CONGENITALE NIERAANDOENINGEN



Vergelijkbare documenten
Voorkomende nierziekte waarbij een deel van patiënten een erfelijke vorm hebben: - nefrotisch syndroom

Algemene aspecten van erfelijkheid. Waarom is kennis over erfelijke aspecten van een ziekte belangrijk? Wanneer erfelijkheidsadvies/onderzoek?

DIABETISCHE NEFROPATHIE

Genetica en erfelijkheid van Alport syndroom

Transmurale Afspraak Nierfunctiestoornis. 30 september 2010

Vroege diagnose van nieraandoeningen met behulp van urine onderzoek bij katten

IgA nefropathie. Joost van der Heijden, internist-nefroloog VU Medisch Centrum

Bijwerkingen op de nier. Patricia van den Bemt Lareb Bijwerkingendag

Nederlandse Nierdag Joost van der Heijden, internist-nefroloog VU Medisch Centrum

HEMATURIE: PRAKTISCHE AANPAK DR. CAROLINE MAES, UROLOGIE LIER

Syndroom van Alport. 1. Achtergrond. 2.1 Klinische kenmerken. 2.2 Afwijkingen van het basaal membraan. 2. Wat is het syndroom van Alport?

Lithium bij ouderen, wat als de nierfunctie verslechtert?

Colofon. Uitgave Nierpatiënten Vereniging Nederland. Commissie Erfelijke Nierziekten. November Commissie Erfelijke Nierziekten

NIERFUNCTIE STOORNISSEN juni 2015 ACHTERGRONDEN BIJ DE CASUSSCHETSEN INCLUSIEF LEERDOELEN EN STELLINGEN

Marike Wabbijn Internist-nefroloog/acuut geneeskundige Ikazia Ziekenhuis

Erfelijkheid: nieuwe DNA testen en dilemma s die daarbij horen NVN Nederlandse Nierdag 4 oktober 2014

Screening onderzoek: Combur-test (teststrook) testen van lecocyten, nitriet, eiwit, glucose, ketonen en hemoglobine. Ook ph meten.

Waarom aandacht chronische nierschade (CNS)? CNS. Controle nieren: meer dan albumine en kreatinine. Dr. Wim JC de Grauw. MDRD vs kreatinine klaring

Acuut nierfalen bij Stafylococcus aureus endocarditis. IC-bespreking Rafke Schoffelen Internist in opleiding

Functie van de nieren en wat kan fout gaan

H. Urogenitaal systeem en bijnieren. Inhoudsopgave

Wat is het extra risico op een chromosomale afwijking bij een foetus met een echoscopisch geïsoleerde unilaterale hydronefrose?

von Hippel-Lindau ziekte Evelynn Vergauwen Assistent neurochirurgie

Cryopyrine-Geassocieerd Periodiek Syndroom (CAPS)

Protocol Chronische nierschade op basis van de LTA

12/22/2010. Haagsenieren protocol. Haagsenieren protocol. Kant B: klaring. Kant A: albuminurie. Haagsenieren protocol Toelichting beleid

ADPKD huidige status en ontwikkelingen Autosomal Dominant Polycystic Kidney Disease

Tips en trics voor de nefrologie anno Dr. I.C. van Riemsdijk Drs. M.Wabbijn Internist-nefrologen

Congenitaal gehoorverlies en de kinderarts. CDS symposium 17 maart 2010 Margot Mulder, kinderarts

Nefrotisch syndroom Symptomen

JINARC (tolvaptan) Voorlichtingsbrochure voor patiënten. Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring.

n CAsus 1 Pijn in de rechterflank

ERFELIJKHEID EN ZIEKTE. H.H. TAN, arts 2015

NIERFUNCTIE STOORNISSEN juni 2015

Chronische Nierschade

zeldzame aandoeningen -rare diseases

Het nefrotisch syndroom Oorzaken en gevolgen. prof. J. Wetzels Radboud UMC Nijmegen

Leerdoelen. Wees alert op nierproblemen bij probleeminventarisatie medicatie beoordeling. Begeleid beschermende maatregelen.

Scharniermomenten bij terminale nierinsufficiëntie

Genetic Counseling en Kanker

Arteriële Hypertensie

Nierablatie onder CT geleide punctie

Aan: Opleiders Inwendige Geneeskunde Regio Amsterdam II. Geachte collegae,

Risicovolle levende nierdonor: to do or not to do?

