Project Initiatie Document Intelligent Bridge 2 Projectnummer : P22015783 Auteur : R. van Bladel Status : Definitief Versienummer : V 2.0 Datum : Oktober 2009 COMMERCIEEL VERTROUWELIJK
Blad : 2 / 30 Inhoudsopgave 1. DOCUMENTINFORMATIE... 3 2. MANAGEMENTSAMENVATTING... 4 3. INLEIDING... 6 3.1. AANLEIDING TOT HET PROJECT... 6 3.2. DE CONTEXT VAN HET PROJECT... 6 4. PROJECTDEFINITIE... 9 4.1. OPDRACHTGEVER EN OPDRACHTNEMER... 9 4.2. DOELSTELLINGEN VAN HET PROJECT... 9 4.3. PROJECTBEGRENZING... 9 4.4. OP TE LEVEREN PRODUCTEN EN DIENSTEN... 10 4.5. UITGANGSPUNTEN EN RANDVOORWAARDEN... 10 4.6. AANNAMES... 11 4.7. RELATIES MET ANDERE PROJECTEN EN ACTIVITEITEN... 11 5. BUSINESS CASE... 13 5.1. BIJDRAGE AAN BELEIDSDOELSTELLINGEN BINNEN HET OOV DOMEIN... 13 5.2. KOSTEN... 13 5.3. BATEN... 14 6. ORGANISATIESTRUCTUUR... 15 6.1. ORGANOGRAM... 15 6.2. TAKEN, VERANTWOORDELIJKHEDEN EN BEVOEGDHEDEN... 16 6.3. VERANTWOORDELIJKHEID TEAMS... 17 6.4. OVERLEGSTRUCTUREN... 17 7. AANPAK... 18 7.1. FASERING... 18 7.2. INITIËLE PROJECTPLANNING... 18 8. PROJECTBEHEERSING... 20 8.1. TOLERANTIES... 20 8.2. RAPPORTAGES... 20 8.3. AFWIJKINGSPROCEDURE... 20 8.4. AANDACHTSPUNTENLIJST... 20 8.5. OPDRACHTVERSTREKKING EN GOEDKEURING PLANNEN... 21 9. RISICO S... 22 10. BIJLAGEN... 23 10.1. BIJLAGE A. PRODUCTBESCHRIJVINGEN... 23 10.2. BIJLAGE 2. BESCHRIJVING IN TE ZETTEN MIDDELEN.... 26
Blad : 3 / 30 1. Documentinformatie Locatie Dit document wordt bewaard in het projectdossier van het project i-bridge. Een kopie is op te vragen bij de projectondersteuner of het projectbureau. Versiegeschiedenis Versie Versie Samenvatting van de aanpassingen datum 0.1 Februari 2009 Eerste concept 0.2 Maart 2009 Sporen verder beschreven, aanpak verder uitgewerkt 0.3 Maart 2009 Productbeschrijvingen toegevoegd 0.4 April 2009 Commentaar H. Kwakernaak en V. Hoeks verwerkt 1.0 Juni 2009 Commentaar MT IVENT verwerkt 2.0 Oktober 2009 Diverse aanpassingen Distributie Dit document is gedistribueerd naar: Naam Afdeling/Functie Verzend datum KLTZ P. Kwant Gedelegeerd opdrachtgever KTZ R. Dekker Liaison NOI Kol. R. Boots Programmamanager Multi (BG IVENT) M. Nacinovic Hoof R&I, vtspn A. Blankenstein Cdt BG IVENT Versie Goedkeuring Ondergetekende verklaren dat zij akkoord zijn met de inhoud van dit document. Hiermee krijgt dit PID de status definitief en is daarmee het basisdocument voor de uitvoering ervan. Voorzitter Stuurgroep Naam : Datum: Handtekening: Projectmanager Naam : Datum: Handtekening:
Blad : 4 / 30 2. Managementsamenvatting Inleiding. In het innovatieprogramma Veiligheid is het project Intelligent Bridge 2.0 (i-bridge 2.0) opgenomen. Het betreft de doorontwikkeling van het project i-bridge dat succesvol is gebleken als Proof of Concept binnen het programma Intensivering Civiel Militaire Samenwerking Informatievoorziening Fase 1 (ICMS IV Fase 1). Het i-bridge concept maakt het mogelijk om op flexibele wijze een aantal verschillende communicatie componenten en diensten in wisselende combinaties aan elkaar te koppelen op basis van Internet Protocollen. Secure, real-time collaboratie en logging worden hiermee mogelijk, evenals het inter-operabel en inter-connectief maken van voorheen onbenaderbare ICT legacy systemen. De afgelopen anderhalf jaar is het Proof-of-Concept i-bridge 1.0 ontwikkeld. Gedurende demonstraties en oefeningen (Combined Endeavour 2008, Voyager 2007 en andere civiele deeloefeningen) is aangetoond dat de vijf kernfunctionaliteiten die benodigd zijn om tijdens een ramp effectief en gecoördineerd op te kunnen treden zowel afzonderlijk als in elke gewenste combinatie, robuust en stabiel kunnen worden ondersteund met het i-bridge concept. Deze vijf kernfunctionaliteiten zijn; (Ad hoc) Collaboratie. Betreft secure adhoc online collaboratie; Verslaglegging. Betreft activiteiten met betrekking tot logging en scenario plotting oftewel electronic discovery; Geoharmonisatie. Betreft het synchroniseren van geografische informatie in diverse vormen en het opnieuw gebruiken van deze informatie per context; Spraakharmonisatie. Betreft Voice Interoperabiliteit (VoIP, RoIP) waarbij met software alle vormen van spraakcommunicatie worden omgezet in IP en daarmee geharmoniseerd; Cryptoharmonisatie oftewel toegangsbeheer en beveiliging van informatie. Betreft het onder voorwaarden tijdelijk koppelen van crypto eilanden met instandhouding van integriteit. Op te leveren resultaten. Binnen het project i-bridge dienen de volgende producten te worden opgeleverd. Voor een beschrijving van de producten wordt verwezen naar bijlage 1. Een fysieke i-bridge omgeving die kan worden gebruikt als ontwikkel- en testomgeving; Een fysieke i-bridge omgeving die kan worden gebruikt als demonstratie- en oefenomgeving; Een kennisbank, waarin de resultaten en opgedane kennis gedurende het project worden vastgelegd; Een model voor het implementeren van i-bridge functionaliteiten; Per timebox een definitiedocument, een ontwerp en een gedocumenteerde versie van het Proofof-Concept; Een Proof-of-Concept waarin de toepassing van de functionaliteiten op het gebied van spraakharmonisatie, cryptoharmonisatie, geo-harmonisatie, ad-hoc collaboratie en verslaglegging worden geïntegreerd. Dit Proof-of-Concept zal incrementeel worden ontwikkeld via zgn. timeboxes, waarin steeds in een periode van maximaal 3 maanden een nieuwe versie van het Proof-of-Concept zal worden opgeleverd; Afhankelijk van de resultaten van de incrementele ontwikkelingen van de aangegeven time box-en zal in opdracht van de opdrachtgever een overdracht van tussenversies van het Proof-of-Concept aan andere, door opdrachtgever te benoemen partijen plaats kunnen vinden. Hierbij ligt binnen NOI een duidelijke relatie met de implementatie van een Landelijk Crisis Management Systeem (LCMS), dat onder verantwoordelijkheid van het Veiligheidsberaad wordt gerealiseerd. Accreditatie van de oplossing binnen het crypto-harmonisatiespoor door relevante Beveiligingsautoriteiten binnen de overheid (in ieder geval Defensie, in voorkomend geval ook Politie en BZK).
