Beoordeling van investeringsvoorstellen
|
|
|
- Janne van der Woude
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Beoordeling van investeringsvoorstellen C Beoordeling van investeringsvoorstellen Ir. drs. M. M. J. Latten 1. Inleiding C De onderneming C Investeringen G Selectiecriteria C Rentabiliteit C Pay out time C Nominaal C Reëel C Netto Contante Waarde C Interne rentevoet C Benefit Cost Ratio C Beschouwing van de methoden C Algemeen C Pay out time C Netto Contante Waarde C Interne rentevoet C Benefit Cost Ratio C Eindconclusie C Onzekerheid C Algemeen C Gevoeligheidsanalyse C Bijlage 1. Contant maken C Bijlage 2. De Dupont-methode C
2
3 Beoordeling van investeringsvoorstellen C Inleiding Een van de meest fascinerende onderwerpen in de bedrijfseconomie houdt zich bezig met de investeringsselectie: hoezo voeren we de ene investering door, terwijl we een andere verwerpen? Het is duidelijk, dat er bepaalde, objectieve criteria dienen te zijn met behulp waarvan we, gegeven de beperkte financiële middelen een keuze kunnen maken tussen de diverse mogelijke investeringen. 2. De onderneming Ondernemingen streven naar continuïteit. Een voorwaarde daartoe is het maken van winst. Er wordt hier niet verder ingegaan op de diverse mogelijke manieren, waarop de onderneming naar winst streeft, zoals op korte of op lange termijn, naar maximale of redelijke winst en dergelijke. Ten einde winst te maken zal de onderneming goederen en/of diensten produceren. Hiertoe is het nodig, dat de onderneming investeert, dat wil zeggen geld vastlegt in produktiemiddelen. De in deze investeringen vastgelegde middelen dienen hun geld op te brengen, ofwel voor een bepaalde opbrengst te zorgen. Deze opbrengst dient aan bepaalde normen, doorgaans ondernemingsgebonden, te voldoen. Het is echter duidelijk, dat op langere termijn de opbrengst van de middelen boven het opbrengstniveau van een belegging van deze middelen bij een bank dient te liggen: het is anders veel eenvoudiger een opbrengst op zijn geld te verkrijgen door het bij de bank te beleggen! 3. Investeringen In het algemeen is investeren het doen van uitgaven in een bepaalde periode, welke in latere perioden inkomsten opleveren. Het doel hiervan is de winst van het bedrijf direct of indirect in de toekomst positief te beïnvloeden. Een onderneming zal doorgaans niet de beschikking hebben over onbeperkte middelen. Derhalve zal investeren altijd kiezen inhouden. Investeringen kunnen worden verdeeld in de volgende categoriëen: expansie-investeringen, doel is omzetvergroting; rationalisatie-investeringen, doel is dezelfde omzet te realiseren tegen lagere kosten; strategische investeringen, doel is het ondernemingsdoel veilig te stellen, opbrengst vaak niet of moeilijk meetbaar.
4 C Beoordeling van investeringsvoorstellen De rationalisatie-investeringen kunnen nader worden onderverdeeld in: vervangingsinvesteringen, de beschikbare produktiemiddelen zijn technisch of economisch verouderd en moeten door nieuwe produktiemiddelen (met gelijke functie) worden vervangen; diepte-investeringen, mechaniseren of automatiseren van het produktieproces, met als doel de bestaande personeelsbehoefte te verminderen (zowel voor moeilijk vervulbare functies, als ook vanuit het oogpunt van kostenreductie); sociale investeringen, nodig om maatschappelijke redenen, om bestaande en geplande activiteiten te kunnen (blijven) realiseren. 4. Selectiecriteria Doel van deze paragraaf is een aantal criteria voor investeringsselectie te introduceren. In paragraaf 5 zullen ze aan een nadere beschouwing worden onderworpen. Aan een tweetal rationele principes bij investeringsselectie dient altijd te worden voldaan: 1. hogere opbrengsten zijn te verkiezen boven lagere opbrengsten; 2. eerdere opbrengsten zijn te verkiezen boven latere opbrengsten. Het selectiecriterium dient bovendien in een objectieve, begrijpelijke eenheid te worden uitgedrukt, bijv. jaren, procenten, guldensbedragen. Een criterium als urgentie voldoet hier niet aan, alhoewel het regelmatig gebruikt wordt Rentabiliteit Een eerste, snel criterium is de rentabiliteit. Met behulp van enige prognoses kan de winst aan de investering worden gerelateerd: r t =W t /I t r t : W t : I t : rentabiliteit in periode t winst in periode t investeringshoogte in periode t; de investeringshoogte hoeft namelijk niet in elke periode constant te zijn, denk bij voorbeeld aan bij-investeren en afschrijven Op deze methode zijn een aantal vereenvoudigingen mogelijk: er kan met een gemiddelde winst over alle perioden worden gerekend, en voor de investering I t wordt I 0 /2 genomen.
5 Beoordeling van investeringsvoorstellen C Een eenvoudig voorbeeld volgt: I 0 : 1000 CF 1 : 400 W 1 : 60 gemiddelde winst: CF 2 : 500 W 2 :60 ( )/4 = 50 CF 3 : 300 W 3 : 0 I 0 /2 = 500 CF 4 : 400 W 4 : 80 r = 50/500 = 10% Voorbeeld 1. Berekening rentabiliteit Pay out time Bij deze methode wordt nagegaan, hoelang het duurt, voordat een geïnvesteerd bedrag geheel is terugverdiend. Er zijn een nominale en een reëele variant mogelijk Nominaal Bij de nominale variant van de pay out-periode wordt geen rekening gehouden met de tijdswaarde van het geld. De formule voor de pay out time is als volgt: p.o.t. = I 0 /CF p.o.t.:pay out time I 0 : kosten van de investering CF: gemiddelde cashflow per jaar In feite wordt er nagegaan, hoe lang er met het geïnvesteerde vermogen risico wordt gelopen. I 0 : 1000 CF 1 : 400 gemiddelde CF = ( )/4 = 400 CF 2 : 500 CF 3 : 300 CF 4 : 400 p.o.t. = 1000/400 = 2,5 jaar Voorbeeld 2. Berekening nominale pay out time Reëel De pay out time-methode wint aan waarde, indien gerekend wordt met contant gemaakte, niet gemiddelde cashflows; op deze wijze wordt tegemoet gekomen aan het bezwaar, dat er geen onderscheid wordt gemaakt in de cashflows van verschillende jaren. In het onderstaande voorbeeld worden de cashflows uit voorbeeld 1 contant gemaakt tegen een rentepercentage van 10%.
