Checklist arbeidsveiligheid in de onderneming



Vergelijkbare documenten
Checklijst voor Ondernemingsraden: Arbeidsveiligheid in de Onderneming

Melden van (bijna )ongevallen en gevaarlijke situaties

Arbobeleid. Titus Terwisscha van Scheltinga

Concept BHV Plan. Harpdreef ZX Etten leur

MEDEWERKERS VRAGENLIJST BRANCHE-RIE TECHNISCHE GROOTHANDEL

Het betrekken van medewerkers bij de uitvoering van de RI&E

Tijdelijk werken op hoogte

VEILIG WERKEN OP HOOGTE

Protocol voor het handelen bij ongevallen

Betrekken medewerkers bij de uitvoering van de RI&E.

Checklist: werken in koel- en vrieshuizen

Wat is de gewenste situatie?

DIT STUK IS NIET GETOETST DOOR INSPECTIE SZW EN DIENT ALS NASLAGWERK VOOR HET VERDER UITWERKEN VAN HET ARBOBELEID GERICHT OP GEDRAG.

Veilig werken Veilig werken is het uitgangspunt van

EUROPEAN CONSTRUCTION CAMPAIGN 2004

Bureau KAM/Arbo Waternet Deel RI&E Bodem- en Milieu Technologie

Module: 01 Arbobeleid

Toetsing Risico-Inventarisatie en Evaluatie (RIE) BS De Klimop

Inspectie-actie bouw april Veilig werken met ladders, trappen & rolsteigers Programma: > Inspectie SZW / sector bouw

3.12 Persoonlijke beschermingsmiddelen In te vullen door het bedrijf Persoonlijke beschermingsmiddelen

CHECKLIST: WERKEN IN KOEL- EN VRIESHUIZEN

1. Arbowet: plichten van de werkgever

Veilig werken op hoogte : een richtlijn voor de leden van de Algemene Schoorsteenvegers Patroon Bond

Betreft: Huisreglement INLEIDING

Arbeidsomstandigheden bij het inlenen van medewerkers van Wedeo

Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht)

Branchetoetsdocument: Arbo en veiligheid

Arbeidsomstandigheden

ALGEMEEN ACTIE/OPMERKINGEN

Voorwoord: status model RI&E SW

Arbo-inspecties in actieplanbedrijven Inspectierapportage bij bedrijven met een verhoogd risico op ongevallen

Checklist voor controle (audit) NEN 4000

De doelstellingen van de Arbowet zijn: het verbeteren van de veiligheid en gezondheid van medewerkers

Een werkgever is ook verplicht zich aan allerlei wetten te houden. Een van die wetten is de Arbeidsomstandighedenwet, kortweg de Arbo-wet.

Veilig werken met apparaten en machines

Aan de slag met RI&E RI& onderdeel Preventiebeleid. Waar ik kort over kan zijn

-1- Over welke domeinen gaat de V&G-wetgeving? -1- Voor wie geldt de V&Gwetgeving? -1- Noem de twee vormen van overleg.

MACHINEVEILIGHEID ALGEMEEN

ARBEIDSINSPECTIE MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

WERKEN IN BESLOTEN RUIMTEN BRON: ARBOUW

2 Inventariseren. 2.1 Inleiding. 2.2 Zelf doen of uitbesteden?

Arbobeleidskader Lucas

Arbeidsomstandigheden en uitzendkrachten Hoe is dat geregeld?

kort, Jacqueline Wit, 1 INLEIDING EN KENNISMAKING Jacqueline Wit Ambtelijk secretaris kort training en advies OR en Arbo

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID ARBEIDSINSPECTIE EINDVERSLAG INSPECTIEPROJECT GROENTE, FRUIT, ZUIVEL EN DRANKEN (A430)

Bijlage 1. Protocol detachering en arbeidsomstandigheden van <naam SWorganisatie>

