Schatting BASGOED. rapportage DP1 SIGNIFICANCE: GERARD DE JONG MICHIEL DE BOK KIM RUIJS DERK WENTINK

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Schatting BASGOED. rapportage DP1 SIGNIFICANCE: GERARD DE JONG MICHIEL DE BOK KIM RUIJS DERK WENTINK"

Transcriptie

1 Schatting BASGOED rapportage DP1 SIGNIFICANCE: GERARD DE JONG MICHIEL DE BOK KIM RUIJS DERK WENTINK NEA: ARNAUD BURGESS MARLEEN DE GIER ROBBERT VERSTEEGH DEMIS: POUL GRASHOFF 3 november 2010 Rapport voor de Dienst Verkeer en Scheepvaart van Rijkswaterstaat

2

3 Significance Koninginnegracht AB DEN HAAG T (070) F (070)

4 Inhoudsopgave Inhoudsopgave...2 Samenvatting...5 HOOFDSTUK 1 Inleiding Algemeen Doelstellingen Indeling van dit rapport...8 HOOFDSTUK 2 Gebruikte data Basisbestand goederenvervoer Level of service LMS Routgoed BIVAS TRANSTOOLS Vergelijkingskader modaliteiten Voedingskosten binnenvaart en spoor Spoor Binnenvaart...15 HOOFDSTUK 3 Schattingen modal split Kostenfuncties Modal split Overzicht schattingen Gedetailleerde schattingsresultaten Reistijdwaarderingen Elasticiteiten Goodness-of-fit Conclusies...40 HOOFDSTUK 4 Schatting distributiemodel Werking van de distributiemodule Schatten parameters Resultaten Conclusies...50

5 Inhoudsopgave HOOFDSTUK 5 Aandachtspunten voor de implementatie Achtergrond alternatief 1b Stand van zaken prototype modules DM en MS Mogelijkheden voor implementatie modules DM en MS in dp HOOFDSTUK 6 Appendix 1 Conclusies en aanbevelingen...57 Elasticiteiten per NSTR1 groep...59 Appendix 2 schattingsresultaten MS serie Appendix 3 schattingsresultaten DM

6

7 Samenvatting Om tegemoet te komen aan de informatiebehoefte van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat op het gebied van goederenvervoer in, naar en van Nederland is een goederenvervoermodel nodig dat niet alleen inhoudelijk antwoord geeft, maar ook tegemoet komt aan randvoorwaarden op het gebied van transparantie, uitlegbaarheid en de mogelijkheid tot validatie. Dit is momenteel niet beschikbaar. DVS voert samen met TNO het project Roadmap strategisch goederenvervoermodel uit, waarin vraag en aanbod op dit gebied met elkaar vergeleken zijn. Op basis hiervan is besloten om op korte termijn een relatief eenvoudig goederenvervoermodel te ontwikkelen, BasGoed, waarin de bestaande economiemodule van SMILE+ wordt hergebruikt en waarin er nieuwe modellen geschat zullen worden voor distributie en modal split, op basis van tijden en afstanden uit bestaande unimodale toedelingsmodellen. De functionele en technische specificaties van BasGoed staan beschreven in een rapport van TNO, NEA, Significance en Demis (Duijnisveld et al., 2010). Hierin zijn allerlei keuzen voor BasGoed reeds vastgelegd (bijvoorbeeld de te gebruiken zonering). Deze rapportage beschrijft de uitvoering van deelproject 1 in de ontwikkeling van het te ontwikkelen Basis Goederenvervoermodel: het schatten van de modal split en distributiemodule voor BASGOED. Hierin zijn schattingsdata verzameld en verwerkt, en schatting uitgevoerd voor de modal split module en distributiemodule, en worden tenslotte aanbevelingen en richtlijnen geformuleerd voor deelproject 2: de implementatie van modellen in de Modalsplit en Dsitributie Module. Bij de schattingen zijn verschillende databronnen gebruikt. De waarnemingen zijn afkomstig uit het Basisbestand Goederenvervoer. De level of service voor de verschillende modaliteiten is afkomstig uit verschillende modellen: het LMS voor wegvervoer, RoutGoed voor spoorvervoer, BIVAS voor binnenvaart en TRANSTOOLS voor internationaal vervoer. Daarnaast is het vergelijkingskader modaliteiten gebruikt om kostenkentallen af te leiden. Het specificatieonderzoek heeft geleid tot een modal split model met een kostenfunctie die is gebaseerd op de kostenkentallen uit het vergelijkingskader modaliteiten (VKM). Hiermee is de aanpak consistent met de kostenfuncties in SMILE+. Per NSTR hoofdgroep zijn twee verschillende specificaties uitvoeriger getest. Een specificatie met herkomst en bestemmingsdummies per vervoerwijze (serie 13), en een specificatie met vervoerwijzedummies op corridors (serie 14). Op basis van de beoordeling op de drie hoofdcriteria is model serie 13 met vervoerwijze specifieke herkomst bestemmingsdummies duidelijk te prefereren als model voor implementatie in de modal split module van BASGOED. Ten aanzien van de distributie module zijn verschillende varianten van de distributiefunctie onderzocht. Hierin is gekeken naar verschillende aannames ten aanzien van het meenemen van parameters α, β en de grensweerstanden G ij en intrazonale weerstanden d. Op basis van de resultaten variant 5b, met een negatief exponentiële distributiefuncties en intrazonale weerstanden (maar geen grensweerstanden), naar voren als te prefereren vorm voor implementatie in de distributie module in BASGOED. In geval van NSTR groep 4 wordt teruggevallen op variant 1, zonder de intrazonale weerstanden.

8 De geschatte modellen zijn verder vertaald naar een functionele beschrijving voor de modal split en distributie module. In DP2 zullen deze rekenmodules verder worden uitgewerkt. In DP3 zullen deze modules worden geïmplementeerd in het BASGOED model systeem. 6

9 HOOFDSTUK 1 Inleiding 1.1 Algemeen Om tegemoet te komen aan de informatiebehoefte van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat op het gebied van goederenvervoer in, naar en van Nederland is een goederenvervoermodel nodig dat niet alleen inhoudelijk antwoord geeft, maar ook tegemoet komt aan randvoorwaarden op het gebied van transparantie, uitlegbaarheid en de mogelijkheid tot validatie. Dit is momenteel niet beschikbaar. DVS voert samen met TNO het project Roadmap strategisch goederenvervoermodel uit, waarin vraag en aanbod op dit gebied met elkaar vergeleken zijn. Op basis hiervan is besloten om op korte termijn een relatief eenvoudig goederenvervoermodel te ontwikkelen, waarin de bestaande economiemodule van SMILE+ wordt hergebruikt en waarin er nieuwe modellen geschat zullen worden voor distributie en modal split, op basis van tijden en afstanden uit bestaande unimodale toedelingsmodellen. Dit model heeft de naam Basis Goederenvervoermodel (BasGoed) gekregen. In een later stadium zal een model worden ontwikkeld dat rekening houdt met logistieke besluitvorming. De functionele en technische specificaties van BasGoed staan beschreven in een rapport van TNO, NEA, Significance en Demis (Duijnisveld et al., 2010). Hierin worden allerlei keuzen voor BasGoed reeds vastgelegd (bijvoorbeeld de te gebruiken zonering). Wel worden nog diverse modelspecificaties onderscheiden (met name voor het modal split model), die in de schatting met elkaar moeten worden vergeleken, waarna een keuze dient te worden gemaakt. Dit rapport is onderdeel van twee deelprojecten binnen de implementatie van BasGoed: Deelproject 1: 1 schatting 1 van de distributiemodule (DM) en de modal split module (MS); Deelproject 2: implementatie (programmeren, testen, documenteren) van de distributiemodule en de modal split module. Naast deze deelprojecten vindt parallel een apart deelproject plaats voor de ontwikkeling van de gebruikersschil voor BasGoed en de andere modules. 1.2 Doelstellingen Het doel van dit project is: Het schatten van nieuwe modellen voor distributie en modal split volgens de specificaties in Duijnisveld et al. (2010), alsmede het programmeren, testen en documenteren van de nieuwe modules, als onderdeel van het te ontwikkelen Basis Goederenvervoermodel 1 Wij prefereren in deze context het woord schatten boven het woord calibreren, omdat gebruik zal worden gemaakt van formele statistische schattingstechnieken (zoals Maximum Likelihood).