6 C Beoordeling van investeringsvoorstellen I 0 : 1000 i: 10% CF 1 : 400, contant gemaakt 400/1.1 2 = 364 CF 2 : 500, contant gemaakt 500/1.1 2 = 413 totaal 777 CF 3 : 300, contant gemaakt 300/1.1 3 = 225 totaal 1002 CF 4 : 400, contant gemaakt 400/1.1 4 = 273 totaal 1275 De initiële investering van 1000 is in 3 jaar terugbetaald, dus de pay out time is 3 jaar. Voorbeeld 3. Berekening reële pay out time Netto Contante Waarde Bij de netto contante waarde berekening bepalen we het verschil tussen de contante waarde van de uitgaven en de inkomsten: N NCW = CF n /(1+i) n I 0 n=1 NCW: netto contante waarde CF n : cashflow periode n i: rentepercentage I 0 : initiële investering n: periode Indien de uitgaven voor de investering over enige periodes gedaan worden, dienen deze uitgaven eveneens contant gemaakt te worden. De netto contante waarde berekening wordt onderstaand gedemonstreerd aan de hand van de getallen van voorbeeld 1. I 0 : 1000, i=16% CF 1 : 400 contant gemaakt, 345 CF 2 : 500 contant gemaakt, 372 CF 3 : 300 contant gemaakt, 192 CF 4 : 400 contant gemaakt, 221 Totaal 1130 Verschil, netto contante waarde: 130 Voorbeeld 4. Berekening netto contante waarde.
7 Beoordeling van investeringsvoorstellen C Interne rentevoet De interne rentevoet, ook wel discounted cashflow genaamd, wordt bepaald door het gelijk stellen van uitgaven en inkomsten, die op de investering betrekking hebben, waarbij de rentevoet bepaald wordt, met andere woorden de rentevoet, waarbij de netto contante waarde 0 is. In formule: N I 0 = CF n /(1+i) n n=1 I 0 : initiële investering CF n : cashflow in periode n i: interne rentevoet (onbekende) n: periode Indien de uitgaven voor de investering over enige periodes gedaan worden, dienen deze uitgaven eveneens contant gemaakt te worden. Het rentepercentage kan met behulp van trial and error worden bepaald: is het verschil tussen I 0 en de contant gemaakte cashflows positief, dan verhogen we het rentepercentage. Is het negatief, dan wordt het rentepercentage verlaagd. Op deze wijze bepalen we in een paar stappen het percentage. In het onderstaande voorbeeld gebruiken we de getallen uit voorbeeld 1: - i = 10% i = 20% i = 25% i = 22,5% CF 1 : CF 2 : CF 3 : CF 4 : Totaal I 0 : Verschil De interne rentevoet bedraagt 22,5%. Voorbeeld 5. Berekening interne rentevoet. We kunnen de interne rentevoet vergelijken met de marktrente, de externe rentevoet. Indien de interne rentevoet hoger ligt, loont de investering. Indien we tussen projecten moeten kiezen zal het project met de hoogste interne rentevoet de voorkeur verdienen.
8 C Beoordeling van investeringsvoorstellen 4.5. Benefit Cost Ratio De benefit cost ratio geeft de verhouding van de contant gemaakte inkomsten van een investering ten opzichte van de uitgaven. Als de uitgaven over verschillende periodes gedaan worden, dienen zij eveneens contant gemaakt te worden. In formulevorm: N CF n /(1+i) n BCR = n=1 I 0 BCR: Benefit cost ratio CF n : cashflow in periode n i: rentepercentage n: periode Aan de hand van de getallen uit voorbeeld 1 wordt de berekening van de benefit cost ratio gedemonstreerd. I 0 : 1000, i=16% CF 1 : 400 contant gemaakt, 345 CF 2 : 500 contant gemaakt, 372 CF 3 : 300 contant gemaakt, 192 CF 4 : 400 contant gemaakt, 221 Totaal 1130 BCR = 1130/1000 = 1,13 Voorbeeld 6. Berekening benefit cost ratio. De aldus berekende BCR is de bruto benefit cost ratio. De netto BCR verhoudt zich tot de bruto BCR als volgt: netto BCR = bruto BCR 1 De netto BCR voor het voorbeeld is dus: 1,13 1=0,13. De BCR geeft in wezen de relatieve winstgevendheid van de investering. De werking van de BCR kan volgens hiernavolgende tabel 1 worden weergegeven:
9 Beoordeling van investeringsvoorstellen C Bruto BCR Netto BCR > 1 > 0 project winstgevend < 1 < 0 project verliesgevend = 1 = 0 project speelt quitte Tabel 1. Benefit cost ratio als beslissingscriterium. 5. Beschouwing van de methoden 5.1. Algemeen In wezen kunnen de reële pay out time, netto contante waarde en de interne rentevoet in een formule worden gevangen: N X= CF n /(1+i) n I 0 n=1 De betekenis van de diverse parameters voor de methoden wordt in onderstaande tabel gegeven: Methode X n i pay out time 0 onbekende bekend of 0 NCW onbekende bekend bekend DCF 0 bekend onbekende Tabel 2. Overzicht parameters Pay out time Deze methode heeft een aantal voordelen: eenvoudig; snel; van belang bij zeer beperkte middelen; sterk risicomijdend. Nadelen zijn: sterk gericht op liquiditeit: inkomen na pay out time worden niet in beschouwing genomen; verdeling van kasstromen in de pay out-periode wordt niet in beschouwing betrokken; geen onderscheid in cashflow van verschillende jaren: NLG 100 in jaar 1 = NLG 100 in jaar 5. Deze laatste twee nadelen worden in de gewijzigde reële methode ondervangen. Het belangrijkste nadeel, geen rekening houden met kasstromen na de pay out periode blijft echter bestaan.
