SV begrippen leerjaar 2 vwo SPREKEND VERLEDEN DEEL 2 BEGRIPPEN

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "SV begrippen leerjaar 2 vwo SPREKEND VERLEDEN DEEL 2 BEGRIPPEN"

Transcriptie

1 SPREKEND VERLEDEN DEEL 2 BEGRIPPEN HOOFDSTUK 1 EEN NIEUWE TIJD BEGINT Begrippen die je al gehad hebt en voor dit hoofdstuk ook nodig hebt: klassieke cultuur, regering, bestuur, monarchie, christendom, ketter, kolonie, staat, kerk en staat, economie, standensamenleving Nieuwe tijd Periode in de geschiedenis van West-Europa van ± ±1800. Nieuw zijn: Renaissance, splitsing in het christendom (katholiekprotestant), ontdekkings-reizen, wetenschappelijke revolutie, Verlichting, grondwetten, industriële revolutie. Mensbeeld Wereldbeeld Renaissance Memento mori Carpe diem Anatomie De mening die iemand of die een groep mensen heeft over de plaats van mensen in de wereld, wie/wat ze zijn, hoe ze zich zouden moeten gedragen e.d. Voorbeeld: Leeft een mens bv om te genieten van iedere dag leven, of leeft die om zich voor te bereiden op doodgaan en wat daarna komt. 1-De denkbeelden die iemand heeft over de vorm van de wereld. Lang hebben mensen gedacht dat de wereld een platte schijf was. In de tijd van de ontdekkingsreizen werd duidelijk dat de aarde een bol is. 2-De mening die iemand heeft over de vraag of en indien ja in hoeverre God invloed heeft in de wereld waarin wij leven. Letterlijk: wedergeboorte. Periode tussen ± ± 1600 waarin kunstenaars en onderzoekers in Italië en later West-Europa zich lieten inspireren door de Klassieke Cultuur. Nieuw mensbeeld: Minder memento mori en meer carpe diem. De term waarmee het mensbeeld van de ME wordt samengevat Zorg er voor dat je leeft volgens de regels van de christelijke kerk en naar de paus en priesters luistert. Dan volg je de wil van God en zul je met een gerust hart kunnen sterven en naar de hemel gaan. De term waarmee het mensbeeld van de Renaissance wordt samengevat. Letterlijk: pluk de dag = probeer te genieten van iedere dag die je leeft. De wetenschap die onderzoekt hoe alles in een organisme, en dus ook in mensen, in elkaar zit en werkt.

2 Ontdekkingsreizen SV begrippen leerjaar 2 vwo Europeanen gaan vanaf ± 1420 de wereld verkennen, de wereld in kaart brengen, kolonies stichten, wereldwijd handelen in mensen en goederen. Rond 1500 ontdekking Amerika en zeeweg naar Azië om Afrika. Er begint een wereldeconomie tot ontwikkeling te komen. Handelskapitalisme Kolonialisme Scheiding kerk-staat Absolutisme Droit divin Renaissancehumanisten (± 1500) Hervorming of Reformatie Protestantisme Celibaat Veel kapitaal = geld verdienen door producten zo goedkoop mogelijk in te kopen en met zoveel mogelijk winst weer te verkopen. Een groep mensen werd vooral rijk door handel in producten uit de nieuw ontdekte gebieden. Het streven van landen om buiten hun eigen land gebieden te veroveren en daar de baas te gaan spelen. Een regering bemoeit zich niet rechtstreeks met de gang van zaken in een kerk en een kerk bemoeit zich niet rechtstreeks met hoe een regering zaken regelt. Een land heeft een koning of vorst die probeert zo veel mogelijk in zijn eentje te beslissen en die vindt dat hij alleen maar aan God verantwoording af hoeft te leggen en niet aan de onderdanen. De opvatting dat een koning door Gods wil koning is geworden en dat de koning daarom voor alles wat hij doet alleen aan God verantwoording moet afleggen en niet aan onderdanen. Geleerden die op grond van eigen onderzoek van de bronnen van het christelijk geloof (de bijbel dus) voorstellen deden om de praktijk van de christelijke kerk te verbeteren. Het oprichten van nieuwe kerkgenootschappen rond 1530 vanwege ontevredenheid over de gang van zaken in het bestaande christendom/de katholieke kerk. Zo ontstaan o.a. Lutheranisme, Calvinisme, Anglicanisme. De opvattingen van de Hervorming. De belangrijkste is: de bijbel is het woord van God, iedere christen moet zelf die bron lezen en zo tot geloof komen. Over gewoontes en gebruiken die niet in de Bijbel voorkomen zijn protestanten kritisch B.v. de paus en geestelijken zijn niet of minder van belang. Kiezen voor een leven zonder seks. Zo kun je bijv. je beter concentreren op leven in dienst van God en zijn kerk.

3 Sacrament Calvinisme Contra-reformatie Inquisitie SV begrippen leerjaar 2 vwo Gewijde handelingen in de christelijke kerk die teruggaan op uitspraken of handelingen van Jezus tijdens zijn leven. Sacramenten kunnen alleen worden uitgevoerd of toegediend door gewijde geestelijken. Bijv. doopsel, huwelijk, sacrament der stervenden. De leer van Calvijn. Een belangrijk onderdeel was: mensen hebben het recht in verzet te komen tegen een vorst als die volgens hen Gods geboden zoals die in de Bijbel staan ernstig overtreedt. Mede daarom kwamen mensen in de Nederlanden in opstand tegen Philips II, Heer van de Nederlanden en koning van Spanje. De acties van de katholieke kerk tussen ± 1650 en ±1750 om de hervorming terug te dringen en het katholicisme te versterken. Rechtbank van de katholieke kerk tegen ketters martelen, brandst.

4 HOOFDSTUK 2 WETENSCHAPPELIJKE REVOLUTIE, VERLICHTING EN FRANSE REVOLUTIE Begrippen die je al gehad hebt en voor dit hoofdstuk ook moet kennen: Bestuur, regering, monarchie, absolutisme, standensamenleving, Wetenschappelijke methode Wetenschappelijke revolutie Verlichting Rationalisme De Encyclopédie Censuur Bourgeoisie Een heleboel afspraken over hoe je moet onderzoeken. De basis is observeren en/of experimenteren en vervolgens beredeneren en conclusies trekken. Alles wat je doet moet je goed beschrijven, zodat voor ieder ander controleerbaar is wat je gedaan hebt. De periode tussen waarin de wetenschappelijke methode steeds meer standaard wordt. Voorbeelden: bewijzen hoe de bloedsomloop werkt, dat er bacteriën zijn, dat er zwaartekracht bestaat, dat je stoom kunt omzetten in kracht en beweging, onderzoeken hoe je de samenleving bestuurt. Een nieuwe manier van denken uit de 18 de eeuw. Het nieuwe was: onze mening is dat ieder mens in principe vrij en gelijk is geen absolutisme meer, geen standensamenleving meer, grondrechten voor ieder mens iedereen is voor de wet gelijk, de inwoners van een land beslissen via gekozen vertegenwoordigers welke regels/wetten er moeten zijn, de regering voert die wetten uit en de gekozen vertegenwoordigers controleren of de regering de wetten/regels goed uitvoert. Deze gedachten worden nu in veel landen als basis genomen. Term die vaak wordt gebruikt in plaats van Verlichting. Komt van Latijnse ratio = verstand. Een reeks boeken uit de 2 de helft van de 18 e eeuw waarin de resultaten van de wetenschappelijke revolutie en de opvattingen van de Verlichting worden beschreven. Dit boek overtuigde veel mensen van nieuwe gedachten over hoe een rechtvaardige samenleving er uit zou moeten zien. Er is een instantie die je kan verbieden om iets aan anderen bekend te maken of te laten zien in een boek, op tv, in een film, op de radio, via internet enz. De sociale laag in de 18 e en 19 de eeuw van burgers met veel bezit of een goede opleiding zoals bankiers, kooplieden, fabriekseigenaren, juristen. Zij wilden dat hun sociale laag meer invloed en macht kreeg. Uit hun groep kwam, niet toevallig, de Verlichting. Ancien régime De naam voor de wijze waarop Frankrijk werd bestuurd vanaf ± 1650 tot de Franse revolutie absolutisme/standensamenleving.

