Dispensatie op grond van het Toetsingskader AVV

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Dispensatie op grond van het Toetsingskader AVV"

Transcriptie

1 Mr. dr. A. Stege 1 Praktijk Dispensatie op grond van het Toetsingskader AVV 24 Sinds 2007 is dispensatie van algemeen verbindend verklaarde cao-bepalingen uitzondering geworden, terwijl dispensatie daarvoor geruime tijd de hoofdregel was indien de werkgever reeds was gebonden aan een rechtsgeldige ondernemings-cao. In deze bijdrage wordt het dispensatiebeleid tot 2007 onder de loep genomen en vergeleken met het aangescherpte beleid sinds Welke redenen zijn aangevoerd voor deze aanscherping en wat zijn de effecten van het aangescherpte beleid geweest in de praktijk? De centrale vraag in deze bijdrage is of met het huidige dispensatiebeleid nog voldoende rekening wordt gehouden met de rechten van dispensatieverzoekende partijen. Het dispensatiebeleid tot 1 januari 2007 Voor 1 januari 2007 was het geruime tijd de hoofdregel dat een werkgever die met een vakbond een ondernemings-cao had gesloten, op zijn verzoek dispensatie werd verleend van een besluit tot algemeenverbindendverklaring van bepalingen van een bedrijfstak-cao waaraan hij anders na algemeenverbindendverklaring gebonden zou zijn. Er werd daarbij geen acht geslagen op de vraag met wat voor een werknemersvereniging die ondernemingscao was gesloten, of op de wijze waarop die cao tot stand was gekomen. In het Toetsingskader AVV werd aanvankelijk slechts opgemerkt dat verenigingen van werkgevers en werknemers onafhankelijk van elkaar moeten zijn, wat wil zeggen dat zij vrij moeten zijn van inmenging van de één in de zaken van de ander bij de oprichting, de uitoefening van werkzaamheden en het beheer van hun organisaties, waarbij een verwijzing werd gemaakt naar ILO-verdrag nr. 98. Dit soepele beleid, dat in het verleden overigens niet altijd zo soepel is geweest, 2 moest er op een gegeven ogenblik wel toe leiden dat de wal het schip zou keren. In het kader van een dispensatieverzoek van een onderneming die een eigen cao met een ondernemingsgebonden werknemersvereniging had gesloten, heeft de minister het dispensatiebeleid aangepast. 3 Hij introduceerde een toets waarmee voortaan de onafhankelijkheid van de werknemersvereniging werd getoetst, alsmede de wijze 1. Mr. dr. A. Stege is advocaat te Amsterdam. 2. Zie M. Houwerzijl, De golfbeweging in het dispensatiebeleid op grond van de Wet avv ( ), in: A.T.J.M Jacobs e.a., Een inspirerende Fase in het sociaal recht (Fase-bundel), Zutphen: Uitgeverij Paris 2007, p Zie besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 1 december 2003, Stcrt. 2003, 234. van totstandkoming van de ondernemings-cao. Hij stelde de volgende criteria vast: de historie van de werknemersvereniging; de lidmaatschapsbasis van de werknemersvereniging; organisatie en structuur van de werknemersvereniging; financiën van de werknemersvereniging; faciliteiten door de werkgever(s) geboden aan bestuurders/leden van de werknemersvereniging; (voor)geschiedenis cao-onderhandelingen. Nadat de minister de betreffende werknemersvereniging aan voornoemde criteria had getoetst, stelde hij vast dat er geen sprake was van een onafhankelijke vakbond. Zo was de werknemersvereniging op dezelfde dag opgericht als de dag waarop de cao werd gesloten. Voorts was de werknemersvereniging uitsluitend bedoeld voor werknemers van deze specifieke onderneming, waarbij een verplicht lidmaatschap van toepassing was (tenzij een werknemer kon aantonen van een andere werknemersvereniging lid te zijn). Het enige doel van de werknemersvereniging was het sluiten van de ondernemings-cao. Andere activiteiten werden er binnen deze organisatie niet ontplooid. Verder had de werknemersvereniging geen eigen inkomsten en was er geen stakingskas of een stakingsreglement. Aan het verplichte lidmaatschap waren voor de werknemers geen kosten verbonden. Aldus was de vereniging financieel afhankelijk van de werkgever. Tot slot had de werknemersvereniging ten tijde van het sluiten van de cao nog geen ervaring met cao-onderhandelingen. Volgens de werknemers is er ook niet daadwerkelijk onderhandeld, maar is een door de werkgever voorgelegde constructie goedgekeurd. Hier was sprake van een situatie waarin de minister niet meer bereid was het tot dan toe soepele dispensatiebeleid toe te passen. Hij kwam tot de conclusie dat partijen primair tot oogmerk hebben gehad het AVV-besluit van de Cao Uitzendkrachten te ontgaan. De dispensatie werd geweigerd. De beleidsaanscherping is pas na geruime tijd, bij besluit van 20 november 2006, vastgelegd in een nieuwe versie van het Toetsingskader AVV. 4 Daarbij werden niet alleen de nieuwe onafhankelijkheidscriteria voor werknemersverenigingen in het Toetsingskader AVV geïncorporeerd. Ook veranderde het algemene uitgangspunt aangaande dispensatieverzoeken van ja, mits in nee, tenzij. Alleen in uitzonderingsgevallen zou nog dispensatie worden verleend. 4. Zie de bekendmaking van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 20 november 2006, Stcrt. 2006,