Blad : 5 / 30 Initiële projectplanning Het project i-bridge 2.0 wordt gerealiseerd op basis van het principe van time boxing. Dit betekent dat in een vooraf vastgestelde doorlooptijd (een timebox) een aantal stappen wordt uitgevoerd, te weten: Een definitiefase: hierin worden de vraagstellingen geïnventariseerd waarop binnen de betreffende timebox een antwoord wordt gegeven en/of de (gebruikers)behoeften waaraan binnen de timebox invulling zal worden gegeven; Een ontwerpfase: het op basis van de resultaten van de definitiefase maken van een beknopt functioneel en technisch ontwerp; Een realisatiefase: het op basis van de resultaten van de ontwerpfase realiseren van een werkende Proof-of-Concept (systeemversie, waarin de 5 basisfunctionaliteiten van i-bridge geïntegreerd werken). De Proof-of-Concept moet zover ontwikkeld zijn dat deze in de demo-en oefenomgeving kan worden gebruikt. Nr. Fase Startdatum Einddatum 1 PoC LCMS 1.1 z.s.m. Juni 2009 2 Ondersteuning oefening Combined Endeavor 2009 z.s.m. Sept 2009 3 Pilot Hulpverlening Gelderland Midden Okt 2009 Mrt 2010 4 Nader te bepalen n.t.b. Dec 2010 Naast deze fasering in time-boxes dienen een aantal activiteiten te worden uitgevoerd tijdens alle hiervoor genoemde fasen van het project. Het betreft: het inrichten en onderhouden van de fysieke omgevingen i-bridge het inrichten en onderhouden van de kennisbank het opstellen van het business model voor het vermarkten van diensten
Blad : 6 / 30 3. Inleiding 3.1. Aanleiding tot het project In het kader van het project Nederland Ondernemend Innovatieland (NOI) is het kabinet gestart met maatschapschappelijke innovatieprogramma s op het terrein van water, veiligheid, zorg en energie. Deze programma s moeten bijdragen aan oplossingen voor belangrijke maatschappelijke vraagstukken. In deze maatschappelijke innovatieprogramma s staat de inzet van kennis, innovatie en ondernemerschap voor het oplossen van maatschappelijke vraagstukken centraal. In het innovatieprogramma Veiligheid is het project Intelligent Bridge 2.0 (i-bridge 2.0) opgenomen. Het betreft de doorontwikkeling van het project i-bridge dat succesvol is gebleken als Proof of Concept binnen het programma Intensivering Civiel Militaire Samenwerking Informatievoorziening Fase 1 (ICMS IV Fase 1). 3.2. De context van het project Het i-bridge concept maakt het mogelijk om op flexibele wijze een aantal verschillende communicatie componenten en diensten in wisselende combinaties aan elkaar te koppelen op basis van Internet Protocollen. Secure, real-time collaboratie en logging worden hiermee mogelijk, evenals het interoperabel en inter-connectief maken van voorheen onbenaderbare ICT legacy systemen. Met deze ontwikkeling wordt invulling gegeven aan het oplossen van een aantal knelpunten zoals geidentificeerd in de roadmap van de Maatschappelijke Innovatie Agenda Veiligheid, waaronder de opbouw van een geintegreerd situatiebeeld. De afgelopen anderhalf jaar is het Proof-of-Concept i-bridge 1.0 ontwikkeld. Gedurende demonstraties en oefeningen (Combined Endeavour 2008, Voyager 2007 en andere civiele deeloefeningen) is aangetoond dat de vijf kernfunctionaliteiten die benodigd zijn om tijdens een ramp effectief en gecoördineerd op te kunnen treden zowel afzonderlijk als in elke gewenste combinatie, robuust en stabiel kunnen worden ondersteund met het i-bridge concept. Deze vijf kernfunctionaliteiten zijn; (Ad hoc) Collaboratie. Betreft secure adhoc online collaboratie; Verslaglegging. Betreft activiteiten met betrekking tot logging en scenario plotting oftewel electronic discovery 1 ; Geoharmonisatie. Betreft het synchroniseren van geografische informatie in diverse vormen en het opnieuw gebruiken van deze informatie per context; Spraakharmonisatie. Betreft Voice Interoperabiliteit (VoIP, RoIP) waarbij met software alle vormen van spraakcommunicatie worden omgezet in IP en daarmee geharmoniseerd; Cryptoharmonisatie oftewel toegangsbeheer en beveiliging van informatie. Betreft het onder voorwaarden tijdelijk koppelen van crypto eilanden met instandhouding van integriteit. 1 Electronic discovery (ook wel e-discovery genoemd) refereert naar elk proces waarbij elektronische data wordt gezocht, gevonden, zeker gesteld en doorzocht met de bedoeling om deze te gebruiken als vaststelling van de werkelijkheid, zoals bewijsmateriaal in een juridische context. E-discovery kan offline worden uitgevoerd op een individuele computer of online binnen een netwerk.
Blad : 7 / 30 i-bridge bestaat dan ook uit vijf sporen, te weten 1. Spoor (ad hoc) collaboratie: Om in crisis situaties samen te kunnen werken moeten mensen informatie kunnen delen. i-bridge is daarvoor uitgerust met onder meer het door NATO gecertificeerde Sharepoint 7 portal voor asynchrone samenwerking. Asynchrone samenwerking wil zeggen dat mensen niet verplicht zijn op hetzelfde moment een virtuele ruimte of gesprekslijn te delen om toch aan hun informatie te kunnen komen. Net als email is de informatie beschikbaar wanneer men wil, maar met een portal moet men deze informatie wel nog zelf gaan halen via het internet. Nadeel is dat identificatie en toelating van nieuwe gebruikers via een toelatingshiërarchie plaats moet vinden en dat een stabiele internetverbinding met een zekere bandbreedte noodzakelijk is. Met name die robuuste en blijvende verbinding is in crisissituaties geen zekerheid. Derhalve bestaat de collaboratie suite in i-bridge naast MS Sharepoint ook uit Microsoft Groove, dat zonder menselijke tussenkomt alle veranderingen (delta s) in een besloten informatie huishouding veilig en robuust en met minimaal bandbreedte gebruik synchroniseert. 2. Spoor verslaglegging (logging): Er is veel behoefte aan een generieke oplossing die kan helpen bij het vastleggen van de vraag: wie was waar, toen hij wat tegen wie zei, met welke bedoeling, met welk inzicht en in welke juridische context? i-bridge wordt daarom uitgerust met een zelfsynchroniserend dashboard, waarin de logging van de verschillende kernfunctionaleiten (spraak, geo, colla-boratie, beveiliging) wordt weergegeven. Het dashboard kan ingezet worden in de verschillende fasen van de oefencyclus en als analysetool tijdens en na feitelijke rampen- en crisisbestrijding. Het biedt de mogelijkheid gegevens binnen een in te stellen tijdframe op te vragen en is daarmee een sterk instrument voor zowel de verantwoording achteraf, als voor analyse, datamining, lessons learned en het uitvoeren van simulaties (serous gaming). 3. Spoor geoharmonisatie: Visualisatie speelt een toenemende rol in de rampenbestrijding. Het samenstellen uit verschillende databronnen van een Common Operational Picture is noodzakelijk voor het vormen van de zg. Shared Situational Awareness (het gedeelde beeld). Hiervoor is de rampenbestrijding afhankelijk van statische geografische informatie, die tijdens de koude fase wordt verzameld door de verschillende zuilen en de verschillende overheden en van dynamische informatie, die tijdens de ramp of crisis wordt verzameld. De module geo-harmonisatie heeft als doel de technische randvoorwaarden te leveren om de publieke, private, open en gesloten bronnen samen te kunnen brengen en zo koppelingen te kunnen leggen met modules binnen het i-bridge concept. Met behulp van Geografische Informatie Systemen (GIS) gekoppeld in een netwerk (Enterprise GIS) wordt gebruik gemaakt van een andere dimensie van vaak al binnen het bedrijf aanwezige informatie. Door analyse van deze bestaande informatie met de dynamische informatie ontstaat nieuwe informatie en nieuwe inzichten en worden beslissingen genomen op rijkere basis van informatie. In het i-bridge concept zal ook gekeken worden naar de combinatie met de andere modules in i-bridge. Daarnaast zullen ook innovatieve componenten als Microsoft Virtual Earth en de Microsoft Surface Table worden ingezet. 4. Spoor spraakharmonisatie: i-bridge biedt de spraakinterface die als een plug-in toe te voegen is aan elke willekeurige applicatie. De spraaksuite in i-bridge bestaat uit a. Software die allerhande type gebonden methoden om spraak te verzenden (radio, VOIP, analoge telefonie etc.) omzet in gedigitaliseerde geluidstromen die vervolgens wel onderling te vermengen zijn op een media server (Wide Area Voice Environment oftewel WAVE). b. Software die de vele communicatiemiddelen in balans brengt met de bestaande geautomatiseerde kantooromgeving (Microsoft Office Communications Server - OCS). Microsoft OCS werkt volledig geïntegreerd met alle overige Microsoft producten zoals de Microsoft Exchange Server, Outlook en Sharepoint. Het resultaat is een transparante omgeving waarin gebruikers onafhankelijk van tijd en plaats toegang hebben tot de juiste personen, informatie en expertise. c. Unified Communications software waarmee het mogelijk wordt gemaakt dat individuen hun eigen bereikbaarheid kunnen managen. Met Unified Communications is snel het meest geschikte communicatiekanaal te selecteren en kan eenvoudig tussen communicatiekanalen geschakeld worden. De integratie met Microsoft Office Sharepoint 2007 maakt het overdragen, vastleggen en rapporteren van inzichten eenvoudig.
