Groepsplan Yulius Onderwijs Yulius onderwijslocatie Drechtster College Leerroute AGL Groep/klas Fase 3 leerjaar 1 Mentor(en) Lennart Hartog (Wilfried Foesenek) Schooljaar 2015-2016 Datum start groepsplan September 2015 Datum 1 e evaluatie groepsplan Januari 2016, door CVB van Drechtster College en leerkracht Datum 2 e evaluatie groepsplan Juni 2016, door CVB van Drechtster College en leerkracht De Wet kwaliteit (V)SO verplicht scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs met ingang van 1 augustus 2013 om voor alle leerlingen een ontwikkelingsperspectief vast te stellen. Dit wordt vastgelegd in een ontwikkelingsperspectiefplan (OPP). De groepsplannen zijn een inhoudelijke uitwerking van de leerlijnen per leerjaar, waarmee onze school keuzes kan maken ten aanzien van het leerstofaanbod en (tussen)doelen om het beoogde uitstroomniveau voor iedere leerling afzonderlijk te bereiken. In combinatie met het groepsplan is het OPP een sturend instrument om het onderwijsleerproces van de leerling - waar nodig - bij te kunnen sturen. Drechtster College GP FASE 3 leerjaar 1 Pagina 1 van 20 2015-2016
Pedagogisch groepsplan I Algemeen aanbod van aanpak en bejegening Ia. (Klimaatgroepen): Beschrijving van specifieke klimaatgroepen De groep bestaat uit 10 leerlingen (voornamelijk jongens) met Uitstroom Arbeid. Het is een stabiele groep van doeners, er is een zekere mate van concentratie mogelijk waarbij stil zitten en denken/luisteren mogelijk is. De sfeer is overwegend gezellig. Er is enige weerstand op het gebied van het leren vanuit theorie waarbij de relatie met de praktijk ontbreekt (of ogenschijnlijk ontbreekt), bij een meerderheid is er de bereidheid aanwezig om deel te nemen aan de lessen en actief in de verwerking te participeren. Afhankelijk van de stagedagen en persoonlijke afspraken van AGL fase 3 leerlingen (= leerjaar 5 & 6) is het groepsplan van toepassing op zowel de dinsdag/woensdag als de woensdag/donderdag groep. Ib. Beschrijving van de aangeboden structuur in de (sub)groep(en) Het is de doelstelling dat de leerlingen van fase 3 gaan leren werken in de praktijk. Dit houdt in dat, waar zij in de voorgaande fases leerden binnen de praktijklessen en BIS, zij buiten de school bij een bedrijf passend bij de gekozen vakrichting stage lopen. De dagen dat de leerlingen op school aanwezig zijn wordt er gewerkt met een dagtaak. De dagtaak staat op het Whitebord. Per les worden op het Digibord de inhoud, werkvormen en taken toegelicht. Het digibord wordt daarna gebruikt om de leerdoelstellingen van de les weer te geven en wordt ter ondersteuning gebruikt bij de instructie welke klassikaal wordt verzorgt. De lessen worden aangeboden volgens het Direct Activerend Instructie Model. Zijn de leerlingen in de klas en staat er geen klassikale les gepland, dan zijn zij bezig met verwerking van de klassikale lessen, het werken aan de eigen leerdoelen welke middels het open leercentrum worden aangeboden (dit houdt in dat de leerlingen extra leertijd beschikbaar hebben voor de leerinhouden waar zij moeite mee hebben of die zij ten behoeve van de gekozen vakrichting wensen te behalen). Ic. Aanbod van (Kijkwijzers en handelingswijzers) die gelden voor deze groep Competenties WEVA en landelijke kwalificaties MBO van beroepsonderwijs BB bedrijfsleven. Trix van Lieshout Indirecte instructiemodel DAIM (achter tapblad 11 in klassenmap) LSCI: LSCI is een therapeutische, verbale interventiemethodiek voor jongeren in crisis. De methodiek wordt toegepast op het moment van de crisis of zo snel mogelijk erna. De reacties van de jongeren in stresserende situaties worden gebruikt om (1) gedrag te veranderen, (2) zelfvertrouwen te vergroten, (3) angst te verminderen en (4) begrip en inzicht in het eigen gedrag en de gevoelens van de anderen te verhogen. (p. 23) Bron: Campus Handboek (Praten met kinderen en jongeren in crisissituaties; N.J. Long, M.M. Wood, F.A. Fecser; Lannoo Campus, 2003, Tielt) Drechtster College GP FASE 3 leerjaar 1 Pagina 2 van 20 2015-2016
Met betrekking tot de omgang met momenten dat het leren in de klas tijdelijk niet lukt zijn binnen Drechtster College afspraken gemaakt met betrekking tot de mogelijkheid om gebruik te maken van een time-out. Gezien de onregelmatige aanwezigheid van de leerlingen (niet dagelijks) en de fase waarin de leerlingen zich bevinden wordt zoveel mogelijk direct door de leerlingbegeleider/mentor met de leerling gesproken over de verstoring binnen de klas of op de gang. Indien een leerling daadwerkelijk niet in staat is zijn rust te vinden binnen de eigen ruimte of met een individueel gesprek zal er eerder een moment naar buiten worden gekozen in de vorm van even een balletje trappen of een rondje lopen. Binnen AGL fase 3 zijn de school- en klassenregels zoals deze zijn vastgesteld en in elk lokaal op een herkenbare positie opgehangen aangepast. De volgende aanpassingen zijn van toepassing: Jassen en Petten: Jassen worden over de eigen stoel gehangen. Mobiele telefoons, mp-3ed.: Te laat/ongeoorloofd afwezig: Pauze: Klassenregels: De leerlingen van fase 3 zijn gedurende de week maximaal 2 dagdelen in de school aanwezig, voor de bereikbaarheid in verband met afspraken met de stageplaatsen mogen zij hun telefoon bij zich dragen echter wel op stil/tril. Alle leerlingen mogen gebruik maken van de mogelijkheid om tijdens het theoretisch werk afwisseling te zoeken op PC en met muziek op telefoon of MP spelers ed. Gezien de 1000 uren norm op jaarbasis vanwege de langere stagedagen ver overschreden wordt is deze regel niet van toepassing. De leerlingen hebben bij de stagecoördinator een urenkaart waarop bijgehouden wordt hoeveel uur de leerling per week maakt. Op het formulier + uren staan de richtlijnen welke gehanteerd worden. De uren die een leerling afwezig is dan wel te laat komt op de lesdagen/stagedagen worden dubbel in mindering gebracht op de + uren. De leerlingen van AGL fase 3 werken veelvuldig van 7:30 17:00 en hebben op de stage pauzes tussen 9:30 en 10:00. Deze structuur heeft het lichaam van deze leerlingen laten wennen aan deze pauzes. De behoefte om in dit tijdvak een hapje en drankje te nuttigen is sterk aanwezig, de ruimte om hierin te voorzien wordt geboden. De klassenregels zijn vervangen door Normen en Waarden afspraken. Deze worden per lesgroep gezamenlijk vastgesteld. Van belang hierbij is dat zowel de leerlingen aangesproken kunnen worden op deze afspraken maar ook de mentor/leerlingbegeleider kunnen door de leerlingen hierop worden aangesproken. Drechtster College GP FASE 3 leerjaar 1 Pagina 3 van 20 2015-2016