5 Franse revolutie Een revolutie in Frankrijk in de jaren , waarbij voor het eerst in Europa werd geprobeerd de gedachten van de Verlichting in een grondwet vast te leggen. Democratische revolutie Grondwet of constitutie Constitutioneel Grondrechten of burgerrechten Staatsburgerschap Machtenscheiding Wetgevende macht Uitvoerende macht Die voltrok zich bij het ontstaan van de Verenigde Staten en bij de Franse revolutie, rond Burgers kregen burgerrechten en kregen op papier beslissende invloed op wie hen bestuurde en hoe ze bestuurd werden. Een document waarin de hoofdregels staan voor wie wat heeft te zeggen in een land: welke rechten en plichten hebben de mensen die een land besturen, welke rechten en plichten hebben de burgers. Grondwettelijk. Basisrechten voor elke burger die zijn vastgelegd in een grondwet. Bijv. ieder mens is bij de toepassing van de wet gelijk, vrijheid van godsdienst, vrijheid van mening, vrijheid om een vereniging op te richten, vrijheid van drukpers. Iedere staat legt vast aan welke voorwaarden je moet voldoen om erkend te worden als staatsburger van een land met alle (burger)rechten die daar bij horen. In de grondwet van een land vastleggen dat er 3 gescheiden machten ofwel 3 verantwoordelijke groepen zijn om een land zo eerlijk mogelijk te kunnen besturen. Iemand mag maar in één macht tegelijk een functie hebben. De 3 gescheiden machten zijn: de wetgevende, de uitvoerende en de rechterlijke macht. In een echte democratie heb je machtenscheiding. Een groep mensen die over nieuwe wetten beslist: de wetgevende macht. In een democratie moet die liggen bij de burgers van een land of bij de vertegenwoordigers die ze kiezen. Een groep mensen die de wetten die zijn aangenomen door de wetgevende macht gaat uitvoeren: de uitvoerende macht. Die ligt bij een regering; die moet aan de wetgevende macht vertellen wat ze doet en hoe ze iets doet, en de wetgevende macht moet dat goed genoeg vinden. Anders moet er een nieuwe regering komen.

6 Rechtsprekende of rechterlijke macht Parlement Code Napoléon SV begrippen leerjaar 2 vwo Een groep vakmensen die beoordeelt of mensen zich wel of niet aan de wetten houden: de rechterlijke macht. Als de rechterlijke macht tot de conclusie komt dat overtreding van de wet bewezen is, dan doet ze een uitspraak wat er moet gebeuren: boete, vrijheidsstraf, vrijlaten enz. Volksvertegenwoordiging. De inwoners van een land kiezen uit kandidaten van politieke partijen vertegenwoordigers. Deze vertegenwoordigers krijgen de wetgevende macht en controleren de uitvoerende macht. Een wetboek dat door de verovering door Napoleon van grote delen van Europa overal bekend werd. Onderdelen zijn: Iedereen gelijk voor de wet zonder onderscheid, geen straf zonder een uitspraak van een rechter, invoeren van burgerlijke stand en vastleggen van een huwelijk(scontract) door de overheid. HOOFDSTUK 3 INDUSTRIALISATIE EN ISMEN Begrippen die je al gehad hebt en voor dit hoofdstuk ook moet kennen: middel van bestaan, economie, cultuur, kolonie, koloniseren. Industriële revolutie De periode tussen ± ±1914 waarin in West-Europa en Noord- Amerika werken in fabrieken met machines voor steeds meer mensen het belangrijkste middel van bestaan werd; landbouw was niet langer voor de meeste mensen hét middel van bestaan zoals dat sinds 3000 vc. het geval was geweest. Industriële samenleving Productiemiddelen Kapitaal Kapitalist Kapitalisme Een samenleving waarin 1) producten steeds meer met machines in fabrieken worden gemaakt en 2) de meeste mensen in steden wonen of in verstedelijkte gebieden. Alle middelen die je nodig hebt om iets te kunnen produceren: 1) Natuur grond en grondstoffen, 2) kapitaal = geld en 3) arbeid. Het geld dat je nodig hebt voor het kopen van grond en/of grondstoffen en/of gereedschappen of machines en/of gebouwen voor werkplaats, fabriek, kantoor e.d. Iemand die kapitaal heeft en dat gebruikt om te investeren in grond enz. met de bedoeling winst te maken zodat hij/zij nog meer kapitaal krijgt enz. Het is in een land zo geregeld dat in principe alle grond en alle bedrijven (met alles wat bij die bedrijven hoort) privé-eigendom zijn van kapitalisten/ondernemers en dus ook de winst die zij maken of de verliezen die ze lijden. Kapitalisme is een economisch systeem waarin de opvattingen van het liberalisme op economisch gebied in praktijk worden gebracht.

7 Naamloze Vennootschap Dienstensector Vakvereniging of vakbond Socialisme Een bedrijf dat eigendom is van een aantal kapitalisten samen. Ieder van hen heeft kapitaal geïnvesteerd door (aan)delen van het bedrijf te kopen. Alle bedrijvigheid waarin mensen hun inkomen niet verdienen met het maken van goederen maar met het verlenen van diensten aan anderen. Bijv. onderwijs, verzekeringen, banken, ziekenhuizen, winkels, ambtenaren, vervoer. Een vereniging van arbeiders die werken in eenzelfde soort beroep, bijv. de metaal, de bouw, onderwijs. Een vakvereniging komt op voor salaris, werktijden, werkomstandigheden, regels voor ontslag, regels bij ziekte enz. Een verzamelnaam voor allerlei politieke stromingen en bewegingen die streven naar een maatschappijvorm die is gebaseerd op gelijkheid, sociale rechtvaardigheid en solidariteit tussen alle leden van een samenleving. Marxisme Communisme of communistische samenleving Sociaal-democratie Een van de stromingen binnen het socialisme. De opvattingen van Karl Marx (±1850) zijn: tot nu toe is er altijd en overal een heersende klasse (adel, geestelijkheid en nu kapitalisten) die de rest voor zich laten werken en in hun greep houden. Marx verwacht dat de arbeiders van zijn tijd, het proletariaat, dat niet langer zullen pikken, de macht zullen grijpen, de kapitalisten en het kapitalisme vernietigen en een nieuwe samenleving gaan organiseren: een communistische samenleving. Een samenleving die via een revolutie tot stand komt. Een kleine groep revolutionairen grijpt met geweld de macht. Hoofdkenmerken: Economisch: alle productiemiddelen (natuur, kapitaal, arbeid) zijn gezamenlijk bezit. Er is dus geen privé-eigendom meer en er is geen heersende en uitbuitende klasse meer. Politiek: Door gezamenlijk bezit is er nog maar één klasse en hebben mensen alleen nog één gezamenlijk belang. Daarom is er ook nog maar één politieke partij nodig, de communistische. Die waakt over het gezamenlijk belang en straft mensen die daar volgens de communisten anders over denken. Socialisten die via vertegenwoordigers in het parlement, en dus langs democratische weg, streven naar een samenleving met meer gelijkheid, meer sociale rechtvaardigheid en meer solidariteit.

8 Liberalisme Conservatisme Natie Nationalisme Zelfbeschikkingsrecht Volkssoevereiniteit (Modern) imperialisme SV begrippen leerjaar 2 vwo Een stroming die zoveel mogelijkheid vrijheid wil voor ieder individu op politiek, op economisch, op sociaal, op godsdienstig gebied. De taak van de overheid is die vrijheid beschermen en bewaken. Politiek betekent dit: burgers moeten beslissende invloed hebben op wetten. Economisch betekent dit: kapitalisme en vrijhandel. Als je denkt dat vroeger veel dingen beter waren en dat je die wilt vasthouden of daar naar terug wilt. Een groep mensen met een gemeenschappelijk verleden in taal en cultuur. Daardoor is er een gevoel van saamhorigheid. 1-Als een natie streeft naar de vorming van een eigen staat voor die natie. 2-Als een bepaald land vooral naar zijn eigen belang kijkt waar andere landen zonodig maar voor opzij moeten gaan of worden gezet. Iedere natie/ieder volk heeft het recht om een eigen staat te vormen. Ieder volk of iedere natie moet het recht hebben zijn eigen bestuursvorm te kiezen. In de periode ± ±1914 veroveren vooral West-Europese landen grote delen van Afrika en Zuid-Azië en maken daar kolonies van. Feminisme Sociale wetten CAO Het streven van vooral vrouwen om die in alle opzichten gelijke rechten te geven als mannen in de politiek, recht op werk, recht op onderwijs, recht op gelijk loon, als (huwelijks)partner. Wetten die mensen bescherming bieden bij ziekte, ontslag, arbeidsongeschiktheid, leeftijd waarop je betaald mag werken enz. Collectieve ArbeidsOvereenkomst. Een overeenkomst waarin voor alle werknemers in een bepaald beroep de lonen, werktijden, vakantie, overwerkvergoeding, scholing enz. wordt vastgelegd. Alle werkgevers en werknemers in dat beroep zijn verplicht zich daaraan te houden.

