Antwerps Helpcenterproject (AHC)
|
|
|
- Geert Kuipersё
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Antwerps Helpcenterproject (AHC) Antwerps AIDS-Revalidatiecentrum (ARC) HIV en SOA kliniek Instituut voor Tropische Geneeskunde Nationalestraat Antwerpen Tel: Jaarverslag
2 Afkortingen AHC AIDS ARC ARL AZG CAW DMH HBV HCV HIV ITG LGV MSM PAP smear ToL SAM SOA (SOI) UA VCT WAD Antwerps Helpcenterproject Acquired Immune Deficiency Syndrome Aids Referentie Centrum Aids Referentie Labo Artsen zonder Grenzen Centrum Algemeen Welzijn Dringende Medische Hulpverlening Gezondheidshuis Antwerpse Prostitutie Hepatitis B virus Hepatitis C virus Human Immunodeficiency Virus Instituut voor Tropische Geneeskunde Lymphogranuloma Venereum Mannen die seks hebben met mannen Papanicolao, baarmoederhalskankeruitstrijkje Testen op Locatie Sub-Saharaanse Afrikaanse migranten Seksueel Overdraagbare Aandoeningen (Infecties) Universiteit Antwerpen Voluntary Counseling and Testing Wereldaidsdag Medewerkers Dr. Collier Ilse Dr. Van Ghyseghem Christiane Dr. Noestlinger Christiana, psychologe Dhr. Platteau Tom, seksuoloog Mevr. Piot Sofie, sociaal verpleegkundige Dr.Wouters Kristien, coördinator Dr. Florence Eric, diensthoofd hiv-kliniek Prof. Van Gompel Alfons, hoofd kliniek ITG 2
3 1. Inleiding Het Antwerpse Helpcenterproject (AHC) is een project dat tot doel heeft doorgedreven strategieën op te zetten en te evalueren voor de preventie van hiv, in het bijzonder de secundaire preventie gericht op besmette personen en personen die risico lopen om hiv op te lopen. De werking van het AHC startte op 1 januari 2006 en loopt tot 31 december Het AHC biedt volgende prestaties aan: 1) Het aanbieden van gratis hiv-testen, zonodig aangevuld met soa-diagnostiek, aan personen met problemen gerelateerd aan hiv, soa of ander andere aspecten van seksuele gezondheid, met absoluut respect voor de privacy. 2) Het aanbieden van aangepaste zorgmodaliteiten voor de volgende doelgroepen: a. Bewuste hiv-dragers met een persisterend hoog risicogedrag; b. Hiv-dragers die wegens culturele redenen, precariteit, gebrek aan kennis, psychologische of andere stoornissen een risico vormen voor de verdere verspreiding van het virus; c. Onbewuste hiv-dragers; d. Groepen met een verhoogd risico gerelateerd aan soa. Het AHC heeft tevens de kernopdracht om beleidsvoorbereidend onderzoek uit te voeren dat een eventuele uitbreiding van de werkmethoden naar andere centra kan voorbereiden. Het AHC biedt ondermeer een laagdrempelige consultatie voor seksuele gezondheidszorg aan achtergestelde bevolkingsgroepen aan opdat ze hun serostatus zouden kennen en hun seksueel gedrag zouden kunnen aanpassen om hiv niet door te geven aan andere personen en hun eigen gezondheid te beschermen. Seropositieve personen zullen steeds worden doorverwezen naar een ARC voor verdere oppuntstelling, labotesten en opvolging. Concreet biedt AHC de volgende diensten aan: (1) Hiv- en soa-testen, gratis en indien gewenst anoniem; (2) Raadpleging voor klachten en vragen over seksuele gezondheid (soa, veilig vrijen, anticonceptie, ) (3) Psychologische en seksuologische adviezen en verwijzing; (4) Vertrouwelijke gesprekken en informatie over seksuele problemen; (5) Een aanpak die rekening houdt met interculturele aspecten en de zwakke positie van vrouwen, jongeren en vreemdelingen; (6) Groepsgesprekken voor hiv+ personen (met name de vrouwengespreksgroep VhivA en samenwerking met de professioneel begeleide patiëntengroep Muungano voor patiënten van Subsahaaranse Afrikaanse afkomst, die door het ITG project HIV-SAM gecoördineerd wordt). 1 Het AHC bestaat uit de activiteiten van 1 HIV-SAM project: HIV preventie en promotie van de seksuele gezondheid voor Subsaharaanse Afrikaanse migranten. 3
4 1) het Helpcenter, het laagdrempelige centrum, sinds mei 2008 gelegen in de Sint-Andriesstraat 7, 2000 Antwerpen; 2) het ITG, met bijkomende activiteiten gericht op bovenstaande doelstellingen. De diensten 3 tot 6 worden uitgevoerd in samenwerking met het ITG. Het AHC staat voor Antwerps Helpcenter Project dat al deze activiteiten omvat. Helpcenter wordt gebruikt voor de plaats aan te duiden waar de laagdrempelige activiteiten doorgaan. 2. Contacten met doelgroepen en intermediairs AHC richt zich op de volgende doelgroepen: Nieuwkomers, vooral uit Afrika, maar ook Latijns-Amerika, Azië, Oost- of centraal Europa die om welke reden dan ook moeilijk toegang vinden tot de reguliere gezondheidszorg; Mensen met risicovolle seksuele contacten (multiple partners, MSM) Jongeren en andere mensen die om sociale of culturele redenen in een strikt vertrouwelijke sfeer medische hulp of raad zoeken voor seksuele problemen; Mensen die zich anoniem willen laten testen of hiv en/of soa. De twee belangrijkste doelgroepen die werden geïdentificeerd zijn mannen die seks hebben met mannen (MSM) en Subsaharaanse Afrikaanse Migranten (SAM). Een derde doelgroep zijn de jongeren (14 tot 25 jaar). Er werden contacten gelegd met allerlei organisaties en specifieke projecten werden opgestart om de doelgroepen en intermediairen te bereiken. Mannen die seks hebben met mannen Het project Testen op Locatie werd uitgevoerd in de homohoreca. Zie verslag van dit project verderop. Het werd afgesloten met een symposium Sex in the City op 27 november Dit project werd voorbereid samen met de stad Antwerpen, dienst Gezondheid (zij subsidieerden dit mee), met de Universiteit Antwerpen (prof. dr. Dirk Avonts) en met Sensoa (dhr. Mark Sergeant). Deze groep kwam herhaaldelijk bijeen om het project en nadien het symposium in goede banen te leiden. Er werden voorbereidende bezoeken afgelegd aan de seksclub en sauna waar het project werd uitgevoerd (4/2 en 11/2/2008). Eind 2007 werd in het kader van dit project ook een studiebezoek afgelegd aan de Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) Rotterdam om uit hun ervaringen met het outreach testen te kunnen leren. Overleg met het HIV-SAM Project Met het HIV-SAM Project van het ITG, dr. Thérèse Alou en dr. Lazare Manirankunda wordt nauw samengewerkt voor het bereiken van Afrikaanse migranten. Recente cijfergegevens tonen aan dat SAM, verblijvend in Europa, behoren tot de groep met de hoogste hiv-prevalentie (1,2,3). Belgische epidemiologische data bevestigen deze toestand (4). In 2005 werd 60% van de in België geregistreerde hivdiagnoses bij niet-belgen vastgesteld. In deze groep is 76,5% van Subsaharaans Afrikaanse origine (4), terwijl SAM slechts 6,6% van de Belgische migrantenpopulatie uitmaken (5). Daarenboven blijkt uit de Mayisha II studie (6) dat twee derde van de SAM die leven met hiv niet op de hoogte zijn van hun serostatus. Op gebied van hivpreventie houdt dit in dat SAM blijvend aangemoedigd moeten worden om zich te 4
5 laten testen en mensen gemotiveerd moeten worden om te zorgen voor hun seksuele gezondheid. Om deze doelgroep te bereiken, wordt intensief samengewerkt met het HIV-SAM Project van het ITG. Geregeld werd er overleg gepleegd en er werd samen aan een aantal projecten gewerkt. Het HIV-SAM project levert inspanningen om AHC bij SAM bekend te maken, in het bijzonder door laagdrempelige VCT (voluntary counseling and testing) informatiesessies die in cafés en andere ontmoetingsgelegenheden werden gehouden. Het blijkt echter dat nog te weinig Afrikanen de weg naar AHC vinden. In 2008 hebben we een cultureel sensitieve aanpassing van de AHC-informatiefolder, gemaakt. Deze zou moeten helpen de toegangsdrempels weg te werken. De brochure werd ontworpen in het Frans en Engels en werd voornamelijk verdeeld door dr. Thérèse Alou en dr. Lazare Manirankunda. Zij hebben contact met intermediairs, Afrikaanse NGO s en andere Afrikaanse organisaties. Eenmaal per maand komt de groep Muungano samen in AHC. Deze groep kan worden beschouwd als een modelinterventie voor het verminderen van seksueel risicogedrag en (door) het verbeteren van de levenskwaliteit van hiv-positieve SAM patiënten, vooral op het vlak van seksuele gezondheid. De doelstellingen van deze patiëntengroep, genoemd naar het Swahili voor solidariteit kunnen als volgt worden samengevat: - Informatie aanbieden over hiv/aids en andere soa om nieuwe besmettingen te voorkomen. - seropositieve patiënten helpen bij therapietrouw wanneer ze onder behandeling staan. - seropositieve patiënten helpen om uit hun isolement te geraken door een ontmoetingsruimte te scheppen waar men ervaringen kan uitwisselen. - seropositieve patiënten helpen hun dagelijkse problemen op te lossen door psychologische, sociale- en soms financiële ondersteuning te bieden. Tijdens 2008 vonden in Antwerpen 19 samenkomsten plaats waarvan 6 thematische en 13 lessen Nederlands. Vaak wordt er een spreker uitgenodigd rond een bepaald thema en wordt er samen gediscussieerd. De thema s hebben altijd te maken met leven met hiv en seksuele en reproductieve gezondheid is een belangrijk onderdeel hiervan. In 2008 werd een soortgelijke Engelstalige groep opgestart onder de naam Munno Mukabi ( een vriend in nood in Luganda, een taal van Oeganda). Overleg met andere organisaties - Overleg met dhr. Wim Van den Berghe, UGent, vakgroep sociologie (6/04/2008) in verband met het project Testen op Locatie; - Overleg met Gh@pro, Gezondheidshuis Antwerpse Prostitutie (3/03/2008, 14/04/2008) in verband met samenwerking en complementariteit van beide werkingen; studiebezoek aan Gh@pro op 29/04/2008; - Overleg met Marthy Langendonk (Nederlandse vereniging voor seksuologie, NVVS) (22/02/2008) ter voorbereiding van de studiedag; 5
6 - Presentatie en deelname aan de studiedag Risico is lekker, georganiseerd door NVVS (18/04/2008) - Voorstelling AHC aan de Stuurgroep Sint-Andries in het kader van de verhuis naar de wijk Sint-Andries, (27/02/2008) - Overleg met Wijkgezondheidscentrum Sint-Andries (10/04/2008) in het kader van de verhuis; - Bijeenkomst Hiv-Netwerk in samenwerking met Hiv-Sam Project (7/03/2008); - Themadag achter de schermen van de Gay-scène, bijscholing georganiseerd door Sensoa (8/04/2008); - Overleg met Elisa-Centrum Brussel rond de werking van beide centra (17/04/2008); - Sensibilisatie in Wazobia (Afrikaans café) met de bedoeling om VCT te promoten bij SAM (1/05/2008); - Overleg met Artsen Zonder Grenzen (Gert Devolder) (1/06/2008) in verband met de stopzetting van hun werking en de alternatieven voor toegang tot kwalitatieve gezondheidzorg voor personen in illegaal verblijf; - Overleg rond deelname AHC aan de Flora studie, in samenwerking met dr. Vicky Jespers en Tania Crucitti (29/9/2008, 13/10/2008); - Overleg rond de deelname aan de Hypochondrie studie, in samenwerking met dr. Ludwig Apers, psychologe Kim Courjaret en seksuoloog Tom Platteau (13/10/2008). Pers AHC had in 2008 veel contacten met de pers, vooral naar aanleiding van het project Testen op Locatie. Er werden artikels gepubliceerd zowel naar aanleiding van de start van het project, als bij het symposium. Deze ervaringen waren positief. Zie artikels in bijlage. 6
