Wat betekenen de getallen? Samen bespreken. Kies uit kilometer, meter, decimeter of centimeter.

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Wat betekenen de getallen? Samen bespreken. Kies uit kilometer, meter, decimeter of centimeter."

Transcriptie

1 70 blok 5 les 23 C 1 Wat betekenen de getallen? Samen bespreken C 2 Welke maten horen erbij? Samen bespreken. Kies uit kilometer, meter, decimeter of centimeter. 6 m 7 m 8 m Bedenk dingen van 1 km en van 1 m. Hoeveel cm is een m? 100 cm C 3 C 4 Hoeveel meter en centimeter is het? 1 km = 1000 m, 1 m = 10 dm, 1 dm = 10 cm, 1 m = 100 cm a 1 m en 50 cm =150 cm. b 2 m 36 cm = 236 cm. c Jordy is 1 m 75, dat is 175 cm. d Met de fi ets is het 2 km en 300 m. Dat is 2300 m. e Naar huis is het een halve km. Dat is 500 m. f Naar het zwembad is het anderhalve km. Dat is 1500 m. Schat de lengte en hoogte. Samen bespreken. Wat is de hoogte van het lokaal? Wat is de breedte van het lokaal? Hoe lang is jouw voet? Hoe ver is het naar de dichtstbijzijnde supermarkt? Lokaal in meters, voeten in centimeters en naar de supermarkt in meters of kilometers. werkschrift blz. 51 maatschrift blz. 28 en 29 computer LB5b_B5L21.indd :40:31

2 les 24 blok 5 71 C 1 a b Hoe lang zijn ze? Welke maat staat op de plek van de invulpuntjes? Kies uit km, m en cm. a b c d 110 km en 180 km cm 10 m 36 cm C 2 Reken uit: 1 km = 1000 m, 1 m = 10 dm, 1 dm = 10 cm, 1 m = 100 cm. a a 4 m = 400 cm b een halve meter = 50 cm 10 m = 1000 cm 2 m + 7 cm = 207 cm 3 m + 40 cm = 340 cm 3 km = 3000 m 1 m + 63 cm = 163 cm een halve km = 500 m c 2 km m = 2500 m 1 km + 40 m = 1040 m een halve km m = 750 m een kwart km = 250 m b d de helft van anderhalve km = 750 m 375 m m = 2 km 255 m m = 1 km 1250 m m = 4 km CD3 Wat is de helft van: a a b c b d CD4 Reken uit. a a = = = = 100 b = = = = 200 c = = = = 500 b d = = = = 1000 werkschrift blz. 51 computer LB5b_B5L21.indd :01:06

3 72 blok 5 les 25 herhalen C 1 Wat is de goede foto? Schrijf op hoe je dat weet Foto 3 is goed. C 2 C 3 Wat zijn de goede maten en getallen? a a Het computerscherm is 42 cm breed. Ik zit 3 m van de televisie. b De afstand naar school is voor Margot 300 m. Zij is precies 145 cm lang. c Mijn bed is 2 m lang en 70 cm breed. Meer antwoorden. Hoeveel fi ets jij in een uur? km. 15 tot 20 b d Hoe lang is een normale personenauto ongeveer? 4 m tot 5 m Hoe hoog is een stapel van 100 rekenboeken ongeveer? 1 m of 100 cm hoog Allemaal dieren. a a Zet de dieren op volgorde van groot naar klein. spin, worm, poes, koe, neushoorn, haai, walvis b Hoe groot zijn deze dieren in het echt? Schrijf het zo op: De spin is cm. 1 dm 40 cm 12 m 2 cm 2,50 m 30 m 3 m 50 cm b c Bedenk bij elk dier een ander dier dat even groot is. Meer antwoorden. spin walvis koe poes neushoorn worm haai spin 2 cm walvis 30 m koe 2,50 m poes 40 cm neushoorn 3 m 50 cm worm 1 dm, haai 12 m LB5b_B5L21.indd :04:04

4 les 25 oefenen blok 5 73 CD4 Reken uit. De getallen in het midden moet je delen en vermenigvuldigen. a a b c b d : 10 getal 10 : 2 getal 2 : 5 getal 5 : 4 getal CD5 Zoek de getallen. Denk aan de deeltafels. a a Welke getallen kun je delen door 2? b Welke getallen kun je delen door 3? c Welke getallen kun je delen door 7? b d Welke getallen kun je niet delen door 2, 3 of 7? a 2, 12, 14, 28, 42, 48, 54 en 64. b 12, 15, 42, 45, 48 en 54. c 14, 28 en 42 d 17, 31, 47 en CD6 Beantwoord de vragen. Gebruik je liniaal. 1 cm 1 cm a a Wat is de oppervlakte van fi guur 1? 7 hokjes Wat is de omtrek van fi guur 1? 12 cm b Welke fi guur heeft dezelfde oppervlakte als 1? 3 Wat is de omtrek van die fi guur? 12 cm c Wat is de oppervlakte van fi guur 2? 8 hokjes Wat is de omtrek van fi guur 2? 12 cm b d Welke fi guur heeft de grootste omtrek? 4 (14 cm) Wat is de oppervlakte van fi guur 4? 8 hokjes even snel blz verder blz plus blz computer LB5b_B5L21.indd :11:13

5 74 blok 5 even snel CD1 Wat is de helft? a 300 ml 150 ml 250 ml 125 ml 700 ml 350 ml 450 ml 225 ml b 140 cm 70 cm 182 cm 91 cm 310 cm 155 cm 112 cm 56 cm c 1,50 0,75 2,10 1,05 9,00 4,50 3,50 1,75 d 1000 g 500 g 484 g 242 g 272 g 136 g 98 g 49 g CD 2 a 3 7 = = = = 60 b 5 4 = = = = 56 c 2 9 = = = = 30 d 6 6 = = = = 81 CD3 a 3 10 = = = = 45 b 5 10 = = = = 75 c 4 11 = = = = 60 d 6 10 = = = = 78 CD4 Hoe laat is het? Schrijf de digitale tijden op. a 9.00 uur b 6.00 uur c uur d 2.30 uur e 5.00 uur f uur g uur h 7.00 uur i 9.30 uur j 1.00 uur CD5 a 16 : 4 = 4 24 : 8 = 3 24 : 6 = 4 28 : 7 = 4 b 30 : 5 = 6 36 : 9 = 4 18 : 2 = 9 25 : 5 = 5 c 48 : 6 = 8 54 : 9 = 6 42 : 6 = 7 63 : 7 = 9 d 27 : 3 = 9 15 : 3 = 5 72 : 9 = 8 45 : 5 = 9 Lb5b_B5Les.indd :13:20

6 75 CD6 a 20 : 2 = : 2 = : 2 = : 2 = 20 b 30 : 3 = : 3 = : 3 = : 3 = 45 c 55 : 5 = : 5 = : 5 = : 5 = 25 d 60 : 4 = : 4 = : 4 = : 4 = 16 CD7 Hoeveel cent is het? a 1, , , b 2, , , c 0, , , ,10 10 d 0,05 5 0,01 1 0,09 9 0,90 90 CD8 Geld wisselen. a 0,30 6 1,00 5 3,00 6 b 0, ,80 9 4,00 8 c 1, , ,00 20 CD9 Wat is meer? a 7 9 of of of of 9 9 b 405 of of of of 847 c 63 : 7 of 64 : 8 54 : 6 of 54 : 9 40 : 8 of 26 : 5 28 : 4 of 27 : 3 d of of of of CD10 Rond de bedragen af. De Super geeft geen en terug. 1,19 wordt 1,20. a 1,19 1,20 2,18 2,20 3,17 3,15 4,16 4,15 b 0,99 1,00 0,54 0,55 0,75 0,75 0,68 0,70 c 5,05 5,05 5,06 5,05 5,08 5,10 4,99 5,00 d 10,13 10,15 14,46 14,45 19,94 19,95 20,09 20,10 Lb5b_B5Les.indd :24:40