Definitie van doofblindheid. Doofblindheid is een combinatie van doofslechthorendheid

Chronische Nierschade

Levercysten: Behandeling in zicht? Tom Gevers, arts-onderzoeker UMCN Afdeling maag-, darm- en leverziekten

Nieren. door Annemieke Middelkamp

Topics in Chronic Disease. Chronische Nierschade en de huisarts

Omschrijving Oorzaken Verschijnselen Diagnose Therapie Prognose. Omschrijving. We spreken van hematurie indien er bloed aanwezig is in de urine.

Nupie t Olifantje GENEESKUNDE 2DE DOC KINDERGENEESKUNDE

Normale histologie van het nefron. Prof. Dr. J. Bogers Cel- en weefselleer

GENETISCHE COUNSELING SYLVIA DE NOBELE, GENETISCH COUNSELOR CENTRUM MEDISCHE GENETICA, UZGENT (CMGG) FAPA 19/11/2016

Normale histologie van het nefron

Postoperatieve achteruitgang Postoperatieve renale van de nierfunctie verwikkelingen

Nierfunctie in de oncologie. Diakonessenhuis

Verklarende Woordenlijst

Voorwoord 13. Hoofdstuk 1 Fysiologisch en anatomisch rappel 15

NIERTRANSPLANTATIE BIJ KINDEREN EN ADOLESCENTEN: ANALYSE VAN FACTOREN DIE DE OUTCOME BEÏNVLOEDEN


Hypertensie. Huug van Duijn Spiegelavond 15 april 2013

Nierschade. Kernboodschap. Nierfunctiestoornissen en albuminurie. Hart- en vaatziekten. Tijdige behandeling kan dit risico verminderen!

Karen Janssen Kinderarts, H.-Hartziekenhuis Lier

Cryopyrine-geassocieerd periodiek syndroom (CAPS)

Henoch- schönlein purpura

Luchtwegen: luchtpijp. luchtwegen spirometrie. Longblaasjes: Alveolen longvolumes diffusie

NIERZIEKTEN ALGEMENE BEHANDELING VAN CHRONISCHE NIERSCHADE

Wat is Familiaire Exsudatieve Vitreoretinopathie?

Diagnostiek naar de oorzaak van slechthorendheid binnen het Centrum Diagnostiek Slechthorendheid

Kinderneurologie.eu. COL4A1-syndroom.

Metabole acidose. Bob Zietse 15 december 2016

Urologie Hematurie en PSA

Kanker en Erfelijkheid

Tubulo-interstitiële nefritis (en flucloxacilline) Ivan Theunissen ANIOS Intensive Care

ADPKD Huisartsenbrochure

DUTCH SUMMARY NEDERLANDSE SAMENVATTING

NIERKOLIEK NIERKOLIEK : DIAGNOSE NIERKOLIEK: ONDERZOEKEN. Zeer frequent voorkomend 1 op 10 Belgen. Tussen jaar. 75 % mannen

Kinderneurologie.eu. Congenitale nystagmus.

Spiegelbijeenkomst Urk, mei Arnold Boonstra, internist-nefroloog

Behandeling van nefrotische pathologieën

NIERKOLIEK. Zeer frequent voorkomend 1 op 10 Belgen. Tussen jaar. 75 % mannen

MRI van de hersenen bij congenitale cytomegalovirus infectie

Ziekteverwekkende micro-organismen dringen via lichaamsopeningen het lichaam binnen:

ventraal van m. psoas Ureteren naast en voor grote vaten in retroperitoneum Na vaatoverkruising infraperitoneaal Vena test/ovar. lopen mee met psoas

Kinderneurologie.eu. Sinus pericranii.

P a n c r e a t i t i s

Workshop chronische nierschade. Adry Bakker Diepenbroek Bettie Hoekstra

Blaasstenen bij de Engelse Bulldog

Het nefrotisch syndroom en zwangerschap

Het TCF20 syndroom. Kinderneurologie.eu.