7 3. Resultaten van de medische consultaties: In dit hoofdstuk bespreken we enkel de resultaten van de consultaties bij de artsen. De consultaties bij de seksuoloog volgen in een volgend hoofdstuk. In 2008 waren er 1438 consultatie-episodes bij de arts in AHC (consultaties of vervolgconsultaties met afhalen van de resultaten) voor 894 verschillende personen (gemiddeld 1,6 consultaties per persoon). Dit betekent gemiddeld 120 consultaties per maand, met een lichte stijging in de tweede helft van het jaar, vermoedelijk ten gevolge van de verhuis van AHC dichter bij het centrum van Antwerpen. De verhuis vond plaats in mei. Hierdoor was AHC 14 dagen gesloten. Dit verklaart het significant lager aantal consultaties in die periode january february march april may june july august september october november december In vergelijking met 2007, noteren we een 26% stijging in aantal consultaties en 41% stijging in aantal patiënten aantal consultaties aantal personen 7
8 Hulpvragen: Per consultatie-episode worden één of meerdere hulpvragen genoteerd. Daarom is de som meer dan 100%. Hierbij komen nog de consultaties voor het bespreken van de resultaten. Hulpvragen consultaties aantal % VCT (hiv-test) ,0% soa check ,8% Gynaeco 101 6,3% genitale klachten 92 5,7% anticonceptie 86 5,3% Zwangerschap(stest) 51 3,2% Info hiv/soa 50 3,1% Algemeen medisch 26 1,6% totaal 1613 In vergelijking met vorig jaar hebben we in verhouding meer vragen gekregen voor soa controle, de vraag naar hiv test blijft in relatieve cijfers stabiel. Er zijn minder vragen naar anticonceptie, zwangerschap(stest) en algemeen medische problemen PERSOONSGEGEVENS A) ALGEMENE POPULATIE (zie bijlage voor meer details) Geslacht Meer mannen dan vrouwen consulteerden AHC tijdens het jaar 2008, de sex ratio lag op In vergelijking met de voorbije jaren was de sex ratio stijgend. Met andere woorden, meer mannen vonden hun weg naar AHC. Dit was vooral te wijten aan het stijgende gebruik van de consultatie op AHC door MSM en door minder consultaties voor anticonceptie en zwangerschap(stest). Leeftijd De gemiddelde leeftijd van patiënten op AHC was 32 jaar (mediaan 30; range jaar). 36% was jonger dan 26 jaar, dit is vergelijkbaar met vorig jaar. De jongeren zijn een specifieke doelgroep van AHC die goed wordt bereikt. Seksuele geaardheid MSM (mannen die seks hebben met mannen) zijn een belangrijke doelgroep van AHC. Zij maakten 29% uit van wie een beroep deed op AHC (n=263). Dit betekent een stijging van maar liefst 117% ten opzichte van AHC blijkt dus deze doelgroep veel beter te bereiken met de tijd. (2007: n=121, 18%) 8
9 Ziekteverzekering 644 personen (73%) waren in orde met de ziekteverzekering, data ontbraken voor 7% en de rest was niet in orde of op doorreis in België. Dit is stabiel ten opzichte van vorig jaar. Afkomst Waar er in 2006 slechts 36% van de patiënten van West-Europese afkomst was, was het in % (597 personen). Dit is een weerspiegeling van het beter gebruik van AHC door MSM. Er waren 572 mensen (64%) met Belgische nationaliteit. Het aandeel Belgen bleef toenemen ten opzichte van de voorbije jaren. Het is niet zo dat van de West- Europeanen nagenoeg iedereen Belg is. Er zijn veel West-Europeanen met andere nationaliteit dan de Belgische en veel Belgen van niet-europese afkomst. De migranten afkomstig van Sub-Sahara Afrika zijn ook een bijzondere doelgroep van AHC. Zij maakten 9% uit van de groep die consulteerde op AHC. Het aantal SAM die een beroep deden op AHC, bleef in absolute cijfers stabiel in vergelijking met 2006 (77, 13% in 2006 versus 79, 9% in 2008). Verdeling per provincie Ten minste 19% van de Vlaamse patiënten kwam van buiten de provincie Antwerpen. Dit is vergelijkbaar met het cijfer van vorig jaar. We bleken dus veel mensen aan te trekken vanuit heel Vlaanderen. We zien dat mensen vaak van ver willen komen om anoniem te blijven of om een sneltest te kunnen krijgen. De kwaliteit van de verzamelde gegevens was voor dit item minder goed (9% ontbrekende data) en het dient verbeterd te worden in de komende jaren. We kunnen het bereik van de doelgroepen uit onze algemene populatie als volgt samenvatten: MSM 29% SAM 9% Jongeren 36% 9
10 B) POPULATIE DIE ZICH ANONIEM LIET TESTEN(zie annex voor details) anoniem; 288; 32% niet anoniem; 606; 68% Er werden 288 personen anoniem getest op hiv in Een derde van de hiv testen gebeurde dus anoniem. Dit is een verdubbeling ten opzichte van vorige jaar, in 2007 was slechts 17% van de hiv testen anoniem. Er waren meer mannen die anoniem getest wensten te worden, 242 mannen (44% van de mannen) en 44 vrouwen (22% van de vrouwen). Meer mensen die zich anoniem lieten testen waren in orde met de ziekteverzekering (n=233, 36% van de populatie in orde met de ziekteverzekering) versus 55 anonieme testen bij mensen zonder ziekteverzekering (22%). Voornamelijk mensen van West-Europese afkomst lieten zich anoniem testen (79% van de anonieme testen). Iets minder dan de helft (48%) van de patiënten die zich anoniem liet testen kwam uit een andere regio dan Antwerpen. Van wie zich anoniem liet testen kwam 34% van Vlaanderen buiten Antwerpen. Van de algemene populatie kwam maar 19% van Vlaanderen buiten Antwerpen. Voor de resultaten van hiv test bij de patiënten die zich anoniem liet testen, zie hoofdstuk resultaten. Statistisch analyse: Uit een univariate analyse verschilden volgende parameters significant tussen mensen die zich wel en niet anoniem lieten testen: Leeftijd (Odds Ratio 1.03, p<0.001): oudere mensen lieten zich meer anoniem testen Geslacht: Mannen lieten zich meer anoniem testen (OR 3.39, p<0.001) Nationaliteit: Europeanen lieten zich meer anoniem testen (OR 2.35, p<0.001) Woonplaats: patiënten die buiten de provincie Antwerpen wonen, lieten zich meer anoniem testen (OR 3.03, p<0.001) Opleidingsniveau: mensen die een hogere opleiding genoten (universiteits- of hogeschool diploma lieten zich meer anoniem testen (OR 1.61, p =0.004) Professionele situatie: mensen met een vaste job lieten zich minder vaak anoniem testen (versus student OR 0.41, p<0.001; vs. werkloos OR 0.25, p<0.001) hiv test in het verleden: mensen die in het verleden al een hiv test ondergingen, lieten zich minder vaak anoniem testen (OR 0.7, p=0.03) Voorgeschiedenis van soa: mensen met een soa-episode lieten zich minder vaak anoniem testen (OR 0.67, p=0.035) 10
11 De volgende risicofactoren waren niet significant geassocieerd met het uitvoeren van een anonieme test: aantal partners in de laatste zes maanden, het hebben van een vaste partner, seksuele voorkeur en in regel zijn met de ziekteverzekering. Het type en de ernst van gelopen seksuele risico was ook niet geassocieerd met het uitvoeren van een anonieme test. Een multivariate analyse werd uitgevoerd met de significante parameters uit de univariate analyse. Door middel van logistische regressie weerhouden we uiteindelijk de volgende onafhankelijke parameters geassocieerd met anonieme test: Patiënt woonachtig buiten de provincie Antwerpen (OR 2.39, p<0.001) Mannelijk geslacht (OR 2.14, p=0.003) Hogere leeftijd (OR 1.03, p= 0.013) Voorgeschiedenis van soa (OR 0.65, p=0.07) hiv test in het verleden (OR 0.56, p0.003) Er is duidelijk een vraag naar anoniem testen van buiten Antwerpen. Anoniem testen is geassocieerd met angst, vooral angst om herkend te worden door partner of kennissen, angst dat iemand er achter zou komen dat die bepaalde persoon een risico heeft gelopen (lees: een andere partner heeft gehad). Anoniem testen is niet verbonden met een bepaald type seksueel contact of met een groter risico te hebben gelopen. Het is echter wel zo dat men van ver wenst te komen om zeker niet herkend te worden. Een deel van de mensen zal daarom volgens ons altijd liever in een andere regio dan de zijne een hiv-test laten uitvoeren. C. DEMOGRAFISCHE GEGEVENS SAM Er waren 79 mensen uit Sub-Sahara Afrika die in 2008 een beroep hebben gedaan op AHC. Zoals hierboven aangegeven bleef dit aantal stabiel in relatieve cijfers ten opzichte van vorige jaar. Ten opzichte van de algemene populatie blijkt de SAM populatie meer vrouwelijk en overwegend heteroseksueel te zijn. Het is interessant te noteren dat we voor de eerste keer in 2008 homo- en biseksuele patiënten uit de SAM groep hebben gezien (twee vrouwen en vier mannen). Het zijn nog kleine cijfers maar deze subpopulatie blijkt een zeer hoog risico te lopen(7) en moeilijk te bereiken zijn (8). De SAM populatie liet zich minder vaak anoniem testen. De gemiddelde leeftijd was 29 jaar (mediaan 28 jaar)wat jonger is dan de algemene populatie. De SAM populatie was minder vaak in orde met de ziekteverzekering dan de algemene populatie. Dit is een logische bevinding en wijst op een meer precair statuut. Bijna alle SAM wonen in Antwerpen. Slechts enkelen komen van verder of hebben een officieel adres buiten Antwerpen. Het is duidelijk een minder mobiele groep. De meeste van hen wonen in de stad Antwerpen. In vergelijking met de MSM die uit de hele provincie komen en ook uit de rest van Vlaanderen, is de doelgroep numeriek heel wat kleiner. Officieel wonen er in de stad Antwerpen 5796 migranten uit Afrika, en 6404 in heel het arrondissement. Dit is 8% van alle vreemdelingen in Antwerpen en 1,2% van alle Antwerpenaren. Uiteraard zijn de illegale vreemdelingen niet in deze statistieken opgenomen, evenmin als het aantal dat Belgische nationaliteit heeft aangenomen (data van april 2007)(9). De SAM die consulteerden op AHC hadden 22 verschillende nationaliteiten. 30% van hen had een Belgische of andere West-Europese nationaliteit, wat wijst op een langer verblijf en een minder precair statuut. 11
12 Nationaliteit van SAM op AHC Nationaliteit aantal percentage Angola 6 7,6% België 20 25,3% Benin 1 1,3% Burkina Faso 1 1,3% Burundi 2 2,5% Congo-Brazzaville 2 2,5% Congo-Kinshasa 4 5,1% Ethiopië 1 1,3% Ghana 5 6,3% Groot-Brittannië 1 1,3% Guinee 3 3,8% Ivoorkust 2 2,5% Kameroen 7 8,9% Kenia 3 3,8% Liberia 2 2,5% Nederland 1 1,3% Nigeria 8 10,1% Rwanda 2 2,5% Senegal 1 1,3% Sierra Leone 4 5,1% Tanzania 1 1,3% Zuid Afrika 1 1,3% onbekend 1 1,3% Totaal 79 Hulpvragen Er waren in het totaal 117 consultaties bij SAM. Volgende hulpvragen waren aanwezig: Hulpvragen consultaties Aantal % VCT (hiv-test) 66 37% soa check 44 25% Gynaeco 16 9% genitale klachten 12 7% anticonceptie 16 9% Zwangerschap(stest) 14 8% Info hiv/soa 6 3% Algemeen medisch 3 2% De SAM populatie consulteerde beduidend vaker dan de algemene populatie voor anticonceptie of zwangerschapstest. Er werd minder beroep gedaan op AHC voor een hiv test dan in de algemene populatie. 12
