ONTWERPPLAN PAPER 2 MOTIVEREN MIDDELS CONTEXT ONTWERPRAPPORT Naam auteur(s) Marlinda van Rooijen Steltenpool, drs Vakgebied M & O Titel Motiveren middels context Onderwerp Contextgericht onderwijs en motivatie Opleiding Interfacultaire Lerarenopleidingen, Universiteit van Amsterdam Doelgroep 4 VWO Sleuteltermen motivatie, betekenis geven, contextgericht onderwijs Links Bibliografische referentie Rooijen van Steltenpool, M. (2013). Motiveren middels context. Amsterdam: Interfacultaire Lerarenopleidingen UvA. Studentnummer 10374175 Begeleider(s) P van der Veen J. Fortuin Beoordelaar(s) indien bekend Datum April 2013
Samenvatting van paper 1 zijn niet gemotiveerd om een presentatie te houden of om te luisteren naar een presentatie en hebben daardoor geen zin in de toekomstige lessen. Ontwerphypothese Als ik het motivatie probleem met gebruik van context gericht onderwijs ga aanpakken dan verwacht ik dat er meer betekenis kan worden gegeven aan de stof waarmee de motivatie automatisch wordt verhoogd en daarnaast ook de resultaten verhogen ten opzichte van vorig jaar. Ontwerpregels Het ontwerp wordt uitgevoerd in 4 VWO. Elke les uit de lessenserie zal ik beginnen met het geven van een contextopdracht (inclusief samenwerkend leren aan een uitdagende open taak en het gebruik van meervoudige intelligenties) die in één les kan worden uitgevoerd. Ik zal procesmatig begeleiden en indien nodig sturing geven aan het proces. Onderzoeksopzet Ik zal beginnen met een vakspecifieke motivatietest. Deze wordt gevolgd door een timeon task methode voor en tijdens de lessenserie. Na de lessenserie ga ik een learner report afnemen en tot slot volgt er een toets waar ik de uitslagen ga vergelijken met vorig jaar. De lesopzet Les 1 Deze les gaat over leidinggeven. Na de introductie worden er groepjes geformeerd, de rollen verdeelt en zal de les starten met opdracht 1. Jullie krijgen les van verschillende docenten. Hoe komt het dat ondanks het feit dat alle docenten lesgeven, ze toch allemaal anders voor de klas staan en alle docenten de klas weer anders benaderen? Het is de bedoeling dat de leerlingen eerst bij zichzelf te rade gaan en dit daarna bespreken in hun groepje. De bevindingen komen op een flip over. Omdat dit de eerste opdracht is zal ik regelmatig (elke vijf a tien minuten) per groepje een procesmatige vraag stellen. Mijn procesmatige vragen zullen zich richten op de karaktereigenschappen van de docenten om zo vervolgens bij de verschillende manieren van leidinggeven te komen. Een aantal groepjes presenteren hun flip over aan de rest van de klas. Vervolgens pak ik het geheel weer klassikaal terug en koppel ik de leidinggevende stijlen (concept) aan de docenten op de flipovers. Ook de managirial grid van Blake en Mouton ga ik bespreken en uittekenen. Ik laat de leerlingen de docenten in dit model plaatsen. De les wordt afgesloten met het rangschikken van de leiderschapsstijlen en opdracht 2 (4 foto s van wereldleiders plaatsen in het model van managerial grid) is het huiswerk. Les 2 Deze les gaat over communicatie. We beginnen in groepjes en kijken naar een filmpje van John Cleese. De vraag is: Wat zijn volgens jouw/jullie de problemen die er in dit stuk zijn en wie heeft die problemen? Ik
vraag de leerlingen goed op de communicatie in het filmpje te letten en op te schrijven wat je hier zoal in opvalt. Ik zal sturen naar de termen zender, ontvanger en ruis. Nadat ze dit hebben gedaan neem ik klassikaal door wat er opvalt aan de communicatie en dit schrijf ik op het bord. Hierna ga ik terug naar de concepten; ZMBO model, verstorende elementen, non verbaal en richting van de communicatie. Daarna krijgen de groepjes een nieuwe opdracht welke luidt; Maak een rollenspel over de communicatie met een docent waarvan je de leiderschapsstijl vorige les hebt bepaald. Elk groepje verzint een rollenspel van maximaal 2 minuten. Ze mogen zelf verzinnen hoe ze dit aanpakken. Ze krijgen hiervoor 10 minuten de tijd daarna beginnen we achter elkaar de rollenspellen te spelen. De groepjes spelen door totdat geraden wordt om welke docent het gaat en het groepje met de meeste goede antwoorden is de winnaar. De les wordt afgesloten en huiswerk wordt opgegeven. Les 3 Deze les gaat over vergadertechnieken. De school heeft iets leuks bedacht en wil een verkiezing van de leukste docent houden. Jullie klas is aangewezen om de verkiezing te organiseren en jullie gaan een vergadering houden! worden verdeeld in twee groepen, de ene groep gaat vergaderen en de ander groep wordt buiten de klas verteld dat ze gaan observeren. krijgen allemaal een taak/rol bij de vergadering. Ik laat de vergadering zonder enige voorbereiding beginnen en laat de ene groep vergaderen, de andere groep observeert. Na 5 minuten stop ik de vergadering (tijdelijk) en vraag ik naar de reacties van de vergaderende en observerende leerlingen. Hier stuur ik procesmatig naar de voorbereiding die er had moeten zijn en de rolverdeling. Hierna laat ik de groep weer verdergaan en hoop dat ze de opmerkingen meenemen in hun vergadering. Dit stopzetten doe ik een paar keer. Uiteindelijk komen er voorwaarden uit om goed te kunnen vergaderen, ik zal dan ook de concepten hiervan bespreken. Als de leerlingen klaar zijn mogen ze in groepjes een rap maken over de regels van vergaderen. Hier krijgen ze een kleine 10 minuten voor en daarna gaan alle groepen achter elkaar de rap zingen/ zeggen. Er is een kleine beloning voor de groep met de leukste rap. Huiswerk: De vergaderende leerlingen maken een agenda voor de volgende vergadering en de observerende leerlingen schrijven korte notulen van de vergadering. Les4 Deze les gaat over personeelsbeleid. Ik begin met een grappig filmpje als aandachtsrichter welke gaat over een functioneringsgesprek. Daarna vertel ik dat er een docent langdurig ziek is en dat de school een vacature plaatst voor een nieuwe docent. Ze denken dat de huidige docent er volgend schooljaar wel weer is maar dit weten ze niet zeker. Hoe pakt de school dit aan? Waar letten ze op? mogen de personeelsfunctionaris van het RSG interviewen die in de klas komt. Ze krijgen tijd om in groepjes vragen te bedenken die ze willen stellen aan de personeelsfunctionaris, dit moeten er minstens tien zijn. Ik zal dit procesmatig begeleiden en sturende vragen stellen om zo op meerder niveaus vragen te krijgen (werving, contracten, gesprekken, etc). Na het gesprek/interview kom ik terug op de begrippen/concepten en geef ik het huiswerk op.