10 C Beoordeling van investeringsvoorstellen 5.3. Netto Contante Waarde De netto contante waarde methode is een minder eenduidig criterium dan op het eerste gezicht zou lijken: Het lijkt voor de hand te liggen de rangorde van goed te keuren investeringen te baseren op de hoogte van de netto contante waarde. Neem nu de volgende situatie: NCW I 0 Project A Project B Project C Tabel 3. Overzicht potentiële projecten. Stel, dat we NLG 2000 kunnen investeren. Welk project verdient nu de voorkeur? Een oplossing kan zijn het criterium NCW/I 0 te hanteren: NCW I 0 NCW/I 0 Project A Project B Project C Tabel 4. Rangschikking potentiële projecten. Nu blijkt, dat project A het meest winstgevend is, gevolg door project C. NLG 2000 kunnen het meest aantrekkelijk worden besteed door investeren in project A en C Interne rentevoet In wezen wordt de interne rentevoet bepaald door het oplossen van een n de graads vergelijking. Deze heeft doorgaans n oplossingen. Dit betekent, dat er in principe n oplossingen mogelijk zijn! Neem het volgende voorbeeld: I 0 CF 1 CF Tabel 5. DCF probleem.
11 Beoordeling van investeringsvoorstellen C De vergelijking wordt: 1000 = 2300/(1 + i) 1320/(1 + i) 2 Oplossing i 1 = 10%, i 2 = 20% 5.5. Benefit Cost Ratio De BCR geeft een verhouding van inkomsten en uitgaven, dit in tegenstelling tot de NCW, die het verschil tussen beide berekent. In wezen bepalen beide methoden de winstgevenheid van een project, de NCW in absolute bedragen, terwijl de BCR een relatief getal bepaalt. De BCR is derhalve beter te gebruiken voor het rangschikken van projecten naar winstgevendheid Eindconclusie Alle hiervoor behandelde methoden hebben hun sterke en zwakke punten. De uiteindelijke keuze zal doorgaans mede op de uitkomst van een of meer criteria zijn gebaseerd, waarbij randvoorwaarden als: beperkte middelen; liquiditeit; risico en onzekerheid; noodzaak een bepaalde investering te doen; urgentie; etc. eveneens in de beslissing zullen worden betrokken. 6. Onzekerheid 6.1. Algemeen De diverse methoden veronderstellen volledige zekerheid met betrekking tot de gegevens voor de berekeningen. De cashflows zijn resultanten van inkomsten en uitgaven, elke categorie met haar eigen onzekerheden. Derhalve verdient het aanbeveling bij beslissingen over al dan niet investeren deze onzekerheden in de beschouwingen te betrekken. Een van de methoden is het uitvoeren van een gevoeligheidsanalyse. Hierbij worden de diverse grootheden tussen waarschijnlijke grenzen gevariëerd, neem bij voorbeeld de omzet in jaar n, deze kan bij voorbeeld variëren tussen 70 en 120% van de meest waarschijnlijke omzet. Zo kunnen alle relevante grootheden worden gevarieerd. Met de huidige moderne hulpmiddelen (denk aan een PC met een spreadsheetprogramma) is een dergelijke gevoeligheidsanalyse zonder al te veel moeite door te voeren.
12 C Beoordeling van investeringsvoorstellen Een zeer eenvoudig voorbeeld van een gevoeligheidsanalyse wordt in paragraaf 6.2 gegeven. Een wat eenvoudiger wijze van het werken met onzekerheden is de zogenaamde Dupont-methode. Hierbij kan de invloed van variaties in een aantal grootheden op de rentabiliteit op simpele wijze worden bepaald. De Dupont-mehode is in bijlage 2 kort beschreven Gevoeligheidsanalyse Bij de gevoeligheidsanalyse gaan we uit van de gegevens van het eenvoudige voorbeeld, dat ter illustratie van de diverse methoden is gebruikt. We nemen aan, dat de initiële investering kan variëren tussen 10% (geval 2) en + 20% (geval 1). De bijbehorende cashflows nemen met 5%, respectievelijk 10% af: De gegevens worden in voorbeeld 7 gegeven: Basis Geval 1 Geval 2 I CF CF CF CF Voorbeeld 7. Variaties op basisgeval. Na berekening kan de volgende tabel worden opgesteld: Criterium Basis Geval 1 Geval 2 p.o.t. nominaal 2,5 jr 1,67 jr 1,18 jr p.o.t. reëel 3 jr 3,4 jr 2,76 jr NCW DCF 22,5% 8% 25,5% BCR bruto 1,13 0,85 1,19 BCR netto 0,13 0,15 0,19 Tabel 6. Uitkomsten gevoeligheidsanalyse. Uit tabel 6 moge blijken, dat variaties van een alleszins redelijke omvang een relatief grote invloed op de winstgevendheid, zoals volgens de diverse criteria gemeten, kunnen hebben.
13 Beoordeling van investeringsvoorstellen C Bijlage 1. Contant maken De waarde van geld in de tijd is niet constant. NLG 100 nu is niet gelijk aan NLG 100 over een jaar. Zodra bij geld met de factoren tijd rekening gehouden wordt, heeft hetzelfde bedrag op verschillende punten in de tijd niet meer dezelfde waarde. Eén en nader wordt onderstaand uitgelegd. Het bedrag B 0 kan tegen een rentepercentage i gedurende n periodes worden uitgezet. Aan het eind van periode 1 is het bedrag B 0 aangegroeid tot: B 1 =B 0 (1 + i/100). Aan het eind van periode 2 is het bedrag B 1 aangegroeid tot: B 2 =B 1 (1 + i/100). Het bedrag B 0 is dan aangegroeid tot: B 2 =B 0 (1 + i/100) (1 + i/100) = B 0 (1 + i/100) 2 Zo is aan het eind van periode n het bedrag B 0 aangegroeid tot: B n =B i/100) n Voorbeeld: B 0 =100,i=10%,n=5 B 5 = 100 (1 + 10/100) 5 = 100 1,61 = 161 In wezen is het bedrag B n (161) aan het eind van periode n equivalent met B 0 (100) nu. B n is de eindwaarde ( compound value ) van B 0 aan het eind van periode n, voor het rentepercentage i. Als we de formule omkeren verkrijgen we de contante waarde B 0 ( present value ) van B n : B 0 =B n /(1 + i/100) n Voorbeeld: B 5 =100,i=10%,n=5 B 0 = 100/(1 + 10/100) 5 = 100/1.61 = 62.1 Het bedrag B 0 (62.1) is equivalent met het bedrag B 5 (100) aan het eind van periode 5.