13 D) DEMOGRAFISCHE GEGEVENS MSM 263 MSM deden in 2008 een beroep op AHC. Iets meer dan een derde (35%) liet zich anoniem testen voor hiv. 89% van de mannen die seks hebben met mannen was afkomstig van West-Europa (waarvan nog eens 89% Belgen). De andere waren allemaal kleine aantallen. De gemiddelde leeftijd van de MSM die een beroep deden op AHC in 2008 was 35 jaar. De jongeren (leeftijd 26 jaar) maakten 26% uit van de groep MSM. Dit is vergelijkbaar met de algemene populatie. De overgrote meerderheid van MSM was in regel met de ziekteverzekering. Vaak kwamen MSM van buiten Antwerpen (36%) om zich te laten testen op AHC. Hulpvragen: Er waren 357 consultaties bij MSM in 2008, met 491 hulpvragen. MSM frequenteerden AHC overwegend voor hiv test of soa check up. Hulpvragen consultaties aantal % VCT (hiv-test) soa check genitale klachten 16 4 Info hiv/soa 18 5 Algemeen medisch 5 1 E) DEMOGRAFISCHE GEGEVENS JONGEREN 323 jongeren (gedefinieerd als leeftijd onder 26 jaar), ongeveer een derde van de totale populatie, deden een beroep op AHC in Vorig jaar waren er 228 jongeren (36%) die een beroep deden op AHC. Het aantal jongeren was dus sterk gestegen, het percentage was gelijk. We blijven deze doelgroep dus goed bereiken. Er was een evenwicht tussen mannen en vrouwen in tegenstelling tot de algemene populatie. Jongeren lieten zich ook minder vaak anoniem testen dan de algemene populatie. De afkomst van de jongeren was erg verscheiden, maar 207 jongeren (65%) waren van West-Europese origine en 215 jongeren (66%) hadden de Belgische nationaliteit (onafhankelijk van hun afkomst). Dit toont de reële situatie in Antwerpen, waar ongeveer de helft van de jongeren inderdaad van vreemde afkomst is, maar een groot deel van hen wel Belg is (geworden). Wat de jongeren betreft, ging het dus niet om een specifieke subgroep, maar er kwamen jongeren uit alle lagen van de bevolking naar AHC. 83% van de jongeren was woonachtig in de provincie Antwerpen. Het is aanzienlijk meer dan in de algemene populatie. Dit toont aan dat de jongeren minder mobiel zijn en minder de noodzaak voelen om absoluut anoniem en onbekend te zijn. Ze komen geregeld ook in groepjes. Ze komen vaker als ze een nieuwe partner hebben en er is minder schaamte. 13
14 3.2. RESULTATEN LABO: Hiv-testen konden zowel in het labo worden uitgevoerd als alleen een sneltest op Helcenter zelf. Beide mogelijkheden werden samengeteld. Indien iemand gelijktijdig een sneltest en een conventionele hiv-test onderging, werd deze één maal geteld. Alle hiv-testen werden gratis uitgevoerd. Het materiaal voor de sneltesten werd aan het AHC geschonken door het ARL Antwerpen. AHC betaalde hier niet voor. Er waren 754 mensen die in de loop van 2008 een hiv-test ondergingen (hetzij 81% van de populatie die een bloedstaal liet afnemen), 551 mannen (73%) en 200 vrouwen (27%). Bij 579 mensen werd een sneltest uitgevoerd op AHC. Dit is 77% van de hivtesten. In 2007 werd gestart met het aanbieden van de sneltesten, via een pilootproject. Ook tijdens de proefperiode werd 76% van de hiv-testen uitgevoerd met een sneltest. Deze verhouding bleef dus min of meer dezelfde. Bij 214 mensen werd een conventionele hiv-test uitgevoerd. De conventionele testen werden aangeboden aan wie om een andere reden naar AHC kwam dan voor VCT (bv anticonceptie, zwangerschap, genitale klachten, ) en aan wie een hoog risico had gelopen dat minder dan 6 weken voor de test plaatsvond. Soms werden beide testen uitgevoerd (bv recent of erg hoog risico). Alle positieve sneltesten werden geconfirmeerd via Western Blot in het AIDS referentie labo van het ITG. Er was geen enkele vals positieve sneltest. 267 mensen wilden anoniem een hiv-test (35%), sneltest en conventionele testen samen geteld. Sommige mensen lieten zich verschillende keren anoniem testen tijdens het jaar Er waren 14 positieve testen (1,9%) op AHC. Er werd een hoog aantal positieve diagnoses gesteld in AHC in 2008, zeker in vergelijking met 2007, toen er geen positieve diagnoses waren. Dit hoge aantal is mede te danken aan het project Testen op Locatie, waarbij enkele mannen die een positieve diagnose hadden, ook hun partners lieten testen op AHC. Bovendien heeft dit project veel publiciteit gekend, waardoor weer andere personen met hoog-risico aangemoedigd werden om zich te laten testen. De gemiddelde leeftijd van wie hiv+ getest werd was 36 jaar. De jongste was 19 jaar en de oudste 52. Afhankelijk van hun woonplaats, weren de patiënten doorverwezen naar een AIDS referentie centrum voor verdere opvolging (11 naar Antwerpen, 1 naar Gent, 1 naar Nederland en 1 man naar de huisarts, hij wenste zich niet bekend te maken en wilde niet naar een ARC gaan). Van drie personen weten we niet zeker dat ze verder opgevolgd worden in een ARC. Hiv-Testen per doelgroep Doelgroep Aantal testen % testen in deze doelgroep Hiv+ %hiv+/dg SAM 68 9,0% 1 1,5% MSM ,5% 12 5,8% jongeren ,2% 2 0,8% Totaal % 14 1,9% 14
15 Behalve de door ons geïdentificeerde doelgroepen waren er nog enkele opvallende kenmerken bij de mensen die hiv+ getest werden. Alle positieve testen waren bij mannen, geen enkele vrouw werd hiv+ getest op AHC in 2008; Er waren veel mensen hiv+ getest die niet Belgisch waren. Behalve de ene man van Afrikaanse afkomst, waren er 2 mannen van Azië afkomstig (4,3% van de Aziaten die zich op AHC heeft getest) en 4 mannen van andere West-Europese landen (6,7%). Een groot aantal van hen had geen mutualiteit of was niet in België verzekerd (4 hiv+/99 mensen zonder mutualiteit, 4,0%). Zes hiv+ personen hebben zich anoniem laten testen (2,25%), en 8 op naam (1,6%). Dit verschil is niet significant (p=0,6). Syfilis Er werden 510 testen voor syfilis uitgevoerd, dit is 54% van de populatie die een bloedname onderging. Er waren 19 (3,7%) positieve testen (bij 13 verschillende personen), waarvan bij een vrouw. Deze vrouw kwam uit Mongolië en was heteroseksueel. Alle mannen waren MSM, een uit Thailand, een uit Canada en een uit Luxemburg, de andere 9 uit België. Twee mannen werden tezelfdertijd ook hiv+ gediagnosticeerd. De prevalentie van syfilis bij MSM bedroeg 7,0% (n=12/172) Hepatitis B (HBV) 369 personen werden getest voor HBV, dit is 49% van wie stalen liet afnemen op AHC. aantal percentage niet immuun ,2% immuun door vaccinatie 70 19,0% immuun door doorgemaakt infectie 51 13,8% totaal 369 Van wie Hepatitis B doormaakte waren er 6 chronische drager (12%). Een vaccinatie werd aangeraden aan wie negatief was. Hepatitis C Er werden 423 testen uitgevoerd voor hepatitis C. Er waren 6 positieve antistoftesten (1,4%), waarvan er 4 door LIA geconfirmeerd werden. Dat waren twee Mongoolse heteroseksuele vrouwen, een Belgische druggebruiker en een homoseksuele hiv+ man uit Thailand. Chlamydia Er werden DNA-amplificatietesten gedaan voor de bepaling van Chlamydia en Gonorroe. Voor Chlamydia kon dit zijn op een genitale wisser of op urine. De meeste mensen die een soa-screening vroegen, kregen een chlamydia test. Dit was zeker het geval bij alle jongeren. De positieve testen werden allemaal geconfirmeerd. 15
16 Er werden 640 testen voor Chlamydia afgenomen. Hiervan waren er 31 positief (4,8%). MAN VROUW ONBEKEND TOTAAL Chlamydia 15 (3,6%) 16 (8,0%) 31 (4,8%) positief Chlamydia negatief Totaal Van de 31 personen met positieve chlamydiatest werden er 5 anoniem getest. Chlamydia positief seksuele voorkeur Etniciteit Man hetero MSM Vrouw hetero Totaal Lat-Amerika 1 1 N-Afr O-Eur 2 2 SAM W-Eur Totaal Van de 31 personen met een positieve test voor chlamydia waren er 22 in regel met de mutualiteit (71%). Een derde van de patiënten met chlamydia hadden dus geen ziekteverzekering in België en het was goed dat ze een beroep konden doen op AHC. De gemiddelde leeftijd van wie positief testte voor chlamydia was 27 jaar, 33 jaar voor de mannen en 22 jaar voor de vrouwen. De jongste was 16 jaar en de oudste 52. Van de mannen waren er 4 jonger dan 26 jaar, van de vrouwen 15. Alle personen met positieve test voor Chlamydia werden ingelicht van hun resultaat en werden behandeld, hetzij op AHC, hetzij bij de huisarts. Gonorroe DNA-amplificatietesten werden gebruikt voor de bepaling van Gonorroe. Voor Gonorroe gebeurde er DNA amplificatie op urine of een genitale wisser. Gonorroe werd enkel uitgevoerd bij klachten, in hoog-risico groepen of voor het plaatsen van een spiraaltje. De positieve testen werden allemaal geconfirmeerd. MAN VROUW ONBEKEND TOTAAL Gono positief 6 (2,6%) Gono negatief Totaal Van wie positief testte voor gonorroe werd niemand anoniem getest. Al deze mannen waren MSM, van West-Europese of Noord-Afrikaanse afkomst. Allemaal hadden ze klachten en allemaal werden ze behandeld met Rocephine IM. De gemiddelde leeftijd was 26 jaar, de jongste was 18 jaar, de oudste 32. Chlamydia serologie Bij 128 personen werd Chlamydia serologie uitgevoerd. Tien personen (8%) hadden positieve titers, suggestief voor een oude LGV (Lymphogranuloma Venereum). Niemand had titers suggestief voor een acute LGV. Elf personen hadden lage titers, die moeilijk interpreteerbaar zijn. 16
17 Andere Een aantal vrouwen vroeg ook om een zwangerschapstest te kunnen laten uitvoeren. Dit werd bij 35 vrouwen gedaan. HCG kon op bloed worden uitgevoerd (via labo en gratis) of via sneltest op urine (met betaling van 7 ). Drie mensen lieten HCG op bloed bepalen en 32 vrouwen op urine. Tien zwangerschapstesten waren positief (29%), de patiënten werden vervolgens doorverwezen naar de huisarts of family planning centrum. 93 vrouwen lieten een vaginale kweek uitvoeren. 30 vrouwen hadden een infectie met Gardnerella (32%), 27 Candida (29%), hiervan waren er 5 met beide infecties. Er werden 62 baarmoederhalskankeruitstrijken afgenomen (PAP). Er waren 5 vrouwen met LSIL (Low grade squamous intraepithelial lesion) (8%) en 1 met HSIL (High grade squamous intraepithelial lesion). De andere uitstrijkjes waren negatief voor maligniteit. De vrouwen met positieve uitstrijken werden doorgestuurd naar de huisarts of de gynecoloog. Zeventien personen hadden genitale of anale condylomen. Een persoon had schaamluizen. Bij zes personen werd PEP (Post Exposure Prophylaxis) gestart na een recent (<72u) hoog risico seksueel contact. Ze krijgen op AHC een starterskit Kaletra, Combivir. Nadien moeten ze naar een ARC gaan voor oppuntstelling en verderzetting van de PEP. 17
18 3.3. VRAGENLIJST 766 personen van de 894 personen die zich aanmeldden op AHC in 2008 vulden de vragenlijst (86%). Dit is veel meer dan in 2007, wanneer 58% de vragenlijst invulde (367/632). Deze lijst geeft achtergrondinformatie over de bezoekers van AHC en bevraagt hun seksueel gedrag en seksuele risico s. De sex ratio en de leeftijd is vergelijkbaar met de algemene populatie. In verhouding vulden veel minder patiënten van buitenlandse afkomst de vragenlijst in. De meeste van onze patiënten die de vragenlijst invulde had een hoger opleiding genoten (n=442, 58%), evenzeer hadden ze een vaste job (n=414, 54%) Op de vraag Hoe ken je AHC? antwoordde de helft via internet. Over de motivatie om AHC te bezoeken meldden de patiënten in dalende volgorde: de toegankelijkheid van het centrum, de mogelijkheid om sneltest te krijgen, de mogelijkheid om anoniem getest te worden en de gratis testen. De redenen opgegeven om de huisarts niet te bezoeken voor een soa check-up waren in de helft van de gevallen schaamte en de moeilijkheid om dit onderwerp met de vaste huisarts te bespreken. Bij de bevraging over de motivatie om anoniem getest te worden meldden de meerderheid van de patiënten de confidentialiteit tov de vaste partner (43%) en de angst voor de gevolgen van een positieve test (31%). We peilden ook naar het risicoprofiel. 51 mensen meldden een specifiek risicoprofiel: beroepsblootstelling: 22 personen bloedtransfusie ondergaan: 13 werk in prostitutie: 6 Intraveneus druggebruiker: 10 personen. 306 personen hadden seksueel contact met mensen uit een risicogroep voor hiv en soa: Seks met prostituee 95 Met vermoedelijk hiv+ 94 Met zeker hiv+ 25 Met persoon uit endemisch gebied 77 Met druggebruiker 15 Bent u gevaccineerd voor Hepatitis B? ja % neen % 591 Hebt u ooit soa gehad? ja % neen %