7 76 blok 5 even snel CD11 Wat is de rest? a 13 : 3 r 1 13 : 4 r 1 21 : 5 r 1 15 : 8 r 7 b 42 : 5 r 2 42 : 8 r 2 42 : 4 r 2 42 : 6 r 0 c 48 : 5 r 3 48 : 6 r 0 48 : 7 r 6 48 : 8 r 0 d 60 : 6 r 0 60 : 7 r 4 60 : 8 r 4 60 : 9 r 6 CD12 a = = = = 126 b = = = = 390 c = = = = 198 d = = = = 804 CD13 a = = = = 289 b = = = = 340 c = = = = 667 d = = = = 699 CD14 Wat is de nieuwe datum? a Een week eerder b Een week later c 2 weken later 17 april 10 apr 8 april 1 apr 7 april 31 mrt 1 april 25 mrt 19 december 26 dec 24 december 31 dec 25 december 1 jan 31 december 7 jan 13 februari 27 feb 8 juni 22 jun 25 december 8 jan 31 december 14 jan CD15 Beantwoord de vragen. Denk aan de tafels a Welke getallen kun je delen door delen door 8? 24 en 32 b Welke getallen kun je delen door 7? 42 en 63 c Welke getallen kun je delen door 6? 18, 24, 36, 42 en 54 d Welke getallen kun je niet delen door 9? 23, 24, 32 en 42 CD16 a = = = = 18 b = = = = 300 c = = = = 280 Lb5b_B5Les.indd :24:41

8 77 CD17 Het zijn allemaal verschillende sommen door elkaar. a = 100 b = 55 c 15 4 = = = : 9 = = : 3 = = : 2 = = = 494 d = = = : 3 = 21 CD18 Wat kost elk vloertje? Hoeveel tegels tel je? De gekleurde tegels tellen niet mee. Een tegel kost tegels kosten tegels kosten tegels kosten 112 CD19 Hoeveel? 3 zoveel verdeel in 3 gelijke delen a 150 g 450 g 250 g 750 g b 80 g 240 g 85 g 255 g c 120 g 360 g 125 g 375 g d 180 ml 60 ml 120 ml 40 ml e 450 ml 150 ml 129 ml 43 ml f 309 ml 103 ml 615 ml 205 ml CD20 Teken en meet. a Teken een rechthoek van 2 bij 4 cm. Teken een rechthoek die 2 keer zo groot is. Meer antwoorden. b Teken een vierkant van 3 bij 3 cm. Teken de helft van dit vierkant. Meer antwoorden. c Teken een driehoek met 2 zijden van 4 cm die recht op elkaar staan. Teken de helft van deze driehoek. Meer antwoorden. kwismeester Lb5b_B5Les.indd :24:41

9 78 blok 5 verder CD1 Met welke maat meet je? Kies uit: kilometer meter centimeter millimeter a b c d de hoogte van een flatgebouw meter de dikte van een munt millimeter de lengte van een fi etstocht kilometer de omtrek van je pols centimeter CD2 Hoe oud zijn ze? Een vader en zijn dochter zijn samen 52 jaar oud. De vader is 30 jaar ouder dan zijn dochter. a Hoe oud is de vader? 41 b Hoe oud is zijn dochter? 11 CD3 a = = = = 488 b = = = = 398 c = = = = 681 d = = = = 601 CD4 Meet de lengte van deze potloden in millimeters. a b c 40 mm 72 mm 88 mm Lb5b_B5Les.indd :24:44

10 79 CD5 Hoeveel geld krijg je terug? a 2,62 / 4,28 / 0,83 b 7,47 / 1,02 / 7,35 c 11,12 / 25,05 / 0,40 Het kost: Je betaalt met: Het kost: Je betaalt met: Het kost: Je betaalt met: 2,38 2,53 8,88 0,72 8,98 24,95 9,17 12,65 49,60 CD6 Wat is de omtrek? a b d 16 cm 14 cm of 140 mm 16 cm c 20 cm CD7 Hoe zwaar zijn de blokkenstapels? Elk blok weegt 80 kg. a b c CD8 480 kg 320 kg 800 kg Reken verder. de tafel van de tafel van samen: Lb5b_B5Les.indd :24:46

11 80 blok 5 verder CD9 Hoeveel uren en minuten zijn het? a 60 minuten = 1 uur 80 minuten = 1 uur en 20 minuten 90 minuten = 1 uur en 30 minuten 100 minuten = 1 uur en 40 minuten b 110 minuten = 1 uur en 50 minuten 120 minuten = 2 uur 180 minuten = 3 uur 200 minuten = 3 uur en 20 minuten CD10 Wat staat er onder het vraagteken? a 100 b 197 c 380 d? ? ? ? 105 CD11 Reken uit. start stop start stop CD12 Hoeveel liter water is het in 2, 5 en 10 dagen? Neem de tabel over en vul in. 2 dagen 5 dagen 10 dagen 1 bad en douche 2 51 l = 102 l 255 l 510 l toilet 2 43 l = 86 l 215 l 430 l wasmachine 2 26 l = 52 l 130 l 260 l afwassen 2 9 l = 18 l 45 l 90 l koken 2 3 l = 6 l 15 l 30 l overig 2 3 l = 6 l 15 l 30 l CD13 Hoeveel emmers water is het ongeveer? In een emmer gaat ongeveer 10 liter. a 46 l 5 b 36 l 4 c 23 l 2 d 6 l 1 e 128 l 13 Lb5b_B5Les.indd :24:56

12 81 CD14 CD15 Reken uit. a 2 4 = = = = 15 b 2 40 = = = = 150 c 2 2 = = = = 18 d Reken uit. a 40 : 5 = 8 35 : 5 = 7 24 : 6 = 4 30 : 5 = 6 b 55 : 5 = : 5 = : 6 = : 6 = 12 c 48 : 8 = 6 56 : 7 = 8 54 : 9 = 6 72 : 8 = 9 d 20 2 = = = = : 8 = : 7 = : 8 = : 7 = 15 CD16 Hoeveel geld zit erin? a b c d e f g h CD17 0,82 1,65 9,70 1,68 3,15 2,80 1,40 0,56 Schrijf over en vul in. a b c d Lb5b_B5Les.indd :24:59

13 82 blok 5 plus CD1 CD2 Reken het verschil uit tussen een getal en het omgekeerde van dat getal. a = = = = 198 b = = = = 198 c = = = = 396 d = = = = 396 Wat valt je op als je naar de uitkomsten kijkt? In het midden staat telkens een 9 en het eerste en laatste cijfer zijn samen 9. Maak sommen met getalkaartjes. a Maak sommen met waar 2, 4, 6 of 8 uitkomt. Gebruik 2 of 3 kaartjes per som. 12 : 6 = 2 en = 2; = 4; 12 6 = 6; = 8 CD3 b Maak sommen met 5 4 = 1 en = 1; 8 : 4 = 2; 8 5 = 3; 8 4 = 4; = 7 en 8 : = 7; = 9; 8 5 : 4 = 10 Teken na in je schrift en vul in a + b c waar 1, 2, 3, 4, 7, 9 of 10 uitkomt CD4 Reken met de getallen in deze dozen a Welke getallen zijn samen 50? = 50 b Wat is de kleinste uitkomst? = 37 c En wat is de grootste uitkomst? = 120 Lb5b_B5Les.indd :25:04

14 83 CD5 Beantwoord de vragen. Hamid en Kelly gaan hardlopen. Kelly loopt sneller. Als Kelly 100 meter gelopen heeft, heeft ze 25 meter voorsprong op Hamid. a Kelly geeft Hamid 100 m voorsprong. Na hoeveel meter haalt ze Hamid in? Na 400 m. b Kelly geeft Hamid 150 m voorsprong. Na hoeveel meter haalt ze hem in? Na 600 m. Kelly Hamid start 0 m 100 m 100 m 175 m 200 m 250 m 400 m 400 m CD6 CD7 CD8 Hoeveel weken en jaren? 1 jaar heeft 52 weken. a Hoeveel weken oud ben jij? Meer antwoorden. b Hoeveel jaar is iemand die 500 weken oud is? Ongeveer 10 jaar. c Hoeveel jaar is iemand die 1000 weken oud is? Ongeveer 20 jaar. Raad het getal. a Het getal is kleiner dan 90 en groter dan 70. Het eindigt op een 2 en hoort bij de tafels van 8 en 9. Welk getal is het? 72 b Bedenk zelf ook een paar van zulke getallenraadsels. Meer antwoorden. Uit hoeveel blokken bestaat elke blokkenstapel? a 36 b 30 c 27 e 26 d 34 f 34 g 17 Lb5b_B5Les.indd :25:06

