Uitstroommonitor praktijkonderwijs 2010/2011

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Uitstroommonitor praktijkonderwijs 2010/2011"

Transcriptie

1 Uitstroommonitor praktijkonderwijs 2010/2011 Rapportage van de uitstroommeting 2010/11 en de volgmetingen in het najaar van 2011 e Actis Onderzoek drs. D.M.S. Heijnens Rotterdam, 30 januari 2012

2 Inhoudsopgave 1 Inleiding 5 Deel 1 Uitstroommeting Samenvatting 9 3 De uitstroommeting : dataverzameling en respons Dataverzameling Respons 11 4 Resultaten van de uitstroommeting 2010/11: achtergrondkenmerken v an schoolverlaters en hun vervolgbestemmingen Achtergrondkenmerken van de uitgestroomde leerlingen Specialisaties/certificaten/diploma s Uitstroomprofiel en advies school Uitstroombestemmingen Begeleiding 20 5 Uitstroom nader bekeken Uitstroom naar arbeid Uitstroom naar leren Overige uitstroombestemmingen Uitstroom versus achtergrondkenmerken Uitstroom in relatie tot specialisaties en behaalde certificaten/diploma s Uitstroombestemmingen in relatie tot het uitstroomprofiel en advies van de school 27 Deel 2 De volgmetingen in het najaar van Samenvatting 33 7 De volgmetingen in het najaar van 2011: dataverzameling, respons en represent ativiteit Dataverzameling Respons Representativiteit 39 2

3 8 Bestemmingen van uitstromers in en in het najaar van Uitstromers : bestemmingen na twee jaar Uitstromers : bestemmingen na één jaar 42 9 Kenmerken van de bestemmingen van uitstromers in en in het najaar van Kenmerken van de arbeidsplek va n oud-leerlingen Kenmerken van de (v)mbo-opleiding Kenmerken van oud-leerlingen zonder werk of een opleiding Het ontvangen van begeleiding een of twee jaar na uitstroom Loopbanen van uitstromers uit het praktijkonderwijs uit en Loopbanen Loopbanen van uitstromers in in het najaar van Loopbanen van uitstromers in een jaar later Opstroom binnen het mbo Conclusies De opbrengstindicatoren van het PrO Beschouwing 63 Bijlage Bijlage I Tabellen hoofdstuk 7 65 Bijlage II Tabellen hoofdstuk 9 67 Bijlage III Tabellen hoofdstuk Bijlage IV Stroomschema s 81 3

4

5 1 Inleiding In het onderwijs is momenteel ruim aandacht voor opbrengstgericht werken. Iedere school dient de opbrengsten van het onderwijsproces in beeld te brengen. Mede hieruit beoordeelt de Inspectie de leerwinst of toegevoegde waarde van de school. In tegenstelling tot de overige scholen voor voortgezet onderwijs heeft het praktijkonderwijs eigen opbrengstindicatoren. Het praktijkonderwijs is nam e- lijk uniek in die zin dat het eindonderwijs is en leerlingen voorbereidt op een zo zelfstandig mogelijk functioneren in de maatschappij. Het onderwijs is gericht op wonen, werken, vrije tijdsbesteding en burgerschap. In de sector praktijkonde r- wijs wordt gewerkt met de volgende opbrengstindicatoren: 1. De leerlingen ontwikkelen zich volgens een individuele route. Dit komt tot uiting in het werken met Individuele Ontwikkel Plannen (IOP s). 2. De leerlingen behalen het opleidingsniveau dat mag worden verwacht In het tweede/begin derde leerjaar wordt een streefdoel van een uitstroomprofiel opgesteld: wat is de te verwachten uitstroombestemming van de leerling? De I n- spectie gaat na of bij in ieder geval 80% van de gevallen het streefdoel behaald wordt. Daarnaast dient 90% van de leerlingen na uitstroom geplaatst te zijn in een baan, traject en/of vervolgopleiding. 3. De leerlingen functioneren naar verwachting in de vervolgopleiding of het werkveld. Deze indicator meet of de school de leerling nog twee jaar na uitstroom in beeld heeft, en of het vervolg op het praktijkonderwijs naar verwachting verloopt. Het streven van het Landelijk Werkverband Praktijkonderwijs (LWV-PrO) is dat 75% van de leerlingen in die twee jaar een bestendige uitstroom heeft. Dat wil zeggen dat de oud-leerlingen een baan hebben of een opleiding volgen. De eerste opbrengstindicator wordt in beeld gebracht aan de hand van de inhoud van én de manier waarop scholen werken met IOP s. De tweede en derde opbrengstindicator wordt voor een belangrijk deel inzichtelijk gemaakt via de uitstroommonitor en volgmodule. 5

6 In deze rapportage wordt in opdracht van het Platform Praktijkonderwijs een beschrijving gegeven van de belangrijkste resultaten van een drietal onderzoeken gericht op de uitstroom uit het praktijkonderwijs: de uitstroommeting , de vierde meting van de volgmodule bij het uitstroomcohort en de tweede meting van de volgmodule bij het uitstroomcohort Deze drie onderzoeken hebben allemaal plaatsgevonden in het najaar van 2011, zie tabel 1. tabel 1 Uitstroommetingen in het najaar van 2011 Uitstroomcohort Sep-okt 2009 Jan-mrt 2010 Sep-okt 2010 Jan-mrt 2011 Sep-okt 2011 Uitstroomcohort Uitstroommeting Uitstroomcohort Uitstroommeting Volgmeting 1 Volgmeting 2 Uitstroomcohort Uitstroommeting Volgmeting 1 Volgmeting 2 Volgmeting 3 Volgmeting 4 Het doel en de centrale vraagstelling wordt nu per onderzoek toegelicht. De uitstroommeting Op basis van de uitstroommeting wordt in beeld gebracht in hoeverre het praktijkonderwijs er in slaagt haar leerlingen te plaatsen op bijvoorbeeld de arbeidsmarkt of in het vervolgonderwijs. De centrale vraag bij de uitstroommeting is: wat zijn de uitstroombestemmingen van de schoolverlaters van het praktijkonderwijs in ? In deel 1 van deze rapportage (hoofdstukken 2 tot en met 5) worden de belangrijkste resultaten beschreven. De vierde meting van de volgmodule uitstroomcohort Met behulp van de volgmodule worden leerlingen die de school voor praktijkonderwijs hebben verlaten tot twee jaar na uitstroom gevolgd. Bij het cohort uitstromers in schooljaar heeft in het najaar van 2011 de vierde en laatste meting van de volgmodule plaatsgevonden. Bij de vierde meting van de volgmodule is de belangrijkste vraag: hoe is de actuele situatie van de uitstromers in twee jaar na uitstroom te typeren? Zijn de oud-leerlingen na twee jaar aan het werk, wordt er onderwijs gevolgd en zijn er oud-leerlingen die geen werk hebben of geen onderwijs volgen? De resultaten van deze volgmeting worden beschreven in deel 2 van deze rapportage (hoofdstukken 6 tot en met 10). De tweede meting van de volgmodule uitstroomcohort Ook bij de uitstromers in zijn in het najaar van 2011 de bestemmingen in beeld gebracht. De centrale vraag is hier: hoe is de actuele situatie van de uitstromers in één jaar na het moment van uitstroom te typeren? De resultaten van deze volgmeting komen ook in deel 2 van deze rapportage aan de orde. Ieder onderzoek begint met een samenvatting van de belangrijkste resultaten. In hoofdstuk 11 worden tot slot de belangrijkste conclusies ten aanzien van de drie onderzoeken beschreven. 6

7 Deel 1 Uitstroommeting In deel 1 van deze rapportage worden de resultaten van de uitstroommeting beschreven. Achtereenvolgens komen aan de orde: Een samenvatting van de belangrijkste resultaten van de uitstroommeting (hoofdstuk 2). De wijze van dataverzameling en deelname aan de uitstroommeting (hoofdstuk 3); De achtergrondkenmerken en uitstroombestemmingen van de uitstromers in (hoofdstuk 4); De kenmerken van de uitstroombestemmingen, zoals bijvoorbeeld: over welk type arbeidscontract beschikken de leerlingen die gaan werken? (hoofdstuk 5). 7

8

9 2 Samenvatting We beginnen met een samenvatting van de belangrijkste uitkomsten van de uitstroommeting Achtergrondkenmerken In totaal hebben 148 scholen de gegevens van 5745 leerlingen ingevoerd in de uitstroommonitor. Het merendeel van de uitstromers in is van het mannelijke geslacht (58%) en autochtoon (7). De meeste leerlingen hebben vijf (37%) of vier jaar (21%) ingeschreven gestaan op de school voor praktijko n- derwijs en verlaten de school op een gemiddelde leeftijd van 17.1 jaar oud. De gemiddelde leeftijd en de verblijfsduur nemen nog steeds licht toe. Ruim een kwart (26%) van de uitstromers beschikt over een Wajong status en een kleiner aantal leerlingen (6%) maakt gebruik van Leerling Gebonden Financiering. IOP Driekwart van de uitgestroomde leerlingen beschikt over een IOP. Bij het merendeel van de leerlingen is arbeid (46%) het streefdoel van het IOP. Wanneer het streefdoel wordt vergeleken met de daadwerkelijke uitstroombestemming dan is de mate van overeenstemming niet zo hoog. In het algemeen stroomt 60% van de leerlingen uit conform het uitstroomprofiel. Wanneer alleen gekeken wordt naar de leerlingen die te boek staan als einduitstroom (werk, vervolgonderwijs, dagbesteding) dan is de overeenstemming tussen het streefdoel en de uitstroombestemming iets hoger: 7. Certificaten en diploma s Een flink aantal leerlingen behaalt tijdens de opleiding in het praktijkonderwijs een (branche)certificaat (4) of AKA/niveau 1 diploma (24%). De meeste (branche)certificaten zijn gericht op schoonmaken in de groothuishouding (24%), VCA (2) of (vork)heftruck (2). De AKA/niveau 1 diploma s zijn voornamelijk behaald binnen de sectoren economie/handel (31%) en zorg en welzijn (28%). Leerlingen die tijdens de opleiding in het praktijkonderwijs een (bra n- che)certificaat of een AKA/niveau 1 diploma behalen stromen vaker uit naar werk of vervolgonderwijs dan leerlingen die geen certificaat of diploma behalen. Bestemmingen In onderstaande figuur worden de bestemmingen van de uitstromers in en weergegeven. Samenvatting De bestemmingen van de uitstromers van en Arbeid (ook bbl) ROC/AOC (AKA) ROC/AOC bol Overig onderwijs Dagbesteding Geen werk of school Onbekend 6% 6% 8% 8% 2% 16% 17% 27% 24% 38% 40% % 10% 20% 30% 40% 50% 9

10 Bestemming arbeid In totaal stroomt 38% van de leerlingen in uit naar arbeid. Dit percentage is iets lager dan in het voorgaande jaar (40%). In het algemeen gaan vooral de jongens en de autochtone leerlingen werken na het moment van uitstroom. Van de naar arbeid uitgestroomde leerlingen gaat 81% aan de slag in een reguliere arbeidsplaats, eventueel met een subsidieregeling of onderste u- ning. De naar arbeid uitgestroomde leerlingen werken vooral in de bouw/techniek (24%) of de detailhandel/een winkel (19%). Drie van de vijf naar arbeid uitgestroomde leerlingen beschikt over een jaarcontract; zo n 7% van de leerlingen beschikt al over een vast contract. Zorgwekkend is dat het aantal vaste contracten terugloopt en het aantal tijdelijke contracten toeneemt. Ruim 30% van de naar arbeid uitgestroomde leerlingen volgt een (bbl-)opleiding naast het werk. Van deze leerlingen gaat twee op de vijf leerlingen een bbl-opleiding volgen in de sector techniek. Bestemming leren Een derde van de leerlingen stroomt uit naar een AKA of bol-opleiding. Dit percentage is iets hoger dan in het voorgaande jaar (30%). De onderverdeling naar opleidingen is als volgt in het afgelopen jaar: 14% van de leerlingen gaat een bol niveau 1 opleiding volgen, 1 een bol niveau 2 opleiding en 6% een AKA opleiding. In het algemeen gaan vooral de meisjes en de allochtone leerlingen een AKA of bol opleiding volgen na het moment van uitstroom. De leerlingen die een bol-opleiding gaan volgen kiezen vooral voor de sectoren zorg en welzijn én ec o- nomie/handel. Overige bestemmingen Drie van de tien leerlingen stromen niet uit naar werk of een mbo-opleiding. Deze leerlingen gaan veelal (16% van de totale groep uitstromers) overig onderwijs volgen zoals een vmbo-opleiding. Een klein deel van de leerlingen gaat naar dagbesteding (). Zo n 8% van de leerlingen hebben nog geen passende vervolgbestemming gevonden. Redenen hiervoor zijn bijvoorbeeld dat de leerlingen op een wachtlijst staan voor een sociale werkplaats of zwangerschap/de geboorte van een kind. Bij 2% van de uitstromers in is de bestemming ten slotte onbekend. Begeleiding Bijna vier op de vijf leerlingen (78%) ontvangt begeleiding na het moment van uitstroom. De voornaamste aanbieders van de begeleiding zijn: begeleiders van de (voormalige) school voor praktijkonderwijs (68%), een begeleider van de school voor vervolgonderwijs (32%) of een jobcoach (16%). 10