9 HOOFDSTUK 4 DE NEDERLANDEN: VAN REPUBLIEK TOT PARLEMENTAIRE DEMOCRATIE Begrippen die je al gehad hebt en voor dit hoofdstuk ook moet kennen: Verlichting, Code Napoleon, grondwet, parlement, monarchie, democratie, grondrechten, machtenscheiding, socialisme, liberalisme De Nederlanden Gewesten Gewestelijke Statenvergadering Staten-Generaal tot 1581 Stadhouder Tussen ± 1470 en 1581 de naam voor 17 gewesten in het gebied waarin nu ongeveer Nederland, België en Luxemburg liggen. Deze 17 gewesten hadden in deze periode allemaal dezelfde landsheer gekregen Karel V en na hem Philips II. Delen van De Nederlanden die wel een landsheer hadden, maar ook een eigen bestuur, eigen rechtspraak en eigen belastingheffing. Bijv. Holland, Zeeland, Brabant, Vlaanderen. De vergadering van afgevaardigden van adel, geestelijkheid en steden in ieder van de 17 gewesten. Daar namen ze besluiten voor hun gewest. De vergadering van afgevaardigden uit alle 17 gewesten. De landsheer organiseerde deze vergadering met name als hij geld nodig had voor de Nederlanden. Hij had de gewesten dan nodig omdat die allemaal zelf hun belastingen regelden. 1-Eerst een soort uitkijkpost in ieder gewest namens de landsheer van de Nederlanden. De stadhouder was ook de legeraanvoerder van de soldaten in een gewest. 2-In de tijd van De Republiek een militaire bevelhebber met veel invloed. De stadhouders kwamen toen uit de familie Oranje Nassau. Karel V Landsheer over De Nederlanden van Philips II Landsheer over De Nederlanden van Vader des Vaderlants De Opstand of De 80-jarige oorlog Acte of Plakkaat van Verlatinge 1581 Willem van Oranje. Omdat hij van leiding gaf aan De Opstand die uiteindelijk leidde tot onafhankelijkheid wordt hij beschouwd als de grondlegger van Nederland. De Opstand van de Nederlanden tegen landsheer Philips II en zijn opvolgers van De verklaring van 7 noordelijke Nederlandse gewesten dat zij Philips II niet langer erkenden als hun wettige landsheer.

10 De Republiek of de Republiek der (7) Verenigde Nederl. Staten Generaal Vrede van Münster Regenten Raadspensionaris Gouden Eeuw SV begrippen leerjaar 2 vwo De republiek die ontstond in 1588 en bleef bestaan tot Bestond uit 7 noordelijke gewesten + de Generaliteitslanden Zeeland, Brabant en Limburg. Vergadering van afgevaardigden van de 7 gewesten die samen De Republiek vormden. Zij overlegden over buitenlandse zaken, oorlog en de belasting die nodig was om leger en vloot te betalen. Gesloten in Einde van de 80-jarige oorlog. Vrede tussen De Republiek en Spanje. Spanje en alle andere Europese landen erkennen De Republiek die in feite al bestond sinds De kleine groep families die in De Republiek overal alle macht had. Een regent die de leiding had over de dagelijkse gang van zaken in met name het gewest Holland. De bekendste zijn Oldenbarnevelt en Johan de Witt. De bloeiperiode van De Republiek in de 17 de eeuw. De handel leidde tot rijkdom, rijkdom leidde tot bloei van de schilderkunst, de wetenschap, uitgeven van boeken. VOC Verenigde Oostindische Compagnie, opgericht Een handelsvereniging van Hollandse en Zeeuwse steden die vooral specerijen haalde uit het Verre Oosten en die met veel winst verkocht. Niemand anders mocht in Nederlands-Indië handel drijven. WIC Patriotten Prinsgezinden Bataafse Republiek Franse Tijd Verenigde WestIndische Compagnie. Een handelsvereniging die zich bezig hield met kaapvaart, slavenhandel en handel in goederen als bont, koffie, cacao, suiker en tabak. Een groep burgers die onder invloed van de Verlichting na 1770 de macht van regenten en van stadhouders wilde afbreken en burgers meer invloed wilde geven. De aanhangers van de stadhouders uit de familie Oranje Nassau die de Oranjes meer macht wilden geven. Zij stonden tegenover de Patriotten De patriotten waren met hulp van Franse legers aan de macht gekomen en voerden een grondwet in De Fransen waren in Nederland de baas. Nederland raakte gewend aan centraal bestuur. Er kwam burgerlijke stand, dezelfde maten en gewichten, dienstplicht, Code Napoleon, belasting voor het land als geheel.

11 Koninkrijk der Verenigde Nederlanden Koninkrijk der Nederlanden Staten Generaal nu Belgische Opstand /1839. Koninkrijk dat bestond uit het tegenwoordige Nederland en België nu. De naam voor de volksvertegenwoordiging in Nederland. Deze bestaat uit 2 Kamers, de 2 de Kamer en de 1 e Kamer of Senaat. De Belgen wilden vanaf 1830 geen onderdeel meer zijn van het Koninkrijk der Nederlanden. In 1839 ontstond het koninkrijk België Grondwetswijziging o.l.v. Thorbecke. Daardoor werd Nederland een parlementaire monarchie en een parlementaire democratie. Rechtsstaat Censuskiesrecht Confessionele partijen Bijzondere scholen Openbare scholen Schoolstrijd Een staat met een grondwet, met grondrechten voor iedere inwoner, met een overheid die al zijn daden baseert op wetten, met onafhankelijke rechters die recht spreken op basis van wat in de wetten staat. Je hebt kiesrecht als je (genoeg) census = belasting betaalt. In NL heeft dit bestaan vanaf ± 1800 tot Politieke partijen die hun politieke standpunten baseren op een godsdienstige overtuiging. Bijv. katholiek, protestant, islamitisch. Scholen die door aanhangers van een bepaald geloof worden opgericht om hun kinderen onderwijs te laten volgen dat steeds hun godsdienstige overtuiging volgt en waar de kinderen ook les krijgen in de leer van hun geloof. Scholen die door de overheid worden opgericht. Aandacht voor een geloof staat niet op het rooster vanwege de opvatting dat iemands godsdienstige overtuiging zijn eigen verantwoordelijkheid is en niet die van de overheid. Een politieke strijd over de vraag of vrijheid van godsdienst ook tot gevolg mag hebben dat de overheid scholen op godsdienstige grondslag betaalt zoals ze openbare scholen betaalt. In Nederland was na 40 jaar in 1917 de uitkomst dat de overheid scholen op godsdienstige grondslag even veel ging betalen als openbare scholen.

