Alternatieve financieringsvormen voor zorgvastgoed

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Alternatieve financieringsvormen voor zorgvastgoed"

Transcriptie

1 Alternatieve financieringsvormen voor zorgvastgoed Een verkennend onderzoek naar de mogelijkheden voor zorginstellingen om zorgvastgoed te financieren middels alternatieve financieringsvormen Amsterdam School of Real Estate Master of Science in Real Estate Master Thesis Steffen van der Wielen Augustus 2014 Eerste beoordelaar: dhr. drs. Y.M.B. van der Werf

2 COLOFON Titel Subtitel : Alternatieve financieringsvormen voor zorgvastgoed : Een verkennend onderzoek naar de mogelijkheden voor zorginstellingen om zorgvastgoed te financieren middels alternatieve financieringsvormen Plaats en datum : Sint-Oedenrode, 29 augustus 2014 Status : Definitief Auteur : S. (Steffen) van der Wielen Onderwijsinstelling : Amsterdam School of Real Estate Opleiding : Master of Science in Real Estate Eerste beoordelaar : dhr. drs. Y.M.B. van der Werf Tweede beoordelaar : dhr. drs. W. van der Post STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED

3 VOORWOORD Voor u ligt mijn master thesis, geschreven in het kader van de afronding van de postinitiële masteropleiding Master of Science in Real Estate aan de Amsterdam School of Real Estate. Ik heb er erg naar uitgekeken om deze prachtige volzin aan het (digitale) papier toe te vertrouwen. Voor het afronden van deze opleiding heb ik bewust gekozen voor een onderwerp dat wat verder van mijn dagelijkse werkpraktijk af staat. Hierdoor is het afstuderen in elk geval een interessante en leerzame periode geworden. De ontwikkelingen in de zorgsector, de zorgvastgoedmarkt en de bijbehorende financieringsuitdagingen zijn een erg actueel, maar ook een bijzonder complex onderwerp gebleken. Hier zou ik dan ook aan willen sluiten bij het volgende citaat van een van de geïnterviewde bankprofessionals: De financiering van zorgvastgoed zal radicaal anders moeten, we weten alleen nog niet hoe. Dat maakt het spannend. Graag wil ik alle mensen bedanken die een bijdrage hebben geleverd aan dit onderzoek. Te beginnen bij Martijn Verwoerd van Bouwend Nederland die mij in een vroeg stadium met de juiste mensen in contact heeft gebracht. Guus Bannenberg van de Van Neynsel Groep, Lenard Markus van Actiz en Irma Langeraert van Ilfa Treasury Support die mij deelgenoot hebben gemaakt van hun eigen zoektocht naar alternatief kapitaal voor zorgvastgoed. Klaas Kroot van Financieel Opleidingsinstituut FOI, Paul Joore en Mike Vermeer dank ik voor het delen van hun kennis over financieringen en crowdfunding. De meelezers Jan Luursema van MaPaLaNa, Maico Verhagen en Michiel van Summeren dank ik voor hun kritische commentaar op het concept van deze thesis. Bijzondere veel dank gaat uit naar de mensen van de zorginstellingen die de tijd en moeite hebben genomen om de enquête in te vullen en mij daarmee van waardevolle informatie hebben voorzien. Guus Brommet, André Vermeulen, Erwin Winkel en Anja van Balen bedank ik voor de openheid tijdens de interviews en de heldere inkijk die zij mij hebben gegeven in de perceptie van de bancaire sector. Vanuit de ASRE wil ik graag mijn begeleider en eerste beoordelaar Ytzen van der Werf bedanken voor zijn begeleiding en feedback tijdens het onderzoek. Ook wil ik Wim van der Post graag bedanken voor zijn input bij het formuleren van de onderzoeksvraag en de feedback tijdens het schrijven van deze thesis. De directie van Adriaans Bouwgroep dank ik voor de gelegenheid die ze me hebben geboden om deze studie te volgen en voor de ongekende vrijheid die ik kreeg om deze ook succesvol af te ronden. Ten slotte wil ik vooral het thuisfront bedanken voor de steun en het eindeloze geduld tijdens het schrijven van deze thesis! Steffen van der Wielen Sint-Oedenrode, 29 augustus 2014 STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED

4 STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED

5 MANAGEMENTSAMENVATTING Door demografische ontwikkelingen en de wens van de overheid om meer grip te krijgen op de stijgende zorgkosten worden ingrijpende stelselwijzigingen in de zorgsector doorgevoerd. Door de wijzigingen in de bekostigingsstructuur dragen zorginstellingen zo in toenemende mate het risico van de vastgoed- en zorgexploitatie. Tegelijkertijd wordt de toestroom naar verzorgingstehuizen van met name ouderen met een lichte zorgvraag beperkt waardoor deze maatregelen veel impact hebben op de zorginstellingen die actief zijn in de ouderzorg (de sector Verpleging, Verzorging en Thuiszorg). Door deze risicoverschuiving en door de verscherpte bancaire regelgeving (Basel III) zijn bancaire instellingen terughoudend geworden in het verstrekken van kredieten voor zorgvastgoed(projecten). In de oude bekostigingsstructuur, waarin de kapitaallasten van zorgvastgoed volledig door de overheid werden vergoed, werden investeringen in zorgvastgoed volledig en nagenoeg risicoloos gefinancierd door bancaire instellingen. Dit heeft geleid tot een hoge mate van financiering met vreemd vermogen. Door de toenemende risico s bij zorginstellingen neemt ook het risico voor de vreemd vermogensverschaffers toe. Hierdoor worden de kosten voor het vreemd vermogen hoger en neemt de financieringsbereidheid af. Zorginstellingen met een financieringsopgave kunnen die dus niet zondermeer, zoals voorheen, bancair gefinancierd krijgen. Doordat eigen vermogen, althans op sectorniveau, beperkt voorhanden is en de mogelijkheid (door de rechtsvorm stichting) ontbreekt om aandelen uit te geven, oriënteren zorginstellingen zich op alternatieve financieringsvormen voor hun financieringsopgaven. Voorliggend onderzoek richt zich op die alternatieve financieringsvormen voor zorgvastgoed. De centrale vraag in het onderzoek is of alternatieve financieringsvormen als aanvulling of ter vervanging van bancaire financiering een rol kunnen spelen bij de (her)financiering van zorgvastgoed(projecten) in de sector Verzorging en Verpleging. Concreet worden twee alternatieve financieringsvormen behandeld, te weten crowdfunding en het uitgeven van verhandelbare obligaties. In het onderzoek is het theoretisch kader gevormd aan de hand van de moderne financieringtheorieën uit de corporate finance. Deze theorieën beschrijven de optimale vermogensstructuur van een onderneming (verhouding eigen en vreemd vermogen), de financieringhiërarchie die ondernemingen daarbij volgen en de consequenties die dat heeft voor de financieringscondities. De gevonden literatuur over de alternatieve financiering van zorgvastgoed is vrij beperkt en spreekt veelal generaliserend over de zorginstellingen en de bancaire sector. Om dit verder te kunnen duiden is empirische data verzameld aan de hand van een enquête onder zorginstellingen en interviews onder professionals die namens de vier belangrijkste bancaire instellingen zorgvastgoedfinancieringen behandelen. Er blijkt zowel vanuit de zorginstellingen als vanuit de bancaire instellingen behoefte te zijn aan nieuw kapitaal voor de zorgvastgoedsector. Dit kan vervangend vreemd vermogen zijn waarmee de bancaire exposure wordt verlaagd, maar dat is geen oplossing voor de huidige financieringsimpasse. Deze impasse concentreert zich voornamelijk op dat deel van het vreemd vermogen dat voorheen (nagenoeg) risicoloos bancair werd gefinancierd en nu, door de STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED

6 toenemende risico s op de zorg- en vastgoedgoedexploitatie en de beperkte beschikbaarheid aan kapitaal, vervangen zou moeten worden door (risicodragend) eigen vermogen of (achtergesteld) vreemd vermogen van alternatieve financiers. Als een financieringsbehoefte niet intern kan worden ingevuld dan biedt het aantrekken van leningen die zijn achtergesteld aan de (senior) bancaire financiering, de zogenaamde mezzanine financiering, daartoe mogelijkheden. Er zijn twee alternatieve financieringsvormen nader onderzocht, het verkrijgen van kapitaal via crowdfunding en het uitgeven van verhandelbare obligaties. Het is met beide financieringsvormen mogelijk om senior, junior en mezzanine financieringen aan te trekken en beide zijn dus als middel geschikt voor de financiering van zorgvastgoed als aanvulling op of ter vervanging van de bancaire financiering. Beide financieringsvormen kunnen dus als zodanig een rol spelen bij de (her)financiering van zorgvastgoed. In de praktijk is dat echter voor zover bekend nog niet gebeurd. De kosten van een dergelijke achtergestelde financiering zijn hoger dan de kosten voor bancair krediet. De respondenten geven in de enquête aan dat zij bereid zijn om meer te betalen, echter lijkt dat niet toereikend te zijn om dergelijk risicodragend kapitaal uit de markt te halen. Of een (fors) hogere rentevergoeding voor risicodragend kapitaal acceptabel is zal per zorginstelling verschillen, maar de vraag of dat zal leiden tot een gezonde bedrijfsvoering is daarbij legitiem. Elke alternatieve financieringsvorm en -platform heeft zijn eigen voorwaarden, omvang en kostenstructuur. Dat een vastgoedfinanciering volledig met deze alternatieve financieringsvormen wordt ingevuld lijkt zeer onwaarschijnlijk. Voor het senior deel van de financiering is dat waarschijnlijk ook niet nodig omdat de bancaire instellingen aangeven dat nog te willen financieren. Door de huidige balansfinancieringen en de hoge mate van financiering met vreemd vermogen blijven bancaire instellingen zeer nauw betrokken bij financieringsvraagstukken. Aan die betrokkenheid blijken de zorginstellingen ook uitdrukkelijk behoefte te hebben. De vraag die opkomt is dan ook of zorginstellingen eigenlijk wel zelfstandig deels in deze (risicodragende) kapitaalbehoefte moeten willen gaan voorzien om zo te trachten datzelfde kapitaal rechtstreeks te benaderen waarvan de bancaire instellingen aangeven dat het reeds beschikbaar is. De tweede vraag die opkomt is of daarmee dan ook het gewenste effect wordt bereikt, aangezien het kapitaal dient ter investering en niet ter nadere zekerheid van de bancaire instellingen. In dat geval is te allen tijde bancaire commitment noodzakelijk om een vastgoedfinancieringsbehoefte in te vullen. Bancaire instellingen stellen dan hoge eisen aan de businesscase en het is niet onwaarschijnlijk dat ze bij nieuwe financieringen of herfinancieringen ook de risico s op andere financieringen bij de betreffende zorginstellingen proberen te reduceren. Daarom lijkt in de inhoud en kwaliteit van de businesscase de crux te zitten. Uit de interviews blijkt namelijk dat de financieringsbereidheid van de bancaire instellingen erg laag is indien zij niet het vertrouwen hebben dat de zorginstelling de onzekerheden op sectorniveau binnen de organisatie en de businesscase onder controle heeft. Het in gezamenlijkheid met de bancaire instellingen leggen van directe contacten met nieuwe kapitaalverschaffers en het komen tot een maatwerkoplossing per zorginstelling en per businesscase lijkt toch meer kansrijk. De alternatieve financieringsvormen crowdfunding en het uitgeven van obligaties zijn dan denkbaar als financieringsmiddel, maar moeten niet gezien worden als oplossing voor de financieringsproblematiek. Partijen zullen dus moeten samenwerken aan het vormgeven van toekomstbestendige businesscases. Hiervoor is rust en duidelijkheid op sectorniveau zeer gewenst. STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED

7 INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING Aanleiding Onderwerp Afbakening onderzoek Doelstelling en relevantie Centrale vraagstelling Onderzoeksmethode, -model en leeswijzer ONTWIKKELINGEN ZORGVASTGOED Inleiding Plaatsbepaling zorgvastgoed Ontwikkelingen bekostigingsstructuur zorgvastgoed Wijzigingen Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) Scheiden van wonen en zorg Invoering normatieve huisvestingscomponent (NHC) Consequenties zorgvastgoed Consequenties voor bestaand zorgvastgoed Woonzorgconcepten Deelconclusies ontwikkelingen zorgvastgoed FINANCIERING VAN ZORGVASTGOED Inleiding Moderne financieringtheorieën Financieringstheorie Modigliani en Miller Pecking order theorie van Myers en Majluf Financieren met vreemd vermogen Financiering van zorgvastgoed in de praktijk De huidige financiering van zorgvastgoed De markt voor vastgoedfinancieringen De toekomstige financiering van zorgvastgoed Deelconclusies financiering van zorgvastgoed ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN Inleiding Crowdfunding Wat is crowdfunding en hoe werkt het? Toepasbaarheid van crowdfunding bij zorgvastgoed(projecten) Financieringsvoorwaarden crowdfunding Conclusies crowdfunding Uitgifte van verhandelbare obligaties Wat zijn obligaties en hoe werkt het? STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED

8 4.3.2 Toepasbaarheid van de uitgifte van obligaties bij zorgvastgoed(projecten) Financieringsvoorwaarden Conclusies uitgifte verhandelbare obligaties Deelconclusie alternatieve financieringsvormen ENQUÊTE ZORGINSTELLINGEN Inleiding Onderzoeksmethode en -instrument Onderzoekspopulatie Dataverzameling Preparatie van de gegevens Analyse onderzoeksresultaten Organisatie Vastgoed en kapitaal Financieringsbehoefte Toekomstige financieringswijze Alternatieve financieringsvormen Conclusies enquête Deelconclusie enquête zorginstellingen INTERVIEWS BANCAIRE INSTELLINGEN Inleiding Onderzoeksmethode en -instrument Analyse onderzoeksresultaten Financieringsbeleid intramuraal en extramuraal zorgvastgoed(projecten) Alternatieve financieringsvormen Rol organisatie en bereidheid medewerking Deelconclusies interviews ANALYSE ONDERZOEKSRESULTATEN Inleiding Aanleiding voor alternatieve financieringsvorm De toepasbaarheid van de alternatieve financieringsvorm CONCLUSIES EN REFLECTIE Inleiding Conclusies Reflectie BIBLIOGRAFIE Bijlage I - RECENTE OBLIGATIENOTERING EURONEXT Bijlage II - ENQUÊTE ZORGINSTELLINGEN Bijlage III VERANTWOORDING ENQUÊTEVRAGEN Bijlage IV VERANTWOORDING INTERVIEWVRAGEN STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED

9 1. INLEIDING 1.1 Aanleiding De Nederlandse zorgsector is aan ingrijpende wijzigingen onderhevig. Demografische ontwikkelingen en overheidsingrijpen zijn van invloed op de wijze waarop zorginstellingen zorg verlenen en huisvesting bieden aan hun cliënten en hoe daarvan de bekostiging verloopt. Deze ontwikkelingen hebben met name grote invloed op de ouderenzorg, de zogenaamde sector Verpleging, Verzorging en Thuiszorg (VVT). De publicatie van het onderzoek De Vergrijzing Voorbij van Berenschot (2013) stelt dat door deze ontwikkelingen voor 800 van de verpleegen verzorgingshuislocaties leegstand en dus mogelijk sluiting dreigt (Berenschot, 2013). Volgens het Kenniscentrum Wonen-Zorg (onderdeel van Aedes, vereniging van woningcorporaties en ActiZ, organisatie van zorgondernemers) sluit de komende drie jaar zelfs de helft van de verzorgings- en verpleeghuizen (KCWZ, 2014). Hoe dit gaat verlopen zal de tijd uitwijzen, maar wat vast staat is dat de impact op de zorgsector en de zorgvastgoedmarkt groot zal zijn. In 2010 was circa 11,7 miljoen m 2 zorgvastgoed in gebruik bij zorginstellingen in de VVT sector (Economisch Instituut voor de Bouw [EIB], 2010). Ongeveer twee derde deel van dit zorgvastgoed is eigendom van de zorginstellingen, ongeveer een derde wordt gehuurd van woningbouwcorporaties (Rijksoverheid, 2011). De financiering van het zorgvastgoed wordt hoofdzakelijk verzorgd door bancaire instellingen (Diepstraten e.a., 2012). Voorheen kregen zorginstellingen hun kapitaallasten volledig vergoed door de overheid en waren zij dus met zekerheid in staat om rentelasten aan deze bancaire instelling te voldoen (ING I, 2013). Onder andere door de toenemende extramuralisatie, het scheiden van wonen en zorg en de invoering van de normatieve huisvestingscomponent (zie de nadere uitwerking in paragraaf 2.3) wordt de mate waarin zorginstellingen de (rente)lasten kunnen voldoen afhankelijk van de bezetting en het concurrentieprofiel van het vastgoed. Zorginstellingen en de zorgvastgoedexploitaties hebben daardoor een verhoogd risicoprofiel. Mede gezien de krapte op de kapitaalmarkt zijn bancaire instellingen daardoor steeds terughoudender in het verstrekken van nieuwe vastgoedfinancieringen en hanteren daarbij steeds striktere voorwaarden (Diepstraten e.a., 2012). De Nederlandsche Bank (DNB, 2012) rapporteert een groot verschil in de opslagen bovenop de basisrente van voor en na de val van Lehmann Brothers in september 2008 en constateert dat 60% van de vastgoedleningen in Nederland in de komende 3 jaar geherfinancierd moet worden (DNB, 2012). Bij deze herfinancieringen kunnen bancaire instellingen aanvullende voorwaarden stellen en zekerheden verlangen. Dit zullen zij doen met inachtneming van het Basel III akkoord dat hogere eisen stelt aan de kapitaalbuffers, risicoweging en liquiditeit van banken. Bij kapitaalmarkttransactie is de hoogte van de aan te houden kapitaalbuffer afhankelijk van het risicoprofiel van de kredietnemer (KPMG, 2012). Met name in tijden van economische of financiële crises vragen financiers voor langlopende verplichtingen aanvullende zekerheden in de vorm van convenanten. Daarmee kan de financier een hogere aflossing verlangen of mogelijk zelfs de lening opeisen bijvoorbeeld indien de waarde van het onderliggende vastgoed te ver daalt (LTV-convenant) of de nettohuurinkomsten te ver dalen (ICR-convenant) (Berkhout & Zwart, 2013). Indien zorginstellingen voor de financiering of herfinanciering van zorgvastgoed(projecten) afhankelijk zijn van deze bancaire instellingen zullen zij mogelijk meer eigen vermogen aan moeten wenden dan voorheen het geval was. Indien het eigen vermogen beperkt voorhanden is zullen zorginstellingen dus op zoek moeten naar alternatieve financieringsmogelijkheden om de bancaire STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 1

10 financiering aan te vullen of zelfs volledig te vervangen. Juist deze alternatieve financieringsmogelijkheden staan centraal in dit onderzoek. Ook voor Actiz, de brancheorganisatie voor zorgondernemers, is dit een bijzonder actueel thema. Ten tijde van het opstellen van deze onderzoeksopzet (januari 2014) bleek dat Ilfa Treasury Support in opdracht van Actiz het rapport Anders financieren in de zorg aan het opstellen was. Hierbij is bijzondere aandacht uitgegaan naar het uitgeven van obligaties op de effectenbeurs in Amsterdam via Alternext, een initiatief van NYSE Euronext. In het rapport Alternatieve kapitaalstructuren in de zorg noemen Diepstraten e.a. (2012), drie toekomstige alternatieve financieringsvormen, te weten Social Impact Bonds, het oprichten van een vastgoedfonds en ook het plaatsen van (achtergestelde) obligaties op Alternext als kansrijke financieringsvormen die naast de bancaire financiering aangewend kunnen worden (Diepstraten e.a., 2012). Ook crowdfunding wordt op diverse plaatsen genoemd als mogelijk alternatief voor de financiering van vastgoed in algemene zin (o.a. Vermeer & Joore, Crowfunding in Vastgoed, 2014 en Ebrahimi, How Crowdfunding Could Reshape Real Estate Investing, 2013) en voor zorgvastgoed in het bijzonder (o.a. Actiz dhr. Koster, 2014). Crowdfunding is een vorm van maatschappelijk financieren die snel in opkomst is, maar is vooralsnog slechts beperkt toegepast voor het financieren van vastgoed(projecten). Het uitgeven van obligaties door zorginstellingen om onderhands vastgoed te financieren was in het verleden (tot in de jaren zeventig van de vorige eeuw) heel gebruikelijk, maar deze vorm van financieren is de afgelopen decennia verdrongen door de bancaire financieringen (Actiz/Ilfa, 2014). Sinds de start in mei 2005 zijn er op Alternext geen obligaties uitgegeven voor zorginstellingen of zorgvastgoed (Euronext NV - dhr. Leufkens, 2014). Meeuwssen onderzocht in 2013 de toepasbaarheid van Alternext-obligaties en crowdfunding als alternatief bij de financiering van commerciële vastgoedprojecten voor MKB-bedrijven. Hij concludeert dat crowdfunding minder geschikt is voor commercieel vastgoed omdat blijkt dat investeerders behalve het rendement ook sympathie willen hebben met het aangeboden initiatief wat wel mogelijk is wanneer het vastgoedobject een maatschappelijke functie heeft (Meeuwssen, 2013). Aangezien zorgvastgoed een maatschappelijke functie vervult kan het mogelijk wel aan de kritische succesfactoren van crowdfunding voldoen. Voor beleggers staan directe en indirecte rendementen op de kantoren- en winkelvastgoedmarkt onder druk en komt zorgvastgoed steeds meer in de belangstelling te staan (ABN AMRO, 2013). Voor beleggers die hun investeringen verder willen spreiden kan zorgvastgoed daarom een interessante sector zijn om in te beleggen. De spaarrente is momenteel historisch laag en door de inflatie en de belasting op vermogen (vermogensrendementsheffing in box 3) kan sparen zelfs leiden tot een negatief rendement. Ook voor de particuliere beleggers kan het dus interessant zijn om (spaar)geld in ruil voor een hoger rendement ter beschikking te stellen. Door middel van het uitgeven van obligaties of financiering via crowdfunding kan beleggen in zorgvastgoed toegankelijk gemaakt worden. 1.2 Onderwerp Kredietverlening en financiering is een zeer actueel en belangrijk vraagstuk voor zorginstellingen, zeker daar waar het de financiering van (woon)zorgvastgoed betreft. Door het verhoogde risicoprofiel van zorgvastgoed krijgen zorginstellingen steeds moeilijker toegang tot bancair krediet. Dit kan tot problemen leiden indien lopende financieringen worden opgezegd, bestaande STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 2