2 Praktijk dispensatie op grond van het toetsingskader avv De reden voor aanscherping van het dispensatiebeleid De directe aanleiding voor de wijziging van het Toetsingskader AVV per 1 januari 2007 was een uitspraak van de Raad van State waarin werd vastgesteld dat een dispensatiebesluit voor bezwaar en beroep vatbaar is, aangezien een dergelijk besluit tot concreet aangeduide ondernemingen is beperkt. 5 Naar het oordeel van de minister betekende dit dat dispensatie niet meer automatisch kon worden verlengd, maar bij ieder afzonderlijk verzoek tot algemeenverbindendverklaring opnieuw moest worden aangevraagd. In dit kader dienden er ook duidelijke procedureregels gesteld te worden. Dat deze uitspraak ook tot een aanscherping van het tot dan toe geldende dispensatiebeleid zou moeten leiden, is mijns inziens niet gesteld of toegelicht. Rojer en Van der Veldt geven aan dat het verscherpte dispensatiebeleid huns inziens geen verband houdt met de uitspraak van de Raad van State. 6 Voordat de minister het Toetsingskader AVV wijzigde, heeft hij de Stichting van de Arbeid om advies gevraagd. 7 Aangaande de reden om aan een dispensatie voortaan de eis te stellen dat zwaarwegende argumenten dit dienen te rechtvaardigen, merkte hij op dat voortaan gemotiveerd diende te worden welke specifieke bedrijfskenmerken maatwerk in de dispensatie-cao nodig maken. Daarbij zou worden aangesloten bij de oorspronkelijke bedoeling van de wetgever dat dispensatie gerechtvaardigd is als de situatie van een onderneming of subsector geheel verschilt van de situatie van de ondernemingen die reeds onder de bedrijfstak-cao vallen. De Stichting van de Arbeid kon zich vinden in het voorstel van de minister om het dispensatiebeleid aan te scherpen. Zij was van mening dat het enkele feit van het bestaan van een ondernemings- of subsector-cao, die is gesloten door jegens elkaar onafhankelijke partijen, niet meer behoorde te volstaan om dispensatie te verkrijgen van de algemeenverbindendverklaring. 8 Zowel de minister als de Stichting van de Arbeid hebben nagelaten toe te lichten waarom de gebondenheid aan een rechtsgeldige cao, welke tussen onafhankelijke partijen is gesloten, niet meer zou moeten volstaan om dispensatie te verlenen. Er blijkt niet dat de minister of de Stichting van de Arbeid het fundamentele recht van derden zich te verenigen en in vrijheid over collectieve arbeidsvoorwaarden te onderhandelen in hun besluitvorming of advisering hebben betrokken. Hetgeen eveneens opvalt, is dat de minister, noch de Stichting van de Arbeid, een verband legt met de Notitie inzake zelfregulering: relatie wetgever, sociale partners/medezeggen- schapsorgaan in de arbeidsverhoudingen. In deze notitie werd aangegeven dat maatwerk op het brede terrein van arbeidsvoorwaarden het uitgangspunt zou zijn. 9 Het nieuwe dispensatiebeleid lijkt haaks te staan op deze eerdere overwegingen van de minister, aangezien het decentralisatie van arbeidsvoorwaardenoverleg niet bevordert. Rojer en Van der Veldt concluderen dat het tegengaan van eenvoudige ontduiking van algemeen verbindend verklaarde cao-bepalingen de doelstelling was van de wijziging van de dispensatieregels, onder de voorwaarde dat maatwerk mogelijk moet blijven. De toelichting voor de verscherping van het dispensatiebeleid nader bezien Grapperhaus heeft aangegeven het op prijs te stellen dat de minister het misbruik van cao-recht zou proberen terug te dringen en toonde begrip voor de aanscherping van het beleid, mede met het oog op de doelstellingen vandewetavv. 10 Duk verklaarde zich geen voorstander, aangezien het meerderheden te gemakkelijk de mogelijkheid zou bieden minderheden buiten spel te zetten, hetgeen differentiatie in de weg zou staan. 11 De stelling van de minister dat met de verzwaarde dispensatieregels weer zou worden aangesloten bij de oorspronkelijke bedoeling van de wetgever dat dispensatie gerechtvaardigd is als de situatie van een onderneming of subsector geheel verschilt van de situatie van de ondernemingen die reeds onder de bedrijfstak-cao vallen, wordt door Rojer en Van der Veldt in twijfel getrokken. De stelling van de minister volgt naar mijn oordeel ook niet uit hetgeen Mok in zijn proefschrift over de mogelijkheid van dispensatie naar voren heeft gebracht. Mok merkt op dat dispensatie nodig kan zijn om te voorkomen dat arbeidsovereenkomsten onder verschillende verbindend verklaarde regelingen zouden vallen of onder een collectief contract en een verbindend verklaarde regeling die niet in overeenstemming met elkaar zijn. Cumulatie van de voor de werknemer gunstigste bepalingen uit de verschillende cao s werd in de literatuur ontoelaatbaar geacht, vooral omdat cao-bepalingen zodanig samenhangen, dat zij een eenheid vormen, die niet willekeurig mag worden verbroken. 12 Het voorkomen van samenloop was een zelfstandige grond voor dispensatie, welke thans naar de achtergrond lijkt verdrongen. Mok vermeldt dat de uitzonderingsbevoegdheid daarnaast een tweede doel heeft, te weten de mogelijkheid ondernemingen uit te zonderen op grond van de omstandigheid dat de toestan- 5. RvS 27 oktober 2004, JIN 2005/ M.F.P. Rojer & C.M.T. van der Veldt, Dispensatie onder de loep, ARBAC 2010 (Academie voor Arbeidsrecht). Ik haal hen in deze bijdrage nog diverse keren aan. 7. Bij brief van 29 maart De stichting was al eerder voorstander van een strenger dispensatiebeleid, zie Stichting van de Arbeid, Dispensatieverlening van bepalingen in CAO s, publicatienr. 6/96 (1996). 9. Kamerstukken I 1999/00, , nr. 222a, p F.B.J. Grapperhaus, Toetsingskader algemeenverbindendverklaring CAO s: voortaan inhoudelijke toetsing van kleine CAO s?, Ondernemingsrecht 2005/ R.A.A. Duk, Ondernemingsrecht 2006/ S. Mok, Het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten, Haarlem: H.D. Tjeenk Willink & Zoon NV 1939, p

3 dispensatie op grond van het toetsingskader avv Praktijk den daarin geheel verschillen van die in de ondernemingen welke onder de cao vallen, hetgeen lijkt aan te sluiten bij de huidige bedrijfsspecifieke kenmerken. Van deze uitzonderingsmogelijkheid is al bij de eerste algemeenverbindendverklaring van cao-bepalingen gebruikgemaakt. 13 In het besluit verleent de minister een individuele werkgever dispensatie om één reden, te weten de gemengde aard van het bedrijf, hetgeen verder niet wordt toegelicht. 14 Op basis van dit besluit ligt de conclusie voor de hand dat het huidige dispensatiebeleid verder gaat dan het oorspronkelijke beleid. Destijds was gebondenheid aan een rechtsgeldige ondernemings-cao geen voorwaarde. Dit wordt immers niet als grond aangevoerd voor het verzoek tot dispensatie, noch als grond voor het verlenen daarvan. In 1974 heeft Frenkel weergegeven wat de wetgever zijns inziens voor ogen stond met de invoering van de Wet AVV. 15 Het lijkt dat er in de tijd dat Frenkel zijn bijdrage opstelde vrijwel geen sprake was van werkgevers die dispensatie verzochten vanwege de gebondenheid aan een ondernemings-cao. In zijn bijdrage merkt hij namelijk op dat hem geen recent concreet geval bekend is. Met een verwijzing naar een eerder besluit waarbij de minister een groep elders georganiseerden, althans voor zover voor hen een afzonderlijk contract was afgesloten, van de verbindendverklaring had uitgezonderd, bevestigt Frenkel dat de mogelijkheid bestaat buiten de verbindendverklaring gebracht te worden. Het beleid dat de minister destijds voerde, stuitte kennelijk niet op het bezwaar dat dit in strijd met de bedoeling van de wetgever zou zijn. Frenkel heeft zich er in elk geval niet kritisch over uitgelaten. Het verscherpte dispensatiebeleid per 1 januari 2007 en de effecten daarvan Op basis van het dispensatiebeleid zoals het sinds 1 januari 2007 geldt, dient een werkgever die om dispensatie verzoekt te motiveren om welke redenen het van hem niet gevergd kan worden de algemeen verbindend te verklaren cao-bepalingen na te leven. Hiervoor dienen zwaarwegende argumenten te zijn. Dit kan hij doen door aan te geven welke bedrijfsspecifieke kenmerken een uitzondering rechtvaardigen. Daarnaast geldt nog de eis dat de werkgever gebonden dient te zijn aan een rechtsgeldige ondernemings-cao, die gesloten dient te zijn met een onafhankelijke vakbond. Uitgangspunt is dat sociale partners in eerste instantie zelf beoordelen of aan individuele werkgevers dispensatie verleend kan worden. Voor zover nodig kan daarna dispensatie bij de minister worden verzocht. Er heeft inmiddels een evaluatie van het aangescherpte beleid plaatsgevonden, om te kunnen beoordelen of 13. Idem, p Stcrt. 1937, B.S. Frenkel, De werking van de algemeen verbindendverklaring van bepalingen van c.a.o.-en, SMA 1974, p. 74 e.v. doelstellingen van de gewijzigde beleidsregels behaald zouden zijn. 16 Uit het onderzoek blijkt onder meer dat, doordat aan de AVV-verzoekende partijen de bevoegdheid is gegeven in eerste instantie over dispensatie te beslissen, de macht van deze partijen binnen de arbeidsverhoudingen is toegenomen ten opzichte van de partijen die dispensatie verzoeken. Het vragen van dispensatie aan de AVV-vragende partijen zou in de optiek van een aanzienlijk aantal respondenten geen zin hebben. De onderzoekers noemen dit het ontmoedigingseffect. In een zaak waarbij onder meer het verscherpte dispensatiebeleid van de minister aan de orde kwam, heeft de Raad van State geoordeeld dat getoetst mag worden of bedrijfsspecifieke kenmerken een dispensatie rechtvaardigen. 17 Op basis van het nieuwe beleid heeft de minister geweigerd dispensatie te verlenen aan Intergom Personeelsvoorziening die met de FNV Horecabond een ondernemings-cao had gesloten, aangezien bedrijfsspecifieke kenmerken dit niet zouden rechtvaardigen. 18 De onderneming dient aldus de algemeen verbindend verklaarde bepalingen van de Cao Uitzendkrachten toe te passen, ondanks het feit dat zij een cao heeft gesloten met een vakbond waarvan, zover mij bekend, niemand van mening is dat dit een afhankelijke, gele, bond is. Het verscherpte dispensatiebeleid getoetst aan ILO-normen Naar aanleiding van een klacht van werkgeversorganisatie Altro Via en de vakbond LBV dat de nieuwe dispensatieregels een inbreuk zouden vormen op het recht van partijen zich te verenigen en in vrijheid over collectieve arbeidsvoorwaarden te onderhandelen, heeft het ILO Committee on Freedom of Association zich gebogen over de toelaatbaarheid van de nieuwe dispensatieregels. 19 Het comité kwam tot de conclusie dat het nieuwe dispensatiebeleid verenigbaar is met de ILO-regelgeving. De argumentatie van het comité dat het nieuwe dispensatiebeleid geen inbreuk maakt op fundamentele rechten van buitenstaanders heeft mij niet overtuigd. ILO-verdragen nr. 87 en 98 regelen fundamentele vrijheidsrechten welke tot de hoekstenen van de ILO-regelgeving behoren. 20 In het oordeel wordt niet ingegaan op de vraag waarom de onmogelijkheid voor de klagers om onderdelen van de door hen gesloten cao niet toe te kunnen passen geen inbreuk zou zijn op hun recht in vrijheid over 16. M. Wilkens & P. Donker van Heel, Evaluatie wijziging dispensatieregels Toetsingskader avv, Rotterdam: ECORYS RvS 18 november 2009, LJN BK3635 (NVUB/minister). 18. Zie Stcrt. 2007, 114 in samenhang met de antwoorden van minister Donner op Kamervragen over het nieuwe beleid (brief van 11 juli 2007, kenmerk: AV/CAM/2007/24047, antwoord op vraag 4). 19. ILO Committee on Freedom of Association 18 november 2008, JAR 2008/296. Zie ook K. Boonstra, ILO Comité steunt Nederlandse AVV-praktijk, 2009/ Zie K. Boonstra, The ILO and the Netherlands (diss. Leiden), Leiden: NJCM-Boekerij 1996, p