19 Waarom wenst u een test? Ook op deze vraag kon meer dan 1 antwoord gegeven worden. Persoonlijke bezorgdheid, om zeker te zijn, is duidelijk de meest voorkomende reden om zich te laten testen. administratieve redenen 5 doorverwijzing arts aanraden derden nieuwe relatie klachten specifiek risico 162 persoonlijke bezorgdheid 467 De meeste patiënten hebben enkele partners gehad in het voorbije jaar. 15% van de deelnemers hebben meer dan 5 partners gehad in het voorbije jaar. Noteer dat deze vraag vaak niet beantwoord werd (16% ontbrekende antwoorden). De meerderheid van de deelnemers, ongeveer 60%, heeft een vaste partner waarbij de HIV status negatief of onbekend is. Slechts een minderheid heeft een hiv positieve partner. De cijfers zijn uiteenlopend wat betreft de gelopen risico s: 71% vermeldt onbeschermde orale seks 45% vermeldt onbeschermde vaginale seks 20% vermeldt onbeschermde anale seks. Er werd niet gevraagd naar de frequentie van risico of het type risico (insertief vs receptief) maar het valt op dat veel van de bezoekers op helpcenter wel degelijk een seksueel risico hebben gelopen. 19
20 4. Seksuologie 2008 Er waren enkele moeilijkheden voor de uitbouw van de seksuologie. Enerzijds was er slecht één halftijdse seksuoloog die hier specifiek aan kon werken. Anderzijds was er de afwezigheid van de sociaal verpleegkundige gedurende enkele maanden. Hierdoor kwamen bepaalde plannen en ideeën in vertraging. Desondanks is de seksuologie in AHC in 2008 positief geëvolueerd. Naast de seksuoloog deden ook de artsen en sociaal verpleegkundige van AHC seksuologische raadplegingen en counselingen. Seksuologie kan binnen AHC opgesplitst worden in 3 belangrijke deelwerkingen: seksuologische raadplegingen, vrouwengespreksgroepen en bijdrage tot het beleidsvoorbereidend onderzoek SEKSUOLOGISCHE RAADPLEGINGEN Deze raadplegingen gebeuren door de seksuoloog. Er werd geopteerd voor kortdurende behandelingen met regelmatige evaluatiesessies (na maximaal 5-6 gesprekken). Er wordt gewerkt vanuit een cognitief-gedragsmatige invalshoek, waarbij de nadruk komt te liggen op de klacht, hoe deze klacht gepercipieerd wordt en hoe met deze klacht kan omgegaan worden. Er wordt gestreefd naar een oplossing, waarbij de persoon zich goed voelt en welke de persoon realiseerbaar acht (client-centered invloeden). In 2008 hebben 72 raadplegingen bij de seksuoloog plaatsgevonden, wat een stijging is met 85% in vergelijking met Deze raadplegingen waren met 30 verschillende personen (3.4% van de totale populatie). Personen konden met verschillende hulpvragen bij de seksuoloog terecht, waarbij meerdere hulpvragen per persoon konden gesteld worden. De hulpvraag die het vaakst in de gesprekken aan bod kwam, was seksueel risicogedrag (31 gesprekken). In aflopende volgorde werden daarnaast relationele aspecten (25), opwindingsproblemen (22), problemen met het verlangen - verminderd of verhoogd (22) en orgasmeklachten (7). Pijn bij seks werd in 2 gesprekken aangehaald. Bij 12 consultaties was er sprake van een achterliggende psychopathologische problematiek; bij 6 van een medische problematiek. Zeven personen werden doorverwezen voor hun klachten: 4 naar een psychiater, 2 naar een psycholoog en 1 naar een arts. Seksueel risicogedrag verminderen is een kerntaak van AHC. Het uitbouwen van een beleid en expertise opbouwen in verband met risicoreductiestrategieën zijn hiervan belangrijke geconcretiseerde doelstellingen. Deze deskundigheidsbevordering lijkt erkend te worden, wat blijkt uit verschillende activiteiten in de loop van 2008: Opzetten, realiseren en afwerken van een project naar drempelverlaging voor hiv en soa-testen (Testen op Locatie) -inclusief het afsluitend symposium (Sex in the City). Doorverwijzing van mensen met verhoogd seksueel risicogedrag door externe hulpverleners. Dit gebeurt niet vaak, maar enkele patiënten werden specifiek voor deze problematiek naar AHC verwezen door hun begeleidende arts of psychotherapeut. Symposium Risico is lekker : symposium rond seksueel risicogedrag, georganiseerd door de Nederlandse Vereniging voor Seksuologie, dat op 20
21 18/03/2008 in Utrecht georganiseerd werd. Tom Platteau, seksuoloog bij AHC, was op dit symposium gevraagd om te spreken over de praktijk (Hoe omgaan met cliënten met seksueel risicogedrag?) en over bijbehorende psychologische processen die een invloed hebben op seksueel risicogedrag (zie ook bijgevoegd programma en presentatie) VROUWENGESPREKSGROEPEN In 2008 werd een tweede vrouwengespreksgroep VhivA gestart, naar analogie van de groep in Vier Nederlandstalige hiv-positieve vrouwen die op het ITG in opvolging zijn, kwamen al 2x samen in de tweede helft van 2008 rond specifieke thema s. Deze groep loopt nog voort in Het is een groep die begeleid wordt door de sociaal verpleegkundige en psycholoog, op het AHC. Thema s zijn: seksualiteit, kinderen en kinderwens, disclosure, therapie, Ook bij deze gespreksgroep is de bedoeling: mensen beter leren omgaan met de diagnose. Dit resulteert in minder seksueel risicogedrag BELEIDSVOORBEREIDEND ONDERZOEK In het kader van beleidsvoorbereidend onderzoek waren in 2008 een project afgewerkt ( Testen op Locatie ) en 2 projecten lopend ( Interviewonderzoek MSM en Hypochondrie in de soa-kliniek ) Project Testen op Locatie, een outreach preventieproject in Antwerpen voor mannen die seks hebben met mannen: opzet en resultaten. Dit preventieproject ging uit van AHC, in samenwerking met Sensoa en de Universiteit Antwerpen, afdeling huisartsgeneeskunde, met de hulp van de stad Antwerpen, dienst gezondheid. Inleiding. De laatste jaren is er een duidelijke en blijvende hogere incidentie van soa bij homoseksuele mannen. Het soa-surveillancesysteem via een peilnetwerk van clinici in België, stelde vanaf eind 2001 een toename vast van syfilis en vanaf eind 2004 ook van gonorroe (10). Uit de registratie blijkt verder dat 18 % van de homomannen met een syfilis en 7 % van diegenen met een gonorroe niet wisten dat ze hiv besmet waren op het moment van de raadpleging bij de dokter (10). Zonder die dwingende reden van lichamelijke klachten hadden zij geen dokter geraadpleegd en hadden zij zich niet laten testen. Deze epidemiologische gegevens van het peilnetwerk van clinici, lopen parallel met de registraties van Toezicht Gezondheid van de Vlaamse Gemeenschap en de bevindingen van het peilnetwerk van laboratoria voor microbiologie. Zowel de registraties van Toezicht Volksgezondheid als de soa-surveillance via het peilnetwerk van clinici, geven aan dat de overgrote meerderheid van de besmettingen ( > 90 %) van gonorroe en syfilis plaats vinden in België zelf. Hoog seksueel risicogedrag bij een belangrijke groep homomannen is een permanent gegeven en leidt tot belangrijke gezondheidsproblemen voor het individu en ook voor de volksgezondheid. De overgrote meerderheid van de soa bij deze mannen, zijn een gevolg van een besmetting in België. 21
22 Vanuit deze vaststelling, is een alternatieve strategie aangewezen om deze mannen met hoog risicogedrag te bereiken, met name: het aanbieden van soa/hiv-screening op plaatsen waar zij samenkomen voor sociaal of seksueel contact: 'Testen op Locatie'. Testen op locatie is een methodiek die in Vlaanderen niet wordt toegepast bij MSM. Het huidige pilootproject was geënt op bestaande initiatieven in Nederland. Voor dit project is er een samenwerking tussen AHC en Gemeentelijke Gezondheidsdiensten (GGD) in Nederland (Twente en Rotterdam), waar Testen op Locatie al geruime tijd wordt uitgevoerd. Onderzoeksvragen De vragen die we wilden beantwoorden met dit project, waren: 1. Is het haalbaar om Testen op Locatie op te zetten in een Antwerpse setting? 2. Bereiken we langs deze weg mannen met verhoogd risico? 3. Zijn dit mannen die binnen de reguliere gezondheidszorg geholpen worden? Methode Om deze vragen te beantwoorden, hebben we een project opgezet om gratis en anoniem hiv- en soa-testen aan te bieden in hoogrisicosettings. We hebben geopteerd voor een gay-sauna en een fetisjclub uit het Antwerpse. Er werd de deelnemers gevraagd een vragenlijst in te vullen (dit nam 5 10 min in beslag) terwijl ze op de dokter wachtten. De testen die op de bloedstalen uitgevoerd werden, waren hiv, syfilis, chlamydia, hepatitis B en hepatitis C. Een 10-tal dagen na de bloedname ontvingen mensen een SMS met één van volgende gestandaardiseerde boodschappen: Alles OK. Bedankt voor uw medewerking. Indien u wil, kan u de resultaten bespreken met een arts op Helpcenter of Ten minste één van de testresultaten is afwijkend. Gelieve contact op te nemen met Helpcenter om uw resultaten met een arts te bespreken. Tel. 03/ Resultaten Op elke locaties werden 5 sessies van 3 uur per keer georganiseerd tussen eind maart en eind juli 2008 (totaal 10 sessies). Elke locatie werd ongeveer 1 keer per maand bezocht. Tijdens de sessies was telkens een multidisciplinair team van 3 mensen aanwezig: een arts (voor bloedname en medische vragen), een counsellor (voor nietmedische vragen en procedure) en een aanspreekpersoon. In totaal werden 137 mannen getest (min 4, max 24 mannen per sessie), wat binnen onze vooropgestelde prognose ( ) lag. Ongeveer twee derde van de mannen zijn in de sauna getest, één derde in de fetisjclub. De gemiddelde (en mediaan) leeftijd was 41 jaar (de jongste was 19, de oudste 78). Bijna 7 op de 10 geteste mannen waren Belgen. Iets meer dan een kwart waren Nederlanders en een klein percentage had een andere nationaliteit, maar woonde in België. 39% van de mannen had in het voorbije jaar een hiv-test laten afnemen. Van deze mensen had bijna twee derden dit bij de eigen huisarts laten doen. Concluderend kan gesteld worden dat mannen de weg vonden, zowel naar als op de locatie. De leeftijd van de geteste mannen was erg uiteenlopend, en alle leeftijdscategorieën waren in vertegenwoordigd. SMS als methode om het resultaat te ontvangen, werd door de deelnemers erg hoog gescoord (83%). De evaluatie van de sessies was ook erg positief. 22