Blad : 8 / 30 5. Spoor cryptoharmonisatie: Crypto-harmonisatie wordt binnen i-bridge uitgevoerd door het SUPHICE concept. Door cryptoharmonisatie toe te voegen aan spraakharmonisatie wordt het bijvoorbeeld mogelijk om beveiligde gesprekken en ongelijksoortige applicaties aan te bieden binnen een tijdelijke vergaderomgeving. Zo kunnen bijvoorbeeld open en gesloten bronnen worden samengevoegd, geanalyseerd en op de juiste beveiligingniveaus worden teruggekoppeld aan de deelnemers. Met uitzondering van de IP crypto-units zijn de bouwstenen van de architectuur van SUPHICE gebaseerd op standaard Web Services technologie. Dit maakt SUPHICE een transparante en grotendeels Open Source gebaseerde oplossing die een unieke rol vervult bij het verbinden van ongelijkwaardige beveiligingsniveaus en netwerken. Accreditatie behelst hierbij naast het richten op het gebruikte versleutelmechanisme het richten op de organisatorische vraagstukken wie, onder welke randvoorwaarden en op welke wijze mag communiceren. Het project i-bridge 2.0 richt zich op het verder ontwikkelen en integreren van deze functionaliteiten voor toepassing in diverse militaire en civiele contexten en op het opbouwen van ervaring en inzichten op deze terreinen. De toepassing van deze functionaliteiten voor de doorontwikkeling van ondersteunende tooling op het gebied van rampenbestrijding en crisisbeheersing is daarbij de meest in het oog springende. Dit document beschrijft: Doelstelling project i-bridge 2.0 Projectdefinitie Organisatie, bemensing en overlegvormen Relaties met andere projecten Relaties met andere organisaties Initiële planning en kostenraming Risico s en maatregelen Randvoorwaarden en aannames
Blad : 9 / 30 4. Projectdefinitie 4.1. Opdrachtgever en opdrachtnemer De opdrachtgever voor het project i-bridge 2.0 is de Projectdirectie Nederland Ondernemingsland Innovatief (NOI). Gedelegeerd opdrachtgeverschap is belegd bij Defensie/Bestuursstaf/Directie Operationeel Beleid en Behoeftestelling/ Hoofd sectie B, KLTZ P. Kwant. Projectbegeleider richting NOI is Directie Materieel Organisatie/Research & Development, voor deze KTZ R. Dekker. De opdrachtnemer voor het project i-bridge 2.0 is namens het samenwerkingsverband vtspn en BG IVENT Kol. R. Boots. VtsPN en BG IVENT treden in gezamenlijkheid, met BG IVENT in de rol van hoofdaannemer, als opdrachtnemer op. 4.2. Doelstellingen van het project De doelstelling van i-bridge 2.0 is het verbeteren van de informatievoorziening rond rampenbestrijding en crisisbeheersing. Hierbij worden o.a. de ervaringen uit het convergentietraject crisisbeheersing en rampenbestrijding, CCS Eagle (Pilot Gelderland-Midden), de uitrol van het Landelijk Crisis Management Systeem V1.0 (CEDRIC) en de gebruikerseisen en -wensen met betrekking tot de informatievoorziening crisisbeheersing en rampenbestrijding vanuit de crisisorganisaties (veiligheidsregio s en landelijke coördinatiecentra) meegenomen. Maar ook ervaringen en vraagstellingen vanuit andere sectoren kunnen in de doorontwikkeling worden betrokken. De ontwikkeling van het Proof-of-Concept is incrementeel en daar waar nuttig/nodig kunnen onderdelen worden getoetst in de operationele omgeving. De industrie is nauw worden betrokken bij deze doorontwikkeling. Daar waar Defensie en BZK zich richten op de crisisorganisaties, kan de industrie de resultaten uit i-bridge civiel vermarkten, waardoor een verbeterde positionering van de nationale industrie wordt bereikt. 4.3. Projectbegrenzing Een nadere analyse van de ontwikkelingen binnen het domein Crisisbeheersing en Rampenbestrijding geeft aan dat alle initiatieven die zich binnen dit domein afspelen feitelijk zijn onder te brengen in twee trajecten, die een nauwe relatie met elkaar hebben: Het implementatietraject, waarin de Netcentrische Werkwijze in de crisisorganisaties (veiligheidsregio s en landelijke coördinatiecentra) wordt geïmplementeerd en parallel daaraan één of meerdere versies van de ondersteunende applicatiesuite: het Landelijk Crisis Management Systeem (Landelijk CMS). Het gaat hier enerzijds om de implementatie van de netcentrische werkwijze incl. de bijbehorende training en opleiding in alle crisisorganisaties. Anderzijds om de uitrol bij alle gebruikers van een werkende suite van applicaties die gezamenlijk één (of meerdere) versie(s) van het Landelijk CMS vormen, incl. de bijbehorende gebruikersopleiding en het in beheer brengen van de versie(s) van het Landelijk CMS. Het ontwikkel- en innovatietraject, waarin de verschillende ontwikkelingen die op dit moment plaatsvinden op het gebied van de doorontwikkeling van het Landelijk CMS worden samengebracht in nieuwe versies van het landelijk CMS (zgn. major releases ). Het gaat hierbij zowel om ontwikkelingen op het meer technische vlak (architectuur en infrastructuur) als op het functionele vlak (door gebruikers gevraagde uitbreidingen en aanpassingen op functionaliteit in het landelijk CMS).
Blad : 10 / 30 Binnen deze kaders valt het project i-bridge 2.0 binnen het innovatietraject. Het project is uitsluitend bedoeld voor (door)ontwikkeling van innovatieve concepten en kennisopbouw. Er wordt vooralsnog geen directe operationele klant bediend, maar de resultaten van het Proof-of-Concept zouden kunnen worden gebruikt in vervolgprojecten binnen het implementatietraject. In deze projecten zou dan de implementatie van (delen van) het Proof-of-Concept bij bv. crisisorganisaties en andere gebruikersgroepen verder kunnen worden opgepakt. Het is ook mogelijk dat, in overleg met de opdrachtgever, (delen van) het Proof-of-Concept binnen andere domeinen verder worden opgepakt in doorontwikkel- en/of implementatietrajecten. 4.4. Op te leveren producten en diensten Het project i-bridge 2.0 dient de volgende resultaten op te leveren: Een fysieke i-bridge omgeving die kan worden gebruikt als ontwikkel- en testomgeving; Een fysieke i-bridge omgeving die kan worden gebruikt als demonstratie- en oefenomgeving; Een kennisbank, waarin de resultaten en opgedane kennis gedurende het project worden vastgelegd; Een model voor het implementeren van i-bridge functionaliteiten; Per timebox een faseplan, een definitiedocument, een ontwerp en een gedocumenteerde versie van het Proof-of-Concept; Een Proof-of-Concept waarin de toepassing van de functionaliteiten op het gebied van spraakharmonisatie, cryptoharmonisatie, geo-harmonisatie, ad-hoc collaboratie en verslaglegging worden geïntegreerd. Dit Proof-of-Concept zal incrementeel worden ontwikkeld via zgn. timeboxes, waarin steeds in een periode van maximaal 3 maanden een nieuwe versie van het Proof-of-Concept zal worden opgeleverd; Afhankelijk van de resultaten van de incrementele ontwikkelingen van de aangegeven time box-en zal in opdracht van de opdrachtgever een overdracht van tussenversies van het Proof-of-Concept aan andere, door opdrachtgever te benoemen partijen plaats kunnen vinden. Hierbij ligt binnen NOI een duidelijke relatie met de implementatie van een Landelijk Crisis Management Systeem (LCMS), die onder verantwoordelijkheid van het Veiligheidsberaad wordt gerealiseerd. Accreditatie van de oplossing binnen het crypto-harmonisatiespoor door relevante Beveiligingsautoriteiten binnen de overheid (in ieder geval Defensie, in voorkomend geval ook Politie en BZK). 4.5. Uitgangspunten en randvoorwaarden Voor het project gelden de volgende uitgangspunten en randvoorwaarden: De fysieke i-bridge omgevingen zijn geen operationele omgevingen, maar zijn wat betreft opbouw en functionaliteit wel zoveel mogelijk gelijk aan een operationele omgeving. Voor zover van toepassing zullen de binnen Defensie gangbare richtlijnen voor IT-beheer worden gehanteerd. De Proof-of-Concept opstelling (fysieke omgevingen) wordt alleen voor de duur van het project ingericht. De technische- en organisatorische elementen die naar voren komen bij de inrichting van de Proof-of-Concept opstelling worden gedocumenteerd om zodoende een betere inschatting te kunnen maken voor het eventueel vermarkten van deze diensten. Het benodigde projectbudget wordt tijdig ter beschikking gesteld. Operationele inbreng vanuit het werkveld is gegarandeerd.
Blad : 11 / 30 Oefeningen en deelname aan het Proof-of-Concept i-bridge geschiedt onder vooraf vastgestelde voorwaarden en uitsluitend via de projectmanager en na akkoord van de opdrachtgever. Bij het opstellen van dit document is uitgegaan van bestaande contracten met leveranciers van BG IVENT en vtspn. Indien blijkt dat bestaande contracten niet afdoende zijn, zullen de (EU)- aanbestedingsregels in acht worden genomen. In overleg met Economische Zaken wordt bekeken in hoeverre deze regels moeten worden gevolgd in het kader van innovatietrajecten. 4.6. Aannames Bij de initiële projectplanning zijn de voor het project benodigde resources naar rato verdeeld over de verschillende sporen. Dit geldt ook voor inzet van capaciteit van marktpartijen. Op basis van voortschrijdend inzicht kan een verschuiving van capaciteit tussen de sporen plaatsvinden. Validatie van de versies van de Proof-of-Concepts geschiedt door het uitvoeren van gebruikerstesten door de veiligheidsregio s. De resultaten van i-bridge worden in overleg met de opdrachtgever ingebracht in het Platform Innovatie & Informatie (Platform I&I) 2. Verzoeken aan het project vanuit het Platform I&I worden altijd ingebracht via de opdrachtgever i-bridge. De Proof-of-Concepts worden in eerste instantie ontwikkeld voor gebruik in het Veiligheidsdomein maar kunnen ook aan andere domeinen (o.a. Defensie) ter beschikking worden gesteld. 4.7. Relaties met andere projecten en activiteiten Project Netcentrisch Werken. In het project Netcentrisch Werken wordt de eerste versie van het Landelijk Crisis Management Systeem (LCMS) landelijk uitgerold bij de crisisorganisaties (veiligheidsregio s en landelijke coördinatiecentra). Daarnaast wordt hier de doorontwikkleing van het LCMS naar nieuwe versie (zgn. major releases) ter hand genomen. Dit moet o.a. leiden tot een nieuwe versie van het LCMS (LCMS 2.0) die moet worden opgeleverd per 1 januari 2011. Bij de doorontwikkeling naar deze nieuwe versie vormen de Proof-of-Concepts die worden opgeleverd binnen i-bridge 2.0 een belangrijke rol. Nieuw Meldkamer Systeem. Bij de opzet van het Nieuw Meldkamer Systeem kunnen resultaten in Proof of Concepts binnen i-bridge 2.0 mogelijk worden gebruikt. WAVE voor inzet gebieden, Verbindingen/ C2SC. Resultaten in Proof of Concepts binnen i-bridge 2.0 op het gebied van spraakharmonisatie kunnen hier mogelijk worden gebruikt. DOPS vervanging logging functionaliteit. Resultaten in Proof of Concepts binnen i-bridge 2.0 op het gebied van verslaglegging/logging kunnen hier mogelijk worden gebruikt. TSCP. Betreft het project Transglobal Secure Collaboration Program. Dit project heeft als onderwerp het veilig informatie delen over internet, zowel op nationaal als op internationaal niveau tussen overheden en overheid/bedrijfsleven en betreft gegevens die onder transnationale compliancywetgeving zoals ITAR vallen. Hiermee is TSCP dus een cruciale voorwaarde voor deelname van het Nederlandse bedrijfsleven in de internationale Defensie-gerelateerde handel en 2 Het Platform I&I wordt georganiseerd o.l.v. de Programmamanager Veiligheid Informatie en Technologie (BZK). In het platform zijn de ministeries BZK/NV, BZK/PV, BZK/VB, Voorzitter IOCB, Defensie (beleidsstaf), VROM, V&W en Justitie vertegenwoordigd. Het platform geeft invulling aan de volgende taken: Het bespreken van alle (subsidie)aanvragen (gebruikerswensen, inbreng vanuit departementen, inbreng vanuit andere lopende projecten) die zouden kunnen worden opgenomen in het werkdocument en het bepalen of deze aanvragen al dan niet worden opgepakt door het Platform. Het borgen van een eenduidige communicatie met het veld (de gebruikersdomeinen) Het dusdanig beoordelen van (subsidie)aanvragen dat deze bijdragen aan het behalen van de doelstelling van het platform I&I Het zorgdragen dat aan alle door het Platform geaccordeerde aanvragen een projectvoorstel en een opdrachtgever worden gekoppeld die verantwoordelijkheid draagt voor het realiseren van het projectvoorste Het doorgeleiden van nieuwe initiatieven naar een centraal loket voor een impactanalyse vanuit technische optiek (het samenwerkingsverband komt hiervoor met een apart voorstel). Het laten opstellen van een verdere uitwerking van het werkdocument voor het creëren van inzicht in lopende en nieuwe initiatieven.