14 C Beoordeling van investeringsvoorstellen Bijlage 2. De Dupont-methode Bij deze methode wordt de rentabiliteit uit een aantal basisgegevens opgebouwd. Door variëren van een of meer basisgegevens kan de invloed hiervan op de rentabiliteit worden nagegaan De invloed van bij voorbeeld het verlagen van de voorraden + 20 naar + 15 en het sneller innen van de vorderingen (40 naar 35) geeft een gemiddeld geïnvesteerd vermogen van 40. Dit leidt tot een omloopsnelheid van 5 en een toename van de ROI van 12% naar 15%.
Waarom gaan we investeren We verwachten winst te maken! Alleen rekening houden met toekomstige ontvangsten en uitgaven.
www.jooplengkeek.nl Investeringsselectie Waarom gaan we investeren We verwachten winst te maken! Alleen rekening houden met toekomstige ontvangsten en uitgaven. belangrijk Calculaties voor beslissingen
Samenvatting Management & Organisatie Boek 2B, Hoofdstuk 41 t/m 44
Samenvatting Management & Organisatie Boek 2B, Hoofdstuk 41 t/m 44 Samenvatting door een scholier 2184 woorden 5 april 2011 6,7 25 keer beoordeeld Vak Methode M&O In balans Hoofdstuk 41 Regels voor de
BEDRIJFSWETENSCHAPPEN. 2. De investeringsbeslissing en de verantwoording ervan
BEDRIJFSWETENSCHAPPEN Hoofdstuk 2: INVESTERINGSANALYSE 1. Toepasbare beoordelingsmethodes 1.1. Pay-back 1.2. Return on investment 1.3. Internal rate of return 1.4. Net present value 2. De investeringsbeslissing
11 Investeringsselectie
11 Investeringsselectie hoofdstuk 11.1 C 11. B 11.3 B 11.4 D 11.5 C 11.6 D 11.7 A 11.8 A 11.9 C Gemiddelde winst: 100.000 85.000 = 15.000 Gemiddeld vermogen: (100.000 + 10.000) / = 55.000 GBR: 15.000 /
De investeringsanalyse
Het programma van vandaag: het investeringsproject de cashflow het gemiddelde rendement de terugverdientijd de netto contante waarde Adele 1 Investeringsbeslissingen Waarom investeren? We verwachten winst
ZEEËN VAN KANSEN FINANCIEEL MANAGEMENT
ZEEËN VAN KANSEN FINANCIEEL MANAGEMENT (Innovatieve) projecten Financiële haalbaarheid Welke kennis is essentieel Bedrijfsplan Investeringsselectie Inkoopmarkt Bedrijf Verkoopmarkt Productiemiddelen Gelduitgaven
Hoofdstuk 6: Beoordelen
Hoofdstuk 6: Beoordelen M&O VWO 2011/2012 www.lyceo.nl Overzicht H6: Beoordelen Management & Organisatie Centraal Examen (CE) 1. Rechtsvormen 2. Prijsberekening 3. Resultaten 4. Balans 5. Liquiditeitsbegroting
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 2
HOOFDSTUK 2 Opgave 1 a. De kosten en opbrengsten en daarvan uiteindelijk de ontvangsten en uitgaven zijn voor iedere investering van belang. b. Het grote probleem zijn de schaarse middelen. c. Dit zijn
De investeringsanalyse
Het programma van vandaag: het investeringsproject de cashflow het gemiddelde rendement de terugverdientijd de netto contante waarde 1 Investeringsbeslissingen Waarom investeren? We verwachten winst te
Break-even analyse C2020 1. Ir. drs. M. M. J. Latten
Break-even analyse C2020 1 Break-even analyse Ir. drs. M. M. J. Latten 1. Inleiding C2020 3 2. Principe C2020 3 2.1. Analytisch C2020 3 2.2. Grafisch C2020 4 3. Realiteitsgehalte C2020 6 3.1. Aannames
0A631: Leren Innoveren: Economische aspecten Door Tommy van der Vorst ([email protected]).
0A631: Leren Innoveren: Economische aspecten Door Tommy van der Vorst ([email protected]). Kosten- Batenanalyese Een kosten- batenanalyse (cost- benefit analysis, CBA) wordt uitgevoerd door
Hoofdstuk 30 Interne verslaggeving
Hoofdstuk 30 Interne verslaggeving We spreken van permanentie als een onderneming niet één keer per jaar maar een aantal keren per jaar een balans en winst-en-verliesrekening opstelt. Het doel van de permanentie
Module 4 Inzicht in cijfers
Geleerd in vorige presentaties Module 4 Inzicht in cijfers 1. Balans in detail 2. Kengetallen Les 4. Vergelijk je resultaten op 4 manieren + maak goede investeringsbeslissingen Les 4 Vergelijk je resultaten
Financieel economisch management Examennummer: 11344 Datum: 21 november 2009 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur
Financieel economisch management Examennummer: 11344 Datum: 21 november 2009 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur Dit examen bestaat uit 5 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - een case met 12 open
Financiële analyse van de jaarrekening
17 hoofdstuk Financiële analyse van de jaarrekening 17.1 B 17. C 17.3 C 17.4 A 17.5 A 17.6 C 17.7 D 17.8 D 17.9 B 17.10 D 17.11 D 17.1 C 17.13 A 17.14 C 17.15 B 17.16 C 1.000.000 / 1.500.000 = 0,08 17.17
College 3. Opgaven. Opgave 2
College 3 Opgaven Opgave 2 Tabel bij opgave 2 Schepen Marg. kosten Totale kosten Tot. opbr. Marg. opbr. Netto opbr. 3 200 600 900 900 300 4 200 800 1600 700 800 5 200 1000 2000 300 1000 6 200 1200 2100
Hoofdstuk 3: Arbitrage en financiële besluitvorming
Hoofdstuk 3: Arbitrage en financiële besluitvorming Elke beslissing heeft consequenties voor de toekomst en deze consequenties kunnen voordelig of nadelig zijn. Als de extra kosten de voordelen overschrijden,
Hoofdstuk 4: De tijdswaarde van geld
Hoofdstuk 4: De tijdswaarde van geld 4.1 De tijdslijn Een serie cash flows die verschillende periodes duurt, noemen we een cash flow stroom. Een cash flow stroom kunnen we op een tijdslijn weergeven. Een
Examen PC 2 vak Cash Management
Examen PC 2 vak Cash Management Instructieblad Betreft: examen: PC 2 leergang 6 onderdeel: CAS datum: 19 december 2013 tijd: 16.00 17.30 uur Deze aanwijzingen goed lezen voor u met uw examen start Aanwijzingen:
Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 6. In deze opgave blijven de belastingen buiten beschouwing.