11 3 De uitstroommeting : dataverzameling en respons In deze uitstroommeting worden de achtergrondkenmerken en uitstroombestemmingen van de uitstromers uit het praktijkonderwijs in gepresenteerd. Hoe de dataverzameling tot stand is gekomen wordt beschreven in paragraaf 3.1. In paragraaf 3.2 wordt aangegeven hoeveel scholen voor praktijkonderwijs 1 hebben deelgenomen aan de uitstroommeting. 3.1 Dataverzameling De uitstroommonitor is een webbased vragenlijst. Deze wordt beheerd door het secretariaat van het Platform Praktijkonderwijs. Iedere (deelnemende) school voor praktijkonderwijs heeft een contactpersoon voor de uitstroommonitor. Meestal is dit de stagecoördinator of de directeur van de school. Op 3 januari 2011 heeft deze persoon een mail ontvangen bestaande uit de link naar en inlogcodes van de uitstroommeting. De scholen konden tot en met 31 oktober 2011 de gegevens invoeren van leerlingen die tussen 1 oktober 2010 en 1 oktober 2011 de school hebben verlaten. Alle scholen hebben begin oktober 2011 een reminder ontvangen voor het tijdig invoeren van de gegevens. 3.2 Respons Het Landelijk Werkverband streeft ernaar dat alle scholen voor praktijkonderwijs deelnemen aan de landelijke uitstroommeting. In tabel 1 is te zien dat 88% van de scholen in deelneemt aan de uitstroommeting. Dit percentage is gelijk aan het voorgaande jaar. De reden waarom scholen niet deelnemen aan de uitstroommeting is niet onderzocht. Wanneer scholen uit eigen initiatief contact opnemen het secretariaat van het Platform PrO worden redenen genoemd als: ziekte van personeelsleden, de school is het invoeren van de gegevens simpelweg vergeten of de school wenst geen eigen bijdrage te betalen voor de deelname aan de uitstroommeting 2. Wanneer gekeken wordt naar de deelname per regio van het LWV-PrO dan valt op dat in zeven van de zeventien regio s (41%) alle scholen hebben deelgenomen aan de uitstroommeting. De deelname is met respectievelijk 67% en 69% het laagst in de regio s Zuid Holland Dordrecht en Zuid Holland Zoetermeer. Zie tabel 1 voor een overzicht van de deelname per regio. 1 Onder scholen voor praktijkonderwijs verstaan we ook de voormalige afdelingen voor praktijkonde r- wijs. 2 In schooljaar neemt ruim 79% van de scholen deel aan het project Stimulans van het Pla t- form PrO. Scholen die niet deelnemen aan het project (36 scholen) kunnen een eigen bijdrage betalen voor de deelname aan de uitstroommeting. Hier maakt tweederde van deze scholen gebruik van. 11

12 tabel 2 Deelname aan uitstroommeting per regio LWV-PrO Uitstroommeting Uitstroommeting Aantal Deelnemende Aantal Deelnemende Regio scholen scholen % scholen scholen % Groningen % % Friesland % % Drenthe % % Overijssel % % Flevoland % % % % % % Utrecht % % Holland % % Amsterdam % % Zuid-Holland Rotterdam Zuid-Holland Dordrecht Zuid-Holland Zoetermeer % % % % % Zeeland % Gelderland- Oost Gelderland- West Noord- West- Brabant Oost- Brabant % % % % Limburg % % Totaal % % 12

13 4 Resultaten van de uitstroommeting 2010/11: achtergrondkenmerken van schoolverlaters en hun vervolgbestemmingen In deze paragraaf komen eerst de achtergrondkenmerken van de uitgestroomde leerlingen aan bod: zoals geslacht, leeftijd etcetera. Daarna worden de vervolgbestemmingen van de uitstromers gepresenteerd. Dan wordt inzichtelijk of de leerlingen bijvoorbeeld vooral uitstromen naar werk of naar vervolgopleidingen. Bij iedere paragraaf worden de resultaten van schooljaar vergeleken met voorgaande jaren. 4.1 Achtergrondkenmerken van de uitgestroomde leerlingen Wat zijn de achtergrondkenmerken van de uitstromers in ? We beginnen met het geslacht van de leerlingen. Geslacht De meeste uitstromers in schooljaar behoren tot het mannelijke geslacht (58%). Dit percentage is gelijk aan voorgaande jaren en komt ook overeen met het aantal jongens dat in een opleiding volgt in het praktijkonderwijs 1. Gemiddelde leeftijd De gemiddelde leeftijd van de schoolverlaters in is 17.1 jaar oud. In vergelijking met voorgaande jaren valt op dat de gemiddelde leeftijd van de schoolverlaters toeneemt. In bedroeg de gemiddelde leeftijd waarop leerlingen de school verlaten 16.9 jaar oud en in jaar oud. De toename van de gemiddelde leeftijd kan te maken hebben met de ongunstige economische situatie: het is voor de uitgestroomde leerlingen mogelijk lastiger geworden om een geschikte baan te vinden en dat zou betekenen dat ze langere tijd op school doorbrengen. Etnische herkomst De etnische herkomst van de uitstromers in is weergegeven in figuur 1. Bijna driekwart van de uitstromers is autochtoon (7). De meeste overige leerlingen hebben een Turkse of niet westerse (beiden 7%) etniciteit. 1 Zie cijfers CBS Statline op 13

14 Figuur 1 Etniciteit uitgestroomde leerlingen Nederlands Turks Marokkaans Surinaams Antilliaans Anders, niet westers Anders, westers 7% 6% 7% 6% 5% 6% 2% 2% 2% 7% 7% 8% 2% 2% 2% 7 75% 72% % 20% 40% 60% 80% 100% Aantal jaar ingeschreven In de uitstroommeting van werd aangegeven dat leerlingen steeds langer staan ingeschreven op de school voor praktijkonderwijs. Als redenen we r- den genoemd de ongunstige economische situatie en het toegenomen aanbod van niveau 1 opleidingen in het praktijkonderwijs. In de huidige uitstroommeting blijkt dat deze situatie gecontinueerd wordt in , zie figuur 2. Figuur 2 Aantal jaren ingeschreven op school voor praktijkonderwijs Eén jaar Twee jaar Drie jaar Vier jaar Vijf jaar Zes jaar of langer 7% 8% 8% 8% 7% 9% 9% 9% 11% 21% 22% 25% 37% 36% 3 18% 18% 1 0% 10% 20% 30% 40%

15 Toekenning LGF Het aantal uitgestroomde leerlingen dat gebruik maakt van Leerling Gebonden Financiering is in toegenomen van 4% naar 6%. Deze leerlingen stromen vooral uit naar scholen voor cluster 3 en 4 (beiden 46%). Wajong status Het aantal uitgestroomde leerlingen met een Wajong status daalt licht. In schooljaar heeft 26% van de schoolverlaters een Wajong status, tegenover 27% van de schoolverlaters in Specialisaties/certificaten/diploma s Het praktijkonderwijs is voor veel leerlingen eindonderwijs. Om meer perspectief te hebben op werk kunnen leerlingen zich tijdens de opleiding specialiseren in een bepaalde beroepsrichting of een (branche)certificaat behalen. Leerlingen die graag verder studeren binnen een mbo kunnen tijdens de opleiding in het praktijkonderwijs al een AKA/niveau 1 diploma behalen. Hoeveel leerlingen een de r- gelijk certificaat of diploma hebben behaald komt in deze paragraaf aan de orde. Specialisaties Van de uitgestroomde leerlingen heeft 68% zich gespecialiseerd in een bepaalde beroepsrichting. Het percentage leerlingen met een specialisatie neemt daarmee toe, want vorig jaar bedroeg dit percentage 62%. In welke beroepsrichting de leerlingen zich hebben gespecialiseerd is te zien in figuur 3. Figuur 3 Beroepsrichting specialisatie Detailhandel / winkel Groothandel / magazijn / Bouw/techniek Schoonmaak Horeca Groenvoorziening Vervoer Zorg Uiterlijke verzorging Anders 20% 19% 19% 5% 7% 5% 24% 24% 24% 4% 4% 5% 14% 1 15% 8% 10% 10% 1% 1% 1% 16% 15% 14% 1% 1% 1% 7% 5% 6% % 5% 10% 15% 20% 25% 30% Uit de bovenstaande figuur blijkt dat de uitgestroomde leerlingen zich net als voorgaande jaren vooral hebben gespecialiseerd in de richtingen bouw/techniek, 15

16 detailhandel/winkel en zorg. Tot de categorie anders behoren beroepsrichtingen als beveiliging, werken in de ICT of schilderen. Branchecertifcaten en AKA/niveau 1 diploma s Met behulp van een branchecertificaat kan een leerling aantonen bepaalde kennis/vaardigheden te beheersen die van belang zijn voor beroepen in bijvoorbeeld de detailhandel of de zorg. De afgelopen jaren is een toename te zien van het aantal uitgestroomde leerlingen met een branchecertifcaat, zo ook in (zie figuur 4). Bijna de helft van de leerlingen (4) verlaat de school voor praktijkonderwijs met een branchecertifcaat, tegenover 38% in het voorgaande jaar. Dit wijst erop dat de waarde van branchecertifcaten voor leerlingen praktijko n- derwijs groot is: leerlingen kunnen laten zien wat ze kunnen en dat vergroot de kans op een baan. De meeste leerlingen behalen de volgende branchecertificaten: schoonmaken in de groothuishouding (24%), VCA (2) of (vork)heftruck (2). Hierbij moet vermeld worden dat individuele leerlingen meerdere bra n- checertificaten kunnen behalen. Figuur 4 Percentage uitgestroomde leerlingen met een in het praktijkonderwijs behaald branchecertificaat of AKA/niveau 1 diploma 4 Branchecertificaat 38% 32% 24% AKA/niveau 1 diploma 20% 1 0% 20% 40% 60% 80% 100% Er is ook een toename te zien van het aantal leerlingen dat binnen het praktijkonderwijs een AKA/niveau 1 diploma behaalt. Bijna een kwart (24%) van de leerlingen behaalt een dergelijk diploma, tegenover 20% in het voorgaande jaar. Met behulp van een dergelijk diploma kunnen leerlingen praktijkonderwijs zich aanmelden voor een mbo niveau 2 opleiding bij een ROC. De verwachting is dat de toename van het aantal leerlingen met een AKA/niveau 1 diploma de komende jaren een halt toegeroepen zal worden door de invoering van de referentieniveaus taal&rekenen in het mbo. Hierover meer in hoofdstuk 11. In welke sector worden de meeste AKA/niveau1 diploma s behaald? In figuur 5 is te zien dat de meeste leerlingen een dergelijk diploma behalen binnen de sectoren economie/handel (31%) en zorg en welzijn (28%). De percentages komen vrijwel overeen met het voorgaande jaar. 16

