Proeflessensyllabus. voortgezet technisch lezen

Vergelijkbare documenten
voortgezet technisch lezen Feest! Proeflessensyllabus Malmberg

Inhoudsopgave. Instapweek 3. Dag 1: kennismaking 4. Dag 2: organisatie 6. Dag 3: wat wordt er van de kinderen verwacht 7. Dag 4: lekker vlot lezen 10

uitbreidingspakket Ik zie de bui al hangen voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus Niveau 4 (AVI 4/AVI M4)

bovenbouwpakket Het laatste nieuws! Proeflessensyllabus Niveau 6 (AVI 6/AVI M5) voortgezet technisch lezen

Proeflessensyllabus. Niveau 3 (AVI 3/AVI M4) voortgezet technisch lezen

voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus

INVOERINGSWIJZER. voortgezet technisch lezen

voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus Ingeblikt Malmberg

voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus Niveau 8 (AVI 8/AVI M6)

Alles over. Lekker lezen. Achtergrondinformatie, bestellijsten en additionele materialen

Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken

Meer doen met de rijtjesboeken

LESMATERIAAL BOEKVERSLAG 2.0

Een overtuigende tekst schrijven

lezen veilig leren Kinderboekenweek 2010 Tips voor regio zuid Zinnen maken met woorden én beeldtaal zijn Les 1

Een uitgestorven dier beschrijven

HANDLEIDING BLOK 1, WEEK 1, LES 1 GROEP 4

2 > Kerndoelen > Aan de slag > Introductie van de manier van werken > Mogelijke werkvormen en de plaats op het rooster 27

Hoe maak ik een werkstuk?

Begrijpend luisteren. Annemarieke Kool. CPS Onderwijsontwikkeling en advies

Melkweg. Wat leert je kind? Lezen van Alfa A naar Alfa B. Taal en ouders: de basisschool

Waarom ga je schrijven: Nieuwsbegripfilmpje kijken. Wat voor tekst schrijf je en voor wie: een gedicht over Egypte

Lesdoelen De kinderen herkennen het werkwoord in een zin. Materiaal Oefenblad instaples 1 taal Antwoordblad instaples 1 taal. Lesduur 25 minuten

Waarom ga je schrijven: Nieuwsbegripfilmpje kijken. Wat voor tekst schrijf je en voor wie: een gedicht over Egypte

Start met voorlezen van het verhaal. De kinderen kunnen lekker luisteren en griezelen, of lachen.

Voorbereiding activiteit

Handleiding voor: * spreekbeurt * nieuwskring * leeskring * website * voorlezen

Voorlezen is leuk en nuttig. Maar hoe doe je dat eigenlijk, goed voorlezen? Hieronder vindt u de belangrijkste tips en trucs.

WERKEN MET VERHALEN VAN DE HODJA

Lesplan theaterlezen. Voorlezen? Herhaald lezen?

Tekst lezen en vragen stellen over de tekst

Instapmodule Niveau A2

Doel. Doelgroep. Een film in je hoofd

Instructieboek Koken. Voor de Mpower-coach

Voorbereidingsmateriaal bij voorbeeldexamens Staatsexamen NT2 Programma I

Wat weet ik al over het onderwerp? (Kennis ophalen)

Handleiding voor: * spreekbeurt * nieuwskring * leeskring * werkstuk

Uitleg bij de spellingskaartjes.

Leestips! Tip 2: Zoek een gezellige plek om samen te lezen.

Werkstuk. En natuurlijk ook spreekbeurt. Gemaakt door: Anmami Verhulvelrij Groep 7abcd

Het houden van een spreekbeurt

LESMATERIAAL BOEKVERSLAG 2.0

Dit is het begeleidende e-book bij Haas wint een Beer

Klaar met tutorlezen? Nog lang niet!

Ordening. Voor groep 6, 7 en 8 van het basisonderwijs. D M O B - B & E - j u l i

LESBRIEF GROEP THEMA: DEMOCRATIE Verwerkingsopdrachten & kopieerbladen voor Samsam nr. 2, 2017

Spreekopdrachten thema 1 Voorstellen

Voorwoord !!!! Wat heb je nodig?

Checklist Gesprek voeren 2F - handleiding

Meer leesplezier voor zwakke lezers

Checklist Sollicitatiebrief schrijven 2F - handleiding

PROEFLESSENSYLLABUS GOED GELEZEN! BEGRIJPEND EN STUDEREND LEZEN GROEP 4

Spreekopdrachten thema 3 Kinderen

Beoordeling power-point groep 5

Sportkleding beschrijven

2 Ik en autisme VOORBEELDPAGINA S

Waar zie je de bijzondere vogel en hoe ziet hij eruit?

Automatisering, oorzaken en gevolgen

Handleiding Oefensoftware Station Zuid. Versie 1.1

Een poster voor een goed doel maken

bovenbouwpakket Onder de grond voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus

Wat voor tekst schrijf je en voor wie: een gedicht voor op een poëziekaart. Hoe pak je het schrijven van een gedicht aan?

Thema Gezondheid. Lesbrief 33. In gesprek met de leerkracht.

Aquarium. Groep 6, 7 en 8 van het basisonderwijs

Inhoud. Inleiding 7. Eindverslag 86. Extra opdrachten 90. Tips voor op school 94

Lesdoelen De kinderen kunnen aanhalingstekens gebruiken.

Lesbrief. Een goeie truc Marjan Berk

Taal op niveau Spreken Op weg naar niveau

LES 1: VOORLEZEN met STRATEGIE WEEK 1.1 0, 1, 4 en 6

Samen met Jezus op weg

Thema: Weekblad Donald Duck 60 jaar. Handleiding en opgaven niveau A1. Opgave 1: Samen

Verklaren hoe planten groeien

De bedoeling van een recensie is om anderen een indruk te geven van het boek dat je gelezen hebt.