10 Het project is opgesplitst in twee deelprojecten: Deelproject 1: verzamelen en verwerken van schattingsdata, schatting van modal split module en distributiemodule en rapportage van schattingsresultaten; Deelproject 2: verfijnen van de specificatie ter voorbereiding van het programmeren, programmeren van de distributiemodule en modal split module, testen van deze modules en documentatie van de modules en de testresultaten. Deze rapportage beschrijft de uitvoering van deelproject 1: het schatten van de modal split en distributiemodule voor BASGOED. 1.3 Indeling van dit rapport In hoofdstuk 2 staat de verwerking van databronnen ten behoeve van de BasGoed schattingen beschreven. De schattingen van de modal split module staat beschreven in hoofdstuk 3. De schattingen van de distributiemodule staat beschreven in hoofdstuk 4. In hoofdstuk 5 zijn aandachtspunten bij de implementatie van beide modules beschreven. 8

11 HOOFDSTUK 2 Gebruikte data Bij de schatting van de modal split en distributiemodules zijn verschillende databronnen gebruikt. De waarnemingen zijn afkomstig uit het Basisbestand Goederenvervoer. De level of service voor de verschillende modaliteiten is afkomstig uit verschillende modellen: het LMS voor wegvervoer, RoutGoed voor spoorvervoer, BIVAS voor binnenvaart en TRANSTOOLS voor internationaal vervoer. Daarnaast is het vergelijkingskader modaliteiten gebruikt om kostenkentallen af te leiden. 2.1 Basisbestand goederenvervoer Met enige regelmaat worden de basisbestanden goederenvervoer in opdracht van DVS gemaakt. Deze zijn gebaseerd op data van het Centraal Bureau voor de Statistiek, aangevuld met data van andere organisaties (zoals vervoerders en buitenlandse statistische bureaus). De basisbestanden goederenvervoer zijn beschikbaar voor de modaliteiten weg, spoor en binnenvaart en bevatten verschillende kenmerken. In onderstaande tabel volgt een kort overzicht van de gebruikte kenmerken van de verschillende bestanden. Tabel 2-1: Dimensies in het basisbestand goederenvervoer Weg Spoor Binnenvaart Herkomst/Bestemming op SMILE-niveau Voertuigtype (vrachtauto, vrachtauto + aanhanger, trekker met oplegger, bestelauto) Verschijningsvorm (droge bulk, natte bulk, stukgoed, container) Goederengroep (NSTR 1-digit) Herkomst/Bestemming op SMILE-niveau Tractie (diesel/elektrisch) Verschijningsvorm (droge bulk, natte bulk, stukgoed, container) Goederengroep (NSTR 1-digit) Herkomst/Bestemming op SMILE-niveau Scheepsklasse volgens BVMS indeling Versvorm (droge bulk, natte bulk, container) Goederengroep (NSTR 1-digit) Het geografisch detail niveau van de trip-matrices die gebruikt zijn in de schattingen is corop-niveau, conform de technische en functionele specificaties BASGOED (Duijnisveld et al., 2010). Voor het opstellen van trip-matrices zijn de basisbestanden goederenvervoer 2004 voor de modaliteiten spoor, binnenvaart en weg gebruikt. In de trip matrices is onderscheid gemaakt tussen vervoerde tonnages in containers en overige goederen. Verder zijn de goederenstromen geaggregeerd naar NSTR hoofdgroepen (NSTR1).

12 De basisbestanden goederenvervoer zijn tevens gebruikt om vervoerwijze specifieke kentallen af te leiden uit het Vergelijkingskader Modaliteiten (VKM), zie ook paragraaf 2.3. De kentallen zijn de gemiddelde variabele, vaste, laad- en loskosten, het gemiddeld laadvermogen, de gemiddelde beladingsgraad en het percentage beladen ritten. In het VKM zijn deze kentallen opgenomen, uitgesplitst naar voertuigtype, verschijningsvorm en richting (binnenlands/internationaal). Deze kentallen zijn gekoppeld aan de basisbestanden goederenvervoer en vervolgens is een gewogen gemiddelde bepaald voor elk van deze kentallen op basis van het vervoerde gewicht. 2.2 Level of service LMS Het LMS berekent gecongesteerde reistijd en wegafstanden op LMS-subzone niveau op basis van een congestiegevoelige toedeling van vrachtwagens samen met personenverkeer. Voor het vrachtverkeer geldt in het LMS dat alleen de routes kunnen worden aangepast. BasGoed heeft geen terugkoppeling van congestie naar de vraag naar goederenvervoer. Binnen het LMS wordt geen onderscheid gemaakt naar goederensoorten bij de toedeling, zodat de reistijden en afstanden voor alle goederensoorten gelijk aan elkaar zijn. Verder zijn een tweetal aggregatie slagen gemaakt om de LMS data aan te passen aan BasGoed: van LMS subzones naar BasGoed zones, en van dagdelen naar etmaal. Binnen het LMS worden reistijden en -afstanden voor verschillende perioden van de dag bepaald. Van deze reistijden en afstanden is het gewogen gemiddelde bepaald op basis van het aantal ritten. Ook bij de aggregatie van tijd- en afstand tussen LMS subzones, is het gemiddelde tussen BasGoed regio s bepaald op basis van een gewogen gemiddelde. Het gewogen gemiddelde is als volgt berekend: k ij n t ij i= 1, j= 1 = n * k t ij i= 1, j= 1 ij i j k ij t ij herkomst i herkomst j kosten verplaatsing i naar j (tijd of afstand) aantal tours i naar j Routgoed Om de level of service te bepalen voor het spoorvervoer in Nederland is gebruik gemaakt van de tijden en afstanden uit het model Routgoed van Prorail. De zonering van Routgoed is de corop-zonering welke 1- op-1 is overgenomen. Per corop-zone is door Prorail aangegeven op welk dienstregelpunt deze is aangesloten. Zo komt het voor dat er in een corop-zone geen dienstregelpunt beschikbaar is. Deze zones worden zijn aangesloten op het meest logische dienstregelpunt in een andere corop-zone. In Figuur 2-1 geeft het Routgoed netwerk weer. De rode lijnen geven weer op welk dienstregelpunt een corop-zone is aangesloten. De level of service is opgesteld aan de hand van Routgoed en is gebaseerd op rijtijden van de kortste route tussen herkomst en bestemming. Hierbij is geen rekening gehouden met wachttijden, los- en laadtijden en voedingskosten. Deze kosten worden apart toegevoegd binnen BasGoed aan de totale kosten van een reis. 10

13 Figuur 2-1: Routgoed netwerk (grijs) en in rood aansluiting Corops op netwerk (groen) BIVAS De afstanden en tijden zijn verkregen uit het BIVAS model. In eerste instantie is de laatste versie van BIVAS gebruikt waarin nog een aantal tekortkomingen met betrekking tot diepte en vaarhoogte zijn opgenomen. Dit leidde tot een te hoge inschatting van reistijden en afstanden. De laatste versie van BIVAS is in ontwikkeling voor toepassingen in de sfeer van klimaatsverandering. Uiteindelijk is van Charta een uitdraai van een eerdere versie verkregen waarin en betrouwbare tijden en afstanden zijn opgenomen. In de tijden van BIVAS zijn wachttijden voor sluizen e.d. meegenomen. Alle reizen uit het basisbestand zijn opgenomen en daarbij is dus ook rekening gehouden met het scheepstype. De BIVAS zonering is omgezet naar SMILE+ zonering en vervolgens is het gemiddelde over alle reistijden en 11

14 afstanden genomen, daarnaast is nog een minimum en een maximum afstand berekend. Er is een vergelijking gemaakt met de TRANS-TOOLS afstanden, de gemiddelde afstand laat de hoogste correlatie zien. Uit BIVAS is de afstand en tijd tussen de binnenlandse regio s genomen (40 x 40 zones). Voor de afstand en tijd tussen binnenlandse regio s (zones 1 tot en met 40) en buitenlandse regio s (zones 41 tot en met 70) is TRANS-TOOLS als uitgangspunt genomen. Ook voor wegvervoer en spoorvervoer is er voor gekozen om TRANS-TOOLS voor deze relaties als uitgangspunt te nemen voor de afstanden en tijden, zodat alle grensoverschrijdende afstanden en tijden uit dezelfde bron komen (consistentie) TRANSTOOLS De modellen RoutGoed, BIVAS en LMS geven voor het buitenland niet het gewenste detailniveau. Hierom is gekozen om voor alle modaliteiten de tijden en afstanden voor het buitenland af te leiden uit TRANS-TOOLS. De TRANS-TOOLS zonering voor het buitenland komt niet overeen met de gewenste BasGoed indeling. Hierom is de zonering in de TRANS-TOOLS netwerken aangepast. Voor de binnenlandse zones zijn de coördinaten van de zones afgeleid uit de LMS subzones. De zone-coördinaten voor de buitenlandse zones zijn bepaald door expert opinion. Voor elke SMILE-zone is het zwaartepunt zo gekozen dat deze dicht bij de steden ligt die het meeste vervoer genereren. De gekozen coördinaten zijn voor alle modaliteiten identiek. Op basis van expert opinion zijn de zones vervolgens aan de dienstregelingspunten/voedingspunten gekoppeld van het wegen-, spoor- en binnenvaartnetwerk. Aan de hand van de aangepaste TRANS-TOOLS netwerken is per modaliteit de level of service bepaald voor de internationale relaties. Deze level of service bestaat alleen uit reistijden op basis van de kortste route. Wachttijden, laad- en lostijden, voedingskosten en grensweerstanden zijn niet meegenomen in het bepalen van de level of service. Ook is er geen rekening gehouden met rusttijden van chauffeurs. Voor het binnenvaartnetwerk is de level of service bepaald op CEMT-I klasse niveau. Er is hierbij dus geen rekening gehouden met vaarwegen die voor sommige scheepstypen niet toegankelijk zijn. Daarnaast is een aantal zones in buitenland niet aangesloten op het binnenvaartnetwerk, voor deze zones is het niet mogelijk een level-of-service te bepalen. Dit omdat er voor deze zones geen mogelijkheden zijn om via de binnenvaart goederen te vervoeren. Deze zones zijn Griekenland, Italië, Scandinavië, het Iberisch Schiereiland en voormalig USSR. De genoemde zones zijn wel ontsloten door middel van het spoor- en wegennetwerk. 2.3 Vergelijkingskader modaliteiten In BASGOED wordt in de kostenfuncties gebruik gemaakt van de kostenkentallen uit het vergelijkingskader modaliteiten (VKM). Het VKM biedt gedetailleerde kentallen goederenvervoer naar vervoerwijze, voertuigtype en verschijningsvorm. Om kentallen af te leiden naar de drie geaggregeerde vervoerwijzen in BASGOED, zijn de VKM kentallen gekoppeld aan het basisbestanden goederenvervoer. Hiervoor is een match gemaakt tussen de verschijningsvorm en voertuigtype combinaties in het VKM en het basisbestand goederenvervoer. Vervolgens is per kental een gewogen gemiddelde berekend voor de drie hoofdvervoerwijzen (gewogen naar vervoerde tonnen). Het resultaat van deze bewerking staat in Tabel 2-2. Deze kentallen zijn per voertuig. Uit het VKM wordt een aantal kentallen gebruikt. De gemiddelde vaste kosten worden gebruikt voor de berekening van tijdsafhankelijke kosten en bevatten de kosten zoals chauffeurskosten. De afstandafhankelijke kosten worden berekend uit de gemiddelde variabele kosten (per km) en energiekosten 12