15 84 blok 5 plus CD9 CD10 Zoek steeds het dubbele. Meer antwoorden reken zo verder reken zo verder Hoeveel punten? De a, e, i, o en u zijn 8 punten waard. Alle andere letters zijn 5 punten waard. a Hoeveel punten zijn deze woorden waard? P 5 O 8 S 5 T 5 Z 5 E 8 G 5 E 8 L 5 A 8 N 5 T 5 W 5 O 8 O 8 R 5 D 5 A 8 P 5 P 5 A 8 R 5 A 8 A 8 T 5 E 8 L 5 E 8 F 5 O 8 O 8 N 5 N 5 U 8 M 5 M 5 E 8 R 5 T 5 b Bedenk nog meer woorden die meer dan 80 punten waard zijn. Meer antwoorden. CD11 Hoeveel winst maakt Sophie? Sophie koopt een klokje voor 7. Even later verkoopt ze het klokje weer voor 8. Ze krijgt er spijt van. Daarom koopt ze het klokje weer terug voor 9. De volgende dag verkoopt ze het toch weer voor 10. Hoeveel winst maakt Sophie? 10 7 = 3; = 11; 11 9 = 2; = 12. Haar winst is = 2 CD12 Reken het klokje rond. Begin linksboven. b a + b + 1 b : b b Voorbeeld: a = 3 en b = = = = : 6 = = = 3 Kies nu voor a en b twee andere getallen onder de 10. Reken het klokje rond. Wat is de uitkomst? Meer antwoorden. Doe dit nog eens met twee andere getallen. Wat valt je op? Je eindigt steeds met het begingetal a. Lb5b_B5Les.indd :25:08

16 85 CD13 Teken na in je schrift en vul in. a b c CD14 CD15 Teken na in je schrift en vul in Zet de getallen 11 tot en met 18 in de buitenste ring zo dat 3 getallen op dezelfde lijn samen 35 zijn. Optellen en aftrekken. Kies 2 getallen onder de 10. Tel ze bij elkaar op en trek ze van elkaar af. Doe hetzelfde met de uitkomsten: tel op en trek af. Ga zo door. Wat zie je aan de getallen? Meer antwoorden. Voorbeeld: 5 en = = = = = = = = 20 enzovoort. CD16 Teken deze figuur na en kleur de vlakken. Twee vlakken die naast elkaar liggen moeten verschillende kleuren hebben. Gebruik zo weinig mogelijk verschillende kleuren. plusschrift Lb5b_B5Les.indd :41:57

Hoeveel kinderen zitten er in elke groep van de Kameleonschool? Kleur het goede aantal hokjes. b 28 =

Hoeveel kinderen zitten er in elke groep van de Kameleonschool? Kleur het goede aantal hokjes. b 28 = les 23 en 24 blok 4 41 Teken de afstanden. 1 cm is in het echt 10 km. Van Amsterdam naar Alkmaar: 40 km. Controleer met je liniaal. aa Van Amsterdam naar Den Helder: 80 km. 8 cm b Van Almelo naar Utrecht:

Nadere informatie

a a Leg 3 getallen van 2 cijfers en tel ze op. b d Bedenk sommen waar 180 uitkomt. Meer antwoorden. b Uit welke som komt 103?

a a Leg 3 getallen van 2 cijfers en tel ze op. b d Bedenk sommen waar 180 uitkomt. Meer antwoorden. b Uit welke som komt 103? les 4 blok 5 4 Hoeveel kilogram samen? Eerst schatten. a a 64 kg b 164 kg 3 2 k g 232 kg 1 5 k g 115 kg 1 1 1 k g 511 kg c 8 kg 32 kg 125 kg 244 kg b d 16 kg 185 kg 143 kg 495 kg CD2 Maak sommen met deze

Nadere informatie

a a Hoe hoog is de kleinste toren op het plaatje? 97 m b d Hoe oud zijn de Martinitoren en de Eiffeltoren? De Martinitoren is meer dan

a a Hoe hoog is de kleinste toren op het plaatje? 97 m b d Hoe oud zijn de Martinitoren en de Eiffeltoren? De Martinitoren is meer dan les 14 59 Aan welke keersommen uit de tafels tot 10 denk je? b 9 70 = 630 6 80 = 480 9 7 en 6 8 a a 4 30 = 120 4 50 = 200 4 3 en 4 5 c 8 80 = 640 7 60 = 420 8 8 en 7 6 b d = 5600 = 7200 Meer antwoorden.

Nadere informatie

rekentrainer jaargroep 7 Fietsen op Terschelling. Teken en vul in. Zwijsen naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs

rekentrainer jaargroep 7 Fietsen op Terschelling. Teken en vul in. Zwijsen naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs Zwijsen jaargroep 7 naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs Waar staat deze paddenstoel ongeveer? Teken op de kaart. Welke afstand of welke route fietsen de kinderen? naam route afstand Janna

Nadere informatie

rekentrainer jaargroep 7 Fietsen op Terschelling. Teken en vul in. Zwijsen naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs

rekentrainer jaargroep 7 Fietsen op Terschelling. Teken en vul in. Zwijsen naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs Zwijsen jaargroep 7 naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs Waar staat deze paddenstoel ongeveer? Teken op de kaart. Welke afstand of welke route fietsen de kinderen? naam route afstand Janna

Nadere informatie

C 1 C 2 C 3. les 1. 86 blok 6. De decimeter, er, ken je die nog? Meet en teken. Samen bespreken.

C 1 C 2 C 3. les 1. 86 blok 6. De decimeter, er, ken je die nog? Meet en teken. Samen bespreken. 86 blok 6 les 1 C 1 De decimeter, er, ken je die nog? Meet en teken. Samen bespreken. C 2 Waar of niet waar? Meet en vergelijk. a De dikte van je rekenboek is ongeveer 1 cm. Waar. b Je middelvinger is

Nadere informatie

Tafelkaart: tafel 1, 2, 3, 4, 5

Tafelkaart: tafel 1, 2, 3, 4, 5 Tafelkaart: tafel 1, 2, 3, 4, 5 1 2 3 4 5 1x1= 1 1x2= 2 1x3= 3 1x4= 4 1x5= 5 2x1= 2 2x2= 4 2x3= 6 2x4= 8 2x5=10 3x1= 3 3x2= 6 3x3= 9 3x4=12 3x5=15 4x1= 4 4x2= 8 4x3=12 4x4=16 4x5=20 5x1= 5 5x2=10 5x3=15

Nadere informatie

Overstapprogramma 6-7

Overstapprogramma 6-7 Overstapprogramma - Cijferend optellen 9 Verdeel het getal. Het getal 8 kun je verdelen in: duizendtallen honderdtallen tientallen eenheden D H T E 8 D H T E 8 = 8 9 9 9 = = = = Zet de getallen goed onder

Nadere informatie

Leerlijnen groep 4 Wereld in Getallen

Leerlijnen groep 4 Wereld in Getallen Leerlijnen groep 4 Wereld in Getallen 1 REKENEN Boek 4a: Blok 1 - week 1 - optellen en aftrekken t/m 10 (3 getallen, 4 sommen) 5 + 4 = / 4 + 5 = 9 5 = / 9 4 = - getallen tot 100 Telrij oefenen met kralenstang

Nadere informatie

Leerlijnen groep 5 Wereld in Getallen

Leerlijnen groep 5 Wereld in Getallen Leerlijnen groep 5 Wereld in Getallen 1 2 3 4 REKENEN Boek 5a: Blok 1 - week 1 Oriëntatie - Getallen tot en met 1000 - Tafels 0 t/m 6 en 10 - Herhalen strategieën - Herhalen hele, halve uren en kwartieren

Nadere informatie

Hieronder ziet u per 2 blokken wat er getoetst wordt in groep 4

Hieronder ziet u per 2 blokken wat er getoetst wordt in groep 4 Hieronder ziet u per 2 blokken wat er getoetst wordt in groep 4 Blok 1A en 2A Telrij, uitspraak en notatie Getallenlijn en getalvolgorde Opbouw getallen tot 100 Sprongen van 1, 2 en 5 tussen 10 en 20 t/m

Nadere informatie

Inhoud kaartenbak groep 8

Inhoud kaartenbak groep 8 Inhoud kaartenbak groep 8 1 Getalbegrip 1.1 Ligging van getallen tussen duizendvouden 1.2 Plaatsen van getallen op de getallenlijn 1.3 Telrij t/m 100 000 1.4 Telrij t/m 100 000 1.5 Getallen splitsen en

Nadere informatie

De markt. Gebruik je liniaal. 1 hokje = 1 m 2

De markt. Gebruik je liniaal. 1 hokje = 1 m 2 34 blok 5 C 1 Hoeveel knikkers? 2 bonken kosten evenveel als 5 krieltjes. In je knikkerzak zitten 1050 knikkers. Je hebt net zoveel uitgegeven voor de bonken als voor de krieltjes. Er zitten 750 krieltjes

Nadere informatie

les 21 blok 3 1 liter is 1000 milliliter. Waar gaat evenveel in? En waarin het meeste? Samen bespreken.

les 21 blok 3 1 liter is 1000 milliliter. Waar gaat evenveel in? En waarin het meeste? Samen bespreken. 110 les 21 C1 1 liter is milliliter. Waar gaat evenveel in? En waarin het meeste? Samen bespreken. C2 Hoeveel milliliter zit er in de beker? a ml b ml c 250 ml d ml e ml C3 Wat is samen 1 liter? Meer antwoorden.