Roodkapje en haar zieke voorleesoma

Titel, plaatjes en kopjes

Deel 1: Persoonsvorm tegenwoordige tijd

Het stappenplan om snel en goed iets nieuws in te studeren

inhoud 1. Slangen 2. Een reptiel 3. Maten 4. Waar? 5. Ruiken 6. Gif 7. Wurgen 8. Hap, slik! 9. Een nieuwe jas 10. Weetjes 11. Filmpje Pluskaarten

Voor een veilige school. Handleiding en lessen. Goed Gedrag. Goed Gedrag. Bij deze handleiding hoort de usb-kaart. Goed Gedrag

RALFI. Aanpak voor (zeer) zwakke lezers.

Spreken. Les 3: Wat zeg je? De supermarkt. SPREKEN NIVEAU A1

Het boek van VISJE BLUB. Gemaakt door iedereen die op de foto staat

Het Regent Zonnestralen

Boektitels LEESLINK LESSUGGESTIE BOEKTITELS HANDLEIDING GROEP 4

Beginnerslessen. Lesbrief 42. Het inburgeringsexamen

Zorg dat je een onderwerp kiest, waarvan je echt meer wilt weten. Dat is interessanter, leuker en makkelijker om mee bezig te zijn.

Radio Vooruit! Mensen die samen muziek maken kunnen geen vijanden zijn. Een interview met een medewerker van Musicians without borders.

Document vertellen en presenteren voor de groepen 1, 2, 3 en 4. Doelen van vertellen en presenteren in groep 1 en 2:

Wielewoelewool, ik ga naar school! Toelichting

leerlingbrochure nld Door: Jolanthe Jansen

Waarom ga je schrijven: het Jeugdjournaalfilmpje bekijken. Wat voor tekst schrijf je en aan wie?

Juf Sabine en juf Maaike

Introductieles. Vogels in de klas. groep 5/6. Handleiding leerkracht. Inhoud in het kort. Kerndoelen. Lesdoelen

Toneelspelen KINDERLITERATUUR

Les 3. Familie, vrienden en buurtgenoten

Spreken. Les 6: Wat zeg je? Telefoon. SPREKEN NIVEAU A1

Lessenserie bij Goed Gelezen! VTL Pluspakket groep 4

Lesbrief. Blauw water Simone van der Vlugt

SAFARIPARK BEEKSE BERGEN

Transcriptie:

Proeflessensyllabus Niveau 5 (AVI 5/AVI E4) 511169 voortgezet technisch lezen

Inhoudsopgave pagina Lekker Lezen in het kort 3 Hoe werkt u met deze proeflessen? 4 Wat u vooraf moet weten 7 Niveau 5 w handleiding 8 w leesboek 14 w werkboek 18 w leeskaart 24 w antwoordenboek bij de leeskaarten 26 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch

Lekker Lezen in het kort Het keuzeproces voor een nieuwe methode voor voortgezet technisch lezen is een zorgvuldig traject waarbij u vaak veel informatiebronnen raadpleegt om de methode goed te kunnen beoordelen op geschiktheid voor uw school. Om een zo goed mogelijk beeld te krijgen, raden we u aan te beginnen met het doorlezen van de informatiebrochure van Lekker Lezen. Vervolgens bekijkt u de zichtzending en geeft u eventueel proeflessen. Met deze proeflessensyllabus willen we het geven van proeflessen voor u vergemakkelijken. Wij zetten daarom eerst de belangrijkste kenmerken van Lekker Lezen op een rij. Belangrijke redenen voor scholen om te kiezen voor Lekker Lezen Motiverend voor de kinderen door: w afwisseling tussen verhalende en informatieve teksten; w teksten afgestemd op de belevingswereld van AVI 1 t/m AVI 9+ en AVI M3 t/m AVI E7 *) w full-colour leesboek. Makkelijk voor de leerkracht vanwege: w eenvoudige indeling in drie leesgroepen; w per les krijgt één leesgroep instructie; w unieke handleiding geeft in één oogopslag alle benodigde instructie-aanwijzingen. Veel voortgang voor alle kinderen vanwege: w drie niveaus vooruitgang per jaar; w extra leesstof voor de zwakkere lezers; w uitdagende opdrachten op hun eigen niveau voor de betere lezers. *) door de dubbele AVI-toekenning in ieder boek en de uitleg in de handleiding kunt u op de nieuwe AVI-indeling overstappen wanneer u maar wilt! Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch

Hoe werkt u met deze proeflessen? De groepsindeling U deelt uw klas in in drie leesgroepen. w Leesgroep 1 bestaat uit kinderen die lezen op het laagste AVI-niveau in uw klas. w Leesgroep 2 bestaat uit kinderen die lezen op het één na laagste AVI-niveau. w Leesgroep 3 bestaat uit kinderen die lezen op hogere AVI-niveaus. Dit geldt zowel voor de oude AVI-niveaus als de nieuwe AVI-niveaus. U geeft de instructie in leesgroep 1 en 2 op AVI-instructieniveau. In leesgroep 3 werken de kinderen zelfstandig op hun eigen AVI-instructieniveau. Leesgroep 3 kan dus op meerdere niveaus aan het werk zijn. Het instructieniveau is altijd één niveau hoger dan het niveau dat het kind al beheerst. Voor het uitvoeren van de proeflessen in uw klas heeft u materiaal nodig op minimaal 3 niveaus. w Voor Leesgroep 1 de handleiding, leesteksten en werkboeklessen op het laagste AVI-niveau (instructieniveau). w Voor Leesgroep 2 de handleiding, leesteksten en werkboeklessen op het één na laagste AVI-niveau (instructieniveau). De bijbehorende luisterteksten kunt u downloaden via www.proeflesaudio.lekkerlezen-malmberg.nl w Voor Leesgroep 3 de leesteksten, leeskaarten en antwoordenboek op minimaal één (hoger) AVI-niveau. Hiermee kunt u een indruk krijgen van het organisatiemodel en de materialen. Overigens zit in Lekker Lezen ook een een voorstel voor de lesinvulling voor kinderen die AVI-uit zijn, maar voor deze proeflessen blijft dat buiten beschouwing. Weekschema Iedere les duurt 30 minuten. De gekleurde lessen in het schema zijn leerkrachtgebonden instructielessen voor leesgroep 1 of 2. De andere lessen werken de kinderen zelfstandig met de aangegeven materialen. Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch

Hieronder ziet u het weekschema voor de lessen. Gewoonlijk werken de kinderen zes weken aan een thema. De materialen in deze syllabus zijn voldoende voor één lesweek voor één leesgroep. U werkt in deze week driemaal met Lekker Lezen. Leesgroep 1 krijgt tweemaal per week instructie, leesgroep 2 krijgt eenmaal per week instructie en leesgroep 3 werkt volledig zelfstandig. Leesgroep 1 (werkt op laagste instructieniveau) WEEKSCHEMA DAG 1 DAG 2 DAG 3 Basisles 1 Herhalingsles 1 Basisles 2 leesboek werkboek leesboek werkboek leesboek werkboek Leesgroep 2 (werkt op één na laagste instructieniveau) Basisles 2 leesboek werkboek luister-cd Basisles 3* leesboek werkboek Herhalingsles 3* leesboek werkboek Leesgroep 3 (kinderen werken ieder op eigen instructieniveau) Leeskaarten leesboek leeskaart schrift Leeskaarten leesboek leeskaart schrift Vrij lezen boek naar keuze Deze leesgroep krijgt instructie Deze leesgroep werkt zelfstandig * Uit praktische overwegingen gebruikt u in de proeflessen Basisles 1 en Herhalingsles 1. Basisles De basislessen geeft u vanuit de handleiding ( Leswijzer, pag. 8-9 en 12-13 in deze syllabus). Daarin staat het ingevulde werkboek met daarbij de aanwijzingen voor de les. De kinderen hebben het werkboek en leesboek voor zich. U doet voor, geeft uitleg en corrigeert waar nodig. De kinderen die zelfstandig werken, gebruiken hiervoor ook werkboek en leesboek. Het fragment van de luister-cd vindt u op www.proeflesaudio.lekkerlezen-malmberg.nl Leeskaarten De leeskaarten kunnen aan één of meerdere teksten gekoppeld zijn. Elke leeskaart bevat opdrachten voor ongeveer twee lessen. Op de voorkant van de leeskaarten staan opdrachten die kinderen aanzetten tot het nauwkeurig lezen. Hierin oefenen de kinderen de leesmoeilijkheden van het betreffende niveau nog een keer op woord-, zinseen tekstniveau. Op de achterkant van de leeskaart staan gevarieerde opdrachten die betrekking hebben op de inhoud van de bijbehorende teksten. Bij elke opdracht staat een picto, zodat de kinderen weten wat er van hen verwacht wordt en zij deze kaarten zelfstandig kunnen maken. De antwoorden schrijven ze in hun schrift. Deze antwoorden kunnen ze zelf nakijken m.b.v. het antwoordenboek bij de leeskaarten, of u kijkt ze na. Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch

De picto s In de werkboeken en leeskaarten wordt gewerkt met picto s. Deze picto s ondersteunen de kinderen bij het maken van de opdrachten in het werkboek of op de leeskaarten. In Lekker Lezen worden onderstaande picto s gebruikt. Luister naar de tekst. Kijk goed wat er staat. Schrijf in je werkboek. Lees goed wat er staat. Lees in je leesboek. Hoe lang doe je er over? Werk samen met je leesmaatje. Schrijf in je schrift. Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch

Wat u vooraf moet weten U kunt snel en gemakkelijk aan de slag met proeflessen. Het fragment van de luistercd vindt u op www.proeflesaudio.lekkerlezen-malmberg.nl Normaal gesproken hoeft u geen materialen te kopiëren. Voordat u deze proeflessen gaat geven, kopieert u alleen de materialen voor de kinderen uit de syllabus. Deze zwart-wit kopieën geven een ander beeld dan de echte leerlingmaterialen die bestaan uit een leesboek, werkboek en leeskaarten in kleur. Kijk voor de voorbeelden ook nog eens in de zichtzending. En nu aan de slag! Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch

Nijlpaardenpoep Basisles 1 Gevaarlijk of alleen griezelig? Lesdoel (woord-zin-tekst) Lezen van woorden die eindigen op -ig of -lijk. Oefenen van zinnen met woorden die eindigen op -ig of -lijk. Nauwkeurig lezen van een informatieve tekst. Materiaal leesboek Nijlpaardenpoep, blz. 6 en 7 werkboek Nijlpaardenpoep, blz. 4 en 5 Woorden Geinig (grappig) Griezelig (eng) Drijven (in het water blijven zonder onder water te zakken) Het ooglid (wijs het aan) OPDRACHT 1 05 1 U leest de tekst in een normaal leestempo voor. Let op de leestekens. Lees de tekst expressief voor. De kinderen lezen met u mee. U legt zo nodig de betekenis van de woorden uit. OPDRACHT 2 05 1 Lees griezelig. De kinderen zeggen het woord na. U vertelt dat -ig wordt uitgesproken als -ug. 2 Lees gevaarlijk. De kinderen zeggen het woord na. U vertelt dat -lijk wordt uitgesproken als -luk. 3 Wie kan nog een woord verzinnen met -ig die wordt uitgesproken als -ug of met -lijk die wordt uitgesproken als -luk? OPDRACHT 3 05 1 De kinderen voeren de opdracht zoals beschreven uit. 2 U laat enkele kinderen de woorden met -ig lezen. 3 U laat enkele kinderen de woorden met -lijk lezen. 1 2 3 1 Gevaarlijk of alleen griezelig? Luister naar de tekst Gevaarlijk of alleen griezelig? Je ziet woorden op -ig en -lijk. Lees de woorden. griezelig dit woord eindigt op -ig gevaarlijk dit woord eindigt op -lijk Lees de tekst. Onderstreep de woorden met -ig zo: Onderstreep de woorden met -lijk zo: De eerste jaren groeien ze wel dertig centimeter per jaar. Het eerste jaar is heel erg gevaarlijk. Meestal overleven ze het niet. Andere dieren eten de eieren op. Ook als de kleintjes uit het ei zijn, is het niet veilig. Op de kant en in het water is er gevaar. Roofdieren en vissen kunnen hen opeten. Gruwelijk of zielig? Tja, het zijn natuurlijke vijanden. Zo gaat dat in de natuur. De meeste moeders doen hun best om hun jongen te beschermen. Ze nemen hun jong in hun bek, als ze gaan zwemmen. Dat is juist heel veilig. Raar hè? 4 handleiding, pagina 4 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 8