4 Praktijk dispensatie op grond van het toetsingskader avv collectieve arbeidsvoorwaarden te onderhandelen. De vrijheid van collectief onderhandelen wordt wel degelijk ingeperkt door het algemeen verbindend verklaren van bepalingen van een cao als er geen dispensatie wordt verleend aan partijen die reeds een eigen cao gesloten hebben welke op onderdelen strijdig is. 21 De opvatting van de minister dat dit niet zo zou zijn, 22 deel ik uitdrukkelijk niet. Ook aan de omstandigheid dat uit de ILOregelgeving, noch uit de nationale wetgeving, een rangorde kan worden afgeleid tussen bedrijfstak-cao s en ondernemings-cao s, besteedt het comité geen aandacht. 23 Ik laat hier nog buiten beschouwing dat de organisatiegraad van Nederlandse werknemers (van 28% in 1995 naar 21% in 2008) alsmaar daalt en dat het ledenbestand van de vakbeweging vergrijst. 24 Hierdoor staat de representativiteit van vakbonden onder druk en daarmee ook de legitimiteit van de overeenkomsten die zij sluiten. 25 Van het comité mocht mijns inziens een nadere afweging verwacht worden aangaande enerzijds de verhouding tussen een fundamenteel recht dat in ILO-verdragen is opgenomen en anderzijds de niet-bindende ILO-aanbeveling nr. 91 aangaande de uitbreiding van de werkingssfeer van cao-bepalingen. Ook het recht van werkgevers om zich niet te organiseren, had in mijn optiek in de afwegin- 21. Zie ook W.J.P.M. Fase, De botsing tussen de contracts- en vakverenigingsvrijheid, Deventer: Kluwer 1981, p. 14; Houwerzijl 2007, p Zie bijvoorbeeld zijn overweging hieromtrent bij het besluit van 15 juni 2007 aangaande de Cao Uitzendkrachten, Stcrt. 2007, Zie bijvoorbeeld Boonstra 1996, p Zie webmagazine van 23 september 2009; A. Stege, CAO-actualiteiten: de art.14-werknemer, misbruik van CAO-recht en selectieve algemeenverbindendverklaring, SR 2005/43; G.J.J. Heerma van Voss, Representativiteit van vakbonden en incorporatie van cao s, SR 2006/73; S. Sagel, Representativiteit van vakbonden en gebondenheid van werknemers aan cao s, ArbeidsRecht 2006/44; F.B.J. Grapperhaus & M.A.S.M. Veenstra, Toelating tot cao-onderhandelingen en de positie van kleine vakbonden, SR 2007/ Zie hieromtrent R.M. Beltzer, Vakbonden en collectieve arbeidsvoorwaardenvorming: de juridische legitimatie erodeert, NJB 2010/1802. gen betrokken moeten worden. 26 Werkgevers hebben het recht zelfstandig collectief te onderhandelen over arbeidsvoorwaarden. De combinatie van het recht van negatieve vakverenigingsvrijheid en het recht op autonome collectieve arbeidsvoorwaardenvorming, maakt mijns inziens dat een ondernemings-cao volledig toegepast moet kunnen worden. Werknemers die bevreesd zijn voor loonconcurrentie dienen ervoor te waken dat hun werkgever uitsluitend onderhandelt met een vakbond die hun belangen behoorlijk behartigt. Conclusie Het huidige dispensatiebeleid is mijns inziens strenger dan noodzakelijk. Het in het verleden geconstateerde misbruik kan worden voorkomen met behulp van de reeds in 2003 door de minister ingevoerde onafhankelijkheidstoetsing van cao-partijen. Deze toetsing acht ik gepast en in het licht van de misbruikgevallen die destijds aan de orde waren ook noodzakelijk. Het probleem van de gele bonden was hiermee feitelijk grotendeels opgelost. De mogelijkheid een ondernemings-cao te sluiten, past bij de fundamentele vrijheid van werkgevers en werknemers om zelf over arbeidsvoorwaarden te onderhandelen. En hoewel er op de overheid een plicht rust collectieve arbeidsvoorwaardenvorming te bevorderen, mede door de werkingssfeer van een bedrijfstak-cao door middel van algemeenverbindendverklaring uit te breiden, gaat die plicht wat mij betreft niet zo ver dat daarvoor een inbreuk op fundamentele rechten toegestaan moet worden. Bij de algemeenverbindendverklaring maakt de minister gebruik van een hem verleende bevoegdheid. Hierbij dient hij niet alleen rekening te houden met de belangen van de partijen die verbindendverklaring verzoeken, maar ook met de belangen én de fundamentele rechten van partijen die door middel van het voeren van collectieve onderhandelingen een andere invulling aan de arbeidsvoorwaarden willen geven. 26. Zie EHRM 13 augustus 1981, A.44 (1981), NJCM-Bulletin 1982, p (Young, James en Webster/Verenigd Koninkrijk); HvJ EG 9 maart 2006, nr. C-499/04 (Werhof), r.o. 23, 33 en