15 (per km). De variabele kosten per kilometer bevatten de kosten voor onderhoud en afschrijving aan het voertuig. De energie kosten bevat brandstofkosten. Verder zijn laad- en loskosten gebruikt. In BasGoed worden goederenstromen in tonnen per NSTR1 groep gemodelleerd. De VKM kentallen ver voertuig zijn daarom via het gemiddelde laadvermogen, de beladingsgraad en het aantal beladen ritten in totaal aantal ritten, omgerekend naar kentallen per ton. Het resultaat hiervan staat in Tabel 2-3. Tabel 2-2: Kosten kentallen per voertuig per vervoerwijze. Bron: VKM/BBG04 Weg Spoor Binnenvaart Gemiddelde vaste kosten (euro per vtg per uur) Gemiddelde variabele kosten (euro per vtg per km) Gemiddelde energiekosten (euro per vtg per km) Gemiddelde laadkosten (euro per vtg) Gemiddelde loskosten (euro per vtg) Gemiddeld laadvermogen (ton) Beladingsgraad inhoud Beladen ritten in totaal aantal ritten Tabel 2-3: Kosten kentallen per ton. Bron: VKM/BBG04 Weg Spoor Binnenvaart Gemiddelde vaste kosten (euro per uur per ton) Gemiddelde variabele kosten (euro per tonkm) Gemiddelde energiekosten (euro per tonkm) Totale afstandsafh. kosten: Gemiddelde laadkosten (euro per ton) Gemiddelde loskosten (euro per ton) Voedingskosten binnenvaart en spoor Voor rail en binnenvaart is het wenselijk een component op te nemen voor de voedingskosten, waarin de bereikbaarheid over de weg van rail- en binnenvaartterminals in de betreffende regio is verwerkt. Voedingskosten zijn de reistijd en -afstand die het kost om de voedingspunten van het rail- en binnenvaart goederenvervoer te bereiken. Deze zijn afgeleid uit de gecongesteerde reistijd en -afstand over de weg (afkomstig uit LMS) en de geografische locaties van de dienstregelpunten voor het spoor en de voedingspunten voor de binnenvaart. 13

16 2.4.1 Spoor Routgoed bevat voedingspunten voor het rail goederenvervoer, dienstregelingspunten, welke zijn verspreid door Nederland, te zien in Figuur 2-2. Als eerste stap zijn alle LMS subzone toegekend aan meest nabije Routgoed dienstregelpunt. De voedingskosten, uitgedrukt in afstand en tijd, is berekent als gewogen gemiddelde gecongesteerde reistijden en afstanden die uit het LMS komen. Na aggregatie naar etmaal is er opnieuw een gewogen gemiddelde bepaald, door te aggregeren vanuit LMS subzones naar corop gebieden. Figuur 2-2: LMS zonering en Routgoed dienstregelingspunten 14

17 2.4.2 Binnenvaart De gebiedsindeling van Bivas is getoond in Figuur 2-3. Hierin is te zien dat de BasGoed zonering (corop gebieden) wezenlijk verschilt van de bivaszonering, is er geen eenduidig voedingspunt vast te stellen wat representatief is voor een Corop. In plaats daarvan is per BasGoed zone de intrazonale reistijd en afstand binnen de BasGoed zone als voedingskosten voor binnenvaart gehanteerd. Deze interzonale voedingskosten zijn berekend door de LMS subzonale reistijden en afstanden te aggregeren naar corop niveau, met het aantal tours als wegingsfactor (als ook in 2.2.1). Figuur 2-3: Bivas en BasGoed zonering 15

18 16

19 HOOFDSTUK 3 Schattingen modal split Dit hoofdstuk beschrijft de aanpak bij het schatten van de modal split modellen. Allereerst wordt de nutsfunctie van de geschatte modellen beschreven. Vervolgens is een overzicht gegeven van de geteste modelspecificaties. Vervolgens zijn in detail voor de belangrijkste test specificaties de schattingsresultaten per goederengroep gepresenteerd. Daarna zijn de belangrijkste modellen beoordeeld op basis van de modelprestaties (reistijdwaardering, elasticiteiten). Tenslotte zijn de belangrijkste conclusies ten aanzien van de geschatte modal split modules gegeven. 3.1 Kostenfuncties Modal split De kostenfuncties voor BasGoed zijn voor een belangrijk deel gebaseerd worden op die in het huidige SMILE+, en bevatten naast verbindingskosten ook de voedingskosten. De verbindingskosten (linkgebonden kosten) in BasGoed zijn berekend uit de tijd en kosten voor de beschikbare vervoerwijzen op een relatie. BasGoed bevat niet de volledige kosten voor overslag omdat het model gebaseerd is op uitvoer van uni-modale toedelingsmodellen en logistieke ketens ontbreken in het model. De voedingskosten (tussen de zonezwaartepunten en de netwerkknooppunten) voor de vervoerwijzen rail en binnenvaart zijn berekend uit de gemiddelde tijd- en afstand die moet worden afgelegd om het voedingspunt (terminal) van het netwerk te bereiken. Deze tijd en afstand zijn berekend op basis van de vrachtauto verplaatsingen uit het LMS. Deze voedingskosten zijn afhankelijk van de goederengroep in rekening gebracht voor spoor en binnenvaart. In Figuur 3-1 zijn de kosten in BASGOED voor vervoerwijze spoor (zelfde als voor binnenvaart) geschematiseerd weergegeven. Voor wegtransport kan worden aangenomen dat geen additionele voedingskosten nodig zijn en dat de gewogen reistijden en reiskosten uit het LMS representatief zijn voor de logistieke keten voor deze vervoerwijze. Voor een aantal goederengroepen is het aannemelijk dat het goederenvervoer per spoor of binnenvaart via direct access plaatsvindt. In deze gevallen worden geen voedingskosten over de weg meegenomen. Het gaat om de goederengroepen 2, 3 en 4. Het goederenvervoer binnen NSTR groep 6 betreft vooral grind en andere bulk bouwmaterialen die aan herkomst zijde direct via binnenvaart zijn ontsloten. Hier zijn alleen voedingskosten aan bestemmingszijde meegenomen.

20 VOEDINGSKOSTEN: - tijd kosten - afstand kosten VERBINDINGSKOSTEN: - tijd kosten - afstand kosten VOEDINGSKOSTEN: - tijd kosten - afstand kosten H zone: - laadkosten weg B zone: - loskosten weg TERMINAL: - loskosten weg - laadkosten spoor TERMINAL: - loskosten spoor - laadkosten weg Figuur 3-1: Componenten in BASGOED kostenfuncties Spoor en Binnenvaart. (vet gedrukt zijn wel opgenomen; in rood gedrukt welke niet) De kostenfuncties bevatten naast de transporttijd en transportkosten per vervoerwijze, ook vervoerwijzespecifieke constanten en mogelijk enkele goederensoortspecifieke variabelen (zoals containerisatie graad). In het specificatie onderzoek voor BASGOED zijn 4 verschillende kostenfuncties onderzocht, met verschillende aannames ten aanzien van de tijd- en kosten parameters. Het betreft de volgende kostenfuncties Het schatten van een reistijdwaarderingsparameter β t met constante kostenparameter ( β c = - 0.1) 3. De nutsfunctie voor vervoerwijze v op relatie ij voor goederengroep g is als volgt gespecificeerd: V ijvg ( d K ) + β t + MSC + CONT, β = 0. 1 = β c ijv v t ijv v ijg c (1) waarin d ijv en ijv t de afstand en tijd op de voedings- en verbindingslinks, K v het tarief 4 per km, CONT ijg de containerisatiegraad (verhoogde kans op spoor of binnenvaart als de goederen per 2 In de functies zijn ook de initiële laad- en loskosten opgenomen, die verschillen per vervoerwijze. Voor de eenvoud van de presentatie zijn deze kosten componenten hier verder niet genoemd. 3 Kosten waren initieel vastgezet op -1, maar bij de schattingen bleek de absolute utility in een dusdanig bereik te komen dat de schattingssoftware in veel gevallen de overige coëfficiënten niet kon schatten. 4 Het tarief per kilometer in (1) is representatief voor de totale transportkosten die door de vervoerder aan de verlader in rekening worden gebracht (exclusief winst marge). Hierin zijn zowel de tijd- en afstandafhankelijke transportkosten opgenomen. Als representatieve tarieven zijn per vervoerwijze de volgende tarieven gehanteerd: weg: 7 ct/ton/km, spoor 3 ct/ton/km, binnenvaart 2 ct/ton/km (Gebaseerd op: NEA (2003) Factorkosten van het goederenvervoer: een analyse van de ontwikkeling in de tijd. Rapport voor de Adviesdienst Verkeer en Vervoer, Rijswijk: NEA) 18