11 vastgoedfinancieringen geherfinancierd (moeten) worden en bij het aangaan van nieuwe vastgoedfinancieringen. Daardoor kan het noodzakelijk zijn dat zorgvastgoed moet worden afgestoten of zorgvastgoedprojecten moeten worden gestaakt, tenzij meer eigen vermogen wordt ingebracht of alternatieve financieringsbronnen kunnen worden aangewend. Deze alternatieve financieringsbronnen voor zorgvastgoed en de toepasbaarheid ervan staan in dit onderzoek centraal. 1.3 Afbakening onderzoek Sector Verpleging, Verzorging en Thuiszorg (VVT) De Nederlandse zorgvastgoedmarkt wordt onderscheiden door de cure -sector en de care - sector. De cure bestaat voornamelijk uit genezing en op preventie gerichte zorg. De care omvat voornamelijk langdurige verpleging en verzorging. In 2010 betrof het ongeveer 52 miljoen m 2 zorgvastgoed, 23,8 miljoen m 2 cure bestaande uit onder andere ziekenhuizen, medische, paramedische en tandheelkundige praktijken en 28,2 miljoen m 2 care bestaande uit verpleeg- en verzorgingstehuizen, gehandicaptenzorg, jeugdgezondheidszorg en ggz-instellingen. Met ongeveer 11,7 miljoen m 2 maken de verpleeg- en verzorgingstehuizen daar het grootste onderdeel van uit. Dit type zorgvastgoed is vooral gericht op de functie wonen (EIB, 2012). Dit onderzoek richt zich op de verkenning naar alternatieve financieringsvormen voor zorgvastgoed(projecten) in de Sector Verpleging, Verzorging en Thuiszorg omdat de (voorgenomen) overheidsmaatregelen en de demografische ontwikkelingen met name op deze sector van invloed zijn. Daardoor zijn de recent verschenen publicaties met name ook op de VVT-sector gericht en is hierover derhalve meer informatie voor het onderzoek beschikbaar. De overige sectoren worden buiten beschouwing gelaten. Branchevereniging Actiz Er is ten behoeve van het onderzoek geen dataset beschikbaar met contactgegevens van organisaties die werkzaam zijn in de VVT-sector. Circa 90% van deze organisaties zijn echter aangesloten bij Actiz, de branchevereniging voor zorgondernemers (CNV, 2013). In het kader van dit onderzoek is daarom contact gelegd met Actiz. Actiz heeft ruim 430 leden die actief zijn op de zorgterreinen ouderen, chronisch zieken, kraam- en jeugdgezondheid. Daar waar mogelijk is aansluiting gezocht bij (lopende) onderzoeken van Actiz en tevens worden, in verband met de beschikbaarheid van contactgegevens, enkel Actiz leden benaderd voor het empirisch onderzoek. Alternatieve financieringsvormen Zorgvastgoedfinancieringen zijn onder te verdelen in on balance en off balance financieringen en het onderscheid wordt bepaald door de partij die de financiering aangaat. In geval van off balance zal dat een derde zijn en zal de zorginstelling het vastgoed bijvoorbeeld door middel van een huurovereenkomst huren van deze derde. Dit kan een woningcorporatie zijn, maar dit is ook van toepassing indien het vastgoed wordt ondergebracht in een vastgoedfonds. Dit onderzoek richt zich op alternatieve on balance financieringsvormen waarbij de zorginstelling zelf het eigendom van het vastgoed bezit en zelf kredietnemer van de financiering is of wordt. Diepstraten e.a. (2012) noemen naast het oprichten van een vastgoedfonds en het uitgeven van obligaties ook Social Impact Bonds als alternatieve financieringsvorm voor zorgvastgoed. Social Impact Bonds is een vorm van achtergesteld vreemd vermogen. Een deel van het rendement van deze belegger wordt voldaan door een derde stakeholder (bijvoorbeeld een zorgverzekeraar). De toevoeging van deze derde partij maakt het een complex investeringsmodel. Er is daarnaast internationaal gezien STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 3

12 slechts beperkte literatuur voorhanden over Social Impact Bonds en er is geen link gevonden met de financiering van vastgoed. Op basis van de beschikbare literatuur en om aansluiting te zoeken bij de recente onderzoeken, waaronder die van Actiz (zie ook de inleiding in paragraaf 1.1), wordt ervoor gekozen om twee financieringsvormen in dit onderzoek te betrekken, te weten crowdfunding en het uitgeven van verhandelbare obligaties. 1.4 Doelstelling en relevantie Dit onderzoek heeft als doel om alternatieve financieringsmogelijkheden voor zorgvastgoedprojecten te verkennen en om te onderzoeken in hoeverre deze daadwerkelijk toepasbaar zijn. Mochten zij niet toepasbaar zijn worden daarvoor aanbevelingen gedaan. Hoewel dit onderzoek zich richt op de financieringsmogelijkheden voor zorgvastgoedprojecten speelt eenzelfde financieringsproblematiek bij vastgoedprojecten in andere sectoren. De conclusies en aanbevelingen van dit onderzoek kunnen dus mogelijk ook voor andere vastgoedsectoren relevant zijn. 1.5 Centrale vraagstelling Op basis van het voorgaande is de volgende centrale vraagstelling geformuleerd: Centrale vraagstelling: Kunnen de alternatieve financieringsvormen crowdfunding en het uitgeven van verhandelbare obligaties, als aanvulling op of ter vervanging van bancaire financiering, een rol spelen bij de (her)financiering van zorgvastgoed(projecten) in de VVT sector? Om een antwoord te kunnen geven op deze centrale vraagstelling zijn de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: 1. Welke ontwikkelingen zijn van invloed op de bancaire financiering van zorgvastgoed(projecten) in de VVT sector? 2. Welke problemen doen zich voor bij bancaire financiering van zorgvastgoed? 3. Wat zijn de kenmerken van de alternatieve vastgoedfinancieringsvormen crowdfunding en verhandelbare obligaties? 4. Hoe kijken zorginstellingen zelf naar deze alternatieve financieringsvormen? 5. Hoe kijken bancaire instellingen naar deze alternatieve financieringsvormen? 6. Onder welke voorwaarden zijn deze financieringsvormen toepasbaar op zorgvastgoed(projecten)? 1.6 Onderzoeksmethode, -model en leeswijzer In dit onderzoek wordt de toepasbaarheid van alternatieve financieringsvormen, zoals crowdfunding en verhandelbare obligaties, voor zorgvastgoed verkend. Het onderzoek betreft daarom een kwalitatief onderzoek dat explorerend van aard is. Het onderzoek wordt verricht in drie onderdelen, theorie, praktijk en analyse (TPA-model). STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 4

13 Theorie In het eerste, theoretische, deel van dit onderzoek worden onderzoeksvragen 1 tot en met 3 beantwoord. Op basis van een literatuuronderzoek wordt hiervoor het theoretisch kader vormgegeven. In hoofdstuk 2 wordt gestart met een literatuuronderzoek dat als doel heeft om de verschillende ontwikkelingen in kaart te brengen die spelen binnen de zorgsector en die van invloed zijn op de (her)financiering van zorgvastgoed. Inzicht in deze ontwikkelingen is noodzakelijk om de financieringsproblematiek zowel vanuit het perspectief van de zorginstellingen als vanuit de bancaire sector te kunnen doorgronden. In verband met de specifieke Nederlandse context waarin de financiering van zorgvastgoed plaatsvindt, wordt er geen buitenlandse focus ingevoegd. In hoofdstuk 3 wordt allereerst ingegaan op de moderne financieringtheorieën, waaronder de theorieën van Modigliani en Miller (1958) en Myers en Majluf (1984). Deze theorieën vormen de basis voor de corporate finance ofwel ondernemingsfinanciering dat toeziet op het verkrijgen van een optimale kapitaalstructuur voor ondernemingen. Deze theorieën worden gehanteerd om het oude financieringsmodel van zorgvastgoed te kunnen duiden, om de behoefte en noodzaak aan alternatieve financieringsvormen theoretisch te onderbouwen en om de implicaties daarvan op de financieringscondities te onderzoeken. Er is geen literatuur beschikbaar over het toepassen van de alternatieve financieringsvormen crowdfunding en het uitgeven van obligaties bij de financiering van zorgvastgoed. Wel is er recent onderzoek gedaan naar het toepassen van crowdfunding en het uitgeven van verhandelbare obligaties bij commercieel vastgoed (Meeuwssen, 2013) en het financieren van vastgoed via crowdfunding (o.a. Vermeer & Joore, 2014 en Holl, 2012). In hoofdstuk 4 worden de belangrijkste kenmerken van deze financieringsvormen toegelicht en wordt omschreven onder welke voorwaarden deze vormen toepasbaar kunnen zijn bij de financiering van zorgvastgoed. Praktijk Er zijn geen onderzoeken bekend op basis waarvan onderzoeksvragen 4 en 5 beantwoord kunnen worden. In het tweede, praktische, deel van dit onderzoek wordt hiervoor empirisch onderzoek uitgevoerd. Om de zorginstellingen in het onderzoek te betrekken wordt dit uitgevoerd in de vorm van een enquête, waarvan de resultaten zijn opgenomen in hoofdstuk 5. Hieruit zal ten minste duidelijk moeten worden in hoeverre de zorginstellingen problemen hebben met het verkrijgen van bancaire financieringen, of er behoefte is aan alternatieve financieringsvormen en welke toekomstige rol zij deze financieringsvormen toedichten. De deelconclusies van hoofdstukken 2 tot en met 4 worden gebruikt als input voor het opstellen van de enquêtevragen zodat deze ook theoretisch verankerd zijn. Per enquêtevraag zal in de bijlage aangegeven worden waarom deze vraag relevant is voor het onderzoek. Naast het in beeld brengen van de vraagzijde naar alternatieve financieringsvormen is het wenselijk om ook de aanbodzijde van het (alternatieve) kapitaal in beeld te krijgen om te onderzoeken of vraag en aanbod hier bij elkaar kunnen komen. De aanbodzijde van alternatieve financieringsvormen bestaat in potentie uit alle particulieren en bedrijven die kapitaal in welke omvang dan ook ter beschikking zouden willen stellen of uit zouden willen lenen. Om van deze grote populatie voldoende representatieve data te verzamelen is een grootschalig onderzoek (bijv. een enquête) noodzakelijk. De kosten van een dergelijk onderzoek passen niet binnen de kaders van dit onderzoek. Het wordt niet zinvol geacht om in plaats daarvan interviews te houden met een beperkt aantal beleggers, omdat de response te klein zal zijn om een representatief beeld te kunnen schetsen van de beleggingsmotieven van een dergelijke grote populatie. De STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 5

14 financieringscondities van de aanbodzijde van de alternatieve financieringsvormen worden daarom op basis van het literatuuronderzoek onderzocht. Er is een beperkt aantal bancaire instellingen betrokken bij de financiering van het Nederlandse zorgvastgoed en deze instellingen samen spelen nu een uiterst belangrijke rol in het financieringslandschap. Naast de visie van de zorginstellingen is het daarom relevant om de visie van deze bancaire instellingen op het gebied van zorgvastgoedfinancieringen en hun visie op de toepasbaarheid van alternatieve financieringsvormen in het onderzoek te betrekken. Het tweede deel van het empirisch onderzoek wordt uitgevoerd om data te verzamelen over de bancaire instellingen die zorgvastgoed financieren. Aangezien het een beperkt aantal bancaire instellingen betreft en er behoefte bestaat aan informatie over de inzichten en motieven van de respondenten wordt deze data verzameld aan de hand van gedeeltelijk gestructureerde interviews. Met het houden van interviews is het namelijk, in tegenstelling tot bijvoorbeeld een enquête, mogelijk om doorvragen te stellen om daarmee meer diepgaande informatie te verkrijgen. De resultaten van deze interviews zijn in hoofdstuk 6 uitgewerkt. Analyse In hoofdstuk 7 worden alle (deel)conclusies en de antwoorden op de onderzoeksvragen gecombineerd en geanalyseerd om zo te kunnen komen tot het beantwoorden van de centrale vraagstelling. Conclusies Deze thesis wordt in hoofdstuk 8 afgesloten met de conclusies en de beantwoording van de centrale vraagstelling, de reflectie op het onderzoek en de aanbevelingen voor vervolgonderzoek. Het onderzoeksmodel ziet er schematisch als volgt uit: Theorie Ontwikkelingen zorgvastgoed [H2] Financiering zorgvastgoed [H3] Alternatieve financieringsvormen [H4] Praktijk Enquête zorginstellingen [H5] Interviews bancaire instellingen [H6] Analyse Analyse [H7] Conclusies en reflectie [H8] Figuur 1.1: Onderzoeksmodel met hoofdstukindeling (eigen bewerking) STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 6

