en observaties werd verkregen, is verwerkt in deel 1 en 2. Hierbij is inzicht verkregen in de meningen en ervaringen van cannabisconsumenten en zijn tevens verschillende versies van de vragenlijst getest. Op grond van de resultaten uit dit onderzoek is uiteindelijk de vragenlijst voor de koffieshopbezoekers geconstrueerd. De vragenlijst De vragenlijst, die mondeling bij bezoekers is afgenomen, diende als testcase voor een definitieve vragenlijst met grotendeels voorgestructureerde antwoordcategorieën die door respondenten zelf ingevuld kan worden. De antwoordcategorieën zijn gekozen op basis van gesprekken met cannabisconsumenten en eerdere testen met de vragenlijst. De uiteindelijke vragenlijst bestaat uit twee delen: 1. (open) vragen met en zonder voorgestructureerde antwoordcategorieën over koffieshops 2. (open) vragen met en zonder voorgestructureerde antwoordcategorieën over de respondent zelf en zijn of haar gebruik van cannabis (en andere middelen). In het eerste gedeelte wordt gevraagd naar meningen en ervaringen van koffieshopbezoekers. Hiernaast is ingegaan op mogelijke consequenties van hypothetische veranderingen (zoals de invoering van een kwaliteitskeurmerk en de verkoop van alcohol in de koffieshop). Vrijwel alle vragen zijn open gesteld, maar de meeste antwoordmogelijkheden zijn vooraf gecategoriseerd. Hierbij is in veel gevallen wel een categorie `anders' opgenomen. In het tweede gedeelte is voornamelijk ingegaan op het eigen gebruik, om in te kunnen schatten om wat voor `soort' gebruiker het gaat. 5 Naast de bezoekers onderscheiden wij ook de zogenaamde afhalers. Afhalers bezoeken een koffieshop uitsluitend om cannabisprodukten aan te schaffen en beperken het koffieshopbezoek dientengevolge tot hoogstens vijf minuten. 3

10 2.2 Selectie van de respondenten Omdat het niet duidelijk is hoeveel cannabisconsumenten er in Nederland zijn 6 - in de gemeente Utrecht evenmin - vormt het bepalen van het steekproefkader een probleem. Alhoewel verwacht wordt dat het merendeel van de cannabisconsumenten de hennepprodukten bij de koffieshops aanschaft, groeit het aantal consumenten dat zijn rookwaar zelf kweekt 7. In de gezamenlijke drugsnota van de ministeries VWS, Justitie en Binnenlandse Zaken, die in september 1995 is verschenen, wordt het aantal huistelers op ongeveer geschat 8. In diezelfde nota wordt gesteld dat de teelt van enkele planten niet meer vervolgd zal worden, en dat gemeenten zelf moeten beslissen hoeveel planten maximaal toegestaan zijn. In de gemeente Utrecht wordt informeel al enkele jaren een maximum van vijftig planten gehanteerd. In 1994 is bij het CVO een pilotstudy uitgevoerd naar Utrechtse thuiskwekers 9, waaruit blijkt dat een deel van thuiskwekers in eigen behoefte voorziet en daardoor nauwelijks in koffieshops komt. Daarnaast voorziet een onbekend aantal privé/(t)huisdealers en taxiservicebedrijven in de behoefte van de cannabisconsument. In veel gemeenten tracht men de verkoop te reguleren door regels voor koffieshops vast te leggen. Het illegale karakter van het produkt zelf is hiermee niet verdwenen. Naast de openlijke verkoop in koffieshops blijven verborgen verkooppunten en (zelf)kwekerijen aantrekkelijke handel. Het is daarom moeilijk om zicht te krijgen op de populatie cannabisconsumenten en vast te stellen hoe groot deze groep is. Een deel van de populatie cannabisconsumenten kan, anders gezegd, worden beschouwd als een hidden population. Het is derhalve niet mogelijk om een aselecte steekproef uit de gehele populatie van Utrecht te trekken. Uit observaties in Utrechtse koffieshops (Maalsté, 1994) is bovendien gebleken dat er verschillende subculturen bestaan binnen de populatie cannabisconsumenten. In sommige van deze subculturen spelen de effecten van cannabis een belangrijke rol. Dit betekent dat de kans op het gebruik van cannabis in bepaalde delen van de populatie groter is dan in andere delen van de populatie, hetgeen directe gevolgen heeft voor het bepalen van deze steekproef. Daar het de bedoeling is om een beschrijving te geven van de Utrechtse koffieshopbezoeker, is gekozen voor een vindplaats-gerichte selectie van respondenten. Dit houdt in dat er vragenlijsten zijn verspreid op locaties waar een sterke concentratie van koffieshopbezoekers vermoed wordt: het merendeel van de koffieshops, en enkele cafés, uitgaansgelegenheden en buurthuizen. Het spreekt voor zich dat ook met deze methode niet de totale populatie cannabisconsumenten zichtbaar wordt. De keuze van de onderzoekers voor bepaalde locaties sluit degenen uit die in andere gelegenheden komen of die helemaal niet in openbare gelegenheden komen. De vragenlijsten zijn in de meeste gevallen niet actief verspreid. Consumenten konden zelf een vragenlijst ophalen bij de bar of balie van de betreffende gelegenheid, als zij zich aangesproken voelde door de tekst op de affiche, waarbij koffieshopbezoekers werden opgeroepen om mee te werken aan het onderzoek. Het is echter niet ondenkbaar dat medewerkers van koffieshops een sturende rol hebben gespeeld in de verspreiding van de vragenlijsten, bijvoorbeeld door de vragenlijsten aan bepaalde klanten eerder mee te geven dan aan anderen. Daarbij komt dat de samenwerking per koffieshop verschilde. Sommige exploitanten gaven geen toestemming voor de verspreiding van vragenlijsten via hun koffieshop, terwijl anderen juist vroegen om meer vragenlijsten omdat ze "als warme broodjes over de toonbank gingen". Daar de onderzoekers het idee hadden dat Marokkaanse en jeugdige cannabisconsumenten minder snel aangesproken zouden worden door de oproep op de affiches, is getracht deze `groepen' te werven via tussenpersonen. Dit is voor een deel gelukt. De werving van Marokkaanse consumenten via een Marokkaanse tussenpersoon bleek succesvol: het aantal vragenlijsten ingevuld door Marokkaanse koffieshopbezoekers nam hierdoor toe. De werving van jonge consumenten via jongerenwerkers 6 In recente publikaties wordt verwezen naar schattingen van het NIAD. Volgens de laatste schatting zijn er in Nederland regelmatige cannabisconsumenten (Spruit, 1995). 7 Zaadwinkels en `growshops' - waar alle benodigdheden en adviezen over het kweken verkrijgbaar zijn - schieten als paddestoelen uit de grond en worden druk bezocht door de cannabisliefhebber. 8 Het Nederlandse drugbeleid, september In het kader van het leeronderzoek hebben de studenten S. van Soest en J. van de Wouw, onder begeleiding van medewerkers van het CVO, diepte-interviews afgenomen bij tien thuiskwekers. De resultaten zijn verwerkt in een onderzoeksverslag: Cannabusiness; meningen en ervaringen van hennepkwekers in Utrecht,

11 leverde niets op. Alhoewel de vragenlijsten door verschillende jongerenwerkers zijn meegegeven aan jonge koffieshopbezoekers, zijn deze niet bij ons teruggekomen. Verder zijn alleen die consumenten opgeroepen die regelmatig in koffieshops komen. Dit betekent dat mensen die uitsluitend eigen kweek roken en mensen die hun rookwaar op andere plekken (dan koffieshops) aanschaffen, uitgesloten zijn van dit onderzoek. Wel is door de keuze van de verschillende locaties getracht om zowel bezoekers als afhalers bij het onderzoek te betrekken. 2.3 Verspreiding van de vragenlijsten In 1993 en 1994 zijn in totaal 440 vragenlijsten verspreid. Dit gebeurde op plekken waar een concentratie van koffieshopbezoekers vermoed werd. In 1993 zijn honderd vragenlijsten in verschillende koffieshops en twaalf vragenlijsten via een mediterrane tussenpersoon verspreid. In 1994 zijn bovendien dertig vragenlijsten via een tussenpersoon in een buurthuis verspreid. Ook zijn veertig vragenlijsten in cafés en tachtig via andere uitgaansgelegenheden verspreid. Tot slot zijn nog 178 vragenlijsten in koffieshops verspreid. Van de 440 vragenlijsten zijn er 180 teruggekomen; dertien bleken onvolledig of onbruikbaar. Soms had eenzelfde persoon meerdere vragenlijsten ingevuld, andere waren onvolledig of onjuist ingevuld. Een aantal vragenlijsten is ingevuld door personen die zelf kweken en zelden of nooit in koffieshops komen. De respons is 41 procent. Tabel 2.1 Aantal vragenlijsten naar plek (N=167) Aantal vragenlijsten Waar gekregen? Teruggekomen (onbruikbare) Verspreid Respons via koffieshop 85 (-6) % via uitgaansgelegenheid of café 37 (-2) % via tussenpersoon 12 (-2) 42 29% via `via' 19 (-2) niet vermeld 27 (-1) Totaal 180 (-13) % Uit tabel 2.1 blijkt dat van 46 respondenten onduidelijk is waar ze de vragenlijst hebben gekregen. Vermoedelijk hebben de negentien respondenten die zeggen de vragenlijst via via te hebben gekregen deze van iemand ontvangen die hem uit een koffieshop, café dan wel uitgaansgelegenheid heeft meegenomen. Van de 27 respondenten die deze vraag niet hebben beantwoord, is in ieder geval bekend dat de vragenlijst niet via een tussenpersoon verkregen is De antwoordenveloppen van de vragenlijsten die via een tussenpersoon zijn verspreid, waren gemerkt. 5