Blad : 12 / 30 productie. Resultaten in Proof of Concepts binnen i-bridge 2.0 op het gebied van cryptoharmonisatie kunnen hier mogelijk worden gebruikt. Integrated Staff Information System (ISIS). Bij het realiseren van de Proof of Concepts in i-bridge zal in een aantal gevallen gebruik worden gemaakt van de ISIS applicatie, die is ontwikkeld door Defensie
Blad : 13 / 30 5. Business Case 5.1. Bijdrage aan beleidsdoelstellingen binnen het OOV domein De hoofduitdaging voor de Nederlandse Veiligheidssector voor de komende jaren is: hoe pakken we de groeiende en vrebredende vraag naar veiligheid efficiënt en effectief aan, rekening houdend met een goede kwaliteit en toegankelijkheid en praktische toepasbaarheid. Vanuit een oogpunt van informatievoorziening bezien speelt een verbetering van de informatievoorziening en een verbreding van informatiebron ontsluiting hierin een cruciale rol. Belangrijke verbeterpunten hier zijn: Het zorgdragen dat de benodigde relevante informatie tijdig beschikbaar is bij het leidinggevende kader of management ten tijde van de besluitvorming Het bewerkstelligen dat de diverse deelnemende (deel)organisaties een geïntegreerd beeld van een feitelijke situatie krijgen en zij tijdig feedback krijgen over wat de diverse sturende organisaties op diverse niveaus reeds aan activiteiten uitgezet hebben (feedback loops) Het accomoderen van de realiteit dat de snelste informatie uitwisseling in het private domein plaats vindt op basis van media die niet onder contrle van de Staat te brengen zijn (Twitter, blogs, wikipedia etc.) Het verbeteren van de uitwisseling van informatie tussen de diverse deelnemende en sturende organisaties en het verkrijgen van basisinformatie uit ondersteunende organisaties met verschillende besloten datanetwerken en ongelijksoortige beveiligingseisen. Met het i-bridge concept wordt geen traditionele benadering gekozen, waarbij de verschillende koppelvlakken middels stand-alone puntoplossingen worden ingevuld. De oplossingsrichting wordt gezocht in een platformbenadering, waarbij door de samenvoeging van een aantal basale diensten. (spraakharmonisatie, crypto-harmonisatie, ad-hoc collaboratie, verslaglegging en geo-harmonisatie) nieuwe mogelijkheden ontstaan. Het project i-bridge 2.0 behelst de innovatieve ontwikkelingen die een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan het tot stand komen van een geintegreerd situatiebeeld, die in meerdere veiligheidsketens (crisimanagement, maritieme veiligheid, grensbewaking etc.) is te gebruiken. Hiermee kan o.a. de effectiviteit van crisisbeheersing en rampenbestrijding verder worden verbeterd. De beproeving van nieuwe technologieën en concepten in i-bridge 2.0 leiden tot een innovatief platform met brede toepassingsmogelijkheden. Door samenwerking met de industrie kunnen de verschillende gebruikers binnen de veiligheidssector worden bediend. Hierdoor ontstaat een olievlekwerking van een toekomstvast concept dat is gebaseerd op veilige collaboratie. De legitimatie van het project wordt zo mede bepaald door de noodzaak om koppeling met andere organisaties, waaronder Defensie (3 e hoofdtaak), andere landen in grensgebieden, semioverheidspartijen (Pro-rail etc.) effectief en efficiënt in te vullen. De verschillen in gebruikte communicatiemiddelen, netwerken en situational awareness/decision support tools bij Defensie en in het Civiele domein zijn zo groot dat een generiek koppelvlak tussen deze middelen noodzaak is om goed te kunnen communiceren en informatie uit te wisselen en te delen (collaboratie). 5.2. Kosten Voor de kostenbereking van het project is het uitgangspunt, dat naast de inzet van capaciteit vanuit vtspn en BG IVENT ook inzet van marktpartijen wordt gebruikt om de projectresultaten te bewerkstelligen. Vooralsnog is hier uitgegaan van kostenberekeningen op basis van inzet van mankracht van deze marktpartijen in het project. Tijdens de realisatie kan deze inzet mogelijk ook op een andere wijze gerealiseerd worden. Uitgangspunt blijft dat de inzet van marktpartijen de totale begroting van de kosten voor deze inzet niet te boven gaat.
Blad : 14 / 30 5.3. Baten Gezien het specifieke en innovatieve karakter van het project zijn de baten van het project vrijwel niet eenduidig te kwantificeren. De beproeving van nieuwe technologieën en concepten in i-bridge 2.0 leiden tot een innovatief platform met brede toepassingsmogelijkheden. Door samenwerking met de industrie kunnen de verschillende gebruikers binnen de veiligheidssector worden bediend. Hierdoor ontstaat een olievlekwerking van een toekomstvast concept dat is gebaseerd op veilige collaboratie.
Blad : 15 / 30 6. Organisatiestructuur 6.1. Organogram Voor de duur van het project wordt een tijdelijke organisatie opgezet: Hierna worden de verantwoordelijkheden van de diverse betrokken spelers algemeen toegelicht. Stuurgroep Functie en naam Rol KLTZ P. Kwant Opdrachtgever (Business Executive) Vertegenwoordiger Veiligheidsregio s (J. Vertegenwoordiger gebruikers (Senior User) Slakhorst) KTZ R. Dekker Vertegenwoordiger NOI?? Vertegenwoordiger Netcentrisch werken Vertegenwoordiger SV vtspn/defensie, Kol. R. Vertegenwoordiger leverancier (Senior Supplier) Boots De opdrachtgever is eindverantwoordelijk voor het overall eindresultaat van het project. Hij laat zich hierbij ondersteunen door de andere leden van de Stuurgroep. De Stuurgroep komt formeel alleen bij elkaar voor het bespreken van het PID, voortgangsrapportages, faseplannen (indien van toepassing) en afwijkingsrapportages. Projectmanager, Projectadvies, Projectondersteuning Naam Rol Relinde van Bladel Projectmanager Vincent Hoek Strategisch adviseur Willem Steenis Strategisch adviseur Robert van Merrienboer Algemene ondersteuning
Blad : 16 / 30 De projectmanager krijgt van de opdrachtgever de verantwoordelijkheid en bevoegdheid voor de dagelijkse gang van zaken in het project. De projectleider kan beslissingen nemen binnen de grenzen zoals aangegeven door de Stuurgroep. De belangrijkste verantwoordelijkheid van de projectleider is het zekerstellen dat het project de gewenste producten oplevert, binnen tijd, binnen budget en volgens de afgesproken kwaliteit. De projectleider rapporteert aan de Stuurgroep. Projectondersteuning ondersteunt de projectleider technisch en administratief. Voor elke timebox wordt een faseplan geschreven waarin de verschillende teams worden beschreven die werken aan de oplevering van de betreffende timebox. De teamleiders worden aangestuurd door de projectmanager en sturen op hun beurt de projectmedewerkers binnen hun team aan. Teneinde er zorg voor te dragen dat de verschillende functionaliteiten die binnen een timebox worden gerealiseerd als één geheel worden gerealiseerd wordt voor elke timebox één of meerdere teams ingericht die deze integratie verzorgen. 6.2. Taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden Binnen de Stuurgroep zijn de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden als volgt verdeeld: Opdrachtgever: Is eigenaar van de business case van het project Vertegenwoordigt/rapporteert onder andere aan de sponsorgroep van het programma crisisbeheersing en rampenbestrijding Keurt de projectresultaten goed en houdt kosten en tijd in de gaten Neemt beslissingen over wijzigingsvoorstellen vanuit het project die het mandaat van de projectmanager overstijgen (in overleg met andere leden Stuurgroep) Is verantwoordelijk voor project assurance (levert het project de juiste resultaten op vanuit optiek opdrachtgever) Zit Stuurgroep vergaderingen voor Senior User Vertegenwoordigt belangen van de opeartionele gebruikers (o.a. eerste versie van het LCMS) Bewaakt de voortgang van het project vanuit het oogpunt van de operationele gebruikers Stelt zeker dat de projectresultaten de gebruikersbehoeften weerspiegelen Adviseert ten aanzien van beslissingen over wijzigingsvoorstellen Stelt zeker dat de gebruikers (crisisorganisaties) voldoende capaciteit beschikbaar stellen in kwantitatief en kwalitatief opzicht Is linking pin naar het management van de crisisorganisatie Senior Supplier Vertegenwoordigt belangen van het Samenwerkingsverband vtspn en BG IVENT (SV) en de door het SV aangestuurde leveranciers Bewaakt de voortgang van het project vanuit het oogpunt van het SV in haar rol als leverancier van de projectresultaten Stelt zeker dat het SV (incl. door SV aangestuurde leveranciers) Draagt bij aan beslissingen over wijzigingsvoorstellen Lost prioriteitsconflicten binnen SV op Stelt zeker dat resultaat aansluit op visie leverancier Binnen het project zijn de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden als volgt verdeeld: Projectmanager Stelt zeker dat: De gedefinieerde projectresultaten tijdig en binnen budget worden geleverd projectresultaten voldoen aan kwaliteitsnormen Rapporteert aan de Stuurgroep van het project Legt wijzigingsvoorstellen buiten het mandaat van de PM ter besluitvorming voor aan de Stuurgroep
Blad : 17 / 30 Borgt dat de projectresultaten worden overgedragen aan de in de projectfase en onder verantwoordelijkheid van het project ingerichte beheerorganisaties 6.3. Verantwoordelijkheid teams Naam team Op te leveren In te zetten middelen 3 Betrokken firma s (Ad hoc) collaboratie Integratie Sharepoint- Groove verbeteren Visuele interface met spraak Kunstmatige intelligentie vglk. Burgernet Unified Communications Groove Sharepoint Office Communications Server (OCS) Nortel CS1000 Microsoft Nortel via DimensionData (ACE modules) Verslaglegging GEO visualisatie Logging wie sprak met wie, wanneer is wat gezegd. Terugvinden informatie Logging sitrap en sitplot E-discovery Ondersteunen sitrap, sitplot Analyse (inundatie, gasmal, aanrijroutes etc.) Integreren GEO-context (rampspecifieke kaartsets, dynamisch) Koppeling GDI R&C I-logger Groove (sitplot, sitrap) Sharepoint Virtual Earth ArcGis server MOVIDA MS Surface Handataport Geodan Spraakharmonisatie Koppelen van diverse communicatiemiddelen (C2000, FM9000, GMS/UMTS/GPRS, BOWMAN, TITAAN) WAVE Fujitsu Services Cryptoharmonisatie Multilevel security systemen koppelen Accreditatie IATO Inzet rule and policy based server SUPHICE Avensus 6.4. Overlegstructuren Communicatielijn Deelnemers Wat Stuurgroep Leden Stuurgroep project Projectmanager Maandelijks voortgangsoverleg Hoofdpuntenrapportage Projectoverleg Projectmanager Teamleiders Wekelijks voortgangsoverleg Projectdossier 3 Zie voor een beschrijving van de in te zetten middelen bijlage 2.