II Differentiatie/indeling van de subgroepen Differentiatie pedagogische aanpak: convergent (basis- + subgroepen) divergent (gelijkwaardige subgroepen): Basis Intensief Verdiepend Aandachtspunt(en) hele groep Typering van de groep, motivatie voor differentiatie Naar aanleiding van de ervaringen binnen de stages, de leerpunten en werknemersvaardigheden krijgt de groep veel ruimte om met en van elkaar te leren. Het samen praten over ervaringen is nog onvoldoende ingebed in de groepscultuur en daarvoor is sturing van de docent noodzakelijk. Door een coachende houding en de rol van voorzitter tracht de docent de gesprekken in vorm te leiden waarbij de inhoud door de leerlingen wordt bepaald. De beoordelingslijst SOVA-WEVA-WERK lessen vormt de norm. Typering van de subgroep, motivatie voor differentiatie. Aanbod van de leerstof zowel leerstofspecifiek/vakinhoudelijk als leerstofoverstijgend. De aandachtspunten vanuit de laatste SCOL (schooljaar 2014-2015) worden in de begeleiding en beoordeling van de normen van de WEVA meegenomen. Typering van de subgroep, motivatie voor differentiatie. Aanbod van de leerstof zowel leerstofspecifiek/vakinhoudelijk als leerstofoverstijgend. Die leerlingen die in staat zijn om boven het basis uit te stijgen kunnen door de docent gestimuleerd worden de rol van gespreksleider op zich te nemen tijdens de WEVA lessen. De leerlingen van fase 3.5 krijgen in het schooljaar 2015-2016 vanuit een (voor hen) nieuwe methodiek en competentieprofiel het onderwijs aangeboden krijgen, hierbij is het verwerven van bewijzen en het zelf bijhouden van een portfolio en daarbinnen zelfreflectie voor de gehele groep een aandachtspunt waaraan extra aandacht besteed zal worden. De leerlingen zijn bekend met het verwerken van ervaringen binnen BIS verslagen, deze kennis en kunde zal door de leerlingen toegepast moeten gaan worden op het verwerken van de ervaringen in ZES verslagen tbv het protfolio op basis van de evaluatieformulieren externe stage en de stagecompetentieboeken waarin de kwalificaties per werkproces zijn uitgewerkt. Tevens zal het vormen van een groep collega s in de opstart van het schooljaar leiden tot enige onzekerheid en onrust. Niet de docent maar de groepsdynamiek is leidend. De docent stelt zich op een dusdanige wijze op waardoor de leerlingen elkaar meer moeten corrigeren, bemoedigen en aanspreken, en de docent hierbinnen meer coachend dan grenzenstellend accepteren. Met name in de begin fase leidt dit tot conflicten, grenszoekend gedrag. De zelfverantwoording, zelfredzaamheid/zelfstandigheid in samen de doelen formuleren en hier aan werken zijn de kernwoorden. De school en klassenregels kunnen hierdoor onder druk komen staan, het is aan de groep om hier een goede balans in te vinden. Binnen de schoolorganisatie heeft de docent tot taak de leerlingen op dusdanige wijze te stimuleren tot voorbeeld gedrag, aanspreken op verantwoordelijkheid ipv corrigeren op overschrijdend gedrag. Drechtster College GP FASE 3 leerjaar 1 Pagina 4 van 20 2015-2016
Basisgroep Aanbod voor de hele klas Ontwikkelingsgebied Kerndoelen Doelstellingen Gewenst gedrag Beginsituatie juni 2015: Laatste meting met de SCOL: De gemiddelde groepsscore van 88. Dit houdt in dat de klas sociaal competent is. De grensscore is 80. Op klassenniveau zou nog extra gewerkt kunnen worden aan Leergebied overstijgend Presenteren. Dit heeft ook te Leergebied overstijgend maken met de stoornissen die binnen de groep zitten. Tevens is Sociaal competent het organiseren van een presentatie voor deze leerlingen Leren Leren van belang binnen het groepsplan AGL leerjaar 5 van groot belang. Leren taken uitvoeren De leerlingen van AGL Ontwikkelen van een fase 3 ontwikkelen persoonlijk toekomstperspectief binnen de eigen mogelijkheden een Voorbereiding op arbeid perspectief op participatie op de arbeidsmarkt waarbij zij in staat zijn op sociaal vaardig te communiceren met werkgever, collega en klanten. Inhoud / Leerstofaanbod Wat bied ik aan? Meetinstrument WEVA certificaten LVS leerlijn voorbereiding op arbeid Competenties van WEVA en arbeidsgericht Methode: Doen in WEVA & Mijn Werk Stage evaluatie Stage werkboek Stage contract met leerdoelen aanvulling Aanpak / Klassenmanagement / Organisatie / Leertijd Methodiek, hoe bied ik aan? Binnen het lesrooster is het onderdeel WEVA ingepland gedurende 2 lesuren per week. Individuele gesprekken worden gebruikt om bepaalde situaties, problemen, gedragingen, motivatie e.d. te bespreken. Het onderwerp wordt door de leerkracht en leerling ingebracht. De leerkracht houdt een verslag van het besprokene bij in het journaal van het LVS Er wordt klassikaal gewerkt aan doelen op het gebied van de vakoverstijgende leerlijnen: 1. Sociale competenties 2. Leren leren 3. Leren taken uitvoeren 4. Ontwikkelen van een persoonlijk toekomstperspectief Er wordt individueel middels stageopdrachten en stagebeoordelingen gewerkt naar het beheersingsniveau passend bij de werkprocessen van het gekozen vakgebied. Resultaten, evaluatie en nieuwe doelen Evaluatie januari en juni 2016 door middel van de beoordeling van het beheersingsniveau door de docent, individueel opgetekend in het leerlingvolgsysteem. In het Groot CvB wordt de klassenanalyse en de schoolanalyse gemaakt. De evaluaties zijn op klassikaal niveau in de klassenmap opgenomen en worden tevens in de vorm van WEVA certificaten op individueel niveau afgerond. De stagebeoordelingen worden verwerkt binnen het STORL per individuele leerling. Drechtster College GP FASE 3 leerjaar 1 Pagina 5 van 20 2015-2016