4 5 6 Aanwijzingen bij de les Organisatie Tijdens de basisles geeft u instructie over het leesprobleem. U legt de leesmoeilijkheid uit. U doet voor en de kinderen doen na. U controleert direct of de kinderen de uitleg goed toepassen in de oefeningen en in de tekst. In de herhalingsles oefenen de kinderen zelfstandig verder met het probleem. De betekenis van de picto s in het werkboek staat op de binnenkant van de omslag in het werkboek. Neem ze met de kinderen door en controleer of ze de betekenis kennen. Didactiek Samenwerking met een leesmaatje wordt gedaan volgens Denken Delen Uitwisselen. De leesmaatjes maken eerst de opdracht voor zichzelf. Dan lezen zij de antwoorden aan elkaar voor. Daarna vergelijken zij de antwoorden met elkaar. Lees de woordrijtjes. Eerst in je hoofd. Dan hardop. Nijlpaardenpoep griezelig dertig vrolijk duidelijk grappig bruingelig lelijk gevaarlijk kattig koudbloedig gruwelijk verschrikkelijk bezig verstandig natuurlijk vriendelijk driftig zelfstandig eindelijk redelijk Lees de zinnen zachtjes. Staat er een woord met -ig? Zet dan achter de zin één streepje. Staat er een woord met -lijk? Zet dan achter de zin twee streepjes. Je krijgt drie bonusstreepjes.... Gevaarlijk of alleen een beetje griezelig?... Laatst was ik in een prachtig museum.... Alle krokodillen zien er een beetje griezelig uit.... Krokodillen zijn koudbloedig.... Het ooglid is een doorzichtig vlies, dat ze kunnen sluiten.... Ze kunnen in het water duidelijk beter bewegen dan op het land.... Ze hebben niet veel zuurstof nodig.... In hun eerste levensjaren groeien ze wel dertig centimeter per jaar.... Maar weinig krokodillen overleven het eerste jaar.... Gruwelijk of zielig?... Tja, het zijn natuurlijke vijanden.... Klopt het dat er 20 streepjes staan? Schrijf dit getal op als een woord. twintig... Lees de tekst op bladzijde 6 en 7 uit je leesboek. OPDRACHT 4 05 1 Vraag de kinderen goed te kijken naar het woord. Kennen ze al stukjes van dit woord? Het stukje van het woord dat je al kent, kun je in één keer lezen. 2 De kinderen lezen alle woorden eerst zachtjes voor zichzelf. Daarna lezen ze de woorden hardop. Tip Als variatie kunt u om de beurt één woord uit de eerste rij lezen en één woord uit de derde rij, daarna leest u met elkaar elk tweede woord uit de tweede en de vierde rij twee keer. OPDRACHT 5 05 1 Zorg dat de kinderen de opdracht goed begrijpen. U doet zo nodig de eerste twee zinnen samen. 2 De kinderen lezen de woorden op -ig en -lijk nog een keer. Tip Als variatie laat u deze opdracht met een leesmaatje doen volgens de werkvorm Denken Delen Uitwisselen. OPDRACHT 6 05 1 De kinderen lezen zelfstandig de tekst in het leesboek. U stimuleert het vlot lezen, maar pas nadat de kinderen de tekst zonder fouten kunnen lezen. Het motto is: eerst goed, dan vlot. U leest samen met zwakke lezers. Luister naar de kinderen. Wat valt op? Maak hiervan aantekeningen. 5 Tip Geef complimenten over wat goed gaat! handleiding, pagina 5 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 9

De kinderen maken deze herhalingsles zelfstandig. Nijlpaardenpoep Herhalingsles 1 Gevaarlijk of alleen griezelig? Lesdoel (woord-zin-tekst) Vlot en correct lezen van woorden die eindigen op -ig en -lijk. Vlot en correct lezen van zinnen met woorden die eindigen op -ig of -lijk. Vlot en correct lezen van een informatieve tekst. Materiaal leesboek Nijlpaardenpoep, blz. 6 en 7 werkboek Nijlpaardenpoep, blz. 6 en 7 1 Gevaarlijk of alleen griezelig? 7 Lees de tekst op bladzijde 6 en 7 uit je leesboek. 8 9 Lees de woordrijtjes. Eerst in je hoofd. Dan hardop. Doe het om de beurt. griezelig lelijk dertig gruwelijk vrolijk zelfstandig eindelijk verstandig gevaarlijk redelijk koudbloedig kattig bruingelig vriendelijk natuurlijk bezig verschrikkelijk driftig grappig duidelijk Een krokodil heeft woorden uit de zinnen gehapt. Wat moet er staan? Vul het goede woord in. dertig koudbloedig gevaarlijk griezelig duidelijk Alle krokodillen zien er een beetje... griezelig uit. Krokodillen zijn... koudbloedig Dat betekent dat hun bloed niet vanzelf warm blijft. Het eerste levensjaar is voor krokodillen erg... gevaarlijk Ze kunnen in het water... duidelijk beter bewegen dan op het land. In hun eerste levensjaren groeien ze wel... dertig centimeter per jaar. De dikgedrukte letters vormen een woord. Vul het in.... zielig 6 handleiding, pagina 6 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 10

