Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Jos Brokking 04 November 2015 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/66284 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet. Wikiwijs Maken is een onderdeel van Wikiwijsleermiddelenplein, hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt, vergelijkt, maakt en deelt.
Inhoudsopgave Intro Intro Vooraf Leerdoelen Aan de slag Stap1 Stap2 Stap3 Stap4 Stap5 Stap6 Stap7 Stap8 (1) Stap8 (2) Stap8 (3) Stap9 Stap10 Stap11 Stap 12 Stap13 Stap15 Stap16 Over dit lesmateriaal Pagina 1
Intro Intro Kijk ongeveer een minuut naar het volgende filmpje. Volgens mensen die de evolotietheorie aanhangen behoren wij tot de zoogdieren. Creationisten plaatsen mensen in een aparte groep: Mensen. Mensen hebben overigens net als zoogdieren botten In deze opdracht staat het skelet centraal. Hoe heten al die botten in ons skelet? Op deze vragen ga je in deze opdracht antwoord geven. Succes Pagina 2
Vooraf Leerdoelen Leerdoelen Na deze opdracht: Ken je alle namen van de beenderen van het skelet. Ken je verschillende botgroepen. Begrijp je waarvoor je een skelet nodig hebt. Weet je waar botten van gemaakt zijn en hoe het komt dat kinderen minder snel iets breken dan volwassenen. Weet je hoe je wervelkolom schokken opvangt. Weet wat een goede lichaamshouding is. Zie je de overeenkomsten tussen het skelet van dieren en van de mens Pagina 3
Aan de slag Stap1 Het geraamte of skelet Bestudeer uit de kennisbank biologie de eerste twee pagina's van het onderdeel over het geraamte/skelet en beantwoord dan de vraag over de functies van het geraamte. Geraamte Welke functies heeft ons geraamte allemaal? Kies meerdere antwoorden uit de volgende mogelijkheden. 1. Het maakt bewegingen mogelijk. 2. Het geeft vorm aan ons lichaam. 3. Het beschermt sommige tere organen. 4. Het zorgt voor stevigheid en rechtop blijven staan. 5. In het beenmerg worden bloedcellen aangemaakt. vergelijk jouw keuze met de keuze van een klasgenoot. Hebben jullie een verschillend antwoord. Kijk nog even in de kennisbank. Stap2 Verschillende botten Ga opnieuw naar het onderdeel 'Geraamte' in de kennisbank biologie. Kijk uit welke botten en beenderen de schedel, de romp, de wervelkolom en de ledematen zijn opgebouwd (pagina 3 t/m 7). Geraamte Doe nu de volgende sleepoefeningen. Skelet hoofd - Flash Skelet romp - Flash Skelet benen - Flash Pagina 4
Werken de sleepoefeningen niet? Download dan het werkblad Bouw skelet Oefenen skelet kn.nu/ww.c9ca6ea (biologiepagina.nl) Oefen de namen van het skelet (laat je docent zien dat je minimaal 85% goed hebben) Stap3 Samenstelling botten Bekijk het filmpje op de site van SchoolTV. Samenstelling bot Bestudeer nu de informatie over de samenstelling van de botten en beantwoord vervolgens de vijf vragen. Kalk en lijmstof Je geraamte moet wel tegen een stootje kunnen en dus stevig zijn. De botten zijn daarom erg hard en zo sterk als staal. Een bot bestaat gewoonlijk uit been en voor de geboorte uit kraakbeen. Enkele botten zoals in je neus en oorschelp blijven uit kraakbeen bestaan. Been bestaat uit beencellen, kalk en lijmstof. Kalk ken je vast wel, want stoepkrijt is ook van kalk. Kalk is stevig, maar ook broos. Als je een stukje stoepkrijt probeert te buigen, breekt het. Lijmstof is net een soort gum. Het is gemakkelijk in elkaar te drukken, maar veert daarna weer terug. Stevig is deze lijmstof dus niet, maar wel erg soepel. Ook is het kleverig: vroeger maakte men er lijm van (beenderlijm). Kalk en lijmstof zorgen samen voor een stabiel skelet, zodat het lichaam zijn vorm behoudt. 1. Waaruit bestaat hard bot? Kies uit: kraakbeen, been en kalk 2. Wat is van kalk gemaakt? Kies uit: stoepkrijt, waspoeder en gum. 3. Welke twee eigenschappen passen bij lijmstof? Kies uit: broos, soepel en terugverend 4. Wat is een voorbeeld van een zacht bot bij een volwassene? Kies uit: oorschelp, staartbeentje en borstbeen 5. Welke twee stoffen zorgen samen voor een stevig skelet? Kies uit: beencellen, lijmstof en kalk. Stap4 Klik op het ZIP-bestand. Maak de oefening: Pagina 5