17 Figuur 5 Sector waarin een AKA/niveau 1 diploma behaald is 31% 22% Voedsel en leefomgeving Techniek 19% Zorg en Welzijn 28% Economie/han del 4.3 Uitstroomprofiel en advies school Het Landelijk Werkverband en de Inspectie van het Onderwijs hebben afgesproken dat in 2012 iedere leerling over een Individueel Ontwikkel Plan (IOP) dient te beschikken. Het IOP biedt een leerlijn op basis van de wensen en mogelijkheden van een individuele leerling. Volgens de afspraak van het LWV-PrO en de Inspectie dient in 2011 zeker driekwart van de leerlingen over een IOP te beschikken. Bij de uitstromers in beschikt precies driekwart van de leerlingen over een IOP. Vorig jaar bedroeg dit percentage 5. Voor wat betreft de uitgestroomde leerlingen beschikken voldoende leerlingen over een IOP. In bijna alle gevallen (86%) bestaat het IOP uit een uitstroomprofiel. Dit is een door de leerling, ouders en school overeengekomen streefdoel over de te verwachten uitstroombestemming. In figuur 6 is aangegeven welke streefdoelen bij de in uitgestroomde leerlingen zijn overeengekomen. Figuur 6 Streefdoel overeengekomen uitstroomprofiel Arbeid 46% 4 41% Arbeid en leren Leren 21% 24% 22% 29% 28% 29% Anders 4% 6% 8% 0% 10% 20% 30% 40% 50% Net als in voorgaande jaren is bij de meeste uitgestroomde leerlingen het uitstroomprofiel werk (46%) of leren (29%) overeengekomen. Dat betekent dat 17

18 bij het merendeel van de leerlingen is ingezet op het verkrijgen van een baan of het volgen van een (mbo-)opleiding. In paragraaf 5.6 wordt aangegeven in hoeverre het overeengekomen uitstroomprofiel overeenstemt met de daadwerkelijke uitstroombestemming van de leerlingen. Voordat de leerlingen daadwerkelijk de school verlaten geeft de school nog een advies met betrekking tot de beste passende vervolgbestemming. Het advies van de school voor het moment van uitstroom is weergegeven in figuur 7. Figuur 7 Advies school voor het moment van uitstroom Arbeid 39% 35% 32% Arbeid en leren Leren 20% 20% 18% 30% 29% 29% Anders 12% 15% 21% 0% 10% 20% 30% 40% 50% De meeste scholen geven de leerlingen het advies om te gaan werken (39%). Dit advies wordt gegeven in het laatste jaar dat de leerling op school zit. Het lijkt voor de hand te liggen dat het advies van de school met betrekking tot de best passende vervolgbestemming overeenkomt met het streefdoel van het uitstroomprofiel. De leerling, ouders en school hebben immers in het tweede, derde leerjaar afgesproken om er alles aan te doen om het streefdoel te behalen. In hoeverre komen het streefdoel en het advies van de school met elkaar overeen? Uit een analyse blijkt dat het advies en het streefdoel bij 8 van de leerlingen overeenkomt. Het percentage is het hoogst bij de bestemming leren (88%) en het laagst bij de bestemming arbeid (80%). In andere woorden: bij ongeveer een op de vijf leerlingen wordt een andere uitstroombestemming geadviseerd dan in eerste instantie is overeengekomen. Of de leerling daadwerkelijk uitstroomt conform het advies van de school is te zien in paragraaf Uitstroombestemmingen De centrale vraag binnen deze uitstroommeting is: wat zijn de bestemmingen van de uitstromers in ? In tabel 2 wordt antwoord gegeven op deze vraag. 18

19 tabel 3 Uitstroombestemmingen per schooljaar (n=5537) (n=5184) (n=5745) Arbeid 27% 26% 27% Arbeid en leren, bbl 1 14% 11% ROC/AOC (AKA) 7% 6% 6% ROC/AOC (bol of anders) niveau 1 15% 1 14% ROC/AOC (bol of anders) niveau 2 9% 11% 1 Andere school voor praktijkonderwijs 6% 5% 5% Vmbo (basisberoepsgerichte leerweg) 2% 2% 2% REC/VSO-school Andere opleiding in regio 4% 2% Onderwijs buiten de regio i.v.m. verhuizing 4% 4% Dagbesteding - Geen werk of school 8% 8% 8% Onbekend 2% 2% Totaal 100% 100% 100% Het merendeel van de leerlingen (38%) stroomt uit naar werk (eventueel in combinatie met een bbl-opleiding). Daarnaast gaat een grote groep leerlingen (3) een mbo AKA of bol opleiding volgen. De meeste leerlingen stromen daarbij uit naar een bol niveau 1 opleiding (14%). In totaal stroomt dus 71% van de leerlingen uit naar werk en/of een mbo opleiding. Bij een op de tien leerlingen is nog geen passende vervolgbestemming gevonden (8%) of is de uitstroombestemming onbekend (2%). De overige leerlingen stromen veelal uit naar andere scholen voor praktijkonderwijs of andere vormen van onderwijs, zoals een vmbo- of VSO-school. In vergelijking met voorgaande jaren blijkt dat iets minder leerlingen uitstromen naar arbeid (eventueel in combinatie met een bbl-opleiding). In de voorgaande twee uitstroommetingen stroomde 40% van de leerlingen uit naar werk, tege n- over 38% van de leerlingen in de huidige uitstroommeting. De uitstroom naar mbo bol-opleidingen is juist toegenomen van 24% naar 27%. Bij de uitstroom naar bol niveau 2 opleidingen is vanaf een constante toename (van 2%) te zien. De steeds grotere uitstroom naar bol niveau 2 opleidingen is te verklaren vanuit het feit dat steeds meer leerlingen een AKA/niveau 1 diploma behalen in het praktijkonderwijs. Zoals eerder aangegeven zal deze trend waarschij n- lijk een halt worden toegeroepen door de invoering van de referentieniveaus in het mbo. Het aantal leerlingen dat een entreeopleiding (de nieuwe naam voor niveau 1 opleidingen) zal behalen zal beperkt zijn, omdat referentieniveau 2F als instroomeis zal gaan gelden. Ter vergelijking: voor leerlingen praktijkonderwijs is referentieniveau 1F het streven. 19

20 4.5 Begeleiding Na het moment van uitstroom houdt de taak voor de scholen voor praktijkonderwijs niet op. De scholen hebben een nazorgplicht van een jaar. Bij 78% van de schoolverlaters in is aangegeven dat de leerling nog begeleiding ontvangt na het moment van uitstroom. Dit percentage is iets hoger dan in het voorgaande jaar (76%). Welke instanties de leerlingen begeleiden na het moment van uitstroom is aangegeven in figuur 8. Een leerling kan meerdere begeleiders hebben na het moment van uitstroom. Figuur 8 Begeleider na het moment van uitstroom School voor Praktijkonderwijs MEE UWV CWI Jobcoach Reïntegratiebedrijf Werkgever Sociale werkplaats Begeleider vervolgonderwijs 7% 6% 8% 1 11% 1 1% 1% 1% 16% 18% 18% 8% 10% 9% 12% 7% 5% 5% 32% 25% 68% 70% 71% Anders 11% 9% 22% 0% 20% 40% 60% 80% De meeste leerlingen ontvangen begeleiding van een medewerker van de school voor praktijkonderwijs (68%). Ook de begeleider van de school voor vervolgo n- derwijs (32%), een jobcoach (16%) of een medewerker van het UWV (1) zijn vaak genoemde begeleiders na het moment van uitstroom. 20

21 5 Uitstroom nader bekeken In dit hoofdstuk zoomen we verder in op de diverse uitstroombestemmingen. Eerst wordt ingegaan op de kenmerken van de uitstroombestemmingen. Daarbij wordt antwoord verkregen op vragen als: hoeveel procent van de naar arbeid uitgestroomde leerlingen gaat werken in een reguliere arbeidsplaats? Vervolgens wordt ingegaan op de kenmerken van de leerlingen die voor een bepaalde bestemming kiezen. Hierbij is bijvoorbeeld nagegaan bij hoeveel procent van de naar vervolgonderwijs uitgestroomde leerlingen het streefdoel leren (binnen het IOP) is overeengekomen. We beginnen met de kenmerken van de uitstroombestemming arbeid. 5.1 Uitstroom naar arbeid In deze paragraaf gaat het om de leerlingen die zijn uitgestroomd naar arbeid. Allereerst wordt stil gestaan bij het type arbeidsplaats waar de leerlingen gaan werken. Type arbeidsplaats De meeste leerlingen (81%) gaan aan de slag in een reguliere arbeidsplaats, eventueel met een subsidieregeling en/of ondersteuning. Daarnaast gaat een deel van de leerlingen naar een sociale werkvoorziening (9%) of wordt een toeleidings en/of trainingstraject gevolgd (7%). Zie figuur 9. Onder anders () worden opties als werk via een uitzendbureau of ZZP er benoemd. In vergelijking met voorgaande jaren zijn er kleine verschillen waarneembaar, zoals bijvoorbeeld het steeds kleiner wordende percentage leerlingen dat gaat werken in een sociale werkvoorziening. Dit kan een gevolg zijn van de invoering van de Wet Werken naar Vermogen. Figuur 9 Type arbeidsplaats uitgestroomde leerlingen Reguliere arbeidsplaats Reguliere arbeidsplaats met subsidieregeling en/of Gesubsidieerde arbeid via sociale werkvoorziening Toeleidings en/of trainingstraject Anders 9% 11% 14% 7% 5% 5% 4% 7% 42% 4 40% 39% 37% 34% % 10% 20% 30% 40% 50% 21

22 Type bedrijfssector De naar arbeid uitgestroomde leerlingen gaan vooral werken in de bedrijfssectoren bouw/techniek (24%), detailhandel/winkel (19%) of de horeca (12%). Onder de categorie anders (15%) worden toeleidings/trainingstrajecten of specifieke b e- roepen als kermisexploitant genoemd. In vergelijking met voorgaande jaren valt op dat steeds minder leerlingen aan de slag gaan in de bouw/techniek, een groothandel/magazijn/de logistiek of de groenvoorziening. Dit kan te maken hebben met de ongunstige economische situatie: in bepaalde regio s kan er in de bewuste sectoren minder passend aanbod zijn voor de leerlingen praktijkonderwijs. Figuur 10 Type bedrijfssector waar de leerlingen werkzaam zijn Detailhandel / winkel Groothandel / magazijn / logistiek Bouw/techniek Schoonmaak Horeca Groenvoorziening Vervoer Zorg Uiterlijke verzorging Anders 19% 18% 18% 9% 10% 1 25% 27% 31% 5% 4% 5% 12% 11% 1 7% 11% 12% 2% 2% 2% 5% 6% 5% 1% 1% 1% 15% 11% % 10% 20% 30% 40% Soort arbeidsovereenkomst Over welk soort arbeidsovereenkomsten beschikken de naar arbeid uitgestroo m- de leerlingen? De meeste leerlingen (60%) blijken over een jaarcontract te beschikken, zie figuur 11. Het percentage leerlingen met een jaarcontract neemt toe in vergelijking met voorgaande jaren. Opvallend is dat het aantal leerlingen met een vast contract afneemt. Van 14% in naar 10% in naar nog 7% in het afgelopen jaar. Deze ontwikkeling kan te maken hebben met de ongunstige economische situatie: steeds minder werknemers krijgen vanwege onduidelijke vooruitzichten geen vast contract meer aangeboden. 22

