KENMERKENDE CIJFERS EN BENADERINGSREGELS

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "KENMERKENDE CIJFERS EN BENADERINGSREGELS"

Transcriptie

1 Correctiesleutel KENMERKENDE CIJFERS EN BENADERINGSREGELS 1 Geef telkens telkens het kenmerkend deel, het aantal kenmerkende cijfers en de meetnauwkeurigheid. [De volgorde van opgaven en oplossingen verschilt naargelang de cursus (NED-CLIL) die je volgt...] NED CLIL opgave kenmerkend deel aantal kenmerkende cijfers meetnauwkeurigheid 1 1 l = 40,110 m ,001 m of 1 mm 2 2 l = 0,0421 m ,0001 m of 0,1 mm 3 3 T = C ,01 C 4 6 t = 5,12 s ,01 s 5 7 t = 20,50 s ,01 s 6 4 l = 0,350 m ,001 m of 1 mm 7 8 m = 0,0409 kg ,0001 kg of 0,1 g 8 5 m = 0,050 kg ,001 kg of 1 g 9 9 m = 0,0300 kg ,0001 kg of 0,1 g l = 10 8 km km of 10 6 km l = 10 3 m m of 1 m OPGELET: REKENTOESTEL CORRECT GEBRUIKEN!! Vóór je gaat rekenen met de TI-84 Plus moet je er voor zorgen dat het aantal decimalen (cijfers na de komma) op het maximum staat. Dit doe je door in het menu met instellingen [MODE] de optie [FLOAT] in te stellen op FLOAT en niet op een getal. Indien je een getal kiest dan zal het rekentoestel automatisch afronden op het aantal decimalen aangegeven door dit getal. Dit is niet de bedoeling omdat je pas kunt afronden nadat je het aantal kenmerkende cijfers voor het resultaat hebt bepaald. Let ook op het gebruik van haakjes! voorbeeld: Correcte oplosmethode: 10 4 =? [(] [1] [0] [x] [4] [)] [ ] [(] [7] [+] [1] [)] [=] Y = 5 (Wie alles intikt zonder haakjes heeft volgende verkeerde uitkomst: 6, )

2 2 Los volgende vraagstukken op een blanco A4-blad op. Hou rekening met de benaderingsregels! 1 l = 11,6 m + 3,34 m = 2 l = 11,6 m + 3,36 m = 3 t = 18,28 s! 9,2 s = 4 A = 7,34 12,35 m = 5 A = 7,340 12,35 m = 6 A = 7,3 12,40 m = 7 v = 184 m 10,34 s = 8 9 Bereken de omtrek van een vierkant met een zijde van 13,6 millimeter de oppervlakte van een rechthoek met l = 0,4 m en b = 122,6 cm Ovierkant = 4 z A rechthoek = l b 10 l = 3,52 m + 13,6 cm = 11 l = 3,000 m! 0,2 cm = 12 l = 10 3 m m = 13 l = 316 m 4 = 14 l = = 15 n = 10 6 m 10-2 mm = (n: natuurlijk getal) Bereken het volume van een balk met een lengte van 4,064 meter, een breedte van 0,273 meter en een hoogte van 0,0754 meter Bereken de omtrek van een cirkel met een straal van 9,75 meter Bereken de oppervlakte van een cirkel met een diameter van 8,21 centimeter Bereken het volume van een bol met een diameter van 7,9 centimeter Bereken het volume van een cilinder met een hoogte van 9,71 centimeter een diameter van 3,2 centimeter V balk = l b h Ocirkel = π 2 r 2 A cirkel = π r V bol 4 = π r 3 2 V cilinder = π r 21 De omtrek van een vierkant is 103,7 centimeter. Hoe groot is de zijde van dit vierkant? 3 h 22 In 2007 won de Ethiopiër Haile Gebrselassie de marathon van Berlijn. Hij liep de afstand van 42,195 kilometer in 2 uur 4 minuten en 26 seconden. Bereken zijn snelheid in meter per seconde en in kilometer per uur.

3 OPLOSSINGEN 1 11,6 m [ 1 cijfer na de komma ] l = 11,6 m + 3,34 m = + 3,34 m [ 2 cijfers na de komma ] = 14,94 m [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 14,9 m [ 1 cijfer na de komma en afgerond? ] 2 11,6 m [ 1 cijfer na de komma ] l = 11,6 m + 3,36 m = + 3,36 m [ 2 cijfers na de komma ] = 14,96 m [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 15,0 m [ 1 cijfer na de komma en afgerond > ] 3 18,28 s [ 2 cijfers na de komma ] t = 18,28 s - 9,2 s = & 9,2 s [ 1 cijfer na de komma ] = 9,08 s [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 9,1 s [ 1 cijfer na de komma en afgerond > ] 4 7,34 m [ 3 kenmerkende cijfers ] A = 7,34 12,35 m = C 12,35 m [ 4 kenmerkende cijfers ] = 90,649 m 2 [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 90,6 m 2 [ 3 kenmerkende cijfers en afgerond? ] 5 7,340 m [ 4 kenmerkende cijfers ] A = 7,340 12,35 m = C 12,35 m [ 4 kenmerkende cijfers ] = 90,649 m 2 [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 90,65 m 2 [ 4 kenmerkende cijfers en afgerond > ] 6 7,3 m [ 2 kenmerkende cijfers ] A = 7,3 12,40 m = C 12,40 m [ 4 kenmerkende cijfers ] = 90,52 m 2 [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 91 m 2 [ 2 kenmerkende cijfers en afgerond > ] m [ 3 kenmerkende cijfers ] v = 184 m 10,34 s = 10,34 s [ 4 kenmerkende cijfers ] = 17,79497 m/s [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 17,8 m/s [ 3 kenmerkende cijfers en afgerond > ] Het resultaat uit oefening 7 (v = 17,8 m/s) omzetten naar km/h 3,6 [zie oplossing 7 ]

4 7 v = 17,8 3,6 =?? km/h 17,8 m/s [ 3 kenmerkende cijfers ] C 3,6 [ getal, dus 4 kenmerkende cijfers ] = 64,08 km/h [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 64,1 km/h [ 3 kenmerkende cijfers en afgerond > ] 8 13,6 mm [ 3 kenmerkende cijfers ] O vierkant = 13,6 4 = C 4 [ getal, dus 4 kenmerkende cijfers ] = 54,4 mm [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 54,4 mm [ 3 kenmerkende cijfers, niets afronden ] 9 0,4 m [ niet omzetten - 1 kenmerkend cijfer ] A rechthoek = 0,4 122,6 cm = C 1,226 m [ eerst omzetten - 4 kenmerkende cijfers ] = 0,4904 m 2 [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 0,5 m 2 [ 1 kenmerkend cijfer en afgerond > ] < 0,4 m (1 kenmerkend cijfer) omzetten naar 40 cm (2 kenmerkende cijfers) is niet correct! < 0,4 m omzetten naar 10 2 cm (1 kenmerkend cijfer) is niet handig! < De beste manier van omzetten is naar de basiseenheid (de meter). 10 3,52 m [ niet omzetten - 2 cijfers na de komma ] l = 3,52 m + 13,6 cm = + 0,136 m [ eerst omzetten - 3 cijfers na de komma ] = 3,656 m [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 3,66 m [ 2 cijfers na de komma en afgerond > ] < Andere methode voor het oplossen van oefening 10: [zie oplossing 10 ] 10 l = 3,52 m + 13,6 cm = 352 cm [ eerst omzetten - 0 cijfers na de komma ] + 13,6 cm [ niet omzetten - 1 cijfer na de komma ] = 365,6 cm [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 366 cm [ 0 cijfers na de komma en afgerond > ] < De beste manier van omzetten is naar de basiseenheid (de meter). 11 3,000 m [ niet omzetten - 3 cijfers na de komma ] l = 3,000 m - 0,2 cm = & 0,002 m [ eerst omzetten - 3 cijfers na de komma ] = 2,998 m [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 2,998 m [ 3 cijfers na de komma, niets afronden ] < Andere methode voor het oplossen van oefening 11: [zie oplossing 11 ]