De verschillen tussen been en kraakbeen kn.nu/ww.a7e4c3a (zip, maken.wikiwijs.nl) Stap5 Verandering in de samenstelling van botten en krimpen kn.nu/y7sbh 1 Verandering in de samenstelling van botten en krimpen Een baby kan gemakkelijk zijn eigen in de mond steken. De botten van baby's zijn namelijk erg buigzaam en bestaat voor het grootste deel uit Kraakbeen is stevig, maar toch buigzaam. Tijdens de groei als kind wordt steeds meer kraakbeen vervangen door Bij het ouder worden bestaat been steeds minder uit lijmstof en steeds meer uit. De botten worden daardoor steeds minder buigzaam en breken dan een stuk makkelijker. In het begin bevat dit veel lijmstof. Naarmate we ouder worden, we steeds meer uit. Kraakbeen dat tussen de wervels van de zit krimpt daardoor. Ook maken oude mensen minder bot aan dan er wordt afgebroken, waardoor botten worden. Slechter wordende botten en minder kraakbeen tussen de wervels betekent dat de botten dichter op elkaar komen te zitten en dat de van de wervelkolom afneemt. Dit zorgt ervoor dat oude mensen krimpen. Beschikbare keuzes: kalk, lengte, tenen, ruggengraat, kraakbeen, drogen, slechter, been Stap6 Bekijk de grafiek hieronder. In de grafiek zie je hoe het percewntage lijmstof en kalk in je botten verandert als je ouder wordt. Pagina 6
1. Welke lijn geeft het percentage kalk weer? 2. En welke lijn het percentage lijmstof? Stap7 Wervelkolom Bestudeer in de kennisbank biologie van onderdeel 'Geraamte' de informatie over de wervelkolom (pagina 5 en 6). Geraamte Maak nu de volgende sleepoefening: Wervelkolom - Flash Wervels en tussenwervelschijven - Flash Werken de sleepoefeningen niet? Download dan het werkblad Rechtop staan Stap8 (1) Wervelkolom Bekijk nu de video op de website www.e-gezondheid.be. Pagina 7
Gebruik alle informatie voor het beantwoorden van de acht vragen. www.e-gezondheid.be 1. Bekijk een tekening of kijk naar het skelet in de klas. Hoeveel halswervels heeft de wervelkolom? A. 2 B. 7 C. 14 2. Hoe heten de twaalf wervels die onder de halswervels liggen? A. rugwervels B. middenwervels C. borstwervels 3. Hoeveel lendenwervels zijn er? A. 1 B. 5 C. 11 Stap8 (2) Vragen vervolg 4. Hoe heet het been tussen de lendenwervels en het staartbeen? A. tussenbeen B. heiligbeen C. bekkenbeen D. kraakbeen 5. Waardoor is de wervelkolom buigzaam? A. Doordat de wervels gescheiden zijn door tussenwervelschijven. B. Doordat de wervelkolom een S-vorm heeft. C. Doordat de wervels van binnen hol zijn. D. Doordat de wervels uit verschillende soorten wervels bestaat. 6. Waaruit bestaan de tussenwervelschijven? A. Alleen uit kraakbeen. B. Alleen uit vocht. C. Uit kraakbeen en vocht. Stap8 (3) Vragen vervolg Pagina 8
7. Als mensen ouder worden kunnen ze rugpijn krijgen. Waardoor komt dat? A. De tussenwervels 'drogen uit' waardoor de kwaliteit verslechtert. B. De tussenwervels nemen meer vocht op en dit veroorzaakt pijn. C. De wervels komen in de knel en dit veroorzaakt pijn. 8. Wat is geen direct gevolg zijn van beknelling van een ruggenmergzenuw? A. lagerugpijn B. pijn in de benen C. meniscus Vergelijk jouw antwoorden met de antwoorden van een klasgenoot. Bespreek verschillen. Komen julllie er niet uit vraag dan de hulp van de docent. Stap9 Eindtoets Je sluit deze opdracht af met het maken van een toets. De toets bestaat uit negen vragen. Voor iedere vraag kun je 2 punten halen. Probeer alle punten te halen. Klik op de volgende link om te beginnen: Succes! Rechtop staan kn.nu/3uf0i 1 Bekijk de figuur. Wat is aangegeven me de letter A? En wat is aangegeven met de letter B? Pagina 9