5 Mr. M.C. Veenstra en mr. dr. M.S. Wirtz 1 Reactie Reactie op het artikel Vakantie en verlofstuwmeren: wijzigingen voor zieke én gezonde werknemers 25 In het decembernummer 2 bespreekt Vink het voorstel tot wetswijziging waarin de beperkte vakantieopbouw bij ziekte komt te vervallen. In dit voorstel wordt ook een vervaltermijn geïntroduceerd. In het nieuwe art. 7:640a BW wordt bepaald dat de minimumaanspraak op vakantie vervalt zes maanden na de laatste dag van het kalenderjaar waarin de aanspraak is verworven. Vink meent dat deze aanpassing verder gaat dan noodzakelijk op grond van het arrest, en komt met een alternatief. Inmiddels is het voorstel als hamerstuk door de Tweede Kamer aangenomen, waarmee de kans tot aanpassing gering is geworden. 3 Desondanks willen wij op enkele stellingen van Vink reageren. Vink betoogt dat uit het arrest voor Nederland volgt dat de verschillen tussen zieke en gezonde werknemers moeten worden gladgestreken. Dat is niet helemaal juist, verschillen kunnen er onder voorwaarden wel degelijk zijn. Echter, voor de Nederlandse situatie is met name van belang r.o. 28 uit het arrest Schultz-Hoff 4 : zonder dat zij echter het ontstaan zelf van dit rechtstreeks uit deze richtlijn voortvloeiende recht van enigerlei voorwaarde afhankelijk mogen stellen. Hieruit volgt dat volledig en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers volgens de Richtlijn evenals hun arbeidsgeschikte collega s ten minste vier weken vakantie dienen op te bouwen ondanks het feit dat zij geen arbeid verrichten. Strikt genomen verplicht het arrest Nederland inderdaad alleen tot aanpassing van art. 7:635 lid 4 BW waarin de beperkte vakantieopbouw bij ziekte is geregeld. Deze beperkte opbouw is echter rechtstreeks gekoppeld aan de beperkte opname van vakantie tijdens ziekte. Een ziektedag kan niet aangemerkt worden als een wettelijke vakantiedag, werkgever en werknemer kunnen hooguit met betrekking tot bovenwettelijke dagen hier afspraken over maken. Door die aanpassing in de opbouw wordt het dus ook noodzakelijk om naar de opname van vakantie te gaan kijken. Ga je over de volledige periode van arbeidsongeschiktheid vakantie opbouwen, dan is het niet meer dan logisch dat je dan voortaan ook volledig vakantie gaat opnemen. Omdat op grond van de wet de 1. Mr. M.C. Veenstra en mr. dr. M.S. Wirtz zijn adviseur juridische zaken bij AWVN in Den Haag / Kamerstukken I 2010/11, , nr. A. 4. HvJ EG 20 januari 2009, nr. C-350/06 en C-520/06, JAR 2009/58 (Schultz-Hoff). werknemer mag bepalen of en wanneer hij vakantie opneemt, is aanpassing van de huidige wetgeving nodig. Voor een zieke werknemer is er immers in het huidige systeem met de verjaringstermijn van vijf jaar weinig noodzaak om vakantie op te nemen, hij hoeft in de regel niet op zijn werk te verschijnen. Zolang hij geen activiteiten verricht die zijn re-integratie bemoeilijken, mag de zieke werknemer zelf zijn tijd indelen en kan hij dus activiteiten verrichten waarvoor zijn gezonde collega s vakantiedagen dienen op te nemen. Om opname van vakantie toch te stimuleren is in het wetsvoorstel de vervaltermijn opgenomen. Nog steeds kan de zieke werknemer kiezen geen vakantie op te nemen, maar indien hij wel in staat is om op vakantie te gaan, zullen de dagen vervallen wanneer hij ze niet tijdig opneemt. Het opnemen van de vervaltermijn vloeit niet voort uit het arrest zelf, maar uit de aanpassingen in de wet met betrekking tot de opbouw van vakantie die wel uit het arrest voortvloeien. Deze aanpassing raakt alle werknemers. De vakcentrales en Vink betogen dat dit een achteruitgang voor alle werknemers is, die tevens het verlofsparen onmogelijk maakt. Dit laatste is natuurlijk niet juist. Voor de bovenwettelijke dagen verandert er niets aan de huidige verjaringstermijn van vijf jaar en bovendien staat het de werkgever en werknemer vrij om af te spreken dat er toch een gedeelte van de wettelijke dagen gespaard kan worden. De wetgever heeft ook gekozen voor de vervaltermijn om het ontstaan van nog grotere verlofstuwmeren tegen te gaan. Dit raakt ook niet zieke werknemers, maar gelet op de recuperatiefunctie die vakantie beoogt te hebben, kan er moeilijk bezwaar tegen bestaan om de opname van de wettelijke dagen te stimuleren. Zoals gezegd kunnen werkgever en werknemer bovendien desgewenst afwijkende afspraken maken. Vink stelt vervolgens een alternatief voor dat een (ge)rechtvaardig(d)er resultaat zou bieden. Ten eerste het schrappen van art. 7:635 lid 4 BW, ook de kern van het huidige wetsvoorstel. Ten tweede het handhaven van het voorstel om ziektedagen te kunnen aanmerken als vakantiedagen die ten laste van het minimum kunnen worden afgeboekt. En ten derde, en dat is het nieuwe, het de werkgever mogelijk maken om ook bij ziekte vakantiedagen af te schrijven indien de werknemer op vakantie gaat, ongeacht of de werknemer hiervoor zijn toestemming geeft. Ten aanzien van het onder ten tweede gestelde is ons bezwaar, ook bij het wetsvoorstel, dat art. 7:636, 7:637 en 7:638 BW het verrekenen (en dus ons inziens het 20

6 Reactie reactie op het artikel afschrijven) van wettelijke vakantiedagen tijdens/wegens ziekte verbieden. Dit is immers in het huidige voorstel niet opgenomen; de zinsneden uit art. 7:636 en 7:637 BW die het wettelijk minimum waarborgen, zijn gehandhaafd. Ten aanzien van het derde punt is ons bezwaar dat het bij zieke werknemers vaak niet goed mogelijk zal zijn om duidelijk vast te stellen of zij al dan niet met vakantie zijn. Drie weken naar het buitenland lijkt ons duidelijk, maar hoe zit het met een dagje Efteling of een vriend helpen met de verhuizing? Zijn gezonde collega s dienen hiervoor vrij te nemen, maar de zieke werknemer kan dit doen zonder vakantie op te nemen, zolang hij zijn reintegratie niet in gevaar brengt. Hoe merk je dat de werknemer een week, laat staan een dag vakantie geniet? De door Vink voorgestelde aanpassing stimuleert niet tot opname van vakantiedagen en is daarom onnodig en ongewenst. 21

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, pagina: 1 Bijlage 1 Conceptbesluit tot wijziging van het Besluit aanmelding van CAO s en het aanvragen van AVV Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van, directie Arbeidsverhoudingen,

Nadere informatie

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID BESLUIT VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID VAN 1 DECEMBER 2003 TOT WIJZIGING VAN HET BESLUIT TOT VERBINDENDVERKLARING VAN BEPALINGEN VAN

Nadere informatie

Cao s en ander (on)gemak. Peter van der Sluis (AWVN) Peter de Waal (PLP) Steven Palm (PLP)

Cao s en ander (on)gemak. Peter van der Sluis (AWVN) Peter de Waal (PLP) Steven Palm (PLP) Cao s en ander (on)gemak Peter van der Sluis (AWVN) Peter de Waal (PLP) Steven Palm (PLP) De cao in vogelvlucht Agenda Een actuele zaak: Matrans versus FNV Bondgenoten Wanneer is er eigenlijk sprake van

Nadere informatie

Notitie. Nieuwe vakantiewetgeving per 1 januari 2012

Notitie. Nieuwe vakantiewetgeving per 1 januari 2012 Aan Bestuurders Van Marian Mons, Adviseur Juridische Zaken, Adviesgroep Adviesgroep T 0900 9690 (lokaal tarief) F 030 66 30 000 www.fnvbondgenoten.nl Datum Doorkiesnummer 1 juni 2011 0302738730 Onderwerp

Nadere informatie

De nieuwe vakantiewetgeving per 1 januari 2012.

De nieuwe vakantiewetgeving per 1 januari 2012. De nieuwe vakantiewetgeving per 1 januari 2012. 1 Waarom een nieuwe vakantiewetgeving? Europese richtlijn 2003/88/EG Europese jurisprudentie (20-01-2009) Schultz-Hoff Stringer 2 Artikel 7 van de Europese

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

Collectief arbeidsrecht

Collectief arbeidsrecht Collectief arbeidsrecht Deel 2 Vakverenigingsvrijheid Het recht op collectief onderhandelen Mededingingsrecht Mr. dr. J. van Drongelen Zutphen2009 UITGEVERIJ Inhoudsopgave Afkortingen / 9 Voorwoord /13

Nadere informatie

CAO & Arbeidsvoorwaardenreglement. Twee soorten cao s

CAO & Arbeidsvoorwaardenreglement. Twee soorten cao s CAO & Arbeidsvoorwaardenreglement Een collectieve arbeidsovereenkomst (cao) is een schriftelijke overeenkomst waarin afspraken over arbeidsvoorwaarden zijn vastgelegd, bijvoorbeeld over loon, betaling

Nadere informatie

Actualiteitenseminar Loonheffingen & Arbeidsrecht 2011

Actualiteitenseminar Loonheffingen & Arbeidsrecht 2011 Actualiteitenseminar Loonheffingen & Arbeidsrecht 2011 Actualiteiten Arbeidsrecht Inhoudsopgave Loonsanctie UWV bij onvoldoende re-integratie Wetsvoorstel aanpassing vakantiewetgeving Aanscherping Wet

Nadere informatie

Tekstaanpassingen CAO Bakkersbedrijf ( t/m ) in verband met de procedure voor algemeen verbindend verklaring

Tekstaanpassingen CAO Bakkersbedrijf ( t/m ) in verband met de procedure voor algemeen verbindend verklaring GO Bakkersbedrijf Secretaris: mr. P.F. Passchier T: 0182 69 30 35 (doorkiesnummer) M: 06-519 54 530 E: passchier@nbov.nl Postbus 332 2800 AH Gouda Tekstaanpassingen CAO Bakkersbedrijf (01-04-2014 t/m 31-03-2015)

Nadere informatie

Collectief arbeidsrecht

Collectief arbeidsrecht Collectief arbeidsrecht Prof. dr. A.T.J.M. Jacobs KLUWER Deventer - 2003 Woord vooraf Afkortingen v xm 1 Inleiding i 2 Vakverenigingen en vakverenigingsrecht 5 2.1 Vakbonden 5 2.2 Werkgevers 19 2.3 Vakverenigingsrecht