5 11 l = 3,000 m - 0,2 cm = 300,0 cm [ eerst omzetten - 1 cijfer na de komma ] & 0,2 cm [ niet omzetten - 1 cijfer na de komma ] = 299,8 cm [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 299,8 cm [ 1 cijfer na de komma, niets afronden ] < De beste manier van omzetten is naar de basiseenheid (de meter) m [ eerst omzetten - 0 cijfers na de komma ] l = 10 3 m m = m [ niet omzetten - 0 cijfers na de komma ] = 10 2 m [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 10 2 m [ 0 cijfers na de komma, niets afronden ] < Andere methode voor het oplossen van oefening 12: [zie oplossing 12 ] 12 l = 10 3 m m = 10 3 m [ niet omzetten - 1 cijfer na de komma ] m [ eerst omzetten - 1 cijfer na de komma ] = 10 3 m [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 10 3 m [ 1 cijfer na de komma, niets afronden ] m [ 3 kenmerkende cijfers ] l = 316 m 4 = 4 [ getal, dus 4 kenmerkende cijfers ] = 79 m [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 79,0 m [ 3 kenmerkende cijfers, niets afronden ] m [ 3 kenmerkende cijfers ] l = = C 4 [ getal, dus 4 kenmerkende cijfers ] = 1264 m [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 10 1 m [ 3 kenmerkende cijfers, niets afronden ] m n = 10-2 mm = 10 6 m [ niet omzetten - 3 kenmerkende cijfers ] 10-5 m [ eerst omzetten - 3 kenmerkende cijfers ] = [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = [ 3 kenmerkende cijfers, niets afronden ] < = (ter info: = 10 1!!) < Het tussenresultaat is Dit is een natuurlijk en onbenoemd getal. Dit getal is het resultaat van de deling van 2 metingen Y de benaderingsregels gelden hier. (3 kenmerkende cijfers in het eindresultaat) < Je kunt dit getal schrijven als = = 10 9 = 10 8

6 < Andere methode voor het oplossen van oefening 15: [zie oplossing 15 ] m n = 10-2 mm = 10 9 mm [ eerst omzetten - 3 kenmerkende cijfers ] 10-2 mm [ niet omzetten - 3 kenmerkende cijfers ] = [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = [ 3 kenmerkende cijfers, niets afronden ] < = (ter info: = 10 7!!) < De beste manier van omzetten is naar de basiseenheid (de meter). < Het resultaat is hetzelfde als in oefening ,064 m C V balk = 0,273 m = C 0,0754 m 4,064 m [ niet omzetten - 4 kenmerkende cijfers ] C 0,273 m [ niet omzetten - 3 kenmerkende cijfers ] C 0,0754 m [ niet omzetten - 3 kenmerkende cijfers ] = 0, m 3 [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 0,0837 m 3 [ 3 kenmerkende cijfers en afgerond > ] 17 3, [ π, dus 4 kenmerkende cijfers ] O cirkel = π C 2 C 9,75 m C 2 [ getal, dus 4 kenmerkende cijfers ] C 9,75 m [ 3 kenmerkende cijfers ] = 61, m [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 61,3 m [ 3 kenmerkende cijfers en afgerond > ] < Gebruik voor π de toets op je op [2nd] + [π] (dit is de toets [Ì] net onder de [CLEAR]-toets] < Gebruik dus niet 3,14 voor π, maar wel het getal zoals het in je rekentoestel zit. 18 3, [ π, dus 4 kenmerkende cijfers ] A cirkel = π C (4,105 cm) 2 C (4,105) 2 cm 2 [ 4" kenmerkende cijfers maar zie ** ] = 52, cm 2 [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 52,9 cm 2 [ 3 kenmerkende cijfers en afgerond? ] ** De oorspronkelijke meting van de diameter is 8,21 cm (3 kenmerkende cijfers). In de formule moet je de straal invoeren, die de helft van de diameter is. r = d/2 of r = 4,105 cm Aangezien je bij eenzelfde groep van bewerkingen (hier product en machtsverheffing) pas helemaal op het einde afrondt, behoud je hier het volledige getal (met 4 kenmerkende cijfers) en rond je hier nog niet af naar r = 4,11 cm met 3 kenmerkende cijfers. < Het eindresultaat A cirkel = 52,9 cm 2 mag uiteindelijk slechts 3 kenmerkende cijfers hebben. < Indien je tussentijds de straal toch zou afronden naar 3 kenmerkende cijfers zou je een ander en foutief eindresultaat bekomen: A cirkel = 53,1 cm 2

7 19 1, [ getal, dus 4 kenmerkende cijfers zie ** ] V bol = 4/3 C π C (3,95 cm) 3 C π [ π, dus 4 kenmerkende cijfers ] C (3,95) 3 cm 3 [ 3" kenmerkende cijfers maar zie *** ] = 258, cm 3 [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 10 1 cm 3 [ 2 kenmerkende cijfers en afgerond > ] ** Bereken 4/3 met je rekentoestel en rond dit niet af! Reken verder met het antwoord! *** De oorspronkelijke meting van de diameter is 7,9 cm (2 kenmerkende cijfers). In de formule moet je de straal invoeren, die de helft van de diameter is. r = d/2 of r = 3,95 cm Aangezien je bij eenzelfde groep van bewerkingen (hier product en machtsverheffing) pas helemaal op het einde afrondt, behoud je hier het volledige getal (met 3 kenmerkende cijfers) en rond je hier nog niet af naar r = 4,0 cm met 2 kenmerkende cijfers. < Het eindresultaat V bol = 10 1 cm 3 mag uiteindelijk slechts 2 kenmerkende cijfers hebben. < Indien je tussentijds de straal toch zou afronden naar 2 kenmerkende cijfers (zou je een ander en foutief eindresultaat bekomen: V bol = 10 1 cm , [ π, dus 4 kenmerkende cijfers ] V cil = π C (1,6 cm) 2 C 9,71 cm = C (1,6) 2 cm 2 [ 2 kenmerkende cijfers ] C 9,71 cm [ 3 kenmerkende cijfers ] = 78, cm 3 [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 78 cm 3 [ 2 kenmerkende cijfers en afgerond? ] < Hier doet zich het probleem bij het omzetten van de diameter naar de straal niet voor. Zowel opgave als (tussen)resultaat hebben 2 kenmerkende cijfers ,7 cm [ 4 kenmerkende cijfers ] z = 103,7 cm 4 = 4 [ getal, dus 4 kenmerkende cijfers ] = 25,925 cm [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 25,93 cm [ 4 kenmerkende cijfers en afgerond > ]