a. A is halswervels, B is staartbeen b. A is halswervels, B is heiligbeen c. A is lendenwervels, B is staartbeen d. A is lendenwervels, B is heiligbeen 2 Pagina 10
Bekijk de figuur. Wat is aangegeven me de letter A? En wat is aangegeven met de letter B? a. A is borstwervels, B is staartbeen b. A is borstwervels, B is heiligbeen c. A is lendenwervels, B is staartbeen d. A is lendenwervels, B is heiligbeen 3 Van boven naar beneden hebben de wervels andere namen. Welke volgorde klopt? a. halswervels, heiligbeen, borstwervels, lendenwervels, staartbeen b. halswervels, borstwervels, heiligbeen, lendenwervels, staartbeen c. halswervels, lendenwervels, borstwervels, heiligbeen, staartbeen d. halswervels, heiligbeen, borstwervels, lendenwervels, staartbeen e. halswervels, borstwervels, lendenwervels, heiligbeen, staartbeen 4 Pagina 11
Bekijk de afbeeldingg. De wervels bestaan uit een wervelkolom en drie uitsteeksels. Aan welke zijde ligt het wervellichaam en welke zij de drie uitsteeksels? a. Wervellichaam aan de buikzijde, de drie uitsteeksels aan de rugzijde. b. Wervellichaam aan de rugzijde, de drie uitsteeksels aan de buikzijde. 5 Tussen het wervellichaam en de drie uitsteeksels zit een rond gat. Hier doorheen loopt een met vloeistof gevulde koker. Wat bevindt zich in de koker? a. zenuwen b. het ruggenmerg c. kraakbeen d. lijmstof 6 Waar of niet waar? I Van onder naar boven worden de wervels bij een mens steeds groter. II De vorm van de wervelkolom is van opzij gezien een dubbele S. a. I en II zijn beide waar. b. I is waar, II is niet waar. c. I is niet waar, II is waar. d. I en II zijn beide niet waar. 7 Pagina 12
Bekijk de figuur. Wat wordt aangegeven met de letter A? a. een wervel b. een tussenwervelschijf c. een zenuw d. het ruggenmerg 8 Bekijk de figuur. Wat wordt aangegeven met de letter A? a. een wervel b. een tussenwervelschijf c. een zenuw d. het ruggenmerg 9 Waar of niet waar? I Als je ouder wordt, wordt de wervelkolom korter. II Als je lage rugpijn hebt, heb je ook vaak last in de bilstreek en je benen. Pagina 13
a. I en II zijn beide waar. b. I is waar, II is niet waar. c. I is niet waar, II is waar. d. I en II zijn beide niet waar. Stap10 Lichaamshouding Bestudeer uit de Kennisbank Biologie het onderdeel Beenverbindingen: Lichaamshouding Bekijk ook de volgende twee filmpjes: Stap11 Hoe moet je staan en hoe moet je zitten? In de volgende tekst ontbreken enkele woorden. Die woorden zie je naast de tekst. Sleep de woorden naar de juist plaats. Hoe moet je staan en hoe moet je zitten? kn.nu/cnrd4 Pagina 14
1 Hoe moet je staan? 1 Plaats je voeten zo naast elkaar dat er nog een tussen kan. 2 Ontspan je en verdeel je lichaamsgewicht over beide benen. 3 Houd je rug. 4 Steek je vooruit. Hoe moet je zitten? 1 Ga zitten met een rechte. 2 Plaats je plat op de grond. 3 Houd je in een hoek van 90 graden. 4 Hoofd en staan recht op je. Beschikbare keuzes: recht, borst, benen, voetbreedte, knieën, romp, nek, voeten, rug Stap 12 Speel het spel en probeer zoveel mogelijk punten te halen. Als je 1200 punten weet te halen mag je verder gaan. Meer punten proberen te scoren is natuurlijk ook goed. Spel over de leerstof van hoofdstuk 2.1 kn.nu/ww.528c9b0 (zip, maken.wikiwijs.nl) Stap13 Heel veel botten die mensen hebben kun je ook vinden bij de gewervelde dieren Maak de oefening door op de link te klikken De botten van dieren kn.nu/ww.f7b5736 (biologiepagina.nl) Stap15 Het is nu goed om te controleren of je de leerstof beheerst. Klik op de onderstaande link en maak de oefentoets over paragraaf 2.1 oefentoets 2.1 kn.nu/ww.e0d4221 (biologiepagina.nl) Pagina 15
