CHRONISCHE MYELOÏDE LEUKEMIE (CML) Wat is chronische myeloïde leukemie (CML)? Algemeen

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "CHRONISCHE MYELOÏDE LEUKEMIE (CML) Wat is chronische myeloïde leukemie (CML)? Algemeen"

Transcriptie

1 CHRONISCHE MYELOÏDE LEUKEMIE (CML) Wat is chronische myeloïde leukemie (CML)? Algemeen Chronische Myeloïde Leukemie (CML) is een kwaadaardige ziekte van het bloed waarbij alle bloedcellijnen betrokken kunnen zijn. CML wordt ook wel chronische granulocyten leukemie genoemd naar het type witte bloedcellen dat daarbij betrokken is. De aandoening is zeldzaam: In 20% van alle gevallen van leukemie is er sprake van CML. Normaal komt de productie van bloedcellen (de hematopoiese) op een gecontroleerde wijze naar behoefte tot stand. In het beenmerg ontstaan uit de stamcellen alle soorten bloedcellen, een proces dat differentiatie wordt genoemd. Bij CML echter ontstaat in het beenmerg een mutatie in een stamcel als gevolg van een beschadiging van het DNA van deze stamcel. Deze wijziging in het DNA van de stamcel is er de oorzaak van dat deze cel een groei en overlevingsvoordeel verkrijgt ten opzichte van niet aangetaste bloedcellen. Het resultaat daarvan is dat er in het beenmerg een ongecontroleerde en excessieve groei plaatsvindt van abnormale myeloïde cellen die in allerlei stadia van volwassenheid aanwezig zijn. Uiteindelijk leidt dit tot de massale toename van deze cellen in het bloed en beenmerg en via het bloed ook in organen als lever en milt. Doordat de afwijking in de stamcel aanwezig is, wordt er vaak ook een toename van andere cellen aangetroffen, met name van de trombocyten (de bloedplaatjes) in het bloed, en de bijbehorende voorlopers (de megakaryocyten) in het beenmerg. Bloed en beenmerg De bloedcellen ontwikkelen zich langs zgn. bloedcellijnen. Men onderscheidt hierbij: de rode bloedcellen (erytrocyten), witte bloedcellen (leukocyten) waaronder de lymfocyten,monocyten en granulocyten, die weer verder zijn onder te verdelen in neutrofielen, eosinofielen en basofielen, en tot slot zijn er de bloedplaatjes (trombocyten). In het normale proces worden de bloedcellen naar behoefte in het beenmerg aangemaakt en komen ze in de bloedbaan als ze volledig ontwikkeld zijn, waar zij kunnen functioneren zoals het bedoeld is. Bij CML is dat proces echter verstoord en worden er allengs meer abnormale bloedcellen aangemaakt. Deze abnormale cellen verstoren de aanmaak van normale neutrofielen, maar verdringen uiteindelijk ook de rode bloedcellen en de bloedplaatjes. Neutrofielen maken normaal ongeveer 40 tot 60% van het totaal aantal witte bloedcellen uit. 1

2 Het Philadelphia chromosoom CML wordt per definitie gekenmerkt door de aanwezigheid van een genetische afwijking in de bloedcellen als gevolg van breuken en verschuivingen in het chromosoommateriaal van het DNA, waarbij twee genen naast elkaar zijn komen te liggen die voorheen niets met elkaar van doen hadden. Zij produceren samen een genproduct dat de myeloïdische voorlopercellen ertoe brengt zich sterk te vermeerderen. Deze afwijking is overigens niet uniek voor CML, want bij 20% van de patiënten met Acute Lymfatische Leukemie (ALL) komt deze afwijking ook voor zonder dat er sprake is geweest van een voor-fase van CML. De afwijking werd in 1960 vastgesteld door twee wetenschappers van de School of Medicine van de Universiteit van Pennsylvania in Philadelphia in de Verenigde Staten van Amerika, Dr. Peter Nowell en Dr. David Hungerford. Deze wetenschappers bestudeerden de chromosomen van kankercellen en ontdekten dat er bij CML patiënten een chromosoom 22 voorkwam dat korter was dan dat bij gezonde mensen. Zij gaven dit verkorte chromosoom 22 de naam Philadelphia chromosoom naar de stad waar het was ontdekt. Soms wordt dit chromosoom verkort aangeduid als Ph-chromosoom. In 1973 trof Dr. Janet Rowley een extra stuk DNA aan in de bloedcellen van een CML patiënt op chromosoom 9. Toen zij chromosoom 9 en 22 bij elkaar legde, ontdekte zij dat het stuk dat chromosoom 22 miste van plaats gewisseld was (getransloceerd) naar chromosoom 9. In de jaren 80 brachten andere wetenschappers in Rotterdam en Boston de breuken in beide chromosomen in kaart en ontdekten dat deze breuken precies in het midden van twee genen waren gelegen. Als gevolg van de translocatie tussen de chromosomen 9 en 22 ontstaat er een fusiegen (BCR/ABL), bestaande uit het ABL-gen (Abelson mouse leukemia protooncogen) afkomstig uit chromosoom 9 en het BCR-gen (breakpoint cluster region) van chromosoom 22. Deze wisseling van locatie komt alleen voor in de desbetreffende stamcel en alle bloedcellen die daaruit ontstaan. Dit fusiegen codeert voor een eiwit met zogenaamde tyrosine kinase activiteit, het BCR/ABL eiwit. De verhoogde activiteit van dit enzym leidt tot ontregeling van de groei van de cellen. Deze cellen slaan als het ware op hol. Uiteindelijk leidt dat dus tot het ontstaan van CML. Gedurende de zgn. chronische fase van CML kunnen de cellen nog afsterven door een geprogrammeerde celdood (apoptosis), maar als er in de acceleratie fase een tweede mutatie in de cel plaatsvindt, sterft de cel niet meer af. Door een overweldigende toename van deze abnormale cellen komt de patiënt uiteindelijk terecht in de ernstige blastencrisis. Oorzaken, erfelijkheid en frequentie De schade aan de oorspronkelijke chromosomen is geen erfelijke aangelegenheid, maar is het gevolg van een in een bepaalde levensfase opgelopen beschadiging van deze chromosomen. De mutatie wordt dan ook niet aan de nakomelingen doorgegeven. De oorzaak van deze beschadiging is momenteel meestal onbekend, maar kan onder andere aan hoger doses radio-actieve straling worden toegeschreven (denk aan de atoombom op Hiroshima. 2

3 CML komt het meest voor bij volwassenen in de leeftijdscategorie vanaf 30 jaar. Van deze patiënten is meer dan de helft ouder dan 60 jaar. CML wordt echter zeer incidenteel ook wel bij kinderen waargenomen. Dat dit heel zeldzaam is blijkt uit het feit dat bij kinderen tot 10 jaar bijvoorbeeld de ziekte bij 1 op de miljoen kinderen voorkomt. Bij volwassenen in de leeftijd van ca 50 jaar is sprake van de ziekte bij 1 op de en bij ouderen van 80 jaar ca 1 op de personen. De zgn. 5 jaarsoverleving ligt bij CML op ca 60 %. Deze gegevens zijn gebaseerd op de vroegere therapie-mogelijkheden. Met de nieuwere behandelingsopties worden deze overlevingscijfers mogelijk veel beter. Jaarlijks komen er in Nederland tussen de 170 en 200 nieuwe gevallen van CML bij. Symptomen In de beginfase kan het voorkomen dat er geen symptomen waarneembaar zijn. De ziekte wordt daarom nog al eens bij toeval gevonden, bij voorbeeld tijdens een medische check-up of ander routinematig onderzoek. In het verdere beloop van de ziekte zijn de meest voorkomende symptomen: - onverklaarbare, toenemende vermoeidheid en een bleke huid - snel vermoeid wanneer men fysiek actief is - minder goed verdragen van hogere temperaturen. - overdreven nachtelijk zweten - een vol gevoel door een vergrote milt - onverklaarbaar verlies van gewicht en verlies van eetlust - verhoogde neiging tot bloeduitstortingen en bloedingen - pijn in de beenderen NB. Een aantal van deze symptomen kunnen ook bij andere ziektebeelden voorkomen. Ze dienen dan ook te worden gezien als een indicatie dat nader medisch onderzoek naar de oorzaak gewenst is. Onderzoek en diagnose Bij het medisch onderzoek is de meest vastgestelde bevinding een vergrote, soms pijnlijke milt (splenomegalie). Om de diagnose CML te stellen wordt het bloed onderzocht en in de meeste gevallen ook het beenmerg. Daarbij blijkt dat de witte bloedcellen vaak tot hoge waarden zijn opgelopen. De normale waarde ligt tussen de en de per kubieke mm ofwel zoals het gewoonlijk wordt aangeduid, 4x respectievelijk 10x10 9 /liter. De waarden kunnen opgelopen zijn van tot per microliter. Onderzoek van de bloedcellen levert een karakteristiek patroon op van witte bloedcellen, nl. een klein deel van nog erg jonge onrijpe bloedcellen (leukemische blastcellen ofwel blasten genaamd), een groter aantal tot volwassenheid komende witte bloedcellen en voorts volgroeide witte bloedcellen (myelocyten en neutrofiele granulocyten). Ook het aantal eosinofielen en basofielen neemt karakteristiek toe. Bij het beenmergonderzoek wordt gekeken of er een Philadelphia-chromosoom is via een zgn. cytogenetische analyse. 3