23 Figuur 11 Soort arbeidsovereenkomst uitgestroomde leerlingen Contract voor onbepaalde tijd (vast) 7% 10% 14% Jaarcontract 60% 55% 51% Halfjaarcontract Contract op oproepbasis Uitzendcontract 5% 4% 5% 4% 2% 24% 27% 28% Anders 1% 0% 20% 40% 60% 80% Opleiding naast het werk Van de in totaal 2214 naar arbeid uitgestroomde leerlingen volgt 30% een opleiding naast het werk. Bij vrijwel alle leerlingen die een opleiding naast het werk volgen (87%) gaat het om een mbo bbl-opleiding. Deze bbl-opleiding wordt voornamelijk gevolgd op niveau 1 (61%). In figuur 12 is aangegeven in welke sectoren de leerlingen een bbl-opleiding volgen naast het werk. Figuur 12 Sectoren waarin naar arbeid uitgestroomde leerlingen een bbl-opleiding volgen naast het werk 28% 2 Voedsel en leefomgeving Techniek 8% 41% Zorg en Welzijn Economie/han del Net als vorig jaar volgen de leerlingen met name een bbl-opleiding in de sector techniek (41%) en in mindere mate in de sectoren economie/handel (28%) of voedsel en leefomgeving (2). In de sector zorg en welzijn worden nauwelijks (8%) bbl-opleidingen gevolgd door de uitstromers uit het praktijkonderwijs. 5.2 Uitstroom naar leren In deze paragraaf gaat het om de leerlingen die zijn uitgestroomd naar de basisberoepgerichte leerweg van het vmbo (vmbo bb) of een mbo AKA/bol opleiding. In figuur 13 is aangegeven in welke sectoren de uitstromers in een dergelijke opleiding gaan volgen. 23

24 Figuur 13 Sectoren waarin leerlingen een opleiding gaan volgen in het (v)mbo Oriëntatiejaar 7% 4 64% Voedsel en leefomgeving Zorg en welzijn Techniek Economie/handel 17% 16% 7% 14% 41% 30% 16% 5% 11% 20% 17% 15% 31% 26% 17% 0% 20% 40% 60% 80% 100% vmbo bb mbo bol niveau 2 mbo bol niveau 1 mbo AKA Leerlingen die een vmbo bb of AKA opleiding gaan volgen starten veelal eerst met een oriëntatiejaar. Het betreft hier leerlingen die instromen in de onderbouw van het vmbo (nog geen sectorkeuze) of leerlingen die een zogenaamde algem e- ne AKA-opleiding gaan volgen. Leerlingen die een bol opleiding gaan volgen kiezen het vaakst voor de sectoren zorg en welzijn én economie/handel. Hier is duidelijk een verschil waarneembaar met de leerlingen die een bbl-opleiding volgen (zie paragraaf 5.1). Deze leerlingen kiezen vaak voor een opleiding in de sector techniek en juist niet vaak voor een opleiding in de sector zorg en welzijn. 5.3 Overige uitstroombestemmingen Uit tabel 2 bleek dat leerlingen ook uitstromen naar een andere school voor praktijkonderwijs, een REC/VSO-school of nog geen passend vervolg hebben gevonden. In deze paragraaf gaat het om deze leerlingen. Praktijkonderwijs In totaal 291 leerlingen stromen uit naar een andere school voor praktijkonderwijs. Bij 51% van de leerlingen is de reden voor deze overstap een verhuizing. Bij de overige leerlingen is de overstap een keuze van de ouders, of het gaat het om redenen als minder reistijd of (gedragsmatige) problematieken. REC of VSO-school In zijn 195 leerlingen overgestapt naar een REC of VSO-school. De meeste leerlingen gingen naar een school voor cluster 4 (78%). Daarnaast stroomde 21% van deze leerlingen uit naar een school voor cluster 3. Vorig jaar was sprake van een soortgelijke verdeling. Geen werk of school Zo n 449 leerlingen hebben nog geen werk of een passende opleiding gevonden. Ruim 11% van deze leerlingen staat op een wachtlijst voor een sociale werkplaats. Bij 7% van de leerlingen is sprake van een zwangerschap of de geboorte van een 24

25 kind. De overige leerlingen worden toegeleid naar een baan, zijn nog werkzoekend of willen (nog) niet werken. 5.4 Uitstroom versus achtergrondkenmerken In deze paragraaf wordt de feitelijke uitstroom bezien tegen het licht van achtergrondkenmerken als geslacht, etniciteit, LGF toekenning en Wajong toekenning. Zo kan bijvoorbeeld antwoord worden verkregen op vragen als: stromen vooral jongens of meisjes vaker uit naar werk? Voor de analyses in paragraaf 5.4, 5.5 en 5.6 zijn uitstroombestemmingen samengevoegd tot labels als arbeid (en leren, bbl), (eind)onderwijs en overig onderwijs. Door de samenvoeging van uitstroombestemmingen in labels kunnen trends beter worden weergegeven. De inhoud van de diverse labels is beschreven in tabel 3. tabel 4 Inhoud labels gebruikt bij de analyses in paragraaf 5.4, 5.5 en 5.6 Uitstroombestemmingen Label Arbeid + arbeid en leren, bbl ROC AKA + ROC bol niveau 1 + ROC bol niveau 2 Verhuizing + REC-school + andere school voor praktijkonderwijs + vmbo bb + een andere opleiding in de regio Dagbesteding Geen werk of school Onbekend Arbeid (en leren, bbl) (Eind)onderwijs Overig onderwijs Dagbesteding Geen werk of school Onbekend In figuur 14 zijn bovenstaande labels uitgesplitst naar de achtergrondkenmerken geslacht, etniciteit (autochtoon-allochtoon), LGF toekenning en Wajong toekenning. Hoe kan deze figuur het beste geïnterpreteerd worden? Op de bovenste rij is bijvoorbeeld te zien dat 46% van de jongens uitstroomt naar arbeid (en leren, bbl) en dat daarnaast 27% van de jongens uitstroomt naar (eind)onderwijs. 25

26 Figuur 14 Achtergrondkenmerken leerlingen versus uitstroombestemmingen Jongen 46% 27% 15% 7% Meisje 28% 41% 17% 9% Autochtoon 45% 27% 15% 8% Allochtoon 2 47% 18% 8% LGF toekenning 35% 21% 29% 7% Geen LGF toekenning 39% 3 15% 8% Wajong toekenning 62% 12% 2% 15% geen Wajong toekenning 31% 40% 21% 5% 0% 20% 40% 60% 80% 100% Arbeid (en leren, bbl) (Eind)onderwijs Overig onderwijs Dagbesteding Geen werk of school Onbekend Op basis van bovenstaande figuur zijn de volgende conclusies te trekken 1 : vooral de jongens en de autochtone leerlingen stromen uit naar arbeid. Meisjes en allochtone leerlingen stromen voornamelijk uit naar (eind)onderwijs. Deze const a- tering komt overeen met eerdere uitstroommetingen. Tussen leerlingen met al dan niet een LGF toekenning bestaan nauwelijks verschillen voor wat betreft de bestemmingen. Leerlingen met een LGF toekenning stromen vaker uit naar overig onderwijs (voornamelijk een REC/VSO-school) of naar dagbesteding. Leerlingen met een Wajong status stromen vooral uit naar arbeid en in mindere mate naar (eind)onderwijs. Daarnaast blijkt dat leerlingen zonder een Wajong status vaker een passende bestemming vinden, dan leerlingen met een Wajong status. 5.5 Uitstroom in relatie tot specialisaties en behaalde certificaten/diploma s Stromen leerlingen met een in het praktijkonderwijs behaald (branche)certificaat vaker uit naar arbeid? Én: stromen leerlingen die in het praktijkonderwijs een AKA/niveau 1 diploma behalen vaker uit naar (eind)onderwijs)? In deze paragraaf wordt antwoord gegeven op dit soort vragen. Zie figuur De beschreven verschillen zijn significant, getoetst met de Chi-kwadraat toets (alpha < 0.05) 26

27 Figuur 15 Behaalde AKA/niveau 1 diploma s, branchecertificaten en specialisaties versus uitstroombestemmingen AKA / niveau 1 diploma 37% 55% Geen AKA / niveau 1 diploma 39% 25% Branchecertificaat 50% 35% Geen branchecertificaat 30% 30% Specialisatie 44% 39% Geen specialisatie 27% 20% 0% 20% 40% 60% 80% 100% Arbeid (en leren, bbl) (Eind)onderwijs Overig onderwijs Dagbesteding Geen werk of school Onbekend Uit de bovenstaande figuur kan geconcludeerd worden 2 dat het specialiseren in een bepaalde beroepsrichting en het behalen van een (branche)certificaat of een AKA/niveau 1 diploma samenhangt met uitstroom naar arbeid of (eind)onderwijs. Leerlingen die in het praktijkonderwijs een (branche)certificaat behalen stromen vaker uit naar arbeid dan leerlingen zonder een (branche)certificaat. Leerlingen die tijdens de opleiding in het praktijkonderwijs een AKA/niveau 1 diploma beh a- len stromen juist vaker uit naar (eind)onderwijs dan leerlingen zonder een AKA/niveau 1 diploma. Leerlingen die zich specialiseren in een bepaalde beroep s- richting stromen vaker uit naar zowel arbeid als (eind)onderwijs dan leerlingen zonder een specialisatie in een bepaalde beroepsrichting. Daarnaast blijkt ook dat leerlingen met een specialisatie, (branche)certificaat of een AKA/niveau diploma minder vaak uitstromen naar overig onderwijs en vaker een passende vervolgbestemming hebben dan leerlingen zonder een specialisatie, (branche)certificaat of een AKA/niveau diploma. 5.6 Uitstroombestemmingen in relatie tot het uitstroomprofiel en advies van de school In paragraaf 4.3 zijn de streefdoelen van het uitstroomprofiel en het advies van de school voor het moment van uitstroom gepresenteerd. Daarbij werd niet aa n- gegeven of en in hoeverre het streefdoel en het advies van de school samenhangt met de daadwerkelijke uitstroombestemming van de leerlingen. In deze paragraaf wordt antwoord gegeven op deze vragen. In figuur 16 wordt per streefdoel van het uitstroomprofiel de bestemming van de leerlingen weergegeven. Bij het streefdoel arbeid blijkt dat bijvoorbeeld 5 van de leerlingen met een dergelijk streefdoel uitstroomt naar arbeid. 2 De beschreven verschillen zijn significant, getoetst met de Chi-kwadraat toets (alpha < 0.05) 27

28 Figuur 16 Streefdoel uitstroomprofiel versus uitstroombestemmingen Arbeid Arbeid en leren Leren Anders 0% 20% 40% 60% 80% 100% Arbeid Arbeid en leren (Eind)onderwijs Overig onderwijs Dagbesteding Geen werk of school Onbekend De overeenstemming tussen het streefdoel en de uitstroombestemming is het grootst bij de categorie leren : 88% van de leerlingen met dit streefdoel stroomt uit naar bijvoorbeeld een AKA of bol opleiding. Bij de streefdoelen arbeid (5) en arbeid én leren (44%) is de overeenstemming met de daadwerkelijke bestemming lager. De voornaamste reden voor dit lagere overeenstemmingspercentage is dat leerlingen met een streefdoel gericht op arbeid (eventueel in combinatie met een bbl-opleiding) voor een bol of AKA opleiding kiezen als vervolgbestemming. Bij leerlingen met een streefdoel anders blijkt dat dagbesteding (27%) de meest voorkomende uitstroombestemming is. Hoeveel procent van de leerlingen stroomt uit conform het uitstroomprofiel? De Inspectie verwacht dat in 80% van de gevallen het uitstroomprofiel behaald wordt. Op basis van de bovenstaande gegevens blijkt dat in totaal 60% van de leerlingen uitstroomt conform het uitstroomprofiel. Wanneer echter alleen gek e- ken wordt naar de leerlingen die de school verlaten als zogenaamde einduitstroom (uitstroom naar werk, leren of dagbesteding) dan bedraagt de overee n- stemming tussen het streefdoel en de bestemming: 7. De verwachting dat 80% van de leerlingen uitstroomt conform het streefdoel blijkt niet op te gaan. Hiervoor zijn verschillende mogelijke verklaringen aan te wijzen. In de meeste gevallen zal de belangrijkste reden waarschijnlijk zijn dat de leerling gedurende de opleiding voor een andere bestemming kiest als beschreven in het in het tweede, derde leerjaar vastgestelde streefdoel van het uitstroomprofiel. De gekozen bestemming blijkt misschien toch niet leukste bestemming te zijn, de werkgelegenheid is misschien teruggelopen vanwege de ongunstige economische situatie, de ambitie om een bol niveau 2 opleiding te volgen blijkt te hoog gegrepen etcetera. Het niet behalen van de 80%-norm is dus niet perse een negatieve uitkomst. Denk bijvoorbeeld aan een leerling met een streefdoel leren die uitstroomt naar werk. Het is de vraag of het advies van de school voor het moment van uitstroom vaker overeenkomt met de daadwerkelijke bestemming. Dit is wel te verwachten: een streefdoel wordt in het tweede, derde leerjaar opgesteld en het advies van de school wordt gegeven in het laatste leerjaar waarin de leerling onderwijs volgt. 28