Blad : 18 / 30 7. Aanpak 7.1. Fasering Het project i-bridge 2.0 wordt gerealiseerd op basis van het principe van time boxing. Dit betekent dat in een vooraf vastgestelde doorlooptijd van maximaal 3 maanden (een timebox) een aantal stappen wordt uitgevoerd, te weten: Een definitiefase: hierin worden de vraagstellingen geïnventariseerd waarop binnen de betreffende timebox een antwoord wordt gegeven en/of de (gebruikers)behoeften waaraan binnen de timebox invulling zal worden gegeven; Een ontwerpfase: het op basis van de resultaten van de definitiefase maken van een beknopt functioneel en technisch ontwerp; Een realisatiefase: het op basis van de resultaten van de ontwerpfase realiseren van een werkende Proof-of-Concept (systeemversie, waarin de 5 basisfunctionaleiten van i-bridge geïntegreerd werken). De Proof-of-Concept moet zover ontwikkeld zijn dat deze in de demo-en oefenomgeving kan worden gebruikt. Nr. Fase Startdatum Einddatum 1 PoC LCMS 1.1 z.s.m. Juni 2009 2 Ondersteuning oefening Combined Endeavor 2009 z.s.m. Sept 2009 3 Pilot Hulpverlening Gelderland Midden Okt 2009 Mrt 2010 4 Nader te bepalen n.t.b. Dec 2010 Naast deze fasering in time-boxes dienen een aantal activiteiten te worden uitgevoerd tijdens alle hiervoor genoemde fasen van het project. Het betreft: het inrichten en onderhouden van de fysieke omgevingen i-bridge het inrichten en onderhouden van de kennisbank het opstellen van het business model voor het vermarkten van diensten 7.2. Initiële projectplanning De projectplanning geeft aan wanneer welke mijlpalen worden opgeleverd. Deze planning kan gedurende de loop van het project aangepast worden op basis van ervaringen in het project en / of nieuwe gegevens. De volgende mijlpalen kunnen worden onderscheiden: Algemeen: 1. Kennisbank In de kennisbank worden alle relevante documenten, die binnen i-bridge worden opgesteld of als bronmateriaal voor i-bridge gelden opgeslagen en op een dusdanige wijze gerangschikt en geïndexeerd dat zij eenvoudig zijn terug te vinden. 2. Model implementatie i-bridge functionaliteiten Er moet een model worden ontwikkeld waarin wordt beschreven hoe de implementatie van functionaliteiten die binnen de Proof-of-Concepts van i-bridge worden ontwikkeld geïmplementeerd kunnen worden indien dit opportuun wordt. Uitdaging daarbij is hoe een onder regie van een overheidsorganisatie ontwikkeld innovatief concept, waarbij meerdere marktpartijen betrokken zijn geweest, kan worden doorontwikkeld naar een operationele toepassing.
Blad : 19 / 30 3. Time-boxes 1 Proof-of-Concept LCMS versie 1.1. Betreft de doorontwikkeling van LCMS 1.0 naar LCMS versie 1.1 op basis van ingediende gebruikerswensen en technische vernieuwingen (architectuur en infrastructuur). In de eerste timebox, worden de volgende onderwerpen geïntegreerd in LCMS versie 1.0: a. Integreren viewers CEDRIC en CCS b. Opnemen functionaliteit analysetool uit CCS c. Het verrasteren van additionele vectorinformatie d. Ontwikkelen van een koppelvlak met GDI R&D Voor de eerste time-box is een faseplan opgesteld dat is opgenomen in bijlage 3. 2 Ondersteuning oefening Combined Endeavor 2009. Betreft het geven van een demonstratie met het concept i-bridge. Innovatieve ontwikkelingen op het gebied van geoharmonisatie zullen worden gedaan op basis van het maken van gebruikerstoepassingen aan de hand van het te spelen scenario. Mogelijke innovatieve onderwerpen zijn: a. Koppeling van de i-bridge omgeving aan het mobiele domein b. Koppeling tussen tekst en plot in de i-bridge omgeving c. Koppeling van de i-bridge omgeving aan Virtual Earth d. Koppeling van de i-bridge omgeving aan de spraakmodule 3 Pilot Hulpverlening Gelderland Midden. Betreft het ontwikkelen van een aantal functionaliteiten met de veieligheidsregio Gelderland Midden (HGM). Deze functionlaiteiten zullen worden beproefd in één of meerdere oefeningen. Het gaat om de volgende functionaliteiten: a. Opschalen vanaf de meldkamer. b. Doorontwikkelen I-logger (zelfsynchroniserend dashboard) c. Crisiscommunicatie. d. Collaboratie / integratie tekst. e. Plaatsen mobiele devices. f. Realiseren onafhankelijk mobiel GSM netwerk rond plaats incident. g. Beproeven beveiligingsconcept SUPHICE op basis van scenario oefening. 4 Nader te bepalen.
Blad : 20 / 30 8. Projectbeheersing Dit hoofdstuk beschrijft de maatregelen die binnen het project worden genomen om het project beheersbaar uit te voeren qua tijd en geld. Daarmee wordt geborgd dat de oplevering van de producten van het project geschiedt conform afspraken en dus binnen de afgesproken toleranties opgeleverd worden. Kwaliteitsbeheersing wordt behandeld in het hoofdstuk Kwaliteitsplan. Risicobeheersing zal tijdens de uitvoering van het project een belangrijk aandachtspunt van de projectmanager blijven. Het onderwerp zal wekelijks bij het voortgangsoverleg onder de aandacht worden gebracht. De standaard risico s en projectspecifieke risico s worden bij elk overleg tussen projectmanager en het projectteam doorgenomen. Risico s die zich (dreigen te) openbaren worden volgens de daarvoor geldende procedure afgehandeld in overleg met de opdrachtgever. 8.1. Toleranties Voor budget en doorlooptijd van het deelproject gelden de onderstaande toleranties waarbinnen de projectmanager het deelproject kan uitvoeren zonder goedkeuring van de opdrachtgever. - Doorlooptijd : 10 %; - Project budget : 10 %. Tijdens de uitvoering van het deelproject controleert de projectmanager regelmatig de voortgang. Indien de afwijking van de plannen naar verwachting groter is dan de afgesproken toleranties, rapporteert de projectmanager dat direct aan de opdrachtgever. 8.2. Rapportages De projectmanager rapporteert over het project via de onderstaande rapportagevormen. Hoofdpuntenrapport De projectmanager rapporteert hiermee over de voortgang van zijn project. Afwijkingsrapport Hiermee rapporteert de projectmanager naar de opdrachtgever, indien de overeengekomen toleranties van het project of de fase in doorlooptijd en/of projectbudget dreigen te worden overschreden. 8.3. Afwijkingsprocedure De afwijkingsprocedure treedt in werking als van een fase of van het project wordt verwacht dat het niet binnen de afgesproken tolerantiegrenzen blijft. Zodra de projectmanager dit op basis van aangeleverde informatie verwacht, meldt hij dit in een afwijkingsrapport aan de opdrachtgever. In onderling overleg wordt de aanleiding en oorzaak besproken. Daarna wordt besloten tot één van de volgende situaties: de opdrachtgever treft maatregelen ter voorkoming/opheffing van de aanleiding; de opdrachtgever escaleert; de toleranties voor de fase worden verruimd; er worden concessies gedaan inzake tijd, geld, kwaliteit of omvang van het op te leveren resultaat. Alle situaties worden vermeld in het eerstvolgende hoofdpuntenrapport. 8.4. Aandachtspuntenlijst Alle vragen, fouten, (wijzigings- en functionaliteit)verzoeken, opmerkingen en afwijkingen worden geregistreerd in een zogenoemde aandachtspuntenlijst. Iedereen kan aandachtspunten indienen waarna de projectmanager aangeeft of er, en zo ja, welke actie wordt ondernomen. Dit kan betekenen
Blad : 21 / 30 dat aandachtspunten zoals fouten in de applicaties en (functionele) wijzigingsverzoeken het wijzigingsbeheerproces ingaan en tot nieuwe versies kunnen leiden. Onderwerpen die hierbij aan de orde zullen komen, zijn: (uniek) nummer, type (RfC, afwijking, vraag, opmerking), naam indiener, datum van indiening, laatste update, omschrijving, status, prioriteit en maatregelen. 8.5. Opdrachtverstrekking en goedkeuring plannen Opdrachtverstrekking geschiedt in de projectlijn via de opdrachtgever. Goedkeuring van alle plannen is een verantwoordelijkheid van de opdrachtgever.
