Ouderparticipatie Team Planmatig samenwerken met ouders Samen vooruit! Tamara Wally Tamara Wally (MSc.) is werkzaam bij de CED- Groep. Ze werkte mee aan de publicatie Samen vooruit, over planmatig werken aan ouderbetrokkenheid. Bij ouderbetrokkenheid denken we al snel aan ouders die helpen tijdens de schoolreis of met het versieren van de klas. Of aan hun aanwezigheid bij oudergesprekken of deelname aan de ouderraad. In de praktijk blijkt dat er een nogal uiteenlopend beeld bestaat van wat ouderbetrokkenheid nu eigenlijk is. Er zijn dan ook verschillende manieren waarop ouders betrokken kunnen zijn. Maar welke manieren dragen nu het meeste bij aan de ontwikkeling van kinderen? En hoe kunt u stimuleren dat ouders betrokken zijn? In dit artikel leest u hoe u als school planmatig kunt werken aan de samenwerking met ouders. Vertel elkaar verhalen met behulp van negen dobbelstenen met afbeeldingen. 12 Ouders kunnen op verschillende niveaus betrokken zijn bij de school en bij de ontwikkeling van hun kind. In plaats van ouderbetrokkenheid spreken Kranenbrug en Van Eijden (2010) van partnerschap. Zij onderscheiden hierin vijf vormen: Didactisch partnerschap is gericht op het ondersteunen van de cognitieve ontwikkeling van kinderen. De school adviseert ouders over Samen vooruit! Ouderparticipatie de didactische vooruitgang van kinderen, en adviseert hen hoe ze thuis hun kind hierin kunnen stimuleren. Pedagogisch partnerschap is gericht op de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen en hun gedrag. School en ouders stemmen opvoeding en aanpak met elkaar af. Informeel partnerschap betekent dat ouders hulp bieden bij informele activiteiten, zoals schoolreis of sportdag. Zij zijn nodig om deze activiteiten voldoende te kunnen realiseren. Formeel partnerschap houdt in dat ouders op een formele manier betrokken zijn bij de school, zoals bij wet is geregeld. Denk bijvoorbeeld aan deelname aan de MR en OR. De school geeft ouders formele informatie, zoals in de schoolgids. Maatschappelijk partnerschap is gericht op de samenwerking tussen school en anderen in de wijk (zoals buurthuizen of sportverenigingen) om te zorgen dat ook de omgeving eraan bijdraagt dat kinderen zich optimaal kunnen ontwikkelen.
Afstemming en samenwerking Uit onderzoek is naar voren gekomen dat vooral pedagogische en didactische ouderbetrokkenheid een positief effect kunnen hebben op de schoolprestaties en het welbevinden van kinderen (Herweijer, Vogels & Andriesen, 2013). Daarvoor zijn samenwerking en afstemming tussen ouders en school over de opvoeding en het leren van de kinderen belangrijk: ouders geven de leerkracht inzicht in wat zij belangrijk vinden en wat hun behoeften en vragen zijn. En de leerkracht geeft ouders inzicht in wat hun kind op school doet en leert. Als ouders een goed beeld hebben van de leerstof die hun kind op school krijgt, kunnen zij ook thuis passende, leerzame activiteiten doen. Dat kan door te helpen met huiswerk, maar het kan ook spelenderwijs. Denk bijvoorbeeld aan samen taal- en telspelletjes doen, naar een museum gaan of naar Het Klokhuis kijken en hierover napraten. Om als school de didactische en pedagogische betrokkenheid van ouders te vergroten, is het van belang om een beeld te hebben van de mogelijkheden, behoeften en vragen van ouders. Dat maakt het mogelijk om ouders passende adviezen en ideeën te geven. Zo is de kans groter dat ouders thuis ook aan de slag kunnen en dat hun pedagogische en didactische betrokkenheid daadwerkelijk groter wordt. 4D-werkwijze Om op een planmatige manier tot afstemming te komen en de ouderbetrokkenheid te vergroten, kunt u de werkwijze van 4D toepassen. Deze manier van werken bestaat uit vier fases (zie kader). Hierna leest u hoe u deze fases in de praktijk kunt doorlopen. Data verzamelen In de eerste fase van het werken met 4D staat het verzamelen van data centraal. Data zijn alle gegevens die iets kunnen zeggen over de betrokkenheid van ouders bij de school en bij de leerprestaties en ontwikkeling van hun kind. Voorbeelden van vragen om data te verzamelen zijn: Wat is er bekend over de ouderpopulatie? Wat vinden ouders een prettige manier om afstemming te bereiken over de schoolprestaties, het gedrag en de opvoeding van hun kind? Op welke manier en momenten hebben zij graag contact? En over welke onderwerpen? Welke didactische aandachtspunten zijn er geformuleerd voor het huidige schooljaar? En welke voor de komende schooljaren? 4D-werkwijze Data Duiden Doelen Doen Alle gegevens in de school die iets kunnen vertellen over de ouderbetrokkenheid. Betekenis geven aan data in vier stappen: 1 voorspellen 2 visueel maken 3 observeren 4 vragen stellen Hanteerbare, meetbare en uitdagende doelen opstellen. Vaststellen wat u anders gaat doen op basis van de data en de doelen. Praxisbulletin jaargang 32 nummer 6 februari 2015 13