II Differentiatie/indeling Differentiatie didactische aanpak en motivatie voor differentiatie Basis Typering van de groep. Aanbod van de leerstof leerstofspecifiek en vakinhoudelijk. Middels het Direct Activerend Instructie Model wordt de stof van de leerlijnen aangeboden. Per vak is een basis, een intensief en een verdiepend. Alle leerlingen volgen het basis, eventueel aangevuld met een intensief- of een verdiepend. Het streven is middels het basis de beoogde leerdoelen te laten behalen. Intensief Typering van de subgroep, motivatie voor differentiatie. Aanbod van de leerstof zowel leerstofspecifiek/vakinhoudelijk als leerstofoverstijgend. Leerlingen die, bij een bepaald vak, gebaat zijn bij intensievere begeleiding om de stof beter eigen te maken, zullen voor dit vak een intensief aangeboden krijgen. De en zijn per vak apart beschreven. Dit zal met name inhouden dat voor deze leerlingen in het open leercentrum extra tijd wordt ingeruimd voor het behalen van de doelen. Verdiepend Typering van de subgroep, motivatie voor differentiatie. Aanbod van de leerstof zowel leerstofspecifiek/vakinhoudelijk als leerstofoverstijgend. Leerlingen die, bij een bepaald vak, gebaat zijn bij verdieping van de stof zullen een verdiepend aangeboden krijgen om meer uitgedaagd te worden. De en zijn per vak apart beschreven. Aandachtspunt(en) hele groep Het didactisch leren vereist veel van deze groep leerlingen, er is een grote diversiteit in tempo, leervaardigheid en concentratievermogen. Middels het principe van open leercentrum kan de leerling in overleg met de docent de leerstof organiseren en plannen. Afspraak: Er wordt geen discussie tijdens de verwerkingstijd gevoerd. Drechtster College GP FASE 3 leerjaar 1 Pagina 6 van 20 2015-2016
Basis Intensief Verdiepend Per vakgebied zijn in de en AGL (opgenomen binnen de klassenmap, gepubliceerd binnen de website en verzameld in de enmap) het aanbod, de leertijd en de methode beschreven. Binnen AGL fase 3 wordt gewerkt met het open leercentrum principe. Dit houdt in dat de leerling samen met de mentor bepaalt welke lesstof nog moet worden verwerkt, individuele uitleg wordt gegeven en de planning en organisatie merendeels vanuit de leerling plaatsvindt. Hiermee wordt de leerling gestimuleerd verantwoordelijkheid voor het eigen leren op te pakken en afspraken te maken. Leidend voor de docent is de toetsplanning welke hieronder is weergegeven. Jaarplanning 2015-2016 FASE 3 leerjaar 5 Deviant en WEVA (toetsing) (blauw betekent in periode afgerond) Periode NL (Via Vervolg boek B) RW (Startrekenen 1F) Engels (Starters) Burgerschap Kies 2 WEVA -WERK STAGE Okt Herhaling 1,2,3 Herh. Domein 1 Thema 1, 2 Thema 1,2 WEVA 3 Oriëntatie Herhaling Kies 1 opdracht mijn Dec Thema 4 Domein 2 H 8, 9, 10 Thema 3, 4 Thema 3, 4 Afrondende toets Kies 1 Feb Thema 5 Domein 2 H 11, MIJN Werk 1.1 stage Werkstuk Mijn stageplaats Thema 5 Thema 5, 6 Mijn WERK 1.1 Presentatie Mijn stageplaats Thema 6 Thema 7 WEVA 4 Presentatie Mijn WEVA s Domein 3 H 12, 13, 14 Apr Thema 6 Domein 3 H 15, 16 Domein 4 H 17 Jun Herh. 4, 5, 6 Domein 4 H 18, 19, 20 Thema 7 Thema 8 Mijn WERK 1.1 Presentatie Mijn Portfolio Jul Afronding 1F toets Afronding 1F toets Afronding 1A toets Afronding Kies 2 Mijn WERK 1.1 Presentatie Mijn Portfolio Drechtster College GP FASE 3 leerjaar 1 Pagina 7 van 20 2015-2016
Basis Groep: AGL 3.5 Vak: Nederlands 1 lesuur per week werken aan de basisdoelen Deviant methode leer/werkboek VIA De 6 thema s in het boek hebben terugkerende hoofdstukken; 1. Moeilijke woorden, 2. Spelling & Grammatica, 3. Lezen, 4. Schrijven, 5. Spreken&Luisteren. Op deze wijze worden alle kerndoelen behandeld en aangeboden met thema gerichte alledaagse praktische onderwerpen Kerndoelen: 1. De leerling leert actief te luisteren naar gesproken taal over alledaagse en werkgerelateerde onderwerpen. (hoofdstuk 5) Mondelinge Vaardigheden: Luisteren, Hierbij kan men denken aan: luisteren naar instructie om taken of handelingen uit te voeren; luisteren naar een voorgelezen of verteld verhaal als toehoorder; luisteren naar radio, tv en gesproken tekst op internet om benodigde informatie eruit te halen. 2. De leerling leert zich mondeling verstaanbaar en begrijpelijk uit te drukken in gesprekken, overlegsituaties en presentaties over alledaagse en werkgerelateerde onderwerpen. (hoofdstuk 5) Mondelinge vaardigheden: Gesprekken voeren en spreken, Hierbij kan men denken aan: informatie vragen en uitwisselen in formele en informele situaties; de eigen mening verwoorden en onderbouwen met argumenten; beurten kunnen nemen en afstaan; een kort gesprek beginnen en eindigen; afspraken maken en samenvatten; een verstaanbare en vloeiende spraak; afstemmen op gesprekspartner/publiek; gebruik maken van ondersteunende (visueel en auditief) materialen. 3. De leerling leert zakelijke teksten te lezen over onderwerpen die aansluiten bij de eigen interesses, de leefwereld en de wereld van arbeid. (hoofdstuk 1) Lezen: Zakelijke teksten, Hierbij kan men denken aan: lezen van informatieve teksten, bijvoorbeeld in een schoolboek, in een tijdschrift of op het internet; lezen van instructieve teksten, bijvoorbeeld routebeschrijving, recept of werkinstructie; lezen van (eenvoudige) betogende teksten, bijvoorbeeld in huis-aan-huisbladen, in advertenties of (overheids)brochures. 4. De leerling leert verhalende en fictionele teksten belevend te lezen en de eigen interesses en voorkeuren op het gebied van fictie te verkennen. (Hoofdstuk 3 en 5) Lezen: Narratieve, fictionele teksten, Hierbij kan men denken aan: zelfstandig zoeken en kiezen van teksten en films op basis van eigen voorkeur; praten over gelezen teksten/boeken/films; verwoorden van beargumenteerd oordeel over een boek/tekst/film; beschrijven hoe personages voelen, denken en handelen. 