Nadere informatie

CAO-recht. Het recht met betrekking tot CAO's en de verbindendverklaring en onverbindendverklaring van bepalingen ervan

CAO-recht. Het recht met betrekking tot CAO's en de verbindendverklaring en onverbindendverklaring van bepalingen ervan CAO-recht Het recht met betrekking tot CAO's en de verbindendverklaring en onverbindendverklaring van bepalingen ervan INHOUDSOPGAVE Voorwoord / 5 Inhoudsopgave / 7 Lijst van afkortingen / 15 1 Inleiding

Nadere informatie

Toekomstbestendigheid van het CAO-recht Vereniging voor Arbeidsrecht 31 maart 2011

Toekomstbestendigheid van het CAO-recht Vereniging voor Arbeidsrecht 31 maart 2011 Toekomstbestendigheid van het CAO-recht Vereniging voor Arbeidsrecht 31 maart 2011 Prof.mr. Loe Sprengers Staat het CAO-recht op een kruispunt? - CAO: Waardevol bezit - Voor werkgevers: - Dragende kracht

Nadere informatie

Vakantie en ziekte: de nieuwe wettelijke regeling

Vakantie en ziekte: de nieuwe wettelijke regeling Jan M athies Vakantie en ziekte: de nieuwe wettelijke regeling De combinatie vakantie en ziekte levert in de praktijk voor werkgevers vaak problemen op. Het berekenen van de opbouw van vakantierechten

Nadere informatie

Casus 3 Het zal je werk maar zijn

Casus 3 Het zal je werk maar zijn Casus 3 Het zal je werk maar zijn Het CAO-recht is lastig. Veel partijen zijn namelijk bij een CAO betrokken: vakbonden, werkgevers(organisaties), werknemers die lid zijn van een vakbond die aan de CAO

Nadere informatie

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID I-SZW Nr. 8553 Bijvoegsel Stcrt. d.d. 2-5-1996, nr. 84 ALGEMEEN VERBINDENDVERKLARING VAN GEWIJZIGDE BEPALINGEN VAN DE COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST VOOR

Nadere informatie

De cao ontslagcommissie als reorganisatietool. How I learned to stop worrying and love the cao ontslagcommissie? VvA 22 mei 2014 --- D.F.

De cao ontslagcommissie als reorganisatietool. How I learned to stop worrying and love the cao ontslagcommissie? VvA 22 mei 2014 --- D.F. De cao ontslagcommissie als reorganisatietool How I learned to stop worrying and love the cao ontslagcommissie? VvA 22 mei 2014 --- D.F. Berkhout Inhoud 1. Inleiding: privatisering van het ontslagrecht

Nadere informatie

Vakantiewetgeving m.i.v. 1 januari 2012

Vakantiewetgeving m.i.v. 1 januari 2012 Vakantiewetgeving m.i.v. 1 januari 2012 Wet houdende het afschaffen van de beperkte opbouw van minimum vakantierechten tijdens ziekte, de invoering van een vervaltermijn voor de minimum vakantiedagen en

Nadere informatie

Fact sheet avv-loze periode ABU-cao

Fact sheet avv-loze periode ABU-cao Fact sheet avv-loze periode ABU-cao INLEIDING De CAO voor Uitzendkrachten (hierna nader te noemen de ABU-CAO ) is op dit moment niet algemeen verbindend verklaard. Dit wordt ook wel de avv-loze periode

Nadere informatie

Actualiteiten arbeidsrecht. 14 november 2011 Stephanie Profijt Astrid Riemslag

Actualiteiten arbeidsrecht. 14 november 2011 Stephanie Profijt Astrid Riemslag Actualiteiten arbeidsrecht 14 november 2011 Stephanie Profijt Astrid Riemslag Wet Arbeid en Zorg: Ouderschapsverlof Dwingend recht Absoluut recht Voorwaarden: 1. er moet sprake zijn van een werknemer die

Nadere informatie

Wijziging vakantiewetgeving ingaande 1-1-2012

Wijziging vakantiewetgeving ingaande 1-1-2012 Wijziging vakantiewetgeving ingaande 1-1-2012 Algemeen Door het Europese Hof van Justitie is enige tijd geleden een uitspraak gedaan, waardoor de Nederlandse wetgeving ten aanzien van het opbouwen van

Nadere informatie

De wenselijkheid van een herformulering van art. 27 lid 3 WOR

De wenselijkheid van een herformulering van art. 27 lid 3 WOR De wenselijkheid van een herformulering van art. 27 lid 3 WOR Naam student: Kiki Aerts Administratienummer: 626809 Naam scriptiebegeleider: Mr. dr. J. van Drongelen Afstudeerrichting: Master Rechtsgeleerdheid,

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2009 2010 32 465 Het afschaffen van de beperkte opbouw van minimum vakantierechten tijdens ziekte, de invoering van een vervaltermijn voor de minimum vakantiedagen

Nadere informatie

Beleid methodiek (forfaitaire) schadevergoeding SNCU

Beleid methodiek (forfaitaire) schadevergoeding SNCU Beleid methodiek (forfaitaire) schadevergoeding SNCU Achtergrond Vanaf het najaar 2005 vindt door de SNCU in de uitzendbranche controle plaats op de naleving van de CAO voor Uitzendkrachten en sinds 2009

Nadere informatie

Ontslag en arbeidsongeschiktheid; vakantie en arbeidsongeschiktheid

Ontslag en arbeidsongeschiktheid; vakantie en arbeidsongeschiktheid Ontslag en arbeidsongeschiktheid; vakantie en arbeidsongeschiktheid mr. A.M. (Sanne) Wuisman advocaat Kantoor Mr. van Zijl B.V. Korvelseweg 142, 5025 JL Tilburg Postbus 1095, 5004 BB Tilburg tel. (013)

Nadere informatie

Kluwer Online Research Bedrijfsjuridische berichten Verruiming van de zorgplicht en werkgeversaansprakelijkheid

Kluwer Online Research Bedrijfsjuridische berichten Verruiming van de zorgplicht en werkgeversaansprakelijkheid Bedrijfsjuridische berichten Verruiming van de zorgplicht en werkgeversaansprakelijkheid Auteur: Mr. T.L.C.W. Noordoven[1] Hoge Raad 23 maart 2012, JAR 2012/110 1.Inleiding Maakt het vanuit het oogpunt

Nadere informatie

2. Het vierde lid vervalt onder vernummering van het vijfde en zesde lid tot vierde en vijfde lid.

2. Het vierde lid vervalt onder vernummering van het vijfde en zesde lid tot vierde en vijfde lid. Voorstel van wet houdende het afschaffen van de beperkte opbouw van minimum vakantierechten tijdens ziekte, de invoering van een vervaltermijn voor de minimum vakantiedagen en de aanpassing van enige andere

Nadere informatie

De gemiste kansen van de verval- en verjaringstermijn in de Nederlandse vakantiewetgeving van 2012

De gemiste kansen van de verval- en verjaringstermijn in de Nederlandse vakantiewetgeving van 2012 Masterscriptie Arbeidsrecht De gemiste kansen van de verval- en verjaringstermijn in de Nederlandse vakantiewetgeving van 2012 Annelyn Aldenkamp (6149111) Masterscriptie Arbeidsrecht 17 augustus 2012 Universiteit

Nadere informatie

meest gestelde vragen over De Proeftijd De Gier Stam &

meest gestelde vragen over De Proeftijd De Gier Stam & meest gestelde vragen over De Proeftijd De Gier Stam & De 10 meest gestelde vragen over De Proeftijd De Gier Stam & Colofon De Gier Stam & Advocaten Lucasbolwerk 6 Postbus 815 3500 AV UTRECHT t: (030)

Nadere informatie

betreft: [klager] datum: 8 september 2014

betreft: [klager] datum: 8 september 2014 nummer: 14/794/GA betreft: [klager] datum: 8 september 2014 De beroepscommissie als bedoeld in artikel 69, tweede lid, van de Penitentiaire beginselenwet (Pbw) heeft kennisgenomen van een bij het secretariaat

Nadere informatie

LIJST VAN VERKORT AANGEHAALDE WERKEN

LIJST VAN VERKORT AANGEHAALDE WERKEN LIJST VAN VERKORT AANGEHAALDE WERKEN ADO-rapport Adviescommissie Duaal Ontslagstelsel, Afscheid van het duale ontslagrecht, Doetinchem: Elsevier bedrijfsinformatie 2000. Arbeidsovereenkomst en algemeen