8 m [ 5 kenmerkende cijfers ] v = m 7466 s = 7466 s [ 4 kenmerkende cijfers ] = 5, m/s [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 5,652 m/s [ 4 kenmerkende cijfers en afgerond > ] < Je berekent eerst de afstand in meter en de tijd in seconde en houdt rekening met de benaderingsregels voor product en som. afstand = m [aantal kenmerkende cijfers blijft gelijk: ok!] tijd = s) + (4 60 s) + 26 s = 7200 s s + 26 s = 7466 s [aantal cijfers na de komma blijft gelijk: ok!] < Het resultaat uit oefening 22 (v = 5,652 m/s) omzetten naar km/h 3,6 [zie oplossing 22 ] 22 v = 5,652 3,6 =?? km/h 5,652 m/s [ 4 kenmerkende cijfers ] C 3,6 [ getal, dus 4 kenmerkende cijfers ] = 20,3472 km/h [ vóór benaderingsregels en afronden ] correct eindresultaat: = 20,35 km/h [ 4 kenmerkende cijfers en afgerond > ] Haile Gebrselassie liep dus meer dan 40 kilometer aan een gemiddelde snelheid van meer dan 20 kilometer per uur. Reken eens uit hoe snel jij per fiets naar school rijdt... Die Haile toch... Fouten rapporteren op:

REKENTECHNIEKEN - OPLOSSINGEN

REKENTECHNIEKEN - OPLOSSINGEN REKENTECHNIEKEN - OPLOSSINGEN 1] 3,52 m + 13,6 cm =? 3,52 m 3,52 m - 2 13,6 cm 0,136 m - 3 3,656 m eindresultaat 3,66 m 2 cijfers na komma en afronden naar boven 3,52 m 352 cm - 0 13,6 cm 13,6 cm - 1 365,6

Nadere informatie

Verkorte versie van de SYLLABUS REKENEN 2F EN 3F (VO en MBO, versie mei 2015) Aanpassing van product van CvTE

Verkorte versie van de SYLLABUS REKENEN 2F EN 3F (VO en MBO, versie mei 2015) Aanpassing van product van CvTE Verkorte versie van de SYLLABUS REKENEN 2F EN 3F (VO en MBO, versie mei 2015) Aanpassing van product van CvTE 1. Inleiding Vanaf 1 oktober 2015 gelden nieuwe afspraken omtrent het rekenexamen 3F. De exameneisen

Nadere informatie

Foutenberekeningen. Inhoudsopgave

Foutenberekeningen. Inhoudsopgave Inhoudsopgave Leerdoelen :... 3 1. Inleiding.... 4 2. De absolute fout... 5 3. De KOW-methode... 7 4. Grootheden optellen of aftrekken.... 8 5. De relatieve fout...10 6. grootheden vermenigvuldigen en

Nadere informatie

Nee, ik heb de cijfers nog niet. Ja, ik ga zo tijdens de les verder met nakijken REKENEN. Les Grootheden en Eenheden.

Nee, ik heb de cijfers nog niet. Ja, ik ga zo tijdens de les verder met nakijken REKENEN. Les Grootheden en Eenheden. Nee, ik heb de cijfers nog niet. Ja, ik ga zo tijdens de les verder met nakijken REKENEN Les 2.3.8 Grootheden en Eenheden Hoofdstuk 11 - VANDAAG Studiewijzer Terugblik Grootheden en Eenheden Tijd voor

Nadere informatie

SAMENVATTING BASIS & KADER

SAMENVATTING BASIS & KADER SAMENVATTING BASIS & KADER Afronden Hoe je moet afronden hangt af van de situatie. Geldbedragen rond je meestal af op twee decimalen, 15,375 wordt 15,38. Grote getallen rondje meestal af op duizendtallen,

Nadere informatie

Het Metriek Stelsel. Over meten, omtrek, oppervlakte en inhoud

Het Metriek Stelsel. Over meten, omtrek, oppervlakte en inhoud Het Metriek Stelsel Over meten, omtrek, oppervlakte en inhoud lengte in meter afkorting naam hoeveel meter 1 km kilometer 1 000 1 hm hectometer 100 1 dam decameter 10 1 m meter 1 1 dm decimeter 0,1 1 cm

Nadere informatie

1 de jaar 2 de graad (2uur) Naam:... Klas:...

1 de jaar 2 de graad (2uur) Naam:... Klas:... Hoofdstuk 1 : Mechanica 1 de jaar de graad (uur) -1- Naam:... Klas:... 1. Basisgrootheden en hoofdeenheden In de Natuurkunde is het vaak van belang om de numerieke waarde van natuurkundige grootheden te

Nadere informatie

9.1 Oppervlakte-eenheden [1]

9.1 Oppervlakte-eenheden [1] 9.1 Oppervlakte-eenheden [1] De omtrek van een figuur bereken je door uit te rekenen hoe lang het is als je één keer langs de rand van de figuur gaat. Omtrek = l + l + l + l + l + l + l + l = 14 + 8 +

Nadere informatie

Zestigdelige graden radialen honderddelige graden

Zestigdelige graden radialen honderddelige graden Rekenen met hoeken Zestigdelige graden radialen honderddelige graden Hoeken kunnen uitgedrukt worden in verschillende hoekeenheden. De meest bekende hoekeenheid is de zestigdelige graad. Deze hoekeenheid

Nadere informatie

In het internationale eenhedenstelsel, ook wel SI, staan er negen basisgrootheden met bijbehorende grondeenheden. Dit is BINAS tabel 3A.

In het internationale eenhedenstelsel, ook wel SI, staan er negen basisgrootheden met bijbehorende grondeenheden. Dit is BINAS tabel 3A. Grootheden en eenheden Kwalitatieve en kwantitatieve waarnemingen Een kwalitatieve waarneming is wanneer je meet zonder bijvoorbeeld een meetlat. Je ziet dat een paard hoger is dan een muis. Een kwantitatieve

Nadere informatie

Cirkel en cirkelsector

Cirkel en cirkelsector middellijn 3 Cirkel en cirkelsector 1 CIRKEL In figuur 1 zien we een cirkel. Het middelpunt van de cirkel duiden we meestal aan met de letter M. Verder onderscheiden we de begrippen diameter (middellijn)

Nadere informatie

Vraag Antwoord Scores

Vraag Antwoord Scores Beoordelingsmodel VMBO GL/TL 2008-I Vraag Antwoord Scores Golfbaan maximumscore 4 Een kijklijn tekenen van het putje langs de punt van de bosrand 90 m in werkelijkheid komt overeen met 6 cm in de tekening

Nadere informatie

wiskunde C pilot vwo 2017-I

wiskunde C pilot vwo 2017-I wiskunde C pilot vwo 207-I De formule van Riegel en kilometertijden maximumscore 3 4 minuten en 52 seconden komt overeen met 292 seconden,07 0000 T2 = 292 2223 (seconden) (of nauwkeuriger) 500 Dat is 37

Nadere informatie

Oefeningen in verband met tweedegraadsvergelijkingen

Oefeningen in verband met tweedegraadsvergelijkingen Oefeningen in verband met tweedegraadsvergelijkingen l. e omtrek van een rechthoek is 8 m en de diagonaal 10 m. Welke afmetingen heeft deze rechthoek?. Bereken x zodat de opp van de rechthoek even groot

Nadere informatie

Aanvulling hoofdstuk 1 uitwerkingen

Aanvulling hoofdstuk 1 uitwerkingen Natuur-scheikunde Aanvulling hoofdstuk 1 uitwerkingen Temperatuur in C en K Metriek stelsel voorvoegsels lengtematen, oppervlaktematen, inhoudsmaten en massa Eenheden van tijd 2 Havo- VWO H. Aelmans SG

Nadere informatie

Toetswijzer examen Cool 2.1

Toetswijzer examen Cool 2.1 Toetswijzer examen Cool 2.1 Cool 2.1 1 Getallenkennis: Grote natuurlijke getallen 86 a Ik kan grote getallen vlot lezen en schrijven. 90 b Ik kan getallen afronden. 91 c Ik ken de getalwaarde van een getal.