4 CML wordt bevestigd wanneer het Philadelphia chromosoom (het verkorte chromosoom 22) en hoge aantallen witte bloedcellen worden aangetroffen.dit kan momenteel ook met moleculair-biologisch onderzoek door het fusie-gen van het Philadelphia-chromosoom, het bcr-abl gen, dat aan de basis van de ziekte staat, aan te tonen. Stadia Algemeen De wijze van behandeling is afhankelijk van het stadium waarin de ziekte verkeert, de leeftijd en de algemene gezondheidstoestand van de patiënt en de gevoeligheid voor de therapie. CML kent een duidelijk 3 fasen verloop. De meeste patiënten bevinden zich in de chronische fase die wordt gekenmerkt door o.a een (soms maar lang niet altijd pijnlijke) vergroting van de milt en leukocytose (bovennormale toename van de witte bloedcellen) en onrijpe celvorming (blasten) in het bloed. Het beenmerg is daarbij vaak zeer celrijk en in enigermate fibrose. Na een variabel verloop van meerdere jaren - waarbij de ziekte met chemotherapie, en/of interferon-alfa onder controle wordt gehouden - gaat de ziekte via de acceleratiefase over in een fase van acute leukemie ofwel blastaire fase welke vaak gepaard kan gaan met toegevoegde cytogenetische afwijkingen. Deze fase heeft een agressief verloop (blastencrisis) en is nauwelijks meer met therapie te behandelen. Stadiumindeling 1. de chronische fase In deze fase bevindt de patiënt zich indien er sprake is van minder dan 5% onrijpe bloedcellen (blasten) in het bloed en beenmerg. Tot nu toe duurt de fase gemiddeld ca 4 tot 6 jaar met een spreiding van 1 tot meer dan 10 jaar. In deze fase zit 85 á 90 % van de CML patiënten. Naast abnormale cellen komen er ook nog veel gezonde bloedcellen voor die normaal hun werk kunnen doen. Deze fase wordt over het algemeen geassocieerd met relatief milde symptomen. 2. de acceleratie fase Hier is sprake van indien er meer dan 5% maar minder dan 30% blasten in het bloed en beenmerg wordt vastgesteld. Ook kan het betekenen dat er bij cytogenetisch onderzoek nieuwe afwijkingen zijn ontstaan, of dat de milt steeds groter wordt. In deze fase ontwikkelt zich bloedarmoede (bij 80%) en trombocytopenie (een tekort aan bloedplaatjes, hetgeen leidt tot bloedingen en bloeduitstortingen). De gevoeligheid voor de cytostatica en alfa-interferon of andere therapiemodaliteiten neemt af. Het aantal blasten en het aantal witte bloedcellen neemt toe en de symptomen zijn ernstiger van aard. Deze fase kan ongeveer een jaar duren, daarna treedt de blastaire fase in. 4

5 3. de blastaire fase (acute leukemie/blastencrisis) Meestal ontstaat een blastencrisis na een voorfase zoals hierboven beschreven, maar een blastencrisis kan ook onaangekondigd plotseling manifest worden. Er is sprake van deze fase als er meer dan 30% blasten in het bloed en beenmerg worden aangetroffen. Eenmaal in deze fase aangekomen, worden de symptomen ernstiger.de ziekte gaat lijken op acute leukemie. Er kan sprake zijn van zgn. chloroma s, tumoren van zich snel reproducerende granulocyten in de huid, beenderen, lymfeklieren en de hersenen. Voorts kan er ook sprake zijn van hoge koorts en een toename van de vergroting van de lymfeklieren en vooral de milt. De behandeling in deze fase is dezelfde als wordt toegepast bij acute leukemie, maar helaas veel minder succesvol. Als de behandeling al aanslaat, dan is de duur van de periode dat de blastencrisis onder controle is vaak kort (meestal maar enkele maanden), en zal er vroeg of laat een nieuwe blastencrisis ontstaan. Met de huidige therapiemogelijkheden is de overlevingsduur in deze fase dan ook nog slechts 8 tot 12 maanden, hoewel er zeker uitzonderingen kunnen voorkomen. Behandeling en prognose Algemeen De diagnose CML wordt bij de meeste patiënten vastgesteld in de chronische fase van de ziekte. Deze fase kan in de chronische fase gewoonlijk goed onder controle worden gehouden door het toedienen van imatinib (Glivec), cytostatica en/of alfa interferon. Hierdoor gaan de bloedwaarden weer terug naar normale waarden en neemt ook de milt weer gewone proporties aan. In deze fase is er dan gewoonlijk geen sprake meer van infecties en abnormale bloedingen. De patiënten blijven echter onder regelmatige controle en onder behandeling met een onderhoudsdosis interferon al dan niet samen met cytostatica.de laatste jaren zijn de behandelingsmogelijkheden sterk verbeterd. Van alle patiënten komt ca 20% in aanmerking voor allogene stamceltransplantatie afhankelijk van de leeftijd van de patiënt en de beschikbaarheid van een geschikte stamceldonor. Doel van de behandeling Doel van de behandeling is een remissie te verkrijgen en de ziekte onder een hematologische en cytogenetische controle te brengen om uiteindelijk een zolang mogelijke overleving van de patiënt te bewerkstelligen en zo mogelijk genezing via een stamceltransplantatie. Er is sprake van een hematologische respons als de miltomvang weer tot normale proporties is teruggegaan, er weer sprake is van een normaal trombocyten en leukocytengetal en de leukocytendifferentiatie (% van elk type leukocyten in het totale aantal) ook weer normaal is. Bij een complete cytogenetische respons is het Philadelphia-chromosoom niet meer aantoonbaar. Toegepaste therapieën en bijwerkingen en prognoses - Chemotherapie met Hydroxyurea (Hydrea) of met Busulfan (Myleran) 5

6 Chemotherapie met deze middelen is effectief in het bereiken van een hematologische respons, maar is beperkt in het bereiken van een cytogenetische respons. Noch Hydroxyurea noch Busulfan hebben invloed op de progressie van de ziekte. Busulfan heeft als nadeel dat het ernstige toxische bijwerkingen heeft. Daardoor wordt het slechts voor kortere periodes gebruikt en niet zo vaak verstrekt.de middelen worden in tabletvorm op een lege maag ingenomen. Hydroxyurea is het middel van eerste keuze en wordt altijd gebruikt om patiënten met zeer hoge aantallen witte bloedcellen te stabiliseren op een lager aantal en ook als palliatieve therapie bij patiënten waarbij andere therapieën uiteindelijk niet succesvol zijn gebleken. De initiële dosis bij gebruik van Hydroxyurea is per dag meestal 40 milligram per kg lichaamsgewicht en leidt vaak een snelle reductie van de witte bloedcellen in. Zodra het aantal leukocyten daalt onder de per kubieke mm (20 x 10/ 9 liter) wordt op een onderhoudsdosis overgegaan om het aantal terug te brengen tot tussen de en De behandeling wordt voortgezet met een onderhoudsdosis van dagelijks een totaaldosis van 1 á 3 gram in te nemen in de vorm van 500 mg tabletten of capsules, bij voorkeur verdeeld over meerdere doses per dag. Als Busulfan wordt verstrekt als therapie (als tweede keuze), gebeurt dit meestal in een initiële dosis van 10 milligram totaal per dag. Als onderhoudsdosis wordt dan een dosis van 2 á 8 mg per dag verstrekt. De dosis kan dagelijks oraal worden ingenomen of ineens in een tweewekelijkse cyclus worden gegeven. De dosis wordt gehalveerd als het verhoogde aantal witte bloedcellen is gehalveerd. De therapie wordt stopgezet als het aantal leukocyten tot onder de per microliter is gedaald. Busulfan (dat ook wel Myleran wordt genoemd) heeft het risico dat er te veel van wordt gegeven, hetgeen gevolgd kan worden door en langdurige periode van beenmergcellen-tekort (aplasie). - Therapie met Interferon-alfa (IFN) Sinds de tachtiger jaren is IFN-alfa standaardtherapie geworden bij CML. IFN is een biologisch eiwit, een proteïne die ook door het lichaam zelf wordt aangemaakt. Als therapeutisch middel is het een via de zogenaamde recombinant DNA technologie bereide cytokine (eiwit vrijgekomen uit geactiveerde cellen die op andere cellen invloed uitoefenen, bijvoorbeeld het signaal geven om een bepaald type bloedcel aan te maken). De celdeling wordt erdoor beïnvloed en de groei van kankercellen vertraagd. Het gebruik van interferon-alfa gaat vaak gepaard met griepachtige verschijnselen, koorts, spierpijn, slaapstoornissen, moeheid, gewichtsverlies, algemene zwakte, hoofdpijn, duizeligheid en oorsuizingen en een verhoogde gevoeligheid voor bacteriële infecties. Deze bijwerkingen zijn over het algemeen mild van aard en treden vooral de eerste weken van de therapie op. Soms kan er ook sprake zijn van haaruitval, misselijkheid, braken, diaree, depressies, anorexia, zweertjes in de mond en hartproblemen zoals hartritmestoornissen. Bij oudere patiënten is de kans op meer bijwerkingen en complicaties hoger. Ondanks deze bijwerkingen is Interferonalfa toch een zeer belangrijk middel, omdat het als enige bij een subgroep van patiënten een zogenaamde cytogenetische respons teweeg kan brengen, die mogelijk ook levensverlengend werkt. Bij Hydroxyureum of Busulfan is dit nog nooit gelukt. Tijdens interferontherapie blijkt bij een deel van de patiënten dat bij herhaaldelijk beenmergonderzoek het percentage cellen met een Philadelphia chromosoom (het typische kenmerk van CML) geleidelijk afneemt. Bij patiënten die 6