21 container worden vervoerd) en MSC v de vervoerwijze specifieke constante. Deze laatste parameter neemt de niet-waargenomen kwaliteitsverschillen tussen vervoerwijzen mee. Deze kostenfunctie is uiteindelijk niet gekozen (zie verderop in dit hoofdstuk). 2. Het onderscheiden van tijdsafhankelijke en kilometerafhankelijke transportkosten, waarbij tijd middels een tarief per tijdseenheid, R v, in transportkosten wordt omgezet, en één parameter wordt geschat voor de totale transport kosten: ijvg tc ( dijv Tv + tijv Rv ) + MSCv CONTijg V = β + (2a) De afstandskosten per vervoerwijze T v, en het tarief per tijdseenheid per vervoerwijze, R v, zijn overgenomen uit het VKM (zie Tabel 2-3). Deze kostenfunctie is uiteindelijk niet gekozen (zie verderop in dit hoofdstuk). Daarnaast is een aanpak getoetst waarin een aparte coefficient is geschat voor de afstand-, en tijdsafhankelijke kosten. De afstand en tijd, zijn via de gemiddelde afstandskosten T v en het tarief per tijdseenheid R v omgerekend naar kosten: ijvg c ( dijv Tv ) + t ( tijvrv ) + MSCv CONTijg V = β β + (2b) waarin T v en R v zijn overgenomen uit het VKM. Bij deze specificatie wordt een hoge correlatie van tijd en kosten verwacht en dus problemen bij het schatten (deze kostenfunctie is uiteindelijk niet gekozen (zie verderop in dit hoofdstuk). Tenslotte is daarom de volgende variant getoetst waarbij de tijdsafhankelijke- en kilometerafhankelijke transportkosten gebaseerd zijn op de VKM-kostenkentallen, maar ook een additionele tijdparameter is geschat voor de kapitaalkosten van de goederen. In deze kapitaalkosten zijn de kosten voor interestkosten, ontwaarding en verzekeringskosten opgenomen: ijvg tc ( dijv Tv + tijvrv ) + t tijv + MSCv CONTijg V = β β + (2c) Deze kostenfunctie is uiteindelijk gekozen (zie verderop in dit hoofdstuk). 3. Het schatten van één parameter voor gegeneraliseerde kosten en tijd, waarin tijd in kosten wordt uitgedrukt via een exogene reistijdwaardering: ijvg gc ( dijv Tvg + tijvvotvg ) + MSCv CONTijg V = β + (3) Deze vergelijking is in de uitwerking van het onderzoek niet meer aan bod gekomen omdat de specificaties die gebaseerd zijn op kostenkentallen al goede resultaten opleverden. Kostenkentallen 19

22 zijn met meer betrouwbaarheid bekend en daarom zijn specificaties gebaseerd op kostenkentallen te prefereren. Deze kostenfunctie is uiteindelijk niet gekozen (zie verderop in dit hoofdstuk). 4. Het schatten van een aparte parameter voor kosten β c en tijd β c niet is vastgezet: β t, zoals in vergelijking 1 waarbij ijvg c ( dijv Kv ) + t tijv + MSCv CONTijg V = β β + (4) waarin K v het tarief per tonkm is overgenomen uit de rapportage factorkosten (NEA, 2003). Deze kostenfunctie is uiteindelijk niet gekozen (zie verderop in dit hoofdstuk). 3.2 Overzicht schattingen In onderstaande tabel staan de uitgangspunten van de geschatte model series schematisch weergegeven. Op basis van eerdere series modelschattingen (niet allemaal in het overzicht) bleek een aanpak waarbij alle waarnemingen worden meegenomen, en de beschikbaarheid voor spoor en binnenvaart is afgeleid uit het aandeel van deze vervoerwijzen in de waarnemingen in het schattingsbestand, het meest ideaal. Deze 5 series zijn uitgevoerd op kostenfunctie 1, waarin alleen een tijdswaardering coëfficiënt wordt geschat. De kosten parameter is vastgezet op In de eerste twee series schattingen bleek het niet mogelijk een model te schatten waarbij voor alle waarnemingen, alle vervoerwijzen beschikbaar waren. Verder is in model serie 5 getoetst of het negeren van dominante waarnemingen in de dataset tot betere modelresultaten leidde. Verder bleek ook het opnemen van een exogene parameter voor terminal kosten (model serie 2 en 3) niet te leiden tot een beter model. Deze niet geobserveerde kosten zijn vervoerwijze specifiek en worden opgepakt door de vervoerwijze specifieke constante (MSC). In model serie 6 is kosten functie 2a geschat, waarin een kostenparameter is geschat voor de gesommeerde tijdsafhankelijke en kilometerafhankelijke transportkosten. Deze kosten parameter bleek voor alle NSTR1 groepen goed te schatten (plausibel en significant teken). Deze kostenfunctie is gebaseerd op het VKM en sluit daardoor aan bij de methodiek in SMILE+ en is een goed basismodel voor de verdere analyses. Verder is de specificatie uitgebreid met een vervoerwijze specifieke dummy voor internationaal vervoer, om rekening te houden met verschillen in grensweerstanden tussen de vervoerwijzen. Deze bleek de modelresultaten nog iets te verbeteren. Model serie 8 is gebaseerd op kostenfunctie 4 gewerkt, met een aparte parameter voor kosten en tijd. Deze parameters waren beide significant en met het juiste teken. Daarmee is het ook een mogelijke kandidaat voor implementatie. Model serie 10 is gebaseerd op kostenfunctie 2b gewerkt, met een aparte kostenparameter voor afstandkosten en tijdparameter voor tijdsafhankelijke kosten, berekend uit het VKM. De coëfficiënten in deze modellen bleken niet plausibel, met positief teken. Ook het schatten van vervoerwijze specifieke tijd parameters, in model serie 11, bleek geen plausibele tijd en kosten parameters op te leveren. Model serie 12 is gebaseerd op het VKM en kostenfunctie 2c, met een kostenparameter voor de afstanden tijdsafhankelijke transportkosten berekend uit VKM kentallen, net als model serie 6 waarin de kostenfuncties consistent zijn met SMILE+. Daarnaast is het model uitgebreid met een aparte tijdparameter die de kapitaal kosten van de goederen schat. Deze parameters waren beide significant en met het juiste teken. 20

Samenvatting ... ... Tabel 1 Kwalitatieve typering van de varianten

Samenvatting ... ... Tabel 1 Kwalitatieve typering van de varianten Samenvatting................. In juli 2008 heeft de Europese Commissie een strategie uitgebracht om de externe kosten in de vervoersmodaliteiten te internaliseren. 1 Op korte termijn wil de Europese Commissie

Nadere informatie

PLATOS colloquium: Trendanalyse en combinatie van databronnen voor wegvervoerinfo. N. Schmorak (RWS) L. Bus (LMB) 13 maart 2013

PLATOS colloquium: Trendanalyse en combinatie van databronnen voor wegvervoerinfo. N. Schmorak (RWS) L. Bus (LMB) 13 maart 2013 PLATOS colloquium: Trendanalyse en combinatie van databronnen voor wegvervoerinfo N. Schmorak (RWS) L. Bus (LMB) 13 maart 2013 Inhoud Nut en noodzaak combinatie van infobronnen Beschikbare versus voor

Nadere informatie

Bronnenlijst Monitor Logistiek & Goederenvervoer

Bronnenlijst Monitor Logistiek & Goederenvervoer Bronnenlijst Monitor Logistiek & Goederenvervoer Bron Naam figuur / tabel publicatie Indicator Publicatiejaar (jaar van toegang) Link (indien mogelijk) A.1 CBS Vervoerd gewicht door beroeps- en eigen vervoer

Nadere informatie

Fast Strategic Model 14 maart 2012. Rik van Grol

Fast Strategic Model 14 maart 2012. Rik van Grol Fast Strategic Model 14 maart 2012 Rik van Grol Fast Strategic Model Wat is dat? Een Fast Strategic Model is een model waarmee je snel een beleidsoptie voor een scenario kunt doorrekenen Beleidsopties

Nadere informatie

Emissiescan Logistiek voor (potentiële) Lean & Green Awardwinnaars. Beschrijving & case

Emissiescan Logistiek voor (potentiële) Lean & Green Awardwinnaars. Beschrijving & case voor (potentiële) Lean & Green Awardwinnaars Beschrijving & case Inhoud Inhoud beschrijving Emissiescan Logistiek Kern van de tool Aanpak Mensen & middelen Resultaat Toepassing Aanvullende informatie 2

Nadere informatie

Bijlage B: Ontwerp-tracébesluit A7/N7 Zuidelijke Ringweg Groningen, fase 2

Bijlage B: Ontwerp-tracébesluit A7/N7 Zuidelijke Ringweg Groningen, fase 2 Bijlage B: Ontwerp-tracébesluit A7/N7 Zuidelijke Ringweg Groningen, fase 2 Uitgangspunten van de verkeersberekeningen Datum mei 2013 Inhoud 1 Beschrijving gehanteerde verkeersmodel 3 1.1 Het Nederlands

Nadere informatie

Lange termijn strategiën om meer vervoer over water te stimuleren. C.J. De Vries Koninklijke Schuttevaer/Bureau Voorlichting Binnenvaart

Lange termijn strategiën om meer vervoer over water te stimuleren. C.J. De Vries Koninklijke Schuttevaer/Bureau Voorlichting Binnenvaart Lange termijn strategiën om meer vervoer over water te stimuleren C.J. De Vries Koninklijke Schuttevaer/Bureau Voorlichting Binnenvaart Vijf manieren om binnenvaart te bevorderen 1. Het havenalliantiemodel

Nadere informatie

Samenvatting. Doelstelling

Samenvatting. Doelstelling Samenvatting In 2003 hebben de ministeries van Justitie, Financiën, Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Algemene Zaken de afspraak gemaakt dat het ministerie van Justitie het voortouw zal nemen