Nadere informatie

Inhoud. Eenheden... 2 Omrekenen van eenheden I... 4 Omrekenen van eenheden II... 9 Omrekenen van eenheden III... 10

Inhoud. Eenheden... 2 Omrekenen van eenheden I... 4 Omrekenen van eenheden II... 9 Omrekenen van eenheden III... 10 Inhoud Eenheden... 2 Omrekenen van eenheden I... 4 Omrekenen van eenheden II... 9 Omrekenen van eenheden III... 10 1/10 Eenheden Iedere grootheid heeft zijn eigen eenheid. Vaak zijn er meerdere eenheden

Nadere informatie

Vraag Antwoord Scores. 1 maximumscore 2 De staplengte is 1600 : 2754 1 De staplengte is 0,580 meter, dit is 58 (cm) (of 0,58 meter) 1

Vraag Antwoord Scores. 1 maximumscore 2 De staplengte is 1600 : 2754 1 De staplengte is 0,580 meter, dit is 58 (cm) (of 0,58 meter) 1 Eindexamen wiskunde vmbo gl/tl 00 - I Beoordelingsmodel Stappenteller maximumscore De staplengte is 600 : 754 De staplengte is 0,580 meter, dit is 58 (cm) ( 0,58 meter) Als het antwoord in meters gegeven

Nadere informatie

Examen VMBO-KB. wiskunde CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 23 juni 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen VMBO-KB. wiskunde CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 23 juni 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Examen VMBO-KB 2009 tijdvak 2 dinsdag 23 juni 13.30-15.30 uur wiskunde CSE KB Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 25 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 75 punten te behalen.

Nadere informatie

1.1 Rekenen met letters [1]

1.1 Rekenen met letters [1] 1.1 Rekenen met letters [1] Voorbeeld 1: Een kaars heeft een lengte van 30 centimeter. Per uur brand er 6 centimeter van de kaars op. Hieruit volgt de volgende woordformule: Lengte in cm = -6 aantal branduren

Nadere informatie

2 BBL. Oppervlakte. 5.1 Eenheden van oppervlakte

2 BBL. Oppervlakte. 5.1 Eenheden van oppervlakte H5 Oppervlakte 2 BBL 5.1 Eenheden van oppervlakte 1a. Vraag aan je docent een vel met hokjes van 1 cm bij 1 cm. b. Teken op het papier een vierkant met zijden van 1 cm. c. Schrijf in het vlak 1 cm². d.

Nadere informatie

Inleiding tot de natuurkunde

Inleiding tot de natuurkunde OBC Inleiding tot de Natuurkunde 01-09-2009 W.Tomassen Pagina 1 Inhoud Hoofdstuk 1 Rekenen.... 3 Hoofdstuk 2 Grootheden... 5 Hoofdstuk 3 Eenheden.... 7 Hoofdstuk 4 Evenredig.... 10 Inleiding... 10 Uitleg...

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL 2008 wiskunde CSE GL en TL tijdvak 1 donderdag 22 mei 13.30-15.30 uur

Examen VMBO-GL en TL 2008 wiskunde CSE GL en TL tijdvak 1 donderdag 22 mei 13.30-15.30 uur Examen VMBO-GL en TL 2008 wiskunde CSE GL en TL tijdvak 1 donderdag 22 mei 13.30-15.30 uur Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 23 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 80 punten

Nadere informatie

Foutenberekeningen Allround-laboranten

Foutenberekeningen Allround-laboranten Allround-laboranten Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE... 2 LEERDOELEN :... 3 1. INLEIDING.... 4 2. DE ABSOLUTE FOUT... 5 3. DE KOW-METHODE... 6 4. DE RELATIEVE FOUT... 6 5. GROOTHEDEN VERMENIGVULDIGEN EN DELEN....

Nadere informatie

Eindexamen wiskunde vmbo gl/tl 2008 - I OVERZICHT FORMULES: omtrek cirkel = π diameter. oppervlakte cirkel = π straal 2

Eindexamen wiskunde vmbo gl/tl 2008 - I OVERZICHT FORMULES: omtrek cirkel = π diameter. oppervlakte cirkel = π straal 2 OVERZICHT FORMULES: omtrek cirkel = π diameter oppervlakte cirkel = π straal 2 inhoud prisma = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud cilinder = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud kegel = 1 3 oppervlakte

Nadere informatie

Tussendoelen wiskunde onderbouw vo vmbo

Tussendoelen wiskunde onderbouw vo vmbo Tussendoelen wiskunde onderbouw vo vmbo Domein A: Inzicht en handelen Subdomein A1: Vaktaal wiskunde 1. vmbo passende vaktaal voor wiskunde herkennen en gebruiken voor het ordenen van het eigen denken

Nadere informatie

Domein A: Inzicht en handelen

Domein A: Inzicht en handelen Tussendoelen wiskunde onderbouw vo vmbo Preambule Domein A is een overkoepeld domein dat altijd in combinatie met de andere domeinen wordt toegepast (of getoetst). In domein A wordt benoemd: Vaktaal: het

Nadere informatie

Examen VMBO-KB. wiskunde CSE KB. tijdvak 1 maandag 23 mei 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen VMBO-KB. wiskunde CSE KB. tijdvak 1 maandag 23 mei 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Examen VMBO-KB 2011 tijdvak 1 maandag 23 mei 13.30-15.30 uur wiskunde CSE KB Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 25 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 75 punten te behalen.

Nadere informatie

Probeer de vragen bij Verkennen zo goed mogelijk te beantwoorden.

Probeer de vragen bij Verkennen zo goed mogelijk te beantwoorden. 1 Formules gebruiken Verkennen www.math4all.nl MAThADORE-basic HAVO/VWO 4/5/6 VWO wi-b Werken met formules Formules gebruiken Inleiding Verkennen Probeer de vragen bij Verkennen zo goed mogelijk te beantwoorden.