Arbodocument/ Aanvraag-uitzenddocument

Betonstorter / gietbouwer

Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht)

Unispect - Toolbox 10 - Werken op hoogte. Inleiding

Handleiding voor het opstellen van een bedrijfsnoodplan

Protocol voor het handelen bij ongevallen

Inhoud 1 REGELGEVING ARBEIDSOMSTANDIGHEDEN 1

BHV Bedrijfshulpverleningsorganisatie VOOR JOU

Voorwoord: status model RI&E SW

Themamiddag Arbo Hoofdsector S&A

ARBO BELEID. Krammer HE Brielle /

Document Kwaliteitsborgingsysteem Voor Veiligheid / ARBO-VGM 2007

-2- Noem voorbeelden van orde en netheid (good housekeeping). -2- Bij welke werkzaamheden kan een aanvullende werkvergunning nodig zijn?

Gezond & veilig werken in kleinschalige zorgvoorzieningen dát maakt zorg beter

Van Kerckhoven Groep. Aan alle bouw relaties van de Van Kerckhoven Groep. Geachte directie,

Arbodienstverlening. Informatie voor werkgevers

Branchetoetsdocument: Arbo en kwaliteit

Voorbeeld-RI&E, met Plan van Aanpak (met dank aan ArboUnie Noordwest Nederland)

Bedrijfshulpverlening

VEILIGHEIDS-CHECKLIST AANNEMERS: VOOR LEIDINGGEVENDEN

Leren van ongevallen. Storybuilder: een schat aan informatie. Leren van ongevallen: het proces. Producten. Vraag aan u

Risico Inventarisatie & Evaluatie Bedrijfsveiligheid

Veilig opslaan van glas op glasbokken en -karren, schuif- en rolstellingen

Project Arbouw voorlichting preventie valgevaar rolsteigers, ladders en trappen

Toetsingsrapportage RI&E

Handboek Rubriek 5 Personeel P Bedrijfshulpverlening en leidraad BHV-plan

MACHINEVEILIGHEID ALGEMEEN

Naar een veiliger (proces) industrie. Inspecties naar het onderhoudsmanagement en de veilige en juiste uitvoering van onderhoud bij BRZO-bedrijven

taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden vast te leggen voor de bij hem in dienst zijnde werknemers;

Veiligheidsbeleid. Veilig en verantwoord werken.

Wetgeving valbeveiligingsmiddelen

Vanaf nu moeten, bij een ernstig arbeidsongeval, ook de psychosociale oorzaken opgenomen worden in het omstandig verslag.

Pesten. Wie heeft welke rol

Checklist RSI-preventiebeleid

NEN 3140 Veilige Bedrijfsvoering

Risico-inventarisatie en evaluatie Arbeidsomstandigheden Plan van Aanpak

Gemotoriseerd transport

Toolbox-meeting Ongevallen voorkomen

!"# $% % & $ $&& $ + ( & 7( 78 (9 : $ $'*( % & $ $ $ ( $ & $ = '*+ & ( % : && & & = ')*5$ (9 : & & & &= '*5 % $$ $ $& $&& $ && ( &$ & $ =

ANALYSE VAN ONGEVALLEN IN DE SECTOR TRANSPORT EN LOGISTIEK

Het grijze boekje. Richtlijn veilig, gezond en milieutechnisch verantwoord werken in de funderingsbranche. Concept

Invloed op arborisico s

Helger Siegert. Agenda

Instructie aanwijzing NEN 3140

Veel gestelde vragen 1

Veilig en gezond werken in de bloemendetailhandel

Tot slot is het belangrijk het plan te bewaren op een plek waar iedereen bij kan en te zorgen voor reserveexemplaren.

Invloed op arborisico s

Risico-reductieproces. Werken aan het veilig omgaan met risico s in het laboratorium. 29 januari vanuit de ontwerper beschouwd.