12 2.4 Data-analyse De vragen waarbij gesloten antwoordcategorieën waren opgenomen, zijn geanalyseerd met het statistische verwerkingsprogramma SPSS. De vragen met open antwoordcategorieën zijn handmatig geanalyseerd of - indien mogelijk - gehercodeerd, zodat zij eveneens verwerkt konden worden met SPSS. De kwalitatieve data zijn ter verduidelijking van de kwantitatieve gegevens in de tekst opgenomen. Op deze wijze wordt inzicht verschaft in de context, waarin de meningen en ervaringen van de onderzochte koffieshopbezoekers bezien moeten worden. Met behulp van SPSS is nagegaan welke verschillen en verbanden er bestaan tussen de verschillende koffieshopbezoekers in de aard en omvang van het blowgedrag, het koopgedrag en de functie van het gebruik. Er is onder andere gekeken naar verschillen in leeftijd, dagbesteding, geslacht, etniciteit en gebruik van andere middelen. Tevens is onderzocht of deze sociaal-demografische kenmerken in relatie staan tot de visie op koffieshops, de functie die door verschillende koffieshopbezoekers aan koffieshops wordt toegekend en de behoefte aan informatie over kwaliteit van de produkten en effecten van cannabisgebruik. Er is verder gekeken of er een relatie bestaat tussen het gebruik van andere middelen dan cannabis en de bekendheid en/of ervaring met criminaliteit en overtredingen vanuit de koffieshop. De verschillen en verbanden zijn geanalyseerd met diverse significantietoetsen, zoals de P 2 -toets, de t- toets, de F-toets, de Mann-Whitney U test, de Kruskal-Wallis test en de Spearmann correlatietoets. Een verschil of verband wordt hier significant genoemd, als de waarschijnlijkheid dat dit op toeval berust, kleiner is dan één procent (of p < 0.01). 6

13 3. De respondenten In dit hoofdstuk wordt een aantal gegevens van de populatie koffieshopbezoekers in Utrecht gepresenteerd. In hoofdstuk 2 is gebleken dat de wijze waarop de werving van respondenten is geschied, verschillende cannabisconsumenten uitgesloten heeft. Bij de beoordeling van deze gegevens moet derhalve in acht genomen worden dat het hier om een specifieke groep cannabisconsumenten gaat, te weten de regelmatige koffieshopbezoeker. Alle resultaten zijn gebaseerd op de kwalitatieve en kwantitatieve gegevens van de 167 vragenlijsten die bruikbaar zijn bevonden voor deze analyse. Om de resultaten beter te kunnen plaatsen worden de sociaal-demografische kenmerken en het gebruik van andere middelen van de respondenten afgezet tegen de bevindingen van andere studies naar cannabisgebruik in Nederland, te weten de prevalentiestudies van Sandwijk e.a. naar cannabisgebruikers in Amsterdam (1987, 1990 en 1994), het 3e Peilstations-onderzoek van Kuipers e.a. naar middelengebruik en gokken onder scholieren en de LADIS-gegevens van de Stichting Informatievoorziening Verslavingszorg (IVV) uit Beter vergelijkbare gegevens zijn de resultaten van een studie naar de bezoekers van `de Piramide', het enige gedoogpunt in de gemeente Bussum, waarbij een aangepast versie van de vragenlijst is gebruikt 11. In de eerste paragraaf worden de sociaal-demografische kenmerken besproken, zoals sexeverdeling, leeftijdsverdeling, etniciteit, opleidingsniveau en dagbesteding. In de tweede paragraaf komt het gebruik van andere middelen aan bod. Achtereenvolgens wordt het gebruik van alcohol, cocaïne, heroïne, koffie, LSD, paddestoelen, slaapmiddelen, spacecake, speed/amfetamine, tabak, thee en ecstasy in deze populatie beschreven en afgezet tegen het gebruik van deze middelen in de Nederlandse samenleving (indien daarover gegevens beschikbaar zijn). 3.1 Sociaal-demografische kenmerken Sexeverdeling Uit figuur 3.1 blijkt dat 84 procent van de respondenten in deze steekproef van het mannelijke geslacht is. De resultaten in Bussum leveren een overeenkomstige man/vrouw verdeling op: te weten 85 procent mannen en vijftien procent vrouwen. Uit verschillende prevalentie-onderzoeken 12 blijkt dat cannabisgebruik vaker voorkomt onder mannen (jongens) dan onder vrouwen (meisjes). Sandwijk meldt dat recent gebruik (laatste maand gebruik) bij mannen twee keer zo hoog is als bij vrouwen: "Of all last month users however, 70 percent is male. So even though men and women start using at, on average, the same age and in more or less the same numbers, women are much less likely to continue using" (Sandwijk e.a., 1995, p.49). Volgens de statistieken van de IVV is 86 procent van degenen die in een beroep deden op de Nederlandse verslavingszorg met als hoofdmiddel cannabis, van het mannelijke geslacht (Ouwehand, 1994). 11 Deze studie is uitgevoerd door D. van Buuren en S. Kodde (1995) onder begeleiding van het Centrum voor Verslavingsonderzoek in het kader van het leeronderzoek `Verslavingen' in de periode mei-augustus Kuipers e.a., 1993 en Sandwijk e.a., In 1992 was eveneens 86% van de personen die een beroep deden op de verslavingszorg in verband met cannabis van het mannelijke geslacht; in 1991 was dat 87%. 7

14 % Man 83,8% 140 totaal man vrouw leeftijdscategorieën 27 Vrouw 16,2% 1Figuur 3.1 Sexeverdeling (N=167) Leeftijdsverdeling De gemiddelde leeftijd van de respondenten is 25 jaar: de jongste respondent is vijftien jaar en de oudste is vijftig jaar. De helft van de respondenten is jonger dan 23 jaar. Voor de analyses is een keuze gemaakt voor de volgende indeling van leeftijdscategorieën: jonger dan achttien jaar, van achttien tot 25 jaar, van 25 tot dertig jaar en ouder dan dertig jaar. In figuur 3.2 is te zien dat niet alle leeftijdscategorieën evenredig vertegenwoordigd zijn. Meer dan de helft van de respondenten (55%) is tussen de achttien en 24 jaar. Alhoewel er een poging is gedaan meer respondenten beneden de achttien jaar te werven, blijft deze categorie ondervertegenwoordigd. De categorieën zijn gekozen op basis van natuurlijke grenzen. Koffieshops mogen niet verkopen aan jeugdigen beneden de achttien jaar. Het ligt daarom voor de hand om achttien jaar als een grens te beschouwen. De volgende grens (25 jaar) is de leeftijd, waarop vervolgopleidingen veelal afgerond zijn. De leeftijd van de mannen in deze steekproef is relatief hoger dan de leeftijd van de vrouwen: de helft van de mannen is ouder dan 24 jaar, terwijl de mediane leeftijd van de vrouwen 21 jaar is. 2Figuur 3.2 Leeftijdscategorieën naar sekse (N=166) Wanneer deze gegevens worden vergeleken met ander onderzoek dan blijkt dat bezoekers van de Piramide in Bussum eveneens een gemiddelde leeftijd van 25 jaar hadden. De leeftijd van de 8

15 Nederlands 86,2% Surinaams 2,5% West-Europees 3,8% Marokkaans 7,5% respondenten in het prevalentie-onderzoek onder de Amsterdamse bevolking ligt echter een stuk hoger. In dit onderzoek uit 1994 is de kans op cannabisgebruik in de laatste maand het grootst voor personen tussen de twintig en 35 jaar (van degenen die de laatste maand cannabis gebruikt hebben is 61 procent tussen de twintig en 35 jaar). Naarmate de respondenten ouder worden, neemt de kans op gebruik in de laatste maand af. Van degenen die in 1994 de laatste maand cannabis gebruikt hebben is 29 procent jonger dan 25 jaar (Sandwijk e.a., 1995). In het Utrechtse onderzoek is bijna tweederde van de respondenten (63%) jonger dan 25 jaar. Dat is twee maal zoveel. Bij een eventuele vergelijking van de resultaten dient derhalve rekening te worden gehouden met het feit dat deze respondenten gemiddeld een aantal jaren jonger zijn dan de respondenten uit het Amsterdamse onderzoek. Hierbij zal de keuze van de respondenten, in ons geval regelmatige koffieshopbezoekers, een belangrijke rol hebben gespeeld. Etniciteit Uit figuur 3.3 blijkt dat het overgrote deel van de respondenten in deze steekproef uit Nederland afkomstig is (87%). Verder zien we dat drie procent van de respondenten uit Suriname afkomstig is, acht procent uit Marokko 14 en vier procent uit een ander Europees land. 3Figuur 3.3 Etniciteit (N=160) In de eerder genoemde prevalentie-studies wordt slechts summier ingegaan op etniciteit en cannabisgebruik. Kuipers e.a. (1993) melden dat cannabisgebruik het hoogst is onder leerlingen met een vader uit een ander land van Europa en het laagst onder leerlingen van Turkse afkomst. In de steekproef van Kuipers is 93 procent van de leerlingen in Nederland geboren. In de prevalentie-studie van Sandwijk e.a. (1991) wordt in 1990 een daling van cannabisgebruik onder Surinamers en Antillianen geconstateerd in vergelijking met de cijfers uit "Etnicity is a very important determinant of use. There is a clear dichotomy between people of native Dutch parentage, other Europans and Americans on the one hand, and those of Surinamese, Antillean, Moroccan and Turkish origin on the other. On the first groep, 32 percent had used cannabis at some time; the corresponding figure for the latter group was only 14 percent, compromised predominantly of Surinamese or Antillean origin" (Sandwijk e.a., 1995, p.49-50). In 1994 is de verdeling van de nationaliteiten in het Amsterdamse onderzoek als volgt: van de respondenten die de laatste maand cannabis gebruikt hebben is 85 procent afkomstig uit Nederland, zeven procent uit Suriname/Antillen, twee procent uit Marokko/Turkije en vier procent uit Europa/USA. Opleidingsniveau 14 Eerder is opgemerkt dat deze groep actief geworven is. 9