Nadere informatie

Economische toets variant 3: Betalen per kilometer vracht

Economische toets variant 3: Betalen per kilometer vracht Economische toets variant 3: Betalen per kilometer vracht Eindrapport Opdrachtgever: Ministerie van Verkeer en Waterstaat ECORYS Transport Koen Vervoort Wim Spit Rotterdam, 25 maart 25 TRANSPORT Postbus

Nadere informatie

"V,r, '27672. Monitoring Goederenvervoer Oost-Nederland 2003 OVERIJSSEL

V,r, '27672. Monitoring Goederenvervoer Oost-Nederland 2003 OVERIJSSEL "V,r, '27672 Monitoring Goederenvervoer Oost-Nederland 2003 OVERIJSSEL lnhoudsopgav^ibliotheeknr RWS Dir. Oost-Nederland v D I U LT A AT ervoer G oer HEID 3 Versterking netwerk goederenvervoer. BEDRIJVENTERREINEN

Nadere informatie

De waarde van tijd en betrouwbaarheid in het goederenvervoer

De waarde van tijd en betrouwbaarheid in het goederenvervoer De waarde van tijd en betrouwbaarheid in het goederenvervoer Gebruikersgids prof.dr. Carl Koopmans (SEO) dr. Gerard de Jong (Rand Europe) Opdrachtgever: Adviesdienst Verkeer en Vervoer juli 2004 Samenvatting

Nadere informatie

Conclusies. Martijn de Ruyter de Wildt en Henk Eskes. KNMI, afdeling Chemie en Klimaat Telefoon +31-30-2206431 e-mail mruijterd@knmi.

Conclusies. Martijn de Ruyter de Wildt en Henk Eskes. KNMI, afdeling Chemie en Klimaat Telefoon +31-30-2206431 e-mail mruijterd@knmi. Lotos-Euros v1.7: validatierapport voor 10 en bias-correctie Martijn de Ruyter de Wildt en Henk Eskes KNMI, afdeling Chemie en Klimaat Telefoon +31-30-2206431 e-mail mruijterd@knmi.nl Conclusies Bias-correctie:

Nadere informatie

CO 2 -calculatie in de logistieke keten

CO 2 -calculatie in de logistieke keten CO 2 -calculatie in de logistieke keten Multimodaal emissies in kaart brengen Eelco den Boer, 20 maart 2013 CE Delft Onafhankelijk, not-for-profit consultancy, opgericht in 1978 Kantoor in Delft 30-40

Nadere informatie

Introductie. Duurzame stedelijke distributie. Goevaers Consultancy. België 16 februari 2013

Introductie. Duurzame stedelijke distributie. Goevaers Consultancy. België 16 februari 2013 Goevaers Consultancy Duurzame stedelijke distributie België 16 februari 2013 GC Introductie Duurzaam goederen vervoer Duurzaamheid vraagt om samenwerking in de keten Nieuwe technologieën kunnen alleen

Nadere informatie

Busbehoefte op basis van OV-chipkaartdata

Busbehoefte op basis van OV-chipkaartdata Busbehoefte op basis van OV-chipkaartdata M.W. Smit MSc m.w.smit@alumnus.utwente.nl Ing. K.M. van Zuilekom Universiteit Twente k.m.vanzuilekom@utwente.nl Ing. C. Doeser Grontmij Cees.doeser@grontmij.nl

Nadere informatie

Monitoring Modal Shift. Langere en Zwaardere Vrachtvoertuigen De éénmeting (2011)

Monitoring Modal Shift. Langere en Zwaardere Vrachtvoertuigen De éénmeting (2011) Monitoring Modal Shift Langere en Zwaardere Vrachtvoertuigen De éénmeting (2011) Monitoring Modal Shift Langere en Zwaardere Vrachtvoertuigen De éénmeting (2011) Datum Juli 2011 Status Definitief eindrapport

Nadere informatie

Verslag Infovergadering bestek VC/14259

Verslag Infovergadering bestek VC/14259 Verkeerscentrum Anna Bijnsgebouw Lange Kievitstraat 111-113 bus 40 2018 Antwerpen Tel. 03 224 96 00 - Fax 03 224 96 01 verkeerscentrum@vlaanderen.be Verslag Infovergadering bestek VC/14259 vergaderdatum

Nadere informatie

Olde Bijvank Advies Organisatieontwikkeling & Managementcontrol. Datum: dd-mm-jj

Olde Bijvank Advies Organisatieontwikkeling & Managementcontrol. Datum: dd-mm-jj BUSINESS CASE: Versie Naam opdrachtgever Naam opsteller Datum: dd-mm-jj Voor akkoord: Datum: LET OP: De bedragen in deze business case zijn schattingen op grond van de nu beschikbare kennis en feiten.

Nadere informatie

Classification - Prediction

Classification - Prediction Classification - Prediction Tot hiertoe: vooral classification Naive Bayes k-nearest Neighbours... Op basis van predictor variabelen X 1, X 2,..., X p klasse Y (= discreet) proberen te bepalen. Training

Nadere informatie

Maatregelen ter verbetering van Bijlagen bij Inventarisatie van de externe veiligheid EV-risico s bij het vervoer van gevaarlijke stoffen

Maatregelen ter verbetering van Bijlagen bij Inventarisatie van de externe veiligheid EV-risico s bij het vervoer van gevaarlijke stoffen Maatregelen Bijlagen bij Inventarisatie ter verbetering van EV-risico s de bij externe het vervoer veiligheid van gevaarlijke stoffen hier in het klein de titel van de uitgave 2 3 Bijlage 5 bij Inventarisatie

Nadere informatie

Antonin- een model voor de regio Parijs 5 maart 2014

Antonin- een model voor de regio Parijs 5 maart 2014 Antonin- een model voor de regio Parijs 5 maart 2014 Platos Colloquium - Jan Gerrit Tuinenga Antonin ANTONIN = ANalyse des Transports et de l Organisation des Nouvelles INfrastructures Multimodaal verkeersmodel

Nadere informatie

Welke afweging is te maken voor modaliteitskeuze binnenvaart of weg?

Welke afweging is te maken voor modaliteitskeuze binnenvaart of weg? Welke afweging is te maken voor modaliteitskeuze binnenvaart of weg? drs. H.M. van Raalte, HVR Logistiek, Rotterdam Een globale kostenafweging tussen binnenvaart- en wegtransport: welke aspecten zijn van

Nadere informatie

Buitenlandse vrachtwagens op de Nederlandse wegen

Buitenlandse vrachtwagens op de Nederlandse wegen Publicatiedatum CBS-website: 24 juli 2007 Buitenlandse vrachtwagens op de Nederlandse wegen Wegsstromen in relatie tot Nederlands grondgebied voor 2005 Pascal Ramaekers, Mathijs Jacobs en Marcel Seip Centraal

Nadere informatie

Bundeling goederenstromen in de Extended Gateway Antwerpen/Rotterdam met een focus op de binnenvaart

Bundeling goederenstromen in de Extended Gateway Antwerpen/Rotterdam met een focus op de binnenvaart Impactproject Bundeling goederenstromen in de Extended Gateway Antwerpen/Rotterdam met een focus op de binnenvaart Slotbijeenkomst Maastricht 3-12-2014 A. Verhoeven KvK Nederland Projectpartners Impactproject:

Nadere informatie

Nieuwe data voor (nieuwe) OV modellen

Nieuwe data voor (nieuwe) OV modellen Nieuwe data voor (nieuwe) OV modellen Beeld plaatsen ter grootte van dit kader Niels van Oort Ties Brands Erik de Romph 2 Uitdagingen in het OV Kosten staan onder druk: lijnen schrappen, frequenties verlagen?

Nadere informatie

INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE. Studie in opdracht van Fevia

INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE. Studie in opdracht van Fevia INSCHATTING VAN DE IMPACT VAN DE KILOMETERHEFFING VOOR VRACHTVERVOER OP DE VOEDINGSINDUSTRIE Studie in opdracht van Fevia Inhoudstafel Algemene context transport voeding Enquête voedingsindustrie Directe

Nadere informatie

Kenmerk ontheffing in de Bijstands Uitkeringen Statistiek

Kenmerk ontheffing in de Bijstands Uitkeringen Statistiek Centraal Bureau voor de Statistiek Divisie sociale en regionale statistieken (SRS) Sector statistische analyse voorburg (SAV) Postbus 24500 2490 HA Den Haag Kenmerk ontheffing in de Bijstands Uitkeringen

Nadere informatie

De ecologische kwaliteit van Nederlands oppervlaktewater: zijn de voorspellingen beter geworden sinds 2009?