Blad : 22 / 30 9. Risico s De volgende tabel geeft een overzicht van de tot nu toe onderkende bedreigingen ten aanzien van het project met voorgestelde tegenmaatregelen, de kans van optreden en de mate van negatief effect op het project (aangegeven op een schaal van 1 tot 5) 4. De laatste kolom geeft het risico aan (kans * effect). Op deze wijze kan gefundeerd worden afgewogen welke bedreigingen de meeste aandacht of hulpbronnen verdienen. Tijdens het project wordt deze lijst voortdurend bijgehouden in het risico logboek, met een uitgebreidere beschrijving van de risico's. Toevoeging van bedreigingen of andere wijzigingen worden vermeld in de eerstvolgende hoofdpuntenrapportage. Bedreiging Tegenmaatregel Kans Effect Risico Onvoldoende personele capaciteit en continuïteit voor invulling project. Afstemming innovatie i- Bridge met implementatie Crisis Management Systeem Beveiliging (BA) procedures doorlopen. Organisatorische effecten van (technische) innovaties juist inschatten. Bv. ontsluiten verschillende kaartlagen technisch geen probleem, wel organisatorisch (eigenaarschap, beschikbaarstelling etc.) Financiele dekking wel toegezegd maar nog niet vrijgegeven door NOI Specificatie van geplande benodigde capaciteit in de PID vastleggen. Zekerstellen benodigde en aanvullende capaciteit door Stuurgroep. Apart overleg hiervoor inplannen. Scope projecten in beide trajecten (innovatie versus implementatie) duidelijk vastleggen. BA tijdig betrekken, onderzoek naar BA aspecten in relatie met i-bridge uitvoeren in overleg met BA. In vervolgtrajecten na PoC s i-bridge specifiek aandacht besteden aan organisatorische consequenties, randvoorwaarden etc. Liaison naar NOI houdt vinger aan de pols. Voortgang bespreken in stuurgroep 3 5 15 2 5 10 3 3 9 4 5 20 4 5 20 4 1 = kleine kans of gering effect, 5 = grote kans of groot effect
Blad : 23 / 30 10. Bijlagen 10.1. Bijlage A. Productbeschrijvingen In deze bijlage zijn alle productbeschrijvingen opgenomen: Productnaam Onderdeel Omschrijving Fysieke i-bridge omgeving (ontwikkel- en testomgeving) Productnummer P-001 Doel Samenstelling Verantwoordelijke Leveren van de fysieke infrastructuur om de software toepassingen van i-bridge te kunnen ontwikkelen en testen. Werkende ontwikkel- en testomgeving om de i-bridge producten geintegreerd te kunnen ontwikkelen en testen. Betreft enkelvoudige omgevingen. Projectmanager Productnaam Onderdeel Omschrijving Fysieke i-bridge omgeving (demonstratie- en oefenomgeving) Productnummer P-002 Doel Samenstelling Verantwoordelijke Leveren van de fysieke infrastructuur om de software toepassingen van i-bridge kunnen demonstreren en/of in te zetten voor oefeningen Werkende demonstratie- en oefenomgeving om de i-bridge producten geintegreerd te kunnen tonen bij oefeningen en tijdens demonstraties. Betreft enkelvoudige omgevingen. Projectmanager Productnaam Onderdeel Kennisbank Omschrijving Productnummer P-003 Doel Samenstelling Verantwoordelijke Vastleggen van alle in het i-bridge traject opgedane kennis en ervaringen op een wijze dat deze informatie eenvoudig kan worden ontsloten en hergebruikt De kennisbank is een digitale omgeving waarin alle documenten die binnen het i-bridge project worden opgeleverd, aan i-bridge worden aangeleverd of gerelateerd zijn aan i-bridge worden opgeslagen. De kennisbank wordt zo opgebouwd, dat in de kennisbank vastgelegde informatie - eenvoudig kan worden ontsloten - eenvoudig kan worden teruggevonden - eenvoudig kan worden gedistribueerd Projectmanager
Blad : 24 / 30 Productnaam Onderdeel Model voor implementatie Omschrijving Productnummer P-004 Doel Samenstelling Verantwoordelijke Inzicht verschaffen in implementatiemogelijkheden i-bridge functionaliteiten. Een uitgewerkt model waarmee inzichtelijk wordt gemaakt hoe de overheid en marktpartijen gezamenlijk zorg kunnen dragen voor het implementeren van diensten/produkten die binnen het i-bridge project worden opgeleverd. Projectmanager Productnaam Onderdeel Proof of Concept (per timebox) Omschrijving Productnummer P-005 Doel Samenstelling Verantwoordelijke Het Proof-of-Concept heeft als doel om in een praktijksituatie aan te tonen componenten uit de 5 sporen van i-bridge in een geintegreerd concept een werkend systeem opleveren. Een werkend systeem in een demo- en een oefenomgeving waarin componenten uit de 5 spoeren van i-bridge geintegreerd met elkaar werken. Naast het werkende systeem worden de volgende documenten opgeleverd: - een definitiedocument, waarin staat beschreven welke functionaliteit moet worden geleverd in het PoC - een ontwerpdocument, waarin het functioneel en technisch ontwerp van deze functionaliteit staat beschreven - alle overige relevante systeemdocumentatie Projectmanager Productnaam Onderdeel Omschrijving Overdrachtsdocument (tussenversie) Proof-of-Concept Productnummer P-006 Doel Samenstelling Aan opdrachtgever of andere functionaris waaraan wordt overgedragen inzicht verschaffen in de consequenties van het daadwerkelijk operationeel maken van de PoC. Plandocument waarmee inzichtelijk wordt gemaakt welke activiteiten zouden moeten worden uitgevoerd om het PoC daadwerkelijk operationeel te stellen. Er moet duidelijkheid worden verschaft over: - de uit te voeren activiteiten - de hiervoor benodigde personele capaciteit - de benodigde hard- en software - de kosten die gemoeid gaan met het uitvoeren van deze activiteiten - eventuele randvoorwaarden, uitgangspunten en
Blad : 25 / 30 Verantwoordelijke aandachtspunten die van belang zijn bij het operationeel stellen Realisatie van het operationeel stellen van het PoC wordt op basis van dit plandocument verder uitgewerkt. Projectmanager Productnaam Onderdeel Omschrijving Accreditatie crypto-harmonisatiespoor Productnummer P-009 Doel Samenstelling Verantwoordelijke Accreditatie van de in te zetten cryptofaciliteiten De cryptomodules zijn opgebouwd op basis van het Suphice concept van de Europese Unie. Deze crypto faciliteiten dienen te voldoen aan het vigerende Defensie Beveiligings Beleid 2007, in casu de Uitvoeringsbepalingen D/307, D/501, D/502 en D/503. Trekker Cryptoharmonisatie Productnaam Onderdeel Accreditatie i-bridge omgeving Omschrijving Productnummer P-010 Doel Samenstelling Verantwoordelijke Accreditatie van de in te zetten componenten van i-bridge De diverse componenten van I-Bridge dienen te voldoen aan het vigerende Defensie Beveiligings Beleid 2007, in casu de Uitvoeringsbepalingen D 301 tot en met D 308. Hiervoor dient het accreditatieproces doorlopen te worden conform Uitvoeringsbepaling D/101 Risico analyse, Implementatie en Accreditatie van de Beveiligings Autoriteit van het Ministerie van Defensie. Trekker Cryptoharmonisatie
Blad : 26 / 30 10.2. Bijlage 2. Beschrijving in te zetten middelen. GROOVE. Microsoft Office Groove 2007 is programmatuur voor samenwerking van teams. Informatie delen en gezamenlijke projectactiviteiten ontplooien zijn daarbij de speerpunten. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van werkruimten voor samenwerking waarin alle teamleden, hulpmiddelen en informatie bijeen worden gebracht. De informatie blijft beschikbaar op de lokale harddisk en zal - indien er verbinding is - synchroniseren met alle leden van het team. Om de bandbreedte zo smal mogelijk te houden, gebeurt dit door het versturen van delta s (verschillen). Een versleuteling zorgt er voor dat de gegevens veilig verzonden worden. Office Groove 2007 kent vijf kernelementen: - Werkruimten. Dit zijn containers die zijn gemaakt door informatiewerkers, zodat zij informatie kunnen delen en zodat zij gezamenlijk aan teamprojecten kunnen werken. - Hulpmiddelen. Dit zijn toepassingen die door teamleden aan de werkruimten worden toegevoegd, zodat zij op een gestructureerde (bijvoorbeeld formulieren) en een ongestructureerde (bijvoorbeeld bestanden) wijze informatie kunnen delen en gezamenlijk met deze informatie kunnen werken. - Aanwezigheidssignalering en communicatie. Office Groove 2007 is voorzien van ingebouwde mogelijkheden voor aanwezigheidssignalering, chatten en het verzenden van berichten. - Meldingen. Office Groove 2007 biedt mogelijkheden voor het weergeven van meldingen waarbij medewerkers via tekst en/of geluid worden geïnformeerd over gebeurtenissen en werkactiviteiten. - De startbalk. De startbalk voorziet gebruikers van een beginpunt voor het beheren van alle Office Groove 2007-elementen, waaronder werkruimten, contactpersonen, aanwezigheidsignalering en meldingen en voor het uitvoeren van basistaken, zoals het maken van nieuwe werkruimten, het communiceren met gebruikers en het uitnodigen van gebruikers. Het belangrijkste IV onderdeel van een Groove archietctuur wordt gevormd door de management server, de relay server en de databrug. Dit zijn de middelen die de software gebruikt om te synchroniseren. Sharepoint. Microsoft Office