16 (schoolgaand/studerend) (werkend) (werkloos) Universiteit HBO MBO Middelbare school aantallen In de vragenlijst is niet expliciet gevraagd naar een vooropleiding. Wel is gevraagd naar de huidige dagbesteding, waarbij respondenten hun beroep en/of schoolopleiding konden invullen. Hierdoor is niet van alle respondenten bekend of zij een vooropleiding hebben genoten en welke dat dan was. Toch kan uit figuur 3.4 voorzichtig geconcludeerd worden, dat het opleidingsniveau van de respondenten relatief hoog is (althans van degenen die een opleiding volgen). Van 47 respondenten in deze steekproef (28%) is bekend dat zij een universitaire, dan wel hogere beroepsopleiding volgen. Dit kan samenhangen met de methode van onderzoek. Wellicht zijn hoger opgeleiden eerder geneigd om mee te werken aan (universitair) onderzoek, dan lager opgeleiden. Overigens wijkt dit beeld niet af van het beeld dat uit het Amsterdamse onderzoek naar voren komt. In 1994 was 30% van degenen die de laatste maand cannabis hadden gebruikt hoger opgeleid, dat wil zeggen dat deze mensen HBO of universitair onderwijs gevolgd hadden (Sandwijk e.a., 1995). 4Figuur 3.4 Verdeling opleidingsniveau (N=167)

17 Werk 31,1% Studie/School 44,3% 20 Beide 12,0% Geen van beide 12,6% Dagbesteding Figuur 3.5 laat zien dat het overgrote deel van de respondenten een dagbesteding heeft in de vorm van een opleiding en/of werk (87%). In de vorige paragraaf hebben we kunnen zien dat het opleidingsniveau vrij hoog is. De beroepen variëren van chemicus tot slager, van reclasseringsmedewerker tot lasser, van peuterleidster tot kok. In het Amsterdamse onderzoek van 1994 bleek het merendeel van de `regelmatige' cannabisconsumenten een dagbesteding te hebben in de vorm van een opleiding of werk. Van de personen die de laatste maand cannabis gebruikt hadden, was 13 procent werkloos en 5 procent arbeidsongeschikt (Sandwijk e.a., 1995). 5Figuur 3.5 Dagbesteding (N=167) 3.2 Gebruik van andere middelen In deze paragraaf wordt het gebruik van andere middelen besproken, opdat het cannabisgebruik van de respondenten in een breder kader geplaatst kan worden. Door de open antwoordmogelijkheid bij de frequentie van het gebruik van andere middelen is niet altijd ingevuld hoe vaak de respondent een bepaald middel gebruikt. In tabel 3.1 is weergegeven in welke percentages andere middelen door de respondenten in deze steekproef ooit gebruikt zijn. Van de illegale middelen scoren spacecake (51%) en ecstasy (35%) het hoogst, daarna volgen respectievelijk speed/amfetamine (31%), LSD (27%), cocaïne (26%), paddestoelen (26%) en tot slot heroïne (10%). Er zijn geen noemenswaardige verschillen tussen mannen en vrouwen gevonden wat betreft het gebruik van andere middelen dan cannabis. Tabel 3.1 Gebruik van andere middelen Ooit gebruikt ja nee Middel % abs. % abs. N alcohol 82% %

18 cocaïne 26% 42 74% ecstacy 35% 58 65% heroïne 10% 16 90% koffie 73% % LSD 27% 44 73% paddestoelen 26% 42 74% slaapmiddelen 8% 13 92% space-cake 51% 83 49% speed/amfetamine 31% 51 69% tabak 77% % thee 68% % Alcohol Volgens veel cannabisgebruikers is de werking van alcohol tegengesteld aan de werking van cannabis. Toch wordt deze legale hard drug niet geschuwd door deze populatie cannabisconsumenten: 82 procent van de respondenten in deze steekproef gebruikt alcohol. Bijna eenderde van de respondenten (30%) gebruikt een paar maal per week alcohol en elf procent gebruikt dit middel dagelijks. Bij eenderde van de respondenten (30%) is de frequentie van het alcoholgebruik niet bekend. Er is niet gevraagd of de respondenten alcohol en cannabis in combinatie gebruiken (in paragraaf 5.2 wordt wel ingegaan op de wenselijkheid van alcoholverkoop in de koffieshop). Van achttien procent van de respondenten is bekend dat zij nooit alcohol drinken. Het alcoholgebruik van de respondenten wijkt hiermee nauwelijks af van het alcoholgebruik in onze samenleving. De zevende editie van `Feiten over alcohol' (1995) meldt dat volgens de meest recente gegevens (uit het jaar 1992) twintig procent van alle Nederlanders boven de vijftien jaar geen alcohol drinkt. Wanneer we alleen kijken naar de jongeren van vijftien tot en met 24 jaar, dan is dit percentage lager: zeventien procent heeft nooit alcohol gebruikt. De percentages van het prevalentie-onderzoek in Amsterdam leveren het volgende beeld: de helft van de respondenten (54%) in dat onderzoek gebruikte in het jaar voorafgaand aan het onderzoek, zowel alcohol als cannabis (Sandwijk e.a., 1995, p.18). Hierbij is verder niet ingegaan op de frequentie van het gebruik. Cocaïne Cocaïne is een illegale hard drug, waarvan de marktprijs zeer hoog is. Het gebruik van cocaïne heeft plaats in bepaalde kringen, die voor een buitenstaander niet zondermeer toegankelijk zijn. Ook is dit middel zeer populair in bepaalde uitgaanscircuits, vanwege het opwekkende effect. Driekwart van de respondenten (73%) zegt nooit cocaïne te hebben gebruikt. Degenen die wel kennis gemaakt hebben met cocaïne (25%), zijn voor een groot deel onregelmatige gebruikers. Van de Utrechtse respondenten zegt twee procent minstens één maal per maand cocaïne te gebruiken; zestien procent van de respondenten heeft vaker dan drie keer cocaïne gebruikt. Uit het onderzoek van Sandwijk e.a. (1995) komt naar voren dat vier procent van de respondenten het afgelopen jaar zowel cannabis als cocaïne hadden gebruikt (Sandwijk e.a., 1995, p.18). Er is niet ingegaan op de frequentie van het gebruik of de mate waarin het gebruik in combinatie voorkomt. Ecstasy Ecstacy is een middel dat in Nederland zeer populair geworden is. Veel jonge mensen komen op houseparty's in aanraking met ecstacy, waar dit een favoriete party-drug is. Hellinga en Plomp omschrijven de werking als ontspannend en ongevaarlijk. Het effect neemt af naarmate het gebruik frequenter wordt. Derhalve adviseren zij een beperkt gebruik: "Wie ecstacy wil gebruiken om te 12