Aanwijzingen bij de les Organisatie In deze les werken de kinderen zelfstandig of met een leesmaatje. Dit wordt in het werkboek aangegeven door. Een leesmaatje is een kind in hetzelfde leesgroepje. De samenwerking met een leesmaatje verloopt bij voorkeur volgens de stappen Denken Delen Uitwisselen. De leesmaatjes maken eerst de opdracht voor zichzelf. Dan lezen zij de antwoorden aan elkaar voor. Daarna vergelijken zij de antwoorden met elkaar. De kinderen oefenen in iedere herhalingsles op nauwkeurig lezen waar het moet en vlot lezen waar het kan. Bij de opdrachten op de rechterbladzijde ligt de nadruk op automatiseren, op tempo, maar wel met behoud van nauwkeurigheid. Nijlpaardenpoep 10 11 12 Lees eerst de woordrijtjes voor jezelf. Lees ze dan voor. Doe het om de beurt. grappig geweldig zenuwachtig vrolijk duidelijk gebruikelijk sappig zweterig vierendertig heerlijk dadelijk verschrikkelijk Lees de zinnen. Onderstreep de woorden met -ig zo: Onderstreep de woorden met -lijk zo: Lees dan om de beurt een zin voor. Mijn moeder is vorige week vierendertig jaar geworden. Ze was duidelijk zenuwachtig van tevoren. Ik had een geweldig cadeau gemaakt. Het was grappig en verschrikkelijk tegelijk. Ze pakte het dadelijk uit en keek me vrolijk aan. Ik werd erg verdrietig, toen ik zag dat mijn krokodil eigenlijk heel plakkerig en lelijk was. Maar mijn moeder vond het geweldig. Lees de mop een paar keer. Vertel hem dan aan je leesmaatje. Er komt een krokodil in de tram. Een man kijkt hem vreemd aan. De krokodil zegt tegen de man: Heb ik iets van je aan of zo? Waarop de man zegt: Nee, maar zo vaak zie je geen krokodil in de tram. Waarop de krokodil zegt: Het zal ook wel de laatste keer zijn. Morgen is m n brommer weer gemaakt! 7 handleiding, pagina 7 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 11

Organisatiemodel 1: Leesgroep 2 werkt deze les zelfstandig door met behulp van de luister-cd of het computerprogramma. OPDRACHT 1 05 Nijlpaardenpoep Basisles 2 Krokodillenvoer Lesdoel (woord-zin-tekst) Lezen van lange en samengestelde woorden. Lezen van zinnen die op de volgende regel doorlopen. Expressief lezen van een tekst met dialogen. Materiaal leesboek Nijlpaardenpoep, blz. 8 en 9 werkboek Nijlpaardenpoep, blz. 8 en 9 kleurpotloden Woorden Loeren (stiekem naar iets kijken) De oever (de waterkant) Het voedsel (eten) Traag (langzaam) Waggelen (doe het voor) Tip Begin een les altijd met het ophalen van voorkennis en het aangeven van de lesdoelen. 1 U leest de tekst expressief voor. U laat duidelijk het verschil horen tussen dialoog en niet-dialoog. De kinderen lezen met u mee. U legt zo nodig de betekenis van de woorden uit. OPDRACHT 2 03 2 Krokodillenvoer 1 U laat zien dat krokodillenvoer uit twee woorden bestaat. 1 Luister naar de tekst Krokodillenvoer. Tip Samengestelde woorden zijn woorden die uit twee (of meer) betekenisvolle woorden bestaan. Bijvoorbeeld: krokodillen + voer = krokodillenvoer. 2 Veel lange woorden bestaan uit twee woorden. Hieronder zie je zo n lang woord. Lees het woord. krokodillen + voer = krokodillenvoer 2 De kinderen bedenken nog meer samengestelde woorden. U geeft zo nodig één woord waar ze een samengesteld woord bij bedenken. VOER OPDRACHT 3 05 1 U vraagt aan de kinderen hoe ze deze opdracht gaan aanpakken. Bespreek mogelijke aanpakken: uit het hoofd beantwoorden, snel zoeken (scannen, met de ogen over de tekst gaan) en de tekst helemaal herlezen (duurt te lang). 2 De kinderen vergelijken hun antwoord met het antwoord van hun leesmaatje. 3 U geeft de goede antwoorden. 4 U leest samen met de kinderen nog een keer de aangekruiste woorden. 8 3 krokodillen Lees de rijtjes met lange woorden. Welke woorden staan ook in de tekst? Zet een kruisje in het goede hokje. dwerghertje onderduiken klappertanden speurneuzen dwerggeitje oversteken watertanden bergreuzen handleiding, pagina 8 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 12