7 zo n cytogenetische respons hebben, wordt de therapie met IFN voortgezet gedurende een periode van tenminste 2 á 3 jaar, en veelal totdat gebleken is dat er niet meer op de therapie wordt gereageerd. Omdat het meerdere maanden tot wel een jaar kan duren alvorens deze cytogenetische verbetering optreedt, is het gebruikelijk patiënten minstens een jaar Interferon te geven. IFN wordt meestal dagelijks of 3 maal per week per injectie onder de huid door de patiënt zelf toegediend. De bijverschijnselen kunnen aanleiding vormen de medicatie bij te stellen, de kuur te onderbreken c.q af te breken. Een combinatietherapie van interferon-alfa en lage dosis cytarabine (Ara-C) is een tijd lang populair geweest omdat gedacht werd dat het tot een betere respons en betere overlevingsmogelijkheden zou leiden. Niet alle studies hebben dit echter kunnen bevestigen. Cytarabine is een van de meest werkbare cytostatica bij myeloïde leukemie. Nadeel van het gebruik van deze combinatie is de toenemende toxiciteit. Vrijwel alle patiënten ervaren veel bijwerkingen van deze combinatie. - Glivec (Imatinib) Het veelbelovende middel Glivec is nog niet zolang geleden (begin 2002) vrijgegeven voor gebruik als therapie voor patiënten met CML. Glivec wordt als middel sinds kort bij CML o.a toegepast na het falen van de behandeling met Interferon-alfa. Tijdens het klinisch onderzoek naar de werkzaamheid van het middel stond Glivec bekend onder de naam STI-571. STI staat voor Signal Transduction Inhibitors (Signaal Transductie Remmers). Glivec grijpt op moleculair niveau het abnormaal geproduceerde eiwit aan dat gevormd wordt door de chromosomale abnormaliteit (het Philadelphia chromosoom). Glivec heeft een zodanige moleculaire structuur, dat het in staat is om de tyrosine kinase activiteit (zie pagina 2) op een bepaalde locatie te binden en de voor het BCR/ABL eiwit noodzakelijke energievoorziening te blokkeren. Hierdoor wordt de groei en celdeling verstoord en de productie van leukemiecellen tegen gegaan. Het heeft als voordeel dat het wel de veroorzaker van de ziekte -het eiwit BCR-ABLaanpakt, maar niet de gezonde cellen. Deze kunnen dus onaangetast blijven functioneren. Glivec wordt geïndiceerd voor de behandeling van volwassen patiënten met CML, zowel in de chronische fase als in de acceleratiefase en in de blastencrisis. De medicijnen worden in het algemeen eenmaal per dag oraal ingenomen in een dosis van mg. Onder bepaalde omstandigheden kan het voorkomen dat de hoogte van de dosis naar boven of naar beneden moet worden bijgesteld of dat de therapie moet worden onderbroken/afgebroken. Het middel geeft een snelle respons. Binnen 4 weken heeft 98% van de patiënten met CML weer normale bloedwaarden. Ruim de helft van de patiënten heeft een cytogenetische respons. Het beenmerg maakt bij hen nauwelijks of geen abnormale cellen meer aan. Glivec heeft als mogelijke bijwerkingen: Misselijkheid, braken, spierkrampen, huiduitslag, oedeem, diarree, hoofdpijn en zuurbranden. Soms kan er ook sprake zijn van meer ernstige bijwerkingen zoals latente schade aan de lever, bloedingen en het vasthouden van vocht. Vergeleken met het medicijn Interferon-alfa vallen de bijwerkingen over het algemeen mee. Het nieuwe middel Glivec kan nog niet echt vergeleken worden met de huidige 7

8 standaardtherapie (Interferon-alfa en chemotherapie). Het lijkt echter dat in vergelijking met IFN en IFN gecombineerd met Cytarabine, Glivec betere resultaten geeft die ook nog eens langer aanhouden. Op dit moment wordt voor het nog beter uitbuiten van de werkzaamheid van Glivec, het middel in studieverband onderzocht in combinatie met chemotherapie. De gemiddelde overlevingsduur van patiënten bij Glivec is nog niet bekend, maar zal hopelijk langer zijn dan wat tot nu toe is bereikt. Zodra patiënten in de blastaire fase zijn aangekomen of acute leukemie krijgen, werkt Glivec minder goed. Van de patiënten reageert 60 á 70 % dan nog wel op het middel, maar de ziekte komt in vrijwel alle gevallen (snel) weer terug. Dit wordt veroorzaakt door het resistent worden van de tumorcellen, bijvoorbeeld door genetische mutaties. Omdat Glivec nog niet zo lang wordt toegepast, zijn de effecten ervan op langere termijn nog onbekend. De patiënt zal het middel in principe zijn gehele verdere leven moeten gebruiken. - Stamceltransplantatie (SCT) Stamceltransplantatie (STC) wordt over het algemeen toegepast in de chronische fase van de ziekte. Vroeger werd er gesproken van Beenmergtransplantatie(BMT), maar sinds het mogelijk is om stamcellen uit het bloed te halen wordt het Stamceltransplantatie genoemd. Deze vorm van transplantatie wordt bij CML momenteel alleen toegepast indien er een donor met een vergelijkbaar HLA (humaan leukocyten antigeen) patroon gevonden is en de patiënt niet ouder is dan 55 jaar. Men spreekt in dit geval van een allogene stamceltransplantatie. Het is bij CML de enige manier om genezing te bewerkstelligen en bij jongere patiënten zeer succesvol gebleken. Helaas is dit slechts voor 20% van de patiënten een optie wegens het gebrek aan een geschikte donor of door leeftijdsrestricties. Ernstige complicaties die tot de dood kunnen leiden, zijn door stamceltransplantatie minder geworden dan bij gewone beenmergtransplantaties. De kans op overlijden gedurende het eerste jaar na de transplantatie als gevolg van de stamceltransplantatie is ongeveer 10 á 30%. Ook stamceltransplantatie blijft dus verbonden met substantiële risico s. Voor patiënten die na een stamceltransplantatie de leukemie toch terugkrijgen, kan immuuntherapie met toediening van donorlymfocyten zonder chemotherapie zeer effectief zijn. Ook het toedienen van Interferon-alfa en eventueel Hydroxurea kan dan een goede vervolgtherapie zijn. Tenslotte krijgt Glivec hier mogelijk ook nog een plaats. Zie verder ook op en/of de brochure Beenmerg- en Stamceltransplantatie van de Nederlandse Kankerbestrijding, verkrijgbaar via Gerelateerde ziektes en nieuwe ontwikkelingen Gerelateerde ziektes Chronische myelomonocytaire leukemie (CMML) en zgn. jeugd myelomonocytaire 8

