HANDBOEK. Serviceprogramma



Vergelijkbare documenten
VHT HANDBOEK. Vaardigheidstraining

PGT HANDBOEK. Praktijk Gestuurde Training

VIC HANDBOEK. Video Interactie Casus

PGO HANDBOEK. Probleem Gestuurd Onderwijs

METHODE. Wederkerig Leren. WeL

Methode. Wederkerig Leren. WeL

Eerst even een testje

DE METADENKENDE LEERLING TRAINING DEEL 2 15 SEPTEMBER 2015 IMPROVE-METHODE VOOR HET VERBETEREN VAN DE METACOGNITIE BIJ LEERLINGEN

Ons. Onderwijs. Kwaliteit in onderwijs

ONDERWIJSONTWIKKELING - ACTIVERENDE DIDACTIEK

In de bovenbouw van het vmbo wordt het keuzeproces ondersteund door het maken van een sectorwerkstuk dat een examenonderdeel is en in het PTA staat.

Evalueren en Beoordelen in het Leerproces Ellen Klatter - Cees Appel

Zelfstandig werken = actief en zelfstandig leren van een leerling. Het kan individueel of in een groep van maximaal 6 leerlingen.

Begrippenkader Studieloopbaanbegeleiding en Reflectie

Didactische cursus POP

CKV Festival CKV festival 2012

Een geslaagde activiteit

Visie basisschool De Grasspriet

Lesgroep 31 studenten die na de theorie worden opgedeeld in 4 groepen Lokaal A. 1.31, A. 1.32, A en A

Doel van de workshop

Leeromgeving en organisatie

Professionalisering ontwikkelteam NID Duaal

Visie op puberbegeleiding advies professionalisering richting activerend onderwijs

Train-the-Trainer: agressiebeheersing. D-na voor ICOBA

Inhoud. Klaar voor de start? 11

Tessenderlandt. Puberbrein als innovatiekans. Het Kamp HTV Tessenderlandt

Blauwe stenen leer je zo

Nieuw curriculumontwerp De nieuwe rol van de docent. Willy Reijrink Innovatiedocent Innoverend onderzoeken/ onderzoekend innoveren

Op weg naar een competentiegericht curriculum

Het puberbrein. Struikelblok of uitdaging bij de vormgeving van CGO en het begeleiden van de studenten?

Avans visie Onderwijs & ICT

Studiegids opleiding. Vormgeven communicatie & ruimte. Fase 1 - Cohort Kwalificatiedossier Ruimtelijke Vormgeving 2015

COMMUNICEREN VANUIT JE KERN

Als docent werk je vanuit een positie van autoriteit, als trainer vanuit een positie van gelijkwaardigheid

Wendbaar en waarde(n)vol onderwijs!

Heleen Schoots-Wilke

Onderwijsvernieuwing. We doen er allemaal aan mee.

KOL bijeenkomst

Samenwerking. Betrokkenheid

POP Martin van der Kevie

Thema 1: Het leren (bevorderen) 19

Onderwijsvisie Avans Hogeschool

Tessenderlandt. Puberbrein als innovatiekans. Project puberbrein Kompas

Bekwaamheidseisen leraar primair onderwijs

Handleiding Opleidingsproducten Portogewoon voor de kerninstructeur

Leerjaar Doelstelling opdracht. Activiteit Betrokkenen Loopbaancompetenties. Motievenreflectie Kwaliteitenreflectie

Oranje stappers maak je zo

Breinleren, zet het brein open voor groei en ontwikkeling

Activerende didactiek

SWOT-ANALYSE. 1 Interpersoonlijk competent. 1.1 Eisen. 1.2 Mijn ontwikkelpunten. 1.3 Mijn leerdoelen

Breincentraal leren. Neurale netwerken. Uitgangspunten voor meer leerrendement. (artikel in blad Leren in Organisaties, november 2005)

Functioneel rekenen. Wat? Waarom? opdracht: Doelen van vandaag: 1. Doel van wiskunde-onderwijs

Blended onderwijs in de digitale wijk

Thema. Kernelementen. Emoties Puber- en kinderemotie Eenduidige communicatie

Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s

Productcatalogus AIRO Visie

Brein Centraal leren. geheugentraining - bewegingsstrategieën

Good practice Werken met leeruitkomsten in de onderwijspedagogische leerlijn FLOT

Wapen je tegen neuro- mythen in het onderwijs

De vijf kerncompetenties van het competentieprofiel beginnend hbo-docent

Portfolio. Een spagaat tussen visie, gebruikers en techniek

Didactische werkvormen in het hoger onderwijs. Sandra Heleyn, Isabelle Claeys, Ann Verdonck

Onderwijskundige visie O.R.S. Lek en Linge

D.1 Motiveren en inspireren van leerlingen

LEIDERSCHAP IN DE CORPORATE JUNGLE. Bagage voor een succesvolle reis naar je eigen doel. Een training met wortels in de praktijk.