Nadere informatie

Groep 5 Leerroute 3< 1F Leerroute 2= 1F (maatschrift) Leerroute 1 = 1S Periode 1

Groep 5 Leerroute 3< 1F Leerroute 2= 1F (maatschrift) Leerroute 1 = 1S Periode 1 Groep 5 Leerroute 3< 1F Leerroute 2= 1F (maatschrift) Leerroute 1 = 1S Periode 1 Normgerichte doelen: De kinderen behalen op de methodegebonden toetsen Maatschrift een 60% score. Blok 1: De kinderen kennen/kunnen/beheersen:

Nadere informatie

rekentrainer jaargroep 6 Vul de maatbekers. Kleur. Zwijsen naam:

rekentrainer jaargroep 6 Vul de maatbekers. Kleur. Zwijsen naam: Zwijsen jaargroep naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs recept voor glazen bananenmilkshake bananen, l ijs, l melk,1 l limonadesiroop 1 cl ijs 1 liter Schil de bananen. Snijd ze in grote

Nadere informatie

rekentrainer jaargroep 6 Vul de maatbekers. Kleur. Zwijsen naam:

rekentrainer jaargroep 6 Vul de maatbekers. Kleur. Zwijsen naam: Zwijsen jaargroep 6 naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs recept voor 6 glazen bananenmilkshake 2 bananen 0,25 l ijs 0,40 l melk 0,10 l limonadesiroop 100 cl 0 ijs 1 liter 0 Schil de bananen.

Nadere informatie

Tijd: seconden, minuten, uren, dagen, weken, maanden, jaren

Tijd: seconden, minuten, uren, dagen, weken, maanden, jaren Uren, Dagen, Maanden, Jaren,. Tijd: seconden, minuten, uren, dagen, weken, maanden, jaren 1 minuut 60 seconden 1 uur 60 minuten 1 half uur 30 minuten 1 kwartier 15 minuten 1 dag (etmaal) 24 uren 1 week

Nadere informatie

Naam:... Datum:... 36 + 12 =. 2 x 15 =. 47 + 43 =. 4 x 12 =. 25 + 11 =. 6 x 7 =. 38-16 =. 100 : 4 =. 17-6 =. 36 : 6 =.

Naam:... Datum:... 36 + 12 =. 2 x 15 =. 47 + 43 =. 4 x 12 =. 25 + 11 =. 6 x 7 =. 38-16 =. 100 : 4 =. 17-6 =. 36 : 6 =. Opvraging Wiskunde W1 36 + 12 =. 2 x 15 =. 47 + 43 =. 4 x 12 =. 25 + 11 =. 6 x 7 =. 38-16 =. 100 : 4 =. 17-6 =. 36 : 6 =. 2 Goed lezen en oplossen. Ik koop in de supermarkt een krant (80 cent), een brood

Nadere informatie

TOETS REKENEN / WISKUNDE. Naam:... School:...

TOETS REKENEN / WISKUNDE. Naam:... School:... TOETS REKENEN / WISKUNDE Naam:... School:... Datum:... Groep:... 1A. Hoofdrekenen: optellen en aftrekken Reken de sommen op je eigen manier uit. Gebruik het kladblaadje als je een tussenstap wilt noteren.

Nadere informatie

Het metriek stelsel. Grootheden en eenheden.

Het metriek stelsel. Grootheden en eenheden. Het metriek stelsel. Metriek komt van meten. Bij het metriek stelsel gaat het om maten, zoals lengte, breedte, hoogte, maar ook om gewicht of inhoud. Er zijn verschillende maten die je moet kennen en die

Nadere informatie

5 a. naam Hulp. blad 1. Hoeveel euro? Vul in. Rekenrijk 5a Noordhoff Uitgevers bv

5 a. naam Hulp. blad 1. Hoeveel euro? Vul in. Rekenrijk 5a Noordhoff Uitgevers bv 5 a naam Hulp blad Hoeveel? Vul in 905 70 85 567 69 0 90 69_RR_KM_5a.indb 85 5 8-08-00 :05: 5 a naam Hulp blad Welke som hoort bij de tegelvloer? Welke keersom hoort bij het donkere stuk? Welke keersom

Nadere informatie

antwoorden werkboek blok jaargroep 6 In welke maanden worden de minste auto s vervoerd? Reken ongeveer.

antwoorden werkboek blok jaargroep 6 In welke maanden worden de minste auto s vervoerd? Reken ongeveer. jaargroep Zwijsen reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs blok januari februari maart juli augustus april mei juni oktober november Transportbedrijf De Haas vervoert elke dag. werkboek september

Nadere informatie

groep 8 blok 7 antwoorden Malmberg s-hertogenbosch

groep 8 blok 7 antwoorden Malmberg s-hertogenbosch blok 7 groep 8 antwoorden Malmberg s-hertogenbosch blok 7 les 3 3 Reken de omtrek en de oppervlakte van de figuren uit. Gebruik m en m 2. 1 m C Omtrek figuur C 20 m Oppervlakte figuur C 22 m 2 A B Omtrek

Nadere informatie

Blok 1 Herhalingstoets

Blok 1 Herhalingstoets herhalingstoetsen Blok 1 Herhalingstoets 1 Reken uit en maak vast. Vul het getallenkaartje in. 1 0 00 00 H T E 1 00 + 00 = Hoeveel potloden? Vul in. Hoeveel krijgt ieder? Verdeel met vier kinderen. 0 00

Nadere informatie

Meten is weten ANTWOORDENBOEK. 88972 Meten is weten. Antwoordenboek. = 95 mm 6 cm = 60 mm 10 cm = 100 mm. 1 cm = 15 mm 9 cm

Meten is weten ANTWOORDENBOEK. 88972 Meten is weten. Antwoordenboek. = 95 mm 6 cm = 60 mm 10 cm = 100 mm. 1 cm = 15 mm 9 cm Meten is weten Antwoordenboek Opdracht 1 1 cm = 10 mm 4 cm = 40 mm 5 mm 4 cm = 45 mm 1 cm = 15 mm 9 cm = 95 mm 6 cm = 60 mm 10 cm = 100 mm Opdracht 2 1 cm = 10 mm 4 cm = 40 mm 1,5 cm = 15 mm 6,5 cm = 65

Nadere informatie

w e r k b o e k a n t w o o r d e n blok De Klimboom Een nieuw schoolplein. Hoeveel tegels samen? Eerst schatten, dan precies.

w e r k b o e k a n t w o o r d e n blok De Klimboom Een nieuw schoolplein. Hoeveel tegels samen? Eerst schatten, dan precies. jaargroep a n t w o o r d e n Zwijsen reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs blok De Klimboom w e r k b o e k = Een nieuw schoolplein. Hoeveel samen? Eerst schatten, dan precies. Les Overal getallen

Nadere informatie

BLAD 16: HAM EN KAAS. b. Bij de maatbeker horen verschillende inhoudsmaten. Hiernaast staan ze op een rij. Schrijf op de stippeltjes wat het betekent.

BLAD 16: HAM EN KAAS. b. Bij de maatbeker horen verschillende inhoudsmaten. Hiernaast staan ze op een rij. Schrijf op de stippeltjes wat het betekent. BLAD 16: HAM EN KAAS 1. Hoeveel is het goedkoper? a. Twee aanbiedingen bij de supermarkt. Hoeveel cent is het goedkoper? 6 witte bolletjes:... 10 scharreleieren:... b. Reken van deze aanbiedingen ook uit

Nadere informatie

Onderwijsassistent REKENEN BASISVAARDIGHEDEN

Onderwijsassistent REKENEN BASISVAARDIGHEDEN Onderwijsassistent REKENEN BASISVAARDIGHEDEN Verhoudingstabel Wat zijn verhoudingen Rekenen met de verhoudingstabel Kruisprodukten Wat zijn verhoudingen * * * 2 Aantal rollen 1 2 12 Aantal beschuiten 18

Nadere informatie

Hoofdstuk 5 gaat over rekenen. Deel 2 is eigenlijk herhaling van alle stof. Trainen voor het examen.