9 leukemie lijken op CML, maar veroorzaken in een vroeg stadium van de ziekte al ernstige problemen. Deze problemen zijn moeilijk onder controle te brengen met de huidige mogelijkheden van therapie. Kenmerkend bij deze ziektes is dat daarbij het Ph-chromosoom of de BCR-ABL translocatie ontbreekt. Bij CMML wordt meestal monocytose gezien. Dit ziektebeeld wordt nu tussen de MDS (zie bij : Wat is Myelodysplastisch Syndroom (MDS)? ) en de chronische leukemieën gerekend. Ontwikkelingen Onderzoek met nieuw gediagnosticeerde patiënten die behandeld worden met Glivec in combinatie met het cytostaticum Cytarabine loopt momenteel in Nederland. Dit laatste middel versterkt blijkbaar de werking van Glivec. Het kan een bijdrage zijn om resistentie tegen Glivec te voorkomen of te vertragen. 9

Chronische myeloïde leukemie (CML)

Chronische myeloïde leukemie (CML) Interne geneeskunde Patiënteninformatie Chronische myeloïde leukemie (CML) U ontvangt deze informatie, omdat bij u chronische myeloïde leukemie (CML) is geconstateerd. Bij deze aandoening is er iets mis

Nadere informatie

Een patiente met acute leukemie Bloed en beenmerg Acute leukemie Chronische leukemie

Een patiente met acute leukemie Bloed en beenmerg Acute leukemie Chronische leukemie Thema: Leukemie Een patiente met acute leukemie Bloed en beenmerg Acute leukemie Chronische leukemie Prof.dr. Hanneke C. Kluin-Nelemans Afdeling Hematologie Samenstelling van onstolbaar gemaakt bloed Bloedcellen

Nadere informatie

Hairy cell leukemie (HCL)

Hairy cell leukemie (HCL) Interne geneeskunde Patiënteninformatie Hairy cell leukemie (HCL) U ontvangt deze informatie, omdat bij u hairy cell leukemie (HCL) is geconstateerd. Hairy cell leukemie (HCL) is een zeldzame aandoening,

Nadere informatie

MYELODYSPLASTISCH SYNDROOM. Wat is Myelodysplastisch Syndroom (MDS)?

MYELODYSPLASTISCH SYNDROOM. Wat is Myelodysplastisch Syndroom (MDS)? MYELODYSPLASTISCH SYNDROOM Wat is Myelodysplastisch Syndroom (MDS)? De benaming Myelodysplastisch Syndroom (MDS), ook wel myelodysplasie genoemd, staat voor een groep van beenmergstoornissen waarbij de

Nadere informatie

Myelodysplastisch syndroom

Myelodysplastisch syndroom Inwendige geneeskunde Myelodysplastisch syndroom www.catharinaziekenhuis.nl Patiëntenvoorlichting: patienten.voorlichting@catharinaziekenhuis.nl INW022 / Myelodysplastisch syndroom / 20-07-2013 2 Myelodysplastisch

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nieuwe vooruitzichten in de karakterisering en behandeling van acute myeloïde leukemie Nederlandse samenvatting 134 Acute myeloïde leukemie (AML) is een vorm van bloedkanker, een kwaadaardige aandoening

Nadere informatie

Hairy cell leukemie. Mariëlle Wondergem hematoloog VUmc

Hairy cell leukemie. Mariëlle Wondergem hematoloog VUmc Hairy cell leukemie Mariëlle Wondergem hematoloog VUmc Wie krijgen leukemie? Elk jaar krijgen in Nederland rond de 1500 mensen leukemie Ongeveer 750 acute leukemie Bij de anderen gaat het om chronische

Nadere informatie

Hairy cell leukemie. Dr. R.E Brouwer Hemato-oncoloog RDGG, Delft

Hairy cell leukemie. Dr. R.E Brouwer Hemato-oncoloog RDGG, Delft Dr. R.E Brouwer Hemato-oncoloog RDGG, Delft HCL Wat is HCL Oorzaken Klachten Onderzoeken Behandeling Vooruitzichten Nieuwe ontwikkelingen 2 Wat is Hairy cell leukemie Hairy cell Leukemie (HCL) is een vorm

Nadere informatie

Essentiële Trombocytose

Essentiële Trombocytose Essentiële Trombocytose Uw hoofdbehandelaar is: hematoloog dr. Uw specialist is op werkdagen tussen 08.30 17.00 uur bereikbaar via de polikliniek Interne geneeskunde, tel. (078) 654 64 64. Inleiding U

Nadere informatie

Samenvatting voor niet ingewijden

Samenvatting voor niet ingewijden Samenvatting voor niet ingewijden Samenvatting voor niet ingewijden Hematopoïese Bloedcellen worden in het beenmerg gevormd waar de moedercellen, de zogenaamde stamcellen, zich bevinden. Deze stamcel kan

Nadere informatie

APPENDIX. Samenvatting voor medisch niet-ingewijden

APPENDIX. Samenvatting voor medisch niet-ingewijden APPENDIX S Samenvatting voor medisch niet-ingewijden 146 Samenvatting voor medisch niet-ingewijden INTRODUCTIE Het onderzoek beschreven in dit proefschrift is uitgevoerd bij patiënten met de ziekte chronische

Nadere informatie

Bloedwaarden. Wat zeggen ze en wat kunnen we er mee? Landelijke contactdag Stichting Hematon 11 oktober 2014. door Joost Lips

Bloedwaarden. Wat zeggen ze en wat kunnen we er mee? Landelijke contactdag Stichting Hematon 11 oktober 2014. door Joost Lips Bloedwaarden Wat zeggen ze en wat kunnen we er mee? Landelijke contactdag Stichting Hematon 11 oktober 2014 door Joost Lips Aanvraag bloedonderzoek Bloedafname Bewerking afgenomen bloed (1) Kleuren van

Nadere informatie

Hoofdstuk1 : Wat is myelodysplastisch syndroom? Hoofdstuk2 : Incidentie van MDS? Hoofdstuk3: Oorzaken van MDS?

Hoofdstuk1 : Wat is myelodysplastisch syndroom? Hoofdstuk2 : Incidentie van MDS? Hoofdstuk3: Oorzaken van MDS? inhoud Hoofdstuk1 : Wat is myelodysplastisch syndroom? Hoofdstuk2 : Incidentie van MDS? Hoofdstuk3: Oorzaken van MDS? Hoofdstuk 4 : Wat zijn de symptomen van MDS? - anemie - trombopenie - neutropenie Hoofdstuk

Nadere informatie

Van transplantatie tot pil

Van transplantatie tot pil Van transplantatie tot pil Ontwikkelingen binnen de afdeling Hematologie Hanneke C. Kluin-Nelemans Afdeling Hematologie samen werken aan de zorg voor kanker Hematologen houden van bloed! Afdeling Hematologie

Nadere informatie

Myeloproliferatieve aandoeningen (MPD)

Myeloproliferatieve aandoeningen (MPD) Myeloproliferatieve aandoeningen (MPD) van nieuwe inzichten naar nieuwe behandelingen Reinier Raymakers, internist-hematoloog UMC Utrecht Myeloproliferatieve aandoeningen Toename in bloedcelaanmaak Rode

Nadere informatie

INFOBLAD MYELODYSPLASTISCH SYNDROOM (MDS)

INFOBLAD MYELODYSPLASTISCH SYNDROOM (MDS) INFOBLAD MYELODYSPLASTISCH SYNDROOM (MDS) Stichting Contactgroep Leukemie, najaar 2008 De Stichting Contactgroep Leukemie brengt (ex) leukemiepatiënten en hun naasten met lotgenoten in contact, informeert

Nadere informatie

CML Chronische Myeloide Leukemie

CML Chronische Myeloide Leukemie CML Chronische Myeloide Leukemie Dr. Peter E. Westerweel, Internist-hematoloog Albert Schweitzer Ziekenhuis Dordrecht Hematon patientvereniging Landelijke contactdag 10 mei 2014 Lezing Wat is CML? Enige

Nadere informatie

Als u te horen krijgt dat u leukemie hebt, is de schrik natuurlijk groot. Vaak komen er dan veel vragen op over

Als u te horen krijgt dat u leukemie hebt, is de schrik natuurlijk groot. Vaak komen er dan veel vragen op over Wat is leukemie? Leukemie is de verzamelnaam voor verschillende soorten beenmergkanker. Alle vormen worden gekenmerkt door een ontregelde groei van verschillende soorten witte bloedcellen. In het beenmerg,

Nadere informatie

1 Epidemiologie van multipel myeloom en de ziekte van Waldenström

1 Epidemiologie van multipel myeloom en de ziekte van Waldenström 1 Epidemiologie van multipel myeloom en de ziekte van Waldenström Dr. S.A.M. van de Schans, S. Oerlemans, MSc. en prof. dr. J.W.W. Coebergh Inleiding Epidemiologie is de wetenschap die eenvoudig gezegd