5. De leerling leert zich schriftelijk begrijpelijk uit te drukken in korte, eenvoudige teksten over alledaagse en werkgerelateerde onderwerpen. (hoofdstuk 2 en 4) Schrijven, Hierbij kan men denken aan: een brief, kaart of e-mail schrijven om te bedanken, te feliciteren, uit te nodigen of om informatie te vragen; formulieren en werkbriefjes invullen; korte berichten schrijven met eenvoudige informatie; verslagen schrijven met behulp van een stramien; vrij schrijven van een korte tekst of gedicht om eigen ervaringen en gevoelens over te brengen; woordkeuze variëren afhankelijk van de situatie. 6. De leerling leert in schriftelijke producten verzorgde taal te gebruiken. (hoofdstuk 2 en 4) Hierbij kan men denken aan: correct spellen van frequent gebruikte woorden; correct spellen van frequent gebruikte werkwoorden; voor werkwoordspelling voorwaardelijke grammaticale kennis gebruiken, zoals onderwerp en persoonsvorm; formuleren van leesbare zinnen; leestekens (hoofdletter, punt, vraagteken) gebruiken; gebruik maken van spellingcontrole op de computer. 7. De leerling leert zijn woordenschat uit te breiden met behulp van strategieën. (hoofdstuk 1) Strategieën, Hierbij kan men denken aan: onderstrepen van onbekende woorden; vragen wat een woord betekent; afleiden van woorden uit de context; gebruik maken van een woordenboek; opschrijven van belangrijke woorden; het zoeken van bekende woorddelen in een onbekend woord. 8. De leerling leert om taalactiviteiten (spreken, luisteren, schrijven en lezen) voor te bereiden, te plannen en na te kijken. (hoofdstuk 2,4 en 5) Hierbij kan men denken aan: nadenken over inhoud en doel; structureren en informatie ordenen; volgorde bepalen bij uitvoeren van taalactiviteiten; nakijken van (schriftelijke) producten. 9. De leerling leert van feedback van anderen en van eigen reflectie op taalactiviteiten. (hoofdstuk 1,2,3,4 en 5) Hierbij kan men denken aan: luisteren naar reacties van anderen; nadenken over uitgevoerde taalactiviteit; proberen om verbeteringen toe te passen in nieuwe taalactiviteiten. Lesmodel: DAIM 50 min Instructievaardigheden: klassikaal en uitvoerend met gebruik van Digibord 5 min Oriëntatie: herhalen vorige les Nederlands 5 min Instructie: doel benoemen aan het begin van de les (IA) Begeleid inoefenen: verlengde instructie voor de leerlingen van het intensief 30 min Verwerking: tussentijds feedback geven aan individuele leerlingen 5 min Afsluiting: leerlingen leveren individueel het werk in Referentieniveau 1F Januari: Cijfer tussen de 6,1 en de 7,9 voor de methodegebonden toetsen van thema 1,2,3,4 Mei/juni:Cijfer tussen de 6,1 en de 7,9 voor de methodegebonden toetsen van thema 5,6 en afronden 1F met certificaat % behaald.
Groep: AGL fase 3.5 Vak: Nederlands Extra aanvullend op het basis: 2 keer per week 50 werken aan de basisdoelen. Na de klassikale instructie tenminste een verlengde instructie van 10 minuten. Methode Deviant methode leer/werkboek VIA Extra aandacht voor de leerstofdoelen: Intensief Visualiseren van de stappen die genomen zijn, eventueel geheugensteuntjes opschrijven. Meer in oefening van de aangeboden leerstof Voordoen-nadoen Vergroten van zelfvertrouwen door het geven van complimenten Opdrachten mondeling afnemen i.p.v. schriftelijk Sommige opdrachten in subgroep met intensief gezamenlijk doorlopen. Referentieniveau 1F Januari: Cijfer tussen de 5,5 en de 6,0 voor de methodegebonden toetsen van thema 1,2,3,4 Mei/juni:Cijfer tussen de 5,5 en de 6,0 voor de methodegebonden toetsen van thema 5,6 en afronden 1F met certificaat % behaald. 2 x per week 50 minuten aan de basisdoelen. Deviant VIA 1F Verdiepend Leerstofdoelen: 5 x per week 45 minuten volgens de methode. Extra verwerking als een leerling klaar is d.m.v werkbladen gericht op (werkwoord) spelling en zinsontleding. Of zelfstandige verwerking van de methode Doorstart KSE 2. Op redelijk zelfstandige basis behalen van de basisdoelen. referentieniveau 1F/KSE 2 (2F) Januari: Cijfer tussen de 8,0 en de 10,0 voor de methodegebonden toetsen van thema 1,2,3,4 Mei/juni:Cijfer tussen de 8,0 en de 10,0 voor de methodegebonden toetsen van thema 5,6 en behalen 1F certificaat
Basis Groep: AGL 3.5 Vak: Rekenen/Wiskunde 1 lesuur werken aan de basisdoelen Deviant methode leer/werkboek startrekenen 1F Hulpkaarten, ivm zwakke automatisering Kerndoelen: 1. De leerling leert actief te luisteren naar gesproken taal over alledaagse en werkgerelateerde onderwerpen. (hoofdstuk 1,2,3,4,5,6,7,8,9,10,11,12,13,16,17) Mondelinge Vaardigheden: Luisteren, Hierbij kan men denken aan: luisteren naar instructie om taken of handelingen uit te voeren; luisteren naar een voorgelezen of verteld verhaal als toehoorder; luisteren naar radio, tv en gesproken tekst op internet om benodigde informatie eruit te halen. 2. De leerling leert zich mondeling verstaanbaar en begrijpelijk uit te drukken in gesprekken, overlegsituaties en presentaties over alledaagse en werkgerelateerde onderwerpen. (hoofdstuk 1,2,3,4,5,14) Mondelinge vaardigheden: Gesprekken voeren en spreken, Hierbij kan men denken aan: informatie vragen en uitwisselen in formele en informele situaties; de eigen mening verwoorden en onderbouwen met argumenten; beurten kunnen nemen en afstaan; een kort gesprek beginnen en eindigen; afspraken maken en samenvatten; een verstaanbare en vloeiende spraak; afstemmen op gesprekspartner/publiek; gebruik maken van ondersteunende (visueel en auditief) materialen. 3. De leerling leert zakelijke teksten te lezen over onderwerpen die aansluiten bij de eigen interesses, de leefwereld en de wereld van arbeid. Lezen: Zakelijke teksten, Hierbij kan men denken aan: lezen van informatieve teksten, bijvoorbeeld in een schoolboek, in een tijdschrift of op het internet; lezen van instructieve teksten, bijvoorbeeld routebeschrijving, recept of werkinstructie; lezen van (eenvoudige) betogende teksten, bijvoorbeeld in huis-aan-huisbladen, in advertenties of (overheids)brochures. 