19 communiceren of te mediteren zou het gebruik moeten beperken tot niet meer dan vier keer per jaar" (Hellinga en Plomp, 1994, p.39). Eenderde (35%) van de groep respondenten in Utrecht heeft wel eens ecstacy gebruikt. Eenvijfde deel (19%) heeft meerdere malen ecstacy gebruikt en een klein gedeelte van de respondenten (7%) gebruikt het maandelijks. Een gering aantal respondenten (4%) heeft ten hoogste drie maal ecstacy geprobeerd. In het Amsterdamse onderzoek heeft drie procent van de respondenten het afgelopen jaar zowel cannabis als ecstacy gebruikt (Sandwijk e.a., 1995, p.18). Heroïne Ook heroïne valt onder de illegale hard drugs, maar is veel minder populair in het uitgaanscircuit. Heroïne wordt in zeer beperkte kringen gebruikt en is (doorgaans) niet verkrijgbaar in koffieshops. Het overgrote deel van de respondenten zegt dit middel nooit gebruikt te hebben (90%). Een enkeling gebruikt regelmatig heroïne (1%) en een klein aantal respondenten (4%) heeft meerdere malen heroïne gebruikt. Sommige respondenten (3%) hebben het na een paar keer proberen voor gezien gehouden en van twee procent is de frequentie van het gebruik onbekend. In Amsterdam gebruikte één procent van de respondenten het afgelopen jaar zowel cannabis als heroïne (Sandwijk e.a., 1995, p.18). Er wordt niet ingegaan op de frequentie van het gebruik of de mate waarin het gebruik in combinatie voorkomt. Koffie Koffie is een drank die sedert de zeventiende eeuw in steeds ruimere mate in Nederland gedronken wordt (Reinders en Wijsenbeek, 1994). Het werkzame bestanddeel, cafeïne, heeft een opwekkend effect. Tegenwoordig drinkt 92 procent van de Nederlandse bevolking van vijftien jaar en ouder wel eens koffie; 82 procent doet dit regelmatig (Consumentenservice Douwe Egberts Nederland, 1995). In onze populatie drinkt zeventig procent van de mensen wel eens koffie. Zestig procent van de respondenten drinkt dagelijks koffie, terwijl tien procent dat minder vaak doet. LSD Eind jaren zestig werd LSD (ofwel LSD-25) in Amsterdam geïntroduceerd. LSD is met zijn bewustzijnsverruimende werking geliefd bij cannabisconsumenten, die wensen te experimenteren met het innerlijke bewustzijn. Volgens de auteurs van Uit je bol kan men de werking beter omschrijven met de term `entheogeen': "Entheogene middelen geven geestelijke ervaringen die vaak als `mystiek' worden omschreven" (Hellinga en Plomp, 1994, p.10). Zij geven aan dat LSD bij `normaal gebruik' niet schadelijk is: "Twee of drie keer per jaar is voor de entheogene onderzoeker genoeg" (Hellinga en Plomp, 1994, p.88). LSD is goedkoop, maar moeilijk verkrijgbaar. De ervaring van een trip geeft de gebruiker voldoende stof voor enige maanden, vandaar dat frequent gebruik nauwelijks voorkomt. Ruim een kwart van de respondenten in deze populatie heeft wel eens LSD gebruikt (27%). Regelmatig LSD-gebruik komt bij twee procent van de respondenten voor en zeventien procent heeft meerdere malen LSD gebruikt. Vier procent van de respondenten heeft het enkele malen geprobeerd en van de overige vier procent is (de mate van) het LSD-gebruik niet bekend. Paddestoelen Een kwart van de respondenten (26%) geeft aan wel eens paddestoelen te hebben gebruikt. Geen van de respondenten meldt regelmatig gebruik van paddestoelen. Wel heeft veertien procent van de respondenten meerdere malen (vaker dan drie keer) paddestoelen gebruikt en heeft zeven procent enkele malen (ten hoogste drie keer) paddestoelen geprobeerd, vijf procent heeft niet toegelicht in welke mate men gebruikt. Het gebruik van paddestoelen als mescaline, psilocybine en de vliegenzwam in Nederland lijkt toe te nemen. Volgens Jamin van de Jellinek heeft deze "groeiende belangstelling van jongeren voor paddestoelen [...] te maken met de populariteit van ecstasy" (NRC, 16 augustus 1994). Vroeger werden paddestoelen door een selecte groep kenners in het najaar uit de bossen gehaald. Tegenwoordig worden paddestoelen het hele jaar door gekweekt, gebruikt en aangeboden. Het is onduidelijk in hoeverre paddestoelen tot de illegale middelen gerekend kunnen worden. In het begin 13

20 van dit jaar (januari 1995) werd door justitie een proefproces uitgelokt over de toelaatbaarheid van paddestoelen die een stof bevatten die in de Opiumwet wordt genoemd: "Ook de Nederlandse paddestoel `kaalkopje' komt in de Opiumwet niet voor. Justitie gaat er echter van uit dat de gedroogde paddestoel vanwege het na droging relatief hogere bestanddeel psylocybine als `preparaat' kan worden beschouwd. Vers geplukte paddestoelen zouden volgens deze theorie niet onder de Opiumwet vallen" (de Volkskrant, 27 januari 1995). Slaapmiddelen Veel mensen, met name ouderen, gebruiken slaapmiddelen dan wel kalmeringsmiddelen op voorschrift van de dokter. Deze middelen kunnen een zeer verslavende werking hebben. Van de respondenten in Utrecht zegt acht procent wel eens slaapmiddelen te hebben gebruikt. Hierbij heeft één procent van de respondenten het over regelmatig gebruik (tenminste één maal per maand) en heeft twee procent meerdere malen (vaker dan drie keer) slaapmiddelen gebruikt. Onderzoek in Amsterdam meldt dat één procent van de respondenten het afgelopen jaar zowel cannabis als slaapmiddelen heeft gebruikt (Sandwijk e.a., 1995, p.18). Space-cake Space-cake is de benaming voor een cake waarin hasj of wiet verwerkt is. Het eten van hasj of wiet geeft vaak sterkere ervaringen dan het roken van deze produkten. Space-cake wordt daarom door sommige mensen als een `hard drug' beschouwd. Hellinga en Plomp (1994) menen dat het verbod op verkoop van space-cake in de koffieshops terecht is, omdat de consument niet weet hoeveel erin zit. Toch wordt in verschillende koffieshops space-cake verkocht. Bij de GG&GD in Amsterdam hebben zich wel eens toeristen gemeld die in een koffieshop een stuk cake bij de thee of koffie hadden gegeten - onwetende dat het om space-cake ging - en hier behoorlijk van in de war waren geraakt (van Brussel, 1993). De helft van de respondenten in deze steekproef (51%) heeft ooit space-cake gebruikt. Ruim een kwart van de respondenten (27%) heeft dit meerdere malen geprobeerd en vier procent van de respondenten eet maandelijks space-cake. Een klein aantal respondenten (7%) heeft ten hoogste drie maal spacecake gebruikt en de overige respondenten hebben geen toelichting gegeven op de frequentie van het gebruik van space-cake. Speed/amfetamine Amfetaminen (speed) zijn meestal verkrijgbaar in de vorm van pilletjes, soms als poeder. "Het meest bekend van deze stoffen is hun eigenschap om vermoeidheid tegen te gaan. Ze bevorderen meestal de lichamelijke en geestelijke activiteit en remmen de eetlust" (van Ree, 1985, p.88). Volgens de auteurs van `Uit je bol' zijn amfetaminen zwaar verslavend: "De extra energie die amfetamine je geeft, is afkomstig uit de reserves van je eigen lichaam. Je gaat na een speedtrip net zolang down als je up bent geweest. En juist tijdens de uitputting daarna heb je zin je energie weer op te wekken met een nieuwe dosis speed" (Hellinga en Plomp, 1994, p.54). Van de respondenten in Utrecht heeft eenderde deel (31%) ooit amfetaminen gebruikt. Een klein deel van de respondenten (6%) doet dat maandelijks en twaalf procent heeft meerderde malen speed gebruikt. Een klein aantal respondenten (6%) heeft enkele malen speed geprobeerd. Van de Amsterdamse respondenten heeft twee procent in het afgelopen jaar zowel cannabis als speed gebruikt (Sandwijk e.a., 1995, p.18). De frequentie van het gebruik en de mate waarin het gebruik in combinatie voorkomt zijn niet toegelicht. Tabak Het merendeel van de cannabisconsumenten in ons land rookt het cannabisprodukt vermengd met tabak in een joint of een stickie: "In Nederland wordt hashish meestal gerookt in een joint. De hash of wiet wordt op een bedje van tabak gekruimeld en toegedekt met nog meer tabak. Daar wordt vervolgens, vaak heel kunstig, een grote joint van gedraaid die door een aantal blowers samen wordt gedeeld. Het zogenaamde stickie is hetzelfde maar dan een eenmansaffaire" (Hellinga en Plomp, 1994, p.16-17). 14

Rommelen met je identiteit. Landelijk scholierenonderzoek naar de aard en de omvang van de falsificatie van legitimatiebewijzen door jongeren

Rommelen met je identiteit. Landelijk scholierenonderzoek naar de aard en de omvang van de falsificatie van legitimatiebewijzen door jongeren Rommelen met je identiteit Landelijk scholierenonderzoek naar de aard en de omvang van de falsificatie van legitimatiebewijzen door jongeren Utrecht, maart 2005 2 Rommelen met je identiteit Uitvoerder:

Nadere informatie

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Alcoholgebruik Psychosociale gezondheid Genotmiddelen Voeding, bewegen en gewicht Seksueel gedrag Samenvatting en aanbevelingen Monitor jongeren 1 tot jaar Jongerenmonitor In 011 is in de regio IJsselland

Nadere informatie

Tabak, cannabis en harddrugs

Tabak, cannabis en harddrugs JONGERENPEILING 0 ZUID-HOLLAND NOORD De jongerenpeiling heeft als doel om periodiek op systematische wijze ontwikkelingen in gezondheid en gewoonten van jongeren in kaart te brengen. Dit is het eerste

Nadere informatie

Profiel XTC-cliënten in de Nederlandse verslavingszorg

Profiel XTC-cliënten in de Nederlandse verslavingszorg Profiel XTC-cliënten in de Nederlandse verslavingszorg Drs D.E. de Bruin Dr A.A.N. Cruts A.W. Ouwehand Dr G.F. van de Wijngaart Houten/Utrecht, 16 september 1997 IVV en CVO op Internet: http://www.ivv.nl