Nadere informatie

Is er een rol voor het gebruik van Immunoglobulinen bij CML? M. Roeven Canisius Wilhemina Ziekenhuis Nijmegen

Is er een rol voor het gebruik van Immunoglobulinen bij CML? M. Roeven Canisius Wilhemina Ziekenhuis Nijmegen Is er een rol voor het gebruik van Immunoglobulinen bij CML? M. Roeven Canisius Wilhemina Ziekenhuis Nijmegen Opbouw Casus Bespreking literatuur Hypothesen met betrekking tot casus Voorgeschiedenis: 1957

Nadere informatie

Aanbevelingen voor de behandeling van mensen met CML

Aanbevelingen voor de behandeling van mensen met CML Aanbevelingen voor de behandeling van mensen met CML Een patiëntvriendelijke samenvatting van de aanbevelingen van het European LeukemiaNet (2013) voor de behandeling van chronische myeloïde leukemie Uitgegeven

Nadere informatie

Chronische leukemie. Jessa Ziekenhuis vzw. Dienst kwaliteit. versie december 2014 (Object-ID )

Chronische leukemie. Jessa Ziekenhuis vzw.  Dienst kwaliteit. versie december 2014 (Object-ID ) Chronische leukemie Heeft u opmerkingen of suggesties i.v.m. deze brochure? Geef ons gerust een seintje! Dienst kwaliteit E-mail: info@jessazh.be Tel: 011 30 81 11 Jessa Ziekenhuis vzw Maatschappelijke

Nadere informatie

hematoloog dr. Uw specialist is op werkdagen tussen 08.30 17.00 uur bereikbaar via de polikliniek Interne geneeskunde, tel. (078) 654 64 64.

hematoloog dr. Uw specialist is op werkdagen tussen 08.30 17.00 uur bereikbaar via de polikliniek Interne geneeskunde, tel. (078) 654 64 64. Polycythemia Vera Uw hoofdbehandelaar is: hematoloog dr. Uw specialist is op werkdagen tussen 08.30 17.00 uur bereikbaar via de polikliniek Interne geneeskunde, tel. (078) 654 64 64. Inleiding U heeft

Nadere informatie

Inhoud. Schematische voorstelling van de afname van leukemiecellen in de loop van de behandeling

Inhoud. Schematische voorstelling van de afname van leukemiecellen in de loop van de behandeling CML Patiënten Pas De behandeling van chronische myeloïde leukemie (CML) is gericht op het doden van tenminste 99,9% van de leukemiecellen in de eerste 12 maanden van de behandeling. In de meeste gevallen

Nadere informatie

www.printo.it/pediatric-rheumatology/nl/intro Majeed Versie 2016 1. WAT IS MAJEED 1.1 Wat is het? Het Majeed syndroom is een zeldzame genetische aandoening. Kinderen met dit syndroom lijden aan chronische

Nadere informatie

Verpleegkundige aspecten bij Hematologische aandoeningen en Stamceltransplantaties

Verpleegkundige aspecten bij Hematologische aandoeningen en Stamceltransplantaties Verpleegkundige aspecten bij Hematologische aandoeningen en Stamceltransplantaties Herma Krimpen en Saskia van Spronsen Even voorstellen.. Korte inhoud van de les Hoe zit het ook al weer met dat bloed

Nadere informatie

MYELODYS- PLASTISCH SYNDROOM (MDS) Patiëntenboekje. Myelodysplastische. syndromen (MDS) is een. verzamelnaam voor een. aantal kwaadaardige

MYELODYS- PLASTISCH SYNDROOM (MDS) Patiëntenboekje. Myelodysplastische. syndromen (MDS) is een. verzamelnaam voor een. aantal kwaadaardige Myelodysplastische syndromen (MDS) is een verzamelnaam voor een aantal kwaadaardige beenmergaandoeningen. Kenmerken zijn de afwijkende vormen van de bloedcellen en het onvermogen om gezonde bloedcellen

Nadere informatie

Welkom in Meander Medisch Centrum. Informatieavond non-hodgkinlymfoom en stamceltransplantatie 25 november 2014

Welkom in Meander Medisch Centrum. Informatieavond non-hodgkinlymfoom en stamceltransplantatie 25 november 2014 Welkom in Meander Medisch Centrum Informatieavond non-hodgkinlymfoom en stamceltransplantatie 25 november 2014 Indolent non Hodgkin lymfoom en chronischlymfatischeleukemie Van oorzaaktot (nieuwe ontwikkelingen

Nadere informatie

Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van chronische myeloïde leukemie

Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van chronische myeloïde leukemie Richtlijn voor diagnostiek en behandeling van chronische myeloïde leukemie naar 1. Onderzoek 236 2. Behandeling 236 2.1 Algemeen 236 2.2 Specifiek 237 3. Chronische myeloïde leukema blastencrise 242 3.1

Nadere informatie

Acute myeloïde leukemie. Dimitri A. Breems, MD, PhD Internist-Hematoloog Ziekenhuis Netwerk Antwerpen

Acute myeloïde leukemie. Dimitri A. Breems, MD, PhD Internist-Hematoloog Ziekenhuis Netwerk Antwerpen Acute myeloïde leukemie Dimitri A. Breems, MD, PhD Internist-Hematoloog Ziekenhuis Netwerk Antwerpen Normale bloedcelvorming Acute myeloïde leukemie (AML) Klonale proliferatie van immature hematopoëtische

Nadere informatie

NRLP-12 Gerelateerde Terugkerende Koorts

NRLP-12 Gerelateerde Terugkerende Koorts www.printo.it/pediatric-rheumatology/be_fm/intro NRLP-12 Gerelateerde Terugkerende Koorts Versie 2016 1. WAT IS NRLP-12 GERELATEERDE TERUGKERENDE KOORTS 1.1 Wat is het? NRLP-12 gerelateerde terugkerende

Nadere informatie

Maligne hematologie. Asia Ropela, internist-oncoloog St.Jansdal ziekenhuis 22 maart 2014

Maligne hematologie. Asia Ropela, internist-oncoloog St.Jansdal ziekenhuis 22 maart 2014 Maligne hematologie Asia Ropela, internist-oncoloog St.Jansdal ziekenhuis 22 maart 2014 Indeling Leukemie acuut AML (acute myeloïde leukemie) ALL (acute lymfoïde leukemie) chronisch CML (chronische myeloïde

Nadere informatie

Trombocytose. Dr. Dimitri Breems, internist-hematoloog ZNA Stuivenberg ZNA Medisch Centrum Regatta 3 juni 2014

Trombocytose. Dr. Dimitri Breems, internist-hematoloog ZNA Stuivenberg ZNA Medisch Centrum Regatta 3 juni 2014 Trombocytose Dr. Dimitri Breems, internist-hematoloog ZNA Stuivenberg ZNA Medisch Centrum Regatta 3 juni 2014 Casus 1 Vrouw, 25 jaar Laboratoriumonderzoek hemoglobine 11,2 g/dl 11,0-14,4 hematocriet 0,341

Nadere informatie

De behandeling van leukemie

De behandeling van leukemie Interne geneeskunde Patiënteninformatie De behandeling van leukemie Inleiding U ontvangt deze informatie, omdat bij u leukemie is geconstateerd. Leukemie is een woekering die we ook wel bloedkanker noemen.

Nadere informatie

de behandeling van mensen

de behandeling van mensen Aanbevelingen voor de behandeling van mensen met CML patiëntenorganisatie bloedkanker lymfklierkanker stamceltransplantatie patiëntenorganisatie bloedkanker lymfklierkanker stamceltransplantatie Een uitgave

Nadere informatie

De achilleshiel van CLL

De achilleshiel van CLL De achilleshiel van CLL Dr. S.H. Tonino 22 november 2012 Afdeling Hematologie AMC, Amsterdam Chronische lymfatische leukemie 1. wat is chronische lymfatische leukemie (CLL?) 2. behandeling anno 2012 3.