23 Testen INFECTIE TESTEN Hiv Ag + As test Syfilis RPR TPPA Hepatitis B HBsAg HBcAs HBsAs Hepatitis C As Confirmatie Chlamydia trachomatis IgG IgA In totaal werd bij 18% van de deelnemers een actieve, besmettelijke soa vastgesteld. Voor een screening-programma is deze yield erg hoog. Hiv: 7 mannen werden positief getest op HIV (5%). Deze mannen werden doorverwezen naar een ARC in hun buurt. Sommige van deze mannen brachten hun partner mee naar AHC of naar de huisarts voor een test, en op deze manier werden nog enkele mannen hiv-positief getest. Syfilis: 12 mannen (9%) testten positief voor een recente (besmettelijke) infectie. Bij 13 mannen (9.5%) werden tekenen van een oude infectie teruggevonden (niet besmettelijk). Chlamydia: deze cijfers zijn moeilijker te interpreteren, maar op basis van de resultaten schatten we dat 5-7% een actieve besmetting met chlamydia, vermoedelijk LGV, heeft. Hepatitis B: Een derde van de mannen was niet beschermd voor Hepatitis B (36%, n=48). Van wie wel beschermd was, had iets minder dan de helft de infectie doorgemaakt (46%, n=39), iets meer dan de helft was gevaccineerd (50,6%, n=43), van 3 personen was niet duidelijk of ze beschermd waren na vaccinatie of na doorgemaakte infectie. Eén persoon was drager van hepatitis B. Hij was er niet van op de hoogte. Dit toont het belang aan van een vaccinatie voor HBV aan te bieden aan homomannen, in het bijzonder aan hen die wisselende en anonieme seks hebben. Hepatitis C: 1 man testte positief voor hepatitis C. Deze man testte bovendien ook positief op hiv, syfilis, chlamydia en hepatitis B, wat hem een supertransmitter van soa maakt. Grafiek: prevalentie van soa POSITIEF NEGATIEF NIET GETEST / GRIJZE ZONE TOTAAL Hiv 7 (5%) 130 (95%) 137 Syfilis 24 (17,5%) 113 (82,5%) 137 HBV (alle AS-en) 85 (62%) 48 (35%) 4 (3%) 137 HBcAs 39 (46%) 43 (50,5%) 3 (3,5%) 85 HBsAg 1 (1%) HCV CT IgG en IgA 16 (11,7%)
24 Met de antwoorden op de vragenlijsten, is ook een analyse gedaan op basis van het risicoprofiel van de deelnemers. Daaruit bleek dat mannen die meer risico lopen op hiv en soa, gedefinieerd als risicovolle seksuele contacten en inconsistent condoomgebruik (41% van de deelnemers), (1) jonger zijn, (2) meer onder invloed zijn van drugs en alcohol tijdens seks en (3) minder een huisarts hebben dan mannen die weinig risico lopen op hiv en soa. Als we de antwoorden van de vragenlijsten koppelen aan de testresultaten, blijkt dat mensen met een hiv- of syfilisbesmetting, minder een huisarts hebben dan mensen zonder actieve besmetting (alle verschillen in bovenstaande alinea zijn statistisch significant). Conclusies De antwoorden op onze initiële onderzoeksvragen luiden als volgt: 1. Is het haalbaar om Testen op Locatie op te zetten in een Antwerpse setting? De methode bleek haalbaar en werd goed aanvaard. Er was een grote tevredenheid bij klanten en uitbaters van de horecazaken. De methode is wel arbeidsintensief en daardoor erg duur. 2. Bereiken we langs deze weg mannen met verhoogd risico? 18% van de deelnemers heeft een actieve besmetting. Deze score is erg hoog voor een screeningsprogramma. Er kan bijgevolg gesteld worden dat een groep met verhoogde kans op hiv en soa bereikt wordt. Bovendien hebben 99% van de mensen hun resultaat ontvangen en hebben 99% van de mensen, die een positief resultaat hadden, contact opgenomen met het centrum en hun resultaat met de arts besproken (1 persoon heeft een verkeerd GSM-nummer doorgegeven). 3. Zijn dit mannen die binnen de reguliere gezondheidszorg geholpen worden? Uit de analyse van de vragenlijsten blijkt dat proportioneel veel mensen met verhoogde kans op hiv en soa niet binnen de eerstelijns hulpverlening (huisarts) geholpen worden. Deze mensen waren dus moeilijk of niet bereikt indien niet op locatie getest was. Symposium Op 27 november 2008 werden de projectresultaten op het symposium Sex in the City voorgesteld; het symposium werd georganiseerd door dezelfde partners als het project Testen op Locatie. Er waren een honderdtal deelnemers, vooral geïnteresseerde professionelen die zelf met MSM werken, met hiv positieven of huisartsen uit het Antwerpse. Er kwamen sprekers uit binnen- en buitenland rond laagdrempelig aanbieden van hiv- en soa-testen bij MSM. Ook de plaats van de huisarts kwam aan bod. Het programma van dit symposium bevindt zich in bijlage. Op basis van het project en het symposium hebben we enkele aanbevelingen voor huisartsen ten aanzien van hun homoseksuele mannelijke patiënten: Vaccineer hen tegen hepatitis (A en B); Spreek over seks en risicogedrag; Biedt actief een hiv en soa check up op regelmatige basis aan. Ook uit andere studies blijkt dat homomannen het liefst naar hun huisarts gaan, en er ook vaak een hebben. Ze beginnen echter niet graag over hun seksleven. Als de huisarts er een vraag over stelt, wensen ze wel uitleg te geven en kunnen ze er meestal open over spreken. Het symposium werd door de deelnemers goed geëvalueerd (gemiddelde score rond 8/10). 24
25 Interview project: Diepte-interviews met mannen die seks hebben met mannen (MSM) Naar aanleiding van een aantal fenomenen die recent bij hiv-positieve mannen die seks hebben met mannen (MSM) werden waargenomen (syfilis, LGV), hebben AHC en Sensoa een onderzoek opgezet om te onderzoeken welke determinanten het MSM met hiv moeilijk of makkelijk maken om veilig te vrijen. Het in kaart brengen van de motivationele en situatieve context waar veilig vrijen voor de achtergrond van een persoonlijk levensverhaal (d.w.z. seksuele loopbaan, individuele levensgeschiedenis en seksualiteitsbeleving) gebeurt, moet helpen advies en counseling omtrent seksuele risicoreductie op maat te verbeteren. Het gaat om een kwalitatief opgezet onderzoek waarbij mannen met hiv en een recent opgelopen soa geïnterviewd werden door opgeleide interviewers. De persoonlijke diepte-interviews zijn semi-gestructureerd van aard en peilen naar 'veilig vrijen' (welke seksuele praktijken beoefenen respondenten, wat is hun risico-inschatting van deze activiteiten, struikelblokken om veilig te vrijen) en naar hulpverlening rond veilig vrijen (met wie kunnen patiënten praten over veilig vrijen, kennen ze het bestaande aanbod en hebben ze er al gebruik van gemaakt, enz.). De inclusiecriteria voor de studie waren: - MSM - minstens 6 maanden hiv-positief - recent opgelopen soa Tot hiertoe werden er 14 personen geïnterviewd en 2 interviews gepland. Hoewel de meerderheid van de geïnterviewden via het AHC werden geïncludeerd, werden verschillende ARC s in het onderzoek betrokken en werden al enkele interviews met patiënten van andere ARC s uitgevoerd. De analyses van dit onderzoek zijn gepland voor Hypochondrie bij patiënten met (vermeend) seksueel risicogedrag Aanleiding Lichamelijke klachten die hun oorsprong vinden in psychisch lijden zijn niet onfrequent in de geneeskunde. De psychologische implicaties van seksueel risicogedrag, en de angst om een soa te hebben opgelopen, kunnen aanleiding geven tot al dan niet vermeende lichamelijke klachten, tot somatisatie 2, somatische fixatie 3 en tot hypochondrie 4. Deze instelling wordt in de hand gewerkt door een tekort aan informatie, verkeerde informatie, of door overinformatie. Het wijdverbreide gebruik en de makkelijke toegankelijkheid van het internet lijkt dit syndroom in de hand te 2 Somatisatie is de neiging om lichamelijke ongemakken en klachten die niet door pathologische bevinden kunnen worden verklaard - te ervaren en te rapporteren, ze aan een lichamelijke aandoening toe te schrijven en er medische hulp voor te zoeken (Lipowski, 1988) 3 Somatische fixatie is het inadequaat omgaan met en reageren op ziekte, onlustgevoelens, klachten of problemen, waarbij men meer dan nodig afhankelijk wordt van anderen en met name van de medische hulpverlening. 4 Preoccupation with fears of having or the idea that one has a serious disease based on misinterpretation of bodily symptoms. The pre-occupation persists despite appropriate treatment 25
26 werken: vermeende ziektetekenen en symptomen worden geïnterpreteerd zonder deskundige duiding, en versterken de mechanismen die tot hypochondrie leiden. Probleemstelling Gespecialiseerde centra voor hiv- en soa-testen, zoals AHC, worden vaak gebruikt door mensen met een vermeend risicogedrag of klachten die ze toekennen aan een soa, zonder dat een soa kan aangetoond worden. Deze mensen nemen veel tijd in beslag van de artsen en de paramedici. Ze vragen veel consultaties, telefoneren en en herhaaldelijk. Bovendien doen ze een beroep op verschillende hulpverleners en centra. De definitie en incidentie van hypochondrie in de soa-kliniek is slecht gekend en gedocumenteerd. Een search in PubMed, gefocust op de zoektermen hypochondrie en hiv, en hypochondrie en soa, leverde in beide gevallen slechts zes publicaties op, waarvan slechts één publicatie minder dan vijf jaar oud was. Drie publicaties dateerden van voor het aidstijdperk, waarbij van venerophobia gesproken werd. Over het verband tussen internetgebruik en het optreden van hypochondrie in de soakliniek werd tot nu toe niets gepubliceerd. Doelstelling De doelstelling van het onderzoek is het in kaart brengen ( documenteren ) van hypochondrie en somatische fixatie in een kliniek gespecialiseerd voor soa. Specifiek heeft het onderzoek tot doel: - een schatting te krijgen van de grootte van het probleem soa-hypochondrie in de soa/hiv kliniek - de karakteristieken van de patiënt die lijdt aan soa-hypochondrie te definiëren - het definiëren van een profiel van een patiënt die lijdt aan meer bepaald hypochondrie die werd uitgelokt door een specifieke gebeurtenis die een schuldgevoel heeft geïnduceerd (verder genoemd: syndroom van APC ) - het in kaart brengen van het gezondheidstraject dat de patiënt aflegt die aan de definitie voldoet. De bedoeling is dat dit onderzoek lijdt tot een beter inzicht in deze weinig bestudeerde problematiek, en dat dit inzicht leidt tot betere behandelingsstrategieën, die eventueel later in een interventie-onderzoek kunnen worden getoetst. Het betreft hier niet enkel een academisch probleem, maar het moet dienen om patiënten met deze klachten beter door te verwijzen zodat AHC zich op de eigenlijke doelgroepen kan focussen. Onderzoeksopzet Retrospectief: beschrijving van casussen die aan de definitie voldoen. Prospectief: registratie van casussen die aan de definitie voldoen. Methode Retrospectief: via een rondvraag bij de artsen die werkzaam zijn in de soa kliniek van het ITG en AHC zullen de dossiers van de patiënten die aan de definitie voldoen worden geïdentificeerd. Op basis van de dossiergegevens zullen de gevallen worden 26
27 beschreven, eventueel na contacteren van de patiënten en een extra consultatie om de gegevens aan te vullen. Prospectief: de artsen van de soa kliniek/ahc zullen worden gesensibiliseerd aan de hand van de gevallendefinitie: Patiënten die beantwoorden aan de definitie van soahypochondrie worden geregistreerd. Eventueel kunnen patiënten waarbij een vermoeden rijst van hypochondrie worden doorverwezen naar één van de drie onderzoekers die dan een doorgedreven anamnese en onderzoek kunnen uitvoeren aan de hand van een vragenlijst die bij de geïncludeerde patiënten zal worden afgenomen. Patiënten die lijden aan het syndroom van APC, worden doorverwezen naar de onderzoekers voor een grondige anamnese. Bij alle patiënten zal nagegaan worden in hoeverre de toegankelijkheid tot internet en gespecialiseerde websites de hypochondrie veroorzaakt, in stand houdt en/of versterkt. Dit wordt opgenomen in de vragenlijst. Om tot een schatting van de grootte van het probleem te komen zal het totaal aantal soa contacten als noemer worden gebruikt. Inclusiecriteria Screening gebeurt door alle hulpverleners op basis van zeer gevoelige criteria: beperkt risico of eenmalig risico met herhaalde consultaties, of meerdere risico s - maar steeds minimaal - en niet in staat zelf het risico in te schatten ondanks herhaalde voorlichting. Patiënten worden uiteindelijk geïncludeerd op basis van een vragenlijst. De vragenlijst is dus een leidraad bij het opnemen van de anamnese bij elk verdacht geval, en wordt door de hulpverlener zelf ingevuld. Planning Het project is in mei 2008 van start gegaan. Tot eind 2008 werden 10 patiënten geïncludeerd. Referenties Websites die werden geconsulteerd: Background: Cyberchondria : Vragenlijsten die naar hypochondrie peilen: Screeningtools: Definities: Van der Molen HT, Perreyijn S, van den Hout MA. Klinische psychologie theorieën en psychopathologie. 1997, Wolters-Noordhoff bv Groningen, The Netherlands. Hfdst 16 Somatoforme en psychosomatische klachten p 557 ev. 27
