Culturele interview. Introductie

Vergelijkbare documenten
Het culturele interview Nederlandse versie Hans Rohlof, Noa Loevy, Lineke Sassen & Stephanie Helmich

'Zorgen doe je samen, een presentatie met praktische tips uit Nederland

Noot 12 Voorbeeldselectie van thema s en vragen voor zeven groepsgesprekken

Culturele Interview bij kinderen en jeugdigen

Op huisbezoek bij een vluchtelingengezin: hoe doet u dat?

Cultuursensitief werken met asielzoekerskinderen: een inleiding

Introductie cultuursensitief werken: een kwestie van kennis én houding

We merken dat migrantencliënten anders aankijken tegen een beperking. Hoe kunnen we daarmee omgaan?

Ziektebeleving en dementie bij migranten

Opvoeden in andere culturen

CULTUURSENSITIVITEIT IN DE KANKERZORG. Door Naziha Maher, projectcoördinator diversiteit

Handleiding voor docenten en opleiders bij de film Verslaafd in het Hoofd

R-Sense project RKVL en Sensoa

3.6 Diversiteit is meer dan verschil in cultuur Antwoorden uit de gezondheidswetenschappen

Na het gesprek met de gids Jeugd zijn er verschillende uitkomsten mogelijk:

KNELPUNTEN IN DE HULPVERLENING BIJ 18+ JONGEREN MET EEN NIET WESTERSE ACHTERGROND

Doel van deze vragenlijst is kennis en inzicht te verkrijgen zowel omtrent uw huidige situatie als omtrent uw levensgeschiedenis.

Verkennen van de vele kanten van een mens met een psychiatrische aandoening. Birgit Bongaerts

Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg

Beelden van slachtoffers. Ossama Abu Amar & Hanneke Felten

Allochtone Nederlanders thema 21

Interculturele jeugd en opvoedhulp

DETENTIE EN HET GEZIN

Themabijeenkomst Kleurrijke en toegankelijke dementiezorg

1. Waren er bijzonderheden bij de zwangerschap van uw moeder en/of bij uw geboorte?

Hoezo is mijn kind gek? Hoe je als zorgaanbieder toegankelijk wordt voor mensen met een andere culturele herkomst

INTAKEVRAGENLIJST VOLWASSENEN. U wordt vriendelijk verzocht deze vragenlijst uit te printen, in te vullen en mee te nemen naar het intakegesprek.

Universiteit Opleiding Cursus Beschrijving Link. Vaardigheidsonderwijs 2e jaar

Interculturele psychiatrie en jeugd-ggz

Niet culturen maar mensen ontmoeten elkaar: Culturele diversiteit in het justitiële werkveld

Kwaliteitsrapport 2018 voor cliënten

Praten met je kind over seksualiteit

Allochtone Nederlandse ouderen: de onverwachte oude dag in Nederland

HANDREIKING Diabetesjaargesprek voor migranten met diabetes

= = = = = = =jáåçéêüéçéå. =téäòáàå. Het TOPOI- model

Programma. Omgaan met culturele diversiteit voor bibliotheekmedewerkers. Jannie Limburg

FACT & Islam JAMAL MEKDADI, FATIMA BENDIBOUNE & FOUAD KOUNTICH, GGZ INGEEST F-ACT CONGRES, 17 SEPTEMBER 2015

Preek De vrouw die Jezus beslissing veranderde. Lieve gemeente,

N. Buitelaar, psychiater en V. Yildirim, psycholoog. Beiden werkzaam bij Altrecht Centrum ADHD Volwassenen.

Culturele Interview, versie Palier forensische en intensieve zorg (CI-PFI) Versie 1.0. Rob van Dijk, 14 augustus Toelichting

Koning, keizer, admiraal: psychisch kwetsbaar zijn we allemaal.

De Sociaal maatschappelijke dimensie

KOPP-kinderen reageren door allerlei rollen op zich te nemen. Welke rol nemen ze niet op zich: a. Pestkop b. Clown c. Rebel d.

Anamnese Meertalige Kinderen

Samenleven in Diversiteit in cijfers: Diversiteit, gender, holebiseksualiteit en geloof

Opvoeden na partner geweld Trees Pels Katinka Lunneman Jodi Mak Susanne Tan Meta Flikweert Marjolijn Distelbrin Majone Steketee

Een goed leven voor.

Cultuursensitief werken: integrale winst en versterkt veerkracht vluchtelingen

De zorg moet steeds beter.