Opgave 2 Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 6. In deze opgave blijven de belastingen buiten beschouwing. VastNed Retail nv is een Nederlands vastgoedbeleggingsfonds dat met gelden
Examen PC 2 vak Cash Management
Examen PC 2 vak Cash Management Instructieblad Betreft: examen: PC 2 leergang 5 onderdeel: Cash Management datum: 28 juni 2013 tijd: 16.00 17.30 uur Deze aanwijzingen goed lezen voor u met uw examen start
www.jooplengkeek.nl Hoofdstuk 42 belangrijk
www.jooplengkeek.nl belangrijk 1 Liquiditeitskengetallen Current ratio Quick ratio Working capital (werkkapitaal) Cashflow Kengetallen Kengetallen zijn verhoudingsgetallen, ze geven de verhouding aan tussen
netto winst
opgave 1 investering 400.000 restwaarde 100.000 jaar 1 jaar 2 jaar 3 jaar 4 jaar 5 netto winst 20.000 30.000 40.000 10.000 10.000 Gevraagd: Wat is het gemiddelde rendement? gemiddelde winst / gemiddeld
Hoofdstuk 7: Basis van kapitaal budgettering
Hoofdstuk 7: Basis van kapitaal budgettering Een belangrijke verantwoordelijkheid van de financiële managers van een corporatie is het vaststellen, welke projecten of investeringen een bedrijf moet ondernemen.
Financiën en risicomanagement
Financiën en risicomanagement Leergang Bedrijfskunde voor de Agribusiness Miranda Meuwissen, Alfons Oude Lansink Bedrijfseconomie, Wageningen Universiteit Inhoud Risico-identificatie & stress test (Miranda)
Aurington. Administratie en Advies
Aurington Administratie en Advies Let op de houdbaarheidsdatum! Mei 5 Pincode 6 7 8 Boetes Dit jaar Deze maand De balans Tandorine B.V. Debet Activa Bezittingen Wat heb ik? Credit Passiva Vermogen Hoe
5 Opstellen businesscase
5 Opstellen In de voorgaande stappen is een duidelijk beeld verkregen van het beoogde project en de te realiseren baten. De batenboom geeft de beoogde baten in samenhang weer en laat in één oogopslag zien
Dit voorbeeldexamen bestaat uit 27 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.
Financiering niveau 4 Examenopgaven voorbeeldexamen Belangrijke informatie Dit voorbeeldexamen bestaat uit 27 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. Dit voorbeeldexamen
LIQUIDITEIT. + kasinkomsten (=omzet + afname handelsdebiteuren/ - toename handelsdebiteuren) - totale kasstroom van operaties : 360
LIQUIDITEIT 1. Netto bedrijfskapitaal = NBK RATIO: beperkte vlottende activa schulden op korte termijn INTERPRETATIE: in s; vergelijking (1) welke activa binnen 12 maand zullen worden omgezet in beschikbare
Samenvatting Economie Rekonomie
Samenvatting Economie Rekonomie Samenvatting door een scholier 1570 woorden 24 oktober 2011 5,3 76 keer beoordeeld Vak Methode Economie LWEO Rekonomie Hoofdstuk 1 De cijfers achter de komma worden ook
Financiële analyse. Les 3 Kengetallen. Opdracht voor volgende lesweek
Financiële analyse Les 3 Kengetallen Opdracht voor volgende lesweek 1. Ieder teamlid download de financiele gegevens en berekent voor zijn bedrijf uit elke categorie van kengetallen (liquiditeit, solvabiliteit,
Waardering vastgoed woningstichting Icarus
woningstichting Icarus Dit is een voorbeeld; één wijze van benadering van vastgoedwaardering. Inhoudsopgave 1 Inleiding 2 2 Waardering van onroerende zaken 3 3 AEDEX/IPD vastgoedindex 4 4 Investeringsseclectie
BUSINESS VALUATION UITWERKING TOPAAS B.V.
BUSINESS VALUATION UITWERKING TOPAAS B.V. VERONDERSTELLINGEN Vraagprijs 2.500.000 (pand en inventaris). Inkomsten: In totaal 40 kamers; Bezetting kamers: T1 45%, T2 52%, T3 63%, vanaf T4 en verder 68%;
2017 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 5 1 / 13
Financiering niveau 5 Correctiemodel voorbeeldexamen 2017 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 5 1 / 13 Vraag 1 Toetsterm 6.4 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Voor welke
Examen PC 2 Financiële Rekenkunde
Examen PC 2 Financiële Rekenkunde Instructieblad Examen : Professional Controller 2 leergang 8 Vak : Financiële Rekenkunde Datum : 18 december 2014 Tijd : 14.00 15.30 uur Deze aanwijzingen goed lezen voor
Beoordelingsmodel. Opgave 1. Eindexamen havo m&o 2013-II. - havovwo.nl. 1 maximumscore 2 (10.000 1,025 1,028 1,031 1,036 1,05) 10.000 = 1.
