Collectief arbeidsrecht Prof. dr. A.T.J.M. Jacobs KLUWER Deventer - 2003
Woord vooraf Afkortingen v xm 1 Inleiding i 2 Vakverenigingen en vakverenigingsrecht 5 2.1 Vakbonden 5 2.2 Werkgevers 19 2.3 Vakverenigingsrecht 23 2.4 De representativiteitskwestie 28 3 Het Nederlandse stelsel van collectieve arbeidsverhoudingen 31 3.1 Inleiding 31 3.2 Publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie 31 3.3 Loon- en inkomenspolitiek 35 3.4 De overlegeconomie/het poldermodel 42 3.5 De instituties van het overlegmodel 45 3.6 Centraal of decentraal? 50 3.7 Wetgevingof zelfreguleringdoor de sociale partners 57 4 Het CAO-gebeuren 61 4.1 De CAO-kaart van Nederland 61 4.2 Inhoud van het jaarlijkse CAO-overleg 68 4.2.1 Flexibele beloning 70 4.2.2 Arbeidstijdverkorting en flexibele arbeidstijden 72 4.2.3 Vakantie en verlof 73 4.2.4 Ouderenbeleid, vervroegd uittreden en pensioen 74 4.2.5 Bestrijding ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid; reinte - gratie van gedeeltelijk gehandicapten 75 VII
4.2.6 Werkgelegenheid, flexwerk, uitbesteding 76 4.2.7 Scholing 76 4.2.8 Kinderopvang 77 4.3 De structuur van het CAO-overleg 78 5 CAO -recht I 81 5.1 Het wezen van de CAO 81 5.1.1 Privaat- of publiekrecht? 86 5.1.2 Het gunstigheidsbeginsel 87 5.2 De partijen bij de CAO 90 5.3 De gebondenheid aan de CAO 91 5.3.1 De gebondenheid door lidmaatschap aan beide zijden 91 5.3.2 De art. 14-constructie 92 5.3.3 Gebondenheid door de algemeenverbindendverklaring 96 5.3.4 Gebondenheid door overgang van de onderneming 96 5.3.5 Gebondenheid vanuit het contract 97 5.4 De werkingssfeer van de CAO 99 5.4.1 De werkingssfeer wat betreft groepen van werknemers (de 'verticale werkingssfeer') 100 5.4.2 De werkingssfeer wat betreft de bedrijfstak/onderneming (de 'horizontale werkingssfeer') 101 5.5 De inhoud van de CAO 105 5.5.1 Normatieve, obligatoire en diagonale bepalingen 106 5.5.2 De rechtens toelaatbare inhoud van CAO'S IIO 5.5.3 Fondsen 110 5.5.4 Sociaal plan m 5.5.5 Delegatiebepalingen 112 5.5.6 Ongelijke behandeling van georganiseerden en ongeorganiseerden 113 5.5.7 De 'wet' als grens aan de regelingsmacht der CAO-partijen 114 5.6 Publiciteit, interpretatie en handhaving 116 5.6.1 Publiciteit 116 5.6.2 Interpretatie 116 5.6.3 Handhaving 118 5.7 De CAO in het internationale privaatrecht 124 VIII
6 CAO-recht II 127 6.1 Een recht op c.q. verplichting tot CAO-onderhandelen? 127 6.2 Algemeenverbindendverklaring 130 6.2.1 De procedure 131 6.2.2 Beroep 132 6.2.3 Het meerderheidsvereiste 132 6.2.4 D e toetsing 135 6.2.5 Uitzonderingen 140 6.2.6 Dispensatie 143 6.2.7 Rechtskracht, duur en nawerking van de AVV 144 6.2.8 Het politieke debat over de AVV als zodanig 146 6.3 Het ontwijken van het keurslijf van de CAO 151 6.4 CAO-recht en mededingingsrecht 156 6.5 cao-regelgeving in staatkundig en arbeidsrechtelijk perspectief 157 6.5.1 Driekwartdwingend recht 159 6.6 Toekomst van de CAO en van het nationale CAOrecht 160 7 Stakingsrecht Algemeen 165 7.1 Over collectieve arbeidsconflicten 165 7.2 Typologie 166 7.3 De strafrechtelijke kant van de staking 167 7.4 Historische ontwikkeling van de staking naar civiel recht 167 7.5 Waarom een stakingsrecht? 169 7.6 Het stakingsrecht als strategisch en ritueel gebeuren 171 7.7 Rechtmatig, tenzij... 173 7.8 De spelregeltoetsing 174 7.9 De misbruiktoetsing 176 7.10 Evaluatie van de rechtspraak op hoofdzaken en de toekomst van het stakingsrecht 179 8 Stakingsrecht - Bijzonder 183 8.1 Strengere normen bij andere arbeidsconflicten? 183 8.2 Stakingen om rechtsconflicten 184 IX