Stel bijvoorbeeld de vraag hoe het komt dat sommige activiteiten beter werken dan andere Wat wordt er momenteel gedaan om de betrokkenheid van ouders te vergroten? En onder welke vormen van betrokkenheid vallen die? Hoe is de opkomst bij die activiteiten? Duiden Wanneer alle data zijn verzameld kunt u deze duiden: wat zeggen de gegevens over de samenwerking tussen ouders en school? Door de data te verwerken, analyseren en interpreteren krijgen ze ook echt betekenis. Hiervoor voorspelt u eerst wat u verwacht te zien. Vervolgens maakt u de data visueel. Probeer daarbij een manier te vinden waarop de data overzichtelijk worden en waarop het makkelijk is om er betekenisvolle informatie uit te halen. Denk bijvoorbeeld aan een grafiek van de opkomstpercentages van ouders tijdens bijeenkomsten, een tabel met de belangrijkste uitkomsten van de oudertevredenheidsenquête of een overzicht van de verschillende activiteiten van de school, gekoppeld aan de bijbehorende vorm van ouderbetrokkenheid. Als u vervolgens de data observeert, probeer dat dan eerst eens te doen zonder direct te zoeken naar interpretaties en verklaringen. Wat ziet u in de data? Wat zijn de verschillen tussen de data uit de verschillende groepen of bouwen? En wat zijn de verschillen tussen de behoeften van ouders en de activiteiten die de school organiseert? Vervolgens kunt u ingaan op de vragen die de data bij u oproepen. U zoekt daarbij naar zo veel mogelijk verschillende verklaringen. Stel bijvoorbeeld de vraag hoe het komt dat de opkomstpercentages van activiteiten verschillen, of waarom sommige activiteiten beter werken dan andere. 14 Samen vooruit! Ouderparticipatie
Op basisschool De Regenboog staat het onderwerp ouderbetrokkenheid eens in de maand op de agenda van de teamvergadering. De school wil vooral de didactische ouderbetrokkenheid verbeteren. Tijdens een van de vergaderingen werkt het team in groepjes. Elk bekijkt andere data en probeert ze te duiden. De volgende vergadering bespreken ze de vragen en interpretaties. Er komt een aantal opvallende punten naar voren: de activiteiten die de school voor ouders organiseert, vallen vooral onder informeel partnerschap. De opkomst bij oudergesprekken s avonds is laag, vooral in de onderbouw. We hebben met veel alleenstaande ouders te maken, zegt een van de kleuterleerkrachten. Bij activiteiten onder schooltijd komen er veel meer. Ze hoeven dan niet voor opvang voor de kinderen te zorgen. In de bovenbouw blijken ouders maar heel weinig naar school te komen. Wel is het contact via de mail goed en ook de besloten groepsblogs van de leerkrachten van groep 7 en 8 worden door veel ouders gelezen. Ouders zijn daar heel enthousiast over! zegt een van hen. De prestaties van de leerlingen zijn over het algemeen gemiddeld. Wel valt de laatste jaren op dat de prestaties bij lezen wat laag liggen ten opzichte van de andere vakken.... Doelen Na het analyseren van de data kunt u doelen opstellen. Hoe meer data zijn verzameld, hoe meer mogelijke doelen er zijn op te stellen. Dat kan wenselijk zijn voor de langere termijn, maar maak voor de kortere termijn keuzes. Het is niet haalbaar om het hele beleid en de daarbij behorende activiteiten binnen een schooljaar te veranderen. Bepaal daarom met elkaar de belangrijkste onderwerpen om als eerste op te focussen. Stel doelen zo concreet mogelijk op. Zorg dat ze hanteerbaar en meetbaar zijn, maar ook uitdaging bieden. Denk bijvoorbeeld aan doelen als: Wij spreken elke ouder persoonlijk aan het begin van het schooljaar, uiterlijk eind september. Of: Met onze activiteiten in de onderbouw informeren we ouders over het rekenonderwijs van de komende periode, zodat zij zelf ondersteunende rekenactiviteiten met hun kind kunnen