WERKPLAN EN ACTIVITEITENOVERZICHT

VORMINGSREEKS CULTUURSENSITIEVE ZORG MODULE: INLEIDING

GEKLEURDE ARMOEDE BEA VAN ROBAEYS

Wat je moet weten: Jouw dossier


Het lastigste van leven met hiv is voor velen vreemd genoeg niet zozeer de aandoening zelf of de behandeling, maar vooral de reacties van anderen.

VOORTGEZET ONDERWIJS TELT JOUW IDENTITEIT MEE?

Competenties systeemtherapeutisch werker (STW) versie 15 januari 2015

Rapportage cliëntervaringsonderzoek

Intensieve Gezinsbegeleiding

Samenvatting Maatschappijleer Hoofdstuk 1

De effectiviteit van preventieve. voorlichting aan migrantenouders in. Rotterdam over ggz problematiek en. licht verstandelijke beperking

Bijlage 1: interview. Interview

Inhoud: Wat is trauma Cultuur aspecten Psychologische Fysieke aspecten Geestelijke aspecten Grenzen aangeven

Interculturele Competenties:

Voorlichting, advies en instructie Niveau 3

Coaching aan de Biculturele, Midlife Nederlander. Waarom het bespreekbaar maken van de culturen van de coachee belangrijk is

Ervaringen van mensen met verstandelijke beperkingen of psychiatrische problemen met zelfstandig wonen en deelname aan de samenleving

Luisteren en samenvatten

Interculturele Communicatie & Interculturele Competentie

Persoonlijke achtergrondvragenlijst

Bij kindermishandeling gaat het vaak om eenmalige gebeurtenissen die uit de hand gelopen zijn. a. Waar

Utrecht, Gooi & Vecht. Ondersteuning bij leven met een beperking. Moeilijk lerend. Uitleg over het leven van een moeilijk lerend kind

CASUS. Het belang van de methode familiezorg voor cliënt, familie en samenleving

PROGRAMMA. Interculturele Hulpverlening: Wie past zich aan, aan wie? . WELKOM. FILMPJES. THEORIE. STELLINGEN (interactief)

Migranten met diabetes. OCE Maria Sahakian diëtiste Maria van den Muijsenbergh, huisarts Pharos / Radboudumc

Oudere migranten: psychologische bijdragen

Familie als bondgenoot

CAT B / Cursusafhankelijke toets

Zorg op Tijd. EIF Conferentie Nijmegen

AMBULANTE HULP ZORG AAN HUIS. Hoe kan ik het beste omgaan met mijn partner of kind. Hoe vind ik mijn weg in de. Nederlandse samenleving

BIJLAGEN. Dichter bij elkaar? De sociaal-culturele positie van niet-westerse migranten in Nederland. Willem Huijnk Jaco Dagevos

Omgaan met stemmen horen. Sigrid van Deudekom en Jeanne Derks

Cultural Formulation Interview (CFI) Aanvullende modules

Beertje Bruin zegt dan: Ik heb van moeder Beer gehoord dat je erg verdrietig

Ouderen migranten en (psycho)psychiatrie. Meten is weten?

SIGNAALLIJST KINDERARMOEDE

INSCHATTING VAN RELATIECONFLICTEN 1

Het lichaam in beeld

ANAMNESE MEERTALIGHEID Taalaanbod en attitudes t.o.v. betrokkene talen

In het veerkrachtmodel hebben we aangegeven dat er een balans moet zijn tussen de drie pilaren: Impact, coping en support.

VrijwilligersAcademie: Trainingen en cursussen, najaar 2017

Patiënteninformatiedossier (PID) (Non) Hodgkin. onderdeel ZIEKTEBELEVING. (NON) HODGKIN Ziektebeleving

Transcriptie:

Culturele interview De volgende thema s worden besproken tijdens het culturele interview: 1. Biografie (persoonlijke en sociale gegevens) 2. Geschiedenis van de huidige klachten 3. Eerdere trajecten 4. Familie 5. Beloop van probleem Introductie Doel: Uitleg en toonzetting van het interview Het moet de hulpvrager duidelijk zijn waarom dit gesprek plaats vindt en hoe dit gesprek zich verhoudt tot andere gesprekken. Ga er vanuit dat uw gesprekpartner meer van haar of zijn cultuur weet dan u. Probeer ervoor te zorgen dat de hulpvrager zich geaccepteerd gaat voelen, vanuit de opvatting dat iedereen zijn of haar eigen normen en waarden heeft en dat iedereen respect verdient. Als de hulpvrager al eerder heeft aangegeven zich onbegrepen te voelen door de Nederlandse overheid of door hulpverleners en als dit ongenoegen de toonzetting van het gesprek sterk beïnvloedt, dan kunt u kiezen voor de volgende introductie. In deze wijk wonen mensen uit allerlei landen. In ieder land en in iedere cultuur heeft men zijn eigen manier van leven. Dit merk je eigenlijk pas echt als je je eigen land verlaat en in een ander, vreemd land gaat wonen. Mensen zien er anders uit, praten een andere taal, gedragen en uiten zich op een andere manier. Soms kunnen we het gevoel krijgen niet begrepen te worden. Hebt u dat gevoel wel eens gehad? (Zo ja: kort laten vertellen. 'De bedoeling is dat we het verder gaan bespreken in dit interview.' Zo nee: Misschien begrijpt u wat ik bedoel als we er straks over praten. ) Communicatieproblemen ontstaan onder andere door gebrek aan kennis van culturele verschillen. Omdat we u hier zo goed mogelijk willen helpen, is het van belang dat wij iets te weten komen over uw eigen land of cultuur. Dus wat uw leefgewoontes zijn, welke belangrijke feestdagen er voor u zijn, wat ziek zijn voor u betekent, enzovoort. Ik ga u nu een paar vragen stellen over uw cultuur en uw klachten/problemen. 1

A. Culturele identiteit van het individu Taal De talen die een hulpvrager spreekt, kunnen iets zeggen over de identiteit en culturele oriëntatie in het land van herkomst en in Nederland. Het verheldert de communicatiemogelijkheden (bijvoorbeeld met of zonder tolk). Deze vragen bieden o.a. inzicht in: De moedertaal Verbaliserend vermogen Niveau van het Nederlands Voorkeurstaal Switchen tussen talen Relatie met omgeving Scholing Intelligentie/leervermogen 1. Wat is de taal waarmee u bent opgegroeid? Sprak u ook nog een andere taal? 2. Welke taal spreekt u thuis? Met vrienden? In uw dromen? 3. Welke taal/talen spreekt u nog meer? 4. Hoe goed is uw beheersing van de Nederlandse taal? Hoe is het voor u om Nederlands te moeten spreken? Zorgt het wel eens voor problemen? Etniciteit en cultuur Een etnische groep is een groep die normen en waarden deelt. Die kan verschillen van andere etnische groepen. Pas de vragen aan als het om de tweede of derde generatie migranten gaat. De etnische herkomst zegt iets over etnische identiteit, inen uitsluitingsprocessen en de culturele oriëntatie. Als groep niet wordt begrepen, geef dan voorbeelden zoals Koerden in Turkije. Deze vragen bieden inzicht in o.a.: etnische identiteit; etnische samenstelling gezin; relatie met andere etnische groepen; discriminatie; acculturatie; sociale contacten; eenzaamheid; 5. Hoort u tot een bepaalde (etnische) groep in uw land die anders is dan andere groepen? Zijn uw ouders van dezelfde groep? Alternatief: Kunt u iets over uw achtergrond (zoals uw geboortestreek, familie, opvoeding, geloof etc.) vertellen? 6. Wat maakt deze groep anders dan andere groepen? Welke gebruiken, opvattingen, positie in de samenleving? 7. Hoe belangrijk is het voor u dat u tot die groep behoort? 8. Hebt u nu contact met mensen uit die groep of uit uw cultuur? Zo ja: hoe belangrijk is dat voor u? Zo nee: zou u dat wel willen? 9. Wat vindt u het meest belangrijk aan uw cultuur? (respect, familie, eer) 2

terugtrekgedrag; vermijdingsgedrag; heimwee; postmigratie-leefproblemen; ik- en wij-culturen. 10. Hoe vindt u dat uw cultuur verschilt van Nederlandse gewoontes en opvattingen? Is dat belangrijk voor u? 11. Vindt u zichzelf goed passen in Nederland? Gaat u met Nederlanders om? Hebt u Nederlandse vrienden of kennissen? B. Culturele verklaringen voor het probleem Problemen/klachten in cultureel perspectief Door de problemen/klachten in het culturele perspectief van het individu te plaatsen, kan de eigen visie op de problemen/klachten duidelijk worden, o.a. in: eigen beleving van problemen/ klachten; ordening van problemen/klachten; inzicht over de oorzaken; inzicht in de problemen/klachten; gevolgen van de problemen/ klachten; coping-gedrag; schaamte; stigma (in de familie); acceptatie in de hulpverlening; ervaringen in hulpverlening; verwachtingen van de hulpverlening. 12. U hebt over uw problemen/ klachten verteld: Hoe zou u die noemen? Waar kunnen wij u mee helpen? 13. Hoe zouden mensen in uw land van herkomst uw problemen/ klachten verklaren? Hoe zouden mensen uit uw land die in Nederland wonen uw problemen/klachten verklaren? 14. Hoe zouden mensen met uw problemen/klachten omgaan? 15. Voelt u zich begrepen door uw familie en omgeving? 16. Voelt u zich begrepen door hulpverleners in Nederland? 17. Welk deel van de aanpak/ oplossing/behandeling heeft tot nu toe volgens u het beste geholpen? 3