Hoofdstuk 5 gaat over rekenen. Deel 2 is eigenlijk herhaling van alle stof. Trainen voor het examen. Hoofdstuk 5 gaat over rekenen. Deel 2 is eigenlijk herhaling van alle stof. Trainen voor het examen. Het werkt als volgt, Je maakt een opgave bijv. opgave 1. Hoe gaat het ook al weer denk je dan. Nou,

Nadere informatie

Onthoudboekje rekenen

Onthoudboekje rekenen Onthoudboekje rekenen Inhoud 1. Hoofdrekenen: natuurlijke getallen tot 100 000 Optellen (p. 4) Aftrekken (p. 4) Vermenigvuldigen (p. 5) Delen (p. 5) Deling met rest (p. 6) 2. Hoofdrekenen: kommagetallen

Nadere informatie

2.1 Kennismaken met breuken. 2.1.1 Deel van geheel. Opdracht 1 Welk deel van deze cirkel is zwart ingekleurd?

2.1 Kennismaken met breuken. 2.1.1 Deel van geheel. Opdracht 1 Welk deel van deze cirkel is zwart ingekleurd? Oefenopdrachten hoofdstuk Gebroken getallen RekenWijzer, oefenopdrachten hoofdstuk Gebroken getallen. Kennismaken met breuken.. eel van geheel Opdracht Welk deel van deze cirkel is zwart ingekleurd? deel

Nadere informatie

Leerroutes Passende Perspectieven Alles telt groep 5 blok 1

Leerroutes Passende Perspectieven Alles telt groep 5 blok 1 Leerroutes Passende Perspectieven Alles telt groep 5 blok Legenda kleuren Getalbegrip Optellen en aftrekken Vermenigvuldigen en delen Verhoudingen Meten Meten Tijd Meten Geld Meetkunde Verbanden Legenda

Nadere informatie

Routeboekje. bij Pluspunt. Groep 4 Blok 1. Van...

Routeboekje. bij Pluspunt. Groep 4 Blok 1. Van... Routeboekje bij Pluspunt Groep 4 Blok 1 Van... Groep 4 Blok 1 Les 1 Leerkrachtgebonden KB 4 1 1 Reken uit. Kun je het snel? maken KB 4 1 2 Kleur je antwoorden in maken naar keuze LB 4 2 1 Getallen in de

Nadere informatie

Blok 1 Herhalingstoets

Blok 1 Herhalingstoets 7 herhalingstoetsen Blok 1 Herhalingstoets 1 Hoeveel ongeveer? Maak vast. 2 Hoeveel ongeveer? Kleur het juiste wolkje. 9000 10.000 20.000 30.000 40.000 50.000 5899 + 2900 8000 40.109 3 Reken uit. 4 Reken

Nadere informatie

antwoorden jaargroep 5 reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs blok D H T E werkboek samen beschuiten Hoeveel beschuiten samen?

antwoorden jaargroep 5 reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs blok D H T E werkboek samen beschuiten Hoeveel beschuiten samen? jaargroep 5 Zwijsen reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs D H T E blok 9 werkboek beschuiten Hoeveel beschuiten? Les Overal getallen Hoeveel bezoekers? Vul eerst in. Tel daarna op de getallenlijn.

Nadere informatie

C 1 C 2 C 3. les 1. 2 blok 4. Leg de figuren. Samen bespreken. a b c

C 1 C 2 C 3. les 1. 2 blok 4. Leg de figuren. Samen bespreken. a b c 2 blok 4 les 1 C 1 Leg de figuren. Samen bespreken. a b c d C 2 Leg de figuren. Samen bespreken. a b c C 3 Leg nog meer figuren. Samen bespreken. a Maak een huis. b Maak een boot. c Bedenk zelf een figuur.

Nadere informatie

rekenboek 5a lessen

rekenboek 5a lessen rekenboek 5a lessen 507006 De stad in Blok 2 21 770 1000 500 400 Blok 2 Week 1 Les 1 1 Tellen. atel verder. 396 397 598 797 Tel terug. 402 401 903 101 bmaak sprongen van 10. Maak sprongen van 50. 480 490

Nadere informatie

Leerstofoverzicht groep 3

Leerstofoverzicht groep 3 Leerstofoverzicht groep 3 Getallen en relaties Basisbewerkingen Verhoudingen Leerlijn Groep 3 uitspraak, schrijfwijze, kenmerken begrippen evenveel, minder/meer cijfer 1 t/m 10, groepjes aanvullen tot

Nadere informatie

KAPSTOK REKENEN inhoud

KAPSTOK REKENEN inhoud KAPSTOK REKENEN inhoud pagina Optellen 2 Optellen cijferen 3 Aftrekken 4 Aftrekken cijferen 5 Vermenigvuldigen 6 Vermenigvuldigen cijferen 7 Delen 8 Tafels 9 Deeltafels 10 Breuken 11 Meten 12 Tijd wijzers

Nadere informatie

Bloemlezing uit 36 bladzijden voor een eerste indruk. inzicht in het complete metriek stelsel. Op een eenduidige

Bloemlezing uit 36 bladzijden voor een eerste indruk. inzicht in het complete metriek stelsel. Op een eenduidige Meten is weten Bloemlezing uit 36 bladzijden voor een eerste indruk Leer- Meten en is oefenboek weten Bloemlezing metriek uit stelsel 36 bladzijden voor ISBN: een 978-90-821249-1-0 eerste indruk Auteur

Nadere informatie

w e r k b o e k a n t w o o r d e n blok Teken de versiering op de taart.

w e r k b o e k a n t w o o r d e n blok Teken de versiering op de taart. j aargroep 6 a n t w o o r d e n Zwijsen reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs De helft met aardbeien. Een vierde deel met appels. Een achtste deel met kersen. De rest met bessen. blok w e r k

Nadere informatie

Lereniseenmakkie Werkboek Zelf rijden en pech onderweg - 1

Lereniseenmakkie Werkboek Zelf rijden en pech onderweg - 1 Lereniseenmakkie Werkboek Zelf rijden en pech onderweg - 1 Bij rekenen heb je vast al rijen en rijen met sommen gemaakt! Dat ziet er dan ongeveer zo uit: 324+689=1013 561-256=305 22x34=748 208+593=801

Nadere informatie

rekenboek 6a taken 507019

rekenboek 6a taken 507019 rekenboek 6a taken 507019 Blok 2 Week 1 Taak 1 Werken met getallen. a Neem het schema over en vul in: b Schrijf het getal in woorden: D H T E 3141 driehonderdzes 687 vierduizend acht 5870 veertienhonderdeenentachtig

Nadere informatie

1.Tijdsduur. maanden:

1.Tijdsduur. maanden: 1.Tijdsduur 1 etmaal = 24 uur 1 uur = 60 minuten 1 minuut = 60 seconden 1 uur = 3600 seconden 1 jaar = 12 maanden 1 jaar = 52 weken 1 jaar = 365 (of 366 in schrikkeljaar) dagen 1 jaar = 4 kwartalen 1 kwartaal

Nadere informatie

rekentrainer jaargroep 5 Timo loopt steeds verder weg. Teken Timo bij de kruisjes op de weg en maak de tekening af. Zwijsen naam:

rekentrainer jaargroep 5 Timo loopt steeds verder weg. Teken Timo bij de kruisjes op de weg en maak de tekening af. Zwijsen naam: Zwijsen jaargroep naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs rekentrainer Timo loopt steeds verder weg. Teken Timo bij de kruisjes op de weg en maak de tekening af. Groep blad Vul in. 0 0 7 70

Nadere informatie

Leerlijnen groep 6 Wereld in Getallen

Leerlijnen groep 6 Wereld in Getallen Leerlijnen groep 6 Wereld in Getallen 1 REKENEN Boek 6a: Blok 1 - week 1 - buurgetallen - oefenen op de getallenlijn Geld - optellen van geldbedragen - aanvullen tot 10 105 : 5 = 2 x 69 = - van digitaal