Onderbouwing Daar er in de huidige methode weinig gebruik gemaakt wordt van context gebruik ik deze niet in mijn lessenserie. Ik gebruik wel de begrippen uit de methode zodat de leerlingen deze, bij het doornemen van de stof, herkennen. Het huiswerk heb ik zelf bedacht en gemaakt. Bij het ontwerpen van mijn lessenserie (om de motivatie te bevorderen) maak ik gebruik van korte context opdrachten met open vragen. Ik wil mijn lessen zo ontwerpen dat de leerlingen vanuit de context middels probleemoplossingstaken via procesmatige begeleiding uiteindelijk op de abstracte concepten komen. moeten uiteindelijk zelf op de begrippen stuiten. Door een contextgerichte benadering van de stof wordt de stof betekenisvoller voor de leerlingen (Kneppers, 2009) waardoor ik verwacht dat de motivatie toeneemt. Als de leerlingen samen aan het werk zijn zal ik sturende vragen stellen. Het is de bedoeling dat naarmate de lessenserie volgt, ik steeds minder stappen hoef aan te geven en minder vragen hoef te stellen omdat de leerlingen steeds meer geoefend raken. Ik maak gebruik van betekenisvolle context die dicht bij de leerling staat en heb gekozen voor het thema de docent. Ik laat dit thema in de lessen van mijn ontwerp terugkomen. In mijn ontwerp heb ik gekozen om gebruik te maken van samenwerkend leren om de leerlingen actief bij de les te betrekken en omdat deze activiteit het leren in sterke mate bevorderd. Hierbij ga ik zoveel mogelijk uit van de sleutelbegrippen voor succesvol samenwerkend leren (Ebbens, Ettenkoven, 2009). Hierbij richt ik me op positieve wederzijdse afhankelijkheid (rollenverdeling bij samenwerking), individuele aanspreekbaarheid (wisselende rolverdeling om geen meelifters te krijgen, bij vergaderen krijgen ze allemaal een rol/taak en bij de stap check en feedback individuele aanspreekbaarheid toepassen), directe interactie (goede tafelsetting) en sociale vaardigheden. Om de hersens op een hoger niveau te laten functioneren (dit levert verhoging van de leeropbrengst) zijn daar volgens Gardner (Ebbens, Ettenkoven, 2009) altijd meerdere intelligenties voor nodig. In mijn lessenserie wil ik elke les minstens twee verschillende intelligenties gebruiken om dit te stimuleren. Literatuur Ebbens, S. & Ettekoven, S. (2009). Effectief leren, basisboek. Groningen: Noordhoff Uitgevers. Kneppers, L. (2009). Conceptgericht en contextgericht economieonderwijs, Landelijk Expertisecentrum Economie en Handel, Amsterdam. Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 MDA s Lesmateriaal Docentenhandleiding
Bijlage 1 MDA Docent: Marlinda Steltenpool Lesonderwerp Beginsituatie Leskern 1 (lesdoelen) Docentdoelen Boek (+ blz.) Media, spullen, hulp Datum: 17 april 2013 Leidinggeven Tijd: 60 minuten Klas: 4 VWO Aantal lln: 27 Dit is de eerste les van mijn lesontwerp van vier lessen. hebben vanaf januari 2013 voor het eerst M&O. kunnen aan het eind van de les het begrip leiderschapsstijlen en weten de verschillende leiderschapsstijlen; autocratisch leiderschap, democratisch leiderschap, laissez-faire leiderschap, ondersteunend leiderschap, flexibel leiderschap. kunnen aan het eind van de les de term managerial grid en begrijpen het schema over managerial grid. Omdat de leerlingen saaie lessen verwachten wil ik ze enthousiast maken over dit onderwerp en over de huidige werken/leren. procesmatig begeleiden om zo uit zichzelf op de concepten te komen. Uiteindelijk de contexten aan de concepten koppelen. Reuver, W. de & Vlimmeren, S. van (2008). Management en Organisatie in balans theorieboek 1a. Baarn ThiemeMeulenhoff, p 92 t/m 96 Foto s van wereldleiders, flip-over papier, stiften en leerlingopdrachten Tijd Fase Lesdoel 2 Wat ik doe en (letterlijk) zeg 5 1 Introductie les Ik heet de leerlingen welkom. We gaan beginnen met lessen over interne organisatie en personeelsbeleid en ik wijs erop dat we de komende 4 lessen anders werken dan we gewend zijn. Absenten in magister zetten Wat zij doen (werkvorm) zitten. Leeractiviteit Noem specifieke! luisteren. 10 2 Instrueren Ik leg opdracht 1 uit. In elk groepje zit een schrijver, een controleur, een kapitein en een tijdbewaker. Deze rollen zullen per les wisselen. Ik laat de leerlingen in groepjes van vier zitten, ze mogen zelf groepjes formeren Ik deel het lesmateriaal uit. formeren de groepjes en verdelen de rollen en denken na. 2 3 Check en feedback Ik stel controlevragen om te kijken of de uitleg duidelijk leveren input begrijpen de