AANDOENINGEN van het BLOED. H.H. TAN, arts 2015

Lange termijn follow up van coarctatio aorta

1 Epidemiologie van multipel myeloom en de ziekte van Waldenström

NRLP-12 Gerelateerde Terugkerende Koorts

Transcriptie:

CONGENITALE NIERAANDOENINGEN 1. Hypoplasie = Te weinig aanleg van overigens normaal nierweefsel A. Agenese:Geen ureterknop gevormd Unilateraal bij 1/1000 50-70% geass urogenitale afwijkingen) Bilateraal 1/7000 1/10000 Oligohydramnios longhypoplasie & Pottersyndroom neonatale sterfte B. Hypoplasie: te weinig nefronen Te weinig splitsing ureterknop Te weinig nefron-inductie Combinatie Geeft hypertrofie van de nefronen focale sclerose te weinig nefronen progressief instellende NI Prognose afh van aantal gevormde nefronen Beeld: normale of kleine nieren 2. Dysplasie = aanlegfout premaigne! Malformatie mstl door obstructie-atresie van kelk of ureter o Hoge obstructie (nierbekken) volledig abnormale nier o Lage obstructie (blaashals, uretraklep) enkel laatst gevormde nefronen zijn abnormaal Kan in kader genetische aandoening: beide nieren abnl, meestal talrijke cysten Histologie: fout in de inductie fout weefsel in de nier o Peritubulair glad spierweefsel o Kraakbeen o Resten van nefrogene ampulla o Aplasie, cysten

ERFELIJKE NIERZIEKTEN 1. Autosomaal dominante Polycystose Voorkomen: 1/400 1/1000 Opm: Vrij frequent voor autosomaal dominante ziekte veel spontane mutaties de novo Altijd bilateraal! 2 types: o 85%: PKD1 = Genetisch defect chrom 16 overexpressie polycystine = transmembraaneiwit cellen hechten aan elkaar en aan extracell matrix cysten o 15%: PKD2 = genetisch defect chrom 4 overexpressie eiwit dat polycystine transporteert en verankert. Meer gunstige prognose. Symptomen o Renaal: Start op volwassen lft (cysten groot genoeg). Hematurie (micro/macroscopisch) Pijn in nierstreek door bloeding in cyste spanning/druk Indien bloed niet kan afgevoerd worden lijkt op koliek Infectie cyste hoge koorts! R/: AB (quinolone) langdurig (6w) want cyste niet altijd in contact met urine Secundaire Hypertensie Anemie: weinig uitgesproken en pas laat wegens lang behoud EPOproductie in interstitium Géén verhoogd risico op cancerisatie cysten (<-> Von Hippel-Lindau) o Extrarenaal: Levercysten (70% > 60j) Pancreascysten Liesbreuken Darm: Verhoogd risico op diverticulose Klepinsuff: aorta, mitralis, tricuspid Intracerebrale aneurysmata (freq met lft)

Diagnose Macroscopische diagnose! echo Opm: screening pas zinvol vanaf 20-25 jaar, daarvoor cysten makkelijk gemist wg te klein Evt CT = gevoeliger maar duur geen routine Prognose o Nierinsuff bij 70-75% o Neg Beïnvloed door Jonge Leeftijd bij diagnose Hypertensie (controleren!) Zwarte ras Mannelijk geslacht Type 1 PKD R/: o experimenteel Somatostatine Vaptanen: verlagen vochtinstroom in cysten o Anti-hypertensiva: ACE-I/ sartanen o Pijnbehandeling o Infectie: AB quinolonen 6w 2. Autosomaal recessieve polycystose (Fanconi) Incidentie: 1/10000 1/40000 Obligaat samen met leverfibrose! Defect gen op chromosoom 6p21 fibrocystine EGF-like Radiaire tubuleuze cysten op verloop tubuli colligentes 2 vormen o Ernstig: Prenataal Nierinsuff oligohydramnios Potter syndroom longhypoplasie, misvormingen, 2 grote nieren moeilijke bevalling Vroegtijdige dood o Minder ernstig Langer overleven leverproblemen

3. Medullaire sponsnier (Cacchi Ricchi) incidentie: 1/5000 1/20000 erfelijk? Autosomaal dominant? Ontwikkelingsstoornis verwijding medullair deel van de urinaire verzamelbuizen, kan evt unilateraal en focaal zijn Symptomen (vaag!) o Op volwassen lft : 40-50 j o Microsc of macrosc hematurie o Urinaire infecties o +/- Concentratiestoornissen (urine) o +/- Distale renale acidose o +/- hyperca-urie +/- nefrolithiasis o zeer zelden nierinsuff diagnose: i.v. pyelografie typisch beeld: met contrast gevulde verzamelbuisjes = fijne radiaire streepjes op nierpapillen gecentreerd 4. Medullaire cystenier cysten in de medulla + interstitiële fibrose ontdubbelde tubulaire BM