Beoordelingsmodel Opgave 1 1 maximumscore 2 (10.000 1,025 1,028 1,031 1,036 1,05) 10.000 = 1.817,48 2 maximumscore 2 1,05 (10.000 1,02 5 10.000) = 1.092,85 3 maximumscore 1 De AEX-index geeft een gemiddelde
Hoofdstuk 5: De rentevoet
Hoofdstuk 5: De rentevoet Tot nu toe hebben we gekeken naar de technieken voor het berekenen van de contante waarde en de toekomstige waarde, gegeven een markt rentevoet. Maar hoe wordt de rentevoet eigenlijk
OEFENOPGAVEN LESBRIEF INDUSTRIE
OEFENOPGAVEN LESBRIEF INDUSTRIE 6 VWO Opgave 1. De onderneming Haakma BV heeft voor 2005 de volgende voorcalculatie met betrekking tot de toegestane kosten opgesteld. De constante fabricagekosten bestaan
Onderneming en omgeving - Economisch gereedschap
Onderneming en omgeving - Economisch gereedschap 1 Rekenen met procenten, basispunten en procentpunten... 1 2 Werken met indexcijfers... 3 3 Grafieken maken en lezen... 5 4a Tweedegraads functie: de parabool...
www.boekhouder.be Wat is de waarde van een onderneming?... 4 De Discounted Cash Flow-methode (DFC)... 6
door Inhoud Over omzet, nettowinst, ebit, ebitda,...... 1 Omzet... 1 Brutowinst... 1 Ebitda... 2 EBITDA... 2 Ebit... 3 Winst voor belastingen... 3 Nettowinst... 3 En toen was er ook nog de r...... 3 Wat
Toetstermen STIBEX Moderne Bedrijfsadministratie Financiering 5
Toetstermen STIBEX Moderne Bedrijfsadministratie Financiering 5 K= Kennisvraag, de kandidaat moet één of meerdere begrippen beschrijven, noemen of herkennen, en/of kenmerken, voorbeelden, verschillen of
2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 5 1 / 12
Financiering niveau 5 Correctiemodel voorbeeldexamen 2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 5 1 / 12 Vraag 1 Toetsterm 6.4 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Voor welke
Olde Bijvank Advies Organisatieontwikkeling & Managementcontrol. Datum: dd-mm-jj
BUSINESS CASE: Versie Naam opdrachtgever Naam opsteller Datum: dd-mm-jj Voor akkoord: Datum: LET OP: De bedragen in deze business case zijn schattingen op grond van de nu beschikbare kennis en feiten.
In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing. Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 5.
Opgave 2 In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing. Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 5. Vastgoedmaatschappij Flexbouw bv is eigenaar van het kantoorpand De Borgstaete en heeft
Bedrijfseconomische Aspecten Examennummer: 71533 Datum: 14 april 2012 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur
Bedrijfseconomische Aspecten Examennummer: 71533 Datum: 14 april 2012 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur Dit examen bestaat uit 8 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - 30 meerkeuzevragen (maximaal
Hoofdstuk 26: Modelleren in Excel
Hoofdstuk 26: Modelleren in Excel 26.0 Inleiding In dit hoofdstuk leer je een aantal technieken die je kunnen helpen bij het voorbereiden van bedrijfsmodellen in Excel (zie hoofdstuk 25 voor wat bedoeld
eindexamenprogramma m&o vwo
Domein G: Externe financiële verslaggeving 17. : - de begroting en de jaarrekening van commerciële en niet-commerciële organisaties analyseren, zoals deze worden voorgelegd aan medezeggenschapsraden, ondernemingsraden
1. INVESTERINGSBESLISSINGEN, INVESTERINGSCALCULATIE EN
INHOUD INLEIDING 13 1. INVESTERINGSBESLISSINGEN, INVESTERINGSCALCULATIE EN 15 KAPITAALBUDGETTERING 1.1 De aard van de investeringsbeslissing 15 1.2 Organisatorische context 17 1.2.1 Strategische context
Voor algemene gegevens over de opbouw en waarde van het aandelenbezit alsmede het aandeelhoudersrendement wordt verwezen naar bijlage 1.
Memo aan onderwerp Leden van de gemeenteraad Vervreemden aandelen cyclus van Hans van den Akker dienst afdeling telefoon Datum 12 september 2011 memo Tijdens de raadsbijeenkomst van 15 december 2010 heeft
Samenvatting M&O De Industrie
Samenvatting M&O De Industrie Samenvatting door Y. 1310 woorden 5 juli 2017 8,9 4 keer beoordeeld Vak M&O De industrie Hoofdstuk 1 Kosten= de geldwaarde van alle noodzakelijk opgeofferde productiemiddelen
Toegepast Rekenen Opdrachten:
Toegepast Rekenen Opdrachten: Hfst 1: Rekenen Opdr. 1: a. 66 : 3 = c. -66 : (-3) = e. 12 - (+5) = b. 66 : (-3) = d. -12 + 5 = f. -12 (-5) = De omzet van een laptopwinkel is 15.000,-. De verkoopprijs per
1 Kostprijsberekening en bezettingsresultaat
1 Kostprijsberekening en bezettingsresultaat 1.1 Inleiding In het Basisboek Bedrijfseconomie heb je al veel geleerd over hoe de prijs van een product tot stand komt. De eerste hoofdstukken in dat boek
Direct costing en break even analyse
6 hoofdstuk Direct costing en breakevenanalyse 6.1 D 6.2 B 6.3 A 6.4 D 6.5 D 6.6 C 6.7 B 6.8 A 6.9 C 6.10 B 6.11 B 1.440.000 / 4.800 = 300 6.12 A 4.800 700 1.440.000 1.000.000 = 920.000 6.13 C 1.000.000
Hoofdstuk 2: Introductie van financiële overzichtsanalyse
Hoofdstuk 2: Introductie van financiële overzichtsanalyse Hoe kunnen beleggers genoeg leren over een organisatie voordat ze besluiten of ze daarin moeten beleggen of niet. Een belangrijke informatiebron
Hoofdstuk 6: Investeringsbeslissingregels
Hoofdstuk 6: Investeringsbeslissingregels Een bedrijf moet alleen tot acquisitie overgaan als het een positieve netto contante waarde heeft. Hoewel de NCW investeringsregel de waarde van het bedrijf maximaliseert,
Numerieke antwoorden. Hoofdstuk 1. V 1.2 a a b c c d e
Numerieke antwoorden Hoofdstuk 1 V 1.2 a1 250.000 a2 290.000 b 192.500 c1 124.025 c2 133.400 d 165.975 e 156.600 V 1.3 a Omzet maximaal 11.400 (situatie 10) b Winst maximaal 4.670 (situatie 7) Hoofdstuk
Thema 7. Investeringsmanagement
Thema 7 Investeringsmanagement 1. Investeringsbeslissingsproces Besluitvormingsproces voor investeringen (6 fasen) (Choate & Racette, 1983) Investeringsopportuniteiten Nieuwe investeringsopportuniteiten
Opsteldatum: 30 oktober 2012 Periode: 1 januari 2011 t/m 31 december 2015. Telefoonnummer: 611358230 Email adres: wilco.kraaij@unit4.