BOL OPLEIDINGEN MAATSCHAPPELIJKE ZORG AVENTUS APELDOORN / DEVENTER STUDIEWIJZER

3. Wat betekent dat voor de manier waarop lesgegeven zou moeten worden in de - voor jou - moeilijke vakken?

KRACHTIGE LEEROMGEVINGEN IN HET BEROEPSONDERWIJS

Wijkleercentra Achterhoek en Liemers

1

Regie over eigen leerproces? In het nieuws. Hersenweetjes. PET, MEG en MRI. Ouderavond Mariscollege d.d. 27 maart 2017

De ROWF organiseert al vanaf het begin van de opleidingsschool onderdelen vanuit het generieke programma van de HvA Les op Locatie.

Mocht u na het lezen van de informatie nog vragen hebben, dan kunt u ons op woensdag bereiken op Het Koloriet Patrijsstraat 4 tel.

SCAN. in kwaliteitsvol toetsen

Differentieer in elke les. Omgaan met verschillen in Human Dynamics

Concept: De basis van de praktijkroute. FC Extra

14 decmber 2009 ComTak. Beoordelen van verschillende onderwijsvormen

Missie van de Oosteinder: Het verzorgen van primair onderwijs in Aalsmeer Oost vanuit een integratieve aanpak en katholieke geloofsovertuiging.

8 uitgangspunten. Leerbedrijf BAVA => BaVa Leerwerktraject => LWT Leerwerkhuis => LWH De Vip groep => VIP. 1 doelgroepomschrijvingen

Programma sessie. Vraag. theorie naar. praktijk. Van wie heeft u geleerd na te denken over de keuzes in uw loopbaan? VMBO Congres 31 januari 2013.

Ontwikkeling. 1 Sari van Poelje, Esther de Kleer, Peter van de Berg, Leren voor Leiderschap, een nieuwe kijk op Management

Opbrengstgericht werken bij andere vakken. Martine Amsing, Marijke Bertu, Marleen de Haan

TRAINEN MET ZIEL EN ZAKELIJKHEID Opleiding Vakinhoudelijk trainen

WELKOM INFORMATIEAVOND VAN GROEP 8 (DEEL 1) 22 SEPTEMBER 2016

LEEROPBRENGSTEN VAN DE NETWERKSCHOOL ROC NIJMEGEN (maart 2015)

Tabel Competenties docentopleiders/-trainers

Doel van deze avond. Informeren over stand van zaken unitonderwijs Groeipad en voortgang Resultaten van de tussenmeting Verbinding school en ouders

Zelfsturend leren met een puberbrein

Les 1: Vaktijdschriften: een eerste oriëntatie

Motivatie en Motivatie-Vaardigheden of: waarom doe ik de dingen die ik doe?

Zelfevaluatie. Inleiding:

Ontwikkeling. Opleiding Persoonlijke Ontwikkeling

Deze week in IPC nieuws. Start nieuwe IPC unit groep 4 en 5

Elektronische leeromgeving en didactiek. Wilfred Rubens

Inhoud. Inleiding 9. 5 Planning Leerdoelen en persoonlijke doelen Het ontwerpen van het leerproces Planning in de tijd 89

Transcriptie:

HANDBOEK Serviceprogramma SP

Inhoudsopgave Inleiding 2 1 Wat is een Serviceprogramma? 3 2 Doel van een Serviceprogramma 3 3 Plaats Serviceprogramma in het Radius Concept 4 3.1 Onderwijsvisie 4 3.2 Relatie leerbreinprincipes en ontwikkelingskenmerken Radius studenten 5 3.3 Curriculum en frequentie 5 3.4 Voorbeeldrooster 6 4 Hoe verloopt een Serviceprogramma 7 4.1 Opbouw van de les 7 4.2 Rol en taken student 7 4.3 Rol en taken docent / instructeur 7 5 Beoordeling van deze onderwijsvorm 8 5.1 Hoe verloopt een SP-beoordeling 8 5.2 Bijdrage SP aan studievoortgang(meter) 8 6 Literatuur en koppelingen 9 6.1 Bronvermelding 9 6.2 Aanbevolen informatie 9 Bijlage 1. Toelichting per leerbreinprincipe 10 Bijlage 2. Voorbeeld Serviceprogramma docentversie 11 Bijlage 3. Voorbeeld Serviceprogamma studentversie 12 1