12 HOOFDSTUK 6 DE VERENIGDE STATEN WORDEN EEN WERELDMACHT Begrippen die je al gehad hebt en voor dit hoofdstuk ook moet kennen: machtenscheiding, wetgevende macht, uitvoerende macht, rechterlijke macht, grondrechten of burgerrechten Congres De naam voor de volksvertegenwoordiging in de V.S. In de V.S. bestaat die uit twee Kamers. 1-Het Huis van Afgevaardigden met vertegenwoordigers van de inwoners van iedere deelstaat op basis van het inwoneraantal. 2-De Senaat met voor iedere deelstaat 2 vertegenwoordigers. Huis van Afgevaardigden en Senaat hebben de wetgevende macht. Capitool of Capitol Hill Witte Huis Federale regering Presidentiële democratie Hooggerechtshof Check and balances Het gebouw waarin het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden en de Amerikaanse Senaat vergaderen. De ambtswoning van de president van de V.S. De regering voor de Verenigde Staten als geheel, voor alle 50 staten samen. De V.S. hebben een democratie waarin de president zeer veel invloed heeft. Hij is staatshoofd, regeringsleider, opperbevelhebber van alle strijdkrachten en hij heeft een beperkt vetorecht. De president geeft leiding aan de uitvoerende macht. De hoogste rechtbank in de V.S. die vooral tot taak heeft om te controleren of wetten van de V.S. of van een deelstaat wel of niet in strijd zijn met de Amerikaanse grondwet. Het Hooggerechtshof heeft de hoogste rechterlijke macht. De Amerikaanse naam voor de scheiding van de drie machten. De drie machten kunnen elkaar controleren en houden elkaar in evenwicht. Aantal H. 6 De Verenigde Staten worden een wereldmacht: 7 Totaal leerjaar 2: 99

GROTE-LIJN-OVERZICHT VAN TIJDVAKKEN BEHANDELD IN LEERJAAR 1

GROTE-LIJN-OVERZICHT VAN TIJDVAKKEN BEHANDELD IN LEERJAAR 1 GROTE-LIJN-OVERZICHT VAN TIJDVAKKEN BEHANDELD IN LEERJAAR 1 Tijdvak Jagers en boeren; van de eerste mensen 3000 v. C. prehistorie; van de eerste mensen - 3000 v.c. Samenlevingstype: eerst jagers/verzamelaars,

Nadere informatie

GESCHIEDENISWERKPLAATS DEEL 2 VWO BEGRIPPEN HOOFDSTUK 1 RENAISSANCE EN OPSTAND

GESCHIEDENISWERKPLAATS DEEL 2 VWO BEGRIPPEN HOOFDSTUK 1 RENAISSANCE EN OPSTAND GESCHIEDENISWERKPLAATS DEEL 2 VWO BEGRIPPEN HOOFDSTUK 1 RENAISSANCE EN OPSTAND TIJDVAK: ONTDEKKERS EN HERVORMERS 1500-1600 PERIODE: VROEGMODERNE TIJD 1500-1800 TYPE SAMENLEVING: LANDBOUW-STEDELIJKE SAMENLEVING

Nadere informatie

Tijd van regenten en vorsten 1600 1700. 6.2 Wie heeft de macht? Deel 2. Wie hadden in de Republiek, in Frankrijk en in Engeland de politieke macht?

Tijd van regenten en vorsten 1600 1700. 6.2 Wie heeft de macht? Deel 2. Wie hadden in de Republiek, in Frankrijk en in Engeland de politieke macht? Onderzoeksvraag: Wie hadden in de Republiek, in Frankrijk en in Engeland de politieke macht? Kenmerkende aspect: Het streven van vorsten naar absolute macht. De bijzondere plaats in staatskundig opzicht

Nadere informatie

Ontstaan van de Gouden Eeuw (1588-1648)

Ontstaan van de Gouden Eeuw (1588-1648) 1 Ontstaan van de Gouden Eeuw (1588-1648) H!to"sche context Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1515-1648 meneervanempel.nl 2 Hoofdvraag Waardoor ontstond in de Republiek de Gouden Eeuw, 1588-1648?

Nadere informatie

Tijd van jagers en boeren? 3000 v. Chr. Prehistorie. Kenmerkende aspecten. Begrippen

Tijd van jagers en boeren? 3000 v. Chr. Prehistorie. Kenmerkende aspecten. Begrippen Tijd van jagers en boeren? 3000 v. Chr. Prehistorie 1. De levenswijze van jager-verzamelaars. 2. Het ontstaan van landbouw en landbouwsamenlevingen. 3. Het ontstaan van de eerste stedelijke gemeenschappen.

Nadere informatie

SO 2 Tijdvak I AVONDMAVO 2012-2013. Staat en Natie. Dit SO bestaat uit 37 vragen. 29 openvragen en 8 meerkeuze vragen.

SO 2 Tijdvak I AVONDMAVO 2012-2013. Staat en Natie. Dit SO bestaat uit 37 vragen. 29 openvragen en 8 meerkeuze vragen. SO 2 Tijdvak I AVONDMAVO 2012-2013 Staat en Natie Dit SO bestaat uit 37 vragen. 29 openvragen en 8 meerkeuze vragen. In de 17 e en de 18 e eeuw ontstond er in Europa een politieke en filosofische stroming,

Nadere informatie

MEMO BEGRIPPEN LEERJAAR 1 HOOFDSTUK 1 DE GROTE LIJN

MEMO BEGRIPPEN LEERJAAR 1 HOOFDSTUK 1 DE GROTE LIJN MEMO BEGRIPPEN LEERJAAR 1 HOOFDSTUK 1 DE GROTE LIJN Geschiedenis of Historie Prehistorie Bronnen Historische canon Historische indeling Het vak dat zich bezig houdt met: 1)wat mensen in het verleden hebben

Nadere informatie

TIJDVAK 7 Bepoederde pruiken, bruisende ideeën

TIJDVAK 7 Bepoederde pruiken, bruisende ideeën TIJDVAK 7 Bepoederde pruiken, bruisende ideeën Bepoederde pruiken, bruisende ideeën Tijd van Pruiken en Revoluties 1700-1800 Vroegmoderne Tijd Kenmerkende aspecten Uitbouw van de Europese overheersing,

Nadere informatie

Toetsvragen Geschiedenis toelating Pabo. Tijdvak 7 Toetsvragen

Toetsvragen Geschiedenis toelating Pabo. Tijdvak 7 Toetsvragen Tijdvak 7 Toetsvragen 1 In de Tijd van Pruiken en Revoluties hielden kooplieden uit de Republiek zich bezig met de zogenaamde driehoekshandel. Tussen welke gebieden vond deze driehoekshandel plaats? A

Nadere informatie

Tijd van ontdekkers en hervormers (1500 1600) / Renaissance

Tijd van ontdekkers en hervormers (1500 1600) / Renaissance Tijdvakken Tijd van ontdekkers en hervormers (1500 1600) / Renaissance K.A. * Het begin van de Europese overzeese expansie * Het veranderende mens- en wereldbeeld van de Renaissance en het begin van een

Nadere informatie

Rijksuniversiteit Groningen Nameting kennis en argumentatie

Rijksuniversiteit Groningen Nameting kennis en argumentatie Rijksuniversiteit Groningen Nameting kennis en argumentatie Instructie onderdeel kennis: Hieronder staan 22 vragen over tijdvak 6 en 7. Probeer de vragen zo goed mogelijk te beantwoorden. Omcirkel met

Nadere informatie

DE DEMOCRATIE-INDEX GROEP 1: 1815-1848. 3. Hebben alle partijen min of meer gelijke kansen in de campagneperiode?

DE DEMOCRATIE-INDEX GROEP 1: 1815-1848. 3. Hebben alle partijen min of meer gelijke kansen in de campagneperiode? DE DEMOCRATIE-INDEX GROEP 1: 1815-1848 ACHTERGRONDINFORMATIE PERIODE 1815-1848 DE EERSTE JAREN VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN Tussen 1795 en 1813 was Nederland overheerst geweest door de Fransen. In

Nadere informatie

Noord-Nederlandse gewesten. Smeekschift

Noord-Nederlandse gewesten. Smeekschift Habsburgs gezag Vanaf dat moment stonden de zuidelijke Nederlanden onder Habsburgs gezag. Noord-Nederlandse gewesten Door vererving en verovering vielen vanaf dat moment ook alle Noord- Nederlandse gewesten

Nadere informatie

8*. Na de dood van Karel de Grote werd de eerste grondslag gelegd voor Grenzen in Europa. Leg uit.

8*. Na de dood van Karel de Grote werd de eerste grondslag gelegd voor Grenzen in Europa. Leg uit. Gebruik bron 1 en 2 In 1897 werd in de venen bij Yde het lijk van een ongeveer zestienjarig meisje gevonden. Deze vondst gaf aanleiding tot twee voorlopige conclusies over de leefwijze van het volk waartoe

Nadere informatie

Samenvatting geschiedenistoets hoofdstuk 6: Een tijd van revoluties

Samenvatting geschiedenistoets hoofdstuk 6: Een tijd van revoluties Samenvatting geschiedenistoets hoofdstuk 6: Een tijd van revoluties Dit hoofdstuk gaat over opstand in Amerika, Frankrijk en Nederland. Deze opstanden noemen we revoluties. Opstand in Amerika (1775). De

Nadere informatie

Tijd van burgers en stoommachines 1800 1900. 8.6 Emancipatie en democratisering. Onderzoeksvraag: Hoe werd de politiek gedemocratiseerd?