De ecologische kwaliteit van Nederlands oppervlaktewater: zijn de voorspellingen beter geworden sinds 2009? PBL-Notitie De ecologische kwaliteit van Nederlands oppervlaktewater: zijn de voorspellingen beter geworden sinds 2009? P. Cleij, H. Visser contact: hans.visser@pbl.nl Datum: 26-2-2013 Publicatienummer:

Nadere informatie

5 Opstellen businesscase

5 Opstellen businesscase 5 Opstellen In de voorgaande stappen is een duidelijk beeld verkregen van het beoogde project en de te realiseren baten. De batenboom geeft de beoogde baten in samenhang weer en laat in één oogopslag zien

Nadere informatie

Trendprognose wegverkeer 2015-2020 voor RWS. Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. Jan Francke en Hans Wüst

Trendprognose wegverkeer 2015-2020 voor RWS. Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. Jan Francke en Hans Wüst Trendprognose wegverkeer 2015-2020 voor RWS Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid Jan Francke en Hans Wüst Mei 2015 Het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) maakt analyses van mobiliteit die doorwerken

Nadere informatie

Amsterdam In de peilfilters zijn de grondwaterstanden waargenomen. Dit is met

Amsterdam In de peilfilters zijn de grondwaterstanden waargenomen. Dit is met Aan Contactpersoon Jeroen Ponten Onderwerp Partikulier polderriool in het woonblok 1e Helmersstraat, G. brandtstraat, Overtoom, 2e C. Huygensstraat Doorkiesnummer 020 608 36 36 Fax afdeling 020 608 39

Nadere informatie

Lean & Green duurzame stedelijke distributie

Lean & Green duurzame stedelijke distributie Achtergrond Steeds meer mensen wonen en werken in steden. Dat betekent dat er steeds meer goederen binnen de stadgrenzen vervoerd gaan worden: naar winkels, kantoren en woningen, met retourgoederen die

Nadere informatie

Opbouw strategisch vrachtmodel Vlaanderen versie 4.1.1 Rapport

Opbouw strategisch vrachtmodel Vlaanderen versie 4.1.1 Rapport Opbouw strategisch vrachtmodel Vlaanderen versie 4.1.1 Rapport Departement Mobiliteit en Openbare Werken Verkeerscentrum Anna Bijnsgebouw Lange Kievitstraat 111-113 bus 40 2018 Antwerpen COLOFON Titel

Nadere informatie

Zowel correlatie als regressie meten statistische samenhang Correlatie: geen oorzakelijk verband verondersteld: X Y

Zowel correlatie als regressie meten statistische samenhang Correlatie: geen oorzakelijk verband verondersteld: X Y 1 Regressie analyse Zowel correlatie als regressie meten statistische samenhang Correlatie: geen oorzakelijk verband verondersteld: X Y Regressie: wel een oorzakelijk verband verondersteld: X Y Voorbeeld

Nadere informatie

Is dit de grenswaarde?

Is dit de grenswaarde? Is dit de grenswaarde? Marits Pieters Significance pieters@signifance.nl Gerard de Jong Significance dejong@significance.nl Toon van der Hoorn Dienst Verkeer & Scheepvaart toon.vander.hoorn@rws.nl Bijdrage

Nadere informatie

Resultaten nulalternatief en projectalternatieven

Resultaten nulalternatief en projectalternatieven TNO-rapport 2008-D-R0928/A Mobiliteit en Logistiek Van Mourik Broekmanweg 6 Postbus 49 2600 AA Delft www.tno.nl T +31 15 269 68 98 F +31 15 269 68 54 info-beno@tno.nl Resultaten nulalternatief en projectalternatieven

Nadere informatie

Verkenning beladingsgraad goederenvervoer van 45 naar 65% Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. Jan Francke

Verkenning beladingsgraad goederenvervoer van 45 naar 65% Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. Jan Francke Verkenning beladingsgraad goederenvervoer van 45 naar 65% Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid Jan Francke Mei 2013 Analyses van mobiliteit en mobiliteitsbeleid. Dat is waar het Kennisinstituut voor

Nadere informatie

Op zoek naar de optimale locaties van intermodale terminals Een GIS-analyse voor België

Op zoek naar de optimale locaties van intermodale terminals Een GIS-analyse voor België FACULTEIT WETENSCHAPPEN SAMENVATTING PROEFSCHRIFT Op zoek naar de optimale locaties van intermodale terminals Een GIS-analyse voor België door Yannick NEUTELEERS Promotor: Prof. dr. C. Macharis Co-promotor:

Nadere informatie

Examen H111 Verkeerskunde Basis

Examen H111 Verkeerskunde Basis pagina 1 van 5 Examen H111 Verkeerskunde Basis Katholieke Universiteit Leuven Departement Burgerlijke Bouwkunde Datum: donderdag 30 augustus 2001 Tijd: 8u30 11u30 Instructies: Er zijn 5 vragen; start de

Nadere informatie

3. De bereikbaarheidsindicator

3. De bereikbaarheidsindicator 3. De bereikbaarheidsindicator Achtergrond Het begrip bereikbaarheid leidt nogal eens tot verwarring. Dit komt doordat onderzoekers, beleidsambtenaren en politici het begrip vanuit verschillende invalshoeken

Nadere informatie

Overzicht presentatie. bereikbaarheid: Aanleiding: Duurzaamheidsverkenningen-2. Indicatorenset voor duurzaam ruimtegebruik

Overzicht presentatie. bereikbaarheid: Aanleiding: Duurzaamheidsverkenningen-2. Indicatorenset voor duurzaam ruimtegebruik Overzicht presentatie 1. Duurzaamheidsverkenning Nederland Later Rekenen aan duurzame 2. Rekenenmethodiek duurzame bereikbaarheid bereikbaarheid: 3. Case Toepassen van TIGRIS XL in Nederland Later 4. Resultaten

Nadere informatie

Annemarie van Beek Milieu en Natuurplanbureau Annemarie.van.Beek@mnp.nl Jan Hooghwerff M+P raadgevende ingenieurs JanHooghwerff@mp.

Annemarie van Beek Milieu en Natuurplanbureau Annemarie.van.Beek@mnp.nl Jan Hooghwerff M+P raadgevende ingenieurs JanHooghwerff@mp. 1/8 Annemarie van Beek Milieu en Natuurplanbureau Annemarie.van.Beek@mnp.nl Jan Hooghwerff M+P raadgevende ingenieurs JanHooghwerff@mp.nl Samenvatting Door M+P Raadgevende Ingenieurs is een onderzoek uitgevoerd

Nadere informatie

Deelrapport Luchtkwaliteit Aanvulling

Deelrapport Luchtkwaliteit Aanvulling Deelrapport Luchtkwaliteit Aanvulling Vlaams-Nederlandse Scheldecommissie Postbus 299-4600 AG Bergen op Zoom + 31 (0)164 212 800 nieuwesluisterneuzen@vnsc.eu www.nieuwesluisterneuzen.eu Rapport Vlaams

Nadere informatie

A1-Nederlandin. A37-Nederlandin

A1-Nederlandin. A37-Nederlandin Notitie Referentienummer Datum Kenmerk GM-0146900 13 november 2014 332566 Betreft Onderzoek E233 Green Corridor 1 Aanleiding De Nederlandse gemeenten Emmen en Coevorden zijn betrokken bij het Europese

Nadere informatie

Betrouwbaarheid van OV in verkeersmodellen

Betrouwbaarheid van OV in verkeersmodellen Betrouwbaarheid van OV in verkeersmodellen PLATOS maart 2013 Niels van Oort Robert van Leusden Erik de Romph Ties Brands 2 Inhoud Betrouwbaarheid van OV Relatie met verkeersmodellen Case VRU model Conclusies

Nadere informatie

Dit project is uitgevoerd in opdracht van prof. drs M.H. Meijerink (voorzitter VSNU) en dr B.J. Blaauboer (secretaris onderzoek VSNU).

Dit project is uitgevoerd in opdracht van prof. drs M.H. Meijerink (voorzitter VSNU) en dr B.J. Blaauboer (secretaris onderzoek VSNU). Centrum voor ergiebesparing en chone technologie Oude Delft 180 2611 HH Delft Tel: (015) 2 150 150 Fax: (015) 2 150 151 E-mail: ce@antenna.nl URL: http://antenna.nl/ce 0LOLHXZLQVWRSKHWVSRRU" Synthese van

Nadere informatie

Duurzame Logistiek Rapport 1 e pilot VBZ en NVB

Duurzame Logistiek Rapport 1 e pilot VBZ en NVB Duurzame Logistiek Rapport 1 e pilot VBZ en NVB 1 Duurzame Logistiek Het Innovatieprogramma Duurzame Logistiek, van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, ondersteunt ondernemingsorganisaties bij het

Nadere informatie

De Rotterdamse haven en het achterland. Havenvisie 2030 en achterlandstrategie. Ellen Naaykens

De Rotterdamse haven en het achterland. Havenvisie 2030 en achterlandstrategie. Ellen Naaykens De Rotterdamse haven en het achterland Havenvisie 2030 en achterlandstrategie Ellen Naaykens Havenbedrijf Rotterdam N.V. Movares symposium 29 november 2011 Inhoud Profiel haven Rotterdam Ontwerp Havenvisie

Nadere informatie

Voorburg, 21 januari 197~ Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid SWOV

Voorburg, 21 januari 197~ Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid SWOV CONSULT aan Rijkswaterstaat MOGELIJKE VERMINDERING VAN HET BENZINEVERBRUIK DOOR DE INSTELLING VAN SNELHEIDSBEPERKINGEN R-7~-3 Voorburg, 21 januari 197~ Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid

Nadere informatie

TEN effecten in Den Haag, Duurzaam Dynamisch Verkeersmanagement door integrale afweging van Traffic, Emissie en Noise (TEN) bij inzet van scenario s

TEN effecten in Den Haag, Duurzaam Dynamisch Verkeersmanagement door integrale afweging van Traffic, Emissie en Noise (TEN) bij inzet van scenario s TEN effecten in Den Haag, Duurzaam Dynamisch Verkeersmanagement door integrale afweging van Traffic, Emissie en Noise (TEN) bij inzet van scenario s Tanja Vonk (TNO) Arjen Reijneveld (Gemeente Den Haag)

Nadere informatie

Methodebeschrijving. Centraal Bureau voor de Statistiek. Nieuwbouwwoningen; outputprijsindex bouwkosten, 2010 = 100