Aanwijzingen bij de les Organisatie Controleer of de kinderen de betekenis van de picto s in het werkboek kennen. Kinderen van leesgroep 2 die eerder klaar zijn met het werkboek kunnen een keuzetekst lezen (tekst 13, 14 en 15 in het leesboek Nijlpaardenpoep) OPDRACHT 4 03 1 De kinderen maken deze opdracht individueel. 2 U geeft een of meerdere kinderen de beurt om de antwoorden voor te lezen. 4 Didactiek De kinderen hoeven de term samengesteld woord niet te kennen. U kunt spreken over lange woorden. Bij het over de regel heen lezen is het belangrijk dat er niet na elke regel gestopt wordt. Wel kan er een minipauze genomen worden. Geef kinderen aan op welk moment in de zin ze snel kunnen kijken naar het stukje op de volgende zin. Vaak is dat tussen twee zinsdelen of bij woorden als en en of. Koorlezen: samen hardop lezen. Alle lezers uit het groepje lezen tegelijkertijd hardop. Nijlpaardenpoep Welke stukjes horen bij elkaar? Kleur die hetzelfde. Let op: soms horen er twee stukjes bij elkaar, soms drie stukjes. OPDRACHT 5 04 1 U laat de kinderen de zinnen eerst zachtjes voor zichzelf lezen. 2 U bespreekt waar de kinderen eventueel een minipauze kunnen nemen om snel al het stukje op de volgende regel te bekijken: tussen zinsdelen of bij een komma. 3 U leest de zinnen met de juiste pauzes voor. Vertel waar u de minipauze heeft genomen. 4 Laat de zinnen nog een keer lezen. U gebruikt hiervoor de techniek koorlezen. 5 uit ge ma over tussen Lees eerst de zinnen zachtjes voor jezelf. Lees ze dan hardop. kant jes vaar door stekend teit tje lijke OPDRACHT 6 05 1 De kinderen lezen de tekst eerst zachtjes voor zichzelf. Laat de kinderen daarna hardop lezen. Vraag de kinderen ook te letten op de leestekens. 2 U geeft twee kinderen de beurt om de tekst hardop te lezen. Ik zou een moord plegen voor een lekker hapje. Ik moet de krokodillen uit het water lokken, zodat ik naar de overkant kan zwemmen. Tip Als variatie kunt u een kind de rol van Kantjil laten lezen, het leesmaatje leest de rol van de krokodillen. Daarna wordt er van rol gewisseld. OPDRACHT 7 05 6 7 Lees eerst de tekst zachtjes voor jezelf. Doe het dan hardop. Kantjil: Ik weet in het woud een stevig hapje te liggen. Krokodillen: Echt waar? Kantjil: Ik lieg nooit. Ik lieg nooit voor wie me geloven wil. Krokodillen: Is er genoeg voor ons allemaal? Kantjil: Meer dan genoeg. Maar het kan zwaar op je maag liggen. Krokodillen: Geeft niet. Lees de tekst op bladzijde 8 en 9 uit je leesboek. 9 1 De kinderen lezen de tekst zelfstandig. U leest eventueel samen met de zwakke lezers. Ondersteun ze door bij het lezen van fouten direct het goede woord te zeggen. Het kind zegt het goede woord en leest de zin nog een keer. 2 U luistert naar de kinderen. Maak aantekeningen van wat opvalt. Let erop of de kinderen het verschil tussen dialoog en niet-dialoog laten horen. handleiding, pagina 9 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 13

1 Gevaarlijk of alleen griezelig? Nijlpaardenpoep 6 Heb je wel eens een spreekbeurt gehouden? Ik wel. Dat was best geinig. Dit jaar doe ik het over de krokodil. Dat vind ik een heel tof dier. Ik heb een prachtige website gevonden. Daar staat van alles over dieren. Ook voor een werkstuk of een spreekbeurt. Kijk maar wat ik al heb. Wel in mijn eigen woorden. Dat moest van de juf. Groet van Ward Het uiterlijk Krokodillen zien er wel een beetje griezelig uit. Hun ogen, neusgaten en oren zitten boven op hun kop. Zo kunnen ze zien, ruiken en horen. Ook als ze in het water drijven. Ze hebben een derde ooglid. Dat beschermt hun ogen tegen het water. Dit ooglid is een doorzichtig vlies. Dat kunnen ze sluiten. De kroko kan er wel doorheen kijken, maar er komt geen water in zijn ogen. leesboek, pagina 6 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 14

Koudbloedig Mensen zijn warmbloedig. Krokodillen zijn koudbloedig. Hun bloed blijft niet vanzelf warm. De zon houdt het warm. Daarom liggen ze vaak te zonnen. Hun lijf is bedekt met grote, sterke schubben. Dat is hun pantser. Op hun kop, rug en staart zitten richels en knobbels. Waterpret Krokodillen zijn waterdieren. Ze kunnen in het water duidelijk beter bewegen dan op het land. Ze zwemmen met hun staart door ermee te roeien. Ze hebben niet veel zuurstof nodig. Sommige soorten kunnen meer dan een uur onder water blijven. Een jong in de bek Een kroko krijgt geen levende jonkies. Het vrouwtje legt eieren. Na bijna drie maanden komen de eieren uit. De jongen zijn eerst nog heel klein. Ze groeien snel. De eerste jaren groeien ze wel dertig centimeter per jaar. Het eerste jaar is heel erg gevaarlijk. Meestal overleven ze het niet. Andere dieren eten de eieren op. Ook als de kleintjes uit het ei zijn, is het niet veilig. Op de kant en in het water is er gevaar. Roofdieren en vissen kunnen hen opeten. Gruwelijk of zielig? Tja, het zijn natuurlijke vijanden. Zo gaat dat in de natuur. De meeste moeders doen hun best om hun jongen te beschermen. Ze nemen hun jong in hun bek, als ze gaan zwemmen. Dat is juist heel veilig. Raar hè? 7 TEKST: USCHI VAN DER VELDEN BRON: WWW.NOORDERDIERENPARK.NL leesboek, pagina 7 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 15

2 Krokodillenvoer Nijlpaardenpoep 8 Om in het land van de bergreuzen te komen, moet Kantjil de rivier oversteken. Het dwerghertje kan heel goed zwemmen, maar in de rivier loeren krokodillen. Ook zij kunnen uitstekend zwemmen. Bovendien hebben zij een grotere bek dan Kantjil. Hap, slik... weg! Ik moet die krokodillen uit het water lokken, zodat ik naar de overkant kan zwemmen, denkt Kantjil. Maar hoe? Zoals altijd liggen de krokodillen te luieren. Hun smalle koppen steken net boven het water uit. Ze lijken stille eilandjes in de rivier. ( ) Met hun ( ) ogen houden de krokodillen de oevers van de rivier in de gaten. Ze bewegen zich niet. Krokodillen wachten altijd. Ze denken voortdurend aan eten. ( ) leesboek, pagina 8 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 16