Nadere informatie

Monitor. alcohol en middelen

Monitor. alcohol en middelen Gemeente Utrecht, Volksgezondheid Monitor www.utrecht.nl/gggd alcohol en middelen www.utrecht.nl/volksgezondheid Thema 3 Gebruik van de verslavingszorg in Utrecht - 2012 1 Colofon Uitgave Gemeente Utrecht,

Nadere informatie

ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN VOORTGEZET ONDERWIJS DEN HAAG 2003

ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN VOORTGEZET ONDERWIJS DEN HAAG 2003 RIS128575a_10-JUN-2005 ONDERZOEK GENOTMIDDELENGEBRUIK SCHOLIEREN VOORTGEZET ONDERWIJS DEN HAAG 2003 Beknopt verslag ten behoeve van de deelnemende scholen April 2005 Dienst OCW / GGD Den Haag Epidemiologie

Nadere informatie

Onderzoek Inwonerspanel Jongerenonderzoek: alcohol

Onderzoek Inwonerspanel Jongerenonderzoek: alcohol 1 (19) Onderzoek Inwonerspanel Auteur Tineke Brouwers Respons onderzoek Op 5 december kregen de panelleden van 12 tot en met 18 jaar (280 personen) een e-mail met de vraag of zij digitaal een vragenlijst

Nadere informatie

De wietpas en het sociaal clubmodel

De wietpas en het sociaal clubmodel Dewietpasenhetsociaalclubmodel Dewietpasenhetsociaalclubmodel MeningenenverwachtingenvancoffeeshopbezoekersinUtrecht MarijeWouters&DirkJ.Korf M.m.v.ShimaAsadi,CeciliaLe&SarsaniSchenk DitonderzoekisuitgevoerdinopdrachtvandeGG&GDvandegemeenteUtrecht.

Nadere informatie

De impact van legalisering van online. kansspelen op klassieke loterijen. April 2011. In opdracht van Goede Doelen Loterijen NV

De impact van legalisering van online. kansspelen op klassieke loterijen. April 2011. In opdracht van Goede Doelen Loterijen NV De impact van legalisering van online kansspelen op klassieke loterijen April 2011 In opdracht van Goede Doelen Loterijen NV Uitgevoerd door: MWM2 Bureau voor Online Onderzoek Auteurs Matthijs Wolters

Nadere informatie

Jongeren en alcohol. Ouders aan het woord. Resultaten Bewonerspanel septemberpeiling 2014. Utrecht.nl/volksgezondheid

Jongeren en alcohol. Ouders aan het woord. Resultaten Bewonerspanel septemberpeiling 2014. Utrecht.nl/volksgezondheid Jongeren en alcohol Ouders aan het woord Resultaten Bewonerspanel septemberpeiling 2014 Utrecht.nl/volksgezondheid 2 Inleiding Sinds 1 januari 2014 is de leeftijdsgrens voor het in bezit hebben van alcohol

Nadere informatie

Middelengebruik bij jongens in Justitiële Jeugdinrichtingen

Middelengebruik bij jongens in Justitiële Jeugdinrichtingen Middelengebruik bij jongens in Justitiële Jeugdinrichtingen Het gebruik van tabak, alcohol, cannabis en drugs bij jongens met en zonder PIJmaatregel Samenvatting Annelies Kepper Violaine Veen Karin Monshouwer

Nadere informatie

Casus: Alcoholverkoop aan jongeren Lesbrief en vragen

Casus: Alcoholverkoop aan jongeren Lesbrief en vragen Casus: Alcoholverkoop aan jongeren Lesbrief en vragen Bij deze opgave horen informatiebronnen 1 en 2. In informatiebron 1 zijn enkele overzichten opgenomen over het gebruik van alcohol onder scholieren

Nadere informatie

Nederlandse cannabisbeleid

Nederlandse cannabisbeleid Improving Mental Health by Sharing Knowledge Het Nederlandse cannabisbeleid & de volksgezondheid: oorsprong en ontwikkeling Margriet van Laar Hoofd programma Drug Monitoring CIROC Seminar Woensdag 7 maart,

Nadere informatie

FACTSHEET CONTINU ONDERZOEK ROOKGEWOONTEN 2013

FACTSHEET CONTINU ONDERZOEK ROOKGEWOONTEN 2013 FACTSHEET MAART 2014 FACTSHEET CONTINU ONDERZOEK ROOKGEWOONTEN 2013 KERNPUNTEN Een kwart (25%) van de Nederlandse bevolking vanaf 15 jaar rookt in 2013: 19% rookt dagelijks en 6% niet dagelijks. Het percentage

Nadere informatie

V O LW A S S E N E N

V O LW A S S E N E N GENOTMIDDELEN V O LW A S S E N E N Volwassenen 2009 5 Volwassenenonderzoek 2009 Om inzicht te krijgen in de gezondheid van de inwoners in haar werkgebied, heeft de GGD Zuid-Holland West in 2009 een schriftelijke

Nadere informatie

4. SAMENVATTING. 4.1 Opzet onderzoek

4. SAMENVATTING. 4.1 Opzet onderzoek 4. SAMENVATTING Op 7 mei 2002 is in het Staatsblad 2002 nummer 201 de gewijzigde Tabakswet gepubliceerd. Naar aanleiding hiervan wil de Keuringsdienst van Waren goed inzicht in de naleving van het onderdeel

Nadere informatie

HET GEBRUIK VAN EN DE BEHOEFTE AAN KINDEROPVANG IN DE GEMEENTE NIJMEGEN

HET GEBRUIK VAN EN DE BEHOEFTE AAN KINDEROPVANG IN DE GEMEENTE NIJMEGEN HET GEBRUIK VAN EN DE BEHOEFTE AAN KINDEROPVANG IN DE GEMEENTE NIJMEGEN HET GEBRUIK VAN EN DE BEHOEFTE AAN KINDEROPVANG IN DE GEMEENTE NIJMEGEN - eindrapport - Drs. Janneke Stouten Dr. Marga de Weerd

Nadere informatie

Roken, drinken en gokken. Nagegaan is hoeveel en hoe vaak jongeren uit de gemeente Groningen roken, drinken en gokken. Hierbij is een onderverdeling

Roken, drinken en gokken. Nagegaan is hoeveel en hoe vaak jongeren uit de gemeente Groningen roken, drinken en gokken. Hierbij is een onderverdeling De Jeugdpeiling is een instrument met als doel op systematische wijze ontwikkelingen en trends in riskante gewoonten van jongeren in kaart te brengen. Hierbij is de aandacht gericht op gedrag met betrekking

Nadere informatie

Epidemiologische gegevens

Epidemiologische gegevens Epidemiologische gegevens ESPAD (Vlaanderen) European School Survey Project on Alcohol and other Drugs Deelname van 35 landen 15- en 16-jarigen Sinds 2003 ook deelname van België (n= 2.320) Hieronder de

Nadere informatie

Genotmiddelen. Genotmiddelen. Bron: http://gezondeleefstijl.slo.nl 1

Genotmiddelen. Genotmiddelen. Bron: http://gezondeleefstijl.slo.nl 1 zijn er altijd al geweest en zullen er ook altijd blijven. Veel jongeren experimenteren in de puberteit met roken, alcohol en drugs en een deel laat zich verleiden tot risicovol gedrag. Jongeren zijn extra

Nadere informatie

COFFEESHOPBEZOEK ROTTERDAM VOORJAAR 2012

COFFEESHOPBEZOEK ROTTERDAM VOORJAAR 2012 COFFEESHOPBEZOEK ROTTERDAM VOORJAAR 2012 R. Nijkamp B. Bieleman COFFEESHOPBEZOEK ROTTERDAM VOORJAAR 2012 Augustus 2012 INTRAVAL Groningen-Rotterdam INHOUDSOPGAVE Pagina 1. Inleiding 1 1.1 Vraagstelling

Nadere informatie

SEH-behandelingen naar aanleiding van GHBgebruik

SEH-behandelingen naar aanleiding van GHBgebruik SEH-behandelingen naar aanleiding van GHBgebruik H. Valkenberg Uitgegeven door Stichting Consument en Veiligheid Postbus 75169 1070 AD Amsterdam Maart 2012 Bij de samenstelling van deze publicatie is de

Nadere informatie

Fort van de Democratie

Fort van de Democratie Fort van de Democratie Stichting Vredeseducatie / peace education projects Het Fort van de Democratie WERKT! Samenvatting van een onderzoek door de Universiteit van Amsterdam naar de effecten van de interactieve

Nadere informatie

Mannen geven veel vaker leiding dan vrouwen

Mannen geven veel vaker leiding dan vrouwen nen geven veel vaker leiding dan vrouwen Astrid Visschers en Saskia te Riele In 27 gaf 14 procent van de werkzame beroepsbevolking leiding aan of meer personen. Dit aandeel is de afgelopen jaren vrijwel

Nadere informatie

GO Jeugd 2008 Alcohol

GO Jeugd 2008 Alcohol GO Jeugd 2008 Alcohol Samenvatting alcohol Uit de gegevens van GO Jeugd 2008 van GGD Fryslân blijkt dat 63% van de Friese 12 t/m 18 jarigen wel eens alcohol heeft, 51% nog in de vier voorafgaand aan het

Nadere informatie

Wijkaanpak. bekendheid, betrokkenheid en communicatie

Wijkaanpak. bekendheid, betrokkenheid en communicatie Afdeling Onderzoek & Statistiek Gemeente Deventer Karen Teunissen April 2006 Inhoudsopgave Inleiding 3 Hoofdstuk 1 Bekendheid en betrokkenheid 4 Samenvatting 8 Hoofdstuk 2 Communicatie 9 Samenvatting 12

Nadere informatie

Inleiding. Bron: Nationale Drugsmonitor Jaarbericht 2007. Uitgave van Trimbosinstituut

Inleiding. Bron: Nationale Drugsmonitor Jaarbericht 2007. Uitgave van Trimbosinstituut : Alcohol, roken en drugs Inleiding In onze maatschappij zijn het gebruik van alcohol en andere drugs heel gewoon geworden roken en het drinken van alcoholische dranken gebeurt op recepties, feestjes,

Nadere informatie

GENOTMIDDELEN. Jongerenmonitor 2015 10.163. 40% ooit alcohol gedronken. Klas 2. Klas 4. 5% ooit wiet gebruikt. 24% weleens gerookt.