Methodebeschrijving. Centraal Bureau voor de Statistiek. Nieuwbouwwoningen; outputprijsindex bouwkosten, 2010 = 100 Methodebeschrijving Nieuwbouwwoningen; outputprijsindex bouwkosten, 2010 = 100 1. Inleiding Dit is een methodebeschrijving van de statistiek Nieuwbouwwoningen; outputprijsindex bouwkosten (O-PINW). De

Nadere informatie

Directe transporteffecten Kanaal Gent-Terneuzen

Directe transporteffecten Kanaal Gent-Terneuzen Van Mourik Broekmanweg 6 Postbus 49 2600 AA Delft TNO-rapport TNO-034-DTM-2010-02624 Directe transporteffecten Kanaal Gent-Terneuzen No-regret onderzoek www.tno.nl T +31 15 276 30 00 F +31 15 276 30 10

Nadere informatie

Samenvatting. (Summary in Dutch)

Samenvatting. (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Door toenemende globalisering zijn internationale productieketens complexer geworden. Productie en consumptie liggen hierdoor verder uit elkaar. Een auto gekocht in Nederland

Nadere informatie

zeeland seaports ...en het belang van het spoor Dick Gilhuis Commercieel Directeur 15 februari 2012

zeeland seaports ...en het belang van het spoor Dick Gilhuis Commercieel Directeur 15 februari 2012 zeeland seaports...en het belang van het spoor Dick Gilhuis Commercieel Directeur 15 februari 2012 Inhoud 1. Overslag 2011 zeevaart 2. Modal split 3. Herkomst en bestemming 4. Spoorinfrastructuur 5. Transittijden

Nadere informatie

Rapportage bijzondere bijstand 2014

Rapportage bijzondere bijstand 2014 Rapport Rapportage bijzondere bijstand 2014 Vinodh Lalta Thomas Slager 30 oktober 2015 CBS Den Haag Henri Faasdreef 312 2492 JP Den Haag Postbus 24500 2490 HA Den Haag +31 70 337 38 00 www.cbs.nl projectnummer

Nadere informatie

Effecten op de koopkracht variant A en variant B Anders Betalen voor Mobiliteit/ ABvM

Effecten op de koopkracht variant A en variant B Anders Betalen voor Mobiliteit/ ABvM Effecten op de koopkracht variant A en variant B Anders Betalen voor Mobiliteit/ ABvM Samenvatting belangrijkste resultaten Op verzoek van V&W heeft SZW een eerste inschatting gemaakt van de koopkrachteffecten

Nadere informatie

Resultaat Toetsing TNO Lean and Green Awards

Resultaat Toetsing TNO Lean and Green Awards ID Naam Koploper Datum toetsing 174 M. Van Happen Transport BV 2-4-2012 Toetsingscriteria 1. Inhoud en breedte besparingen 2. Nulmeting en meetmethode 3. Haalbaarheid minimaal 20% CO2-besparing na 5 jaar

Nadere informatie

Ontwikkeling Marktaandeelmodel Containersector

Ontwikkeling Marktaandeelmodel Containersector Ontwikkeling Marktaandeelmodel Containersector Cliënt: Projectdirectie ontwikkelingsschets Schelde-estuarium ECORYS Transport Prof. dr. Cathy Macharis (Vrije Universiteit Brussel) Dr. Elvira Haezendonck

Nadere informatie

Klant. Pensioen life cycle indicators

Klant. Pensioen life cycle indicators Pensioen life cycle indicators Klant Rapport om een gefundeerde keuze te maken tussen verschillende premiepensioenproducten. Gebaseerd op analyses op het gebied van beleggingsbeleid, duurzaamheid, rendement

Nadere informatie

Bottom-up berekening CO 2. van vrachtauto s en trekkers

Bottom-up berekening CO 2. van vrachtauto s en trekkers Bottom-up berekening CO 2 van vrachtauto s en trekkers Rob Willems Hermine Molnar-in t Veld Nobert Ligterink (TNO) 29-4-2014 gepubliceerd op cbs.nl CBS 2014 Working Paper 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3

Nadere informatie

Effecten van Mobility Mixx voor de BV Nederland

Effecten van Mobility Mixx voor de BV Nederland Effecten van Mobility Mixx voor de BV Nederland Indicatie van het potentieel van Mobility Mixx wanneer toegepast op het gehele Nederlandse bedrijfsleven Notitie Delft, november 2010 Opgesteld door: A.

Nadere informatie

Monte Carlo-analyses waarschijnlijkheids- en nauwkeurigheidsberekeningen van

Monte Carlo-analyses waarschijnlijkheids- en nauwkeurigheidsberekeningen van Waarom gebruiken we Monte Carlo analyses? Bert Brandts Monte Carlo-analyses waarschijnlijkheids- en nauwkeurigheidsberekeningen van gebeurtenissen kunnen een bruikbaar instrument zijn om de post Onvoorzien

Nadere informatie

Verbanden tussen demografische kenmerken, gezondheidsindicatoren en gebruik van logopedie

Verbanden tussen demografische kenmerken, gezondheidsindicatoren en gebruik van logopedie Notitie De vraag naar logopedie datum 24 mei 2016 aan van Marliek Schulte (NVLF) Robert Scholte en Lucy Kok (SEO Economisch Onderzoek) Rapport-nummer 2015-15 Kunnen ontwikkelingen in de samenstelling en

Nadere informatie

Praktijkinstructie Externe transportplanning 3 (CLO12.3/CREBO:50196)

Praktijkinstructie Externe transportplanning 3 (CLO12.3/CREBO:50196) instructie Externe transportplanning 3 (CLO12.3/CREBO:50196) pi.clo12.3.v2 ECABO, 1 september 2003 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd, overgenomen, opgeslagen

Nadere informatie

Build over Water Duurzame distributie van bouwmaterialen

Build over Water Duurzame distributie van bouwmaterialen Build over Water Duurzame distributie van bouwmaterialen Bart Opsomer - Phidan NV Koen Valgaeren - VIM In samenwerking met 2 1 Inleiding 1. Praktijktest watergebonden distributie van gepalletiseerde bouwmaterialen

Nadere informatie

SPSS Introductiecursus. Sanne Hoeks Mattie Lenzen

SPSS Introductiecursus. Sanne Hoeks Mattie Lenzen SPSS Introductiecursus Sanne Hoeks Mattie Lenzen Statistiek, waarom? Doel van het onderzoek om nieuwe feiten van de werkelijkheid vast te stellen door middel van systematisch onderzoek en empirische verzamelen

Nadere informatie

Principe Maken van een Monte Carlo data-set populatie-parameters en standaarddeviaties standaarddeviatie van de bepaling statistische verdeling

Principe Maken van een Monte Carlo data-set populatie-parameters en standaarddeviaties standaarddeviatie van de bepaling statistische verdeling Monte Carlo simulatie In MW\Pharm versie 3.30 is een Monte Carlo simulatie-module toegevoegd. Met behulp van deze Monte Carlo procedure kan onder meer de betrouwbaarheid van de berekeningen van KinPop

Nadere informatie

Watertransport Wegtransport Op- en Overslag VACL

Watertransport Wegtransport Op- en Overslag VACL Full Service Container Logistics Watertransport Wegtransport Op- en Overslag VACL 4-10-2013 Corporate presentatie 2 4-10-2013 Corporate presentatie 3 Watertransport Wegtransport Op- en Overslag VACL MCS.

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Dit proefschrift bestudeert het gebruik van handelskrediet in de rijstmarkten van Tanzania. 18 We richten ons daarbij op drie aspecten. Ten eerste richten we ons op het

Nadere informatie

Gedragsanalyse Experiment Verzekeren per Kilometer

Gedragsanalyse Experiment Verzekeren per Kilometer Gedragsanalyse Experiment Verzekeren per Kilometer Jasper Knockaert mailto:jknockaert@feweb.vu.nl 11 oktober 29 1 Inleiding Het Transumo project Verzekeren per Kilometer onderzoekt de mogelijkheden van

Nadere informatie

Een simpel en robuust spoorsysteem. Naar een koersvaste ontwikkeling op het spoor

Een simpel en robuust spoorsysteem. Naar een koersvaste ontwikkeling op het spoor Een simpel en robuust spoorsysteem Naar een koersvaste ontwikkeling op het spoor Grote groei transport verwacht in de hele Europese Unie Europa staat voor grote uitdagingen op het gebied van transport:

Nadere informatie

Tabel 1 Percentage stemmers Europese Verkiezingen 2014 volgens vier peilingen en echte uitslag

Tabel 1 Percentage stemmers Europese Verkiezingen 2014 volgens vier peilingen en echte uitslag Op zaterdagochtend 24 mei heeft Bureau Louter het bijgevoegde document Uitslag Europese Verkiezingen 2014 volgens Geen Peil opgesteld (zie volgende pagina) en op 25 mei, rond 13.30 uur, verzonden naar

Nadere informatie

Middelen om de supply chain te verduurzamen. Wytze Rauwenhoff Flanders Logistics-consulenten

Middelen om de supply chain te verduurzamen. Wytze Rauwenhoff Flanders Logistics-consulenten Middelen om de supply chain te verduurzamen Wytze Rauwenhoff Flanders Logistics-consulenten Inhoud 1. Voorstelling Flanders Logistics-consulenten Voorstelling project Methodiek 2. Duurzaamheidsverbeteringen

Nadere informatie

Samenvatting Nederlands

Samenvatting Nederlands Samenvatting Nederlands 178 Samenvatting Mis het niet! Incomplete data kan waardevolle informatie bevatten In epidemiologisch onderzoek wordt veel gebruik gemaakt van vragenlijsten om data te verzamelen.