Nadere informatie

rekentrainer jaargroep 5 Timo loopt steeds verder weg. Teken Timo bij de kruisjes op de weg en maak de tekening af. Zwijsen naam:

rekentrainer jaargroep 5 Timo loopt steeds verder weg. Teken Timo bij de kruisjes op de weg en maak de tekening af. Zwijsen naam: Zwijsen jaargroep naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs rekentrainer Timo loopt steeds verder weg. Teken Timo bij de kruisjes op de weg en maak de tekening af. Vul in. Groep blad 1 0 + 10

Nadere informatie

2 Reken uit. 3 Maak er rekentaal van. Probeer het in één sprong. Denk aan de getallenlijn = = = = = =

2 Reken uit. 3 Maak er rekentaal van. Probeer het in één sprong. Denk aan de getallenlijn = = = = = = 10 les 1 2 Reken uit Probeer het in één sprong. Denk aan de getallenlijn. +20 +7 60 80 +27 60 40 + 17 = 50 + 38 = 80 + 12 = 30 + 43 = 30 + 23 = 20 + 61 = 70 + 21 = 40 + 57 = 60 + 27 = 3 Maak er rekentaal

Nadere informatie

w e r k b o e k a n t w o o r d e n blok 225 + Hoeveel knikkers heeft Li? Teken op de getallenlijn en reken uit.

w e r k b o e k a n t w o o r d e n blok 225 + Hoeveel knikkers heeft Li? Teken op de getallenlijn en reken uit. jaargroep a n t w o o r d e n Zwijsen reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs + blok = w e r k b o e k 00 0 300 Hoeveel knikkers heeft Li? Teken op de getallenlijn en reken uit. Les Overal getallen

Nadere informatie

Werkblad 20A. tijd. kwart over 12. half 6 10 over 9 10 voor 7 5 over 3 11.00 12.00 13.00 14.00 15.00 16.00 17.00 18.00 19.00 20.00 21.

Werkblad 20A. tijd. kwart over 12. half 6 10 over 9 10 voor 7 5 over 3 11.00 12.00 13.00 14.00 15.00 16.00 17.00 18.00 19.00 20.00 21. Werkblad 20A tijd 1 Hoe laat is het? kwart over half 10 over 9 10 voor over 3 2 Teken de wijzers. 11.00.00 13.00 14.00 1.00 1.00 1.00 18.00 19.00 20.00 21.00 1.00 uur is... 3 uur in de middag 20.00 uur

Nadere informatie

klas 2-3 - 4 "Eenheden"

klas 2-3 - 4 Eenheden Naam: klas 2-3 - 4 "Eenheden" Klas: Het woord eenheid betekent dat dingen hetzelfde zijn. In de natuurkunde, scheikunde en techniek kan van alles gemeten worden. Iedereen kan elkaars metingen pas gebruiken

Nadere informatie

17 blokken 18 blokken 26 blokken b Bekijk nu het eerste bouwsel. Hoeveel blokken kunnen er nog achter verstopt zitten? 5 blokken.

17 blokken 18 blokken 26 blokken b Bekijk nu het eerste bouwsel. Hoeveel blokken kunnen er nog achter verstopt zitten? 5 blokken. 4 blok 6 C 1 Romeinse cijfers. Amsterdam Dordrecht Nijmegen Gouda a Welk huis is ouder, het huis uit Dordrecht of het huis uit Amsterdam? Dordrecht b Hoelang staat het huis uit Nijmegen er al? In 010 is

Nadere informatie

Vergelijkingen met één onbekende

Vergelijkingen met één onbekende - 89 - Hoofdstuk 3: ergelijkingen met één onbekende Opgave boek pag 67 nr. 5: Los op in R a. 3 ( + ) 4 7.................. {... }... proef : 1 e lid :... e lid :... b. ( 3 ) + 7 5 ( )........................

Nadere informatie

Zwijsen. jaargroep 4. naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs. rekentrainer. jij. Bezoek alle leuke dingen. Teken de weg.

Zwijsen. jaargroep 4. naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs. rekentrainer. jij. Bezoek alle leuke dingen. Teken de weg. Zwijsen jaargroep naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs! jij rekentrainer Bezoek alle leuke dingen. Teken de weg. Groep blad 1 Hoe komt de hond bij het bot? Teken. Kleur de tegels. Kleur

Nadere informatie

Routeboekje. bij Rekenrijk. Groep 7 Blok 6. Van...

Routeboekje. bij Rekenrijk. Groep 7 Blok 6. Van... Routeboekje bij Rekenrijk Groep 7 Blok 6 Van... Groep 7 Blok 6 Les 1 Leerkrachtgebonden LB 7a 142 1 Hoeveel bussen? meedoen LB 7a 142 2 Reken uit - LB 7a 142 3 Reken uit maken LB 7a 143 4 Schat eerst,

Nadere informatie

6.1 Kwadraten [1] HERHALING: Volgorde bij berekeningen:

6.1 Kwadraten [1] HERHALING: Volgorde bij berekeningen: 6.1 Kwadraten [1] HERHALING: Volgorde bij berekeningen: 1) Haakjes wegwerken 2) Vermenigvuldigen en delen van links naar rechts 3) Optellen en aftrekken van links naar rechts Schrijf ALLE stappen ONDER

Nadere informatie

Op stap naar 1 B Minimumdoelen wiskunde

Op stap naar 1 B Minimumdoelen wiskunde Campus Zuid Boomsesteenweg 265 2020 Antwerpen Tel. (03) 216 29 38 Fax (03) 238 78 31 www.vclbdewisselantwerpen.be VCLB De Wissel - Antwerpen Vrij Centrum voor Leerlingenbegeleiding Op stap naar 1 B Minimumdoelen

Nadere informatie

Routeboekje. bij Alles telt. Groep 4 Blok 2. Van...

Routeboekje. bij Alles telt. Groep 4 Blok 2. Van... Routeboekje bij Alles telt Groep 4 Blok 2 Van... Groep 4 Blok 2 Les 1 Leerkrachtgebonden LB 4A 30 1 Pak de appels handig in. meedoen LB 4A 30 2 Hoeveel? meedoen LB 4A 30 3 Hoeveel? maken WS 4A 22 1 Maak

Nadere informatie

Overzicht rekenstrategieën

Overzicht rekenstrategieën Overzicht rekenstrategieën Groep 3 erbij tot tien Groep 3 eraf tot tien Groep 4 erbij tot twintigt Groep 4 eraf tot twintigt Groep 4 erbij tot honderd Groep 4 eraf tot honderd Groep 4 en 5 tafels tot tien

Nadere informatie

44 De stelling van Pythagoras

44 De stelling van Pythagoras 44 De stelling van Pythagoras Verkennen Pythagoras Uitleg Je kunt nu lezen wat de stelling van Pythagoras is. In de applet kun je de twee rode punten verschuiven. Opgave 1 a) Verschuif in de applet punt

Nadere informatie

MNEMOTECHNISCHE MIDDELTJES WISKUNDE. 2de 3de graad

MNEMOTECHNISCHE MIDDELTJES WISKUNDE. 2de 3de graad MNEMOTECHNISCHE MIDDELTJES WISKUNDE 2de 3de graad n.a.v. Personeelsvergadering 25/11/2014 Hoofdrekenen DELEN VAN NATUURLIJKE GETALLEN. Voorbeeld: 7800 : 6 = 1000 300 7800 : 6 = (6000 : 6) + (1800 : 6)

Nadere informatie

groep 8 blok 12 Malmberg s-hertogenbosch naam:

groep 8 blok 12 Malmberg s-hertogenbosch naam: blok 12 groep 8 naam: Malmberg s-hertogenbosch blok 12 les 1 1 Vul de enquête in. Hoe oud ben je precies? Welk schoolvak vind je het leukst? Hoe lang ben je? Hoeveel boterhammen eet je gemiddeld per dag?

Nadere informatie

Bij het cijferend optellen beginnen we bij de eenheden en werken we van rechts naar links:

Bij het cijferend optellen beginnen we bij de eenheden en werken we van rechts naar links: Cijferend optellen t/m 1000 Voor u ligt de verkorte leerlijn cijferend optellen groep 5 van Reken zeker. Deze verkorte leerlijn is bedoeld voor de leerlingen die nieuw instromen in groep 6 en voor de leerlingen

Nadere informatie

Groep 3. Getalbegrip hele getallen. Optellen en aftrekken. Geld

Groep 3. Getalbegrip hele getallen. Optellen en aftrekken. Geld Groep 3 Getalbegrip hele getallen De leerlingen werken de eerste periode in het getallengebied tot 20 en 40. De tweede helft van het jaar ook tot 100. De leerlingen leren het verder- en terugtellen, tellen

Nadere informatie

1. Hoeveel per stuk? a. Hiernaast zie je vier aanbiedingen uit de supermarkt. Hoeveel moet je per stuk ongeveer betalen?...