Nadere informatie

Non-Hodgkin lymfoom. Jessa Ziekenhuis vzw. Dienst kwaliteit. versie maart 2016 (Object-ID )

Non-Hodgkin lymfoom. Jessa Ziekenhuis vzw.  Dienst kwaliteit. versie maart 2016 (Object-ID ) Heeft u opmerkingen of suggesties i.v.m. deze brochure? Geef ons gerust een seintje! Non-Hodgkin lymfoom Dienst kwaliteit E-mail: info@jessazh.be Tel: 011 33 55 11 Jessa Ziekenhuis vzw Maatschappelijke

Nadere informatie

Chronische lymfatische leukemie Arnon Kater

Chronische lymfatische leukemie Arnon Kater Chronische lymfatische leukemie Arnon Kater http://www.lymmcare.nl/ CLL Epidemiologie Prognostische factoren Biologie en targeted therapy Huidige behandeling en studies CLL: epidemiologie CLL is de meest

Nadere informatie

Patiënteninformatiedossier (PID) (Non) Hodgkin. onderdeel BLOED EN BLOEDWAARDEN. (NON) HODGKIN Bloed(waarden)

Patiënteninformatiedossier (PID) (Non) Hodgkin. onderdeel BLOED EN BLOEDWAARDEN. (NON) HODGKIN Bloed(waarden) Patiënteninformatiedossier (PID) (Non) Hodgkin onderdeel BLOED EN BLOEDWAARDEN (NON) HODGKIN 2 Inhoud Waaruit bestaat bloed?...4 Rode bloedcellen...4 Witte bloedcellen...5 Bloedplaatjes...5 Invloed van

Nadere informatie

Beenmergtransplantatie/PSCT algemeen

Beenmergtransplantatie/PSCT algemeen Daniel den Hoed Oncologisch Centrum Het doel van deze brochure is algemene informatie te geven over beenmerg- en perifere stamceltransplantaties. Er is misschien met u gesproken over transplantatie als

Nadere informatie

Deficiëntie van de IL-1-Receptorantagonist (DIRA)

Deficiëntie van de IL-1-Receptorantagonist (DIRA) www.printo.it/pediatric-rheumatology/be_fm/intro Deficiëntie van de IL-1-Receptorantagonist (DIRA) Versie 2016 1. WAT IS DIRA 1.1 Wat is het? Deficiëntie van de IL-1-receptorantagonist (DIRA) is een zeldzame

Nadere informatie

Trastuzumab (Herceptin )

Trastuzumab (Herceptin ) Trastuzumab (Herceptin ) Borstkanker (mammacarcinoom) De diagnose borstkanker is bij u vastgesteld. Dit wordt ook wel een mammacarcinoom genoemd. De behandeling van een mammacarcinoom bestaat uit een operatieve

Nadere informatie

Hematologie: werken in teamverband!

Hematologie: werken in teamverband! Hematologie: werken in teamverband! Hematologie Zeer intense samenwerking tussen clinicus, klinisch bioloog, anatomopatholoog en cytogeneticus is cruciaal Aan hand van twee casussen willen we het zorgpad

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting In dit proefschrift worden diagnostische en therapeutische aspecten van acute leukemie bij kinderen beschreven, o.a. cyto-immunologische en farmacologische aspecten en allogene

Nadere informatie

www.printo.it/pediatric-rheumatology/be_fm/intro Majeed Versie 2016 1. WAT IS MAJEED 1.1 Wat is het? Het Majeed syndroom is een zeldzame genetische aandoening. Kinderen met dit syndroom lijden aan chronische

Nadere informatie

ACUTE MYELOÏDE LEUKEMIE. Patiëntenboekje. Acute myeloïde. leukemie (AML) is een. vorm van kanker die in. het beenmerg ontstaat.

ACUTE MYELOÏDE LEUKEMIE. Patiëntenboekje. Acute myeloïde. leukemie (AML) is een. vorm van kanker die in. het beenmerg ontstaat. Acute myeloïde leukemie (AML) is een vorm van kanker die in het beenmerg ontstaat. AML is een levensbedreigende ziekte Patiëntenboekje ACUTE MYELOÏDE LEUKEMIE Acute myeloïde leukemie (AML) is een vorm

Nadere informatie

Welke patiënten zijn geschikt voor MTX?

Welke patiënten zijn geschikt voor MTX? Methotrexaat (MTX) Wat is methotrexaat (MTX) MTX is een geneesmiddel dat wordt gebruikt voor de behandeling bij ernstige psoriasis. Aanvankelijk werd het gebruikt bij de behandeling van kanker. Bij toeval

Nadere informatie

REVLIMID (lenalidomide)

REVLIMID (lenalidomide) Mantelcellymfoom en de behandeling met REVLIMID (lenalidomide) INFORMATIE VOOR PATIËNTEN VOORWOORD For patients treated with R U heeft Revlimid (lenalidomide) voorgeschreven gekregen voor de behandeling

Nadere informatie

Alles over de bloedziekten PNH & AA. Wat is bloed?

Alles over de bloedziekten PNH & AA. Wat is bloed? Alles over de bloedziekten PNH & AA Wat is bloed? Binnenin je lichaam zit een rode vloeistof. Dat is je bloed. Bloed is erg belangrijk voor je lichaam, het zorgt voor vervoer van stoffen, voor de warmte

Nadere informatie

www.printo.it/pediatric-rheumatology/nl/intro Het PAPA Syndroom Versie 2016 1. WAT IS PAPA 1.1 Wat is het? Het acroniem PAPA staat voor Purulente Artritis, Pyoderma gangrenosum en Acne. Het is een erfelijk

Nadere informatie

Hypereosinofiel syndroom

Hypereosinofiel syndroom Hypereosinofiel syndroom R. Fijnheer Meander Medisch Centrum/UMCUtrecht HES Incidentie: 2-4 per 1.000.000 per jaar Man> vrouw Leeftijd: 30-70 erg in belangstelling: glivec, mepolizumab etc. Lastig voor

Nadere informatie

Behandelingen bij longkanker. inclusief klinische studie immuuntherapie

Behandelingen bij longkanker. inclusief klinische studie immuuntherapie Behandelingen bij longkanker inclusief klinische studie immuuntherapie 1 Longkanker Longkanker is niet één ziekte: er bestaan meerdere vormen van longkanker. In deze brochure bespreken we de twee meest

Nadere informatie

www.printo.it/pediatric-rheumatology/be_fm/intro Het PAPA-Syndroom Versie 2016 1. WAT IS PAPA 1.1 Wat is het? Het acroniem PAPA staat voor Pyogenische Artritis, Pyoderma gangrenosum en Acne. Het is een

Nadere informatie

Perifere Stamcel Reïnfusie

Perifere Stamcel Reïnfusie Perifere Stamcel Reïnfusie Inleiding Wij adviseren u deze brochure over perifere stamcel reïnfusie rustig door te lezen. Vragen of opmerkingen kunt u noteren op de laatste bladzijde zodat u bij een volgend

Nadere informatie

ACUTE MYELOÏDE LEUKEMIE

ACUTE MYELOÏDE LEUKEMIE ACUTE MYELOÏDE LEUKEMIE Wat is acute myeloïde leukemie ( AML)? Omschrijving Acute myeloïde leukemie (AML) is een zich snel ontwikkelende, levensbedreigende ziekte van het bloed waarbij kwaadaardige witte

Nadere informatie

dagziekenhuis inwendige geneeskunde Zoledroninezuur

dagziekenhuis inwendige geneeskunde Zoledroninezuur dagziekenhuis inwendige geneeskunde Zoledroninezuur Inhoud Zoledroninezuur 3 Voorbereiding 3 Rijvaardigheid en gebruik van machines 3 Gebruik bij ouderen 4 Uitzonderingen bij gebruik 4 Combinatie met andere

Nadere informatie

De tekst van deze folder is tot stand gekomen in samenwerking met: Stichting Europdonor in Leiden en Stichting Beenmergdonorbank Europdonor Nijmegen.

De tekst van deze folder is tot stand gekomen in samenwerking met: Stichting Europdonor in Leiden en Stichting Beenmergdonorbank Europdonor Nijmegen. De tekst van deze folder is tot stand gekomen in samenwerking met: Stichting Europdonor in Leiden en Stichting Beenmergdonorbank Europdonor Nijmegen. Stichting Sanquin Bloedvoorziening hanteert de grondbeginselen

Nadere informatie

Titel: HOVON 105. Rituximab bij het primair centraal zenuwstelsel lymfoom. Een gerandomiseerd HOVON / ALLG onderzoek

Titel: HOVON 105. Rituximab bij het primair centraal zenuwstelsel lymfoom. Een gerandomiseerd HOVON / ALLG onderzoek Titel:. Rituximab bij het primair centraal zenuwstelsel lymfoom. Een gerandomiseerd HOVON / ALLG onderzoek Officiële titel: Rituximab in Primary Central Nervous system Lymphoma. A randomized HOVON / ALLG

Nadere informatie

PATIËNTENBROCHURE. Imbruvica therapie

PATIËNTENBROCHURE. Imbruvica therapie PATIËNTENBROCHURE Imbruvica therapie Hoe werkt Imbruvica? Imbruvica bevat de werkzame stof ibrutinib en is een geneesmiddel in capsulevorm. Het behoort tot een klasse van geneesmiddelen met de naam proteïnekinaseremmers.