Nadere informatie

Rapportage klanttevredenheidsonderzoek Inclusief vergelijk 2012. Koro Enveloppen & Koro PackVision

Rapportage klanttevredenheidsonderzoek Inclusief vergelijk 2012. Koro Enveloppen & Koro PackVision Rapportage klanttevredenheidsonderzoek Inclusief vergelijk 2012 Opdrachtgever: Uitvoering: Koro Enveloppen & Koro PackVision Tema BV December 2014 1 I N L E I D I N G In 2014 heeft Tema voor de vijfde

Nadere informatie

Evaluatie van de activeringsplicht van oudere werklozen

Evaluatie van de activeringsplicht van oudere werklozen Evaluatie van de activeringsplicht van oudere werklozen Auteur: Joost Bollens 1 Abstract In de loop van mei 2009 werd in Vlaanderen de zogenaamde systematische aanpak van de VDAB (de Vlaamse Dienst voor

Nadere informatie

Opbrengsten van Intelligente en Ondergrondse Logistieke Systemen

Opbrengsten van Intelligente en Ondergrondse Logistieke Systemen TNO-rapport Inro/LOG-úúúúú-06 TNO Inro Opbrengsten van Intelligente en Ondergrondse Logistieke Systemen vorig menu Schoemakerstraat 97 Postbus 6041 2600 JA Delft Telefoon 015 269 68 61 Fax 015 269 68 54

Nadere informatie

Hierbij bieden wij u het rapport Recent developments on the Groningen field in 2015 aan (rapportnummer TNO-2015 R10755, dd. 28 mei 2015).

Hierbij bieden wij u het rapport Recent developments on the Groningen field in 2015 aan (rapportnummer TNO-2015 R10755, dd. 28 mei 2015). Retouradres: Postbus 80015, 3508 TA Utrecht Ministerie van Economische Zaken Directie Energiemarkt T.a.v. de heer P. Jongerius Postbus 20401 2500 EC DEN HAAG 2500EC Princetonlaan 6 3584 CB Utrecht Postbus

Nadere informatie

User Profile Repository Testrapportage kwaliteit

User Profile Repository Testrapportage kwaliteit CatchPlus User Profile Repository Testrapportage kwaliteit Versie 1.1 User Profile Repository Testrapportage kwaliteit Versie: 1.1 Publicatiedatum: 20-4-2012 Vertrouwelijk GridLine B.V., 2012 Pagina 1

Nadere informatie

Trendprognose wegverkeer voor RWS. Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. Jan Francke en Hans Wüst

Trendprognose wegverkeer voor RWS. Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. Jan Francke en Hans Wüst Trendprognose wegverkeer 2016-2021 voor RWS Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid Jan Francke en Hans Wüst Juni 2016 Het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) maakt analyses van mobiliteit die

Nadere informatie

Notitie Wat kost RegioTaxiPlus

Notitie Wat kost RegioTaxiPlus Aan : Het college Van : Robrecht Lentink, afdeling samenleving Betreft : Notitie Wat kost RegioTaxiPlus Datum : 5 april 2012 Notitie Wat kost RegioTaxiPlus ( in relatie tot het Tweede besluit voorzieningen

Nadere informatie

Marktverwachting vervoer gevaarlijke stoffen per spoor Second opinion

Marktverwachting vervoer gevaarlijke stoffen per spoor Second opinion Marktverwachting vervoer gevaarlijke stoffen per spoor Second opinion Jan Francke Jan Anne Annema oktober 2007 Second opinion ProRail studie Marktverwachting vervoer gevaarlijke stoffen per spoor...............................................................................

Nadere informatie

Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review. Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2

Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review. Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2 Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een systematische review Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 2 Toelichting bij de criteria voor het beoordelen van de kwaliteit van een

Nadere informatie

Review CO 2 -studie ZOAB Rasenberg

Review CO 2 -studie ZOAB Rasenberg Review CO 2 -studie ZOAB Rasenberg Notitie Delft, maart 2011 Opgesteld door: M.N. (Maartje) Sevenster M.E. (Marieke) Head 2 Maart 2011 2.403.1 Review CO 2 -studie ZOAB Rasenberg 1 Inleiding Binnen de prestatieladder

Nadere informatie

De Rotterdamse haven en het achterland. Havenvisie 2030 en achterlandstrategie

De Rotterdamse haven en het achterland. Havenvisie 2030 en achterlandstrategie De Rotterdamse haven en het achterland Havenvisie 2030 en achterlandstrategie Ellen Naaykens Havenbedrijf Rotterdam N.V. ALV ELC, Venlo 30 november 2011 Inhoud Profiel haven Rotterdam Ontwerp Havenvisie

Nadere informatie

Big Data toegepast in verkeersmodel regio Rotterdam

Big Data toegepast in verkeersmodel regio Rotterdam Big Data toegepast in verkeersmodel regio Rotterdam de potentie van GSM-data in verkeersmodellen 11 maart 2015 Stefan de Graaf 2 GSM-data een opkomende en veelbelovende databron: Druktebeelden, herkomstanalyses,

Nadere informatie

Structuuronderzoek 22 Samenvatting. De handel in grind, industriezand en aanverwante materialen in Nederland 2004 2013

Structuuronderzoek 22 Samenvatting. De handel in grind, industriezand en aanverwante materialen in Nederland 2004 2013 Structuuronderzoek 22 Samenvatting De handel in grind, industriezand en aanverwante materialen in Nederland 2004 2013 1. Inleiding De Nederlandse Vereniging van Leveranciers van Bouwgrondstoffen "NVLB"

Nadere informatie

Kwaliteitstoets op Quick scan welvaartseffecten Herontwerp Brienenoord en Algeracorridor (HBAC)

Kwaliteitstoets op Quick scan welvaartseffecten Herontwerp Brienenoord en Algeracorridor (HBAC) Kwaliteitstoets op Quick scan welvaartseffecten Herontwerp Brienenoord en Algeracorridor (HBAC) notitie Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid Johan Visser April 2011 Pagina 1 van 9 scenario s en gevoeligheidsanalyse

Nadere informatie

Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt

Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt 1 Aanpak analyse van de loterijmarkt 1. In het kader van de voorgenomen fusie tussen SENS (o.a. Staatsloterij en Miljoenenspel) en SNS

Nadere informatie

Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey

Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey ICOON Paper #1 Ferry Koster December 2015 Inleiding Dit rapport geeft inzicht in de relatie

Nadere informatie

CO2 impact kringloopbedrijven

CO2 impact kringloopbedrijven CO2 impact kringloopbedrijven CO2 besparing gerealiseerd in 2014 door Stichting Aktief Dhr. G. Berndsen Gildenstraat 43 7005 bl Doetinchem Tel. 0314330980 g.berndsen@aktief-groep.nl Samenvatting Met 1

Nadere informatie

CO 2 -uitstoot 2008-2014 gemeente Delft

CO 2 -uitstoot 2008-2014 gemeente Delft CO 2 -uitstoot 28-214 gemeente Delft Notitie Delft, april 215 Opgesteld door: L.M.L. (Lonneke) Wielders C. (Cor) Leguijt 2 April 215 3.F78 CO 2-uitstoot 28-214 1 Woord vooraf In dit rapport worden de tabellen

Nadere informatie

Je bent jong en je wilt wat... minder auto?

Je bent jong en je wilt wat... minder auto? - Je bent jong en je wilt wat... minder auto? Kim Ruijs Significance ruijs@significance.nl Marco Kouwenhoven Significance kouwenhoven@significance.nl Eric Kroes Significance kroes@significance.nl Bijdrage

Nadere informatie

ZO BEPAAL JE VOORRAAD- EN BESTELKOSTEN! Een pragmatische aanpak

ZO BEPAAL JE VOORRAAD- EN BESTELKOSTEN! Een pragmatische aanpak ZO BEPAAL JE VOORRAAD- EN BESTELKOSTEN! Een pragmatische aanpak Ir. Paul Durlinger September 2013 Zo bepaal je voorraad- en bestelkosten! Voorraad- en bestelkosten helpen de onderneming een gefundeerde

Nadere informatie

Fundamental Analyser (Bron: Reuters)

Fundamental Analyser (Bron: Reuters) (Bron: Reuters) Deze informatie is afkomstig van derden in de zin van artikel 24.8 en 24.9 van de Algemene Voorwaarden van BinckBank en is dus niet afkomstig van BinckBank. Deze informatie is indicatief

Nadere informatie

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers ummery amenvatting Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers 207 Algemene introductie Werkgerelateerde arm-, schouder- en nekklachten zijn al eeuwen

Nadere informatie

Graphical modelling voor Mediastudies Data

Graphical modelling voor Mediastudies Data Graphical modelling voor Mediastudies Data De analyse Alle analyses zijn gedaan met MIM, een analyseprogramma ontworpen voor graphical modelling (Versie 3.2.07, Edwards,1990,1995). Modellen zijn verkregen

Nadere informatie

(Bijdragenr. 82) Dynamisch voetgangersmodel

(Bijdragenr. 82) Dynamisch voetgangersmodel (Bijdragenr. 82) Dynamisch voetgangersmodel Willem J. Mak Teun Immerman (Vialis bv) 1. Waarom voetgangersmodellen Door de komst van de microsimulatiemodellen is het al een aantal jaren mogelijk om complexe

Nadere informatie

Modal shift en de rule of half in de kosten-batenanalyse

Modal shift en de rule of half in de kosten-batenanalyse Modal shift en de rule of half in de kosten-batenanalyse Sytze Rienstra en Jan van Donkelaar, 15 januari 2010 Er is de laatste tijd bij de beoordeling van projecten voor de binnenvaart veel discussie over

Nadere informatie