4. De leerling leert verhalende en fictionele teksten belevend te lezen en de eigen interesses en voorkeuren op het gebied van fictie te verkennen. (Hoofdstuk 6,7,8,9,14) Lezen: Narratieve, fictionele teksten, Hierbij kan men denken aan: zelfstandig zoeken en kiezen van teksten en films op basis van eigen voorkeur; praten over gelezen teksten/boeken/films; verwoorden van beargumenteerd oordeel over een boek/tekst/film; beschrijven hoe personages voelen, denken en handelen. 5. De leerling leert zich schriftelijk begrijpelijk uit te drukken in korte, eenvoudige teksten over alledaagse en werkgerelateerde onderwerpen. (hoofdstuk 12,13,14) Schrijven, Hierbij kan men denken aan: een brief, kaart of e-mail schrijven om te bedanken, te feliciteren, uit te nodigen of om informatie te vragen; formulieren en werkbriefjes invullen; korte berichten schrijven met eenvoudige informatie; verslagen schrijven met behulp van een stramien; vrij schrijven van een korte tekst of gedicht om eigen ervaringen en gevoelens over te brengen; woordkeuze variëren afhankelijk van de situatie. 6. De leerling leert in schriftelijke producten verzorgde taal te gebruiken. (hoofdstuk 12,13,14,15,16,18,19) Hierbij kan men denken aan: correct spellen van frequent gebruikte woorden; correct spellen van frequent gebruikte werkwoorden; voor werkwoordspelling voorwaardelijke grammaticale kennis gebruiken, zoals onderwerp en persoonsvorm; formuleren van leesbare zinnen; leestekens (hoofdletter, punt, vraagteken) gebruiken; gebruik maken van spellingcontrole op de computer. 7. De leerling leert omgaan met tijd. (hoofdstuk 15,17) Hierbij kan men denken aan: klokkijken (digitaal en analoog), wekker; omgaan met kalender, agenda, data, periodes; tijdsbegrippen als jaar, week, dag, maand, uur, minuut, seconde en relaties daartussen; eenvoudige berekeningen met tijd. 8. De leerling leert omgaan met geld en betaalmiddelen. (hoofdstuk 7,19,20) Hierbij kan men denken aan: bedragen leggen; bedragen wisselen; teruggeven vanaf bepaald bedrag, berekeningen met geld, al dan niet met rekenmachine; bedragen (met name prijzen) afronden; prijzen vergelijken; pinnen; geld overmaken, giraal betalen; begrippen als schuld en winst. 9. De leerling leert eenvoudige tabellen, grafieken en diagrammen te interpreteren en te maken. (hoofdstuk 17,18,19,20) Hierbij kan men denken aan: gegevens uit een tabel of grafiek begrijpen, interpreteren en in eigen woorden weergeven; vertaalvaardigheden van situatie, naar tabel of grafiek; gegevens uit een tekst (woorden) in een tabel of grafiek zetten; gegevens uit een tabel in grafiek zetten (of omgekeerd); gegevens systematisch beschrijven, ordenen en weergeven, bijvoorbeeld in een tabel, grafiek of diagram. Lesmodel: DAIM 50 min Instructievaardigheden: klassikaal 1 x per 2 weken en uitvoerend met gebruik van Digibord (individueel waar nodig) 5 min Oriëntatie: herhalen vorige les 5 min Instructie: doel benoemen aan het begin van de les (IA) Begeleid inoefenen: verlengde instructie voor de leerlingen van het intensief 30 min Verwerking: tussentijds feedback geven aan individuele leerlingen 5 min Afsluiting: leerlingen leveren individueel het werk in referentieniveau 1F Januari: Cijfer tussen de 6,1 en de 7,9 voor de methodegebonden toetsen van hoofdstuk 5,6, en 7 Mei/juni:Cijfer tussen de 6,1 en de 7,9 voor de methodegebonden toetsen van hoofdstuk 8,9 en 10 en van Domein 1
Groep: AGL fase 3 Vak: Rekenen Extra aanvullend op het basis: 2 keer per week 50 werken aan de basisdoelen. Na de klassikale instructie tenminste een verlengde instructie van 10 minuten. methode Deviant leer/werkboek startrekenen 1F Hulpkaarten & rekenmachine ivm zwakke automatisering Ondersteunende materialen; - honderd veld, - telraam etc. Intensief Extra aandacht voor de leerstofdoelen: In het individuele plan van de leerling zijn de resultaten van de 0-meting opgenomen waaruit de specifieke doelstellingen mbt de kerndoelen/leerstofdoelen op zijn gebaseerd. Visualiseren van de stappen die genomen zijn, eventueel geheugensteuntjes opschrijven. Rekenkaart gebruiken. Meer in oefening van de aangeboden leerstof Voordoen-nadoen Vergroten van zelfvertrouwen door het geven van complimenten Opdrachten mondeling afnemen i.p.v. schriftelijk Sommige opdrachten in subgroep met intensief gezamenlijk doorlopen. Verdiepend Leerstofdoelen: referentieniveau 1F Januari: Cijfer tussen de 5,5 en de 6,0 voor de methodegebonden toetsen van hoofdstuk 5,6 en 7 Mei/juni:Cijfer tussen de 5,5 en de 6,0 voor de methodegebonden toetsen van hoofdstuk 8,9 en 10 en van Domein 1 2 x per week 50 minuten aan de basisdoelen. methode Deviant Op weg naar 1F Complexere opgaven/werkbladen Op redelijk zelfstandige basis behalen van de basisdoelen. Korte instructie Zelfstandig stille verwerking Uitdagend/extra werk (kan ook in de vorm van begeleiden medeleerling) referentieniveau 1F/KSE 2 (2F) Januari: Cijfer tussen de 8,0 en de 10,0 voor de methodegebonden toetsen van hoofdstuk 5,6 en 7 Mei/juni:Cijfer tussen de 8,0 en de 10,0 voor de methodegebonden toetsen van hoofdstuk 8,9 en 10 en van Domein 1
Basis Groep: AGL fase 3 Vak: Engels 1 lesuur per week werken aan de basisdoelen, daarnaast verrijking en verdiepingswerk op Studiemeter.nl. methode Deviant Starters De 7 thema s in het boek hebben terugkerende hoofdstukken: Luisteren, kijken & lezen van woorden en zinnen Lezen Spreken en een gesprek voeren Schrijven Evalueren van de lesstof Op deze wijze worden alle kerndoelen behandeld en aangeboden met themagerichte alledaagse praktische onderwerpen. Kerndoelen: 1. De leerling leert vertrouwde woorden en basiszinnen te begrijpen die zichzelf, zijn/haar familie en directe concrete omgeving betreffen, wanneer mensen langzaam en duidelijk spreken. (onderdeel 1 elk thema) 2. De leerling leert vertrouwde namen, woorden en zeer eenvoudige zinnen begrijpen, bijvoorbeeld in mededelingen, op posters en in catalogi. (onderdeel 3 elk thema) 3. De leerling leert deel te nemen aan een eenvoudig gesprek waarin hij eenvoudige vragen kan stellen en beantwoorden die een directe behoefte of zeer vertrouwd onderwerp betreffen. (onderdeel 4 elk thema) 