GENOTMIDDELEN. Jongerenmonitor 2015 10.163. 40% ooit alcohol gedronken. Klas 2. Klas 4. 5% ooit wiet gebruikt. 24% weleens gerookt. IJsselland GENOTMIDDELEN Jongerenmonitor 1 4% ooit alcohol gedronken.163 jongeren School Klas 13-14 jaar Klas 4 1-16 jaar 4% weleens gerookt % ooit wiet gebruikt Genotmiddelen Psychosociale gezondheid

Nadere informatie

Managementsamenvatting

Managementsamenvatting Managementsamenvatting Kaderstelling van het onderzoek De Wet inburgering buitenland (Wib) De Wib is op 15 maart 2006 in werking getreden. De doelstelling van de Wib is nieuwkomers vóór hun komst naar

Nadere informatie

Fact sheet. Kerncijfers drugsgebruik 2014

Fact sheet. Kerncijfers drugsgebruik 2014 Fact sheet Kerncijfers drugsgebruik 2014 Kernpunten Een kwart (24,3%) van de Nederlandse bevolking (15-64 jaar) heeft ooit wel eens cannabis gebruikt, en een op de twintig deed dit in de maand voor het

Nadere informatie

Pubers en genotmiddelen. Irene Lapajian Gezondheidsbevorderaar GGD HM 6 oktober 2014

Pubers en genotmiddelen. Irene Lapajian Gezondheidsbevorderaar GGD HM 6 oktober 2014 Pubers en genotmiddelen Irene Lapajian Gezondheidsbevorderaar GGD HM 6 oktober 2014 Overzicht - Inleiding - (hersen)ontwikkeling pubers - Genotmiddelen: - energiedrank - roken - alcohol - Opvoeding en

Nadere informatie

Gezondheid, welzijn en leefstijl van jongeren in Zeevang Het E-MOVO scholierenonderzoek onder tweede- en vierdeklassers van het voortgezet onderwijs.

Gezondheid, welzijn en leefstijl van jongeren in Zeevang Het E-MOVO scholierenonderzoek onder tweede- en vierdeklassers van het voortgezet onderwijs. Gezondheid, welzijn en leefstijl van jongeren in Zeevang Het E-MOVO scholierenonderzoek onder tweede- en vierdeklassers van het voortgezet onderwijs. Deze factsheet beschrijft de resultaten van de scholieren

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Cannabisgebruik en stoornissen in het gebruik van cannabis in de adolescentie en jongvolwassenheid. Cannabis is wereldwijd een veel gebruikte drug. Het gebruik van cannabis is echter niet zonder consequenties:

Nadere informatie

Uw kind en genotmiddelen Dinsdag 7 oktober 2014. Linda van Delft Gezondheidsbevorderaar 088-3084284 lvandelft@ggdhm.nl

Uw kind en genotmiddelen Dinsdag 7 oktober 2014. Linda van Delft Gezondheidsbevorderaar 088-3084284 lvandelft@ggdhm.nl Uw kind en genotmiddelen Dinsdag 7 oktober 2014 Linda van Delft Gezondheidsbevorderaar 088-3084284 lvandelft@ggdhm.nl Wat zijn genotmiddelen? Dit zijn stoffen die een verandering van het bewustzijn veroorzaken

Nadere informatie

Samenvatting. BS De Petteflet/ Groningen. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Petteflet

Samenvatting. BS De Petteflet/ Groningen. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Petteflet Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Petteflet Enige tijd geleden heeft onze school BS De Petteflet deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 218522 ouders

Nadere informatie

Uit huis gaan van jongeren

Uit huis gaan van jongeren Arie de Graaf en Suzanne Loozen Jaarlijks verlaten bijna een kwart miljoen jongeren het ouderlijk huis. Een klein deel van hen is al vóór de achttiende verjaardag uit huis gegaan. De meeste jongeren gaan

Nadere informatie

Deze factsheet beschrijft de resultaten van de scholieren die wonen in Edam-Volendam. Er is apart gekeken naar de woonkernen Edam en Volendam.

Deze factsheet beschrijft de resultaten van de scholieren die wonen in Edam-Volendam. Er is apart gekeken naar de woonkernen Edam en Volendam. Gezondheid, welzijn en leefstijl van jongeren in Edam-Volendam Het E-MOVO scholierenonderzoek onder tweede- en vierdeklassers van het voortgezet onderwijs. Deze factsheet beschrijft de resultaten van de

Nadere informatie

Onderzoek kopen tabak door jongeren

Onderzoek kopen tabak door jongeren meting 214 Onderzoek kopen tabak door jongeren A Kruize B. Bieleman 1. Inleiding Vanaf 1 januari 214 is de leeftijdsgrens voor de verkoop van tabaksproducten van 16 naar 18 jaar gegaan. De verstrekker

Nadere informatie

Evaluatie veilig uitgaan

Evaluatie veilig uitgaan Evaluatie veilig uitgaan Gemeente Amersfoort Dorien de Bruijn, Ben van de Burgwal 5 december 2014 Ruim 90% van het ondervraagde uitgaanspubliek voelt zich altijd of meestal veilig tijdens het uitgaan in

Nadere informatie

Druk, springerig, blij

Druk, springerig, blij Druk, springerig, blij Kinderen en jongeren over energydrinks Samenvatting van een quick scan, uitgevoerd in opdracht van het Voedingscentrum Augustus 2012; project 12.032 Paul Sikkema 1. Samenvatting

Nadere informatie

Check Je Kamer Rapportage 2014

Check Je Kamer Rapportage 2014 Check Je Kamer Rapportage 2014 Kwantitatieve analyse van de studentenwoningmarkt April 2015 Dit is een uitgave van de Landelijke Studenten Vakbond (LSVb). Voor vragen of extra informatie kan gemaild worden

Nadere informatie

Wat je moet weten over hasj en wiet

Wat je moet weten over hasj en wiet Wat je moet weten over hasj en wiet 1 2 Je hebt vast wel eens van hasj of wiet gehoord. Hasj en wiet zijn drugs. Hasj en wiet worden meestal gerookt. Er wordt een soort sigaret gedraaid met tabak en hasj

Nadere informatie

Kerncijfers drugsgebruik 2014

Kerncijfers drugsgebruik 2014 Fact sheet Kerncijfers drugsgebruik 2014 Tweede druk ERRATUM Kerncijfers middelengebruik Kernpunten Een kwart (24,1%) van de Nederlandse bevolking (15-64 jaar) heeft ooit wel eens cannabis gebruikt, en

Nadere informatie

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010 FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage

Nadere informatie

COFFEESHOPBEZOEKERS TERNEUZEN

COFFEESHOPBEZOEKERS TERNEUZEN Coffeeshopbezoekers Terneuzen najaar 2009 COFFEESHOPBEZOEKERS TERNEUZEN NAJAAR 2009 INTRAVAL Groningen-Rotterdam INHOUDSOPGAVE Pagina 1. Inleiding 1 1.1 Probleemstelling 1 1.2 Onderzoeksopzet 2 1.3 Leeswijzer

Nadere informatie

Middelengebruik: Cannabisgebruik

Middelengebruik: Cannabisgebruik Middelengebruik: Cannabisgebruik Inleiding Cannabisgebruik geeft zowel gezondheidsrisico s, psychosociale gevolgen als wettelijke consequenties 1,2. Frequent gebruik van cannabis wordt geassocieerd met

Nadere informatie

Onze doelgroep speelt het meest games op op online game websites. Hierna komen de consoles en de PC games.

Onze doelgroep speelt het meest games op op online game websites. Hierna komen de consoles en de PC games. Doelgroep onderzoek Datum: 22 maart Door: Peter Uithoven IAD 2 van Team 19 Project: Drugs and the City Inleiding Wij hebben ervoor gekozen als doelgroep de eerste jaars middelbare scholieren, de brugklassers

Nadere informatie

Gebruik van kinderopvang

Gebruik van kinderopvang Gebruik van kinderopvang Saskia te Riele In zes van de tien gezinnen met kinderen onder de twaalf jaar hebben de ouders hun werk en de zorg voor hun kinderen zodanig georganiseerd dat er geen gebruik hoeft

Nadere informatie

Wie werken er in het christelijk en reformatorisch onderwijs?