28 Flora studie: Dit is een studie die in 2008 werd opgezet met het ITG (preventie en labo), rond bacteriële vaginose. AHC werkt hieraan mee, de testen worden afgenomen op AHC. Tot eind 2008 werden 14 vrouwen geïncludeerd. In 2009 zullen analyses en wetenschappelijke verwerking gebeuren. PLANNING 2009 De belangrijkste projecten die gepland worden voor 2009 zijn: - We zullen ons in het bijzonder toeleggen op het bereiken van SAM. De samenwerking met het HIV-SAM Project en andere intermediairen zal uitgebreid worden. - Opzetten en start uitvoeren van het project Testen op Locatie bij SAM (in functie beschikbaarheid van bijkomende middelen). - De folders die speciaal voor SAM ontworpen werden in 2008 beschikbaar maken voor het algemene publiek in het Nederlands. - Een van onze prioritaire doelgroepen blijven de MSM. We werken verder aan de strategieën voor (secundaire) preventie voor MSM, in samenwerking met andere partners zoals Sensoa, de Holebivereniging,... met de bedoeling het aantal nieuwe infecties terug te dringen. - Verderzetting van testen op locatie voor MSM. - Het uitschrijven van een protocol voor VCT in een laagdrempelig centrum zoals AHC, zodat het model repliceerbaar is in andere regio s. - In 2009 zal getracht worden de seksuologische raadplegingen verder uit te bouwen. - De medische consultaties zullen worden verder gezet zoals in We denken verder nog een beetje te kunnen stijgen in aantal verschillende personen dat een beroep doet op AHC en (in mindere mate) in het totaal aantal consultaties. - Wetenschappelijke bijdragen: poster voor het congres van ISSTDR (International Society for Sexually Transmitted Diseases Research) rond Testen op Locatie, London, 28 juni 1 juli Bedoeling is ook de resultaten te kunnen publiceren in een wetenschappelijk tijdschrift. Ook nog andere wetenschappelijke artikels zijn in planning. - Verdere uitwerking van de Flora studie en de hypochondrie studie - Daarnaast zal ook getracht worden om (1) te onderzoeken of in de wachtzaal aan Gezondheidsvoorlichting en opvoeding (GVO) kan gedaan worden, specifiek gericht op de reductie van seksueel risico en (2) te onderzoeken of groepscounseling in verband met reductie van seksueel risico realiseerbaar is binnen de setting van AHC en hoe deze vorm kan gegeven worden. 28
29 BESLUIT Op 19 mei 2008 is Helpcenter verhuisd naar het centrum van Antwerpen. We zagen hierdoor een stijging van het aantal bereikte mensen, met vooral een stijging van de prioritaire doelgroepen. In 2007 legden we ons vooral toe op het bereiken van MSM en het ontwikkelen van strategieën voor secundaire preventie voor deze doelgroep. In 2008 zetten we dit verder, met specifieke acties naar de hoog-risico MSM. Dit gebeurde voornamelijk via het project Testen op Locatie. We trokken zo in 2008 inderdaad meer hoog-risico en kwetsbare MSM (bezoekers van seksclubs en sauna s) aan. Dit heeft geresulteerd in meer geïdentificeerde hiv-positieven, wat onze betrachting was. Laagdrempelige outreach strategieën zoals ToL zijn dus een goede manier om nieuwe infecties (seroconverters) te identificeren en het is een screeningsprogramma met grote gezondheidswinst. Daartegenover staat wel de hoge workload, de kost voor alle gratis en anonieme soa-testen en de noodzaak om het op regelmatige basis verder te zetten. Er werden extra inspanning geleverd naar de groep SAM. Hoewel de aantallen SAM die bereikt konden worden tegenover het voorbije jaar lichtjes toegenomen waren, bleef het toch erg moeilijk hen meer aan te sporen tot testen en hen via AHC te bereiken. Er werden acties georganiseerd in samenwerking met het HIV-SAM Project. Interventies naar SAM toe moeten rekening houden met het hoge hiv-gerelateerde stigma in deze doelgroep, wat het bijzonder moeilijk maakt hen met een hiv-specifiek aanbod zoals VCT te bereiken. Naar aanleiding van het project Testen op Locatie bij MSM werd gestart met de voorbereiding van een soortgelijk project ten aanzien van SAM. Dit zal worden voorbereid in de eerste helft van 2009 en worden uitgevoerd in de tweede helft van 2009 en begin Het aanbieden van een sneltest gaf een extra aantrekkingskracht naar AHC. Voor sommige mensen was het belangrijk snel een resultaat te kennen. Bij de huisarts of in een ARC duurt het enkele dagen vooraleer het resultaat gekend is. Voor andere mensen is de snelheid niet van belang, maar wensen ze (volledige) anonimiteit. Voor hen is de drempel naar de huisarts te hoog, omdat de huisarts de omgeving te goed kent, waardoor gevreesd wordt dat deze zich niet aan het beroepsgeheim kan houden, ofwel hebben ze geen huisarts. Het totale aantal personen dat op consultatie kwam is in de tweede helft van 2008 gestegen, voornamelijk door een grotere bereikbaarheid van het centrum, dat verhuisde naar het centrum van Antwerpen. Het aantal hiv-testen die werden uitgevoerd steeg gevoelig in In 2007 hadden we ongeveer 500 testen, in 2008 de helft meer (ca. 750 testen). Ook het aantal positieve testen steeg, wat betekent dat er meer mensen uit de hoog-risico groepen bereikt werden. Ook op de andere soa werd frequent positief getest. Er werden in het totaal 82 positieve testen gevonden voor alle acute en besmettelijke soa samen. Dit zou betekenen dat 11% van de mensen die op AHC getest werden een actieve besmettelijke soa had. Bij sommige personen was echter meer dan 1 test positief. Wie zich anoniem laat testen is duidelijk een groep die verschillend is van de totale populatie in AHC. Het zijn in grote mate mannen, van West-Europese afkomst, hoger opgeleid en meestal in orde met de mutualiteit. Het gaat hier bijna steeds om niet hulpbehoevende en niet kwetsbare personen. Meestal is hun inschatting van het risico 29
30 dat ze hebben gelopen ook groter dan het reële risico. Onze beslissing hen te laten betalen voor bijkomende soa-testen, wordt nogmaals ondersteund door deze gegevens. Er waren dit jaar beduidend minder vrouwen die een beroep deden op AHC. Vroeger zag AHC veel meer vrouwen. Er is dus duidelijk een switch van deze populatie vaak kansarme (illegale) vrouwen met gynaecologische of algemeen medische problemen, naar een populatie met risico op soa, die komen voor een hiv en/of soa-screening. 30
31 Bijlagen: Grafieken 1. Helpcenter Algemene populatie, grafieken 1 tot 5 Anomieme populatie grafieken 6 tot 10 SAM populatie grafieken 11 tot 16 MSM populatie grafieken 17 tot 20 Jongeren populatie grafieken 21 tot 26 Vragen lijst grafieken, algemene vragen, grafieken 27 tot 31 Vragenlijst, seksuele risico, grafieken 32 tot Testen op locatie grafieken 1 tot Persartikels 4. Programma Sex in the City 5. Folder HC (Fr en Eng) 6. Folder Munno Makubi Grafiek 1: persoonsgegevens, Geslacht Vrouw; 327; 37% onbekend; 4; 0% Man; 563; 63% Grafiek 2: persoonsgegevens, Seksuele geaardheid onbekend; 161; 18% biseksuele vrouw; 11; 1% Heteroseksuele man; 262; 30% Heteroseksuele vrouw; 197; 22% MSM; 263; 29% 31
32 Grafiek 3: persoonsgegevens, Afkomst N-Afrika/MO; 29; 3% Latijns-Amerika; 65; 7% Azië; 72; 8% Australië; 1; 0% Oost-Europa; 28; 3% Noord-Amerika; 3; 0% Onbekend; 20; 2% Sub-Sahara Afrika; 79; 9% West-Europa; 597; 68% Grafiek 4: persoonsgegevens, Verdeling per provincie ander land; 3; 0% Nederland; 12; 1% Wallonië; 2; 0% Brabant; 63; 7% Limburg; 18; 2% West-Vlaanderen; 18; 2% Oost-Vlaanderen; 51; 6% geen woonplaats; 1; 0% onbekend; 78; 9% Antwerpen; 634; 73% Grafiek 5: persoonsgegevens, Leeftijd 63; 7% 1; 0% 507; 57% 323; 36% onbekend 2: : : > 50 32
33 Grafieken van de populatie die zich anoniem liet testen Grafiek 6: anoniem, Afkomst No-Am; 2; 1% Aus; 1; 0% ongekend; 17; 6% N-Afr / Mi-Oosten; 8; 3% Az; 7; 2% Lat-Am; 6; 2% SAM; 17; 6% O-Eur; 4; 1% W-Eur; 226; 79% Grafiek 7: anoniem, woonplaats LIM; 10; 3% Nederland; 14; 5% WVL; 8; 3% Duitsland; 1; 0% Frankrijk; 1; 0% geen wpl; 1; 0% ONBEKEND; 48; 17% OVL; 27; 9% BRA; 31; 11% ANT; 147; 52% Grafiek 8: anoniem, opleiding Hoger onderwijs, niet universitair; 109; 39% Lagere school; 1; 0% Secundair onderwijs; 75; 27% Universitair onderwijs; 79; 28% Niet ingevuld; 18; 6% 33
34 Grafiek 9: anoniem, beroep Niet ingevuld; 19; 7% Zelfstandige; 22; 8% Arbeider; 28; 10% Bediende; 121; 42% Geen officiële; 12; 4% Werkloos; 8; 3% Ander; 22; 8% Student; 50; 18% Grafiek 10: anoniem, seksuele voorkeur Heteroseksueel V; 40; 14% Biseksueel V; 1; 0% Niet ingevuld; 9; 3% MSM; 92; 33% Heteroseksueel M; 135; 50% 34
35 Grafieken van de SAM populatie Grafiek 11: SAM, geslacht onbekend; 1; 1% man; 31; 39% vrouw; 47; 60% Grafiek 12: SAM, anoniem anoniem; 17; 22% niet anoniem; 62; 78% Grafiek 13: SAM, leeftijd 3; 4% 39; 54% 31; 42% 2: : : > 50 35
36 Grafiek 14: SAM, seksuele voorkeur Vrouw biseksueel; 2; 3% Man hetero; 24; 30% Vrouw hetero; 38; 48% MSM; 4; 5% onbekend; 11; 14% Grafiek 15: SAM, ziekteverzekering niet in regel; 20; 27% onbekend; 3; 4% DMH; 2; 3% in regel; 48; 66% Grafiek 16: SAM, woonplaats andere; 4; 5% Brabant; 4; 5% Antwerpen; 71; 90% 36
37 Grafieken van de MSM populatie Grafiek 17: MSM, anoniem ANONIEM; 93; 35% NIET ANONIEM; 170; 65% Grafiek 18: MSM, afkomst W-Europa O-Europa SAM N-Amerika N-Afrika Latijns-Amerika Azië Australië 235 onbekend Grafiek 19: MSM, ziekteverzekering onbekend; 9; 3% toerist/verz in buitenland; 17; 6% DMH; 2; 1% niet in regel; 10; 4% in regel; 225; 86% in regel niet in regel DMH toerist/verz in buitenland onbekend 37
38 Grafiek 20: MSM, woonplaats onbekend; 17; 6% West-Vlaanderen; 7; 3% Nederland; 7; 3% Limburg; 12; 5% Oost-Vlaanderen; 25; 10% Brabant; 25; 9% Antwerpen; 170; 64% Antwerpen Brabant Oost-Vlaanderen West-Vlaanderen Limburg Nederland onbekend Grafieken van de jongeren populatie Grafiek 21: jongeren, geslacht onbekend; 2; 1% M; 154; 48% V; 167; 51% Grafiek 22: jongeren, anoniem anoniem; 80; 25% niet anoniem; 243; 75% 38
39 Grafiek 23: jongeren, afkomst Latijns-Amerika; 20; 6% N-Afrika; 14; 4% onbekend; 7; 2% Azië; 27; 8% SAM; 35; 11% O-Europa; 13; 4% W-Europa; 207; 65% Grafiek 24: jongeren, woonplaats West-Vlaanderen; 4; 1% Oost-Vlaanderen; 14; 4% Limburg; 5; 2% Wallonië; 1; 0% Nederland; 1; 0% onbekend; 15; 5% Brabant; 16; 5% Antwerpen; 267; 83% Grafiek 25: jongeren, seksuele voorkeur Vrouw hetero; 119; 37% Vrouw biseksueel; 8; 2% Man hetero; 73; 23% onbekend; 53; 16% MSM; 70; 22% 39
