Toets taalbeschouwing Naam: Klas: Datum: 1 Soms mag er iets bij, soms moet er iets bij. Zet een kruisje waar het past. Er moet iets bij Er mag iets bij. /4 Sara gaat hem Oma schenkt in Ratten zijn wel Ze wenen 2 Krantenkoppen: Maak er een volledige zin van (met onderwerp) zodat de lezer de boodschap beter begrijpt.. /4 dieren op bezoek naar de Dokter opgewarmd ijs dagen verliepen eer Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 62
Toets taalbeschouwing Naam: Klas: Datum: 3 Schrijf volgende zinnen waar ze thuis horen. Afwassen is leuk.. /2 Met de hamer slaat vader een nagel in de plank. Dat staat hem niet mooi. De juf keerde zich naar de kinderen. zinnen die zeggen wat iets of iemand doet zinnen die zeggen wat iets of iemand is 4 Kleur in de volgende zinnen het onderwerp geel. Kleur de persoonsvorm groen.. /3 Sharon en Ellen gingen samen een dagje shoppen. Elke ochtend gaat hij om acht uur naar de school. 5 Ranschik de volgende naamwoorden.. /2 gemeentehuis - man - olifant - armoede persoonsnaam diernaam zaaknaam andere 6. Welk woord hoort er thuis bij alleen enkelvoud en bij alleen meervoud. Schrijf ze op.. /1 honger boek goederen varken alleen enkelvoud alleen meervoud Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 63
Toets taalbeschouwing Naam: Klas: Datum: 7 Plechtig en gewoon taalgebruik. Vul in: u of je? Twee jongens na schooltijd. /2 Hé, Piet ga... straks mee naar het verjaardagsfeest van Wim? Mama belt met de dokter Dag dokter, mag ik... vragen even langs te komen, want onze zoon is erg ziek. Jasmine tegen Vera Zet het maar op een lopen, zo hard als... kan. In gesprek met een politieman... vraagt mij mijn identiteitskaart. Sorry, ik ben ze verloren. 8 Logo of pictogram? Verbind met de juiste betekenis: een logo is: een kunstig ontwerp dat een verbod, aanwijzing of inlichting aangeeft. /2 een figuur of ontwerp waarin meestal letters verwerkt zijn, dienend als herkenningsteken van een bedrijf of instelling een pictogram is: een eenvoudige afbeelding, waardoor een verbod, aanwijzing of inlichting tot uiting wordt gebracht een klein beeld van een gebruiksvoorwerp Welk is het logo? Welk is het pictogram? Vul aan. Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 64
Toets taalbeschouwing Naam: Klas: Datum: dit is een dit is een Totaal:. /20 Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 65
Toets Taalbeschouwing correctiesleutel 1 Soms mag er iets bij, soms moet er iets bij. Zet een kruisje waar het past. Sara gaat hem Oma schenkt in Ratten zijn wel Ze wenen Er moet iets bij Er mag iets bij 2 Krantenkopen: Maak er een volledige zin van (met onderwerp) zodat de lezer de boodschap beter begrijpt. Alleen volledige zinnen worden als goed gerekend. dieren op bezoek naar de Dokter opgewarmd ijs dagen verliepen eer Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 66
Toets Taalbeschouwing correctiesleutel 3 Schrijf volgende zinnen waar ze thuis horen. Afwassen is leuk. Met de hamer slaat vader een nagel in de plank. Dat staat hem niet mooi. De juf keerde zich naar de kinderen. zinnen die zeggen wat iets of iemand doet Met de hamer slaat vader een nagel in zinnen die zeggen wat iets of iemand is Afwassen is leuk de plank. De juf keerde zich naar de kinderen. Dat staat hem niet mooi. 4 Kleur in de volgende zinnen het onderwerp geel. Kleur de persoonsvorm groen. Sharon en Ellen gingen samen een dagje shoppen. Elke ochtend gaat hij om acht uur naar de school. 5 Rangschik de volgende naamwoorden. gemeentehuis - man - olifant - armoede persoonsnaam diernaam zaaknaam andere man olifant gemeentehuis armoede 6 Welk woord hoort er thuis bij alleen enkelvoud en bij alleen meervoud. Schrijf ze op. honger boek goederen varkens alleen enkelvoud honger alleen meervoud goederen Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 67
Toets Taalbeschouwing correctiesleutel 7 Plechtig en gewoon taalgebruik. Vul in: u of je? Twee jongens na schooltijd Hé, Piet ga je straks mee naar het verjaardagsfeest van Wim? Mama belt met de dokter Dag dokter, mag ik u vragen even langs te komen, want onze zoon is erg ziek? Jasmine tegen Vera Zet het maar op een lopen, zo hard als je kan. In gesprek met een politieman U vraagt mij mijn identiteitskaart. Sorry, ik ben ze verloren. 8 Logo of pictogram? Verbind met de juiste betekenis: een logo is: een kunstig ontwerp dat een verbod, aanwijzing of inlichting aangeeft een figuur of ontwerp waarin meestal letters verwerkt zijn, dienend als herkenningsteken van een bedrijf of instelling een pictogram is: een eenvoudige afbeelding, waardoor een verbod, aanwijzing of inlichting tot uiting wordt gebracht een klein beeld van een gebruiksvoorwerp Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 68