doen. Doen Wanneer duidelijk is welke doelen de school heeft wat betreft de samenwerking met ouders, is het tijd om hiervoor concrete manieren te bedenken. Het is belangrijk om hierbij goed te kijken naar de prioriteiten van de school en de behoeften van de ouders. Bekijk de huidige interventies kritisch. Dit kan betekenen dat u besluit om activiteiten in hun huidige vorm te schrappen of op een andere manier uit te voeren. Of dat sommige activiteiten alleen voor specifieke groepen worden ingezet. Geef advies aan ouders hoe ze hun kind kunnen stimuleren. Stel doelen zo concreet mogelijk op. Zorg dat ze hanteerbaar en meetbaar zijn, maar ook uitdaging bieden Komen ouders bijvoorbeeld niet op themaochtenden, omdat ze hiervoor geen vrij kunnen maken? Misschien is er een andere manier om de Praxisbulletin jaargang 32 nummer 6 februari 2015 15
Literatuur M. Bolhuis, V. Vergunst & T. Wally, Samen vooruit. Planmatig werken met ouders in het SO, CED-Groep, Rotterdam, 2014. L. Herweijer, R. Vogels & I. Andriesen, Samen scholen. Ouders en scholen over samenwerking in basisonderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs. Sociaal Cultureel Planbureau, Den Haag, 2013. D. Kranenburg & C. Van Eijden, Het model van de 5 partnerschappen van Actief Ouderschap, Stichting Actief Ouderschap, Almere, 2010. 16 ouders te bereiken, zoals s avonds. Of door een korte informerende tekst mee te geven of een filmpje met informatie op de schoolwebsite te plaatsen. Merkt u dat ouders het plezierig vinden om in de klas te helpen? En vindt u het belangrijk dat ouders thuis vaker spelenderwijs met hun kind oefenen met tellen en rekenen? Geef ouders dan de gelegenheid om tijdens een rekenles in de klas te kijken. Zo zien ze goed wat hun kind leert en op welke manier, en kunt u hen ideeën geven over hoe ze daar thuis mee verder kunnen. Het team van De Regenboog heeft een aantal doelen opgesteld, waarmee ze zich richten op het vergroten van de didactische betrokkenheid, met een focus op lezen: De ouders van leerlingen uit de onderbouw lezen thuis vaker voor. Ouders uit de bovenbouw bekijken minimaal een keer per week de nieuwe posts over lezen in de groepsblog. We spreken elke ouder per jaar minimaal twee keer over de leesvorderingen van hun kind. Om de doelen te bereiken organiseert De Regenboog in de lagere groepen koffieochtenden. De ib er vertelt ouders dan hoe zij goed kunnen voorlezen en geeft tips voor geschikte boeken. Voor de ouders van de groepen 3 en 4 geeft zij tips over oefenen met technisch lezen. Tijdens kijkochtenden in de groep van hun kind kunnen de ouders van de onder- en middenbouw zien hoe een leesles verloopt. In de midden- en bovenbouw komen er themabijeenkomsten over begrijpend lezen. Omdat de leerkrachten van de bovenbouw tevreden zijn over de reacties op hun besloten groepsblogs, plaatsen zij hierop een filmpje van een les en ideeën over hoe ouders thuis met hun kind kunnen oefenen.... Cyclisch proces Door de activiteiten uit te voeren in de fase van het Doen, start u gelijk met het verzamelen van nieuwe data. Want de nieuwe activiteiten zorgen weer voor andere reacties vanuit het team, de ouders en de leerlingen. Door die te duiden kunt u vaststellen of de doelen behaald worden. En of het nodig is om de activiteiten bij te stellen. Planmatig werken aan ouderbetrokkenheid is dus een cyclisch proces. Het helpt om inzicht te krijgen in de behoeften en mogelijkheden van ouders en zo samen de opvoeding en leerontwikkeling van kinderen nog beter af te stemmen. Zo helpen school en ouders samen de kinderen vooruit! Na drie maanden evalueert het team de nieuwe activiteiten. De leerkrachten hebben de opkomstpercentages van de bijeenkomsten en kijkochtenden meegenomen, evenals de reacties op de groepsblogs. Er komen nu veel meer ouders naar de bijeenkomsten. Ze zijn enthousiast over het kijkje in de klas dat ze nu krijgen. Ze geven aan beter te weten hoe ze thuis met hun kind kunnen oefenen met lezen en doen dit ook vaker. De betrokkenheid van ouders is, op het gebied van lezen in elk geval, duidelijk groter, concludeert de directeur aan het einde van de vergadering. Hij besluit het onderwerp tijdens latere vergaderingen terug te laten komen. Zo kunnen ze goed volgen wat wel werkt en wat niet. Samen vooruit! Ouderparticipatie