Nadere informatie

NLRP-12 Gerelateerde Terugkerende Koorts

NLRP-12 Gerelateerde Terugkerende Koorts www.printo.it/pediatric-rheumatology/nl/intro NLRP-12 Gerelateerde Terugkerende Koorts Versie 2016 1. WAT IS NLRP12 GERELATEERDE TERUGKERENDE KOORTS 1.1 Wat is het? NLRP12 gerelateerde terugkerende koorts

Nadere informatie

Docentenhandleiding. Niveau: expert. Lees de taal van de tumor Organisatieniveaus

Docentenhandleiding. Niveau: expert. Lees de taal van de tumor Organisatieniveaus Docentenhandleiding Niveau: expert Lees de taal van de tumor Organisatieniveaus Ontwikkeld door het Cancer Genomics Centre in samenwerking met het Freudenthal Instituut voor Didactiek van Wiskunde en Natuurwetenschappen

Nadere informatie

Borstkanker en hormoontherapie

Borstkanker en hormoontherapie Chirurgie Borstkanker en hormoontherapie www.catharinaziekenhuis.nl Inhoud Wat is hormoontherapie?... 3 Vrouwelijke geslachtshormonen... 3 Wanneer komt u in aanmerking voor een hormoonbehandeling?... 4

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING 2 NEDERLANDSE SAMENVATTING VOOR NIET-INGEWIJDEN In gezonde personen is er een goede balans tussen cellen die delen en cellen die doodgaan. In sommige gevallen wordt deze balans verstoord en delen cellen

Nadere informatie

35 Bloedarmoede. Drs. P.F. Ypma

35 Bloedarmoede. Drs. P.F. Ypma Drs. P.F. Ypma Inleiding Bloedarmoede (anemie) is een veelvoorkomend verschijnsel bij multipel myeloom en de ziekte van Waldenström, zowel bij het begin van de ziekte als in het beloop ervan. Dit kan (ten

Nadere informatie

Glivec (imatinib) bij de behandeling van chronische myeloïde leukemie (CML)

Glivec (imatinib) bij de behandeling van chronische myeloïde leukemie (CML) Glivec (imatinib) bij de behandeling van chronische myeloïde leukemie (CML) december 2005 Prof.dr. G.J. Ossenkoppele VU medisch centrum, Amsterdam Prof.dr. J.J. Cornelissen Erasmus MC - Daniël den Hoed,

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING 146 Klinische en immunologische aspecten van pretransplantatie bloedtransfusies Inleiding Bloedtransfusies worden in de meeste gevallen gegeven aan patiënten die een tekort hebben

Nadere informatie

Acute leukemie. Jessa Ziekenhuis vzw. Dienst kwaliteit. versie maart 2016 (Object-ID )

Acute leukemie. Jessa Ziekenhuis vzw.  Dienst kwaliteit. versie maart 2016 (Object-ID ) Acute leukemie Heeft u opmerkingen of suggesties i.v.m. deze brochure? Geef ons gerust een seintje! Dienst kwaliteit E-mail: info@jessazh.be Tel: 011 33 55 11 Jessa Ziekenhuis vzw Maatschappelijke zetel:

Nadere informatie

2. Wat u moet weten voordat u Paracetamol comp. Apotex gebruikt

2. Wat u moet weten voordat u Paracetamol comp. Apotex gebruikt Version 2008_11 Page 1 of 5 1.3.1.3 PATIENT INFORMATION LEAFLET BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER PARACETAMOL COMP. APOTEX, TABLETTEN paracetamol en coffeïne Lees de hele bijsluiter zorgvuldig

Nadere informatie

De meest voorkomende bijverschijnselen zijn: Bijverschijnselen die weinig voorkomen: Bijverschijnselen die zelden voorkomen:

De meest voorkomende bijverschijnselen zijn: Bijverschijnselen die weinig voorkomen: Bijverschijnselen die zelden voorkomen: Methotrexaat Uw behandelend maag-darm-leverarts heeft u verteld dat u in aanmerking komt voor een onderhoudsbehandeling met Methotrexaat in verband met een chronische ontstekingsziekte van de darmen (ziekte

Nadere informatie

ACUTE LYMFATISCHE LEUKEMIE (ALL) Patiëntenboekje. Acute lymfatische. leukemie, ook wel acute. lymfoblastaire leukemie. of ALL genoemd, is een

ACUTE LYMFATISCHE LEUKEMIE (ALL) Patiëntenboekje. Acute lymfatische. leukemie, ook wel acute. lymfoblastaire leukemie. of ALL genoemd, is een Acute lymfatische leukemie, ook wel acute lymfoblastaire leukemie of ALL genoemd, is een vorm van bloedkanker. Het is een levensbedreigende ziekte van het beenmerg waarbij kwaadaardige cellen ongecontroleerd

Nadere informatie

Periodieke Koorts Met Afteuze Faryngitis En Adenitis (PFAPA)

Periodieke Koorts Met Afteuze Faryngitis En Adenitis (PFAPA) www.printo.it/pediatric-rheumatology/nl/intro Periodieke Koorts Met Afteuze Faryngitis En Adenitis (PFAPA) Versie 2016 1. WAT IS PFAPA 1.1 Wat is het? PFAPA staat voor Periodic Fever Adenitis Pharyngitis

Nadere informatie

p a t i ë n t e n i n f o r m a t i e 2

p a t i ë n t e n i n f o r m a t i e 2 Chemotherapie Inleiding Deze brochure is voor patiënten die voor het eerst behandeld gaan worden met chemotherapie. U krijgt uitleg over wat chemotherapie inhoudt. Hoewel deze brochure waarschijnlijk helpt

Nadere informatie

Wat is chronische myeloïde leukemie?

Wat is chronische myeloïde leukemie? Chronische myeloïde leukemie Wat is chronische myeloïde leukemie? We leggen het u graag uit. www.antikankerfonds.org www.esmo.org ESMO/AKF Patient Guide Series Gebaseerd op de medische praktijk aanbevelingen

Nadere informatie

Behandeling met methotrexaat. Polikliniek Dermatologie

Behandeling met methotrexaat. Polikliniek Dermatologie Behandeling met methotrexaat Polikliniek Dermatologie Methotrexaat wordt gebruikt om psoriasis te behandelen. In deze folder vindt u informatie over de werking en de bijwerkingen van methotrexaat. Het

Nadere informatie

Acute myeloide leukemie

Acute myeloide leukemie Interne geneeskunde Patiënteninformatie Acute myeloide leukemie U ontvangt deze informatie, omdat bij u mogelijk acute myeloïde leukemie is geconstateerd. Wij informeren u hierbij wat deze ziekte precies

Nadere informatie

HAIRY- CELLLEUKEMIE. Patiëntenboekje. Hairy-cellleukemie (HCL) is. een zeldzame vorm van. bloedkanker. De ziekte. verloopt meestal vrij mild.

HAIRY- CELLLEUKEMIE. Patiëntenboekje. Hairy-cellleukemie (HCL) is. een zeldzame vorm van. bloedkanker. De ziekte. verloopt meestal vrij mild. Patiëntenboekje HAIRY- CELLLEUKEMIE Hairy-cellleukemie (HCL) is een zeldzame vorm van bloedkanker. De ziekte verloopt meestal vrij mild. De patiënten hebben goede vooruitzichten. De aandoening wordt hairy-cellleukemie

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING Hematopoiese is het proces waarbij alle cellen waaruit ons bloed bestaat worden gevormd. Het woord hematopoiese is afgeleid van de Griekse woorden haima

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting Het multipel myeloom of de ziekte van Kahler is een kwaadaardige celwoekering van plasmacellen in het beenmerg die een monoklonale zware of lichte keten immunoglobuline produceren.