15 2. ONTWIKKELINGEN ZORGVASTGOED 2.1 Inleiding In dit hoofdstuk worden op basis van literatuuronderzoek de actuele ontwikkelingen op het gebied van zorgvastgoed toegelicht. Deze ontwikkelingen hebben invloed op de wijze van financiering en op de financierbaarheid van zorgvastgoed(projecten). Na de plaatsbepaling in paragraaf 2.2 worden in paragraaf 2.3 de overheidsmaatregelen beschreven die van invloed zijn op de bekostigingsstructuur van zorgvastgoed. Paragraaf 2.4 omschrijft de consequenties die deze ontwikkelingen hebben op het bestaande en nieuw te ontwikkelen zorgvastgoed. In paragraaf 2.5 wordt dit hoofdstuk afgesloten met de deelconclusies. 2.2 Plaatsbepaling zorgvastgoed Dit onderzoek heeft betrekking op de caresector en de sector VVT in het bijzonder (zie afbakening in paragraaf 1.3). Er wordt hierbij onderscheid gemaakt tussen twee plaatsen van behandeling, te weten intramuraal en extramuraal. Er is sprake van intramurale zorg indien zorg wordt verleend aan mensen die zijn opgenomen in een instelling en daar langer dan 24 uur verblijven. Verpleegof verzorgingshuizen, ziekenhuizen en instellingen voor mensen met een verstandelijke handicap zijn voorbeelden van intramurale voorzieningen. Indien zorg, zonder opname, wordt verleend in de directe omgeving van de cliënt of patiënt dan is sprake van extramurale zorg. (Thesaurus Zorg & Welzijn, 2014). Bij intramurale zorg is dus sprake van een verblijfscomponent en wordt huisvesting geboden in woonzorgvastgoed. Bij extramurale zorg kan ook sprake zijn van zorgvastgoed, maar dan betreft het veelal een verhuursituatie tussen de cliënt en de zorginstelling of een derde zoals een woningcorporatie. Het intramurale zorgvastgoed bestaat uit ongeveer verzorgingstehuizen met een capaciteit van ca plaatsen die zijn gericht op ouderen met een lichtere intramurale zorgvraag en ongeveer 340 verpleeghuizen met een capaciteit van plaatsen die de doelgroep met een zwaardere zorgvraag bedienen (ING I, 2012). In totaal beslaan de verpleeg- en verzorgingstehuizen ca. 11,7 miljoen m 2. Ongeveer twee derde deel van dit intramurale zorgvastgoed is eigendom van de zorginstellingen, ongeveer een derde wordt gehuurd van woningbouwcorporaties (Rijksoverheid, 2011). De woningmarkt krijgt de komende jaren te maken met een groeiende groep ouderen met een zorgvraag. De demografische ontwikkelingen zijn voor de omvang van de opgave het meest bepalend (EIB, 2012). Volgens voorspellingen van het CBS stijgt het aantal 65-plussers namelijk van 2,5 miljoen in 2010 naar 4,6 miljoen in 2040 en neemt het aantal 80-plussers jaarlijks toe (CBS, 2013). Vooral rond 2025 zal het aantal 80-plussers sterk groeien, waarbij de piek rond 2050 ligt. De toename van zowel het aantal 65-plussers als de 80-plussers wordt aangeduid als dubbele vergrijzing, er komen meer ouderen en de ouderen worden steeds ouder. Het EIB schat aan de hand van een ramingsmodel dat het zorgvastgoed daarom zal toenemen tot 58,6 miljoen m² in 2016 en 78,5 miljoen m² in 2030 (EIB, 2012). Sec kijkend naar deze demografische ontwikkelingen zou verondersteld mogen worden dat het gebruik van het intramurale care zorgvastgoed de komende jaren alleen maar toe zal nemen en er meer geschikt zorgvastgoed benodigd is om aan die vraag te kunnen voldoen. Met name bij de verzorgingstehuizen spelen echter een aantal trends en ontwikkelingen die bepalend zijn voor de STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 7

16 toekomstige huisvestingsopgave voor deze groeiende groep ouderen. Zo willen de ouderen zelf bijvoorbeeld langer thuis blijven wonen (Rli, 2014). De grootste invloed op de omvang en samenstelling van de zorgvastgoedmarkt wordt echter veroorzaakt door een aantal ingrijpende stelselwijzigingen die de overheid doorvoert in het zorgstelsel, zie daarvoor paragraaf Ontwikkelingen bekostigingsstructuur zorgvastgoed De kosten van de Nederlandse gezondheidszorg groeien al jaren fors (CPB, 2013). De reële zorguitgaven stijgen sinds het begin van deze eeuw bijna drie keer zoveel als de structurele economische groei. De uitgaven van de langdurige zorg zullen zonder ingrijpen verder stijgen. Daarnaast dient bezuinigd te worden om de gevolgen van de financiële crisis op te vangen. Het kabinet voert daarom een groot aantal hervormingen door in het stelsel van de langdurige zorg en heeft daarvoor drie motieven: 1) het verbeteren van de kwaliteit van de zorg en ondersteuning, 2) het vergroten van de betrokkenheid in de samenleving (meer voor elkaar zorgen) en 3) de financiële houdbaarheid van de langdurige zorg en ondersteuning (Rijksoverheid, 2013). De maatregelen die van invloed zijn op het zorgvastgoed worden in de volgende sub paragrafen toegelicht Wijzigingen Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) vergoedt langdurige zorg voor een ernstige beperking. Het gaat om beperkingen door een handicap, chronische ziekte of ouderdom. De AWBZ vergoedt de volgende soorten zorg (Rijksoverheid, 2014): - Persoonlijke verzorging - Verpleging - Begeleiding - Behandeling - Langdurig verblijf in een zorginstelling - Kortdurend verblijf in een zorginstelling Voor deze soorten zorg kan de cliënt van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) een indicatie en daarmee recht op vergoeding ontvangen per functie. Bij langdurig verblijf krijgt de cliënt echter geen indicatie voor een functie maar voor een zorgzwaartepakket, afgekort ZZP. Een zorgzwaartepakket omvat wonen, zorg, diensten en eventueel dagbesteding. Er zijn zorgzwaartepakketten voor de sectoren Verpleging & Verzorging (VV), Gehandicaptenzorg (GZ) en Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ) (In voor Zorg, 2013). In het Regeerakkoord 2013 is de maatregel aangekondigd om de lichte zorgzwaartepakketten (ZZP 1 t/m 3) voor nieuwe cliënten per 1 januari 2013 te extramuraliseren. Door wijziging van de Regeling zorgaanspraken (Rza) zijn ZZP 1 VV en ZZP 2 VV per 1 januari 2013 vervallen voor nieuwe cliënten en ZZP 3 VV is per 1 januari 2014 tevens komen te vervallen voor nieuwe cliënten. Zzp 4 vervalt per naar verwachting voor 50% (TransitieBureau Wmo, 2014). De overheid voert verdere hervormingen door in de AWBZ. Momenteel ligt er een wetvoorstel bij de Tweede Kamer waarin is opgenomen dat de AWBZ per 1 januari 2015 wordt vervangen door de Wet langdurige zorg (Wlz). Met de Wlz wordt beoogt dat, indien ondersteuning nodig is, mensen eerst kijken naar het eigen, sociale netwerk en de financiële mogelijkheden en wordt hulp dichtbij STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 8

17 georganiseerd. Deze taken worden gedecentraliseerd en komen bij gemeenten te liggen middels de herinrichting van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Pas als het eigen netwerk redelijkerwijs niet in staat is om te participeren kan een beroep worden gedaan op ondersteuning. Voor kwetsbare mensen die niet meer in een thuisomgeving kunnen wonen wordt het recht op passende zorg in een beschermde intramurale omgeving geregeld in een nieuwe kern-awbz. De hiervoor omschreven extramuralisatie van ZZP s uit het Regeerakkoord worden overgenomen in de Wlz (Rijksoverheid, 2013). Concreet betekent dit dat ouderen met een lichte zorgvraag, die eerder zondermeer in een verzorgingshuis terecht konden, geen aanspraak meer kunnen maken op de verblijfscomponent en nu op zorg thuis zijn aangewezen. Voor (intramurale) zorgverleners betekent dat geleidelijk minder cliënten een beroep doen op intramurale zorg en dat zij gemiddeld een zwaardere zorgvraag krijgen Scheiden van wonen en zorg Met de extramuralisatie van de lichte zorgzwaartepakketten (zie 2.3.1) is de toestroom van ouderen naar verzorgingshuizen beperkt. Dat betekent echter niet dat zij daar dan niet meer kunnen of mogen wonen. Gekoppeld aan de extramuralisatie is sinds 1 januari 2013 het zogenaamde scheiden van wonen en zorg verder doorgevoerd. Het scheiden van wonen en zorg stond al in 1996 op de politieke agenda door de behoefte van de toenmalige regering om de financiering van wonen en zorg te scheiden. Cliënten kunnen er voor kiezen om thuis te blijven wonen en zorg op maat in te kopen of kunnen woonruimte huren in verzorgingshuizen. Door de zorg los te koppelen van het wonen zou de cliënt meer keuzevrijheid en regie krijgen en deze financiële scheiding zou ook moeten leiden tot kostenbeheersing (KCWZ, 2014). Zorginstellingen hebben dus de mogelijkheid om delen van gebouwen die (door de extramuralisatie) niet meer in gebruik zijn te verhuren. Zij leveren dan extramurale zorg aan deze cliënten gekoppeld aan het verhuren van woonruimtes. Zorginstellingen treden dan op als verhuurder van het vastgoed en krijgen te maken met huurwetgeving en maximale huurprijzen volgens het woningwaarderingsstelsel. (Rijksoverheid, 2013) Invoering normatieve huisvestingscomponent (NHC) Tot 2011 werden de kapitaallasten van zorginstellingen voor zorgvastgoed volledig op basis van nacalculatie door de overheid vergoed. Hiervoor vroegen zij een vergunning aan bij het College bouw zorginstellingen (Cbz) voor hun investeringsbedrag. Hierdoor liepen zorginstellingen in feite geen leegstandsrisico van het in eigendom zijnde zorgvastgoed. Vanaf 1 januari 2012 is gestart met de geleidelijke invoering van de normatieve huisvestingscomponent (NHC). Tot en met 2017 geldt een overgangsregime en vanaf 2018 geldt de NHC volledig ingevoerd. In de ZZP tarieven die zorginstellingen ontvangen per cliënt wordt een huisvestingscomponent opgenomen voor die cliënt, waardoor de vergoeding van de zorginstelling afhankelijk is van de bezetting van het zorgvastgoed. Zorginstellingen gaan zodoende in toenemende mate risico lopen op het zorgvastgoed (ING deel I, 2013). STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 9

18 2.4 Consequenties zorgvastgoed De wens van ouderen om langer thuis te blijven wonen en de door de overheid doorgevoerde stelselwijzigingen hebben forse consequenties voor het bestaande zorgvastgoed. In haar advies Langer zelfstandig, een gedeelde opgave van wonen, zorg en welzijn constateert de Raad voor de Leefomgeving en infrastructuur (2014) dat er een toenemend verschil op de woningmarkt is ontstaan tussen vraag en aanbod van wonen met zorg en wonen met diensten. Dit verschil is zowel kwalitatief als kwantitatief van aard. Hoewel ouderen langer zelfstandig willen wonen wil dat niet zeggen dat de huidige woning en leefomgeving daarvoor ook geschikt is. Nu mensen met een lagere zorgindicatie geen toegang meer krijgen tot een intramuraal verblijf dienen er ook betaalbare alternatieven te zijn voor thuis wonen met zorg. Deze zijn momenteel nog onvoldoende voorhanden (Rli, 2014). Deze ontwikkelingen zijn van invloed op het bestaande zorgvastgoed en vormen de basis voor nieuw te ontwikkelen woonconcepten Consequenties voor bestaand zorgvastgoed Voor zorginstellingen en andere zorgvastgoedeigenaren wordt de toestroom van nieuwe bewoners voor de verzorgingshuizen beperkt. Doordat het zeer specifiek vastgoed betreft is de alternatieve aanwendbaarheid beperkt waardoor leegstand dreigt. Zeker nu het leegstandsrisico in toenemende mate bij de zorginstellingen komt te liggen dienen zij echter op korte termijn te anticiperen op de gewijzigde omstandigheden en regelgeving. Voor bestaand intramuraal verzorgingshuisvastgoed beschrijft ING vier strategieën, te weten (ING I, 2014): Strategie 1: Het vergroten van de verpleeghuiszorgcapaciteit (ZZP 5 tot 10); Strategie 2: Het verhuren van zorgappartementen en (mogelijk) extramurale zorg verlenen; Strategie 3: Het reorganiseren van de vastgoedportefeuille en thuiszorgcapaciteit uitbreiden; Strategie 4: Het alternatief inzetten van het vastgoed met als einddoel het vastgoed afstoten. De mate waarin zorginstellingen deze strategieën toe kunnen passen is van veel factoren afhankelijk. Zo speelt het regionale aanbod van alternatieve vormen van wonen, zorg en welzijn een belangrijke rol. Deze bepaalt in hoeverre er ruimte bestaat om meer plaatsen te bieden aan de zwaardere doelgroep en of er markt is voor het verhuren van de zorgappartementen als zelfstandige eenheden. Maar ook de locatie, de aantrekkelijkheid van het vastgoed en de (planologische) mogelijkheden voor herbestemming en de boekwaarde zijn bepalend (Rijksoverheid, 2013). De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli, 2014) is van mening dat het afbouwen van de lage zorgindicaties te snel gaat en daardoor nu leidt tot aanpassing en zelfs sloop van gebouwen terwijl deze gebouwen demografisch gezien door de vergrijzing op termijn weer benodigd zijn. Er zou nu al een tekort bestaan aan woningen in de categorie verzorgd wonen dat naar verwachting in de periode zelfs op kan lopen tot Tevens zou er een tekort bestaan van woningen met diensten. Het betreft dan vooral kwalitatieve tekorten. Tegelijkertijd constateert de Rli dat senioren eigenlijk niet wil verhuizen en in het eigen sociale netwerk willen blijven (Rli, 2014). De tweede strategie die ING omschrijft betreft het verhuren van de zorgappartementen aan cliënten met een lichte zorgvraag die voorheen wel in aanmerking kwamen voor een verblijf. Aangezien de senior met een lichte zorgvraag niet meer in aanmerking komt voor een verblijf in een verzorgingshuis maar ook zelf langer thuis wil blijven wonen is het de vraag of deze STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 10