Inleiding Dit handboek Serviceprogramma (SP) is bedoeld als leidraad voor de docent. Het handboek behandelt o.a. het doel van de onderwijsvorm Serviceprogramma, de plaats binnen het curriculum en een toelichting op de didactische toepassing. In de bijlagen zijn sjablonen en documenten horende bij de onderwijsvorm SP opgenomen. Handboek en de bijlagen zijn digitaal te vinden via de O&I-site (start werkruimteradiuscollege Onderwijs en Innovatie CGO_documenten_RadiusConcept). Opmerkingen, suggesties of verbeteringen zijn van harte welkom. Graag mailen naar m.dijke@rocwb.nl Veel succes! Dienst Onderwijs en Innovatie. ROC West-Brabant Radius College Dienst Onderwijs & Innovatie Uitgifte: maart 2013 Versie: 03 2

Serviceprogramma 1. Wat is een Serviceprogramma? Het Serviceprogramma (SP) is een zogenaamd flankerende onderwijsvorm. Een SP duurt meestal 40 minuten of, indien aaneengeschakeld, een veelvoud daarvan: bijv. 2x40 of 3x40. De lesgroep bestaat uit 24 studenten. 2. Doel van een Serviceprogramma SP heeft als doel: vaardigheden trainen. Veel oefenen en belangrijke beroepshandelingen zo goed mogelijk internaliseren (oftewel inslijpen ). De kracht van herhaling is belangrijk (bron breinleren). Wat we feitelijk willen bereiken is dat er verbindingen worden gelegd in de hersenen zodat het geleerde blijft hangen. Een SP wordt (meestal) niet gebruikt om een nieuw onderwerp of nieuwe vaardigheid te introduceren. Daartoe leent een VHT of een PGT zich meer. 3

Serviceprogramma 3. Plaats Serviceprogramma in het Radius Concept 3.1 Onderwijsvisie Binnen het Radiusconcept is gekozen voor onderwijsvormen, die aanzetten tot beroepsleren. Dit houdt in dat we aansturen op het ontwikkelen van competenties. Een competentie is een combinatie van kennis, houding en vaardigheden. Het Radius College wil de student leren om in verschillende beroepssituaties op de juiste manier te handelen (Bleumer, 2006). FASE 1. BETEKENISGERICHT LEREN Het onderwijsleerproces wordt in de 1 e fase vooral vormgegeven door leerprincipes uit Probleemgestuurd Onderwijs waarin via praktijkcasussen studenten betekenisgericht leren. Dit stimuleert de oriëntatie op beroep, werkveld en opleiding. Door het analyseren en problematiseren van deze praktijkproblemen ontdekken en ontwikkelen studenten leerstijlen. Zelfstandig leren werken is uitgangspunt. Onderwijsvormen: Probleemgestuurd onderwijs (PGO) Vaardigheidstrainingen (VHT) FASE 2. TOEPASSINGSGERICHT LEREN Het onderwijsleerproces krijgt in de 2 e fase een ProjectGestuurd karakter. Via opdrachten uit de praktijk kunnen studenten hun geleerde vaardigheden toepassen en verrijken. Studenten leren hun analyses te vertalen in plannen en uitvoeren. Leren wordt toepassingsgericht leren. Het overgaan van leer- naar werkstijlen is hier het belangrijkste procesdoel. Het accent ligt op samenwerken. Onderwijsvormen: Projectmatig werken (PR) Vaardigheidstrainingen (VHT) FASE 3. VERANDERINGSGERICHT LEREN In de 3 e fase is het onderwijsleerproces echt ProcesGestuurd. Door feedback op de toepassingen, handelingen en werkwijzen van zichzelf en de ander, wordt gewerkt aan het uitbouwen van beroepscompetenties en kwaliteit. Daarmee komt reflectief leren en het geleerde toepassen in soortgelijke situaties (transfer) centraal te staan. Het overgaan van werk- naar beroepsstijlen is hier het belangrijkste procesdoel. Het accent komt te liggen op functioneren. Onderwijsvormen: Projectmatig werken (PR) Probleemgestuurde trainingen (PGT) Het Serviceprogramma is een zogenaamde flankerende onderwijsvorm. Dat houdt in dat zij ten dienste staat aan onderwijsvormen als VHT (1 e tot 4 e leerjaar), PGT (3 e en 4 e leerjaar) en project (2 e tot 4 e leerjaar). VHT, PGT en Project zijn onderwijsvormen met een directe koppeling naar groei op kruispunten uit het kwalificatiedossier van het beroep. Een voorbeeld: In periode 5 is een het project drijvende woning geroosterd. Dat betekent dat er bijv. 2 dagen x 8 lesweken aan wordt gewerkt. In de 9e evaluatieweek vindt (o.a.) een projectbeoordeling plaats op de 4 werkprocessen (in totaal 17 kruispunten te scoren) waaraan dit project is gekoppeld. WP 1.1 Een ontwerp maken WP 1.2 Calculeren WP 1.3 Een voorstel presenteren WP 1.4 Offerte opstellen Het team weet dat de studenten optimaal moeten kunnen leren binnen dit project. Doel is dat zij maximale groei op deze 4 werkprocessen behalen. In dit voorbeeld zal het team dan kiezen voor deze 8 Serviceprogramma s: 2x ontwerpschetsen 3x CADtekenen 3x kringverwijzingen & formules in Excelcalculaties 4