Nadere informatie

Disclosure belangen J.L.L.M. Coenen. Lid adviesraad cabazitaxel; Sanofi Sprekersvergoeding Astellas

Disclosure belangen J.L.L.M. Coenen. Lid adviesraad cabazitaxel; Sanofi Sprekersvergoeding Astellas Disclosure belangen J.L.L.M. Coenen Lid adviesraad cabazitaxel; Sanofi Sprekersvergoeding Astellas Behandeling van uitgezaaide prostaatkanker Voorlichtingsavond patiëntenvereniging 17 januari 2017 Prostaatkanker

Nadere informatie

IB-2 Panadol Zetpillen 1000 mg voor Volwassenen maart 2010 en Kinderen vanaf 12 jaar Blz.1/5 RVG 29787 NL

IB-2 Panadol Zetpillen 1000 mg voor Volwassenen maart 2010 en Kinderen vanaf 12 jaar Blz.1/5 RVG 29787 NL Blz.1/5 RVG 29787 NL Lees deze bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor u. Dit geneesmiddel is verkrijgbaar zonder doktersvoorschrift (recept), voor de behandeling van een

Nadere informatie

hematoloog dr. Uw specialist is op werkdagen tussen uur bereikbaar via de polikliniek Interne geneeskunde, tel. (078)

hematoloog dr. Uw specialist is op werkdagen tussen uur bereikbaar via de polikliniek Interne geneeskunde, tel. (078) ITP Uw hoofdbehandelaar is: hematoloog dr. Uw specialist is op werkdagen tussen 08.30 17.00 uur bereikbaar via de polikliniek Interne geneeskunde, tel. (078) 654 64 64. 1 Inleiding U heeft van de specialist

Nadere informatie

HOVON 114 MM (Multiple Myeloom) / multipel myeloom

HOVON 114 MM (Multiple Myeloom) / multipel myeloom HOVON 114 MM (Multiple Myeloom) / multipel myeloom Onderzoek voor patiënten met teruggekeerde of verslechterde multipel myeloom (ziekte van Kahler). Onderzocht wordt of een nieuw medicijn veilig en werkzaam

Nadere informatie

Chronische myeloïde leukemie

Chronische myeloïde leukemie bloed, ademhaling & spijsvertering info voor de patiënt Chronische myeloïde leukemie UZ Gent, Dienst Hematologie Inleiding Chronische myeloïde leukemie U wordt behandeld voor chronische myeloïde leukemie.

Nadere informatie

Patiënteninformatiedossier (PID) (Non) Hodgkin. onderdeel ZIEKTE EN BEHANDELING. (NON) HODGKIN Ziekte en behandeling

Patiënteninformatiedossier (PID) (Non) Hodgkin. onderdeel ZIEKTE EN BEHANDELING. (NON) HODGKIN Ziekte en behandeling Patiënteninformatiedossier (PID) (Non) Hodgkin onderdeel ZIEKTE EN BEHANDELING (NON) HODGKIN 2 Inhoud Ziektebeeld en behandeling...4 Medisch onderzoek...4 Chemotherapie...5 Immunotherapie...6 Radiotherapie...7

Nadere informatie

www.printo.it/pediatric-rheumatology/nl/intro De Ziekte Van Behçet Versie 2016 2. DIAGNOSE EN THERAPIE 2.1 Hoe wordt het gediagnosticeerd? De diagnose is voornamelijk klinisch. Het kan een tot vijf jaar

Nadere informatie

www.printo.it/pediatric-rheumatology/be_fm/intro De Ziekte van Behçet Versie 2016 2. DIAGNOSE EN THERAPIE 2.1 Hoe wordt het gediagnosticeerd? De diagnose is voornamelijk klinisch. Het kan een tot vijf

Nadere informatie

Informatie bijeenkomst. Aplastische Anemie. Afdeling Hematologie 12 december 2016

Informatie bijeenkomst. Aplastische Anemie. Afdeling Hematologie 12 december 2016 Informatie bijeenkomst Aplastische Anemie Afdeling Hematologie 12 december 2016 Wat is Aplastische Anemie? Fred Falkenburg Internist-hematoloog Stamcellen in het beenmerg maken alle bloedcellen en afweercellen

Nadere informatie

Voorwaarden. Wordt er geloot? Nee. Bij dit onderzoek speelt loting geen rol.

Voorwaarden. Wordt er geloot? Nee. Bij dit onderzoek speelt loting geen rol. PSCT 19 (Leukemie, ALL, AML, Multipel Myeloom, CLL, MDS, Hodgkin Lymfoom, Non-Hodgkin lymfoom) / acute lymfatische leukemie, acute myeloïde leukemie, chronische lymfatische leukemie, hodgkinlymfoom, leukemie

Nadere informatie

Mevalonaat Kinase Deficientië (MKD) (of Hyper IgD syndroom)

Mevalonaat Kinase Deficientië (MKD) (of Hyper IgD syndroom) www.printo.it/pediatric-rheumatology/be_fm/intro Mevalonaat Kinase Deficientië (MKD) (of Hyper IgD syndroom) Versie 2016 1. WAT IS MKD 1.1 Wat is het? Mevanolaat kinase deficiëntie is een genetische aandoening.

Nadere informatie

Afspraakcodes DC: Dosisreductie:

Afspraakcodes DC: Dosisreductie: In studieverband :.. Buiten studieverband HOVON 9 maintenance Therapielijst\ aftekenlijst\aanvraag cytostatica Patiëntsticker: Datum aanvraag Afdeling -NAT: 0959 Lengte (cm) Gewicht (kg) Lich.opp (m²)

Nadere informatie

Inleiding Wat is Methotrexaat? Voor welke patiënten is Methotrexaat geschikt? Wanneer mag Methotrexaat niet gebruikt worden?

Inleiding Wat is Methotrexaat? Voor welke patiënten is Methotrexaat geschikt? Wanneer mag Methotrexaat niet gebruikt worden? METHOTREXAAT 1173 Inleiding In deze folder vindt u informatie over de werking en bijwerkingen van Methotrexaat. De folder is bedoeld voor psoriasispatiënten die behandeld worden met Methotrexaat. Wat is

Nadere informatie

Methotrexaat. bij ziekte van Crohn en colitis ulcerosa Maag-Darm-Levercentrum. Beter voor elkaar

Methotrexaat. bij ziekte van Crohn en colitis ulcerosa Maag-Darm-Levercentrum. Beter voor elkaar Methotrexaat bij ziekte van Crohn en colitis ulcerosa Maag-Darm-Levercentrum Beter voor elkaar MTX (Methotrexaat) bij IBD (ziekte van Crohn) Uw behandelend arts heeft met u gesproken over het gebruik van

Nadere informatie

Boots Pharmaceuticals Paracetamol 500 mg, tabletten paracetamol

Boots Pharmaceuticals Paracetamol 500 mg, tabletten paracetamol BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Boots Pharmaceuticals Paracetamol 500 mg, tabletten paracetamol Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor u. Dit

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting. Baarmoederhalskanker en het humaan papillomavirus

Nederlandse samenvatting. Baarmoederhalskanker en het humaan papillomavirus Nederlandse samenvatting Baarmoederhalskanker en het humaan papillomavirus Baarmoederhalskanker is de op een na meest voorkomende vorm van kanker bij vrouwen. Elk jaar krijgen wereldwijd ongeveer 500.000

Nadere informatie

Deel I B-2 Panadol Zapp Maart 2010 Blz. 1/5 RVG 26469 NL

Deel I B-2 Panadol Zapp Maart 2010 Blz. 1/5 RVG 26469 NL Blz. 1/5 RVG 26469 NL Lees deze bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor u. Dit geneesmiddel is verkrijgbaar zonder doktersvoorschrift (recept), voor de behandeling van een

Nadere informatie

Uw behandeling met YERVOY (ipilimumab)

Uw behandeling met YERVOY (ipilimumab) Uw behandeling met YERVOY (ipilimumab) Patiëntenfolder YERVOY is onderworpen aan aanvullende monitoring. U wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden. Dit educatieve materiaal is een verplichte

Nadere informatie

CHAPTER 10. Nederlandse samenvatting

CHAPTER 10. Nederlandse samenvatting CHAPTER 10 Nederlandse samenvatting Om uit te groeien tot een kwaadaardige tumor met uitzaaiïngen moeten kankercellen een aantal karakteristieken verwerven. Eén daarvan is het vermogen om angiogenese,

Nadere informatie

Stamceltransplantatie

Stamceltransplantatie Stamceltransplantatie Wat is een stamceltransplantatie? Een stamceltransplantatie is het toedienen van bloedvormende (hematopoietische) stamcellen. Deze stamceltoediening gebeurt eenvoudigweg langsheen

Nadere informatie

ROTER ROTER Paracetamol 500 mg, tabletten Paracetamol

ROTER ROTER Paracetamol 500 mg, tabletten Paracetamol 1.3.1 : Bijsluiter Bladzijde : 1 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER ROTER ROTER Paracetamol 500 mg, Paracetamol Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie

Nadere informatie

Interferon alfa bij neuro-endocriene tumoren

Interferon alfa bij neuro-endocriene tumoren Interferon alfa bij neuro-endocriene tumoren Inleiding De informatie in dit document is bedoeld als aanvulling op de informatie die u al heeft gekregen van uw behandelend internist-oncoloog en de oncologieverpleegkundige.

Nadere informatie