SharePoint Server 2007 is een servertoepassing die deel uitmaakt van het 2007 Microsoft Office systeem en is ontworpen om effectief samen te werken met andere programma's in het 2007 Microsoft Office system. Sites kunnen eenvoudig worden gemaakt op basis van sjablonen. Via deze sites kan worden samengewerkt en informatie met anderen worden gedeeld. Hierbij maakt het niet uit of deze personen zich binnen of buiten uw organisatie bevinden. Microsoft Office SharePoint Server 2007 kan onder andere worden gebruikt om: - Effectief samen te werken met andere personen in de organisatie. Er kunnen bijvoorbeeld kalenders worden gebruikt om te zien wanneer er teamgebeurtenissen zijn gepland. Documentbibliotheken worden gebruikt voor de opslag van de documenten van een team of organisatie. Informatie kan ook worden vastgelegd in wiki's (door gebruikers beheerde kennisbanken). - Persoonlijke sites te maken waar informatie beheerd kan worden die ook met andere gebruikers gedeeld kan worden. U kunt bijvoorbeeld uw eigen Mijn site-portal maken waar u al uw documenten, taken andere persoonlijke gegevens vanuit een centrale locatie kunt weergeven en beheren. - Personen te zoeken. Als u bijvoorbeeld de Mijn sites op uw intranet doorzoekt, kunt u iemand vinden die een bepaalde vaardigheid of interesse heeft, ook als u de naam van die persoon niet weet. - Als host op te treden voor op XML gebaseerde zakelijke formulieren die zijn geïntegreerd met databases of andere zakelijke toepassingen. De formulieren kunnen worden ontworpen in Infopath en door deze te hosten in SharePoint kunnen gebruikers deze formulieren invullen via een browser. Deze gegevens kunnen centraal worden opgeslagen in een database. - Op eenvoudige wijze rapporten, lijsten en KPI's (Key Performance Indicators) te publiceren door deze te koppelen aan zakelijke toepassingen, zoals SAP, Siebel en Microsoft SQL Server 2005. - Eenvoudig te brainstormen met wikisites. Met een wikisite kunt u brainstormen over ideeën, samenwerken aan een teamontwerp, een kennisencyclopedie samenstellen, of alleen routinegegevens verzamelen in een indeling die eenvoudig te maken en te bewerken is.
Blad : 27 / 30 OCS. Office Communications Server 2007 bevat nieuwe functies en uitbreidingen voor verbeterde betrouwbaarheid en beheersbaarheid, en voor betere mogelijkheden voor het delen van aanwezigheidsgegevens en IM (instant messaging) met partners, klanten en leveranciers. Office Communications Server 2007 bouwt voort op de functionaliteit voor instant messaging en aanwezigheidsignalering, geïntegreerde communicatie en remote call control van Communications Server en Office Communicator. Belangrijke nieuwe voorzieningen voor instant messaging, zijn onder meer integratie met de distributielijsten van Microsoft Exchange Server en uitbreiding van VoIP. Met Office Communicator 2007 op hun computer kunnen gebruikers zowel voice- en telefoongesprekken starten, ontvangen en beheren als op de eigen locatie deelnemen aan audio-, video- en webconferenties tussen meerdere partijen. Daarnaast ondersteunt Office Communications Server 2007 de ICE-protocollen, waardoor gebruikers deze communicatiemogelijkheden vanaf elke locatie kunnen benutten, zonder dat eerst een VPN-verbinding tot stand hoeft te worden gebracht. CS1000. Communication Server 1000 is een serverbased Internet Protocol en de hoeksteen van Nortel Enterprise Unified Communications. Het combineert de voordelen van een converged network met geavanceerderde applicaties en telefoniecomponenten. Het ondersteunt bedrijfskritische toepassingen, inclusief unified messaging, draadloos VoIP en IP phones. Virtual Earth. Het Microsoft Virtual Earth Platform is een geintegreerde set ven services, die toegang geeft tot hoge kwaliteit geografische informatie, imagery (beeldmateriaal) en nieuwe technologie. Virtual Earth is meer dan een kaartenbak. Het Virtual Earth platform kan omgaan met de belangrijkste GIS en IT standaarden (zoals OGC webservices). Virtual Earth is in staat om OGC Webservices te ontvangen en te genereren, zodat de informatie in Virtual Earth ook in andere applicaties beschikbaar komt. Virtual Earth kan dus makkelijk geïntegreerd worden in web applicaties voor b.v. publieksvoorlichting via het internet, bestaande bedrijfssoftware als Sharepoint en desktop GIS applicaties. Het is ook mogelijk om eigen datasets aan Virtual Earth toe te voegen. ArcGIS. ArcGIS Server is een server-georiënteerde GIS oplossing. Via ArcGIS Server zijn kaarten, analyses en modellen uit de Desktop GIS omgeving als services en applicaties via intra- en internet te delen. Hiermee wordt de kracht van GIS beschikbaar gesteld aan grote groepen gebruikers, onafhankelijk van hun GIS achtergrond en onafhankelijk van de beschikbaarheid van GIS software op de desktop. Server GIS maakt GIS overal en altijd toegankelijk. Publiceer interactieve kaarten; deel data, analyses en GIS tools binnen uw organisatie en met klanten en belangstellenden; beheer data en processen vanaf een centrale locatie en waarborg uw data integriteit. Op het gebied van interoperabiliteit voldoet ArcGIS Server aan de belangrijke GIS en IT standaarden van het Open Geospatial Consortium (OGC) en het W3C. Hierdoor is ArcGIS Server goed te integreren met andere OGC en W3C applicaties, zoals webviewers. - ArcGIS Image Server biedt toegang tot grote hoeveelheden file-based beeldmateriaal. Dit wordt on-the-fly aan de client zijde verwerkt. - ArcGIS Mobile maakt GIS toegankelijk op iedere gewenste locatie. ArcGIS Mobile is een onderdeel van ArcGIS Server en biedt een compleet GIS op maat voor diverse mobiele apparatuur, zoals Tablet pc's, PDA's en smartphones. Wissel velddata uit met de server zodra een netwerkverbinding voor handen is. Deze mobiele applicaties, gebaseerd op ArcGIS Server technologie, verhogen de efficiëntie van GIS gebruik in het veld. - ArcGIS Desktop is de omgeving voor het genereren, beheren, wijzigen en verspreiden van geografische gegevens, kaarten, analyses, modellen en processen. Met ArcGIS Desktop zijn ruimtelijke gegevens aan uitgebreide en specifieke analyses te onderwerpen, zijn verbanden met externe gegevens uit tabellen of databases te leggen en kan uw analyse keer op keer herhaald of aangepast worden door het gebruik van modellen. Movida. Movida is het meest geavanceerde platform dat op de markt beschikbaar is voor het ontwikkelen van real-time location-aware applicaties voor zakelijke klanten. Met Movida kunnen organisaties: - in real-time mensen of goederen identificeren en lokaliseren, waar zij zich ook bevinden: onderweg, in gebouwen of magazijnen;
Blad : 28 / 30 - informatie en op attenderingsberichten gebaseerde kennis genereren ter ondersteuning van de meest veeleisende bedrijfskritische applicaties; - uitgebreide rapporten genereren voor het analyseren van het gebruik van goederen, de toewijzing van middelen en de operationele efficiency; - uitgebreide visualisatiemogelijkheden bieden, inclusief 3D, voor coördinatie en supervisie. Movida kan 2.0 gebruikt worden voor tracking-and-tracing van mensen en middelen. De resultaten kunnen getoond worden in een geografische viewer, zoals ArcGIS Server of Virtual Earth. Ook kan deze technologie geïntegreerd worden met het onderdeel Unified Communications. Microsoft Surface. Microsoft Surface is een multi-touch-product van Microsoft. Deze is ontwikkeld als een software en hardware combinatie die een gebruiker, of meerdere gebruikers toestaat om content te bewerken door middel van menselijke bewegingen. Microsoft Surface is in essentie een Windows Vista computer in een tafel, waarvan het tafelblad een 76 cm reflecterend scherm is. Onder het scherm is een projector geplaatst die afbeeldingen kan projecteren op het scherm. Ook zitten er nog 5 camera's in die reflecties van infrarood licht die door vingers wordt weerkaatst kunnen waarnemen. De camera's kunnen ook voorwerpen waarnemen als deze zijn 'getagt'. Gebruikers kunnen met de machine werken door middel van hun vingers en informatie manueel manipuleren. Ze kunnen dingen op het scherm aanraken en verplaatsen. Ook kunnen er voorwerpen gebruikt worden, zoals verfkwasten of kleine blokjes. Door de 'tags' kan Surface ook glazen waarnemen. Dit kan handig zijn bij bijvoorbeeld wijn. Als de gebruiker zijn glas op de tafel zet herkent Surface automatisch de wijn en kan hier allerlei soorten informatie over weergeven. In een crisisruimte levert deze interface intuitieve mogelijkheden op voor multidisciplinaire beslisteams. WAVE. WAVE staat voor Wide Area Voice Environment en is software waarmee allerhande spraakapparatuur in staat wordt gesteld om onderling geluid uit te wisselen. Rond transport, logistiek, operaties en veiligheid wordt vanuit de historie met een veelheid aan communicatiemiddelen gewerkt. Radiosystemen zoals