Wie werken er in het christelijk en reformatorisch onderwijs? Artikel pag. 5-8 Wie werken er in het christelijk en reformatorisch onderwijs? Opzet en verantwoording van het onderzoek In de afgelopen maanden heeft een projectgroep vanuit de redactie van DRS Magazine

Nadere informatie

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Alcoholgebruik Psychosociale gezondheid Genotmiddelen Voeding, bewegen en gewicht Seksueel gedrag Samenvatting en aanbevelingen Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Jongerenmonitor In 2011 is in de regio IJsselland

Nadere informatie

Monitor alcohol en middelen

Monitor alcohol en middelen Geneeskundige en Gezondheidsdienst Monitor alcohol en middelen www.utrecht.nl/gggd Thema 1 Alcohol- en middelengebruik in Utrecht Wat, waar en hoeveel? 2011 Colofon Uitgave Unit Epidemiologie en informatie

Nadere informatie

5. Onderwijs en schoolkleur

5. Onderwijs en schoolkleur 5. Onderwijs en schoolkleur Niet-westerse allochtonen verlaten het Nederlandse onderwijssysteem gemiddeld met een lager onderwijsniveau dan autochtone leerlingen. Al in het basisonderwijs lopen allochtone

Nadere informatie

Samenvatting. BS Beijumkorf/ Groningen. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Beijumkorf

Samenvatting. BS Beijumkorf/ Groningen. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Beijumkorf Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Beijumkorf Enige tijd geleden heeft onze school BS Beijumkorf deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 218522 ouders

Nadere informatie

Herintreders op de arbeidsmarkt

Herintreders op de arbeidsmarkt Herintreders op de arbeidsmarkt Sabine Lucassen Voor veel herintreders is het lang dat ze voor het laatst gewerkt hebben. Herintreders zijn vaak vrouwen in de leeftijd van 35 44 jaar en laag of middelbaar

Nadere informatie

Monitor. alcohol en middelen

Monitor. alcohol en middelen Geneeskundige en Gezondheidsdienst Monitor www.utrecht.nl/gggd alcohol en middelen www.utrecht.nl/gggd Thema 3 Gebruik van de verslavingszorg in Utrecht 1 Colofon Uitgave Gemeente Utrecht (GG&GD) Postbus

Nadere informatie

Samenvatting. BS De Swoaistee/ Groningen. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Swoaistee

Samenvatting. BS De Swoaistee/ Groningen. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Swoaistee Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Swoaistee Enige tijd geleden heeft onze school BS De Swoaistee deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 218522 ouders

Nadere informatie

Leeftijd eerste ervaring met alcohol 12-15 16-19 20-23. < 11 jaar 11-12 13-15 16-18

Leeftijd eerste ervaring met alcohol 12-15 16-19 20-23. < 11 jaar 11-12 13-15 16-18 Feiten over het Alcohol- en Drugsgebruik van jongeren in het district Rivierenland Gelderland-Midden Gebaseerd op het onderzoek: Lekker samen van de kaart (maart 27) Inleiding Het alcoholgebruik neemt

Nadere informatie

Van mbo en havo naar hbo

Van mbo en havo naar hbo Van mbo en havo naar hbo Dick Takkenberg en Rob Kapel Studenten die naar het hbo gaan, komen vooral van het mbo en de havo. In het algemeen blijven mbo ers die een opleiding in een bepaald vak- of studiegebied

Nadere informatie

Meer of minder uren werken

Meer of minder uren werken Meer of minder uren werken Jannes de Vries Een op de zes mensen die minstens twaalf uur per week werken (de werkzame beroeps bevolking) wil meer of juist minder uur werken. Van hen heeft minder dan de

Nadere informatie

Achtergrondinformatie opdracht 3, module 5, les 9

Achtergrondinformatie opdracht 3, module 5, les 9 Achtergrondinformatie opdracht 3, module 5, les 9 Roken alcohol en drugs Roken, alcohol en drugs zijn schrikbeelden voor veel ouders. Dit geldt voor allochtone ouders én Nederlandse ouders. Sommige kinderen

Nadere informatie

ALPHENPANEL OVER ZONDAGSOPENSTELLING

ALPHENPANEL OVER ZONDAGSOPENSTELLING ALPHENPANEL OVER ZONDAGSOPENSTELLING nieuwsbrief Februari 2015 Inleiding Deze nieuwsbrief beschrijft de resultaten van de peiling met het. Deze peiling ging over de zondagsopenstelling. De gemeenteraad

Nadere informatie

Deelrapportage "Apotheken door Cliënten Bekeken" Vorige en huidige meting Apotheek Den Hoorn

Deelrapportage Apotheken door Cliënten Bekeken Vorige en huidige meting Apotheek Den Hoorn Deelrapportage "Apotheken door Cliënten Bekeken" Vorige en huidige meting Apotheek Den Hoorn E Inhoud 1. Inleiding en methode 1 1.1. Achtergrond 1 1.2. Doel van het kwaliteitstraject: meten en verbeteren

Nadere informatie

Jongerenenenquête SJeM

Jongerenenenquête SJeM Stichting Jeugdbelangen Malden Jongerenwerk gemeente Heumen / SWG Jongerenenenquête SJeM Onderzoeksrapport 2013-2014 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Verantwoording methode... 3 2.1. Onderzoeksinstrument...

Nadere informatie

Samenvatting. BS Het Kompas/ Ijmuiden. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Het Kompas

Samenvatting. BS Het Kompas/ Ijmuiden. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Het Kompas Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Het Kompas Enige tijd geleden heeft onze school BS Het Kompas deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 203379 ouders

Nadere informatie

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Een analyse van de huisartsenregistratie over de

Nadere informatie

BS De Horizon/ Grashoek Samenvatting Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Horizon Ouders vinden 'Begeleiding' op school het belangrijkst

BS De Horizon/ Grashoek Samenvatting Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Horizon Ouders vinden 'Begeleiding' op school het belangrijkst Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Horizon Enige tijd geleden heeft onze school BS De Horizon deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 213469 ouders

Nadere informatie

Samenvatting. BS De Bonckert/ Boxmeer. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Bonckert

Samenvatting. BS De Bonckert/ Boxmeer. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Bonckert Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Bonckert Enige tijd geleden heeft onze school BS De Bonckert deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 209645 ouders

Nadere informatie

Monitor HH(T) 4 e kwartaalmeting

Monitor HH(T) 4 e kwartaalmeting Monitor HH(T) 4 e kwartaalmeting Marlijn Abbink-Cornelissen Marcel Haverkamp Janneke Wilschut 5 April 2016 1 Samenvatting Samenvatting Dit is het vijfde rapport van de monitor HH(T). Deze monitor inventariseert

Nadere informatie

Onderzoeksrapport. Hou vol! Geen alcohol. Een alcohol preventieprogramma gericht op basisschool leerlingen en hun moeders.

Onderzoeksrapport. Hou vol! Geen alcohol. Een alcohol preventieprogramma gericht op basisschool leerlingen en hun moeders. Onderzoeksrapport Hou vol! Geen alcohol Een alcohol preventieprogramma gericht op basisschool leerlingen en hun moeders. Suzanne Mares, MSc Dr. Anna Lichtwarck-Aschoff Prof. Dr. Rutger Engels Inleiding

Nadere informatie

31 maart 2015. Onderzoek: Drugsbeleid

31 maart 2015. Onderzoek: Drugsbeleid 31 maart 2015 Onderzoek: Over het EenVandaag Opiniepanel Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 50.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek. De uitslag van de peilingen

Nadere informatie

Samenvatting Jong; dus gezond!?

Samenvatting Jong; dus gezond!? Samenvatting Jong; dus gezond!? Deel III Gezondheidsprofiel regio Nieuwe Waterweg Noord, 2005-2008 Samenvatting rapport Jong; dus gezond!? Gezondheidssituatie van de Jeugd (2004-2006) Regio Nieuwe Waterweg

Nadere informatie

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Alcoholgebruik Psychosociale gezondheid Genotmiddelen Voeding, bewegen en gewicht Seksueel gedrag Samenvatting en aanbevelingen Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Jongerenmonitor In 2011 is in de regio IJsselland

Nadere informatie

Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2014

Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2014 Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2014 2 Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2014 Figuur 1 Aantal deelnemers naar geslacht en leeftijd 75 t/m 85 jaar 1 Over welke cijfers hebben

Nadere informatie

tot 24 jaar Monitor jongeren 12

tot 24 jaar Monitor jongeren 12 Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Alcoholgebruik Psychosociale gezondheid Genotmiddelen Voeding, bewegen en gewicht Seksueel gedrag Samenvatting en aanbevelingen Jongerenmonitor In 2011 is in de regio IJsselland

Nadere informatie

Liska Vulperhorst Preventiewerker

Liska Vulperhorst Preventiewerker Liska Vulperhorst Preventiewerker Tactus Verslavingszorg Vijf circuits Behandeling & Begeleiding Sociale Verslavingszorg Forensische Verslavingszorg Verslavingsreclassering Preventie & Consultancy Programma

Nadere informatie

Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO.

Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO. 1. Referentie Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO. Taal Nederlands ISBN - ISSN / Publicatievorm onderzoeksrapport 2. Abstract In dit onderzoek, uitgevoerd door het

Nadere informatie

Zorggebruik. 5.1 Inleiding. 5.2 Contact eerste lijn

Zorggebruik. 5.1 Inleiding. 5.2 Contact eerste lijn Dit rapport is een uitgave van het NIVEL in 2004. De gegevens mogen met bronvermelding (H van Lindert, M Droomers, GP Westert.. Een kwestie van verschil: verschillen in zelfgerapporteerde leefstijl, gezondheid

Nadere informatie

EFFECTEN VAN DE WEEKEND- SCHOOL VAN STICHTING WITTE TULP. - eindrapport - dr. Marga de Weerd. Amsterdam, november 2009

EFFECTEN VAN DE WEEKEND- SCHOOL VAN STICHTING WITTE TULP. - eindrapport - dr. Marga de Weerd. Amsterdam, november 2009 EFFECTEN VAN DE WEEKEND- SCHOOL VAN STICHTING WITTE TULP - eindrapport - dr. Marga de Weerd Amsterdam, november 2009 Regioplan Beleidsonderzoek Nieuwezijds Voorburgwal 35 1012 RD Amsterdam Tel.: +31 (0)20-5315315

Nadere informatie

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Alcoholgebruik Psychosociale gezondheid Genotmiddelen Voeding, bewegen en gewicht Seksueel gedrag Samenvatting en aanbevelingen Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Jongerenmonitor In 2011 is in de regio IJsselland

Nadere informatie

Trendonderzoek: Alcoholkennis bij jongeren tussen 12 en 25 jaar

Trendonderzoek: Alcoholkennis bij jongeren tussen 12 en 25 jaar - Factsheet - Trendonderzoek: Alcoholkennis bij jongeren tussen 12 en 25 jaar NIGZ, Project Alcohol Voorlichting en Preventie 3 juli 2003 Inleiding Het NIGZ voert elk jaar, als onderdeel van het Alcohol

Nadere informatie

Samenvatting. BS De Regenboog/ Tochtwaard: Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Regenboog/ Tochtwaard

Samenvatting. BS De Regenboog/ Tochtwaard: Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Regenboog/ Tochtwaard BS De Regenboog/ Tochtwaard Samenvatting Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS De Regenboog/ Tochtwaard Enige tijd geleden heeft onze school BS De Regenboog/ Tochtwaard deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling.

Nadere informatie

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar

Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Alcoholgebruik Psychosociale gezondheid Genotmiddelen Voeding, bewegen en gewicht Seksueel gedrag Samenvatting en aanbevelingen Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Jongerenmonitor In 2011 is in de regio IJsselland

Nadere informatie

Onderzoek Kooppogingen alcohol door jongeren

Onderzoek Kooppogingen alcohol door jongeren CO LO F O N St. I NTRAVAL Postadres Postbus 1781 971 BT Groningen E-mail info@intraval.nl www.intraval.nl Kantoor Groningen: St. Jansstraat 2C Telefoon - 313 4 2 Fax - 312 7 26 Kantoor Rotterdam: Goudsesingel

Nadere informatie

ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK. Achternaam. Cliëntnummer. Naam interviewer

ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK. Achternaam. Cliëntnummer. Naam interviewer ASSESSMENT MIDDELENGEBRUIK Achternaam bij vrouwelijke cliënten meisjesnaam Geboortedatum Cliëntnummer Datum interview d d m m d d m m 1. Naam interviewer 2. 3. Interview is niet volledig afgenomen want:

Nadere informatie

VROUWELIJKE PARTNERS IN DE TOP ADVOCATUUR

VROUWELIJKE PARTNERS IN DE TOP ADVOCATUUR VROUWELIJKE PARTNERS IN DE TOP ADVOCATUUR FEITEN EN CIJFERS Onderzoeksgegevens Onder wie: partners van de 30 grootste advocatenkantoren in Nederland Gezocht: 3 vrouwelijke en 3 mannelijke partners per

Nadere informatie

Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009

Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009 Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek in de verslavingszorg 1995-2009 Houten, april 2011 Stichting IVZ Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor cannabisproblematiek

Nadere informatie

Samenvatting SBO2007. SBO A.J. Schreuderschool/ Rotterdam. Schoolgebouw. Omgeving van de school. Kennisontwikkeling. Begeleiding

Samenvatting SBO2007. SBO A.J. Schreuderschool/ Rotterdam. Schoolgebouw. Omgeving van de school. Kennisontwikkeling. Begeleiding SBO A.J. Schreuderschool/ Rotterdam Samenvatting Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) A.J. Schreuderschool Enige tijd geleden heeft onze school A.J. Schreuderschool deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling.

Nadere informatie

Cijfers. Tatoeages. Een analyse van OBiN-gegevens

Cijfers. Tatoeages. Een analyse van OBiN-gegevens Cijfers Tatoeages Een analyse van OBiN-gegevens Tatoeages Een analyse van OBiN-gegevens Christine Stam Uitgegeven door VeiligheidNL Postbus 75169 1070 AD Amsterdam www.veiligheid.nl Aanvraag 2015.130 Cijfers

Nadere informatie

Drugsgebruik in Oldenzaal

Drugsgebruik in Oldenzaal Inventarisatie soft- en harddrugsgebruik in de gemeente Oldenzaal Drugsgebruik in Oldenzaal S. Biesma R. Nijkamp M. van Zwieten B. Bieleman COLOFON St. INTRAVAL Postadres : Postbus 1781 9701 BT Groningen

Nadere informatie

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n)

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n) Raadsinformatiebrief (openbaar) gemeente Maassluis Aan de leden van de gemeenteraad in Maassluis Postbus 55 3140 AB Maassluis T 010-593 1931 E gemeente@maassluis.nl I www.maassluis.nl ons kenmerk 2010-4748

Nadere informatie

GHB hulpvraag in Nederland

GHB hulpvraag in Nederland GHB hulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor GHB problematiek in de verslavingszorg 2007-2012 Houten, mei 2013 Stichting IVZ GHB hulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen

Nadere informatie

NALE VINGS LEEFTIJDSCONTROLE BIJ ALCOHOLVERKOOP

NALE VINGS LEEFTIJDSCONTROLE BIJ ALCOHOLVERKOOP NALE VINGS LEEFTIJDSCONTROLE BIJ ALCOHOLVERKOOP FACTSHEET GGD & Iriszorg regio Nijmegen 0 ONDER ZOEK Nuchter kenniscentrum leeftijdsgrenzen Inleiding In opdracht van het regionaal alcoholmatigingsproject

Nadere informatie

Ontwikkeling werkdruk in het onderwijs 1999-2003

Ontwikkeling werkdruk in het onderwijs 1999-2003 Ontwikkeling werkdruk in het onderwijs 1999-2003 Eindrapport Een onderzoek in opdracht van het Vervangingsfonds Frank Schoenmakers Rob Hoffius B3060 Leiden, 21 juni 2005 Inhoudsopgave 1 Inleiding 4 2 Verantwoording:

Nadere informatie

Rotterdam Lekker Fit! Gezinsaanpak draagt bij aan vermindering consumptie gezoete dranken door kinderen.

Rotterdam Lekker Fit! Gezinsaanpak draagt bij aan vermindering consumptie gezoete dranken door kinderen. Februari 2013 Rotterdam Lekker Fit! Gezinsaanpak draagt bij aan vermindering consumptie gezoete dranken door kinderen. In Rotterdam heeft een kwart van de basisschoolkinderen overgewicht, met alle gezondheidsrisico

Nadere informatie

Onderzoek Bedrijvenpanel: Gevolgen economische crisis

Onderzoek Bedrijvenpanel: Gevolgen economische crisis Versie definitief Datum 29 april 2010 1 (8) Onderzoek Bedrijvenpanel: Gevolgen economische crisis Auteur Tineke Brouwers Het derde onderzoek Op 30 maart 2010 kregen alle leden van het Bedrijvenpanel van

Nadere informatie

Samenvatting. BS Damiaanschool/ Totaaloverzicht. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Damiaanschool

Samenvatting. BS Damiaanschool/ Totaaloverzicht. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Damiaanschool Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Damiaanschool Enige tijd geleden heeft onze school BS Damiaanschool deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 201893

Nadere informatie

Omnibusenquête 2015. deelrapport. Studentenhuisvesting

Omnibusenquête 2015. deelrapport. Studentenhuisvesting Omnibusenquête 2015 deelrapport Studentenhuisvesting Omnibusenquête 2015 deelrapport Studentenhuisvesting OMNIBUSENQUÊTE 2015 deelrapport STUDENTENHUISVESTING Zoetermeer, 9 december 2015 Gemeente Zoetermeer

Nadere informatie

BS It Pertoer/ Weidum Samenvatting Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS It Pertoer Ouders vinden 'De leerkracht' op school het belangrijkst

BS It Pertoer/ Weidum Samenvatting Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS It Pertoer Ouders vinden 'De leerkracht' op school het belangrijkst BS It Pertoer/ Weidum Samenvatting Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS It Pertoer Enige tijd geleden heeft onze school BS It Pertoer deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland

Nadere informatie