C. Culturele factoren in de omgeving Familie De rol en de invloed van de familie kan per cultuur verschillen. Ook sociale rollen (man, vrouw, vader, moeder, oudste kind) kunnen anders zijn dan in Nederland, bijvoorbeeld: positie in de familie; relatie met ouders toen en nu; steun of gemis van de familie. 18. Is er iemand in uw buurt of in uw familie aan wie u steun hebt of die u om raad of advies vraagt? Zo ja, wie? 19. Gaat u weleens naar andere ondersteuners/genezers dan hulpverlener/dokter? Zo ja: Wilt u daar iets meer over vertellen? 20. Van wie kreeg u vroeger steun of wie verzocht u om raad of hulp? Geloof Geloof kan een belangrijke rol spelen in de ziektebeleving en een belangrijke steunbron zijn, o.a.: geloofsbeleving toen en nu; geloof als steun (of stress); hoop en teleurstelling; mobiliseren van steun. 21. Bent u gelovig? 22. Bidt u? Gaat u naar de kerk/ moskee/synagoge/mandir? 23. Ging u in uw geboorteland anders met uw geloof om? 24. Haalt u steun uit uw geloof? Hoe was dat vroeger? D. Culturele elementen tussen cliënt en hulpverlener De houding tegenover de hulpverlener kan belangrijke invloed hebben op verwachtingen van de behandeling, zoals: voorkeur man of vrouw (ook tolk); belemmeringen in de zorg/ overheid; verwachtingen van de zorg/ overheid; houding t.o.v. hulpverlener; Autoriteitsgevoeligheid; eigen inbreng. 25. Is het voor u belangrijk dat uw hulpverlener een man of een vrouw is of dezelfde religie heeft als u? Zo ja, waarom? 26. Wat verwacht u van uw ondersteuner? 27. Neemt u alles aan wat uw ondersteuner u vertelt of stelt u daar ook vragen over? 4

E. Observaties Wat was de stemming van de hulpvrager voorafgaand aan, tijdens en na afloop van het interview? Hoe reageerde zij/hij op de vragen? Bij welke vragen speelden er meer emoties? Wat waren de belangrijke momenten tijdens het interview? F. Samenvatting voor de aanpak bespreking Vat voor de hulpverlener de culturele hoofdpunten (aspecten in de casus) die relevant kunnen zijn voor de diagnose en/of de behandeling (identiteitsveranderingen, relatie identiteit en problemen, etnische afkomst, acculturatie, sociale netwerk, culturele opvattingen over ziekte/problemen, hulpzoekgedrag, coping, steunend netwerk, contact met familie, religie als steun, voorkeur voor man of vrouw als hulpverlener, reisbeperkingen, voorkeur voor afspraken) in beschouwende termen samen. Denk bijvoorbeeld aan antwoorden op de volgende vragen: Wat is er relevant aan veranderingen in de culturele identiteit als gevolg van de ziekte/het probleem? Wat is er zo cultuurspecifiek aan het individu wat betreft de regio van afkomst, ethische groep, religie, seksuele oriëntatie in relatie tot de hulpvraag? Hoe kijkt het individu vanuit de cultuur aan tegen zijn/haar probleem/ziekte (oorzaken, gevolgen)? Welke veranderingen heeft het individu ondergaan ten opzichte van de sociale omgeving en hoe belangrijk zijn die in de normen en waarden van die omgeving? Welke verbeteringen zijn er mogelijk in het steunende netwerk? Waar moet de hulpverlener op letten in contact met het individu? Sluit af met een aantal korte suggesties voor collega s. Meer informatie Rob van Dijk, Huub Beijers, Simon Groen, Het Culturele Interview: In gesprek met de hulpvrager over cultuur en context; Deel 2 Beschouwingen, Utrecht: Pharos, 2011. Cor Hoffer, Vertelt u mij eens iets meer Cultuursensitief werken in gezondheidszorg en welzijnswerk, Amsterdam: Uitgeverij SWP, 2016. Info: www.swpbook.com/1811 5