29 Dan kun je verwachten dat de school een goed beeld heeft van de mogelijkheden en wensen van de leerling. In figuur 17 zijn per advies van de school voor het moment van uitstroom de bestemmingen van de leerlingen weergegeven. Figuur 17 Advies school voor moment van uitstroom versus uitstroombestemmingen Arbeid Arbeid en leren Leren Anders 0% 20% 40% 60% 80% 100% Arbeid Arbeid en leren (Eind)onderwijs Overig onderwijs Dagbesteding Geen werk of school Onbekend Ook hier is de mate van overeenstemming het hoogst bij de bestemming leren (eindonderwijs en overig onderwijs). In totaal 97% van de leerlingen met deze bestemming krijgt ook het advies om een vervolgopleiding te gaan volgen. Bij arbeid (64%) en arbeid én leren (5) is de mate van overeenstemming tussen het advies en de bestemming lager. Bij het advies om te gaan werken is de reden hiervoor dat een redelijk aantal leerlingen nog geen werk hebben gevonden op het moment van uitstroom (14%). Bij het advies leren én werken (bbl-opleiding) blijkt dat veel leerlingen kiezen voor het volgen van een AKA of bol opleiding. Leerlingen met het advies anders kiezen veelal (57%) voor overig onderwijs : bijvoorbeeld een vmbo-opleiding. Bij hoeveel procent van de leerlingen komt het advies van de school overeen met de bestemming? Bij in totaal 68% van de leerlingen komt het advies van de school overeen met de bestemming van de leerlingen. Dit percentage is iets hoger dan de mate van overeenstemming tussen het streefdoel van het uitstroomprofiel en de bestemming van de leerling. Wanneer alleen gekeken wordt naar de einduitstroom (uitstroom naar werk, leren of dagbesteding) dan bedraagt het percentage overeenstemming: 81%. Dit percentage is een stuk hoger. Al met al valt op dat een redelijk aantal leerlingen kiest voor een andere bestemming dan wat volgens de school de juiste vervolgstap zou zijn. Tot slot kan gekeken worden naar de mate van overeenstemming tussen het streefdoel van het uitstroomprofiel en het advies van de school voor het moment van uitstroom. Bij de uitstromers in bedraagt dit percentage: 8. Bij alleen de leerlingen die te boek staan als einduitstroom is de mate van overeenstemming iets hoger: 84%. Bij ruim vier van de vijf leerlingen komt het streefdoel en het advies van de school dus overeen. Het streefdoel en het advies van de school komen in hogere mate overeen dan het streefdoel én het advies met de 29

30 30 daadwerkelijke bestemming van de leerlingen. Een verklaring hiervoor zou kunnen zijn dat de school vaker dan de leerling achter het streefdoel van het uitstroomprofiel blijft staan en de leerling dus een overeenkomstige uitstroombestemming adviseert. De leerling zelf kiest blijkbaar in een aantal gevallen toch liever voor een andere bestemming als aangegeven in het streefdoel van het uitstroomprofiel en/of het advies van de school voor het moment van uitstroom.

31 Deel 2 De volgmetingen in het najaar van 2011 In het najaar van 2011 zijn twee volgmetingen uitgevoerd: de tweede volgmeting bij de uitstromers van (dan gaat het over hun bestemmingen na één jaar) én de vierde volgmeting bij de uitstromers uit (hun bestemmingen na twee jaar). In deel 2 van deze rapportage staan de belangrijkste uitkomsten van de twee volgmetingen centraal. In de volgende hoofdstukken gaat het achtereenvolgens over de volgende onderwerpen: Een samenvatting van de belangrijkste resultaten (hoofdstuk 6); De wijze van dataverzameling en de deelname aan beide volgmetingen (hoofdstuk 7); De bestemmingen van de uitstromers van én in het najaar van 2011 (hoofdstuk 8); Een nadere beschrijving van de bestemmingen van de oud-leerlingen. Hierbij wordt bijvoorbeeld stil gestaan bij de vraag waarom oudleerlingen geen werk hebben of geen opleiding volgen in het najaar van 2011 (hoofdstuk 9); En tot slot: welke loopbanen hebben de oud-leerlingen? Hoeveel procent van de oud-leerlingen is bijvoorbeeld continu aan het werk na het verlaten van de school voor praktijkonderwijs? (hoofdstuk 10). 31

32

33 6 Samenvatting Allereerst worden de belangrijkste uitkomsten van de volgmetingen in het najaar van 2011 gepresenteerd. Deelname Voor de allereerste keer zijn de bestemmingen van oud-leerlingen praktijkonderwijs na twee jaar in beeld gebracht. Van in totaal 78% van de uitstromers uit werd na twee jaar de bestemming in beeld gebracht. Bij de uitstromers uit (reeds één jaar van school) bedroeg dit percentage 84%. Bij beide volgmetingen zijn de verzamelde gegevens representatief voor de totale groep uitstromers in de betreffende schooljaren. Bestemmingen na 1 jaar De uitstromers uit hebben de school voor praktijkonderwijs een jaar geleden verlaten. In het najaar van 2011 is 44% van de oud-leerlingen actief op de arbeidsmarkt (eventueel in combinatie met een bbl-opleiding). Daarnaast volgt 27% van de oud-leerlingen een mbo AKA (2%) of bol (25%) opleiding. Het merendeel van de oud-leerlingen volgt in het laatste geval een niveau 2 opleiding (19%). Naast de oud-leerlingen die werken of een mbo opleiding volgen, volgt 7% van de oud-leerlingen ander onderwijs zoals een vmbo-opleiding en gaat naar dagbesteding. Een op de tien oud-leerlingen heeft nog geen passende bestemming gevonden en van 7% van de oud-leerlingen is de bestemming onbekend. Loopbanen na 1 jaar Bij de loopbanen wordt gekeken of oud-leerlingen na het moment van uitstroom al dan niet wisselen van bestemming. Alleen bij de oud-leerlingen waarbij op ieder meetmoment (de uitstroommeting en twee volgmetingen) de bestemmingen bekend zijn kunnen uitspraken worden gedaan over de gehele loopbaan. In totaal gaat het dan om 72% van de totale populatie. Uitgaande van deze steekproef blijkt dat 3 van de oud-leerlingen continu (= op elk meetmoment) aan het werk zijn na het moment van uitstroom. Verder volgt 2 eindonderwijs na het moment van uitstroom en is 8% van de oud-leerlingen een keer gewisseld van werk naar eindonderwijs of andersom. In totaal 64% van de oud-leerlingen werkt of leert dus na het moment van uitstroom. De overige oud-leerlingen volgen na het verlaten van de school voor praktijkonderwijs overig onderwijs/dagbesteding (12%) of hebben op enig moment niet gewerkt of onderwijs gevolgd (2). Een op de twintig oud-leerlingen heeft nog helemaal niet gewerkt of onderwijs gevolgd na het moment van uitstroom. Vergelijking uitstroomcohorten na 1 jaar Bij de uitstromers van zijn de bestemmingen na een jaar in beeld gebracht. In het najaar van 2010 zijn ook bij de uitstromers van de bestemmingen na een jaar in beeld gebracht. Als beide groepen naast elkaar worden gelegd dan zijn er een aantal kleine verschillen waarneembaar. Zo werken de uitstromers van in iets meerdere mate na een jaar (44% versus 41%). De uitstromers van volgen daarentegen na een jaar iets vaker een mbo opleiding (29% versus 27%). Het betreft hier kleine verschillen. Voor wat 33

De volgende trede. Rapportage uitstroommonitor 2009-2010 en tweede meting volgmodule cohort 2008-2009. Actis Onderzoek. drs. D.M.S.

De volgende trede. Rapportage uitstroommonitor 2009-2010 en tweede meting volgmodule cohort 2008-2009. Actis Onderzoek. drs. D.M.S. De volgende trede Rapportage uitstroommonitor 2009-2010 en tweede meting volgmodule cohort 2008-2009 Actis Onderzoek drs. D.M.S. Heijnens Rotterdam, 7 januari 2011 Inhoudsopgave 1 Inleiding 4 Deel 1 Uitstroommonitor

Nadere informatie

Uitstroom uit het praktijkonderwijs in de regio Rotterdam

Uitstroom uit het praktijkonderwijs in de regio Rotterdam Uitstroom uit het praktijkonderwijs in de regio Rotterdam Rapportage uitstroommonitor 2009-2010 en tweede meting volgmodule cohort 2008-2009 Actis Onderzoek drs. D.M.S. Heijnens Rotterdam, 14 februari

Nadere informatie

Volgmodule praktijkonderwijs voorjaar 2013

Volgmodule praktijkonderwijs voorjaar 2013 Volgmodule praktijkonderwijs voorjaar 2013 Rapportage van de volgmetingen bij de uitstroomcohorten 2010-2011 en 2011-2012 Actis Onderzoek drs. D.M.S. Heijnens Rotterdam, 22 april 2013 Inhoudsopgave 1 Inleiding

Nadere informatie

De uitstroom uit het praktijkonderwijs in de regio Rotterdam

De uitstroom uit het praktijkonderwijs in de regio Rotterdam De uitstroom uit het praktijkonderwijs in de regio Rotterdam Rapportage van de uitstroommeting 2010/11 en de volgmetingen in het najaar van 2011 e Actis Onderzoek drs. D.M.S. Heijnens Rotterdam, 19 maart

Nadere informatie

De uitstroom van leerlingen uit het praktijkonderwijs in het schooljaar 2008-2009

De uitstroom van leerlingen uit het praktijkonderwijs in het schooljaar 2008-2009 De uitstroom van leerlingen uit het praktijkonderwijs in het schooljaar 2008-2009 Actis Advies drs. D.M.S. Heijnens Rotter, 9 december 2009 Inhoudsopgave Samenvatting 3 1 Uitstroommonitor 2008-2009 5 1.1

Nadere informatie

Achtergrondkenmerken uitgestroomde leerling

Achtergrondkenmerken uitgestroomde leerling e Uitstroommmonitor 2008-2011 3. Leeftijd leerling bij uitstroom Achtergrondkenmerken uitgestroomde leerling 12 0 0.0 % 22 0.4 % 0 0.0 % 21 0.4 % 0 0.0 % 17 0.3 % 13 5 14.3 % 135 2.4 % 2 7.4 % 134 2.6

Nadere informatie

Landelijke Uitstroommmonitor Praktijkonderwijs Benchmark rapportage scholen uit eigen regio Uitstroommonitor 2009-2010

Landelijke Uitstroommmonitor Praktijkonderwijs Benchmark rapportage scholen uit eigen regio Uitstroommonitor 2009-2010 Landelijke Uitstroommmonitor Praktijkonderwijs Benchmark rapportage scholen uit eigen regio Uitstroommonitor 2009-2010 Landelijk Regio Mean Assen Emmen Steen Borg Rech RVEC Totaal score landelijk Totaal

Nadere informatie

Volgmodule Praktijkonderwijs voorjaar 2012

Volgmodule Praktijkonderwijs voorjaar 2012 Volgmodule Praktijkonderwijs voorjaar 2012 Rapportage van de volgmetingen van de uitstroomcohorten 2009-2010 en 2010-2011 Actis Onderzoek drs. D.M.S. Heijnens Rotterdam, 16 mei 2012 Inhoudsopgave 1 Inleiding

Nadere informatie

Achtergrondkenmerken uitgestroomde leerling

Achtergrondkenmerken uitgestroomde leerling e Uitstroommeting Praktijkonderwijs 2008-2009 Achtergrondkenmerken uitgestroomde leerling 4. Wat is het geslacht van de leerling? Jongen 20 59 % 3158 59 % Meisje 14 41 % 2233 41 % 5. Wat is voor zover