Nadere informatie

handleiding pagina s 678 tot 686 1 Handleiding 1.2 Huistaken huistaak 20: bladzijde 614 2 Werkboek 3 Posters 4 Scheurblokken

handleiding pagina s 678 tot 686 1 Handleiding 1.2 Huistaken huistaak 20: bladzijde 614 2 Werkboek 3 Posters 4 Scheurblokken week les toets en foutenanalyse handleiding pagina s 678 tot 686 nuttige informatie Handleiding. Kopieerbladen pagina 69: oppervlakte ruit pagina 500: kaart van België pagina 50: afstandentabel België

Nadere informatie

Vergelijkingen met één onbekende

Vergelijkingen met één onbekende - 89 - Hoofdstuk 3: ergelijkingen met één onbekende Opgave boek pag 67 nr. 5: Los op in R a. 3 ( + ) 4 7.................. {... }... proef : 1 e lid :... e lid :... b. ( 3 ) + 7 5 ( )........................

Nadere informatie

1 Inleiding 2 Lengte en zijn eenheden 3 Omtrek 4 Oppervlakte 5 Inhoud. Meten is weten. Joke Braaksma. November 2010

1 Inleiding 2 Lengte en zijn eenheden 3 Omtrek 4 Oppervlakte 5 Inhoud. Meten is weten. Joke Braaksma. November 2010 November 2010 Wat kunnen we allemaal meten? Wat kunnen we allemaal meten? 1. Lengte / breedte / hoogte / omtrek / oppervlakte / inhoud en volume 2. Tijd 3. Gewicht 4. Geld 5. Temperatuur Wij gaan ons

Nadere informatie

PARATE KENNIS & VAARDIGHEDEN WISKUNDE 1 STE JAAR 1. TAALVAARDIGHEID BINNEN WISKUNDE. a) Begrippen uit de getallenleer ...

PARATE KENNIS & VAARDIGHEDEN WISKUNDE 1 STE JAAR 1. TAALVAARDIGHEID BINNEN WISKUNDE. a) Begrippen uit de getallenleer ... PARATE KENNIS & VAARDIGHEDEN WISKUNDE 1 STE JAAR 1. TAALVAARDIGHEID BINNEN WISKUNDE a) Begrippen uit de getallenleer Bewerking optelling aftrekking vermenigvuldiging Symbool deling : kwadratering... machtsverheffing...

Nadere informatie

1. De afstand van onweer in kilometer bereken je door de tijd tussen bliksemflits en donder te delen door 3.

1. De afstand van onweer in kilometer bereken je door de tijd tussen bliksemflits en donder te delen door 3. Uitwerkingen practicum ontluikende algebra Vuistregels Geef de vuistregels weer met wiskundige symbolen.. De afstand van onweer in kilometer bereken je door de tijd tussen bliksemflits en donder te delen

Nadere informatie

12,6 km m. 102 km m. 34 cm m. 0,3 m cm. 0,012 m cm. 30 minuten s. 1,3 uur s. 125 s minuten. 120 km/h m/s. 83 km/h m/s. 19 m/s km/h.

12,6 km m. 102 km m. 34 cm m. 0,3 m cm. 0,012 m cm. 30 minuten s. 1,3 uur s. 125 s minuten. 120 km/h m/s. 83 km/h m/s. 19 m/s km/h. Meerkeuzevragen - Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. Open vragen - Geef niet méér antwoorden dan er worden gevraagd. Als er bijvoorbeeld twee redenen worden gevraagd, geef er dan

Nadere informatie

1. rechthoek. 2. vierkant. 3. driehoek.

1. rechthoek. 2. vierkant. 3. driehoek. Bij het uitrekenen van een lengte, een oppervlakte of een inhoud moet je altijd het volgende opschrijven: de formule - de tussenstap - het antwoord - de eenheid. 1. rechthoek. Kenmerken: alle hoeken zijn

Nadere informatie

Leerlijnen groep 7 Wereld in Getallen

Leerlijnen groep 7 Wereld in Getallen Leerlijnen groep 7 Wereld in Getallen 1 2 REKENEN Boek 7a: Blok 1 - week 1 in geldcontext 2 x 2,95 = / 4 x 2,95 = Optellen en aftrekken tot 10.000 - ciferend; met 2 of 3 getallen 4232 + 3635 + 745 = 1600

Nadere informatie

Thema: Omtrek en oppervlakte vmbo-kgt12

Thema: Omtrek en oppervlakte vmbo-kgt12 Auteur VO-content Laatst gewijzigd 20 May 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/57126 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Examen VMBO-KB. wiskunde CSE KB. tijdvak 2 maandag 19 juni uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen VMBO-KB. wiskunde CSE KB. tijdvak 2 maandag 19 juni uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Examen VMBO-KB 2017 tijdvak 2 maandag 19 juni 13.30-15.30 uur wiskunde CSE KB Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 23 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 76 punten te behalen.

Nadere informatie

Meten. Kirsten Nederpel. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Meten. Kirsten Nederpel. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Kirsten Nederpel 24 June 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/73382 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Meetfouten, afronding, voorvoegsels en eenheden

Meetfouten, afronding, voorvoegsels en eenheden Meetfouten, afronding, voorvoegsels en eenheden Meetfouten In de wiskunde werken we meestal met exacte getallen: 2π, 5, 3, 2 log 3. Ook in natuurwetenschappelijke vakken komen exacte getallen voor, maar

Nadere informatie

Eindexamen vmbo gl/tl wiskunde 2011 - I

Eindexamen vmbo gl/tl wiskunde 2011 - I OVERZICHT FORMULES: omtrek cirkel = diameter oppervlakte cirkel = straal 2 inhoud prisma = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud cilinder = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud kegel = 1 3 oppervlakte grondvlak

Nadere informatie

Onthoudboekje rekenen

Onthoudboekje rekenen Onthoudboekje rekenen Inhoud 1. Hoofdrekenen: natuurlijke getallen tot 100 000 Optellen (p. 4) Aftrekken (p. 4) Vermenigvuldigen (p. 5) Delen (p. 5) Deling met rest (p. 6) 2. Hoofdrekenen: kommagetallen

Nadere informatie

OVERZICHT FORMULES: Eindexamen wiskunde vmbo gl/tl 2005 - II. omtrek cirkel = π diameter. oppervlakte cirkel = π straal 2

OVERZICHT FORMULES: Eindexamen wiskunde vmbo gl/tl 2005 - II. omtrek cirkel = π diameter. oppervlakte cirkel = π straal 2 OVERZICHT FORMULES: omtrek cirkel = π diameter oppervlakte cirkel = π straal 2 inhoud prisma = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud cilinder = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud kegel = 1 3 oppervlakte

Nadere informatie

6 a 22,5 gram b v = 1,5m. 7 a 1,95 kg b g = 0,78 v c 13 / 0,78 16,7 dm 3. 8 a. b p = 200d

6 a 22,5 gram b v = 1,5m. 7 a 1,95 kg b g = 0,78 v c 13 / 0,78 16,7 dm 3. 8 a. b p = 200d Hoofdstuk 1 GETALLEN EN GRAFIEKEN 1. INTRO 1 a De slak klimt een uur met constante snelheid, glijdt dan een uur langzaam naar eneden, stijgt dan weer een uur, enz. 1,5 m/u c,5 m/u d 8 uur en 4 minuten