VHF, Tetra, Traxys; Omroepsystemen; Intercom; Arbi-systemen; Conferencing Systemen; Telefonie, etc. Al deze systemen staan technisch en juridisch feitelijk op zichzelf en bieden een veelheid aan functionaliteiten voor gebruik en beheer. Dat lijkt handig maar als communicatie gewenst is over de grenzen van systemen heen wordt dat lastig en vaak onmogelijk. WAVE biedt mogelijkheden voor: - Backoffice integratie. Voor kantoormedewerkers is het niet praktisch om met radio s rond te lopen. Dankzij WAVE kunnen zij met hun PC of laptop met verschillende radionetwerken en andere groepen communiceren. - Radio interoperability. Met WAVE is het mogelijk om groepen van verschillende radionetten met elkaar te verbinden. Dat kan zowel structureel als ad-hoc (binnen een paar seconden opbouwen en afbreken). Zo is het bijvoorbeeld mogelijk om bij crisisbeheersing VHF kanaal 2 te koppelen met de OOV-diensten op C2000 in map 10. Het wisselen van radio s behoort hiermee tot het verleden. Gebruikers hoeven dan niet meer met (vrijwel) onbekende apparatuur aan de gang op kritische momenten en kunnen zich volledig concentreren op hun rol i.p.v. de technologie. - Gebruiksgemak. Gebruikers kunnen zelf kiezen welk apparaat zij gebruiken voor communicatie. Afhankelijk van rol en plaats is het bijvoorbeeld handig om een GSM te gebruiken buiten het dekkingsgebied van het radionetwerk en toch in staat te zijn om toegang te krijgen tot bepaalde VHF-kanalen. Voor operationele medewerkers is een VHF-radio wellicht meer geschikt, waarmee ze echter ook in sommige Tetra-groepen kunnen komen, zodat ze maar één radio bij zich hoeven te hebben. Voor mensen achter een bureau is een WAVE-client op de PC wellicht het meest praktisch. Naast gebruiksgemak scheelt dit ook veel geld: niet iedereen hoeft een radio te hebben en niet alle plekken hoeven radiodekkend te zijn. - Freeseating. Gebruikers kunnen vanaf elke plek met elk apparaat toegang krijgen tot de communicatie. Dit is niet alleen handig voor bereikbaarheid, maar levert ook voordelen op het gebied van contingency: gewone laptops en GSM s meenemen en op een andere plek inbellen of inloggen op de relevante groepen! Vooral voor de tactische functies rond logistiek, safety en facilities levert dat voordelen. Indien nodig kunnen ze vanaf huis inloggen via Internet, communiceren vanaf hun laptop en later in de auto de GSM gebruiken. - Dekking. De dekking van radionetwerken is altijd beperkt tot een bepaald gebied (en daarbinnen zullen altijd zwakke plekken aanwezig zijn of ontstaan). Door WAVE wordt de dekking virtueel wereldwijd en volledig. Immers is het mogelijk om via IP toegang te krijgen tot radiogroepen of via
Blad : 29 / 30 GSM/PSTN of via andere radionetwerken. Of iemand nu in een hotel in Afrika zit of thuis aan de keukentafel, er is een virtueel wereldwijde VHF-dekking. - Simpele radio-migratie. Radio interoperabiliteit kan ook de migratie van de ene naar een ander radionetwerk vereenvoudigen. Via WAVE kunnen corresponderende groepen op beide radionetwerken met elkaar worden verbonden voor de duur van de migratie. Pas als alle gebruikers van een afdeling of groep tevreden zijn over het nieuwe systeem kan de koppeling via WAVE ongedaan worden gemaakt en het oude netwerk voor dat deel kan worden ontmanteld. - Backup. Het oude radionet kan ook na de migratie als back-up worden gebruikt in situaties als onderhoud of verstoringen. Uiteraard kan ook telefonie en IP als backup worden gebruikt voor radionetwerken. - Logging. Met WAVE kunnen alle systemen eenduidig worden gelogd. Uiteraard kan WAVE de loggings ook doorzetten naar voiceloggers als NYSE. Voordeel van de loggings ook bij WAVE beschikbaar te houden, is dat via WAVE veel sneller bepaalde fragmenten teruggezocht kunnen worden. - Eén GUI. Met WAVE kan voor communicatie worden volstaan met één GUI voor gebruik en beheer, omdat WAVE voor de gebruikers en integrale beheerders in feite de onderliggende communicatiesystemen afschermt. Het drukken van een PTT-knop op WAVE kan tot gevolg hebben dat mensen op andere PC s, telefoons, VHF-radio s, Tetra-radio s of reizigers op de gates via omroepsystemen hetzelfde bericht tegelijkertijd horen. - Investeringsbescherming. De bestaande systemen kunnen ondanks de wellicht beperkte functionaliteit gebruikt blijven worden, omdat WAVE er functionaliteit aan toevoegt. Zo wordt het mogelijk om systemen te ontsluiten voor andere toepassingen. Intercom kan bijvoorbeeld ook worden gebruikt voor Security. VHF dankzij radio-interoperability ook voor samenwerking met OOV. - WAVE behoeft topologie beschrijvingen om geprogrammeerd te kunnen worden. Met andere woorden: eerst moet worden vastgesteld welke specifieke radios zich waar bevinden en welke onderlinge verbindingsmogelijkheden zijn gewenst met het oog op een specifiek te ondersteunen proces.het is binnen i-bridge de bedoeling dat deze stap vervolgens kan worden opgeslagen als ACE module en zo binnen het bereik komt van een bredere groep programmeurs. Door een ACE module in te voegen in een legacy applicatie, kan deze applicatie vervolgens spraakmogelijkheden krijgen. NORTEL CS1000. De Communication Server1000S is een hybride telefonie oplossing voor organisaties met één of meerdere locaties. Het platform ondersteunt een mix van telefoontoestellen, applicaties en PSTN gateways over een geconvergeerd netwerk. Ondersteunde telefoons zijn onder andere IP telefoons, digitale telefoons, analoge telefoons, DECT telefoons en draadloze IP telefoons alsmede softwarematige telefoons op laptops en PDA s. De CS1000S beschikt over alle telefoon functionaliteiten en services welke ontwikkeld zijn voor het Meridian platform plus nieuwe innovatieve functionaliteiten voor IP telefonie. De CS1000 beschikt over geavanceerde netwerk faciliteiten naar andere Nortel en niet-nortel apparatuur, gebruik makend van industrie standaarden. Dit maakt het systeem ideaal om in te zetten bij organisaties met mobiele medewerkers, organisaties met meerdere locaties, organisaties waar veel verhuizingen zijn, organisaties waar nog geen telefooncentrale is of waar de centrale niet voldoet aan hedendaagse wensen en eisen en organisaties die hun processen willen optimaliseren.typische toepassingen voor de CS1000S betreft thuiswerk situaties (i2050 software telefoon op de PC, PC/Internet toegang tot zakelijke IP telefonie applicaties), mobiele medewerkers (i2050 software telefoon op de PC/PDA, Internet toegang tot zakelijke IP telefonie applicaties), oplossingen om samenwerken te realiseren (commandant/uitvoerder schakelingen, persoonlijke oproep assistent om verbinding te leggen met multimedia server/software) en productiviteitsverhogende oplossingen (Integrated Call Director, het één nummer volg mij zelfservice applicatie, overzicht van aanwezige/ingelogde collegae om te bellen / multimedia services / video conferentie / instant messaging). Het systeem is schaalbaar, tot 1.000 IP clients per callserver en kent een centraal beheer van nummerplan tot 100.000 clients. De IP telefonie service werkt over elk op open standaarden gebaseerd netwerk en het systeem kent goede rapportage mogelijkheden. SUPHICE. SUPHICE staat voor Secure Unplanned Provisioning of High Integrity Communications for Europe. SUPHICE demonstreert de implementatie van een crypto algoritme dat bruikbaar is voor de EU in een SECRET omgeving. Daarbij moet de evaluatie en certificering van het systeem inclusief de implementatie geschieden onder het EU proces CISP.
Blad : 30 / 30 Een groot aantal leden van de EU zijn tevens lid van NATO waardoor er gezocht moet worden naar mogelijkheden om de informatie van elke organisatie in hun eigen nationale omgeving en systemen te borgen binnen de kaders van het vigerende beleid van die betreffende organisatie. SUPHICE biedt de mogelijkheid om met dezelfde crypto producten te werken zonder dat EU of NATO beleid wordt overtreden. SUPHICE biedt een oplossing voor de Europese crypto markt die veelal belemmerd wordt door de individuele regelgeving of wetgeving van de lidstaten over deze materie. Deze belemmering wordt grotendeels teniet gedaan vanwege het feit dat het overkoepelende ontwerp niet gerubriceerd is en niet het eigendom van een der lidstaten. Door gebruik te maken van moderne technologische standaarden (XML), webgebaseerde technieken (UDDI, WSDL en BPEL) wordt het mogelijk om een snelle en adhoc uitrol van High Integrity Communications op basis van rule en policy based management te realiseren, ook over de nationale grenzen van de lidstaten heen. Het is bij SUPHICE niet zozeer een kwestie van standaardiseren op crypto apparatuur, maar van het faciliteren van het snel en flexibel kunnen naleven van voorwaarden waaronder specifieke personen, binnen specifieke organisaties op een specifieke manier, voor een specifieke tijd toch kunnen en mogen samenwerken.