Serviceprogramma 3.2 Relatie leerbreinprincipes en ontwikkelingskenmerken Radius studenten Een groot deel van de studenten van het Radius College valt onder de noemer pubers, met uitzondering van de volwassenen in BBL-opleidingen (meestal avondscholing). De laatste 10 jaar is meer bekend geworden over het functioneren van het puberbrein. De (onderwijs-)neurowetenschap is een nog jonge wetenschap, waar aanvullend onderzoek zal leiden tot robuust(er)e gegevens die je kunt vertalen naar de dagelijkse onderwijspraktijk. Desalniettemin leveren de huidige inzichten (o.a. Crone, 2008, p 81) aanknopingspunten voor het optimaliseren van leerprocessen. Het Radius College (Herman, et al., 2012) heeft deze inzichten gecombineerd met richtlijnen voor leerrendement en leermotivatie uit de traditionele leertheorieën (o.a. Vygotsky, Piaget, Bandura) en vertaald naar tien leerbreinprincipes voor activerend onderwijs. Leerbreinprincipes vormgeven activerend onderwijs PGO VHT PGT SP PR PS VIC 1. Veilige leeromgeving en relatie 2. Prikkel de nieuwsgierigheid 3. Krachtige leeromgeving op school en bedrijf (stage) 4. Herhalen en oefenen 5. (Co)creatie als sociale activiteit in plaats van consumptie 6. Focus (waarom leren we dit?) 7. Zintuiglijk rijk 8. Voortbouwen op het bestaande (kennis/ervaring) 9. Positieve feedback op het juiste niveau 10. Sturing en structuur Bovenstaande tabel toont welke leerbreinprincipes worden benut tijdens de onderwijsvormen. 3.3 Curriculum en frequentie Hoe vaak (aantal maal per week) en hoelang (hoeveel perioden) SP opgenomen wordt in het curriculum is afhankelijk van diversen factoren zoals: niveau opleiding, inhoud opleiding, BOL of BBL. Uitgangspunt is dat SP 1 tot 2 keer per week op het rooster staat en dat deze onderwijsvorm in alle leerjaren (1 tot en met 4) aan bod kan komen. 5

Voorbeeldrooster In onderstaande tabel wordt een voorbeeld getoond van een weekrooster (eenheden van 20 minuten) voor een BOL-opleiding tijdens het 3e leerjaar. 3.4 Voorbeeldrooster Uren Maandag Dindsdag Woensdag Donderdag Vrijdag 1. 08:00 BPV BPV Project aansturing Project aansturing 2. 08:20 PGT 3. 08:40 Project Project aansturing 4. 09:00 zelfstandig zelfstandig 5. 09:20 werken werken PGT OLC 6. 09:40 7. 10:00 PGT terugkoppeling 8. 10:20 PAUZE PAUZE PAUZE PAUZE PAUZE 9. 10:40 PGT terugkoppeling 10. 11:00 Project Project PGT terugkoppeling 11. 11:20 zelfstandig zelfstandig 12. 11:40 werken werken PGT trainen 13. 12:00 Project terugkoppeling 14. 12:20 LUNCH LUNCH LUNCH LUNCH LUNCH 15. 12:40 PAUZE PAUZE PAUZE PAUZE PAUZE 16. 13:00 Zelfstandig werken Portfolio voortgang PGT trainen 17. 13:20 Project terugkoppeling 18. 13:40 SP 19. 14:00 SP Taal-en rekenacademie PGT feedback 20. 14:20 PAUZE PAUZE PAUZE PAUZE PAUZE 21. 14:40 PGT feedback 22. 15:00 Studieloopbaan- 23. 15:20 begeleiding 24. 15:40 25. 16:00 26. 16:20 27. 16:40 28. 17:00 29. 17:20 30. 17:40 31. 18:00 6