is. opdracht en de rolverdeling. 23 4+5 Verwerking instrueren en begeleiden Ze kunnen aan opdracht 1 beginnen. Zelf zal ik rondlopen bij de groepjes om te kijken of het denkproces goed loopt en of ik procesmatig moet bijsturen in de richting van leiderschapsstijlen. Dit doe ik middels het stellen van vragen bij de groepjes. Ik zet de tijd (aflopend) op het bord en bekijk welke groepjes (individuele aanspreekbaarheid) hun werk gaan presenteren. 2 a 3 groepjes gaan presenteren. werken samen aan de opdracht en presenteren hun gemaakte flip-over beoordelen hun docenten en leggen hun keuzes aan elkaar uit. Tevens plannen ze. 13 2 Informeren over de begrippen Tussen de presentaties door leg ik de link naar de leiderschapsstijlen (ik schrijf deze op het bord) en het begrip Managerial grid (teken ik uit) en plaats de verschillende docenten in dit model mbv de leerlingen plaatsen de docenten in het model. luisteren, beargumenteren en classificeren. 2 3 Check en feedback Ik stel (met gebruikmaking van individuele aanspreekbaarheid) controlevragen om te kijken of de uitleg duidelijk is. leveren input begrijpen de stof en kunnen de leiderschapsstijl en benoemen en snappen het model managerial grid. 5 6 Afronden en huiswerkopgave geven Ik vraag ze de verschillende leiderschapsstijlen (autocratisch leiderschap, democratisch leiderschap, laissez-faire leiderschap, ondersteunend leiderschap, flexibel leiderschap) te rangschikken naar de leiderschapsstijl die het meest bij zichzelf past tot welke het minst past. Iedereen doet dit individueel. Daarna vraag ik naar de rangschikking van een aantal leerlingen. Ik vat werken individueel, daarna wisselen ze uit. Als laatste noteren ze het huiswerk. rangschikken.
de les samen en geef de huiswerkopdracht. Docent: Marlinda Steltenpool Lesonderwerp Datum: 22 april 2013 Communicatie Tijd: 60 minuten Klas: 4 VWO Aantal lln: 27 Beginsituatie zullen ongetwijfeld wel eens gehoord hebben van het begrip communicatie. begrijpen aan het eind van de les het ZMBO-model kunnen aan het eind van de les de begrippen Leskern 3 (lesdoelen) referentiekader, feedback, interne ruis, non intentionele ruis, intentionele ruis, redundantie, non verbaal, top down en bottum up. Omdat de leerlingen saaie lessen verwachten wil ik ze enthousiast maken over dit onderwerp en over het huidige werken. Ik wil deze les nogmaals aandacht besteden aan het stappenplan Docentdoelen welke de leerlingen moeten gebruiken om een probleem op te lossen. procesmatig begeleiden om zo uit zichzelf op de concepten te komen. Boek (+ blz.) Reuver, W. de & Vlimmeren, S. van (2008). Management en Organisatie in balans theorieboek 1a. Baarn ThiemeMeulenhoff, p 103 t/m 113 Media, spullen, hulp http://youtu.be/dbwvaxr9taw en leerlingopdrachten Tijd Fase Lesdoel 4 Wat ik doe en (letterlijk) zeg Leeractivite specifieke! Wat zij doen it (werkvorm) Noem 3 1 Introductie les Ik heet de leerlingen welkom en laat ze in de groepjes zitten. Absenten in magister zetten gaan in groepjes zitten en luisteren. luisteren. 5 2 Instrueren Ik benadruk de rolverdeling (wisselend). Ik geeft de leerlingen het lesmateriaal voor vandaag en geef aan dat de leerlingen opdracht 1 goed moeten doorlezen. nemen de opdracht individueel door. luisteren, lezen en denken na. 2 3 Check en feedback Ik stel controlevragen (met gebruikmaking van individuele aanspreekbaarheid) om te kijken of de opdracht duidelijk is. leveren input begrijpen de opdracht.