19 zorgappartementen, al dan niet na renovatie, aantrekkelijk genoeg zijn voor de senior. De angst bij zorginstellingen is groot dat dit niet het geval is (KCWZ, 2013), echter blijkt uit recent onderzoek dat een grote groep ouderen interesse blijkt te hebben in een zelfstandige woning in een (voormalig) verzorgingstehuis, zeker indien ze een zorgbehoefte hebben (USP Marketing Consultancy, 2014) Woonzorgconcepten Zelfstandig willen/moeten wonen betekent niet vanzelfsprekend dat iemands huidige woning en leefomgeving daarvoor geschikt is. Betaalbare alternatieven voor thuis wonen met zorg is nog slechts beperkt beschikbaar. Heinen et al. (2012) constateren dat het historische onderscheid tussen verzorgings- en verpleeghuizen steeds meer aan het verdwijnen is. Bij grotere projecten is een deel van de woningen vaak geschikt voor mensen met een (lichte) extramurale zorgvraag, een deel voor mensen met een (lichte) intramurale zorgvraag en een deel voor mensen met zware intramurale zorgvraag. Ondanks die verschillen is het streven van veel instellingen een zo gewoon mogelijk wonen voor alle bewoners. Dit resulteert in de volgende woonzorgconcepten: Thuiszorg In de toekomst zal de zware zorg thuis toe blijven nemen. Enerzijds omdat het aanbod aan intramurale capaciteit niet toereikend zal blijven en anderzijds omdat mensen er gewoon niet voor kiezen. Toekomstige ouderen zullen in toenemende mate zelf het initiatief nemen om hun zorgvraag te managen. Dit zal naar verwachting leiden tot diverse extramurale kleinschalige woonconcepten, binnen de huidige voorraad als ook in een zelf georganiseerd bouwproject. Technologie zal daarbij een belangrijke rol gaan spelen. Met name de ouderen met een zware zorgvraag zullen terug moeten vallen op integrale intramurale woonzorgconcepten. Individuele appartementen De bewoners van de verzorgingshuizen hebben eigenlijk altijd over een eigen appartement kunnen beschikken. Deze doelgroep met een lichte zorgvraag is goed in staat zelfstandig te wonen. Deze appartementen kunnen nu, in het kader van het scheiden van zorg, verhuurd worden aan mensen met een lichte zorgvraag waarbij de zorg wordt ingekocht als thuiszorg. Deze appartementen zijn door een toenemende mate van beschikbaarheid van ondersteunende voorzieningen steeds beter geschikt voor mensen met een zwaardere zorgbehoefte. Kleinschalig groepswonen Voor mensen met dementie (zwaardere zorgvraag, zzp 4 en hoger) wordt de laatste jaren veelvuldig het kleinschalig groepswonen concept toegepast. Dit concept komt voort uit het ideaal dat de kwaliteit van leven van mensen met dementie verbeterd zou kunnen worden. Dit kan zowel binnen kleinschalige voorzieningen binnen de wijk (maximaal 24 bewoners) als in een grootschalige setting. De ambitie van het Ministerie van VWS is dat binnen een aantal jaren een derde van alle opvang voor ouderen met psychogeriatrische klachten kleinschalig is. Hiervoor is ook een stimuleringsregeling toegepast (Heinen et al., 2012). STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 11

20 Zorgresidenties De meer vermogende senioren die gewend zijn aan luxe stellen mogelijk andere eisen aan de woonomgeving en dagbesteding indien ze zorgbehoevend worden. Hierop sluit het concept van de zorgresidentie mogelijk beter aan. Bakker (2012) definieert een zorgresidentie als een comfortabele en aantrekkelijk gelegen particuliere woonvoorzieningen in de stad, dorp of natuurrijke omgeving. Hierbij wordt een totaalpakket van wonen, zorg en dienstverlening aangeboden. Naast de basiszorg biedt een zorgresidentie aanvullende diensten, waaronder het serveren van dagverse maaltijden, was- en strijkservice en fysiotherapie. De residenties bieden wooncomfort en luxe die aansluit op de leefsituatie die de bewoners van de residentie wensen. Veelal beschikt de residentie over een aantal gemeenschappelijk ruimtes, zoals een restaurant, grand café, fitnessruimte, sauna of huiskamer (Bakker, 2012). 2.5 Deelconclusies ontwikkelingen zorgvastgoed De Nederlandse zorgsector blijkt aan ingrijpende wijzigingen onderhevig te zijn. Deze wijzigingen komen deels voort uit demografische ontwikkelingen en deels uit daarmee samenhangende overheidsmaatregelen. Op het gebied van zorgvastgoed hebben zorginstellingen een complexe investeringsopgave, enerzijds voor wat betreft de exploitatie van het bestaande intramurale zorgvastgoed en anderzijds voor wat betreft het creëren van toekomstbestendige intramurale en extramurale woonconcepten. Door de wijzigingen in de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, de aankomende invoering van de Wet langdurige zorg, de invoering van de normatieve huisvestingscomponent en het scheiden van wonen en zorg komt het risico van de vastgoedexploitatie meer bij de zorginstellingen zelf te liggen. Deze risicoverschuiving heeft invloed op de wijze waarop en de mate waarin zorginstellingen en het zorgvastgoed bancair gefinancierd kan worden. In het volgende hoofdstuk wordt daarom, op basis van de moderne financieringtheorieën, nader ingegaan op de huidige bancaire financieringswijze van zorgvastgoed en de knelpunten die zich daarbij voordoen. STEFFEN VAN DER WIELEN ALTERNATIEVE FINANCIERINGSVORMEN VOOR ZORGVASTGOED 12

VASTGOEDFINANCIERING IN DE ZORG

VASTGOEDFINANCIERING IN DE ZORG VASTGOEDFINANCIERING IN DE ZORG PIM DIEPSTRATEN Doorn, 1 december 2015 AGENDA 1 Financieringsstrategie zorginstelling 2 Huidige financiers en het WFZ 3 Perspectief investeerder op de zorgmarkt 4 Alternatieve

Nadere informatie

Leegstand, herbestemming en verzorgingshuizen: een verkenning door de oogharen heen

Leegstand, herbestemming en verzorgingshuizen: een verkenning door de oogharen heen Lars Brugman Lars Brugman is projectadviseur/onderzoeker bij Kadaster Ruimte & Advies. Hij legt zich toe op complexe maatwerkvraagstukken vanuit de bij het Kadaster beschikbare ruimtelijke informatie.

Nadere informatie

samenvatting WOONZORGVISIE GEERTRUIDENBERG Woonzorgvisie Geertruidenberg 4 maart 2015 Pagina 1

samenvatting WOONZORGVISIE GEERTRUIDENBERG Woonzorgvisie Geertruidenberg 4 maart 2015 Pagina 1 samenvatting WOONZORGVISIE GEERTRUIDENBERG Woonzorgvisie Geertruidenberg 4 maart 2015 Pagina 1 Inleiding In de gemeente Geertruidenberg staan al geruime tijd woonzorgcomplexen op de nominatie om herontwikkeld

Nadere informatie

Zorgvastgoed. Verwachte groei op de korte en lange termijn. Matthieu Zuidema, Programmaleider Vastgoed EIB. Zorgvastgoed Delft, 8 juli 2015 1

Zorgvastgoed. Verwachte groei op de korte en lange termijn. Matthieu Zuidema, Programmaleider Vastgoed EIB. Zorgvastgoed Delft, 8 juli 2015 1 Zorgvastgoed Verwachte groei op de korte en lange termijn Matthieu Zuidema, Programmaleider Vastgoed EIB Zorgvastgoed Delft, 8 juli 2015 1 Zorgvastgoed Agenda Wat is het perspectief? Wat is de positie

Nadere informatie

Rapport sluiting verzorgingshuizen

Rapport sluiting verzorgingshuizen Rapport sluiting verzorgingshuizen ActiZ is een ondernemende branchevereniging die haar leden faciliteert om een gezonde onderneming te kunnen exploiteren die hoogwaardige zorg en ondersteuning biedt.

Nadere informatie

Doet scheiden lijden?

Doet scheiden lijden? Doet scheiden lijden? Extramuralisering na Zorgakkoord en Kamerbrief Jasper Klapwijk Strateeg Espria Woonzorg Nederland Apeldoorn, 30 mei 2013 Extramuralisering voor zorgaanbieders Waar staan we? Zorgakkoord

Nadere informatie

De wereld van de zorg en haar NHC s voor MKW. Bram Baselmans senior adviseur

De wereld van de zorg en haar NHC s voor MKW. Bram Baselmans senior adviseur De NHC s en Woningcorporaties De wereld van de zorg en haar NHC s voor MKW Bram Baselmans senior adviseur Bram Baselmans Bouwkunde TU Eindhoven Vastgoedmanagement AAG vanaf 2002 Financiële vraagstukken

Nadere informatie

Scheiden van wonen en zorg (SWZ) Technische Briefing Tweede Kamer 7 maart

Scheiden van wonen en zorg (SWZ) Technische Briefing Tweede Kamer 7 maart Scheiden van wonen en zorg (SWZ) Technische Briefing Tweede Kamer 7 maart Inhoudsopgave - Historie - Kabinetsplannen - Huidige bekostiging - Verdieping V&V - Vervolgstappen Historie wonen in de AWBZ 1963

Nadere informatie

Toekomstperspectief Zorgmarkt. Piet Eichholtz

Toekomstperspectief Zorgmarkt. Piet Eichholtz Toekomstperspectief Zorgmarkt Piet Eichholtz Amsterdam, 6 februari 2013 Bancair krediet blijft mogelijk, alleen met goed businessplan en sterke financiële uitgangspositie Lot Rode Kruis Ziekenhuis in handen

Nadere informatie

Rolstoelen AWBZ Gevolgen van artikel 15 BZA-AWBZ

Rolstoelen AWBZ Gevolgen van artikel 15 BZA-AWBZ Onderzoeksrapport Rolstoelen AWBZ Gevolgen van artikel 15 BZA-AWBZ Op 19 juni 2006 uitgebracht aan het hoofd van de afdeling Geschillen van het College voor zorgverzekeringen Uitgave College voor zorgverzekeringen

Nadere informatie

Leegstand, herbestemming en verzorgingshuizen: een verkenning door de oogharen heen