40 Grafiek 26: jongeren, ziekteverzekering toerist/verz in buitenland; 17; 5% DMH; 9; 3% onbekend; 12; 4% niet in regel; 28; 9% in regel; 257; 79% 40
41 Grafieken mbt het invullen van de vragenlijst: Grafiek 27: Onderwijsniveau niet ingevuld; 92; 12% lager; 16; 2% universiteit; 190; 25% secundair; 216; 28% hoger niet universitair; 252; 33% Grafiek 28: Beroep onbekend; 62; 8% ander; 47; 6% geen; 101; 13% bediende; 268; 35% student; 189; 25% arbeider; 58; 8% zelfstandige; 41; 5% Grafiek 29: Hoe ken je AHC? doorverwijzing organisatie; 140; 19% via vrienden; 200; 27% folder; 29; 4% internet; 374; 50% 41
42 Grafiek 30: Waarom kom je naar AHC? Op deze vraag kon men meer dan 1 antwoord geven. sneltest; 277 gemakkelijk toegankelijk ; 321 ander; 77 gratis; 186 gespecialiseerd; 220 anoniem; 274 Grafiek 31: Waarom ga je niet naar de huisarts? ander; 317; 47% schaamte; 235; 34% doorverwezen; 27; 4% moeilijk bespreekbaar; 105; 15% Grafiek 31: reden om anoniem te blijven Voor wie zich anoniem liet testen, vroegen we waarom hij/zij anoniem wilde blijven: bedenktijd indien positief; 63; 26% partner mag het niet weten; 102; 43% schrik voor gevolgen; 74; 31% 42
43 Grafiek 32: Aantal partners: onbekend 125 > à à Grafiek 33: vaste partner neen; 280; 41% ja; 406; 59% Grafiek 34: HIV status van vaste partner? hiv+; 16; 4% onbekend; 213; 52% hiv-; 177; 44% 43
44 Grafiek 35: orale seks niet 107 zonder condoom 490 met condoom 91 Grafiek 36: vaginale seks niet 155 zonder condoom 323 met condoom 246 Grafiek 37: anale seks niet 390 zonder condoom 139 met condoom 177 Grafiek 38: gebruik van anticonceptie (vrouwen) neen; 66; 38% ja; 106; 62% 44
45 Grafieken Testen op Locatie : Grafiek 1, ToL, Afkomst 37 27% 4 3% 2 1% 93 69% België Nederland West-Europa Oost-Europa/Azië Grafiek 2: ToL, Woonplaats: 7% 8% 7% 5% 2% 2% 25% 44% Antwerpen Nederland Limburg Brabant Oost-Vlaanderen West-Vlaanderen Wallonië Onbekend Grafiek 3: ToL, Relationele status 28% 16% 1% 2% 51% single hiv+ man hiv- man hiv ongekend man hiv ongekend vrouw hiv- vrouw 2% 45
46 Grafiek 4: ToL, Scholingsniveau 1% 50% 49% lagere school secundaire school hoge school of universiteit Grafiek 5: ToL, Professionele situatie 5% 7% 5% student werkend werkloos gepensioneerd of invalide 83% Grafiek 6: ToL, hiv-test in het voorbije jaar 2% 58% 40% ja nee ik weet het niet 46
47 Grafiek 7: ToL, Waar was de laatste test? 16% 11% 9% 64% eigen huisarts andere huisarts HC/ITG/ZH ander (GGD) Grafiek 8: ToL, soa test voorbije jaar? 4% 26% ja nee weet niet 70% Grafiek 9: ToL, Resultaat soa-testen 6% 26% negatief positief weet niet 68% Grafiek 10: ToL, Waar werden de soa-testen gedaan? 24% 20% 12% 44% eigen huisarts andere huisarts HC/ITG/ZH ander (GGD) 47
48 Grafiek 11: ToL, Hebt u een eigen huisarts? 9% ja nee 91% Grafiek 12: ToL, Waarom laat u de test niet afnemen bij uw huisarts? heb geen ha durf er niet over spreken ha niet deskundig hierover Grafiek 13: ToL, Waarom wil u zich nu laten testen? 28% 19% 3% 16% 34% Ik laat me regelmatig testen op HIV en soa Ik heb risico op HIV en soa gelopen Ik heb klachten aan penis of anus (pijn jeuk -...) Ik moet mij niet verplaatsen voor de test Ander (vnl gratis en anoniem) 48
49 Grafiek 14: ToL, Onder invloed van alcohol tijdens seks 5% 2% 26% 13% 54% nooit bijna nooit soms bijna altijd altijd Grafiek 15: ToL, Onder invloed van drugs tijdens seks 6% 14% 4% 3% 73% nooit bijna nooit soms bijna altijd altijd Grafiek 16: ToL, hoe zou u graag uw resultaten krijgen? 6,2 7,1 5,1 8,3 5,7 via SMS consultatie opnieuw op locatie brief telefoon 49
50 Referenties: (1) Greenhouse P. (1995). A definition of sexual health, BMJ 1995; 310: (3 June) (2) Fenton, K.A., et al. (2001). HIV transmission risk among Sub-Saharan Africans in London travelling to their countries of Origin. AIDS 2001 ; 15 : (3) Fenton, K.A., et al (2002). HIV testing and high risk sexual behaviour among London s migrant African comminities : a participatory research study. Sex Transm Infect 2002 ; 78 : (4) Sasse, A., Defraye, A. (2007). HIV/AIDS in België. Toestand op 31 december Scientific Institute of Public Health (5) FOD Binnenlandse Zaken, Dienst vreemdelingenzaken, 2007, (6) Sandler, K.E., McGarrigle, C.A., Elam G., Ssanyu-Sseruma, W., Davidson, O., Nichols, T., Mercey, D., Parry J.V. & Fenton K.A. (2007). Sexual bahavior and HIV infection in Black Africans in England- results for the Mayisha II survey of sexual attitutes and lifestyles. Sexual Transmitted Infections 83: (7) Manning SE et al. Estimation of HIV Prevalence, Risk Factors, and Testing Frequency among Sexually Active Men Who Have Sex with Men, Aged Years New York City, J Urban Health;84(2007): (8) Wheeler DP, Lauby JL et al. A Comparative Analysis of Sexual Risk Characteristics of Black Men Who Have Sex with Men or with Men and Women. Arch Sex Behav;37(2008): (9) Nationaal Instituut voor Statistiek, htpp://statbel.fgov.be) (10) Defraye A, Buziarsist J, Sasse A. Soa-surveillancesysteem via een peilnetwerk van clinici in België. Jaarrapport Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid. Afdeling Epidemiologie. IPH/EPI Reports Nr. 2007/
Jaarcijfers 2012. Regionaal Centrum voor Seksuele Gezondheid zuidelijk Zuid-Holland. GGD Hollands Midden GGD Rotterdam-Rijnmond GGD Zuid-Holland-Zuid
Regionaal Centrum voor Seksuele Gezondheid zuidelijk Zuid-Holland GGD Hollands Midden GGD Rotterdam-Rijnmond GGD Zuid-Holland-Zuid Juni 2013 Samenstelling: Hannelore Götz, arts Maatschappij en Gezondheid
Hiv in België, hiv-tests, HelpCenter Eerste bilan nieuwe hiv-patiënt
Hiv in België, hiv-tests, HelpCenter Eerste bilan nieuwe hiv-patiënt Kristien Wouters Instituut voor Tropische Geneeskunde Cursus hiv en aids, de multi-disciplinaire aanpak Les 3 4 maart 2008 www.itg.be
BELANGRIJKSTE BEVINDINGEN
APRIL 213 INHOUD Het doel van de thermometer is een eerste berichtgeving over de stand van zaken in 212 over seksuele gezondheid in Nederland. De thermometer bevat nieuwe gegevens van de soa-centra, aangiftecijfers,
Juni 2015 SAMENVATTING SCREENINGSSCHEMA UIT LEIDRAAD VOOR MEDISCHE CONSULTATIES BIJ SEKSWERKERS. Pasop vzw
SAMENVATTING SCREENINGSSCHEMA UIT LEIDRAAD VOOR MEDISCHE CONSULTATIES BIJ SEKSWERKERS Pasop vzw 1 KERNBOODSCHAP Sekswerkers: zeer gevarieerde groep qua leeftijd, nationaliteit, werksector, taal, sociale
Cultuur sensitief counselen over hiv ( testen) bij Subsaharaanse Afrikaanse migranten (SAM)
Cultuur sensitief counselen over hiv ( testen) bij Subsaharaanse Afrikaanse migranten (SAM) Dr Kristien Wouters, Dr Christiana Nöstlinger Instituut voor Tropische Geneeskunde / Helpcenter ITG Avondseminarie
Antwerps Helpcenterproject (AHC)
Antwerps Helpcenterproject (AHC) Jaarverslag 2011 Antwerps AIDS-Revalidatiecentrum (ARC) HIV en SOA kliniek Instituut voor Tropische Geneeskunde Nationalestraat 155 2000 Antwerpen Tel: 03-247 66 39 [email protected]
Testen op soa: hoe, wat, waar?
Testen op soa: hoe, wat, waar? Tom Platteau Seksuoloog ITG/Helpcenter [email protected] Overzicht van de presentatie Soa en hiv in België Preventie en plaats van testen Uitdagingen voor soa-bestrijding
Antwerps Helpcenterproject (AHC)
Antwerps Helpcenterproject (AHC) Jaarverslag 2013 Antwerps AIDS-Revalidatiecentrum (ARC) HIV en SOA kliniek Instituut voor Tropische Geneeskunde Nationalestraat 155 2000 Antwerpen Tel: 03-247 66 39 [email protected]
Antwerps Helpcenterproject (AHC)
Antwerps Helpcenterproject (AHC) Jaarverslag 2012 Antwerps AIDS-Revalidatiecentrum (ARC) HIV en SOA kliniek Instituut voor Tropische Geneeskunde Nationalestraat 155 2000 Antwerpen Tel: 03-247 66 39 [email protected]
SOA IN ANTWERPEN (EN OMSTREKEN)
SOA IN ANTWERPEN (EN OMSTREKEN) Geneeskundige dagen van Antwerpen 16 september 2017 Dr Tine Cornelissen Ghapro vzw Dr Karen Smets Huisarts/Domus Medica In de praktijk Ik had me graag eens helemaal laten
Regionaal soa-centrum Den Haag
Regionaal soa-centrum Den Haag Epidemiologisch jaarverslag 212 D. Spitaels, arts infectieziektebestrijding GGD Den Haag J.M. Brand, soa-arts GGD Den Haag M. Keetman, epidemiologisch onderzoeker GGD Den
HIV SAM AFRIKANEN TEGEN HIV. Instituut voor Tropische Geneeskunde
HIV SAM AFRIKANEN TEGEN HIV Instituut voor Tropische Geneeskunde Introductie Deze brochure geeft je informatie over HIVtesten (het Human Immunodeficiency Virus dat AIDS of Acquired ImmunoDeficiency Syndrome
Seksuele Gezondheid. Thermometer 2014 Cijfers over soa s en seksualiteitsvragen van de GGD en Oost-Nederland
1 Seksuele Gezondheid Thermometer Cijfers over soa s en seksualiteitsvragen van de GGD en Oost-Nederland 2 Nog volop werk aan de winkel! Dit is alweer de zesde Thermometer Seksuele Gezondheid voor Oost-Nederland
SOA-SURVEILLANCE IN AIDS REFERENTIECENTRA IN BELGIË
SOA-SURVEILLANCE IN AIDS REFERENTIECENTRA IN BELGIË Jaarrapport 2007 Afdeling Epidemiologie Juliette Wytsmanstraat 14 1050 Brussel België www.iph.fgov.be Epidemiologie september 2008 Brussel, België Intern
Jaarcijfers 2013. Regionaal Centrum voor Seksuele Gezondheid zuidelijk Zuid-Holland
Regionaal Centrum voor Seksuele Gezondheid zuidelijk Zuid-Holland GGD Hollands Midden GGD Rotterdam-Rijnmond Dienst Gezondheid & Jeugd ZHZ April 2014 Samenstelling: Hannelore Götz, arts Maatschappij en
Aanvullende seksualiteitshulpverlening: de cijfers over 2013
Aanvullende seksualiteitshulpverlening: de cijfers over 2013 1. Inleiding De aanvullende seksualiteitshulpverlening (ASH) is laagdrempelige zorg waar jongeren tot 25 jaar gratis en indien gewenst anoniem
Werkinstructie benaderen intermediairs Sense
Werkinstructie benaderen intermediairs Sense BIJLAGE 7 Voorbeeld van de opzet van de presentatie in PowerPoint BIJLAGE 7 VOORBEELD VAN DE OPZET VAN DE PRESENTATIE IN POWERPOINT] 1 WERKINSTRUCTIE BENADEREN
SOA-SURVEILLANCESYSTEEM VIA EEN PEILNETWERK VAN CLINICI IN BELGIË
SOA-SURVEILLANCESYSTEEM VIA EEN PEILNETWERK VAN CLINICI IN BELGIË Jaarrapport 2008 Afdeling Epidemiologie Juliette Wytsmanstraat 14 1050 Brussel België www.iph.fgov.be Epidemiologie september 2009 Brussel,
6 SOA en HIV in de regio Gelre-IJssel
6 SOA en HIV in de regio Gelre-IJssel Seksueel overdraagbare aandoeningen (SOA) zijn infectieziekten die door intiem seksueel contact kunnen worden overgedragen. Omdat iemand een SOA kan hebben, zonder
Jaarverslag Regionaal soa centrum Den Haag
Jaarverslag 2015 Regionaal soa centrum Den Haag Jaarverslag 2015 Regionaal soa centrum Den Haag 1 Mei 2016 Jaarverslag 2015 Regionaal soa centrum Den Haag Inhoudsopgave Jaarverslag 2015 Fout! Bladwijzer
Gelieve deze vragen te beantwoorden vooraleer de vragenlijst in te vullen. Indien u nee antwoordt op vraag 1, hoeft u geen vragenlijst invullen
BIJLAGE 3 VRAGENLIJST VROUWEN Gelieve deze vragen te beantwoorden vooraleer de vragenlijst in te vullen 1. Hebt u ooit seksueel contact* gehad? Ja Nee Indien u nee antwoordt op vraag 1, hoeft u geen vragenlijst
Klinische biologie : Sensibiliseringscampagne voor de voorschrijvers. RIZIV Dienst voor geneeskundige verzorging
Klinische biologie : Sensibiliseringscampagne voor de voorschrijvers RIZIV Dienst voor geneeskundige verzorging [email protected] Oktober 2011 1 Programma Klinische biologie Waarom een sensibiliseringscampagne?