Tijd van burgers en stoommachines 1800 1900. 8.6 Emancipatie en democratisering. Onderzoeksvraag: Hoe werd de politiek gedemocratiseerd? Onderzoeksvraag: Hoe werd de politiek gedemocratiseerd? Kenmerkende aspecten: * Voortschrijdende democratisering, met deelname van steeds meer mannen en vrouwen aan het politiek proces. * De opkomst van

Nadere informatie

Geschiedenis kwartet Tijd van jagers en boeren

Geschiedenis kwartet Tijd van jagers en boeren Geschiedenis kwartet jagers en boeren jagers en boeren jagers en boeren Reusachtige stenen die door mensen op elkaar gelegd zijn. Zo maakten ze een begraafplaats. * Hunebedden * Drenthe * Trechterbekers

Nadere informatie

Landenspel. Duur: 30 minuten. Wat doet u?

Landenspel. Duur: 30 minuten. Wat doet u? Landenspel Korte omschrijving werkvorm: In deze opdracht wordt de klas verdeeld in vijf groepen. Iedere groep krijgt een omschrijving van een land en een instructie van de opdracht. In het lokaal moeten

Nadere informatie

Burgers en Stoommachines. Tot 1:20

Burgers en Stoommachines. Tot 1:20 Burgers en Stoommachines Tot 1:20 Wat gaan we leren? 1. Welke gevolgen de technische uitvindingen hadden. 2. Wat er in de grondwet van 1848 stond. 3. Welke groepen minder rechten hadden dan andere groepen.

Nadere informatie

Tijdwijzer. Het begin. Voor en na Christus

Tijdwijzer. Het begin. Voor en na Christus 138 Tijdwijzer Het begin Op deze tijdbalk past niet de hele geschiedenis van de mens. Er lopen namelijk al zo n 100.000 jaar mensen rond op aarde. Eigenlijk zou er dus nog 95.000 jaar bij moeten op de

Nadere informatie

1.1 Leefwijze jagers-verzamelaars

1.1 Leefwijze jagers-verzamelaars 1.1 Leefwijze jagers-verzamelaars Tijd van jagers & boeren - Prehistorie - Tot 3.000 v. Chr. Nomaden + nauwelijks verschil in aanzien, bezit en macht 1.2 Landbouwrevolutie + landbouw Tijd van jagers &

Nadere informatie

Schoolonderzoek II Geschiedenis Staat en Natie Tijdvak I 2014-2015

Schoolonderzoek II Geschiedenis Staat en Natie Tijdvak I 2014-2015 Schoolonderzoek II Geschiedenis Staat en Natie Tijdvak I 2014-2015 Dit schoolexamen bestaat uit 33 vragen. In totaal kun je hiervoor 54 punten halen. Als bij een vraag een verklaring of uitleg gevraagd

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis en staatsinrichting vmbo gl/tl 2009 - I

Eindexamen geschiedenis en staatsinrichting vmbo gl/tl 2009 - I Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. Staatsinrichting van Nederland Gebruik bron 1 en 2. 1p 1 De twee bronnen hebben te maken met de constitutionele monarchie. Welke

Nadere informatie

2 De oprichting van de VOC en de WIC zorgde ervoor dat overal op de wereld Zeeuwse en Hollandse schepen voeren.

2 De oprichting van de VOC en de WIC zorgde ervoor dat overal op de wereld Zeeuwse en Hollandse schepen voeren. Tijdvak 6 Toetsvragen 1 In de Tijd van Vorsten en Regenten werden in ook in de Nederlanden de eerste handelstochten naar Azië georganiseerd. Hoe werden deze tochten gefinancierd? A De Nederlandse overheid

Nadere informatie

Wie hadden in de Republiek, in Frankrijk en in Engeland de politieke macht?

Wie hadden in de Republiek, in Frankrijk en in Engeland de politieke macht? Dit deel van 6.2 hoort bij de HC De republiek Onderzoeksvraag: Wie hadden in de Republiek, in Frankrijk en in Engeland de politieke macht? Kenmerkende aspect: Het streven van vorsten naar absolute macht.

Nadere informatie

Instructie: Landenspel light

Instructie: Landenspel light Instructie: Landenspel light Korte omschrijving werkvorm In dit onderdeel vormen groepjes leerlingen de regeringen van verschillende landen. Ieder groepje moet uiteindelijk twee werkbladen (dus twee landen)

Nadere informatie

De vijftig vensters en de kenmerkende aspecten van de tien tijdvakken van de commissie De Rooy

De vijftig vensters en de kenmerkende aspecten van de tien tijdvakken van de commissie De Rooy De vijftig vensters en de kenmerkende aspecten van de tien tijdvakken van de commissie De Rooy In blauw: de tijdvakken en de kenmerkende aspecten (alleen uitgewerkt voor het en ). In oranje: de canonvensters,

Nadere informatie

Examenopgaven VMBO-KB 2003

Examenopgaven VMBO-KB 2003 Examenopgaven VMBO-KB 2003 tijdvak 1 woensdag 21 mei 09.00-11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING VBO-MAVO-C Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit

Nadere informatie

Tijd van pruiken en revoluties 1700 1800

Tijd van pruiken en revoluties 1700 1800 Onderzoeksvraag: Hoe probeerde men tijdens de Franse Revolutie enkele Verlichtingsidealen in praktijk te brengen? Kenmerkende aspect: De democratische revoluties in westerse landen met als gevolg discussies

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL 2006

Examen VMBO-GL en TL 2006 Examen VMBO-GL en TL 2006 tijdvak 1 woensdag 31 mei 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE GL EN TL Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 37 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Maatschappijleer par. 1!

Maatschappijleer par. 1! Maatschappijleer par. 1 Iets is een maatschappelijk probleem als: 1. Het groepen mensen aangaat 2. Het samenhangt met of het is gevolg is van maatschappelijke verandering 3. Er verschillende meningen zijn

Nadere informatie

MEMO BEGRIPPEN BRUGKLAS HOOFDSTUK 1 DE GROTE LIJN

MEMO BEGRIPPEN BRUGKLAS HOOFDSTUK 1 DE GROTE LIJN MEMO BEGRIPPEN BRUGKLAS HOOFDSTUK 1 DE GROTE LIJN Geschiedenis of Historie Prehistorie Bronnen Historische canon Historische indeling Het vak dat zich bezig houdt met: 1)wat mensen in het verleden hebben

Nadere informatie

A. LEER EN TOETSPLAN. Vak: Geschiedenis Leerjaar: 2 Onderwerp: De Nieuwe Tijd (extra uitgereikt materiaal) Kerndoel(en):

A. LEER EN TOETSPLAN. Vak: Geschiedenis Leerjaar: 2 Onderwerp: De Nieuwe Tijd (extra uitgereikt materiaal) Kerndoel(en): A. LEER EN TOETSPLAN Vak: Geschiedenis Onderwerp: De Nieuwe Tijd (extra uitgereikt materiaal) tijd van ontdekkers en hervormers (1500 1600); tijd van regenten en vorsten (1600 1848). 40. De leerling leert

Nadere informatie

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Examen VMBO-KB 2008 tijdvak 2 dinsdag 17 juni 9.00-11.00 uur geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Gebruik het bronnenboekje Dit examen bestaat uit 38 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 54 punten

Nadere informatie

Tijd van ontdekkers en hervormers

Tijd van ontdekkers en hervormers Tijd van ontdekkers en hervormers Vroegmoderne Tijd 1500 1600 n. Chr. Kenmerkende aspecten Kenmerkend aspect uitleggen aan de hand van voorbeeld: Hoofdzaken (gebeurtenissen, veranderingsprocessen, kernjaartallen)