10 4+5 Verwerking instrueren en begeleiden Ik laat het filmpje zien en de leerlingen beginnen aan hun opdracht. http://youtu.be/dbwvaxr9taw Ik zet de tijd (aflopend) op het bord Ik zal rondlopen om te kijken of het denkproces goed loopt en of ik procesmatig moet bijsturen in de richting van communicatie, ruis, zender, ontvanger etc. Dit doe ik middels het stellen van vragen bij de groepjes. kijken naar de film en beginnen aan hun opdracht. Ze werken samen en schrijven hun antwoorden op. analyseren het filmpje en zien patronen met betrekking tot de communicati e. 8 2 Informeren over de begrippen Nadat de leerlingen het probleem hebben beschreven ga ik klassikaal (per groepje) inventariseren wat ze het probleem vonden. Hierna vraag ik klassikaal wat er verbeterd moet worden om een goede communicatie te krijgen. Ik som dit op op het bord. Ik zal de concepten en begrippen (ZMBO-model, referentiekader, feedback, interne ruis, non intentionele ruis, intentionele ruis, redundantie en non verbaal) koppelen aan de antwoorden. geven antwoord op vragen en luisteren. verklaren en beredeneren hun opmerkingen en vergelijken deze met de theorie. 2 3 Check en feedback Na de uitleg stel ik vragen (met gebruikmaking van individuele aanspreekbaarheid) om te kijken of de leerlingen de begrippen begrijpen. krijgen willekeurig een beurt en geven antwoord op vragen. kunnen de begrippen en begrijpen het ZMBO model en begrijpen de begrippen. 5 2 Instrueren Ik kom terug op het huiswerk en vat kort samen. We gaan verder met de tweede opdracht. De leerlingen gaan een rollenspel maken over de docent uit de vorige les. Ik vertel kort wat opdracht 2 inhoudt. geven input. luisteren 1 3 Check en feedback Ik vraag of iedereen de opdracht heeft begrepen. leveren input. begrijpen de opdracht. 20 4+5 Verwerking instrueren gaan hun rollenspel bedenken en indien gaan in groepjes een creëren een
en begeleiden nodig gaan ze hiervoor de klas uit. Na 8 minuten beginnen we de rollenspellen te spelen. Ik zet de tijd (aflopend) op het bord Zodra de docent wordt geraden door een groepje stopt het rollenspel en begint de volgende groep, elk groepje mag maar 1 keer raden bij een rollenspel. Het groepje welke het meeste goed heeft geraden is de winnaar. We spreken af dat, als je het weet, je je hand opsteekt zodat je een beurt krijgt. rollenspel maken en spelen. Andere leerlingen mogen raden. rollenspel over hun docent en voeren dit uit. De kijkende leerlingen benoemen de docenten. 5 6 Afronden en huiswerkopgave geven Ik vat de les samen, stel vragen en geef het huiswerk op aan de leerlingen en rond de les af. luisteren, geven input en noteren het huiswerk. begrijpen de stof en kennen de begrippen.
Docent: Marlinda Steltenpool Lesonderwerp Beginsituatie Leskern 5 (lesdoelen) Docentdoelen Boek (+ blz.) Media, spullen, hulp Datum: 24 april 2013 vergadertechnieken Tijd: 60 minuten Klas: 4 VWO Aantal lln: 27 Er zullen maar weinig leerlingen zijn die een vergadering hebben bijgewoond, misschien wel een bij een sportvereniging? weten aan het einde van de les hoe je een vergadering moet voorbreiden (inclusief uitnodiging en agenda) en kunnen de begrippen notulen en agenda. kunnen de (basis) regels voor vergaderen beschrijven en weten de rollen en de taken van de voorzitter, de notulist, en de deelnemers aan het einde van de les. Omdat de leerlingen saaie lessen verwachten wil ik ze enthousiast maken over dit onderwerp en over het huidige werken. De procesmatig begeleiden om zo uit zichzelf op de concepten te komen. Reuver, W. de & Vlimmeren, S. van (2008). Management en Organisatie in balans theorieboek 1a. Baarn ThiemeMeulenhoff, p 129 t/m 132 Leerlingopdrachten en lekkers mee. Tijd Fase Lesdoel 6 Wat ik doe en (letterlijk) zeg 3 1 Introductie les welkom heten en vraag of er nog vragen over het huiswerk waren. Absenten in magister zetten Wat zij doen (werkvorm) zitten, luisteren en geven feedback op het huiswerk. Leeractiviteit Noem specifieke! benoemen hun opmerkingen van het huiswerk 7 2 Instrueren Ik nummer de leerlingen en laat de leerlingen daarna en binnen en een buitenring formeren Ik vertel de leerlingen (opdracht 1) dat hun klas een verkiezing mag organiseren over de leukste docent van de school! Hierover gaan ze vergaderen. Ik geeft de leerlingen hun lesmateriaal zodat ze hun opdracht door kunnen lezen. Ik stuur de nummers 2 naar de gang en geeft ik de vergaderende groep allemaal een leerjaar welke ze vertegenwoordigen. Daarna ga ik de leerlingen in de gang instrueren en luisteren naar de instructie, lezen hun opdracht en zetten de tafels en stoelen in de juiste positie. luisteren, lezen en denken na.