Leegstand, herbestemming en verzorgingshuizen: een verkenning door de oogharen heen Auteur: Lars Brugman 1 Datum: 2 februari 2015 Deze publicatie in samenwerking met Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg opgesteld en gebaseerd op een eerdere publicatie van het Kadaster in de Barometer

Nadere informatie

ZO Brabant (Kempen) WMO-subregio: Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s. Datum 3 november 2014

ZO Brabant (Kempen) WMO-subregio: Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s. Datum 3 november 2014 WMO-subregio: ZO Brabant (Kempen) Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s 1/9 De effecten van langer thuis wonen in de V&V 1. De komende jaren (2014-2020) krijgen instellingen

Nadere informatie

Gooi- en Vechtstreek. WMO-subregio: Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s. Datum 3 november 2014

Gooi- en Vechtstreek. WMO-subregio: Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s. Datum 3 november 2014 WMO-subregio: Gooi- en Vechtstreek Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s 1/9 De effecten van langer thuis wonen in de V&V 1. De komende jaren (2014-2020) krijgen instellingen

Nadere informatie

-PERSBERICHT- Utrecht, 30 maart 2016 - ZORGINSTELLINGEN DURVEN WEER TE INVESTEREN -

-PERSBERICHT- Utrecht, 30 maart 2016 - ZORGINSTELLINGEN DURVEN WEER TE INVESTEREN - -PERSBERICHT- Utrecht, 30 maart 2016 - ZORGINSTELLINGEN DURVEN WEER TE INVESTEREN - In de zorgsector zijn de afgelopen jaren fundamentele veranderingen doorgevoerd. Hierdoor lag bij zorginstellingen de

Nadere informatie

Praktijkvoorbeeld. Pagina 1 van 5

Praktijkvoorbeeld. Pagina 1 van 5 Toekomst verzorgingshuizen: complexiteit exploitatie zorg- en dienstverlening vaak over het hoofd gezien Vooral kleine verzorgingshuizen krijgen het lastig Door de extramuralisering van de zorgzwaartepakketten

Nadere informatie

Nieuwsflits 16 Aandacht voor iedereen. Hervorming Langdurige Zorg en Zorgakkoord. 8 mei 2013

Nieuwsflits 16 Aandacht voor iedereen. Hervorming Langdurige Zorg en Zorgakkoord. 8 mei 2013 Nieuwsflits 16 Aandacht voor iedereen 8 mei 2013 Hervorming Langdurige Zorg en Zorgakkoord Eind april presenteerde staatssecretaris Van Rijn zijn plannen voor hervorming van de langdurige zorg. Daarbij

Nadere informatie

-PERSBERICHT- -ZORGINSTELLING ANTICIPEREN OP EFFECTEN SCHEIDEN WONEN EN ZORG-

-PERSBERICHT- -ZORGINSTELLING ANTICIPEREN OP EFFECTEN SCHEIDEN WONEN EN ZORG- -PERSBERICHT- Utrecht, 19 maart 2013 -ZORGINSTELLING ANTICIPEREN OP EFFECTEN SCHEIDEN WONEN EN ZORG- Door de invoer van wonen en zorg transformeert de markt in hoog tempo van aanbodgericht naar vraaggestuurd.

Nadere informatie

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het Kamerlid Leijten (SP) over de gevolgen van extramuralisering voor zorgaanbieders (2013Z05339).

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het Kamerlid Leijten (SP) over de gevolgen van extramuralisering voor zorgaanbieders (2013Z05339). > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 2515 XP Den Haag www.rijksoverheid.nl Kenmerk

Nadere informatie

Wim Wensing. Corporatie Congres - USP 16 mei 2013

Wim Wensing. Corporatie Congres - USP 16 mei 2013 Wim Wensing Corporatie Congres - USP 16 mei 2013 AMVEST: AANDEELHOUDERS, STRUCTUUR EN KLANTEN Aandeelhouders (PfZW en AEGON) Amvest Amvest Development 800 woningen in ontwikkeling (stand 31-12-2012) Development

Nadere informatie

wonen met zorg vanuit een nieuw perspectief

wonen met zorg vanuit een nieuw perspectief wonen met zorg vanuit een nieuw perspectief scheiden van Verblijf van wonen naar Wonen en zorg & van verblijf naar wonen door extramuralisering en scheiden wonen/zorg Programma Doel van vandaag Meer grip

Nadere informatie

Leiden veranderingen in de VVT tot samenwerking

Leiden veranderingen in de VVT tot samenwerking Leiden veranderingen in de VVT tot samenwerking Dwingt de veranderingen in de sector Verpleging, Verzorging en Thuiszorg zorgaanbieders tot samenwerking? Frans van Rijn 21 maart 2013 1 Veranderingen in

Nadere informatie

Strategie & omgeving. Bram Baselmans Brenda Meusen-den Ouden

Strategie & omgeving. Bram Baselmans Brenda Meusen-den Ouden IVVU: Leergang innoveren locaties intramurale zorg Strategie & omgeving Bram Baselmans Brenda Meusen-den Ouden Programma leergang Blok 1: Strategie & omgeving Blok 2: Zorg & bedrijfsvoering Blok 3: Wonen

Nadere informatie

Scheiden van wonen en zorg

Scheiden van wonen en zorg Scheiden van wonen en zorg de exploitatie van de zorg en dienstverlening drs. J.H.M. van Ginneken 25 oktober 2012 Overheidsbeleid SWZ Beleidsstukken 24 juni 2012: Voortgangsrapportage Hervorming Langdurige

Nadere informatie

Een gezonde zorgexploitatie van uw woonzorglocatie. Jacqueline van Ginneken Bureau Ouderenzorg. drs. J.H.M. van Ginneken 7 juni 2011

Een gezonde zorgexploitatie van uw woonzorglocatie. Jacqueline van Ginneken Bureau Ouderenzorg. drs. J.H.M. van Ginneken 7 juni 2011 Een gezonde zorgexploitatie van uw woonzorglocatie Jacqueline van Ginneken Bureau Ouderenzorg Rekenen aan zorg drs. J.H.M. van Ginneken 7 juni 2011 juni 2011 www.kcwz.nl 1 Een grote kans. dat u voornemens

Nadere informatie

!7": ZORG 6ERPLEGING EN 6ERZORGING

!7: ZORG 6ERPLEGING EN 6ERZORGING !7": ZORG 6ERPLEGING EN 6ERZORGING )NKOOPBELEID,ANGDURIGE :ORG +LANTVERSIE Uitgangspunten en inkoopdoelen 2015 Verpleging en Verzorging (V&V) U hebt recht op langdurige zorg als dat nodig is. Denk aan

Nadere informatie

Seminar Visyn: Kansen door scheiden van wonen en zorg

Seminar Visyn: Kansen door scheiden van wonen en zorg Seminar Visyn: Kansen door scheiden van wonen en zorg Hoe maak ik mijn zorgvastgoed toekomstbestendig? Mr. Remco Vissink 18 september 2014 Even voorstellen Remco Vissink Advocaat/partner bij DUDOK Bouw-

Nadere informatie

Impactanalyse kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptensector update

Impactanalyse kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptensector update Impactanalyse kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptensector update Inleiding In juni 2013 heeft de VGN de eerste impactanalyse van het kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptenzorg

Nadere informatie

Financiële Zorgthermometer - 1 e kwartaal 2016 -

Financiële Zorgthermometer - 1 e kwartaal 2016 - Financiële Zorgthermometer - 1 e kwartaal 2016 - Dit onderzoek kan worden overgenomen met bronvermelding. Toezending Utrecht, maart 2016 Agenda Managementsamenvatting Generieke resultaten Sectorresultaten:

Nadere informatie

-PERSBERICHT- Utrecht, 15 december 2014. - Zorgsector negatief over verkrijgen van financiering -

-PERSBERICHT- Utrecht, 15 december 2014. - Zorgsector negatief over verkrijgen van financiering - -PERSBERICHT- Utrecht, 15 december 2014 - Zorgsector negatief over verkrijgen van financiering - De recente faillissementen in de zorg tonen aan dat de risico's voor banken zijn toegenomen. Banken hebben

Nadere informatie

Financieren in de zorgmarkt

Financieren in de zorgmarkt Presentatie Arie van Oord Business Manager Wonen, Zorg & Onderwijs Platform Economie & Ruimte op 8 juli 2015 BouwCampus: Van der Burghweg 1 te Delft Agenda Kredietportefeuille BNG Bank Bancaire kredietverstrekking

Nadere informatie

Banken zijn terughoudend en strikt in de voorwaarden ALTERNATIEVE KAPITAALSTRUCTUREN IN DE ZORG

Banken zijn terughoudend en strikt in de voorwaarden ALTERNATIEVE KAPITAALSTRUCTUREN IN DE ZORG Banken zijn terughoudend en strikt in de voorwaarden ALTERNATIEVE KAPITAALSTRUCTUREN IN DE ZORG De zorgsector is onderhevig aan een aantal cruciale veranderingen, in essentie komt het erop neer dat verantwoordelijkheden

Nadere informatie

Gevolgen van het regeerakkoord voor de zorg Herman Klein Tiessink

Gevolgen van het regeerakkoord voor de zorg Herman Klein Tiessink Gevolgen van het regeerakkoord voor de zorg Herman Klein Tiessink Stand van zaken regeerakkoord op dit moment Kern is versterking van zorg thuis ( extramuraliseren ) via Wmo en Zorgverzekeringswet Uit

Nadere informatie

Vastgoed en zorg. Syllabus. Een inspirerende bundeling van theorie en praktijk, tips en ervaringen, kansen en bedreigingen.

Vastgoed en zorg. Syllabus. Een inspirerende bundeling van theorie en praktijk, tips en ervaringen, kansen en bedreigingen. Syllabus Vastgoed en zorg Een inspirerende bundeling van theorie en praktijk, tips en ervaringen, kansen en bedreigingen. Inclusief artikelen over strategisch vastgoedbeleid in de zorg, investeren in zorgvastgoed

Nadere informatie

Scheiden van wonen en zorg

Scheiden van wonen en zorg Scheiden van wonen en zorg Een nieuwe koers voor welzijn en zorg 14 november 2012 Themadag Commissie Ouderenzorg Religieuzen Carla Cornuit Inleiding Carla Cornuit: bestuurder LuciVer LuciVer Een kleinschalige

Nadere informatie

Particuliere en reguliere verpleeghuizen Een vergelijking om van te leren

Particuliere en reguliere verpleeghuizen Een vergelijking om van te leren Particuliere en reguliere verpleeghuizen Een vergelijking om van te leren Utrecht, 26 maart 2015 Wine te Meerman Eveline Castelijns Simon Heesbeen Floor Vreeswijk 1 Inhoud 1. Aanleiding voor het onderzoek

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 2, vierde lid, van het Besluit zorgaanspraken AWBZ;

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 2, vierde lid, van het Besluit zorgaanspraken AWBZ; STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 26775 21 december 2012 Regeling van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 14 december 2012, Z-3145524,

Nadere informatie

Notitie scheiden van wonen en zorg Kenmerk 13s043

Notitie scheiden van wonen en zorg Kenmerk 13s043 Notitie scheiden van wonen en zorg Kenmerk 13s043 Inleiding De overheid heeft besloten over te gaan het scheiden van de financiering van wonen en zorg. De overheid heeft ook besloten tot hervormingen van

Nadere informatie

Gevolgen scheiden van wonen en zorg Goeree-Overflakkee 2013-2025

Gevolgen scheiden van wonen en zorg Goeree-Overflakkee 2013-2025 Gevolgen scheiden van wonen en zorg Goeree-Overflakkee 213-225 Inleiding Als we nu al weten hoeveel ouderen in 225 in een verzorgingshuis wonen, is het mogelijk om hierop te anticiperen. Voor beleidsmakers

Nadere informatie

Scheiden wonen zorg vereist strategische heroriëntatie

Scheiden wonen zorg vereist strategische heroriëntatie Themavisie Scheiden wonen zorg in de AWBZ Deel I - Ouderenzorginstellingen ING Economisch Bureau Scheiden wonen zorg vereist strategische heroriëntatie Krimp vraagt om andere oplossingen De intramurale