4. De leerling leert in spreektaal een beeld te geven van zichzelf, anderen en de naaste omgeving. (onderdeel 4 elk thema) 5. De leerling leert een korte eenvoudige schriftelijke mededeling te doen en leert formulieren in te vullen met persoonlijke details. (onderdeel 5 elk thema) 6. De leerling leert strategieën te gebruiken bij het verwerven van informatie uit gesproken en geschreven Engelstalige teksten. (onderdeel 1 elk thema) 7. De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn/haar woordenschat. (onderdeel 2 elk thema) Lesmodel: DAIM 50 min Instructievaardigheden: klassikaal en uitvoerend met gebruik van Digibord 5 min Oriëntatie: herhalen vorige les Engels 5 min Instructie: doel benoemen aan het begin van de les (IA) Begeleid inoefenen: verlengde instructie voor de leerlingen van het intensief 30 min Verwerking: tussentijds feedback geven aan individuele leerlingen 5 min Afsluiting: leerlingen leveren individueel het werk in referentieniveau A1 Januari: Cijfer tussen de 6,1 en de 7,9 voor de methodegebonden toetsen van thema 1 t/m 4 Mei/juni:Cijfer tussen de 6,1 en de 7,9 voor de methodegebonden toetsen van thema 5,6,7 + afgerond 1A certificaat met beheersing niveau %
Groep: AGL fase 3 Vak: Engels Extra aanvullend op het basis: Doel: 1x per week 50 minuten aan de basisdoelen. Na iedere klassikale instructie 10 minuten verlengde instructie. Extra aandacht voor de leerstofdoelen Deviant Engels vooraf / starters Intensief Extra aandacht voor de leerstofdoelen: Luisteren, kijken & lezen van woorden en zinnen Spreken en een gesprek voeren Extra inoefenen d.m.v. oefenopgave op studiemeter.nl Extra Begeleiding thuis van huiswerkopdrachten studiemeter.nl Visualiseren van de stappen die genomen zijn, eventueel geheugensteuntjes opschrijven. Meer in oefening van de aangeboden leerstof Vergroten van zelfvertrouwen door het geven van complimenten Opdrachten mondeling afnemen i.p.v. schriftelijk Verdiepend Leerstofdoelen: Referentieniveau A1 Januari: Cijfer tussen de 5,5 en de 6,0 voor de methodegebonden toetsen van thema 1 t/m 4 Mei/juni:Cijfer tussen de 5,5 en de 6,0 voor de methodegebonden toetsen van thema 5,6,7 + afgerond 1A certificaat met beheersing niveau % 1x per week 50 minuten aan de basisdoelen. Daarnaast zelfstandige verwerking/verrijking en verdiepingswerk op Studiemeter.nl. Deviant Engels vooraf Beschreven in de methode DEVIANT door het toepassen van de opbouw van hoofdstukken op de volgende wijze: Luisteren, kijken & lezen van woorden en zinnen Lezen Spreken en een gesprek voeren Schrijven Evalueren van de lesstof Korte instructie Zelfstandig stille verwerking Extra oefeningen/verrijkingsstof op Studiemeter.nl Referentiekader A1 Januari: Cijfer tussen de 8,0 en de 10,0 voor de methodegebonden toetsen van thema 1 t/m 4 Mei/juni:Cijfer tussen de 8,0 en de 10,0 voor de methodegebonden toetsen van thema 5,6,7 + afgerond 1A certificaat met beheersing niveau %
Basis 3 Groep: AGL fase 3 Vak: Leergebied overstijgend (voorbereiding op arbeid) via ZES 3 dagen externe stage (ZES), 3 x 50 min verwerking op school van ervaringen en ontwikkelen Werknemersvaardigheden WEVA map, Portfolio en stageboek Kerndoelen: 1. De leerling verkent actief werkvelden en beroepen, bij voorkeur in de eigen regio 8. De leerling leert vaardigheden om werk te verwerven, te behouden en om van werk te veranderen 9. De leerling ontwikkelt algemene competenties voor arbeid, met name de volgende: De leerling leert samen te werken en te overleggen De leerling leert instructies en procedures op te volgen De leerling leert bij arbeidsmatige taken de juiste materialen en middelen op een doelmatige en doelgerichte manier in te zetten De leerling leert de eigen beroepsmatige werkzaamheden in te plannen en te organiseren De leerling leert kwaliteit te leveren in arbeidsmatige situaties De leerling leert ethisch en integer te handelen in beroepssituaties De leerling leert om te gaan met veranderingen en zich aan te passen De leerling leert met druk en tegenslag om te gaan Lesmodel: DAIM 50 min: (bij de lessen in school) Instructievaardigheden: klassikaal en uitvoerend met gebruik van Digibord 5 min Oriëntatie: herhalen vorige les WEVA 5 min Instructie: doel benoemen aan het begin van de les 10 min rollenspel: de docent en een ondersteuner spelen een situatie foutief voor, deze wordt met leerlingen besproken 20 min inoefenen: de leerlingen oefenen situaties in kleine groepen (IA) Begeleid inoefenen: verlengde instructie voor de leerlingen van het intensief 5 min Afsluiting: nabespreking en feedback Begeleidingsmodel (bij de externe stage) Coaching vaardigheden: individueel en gericht op de competenties van de stagiair Plaatsing en begeleiding: zie stagemap Beheersing van de WEVA en AKA competenties waardoor de kans op participatie op de arbeidsmarkt wordt verhoogd.. Het volbrengen van de stage binnen het stagebedrijf met uitzicht op een arbeidsovereenkomst of wel een aanbevelingsbrief van de stageplaats
Groep: AGL fase 3 Vak: Leergebied overstijgend (voorbereiding op arbeid) via ZES De leerlingen in het intensieve volgen minder dagen stage en dienen daarom op school aanbod aangeboden te krijgen. Hoe dit aanbod eruit ziet is afhankelijk van individuele factoren. De beschrijving van het aanbod is opgenomen in het individuele plan van de jongeren. 3 - - - wordt aangeboden aan leerlingen die absoluut niet in de externe stage terecht kunnen (verlenging fase 2) 3 - - wordt aangeboden aan leerlingen die angstig zijn om direct meerdere dagen externe stage te aanvaarden (1 stage dag di of do) 3 - wordt aangeboden aan leerlingen die toe zijn aan 2 dagen externe stage (dinsdag en donderdag) Intensief 3 - - - 3 - - 3 - Binnen de WEVA lessen wordt binnen het intensief extra aanvullend op het basis: (stapelen) leertijd: Lessen worden begeleid uitgewerkt aan de instructietafel. Doel: Na iedere klassikale instructie 10 minuten verlengde instructie. De leerling competent maken voor het volgen van het basis. WEVA en BIS Extra aandacht voor de leerstofdoelen: Onderzoek zal verricht worden naar de belemmerende factoren en achterblijvende leerdoelen Extra Begeleiding en opdrachten die zelfstandig en middels huiswerk kunnen worden uitgevoerd. Verdiepend 3 + 3 + + Het doel is behaald wanneer deze leerlingen binnen het intensieve dichter op het basis komt of door kan naar het basis.. De leerlingen in het verdiepend volgen meer dagen stage en krijgen daardoor minder aanbod dan in de en van de vakken dan is opgenomen in het basis. De leerstof die de leerling kan verwerken is hierdoor beperkt, individueel zal de beschrijving van het aanbod opgenomen worden in het individuele plan van de jongeren. 