geeft ze de lijst wat gebeurd er tijdens de vergadering. Ik geef aan dat ze moeten opschrijven wat ze zien en dat ze dit niet aan de andere groep moeten laten zien/ vertellen. Iedereen gaat terug naar de klas. De stoelen en tafels worden in 2 kringen gezet. 2 3 Check en feedback Ik stel per groep (als ze niet bij elkaar zijn, dus op de gang en in het lokaal)) controlevragen om te kijken of de uitleg duidelijk is. geven input. begrijpen de opdracht. 15 4+5 Verwerking instrueren en begeleiden Ik laat de vergadering zonder enige voorbereiding beginnen en laat ze even lekker vergaderen. De buitenste ring observeert. Na 5 minuten stop ik de vergadering (tijdelijk) en vraag ik naar de reacties van de vergaderende en observerende leerlingen. Hier stuur ik procesmatig naar de concepten. Hierna laat ik de groep weer verder gaan. Na 5 minuten stop ik weer en vraag weer om de reacties van de toeschouwers en vergaderaars. Ik verwacht dat hier nog meer tips komen om de vergadering beter te laten verlopen. We gaan weer verder en afhankelijk van hoe het gaat zal ik de vergadering nogmaals stopzetten. Na maximaal15 minuten stop ik de vergadering De helft van de leerlingen gaat vergaderen, de andere helft observeert. Tijdens het stopzetten van de vergadering luisteren de leerlingen en reageren ze op vragen. spreken, beschrijven, beredeneren, concluderen, vatten samen en evalueren. 5 2 Informeren over de begrippen Klassikaal gaan we verder en uiteindelijk komen er uit de analyse van de vergadering voorwaarden uit om goed te kunnen vergaderen. Ik zal de concepten hiervan geven input. analyseren, beredeneren, leggen uit. Ze begrijpen de begrippen, de rollen en de
bespreken (agenda, notulen,voorzitter, notulist, deelnemers en de voorbereiding en regels van een vergaderen) vergadervoorw aarden voor goed vergaderen. 1 3 Check en feedback Ik vraag of iedereen het heeft begrepen en stel vragen aan leerlingen. antwoorden. begrijpen de concepten 3 2 Instrueren Ik geef aan dat de leerlingen kunnen beginnen met opgave 2, ze werken hierbij in hun oude groepje. Ze moeten een rap te maken over goed vergaderen. luisteren luisteren. 2 3 Check en feedback Ik stel klassikaal vragen (met gebruikmaking van individuele aanspreekbaarheid) om te kijken of de leerlingen de opdracht begrijpen. leveren input begrijpen de opdracht. 19 4+5 Verwerking instrueren en begeleiden De groepen zetten hun tafels weer terug in groepjes. stellen zelf hun rap samen en gaan daarna achter elkaar de rap zingen/opzeggen. Wie de mooiste rap heeft krijgt een beloning. zijn creatief bezig en bedenken de rap. Daarna zingen/zeggen ze de rap voor de klas op. creëren een rap. 3 6 Afronden en huiswerkopgave geven Ik vraag de leerlingen (kort) op te schrijven wat ze hebben geleerd over vergaderen. Als ze dit hebben opgeschreven vraag ik een aantal leerlingen dit te vertellen. Ik sluit de les af en geef het huiswerk op. schrijven, geven input en noteren het huiswerk. begrijpen hoe je een vergadering moet organiseren en kennen de rollen van de deelnemers en de begrippen.
Docent: Marlinda Steltenpool Datum:6 mei 2013 Tijd: 60 minuten Klas: 4 VWO Aantal lln: 27 Lesonderwerp personeelszaken Beginsituatie Leskern 7 (lesdoelen) Docentdoelen Boek (+ blz.) Media, spullen, hulp hebben misschien ervaring met solliciteren. weten aan het einde van de les wat er bij de werving van personeel komt kijken. kunnen de begrippen; promotiebeleid, vaste dienst, flexbanen, ZZP ers, werving en selectie, headhunter, referenties, sollicitatiegesprek, functioneringsgesprek en beoordelingsgesprek. Omdat de leerlingen saaie lessen verwachten wil ik ze enthousiast maken over dit onderwerp en over het huidige werken. De procesmatig begeleiden om zo uit zichzelf op de concepten te komen. Reuver, W. de & Vlimmeren, S. van (2008). Management en Organisatie in balans theorieboek 1a. Baarn ThiemeMeulenhoff, p 140 t/m 144 Leerlingopdrachten, personeelsfunctionaris uitnodigen, http://www.youtube.com/watch?v=j5ftu3nbive&feature=sha re&list=flcbzr8og5s805vznj576gkw Tijd Fase Lesdoel 8 Wat ik doe en (letterlijk) zeg 10 1 Introductie les welkom heten en vraag of er nog vragen over het huiswerk waren. mogen weer in hun groepje gaan zitten en de rollen verdelen. Ik vertel dat de leerlingen een filmpje te zien krijgen over een sollicitatiegesprek (aandachtsrichter). Ik vraag ze op te schrijven welke vragen er worden gesteld aan de sollicitant. http://www.youtube.com/ watch?v=j5ftu3nbive&fea ture=share&list=flcbzr8o G5S805VZNj576gkw Absenten in magister zetten Wat zij doen (werkvorm) luisteren, geven feedback op het huiswerk en maken groepjes (ook tafels en stoelen). Ze kijken naar de film en schrijven de vragen op. Leeractiviteit Noem specifieke! begrijpen de begrippen van het huiswerk (notulen en agenda). kijken en luisteren naar het filmpje en schrijven de vragen op. 3 2 Instrueren Ik vertel de leerlingen de inhoud van opdracht 1. Ze moeten per groepje minimaal 10 vragen bedenken en opschrijven denken na. luisteren.