Checklist: Gezondheidsklachten door fijnstof

PRODUCTIE RISICO INVENTARISATIE EN EVALUATIE; CHECKLIST EN OVEREENKOMST GUIDO S ORCHESTRA ~ L AMORE THEATER TOUR

Transcriptie:

Checklist arbeidsveiligheid in de onderneming Datum check: Elf aspecten van het veiligheidsbeleid in het bedrijf en op de afdeling Inhoud I Veiligheidsbeleid 2 II Veiligheidscultuur 3 III Gevaarlijke werkomstandigheden: de techniek en het onderhoud 4 IV Gevaarlijke werkomstandigheden: andere veiligheidsrisico's 5 V Aandacht voor signalen over onveiligheid 6 VI Extra kwetsbare werknemers 7 VII Voorlichting en onderricht 8 VIII Werkdruk, organisatie van het werk, werktijden 9 IX Bedrijfshulpverlening 10 X Ongevallen 11 XI Wettelijke rechten en plichten 12 Een meetinstrument, ontwikkeld door Acaleph Opleiding Training en Adviezen, met medewerking van Iwécom Management, Training & Advies Acaleph, Sittard-Geleen Iwécom, Beek 1

I Veiligheidsbeleid 1. Is duidelijk wie verantwoordelijk is voor veiligheidsaspecten van het werk? 2. Is er minimaal tweemaal per jaar overleg over het veiligheidsbeleid tussen directie en OR/PVT/VGWM-commissie? 3. Wordt voldoende veiligheidsdeskundigheid (arbodienst, veiligheidskundige, preventiemedewerker) ingeschakeld? 4. Wordt voldoende geïnvesteerd in veiligheid (tijd, geld, mensen, middelen)? 5. Zijn alle veiligheidsrisico s in de RIE opgenomen? (Zie ook de rubrieken hieronder.) 6. Zijn de veiligheidsrisico s in de RIE voldoende diepgaand beoordeeld? 7. Zijn de tekortkomingen in veiligheid omgezet in goede (bron)maatregelen in het Plan van Aanpak? 8. Worden de geconstateerde tekortkomingen volgens plan opgelost? 9. Wordt jaarlijks gerapporteerd over de voortgang in arbeidsveiligheid? 10. Zijn ongevallen en incidenten een aanleiding om te leren hoe veiligheidsbeleid beter kan? 11. Worden aanvullende instrumenten ingezet om beter in beeld te krijgen hoe de kwaliteit van het gevoerde veiligheidsbeleid is? 12. Worden veiligheidsvoorschriften alleen uitgevaardigd waar zinvol en nodig? 13. Zijn veiligheidsvoorschriften in eenvoudig en duidelijk Nederlands geformuleerd? 14. Zijn veiligheidsvoorschriften getoetst op hun praktische toepasbaarheid? Totaalresultaat : 2

II Veiligheidscultuur 1. Is de cultuur in de organisatie gericht op veilig werken (voorbeeldfunctie leidinggevenden en management, veiligheidsacties, e.d.)? 2. Gaat veiligheid voor, ook als hierdoor andere (productie)doelstellingen in het gedrang dreigen te komen? 3. Is er actief toezicht op het veilig uitvoeren van werkzaamheden? 4. Worden werknemers of anderen die onveilig gedrag vertonen hierop aangesproken? 5. Is een eventueel sanctiebeleid hoogstens het sluitstuk van veiligheidszorg en wordt dit alleen toegepast als andere aspecten (werkplek, voorlichting, toezicht, arbeidsmiddelen) in orde zijn? 6. Worden ongevallen of incidenten vooral als leermomenten beschouwd (dus niet primair om schuldigen te zoeken en met hen af te rekenen)? 7. Wordt de organisatie van de werkzaamheden zo geregeld dat deze ook veilig kunnen worden uitgevoerd? 8. Wordt bij overtredingen van veiligheidsvoorschriften nagegaan of daar wellicht een reden voor is, die zou moeten leiden tot aanpassing van de voorschriften? 3