Stap16 Bonusopdracht Je gaat samen met een klasgenoot een poster maken. Kijk in de gereedschapskist voor tips. Poster De poster maak je voor in de wachtkamer van een dokter. De titel van de poster is 'Niet zo, maar zo'. Op de poster laat je zien wat een goede en wat een slechte zithouding is. Je geeft ook tips voor een goede zithouding. Klaar en tevreden? Laat het resultaat beoordelen door je docent. Pagina 16
Antwoorden Antwoorden: Verandering in de samenstelling van botten en krimpen 1 Verandering in de samenstelling van botten en krimpen Een baby kan gemakkelijk zijn eigen tenen in de mond steken. De botten van baby's zijn namelijk erg buigzaam en bestaat voor het grootste deel uit kraakbeen Kraakbeen is stevig, maar toch buigzaam. Tijdens de groei als kind wordt steeds meer kraakbeen vervangen door been Bij het ouder worden bestaat been steeds minder uit lijmstof en steeds meer uit kalk. De botten worden daardoor steeds minder buigzaam en breken dan een stuk makkelijker. In het begin bevat dit veel lijmstof. Naarmate we ouder worden, drogen we steeds meer uit. Kraakbeen dat tussen de wervels van de ruggengraat zit krimpt daardoor. Ook maken oude mensen minder bot aan dan er wordt afgebroken, waardoor botten slechter worden. Slechter wordende botten en minder kraakbeen tussen de wervels betekent dat de botten dichter op elkaar komen te zitten en dat de lengte van de wervelkolom afneemt. Dit zorgt ervoor dat oude mensen krimpen. Aantal punten juist antwoord: 1 Antwoorden: Hoe moet je staan en hoe moet je zitten? 1 Hoe moet je staan? 1 Plaats je voeten zo naast elkaar dat er nog een voetbreedte tussen kan. 2 Ontspan je knieën en verdeel je lichaamsgewicht over beide benen. 3 Houd je rug recht. 4 Steek je borst vooruit. Hoe moet je zitten? 1 Ga zitten met een rechte rug. 2 Plaats je voeten plat op de grond. 3 Houd je benen in een hoek van 90 graden. 4 Hoofd en nek staan recht op je romp. Pagina 17
Aantal punten juist antwoord: 1 Pagina 18
Over dit lesmateriaal Colofon Auteur Jos Brokking Laatst gewijzigd 04 November 2015 om 20:26 Licentie Dit lesmateriaal is gepubliceerd onder de Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Dit houdt in dat je onder de voorwaarde van naamsvermelding en publicatie onder dezelfde licentie vrij bent om: het werk te delen - te kopiëren, te verspreiden en door te geven via elk medium of bestandsformaat het werk te bewerken - te remixen, te veranderen en afgeleide werken te maken voor alle doeleinden, inclusief commerciële doeleinden. Meer informatie over de CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Aanvullende informatie over dit lesmateriaal Van dit lesmateriaal is de volgende aanvullende informatie beschikbaar: Leerniveau HAVO 1; VWO 1; Leerinhoud en doelen Biologie; Eindgebruiker leerling/student Moeilijkheidsgraad gemiddeld Bronnen Bron Oefenen skelet http://www.biologiepagina.nl/brugklasnieuw/bewegen/oefenenskelet/oefenenskelet.htm De botten van dieren http://www.biologiepagina.nl/brugklasnieuw/bewegen/dierenoverzicht.htm oefentoets 2.1 http://www.biologiepagina.nl/brugklasnieuw/bewegen/toetsbewegenb1/bewegenb1.htm Type Link Link Link Pagina 19