Nadere informatie

Congres Werknemer in opleiding 2011. Workshop Nazorg in het praktijkonderwijs

Congres Werknemer in opleiding 2011. Workshop Nazorg in het praktijkonderwijs Congres Werknemer in opleiding 2011 Workshop Nazorg in het praktijkonderwijs Even voorstellen Dennis Heijnens (Platform Praktijkonderwijs) Ed Veenema (mentor/stagedocent en nazorgmedewerker Praktijkschool

Nadere informatie

Uitstroommonitor praktijkonderwijs 2012-2013 Samenvatting van de monitor 2012-2013 en de volgmodules najaar 2013

Uitstroommonitor praktijkonderwijs 2012-2013 Samenvatting van de monitor 2012-2013 en de volgmodules najaar 2013 Uitstroommonitor praktijkonderwijs 2012-2013 Samenvatting van de monitor 2012-2013 en de volgmodules najaar 2013 Platform Praktijkonderwijs Rotterdam, 2 december 2013 1 Introductie In deze beknopte samenvatting

Nadere informatie

Uitstroommonitor praktijkonderwijs 2013-2014 Samenvatting van de monitor 2013-2014 en de volgmodules najaar 2014

Uitstroommonitor praktijkonderwijs 2013-2014 Samenvatting van de monitor 2013-2014 en de volgmodules najaar 2014 monitor praktijkonderwijs 2013-2014 Samenvatting van de monitor 2013-2014 en de volgmodules najaar 2014 Platform Praktijkonderwijs Rotterdam, 29 december 2014 1 Introductie In de periode 1 september 31

Nadere informatie

Achtergrondkenmerken van de uitgestroomde leerling

Achtergrondkenmerken van de uitgestroomde leerling Achtergrondkenmerken van de uitgestroomde leerling In de uitstroommonitor worden leerlingen ingevoerd die tussen 1 oktober van het vorige schooljaar en 30 september van het huidige zijn uitgestroomd. Het

Nadere informatie

Uitstroommonitor praktijkonderwijs 2014-2015 Samenvatting van de monitor 2014-2015 en de volgmodules najaar 2015

Uitstroommonitor praktijkonderwijs 2014-2015 Samenvatting van de monitor 2014-2015 en de volgmodules najaar 2015 Uitstroommonitor praktijkonderwijs 2014-2015 Samenvatting van de monitor 2014-2015 en de volgmodules najaar 2015 Platform Praktijkonderwijs Rotterdam, januari 2016 1 Vooraf In de periode 1 september 31

Nadere informatie

Uitstroommonitor praktijkonderwijs Samenvatting uitkomst volgmodules Voorjaar 2015

Uitstroommonitor praktijkonderwijs Samenvatting uitkomst volgmodules Voorjaar 2015 Uitstroommonitor praktijkonderwijs Samenvatting uitkomst volgmodules Voorjaar 2015 Platform Praktijkonderwijs Rotterdam, 31 mei 2015 1 Introductie In de eerste maanden van 2015 zijn door de scholen voor

Nadere informatie

Eerste landelijke opbrengstbevraging in het (voortgezet) speciaal onderwijs

Eerste landelijke opbrengstbevraging in het (voortgezet) speciaal onderwijs Eerste landelijke opbrengstbevraging in het (voortgezet) speciaal onderwijs In deze rapportage leest u de belangrijkste kwantitatieve gegevens van de eerste opbrengstbevraging. Tenzij anders aangegeven,

Nadere informatie

De uitstroom van leerlingen uit het praktijkonderwijs in het schooljaar 2006-2007

De uitstroom van leerlingen uit het praktijkonderwijs in het schooljaar 2006-2007 De uitstroom van leerlingen uit het praktijkonderwijs in het schooljaar 2006-2007 Tilburg, maart 2008 Linda Sontag Saskia von der Fuhr Hans Mariën IVA beleidsonderzoek en advies II Uitgever: IVA Warandelaan

Nadere informatie

KWANTITATIEVE GEGEVENS OPBRENGSTBEVRAGING 2012 SPECIAAL ONDERWIJS EN VOORTGEZET SPECIAAL ONDERWIJS

KWANTITATIEVE GEGEVENS OPBRENGSTBEVRAGING 2012 SPECIAAL ONDERWIJS EN VOORTGEZET SPECIAAL ONDERWIJS KWANTITATIEVE GEGEVENS OPBRENGSTBEVRAGING 2012 SPECIAAL ONDERWIJS EN VOORTGEZET SPECIAAL ONDERWIJS Utrecht, juni 2013 Inhoud 1 Kort verblijf 4 2 Deel I - Speciaal onderwijs 5 2.1 Uitstroom 5 2.2 IQ van

Nadere informatie

Stromen door het onderwijs

Stromen door het onderwijs Stromen door het onderwijs Vanuit het derde leerjaar van het vo 2003/2004 Erik Fleur DUO/IP Juni 2013 1. Inleiding In schooljaar 2003/2004 zaten bijna 200 duizend leerlingen in het derde leerjaar van het

Nadere informatie

KWANTITATIEVE GEGEVENS OPBRENGSTBEVRAGING 2014 SPECIAAL ONDERWIJS EN VOORTGEZET SPECIAAL ONDERWIJS

KWANTITATIEVE GEGEVENS OPBRENGSTBEVRAGING 2014 SPECIAAL ONDERWIJS EN VOORTGEZET SPECIAAL ONDERWIJS KWANTITATIEVE GEGEVENS OPBRENGSTBEVRAGING 214 SPECIAAL ONDERWIJS EN VOORTGEZET SPECIAAL ONDERWIJS Inhoud Inleiding... 1 Deel I Speciaal onderwijs... 2 1.1 Uitstroom vanuit het speciaal onderwijs... 2 1.2

Nadere informatie

Uitstroom Praktijkonderwijs schooljaar 2005-2006

Uitstroom Praktijkonderwijs schooljaar 2005-2006 Uitstroom Praktijkonderwijs schooljaar 2005-2006 Tilburg, maart 2007 Dr. ir. Quinta Kools Hans Mariën IVA, Instituut voor Beleidsonderzoek en Advies Uitgever: IVA Warandelaan 2, Postbus 90153, 5000 LE

Nadere informatie

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010 FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage

Nadere informatie

FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 2009

FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 2009 FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 29 Groei van werkloosheid onder zet door! In het 2 e kwartaal van 29 groeide de werkloosheid onder (niet-westers)

Nadere informatie

Kinderen in Nederland - Bijlage B Respons, representativiteit en weging

Kinderen in Nederland - Bijlage B Respons, representativiteit en weging Kinderen in Nederland - Bijlage B Respons, representativiteit en weging Respons thuiszorgorganisaties en GGD en In deden er tien thuiszorgorganisaties mee aan het, verspreid over heel Nederland. Uit de

Nadere informatie

KWANTITATIEVE GEGEVENS OPBRENGSTBEVRAGING SPECIAAL ONDERWIJS 2016

KWANTITATIEVE GEGEVENS OPBRENGSTBEVRAGING SPECIAAL ONDERWIJS 2016 KWANTITATIEVE GEGEVENS OPBRENGSTBEVRAGING SPECIAAL ONDERWIJS 2016 INHOUD Inleiding 3 1 Speciaal onderwijs 4 1.1 Uitstroom vanuit het speciaal onderwijs 4 1.2 IQ van de uitstroomde leerlingen vanuit het

Nadere informatie

Langdurige werkloosheid in Nederland

Langdurige werkloosheid in Nederland Langdurige werkloosheid in Nederland Robert de Vries In 25 waren er 483 duizend werklozen. Hiervan waren er 23 duizend 42 procent langdurig werkloos. Langdurige werkloosheid komt vooral voor bij ouderen.

Nadere informatie

Erratum Jaarboek onderwijs 2008

Erratum Jaarboek onderwijs 2008 Centraal Bureau voor de Statistiek Erratum 13 december 2007 Erratum Jaarboek onderwijs 2008 Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze publicatie is samengesteld, is een aantal zaken niet juist vermeld. Onze

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. De Baanbreker School voor Praktijkonderwijs IJsselstein

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. De Baanbreker School voor Praktijkonderwijs IJsselstein RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK De Baanbreker School voor Praktijkonderwijs IJsselstein Plaats: IJsselstein BRIN-nummer: 07BM Arrangementsnummer: 133137 HB: 3093528 Onderzoek uitgevoerd op:

Nadere informatie

5. Onderwijs en schoolkleur

5. Onderwijs en schoolkleur 5. Onderwijs en schoolkleur Niet-westerse allochtonen verlaten het Nederlandse onderwijssysteem gemiddeld met een lager onderwijsniveau dan autochtone leerlingen. Al in het basisonderwijs lopen allochtone

Nadere informatie

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam. nummer 5 maart 2013

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam. nummer 5 maart 2013 Fact sheet nummer 5 maart 2013 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam Er zijn ruim 133.000 jongeren van 15 tot en met 26 jaar in Amsterdam (januari 2012). Met de meeste jongeren gaat het goed in het onderwijs

Nadere informatie

Opleidingsniveau stijgt

Opleidingsniveau stijgt Opleidingsniveau stijgt Grote doorstroom naar hogere niveaus Meer leerlingen vanuit vmbo naar havo Grote groep mbo ers naar het hbo 10 Jongens groeien gedurende hun onderwijsloopbaan Jongens na een diploma

Nadere informatie

ROA Fact Sheet. Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt 2011 Feiten en cijfers. Research Centre for Education and the Labour Market ROA

ROA Fact Sheet. Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt 2011 Feiten en cijfers. Research Centre for Education and the Labour Market ROA Research Centre for Education and the Labour Market ROA Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt 2011 Feiten en cijfers ROA Fact Sheet ROA-F-2012/1 Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt

Nadere informatie

Uitwerking berekening Risicomodel sector SO 2014

Uitwerking berekening Risicomodel sector SO 2014 Uitwerking berekening Risicomodel sector SO 2014 INHOUD 1. Inleiding... 1 2. Data... 1 3. Uitgangspunten bij het risicomodel... 1 3.1 Bepaling van groepen binnen het so en vso... 1 3.2 Scores op de indicatoren...

Nadere informatie

10. Banen met subsidie

10. Banen met subsidie 10. Banen met subsidie Eind 2002 namen er 178 duizend personen deel aan een van de regelingen voor gesubsidieerd werk. Meer dan eenzesde van deze splaatsen werd door niet-westerse allochtonen bezet. Ze

Nadere informatie

* Vanaf 9 september is onze nieuwe website online : www.pentacollege-attendiz.nl

* Vanaf 9 september is onze nieuwe website online : www.pentacollege-attendiz.nl Opbrengsten Penta College 2014-2015 Inleiding Iedere school heeft tot taak onderwijs te bieden waarbij de leerlingen kennis, vaardigheden en houdingen verwerven. Uitgangspunt voor dat aanbod zijn de kerndoelen

Nadere informatie

Factsheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014. Werkloosheid stijgt naar 24% Definities. Nummer 6 juni 2014

Factsheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014. Werkloosheid stijgt naar 24% Definities. Nummer 6 juni 2014 Nummer 6 juni 2014 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014 Factsheet Ondanks eerste tekenen dat de economie weer aantrekt blijft de werkloosheid. Negen procent van de Amsterdamse beroepsbevolking is werkloos

Nadere informatie

K I N D E R E N O N D E R Z O E K : 0-1 1 J A A R

K I N D E R E N O N D E R Z O E K : 0-1 1 J A A R VOEDING, BEWEGING EN GEWICHT K I N D E R E N O N D E R Z O E K : 0-1 1 J A A R Jeugd 2010 6 Kinderenonderzoek 2010 Om inzicht te krijgen in de gezondheid van de inwoners in haar werkgebied, heeft de GGD

Nadere informatie

ROA Fact Sheet. Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt 2012 Feiten en cijfers. Research Centre for Education and the Labour Market ROA

ROA Fact Sheet. Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt 2012 Feiten en cijfers. Research Centre for Education and the Labour Market ROA Research Centre for Education and the Labour Market ROA Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt 2012 Feiten en cijfers ROA Fact Sheet ROA-F-2013/2 Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt

Nadere informatie

SCHORSINGEN EN VERWIJDERINGEN 2007/2008-2011/2012

SCHORSINGEN EN VERWIJDERINGEN 2007/2008-2011/2012 SCHORSINGEN EN VERWIJDERINGEN 2007/2008-2011/2012 Utrecht, januari 2013 INHOUD Samenvatting 4 Inleiding 6 1 Trends en wetenswaardigheden 8 1.1 Inleiding 8 1.2 Trends 8 1.3 Wetenswaardigheden 11 2 Wet-

Nadere informatie

PrO Loopbanen 2005-2011 Kohnstamm Instituut & Actis Onderzoek. Pro-loopbanen in vogelvlucht: de start. Pro-loopbanen in vogelvlucht: de aanpak

PrO Loopbanen 2005-2011 Kohnstamm Instituut & Actis Onderzoek. Pro-loopbanen in vogelvlucht: de start. Pro-loopbanen in vogelvlucht: de aanpak PrO Loopbanen 2005-2011 Kohnstamm Instituut & Actis Onderzoek 31/01/13 De toekomst van het vmbo/het vmbo van de toekomst Pro-loopbanen in vogelvlucht: de start Leerlingen met een beschikking praktijkonderwijs

Nadere informatie

FACTSHEET Verwante en niet-verwante doorstroom in de beroepskolom

FACTSHEET Verwante en niet-verwante doorstroom in de beroepskolom FACTSHEET Verwante en niet-verwante doorstroom in de beroepskolom In het Nederlands onderwijsbestel moeten kinderen op jonge leeftijd belangrijke keuzes maken die de rest van hun loopbaan beïnvloedt. De

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Hofstede Praktijkschool te Den Haag

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Hofstede Praktijkschool te Den Haag RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Hofstede Praktijkschool te Den Haag Plaats : Den Haag BRIN-nummer : 04 NF Arrangementsnummer : 231357 Onderzoek uitgevoerd op : 6 september 2012 en 31 mei 2013

Nadere informatie

Uitwerking berekening Risicomodel sector SO 2015

Uitwerking berekening Risicomodel sector SO 2015 Uitwerking berekening Risicomodel sector SO 2015 INHOUD 1. Inleiding... 1 2. Data... 1 3. Uitgangspunten bij het risicomodel... 1 3.1 Bepaling van groepen binnen het so en vso... 1 3.2 Scores op de indicatoren...

Nadere informatie

Kwantitatieve gegevens opbrengstbevraging SO 2015

Kwantitatieve gegevens opbrengstbevraging SO 2015 Kwantitatieve gegevens opbrengstbevraging SO 215 Inhoud Inleiding... 3 Speciaal onderwijs... 4 1.1 Uitstroom vanuit het speciaal onderwijs... 4 1.2 IQ van de uitstroomde leerlingen vanuit het speciaal

Nadere informatie

Arbeidsmarkt Metaalbewerking 2004 Regio Zeeland/West-Brabant

Arbeidsmarkt Metaalbewerking 2004 Regio Zeeland/West-Brabant Arbeidsmarkt Metaalbewerking 2004 Regio Zeeland/West-Brabant Overview Hieronder wordt ingegaan op een aantal arbeidsmarktaspecten in de regio Zeeland, West Brabant, die op basis van de resultaten van het

Nadere informatie

Studievoortgang in het voortgezet onderwijs

Studievoortgang in het voortgezet onderwijs Studievoortgang in het voortgezet onderwijs Lieke Stroucken 1. Leerlingen naar herkomstgroepering en aantal kinderen in het huishouden, brugklascohort 2004/ 05 Leerlingen uit éénoudergezinnen en niet-westers

Nadere informatie

Monitoring Utrechtse School: Tweede meting

Monitoring Utrechtse School: Tweede meting Monitoring Utrechtse School: Tweede meting R. Kennis M. Roelofs T. Eimers E. Keppels 29 augustus 2012 Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt, Nijmegen 2012 Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt,

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK PURMERENDSE SCHOLENGROEP (PSG), LOCATIE W.J. BLADERGROEN

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK PURMERENDSE SCHOLENGROEP (PSG), LOCATIE W.J. BLADERGROEN RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK PURMERENDSE SCHOLENGROEP (PSG), LOCATIE W.J. BLADERGROEN Plaats: Purmerend BRIN-nummer: 01EO-6 Registratienummer: 3126881 Onderzoek uitgevoerd op: 19 april 2011

Nadere informatie

Jongeren op de arbeidsmarkt

Jongeren op de arbeidsmarkt Jongeren op de arbeidsmarkt Tanja Traag In 23 was 11 procent van alle jongeren werkloos. Jongeren die geen onderwijs meer volgen, hebben een andere positie op de arbeidsmarkt dan jongeren die wel een opleiding

Nadere informatie

Evaluatie Stimulans

Evaluatie Stimulans Evaluatie Stimulans 2009-2010 Actis Advies drs. D.M.S. Heijnens Rotterdam, 11 juni 2010 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Uitkomsten 4 2.1 Activiteiten Stimulans scholen 4 2.2 Tevredenheid ten aanzien van

Nadere informatie

Aantal medewerkers Zuidoost-Brabant

Aantal medewerkers Zuidoost-Brabant Regio Zuidoost-Brabant 1. Werkgelegenheid Zorg en Welzijn Zuidoost-Brabant In dit katern volgt een overzicht van diverse arbeidsmarktfactoren in de sector zorg en welzijn in de regio Zuidoost-Brabant.

Nadere informatie

Voortijdig schoolverlaters: een kwetsbare groep op de arbeidsmarkt

Voortijdig schoolverlaters: een kwetsbare groep op de arbeidsmarkt : een kwetsbare groep op de arbeidsmarkt Harry Bierings en Robert de Vries Direct nadat zij school hadden verlaten, maar ook nog vier jaar daarna, hebben voortijdig naar verhouding vaak geen baan. Als

Nadere informatie

Jeugdwerkloosheid Nieuw-West

Jeugdwerkloosheid Nieuw-West 1 Jeugdwerkloosheid Factsheet september 2014 Er zijn in ruim 26.000 jongeren in de leeftijd van 15 tot 27 jaar (januari 2014). Veel jongeren volgen een opleiding of hebben een baan. De laatste jaren zijn

Nadere informatie

VO RAPPORT VAN BEVINDINGEN KADER 2012. de school voor praktijkonderwijs De Sprong PRO

VO RAPPORT VAN BEVINDINGEN KADER 2012. de school voor praktijkonderwijs De Sprong PRO VO RAPPORT VAN BEVINDINGEN KADER 2012 de school voor praktijkonderwijs De Sprong PRO Plaats : Terneuzen BRIN nummer : 26LL C1 BRIN nummer : 26LL 00 PRO Onderzoeksnummer : 154902 Datum onderzoek : 28 maart

Nadere informatie

Opbrengsten VSO De Sluis schooljaar 2014-2015

Opbrengsten VSO De Sluis schooljaar 2014-2015 Opbrengsten VSO De Sluis schooljaar 2014-2015 Inleiding Iedere school heeft tot taak onderwijs te bieden waarbij de leerlingen kennis, vaardigheden en houdingen verwerven. Uitgangspunt voor dat aanbod

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Pouwer School voor Praktijkonderwijs

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Pouwer School voor Praktijkonderwijs RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Pouwer School voor Praktijkonderwijs Plaats: Utrecht BRIN-nummer: 17AO-0 Registratienummer: 3109422 Onderzoek uitgevoerd op: 24 maart 2011 Conceptrapport verzonden

Nadere informatie

1. Totale uitstroom. verlaten heeft. 2. Uitstroom van kortverblijf leerlingen

1. Totale uitstroom. verlaten heeft. 2. Uitstroom van kortverblijf leerlingen Opbrengsten VSO OCR Inleiding Iedere school heeft tot taak onderwijs te bieden waarbij de leerlingen kennis, vaardigheden en houdingen verwerven. Uitgangspunt voor dat aanbod zijn de kerndoelen (voortgezet)

Nadere informatie

Schorsingen en verwijderingen in het funderend onderwijs

Schorsingen en verwijderingen in het funderend onderwijs Schorsingen en verwijderingen in het funderend onderwijs Inspectie van het Onderwijs, december 2015 Jaarlijks rapporteert de Inspectie van het Onderwijs over het schorsen en verwijderen van leerlingen

Nadere informatie

Informatieavond klas 4

Informatieavond klas 4 Informatieavond klas 4 Praktijkonderwijs Werken naar werk Samen op weg bereikt ieder zijn doel Programma Uitstroomprofielen + vakkenpakket Doorstromen naar arbeid Doorstromen naar entreeonderwijs Algemene

Nadere informatie

Aantal medewerkers West-Brabant

Aantal medewerkers West-Brabant Regio West-Brabant 1. Werkgelegenheid Zorg en Welzijn West-Brabant In dit katern volgt een overzicht van diverse arbeidsmarktfactoren in de sector zorg en welzijn in de regio West-Brabant. Waar mogelijk

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Kennemer Praktijkschool en LWOO Plaats:Heemskerk BRIN-nummer:28BN Registratienummer: 3077160 Onderzoek uitgevoerd op:17 maart 2011 Conceptrapport verzonden op:

Nadere informatie

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Een analyse van de huisartsenregistratie over de

Nadere informatie

Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013

Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 drs. W. van Ooij MarktMonitor Januari 2015 Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 . Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013

Nadere informatie

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2016

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2016 1 Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 20 Fact sheet april 20 De totale werkloosheid onder Amsterdamse jongeren is het afgelopen jaar vrijwel gelijk gebleven aan 2015. Van de 14.000 Amsterdamse jongeren

Nadere informatie

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n)

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n) Raadsinformatiebrief (openbaar) gemeente Maassluis Aan de leden van de gemeenteraad in Maassluis Postbus 55 3140 AB Maassluis T 010-593 1931 E gemeente@maassluis.nl I www.maassluis.nl ons kenmerk 2010-4748

Nadere informatie

Werkgroep resultaten en opbrengsten

Werkgroep resultaten en opbrengsten Werkgroep resultaten en opbrengsten Domein INK: Resultaten en opbrengsten Thema: Leeropbrengsten Prestatie-indicator: Niveau Leeropbrengsten, niveau 80% van de haalt minimaal zijn uitstroomprofiel en uitstroomniveau.

Nadere informatie

socio-demografie 2.597.232 jongeren geslacht leeftijd woonplaats 4 grote steden en per provincie afkomst opleiding religie

socio-demografie 2.597.232 jongeren geslacht leeftijd woonplaats 4 grote steden en per provincie afkomst opleiding religie FACTSHEET: socio-demografie Hoeveel jongeren zijn er eigenlijk in Nederland? Wonen er meer jongeren in Limburg of in Zeeland? Wat zijn de cijfers rondom geslacht, afkomst, opleidingsniveau en religie?

Nadere informatie

Gediplomeerden van het mbo van opleidingen ECABO

Gediplomeerden van het mbo van opleidingen ECABO Gediplomeerden van het mbo van opleidingen ECABO Analyse van de positie van gediplomeerden van het mbo van opleidingen binnen ECABO op basis van de gegevens van de MBO-Kaart 2006-2008 Gediplomeerden van

Nadere informatie

Op grond van de uitstroomcijfers van de afgelopen jaren heeft de Sluis een schoolstandaard opgesteld Ambitie/schoolstandaard

Op grond van de uitstroomcijfers van de afgelopen jaren heeft de Sluis een schoolstandaard opgesteld Ambitie/schoolstandaard Opbrengsten VSO de Sluis Inleiding Iedere school heeft tot taak onderwijs te bieden waarbij de leerlingen kennis, vaardigheden en houdingen verwerven. Uitgangspunt voor dat aanbod zijn de kerndoelen (voortgezet)

Nadere informatie

Tabak, cannabis en harddrugs

Tabak, cannabis en harddrugs JONGERENPEILING 0 ZUID-HOLLAND NOORD De jongerenpeiling heeft als doel om periodiek op systematische wijze ontwikkelingen in gezondheid en gewoonten van jongeren in kaart te brengen. Dit is het eerste

Nadere informatie

StudentenBureau Stagemonitor

StudentenBureau Stagemonitor StudentenBureau Stagemonitor Rapportage Mei 2011 1 SAMENVATTING... 3 ERVARINGEN... 3 INLEIDING... 4 ONDERZOEKSMETHODE... 5 RESPONDENTEN... 5 PROCEDURE... 5 METING... 5 DEEL I ANALYSE... 6 1. STAGE EN ZOEKGEDRAG...