Nadere informatie

NVAB. A. ter Linden en N.M. van Seumeren

NVAB. A. ter Linden en N.M. van Seumeren R e g i s t r a t i e k a m e r NVAB bs/ep 2000-206 A. ter Linden en N.M. van Seumeren070-3811358..'s-Gravenhage, 20 juni 2001.. Onderwerp Bijlage 5 reïntegratieplan Bij brief met bijlagen van 19 oktober

Nadere informatie

Loondoorbetaling na 104 weken ziekte

Loondoorbetaling na 104 weken ziekte Loondoorbetaling na 104 weken ziekte Brief minister Donner Datum 2 februari 2010 Bij brief van 2 juli jl. heeft u gereageerd op mijn brief van 19 december 2008. Uw reactie heeft u inmiddels ook bij brief

Nadere informatie

Opbouw vakantierechten tijdens ziekte en zwangerschap

Opbouw vakantierechten tijdens ziekte en zwangerschap Opbouw vakantierechten tijdens ziekte en zwangerschap Opbouw vakantierechten tijdens ziekte en zwangerschap Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland Colofon Uitgave Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland

Nadere informatie

afspraken die in het Najaarsoverleg 2008 zijn gemaakt. Volstaan wordt dan ook met hiernaar te verwijzen.

afspraken die in het Najaarsoverleg 2008 zijn gemaakt. Volstaan wordt dan ook met hiernaar te verwijzen. Reactie op de brief van de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) inzake het wetsvoorstel tot wijziging van Boek 7, titel 10, van het Burgerlijk Wetboek in verband met het limiteren van de hoogte van de

Nadere informatie

Bekijk hier de uitspraak van de Commissie van Beroep GCHB 2010-401

Bekijk hier de uitspraak van de Commissie van Beroep GCHB 2010-401 Bekijk hier de uitspraak van de Commissie van Beroep GCHB 2010-401 Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 89 d.d. 3 mei 2010 (mr. drs. M.L. Hendrikse, voorzitter, mr. B.F. Keulen

Nadere informatie

Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen

Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen ADVIES Rolnummer: LPL 98.039 DE BEDRIJFSCOMMISSIEKAMER VOOR DE OVERHEID VOOR LAGERE PUBLIEKRECHTELIJKE LICHAMEN, ADVISERENDE

Nadere informatie

Vakantieadministratie en stuwmeren vanaf 1 januari 2012: Leuker kunnen we het niet maken, wel (onnodig) ingewikkeld

Vakantieadministratie en stuwmeren vanaf 1 januari 2012: Leuker kunnen we het niet maken, wel (onnodig) ingewikkeld Mevr. mr. M. Koster en mevr. mr. C.J. Herman de Groot 1 Vakantieadministratie en stuwmeren vanaf 1 januari 2012: Leuker kunnen we het niet maken, wel (onnodig) ingewikkeld 55 De wijzigingen in de vakantiewetgeving

Nadere informatie

Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau?

Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau? Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau? Vanaf 1 april 2012 is er sprake van een onderbreking van de Algemeen Verbindend Verklaring (AVV) van de Cao voor Uitzendkrachten. Dit kan grote

Nadere informatie

De wetteksten huidig en nieuw Afdeling 3 Boek 7 Burgerlijk Wetboek: Vakantie en Verlof

De wetteksten huidig en nieuw Afdeling 3 Boek 7 Burgerlijk Wetboek: Vakantie en Verlof De wetteksten huidig en nieuw Afdeling 3 Boek 7 Burgerlijk Wetboek: Vakantie en Verlof Leeswijzer: De officiële wettekst is nog niet beschikbaar. Onderstaande wettekst is op basis van de kamerstukken samengesteld.

Nadere informatie

Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst

Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst Aan: De politievakorganisaties vertegenwoordigd in de Commissie voor georganiseerd overleg in politie-ambtenarenzaken. De voorzitter van de Commissie voor georganiseerd overleg in politieambtenarenzaken

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2016 286 Besluit van 6 juli 2016, houdende wijziging van het Besluit algemene rechtspositie politie in verband met de aanspraak op vakantieverlof,

Nadere informatie

De Commissie heeft vastgesteld dat tussenkomst van de Ombudsman Financiële Dienstverlening niet tot oplossing van het geschil heeft geleid.

De Commissie heeft vastgesteld dat tussenkomst van de Ombudsman Financiële Dienstverlening niet tot oplossing van het geschil heeft geleid. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 21 d.d. 2 april 2009 (mr. M.M. Mendel, voorzitter, mr. E.M. Dil - Stork en mr. B. Sluijters) 1. Procedure De Commissie beslist met inachtneming

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

2010, Noordhoff Uitgevers bv. Casus 12 Arme Henkie

2010, Noordhoff Uitgevers bv. Casus 12 Arme Henkie Casus 12 Arme Henkie Eén van de problemen rond het staken betreft de werknemers die zich verre van de staking willen houden en gewoon aan het werk willen. Soms is dat onmogelijk omdat de toegangspoorten

Nadere informatie

Actualiteitenseminar Loonheffingen & Arbeidsrecht 2010

Actualiteitenseminar Loonheffingen & Arbeidsrecht 2010 Actualiteitenseminar Loonheffingen & Arbeidsrecht 2010 Actualiteiten Arbeidsrecht Actualiteiten arbeidsrecht Ontwikkelingen ontslagvergoeding Overgang van onderneming (ovo) Actualiteiten 16 Ontwikkelingen

Nadere informatie

Het pensioenontslag. ECLI:NL:RBUTR:2011:BU3431; Ktr. Delft, 23 april 2009, JAR 2009/116.

Het pensioenontslag. ECLI:NL:RBUTR:2011:BU3431; Ktr. Delft, 23 april 2009, JAR 2009/116. 1 Het pensioenontslag Inleiding Het maken van onderscheid op grond van leeftijd bij arbeid is verboden. De hierop betrekking hebbende EG-Richtlijn 1 is in Nederland geïmplementeerd door de Wet gelijke

Nadere informatie

Ontslagzaken na de invoering van de Wet werk en zekerheid per 1 juli 2015

Ontslagzaken na de invoering van de Wet werk en zekerheid per 1 juli 2015 Ontslagzaken na de invoering van de Wet werk en zekerheid per 1 juli 2015 Op 1 juli 2015 treedt het belangrijkste deel van de Wet werk en zekerheid in werking: de herziening van het ontslagrecht. Hoe die

Nadere informatie

De juridische haken en ogen aan de ondernemingsovereenkomst

De juridische haken en ogen aan de ondernemingsovereenkomst MEDEZEGGENSCHAPSRECHT De juridische haken en ogen aan de ondernemingsovereenkomst MR. A. BRIEJER In deze bijdrage wordt, mede aan de hand van jurisprudentie, bezien of het doel dat de wetgever met art.

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

Rapport. Datum: 23 november 2007 Rapportnummer: 2007/271

Rapport. Datum: 23 november 2007 Rapportnummer: 2007/271 Rapport Datum: 23 november 2007 Rapportnummer: 2007/271 2 Klacht Verzoekster klaagt erover dat: een met naam genoemde verzekeringsarts van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) Utrecht

Nadere informatie

Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau?

Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau? Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau? Een onderbreking van de Algemeen Verbindend Verklaring (AVV) van de Cao voor Uitzendkrachten kan grote gevolgen hebben voor uitzendbureaus die niet

Nadere informatie

Beoordeling. h2>klacht

Beoordeling. h2>klacht Rapport 2 h2>klacht Verzoeker klaagt er in vervolg op zijn bij de Nationale ombudsman op 5 februari 2008 ingediende klacht over dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) Rotterdam in het

Nadere informatie

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Bouwbedrijf 2003/2005 Bedrijfstakeigen Regelingen Verbindendverklaring gewijzigde CAO-bepalingen MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID AI Nr. 9993 Bijvoegsel Stcrt. d.d. 29-09-2003, nr. 187 ALGEMEEN

Nadere informatie

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID I-SZW Nr. 8559 Bijvoegsel Stcrt. d.d. 04-06-1996, nr. 104 ALGEMEEN VERBINDENDVERKLARING VAN GEWIJZIGDE BEPALINGEN VAN DE COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST

Nadere informatie

R e g i s t r a t i e k a m e r. Landelijk instituut sociale verzekeringen. 28 februari 2001 mw. drs. N.M. van Seumeren

R e g i s t r a t i e k a m e r. Landelijk instituut sociale verzekeringen. 28 februari 2001 mw. drs. N.M. van Seumeren R e g i s t r a t i e k a m e r Landelijk instituut sociale verzekeringen 28 februari 2001 mw. drs. N.M. van Seumeren070-3811300..'s-Gravenhage, 23 mei 2001.. Onderwerp uitvoering wet Rea Bij brief van

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 34 279 Wijziging van de Wet langdurige zorg, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, de Jeugdwet en de Zorgverzekeringswet Nr. 4 ADVIES AFDELING

Nadere informatie

2509 LK Stichting van de Arbeid T.a.v. mevrouw drs. J.M.A. Mooren, secretaris Postbus LK S GRAVENHAGE

2509 LK Stichting van de Arbeid T.a.v. mevrouw drs. J.M.A. Mooren, secretaris Postbus LK S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag Stichting van de Arbeid T.a.v. mevrouw drs. J.M.A. Mooren, secretaris Postbus 90405 2509 LK S GRAVENHAGE 2509 LK90405 Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van

Nadere informatie

Gevoegde zaken C-18 0/98 C-184/98. P. Pavlov e.a. tegen Stichting Pensioenfonds Medische Specialisten

Gevoegde zaken C-18 0/98 C-184/98. P. Pavlov e.a. tegen Stichting Pensioenfonds Medische Specialisten Gevoegde zaken C-18 0/98 C-184/98 P. Pavlov e.a. tegen Stichting Pensioenfonds Medische Specialisten (verzoek van het Kantongerecht te Nijmegen om een prejudiciële beslissing) Verplichte deelneming in

Nadere informatie

De Minister van Veiligheid en Justitie. Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Advies wetsvoorstel toevoegen gegevens aan procesdossier minderjarige

De Minister van Veiligheid en Justitie. Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Advies wetsvoorstel toevoegen gegevens aan procesdossier minderjarige POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl www.mijnprivacy.nl AAN De Minister van Veiligheid en Justitie

Nadere informatie

SAMENVATTING UITSPRAAK. A, B, C, D, E, F, G, werknemers van ROC H, gevestigd te I, verzoekers, hierna te noemen de werknemers gemachtigde: de heer J

SAMENVATTING UITSPRAAK. A, B, C, D, E, F, G, werknemers van ROC H, gevestigd te I, verzoekers, hierna te noemen de werknemers gemachtigde: de heer J SAMENVATTING 106262 - Geschil over toepassing vakantieregeling werkgever; BVE Het geschil is in goed overleg tussen partijen aan de Commissie voorgelegd (N-7 cao bve). De werkgever heeft gaandeweg het

Nadere informatie

Relevante feiten. Beoordeling. RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996

Relevante feiten. Beoordeling. RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996 RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG VAN ANTWERPEN Vonnis van 09 oktober 2002 - Rol nr 00/2654/A - Aanslagjaar 1996 Relevante feiten Als kaderlid van M heeft eerste eiser in 1993 aandelenopties verkregen op aandelen

Nadere informatie

AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Raad van State 201200615/1/V4. Datum uitspraak: 13 november 2012 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op

Nadere informatie

Wetsvoorstel werk en zekerheid

Wetsvoorstel werk en zekerheid Wetsvoorstel werk en zekerheid De belangrijkste gevolgen op een rij Geachte relatie, Vrijdag 29 november jl. is het wetsvoorstel met betrekking tot de Wet werk en zekerheid ingediend. De voorstellen van

Nadere informatie

Gele vakbonden. Naam: Michaël Schukking Datum: juli 2013 Begeleider: mr. N. Jansen Universiteit van Amsterdam

Gele vakbonden. Naam: Michaël Schukking Datum: juli 2013 Begeleider: mr. N. Jansen Universiteit van Amsterdam Gele vakbonden Naam: Michaël Schukking Datum: juli 2013 Begeleider: mr. N. Jansen Universiteit van Amsterdam Inhoudsopgave Inleiding Hoofdstuk 1. Het Cao-recht 1.1 Inleiding 4 1.2 Ontstaan van de klassieke

Nadere informatie

Stichting van de Arbeid t.a.v. de Agendacommissie Postbus 90405 2509 LK DEN HAAG AV/CAM/2003/94807

Stichting van de Arbeid t.a.v. de Agendacommissie Postbus 90405 2509 LK DEN HAAG AV/CAM/2003/94807 Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Stichting van de Arbeid t.a.v. de Agendacommissie Postbus 90405 2509 LK DEN HAAG Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 Telefoon (070)

Nadere informatie

Instemmingsgeschil VO-artikel 12 lid 1 onder g WMS (toekenning generieke toelage teamleiders)

Instemmingsgeschil VO-artikel 12 lid 1 onder g WMS (toekenning generieke toelage teamleiders) SAMENVATTING 104469 - Instemmingsgeschil VO-artikel 12 lid 1 onder g WMS (toekenning generieke toelage teamleiders) GMR heeft geweigerd in te stemmen met het voornemen om voor alle teamleiders, ongeacht

Nadere informatie

R e g i s t r a t i e k a m e r. Holding UVI Z. ..'s-gravenhage, 29 april 1999. Ons kenmerk 98\0202.4. Onderwerp Gebruik persoonsgegevens

R e g i s t r a t i e k a m e r. Holding UVI Z. ..'s-gravenhage, 29 april 1999. Ons kenmerk 98\0202.4. Onderwerp Gebruik persoonsgegevens R e g i s t r a t i e k a m e r Holding UVI Z..'s-Gravenhage, 29 april 1999.. Onderwerp Gebruik persoonsgegevens Met excuses voor de vertraging stelt de Registratiekamer u graag op de hoogte van haar oordeel

Nadere informatie

BESLUIT. Zaaknummer 1587/30 ATG vs St. OOMT Betreft zaak: ATG vs. SOOMT. I. Inleiding

BESLUIT. Zaaknummer 1587/30 ATG vs St. OOMT Betreft zaak: ATG vs. SOOMT. I. Inleiding BESLUIT Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit tot afwijzing van een aanvraag tot het nemen van een besluit op grond van artikel 56, eerste lid, van de Mededingingswet.

Nadere informatie

AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:

AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van: Raad vanstate 201109405/1 /V4. Datum uitspraak: 20 september 2012 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep

Nadere informatie

Naam: Evelijn Plantenberg Studentnummer: 10194282 Begeleider: mevr. mr. I. Zaal Master Arbeidsrecht. De rol van de vakbond bij het cao overleg

Naam: Evelijn Plantenberg Studentnummer: 10194282 Begeleider: mevr. mr. I. Zaal Master Arbeidsrecht. De rol van de vakbond bij het cao overleg Naam: Evelijn Plantenberg Studentnummer: 10194282 Begeleider: mevr. mr. I. Zaal Master Arbeidsrecht De rol van de vakbond bij het cao overleg 1 Voorwoord Voor u ligt de scriptie De rol van de vakbond bij

Nadere informatie

Rapport. Datum: 1 oktober 2001 Rapportnummer: 2001/298

Rapport. Datum: 1 oktober 2001 Rapportnummer: 2001/298 Rapport Datum: 1 oktober 2001 Rapportnummer: 2001/298 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat de Stichting Welzijns- en Gezondheidszorg Ambulante Jeugdbescherming en Jeugdhulpverlening heeft geweigerd het

Nadere informatie

Vakantieverlof en het Persoonlijk Levensfase Budget in de CAO VVT

Vakantieverlof en het Persoonlijk Levensfase Budget in de CAO VVT Vakantieverlof en het Persoonlijk Levensfase Budget in de CAO VVT Programma 1. Welke wijzigingen in de vakantieregelingen staan er op stapel? 2. Wat zijn de wijzigingen in het BW? 3. Hoe ziet de (vakantie)verlof

Nadere informatie

Brief van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Brief van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid 29544 Arbeidsmarktbeleid Nr. 514 Brief van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 7 april 2014 Bijgaand treft u het rapport

Nadere informatie

WNT - De topfunctionaris en zijn ontslag Damiën Berkhout (Stibbe)

WNT - De topfunctionaris en zijn ontslag Damiën Berkhout (Stibbe) WNT - De topfunctionaris en zijn ontslag Damiën Berkhout (Stibbe) Inleiding 1. Essentie van de WNT regels 2. Evaluatie van de WNT regels 3. Een voorstel tot aanpak 4. De toekomst en stellingen 1. De wettelijke