2 vormen o Autosomaal recessief (Fanconi) Kinderen Nierinsuff na enkele jaren Polyurie (opnieuw bedwateren) : interstitiële fibrose cortico-medullaire gradiënt, nodig voor concentratie vd urine, neemt af! Zoutverlies Tapetoretinale degeneratie blindheid (= syndr van Senior) Leverfibrose Afwijkingen kleine hersenen o Autosomaal dominant (milder) > 30 j Polyurie Zoutverlies Zelden nierinsuff 5. Syndroom van Alport Afwijking in niet-collageen deel van collageen type IV Dominant erfelijk Meestal X- gebonden o : minder ernstig ( nog deels normale collageen IV): nierinsuff rond 40-50j o : meer uitgesproken: nierinsuff vanaf 30 j Symptomen o Hematurie o Proteïnurie o perceptiedoofheid (aantasting BM binnenoor) o Cataract (aantasting BM oog) o Hypertensie o Progressieve nierinsuff diagnose: o grondige famiiale anamnese!! o Labo o audiogram o Soms biopsie ter bevestiging Histologie o Brede, hobbelige BM o Geen donkere band = lamina densa (= binnenste brede band BM waar coll IV zit) eerder fragmenten

o Immunohistochemie: Controlekleuring: coll. IV alfa 1 Coll. IV alfa 3 kleurt niet aan! ( bij vrouwen partieel afwezig) Behandeling o Antihypertensiva om stadium van nierinsuff uit te stellen ACE-I (sartanen) o Transplantatie: bij 10% worden antistoffen gevormd tg normale coll IV alfa3 in de getransplanteerde nier anti-bm-glomerulonefritis CASUS, 17 j Bloed: K: 5,93 mmol/l licht verhoogd, geen onmiddellijke actie nodig Creatinine: 2,27 mg/dl egfr < 40 nierinsufficiëntie: acuut of chronisch? navragen HA: al stijging creatinine sinds 2-3 jaar CHRONISCH pre-renaal, renaal of post-renaal? Echo: normale grootte, geen argumenten voor obstructie niet post-renaal KO: geen hypovolemie niet pre-renaal Urine: o Totaal eiwit 6,01 g / 24u RENAAL! urine OZ doen!

proteïnurie in de nefrotische range past bij renaal probleem maar GEEN nefrotisch syndroom want geen oedemen, geen hypoalbuminemie, geen hyperlipidemie o Stick: heem +++ proteïne +++ o sediment: RBC 257/µl, 80% dysmorf glomerulaire pathologie (Familiale) anamnese o Moeder & oom: niertransplant o Zus: hematurie maar nog nle nierfunctie (vrouw typisch milder verloop Alport want X-gebonden) o Gezichtsproblemen sinds enkele jaren o Lichte gehoorsvermindering ALPORT! Geen biopsie nodig ter diagnose! 6. Dunne basale membraanziekte Autosomaal dominant > symptomen o Microscopische dysmorfe hematurie op jonge leeftijd o zz lichte proteïnurie o Mstl: Geen afwijkende nierfunctie Geen nierinsuff Geen hypertensie Diagnose: grondige familiale anamnese = mstl voldoende, niet alijd biopsie nodig, soms (bij twijfel) ter bevestiging Histologiebeeld: Afwijkende dikte BM: normaal: 300 nm dunne BM-ziekte: < 200 nm

Andere erfelijke nefropathieën 1. Nagel-Patella syndroom Hematurie & proteïnurie Nierinsuff bij 10% Typisch afwijkingen van de nagels Hypoplastische patella Subluxatie Elleboogafwijkingen 2. Ziekte van Fabry Hematurie & proteïnurie Nierinsuff rond 50j Kleine angiohematomen huid Erfelijke tubulopathieën 1. Renale glucosurie 2. Cystinurie Transportstoornis voor bep AZ stenen 3. Tubulaire acidose Prox: gestoorde bicarb reabs Distaal: onvermogen H-secretie 4. Nefrogene DM 5. Hypofosfatemische rachitis Stoornis in fosfaatreabsorbtie in de PT 6. Cystinose Transportstoornis van cystine over lysosomale membraan nierinsuff op 5-6 j