Nadere informatie

De Republiek in een tijd van vorsten, 1477-1702 Kennistoets bij hoofdstuk 3 Havo

De Republiek in een tijd van vorsten, 1477-1702 Kennistoets bij hoofdstuk 3 Havo Kennistoets bij hoofdstuk 3 Havo Opdracht 1 De sterke economische groei die de Gouden Eeuw kenmerkt, kwam hoofdzakelijk ten goede aan het gewest Holland. Welke militaire oorzaak kun je benoemen? Holland

Nadere informatie

TIJD VAN PRUIKEN EN REVOLUTIES

TIJD VAN PRUIKEN EN REVOLUTIES TIJD VAN PRUIKEN EN REVOLUTIES Hoofdstuk 4 PARAGRAAF 4.1 Pruikentijd Standenmaatschappij De verlichting VERVAL EN RIJKDOM In de 17 e eeuw was Nederland het rijkste land ter wereld Van stilstand komt achteruitgang

Nadere informatie

De klassieke tijdlijn

De klassieke tijdlijn De klassieke tijdlijn In de lessen geschiedenis heb je waarschijnlijk al gehoord over de tijdlijnen, of de historische periodes en waarschijnlijk ook over exacte datums zoals 476. In dit documentje kom

Nadere informatie

geschiedenis geschiedenis

geschiedenis geschiedenis Examen HAVO 2009 tijdvak 1 woensdag 20 mei 9.00-12.00 uur tevens oud programma geschiedenis geschiedenis Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 30 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Tijd van pruiken en revoluties 1700 1800

Tijd van pruiken en revoluties 1700 1800 Onderzoeksvraag: Op welke gebieden wilden de Verlichtingsfilosofen de bestaande maatschappij veranderen? Rationalisme = het gebruiken van gezond verstand (rede/ratio) waarbij kennis gaat boven tradities

Nadere informatie

Naam:.. Fotokopie begrippen

Naam:.. Fotokopie begrippen Tl3_begrippen.doc Naam:.. Fotokopie begrippen 1. Het communisme + vragen 2. Rusland rond 1917 + vragen 3. Stalin 4. West-Europa in de tijd van de Industriële Revolutie + vragen 5. De sociale kwestie en

Nadere informatie

Inhoud. Voorwoord XI. 3 Staatshoofd en ministers 46 3.1 De liefde van een crimineel 46 3.2 De Grondwet 47 3.3 Het Statuut 50

Inhoud. Voorwoord XI. 3 Staatshoofd en ministers 46 3.1 De liefde van een crimineel 46 3.2 De Grondwet 47 3.3 Het Statuut 50 Inhoud Voorwoord XI 1 Nederland vergeleken 1 1.1 Bestaat Nederland nog? 1 1.2 De Staat der Nederlanden 3 1.3 Nederland en de wereld 6 1.4 Vragen en perspectieven 8 1.5 Nederland vergeleken 12 Internetadressen

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis havo 2009 - I

Eindexamen geschiedenis havo 2009 - I Ten oorlog! Europese oorlogen 1789-1919. Oorlog als maatschappelijk fenomeen In de Coalitieoorlogen voerde de Franse regering de dienstplicht in. 2p 1 Leg uit dat zij hiermee de betrokkenheid van Franse

Nadere informatie

Tijd van pruiken en revoluties 1700 1800

Tijd van pruiken en revoluties 1700 1800 Onderzoeksvraag: Hoe probeerde men tijdens de Franse Revolutie enkele Verlichtingsidealen in praktijk te brengen? Kenmerkende aspect: De democratische revoluties in westerse landen met als gevolg discussies

Nadere informatie

Als bij een vraag een verklaring of uitleg gevraagd wordt, worden aan het antwoord geen punten toegekend als deze verklaring of uitleg ontbreekt.

Als bij een vraag een verklaring of uitleg gevraagd wordt, worden aan het antwoord geen punten toegekend als deze verklaring of uitleg ontbreekt. Examen VWO 2009 tijdvak 2 woensdag 24 juni 9.00-12.00 uur geschiedenis Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 28 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 76 punten te behalen. Voor elk vraagnummer

Nadere informatie

1: De nederlanden komen in verzet tegen Filips II

1: De nederlanden komen in verzet tegen Filips II 1: De nederlanden komen in verzet tegen Filips II Wat wilden Karel V en Filips II bereiken? Op politiek gebied wilden ze dat de macht van de regering in Brussel vergroot werd Grote ontevredenheid onder

Nadere informatie

Examenprogramma geschiedenis havo/vwo

Examenprogramma geschiedenis havo/vwo Examenprogramma geschiedenis havo/vwo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het centraal examen en het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Historisch besef

Nadere informatie

S.O. 2 Tijdvak I AVONDMAVO 2014-2015

S.O. 2 Tijdvak I AVONDMAVO 2014-2015 S.O. 2 Tijdvak I AVONDMAVO 2014-2015 Dit S.O. bestaat uit 41 vragen. Je schrijft met een blauwe of zwarte pen. Schrijf netjes en duidelijk. Indien bij een vraag een verklaring wordt gevraagd en de verklaring

Nadere informatie

De Franse keizer Napoleon voerde rond 1800 veel oorlogen in Europa. Hij veroverde verschillende gebieden, zoals Nederland en België. Maar Napoleon leed in 1813 een zware nederlaag in Duitsland. Hij trok

Nadere informatie

een zee In de zeventiende eeuw worden de handelaren en kooplieden steeds belangrijker. De edelen en de geestelijken krijgen veel minder macht.

een zee In de zeventiende eeuw worden de handelaren en kooplieden steeds belangrijker. De edelen en de geestelijken krijgen veel minder macht. Werkblad 3 Ω De Republiek Ω Les : Regenten, burgers en gemeen In de zeventiende eeuw worden de handelaren en kooplieden steeds belangrijker. De edelen en de geestelijken krijgen veel minder macht. Rijk

Nadere informatie

GESCHIEDENIS LES 2 STAP VOOR STAP VOORUIT

GESCHIEDENIS LES 2 STAP VOOR STAP VOORUIT GESCHIEDENIS LES 2 STAP VOOR STAP VOORUIT Wie zei: Het is mijn taak om dit land goed te besturen. Maar al die ministers moeten zich er niet mee bemoeien. 1. koning Willem I 2. koning Willem II 3. koning

Nadere informatie

Rijksuniversiteit Groningen Voormeting kennis en argumentatie

Rijksuniversiteit Groningen Voormeting kennis en argumentatie Rijksuniversiteit Groningen Voormeting kennis en argumentatie Instructie onderdeel kennis: Hieronder staan 22 vragen over tijdvak 6 en 7. Probeer de vragen zo goed mogelijk te beantwoorden. Omcirkel met

Nadere informatie

Stofomschrijving Deze opdracht hoort bij 2.1-3.1 en 3.2 van De Republiek in tijd van Vorsten (Geschiedenis Werkplaats).

Stofomschrijving Deze opdracht hoort bij 2.1-3.1 en 3.2 van De Republiek in tijd van Vorsten (Geschiedenis Werkplaats). Het verhaal van 1588 Bodystorming Inleiding Het jaar 1588 is een belangrijk jaar in de geschiedenis van de Republiek. De gebeurtenissen die eraan vooraf gaan worden als feiten voorgelezen en tussen de

Nadere informatie

Info plus Het leenstelsel

Info plus Het leenstelsel Project Middeleeuwen F- verrijking week 1 Info plus Het leenstelsel Inleiding De Middeleeuwen betekent letterlijk de tussentijd. Deze naam is pas later aan deze periode in de geschiedenis gegeven. De naam

Nadere informatie

Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn

Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn Filips II In 1566, meer dan vierhonderd jaar geleden, zijn veel mensen boos. Er is onrust in de Nederlanden. Er zijn spanningen over het geloof, veel mensen

Nadere informatie

TIJD VAN ONTDEKKERS EN HERVORMERS 1500-1600 PERIODE: DE VROEGMODERNE TIJD

TIJD VAN ONTDEKKERS EN HERVORMERS 1500-1600 PERIODE: DE VROEGMODERNE TIJD TIJD VAN ONTDEKKERS EN HERVORMERS 1500-1600 PERIODE: DE VROEGMODERNE TIJD DE KENMERKEN VAN HET TIJDVAK het begin van de Europese overzeese expansie; het veranderende mens- en wereldbeeld van de renaissance

Nadere informatie

Toetsvragen Geschiedenis - Toelating Pabo. Tijdvak 5 Toetsvragen

Toetsvragen Geschiedenis - Toelating Pabo. Tijdvak 5 Toetsvragen Tijdvak 5 Toetsvragen 1 Rond 1500 konden Europese schepen steeds langere zeereizen maken dankzij het gebruik van nieuwe navigatiemiddelen. Welke nieuwe navigatiemiddelen werden gebruikt, en waarvoor? A

Nadere informatie

Tijdvak I. 31 oktober 2013 8: 30-10:00.