Nadere informatie

Nieuwe partnerships voor woonzorg concepten

Nieuwe partnerships voor woonzorg concepten Nieuwe partnerships voor woonzorg concepten Daan Tettero Concept Ontwikkelaar Zorgvastgoed Syntrus Achmea Real Estate & Finance 1 Agenda Waarom wonen en zorg? Over ons Van Bernardus naar De Makroon Demografie

Nadere informatie

Wonen met Zorg in de anticipeerregio s

Wonen met Zorg in de anticipeerregio s Wonen met Zorg in de anticipeerregio s Inleiding In de komende decennia zal de bevolkingssamenstelling veranderen en zal het aandeel ouderen in de bevolking toenemen. Indien nu al bekend is hoeveel ouderen

Nadere informatie

de contractwaarde van intramuraal zorgvastgoed van corporaties in beeld gebracht

de contractwaarde van intramuraal zorgvastgoed van corporaties in beeld gebracht BIJLAGE I BIJ 10D0028443 Juli 2010 de contractwaarde van intramuraal zorgvastgoed van corporaties in beeld gebracht Berekeningen ter bepaling van het boekwaardeprobleem van corporaties Samenstelling Aedes

Nadere informatie

Handleiding voor de Restschuldtool van Zorg op de kaart 1.1 1/5

Handleiding voor de Restschuldtool van Zorg op de kaart 1.1 1/5 Handleiding voor de Restschuldtool van Zorg op de kaart Zorg op de kaart bevat een tool die de effecten toont van de extramuralisering voor de huisvesting. Door de extramuralisering zal een deel van het

Nadere informatie

Zorg voor corporatiebezit

Zorg voor corporatiebezit Zorg voor corporatiebezit Juni 2015 Duidelijk. DTZ Zadelhoff www.dtz.nl Het speelveld en de veranderingen in het zorglandschap De rol van woningcorporaties op het gebied van zorgvastgoed staat onder druk

Nadere informatie

De Vergrijzing Voorbij Personele gevolgen zorgakkoord 2013 voor de ouderenzorg

De Vergrijzing Voorbij Personele gevolgen zorgakkoord 2013 voor de ouderenzorg De Vergrijzing Voorbij Personele gevolgen zorgakkoord 2013 voor de ouderenzorg Utrecht 25 april 2013 Wine te Meerman Annick van Kollenburg Eveline Castelijns 1 Inhoud 1. Stelselherziening ouderenzorg 2.

Nadere informatie

ta ua de impact op de exploitatie van de zorg en dienstverlening

ta ua de impact op de exploitatie van de zorg en dienstverlening Extramuralisering ta ua de impact op de exploitatie van de zorg en dienstverlening drs. J.H.M. van Ginneken 15 mei 2014 Overheidsbeleid (extramuraliseren) Beleidsstukken 24 juni 2012: Voortgangsrapportage

Nadere informatie

Indicatieve doorrekening extramuralisering zzp 1 t/m 4

Indicatieve doorrekening extramuralisering zzp 1 t/m 4 Indicatieve doorrekening extramuralisering zzp 1 t/m 4 ZorgpleinNoord maart 2013 Betreft: Indicatieve doorrekening extramuralisering zzp 1 t/m zzp 4 Regio: ZorgpleinNoord Groningen en Drenthe Door: RegioPlus

Nadere informatie

Aantal cliënten per stelsel nu en. Straks 18.400. Figuur 1 - Aantal cliënten (18-) naar huidig en toekomstig stelsel

Aantal cliënten per stelsel nu en. Straks 18.400. Figuur 1 - Aantal cliënten (18-) naar huidig en toekomstig stelsel Gehandicaptenzorg van AWBZ naar Jeugdwet Vanaf 2015 worden gemeenten verantwoordelijk voor de volledige jeugdzorg. Vanuit verschillende domeinen wordt dan de zorg voor kinderen en jongeren onder de 18

Nadere informatie

Gevolgen voor het huishoudboekje bij scheiden wonen en zorg in de ouderenzorg

Gevolgen voor het huishoudboekje bij scheiden wonen en zorg in de ouderenzorg Gevolgen voor het huishoudboekje bij scheiden wonen en zorg in de ouderenzorg facts and figures 2 Gevolgen voor het huishoudboekje bij scheiden van wonen en zorg in de ouderenzorg Auteurs: Dit is een uitgave

Nadere informatie

De uitdagingen rondom zorgvastgoed. Bestuursvergadering 14 juni 2012 (inclusief aanvullingen)

De uitdagingen rondom zorgvastgoed. Bestuursvergadering 14 juni 2012 (inclusief aanvullingen) De uitdagingen rondom zorgvastgoed Bestuursvergadering 14 juni 2012 (inclusief aanvullingen) De elementen van de uitdaging Bekostiging: Normatieve huisverstingscomponent Scheiden wonen en zorg Strategie:

Nadere informatie

Faq s Scheiden van Wonen en Zorg

Faq s Scheiden van Wonen en Zorg Faq s Scheiden van Wonen en Zorg In onderstaand overzicht zijn de meest gestelde vragen over het Scheiden van Wonen en Zorg verzameld. Mocht uw vraag hier niet worden behandeld mail deze dan naar scheidenvanwonenenzorg@tno.nl.

Nadere informatie

Transitie Langdurige Zorg

Transitie Langdurige Zorg Transitie Langdurige Zorg Manager Inkoop Verpleging, Verzorging, Thuiszorg Manager Inkoop Verpleging, Verzorging, Thuiszorg AWBZ in historisch perspectief 1968 Ontstaan van de AWBZ voor langdurige onverzekerbare

Nadere informatie

Bijlage 5. Wonen met zorg, Ouderenhuisvesting

Bijlage 5. Wonen met zorg, Ouderenhuisvesting Bijlage 5. Wonen met zorg, Ouderenhuisvesting 4.1 Analyse Meer mensen met vraag naar zorg en ondersteuning De komende jaren zal de groep mensen met beperkingen als gevolg van ouderdom toenemen. Dit heeft

Nadere informatie

WELKOM! Discussie- en netwerkbijeenkomst Scheiden Wonen & Zorg. Stichting Ruimtelijk Management 14 februari 2013

WELKOM! Discussie- en netwerkbijeenkomst Scheiden Wonen & Zorg. Stichting Ruimtelijk Management 14 februari 2013 WELKOM! Discussie- en netwerkbijeenkomst Scheiden Wonen & Zorg Stichting Ruimtelijk Management 14 februari 2013 Arthur van Iterson kw8 Project- en Conceptontwikkeling 06-31927552 Ellis Brinkman LS Projectmanagement

Nadere informatie

Tussenbalans lokale samenwerking wonen, zorg en welzijn

Tussenbalans lokale samenwerking wonen, zorg en welzijn Tussenbalans lokale samenwerking wonen, zorg en welzijn Rapportage December 2014 c14theswz Aanleiding USP Marketing Consultancy heeft samen met Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg onderzoek gedaan naar

Nadere informatie

Zorgwonen als beleggingsproduct Het ontwikkelaarsperspectief

Zorgwonen als beleggingsproduct Het ontwikkelaarsperspectief Zorgwonen als beleggingsproduct Het ontwikkelaarsperspectief drs. ing. Bert Krikke Conferentie Scheiden van Wonen en Zorg in een vergrijzende samenleving Delft, 12 juni 2012 Introductie Strategie, advies,

Nadere informatie

het moet slimmer essay

het moet slimmer essay het moet slimmer Het vastgoedvraagstuk is voor veel bestuurders en toezichthouders complex en onoverzichtelijk. Nieuwe partijen zoals vastgoedbeleggers kunnen hier mogelijk een rol in spelen. Maar beleggers

Nadere informatie

PRAKTISCHE KENNISBIJEENKOMSTEN (VER)HUUR

PRAKTISCHE KENNISBIJEENKOMSTEN (VER)HUUR PRAKTISCHE KENNISBIJEENKOMSTEN (VER)HUUR 3 BASISTHEMA S 26 maart Huurovereenkomsten en Huurrecht 8 april Huurprijs(beleid) en servicekosten 22 april Fiscale aspecten bij scheiden van wonen en zorg 2 SPECIFIEKE

Nadere informatie

Achtergrondinformatie geldstromen en wetten

Achtergrondinformatie geldstromen en wetten Achtergrondinformatie geldstromen en wetten Tot stand gekomen in het kader van het project RAAK-MKB Ontwerpen voor zorgverleners Auteurs Dr. F. Verhoeven; onderzoeker lectoraat Co-design (HU) Ing. K. Voortman-Overbeek;

Nadere informatie

Kenmerken van een vastgoedfinanciering 13-6-2014 AGENDA. De herontwikkelingsopgave vanuit financieringsoptiek

Kenmerken van een vastgoedfinanciering 13-6-2014 AGENDA. De herontwikkelingsopgave vanuit financieringsoptiek AGENDA I. Kenmerken van een vastgoedfinanciering II. De vastgoedfinancieringsmarkt in Nederland III. Herontwikkelingsopgave De herontwikkelingsopgave vanuit financieringsoptiek IV. Financiering bij transformatie

Nadere informatie

Financiële kengetallen vastgoed gehandicaptenzorg

Financiële kengetallen vastgoed gehandicaptenzorg Financiële kengetallen vastgoed gehandicaptenzorg Door de komst van de Wmo zijn de gemeenten verantwoordelijk geworden voor de ondersteuning van extramurale cliënten en voor de zorg voor lichte verblijfscliënten.

Nadere informatie

Berekeningsmethodiek NHC in de Care

Berekeningsmethodiek NHC in de Care TNO-rapport - TNO-060-UTC-2011-00078 Berekeningsmethodiek NHC in de Care Datum 4 mei 2011 Auteur(s) Norman Egter van Wissekerke Oscar Verhoeff Henk Sijsling Aantal pagina's 8 Opdrachtgever Projectnaam

Nadere informatie

De Vergrijzing Voorbij De ouderenzorg als markt

De Vergrijzing Voorbij De ouderenzorg als markt De Vergrijzing Voorbij De ouderenzorg als markt Breukelen 15 mei 2013 Wine te Meerman 1 De ouderenzorg transformeert van intra- naar extramuraal en van collectief naar individueel Chinese tekens voor Crisis

Nadere informatie

3) Verslag van de vergadering van 29 september 2014, zie bijlage 1 (16:05 uur)

3) Verslag van de vergadering van 29 september 2014, zie bijlage 1 (16:05 uur) Agenda voor de vergadering van het Platform Zelfredzaam Datum: Locatie: 12 januari 2015 van 16:00 uur tot uiterlijk 19:00 uur (voor een eenvoudige maaltijd wordt gezorgd) Kulturhus Lienden Koningin Beatrixplein

Nadere informatie

De positie van de(thuis)zorg. Henri Plagge, arts M&G MCM voorzitter Raad van Bestuur de Zorgboog

De positie van de(thuis)zorg. Henri Plagge, arts M&G MCM voorzitter Raad van Bestuur de Zorgboog De positie van de(thuis)zorg Henri Plagge, arts M&G MCM voorzitter Raad van Bestuur de Zorgboog de Zorgboog Voor alle generaties; dus kraamzorg, Jeugdgezondheidszorg 0-4 jaar, behandelpraktijk (paramedici),

Nadere informatie

Overgangsrecht van AWBZ cliënten en beleid Versie december 2014

Overgangsrecht van AWBZ cliënten en beleid Versie december 2014 Overgangsrecht van AWBZ cliënten en beleid Versie december 2014 Door de hervormingen van de langdurige zorg wordt begeleiding per 1 januari 2015 gedecentraliseerd naar de Wet maatschappelijke ondersteuning

Nadere informatie

Stimulering Kleinschalige Zorg voor dementerenden

Stimulering Kleinschalige Zorg voor dementerenden BELEIDSREGEL Stimulering Kleinschalige Zorg voor dementerenden 1. Algemeen a. Deze beleidsregel is van toepassing op de zorg of dienst als omschreven bij of krachtens de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten

Nadere informatie

Veranderingen in delangdurige zorg, toegespitst op de begeleiding

Veranderingen in delangdurige zorg, toegespitst op de begeleiding Veranderingen in delangdurige zorg, toegespitst op de begeleiding Astrid Buis Stijgende kosten zorg Vergrijzing Vereenzaming Professionalisering Individualisering Bureaucratisering Wet- en regelgeving

Nadere informatie

SECTORVREEMDE EN INSTELLINGSVREEMDE ZZP S. Geldig in jaar: 2011 Versie: 1.0

SECTORVREEMDE EN INSTELLINGSVREEMDE ZZP S. Geldig in jaar: 2011 Versie: 1.0 SECTORVREEMDE EN INSTELLINGSVREEMDE ZZP S Eigenaar: Gereviewd door: Geldig in jaar: 2011 Versie: 1.0 Betrokken beleidsregels NZA: Laura Mostert Saskia Hartendorp CA-392 Invoering Zorgzwaartepakketten CA-437

Nadere informatie

Veranderingen in de zorg

Veranderingen in de zorg Veranderingen in de zorg Moet ik mij zorgen maken? Else Nobel Waarom het stelsel veranderen? Mensen vullen kwaliteit van leven bij het ouder worden in als: zo lang mogelijk zelfstandig thuis wonen met

Nadere informatie

-PERSBERICHT- Utrecht, 19 maart 2014 -ZORGFINANCIALS VERWACHTEN ACCOUNTANTSVERKLARING MET BEPERKING-

-PERSBERICHT- Utrecht, 19 maart 2014 -ZORGFINANCIALS VERWACHTEN ACCOUNTANTSVERKLARING MET BEPERKING- -PERSBERICHT- Utrecht, 19 maart 2014 -ZORGFINANCIALS VERWACHTEN ACCOUNTANTSVERKLARING MET BEPERKING- Zorgfinancials binnen de geestelijke gezondheidszorg ziekenhuizen verwachten geen volledig goedkeurende

Nadere informatie

BELEIDSREGEL CA-300-536. Volledig Pakket Thuis. Bijlage 12 bij circulaire AWBZ/Care/12/07c

BELEIDSREGEL CA-300-536. Volledig Pakket Thuis. Bijlage 12 bij circulaire AWBZ/Care/12/07c Bijlage 12 bij circulaire AWBZ/Care/12/07c BELEIDSREGEL Volledig Pakket Thuis Ingevolge artikel 57, eerste lid, onderdeel b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit

Nadere informatie

INTEGRALE MEERJARENRAMING

INTEGRALE MEERJARENRAMING INTEGRALE MEERJARENRAMING Financiering en borging zeker stellen Op lange termijn in control bestaand vastgoed Beoordeling rendement investeringen Ambities ook in de toekomst realiseren Uw ambities vragen

Nadere informatie

de Nederlandse Zorgautoriteit dhr mr. T.W. Langejan Postbus 3017 3502 GA UTRECHT Datum Betreft voorlopige contracteerruimte 2014

de Nederlandse Zorgautoriteit dhr mr. T.W. Langejan Postbus 3017 3502 GA UTRECHT Datum Betreft voorlopige contracteerruimte 2014 > Retouradres VWS, Postbus 20350, 2550EJ DEN HAAG de Nederlandse Zorgautoriteit dhr mr. T.W. Langejan Postbus 3017 3502 GA UTRECHT Directie Bezoekadres: Rijnstraat 50 2515 XP Den Haag T 070 340 79 11 F

Nadere informatie

INVESTEREN IN WONEN, WELZIJN EN ZORG. www.aimtrack.nl PAUL REIJN & AUKE VLONK

INVESTEREN IN WONEN, WELZIJN EN ZORG. www.aimtrack.nl PAUL REIJN & AUKE VLONK BEVOLKINGSPROGNOSES ESSENTIEEL VOOR INVESTEREN IN WONEN, WELZIJN EN ZORG www.aimtrack.nl PAUL REIJN & AUKE VLONK SEMINAR BEVOLKINGSPROGNOSES IN THEORIE, BELEID EN PRAKTIJK 6 OKTOBER 2015, CBS, DEN HAAG

Nadere informatie

EXTRAMURALISATIE LICHTE ZORGZWAARTEPAKKETTEN

EXTRAMURALISATIE LICHTE ZORGZWAARTEPAKKETTEN FACTSHEET ZZP 1, 2 EN 3 EXTRAMURALISATIE LICHTE ZORGZWAARTEPAKKETTEN ACHTERGROND, GEVOLGEN, FEITEN EN CIJFERS Voor de twaalf Drentse gemeenten Marion Wijnstra Erwin Matijsen Oktober 2012 ACHTERGROND EN

Nadere informatie

Impactanalyse kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptensector update 5

Impactanalyse kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptensector update 5 Impactanalyse kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptensector update 5 Inleiding In juni 2013 publiceerde de VGN de eerste impactanalyse van het kabinetsbeleid langdurige zorg voor de gehandicaptenzorg.

Nadere informatie

ZORG VOOR MAATSCHAPPELIJK VASTGOED. Professioneel beheer voor beter rendement

ZORG VOOR MAATSCHAPPELIJK VASTGOED. Professioneel beheer voor beter rendement ZORG VOOR MAATSCHAPPELIJK VASTGOED Professioneel beheer voor beter rendement Een veranderende financiële omgeving vraagt om ander vastgoedbeheer Het onderwijsvastgoed, het zorgvastgoed, het gemeentelijk

Nadere informatie

Regeerakkoord bruggen slaan en de transitie AWBZ

Regeerakkoord bruggen slaan en de transitie AWBZ Regeerakkoord bruggen slaan en de transitie AWBZ De 12 gemeenten in Brabant Noordoost-oost (BNO-o) hebben samen met een groot aantal instellingen hard gewerkt aan de voorbereidingen voor de transitie AWBZ.

Nadere informatie

De Verpleging en verzorging in beweging; ontwikkelingen in wonen, welzijn en zorg

De Verpleging en verzorging in beweging; ontwikkelingen in wonen, welzijn en zorg De Verpleging en verzorging in beweging; ontwikkelingen in wonen, welzijn en zorg Grande conference 2014 Henri Plagge, arts M&G MCM Voorzitter Raad van Bestuur De Zorgboog Zorgboog Voor alle generaties;

Nadere informatie

Vastgoed, de starter of de stopper van uw onderneming?

Vastgoed, de starter of de stopper van uw onderneming? Vastgoed, de starter of de stopper van uw onderneming? Inhoud Introductie Huidige situatie zorgvastgoed ontwikkeling Welke punten verdienen de aandacht bij het ontwikkelen van zorgvastgoed? Huren of vastgoed

Nadere informatie

Vrijwilligersbeleid. Rapportage flitsenquête ActiZ. ActiZ, organisatie van zorgondernemers. ICSB Marketing en Strategie Drs.

Vrijwilligersbeleid. Rapportage flitsenquête ActiZ. ActiZ, organisatie van zorgondernemers. ICSB Marketing en Strategie Drs. Rapportage flitsenquête ActiZ Vrijwilligersbeleid Voor ActiZ, organisatie van zorgondernemers Van ICSB Marketing en Strategie Drs. Yousri Mandour Datum 7 maart 2011 Pag. 1 Voorwoord Voor u liggen de resultaten

Nadere informatie

Hervorming Langdurige Zorg - gevolgen voor de ggz

Hervorming Langdurige Zorg - gevolgen voor de ggz Hervorming Langdurige Zorg - gevolgen voor de ggz Per 1 januari 2015 worden grote veranderingen in de zorg van kracht. De Hervorming Langdurige Zorg is één van de ingrijpendste veranderingen in het zorgstelsel

Nadere informatie

BELEIDSREGEL CA-300-583. Volledig Pakket Thuis. Bijlage 12 bij circulaire CARE/AWBZ/13/05c

BELEIDSREGEL CA-300-583. Volledig Pakket Thuis. Bijlage 12 bij circulaire CARE/AWBZ/13/05c Bijlage 12 bij circulaire CARE/AWBZ/13/05c BELEIDSREGEL Volledig Pakket Thuis Ingevolge artikel 57, eerste lid, onderdeel b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit

Nadere informatie

Blixen: een gezonde kijk op de introductie van Zorgwonen. Breda, maart 2015 Blixen Gezonde Communicatie

Blixen: een gezonde kijk op de introductie van Zorgwonen. Breda, maart 2015 Blixen Gezonde Communicatie Blixen: een gezonde kijk op de introductie van Zorgwonen Breda, maart 2015 Blixen Gezonde Communicatie Ingrijpende ontwikkelingen in de ouderenzorg De verzorgingshuiscapaciteit is tussen 1980 en 2005 fors

Nadere informatie

CIZ-indicaties als basis voor de prognose

CIZ-indicaties als basis voor de prognose 1 CIZ-indicaties als basis voor de prognose Onze prognose van de ontwikkeling van de vraag naar zorg met verblijf is gebaseerd op indicatiecijfers van het CIZ, de verdeling van de zorgconsumptie over verschillende

Nadere informatie

-PERSBERICHT- Utrecht, 15 december ZORGINSTELLINGEN ZETTEN IN OP ZELFSTURENDE TEAMS -

-PERSBERICHT- Utrecht, 15 december ZORGINSTELLINGEN ZETTEN IN OP ZELFSTURENDE TEAMS - -PERSBERICHT- Utrecht, 15 december 2015 - ZORGINSTELLINGEN ZETTEN IN OP ZELFSTURENDE TEAMS - Zorginstellingen in de langdurige zorg hebben de afgelopen jaren te maken gehad met het scheiden van wonen en

Nadere informatie

indien ten behoeve van het getrouwe beeld een nadere toelichting noodzakelijk is in een jaarrekening die voldoet aan de Regeling Verslaggeving WTZi

indien ten behoeve van het getrouwe beeld een nadere toelichting noodzakelijk is in een jaarrekening die voldoet aan de Regeling Verslaggeving WTZi Audit Alert 25 Verklaringen bij jaarrekeningen van AWBZ- en GGZ-instellingen indien ten behoeve van het getrouwe beeld een nadere toelichting noodzakelijk is in een jaarrekening die voldoet aan de Regeling

Nadere informatie

Wonen, Zorg en Maatschappelijk Vastgoed. Gerard Koster VNG

Wonen, Zorg en Maatschappelijk Vastgoed. Gerard Koster VNG Wonen, Zorg en Maatschappelijk Vastgoed Gerard Koster VNG Opbouw presentatie 1. Ontwikkelingen 2. Opgaven regionaal/lokaal 3. Samenwerking 4. Voorbeelden 5. Vragen aan u 1. Ontwikkelingen Extramuralisering:

Nadere informatie

Welkom! André Vermaas. Workshop Ruimtelijke Ordening 21-11-2014 12:27. Informatie of wensen: willwestbroek@wsaudiovisueel.nl 1

Welkom! André Vermaas. Workshop Ruimtelijke Ordening 21-11-2014 12:27. Informatie of wensen: willwestbroek@wsaudiovisueel.nl 1 Welkom! Workshop Ruimtelijke Ordening André Vermaas Directeur van Careyn, bureau Zorg en Vastgoed - Ouderenhuisvesting in Westland Keuzevrijheid en diversiteit Missie Careyn decentralisatie in het sociale

Nadere informatie

Bouwjaarklasse (op basis van m²) 1970-1979

Bouwjaarklasse (op basis van m²) 1970-1979 BVO (x 10 6 m²) tot 1960 1960-1969 1970-1979 1980-1989 1990-1999 vanaf 2000 Tbv onderzoek naar kwaliteit MaVa: beschikbare info over zorginstellingen: Verpleging en verzorging Info via: Agentschap NL,

Nadere informatie

Financiële Zorgthermometer - 1 e kwartaal 2015 -

Financiële Zorgthermometer - 1 e kwartaal 2015 - Financiële Zorgthermometer - 1 e kwartaal 2015 - Dit onderzoek kan worden overgenomen met bronvermelding. Toezending Utrecht, maart 2015 Agenda Managementsamenvatting Generieke resultaten Sectorresultaten:

Nadere informatie