2 3 Check en feedback Ik stel controlevragen om te kijken of de uitleg duidelijk is. geven input. begrijpen de opdracht. 30 4+5 Verwerking instrueren en begeleiden Ik zet de leerlingen aan opdracht 1 en loop langs de groepjes om eventuele vragen te beantwoorden. De personeelsfunctionaris zal 20 minuten in de klas komen om de vragen te beantwoorden. Ik zal de groepjes om beurten aan het woord laten komen. werken in hun groepje, verzinnen de vragen en schrijven ze op. gaan de personeelsfunctio naris interviewen en schrijven de antwoorden op. creëren vragen en verklaren hun keuzes. benoemen vertellen en schrijven. 10 2 Informeren over de begrippen Klassikaal gaan we verder waarbij ik de begrippen ga doornemen (om te checken of ze aan bod zijn gekomen) promotiebeleid, vaste dienst, flexbanen, ZZP ers, werving en selectie, headhunter, referenties, sollicitatiegesprek, psychotechnisch onderzoek, functioneringsen beoordelingsgesprek. leveren input begrijpen en de begrippen en weten wat er bij de werving van personeel komt kijken. 5 6 Afronden en huiswerkopgave geven Ik vat de les samen, stel vragen en geef het huiswerk op en sluit de les af. luisteren, geven input en noteren het huiswerk. kennen de begrippen.
Bijlage 2 Lesmateriaal Lesmateriaal les1 Voordat jullie beginnen verdelen jullie de rollen. In elk groepje zit een schrijver, een controleur, een kapitein en een tijdbewaker. Deze rollen wisselen jullie de komende vier lessen. Schrijver: Kapitein: Controleur: Tijdbewaker: Opdracht 1 Jullie krijgen les van verschillende docenten. Hoe komt het dat ondanks het feit dat alle docenten lesgeven, ze toch allemaal anders voor de klas staan en alle docenten de klas weer anders benaderen? Bedenk dit voor jezelf voor 4 docenten en schrijf op waardoor je denkt dat dit komt. Hierna vertel je om beurten wat je hebt opgeschreven aan de andere groepsleden en licht je dit toe. Daarna kies je gezamenlijk 4 docenten welke jullie gaan uitwerken. Je zou kunnen denken aan karaktereigenschappen van de docent. Schrijf je antwoorden van de 4 docenten op flip over papier. Jullie hebben hier totaal 15 minuten de tijd voor Als jullie dit klaar hebben zal de docent een aantal van de groepjes vragen hun flip over toe te lichten voor de klas, per groepje mag dit maximaal 2 minuten duren en dit gebeurt door maximaal 2 groepsleden.
Huiswerkopdracht Hieronder staan vier gezichten van (wereld) leiders. Geef aan waar deze leiders zich bevinden in de managerial gird. Leg je keuzes uit, bespreek dit met je groepje en teken het model met daarin de posities van de verschillende leiders.
Lesmateriaal les 2 Schrijver: Kapitein: Controleur: Tijdbewaker: Opdracht 1 Jullie krijgen een filmpje te zien. Het is een kort filmpje in 4 delen. Het gaat over een hotel met een eigenaar de heer Fawlty, zijn spaanse medewerker Manual, zijn vrouw Basil en een vrouwelijk klant. Ze werken samen in een hotel maar niet alles verloopt vlekkeloos. Wat zijn volgens jouw/jullie de problemen die er in dit stuk zijn en wie heeft die problemen? Schrijf tijdens de film zelf op wat je opvalt aan de film en bespreek dit na de film met de groepsleden. Schrijf jullie antwoorden op een groot vel. Splits je antwoorden in de 4 filmdelen. Jullie krijgen hiervoor 10 minuten de tijd. Hierna worden de antwoorden met elkaar vergeleken en kunnen jullie de antwoorden verklaren. Opdracht 2 Maak een rollenspel over de communicatie van een van de docent waarvan je de leiderschapsstijl in de vorige les hebt bepaald. Elk groepje verzint een rollenspel van maximaal 2 minuten, jullie mogen dit rollenspel zelf invullen maar iedereen heeft een rol. Duidelijk moet worden wat de communicatie van de docent is en hoe de leerling hier op reageert zodat de leerlingen in de andere groepen kunnen raden welke docent het is. Jullie krijgen hiervoor 8 minuten de tijd daarna beginnen we. We gaan achter elkaar de rollenspellen spelen en zodra een groep raadt welke docent het is stopt het rollenspel en begint de volgende groep. De groep mag maar 1 keer raden per rollenspel en wie de meeste goed heeft geraden is het winnende groepje. We spreken af dat je je hand opsteekt als je het weet! Huiswerkopdracht Zoek op wat top down communicatie en bottum up communicatie is en verzin bij beide een praktijk voorbeeld in de school.
Lesmateriaal les 3 Schrijver: Kapitein: Controleur: Tijdbewaker: Opdracht 1 De school wil een verkiezing houden van de leukste docent van de school! Jullie zijn aangewezen om deze verkiezing voor de hele school te organiseren en jullie hebben hier veel zin in want het gaat een top verkiezing worden! Vandaag begint de eerste vergadering. De nummers 1 vormen de binnenring en gaan vergaderen. De nummers 2 vormen de buitenring en krijgen een aparte instructie van de docent. De nummers 1 starten en gaan met z n allen vergaderen over de leukste docent verkiezing. Jullie zijn met een grote groep dus denk erom dat een en ander goed verloopt! Veel succes! Opdracht 2 Jullie mogen met je groepje een rap maken over de regels van vergaderen. Hier krijgen jullie 8 minuten de tijd voor en daarna gaat alle groepen achter elkaar de rap zingen/ zeggen. De rap moet minstens uit 8 zinnen bestaan! Wie de mooiste rap heeft krijgt wat lekkers! Huiswerkopdracht De nummers 1 maken een agenda voor de volgende vergadering en de nummers 2 schrijven korte notulen van de vergadering.