Nadere informatie

groep 8 blok 7 antwoorden Malmberg s-hertogenbosch

groep 8 blok 7 antwoorden Malmberg s-hertogenbosch blok 7 groep 8 antwoorden Malmberg s-hertogenbosch blok 7 les 3 3 Reken de omtrek en de oppervlakte van de figuren uit. Gebruik m en m 2. 1 m C Omtrek figuur C 20 m Oppervlakte figuur C 22 m 2 A B Omtrek

Nadere informatie

SEQUENTIE-STRUCTUUR. Oefening: Dichtheid

SEQUENTIE-STRUCTUUR. Oefening: Dichtheid SEQUETIE-STRUCTUUR Oefening: Dichtheid geef diameter vd bol(m) //Declaratie input variabelen double diameter; double soortmassa; //Declaratie variabelen voor tussenresultaten double volume; diameter //Declaratie

Nadere informatie

Eindexamen wiskunde vmbo gl/tl I

Eindexamen wiskunde vmbo gl/tl I BEOORDELINGSMODEL Vraag Antwoord Scores BOSLOO maximumscore Rienk heeft ( 300 =) 605,6 (seconden) gelopen 3,8 Dit zijn 605 (seconden) maximumscore 4 Sibren loopt 3500 m 4 minuten en 5 seconden zijn 855

Nadere informatie

Uitwerking toets rekenvaardigheid. Opgave 1 a. 7125,98 + 698,99 = Tip: Bij kommagetallen is het eenvoudiger om aan geld te denken.

Uitwerking toets rekenvaardigheid. Opgave 1 a. 7125,98 + 698,99 = Tip: Bij kommagetallen is het eenvoudiger om aan geld te denken. Uitwerking toets rekenvaardigheid Opgave a. 725,98 + 698,99 = Tip: Bij kommagetallen is het eenvoudiger om aan geld te denken. 725,98 + 698,99 = 725,98 + 700,0= 7824,97 Denk eraan ik doe er teveel bij

Nadere informatie

Oppervlakte en inhoud

Oppervlakte en inhoud Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Hendrik Norden 27 June 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/80048 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

wiskunde CSE GL en TL

wiskunde CSE GL en TL Examen VMBO-GL en TL 2008 tijdvak 1 donderdag 22 mei 13.30-15.30 uur wiskunde CSE GL en TL Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 23 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 80 punten

Nadere informatie

Examen VMBO-KB. wiskunde CSE KB. tijdvak 1 dinsdag 19 mei 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen VMBO-KB. wiskunde CSE KB. tijdvak 1 dinsdag 19 mei 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Examen VMBO-KB 2015 tijdvak 1 dinsdag 19 mei 13.30-15.30 uur wiskunde CSE KB Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 25 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 75 punten te behalen.

Nadere informatie

M V. Inleiding opdrachten. Opgave 1. Meetinstrumenten en grootheden. Vul het schema in. stopwatch. liniaal. thermometer. spanning.

M V. Inleiding opdrachten. Opgave 1. Meetinstrumenten en grootheden. Vul het schema in. stopwatch. liniaal. thermometer. spanning. Inleiding opdrachten Opgave 1. Meetinstrumenten en grootheden Vul het schema in. Meetinstrument Grootheid stopwatch liniaal thermometer spanning hoek van inval oppervlak Opgave. Formules Leg de betekenis

Nadere informatie

Correctievoorschrift VMBO-GL en TL

Correctievoorschrift VMBO-GL en TL Correctievoorschrift VMBO-GL en TL 2008 tijdvak wiskunde CSE GL en TL Het correctievoorschrift bestaat uit: Regels voor de beoordeling 2 Algemene regels 3 Vakspecifieke regels 4 Beoordelingsmodel 5 Inzenden

Nadere informatie

Correctievoorschrift VMBO-GL en TL 2005

Correctievoorschrift VMBO-GL en TL 2005 Correctievoorschrift VMBO-GL en TL 2005 tijdvak WISKUNDE CSE GL EN TL Het correctievoorschrift bestaat uit: Regels voor de beoordeling 2 Algemene regels 3 Vakspecifieke regels 4 Beoordelingsmodel REGELS

Nadere informatie

Achter het correctievoorschrift is een aanvulling op het correctievoorschrift opgenomen.

Achter het correctievoorschrift is een aanvulling op het correctievoorschrift opgenomen. Examen VMBO-GL en TL 2011 tijdvak 1 maandag 23 mei 13.30-15.30 uur wiskunde CSE GL en TL Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Achter het correctievoorschrift is een aanvulling op het correctievoorschrift

Nadere informatie

Correctievoorschrift VMBO-GL en TL

Correctievoorschrift VMBO-GL en TL Correctievoorschrift VMBO-GL en TL 00 tijdvak wiskunde CSE GL en TL Het correctievoorschrift bestaat uit: Regels voor de beoordeling Algemene regels 3 Vakspecifieke regels 4 Beoordelingsmodel 5 Inzenden

Nadere informatie

oppervlakte grondvlak hoogte

oppervlakte grondvlak hoogte OVERZICHT FORMULES: omtrek cirkel = π diameter oppervlakte cirkel = π straal 2 inhoud prisma = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud cilinder = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud kegel = 1 3 oppervlakte

Nadere informatie

Examen VMBO-KB 2005 WISKUNDE CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 21 juni 13.30 15.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen VMBO-KB 2005 WISKUNDE CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 21 juni 13.30 15.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Examen VMBO-KB 2005 tijdvak 2 dinsdag 21 juni 13.30 15.30 uur WISKUNDE CSE KB Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 26 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 84 punten te behalen.

Nadere informatie

Niveauproef wiskunde voor AAV

Niveauproef wiskunde voor AAV Niveauproef wiskunde voor AAV Waarom? Voor wiskunde zijn er in AAV 3 modules: je legt een niveauproef af, zodat je op het juiste niveau kan starten. Er is de basismodule voor wie de rekenvaardigheden moet

Nadere informatie

Wat betekenen de getallen? Samen bespreken. Kies uit kilometer, meter, decimeter of centimeter.

Wat betekenen de getallen? Samen bespreken. Kies uit kilometer, meter, decimeter of centimeter. 70 blok 5 les 23 C 1 Wat betekenen de getallen? Samen bespreken. 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 60 981 540 C 2 Welke maten horen erbij? Samen bespreken. Kies uit kilometer, meter, decimeter of centimeter.

Nadere informatie

Rekenen MBO - Bouw. Jesper Raijmakers. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/77595

Rekenen MBO - Bouw. Jesper Raijmakers. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/77595 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Jesper Raijmakers 25 juni 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/77595 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet.

Nadere informatie

Examen VMBO-KB. wiskunde CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 21 juni 13:30-15:30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen VMBO-KB. wiskunde CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 21 juni 13:30-15:30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Examen VMBO-KB 2016 tijdvak 2 dinsdag 21 juni 13:30-15:30 uur wiskunde CSE KB Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 26 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 74 punten te behalen.

Nadere informatie

Eindexamen wiskunde vmbo gl/tl 2009 - II OVERZICHT FORMULES: omtrek cirkel = π diameter. oppervlakte cirkel = π straal 2

Eindexamen wiskunde vmbo gl/tl 2009 - II OVERZICHT FORMULES: omtrek cirkel = π diameter. oppervlakte cirkel = π straal 2 OVERZICHT FORMULES: omtrek cirkel = π diameter oppervlakte cirkel = π straal 2 inhoud prisma = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud cilinder = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud kegel = 1 3 oppervlakte

Nadere informatie

Inleiding tot de natuurkunde

Inleiding tot de natuurkunde OBC Inleiding tot de Natuurkunde 01-08-2010 W.Tomassen Pagina 1 Hoofdstuk 1 : Hoe haal ik hoge cijfers. 1. Maak van elke paragraaf een samenvatting. (Titels, vet/schuin gedrukte tekst, opsommingen en plaatsjes.)