Serviceprogramma 4. Hoe verloopt een Serviceprogramma 4.1 Opbouw van de les Stap 1: 5 minuten opstart instructeur en richten op de oefen- en herhaaldoelen van die dag koppeling naar nut van deze SP: bijv. project of PGT of stage Stap 2: 30 minuten zelfstandig oefenen o.l.v. instructeur Stap 3: 60 minuten instructeur loopt rond en helpt ieder individueel op zijn niveau Stap 4: 5 minuten afsluiting 4.2 Rol en taken student Actief meedoen tijdens de SP Begrijpen waarom oefenen & herhalen belangrijk zijn Zicht hebben op voortgang in je portfolio zodat je goed ziet welke SP s je echt nodig hebt 4.3 Rol en taken docent / instructeur Duidelijke doelen stellen Het nut, het waarom van iedere SP kunnen duiden en linken aan ieders persoonlijke portfolio-opbouw Vakinhoudelijk voordoen (modelling) Begeleiden en motiveren tijdens de SP Gerichte feedback geven tijdens en na de SP 7

Beoordeling 5 Beoordeling van deze onderwijsvorm 5.1 Hoe verloopt een SP-beoordeling Niet van toepassing, SP is een flankerende onderwijsvorm. 5.1 Bijdrage SP aan studievoortgang(meter) Niet van toepassing, SP is een flankerende onderwijsvorm. 8

Bronnen & info 6 Literatuur en koppelingen 6.1 Bronvermelding Bleumer, F. (2006). Onderwijskundig kader Radius College, samenvatting. Radius College te Breda. Crone, E. (2008). Het puberende brein. Uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam. Herman, T., van Overbeek, T., Dijke, M.D., Kleinloog, M. & de Waal, W. (2012). Visie op puberbegeleiding. Advies professionalisering richting activerend onderwijs. Project Puberbrein te Breda. 6.2 Aanbevolen informatie http://www.laukwoltring.nl/pages/nl/literatuur/andere-schrijvers.php 9