Opdracht nummers 2 Wie gaat wat opschrijven? Wat gebeurt er bij de vergadering? Is er iemand die de leiding neemt? Welke beslissingen worden er genomen? Doet iedereen mee? Welke afspraken worden er gemaakt? Luisteren ze naar elkaar? Hoe is de orde tijdens de vergadering? Welke punten worden niet behandeld? Wat gebeurt er op het einde?
Lesmateriaal les 4 Schrijver: Kapitein: Controleur: Tijdbewaker: Opdracht 1 Deze les gaat over personeelsbeleid. Er is een docent langdurig ziek en de school zet een vacature uit voor een nieuwe docent. Ze denken dat de huidige docent er volgend schooljaar wel weer is maar dit weten ze niet zeker. Hoe pakt de school dit aan? Waar letten ze op? Jullie mogen de personeelsfunctionaris interviewen die over een kwartier in de klas komt. Jullie krijgen tot die tijd de tijd om in groepjes vragen te bedenken aan de personeelsfunctionaris. Jullie moeten minstens 10 vragen bedenken (en iedereen noteert deze) en krijgen hiervoor 10 minuten de tijd. Zorg dat jullie tijdens het interview antwoord krijgen op al jullie vragen! Denk aan jullie rolverdeling en het stappenplan. Huiswerkopdracht Werk de antwoorden op jullie vragen uit, de volgende les gaan we deze doornemen.
Bijlage 3 Docentenhandleiding Inleiding Ik ga in de docentenhandleiding uit van bekendheid met de school en de inhoud van de stof. Bij deze lessenserie wordt er geen gebruik gemaakt van de methode maar van korte context opdrachten met open vragen. De begrippen uit de methode gebruik ik wel zodat hier herkenning plaatsvindt voor de leerlingen indien ze het boek zelf gaan doornemen. Ook voor het huiswerk wordt er geen gebruik gemaakt van de methode. De lessen zijn zo ingericht dat de leerlingen vanuit een herkenbare en aanspreekbare context middels probleemoplossingstaken via procesmatige begeleiding uiteindelijk op de abstracte concepten komen. Hierbij maak je ook gebruik van meervoudige intelligenties om zo de motivatie te verhogen, het is belangrijk dat jij als docent het geheel enthousiast en levendig overbrengt. De rol van de docent is om het geheel procesmatig te begeleiding zodat de leerlingen uiteindelijk op de abstracte concepten komen. Dit betekent dat het de bedoeling is dat de leerlingen zelf nadenken en met elkaar praten om zo tot de antwoorden te komen. Als docent begeleid je door het stellen van vragen richting de juiste concepten. De verwachting is dat de leerlingen door de ervaring en handvaten uiteindelijk minder begeleiding nodig hebben in de laatste lessen van de serie. Om de samenwerking te bevorderen: Werken we in groepjes (van vier) waar ieder een rol krijgt zodat er wederzijdse afhankelijkheid ontstaat. Deze rol rouleert tijdens de verschillende lessen zodat iedereen aan de beurt komt. Tijdens de vergadering (les 3) gelden deze rollen niet. Is de tafelindeling zo dat de groepsleden elkaar goed kunnen zien en aanspreken? Moeten de leerlingen individueel aanspreekbaar zijn. De leden van het groepje moeten aanspreekbaar zijn op hun bijdrage aan het groepje zodat er geen meelifters zijn. Moeten de sociale vaardigheden worden aangesproken van de groepsleden. Voor deze lessen zijn uitgebreide MDA s en lesmateriaal gemaakt. Hieronder volgen de lesbeschrijvingen voor jou als docent.
Les 1 leiderschap kunnen na de les de begrippen: autocratisch leiderschap, democratisch leiderschap, laissez faire leiderschap, ondersteunend leiderschap, flexibel leiderschap en managerial grid. Na een woord van welkom vertel je dat er de komende 4 lessen op een ander manier gewerkt gaat worden en dat je het boek gaat loslaten. Hierna laat je de leerlingen groepjes van 4 vormen en laat je ze de rollen (schrijver, controleur, kapitein en tijdsbewaker) in het groepje verdelen. Zeg hierbij dat de rollen gaan rouleren de komende 4 lessen. Je legt de opdracht kort uit en deelt het lesmateriaal uit, de leerlingen kunnen beginnen aan opdracht 1. Controleer hierna nog even of de opdracht duidelijk is. Tijdens de opdracht is het de bedoeling dat je rond gaat lopen en bij de verschillende groepjes informeert naar de voorgang. Probeer hierbij vragen te stellen die richting de concepten gaan om ze de goede richting op te laten gaan. Tussen het presenteren van de uitkomsten leg je als docent de link naar de concepten en schrijf deze op het bord, ook teken je hier het model van de managerial grid en laat je de leerlingen de docenten plaatsen in het model. Na de presentaties en jouw toelichting van de concepten controleer je of de leerlingen je uitleg hebben begrepen. Je rond je les af en laat de leerlingen de leiderschapsstijlen rangschikken naar eigen inzicht. (welke stijl past het beste bij mij en welke niet). Je geeft als iedereen het heeft opgeschreven een aantal leerlingen het woord om hun rangschikking uit te leggen. Je eindigt de les met het geven van de huiswerkopdracht. Les 2 communicatie kunnen na de les de begrippen: referentiekader, feedback, interne ruis, non intentionele ruis, intentionele ruis, redunantie, non verbaal, top down en bottum up. Daarnaast