1. Hoeveel per stuk? a. Hiernaast zie je vier aanbiedingen uit de supermarkt. Hoeveel moet je per stuk ongeveer betalen?... BLAD 26: BREUKEN 1. Hoeveel per stuk? a. Hiernaast zie je vier aanbiedingen uit de supermarkt. Hoeveel moet je per stuk ongeveer betalen?............ b. Neem je rekenmachine en bepaal de precieze prijs

Nadere informatie

Hoofdstuk 1: Basisvaardigheden

Hoofdstuk 1: Basisvaardigheden Hoofdstuk 1: Basisvaardigheden Wiskunde VMBO 2011/2012 www.lyceo.nl Hoofdstuk 1: Basisvaardigheden Wiskunde 1. Basisvaardigheden 2. Grafieken en formules 3. Algebraïsche verbanden 4. Meetkunde Getallen

Nadere informatie

27/11/2012 SCHATTEN....en niet alleen op zolder

27/11/2012 SCHATTEN....en niet alleen op zolder SCHATTEN...en niet alleen op zolder 2 3 1 68,3 x 21,5 3415 683 1366 1468,45 146845 Komma vergeten! Schatten: 70 x 20 = 1400 Ik schat 15 m hoog. Situatie Een magazijnier moet een bestelling plaatsen. Voor

Nadere informatie

Meten. Kirsten Nederpel. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Meten. Kirsten Nederpel. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Kirsten Nederpel 24 June 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/73382 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Kennis van de telrij De kinderen kunnen tellen en terugtellen tot 10 met sprongen van 1 en van 2.

Kennis van de telrij De kinderen kunnen tellen en terugtellen tot 10 met sprongen van 1 en van 2. Rekenrijk doelen groep 1 en 2 De kinderen kunnen tellen en terugtellen tot 10 met sprongen van 1 en van 2. Aantallen kunnen tellen De kinderen kunnen kleine aantallen tellen. De kinderen kunnen eenvoudige

Nadere informatie

Getallen. 1 Doel: getallen plaatsen op de getallenlijn. 2 Doel: getallen invullen op het 60-veld. 3 Doel: 5-structuur aangeven.

Getallen. 1 Doel: getallen plaatsen op de getallenlijn. 2 Doel: getallen invullen op het 60-veld. 3 Doel: 5-structuur aangeven. 1 Getallen Basisstof getallenstructuur t/m 60 Lesdoelen De kinderen: kunnen tellen/doortellen t/m 60; kunnen de getallen in het 60-veld schrijven; kunnen werken met de begrippen 2 en meer en 2 en minder

Nadere informatie

Routeboekje. bij Alles telt. Groep 3 Blok 1. Van...

Routeboekje. bij Alles telt. Groep 3 Blok 1. Van... Routeboekje bij Alles telt Groep 3 Blok 1 Van... Groep 3 Blok 1 Les 1 Leerkrachtgebonden LB 3A 2 1 Weer naar school. meedoen JJ LB 3A 2 2 Kijk en vertel. meedoen JJ GM 3 3.1 GM 3 3.2 LB 3A 3 3 Hoeveel

Nadere informatie

Surinaamse Wiskunde Olympiade

Surinaamse Wiskunde Olympiade Surinaamse Wiskunde Olympiade SUCCES! Calculator is niet toegestaan Klad papier is wel toegestaan Je hebt 90 minuten de tijd De uitslag wordt eind juni bekend gemaakt Voor 3 e klas Mulo 1. Gegeven het

Nadere informatie

Leerlijnen groep 7 Wereld in Getallen

Leerlijnen groep 7 Wereld in Getallen Leerlijnen groep 7 Wereld in Getallen 1 2 REKENEN Boek 7a: Blok 1 - week 1 in geldcontext 2 x 2,95 = / 4 x 2,95 = Optellen en aftrekken tot 10.000 - ciferend; met 2 of 3 getallen 4232 + 3635 + 745 = 1600

Nadere informatie

BLAD 1: PLEINTJES, ZAKKEN DROP EN WORST

BLAD 1: PLEINTJES, ZAKKEN DROP EN WORST BLAD 1: PLEINTJES, ZAKKEN DROP EN WORST 1. Pleintjes en zakken drop a. Tegelpleintjes Een plein van 4 bij 6 tegels. Totaal... tegels Een plein van 8 bij 15 tegels. Totaal... tegels Een plein van 12 bij

Nadere informatie

7 a patroonnummer a patroonnummer a h = z

7 a patroonnummer a patroonnummer a h = z Hoofdstuk 3 FORMULES 3.1 PATRONEN EN FORMULES 3 a 10 22 c? d De beweringen a b = b a en a + b = b + a zijn juist. e 15 a 12 a 18 a f a + 8 10 + a a + 14 b zijde vierkant 3 4 5 6 7 aantal gekleurde hokjes

Nadere informatie

kilometer hectometer decameter meter decimeter centimeter milimeter km hm dam m dm cm mm

kilometer hectometer decameter meter decimeter centimeter milimeter km hm dam m dm cm mm Op een plattegrond van een stad, maar ook op de landkaart van Nederland worden allerlei wegen kleiner afgebeeld. Omdat je niet de werkelijke maten op papier kunt zetten, maak je gebruik van een schaal.

Nadere informatie

Rekentijger - Groep 7 Tips bij werkboekje A

Rekentijger - Groep 7 Tips bij werkboekje A Rekentijger - Groep 7 Tips bij werkboekje A Omtrek en oppervlakte (1) Werkblad 1 Van een rechthoek die mooi in het rooster past zijn lengte en breedte hele getallen. Lengte en breedte zijn samen gelijk

Nadere informatie

a n t w o o r d e n reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs blok w e r k b o e k Hoeveel pakken koeken zijn er nodig voor jouw klas? Reken uit.

a n t w o o r d e n reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs blok w e r k b o e k Hoeveel pakken koeken zijn er nodig voor jouw klas? Reken uit. j aargroep 5 a n t w o o r d e n Zwijsen reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs blok w e r k b o e k oeveel pakken koeken zijn er nodig voor jouw klas? Reken uit. Les Overal getallen Welke rugnummers

Nadere informatie

Leerlijnenpakket STAP incl. WIG. Rekenen Rekenen. Datum: 08-05-2014. Schooltype BAO (Regulier) Herkomst Landelijk Periode DL -20 t/m 200

Leerlijnenpakket STAP incl. WIG. Rekenen Rekenen. Datum: 08-05-2014. Schooltype BAO (Regulier) Herkomst Landelijk Periode DL -20 t/m 200 Leerlijnenpakket STAP incl. WIG Schooltype BAO (Regulier) Herkomst Landelijk Periode DL -20 t/m 200 Rekenen Rekenen 1.1 Getallen - Optellen en aftrekken tot 10 - Groep 3 BB/ KB GL + PRO 1.1.1 zegt de telrij

Nadere informatie

Basisvaardigheden algebra. Willem van Ravenstein. 2012 Den Haag

Basisvaardigheden algebra. Willem van Ravenstein. 2012 Den Haag Basisvaardigheden algebra Willem van Ravenstein 2012 Den Haag 1. Variabelen Rekenenis het werken met getallen. Er zijn vier hoofdbewerkingen: optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen. Verder ken

Nadere informatie

4 a naam. 1 Reken uit. 2 Reken uit, haal af tot Reken uit, haal eerst af tot = 10 8 = 10 5 = 10 1 = 10 6 = 10 7 = 10 2 = 10 9 =

4 a naam. 1 Reken uit. 2 Reken uit, haal af tot Reken uit, haal eerst af tot = 10 8 = 10 5 = 10 1 = 10 6 = 10 7 = 10 2 = 10 9 = 4 a naam hulp blad 1 1 Reken uit 10 3 = 10 8 = 10 5 = 10 1 = 10 6 = 10 7 = 10 2 = 10 9 = 2 Reken uit, haal af tot 10 13 3 = 10 15 = 10 17 = 10 12 = 10 14 = 10 16 = 10 18 = 10 11 = 10 3 Reken uit, haal

Nadere informatie

Stenvertblok Rekenen 4 Antwoorden

Stenvertblok Rekenen 4 Antwoorden Stenvertblok Rekenen Antwoorden Stenvertblok Rekenen Antwoorden Auteur Gré Schreuder D. Huigen Illustraties Ben Horsthuis Richard Flohr Omslag Metamorfose ontwerpers BNO, Deventer Uitgeverij Bekadidact,

Nadere informatie

Je ziet hier 3 snelheidsmeters. Welke meter geeft de hoogste snelheid aan?