Bijlage 1. Toelichting Toelichting per leerbreinprincipe 1. Veilige leeromgeving en relatie Een student zal leren indien deze zich open stelt voor leren. Het gaat hier over de innerlijk toestand van de lerende. Zeer sterke emoties etsen herinneringen in het geheugen zowel positief als negatief. Daarmee is de emotionele, sociale en fysieke veiligheid van de lerende een basisvoorwaarde. Als zijn aandacht nodig is voor verdediging in de klas, gevoelens van onbehagen, faalangst of onbewuste vluchtreflexen dan is er geen energie voor leren. De positieve werkrelatie die de docent met iedere student aangaat is hierbij essentieel. 2. Prikkel de nieuwsgierigheid Een bevorderlijke emotie voor leren is nieuwsgierigheid. Een lerende leert het beste als de uitdaging groot is, de stress niet te hoog is (en ook niet te laag) en als hij de zin van het geleerde inziet. Studenten besteden meer aandacht aan onderwerpen die voor hen nieuw en betekenisvol zijn (belangrijke relatie met punt 6. focus). 3. Krachtige leeromgeving op school en in het bedrijf (stage) De context waarin iemand leert, is belangrijk. Is deze realistisch (dus lijkend op de praktijk, het echte leven ) dan zal het geleerde beter kunnen worden opgeroepen in vergelijkbare situaties (transfer). De school kan leren bijzonder krachtig bevorderen door inrichting van de leeromgeving (o.a. aankleding klaslokaal, simulatieruimtes, rollenspelen, realistische werkvormen, computerprogramma s, excursies, gastdocenten en demonstratiemodellen). 4. Herhalen en oefenen Lerenden moeten actief aan de slag blijven met wat ze hebben geleerd. De eerste zes weken zijn cruciaal om het geleerde te herhalen in steeds wisselende werkvormen. Oefening en herhaling baren kunst. Het internaliseren van (beroeps)gedrag kan worden bereikt door steeds weer oefenen, vaak in wisselende en/of steeds moeilijker wordende contexten. 5. Co-creatie als sociale bezigheid in plaats van consumptie Het brein van de lerende vindt het prettig om zelf informatie te ordenen, betekenisvolle patronen te maken en te ontdekken, vooral in interactie met elkaar. We spreken dan van coöperatief leren, waarbij ook de metacognitieve vaardigheden (leren leren) sterk worden gestimuleerd. Er komt dan een proces van co-creatie tot stand dat dopamine laat stromen, waardoor neurale verbindingen sterker worden. 6. Focus (waarom leren we dit?) Focus (aandacht richten) is noodzakelijk om te leren. Het richten van aandacht blijkt een rol te spelen bij het doorsturen van informatie naar het kortetermijngeheugen. Studenten focussen gemakkelijker als zij weten waarom ze iets leren. Waar werken we vandaag naar toe? Wat is het doel? Ergo: als de student het nut van het geleerde inziet, neemt zijn focus toe en daardoor kan zijn leerrendement toenemen. 10 7. Zintuiglijk rijk Onderwijs dat meerdere zintuigen aanspreekt in het leerproces zorgt ervoor dat het geleerde beter beklijft en sneller op te halen is. Bovendien speel je in op meer verschillende individuele voorkeuren van leren. Als lessen zich niet beperken tot een taalkundige (boeken en mondelinge uitleg) insteek, maar er daarnaast ook gebruik gemaakt wordt van beelden (film, powerpoint, concrete voorwerpen), discussievormen, socratische gespreksvoering, trial- & errormomenten, demonstratiemodellen, doe-opdrachten en beweging, dan zijn de verbindingen in de hersenen sterker. 8. Voortbouwen op het bestaande (kennis/ervaring) Voorkennis activeren zorgt er voor dat nieuwe kennis gemakkelijker kan worden gekoppeld en daardoor wordt nieuwe kennis sneller en beter opgenomen. Methodes als mindmappen, brainstormen, snellezen en een concentrisch curriculum kunnen dat bevorderen. 9. Positieve feedback op het juiste niveau Feedback op het juiste moment geven heeft een sterk effect op leren. Met het juiste moment wordt bedoeld: qua tijd (dus niet een paar dagen later) en qua soort (proces- of taakfeedback). Procesfeedback die ingaat op zichtbare inspanning en doorzetten tijdens het leren is zeer effectief en bevordert de leermotivatie van lerenden. Taakfeedback die ingaat op zichtbaar resultaat van de inspanning is eveneens effectief en bevordert het geloof in eigen kunnen (eigen effectiviteitsverwachting). 10. Sturing en structuur Pubers heb sturing nodig om te kunnen leren samenwerken, plannen en organiseren, reflecteren en omgaan met onverwachte situaties. Hierbij is sprake van afnemende sturing en structurering naarmate studenten ouder worden. De docent dient sturing en structuur gefaseerd aan te bieden met als doel zelfsturing en eigen verantwoordelijkheid voor de jongvolwassene.

Bijlage 2. (Docent) Voorbeeld Serviceprogramma docentversie Voorbeelden vind je digitaal op de portal: Start > Werkruimte Radius College > Onderwijs en Innovatie > Database CGO onderwijsproducten > Serviceprogramma_(SP)_2000-2999 https://portal.rocwb.nl/sites/radiuscollege/oeni/database%20cgo%20onderwijsproducten/forms/allitems.asp x?rootfolder=%2fsites%2fradiuscollege%2foeni%2fdatabase%20cgo%20onderwijsproducten%2fserviceprog ramma%5f%28sp%29%5f2000%2d2999&folderctid=&view=%7bcc022f72%2de73d%2d4516%2dbd09%2d 05FE87C601F1%7d 11

Bijlage 3. (Student) Voorbeeld Serviceprogramma studentversie Voorbeelden vind je digitaal op de portal: Start > Werkruimte Radius College > Onderwijs en Innovatie > Database CGO onderwijsproducten > Serviceprogramma_(SP)_2000-2999 https://portal.rocwb.nl/sites/radiuscollege/oeni/database%20cgo%20onderwijsproducten/forms/allitems.asp x?rootfolder=%2fsites%2fradiuscollege%2foeni%2fdatabase%20cgo%20onderwijsproducten%2fserviceprog ramma%5f%28sp%29%5f2000%2d2999&folderctid=&view=%7bcc022f72%2de73d%2d4516%2dbd09%2d 05FE87C601F1%7d 12