Uitkeringstoets 2013-2015 Bedrijfsnaam: Van Driel periodes Vestigingsplaats: Veenendaal Opsteldatum: 30 oktober 2012 Periode: 1 januari 2011 t/m 31 december 2015 Bedrijfsnaam: Vestigingsplaats: Van Driel
Groesman International B.V.
Kredietrapport Rapport datum 15-05-2014 Bedrijf Adres groesman international amsterdam - Samenvatting Bedrijfsnaam Vestigingsadres Breitnerlaan 7 Kredietadvies EUR 1.000.000 Score 7,4 Betalingsscore 7,8
Financiële Markten 2
1ste bach TEW Financiële Markten 2 De Ceuster Q uickprinter Koningstraat 13 2000 Antwerpen www.quickprinter.be 118 2.80 EUR Nieuw!!! Online samenvattingen kopen via www.quickprintershop.be Financiële markten
Notitie software Mei 2007
Notitie software Mei 2007 2 1 Inleiding 1.1 Algemeen De taak van de commissie Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (hierna: BBV) is om een eenduidige toepassing van het BBV te bevorderen.
UNIFORM HEREXAMEN EIND MULO tevens II E ZITTING STAATSEXAMEN MULO 2007
MNSTERE VN ONERWJS EN VOLKSONTWKKELNG EXMENUREU UNFORM HEREXMEN EN MULO tevens E ZTTNG STTSEXMEN MULO 2007 VK : ERJFSREKENEN TUM: WOENSG 08 UGUSTUS 2007 TJ : 07.30-09.30 UUR EZE TK ESTT UT 36 TEMS. ntrest
DE EENMANSZAAK DEEL 2 VWO SAMENVATTING. Jannes Timmers. De Eenmanszaak deel 2 VWO
De Eenmanszaak deel 2 VWO DE EENMANSZAAK DEEL 2 VWO SAMENVATTING Jannes Timmers Copyright Jannes Timmers 2015 Niets uit deze samenvatting mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt op een
We gaan de winstgevendheid van een onderneming analyseren. DOEL: - hoe verliezen oplossen? - financieren met VV vanuit rentabiliteitsstandpunt?
Hfst 7: Rentabiliteit We gaan de winstgevendheid van een onderneming analyseren. DOEL: - hoe verliezen oplossen? - financieren met VV vanuit rentabiliteitsstandpunt? Goede rentabiliteit heeft ook z n invloed
Oefenopgave 1. Oefenopgave 1. Crediteuren 600 EV 600. Debiteuren 400. Gebouwen 300 EV. Voorraden 200 Crediteuren. Kas 300
Oefenopgave 1 Oefenopgave 1 Balans 1-1-2001 (x 1.000 euro) Gebouwen 300 EV Voorraden 200 Crediteuren Debiteuren 400 Kas 300 EV 600 Crediteuren 600 300 1200 1200 - Inkopen 600.000 euro (helft rekening,
Hoofdstuk 270 / De winst- en verliesrekening 270.1
Hoofdstuk 270 / De winst- en verliesrekening 270.1 Het verschil tussen de reële waarde en het nominale bedrag van de tegenprestatie wordt over de periode tot de verwachte ontvangst als rentebate verwerkt.
Investeringsbeslissingen
Investeringsbeslissingen 1. Begrippen 1.1. Wat is investeren? Een dadelijke (zekere) beschikbare koopkracht inruilen tegen: 1. een toekomstige onzekere inkomensstroom; 2. besparingen van uitgaven; 3. een
Uitwerkingen PDB Financiering met resultaat hoofdstuk 4
Opgave 4.1 Balans 1 januari jaar 3 1 Vaste activa Eigen vermogen 178.500 Gebouw 150.000 Bedrijfsauto s 48.000 Lang vreemd vermogen Inventaris 16.000 214.000 Hypotheek 80.000 Vlottende activa Voorraad goederen
Opgaven 4.4a en 4.4b horen bij paragraaf 4.2, Liquiditeitsbegroting en resultatenbegroting.
Hoofdstuk 4 Beoordeling van de liquiditeit Extra opgaven Opgaven 4.4a en 4.4b horen bij paragraaf 4.2, Liquiditeitsbegroting en resultatenbegroting. Opgave 4.4a De handelsonderneming Hartema vof heeft
S N H Partners. Impairment wees voorbereid! Inleiding op impairment
Inleiding op impairment Impairment wees voorbereid! Het wijzigen van de bekostigingssystematiek voor vastgoed (verdwijnen van de nacalculatie en de invoering van de Normatieve Huisvestingscomponent) brengt
Hoofdstuk 5 - Recursie
Hoofdstuk 5 - Recursie Een banktegoed waarover je jaarlijks rente krijgt uitgekeerd is een voorbeeld van recursie. Je kunt steeds het nieuwe banktegoed berekenen op basis van het banktegoed van vorig jaar.