Muziek. Kraftwerk Autobahn. Eddie Vedder: Society. Django Reinhardt: Minor Swing
Muziek Kraftwerk Autobahn Eddie Vedder: Society Django Reinhardt: Minor Swing Seksualiteit en seksuele gezondheid bespreken als hulpverlener. Impact op seksualiteit COMBINATIEPREVENTIE: GEDRAGSMATIGE ASPECTEN
SEXPERT II. Studie bij Vlamingen van Turkse origine
SEXPERT II Studie bij Vlamingen van Turkse origine Introductie Waarom? Gebrek aan betrouwbare gegevens Maatschappelijk relevant Hoe? Deelnemers toevallig uitgekozen Interviews bij respondenten thuis Drietalige
Zorgcentrum na seksueel geweld. Pilootproject
Zorgcentrum na seksueel geweld Pilootproject 2017-18 Wat is seksueel geweld? iedere vorm van ongewenst seksueel contact Verkrachting: seksuele penetratie zonder toestemming van het slachtoffer met bv penis,
Combinatiepreventie voor hiv
Combinatiepreventie voor hiv GEDRAGSMATIGE ASPECTEN STRUCTURELE DIMENSIE Tom Platteau Seksuoloog ITG DEPARTMENT OF CLINICAL SCIENCES Verminderen van transmissie door onveilig gedrag aan te pakken Voorbeelden?
Swingen: Een alternatieve kijk op seks en relaties. Tom Platteau Lieselot Ooms
Swingen: Een alternatieve kijk op seks en relaties Tom Platteau Lieselot Ooms Duopresentatie Introductie, aanleiding en projectbeschrijving (Tom) 15 maanden SWING: een chronologisch verloop (Lieselot)
Bevorderen van Hepatitis B screening in de Turkse gemeenschap in Rotterdam Ytje van der Veen Presentatie: Dr. Jan Hendrik Richardus
Bevorderen van Hepatitis B screening in de Turkse gemeenschap in Rotterdam 2007 2011 Ytje van der Veen Presentatie: Dr. Jan Hendrik Richardus - Hepatitis B (HBV) bij Turkse Nederlanders - Vooronderzoek
Kan gebeuren SOA QUIZ Een eigen SOA spreekuur Over Natjes en Watjes en de rol van de Praktijkassistent
Een eigen SOA spreekuur Over Natjes en Watjes en de rol van de Praktijkassistent Janny Dekker, huisarts Alie van der Heide, SOA-praktijkassistent Anita Watzeels, onderzoeker GGD Rotterdam Waar gaat deze
MSM (mannen die seks hebben met mannen) & HIV infectie Debat
MSM (mannen die seks hebben met mannen) & HIV infectie Debat Organisatie Instituut voor Tropische Geneeskunde, ITG MSM (mannen die seks hebben met mannen) & hiv-infectie Moderatie Filip Moerman, infectioloog,
DIENST EPIDEMIOLOGIE VAN INFECTIEZIEKTEN. EPIDEMIOLOGIE VAN AIDS en HIV INFECTIE IN BELGIË
DIENST EPIDEMIOLOGIE VAN INFECTIEZIEKTEN EPIDEMIOLOGIE VAN AIDS en HIV INFECTIE IN BELGIË Toestand op 31 december EPIDEMIOLOGIE VAN AIDS en HIV INFECTIE IN BELGIË Dit project werd gefinancierd door: In
Nieuwe strategieën voor soa-testing in België IRITH DE BAETSELIER
Nieuwe strategieën voor soa-testing in België IRITH DE BAETSELIER Epidemiologie België KCE richtlijnen Nieuwe strategieën Overzicht presentatie Pooling strategie Point of care, rapid, zelftest en e-sti
Outreach testen activiteiten binnen hiv en soa bestrijding in Amsterdam
Outreach testen activiteiten binnen hiv en soa bestrijding in Amsterdam Susanne Drückler Martijn van Rooijen, Bart-Jan Mulder, Kees de Jong, Marianne Craanen Maaike van Veen Niet gepubliceerde data 2015
Relaties 2.0. Tom Platteau Instituut voor Tropische Geneeskunde
Tom Platteau Relaties 2.0 Tom Platteau Instituut voor Tropische Geneeskunde 3 Relaties Traditioneel: monogamie In realiteit is niet iedereen altijd monogaam Meer openheid voor niet-traditionele relatievormen
10Seksueel Overdraagbare Aandoeningen (SOA) Rubriekhouder: Mw. dr. I. van den Broek, (RIVM)( )
10Seksueel Overdraagbare Aandoeningen (SOA) Rubriekhouder: Mw. dr. I. van den Broek, (RIVM)(2008-2012) Inleiding Seksueel overdraagbare aandoeningen (SOA) zijn naast luchtweg-, maagdarm- en urineweginfecties
Ghapro. In dit nummer. Newsflash. December 2015 Jaargang 1, nr.2. Nieuwsbrief voor gerantes. Belangrijke gebeurtenissen in de prostitutiewereld
Ghapro Newsflash December 2015 Jaargang 1, nr.2 Nieuwsbrief voor gerantes In dit nummer Belangrijke gebeurtenissen in de prostitutiewereld - Debat 11 december 2015 - Swingers onderzoek Nieuwe acties Ghapro
MSM Outreachdag
MSM Outreachdag 2016-2017 Utrecht, 2 februari 2017 Programma Ochtendprogramma (9:45-12:00) 9:45-10:00: Opening door dagvoorzitter Febe Deug: Soa-cijfers over MSM 10:00-11:20: Plenaire presentaties inclusief
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2017
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 217 Over welke cijfers hebben we het? In Nederland worden gegevens over de leefstijl van de bevolking verzameld door meerdere thema-instituten die elk op
BASISVRAGENLIJST HIV-POSITIEVE MAN
Pagina van AANWIJZINGEN VOOR ONDERZOEKSMEDEWERKERS: Vraag de onderzoeksdeelnemers na hun aanmelding om deze basisvragenlijst in te vullen. Let erop dat je de juiste vragenlijst uitdeelt. De ingevulde vragenlijsten
Een jaar Regionaal soa-centrum Den Haag
epidemiologisch bulletin, 9, jaargang, nummer 1 Een jaar Regionaal soa-centrum Den Haag A.P. van Leeuwen, M.P.H. Berns Eind is het Regionaal soa-centrum Den Haag 1 geopend op het terrein van het Medisch
Seks begint met lullen. 14 april 2018 Monique de Graas Jan Semmekrot Team Seksuele Gezondheid
Seks begint met lullen 14 april 2018 Monique de Graas Jan Semmekrot Team Seksuele Gezondheid Disclosure We hebben geen financiële belangenverstrengelingen en geen mogelijke relevante relaties met bedrijven
hoofdstuk 2 een vergelijkbaar sekseverschil laat zien voor buitenrelationeel seksueel gedrag: het hebben van seksuele contacten buiten de vaste
Samenvatting Mensen zijn in het algemeen geneigd om consensus voor hun eigen gedrag waar te nemen. Met andere woorden, mensen denken dat hun eigen gedrag relatief vaak voorkomt. Dit verschijnsel staat
Toelichting aanvullende regeling Seksuele Gezondheidszorg
Toelichting aanvullende regeling Seksuele Gezondheidszorg Per 1 januari 2012 worden de regelingen Aanvullende Curatieve Soa-bestrijding (ACS) en de Aanvullende Seksualiteitshulpverlening (ASH) geïntegreerd
SOA-SURVEILLANCESYSTEEM VIA EEN PEILNETWERK VAN CLINICI IN BELGIE Resultaten van de vierde registratieperiode Oktober 2003 Maart 2004
Federale OverheidsDienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap Departement Volksgezonheid Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Afdeling
BASISVRAGENLIJST HIV-POSITIEVE VROUW
Pagina van AANWIJZINGEN VOOR ONDERZOEKSMEDEWERKERS: Vraag de onderzoeksdeelnemers na hun aanmelding om deze basisvragenlijst in te vullen. Let erop dat je de juiste vragenlijst uitdeelt. De ingevulde vragenlijsten
Soa- poli Kennemerland
Soa- poli Kennemerland PATIENTENinformatie SOA POLI KENNEMERLAND De SOA-poli Kennemerland is een laagdrempelige voorziening die bedoeld is als aanvulling op de reguliere huisartsenzorg. De SOA-poli is
Seksuele gezondheid in Nederland 2017
Seksuele gezondheid in Nederland 2017 Samenvatting Seksuele gezondheid in Nederland 2017 is een grootschalig representatief onderzoek naar de seksuele gezondheid van volwassenen van 18 tot 80 jaar in Nederland.
Testen op HIV, ja of nee?
Afdeling Verloskunde, locatie AZU Testen op HIV, ja of nee? Informatie voor zwangere vrouwen Wat is HIV, wat is aids en wat zijn de gevolgen tijdens de zwangerschap. HIV is het virus dat de ziekte aids
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2015
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2015 Over welke cijfers hebben we het? In Nederland worden gegevens over de leefstijl van de bevolking verzameld door meerdere thema-instituten die elk
SOA-spreekuur. in de Academische Huisartsenpraktijk Groningen. Alie van der Heide, SOA-praktijkassistent
SOA-spreekuur in de Academische Huisartsenpraktijk Groningen Alie van der Heide, SOA-praktijkassistent TRIAGE Verzoek Soa test/vraag SOA Klachten Geen Klachten Huisarts Soa spreekuur assistente Het SOA-consult
Juridische en bio-ethische aspecten hiv. Casussen, panel & feedback zaal 17 mei 2017
Juridische en bio-ethische aspecten hiv Casussen, panel & feedback zaal 17 mei 2017 Werkwijze Casussen Aangebracht Eric Florence, ITG Feedback Juridisch Nick van Gelder UA& Federaal Agentschap Geneesmiddelen&
Locatie. O heteroseksueel O homoseksueel O biseksueel O onbekend. Hiv Hepatitis B
SOAP 2019 Demografie Uniek ID Locatie Consultnummer Datum consult (dd mm jj) Postcode cliënt (4-cijfers) O Geen vast verblijfadres O Wonend in buitenland Geslacht O Man O Vrouw O Transgender Indien Transgender:
GEZONDHEIDSENQUETE 2013
GEZONDHEIDSENQUETE 2013 RAPPORT 5: PREVENTIE Stefaan Demarest, Rana Charafeddine (ed.) Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat
Post-exposure-profylaxe voor hiv
Post-exposure-profylaxe voor hiv informatie voor patiënten INLEIDING 3 WAAROM PEP? 4 WELKE MEDICATIE MOET IK INNEMEN EN OP WELKE TIJDSTIPPEN? 4 AANDACHTSPUNTEN 6 VOORZORGSMAATREGELEN 8 OPVOLGING 8 MEDICATIEKOSTEN
Hepatitis C in penitentiaire inrichtingen Een onderzoek naar prevalentie
Hepatitis C in penitentiaire inrichtingen Een onderzoek naar prevalentie C.J. Leemrijse M.Bongers M. Nielen W. Devillé ISBN 978-90-6905-995-2 http://www.nivel.nl [email protected] Telefoon 030 2 729 700 Fax
Wat zijn soa s? Voor alle soa s geldt: hoe eerder je erbij bent, hoe beter. Laat je op tijd testen als je risico hebt gelopen!
Wat zijn soa s? Soa s zijn seksueel overdraagbare aandoeningen. Het zijn besmettelijke ziekten (infecties) die worden veroorzaakt door virussen en bacteriën. Ze worden tijdens seks van partner op partner
MOSAIC studie Informatiebrief voor cases
1 MOSAIC studie Informatiebrief voor cases Informatiebrief betreffende het onderzoek (MOSAIC studie): de gevolgen van acute hepatitis C virus infectie bij HIV positieve en HIV negatieve mannen die seks
OPVOLGVRAGENLIJST HIV-NEGATIEVE MAN
Pagina van 6 AANWIJZINGEN VOOR ONDERZOEKSMEDEWERKERS: Laat de onderzoeksdeelnemers om de tot 6 maanden een opvolgvragenlijst invullen. Let erop dat je de juiste vragenlijst uitdeelt. De ingevulde vragenlijsten
MAINLINE en P&G292 * NATIONAAL CONGRES SOA-HIV-SEKS * AMSTERDAM * 1 DECEMBER 2014
MAINLINE en P&G292 * NATIONAAL CONGRES SOA-HIV-SEKS * AMSTERDAM * 1 DECEMBER 2014 Druggebruik MSM en sekswerkers (Leon) Mannelijke en transgender sekswerkers Amsterdam (Sjaak) Interview ervaringsdeskundige
Nationaal Actieplan. Soa, hiv en seksuele gezondheid. Doelstellingen
Nationaal Actieplan Soa, hiv en seksuele gezondheid Doelstellingen Pijlers actieplan Seksuele vorming Preventie opsporing en behandeling van soa Preventie opsporing en behandeling van hiv Preventie van