Tijdvak I. 31 oktober 2013 8: 30-10:00. 1 SCHOOLONDERZOEK Tijdvak I GESCHIEDENIS 31 oktober 2013 8: 30-10:00. Dit onderzoek bestaat uit 38 vragen. Bij dit onderzoek behoort een antwoordblad. Beantwoord de antwoorden uitsluitend op het antwoordblad.

Nadere informatie

Voorbeeld leerplan geschiedenis voor het Primair Onderwijs. Albert van der Kaap

Voorbeeld leerplan geschiedenis voor het Primair Onderwijs. Albert van der Kaap Voorbeeld leerplan geschiedenis voor het Primair Onderwijs Albert van der Kaap Voorbeeld leerplan geschiedenis voor het Primair Onderwijs Albert van der Kaap Enschede, juli 2008 Verantwoording 2008 Stichting

Nadere informatie

Naam: DE GOUDEN EEUW en Rembrandt

Naam: DE GOUDEN EEUW en Rembrandt Naam: DE GOUDEN EEUW en Rembrandt De Gouden Eeuw duurde niet precies honderd jaar. Hij begon aan het eind van de 16de eeuw, beleefde zijn hoogtepunt rond 1675 en was in de 18de eeuw voorbij. De Gouden

Nadere informatie

Dagboek Sebastiaan Matte

Dagboek Sebastiaan Matte Vraag 1 van 12 Dagboek Sebastiaan Matte Uit het dagboek van Sebastiaan Matte: "Ik ben vandaag bij een hagenpreek geweest, in de duinen bij Overveen. Wel duizend mensen uit de stad waren bij elkaar gekomen

Nadere informatie

Filosofen kwamen bij elkaar om te praten over hoe de samenleving eruit moest komen te zien. Deze beweging heette de Verlichting.

Filosofen kwamen bij elkaar om te praten over hoe de samenleving eruit moest komen te zien. Deze beweging heette de Verlichting. Geschiedenis aantekeningen 07-09-2011 t/m 11-10-2011 07-09-2011 Voor de Franse Revolutie was/ waren er: - een absolute monarchie - economische crisissen (Marie-Antoinette gaf teveel uit) - een standensamenleving

Nadere informatie

GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB

GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB Examen VMBO-KB 2006 tijdvak 2 dinsdag 20 juni 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 36 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 52 punten

Nadere informatie

Examen VMBO-KB 2015. geschiedenis en staatsinrichting CSE KB. tijdvak 1 maandag 18 mei 9.00-11.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen VMBO-KB 2015. geschiedenis en staatsinrichting CSE KB. tijdvak 1 maandag 18 mei 9.00-11.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen VMBO-KB 2015 tijdvak 1 maandag 18 mei 9.00-11.00 uur geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 40 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 54

Nadere informatie

Examenprogramma geschiedenis vwo vanaf CE 2015

Examenprogramma geschiedenis vwo vanaf CE 2015 Examenprogramma geschiedenis havo/vwo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het centraal examen en het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Historisch besef

Nadere informatie

Welke wapens worden voor het eerst gebruikt in de Eerste Wereldoorlog? 1. Geweren en gifgas. 2. Machinegeweren en gifgas. 3. Gifgas en pistolen.

Welke wapens worden voor het eerst gebruikt in de Eerste Wereldoorlog? 1. Geweren en gifgas. 2. Machinegeweren en gifgas. 3. Gifgas en pistolen. Tussen welke twee landen is de Eerste Wereldoorlog begonnen? 1. Engeland en Frankrijk 2. Duitsland en Frankrijk 3. Duitsland en Engeland Nederland blijft neutraal. Wat betekent dat? 1. Nederland kiest

Nadere informatie

Geschiedenis groep 6 Junior Einstein

Geschiedenis groep 6 Junior Einstein De oude Grieken en Romeinen hadden ze al en later ook de Vikingen. Koloniën. Koopmannen voeren met hun schepen over zee om met andere landen handel te drijven. Langs de route richtten ze handelsposten

Nadere informatie

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Examen VMBO-KB 2010 tijdvak 2 dinsdag 22 juni 9.00-11.00 uur geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 38 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 53 punten

Nadere informatie

1 Friesland 2 Stad en Lande 3 Drenthe 4 Overijssel 5 Gelre 6 Limburg 7 Sticht 8 Holland 9 Zeeland 10 Brabant 11 Vlaanderen 12 Artesië

1 Friesland 2 Stad en Lande 3 Drenthe 4 Overijssel 5 Gelre 6 Limburg 7 Sticht 8 Holland 9 Zeeland 10 Brabant 11 Vlaanderen 12 Artesië Werkblad Ω Hoe Nederland ontstond Ω Les : Nederland nu en toen Rond 500 krijgt ons land de naam de Lage Landen of de Nederlanden. Ons land ligt namelijk erg laag. Het gebied is zo groot als Nederland,

Nadere informatie

Hoe hieraan exact wordt vormgegeven binnen onze school, wordt duidelijk in dit document.

Hoe hieraan exact wordt vormgegeven binnen onze school, wordt duidelijk in dit document. SOCIALE COHESIE EN BURGERSCHAP Inleiding Een school maakt deel uit van de maatschappij en bouwt mee aan de vorming van jonge burgers. Een groot deel van de dag, brengen jongeren door op school. Zij krijgen

Nadere informatie

Toelichting bij het tijdvakdossier

Toelichting bij het tijdvakdossier Tijdvakdossier Toelichting bij het tijdvakdossier Bij geschiedenis leer je de geschiedenis van de westerse wereld verdeeld over 10 tijdvakken. Elk tijdvak heeft een aantal kenmerken. Om beter te kunnen

Nadere informatie

Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel

Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel Willibrord Willibrord werd geboren als zoon van pas bekeerde ouders en werd als zevenjarige jongen door zijn vader Wilgis toevertrouwd aan het klooster van Ripon nabij

Nadere informatie

Dagboek Sebastiaan Matte

Dagboek Sebastiaan Matte antwoord 1 van 12 Dagboek Sebastiaan Matte Uit het dagboek van Sebastiaan Matte: "Ik ben vandaag bij een hagenpreek geweest, in de duinen bij Overveen. Wel duizend mensen uit de stad waren bij elkaar gekomen

Nadere informatie

Hoofdstuk 2. Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1515-1648 De Nederlanden in de tijd voor Karel V Het grondgebied van het huidige Nederland

Hoofdstuk 2. Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1515-1648 De Nederlanden in de tijd voor Karel V Het grondgebied van het huidige Nederland Hoofdstuk 2. Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1515-1648 De Nederlanden in de tijd voor Karel V Het grondgebied van het huidige Nederland behoorde sinds 925 tot het Duitse Rijk. In de 14 de en

Nadere informatie

Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1515-1648 Vragenkapstok

Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1515-1648 Vragenkapstok Vragenkapstok Kenmerkende aspecten: 17, 21 1. DE CHRISTELIJKE KERK IN WEST-EUROPA VALT UITEEN Groeiende kritiek op de katholieke Kerk rond 1500 De kritiek van Luther Verschillen tussen het lutheranisme

Nadere informatie

Blood in the Mobile. Opdrachtenblad. Regie: Frank Piasecki Poulsen Jaar: 2010 Duur:

Blood in the Mobile. Opdrachtenblad. Regie: Frank Piasecki Poulsen Jaar: 2010 Duur: Blood in the Mobile Frank Piasecki Poulsen 2010 52 minuten www.moviesthatmatter.nl Digibordles: www.spons.nl/moviesthatmatter 1 Kijkopdracht Waar gaat de film over? Documentairemaker Frank Poulsen komt