Je ziet hier 3 snelheidsmeters. Welke meter geeft de hoogste snelheid aan? Heeft Uw kind problemen met redactiesommen? Hieronder staan een aantal redactiesommen specifiek voor groep 7 en 8 van de basisschool U kunt het gebruiken voor wat extra training. Van welke combinatie van

Nadere informatie

Omtrek en oppervlakte meten van vijvers

Omtrek en oppervlakte meten van vijvers toets maatschrift 6 Overzicht van de leerdoelen Leerlijn Leerdoelen Leeractiviteit toets Toets Getallen en getal relaties Auto mat i- se ren Getallen en getal relaties Basis vaardig heden Meten Telrij

Nadere informatie

Routeboekje. bij Pluspunt. Groep 6 Blok 1. Van...

Routeboekje. bij Pluspunt. Groep 6 Blok 1. Van... Routeboekje bij Pluspunt Groep 6 Blok 1 Van... Groep 6 Blok 1 Les 1 Leerkrachtgebonden HL Start maken: tweede en derde rijtje LB 6 2 1 Waar gaan we heen? meedoen LB 6 3 2 Hoe ver nog? maken: tweede en

Nadere informatie

Rekenboek 3 havo/vwo. Antwoorden NOORDHOFF UITGEVERS 2014 REKENBOEK 3 HAVO/VWO ANTWOORDEN 1

Rekenboek 3 havo/vwo. Antwoorden NOORDHOFF UITGEVERS 2014 REKENBOEK 3 HAVO/VWO ANTWOORDEN 1 Rekenboek havo/vwo Antwoorden NOORDHOFF UITGEVERS 04 REKENBOEK HAVO/VWO ANTWOORDEN Blok Getallen. Bewerkingen a 45 d 6 g 8 b 60 e 90 h 687 c 4 f 56 i 48 a 4 d 000 b 4 000 e 000 c 70 f 0 000 a 7 d 0 b 70

Nadere informatie

Naam:... Nr... SPRONG 6

Naam:... Nr... SPRONG 6 Naam:... Nr.... SPRONG 6 G 1 Percenten a Bereken het percent. Schrijf de tussenuitkomsten op. 5 % van 500 = van 500 = x = 15 % van 200 = van 200 = x = 4 % van 2 000 = van 2 000 = x = 10 % van 700 = van

Nadere informatie

4.1 Negatieve getallen vermenigvuldigen [1]

4.1 Negatieve getallen vermenigvuldigen [1] 4.1 Negatieve getallen vermenigvuldigen [1] Voorbeeld 1: 5 x 3 = 15 (3 + 3 + 3 + 3 + 3 = 15) Voorbeeld 2: 5 x -3 = -15 (-3 +-3 +-3 +-3 +-3 = -3-3 -3-3 -3 = -15) Voorbeeld 3: -5 x 3 = -15 Afspraak: In plaats

Nadere informatie

De laatste loodjes...

De laatste loodjes... De laatste loodjes... Hieronder vindt je een uittreksel van alles dat we met rekenen hebben geoefend. En nog een paar herhaalsommetjes. Om als laatste nog even door te lezen om te zien of je alles nog

Nadere informatie

KENMERKENDE CIJFERS EN BENADERINGSREGELS

KENMERKENDE CIJFERS EN BENADERINGSREGELS Correctiesleutel 2.06-2.07 KENMERKENDE CIJFERS EN BENADERINGSREGELS 1 Geef telkens telkens het kenmerkend deel, het aantal kenmerkende cijfers en de meetnauwkeurigheid. [De volgorde van opgaven en oplossingen

Nadere informatie

antwoorden jaargroep 5 reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs blok werkboek Ieder krijgt Eerlijk delen. Hoeveel krijgt ieder? Teken en schrijf.

antwoorden jaargroep 5 reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs blok werkboek Ieder krijgt Eerlijk delen. Hoeveel krijgt ieder? Teken en schrijf. jaargroep 5 Zwijsen reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs blok 7 werkboek Ieder krijgt Eerlijk delen. Hoeveel krijgt ieder? Teken en schrijf. Les Overal getallen Bloemenwinkel De Roos. Hoeveel

Nadere informatie

RekenWijzer, uitwerkingen hoofdstuk 2 Gebroken getallen

RekenWijzer, uitwerkingen hoofdstuk 2 Gebroken getallen Uitwerkingen 2. Kennismaken met breuken 2.. Deel van geheel Opdracht B 8 deel. ( deel + 8 deel). Opdracht 2 C 5 deel Opdracht C Driehoek C past in driehoek A. Aangezien driehoek A deel is van de tekening,

Nadere informatie

BLAD 21: AAN DE OPPERVLAKTE

BLAD 21: AAN DE OPPERVLAKTE BLAD 21: AAN DE OPPERVLAKTE 1. Maak het getal a. In de figuur hiernaast zie je zes getallen staan: één in het rondje, en vijf in de rechthoek. Probeer nu om het getal in de cirkel te 'maken' met de getallen

Nadere informatie

1 Werken met getallen. a Neem het schema over en vul in: b Schrijf het getal in woorden: D H T E driehonderdzes. 687 vierduizend acht

1 Werken met getallen. a Neem het schema over en vul in: b Schrijf het getal in woorden: D H T E driehonderdzes. 687 vierduizend acht rekenboek 6a taken Week 1 Taak 1 Werken met getallen. a Neem het schema over en vul in: b Schrijf het getal in woorden: D H T E 3141 driehonderdzes 687 vierduizend acht 5870 veertienhonderdeenentachtig

Nadere informatie

Scoreblad bewis 01. naam cursist: naam afnemer: werkpunt. niet goed. tellen. getalbegrip. algemeen 01 04. bewerking en. optellen en.

Scoreblad bewis 01. naam cursist: naam afnemer: werkpunt. niet goed. tellen. getalbegrip. algemeen 01 04. bewerking en. optellen en. Scoreblad bewis naam cursist: datum: naam afnemer: inhoud vraag opmerkingen OK werkpunt niet goed tellen eieren tellen in dozen van 10 getallen verder aanvullen in kralenketting getalbegrip getallen ertussen

Nadere informatie

Medische rekenen AJK

Medische rekenen AJK Medische rekenen AJK Herhaling Optellen, aftrekken en breuken Optellen Voorbeeld optellen 122

Nadere informatie

Rekentijger - Groep 4 Tips bij werkboekje A

Rekentijger - Groep 4 Tips bij werkboekje A Rekentijger - Groep 4 Tips bij werkboekje A Maak de getallen Werkblad 1 Werk van links naar rechts. Gebruik de uitkomst van elke som opnieuw. Kleursudoku Werkblad 2 Begin met de rij of kolom met de meeste

Nadere informatie

temperatuur in C 3,75 3,25 3,5

temperatuur in C 3,75 3,25 3,5 32 lok les en 2 C Teken de rest van het stfdiagram. De maximum- en minimumtemperaturen in week 6. max. min. di 3,2,5 wo 2,5 5, do 0,3 2,0 vr 2,0,8 za 0,5 temperatuur in C 3 2 0 di wo do vr za 2 3 5 Welk

Nadere informatie

1 Wiskunde, zeker. 1, 2, 3, 5, 6, 7. 8, 10, 11, 12 en 13 eurocent. duimstok Timmerman Hoe lang iets is.

1 Wiskunde, zeker. 1, 2, 3, 5, 6, 7. 8, 10, 11, 12 en 13 eurocent. duimstok Timmerman Hoe lang iets is. 1 2 1 Wiskunde, zeker duimstok Timmerman Hoe lang iets is. Blokhaak: Timmerman Of een hoek haaks is. 1, 2, 3, 5, 6, 7. 8, 10, 11, 12 en 13 eurocent. Zeven munten: een van 1-eurocent, twee van 2-eurocent,

Nadere informatie