III Gevaarlijke werkomstandigheden: de techniek en het onderhoud 1. Zijn de risico s van stoten of snijden door uitstekende delen van machines en apparaten goed onder controle? 2. Zijn de risico s van knellen, snijden en pletten door aanraking met bewegende delen van machines en apparaten onder controle? 3. Zijn er voldoende en bereikbare noodstoppen aan machines? 4. Wordt voldoende preventief onderhoud gepleegd (onderhoud, keuringen, onderhoudsregister)? 5. Worden machines, apparaten en installaties onderhouden volgens de voor hen geldende onderhoudsvoorschriften? 6. Worden machines en apparaten stilgezet en ontkoppeld van elektriciteit bij het verhelpen van storingen en uitvoeren van onderhoud? 7. Worden machines en installaties onderhouden door mensen en bedrijven die goed op de hoogte zijn van hun vak? 8. Worden machines en installaties onderhouden door mensen en bedrijven die goed op de hoogte zijn van de veiligheidsrisico's op het bedrijf? 4

IV Gevaarlijke werkomstandigheden: andere veiligheidsrisico s 1. Zijn de risico s door gladde vloeren onder controle? 2. Zijn de vloeren ordelijk en netjes waardoor er geen risico s kunnen ontstaan? 3. Zijn de risico s doortransport in gebouwen en terreinen (zoals heftrucks) onder controle? 4. Zijn er looproutes voor voetgangers, voldoende breed en gescheiden van transportroutes? 5. Zijn de risico s van omvallen en wegglijden van gestapelde goederen onder controle? 6. Zijn de risico s voor het vallen van voorwerpen of het omvallen of instorten van constructies (magazijnstellingen of steigers) onder controle? 7. Zijn de risico s van vallen van hoogte door ontbrekende of ondeugdelijke trappen, steigers, leuningen en ladders onder controle? 8. Zijn de risico s in verband met gebruik en onderhoud van elektrische installaties onder controle? 9. Zijn er de risico's met betrekking tot opslag, gebruik, vervoer van gevaarlijke stoffen onder controle? 10. Zijn de risico s van brand- en explosiegevaar onder controle? 5

V Aandacht voor signalen over onveiligheid 1. Worden gebreken en onveilige werkomstandigheden bij de chef of bedrijfsleiding gemeld? 2. Wordt snel actie ondernomen bij onveilige werkomstandigheden (veiligheidsmaatregelen, reparatie)? 3. Stimuleert de leiding veilig werken door het corrigeren van onveilige werkmethoden (toezicht door de chef)? 4. Wordt er in het werkoverleg of in aparte bijeenkomsten (zoals toolboxmeetings) aandacht besteed aan gevaarlijke situaties en veilig werken? 5. Is er een goed werkende procedure voor het melden van onveilige, ongezonde en ongewenste situaties? 6. Werkt deze procedure ook in die zin dat gemelde knelpunten voortvarend worden opgelost? 6

VI Extra kwetsbare werknemers 1. Worden tijdelijke arbeidskrachten goed geïnstrueerd en geïnformeerd over de veiligheidsrisico's in het werk (inval- en oproepkrachten, flexmedewerkers, e.d.)? 2. Wordt voldoende gecheckt of flexmedewerkers werken volgens de veiligheidsinstructies? 3. Wordt rekening gehouden met de extra beschermende regels voor jeugdigen en jongeren (tot 18 jaar)? 4. Wordt extra zorg gedragen voor de veiligheid bij het werken bij derden (karwei- of projectwerk) of bij alleen-arbeid? 7