Toepassen van Adjusted Present Value
Toepassen van Adjusted Present Value Blz. 1 van 8 In deze bijdrage wordt ingegaan op het berekenen van economische waarde. Naast de bekende discounted cash flow (DCF) methode wordt ook wel gebruik gemaakt
Jaarrekeninglezen voor non-financials. Ruitenburg University 15 november 2016
Jaarrekeninglezen voor non-financials Ruitenburg University 15 november 2016 Introductie Welkom Voorstelronde sprekers Doel Eerst even dit! Inhoud Waarom een jaarrekening? Onderdelen van de jaarrekening
2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 4 1 / 10
Financiering niveau 4 Correctiemodel voorbeeldexamen 2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 4 1 / 10 Vraag 1 Toetsterm 1.1 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat is de
UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 6
HOOFDSTUK 6 Opgave 1 a. Bereken de omzetsnelheid van de voorraad (afronden op 1 cijfer achter de komma). De formule om de berekening te maken is: Omloopsnelheid van de voorraad Omzet tegen de inkoopwaarde
Economische waarde voor de waardering van de onderneming
Economische waarde voor de waardering van de onderneming Kort geleden werd het volgende artikel gepubliceerd: Waardebepaling rammelt aan alle kanten. Een Registeraccountant had in het kader van een geschillenwaardering
Eindexamen m&o vwo 2006-II
4 Beoordelingsmodel Opgave 1 1 voorbeelden van juiste antwoorden: De opdrachtgever heeft geen vaste verplichtingen aan de uitzendkracht, deze wordt naar behoefte ingeschakeld. Door professionele werving
ELEMENTAIRE BEDRIJFSECONOMISCHE MODELLEN Consistent naslagwerk voor nieuwkomers in de bedrijfseconomie
ELEMENTAIRE BEDRIJFSECONOMISCHE MODELLEN Consistent naslagwerk voor nieuwkomers in de bedrijfseconomie Auteurs: Fons Vernooij en Paul van der Aa Website: fons-vernooij.nl/bm-site/ebm Versie d.d. 4 augustus
UNIFORM EINDEXAMEN MULO tevens TOELATINGSEXAMEN VWO/HAVO 2010
MINISTERIE VAN ONDERWIJS EN VOLKSONTWIKKELING EXAMENBUREAU UNIFORM EINDEXAMEN MULO tevens TOELATINGSEXAMEN VWO/HAVO 200 VAK : BEDRIJFSREKENEN DATUM : DINSDAG 06 JULI 200 TIJD : 09.45.25 UUR (MULO-III KANDIDATEN)
19 mei 2008. Wat is de waarde van een bedrijf?
19 mei 2008 Wat is de waarde van een bedrijf? Wat is de waarde van een bedrijf? P.P.C. Buijsrogge RV Register Valuator Makelaar in bedrijfsbelangen www.corporatesearch.nl [email protected]
Toegepast Rekenen Theorie:
Toegepast Rekenen Theorie: Hfst 1: Rekenen De volgorde van de basisbewerkingen is: Eerst tussen haakjes Daarna de volgorde volgens het ezelsbruggetje: Meneer Van Dalen Wacht Op Antwoord - Machtsverheffen
Vraag 1 Toetsterm 2.5 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat is de juiste omschrijving van het begrip technische voorraad?
Kostencalculatie Correctiemodel Vraag 1 Toetsterm 2.5 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat is de juiste omschrijving van het begrip technische voorraad? De technische voorraad a is de economische
Een meerwaarde voor u en uw klanten! Financiële analyse. Dossier De brouwerij. Studie gerealiseerd op basis van de gegevens van de klant
Een meerwaarde voor u en uw klanten! Financiële analyse Dossier De brouwerij Studie gerealiseerd op basis van de gegevens van de klant INHOUDSOPGAVE Inhoudsopgave... 2 1. RESULTAAT... 3 1.1. RESULTATENREKENING...
Toets 3 HAVO 5 g Diagnostische toets 2012
Uitwerkingen/waardering Toets 3 HAVO 5 20 12 MO Onderdeel 3.1 Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Diagnostische toets 2012 Uitwerkingen/waardering Voor deze toets zijn maximaal 35 punten te behalen; De
EXAMENPROGRAMMA. Diplomalijn(en) Diploma('s) 5 (vergelijkbaar met hbo-ad) Versie 5-2 Geldig vanaf Vastgesteld op Vastgesteld door
EXAMENPROGRAMMA Diplomalijn(en) Diploma('s) Financieel-Administratief Moderne Bedrijfsadministratie (MBA) Vakopleiding Bedrijfsadministratie & Accountancy (VBA ) Eamen Financiering niveau 5 Niveau 5 (vergelijkbaar
Werkkapitaal, Equity cashflow, Entity cashflow en Discretionary Cashflow
Werkkapitaal, Equity cashflow, Entity cashflow en Discretionary Cashflow Er is al heel wat gezegd en geschreven over het onderwerp Cash Flows. Wat ons blijft verbazen is hoe onvolledig deze publicaties
Eindexamen m&o vwo 2005-I
4 Beoordelingsmodel Opgave 1 1 volgens grafiek: 10% voor computers en 5% voor software 0,15 54 = 8,1 miljard 2 aan de verzadigingsfase gaat de volwassenfase (rijpheidsfase) vooraf, de neergangsfase (eindfase)
R-89-25 Ir. A. Dijkstra Leidschendam, 1989 Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid SWOV
SCHEIDING VAN VERKEERSSOORTEN IN FLEVOLAND Begeleidende notitie bij het rapport van Th. Michels & E. Meijer. Scheiding van verkeerssoorten in Flevoland; criteria en prioriteitsstelling voor scheiding van
ROI-calculator. Gebruik van de tool Voorbeeld
Gebruik van de tool Voorbeeld De ROI, ook wel rendement op investeringen, calculator helpt je om te berekenen of je inkomsten hoog genoeg zijn om je initiële investeringen te dekken. Het is belangrijk
TOELATINGSTOETS M&O. Datum 14-1-2016
TOELATINGSTOETS M&O VUL IN: Datum 14-1-2016 Naam en voorletters. Adres. Postcode. Woonplaats. Geboortedatum / / Plaats Land. Telefoonnummer. E-mail. Gekozen opleiding. OPMERKINGEN: Tijdsduur: 90 minuten
Financieel Management
3de bach TEW Financieel Management samenvatting : hoorcolleges aangevuld uit boek Q www.quickprinter.be uickprinter Koningstraat 13 2000 Antwerpen 162 6,00 Online samenvattingen kopen via www.quickprintershop.be
Bedrijfseconomie. B-cluster BBBBEC2A.1
Bedrijfseconomie B-cluster BBBBEC2A.1 Succes met leren Leuk dat je onze bundels hebt gedownload. Met deze bundels hopen we dat het leren een stuk makkelijker wordt. We proberen de beste samenvattingen
a. U hebt voor deze toets 75 minuten de tijd. VERGEET U NIET UW GEMAAKTE TOETS IN TE LEVEREN BIJ DE SURVEILLANT?
TOETS JAARREKENINGLEZEN BEROEPSOPLEIDING ADVOCATUUR VOORJAARSSCYCLUS 2012 EN INHALERS 11 OKTOBER 2012 (12.00 13.15 UUR) Naam :..... Cursusgroep :..... a. U hebt voor deze toets 75 minuten de tijd. VERGEET