Nadere informatie

Examen Geschiedenis. Geef de 7 tijdsvakken: Mintiens Quintin

Examen Geschiedenis. Geef de 7 tijdsvakken: Mintiens Quintin Examen Geschiedenis Geef de 7 tijdsvakken: Prehistorie :... 3500 v.c Stroomculturen : 3500 v.c 800 v.c Klassieke Oudheid : 800 v.c 500 n.c Middeleeuwen : 500 n.c 1450 n.c Nieuwe tijd : 1450 n.c 1750 n.c

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis pilot havo 2009 - II

Eindexamen geschiedenis pilot havo 2009 - II Door de tijd heen De volgende historische verdragen staan in willekeurige volgorde: 1 Door de Vrede van Brest-Litovsk tussen het Duitse keizerrijk en het communistische Rusland kunnen de Duitse generaals

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 18139 5 september 2012 Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 4 juli 2012, nr. VO/419920, houdende

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL 2005

Examen VMBO-GL en TL 2005 Examen VMBO-GL en TL 2005 tijdvak 1 woensdag 25 mei 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE GL EN TL Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 38 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

BASISVRAGEN TV 7-8 (KA 27-36)

BASISVRAGEN TV 7-8 (KA 27-36) BASISVRAGEN TV 7-8 (KA 27-36) TV 7 (DEEL A) (let op, er zit wat overlap in met TV 6, voor de zekerheid heb ik alle vragen er maar ingezet) 33 a Welke twee belangrijke Europese vorsten voelden zich tot

Nadere informatie

Tijd van burgers en stoommachines 1800 1900. 8.2 Het moderne imperialisme

Tijd van burgers en stoommachines 1800 1900. 8.2 Het moderne imperialisme Onderzoeksvraag: Welke motieven hadden de Europeanen om in Afrika en Zuidoost Azië een groot koloniaal imperium op te bouwen? Kenmerkende aspect: De moderne vorm van imperialisme die verband hield met

Nadere informatie

Geschiedeniswetenschap streeft ernaar waarheden vast te stellen over het verleden!

Geschiedeniswetenschap streeft ernaar waarheden vast te stellen over het verleden! Geschiedeniswetenschap streeft ernaar waarheden vast te stellen over het verleden! Geschiedenis Waarheden Verleden = beelden van het verleden van de menselijke cultuur. = relatie tussen vroeger en nu,

Nadere informatie

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Examen VMBO-KB 2011 tijdvak 1 maandag 23 mei 9.00-11.00 uur geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 37 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 54

Nadere informatie

De lessen. Hieronder vind je een uitwerking van de lessen die komen gaan.

De lessen. Hieronder vind je een uitwerking van de lessen die komen gaan. De lessen Hieronder vind je een uitwerking van de lessen die komen gaan. Voor de lessen over het christendom heb je het lesboek Wegen van navolging nodig. Daarnaast neem je elke les het bronnenboek, een

Nadere informatie

3a. Denk opdracht- Wie ben ik?

3a. Denk opdracht- Wie ben ik? 3a. Denk opdracht- Wie ben ik? Instructie: Wie ben ik is een spel waarbij de kinderen gebruik maken van de hoofdpersonen uit de Opstand der Nederlanden: Johannes Calvijn, Angelus Merula, Willem van Oranje,

Nadere informatie

HUSEYIN UCAR 4B 18-3-2014. Mr. Muilder Maatschappij

HUSEYIN UCAR 4B 18-3-2014. Mr. Muilder Maatschappij HUSEYIN UCAR 4B 18-3-2014 Mr. Muilder Maatschappij Voorwoord Omschrijving: Een dictatuur is dat een iemand de absolute macht heeft en dat er in dat land geen democratie heerst. Motivatie: Ik heb voor dit

Nadere informatie

G E S C H I E D E N I S - A A N T E K E N I N G E N H 1 / 2 / 3

G E S C H I E D E N I S - A A N T E K E N I N G E N H 1 / 2 / 3 G E S C H I E D E N I S - A A N T E K E N I N G E N H 1 / 2 / 3 HOOFDSTUK 1 PARAGRAAF 1 Weg van de mensheid: - Staat in Afrika - Van daaruit Verspreiding over de rest van de wereld - Mens behoort tot de

Nadere informatie

het recht op vrijheid en gelijkheid voor iedereen

het recht op vrijheid en gelijkheid voor iedereen (artikel 1) vrijheid en gelijkheid voor iedereen (artikel 2) het recht niet gediscrimineerd te worden (artikel 3) leven, in veiligheid en vrijheid (artikel 4) geen slavernij of slavenhandel (artikel 5)

Nadere informatie

Examenopgaven VMBO-GL en TL 2003

Examenopgaven VMBO-GL en TL 2003 Examenopgaven VMBO-GL en TL 2003 tijdvak 1 woensdag 21 mei 09.00-11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE GL EN TL GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING VBO-MAVO-D Gebruik het bronnenboekje. Dit examen

Nadere informatie

De Republiek in een tijd van vorsten, 1477-1702 Kennistoets bij hoofdstuk 3 Vwo

De Republiek in een tijd van vorsten, 1477-1702 Kennistoets bij hoofdstuk 3 Vwo Kennistoets bij hoofdstuk 3 Vwo Opdracht 1 De sterke economische groei die de Gouden Eeuw kenmerkt, kwam hoofdzakelijk ten goede aan het gewest Holland. Daar is een militaire oorzaak voor. Benoem die oorzaak

Nadere informatie

GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB

GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB Examen VMBO-KB 2005 tijdvak 1 woensdag 25 mei 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 35 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 50 punten

Nadere informatie

De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1515-1648

De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1515-1648 De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1515-1648 1 Waardoor brak er een opstand uit 1515 in de Nederlanden 1515-1572 Karel V Habsburg wordt heerser over een groot deel van de Nederlanden 1572 De

Nadere informatie

Hoofdstuk 2: De Nederlandse Opstand (1555 1588)

Hoofdstuk 2: De Nederlandse Opstand (1555 1588) Hoofdstuk 2: De Nederlandse Opstand (1555 1588) Geschiedenis VWO 2011/2012 www.lyceo.nl 1555-1588 Politiek: Nederland onafhankelijk Economie: Amsterdam wordt de stapelmarkt van Europa Welke staatsvorm?

Nadere informatie

Examen VMBO-KB. geschiedenis en staatsinrichting CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen VMBO-KB. geschiedenis en staatsinrichting CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen VMBO-KB 2013 tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-15.30 uur geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 44 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 57

Nadere informatie

Instructie: Landenspel

Instructie: Landenspel Instructie: Landenspel Korte omschrijving werkvorm In deze werkvorm ervaren leerlingen dat een democratische rechtsstaat niet vanzelfsprekend is. Groepjes leerlingen vormen de regeringen van verschillende

Nadere informatie

Framing the Other. Opdrachtenblad

Framing the Other. Opdrachtenblad Framing the Other Ilja Kok & Willem Timmers 2013 25 minuten (film), 13 minuten (interview) http://framingtheother.wordpress.com/ 1 Kijkopdracht 1. Titel hoofdstuk Toeriste Nell maakt foto van Mursi Nadonge

Nadere informatie

Beginselen van de politieke partijen die in 2006 in de Tweede Kamer vertegenwoordigd waren

Beginselen van de politieke partijen die in 2006 in de Tweede Kamer vertegenwoordigd waren Beginselen van de politieke partijen die in 2006 in de Tweede Kamer vertegenwoordigd waren Partij van de Arbeid (PvdA) Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD) Christen-democratisch Appèl (CDA) Democraten

Nadere informatie

Samenvatting Gouden Eeuw ABC

Samenvatting Gouden Eeuw ABC Samenvatting Gouden Eeuw ABC Week 1ABC: Gouden Eeuw algemeen Info: De Gouden Eeuw (1600-1700) De 17 e eeuw wordt de Gouden Eeuw genoemd, omdat er in Nederland veel geld werd verdiend. Vooral door de handel.

Nadere informatie

Het nieuwe eindexamen geschiedenis

Het nieuwe eindexamen geschiedenis Het nieuwe eindexamen geschiedenis Stephan Klein Rotterdam, 4 oktober 2013 Gesprek in de klas (2013) Docent: Wie kan uitleggen wat standplaatsgebondenheid inhoudt? (stilte van enkele seconden) Leerling

Nadere informatie