Hallo, groene monsters! roept Kantjil. ( ) Waar wachten jullie op? Een van de krokodillen komt in beweging. Hij glijdt naar Kantjil toe. Wij wachten op voedsel. Wie komt jullie dat voedsel brengen? Onze hapjes komen in de rivier zwemmen of uit de rivier drinken. En dan... hap! De krokodil opent zijn bek. Kantjil ziet de dubbele rij tanden. Mooi gebitje, zegt hij, terwijl hij een paar stappen achteruit doet. Ik zou een moord plegen voor een lekker hapje, zegt de krokodil. Ik ook, klinkt het van alle kanten. Ik ook. Ik weet in het woud een stevig hapje te liggen, zegt Kantjil. De krokodillen slaan met hun staarten. Het water spat hoog op. Echt waar? vragen ze. Ik lieg nooit, zegt Kantjil. Ik lieg nooit voor wie me geloven wil. Is er genoeg voor ons allemaal? Meer dan genoeg. Maar... het kan zwaar op je maag liggen. Geeft niet. Zelfs koning Tijger is er ziek van geworden. Echt waar? ( ) Echt waar. Hoe komen we bij dat voedsel? Kantjil wijst. Jullie moeten het bospad volgen tot aan de open plek. Daar ligt de berg. Traag hijsen de krokodillen zich uit het water. Achter elkaar aan waggelen ze over het bospad. Hun staarten slepen over de grond en hun bekken staan open. ( ) Kantjil kijkt de krokodillen na. Als de laatste voorbij ( ) is, stapt hij de rivier in. 9 TEKST: PETER VERVLOED ILLUSTRATIE: MARK JURRIËNS leesboek, pagina 9 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 17

1 Gevaarlijk of alleen griezelig? 1 Luister naar de tekst Gevaarlijk of alleen griezelig? 2 Je ziet woorden op -ig en -lijk. Lees de woorden. griezelig dit woord eindigt op -ig gevaarlijk dit woord eindigt op -lijk 3 Lees de tekst. Onderstreep de woorden met -ig zo: Onderstreep de woorden met -lijk zo: De eerste jaren groeien ze wel dertig centimeter per jaar. Het eerste jaar is heel erg gevaarlijk. Meestal overleven ze het niet. Andere dieren eten de eieren op. Ook als de kleintjes uit het ei zijn, is het niet veilig. Op de kant en in het water is er gevaar. Roofdieren en vissen kunnen hen opeten. Gruwelijk of zielig? Tja, het zijn natuurlijke vijanden. Zo gaat dat in de natuur. De meeste moeders doen hun best om hun jongen te beschermen. Ze nemen hun jong in hun bek, als ze gaan zwemmen. Dat is juist heel veilig. Raar hè? 4 werkboek, pagina 4 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 18

Nijlpaardenpoep 4 5 Lees de woordrijtjes. Eerst in je hoofd. Dan hardop. griezelig dertig vrolijk duidelijk grappig bruingelig lelijk gevaarlijk kattig koudbloedig gruwelijk verschrikkelijk bezig verstandig natuurlijk vriendelijk driftig zelfstandig eindelijk redelijk Lees de zinnen zachtjes. Staat er een woord met -ig? Zet dan achter de zin één streepje. Staat er een woord met -lijk? Zet dan achter de zin twee streepjes. Je krijgt drie bonusstreepjes.... Gevaarlijk of alleen een beetje griezelig?... Laatst was ik in een prachtig museum.... Alle krokodillen zien er een beetje griezelig uit.... Krokodillen zijn koudbloedig.... Het ooglid is een doorzichtig vlies, dat ze kunnen sluiten.... Ze kunnen in het water duidelijk beter bewegen dan op het land.... Ze hebben niet veel zuurstof nodig.... In hun eerste levensjaren groeien ze wel dertig centimeter per jaar.... Maar weinig krokodillen overleven het eerste jaar.... Gruwelijk of zielig?... Tja, het zijn natuurlijke vijanden.... Klopt het dat er 20 streepjes staan? Schrijf dit getal op als een woord.... 6 Lees de tekst op bladzijde 6 en 7 uit je leesboek. 5 werkboek, pagina 5 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 19

1 Gevaarlijk of alleen griezelig? 7 Lees de tekst op bladzijde 6 en 7 uit je leesboek. 8 9 Lees de woordrijtjes. Eerst in je hoofd. Dan hardop. Doe het om de beurt. griezelig lelijk dertig gruwelijk vrolijk zelfstandig eindelijk verstandig gevaarlijk redelijk koudbloedig kattig bruingelig vriendelijk natuurlijk bezig verschrikkelijk driftig grappig duidelijk Een krokodil heeft woorden uit de zinnen gehapt. Wat moet er staan? Vul het goede woord in. dertig koudbloedig gevaarlijk griezelig duidelijk Alle krokodillen zien er een beetje... uit. Krokodillen zijn... Dat betekent dat hun bloed niet vanzelf warm blijft. Het eerste levensjaar is voor krokodillen erg... Ze kunnen in het water... beter bewegen dan op het land. In hun eerste levensjaren groeien ze wel... centimeter per jaar. De dikgedrukte letters vormen een woord. Vul het in.... 6 werkboek, pagina 6 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 20

Nijlpaardenpoep 10 11 12 Lees eerst de woordrijtjes voor jezelf. Lees ze dan voor. Doe het om de beurt. grappig geweldig zenuwachtig vrolijk duidelijk gebruikelijk sappig zweterig vierendertig heerlijk dadelijk verschrikkelijk Lees de zinnen. Onderstreep de woorden met -ig zo: Onderstreep de woorden met -lijk zo: Lees dan om de beurt een zin voor. Mijn moeder is vorige week vierendertig jaar geworden. Ze was duidelijk zenuwachtig van tevoren. Ik had een geweldig cadeau gemaakt. Het was grappig en verschrikkelijk tegelijk. Ze pakte het dadelijk uit en keek me vrolijk aan. Ik werd erg verdrietig, toen ik zag dat mijn krokodil eigenlijk heel plakkerig en lelijk was. Maar mijn moeder vond het geweldig. Lees de mop een paar keer. Vertel hem dan aan je leesmaatje. Er komt een krokodil in de tram. Een man kijkt hem vreemd aan. De krokodil zegt tegen de man: Heb ik iets van je aan of zo? Waarop de man zegt: Nee, maar zo vaak zie je geen krokodil in de tram. Waarop de krokodil zegt: Het zal ook wel de laatste keer zijn. Morgen is m n brommer weer gemaakt! 7 werkboek, pagina 7 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 21