3+ is de verdieping van fase 3, ma-di-wo-do wordt er extern stage gelopen en op vrijdag is de verwerkingsdag portfolio en specialisatie. is de uitstroom groep, zij gaan 5 dagen in plaatsingsstage gericht op het overbruggen van de periode tussen school en 3++ arbeidsovereenkomst bvb ivm aanvangsdatum begin vd volgende maand. Leerstofdoelen: De leerlingen verwerken meer WEVA competenties binnen de stage dan tijdens de lesuren op school. De verwerking vindt plaats binnen het portfolio. Drechtster College portfolio gebaseerd op de specialisatie van het vakgebied/branche boek Doen In De leerling verwerft binnen de stage de noodzakelijke basisvaardigheden en specifieke werknemers vaardigheden om de kans op een arbeidsovereenkomst te vergroten. De stage binnen 3 + + omvat een voorlopige arbeidsovereenkomst waarin opgenomen de verwachting mbt uitstroomdatum. De leerlingen hebben ten behoeve van het verkrijgen van de arbeidsovereenkomst nog ondersteuning van de school nodig, dit houdt in dat 2 wekelijks de door de school aangewezen stagedocent de stageplaats bezoekt tbv een voortgangsrapportage. Het doel is behaald wanneer de voorlopige arbeidsovereenkomst wordt omgezet in een arbeidsovereenkomst waarmee de leerling uitstroomt en middels de nazorg van de school nog begeleiding op afstand/afroep krijgt volgens het transitiedocument.
Basis Groep: AGL fase 3 Vak: Mens en Maatschappij 1 lesuur per week Deviant Kies 2 Het leerwerkboek bestaat uit tien thema s. In deze thema's komen de dimensies van het vak burgerschap geïntegreerd aan bod: 1. kiezen; 2. de Samenleving 3. Democratie 4. Werken 5. Veiligheid 6. Media 7. Consumeren 8. Gezondheid Met uitzondering van het eerste (introductie)thema bestaat elk thema uit 8 lessen: - een startopdracht, - 5 lessen over bij het thema behorende onderwerpen, - een les over de behandelde begrippen en - keuzeopdrachten voor verwerking. Kerndoelen: Mens en Maatschappij 1. De leerling leert over de rol van de consument in de Nederlandse samenleving, leert als consument bewuste en kritische keuzes te maken en leert daarbij bewust om tegaan met sociale druk. (Thema 1, 2, 3, 5, 6, 8) 2. De leerling leert te budgetteren en leert de eigen financiën te beheren, mede met het oog op zelfstandig wonen in de toekomst. (thema 4, 7) 3. De leerling leert een eigentijds beeld van de eigen omgeving, Nederland en de wereld te gebruiken om zich te kunnen verplaatsen en te reizen. (thema 2, 7) 4. De leerling leert over het belang en de betekenis van werk voor zichzelf en oriënteert zich op de eigen plaats binnen een arbeidsorganisatie en op regelingen voor arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden. (thema 4,5, 7, 8) 5. De leerling leert over verschillende mogelijkheden om de vrije tijd te besteden en verkent actief de eigen mogelijkheden om te participeren aan activiteiten in de vrije tijd. (thema 1,2,4,8) 6. De leerling leert over burgerschap in de Nederlandse samenleving en de eigen rol als burger in te vullen en leert de betekenis te zien van respect voor verschillen tussen mensen in opvattingen en leefwijzen, met daarbij aandacht voor seksualiteit en seksuele diversiteit. (thema 2,3,5,8) 7. De leerling leert op hoofdlijnen hoe het Nederlandse politieke bestel als democratiefunctioneert en hoe hij zelf daarbij betrokken kan zijn. (thema 1,3,5) 8. De leerling leert perioden, gebeurtenissen en personen uit zijn eigen leven en leefomgeving te ordenen in de tijd. (thema 3,6) 9. De leerling leert enkele belangrijke gebeurtenissen, ontwikkelingen en personen in de tijd te plaatsen. (thema 3,6) Lesmodel: DAIM 50 min: Instructievaardigheden: klassikaal en uitvoerend met gebruik van Digibord 5 min Oriëntatie: herhalen vorige les Burgerschap 10 min Instructie: doel benoemen aan het begin van de les 20 min inoefenen: de leerlingen verwerken het tema (IA) Begeleid inoefenen: verlengde instructie voor de leerlingen van het intensief 10 min Afsluiting: nabespreking en feedback De methode biedt verschillende manieren om aan te tonen dat leerlingen voldoen aan de inspanningsverplichting voor het vak burgerschap: - leerlingen bouwen een portfolio op door keuzeopdrachten uit het leerwerkboek te maken; - leerlingen kunnen bij elk thema een papieren toets maken; - leerlingen kunnen online toetsen maken over de belangrijkste theorie en begrippen. Behaald bij een cijfer > 6,9
Groep: AGL fase 3 Vak: Mens en Maatschappij Extra aanvullend op het basis: (stapelen) leertijd: Lessen worden begeleid uitgewerkt aan de instructietafel. Doel: Na iedere klassikale instructie 10 minuten verlengde instructie. Extra aandacht voor de leerstofdoelen Intensief Kies 2 Deviant en studiemeter Extra aandacht voor de leerstofdoelen: Het verkrijgen van een positieve kijk op de Nederlandse maatschappij en de ondersteuningsmogelijkheden. Verdiepend Leerstofdoelen: Vergroten van zelfvertrouwen door het geven van complimenten Opdrachten mondeling afnemen i.p.v. schriftelijk Toetsafname methodegebonden toets door docent. Het doel is behaald wanneer de leerlingen een cijfer behaald > 5,5. als in bassi Kies 2 Deviant en studiemeter Extra verwerking als een leerling klaar is d.m.v werkbladen gericht op Europees en Wereldburgerschap. Korte instructie Zelfstandig stille verwerking Complexere opgaven Het doel is behaald wanneer de leerlingen een cijfer van > 7,9 behaald.