VII Voorlichting en onderricht 1. Wordt bij het aannemen van personeel schriftelijk én mondeling instructie gegeven die gericht is op het veilig uitvoeren van de werkzaamheden? 2. Wordt bij veiligheidsinstructie ook getoetst of de werknemer het geleerde in praktijk kan en wil brengen (vaardigheden, werkhouding)? 3. Wordt jaarlijks nagegaan of en zo ja, welke veiligheidsinstructie of herhaling daarvan voor (groepen van ) personeelsleden nodig is? 4. Hebben werknemers deskundigheidsbewijzen of veiligheidscertificaten waar dit vereist is (wettelijk of bedrijfsbeleid)? 5. Wordt tijd aan extra voorlichting besteed als blijkt dat werknemers de veiligheidsregels niet kennen of negeren? 8

VIII Werkdruk, organisatie van het werk, werktijden 1. Wordt onder ogen gezien en dus ook tegengegaan dat langdurig, structureel overwerk tot gevaarlijke situaties (slordigheid, snel-snel, vermoeidheid, concentratiegebrek) kan leiden? 2. Beseft men dat onveilige situaties kunnen ontstaan door (extreem) lange werkdagen en/of het overslaan van pauzes en wordt dit tegengegaan? 3. Wordt tegengegaan dat achterstanden in het werk, slechte planning of deadlines leiden tot onveiligheid in het werk? 4. Wordt onder ogen gezien en dus ook tegengegaan dat gevaarlijke situaties ontstaan door tekort aan personeel (vacatures, krappe bezetting)? 5. Wordt onder ogen gezien en dus ook tegengegaan dat er onveilige situaties ontstaan door slechte communicatie of door gebrek aan tijd voor overleg? 6. Wordt onder ogen gezien en dus ook tegengegaan dat er gevaarlijke situaties ontstaan tijdens nachtwerk (slaperigheid, gebrek aan concentratie, gebrek aan toezicht)? 9

IX Bedrijfshulpverlening 1. Is er in het bedrijf een adequaat BHV- of calamiteitenplan opgesteld (bedrijfsnoodplan, diverse calamiteiten, taken)? 2. Is de bedrijfshulpverlening op sterkte (aantal altijd aanwezig, deskundigheid adequaat)? 3. Beschikt de BHV-organisatie over doelmatige communicatie- en hulpverleningsmiddelen? 4. Heeft de BHV voldoende opleiding en instructie gevolgd? 5. Zijn noodvoorzieningen als brandblusmiddelen en vluchtwegen in goede staat en operationeel? 6. Vindt regelmatig (bijvoorbeeld jaarlijks) een BHV-oefening plaats in de organisatie om de paraatheid van de BHV-organisatie te toetsen? 10

X Ongevallen 1. Worden ernstige ongevallen (ziekenhuisopname, blijvend letsel) altijd direct gemeld aan de Inspectie SZW? 2. Wordt naar aanleiding van ongevallen goed en eerlijk ongevalonderzoek gedaan, waarin zowel organisatorische als fysiek-technische en sociaal-individuele factoren worden meegenomen? 3. Worden naar aanleiding van ongevallen adequate preventieve maatregelen genomen? 4. Is de bedrijfshulpverlening bij arbeidsongevallen voldoende deskundig gebleken? 5. Is de slachtofferzorg bij ongevallen (werknemer met letsel, collega's) in orde gebleken? 11

XI Wettelijke rechten en plichten 1. Zijn werknemers voldoende bekend met hun medeverantwoordelijkheid voor veilig werken? 2. Weten werknemers dat ze wettelijke verplicht zijn aangebrachte veiligheidsvoorzieningen en aangereikte hulpmiddelen te gebruiken? 3. Is de verantwoordelijkheidsverdeling ook in complexere arbeidsverhoudingen duidelijk (inleen-, uitzend- of karweiwerk)? 4. Zijn werknemers bekend met het recht op werkonderbreking bij direct dreigend gevaar (let ook op het gevaar van werkonderbreking!)? 5. Gebruiken werknemers daadwerkelijk de hun verstrekte beschermingsmiddelen? 6. Is bekend dat de Inspectie SZW de bevoegdheid heeft werk waarbij ernstig gevaar optreedt, direct stil te leggen? 12