Nadere informatie

Opdracht 2.1 a t/m c. Er zijn veel mogelijkheden. De vorm hoeft dus niet gelijk te zijn om toch een vierkant van dezelfde grootte te krijgen.

Opdracht 2.1 a t/m c. Er zijn veel mogelijkheden. De vorm hoeft dus niet gelijk te zijn om toch een vierkant van dezelfde grootte te krijgen. Uitwerkingen hoofdstuk Gebroken getallen. Kennismaken met breuken.. Deel van geheel Opdracht. a t/m c. Er zijn veel mogelijkheden. De vorm hoeft dus niet gelijk te zijn om toch een vierkant van dezelfde

Nadere informatie

Oppervlakte ruimtelijke figuren

Oppervlakte ruimtelijke figuren Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Esther van Meurs 22 maart 2017 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/98805 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet.

Nadere informatie

Uitwerkingen oefeningen hoofdstuk 3

Uitwerkingen oefeningen hoofdstuk 3 Uitwerkingen oefeningen hoofdstuk 3 3.4.1 Basis Tijd meten 1 Juli heeft 31 dagen. Wanneer 25 juli op zaterdag valt, valt 31 juli dus op een vrijdag. Augustus heeft ook 31 dagen. 1 augustus valt dus op

Nadere informatie

Rekenen MBO - Bouw. Jesper Raijmakers. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Rekenen MBO - Bouw. Jesper Raijmakers. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Jesper Raijmakers 25 June 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/77595 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Thema 17: Cirkel vmbo-b12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Thema 17: Cirkel vmbo-b12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 24 May 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/57008 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Vraag Antwoord Scores. 1 maximumscore 3 Er zijn 7 gouden medailles in Dit is 44(%) (of 43,8(%) of 43,75(%)) 1

Vraag Antwoord Scores. 1 maximumscore 3 Er zijn 7 gouden medailles in Dit is 44(%) (of 43,8(%) of 43,75(%)) 1 VMBO KB 011-I Vraag Antwoord Scores Olympische medailles 1 maximumscore 3 Er zijn 7 gouden medailles in 008 1 7 16 100 1 Dit is 44(%) ( 43,8(%) 43,75(%)) 1 maximumscore 3 In 000 behaalde Nederland op ongeveer

Nadere informatie

Inhoud. 1 Ruimtefiguren 8. 4 Lijnen en hoeken 148. 2 Plaats bepalen 60. 5 Negatieve getallen 198. 3 Rekenen 100

Inhoud. 1 Ruimtefiguren 8. 4 Lijnen en hoeken 148. 2 Plaats bepalen 60. 5 Negatieve getallen 198. 3 Rekenen 100 1 BK deel 1 Voorkennis 1 Aan de slag met wiskunde 6 1 Ruimtefiguren 8 1.1 Wiskundige ruimte guren 10 1.2 Vlakken, ribben en hoekpunten 14 1.3 Kubus en vierkant 17 1.4 Balk en rechthoek 24 1.5 Cilinder

Nadere informatie

M.R. 56 : Overzicht scenario s.

M.R. 56 : Overzicht scenario s. M.R. 56 : Overzicht scenario s. Leerlingengedeelte Schermafdruk uit leerlingenvolgsysteem. Vorderingen per leerling. ALLEMAAL MATEN Leerinhoud Probeer en leerfase (M.R. 56) Oefenreeks(*) A1 Lengte. Tabel

Nadere informatie

Examen VMBO-BB. wiskunde CSE BB. tijdvak 2 woensdag 18 juni 13.30-15.00 uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje.

Examen VMBO-BB. wiskunde CSE BB. tijdvak 2 woensdag 18 juni 13.30-15.00 uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Examen VMBO-BB 2008 tijdvak 2 woensdag 18 juni 13.30-15.00 uur wiskunde CSE BB Naam kandidaat Kandidaatnummer Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Dit examen bestaat uit 25 vragen. Voor dit examen

Nadere informatie

oppervlakte grondvlak hoogte

oppervlakte grondvlak hoogte OVERZICHT FORMULES: omtrek cirkel = π diameter oppervlakte cirkel = π straal 2 inhoud prisma = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud cilinder = oppervlakte grondvlak hoogte inhoud kegel = 1 3 oppervlakte

Nadere informatie

Duizend 3 getallen achter de komma 230 duizend 230 000 46 duizend 46 000 Andersom 345 600 345,6 duizend 24 500 24,5 duizend

Duizend 3 getallen achter de komma 230 duizend 230 000 46 duizend 46 000 Andersom 345 600 345,6 duizend 24 500 24,5 duizend Hoofdstuk 5 5A Grote getallen Duizend 3 getallen achter de komma 230 duizend 230 000 46 duizend 46 000 Andersom 345 600 345,6 duizend 24 500 24,5 duizend Miljoen 6 getallen achter de komma 230 miljoen

Nadere informatie

1 oppervlakte grondvlak hoogte

1 oppervlakte grondvlak hoogte Examen VMBO-GL en TL 2007 tijdvak 2 dinsdag 19 juni 13.30-15.30 uur wiskunde CSE GL en TL Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 23 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 81 punten

Nadere informatie

wiskunde CSE GL en TL

wiskunde CSE GL en TL Examen VMBO-GL en TL 2017 tijdvak 1 woensdag 17 mei 13.30-15.30 uur wiskunde CSE GL en TL Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 26 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 76 punten

Nadere informatie

HANDMATIG WORTELTREKKEN

HANDMATIG WORTELTREKKEN HANDMATIG WORTELTREKKEN 1. INLEIDING Boer Jaak bezit een vierkant stuk grond (oppervlakte = 169 m²). Hij wil heel graag een hek zetten langs één kant van dat stuk grond. Hij heeft vroeger niet zo goed

Nadere informatie

oppervlakte grondvlak hoogte oppervlakte grondvlak hoogte

oppervlakte grondvlak hoogte oppervlakte grondvlak hoogte Examen Wiskunde VMBO-GL en TL 2007 wiskunde CSE GL GL en TL Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 25 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 83 punten te behalen. Voor elk vraagnummer

Nadere informatie

wiskunde C pilot vwo 2017-I

wiskunde C pilot vwo 2017-I De formule van Riegel en kilometertijden De marathonloper Pete Riegel ontwikkelde een eenvoudige formule om te voorspellen welke tijd een hardloper nodig zou hebben om een bepaalde afstand af te leggen,

Nadere informatie

Leerlijnen rekenen: De wereld in getallen

Leerlijnen rekenen: De wereld in getallen Leerlijnen rekenen: De wereld in getallen Groep 7(eerste helft) Getalbegrip - Telrij tot en met 1 000 000 - Uitspraak en schrijfwijze van de getallen (800 000 en 0,8 miljoen) - De opbouw en positiewaarde