begrijpen ze aan het einde van de les het ZMBO model. Je heet de leerlingen welkom en benadruk de rolverdeling. Je legt de opdracht kort uit en deelt het lesmateriaal uit. Nadat de leerlingen de opdracht hebben gelezen stel je controlevragen om te kijken of de opdracht duidelijk is. Je zet het filmpje (http://youtu.be/dbwvaxr9taw) aan en stopt tussen de verschillende fragmenten het filmpje zodat iedereen zijn aantekeningen kan maken. Daarna gaan de leerlingen met elkaar de opdracht bespreken. Om de tijd te bewaken zet je een aflopende tijdklok op het bord. Tijdens de opdracht loop je rond en stuur je procesmatig naar de concepten. Als de tijd om is en de leerlingen het probleem hebben beschreven ga je dit klassikaal inventariseren. Koppel de antwoorden aan de concepten en leg dit verder uit. Controleer hierna individuele leerlingen klassikaal om te kijken of ze de begrippen begrijpen. Alvorens je met de volgende opdracht (rollenspel) begint kom je terug op het huiswerk en vat je dit samen met de leerlingen. Hierna leg je de link naar opdracht 2 en leg je deze uit. Je verifieert of iedereen de opdracht heeft begrepen. Daarna zet je de tijdklok aan en gaan de leerlingen hun rollenspel maken. Als de tijd om is, spelen de groepjes hun rollenspel. Als iemand weet welke docent het betreft steekt hij zijn vinger op. Indien dit
juist is stopt het rollenspel en mag de volgende beginnen. Elke groep mag maar een keer raden per rollenspel, de groep welke het meeste heeft goed geraden is de winnaar. Tot slot vat je de les samen, stelt feedback vragen en sluit je hem af. Les 3 vergadertechnieken weten na de les hoe je een vergadering moet voorbereiden en kunnen de begrippen notulen en agenda. Verder kunnen ze aan het einde van de les de regels van vergaderen beschrijven en weten de rollen en taken van de voorzitter, de notulist en de deelnemers. Je heet de leerlingen welkom en vraagt of er nog vragen over het huiswerk zijn. Daarna begin je met de les en je nummert de leerlingen (1 en 2), laat een buitenkring en binnenkring ontstaan en zet ook de stoelen en tafels op deze wijze neer. Je vertelt opdracht 1 aan de leerlingen en geeft ze het lesmateriaal. De nummers 1 blijven in het lokaal, de nummers 2 stuur je even naar de gang. Tegen de nummers 1 vertel je dat ze gaan vergaderen en dat iedereen een leerjaar vertegenwoordigd (mavo 1 t/m 4, havo 1 t/m 5 en vwo 1 t/m 6), deze rollen verdeel je. Daarna ga je de leerlingen op de gang instrueren. Ze moeten de vergadering observeren en je geeft ze de lijst met Wat gebeurt er tijdens de vergadering. Deze lijst moeten ze vullen. Je komt allemaal weer terug in de klas en laat de leerlingen vergaderen en observeren. Na een minuut of vijf leg je het geheel stil en vraag je aan de observerende (deze mogen in het begin niet te veel zeggen) en de vergaderende leerlingen wat ze is opgevallen. Jij stuurt hierbij procesmatig en stelt vragen in de richting van de concepten. Daarna laat je de vergadering verder gaan. Dit doe je totdat de meeste concepten ter spraken zijn gekomen, je stopt na 15 minuten. Hierna ga je klassikaal verder en informeer je over de begrippen waarna je checkt of iedereen dit heeft begrepen. Je gaat verder met opdracht 2 en laat de kleine groepjes met rolverdeling weer ontstaan. Je legt de opgave uit en vraagt of iedereen het heeft begrepen. Ook vertel je dat er wat gewonnen kan worden. Hierna gaan de leerlingen aan het werk en om beurten zingen/zeggen de groepjes hun rap, de mooiste rap (jij bent de jury) verdient een beloning. Tot slot vat je de les samen, stelt feedback vragen en geef je het huiswerk op. Les 4 personeelszaken Van te voren heb je iemand van personeelszaken uitgenodigd in de les. weten aan het einde van de les wat er bij de werving van personeel komt kijken. Ze kunnen de begrippen; promotiebeleid, vast dienst, flexbanen, ZZP ers, werving en selectie, headhunter, referenties, sollicitatiegesprek, functioneringsgesprek en beoordelingsgesprek. Je heet de leerlingen welkom en vraagt of er nog vragen over het huiswerk zijn. Je laat ze weer in hun groepjes zitten en benadrukt de rolverdeling en het stappenplan waarna ze naar een filmpje gaan kijken welke je gebruikt als aandachtsrichter (Heineken The candidate) http://www.youtube.com/watch?v=j5ftu3nbive&feature=share&list=flcbzr8og5s80 5VZNj576gkw. moeten opletten en opschrijven welke vragen er worden gesteld aan de sollicitant.
Hierna leg je kort de opdracht verdeel je het lesmateriaal. Je controleert of het duidelijk is en laat de leerlingen met opdracht 1 beginnen. Na een minuut of tien zal de personeelsfunctionaris komen en krijgen de groepjes samen om de beurt de tijd om in totaal 20 minuten vragen te stellen. Hierna ga je klassikaal verder en koppel je de concepten/begrippen aan de antwoorden en vragen. Als je hiermee klaar bent controleer je door gebruik te maken van individuele aanspreekbaarheid of de begrippen duidelijk zijn geworden. Hierna rond je af, vat samen, stelt feedback vragen en geef je het huiswerk op.