Basis Groep: AGL fase 3 Vak: Culturele oriëntatie en creatieve expressie Kerndoelen: aansluiten bij het Verwerking binnen de lessen van de andere leergebieden. ICT, digibord, creatieve materialen Culturele oriëntatie en creatieve expressie 10. De leerling oriënteert zich op het sociaal-culturele aanbod in zijn omgeving, leert een voor hem passende keuze te maken uit dit aanbod en leert actief deel te nemen aan culturele activiteiten. 11. De leerling leert zich creatief en kunstzinnig te uiten, passend bij de eigen talenten, voorkeuren en mogelijkheden. 12. De leerling leert eigen creatief of kunstzinnig werk, alleen of met een groep, aan derden te presenteren. 13. De leerling leert te vertellen en na te denken over eigen creatief of kunstzinnig werk en over het werk van anderen. De leerling is in staat om binnen de verwerking van de lessen Nederlands, WEVA en Mens en Maatschappij gebruik te maken van verschillende presentatie wijze die eigen creatieve talent, voorkeur en mogelijkheden. De creativiteit van de leerling komt tot uiting binnen de samenstelling en opmaak van het eigen portfolio. Extra aanvullend op het basis: (stapelen) leertijd: De leerling ontvangt bij het samenstellen en opmaken van het portfolio extra ondersteuning. Doel: in de individuele gesprekken met leerlingen over het portfolio. De leerling leert eigen expressie waarderen Intensief portfolio Extra aandacht voor de leerstofdoelen: Het verkrijgen van een positieve kijk op eigenheid/zelfbeeld Verdiepend Leerstofdoelen: Vergroten van zelfvertrouwen door het geven van complimenten Voorbeelden De leerling is trots en tevreden over eigen invulling van het portfolio. als in bassi keuze leerling eigen materialen Het portfolio is van de leerling zelf, de creativiteit van de leerling wordt gestimuleerd. Korte instructie Zelfstandig stille verwerking Complexere materialen Portfolio bevat naast het basispakket extra eigen productiviteit/creativiteit passend bij de beroepskeuze van de leerling.
Basis Groep: AGL fase 3 Vak: Mens, Natuur en Techniek Kerndoelen: Dit leergebied wordt verweven binnen de stage en WEVA lessen. ICT, digibord, methode VCA en WEVA Mens, Natuur en Techniek 1. De leerling leert over zorg en leert te zorgen voor een gezonde voeding, voor de woon- en leefomgeving en voor de persoonlijke verzorging en presentatie. 2. De leerling leert over aspecten van hygiëne en leert hygiënisch te handelen in de school-, leef- en werkomgeving. 3. De leerling leert hoofdzaken te begrijpen van bouw en functie van het menselijk lichaam en van de lichamelijke, seksuele en geestelijke ontwikkeling van mensen en leert te zorgen voor de eigen lichamelijke, seksuele en psychische gezondheid. 4. De leerling leert veel voorkomende planten en dieren te onderscheiden en leert te zorgen voor planten en/of dieren. 5. De leerling leert over aspecten van duurzaamheid en leert met zorg om te gaan met het milieu. 6. De leerling leert aan de hand van toepassingen uit het dagelijks leven technische en natuurkundige principes te herkennen. 7. De leerling leert technische toepassingen te herkennen en gebruiken, mede om de eigen redzaamheid te vergroten. 8. De leerling leert eenvoudig technisch onderhoud uit te voeren. 9. De leerling leert over veiligheidsaspecten en leert veilig te handelen op school, thuis en op de werkplek. De kerndoelen verwijzen naar activiteiten die leerlingen in de basis en oriëntatiefase binnen de school aangeboden heeft gekregen binnen de praktijklessen en de interne stage. Voor de fase 3 is het streven gericht op het toepassen binnen de ZES, als onderdeel van de Werknemersvaardigheden. Het veilig, hygiënisch en duurzaam omgaan met materialen, machines op de werkplek krijgt expliciet aandacht binnen de lessen VCA. B-VCA lessen; 1 lesuur per week middels: Lesmodel: DAIM 50 min: Instructievaardigheden: klassikaal en uitvoerend met gebruik van Digibord 3 min Oriëntatie: herhalen vorige les VCA 2 min Instructie: doel benoemen aan het begin van de les 10 min gezamenlijk lezen: de leerlingen lezen gezamenlijk de tekst van het hoofdstuk 20 min verwerking: de leerlingen maken de opdrachten behorende bij het hoofdstuk (IA) Begeleid verwerking: verlengde instructie voor de leerlingen van het intensief 10 min Afsluiting: nabespreking en feedback 2 maal per jaar kunnen leerlingen opgaan voor het examen VCA bij een externe examen instantie. Hiertoe moeten de leerlingen de leerstof volledig hebben verwerkt en bij de proefexamens (3 x) een voldoende hebben behaald.
Groep: AGL fase 3 Vak: Mens, Natuur en Techniek Extra aanvullend op het basis: (stapelen) leertijd: De leerling ontvangt bij het verwerken van de opdrachten opmaken van het portfolio extra ondersteuning. Intensief Doel: 10 min van de verwerking is begeleid door de docent aan de instrucitietafel. de leerling is in staat de verwerking zelfstandig verder op te pakken. VCA methode, extra VCA visualiseringsmateriaal Vergroten van zelfvertrouwen door het geven van complimenten Voorbeelden en mondelinge verwerking ipv schriftelijke De leerling behaalt aan het eind van het schooljaar het VCA diploma. als in basis VCA vol materiaal Verdiepend Leerstofdoelen: De leerlingen die over het B-VCA diploma beschikken leren voor het VCA-VOL diploma. Korte instructie Zelfstandig stille verwerking Complexere materialen De leerling behaalt aan het einde van het schooljaar het VCA-VOL diploma.