8.3 De erkenningsstaking 185 8.4 Stakingen in strijd met de CAO 186 8.5 Wilde stakingen 187 8.6 Stakingen tegen anderen dan de eigen werkgever 188 8.7 Solidariteits- of sympathiestakingen 189 8.8 Politieke stakingen 190 8.9 Stiptheidsacties, gratis dienstbetoonacties, langzaam-aanacties en kortstondige werkonderbrekingen 191 8.10 Blokkades 192 8.11 Bezetting 193 8.12 Gevolgen van onrechtmatigheid voor de vakbonden 194 8.13 Staking en de individuele arbeidsovereenkomst 195 8.14 Betaling van werkwilligen 197 8.15 Uitsluiting 198 8.16 Onderzoek, verzoening, bemiddeling en arbitrage 200 9 Medezeggenschap - Algemeen 203 9.1 Inleiding 203 9.2 Begrippen en vormen van medezeggenschap/duaal systeem 207 9.3 Medezeggenschap in de top van de onderneming (Structuurwet) 209 9.4 Recht van enquete 219 9.5 Collectief ontslag 222 9.6 Fusiegedragsregels 224 9.7 Medezeggenschapsrecht in CAO'S 231 9.8 Heeft medezeggenschap nog een toekomst? 232 10 Ondernemingsraden 235 10.1 De aanpassingen van de Wet op de ondernemingsraden 235 10.2 Het reglement van de OR 237 10.3 Instelling van de OR 238 10.3.1 De instellingsplicht 238 10.3.2 Definitie onderneming 239 10.3.3 Samengesteide onderneming 240 10.3.4 Getalsdrempels 241 10.3.5 Positie deeltijders en flexwerkers 242
INHOUDSOPGAVF. 10.4 Samenstelling van de OR 244 10.4.1 Omvang van de OR (art. 6 lid 1) 244 10.4.2 Commissies van de OR 244 10.4.3 Achterbanraadpleging 245 10.4.4 Zittingsduur (art. 12) 245 10.4.5 VoorzitteroR 245 10.4.6 Secretariaat OR 246 10.4.7 Vergaderen/vergaderfrequentie 246 10.4.8 De overlegvergadering 246 10.4.9 Bestuurder 247 10.5 Verkiezing van de OR 248 10.5.1 Kiesrecht (art. 6 lid 2,3 en 5) 248 10.5.2 Kandidatenlijsten (art. 9) 248 10.5.3 Kiesgroepen 249 10.5.4 Verkiezingen 251 10.6 Faciliteiten en rechtsbescherming 251 10.6.1 Faciliteiten 251 10.6.2 Rechtsbescherming 253 10.7 Bevoegdheden van de OR algemeen en het informatierecht 254 10.7.1 Het informatierecht 255 10.7.2 Voorinformatie 256 10.8 Het adviesrecht bij belangrijke besluiten (art. 25) en de beroepsregeling daartegen (art. 26) 257 10.9 Het instemmingsrecht bij belangrijke besluiten (art. 27) 266 10.10 Overige bevoegdheden en taken 268 10.11 De inspraak in kleine bedrijven 270 10.12 Geschillenregelingen 271 10.12.1 Conflicten 271 10.12.2 De wettelijke geschillenregeling 272 10.13 Medezeggenschap bij veiligheid en gezondheid 274 10.14 De ondernemingsraad en de vaststelling van arbeidsvoorwaarden 276 10.14.1 De formule van art. 27 lid 3 WOR 279 10.14.2 De rechtsnatuur van afspraken tussen ondernemer en ondernemingsraad 281 10.14.3 De rechtsnatuur van het reglemcnt, de personeelsgids en dergelijke 285 XI
11 Overheid en semi-overheid 287 11.1 De arbeidsverhoudingen bij de overheid 287 11.2 Arbeidsvoorwaardenvorming bij de overheid 288 11.3 De ambtenarenstaking 297 11.4 Medezeggenschap bij de overheid 298 11.5 Arbeidsvoorwaardenvorming bij de semi-overheid 300 11.6 Het stakingsrecht in de semi-overheidssector 304 11.7 Medezeggenschap in onderwijs en zorg 304 12 Internationaal 309 12.1 Inleiding 309 12.2 Internationale organisaties van vakbonden en werkgevers 310 12.3 De Internationale Arbeidsorganisatie 313 12.4 De arbeidsverhoudingen in de Europese Unie 314 12.5 Overige internationale instituties 316 12.6 De vakverenigingsrechten in internationaal perspectief 316 12.6.1 Verdragen 87 en 98 Internationale Arbeidsorganisatie 318 12.6.2 Art. 11 Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden 322 12.6.3 Art. 5 en 6 Europees Sociaal Handvest 323 12.7 Internationale aspecten van het medezeggenschapsrecht 324 12.7.1 De nationale dimensie 324 12.7.2 De internationale dimensie 328 13 Horizon 333 13.1 Een geschiedkundige terugblik 333 13.2 Het perspectief 335 Trefwoordenregister 339 XII