2 Krokodillenvoer 1 Luister naar de tekst Krokodillenvoer. 2 Veel lange woorden bestaan uit twee woorden. Hieronder zie je zo n lang woord. Lees het woord. krokodillen + voer = krokodillenvoer VOER krokodillen 3 Lees de rijtjes met lange woorden. Welke woorden staan ook in de tekst? Zet een kruisje in het goede hokje. dwerghertje onderduiken klappertanden speurneuzen dwerggeitje oversteken watertanden bergreuzen 8 werkboek, pagina 8 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 22

Nijlpaardenpoep 4 Welke stukjes horen bij elkaar? Kleur die hetzelfde. Let op: soms horen er twee stukjes bij elkaar, soms drie stukjes. ge over tussen kant uit jes vaar door ma stekend teit tje lijke 5 Lees eerst de zinnen zachtjes voor jezelf. Lees ze dan hardop. Ik zou een moord plegen voor een lekker hapje. Ik moet de krokodillen uit het water lokken, zodat ik naar de overkant kan zwemmen. 6 7 Lees eerst de tekst zachtjes voor jezelf. Doe het dan hardop. Kantjil: Ik weet in het woud een stevig hapje te liggen. Krokodillen: Echt waar? Kantjil: Ik lieg nooit. Ik lieg nooit voor wie me geloven wil. Krokodillen: Is er genoeg voor ons allemaal? Kantjil: Meer dan genoeg. Maar het kan zwaar op je maag liggen. Krokodillen: Geeft niet. Lees de tekst op bladzijde 8 en 9 uit je leesboek. 9 werkboek, pagina 9 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 23

1 2 3 4 5 6 Krokodillen en zo Lees de tekst Gevaarlijk of alleen griezelig? op bladzijde 6 en 7 van je leesboek. Zoek vijf woorden met -lijk(e) en vijf woorden met -ig(e). Denk aan de woorden gevaarlijk en griezelig. Tel de woorden met -lijk(e) en de woorden met -ig(e). Waarvan zijn de meeste? Schrijf dit op in je schrift. Lees de woorden met -ig(e) en -lijk(e). Schrijf alleen die woorden op die ook in de tekst staan. ellendig vreselijk doorzichtig natuurlijke duidelijk onvriendelijk dertig zielig feestelijk Lees de tekst Krokodillenvoer op bladzijde 8 en 9 van je leesboek. Zoek vier lange woorden die uit twee woorden bestaan. Denk aan krokodillenvoer. 7 8 Nijlpaardenpoep Lees de zinnen. Welke twee zinnen staan niet in de tekst? Schrijf alleen de letters op die voor deze zinnen staan. a Ik lieg nooit, zegt Kantjil. b Is er genoeg voor ons allemaal? c Meer dan genoeg. d Koning Leeuw kan erover meepraten. e Onze majesteit heeft er bulten van op zijn kop gekregen. Lees een deel van de tekst Gevaarlijk of alleen griezelig? of Krokodillenvoer eerst stil voor jezelf. Daarna lees je om de beurt je deel van de tekst hardop voor. Geef elkaar een tip. Leeskaart 1 leeskaarten, pagina 73 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 24

9 10 11 12 13 Je bereidt een spreekbeurt voor. Je kiest als onderwerp krokodillen. 1 Kijk nog eens naar de tekst Gevaarlijk of alleen griezelig?. 2 Maak met drie poten een woordspin over de ogen van de krokodil. 3 Schrijf vijf belangrijke woorden op over de huid van de krokodil. 4 Wat wil je laten zien? Schrijf de namen op van vier plaatjes. 5 Zoek drie spannende zinnen die je uit je hoofd leert. Bedenk een gevaarlijk of griezelig dier. Teken dit dier en geef het een gevaarlijke of griezelige naam. Hoe voelt Kantjil in de tekst Krokodillenvoer zich? Geef een goede raad aan de krokodillen. Maak een tekening bij deze tekst: Jullie moeten het bospad volgen tot aan de open plek, daar ligt de berg. Traag hijsen de krokodillen zich uit het water. Achter elkaar aan waggelen ze over het bospad. 14 15 16 Welk woord past het best bij het dwerghertje Kantjil? Schrijf de letter van het goede antwoord op. a opschepper b bangerik c slim d dom Je ziet lange woorden. Lees die woorden. Bedenk daarna zelf vier woorden met een dierennaam. Schrijf de woorden op. krokodillentranen haaientanden kattentongen ezelsoren zwaluwstaarten Nu jij: honden muizen Bedenk een nieuw gesprek van Kantjil met de krokodillen uit de tekst Krokodillenvoer. leeskaarten, pagina 74 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 25

Leeskaart 1 Nijlpaardenpoep Krokodillen en zo 96 2 Heb je vijf van de volgende woorden gevonden? woorden met lijk(e): gevaarlijk, uiterlijk duidelijk, gruwelijk, natuurlijke woorden met ig(e): geinig, prachtige, griezelig, doorzichtig, warmbloedig, koudbloedig, dertig, veilig, zielig 3 Er zijn meer woorden met ig(e). Kijk ook bij het antwoord van opdracht 2. 4 doorzichtig, duidelijk, zielig, natuurlijke 6 Heb je vier van de volgende woorden gevonden? krokodillenvoer, bergreuzen, oversteken, dwerghertje, achteruit, bospad. 7 letter d en e 8 Hebben jullie elkaar een tip gegeven? En ook een compliment? 9 Bij 2: Waar denk je aan als je aan de ogen van een krokodil denkt? 11 Bijvoorbeeld: Kantjil voelt zich bang, want de krokodillen willen hem graag opeten. 12 Bijvoorbeeld: jullie moeten niet luisteren naar Kantjil. 13 Heb je aan de volgende dingen gedacht in je tekening? Een bospad, een open plek, een berg en water? 14 Bij c, want Kantjil verzint iets, zodat de krokodillen weggaan. Zo kan hij zelf de rivier oversteken. 15 Bijvoorbeeld: hondenbrokken, muizenkeutels. antwoorden leeskaarten, pagina 96 Lekker Lezen! Voortgezet technisch lezen Proeflessensyllabus niveau 5 Malmberg, s-hertogenbosch 26