Nadere informatie

Actualiteitenseminar Loonheffingen & Arbeidsrecht 2012. Presentatie Actualiteiten Arbeidsrecht

Actualiteitenseminar Loonheffingen & Arbeidsrecht 2012. Presentatie Actualiteiten Arbeidsrecht Actualiteitenseminar Loonheffingen & Arbeidsrecht 2012 Presentatie Actualiteiten Arbeidsrecht Onderwerpen Nieuwe vakantiewetgeving Wijzing Wet melding collectief ontslag (WMCO) Wijzigingen Wet allocatie

Nadere informatie

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Contractcateringbranche Vrijwillig Vervroegd Uittreden 2004/2008 Verbindendverklaring gewijzigde CAO-bepalingen MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID BESLUIT VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 24321 26 augustus 2014 Schilders- en Onderhoudsbedrijf in Nederland Bedrijfstakeigenregelingen 2014/2015 Verbindendverklaring

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

Uitspraak Landelijke Commissie van Vertrouwenslieden

Uitspraak Landelijke Commissie van Vertrouwenslieden Uitspraak Landelijke Commissie van Vertrouwenslieden Uitspraaknr. : 07-07 Datum : 8 november 2007 Partijen : de , vertegenwoordigd door , hierna aangeduid als: de directeur;

Nadere informatie

18. ONMISBARE WERKNEMER

18. ONMISBARE WERKNEMER 18. ONMISBARE WERKNEMER Inleiding Bij het bepalen van de ontslagvolgorde (welke werknemer komt bij een ontslag op bedrijfseconomische gronden als eerste voor ontslag in aanmerking) moet het afspiegelingsbeginsel

Nadere informatie

Rapport. Rapport over een klacht over het college van burgemeester en wethouders van Emmen. Datum: 12 december 2011. Rapportnummer: 2011/358

Rapport. Rapport over een klacht over het college van burgemeester en wethouders van Emmen. Datum: 12 december 2011. Rapportnummer: 2011/358 Rapport Rapport over een klacht over het college van burgemeester en wethouders van Emmen. Datum: 12 december 2011 Rapportnummer: 2011/358 2 Klacht Verzoekster klaagt erover, dat de gemeentesecretaris

Nadere informatie

Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming ~ 2500 GC Den Haag

Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming ~ 2500 GC Den Haag Parkstraat 83 Den Haag Correspondentie: Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming ~ 2500 GC Den Haag ~ Telefoon Fax algemeen (070) (070) 361 93361 009310 Fax rechtspraak (070) 361 9315 Aan de

Nadere informatie

Commissie als bedoeld in artikel 12.1 van de Collectieve Arbeidsovereenkomst voor het primair onderwijs (CAO PO)

Commissie als bedoeld in artikel 12.1 van de Collectieve Arbeidsovereenkomst voor het primair onderwijs (CAO PO) COMMISSIE VAN BEROEP VOOR HET KATHOLIEK PRIMAIR ONDERWIJS Beroep tegen RDDF-plaatsing. De Commissie van Beroep is bevoegd. Nu stellig te verwachten is dat in 2016 afgevloeid dient te worden met toepassing

Nadere informatie

Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau?

Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau? Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau? Vanaf 1 april 2012 is er sprake van een onderbreking van de Algemeen Verbindend Verklaring (AVV) van de CAO voor Uitzendkrachten. Dit kan grote

Nadere informatie

[Naam werkgever], gevestigd te [plaats/adres], in deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door [ naam], [functie] hierna te noemen werkgever,

[Naam werkgever], gevestigd te [plaats/adres], in deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door [ naam], [functie] hierna te noemen werkgever, Model oproepovereenkomst De ondergetekenden: [Naam werkgever], gevestigd te [plaats/adres], in deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door [ naam], [functie] hierna te noemen werkgever, en [naam oproepkracht],

Nadere informatie

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID AI Nr. 8913 Bijvoegsel Stcrt. d.d. 23-12-1997, nr. 247 ALGEMEEN VERBINDENDVERKLARING VAN GEWIJZIGDE BEPALINGEN VAN DE COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST VOOR

Nadere informatie

Richtlijn werk en mantelzorg

Richtlijn werk en mantelzorg Raad voor overleg in de Grafimedia-branche (ROGB) Richtlijn werk en mantelzorg bij Grafimedia cao 2015-2018 1 december 2016 Richtlijn werk en mantelzorg Inleiding Medewerkers met mantelzorgtaken kunnen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 32 889 Voorstel van wet van de leden Van Gent en van Hijum tot wijziging van de Wet aanpassing arbeidsduur ten einde flexibel werken te bevorderen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2006 2007 31 127 Wijziging van de Wet werk en bijstand in verband met aanpassing van de groep met recht op bijstand bij langer verblijf buiten Nederland

Nadere informatie

Doorwerken na bereiken leeftijd 65 jaar. Bekendmaken van beleid

Doorwerken na bereiken leeftijd 65 jaar. Bekendmaken van beleid Onderdeel DGOBR/POI Rijk/PR Inlichtingen Wilmar Hagg T (070) 426 7663 F 1 van 5 Aan Onderwerp De ministers Doorwerken na bereiken leeftijd 65 jaar Aantal bijlagen 0 Bezoekadres Schedeldoekshaven 200 2511

Nadere informatie

Rapport. Datum: 18 oktober 2001 Rapportnummer: 2001/325

Rapport. Datum: 18 oktober 2001 Rapportnummer: 2001/325 Rapport Datum: 18 oktober 2001 Rapportnummer: 2001/325 2 Klacht Verzoeker klaagt er over dat de Belastingdienst/Particulieren/Ondernemingen Venlo tot het moment van indienen van de klacht bij de Nationale

Nadere informatie

Artikel 9 Herplaatsing

Artikel 9 Herplaatsing Artikel 9 Herplaatsing 1. Bij de beoordeling of binnen de onderneming van de werkgever een passende functie beschikbaar is voor een werknemer die voor ontslag in aanmerking komt, worden arbeidsplaatsen

Nadere informatie

Het incorporatiebeding: verleden, heden en toekomst

Het incorporatiebeding: verleden, heden en toekomst Citeerwijze van dit artikel: Ronald Beltzer, Het incorporatiebeding: verleden, heden en toekomst, ARBAC 2012, januari-maart, DOI: 10.5553/ARBAC/.000007 DOI: 10.5553/ARBAC/.000007 Het incorporatiebeding:

Nadere informatie

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Besluit:

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Besluit: Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 14 juli 2009,, tot wijziging van het Ontslagbesluit betreffende verruiming van de mogelijkheid tot afwijking van het afspiegelingsbeginsel De Minister van

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 33286 25 november 2014 Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 17 november 2014, 2014-0000102276,

Nadere informatie

College voor geschillen medezeggenschap defensie

College voor geschillen medezeggenschap defensie ADVIES Dossiernr: Advies van het College voor geschillen medezeggenschap defensie aan de Bevelhebber der Zeestrijdkrachten naar aanleiding van een verzoek om advies inzake een tussen: de Commandant Maritieme

Nadere informatie

het College van bestuur van het C, gevestigd te D, verweerder, hierna te noemen de werkgever

het College van bestuur van het C, gevestigd te D, verweerder, hierna te noemen de werkgever Samenvatting 02073 Commissie voor geschillen Geschil omtrent inschaling van de functie. De werknemer treedt in tijdelijke dienst van de werkgever en ontvangt eerst een salarisstrook met vermelding van

Nadere informatie

Reactie op internetconsultatie: Wijziging Arbobesluit i.v.m. het stellen van regels aan de raadpleging van een andere bedrijfsarts (second opinion)

Reactie op internetconsultatie: Wijziging Arbobesluit i.v.m. het stellen van regels aan de raadpleging van een andere bedrijfsarts (second opinion) Datum 19 december 2016 Aan De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid T.k.n. Van Coen van der Veer, lid Dagelijks Bestuur FNV Contact: Rik van Steenbergen (rik.vansteenbergen@fnv.nl) Onderwerp Reactie

Nadere informatie

Bijlage bij B&W-flap d.d. 16 december 2014 BD versie 2 december Aanpassing in het kader van de CAO

Bijlage bij B&W-flap d.d. 16 december 2014 BD versie 2 december Aanpassing in het kader van de CAO Bijlage bij B&W-flap d.d. 16 december 2014 BD2014-013269 versie 2 december 2014 Aanpassing in het kader van de CAO 2013-2015 Huidige tekst NRGA Nieuwe tekst NRGA Toelichting bij wijziging Wijzigingen Vakantie

Nadere informatie