Nadere informatie

jeugdwerkloosheid 64% werklozen volgt opleiding 800 jongeren geregistreerd als werkloze

jeugdwerkloosheid 64% werklozen volgt opleiding 800 jongeren geregistreerd als werkloze 1 Jeugdwerkloosheid Fact sheet augustus 2014 Er zijn in ruim 15.000 jongeren in de leeftijd van 15 tot 27 jaar (januari 2014). Veel jongeren volgen een opleiding of hebben een baan. De laatste jaren zijn

Nadere informatie

Factsheet Passend Onderwijs

Factsheet Passend Onderwijs Factsheet Passend Onderwijs November 2010 Inleiding Deze factsheet geeft feiten en cijfers over het passend onderwijs in Nederland. De factsheet is een vervolg op de Factsheet Passend onderwijs van januari

Nadere informatie

De studieloopbaan van mbo-deelnemers

De studieloopbaan van mbo-deelnemers Paper Symposium, Het belang van het onderwijsnummer voor beleidsinformatie ORD 2012 De studieloopbaan van mbo-deelnemers De verblijfsduur in relatie met het behaalde op het mbo. DUO/INP 1 juni 2012 Jaap-Jan

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ. LMC Praktijkonderwijs Huismanstraat

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ. LMC Praktijkonderwijs Huismanstraat RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ LMC Praktijkonderwijs Huismanstraat Plaats: Rotterdam BRIN-nummer: 29VX Registratienummer: 2857306 Onderzoek uitgevoerd op: 17 november 2009 Conceptrapport verzonden

Nadere informatie

KWALITEITSWET (V)SO DE SPRIENKE KWALITEITSWET (V)SO DE SPRIENKE. Uitdaging Beweging Perspectief

KWALITEITSWET (V)SO DE SPRIENKE KWALITEITSWET (V)SO DE SPRIENKE. Uitdaging Beweging Perspectief DE SPRIENKE Uitdaging Beweging Perspectief Mytylschool de Sprienke Vivaldipad 1, 4462 JA Goes Telefoon: 0113 22 91 50 E-mail: info@desprienke.nl Website: www.desprienke.nl KWALITEITSWET (V)SO KWALITEITSWET

Nadere informatie

Onder- en overadvisering in beeld 2006/ /2009 Gemeente Helmond

Onder- en overadvisering in beeld 2006/ /2009 Gemeente Helmond Onder- en overadvisering in beeld 6/7-8/9 Gemeente Helmond November 9 Mevrouw drs. Marian Calis OCGH Advies Samenvatting Een goede aansluiting tussen het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs is in

Nadere informatie

Aantal werkzoekenden daalt in augustus met 8.400

Aantal werkzoekenden daalt in augustus met 8.400 Augustus 2008 Aantal werkzoekenden daalt in ustus met 8.400 2 Ingediende vacatures 4 Vraag en aanbod bij CWI 5 Ontslagen met toestemming CWI 6 Statistische bijlage 7 Toelichting NWW / Toelichting CWI krapte-indicator

Nadere informatie

Kengetallen ECABO Bijlage bij jaarverslag 2010

Kengetallen ECABO Bijlage bij jaarverslag 2010 Kengetallen ECABO Bijlage bij jaarverslag 2010 Aantal erkende leerbedrijven in ARTUS 46.269* Aantal geregistreerde leerplaatsen 83.412 Aantal deelnemers ECABO 2009-2010 85.667 Aantal BOL-deelnemers 76.307

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK DE DIJNSELBURGSCHOOL VOOR PRAKTIJKONDERWIJS

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK DE DIJNSELBURGSCHOOL VOOR PRAKTIJKONDERWIJS RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK DE DIJNSELBURGSCHOOL VOOR PRAKTIJKONDERWIJS Plaats: Zeist BRIN-nummer: 26HY HB: 3070599 Arrangementsnummer: 124817 Onderzoek uitgevoerd op: 1 maart 2011 Conceptrapport

Nadere informatie

Nieuwsflits Arbeidsmarkt. December 2012

Nieuwsflits Arbeidsmarkt. December 2012 Nieuwsflits Arbeidsmarkt December 2012 Inhoudsopgave WW-uitkeringen 2 Niet-werkende werkzoekenden geregistreerd bij UWV WERKbedrijf 4 Ingediende vacatures UWV 5 Ingediende ontslagaanvragen en verleende

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ. DE DREEF (praktijkonderwijs)

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ. DE DREEF (praktijkonderwijs) RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ DE DREEF (praktijkonderwijs) Plaats: Amsterdam BRIN-nummer: 27VH Onderzoek uitgevoerd op: 18 februari 2010 Conceptrapport verzonden op: 16 april 2010 Rapport vastgesteld

Nadere informatie

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2013

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2013 Fact sheet nummer 9 juli 2013 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2013 Er zijn in Amsterdam bijna 135.000 jongeren in de leeftijd van 15 tot 27 jaar (januari 2013). Veel jongeren volgen een opleiding of

Nadere informatie

Onderzoek studentenreisproduct minderjarige mbo'ers. Rapportage november 2015

Onderzoek studentenreisproduct minderjarige mbo'ers. Rapportage november 2015 Onderzoek studentenreisproduct minderjarige mbo'ers Rapportage november 2015 Inhoudsopgave pagina Samenvatting 3 Onderzoek studentenreisproduct minderjarige mbo'ers Achtergrond en onderzoeksverantwoording

Nadere informatie

Opbrengsten Pleysier College

Opbrengsten Pleysier College Opbrengsten Pleysier College 214-215 Uitstroomcohort 214-215 Bestendiging uitstroomcohort 213-214 Els Westerhuis 31 maart 216 Inhoudsopgave 1 1. Aantal schoolverlaters + en 2 2. Overzicht aantallen tussentijdse

Nadere informatie

Factsheet Jeugdzorg Plus Instroomgegevens

Factsheet Jeugdzorg Plus Instroomgegevens Factsheet Jeugdzorg Plus Instroomgegevens 2016-1 Wat is Jeugdzorg Plus Er is een categorie jongeren waarvan sprake is van een ernstige ontwikkelbedreiging dat onontkoombare hulp noodzakelijk is. Het gaat

Nadere informatie

Scholen in de Randstad sterk gekleurd

Scholen in de Randstad sterk gekleurd Scholen in de Randstad sterk gekleurd Marijke Hartgers Autochtone en niet-westers allochtone leerlingen zijn niet gelijk over de Nederlandse schoolvestigingen verdeeld. Dat komt vooral doordat niet-westerse

Nadere informatie

Aantal werkzoekenden en aantal WWuitkeringen

Aantal werkzoekenden en aantal WWuitkeringen September 2009 Aantal werkzoekenden en WW-uitkeringen 2 Ingediende vacatures 5 Vraag en aanbod bij UWV WERKbedrijf 6 Ingediende ontslagaanvragen en verleende ontslagvergunningen 7 Statistische bijlage

Nadere informatie

Factsheet Groothandel in Bloembollen Ontwikkelingen in de sector op basis van de administratie van Colland Arbeidsmarkt

Factsheet Groothandel in Bloembollen Ontwikkelingen in de sector op basis van de administratie van Colland Arbeidsmarkt Factsheet Groothandel in Bloembollen 2013 Ontwikkelingen in de sector op basis van de administratie van Colland Arbeidsmarkt Colland Bestuursbureau, 5 februari 2014 Pagina 2 26 Inhoudsopgave Toelichting

Nadere informatie

Gestruikeld voor de start

Gestruikeld voor de start Bijlagen Gestruikeld voor de start De school verlaten zonder startkwalificatie Lex Herweijer Bijlage A... 2 Bijlage bij hoofdstuk 4... 3 Bijlage bij hoofdstuk 5... 4 Sociaal en Cultureel Planbureau Den

Nadere informatie

gevorderd voldoende minimum

gevorderd voldoende minimum Opbrengsten SO Het Mozaïek onderbouw Inleiding Iedere school heeft tot taak onderwijs te bieden waarbij de leerlingen kennis, vaardigheden en houdingen verwerven. Uitgangspunt voor dat aanbod zijn de kerndoelen

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Kranenburg School voor Praktijkonderwijs

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Kranenburg School voor Praktijkonderwijs RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Kranenburg School voor Praktijkonderwijs Plaats: Utrecht BRIN-nummer: 01 EK-1 Registratienummer: 3092665 Onderzoek uitgevoerd op: 24 maart 2011 Conceptrapport

Nadere informatie

Ontwikkeling werkdruk in het onderwijs 1999-2003

Ontwikkeling werkdruk in het onderwijs 1999-2003 Ontwikkeling werkdruk in het onderwijs 1999-2003 Eindrapport Een onderzoek in opdracht van het Vervangingsfonds Frank Schoenmakers Rob Hoffius B3060 Leiden, 21 juni 2005 Inhoudsopgave 1 Inleiding 4 2 Verantwoording:

Nadere informatie

Werkgroep resultaten en opbrengsten

Werkgroep resultaten en opbrengsten Werkgroep resultaten en opbrengsten Domein INK: Resultaten en opbrengsten Thema: Leeropbrengsten Prestatie-indicator: Niveau Leeropbrengsten, niveau 80% van de haalt minimaal zijn uitstroomprofiel en uitstroomniveau.

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Praktijkcollege Tilburg, school voor praktijkonderwijs

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Praktijkcollege Tilburg, school voor praktijkonderwijs RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Praktijkcollege Tilburg, school voor praktijkonderwijs Plaats: Tilburg BRIN-nummer: 12PR Onderzoek uitgevoerd op: 24 februari 2011 Conceptrapport verzonden op:

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ DE SPRONG, SCHOOL VOOR PRAKTIJKONDERWIJS

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ DE SPRONG, SCHOOL VOOR PRAKTIJKONDERWIJS RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ DE SPRONG, SCHOOL VOOR PRAKTIJKONDERWIJS Plaats: Terneuzen BRIN-nummer: 26LL Onderzoek uitgevoerd op: 8 september 2009 Rapport verzonden op: 20 november 2009 Rapport

Nadere informatie

CIJFERS UIT DE REGISTRATIE VAN FYSIOTHERAPEUTEN Peiling 2003

CIJFERS UIT DE REGISTRATIE VAN FYSIOTHERAPEUTEN Peiling 2003 CIJFERS UIT DE REGISTRATIE VAN FYSIOTHERAPEUTEN Peiling 2003 R.J. Kenens L. Hingstman Februari 2004 NIVEL Postbus 1568, 3500 BN UTRECHT Telefoon: 030-27 29 700 www.nivel.nl Pagina 2 van 6 INLEIDING In

Nadere informatie

toetsresultaten vmbo en mbo in de regio Den Haag oktober 2011

toetsresultaten vmbo en mbo in de regio Den Haag oktober 2011 TAAL EN REKENEN VAN BELANG toetsresultaten vmbo en mbo in de regio Den Haag oktober 2011 INHOUD Inleiding... 5 Hoofdstuk 1 Resultaten VMBO in de regio Den Haag... 7 1.1 Totaal overzicht van de afgenomen

Nadere informatie

Onderzoek in het kader van de 100 ste editie van de Internationale Vierdaagse Afstandsmarsen Nijmegen. Nienke Lammertink en Koen Breedveld

Onderzoek in het kader van de 100 ste editie van de Internationale Vierdaagse Afstandsmarsen Nijmegen. Nienke Lammertink en Koen Breedveld NEDERLANDERS OVER DE VIERDAAGSE Onderzoek in het kader van de 100 ste editie van de Internationale Vierdaagse Afstandsmarsen Nijmegen Nienke Lammertink en Koen Breedveld Mei 2016 1 Nederlanders over de

Nadere informatie

Gediplomeerden van het mbo van opleidingen ECABO

Gediplomeerden van het mbo van opleidingen ECABO Gediplomeerden van het mbo van opleidingen ECABO Analyse van de positie van gediplomeerden van het mbo van opleidingen binnen ECABO op basis van de gegevens van de MBO-Kaart 2005-2007 Gediplomeerden van

Nadere informatie