Toets Taalbeschouwing correctiesleutel Welk is het logo? Welk is het pictogram? Vul aan. dit is een logo dit is een pictogram Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 69
Toets woordenschat Naam: Klas: Datum: 1 Is het een of een zegswijze? Kruis aan. Haast en spoed is zelden goed.. /2 Het hangt me de keel uit. Na regen komt zonneschijn Hij maakt van een mug een olifant 2 Letterlijk of figuurlijk? Welke betekenis is aangegeven? Schrijf: letterlijk of figuurlijk.. /4 De aap komt uit de mouw : De echte bedoeling wordt nu duidelijk. Hij blaast altijd hoog van de toren. : Hij staat op een hoge toren en blaast heel hard. Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 70
Toets woordenschat Naam: Klas: Datum: Ik haal mijn hart op. : Ik kan mijn hart harder doen slaan. Je mag niet op alle slakken zout leggen. : Je moet niet overal fouten zoeken. 3 Verbind de juiste verklaring met het of de zegswijze.. /4 Hij kijkt de kat uit de boom. Als je iemand kwaad wil doen, vind je gemakkelijk een reden. Een kinderhand is gauw gevuld. Ik wil echt mijn best doen. Ik wil mijn beste beentje voorzetten. Hij wacht rustig af. Wie een hond wil slaan, vindt licht een stok. Dolblij zijn met iets kleins. 4 Een woord opzoeken in het woordenboek.. /5 Waar zoek je in het woordenboek het woord bovenarm? Kruis aan: vooraan in het woordenboek middenin het woordenboek achteraan in het woordenboek Noteer de trefwoorden: Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 71
Toets woordenschat Naam: Klas: Datum: Noteer de twee betekenissen: betekenis 1: betekenis 2: 5 Namen afleiden uit een omschrijving. Schrijf bij elk woord het nummer van de passende verklaring:. /5 trekvogels zuivelproducten vuilnisbelt melkveehouder landbouw 1 Een verzamelnaam voor akkerbouw en veeteelt. 2 Iemand die koeien heeft met daarbij een melkinstallatie en een koeltank. 3 Kaas, boter en melk. 4 Stortplaats voor vuilnis. 5 Naar warme landen trekken is in de winter vanzelfsprekend. Totaal:. /20 Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 72
Toets woordenschat verbetersleutel 1 Is het een of een zegswijze? Kruis aan. Haast en spoed is zelden goed. Het hangt me de keel uit. Na regen komt zonneschijn Hij maakt van een mug een olifant 2 Letterlijk of figuurlijk? Welke betekenis is aangegeven? Schrijf: letterlijk of figuurlijk. De aap komt uit de mouw figuurlijk: De echte bedoeling wordt nu duidelijk. Hij blaast altijd hoog van de toren. letterlijk: Hij staat op een hoge toren en blaast heel hard. Ik haal mijn hart op. letterlijk: Ik kan mijn hart harder doen slaan. Je mag niet op alle slakken zout leggen. figuurlijk: Je moet niet overal fouten zoeken. Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 73
Toets woordenschat verbetersleutel 3 Verbind de juiste verklaring met het of de zegswijze. Hij kijkt de kat uit de boom. o i Als je iemand kwaad wil doen, vind je gemakkelijk een reden. Een kinderhand is gauw gevuld. x v Ik wil echt mijn best doen. Ik wil mijn bestje beentje voorzetten. v o Hij wacht rustig af. Wie een hond wil slaan, vindt licht een stok. i x Dolblij zijn met iets kleins. 4 Een woord opzoeken in het woordenboek.. /5 Waar zoek je in het woordenboek het woord bovenarm? Kruis aan: vooraan in het woordenboek middenin het woordenboek achteraan in het woordenboek Noteer de trefwoorden: bovensteen boven Noteer de twee betekenissen: betekenis 1: het bovenste gedeelte van de arm tot aan de elleboog betekenis 2: een tak van een scheepsknie Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 74
Toets woordenschat verbetersleutel 5 Namen afleiden uit een omschrijving. Schrijf bij elk woord het nummer van de passende verklaring: 5 trekvogels 3 zuivelproducten 4 vuilnisbelt 2 melkveehouder. /5 1 landbouw 1 Een verzamelnaam voor akkerbouw en veeteelt. 2 Iemand die koeien heeft met daarbij een melkinstallatie en een koeltank. 3 Kaas, boter en melk. 4 Stortplaats voor vuilnis. 5 Naar warme landen trekken is in de winter vanzelfsprekend. Totaal:. /20 Taalsignaal Anders! 6A Plantyn Kopieerblad 75