Nadere informatie

rekentrainer jaargroep 7 Fietsen op Terschelling. Teken en vul in. Zwijsen naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs

rekentrainer jaargroep 7 Fietsen op Terschelling. Teken en vul in. Zwijsen naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs Zwijsen jaargroep 7 naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs Waar staat deze paddenstoel ongeveer? Teken op de kaart. Welke afstand of welke route fietsen de kinderen? naam route afstand Janna

Nadere informatie

handleiding pagina s 956 tot 964 1 Handleiding

handleiding pagina s 956 tot 964 1 Handleiding week 32 les 1 toets en foutenanalyse handleiding pagina s 956 tot 964 nuttige informatie 1 Handleiding 11 Kopieerbladen pagina s 726 en 727: oppervlakte ruimtefiguren pagina 778: tijdstip en tijdsduur

Nadere informatie

rekentrainer jaargroep 7 Fietsen op Terschelling. Teken en vul in. Zwijsen naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs

rekentrainer jaargroep 7 Fietsen op Terschelling. Teken en vul in. Zwijsen naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs Zwijsen jaargroep 7 naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs Waar staat deze paddenstoel ongeveer? Teken op de kaart. Welke afstand of welke route fietsen de kinderen? naam route afstand Janna

Nadere informatie

wiskunde CSE GL en TL

wiskunde CSE GL en TL Examen VMBO-GL en TL 2007 tijdvak 2 dinsdag 19 juni 13.30-15.30 uur wiskunde CSE GL en TL Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 23 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 81 punten

Nadere informatie

Bereken hoeveel populieren hiervoor gebruikt zijn. Schrijf je berekening op.

Bereken hoeveel populieren hiervoor gebruikt zijn. Schrijf je berekening op. Lucifers Lucifers worden meestal gemaakt van het hout van de ratelpopulier. Van één populier worden gemiddeld 6 miljoen lucifers gemaakt. In een luciferdoosje zitten gemiddeld 60 lucifers. 3p 1 Het bedrijf

Nadere informatie

EXACT- Periode 1. Hoofdstuk Grootheden. 1.2 Eenheden.

EXACT- Periode 1. Hoofdstuk Grootheden. 1.2 Eenheden. EXACT- Periode 1 Hoofdstuk 1 1.1 Grootheden. Een grootheid is in de natuurkunde en in de chemie en in de biologie: iets wat je kunt meten. Voorbeelden van grootheden (met bijbehorende symbolen): 1.2 Eenheden.

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL 2005

Examen VMBO-GL en TL 2005 Examen VMBO-GL en TL 2005 tijdvak 2 dinsdag 21 juni 13.30 15.30 WISKUNDE CSE GL EN TL Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 24 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 89 punten

Nadere informatie

handelingswijzer rekenen

handelingswijzer rekenen handelingswijzer rekenen Naslagwerk Voor leerlingen en ouders HANDELINGSWIJZER REKENEN INHOUD HANDELINGSWIJZER REKENEN... 1 1 INHOUD... 1 HOOFDBEWERKINGEN... 2 OPTELLEN... 3 AFTREKKEN... 3 VERMENIGVULDIGEN...

Nadere informatie

wiskunde CSE GL en TL

wiskunde CSE GL en TL Examen VMBO-GL en TL 2012 tijdvak 1 maandag 21 mei 13.30-15.30 uur wiskunde CSE GL en TL Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 23 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 75 punten

Nadere informatie

Oppervlakte en inhoud van ruimtelijke figuren

Oppervlakte en inhoud van ruimtelijke figuren 4 Oppervlakte en inhoud van ruimtelijke figuren BALK EN KUBUS hoogte Figuur lengte reedte In figuur is een alk getekend. Bij een alk zijn steeds de twee tegenover elkaar liggende vlakken gelijk. Alle vlakken

Nadere informatie

2002 tijdvak 1 antwoorden Schaatsen voor water

2002 tijdvak 1 antwoorden Schaatsen voor water 2002 tijdvak 1 antwoorden Schaatsen voor water 1 7 van de 21 leerlingen schaatsten meer dan 50 rondjes 7 X 100(%) 21 Het antwoord is 33(%) ( 33,3(%) 2 Het totaal aantal rondjes is 753 941,25 De opbrengst

Nadere informatie

Uw gebruiksaanwijzing. TEXAS INSTRUMENTS TI-30 ECO RS http://nl.yourpdfguides.com/dref/2995675

Uw gebruiksaanwijzing. TEXAS INSTRUMENTS TI-30 ECO RS http://nl.yourpdfguides.com/dref/2995675 U kunt de aanbevelingen in de handleiding, de technische gids of de installatie gids voor. U vindt de antwoorden op al uw vragen over de in de gebruikershandleiding (informatie, specificaties, veiligheidsaanbevelingen,

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL. wiskunde CSE GL en TL. tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen VMBO-GL en TL. wiskunde CSE GL en TL. tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. xamen VMO-GL en TL 2013 tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-15.30 uur wiskunde CS GL en TL ij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 23 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 76 punten

Nadere informatie

Examen HAVO. wiskunde B1,2. tijdvak 2 woensdag 18 juni 13.30-16.30. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen HAVO. wiskunde B1,2. tijdvak 2 woensdag 18 juni 13.30-16.30. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Examen HAVO 008 tijdvak woensdag 18 juni 13.30-16.30 wiskunde B1, Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. it examen bestaat uit 18 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 81 punten te behalen. Voor elk

Nadere informatie

7. 123 187 45 - - - - - - + 355 8. 35/595\17 59 35 245 245

7. 123 187 45 - - - - - - + 355 8. 35/595\17 59 35 245 245 Antwoorden CITO 14-15 1. 295 187 - - - - - - + 482 2. 11/935\85 93 Hoe vaak past 11 in 93 88 8*11=88, dit is het grootste getal dat we van 93 af kunnen halen. 55 93-88=5 dan schuiven we de andere 5 ook

Nadere informatie

LEERWERKBOEK. 2F Meten en meetkunde. Les Schaal

LEERWERKBOEK. 2F Meten en meetkunde. Les Schaal LEERWERKBOEK 2F Meten en meetkunde Les Schaal 1 REKENBLOKKEN LES 1 SCHAAL EVEN OEFENEN LENGTEWEETJES 10 10 10 10 10 10 km hm dam m dm cm mm : 10 : 10 : 10 : 10 : 10 : 10 1 Reken om naar de andere maat.

Nadere informatie

Vastgesteld: naam... datum... Paraaf... cijfer = score x 0, ,8588 (met een minimum van 1).

Vastgesteld: naam... datum... Paraaf... cijfer = score x 0, ,8588 (met een minimum van 1). Tentamen rekenen 2F Naam... klas... locatie... Datum... tijdsduur 60 minuten. (versie: 30-3-2015) Vastgesteld: naam... datum... Paraaf... cijfer = score x 0,42353-1,8588 (met een minimum van 1). Opgave

Nadere informatie

44 De stelling van Pythagoras

44 De stelling van Pythagoras 44 De stelling van Pythagoras Verkennen Pythagoras Uitleg Je kunt nu lezen wat de stelling van Pythagoras is. In de applet kun je de twee rode punten verschuiven. Opgave 1 a) Verschuif in de applet punt

Nadere informatie